CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

04 Onderzoeksrapport Werken met een arbeidsbeperking

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 5 november 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Overnemen van de aanbevelingen uit het rekenkamerrapport Werken met een arbeidsbeperking (VN2025-014588)41.440 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

67

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

Met de beantwoording van deze onderzoeksvraag willen we het meer kwantitatieve beeld uit de vorige hoofdstukken aanvullen met kwalitatieve informatie. Daartoe hebben we diverse interviews gehouden en informatie opgehaald met enquêtes. Ten eerste hebben we gesproken met professionals in de uitvoering: jobcoaches, medewerkers van het WSP en de Sociaal Werkkoepel. Ook hebben we een enquête afgenomen onder klantbegeleiders van WPI. Ten tweede hebben we interviews gehouden onder de doelgroep Amsterdammers met een arbeidsbeperking. We spraken Amsterdammers die in het verleden begeleid zijn door Sociaal Werk en Amsterdammers die nog steeds ondersteuning krijgen, waaronder Amsterdammers die via Sociaal Werk bij Pantar werken. Verder namen we een enquête af onder werkgevers die via Sociaal Werk meerdere Amsterdammers met een arbeidsbeperking in dienst hebben. Enkele van hen interviewden we ook telefonisch. Tot slot haalden we via een enquête informatie op onder coaches van Pantar.

Tabel 7.1 - Overzicht van interviews en enquêtes die we hebben afgenomen. Groep

Interviews

Klantbegeleiders Medewerkers Sociaal Werk

Enquête

Overig

62 17

Jobcoaches/consulenten

61

Werkgevers

4

Amsterdammers met een arbeidsbeperking

26

Groepsgesprek

33cccc

Deelconclusie

Amsterdammers, werkgevers, jobcoaches en consulenten ervaren de ondersteuning van de gemeente bij de toeleiding naar werk van mensen met een arbeidsbeperking grotendeels als effectief. In de aanpak van de gemeente is ruimte voor de behoefte van de Amsterdammer, doordat het beleid ruimte voor maatwerk biedt. Dit sluit aan bij de Amsterdamse Maatwerk Methode. Amsterdammers met een arbeidsbeperking herkennen dit veelal in de ondersteuning die zij (hebben) ontvangen: de jobcoach of consulent denkt mee en ziet de wensen van de Amsterdammer als leidend. Jobcoaches, Amsterdammers en werkgevers ervaren de instrumenten die vanuit Sociaal Werk ingezet kunnen worden als passend en effectief. Al vinden werkgevers de (aanvraag)procedures van de gemeente wel complex. In de overdracht naar Sociaal Werk toe en in de begeleiding zelf zien we knelpunten waardoor Amsterdammers met een arbeidsbeperking mogelijk niet (tijdig) de juiste ondersteuning krijgen. Jobcoaches geven aan dat ze door de vele taken een hoge werkdruk hebben en daardoor moeite hebben om voldoende en kwalitatief goede ondersteuning te bieden, vooral na de plaatsing van Amsterdammers. Tegelijkertijd begrijpen we van werkgevers dat zij na de plaatsing behoefte blijven houden aan

cccc

Bij 4 van de 33 werkgevers hebben we de enquête telefonisch gecombineerd met een verdiepend

interview.

68

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

(administratieve) ondersteuning. Ook als er een interne jobcoach is of als een medewerker al langer in vaste dienst is. Jobcoaches voorzien hier door de ruimte in de uitvoering momenteel verschillend in. Jobcoaches wijzen er bovendien op dat ze door ziekte en uitval van collega’s bij Sociaal Werk extra werkdruk ervaren, doordat de individuele caseload verder toeneemt. Daarnaast hebben Amsterdammers te maken met wisselingen in jobcoaches, wat de ondersteuning niet ten goede komt. Daarnaast zijn er volgens jobcoaches niet altijd voldoende passende werkplekken beschikbaar. Werkgevers geven op hun beurt het signaal af dat het soms lastig is om vacatures vervuld te krijgen.

7.1 Fase 1: geen uniforme werkwijze in toeleiding naar Sociaal Werk

In deze eerste fase verwijzen klantbegeleiders Amsterdammers door naar Sociaal Werk als ze vanwege een arbeidsbeperking (en na 2022: ondersteuningsbehoefte) in aanmerking komen voor extra ondersteuning in hun zoektocht naar werk. Ondanks een warme overdracht ervaren zowel klantbegeleiders als jobcoaches dat de samenwerking in deze fase soms moeizaam verloopt; de doelgroep van sociaal werk is niet duidelijk afgebakend, procesafspraken worden in de praktijk onvoldoende gevolgd en de kwaliteit van het klantbeeld voldoet nog niet.

7.1.1 Beperkt tijd voor bepalen van inzet instrumenten en geen sturing hierop

Deel klantbegeleiders ervaart onvoldoende tijd voor passende doorverwijzing Een deel van de klantbegeleiders ervaart onvoldoende tijd om Amsterdammers goed te kunnen doorverwijzen. Klantbegeleiders kunnen uit veel instrumenten kiezen, waaronder Sociaal Werk, en moeten hier een afweging in maken.218 Een deel van de klantbegeleiders geeft aan dat ze onvoldoende tijd ervaren om Amsterdammers goed door te verwijzen naar een passend instrument. Zij geven aan dat er door de hoge caseload snel geschakeld moet worden.219 Enkele klantbegeleiders geven aan dat doorverwijzen naar Sociaal Werk vergeleken met andere instrumenten geen extra tijd kost.220 Hierbij helpt het volgens een klantbegeleider wel om korte lijnen te hebben met de jobcoaches van Sociaal Werk.221 WPI stuurt niet op inzet instrumentarium door klantbegeleiders Vanuit de afdeling WPI is er geen sturing op of evaluatie van de inzet van instrumenten door klantbegeleiders.222 Dit, terwijl de keuzes van de klantbegeleiders bepalend zijn voor het vervolgtraject van een Amsterdammer. Ambtenaren van de afdeling Sociaal Werk hebben het beeld dat het onvoldoende helder voor klantbegeleiders is welke mogelijkheden er aan instrumenten zijn en wat de te nemen stappen zijn.

Ze denken bij klantbegeleiders een voorkeur voor instrumenten te zien waarmee ze goede ervaring hebben.223 Ook worden de opties om instrumenten in te zetten los van elkaar gezien, in plaats van in aanvulling op elkaar: er kunnen ook meerdere instrumenten ingezet worden.224

69

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

7.1.2 Warme overdracht via driegesprek met klantbegeleider en jobcoach

Volgens klantbegeleiders en jobcoaches vindt er een warme overdracht plaats naar Sociaal Werk via een 'driegesprek': hierbij zijn de klantbegeleider, de jobcoach van Sociaal Werk en de Amsterdammer in kwestie aanwezig. Klantbegeleiders en jobcoaches ervaren dit als goed contact. Na dit driegesprek neemt de jobcoach de begeleiding in principe over als de Amsterdammers arbeidsfit is.225 Uit de praktijk blijkt echter dat er ook Amsterdammers instromen bij Sociaal Werk, die nog niet klaar zijn om aan het werk te gaan (zie paragraaf 5.2.3). Er is geen officieel aanmeldformulier waarop de klantbegeleider de Amsterdammer kan aanmelden voor een driegesprek.226

7.1.3 Ontbreken van duidelijk afgebakende doelgroep bemoeilijkt overdracht naar Sociaal Werk

Niet altijd duidelijk voor klantbegeleider wanneer door te verwijzen naar Sociaal Werk Niet alle klantbegeleiders weten wanneer ze een Amsterdammer kunnen doorverwijzen naar Sociaal Werk. Een klantbegeleider moet herkennen dat iemand in aanmerking komt voor ondersteuning van Sociaal Werk en diegene daarna doorverwijzen. Ondanks dat een heel groot deel van de klantbegeleiders weet wanneer ze iemand moeten doorsturen naar Sociaal Werk, is dit niet voor iedereen duidelijk. Zo was volgens enkele klantbegeleiders niet altijd helder wanneer iemand een arbeidsbeperking had (dit was tot 2022 het criterium om iemand naar Sociaal Werk door te verwijzen), en daardoor wordt het omschreven als een grijs gebied.227 Medewerkers vanuit de afdeling Sociaal Werk denken dat er meer Amsterdammers aangemeld kunnen worden bij Sociaal Werk. Dit heeft enerzijds te maken met de opgave van de klantbegeleiders en de grote caseload die ze hebben en anderzijds met meningsverschillen over wanneer iemand past bij Sociaal Werk.228 Onduidelijke afbakening doelgroep sociaal werk geeft ruimte voor meningsverschillen De wijze waarop de doelgroep van sociaal werk nu is afgebakend, zorgt voor onduidelijkheid in de overdracht. Meerdere klantbegeleiders geven aan dat doorverwijzen naar Sociaal Werk niet altijd makkelijk is, omdat jobcoaches soms een andere afweging maken over of iemand bij Sociaal Werk past.

Zo zijn er soms meningsverschillen over wie er tot de doelgroep van sociaal werk behoort en wanneer iemand klaar is voor betaald werk.229230 De verbreding van de doelgroep die bij Sociaal Werk terecht kan in 2022 heeft dit knelpunt (nog) niet verholpen; hoewel mensen met een bredere ondersteuningsbehoefte bij Sociaal Werk terecht kunnen, ervaren klantbegeleiders dat jobcoaches dit nog niet altijd zo toepassen.

“De kaders van de toelating zijn op papier ruimer geworden, waardoor het op papier lijkt dat jouw klant doorverwezen kan worden. Maar in de praktijk blijkt de jobcoach er toch anders over te denken.” 231 Klantbegeleiders stuiten op signaal dat Sociaal Werk vol zit Klantbegeleiders geven daarnaast het signaal af dat het ook door capaciteitsproblemen soms moeizaam is om een Amsterdammer bij de afdeling Sociaal Werk te plaatsen. Dit leidt er in sommige gevallen toe dat klantbegeleiders vervolgens geen Amsterdammers meer 70

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

doorverwijzen naar Sociaal Werk.232 De jobcoaches die wij spraken, bevestigen dat ze soms 'nee' moeten zeggen tegen nieuwe klanten als ze veel mensen in hun caseload hebben die nog op zoek zijn naar werk.233

7.1.4 Jobcoaches van mening dat deel doorverwezen Amsterdammers niet klaar is voor werk

Sociaal Werk ontvangt Amsterdammers die nog niet klaar zijn voor werk Vanuit de afdeling Sociaal Werk komt het signaal dat er door klantbegeleiders regelmatig Amsterdammers worden aangemeld die nog niet klaar zijn om aan het werk te gaan. Het idee leeft dat de klantbegeleiders niet goed op de hoogte zijn wat de afdeling Sociaal Werk voor de Amsterdammer kan betekenen.234 Jobcoaches geven aan dat klantbegeleiders soms Amsterdammers doorsturen die beter eerst een ander traject kunnen volgen, zoals een leerstage.235 Ook missen jobcoaches een gemeenschappelijke visie. Zo ervaren zij dat de klantbegeleider focust op de uitstroom naar betaald werk, terwijl het bij Sociaal Werk van belang is dat een Amsterdammer eerst arbeidsfitdddd wordt.236 Er lijken verschillende ideeën te bestaan over wanneer iemand geplaatst zou kunnen worden en of het van belang is dat iemand eerst arbeidsfit is. We krijgen het signaal dat een deel van de jobcoaches voorzichtig is met plaatsen met het idee dat een mislukte plaatsing kan zorgen voor schade.

Een ander perspectief is dat een mislukte plaatsing iets is waar iemand van kan leren.237 Dit verschil in focus geeft wel eens irritatie tussen klantbegeleiders en jobcoaches.238 Bij Sociaal Werk leeft het idee dat klantbegeleiders onvoldoende op de hoogte zijn van alternatieve instrumenten die ingezet kunnen worden naast Sociaal Werk.239 Wel zien jobcoaches dat klantbegeleiders over de tijd heen steeds beter weten welke Amsterdammers bij Sociaal Werk terechtkunnen en wat de taken zijn van de jobcoach.240 Jobcoaches missen ondersteuning die focust op arbeidsfit maken Jobcoaches geven aan dat het de groep Amsterdammers die nog niet klaar is om aan het werk te gaan momenteel ontbreekt aan actieve ondersteuning. De klantbegeleider zou hier door de hoge caseload te weinig tijd voor hebben. Voorheen voerde de afdeling Toeleiding Passend Werk deze taak uit. Hiervoor is AmsterdamWerkt in de plaats gekomen, maar jobcoaches geven in het groepsgesprek aan dat de samenwerking met deze afdeling beter kan en dat het aanbod niet helemaal overeenkomt met wat er eerder werd aangeboden.241

7.1.5 Kwaliteitslijnen worden niet altijd gevolgd, leidt tot onduidelijkheid in taken

Vanuit verschillende kanten zijn er signalen dat betrokken afdelingen de kwaliteitslijnen waarin afspraken over taken en de ketensamenwerking zijn vastgelegd, niet altijd volgen. Dat resulteert in onduidelijkheid van taken. De Sociaal Werkkoepel geeft het signaal af dat er meestal niet volgens de afspraken in deze lijn wordt gewerkt.242 Daarnaast zeggen zowel klantbegeleiders als jobcoaches dat het voor hen niet altijd duidelijk is welke taken bij wie zijn belegd. Bijvoorbeeld het aanvragen van een doelgroepverklaring, of het meten van de loonwaarde van een Amsterdammer.243 Klantbegeleiders geven aan dat ze door de stroperige samenwerking taken van de jobcoach zelf oppakken, hoewel ze hier niet voor

dddd

Met arbeidsfit wordt bedoeld dat iemand klaar is om aan het werk te gaan.

71

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

zijn opgeleid.244 Jobcoaches zeggen op hun beurt dat de klantbegeleider de regie hoort te houden als iemand is overgedragen naar Sociaal Werk, maar dat jobcoaches dit in de praktijk vaak overnemen bij een aanmelding.245

7.1.6 Klantbeeld volgens jobcoaches nog niet voldoende informatief

De informatie over de klant (het klantbeeld) dat Sociaal Werk ontvangt bij een aanmelding, is volgens jobcoaches nog vaak onvoldoende informatief om een klant goed naar werk te kunnen begeleiden. De klantbegeleider heeft door de regiefunctie als taak het klantbeeld voorafgaand aan de aanmelding naar Sociaal Werk op orde te maken. Teammanagers van Sociaal Werk merken dat de informatie in het klantbeeld regelmatig kwalitatief niet op orde is: de informatie is niet juist of onvolledig doordat bijvoorbeeld het cv ontbreekt.246 Een goed klantbeeld is een voorwaarde om de Amsterdammer goed te kunnen begeleiden en te kunnen matchen op werk.247 Jobcoaches en consulenten merken op dat klantbegeleiders vooral aandacht hebben voor de ‘zichtbare’ zaken, zoals iemands opleidingsniveau, terwijl er voor een succesvolle plaatsing ook inzicht moet zijn in zaken die onder de oppervlakte liggen, zoals motivatie.248 Ook komt het klantbeeld niet altijd overeen met de werkelijkheid: het uitgangspunt is dat alleen Amsterdammers bij Sociaal Werk worden aangemeld die klaar zijn voor werk (en dus matchbaar zijn), maar een groot deel van de aangemelde Amsterdammers blijkt niet-matchbaar te zijn.249 De wens van het college om het klantbeeld met daarin de ondersteuningsbehoefte van de Amsterdammers te verbeteren (de cohortaanpak) heeft volgens de ambtelijke organisatie door de gebrekkige informatie nog

niet geresulteerd in inhoudelijk verbeterde klantbeelden.250

7.2 Fase 2: maatwerk, maar ook overlap in de begeleiding naar werk

Na de overdracht ondersteunt de jobcoach of consulent de Amsterdammer bij het vinden van passend en duurzaam werk. Eventueel wordt hierbij hulp van een jobhunter of het WSP ingezet. Amsterdammers ervaren het contact met Sociaal Werk overwegend als positief: jobcoaches en consulenten zijn betrokken en passen maatwerk toe. Jobcoaches en consulenten zijn op hun beurt positief over de vrijheid die ze krijgen in hun werk. Die vrijheid heeft wel een keerzijde: er lijkt niet altijd eenduidig gewerkt te worden, waardoor de ondersteuning kan verschillen. Ook ervaren jobcoaches en consulenten de samenwerking met het WSP als inefficiënt.

7.2.1 Jobcoaches en consulenten overwegend positief over beschikbare instrumenten Sociaal Werk

Het merendeel van de jobcoaches en consulenten is positief over de in te zetten instrumenten van Sociaal Werk. Ze zijn goed op de hoogte van de instrumenten via onder andere de instrumentengids EVA en de website van het WSP251 en ook via weekstarts of andere collega's.252 Jobcoaches en consulenten ervaren het beleid en beschikbare instrumentarium als positief en bruikbaar.253 In het groepsgesprek gaven zij daarnaast aan dat ze blij zijn met het brede instrumentarium dat de gemeente Amsterdam biedt, ook in vergelijking met andere gemeenten.254 Jobcoaches en consulenten geven verder aan dat er veel ruimte is voor maatwerk in het werk wat zij doen, zij kijken bijvoorbeeld of iemand 72

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

voldoende gemotiveerd is om via Sociaal Werk aan het werk te gaan. Sommige jobcoaches zien ook risico’s van deze ruimte voor eigen interpretatie.255 Maatwerk kan ertoe leiden dat jobcoaches tot een ander oordeel komen over of iemand binnen de doelgroep van sociaal werk past. Ook maken jobcoaches zelf de afweging of ze bijvoorbeeld op huisbezoek gaan of betrokken blijven na een plaatsing. Het kan dus per jobcoach verschillen hoe iemand wordt geholpen.256

7.2.2 Instroom en doorstroom bij Beschut Werk verloopt moeizaam

In de begeleiding naar werk krijgen we signalen over een moeizame in- en doorstroom naar Beschut Werk-werkplekken. Hier lijkt onder andere de indicatiestelling van het UWV een rol in te spelen. In de beginjaren van de Participatiewet was het volgens de ambtelijke organisatie lastig om voldoende Amsterdammers te vinden die in aanmerking kwamen voor Beschut Werk vanwege de strenge indicatiestelling bij het UWV. Samen met het UWV heeft de gemeente dit proces proberen te verbeteren.257 Verder delen consulenten in het groepsgesprek dat het aanvragen van een Beschut Werk-indicatie bij het UWV lang duurt, soms wel vier maanden.258 Daarnaast is de toeloop van geschikte kandidaten voor Beschut Werk ook niet makkelijk. Een reden hiervoor is dat de stap vanuit de dagbesteding (zorg) naar Beschut Werk groot is, omdat iemand bij Beschut Werk de loonwaarde daadwerkelijk moet verdienen.259 Sinds de coronacrisis is de doelgroep die instroomt voor Beschut Werk volgens de ambtelijke organisatie kwetsbaarder geworden. Dit beeld herkennen de jobcoaches die we spraken in het groepsgesprek ook over de algemene doelgroep.260 Ten slotte mist bij een deel van de organisatie de overtuiging dat ook voor de doelgroep van Beschut Werk (Amsterdammers met een hogere ondersteuningsbehoefte) werk mogelijk en wenselijk is.261

7.2.3 Uitgebreid takenpakket belemmert jobcoaches en consulenten soms nieuwe klanten aan te nemen

Niet altijd ruimte voor nieuwe klanten bij Sociaal Werk Zowel de klantbegeleiders als jobcoaches en consulenten geven het signaal af dat Sociaal Werk niet altijd ruimte heeft voor nieuwe klanten.262263 Jobcoaches en consulenten geven in het groepsgesprek aan dat er sinds de verbreding van de doelgroep flink meer mensen worden doorverwezen naar Sociaal Werk. Daarnaast zijn ze veel tijd kwijt aan (administratieve) randzaken en overleggen. Deze taken nemen nu de helft van hun tijd in beslag, waardoor er maar beperkt ruimte overblijft voor de primaire begeleidingstaak die ze hebben (in paragraaf 7.4.2 gaan we hier verder op in).eeee Ook gaven jobcoaches en consulenten aan dat ze een jobhunter missen die actief banen zoekt en dat de doelgroep veel complexer is geworden, wat ook meer tijd kost.264 Jobcoaches en consulenten pakken ook taken van buiten Sociaal Werk op Jobcoaches en consulenten van Sociaal Werk houden zich naast de taken vanuit Sociaal Werk ook bezig met het klaarmaken voor werk: lifecoaching. Dit type coaching wordt bij

eeee

In 2023 heeft Sociaal Werk de tijdsbesteding geïnventariseerd. Volgens dit onderzoek besteden

jobcoaches en consulenten ongeveer een derde van de werktijd aan intern en extern overleg. Bron: E-mail ambtelijke organisatie, Analyse deelactiviteiten jobcoach en consulent, d.d. 26 maart 2025.

73

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

Sociaal Werk ingezet als voortraject voor begeleiding naar werk.265 Lifecoaching focust zich op het versterken van het zelfvertrouwen en draagt bij aan snellere doorstroom binnen de klantreis.266 Lifecoaching kost veel tijd, maar is volgens de ambtelijke organisatie nodig om de stap naar werk te kunnen maken. Wel hopen de jobcoaches en consulenten dat de taak van lifecoaching op den duur bij een andere afdeling in de gemeente wordt belegd, zodat Sociaal Werk zich volledig kan focussen op werk.267 Inmiddels heeft het college besloten dat de jobcoaches er nadrukkelijk zijn voor de ondersteuning naar werk en dat zij geen lifecoaching meer bieden.268

7.2.4 Inefficiëntie in de huidige werkwijze vacature matchen Bij de zoektocht naar werk kunnen zowel jobcoaches, jobhunters als het WSP betrokken zijn en dit leidt volgens betrokkenen tot inefficiëntie.269 Het is voor sommige jobcoaches niet duidelijk welke taken bij de jobcoach zijn belegd en wanneer de jobhunter betrokken is bij het vinden van passend werk.270 In het groepsgesprek gaven jobcoaches aan jobhunters te missen271 - ze lijken onvoldoende bekend of beschikbaar te zijn. Verder kan het WSP ook betrokken zijn bij het matchen op vacatures. In de samenwerking met de accountmanagers van het WSP worden hobbels ervaren. In het groepsgesprek lichten jobcoaches toe dat ze toegang hebben tot dezelfde vacatures als het WSP. Jobcoaches geven aan dat het sneller is om zonder betrokkenheid van het WSP een Amsterdammer naar werk te begeleiden, maar dit is niet mogelijk als een werkgever een contactpersoon heeft bij het WSP.272 Een enkele jobcoach geeft aan dat deze contactpersonen ‘onbereikbaar’ zijn en ze ‘vaker niet dan wel’ een reactie krijgt.273 Een mogelijkheid om efficiënter te werken is het maken van afspraken, maar het is het WSP en de afdeling Sociaal Werk niet gelukt om afspraken te maken over een gezamenlijke werkwijze.

Jobcoaches zagen dit niet zitten in verband met de administratieve lasten die erbij komen kijken.274 Twee werkgevers met een contactpersoon bij het WSP zijn kritisch over het plaatsen via het WSP: hun contactpersoon kent de kandidaten niet direct en dat vergroot het risico op een mismatch. Ook geven ze het signaal dat ze hun vacatures niet of met moeite vervuld via het WSP. Beiden geven aan daarom liever rechtstreeks contact op te nemen met Sociaal Werk als ze mensen nodig hebben.

“Het WSP komt niet met mensen, of ze komen niet met de juiste mensen. Ik kan me niet voorstellen dat er niemand in de kaartenbak zit die bij ons zou willen werken. Ik vermoed eerder dat onze vacature wel wordt geplaatst, maar dat het WSP niet actief zoekt naar geschikte kandidaten.” 275

74

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

7.2.5 Amsterdammers veelal positief over begeleiding naar werk door de jobcoach

Amsterdammers vaak tevreden met ondersteuning via Sociaal Werk Veel Amsterdammers die ervaring hebben met ondersteuning via Sociaal Werk zijn tevreden over de begeleiding naar werk door de jobcoach. Amsterdammers geven aan dat jobcoaches de moeite nemen om hen te leren kennen, vragen wat iemand voor werk wil doen en over het algemeen meedenken in de zoektocht naar werk.276 Dit is in lijn met de uitgangspunten van de Amsterdamse Maatwerk Methode. Ook dragen jobcoaches vacatures aan, wat als prettig wordt ervaren.277 Jobcoaches helpen Amsterdammers verder bij het schrijven van sollicitatiebrieven, het voorbereiden op sollicitatiegesprekken en gaan soms ook mee naar deze gesprekken.278 Ook minder goede ervaringen met jobcoaches in begeleiding naar werk Van de gesproken Amsterdammers hebben enkelen ook minder goede ervaringen met jobcoaches in de begeleiding naar werk. Enkele Amsterdammers gaven aan dat hun jobcoach weinig aandacht had voor passend werk. Betrokkenen ervaarden dat de jobcoach in deze gevallen iemand snel wilde plaatsen en weinig rekening hield met de werkvoorkeuren en mogelijkheden van de Amsterdammer.279 Een ander punt is de continuïteit van de jobcoaches. Meerdere Amsterdammers gaven aan dat ze in de periode dat ze bij Sociaal Werk begeleid werden, te maken hebben gehad met wisselingen van jobcoaches.

Dit ervaarden sommigen als lastig, omdat de overdracht tussen de jobcoaches niet altijd goed gaat. Daardoor weten ze soms niet wie ze kunnen bereiken of zijn ze genoodzaakt om opnieuw hun hele verhaal uit te moeten leggen. Enkele Amsterdammers hebben ook tijdelijk zonder jobcoach gezeten.280

7.3 Fase 3: Amsterdammers en werkgevers vaak tevreden over plaatsing, wel tekort aan passend werk

Als een Amsterdammer werk vindt, ondersteunen jobcoaches en consulenten bij de plaatsing. Ze helpen werkgevers bijvoorbeeld bij het aanvragen van subsidieregelingen. Amsterdammers en werkgevers zijn overwegend positief over de match van de plaatsing: beiden ervaren in de meeste gevallen dat kandidaat en werkplek bij elkaar passen. Wel valt op dat een plaatsing niet structureel geëvalueerd wordt, ook niet als een (proef)plaatsing eindigt. Verder lijkt er soms sprake te zijn van een discrepantie tussen vraag en aanbod van werk: jobcoaches zien bijvoorbeeld een tekort aan passend (zittend) werk en van werkgevers krijgen we het signaal dat ze vacatures voor fysiek, zwaar werk niet vervuld krijgen.

7.3.1 Niet altijd voldoende en passende werkplekken Jobcoaches gaven in het groepsgesprek het signaal af dat er niet voldoende werkplekken zijn om alle Amsterdammers passend aan het werk te helpen.281 In het groepsgesprek deelden jobcoaches dat er in het algemeen een tekort aan zittend werk is; er bestaat een wachtlijst bij Pantar voor Amsterdammers die licht productiewerk kunnen doen, al dan niet

75

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

met een Beschut Werk-indicatie.282283ffff Hbo- en wo-opgeleide Amsterdammers die wij spraken gaven aan dat hun jobcoaches geen vacatures hadden op mbo+-niveau.284 285 Volgens jobcoaches is er onder hbo- en wo-geschoolden met een beperking minder behoefte aan begeleiding bij het vinden van werk.286 Wellicht wordt dit veroorzaakt doordat hoger opgeleide Amsterdammers sneller zelfstandig het wettelijk minimumloon kunnen verdienen. Er bestaat een matchingstafel Theoretisch opgeleiden waarin de afdeling Sociaal Werk en WSP deze groep extra aandacht geven.287

‘Mijn jobcoach vertelde dat ik de enige hbo’er was in zijn caseload en dat hij in zijn netwerk geen passende vacatures wist. Ik denk dat hbo’ers en wo’ers onvoldoende in beeld zijn bij de gemeente.” 288

Ook merkten jobcoaches op dat er onvoldoende banen zijn met mogelijkheden tot jobcarving, waarbij een baan wordt aangepast aan de mogelijkheden van de werknemer.289 Ook elders in de ambtelijke organisatie hoorden we dat werkgevers momenteel te veel gericht zijn op standaardeisen van een functie.290 Twee werkgevers die wij spraken, gaven op hun beurt het signaal dat ze moeite hebben om vacatures vervuld te krijgen. Daarbij ging het om horecawerk en om fysiek zwaar werk in de groenvoorziening.291 Ook de Wet banenafspraak kan volgens de ambtelijke organisatie en jobcoaches belemmerend werken. Een deel van de werkgevers, waaronder semi-overheidsinstellingen, zou alleen Amsterdammers met een doelgroepregistratie in dienst willen nemen omdat dit meetelt voor de Wet banenafspraak.292 Met als consequentie dat werkgevers huiverig zijn om Amsterdammers in dienst te nemen via de praktijkroute; de kans bestaat dan dat mensen geen verminderde loonwaarde blijken te hebben waardoor zij dus niet onder de Wet banenafspraak vallen.293 De werkgever loopt daarmee mogelijk een potentiële vergoeding mis.

7.3.2 Amsterdammers die werken met ondersteuning van Sociaal Werk ervaren werk vaak als passend

Amsterdammers ervaren werk veelal als passend Veel Amsterdammers die we spraken, werkten op dat moment op een voor hen passende werkplek. Amsterdammers gaven aan dat het werk wat ze op dat moment deden, aansloot bij hun wensen en opleidingsniveau, ze voelden zich nuttig en ervaarden waardering van collega’s.294 Ook vormde de arbeidsbeperking volgens hen geen belemmering voor hun werk, bijvoorbeeld door flexibele werktijden, langere pauzes of de mogelijkheid om te werken vanuit huis.295 Vaak hadden deze Amsterdammers op meerdere plekken gewerkt voor hun huidige baan. Eerdere werkplekken sloten vaak niet aan bij hun wensen of het werk was niet passend, omdat het door de arbeidsbeperking lastig uitvoerbaar was.296 Volgens deze Amsterdammers was de jobcoach in deze gevallen onvoldoende nagegaan of de geboden werkplek wel echt passend was of leek dat van ondergeschikt belang.297 Ook kwam het voor dat ze niet durfden aan te geven dat ze het werk niet zagen zitten of stuitte dit volgens hen op onbegrip van de jobcoach.298 Soms verklaarden Amsterdammers een mismatch doordat de werkplek vooraf onvoldoende was gescreend door de gemeente.

ffff

Onlangs zijn er afspraken gemaakt met Pantar om de wachtlijst terug te dringen door aangemelde

Amsterdammers wel in dienst te nemen. Bron: Feitelijke reactie ambtelijke organisatie, 26 augustus 2025.

76

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

Hierdoor kwam het voor dat de omstandigheden niet in lijn waren met behoeften van de Amsterdammer of dat er onvoldoende begeleiding op de werkplek bleek te zijn. Zo werd iemand die vanwege psychische problemen in een stressvrije omgeving wilde werken, toch geplaatst op een plek met een hoge werkdruk en veel eigen verantwoordelijkheid.299 Helft werkgevers vindt aangedragen kandidaten passen bij de werkplek In onze enquête geeft ongeveer de helft van de werkgevers aan dat de kandidaten die Sociaal Werk aandraagt passen bij de werkplek die ze aanbieden.300 Twee werkgevers vertelden dat het weleens is voorgekomen dat een jobcoach een kandidaat pas ontmoette tijdens het sollicitatiegesprek. Of dat de jobcoach iemand aandroeg terwijl de jobcoach zelf onbekend was met de werkzaamheden van het bedrijf en de behoeften van de werkgever.gggg301

7.3.3 Deel werkgevers vindt procedures en regelingen complex Voor werkgevers die onbekend zijn met de procedures rond het aannemen van mensen met een arbeidsbeperking, kunnen deze procedures complex zijn. Zo is het niet voor iedereen duidelijk wat de relevante rechten en plichten zijn en hoe werkgevers bijvoorbeeld een proefplaatsing kunnen aanvragen.302 Eén werkgever vertelde dat het een 'studie is om procedures helder te krijgen'.303 Een andere werkgever gaf aan dat het proces soepel loopt, juist omdat een jobcoach administratieve zaken uit handen neemt.304

7.3.4 Plaatsingen worden niet structureel geëvalueerd, ook niet bij uitval

Zowel Amsterdammers als werkgevers gaven aan dat er geen evaluatiegesprek plaatsvindt waarin ze samen met de jobcoach terugblikken op de eerste werkperiode.305 Noch dat in voortgangsgesprekken gestructureerd wordt nagegaan of een Amsterdammer goed op zijn plek zit. Of dat er aandachtspunten zijn, bijvoorbeeld aan de hand van een checklist. Zo komt het voor dat minder mondige Amsterdammers hun onvrede met de werkplek voor zichzelf houden en het in sommige gevallen pas aan het licht komt als ze door ziekte uitvallen.306 Als een dienstverband eindigt, wordt er ook niet structureel een exitgesprek gepland met werkgever en/of Amsterdammer waarin de reden voor de beëindiging van het dienstverband wordt besproken.307

“Een jobcoach die iemand weinig spreekt, pikt minder signalen op. Zeker als iemand niet zo assertief is, zoals ik. Ik zou als schrijver gaan werken, maar werd fietsenmaker. Ik heb geen technische vaardigheden, maar dacht dat ik geen keus had. Dat als ik stopte, de gemeente ook de detachering zou beëindigen. Uiteindelijk werd ik ziek.” 308

gggg

Dit komt volgens WPI voor bij de inzet van de forfaitaire regeling. De jobcoach wordt dan pas in de

laatste fase van een plaatsing betrokken. Bron: Feitelijke reactie ambtelijke organisatie, 26 augustus 2025.

77

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

7.4 Fase 4: begeleiding tijdens werk verschillend ingevuld, jobcoaches lijken niet actief te sturen op uitstroom

Als een Amsterdammer een baan vindt, is het beleid dat de jobcoach betrokken blijft zolang iemand werkt met instrumenten van Sociaal Werk. Dit om de kans van slagen en behoud van werk te bevorderen.309 Een deel van de werkgevers vindt het wenselijk dat de jobcoach na plaatsing beschikbaar blijft voor vragen en advies. In de praktijk hebben jobcoaches hier door hun hoge caseload weinig tijd voor. En er lijkt na plaatsing niet gewerkt te worden volgens een vaste systematiek die de ontwikkeling en uitstroom van Amsterdammers actief nastreeft.

7.4.1 Jobcoaches blijven niet altijd betrokken na plaatsing De kwaliteitslijn schrijft voor dat de jobcoach na de plaatsing betrokken blijft om begeleiding te bieden, maar dit is in de praktijk niet altijd het geval.310 In de taakomschrijving van de jobcoach staat dat de jobcoach nazorg levert aan Amsterdammer en werkgever zolang iemand werkt met instrumenten van Sociaal Werk.311 Uit gesprekken blijkt dat dit niet altijd het geval is. Zo spraken we enkele Amsterdammers met een vast contract bij Pantar, die geen jobcoach meer hebben van de gemeente Amsterdam.312 Dit wordt door hen niet altijd als een probleem ervaren. Deze Amsterdammers zitten goed op hun plek en kunnen met vragen of problemen bij de coach van Pantar terecht.313 Maar als zij toch contact willen opnemen met een jobcoach van de gemeente, dan is dat niet mogelijk omdat ze geen contactgegevens hebben.hhhh Ook werkgevers geven het signaal af dat ze bij sommige werknemers betrokkenheid van een jobcoach van de gemeente missen. Bijvoorbeeld als een Amsterdammer achteruitgaat en zijn werkzaamheden niet meer kan uitvoeren.314 Dit komt onder andere voor onder de groep die onder de Wsw-voorziening in vaste dienst is gekomen en minder goed in staat zijn hun werk uit te voeren naarmate ze ouder worden. Deze mensen zouden volgens de werkgevers die wij spraken eigenlijk een stap terug moeten doen naar Beschut Werk.

Als er geen jobcoach in beeld is en de werkgever geen contactpersoon bij de gemeente heeft, is het volgens werkgevers lastig hiervoor hulp en advies te vinden.315

7.4.2 Jobcoaches ervaren door vol takenpakket weinig ruimte voor begeleiding tijdens werk

Jobcoaches ervaren weinig ruimte voor begeleiding tijdens werk Jobcoaches gaven in het groepsgesprek aan weinig ruimte te hebben voor de begeleiding tijdens werk. Zoals we benoemden in paragraaf 7.2 besteden jobcoaches veel tijd aan administratieve taken en overleggen. Dit resulteert in een hoge werkdruk waardoor er minder tijd overblijft voor primaire taken, waaronder de begeleiding tijdens werk. Ook gaven jobcoaches aan dat door ziekte en uitval van collega’s de werkdruk verder toeneemt. Uitval zorgt er vervolgens voor dat jobcoaches de caseload van collega’s moeten overnemen en dat Amsterdammers te maken krijgen met wisselingen in jobcoaches.316

hhhh

De gemeente onderzoekt of begeleiders van Pantar erkende jobcoaches kunnen worden. Bron: Feitelijke

reactie ambtelijke organisatie, 26 augustus 2025.

78

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

“Ik ervaar een hoge werkdruk doordat randzaken veel tijd in beslag nemen. De jobcoaching komt daardoor in het gedrang en de kwaliteit gaat omlaag. Ik voel me vaak geen jobcoach, terwijl dat toch echt mijn functie is. Het is volledig uit balans.” 317 Mate van begeleiding vooraf lastig in te schatten, jobcoaches maken hierin verschillende keuzes Het is voor zowel Sociaal Werk als werkgevers soms lastig om de ondersteuningsbehoefte goed in te schatten voor Amsterdammers met een arbeidsbeperking. Jobcoaches en consulenten geven in het groepsgesprek aan dat werkgevers soms iemand in dienst nemen en zich dan vergissen in de begeleiding die erbij komt kijken, ondanks dat dit wel besproken wordt bij de plaatsing. Eén werkgever benadrukt daarbij het belang van de proefplaatsing, die voor de medewerker de druk om te presteren vermindert.318 Als iemand snel in vaste dienst komt, kunnen de verwachtingen bij de werkgever hoger liggen. Ook jobcoaches zelf vergissen zich soms in de ondersteuning die iemand nodig heeft, vertellen ze in het groepsgesprek. Dat komt onder andere doordat sinds de verbreding Amsterdammers met meer complexe problematiek worden doorverwezen naar Sociaal Werk.319 Uit interviews met Amsterdammers blijkt dat jobcoaches verschillende keuzes maken in de begeleiding.

Waar de ene jobcoach ‘alles’ regelt en bij ‘akkefietjes’ bemiddelt tussen Amsterdammer en werkgever, stimuleert een andere jobcoach dat Amsterdammers zelf ‘hobbels’ met de werkgever oplost en komt deze ook niet langs op de werkplek.320

7.4.3 Amsterdammers en werkgevers ervaren betrokkenheid Sociaal Werk na plaatsing als positief

Amsterdammers ervaren begeleiding jobcoach als positief Amsterdammers die na plaatsing begeleid blijven worden door een jobcoach, ervaren dat als positief: de jobcoach houdt over het algemeen actief contact, informeert hoe het gaat en komt soms langs op de werkplek.321 Verder kan de Amsterdammer de jobcoach goed bereiken, bijvoorbeeld door te bellen of een bericht te sturen via WhatsApp.322 Ook gaven Amsterdammers aan dat de jobcoach met ze meedenkt, bijvoorbeeld over hoe om te gaan met persoonlijke valkuilen, zoals moeite hebben om je grenzen aan te geven.323 Het contact wordt in sommige gevallen wel minder na de plaatsing.324 Eén Amsterdammer gaf aan terughoudend te zijn geworden met contact opnemen, nadat zijn jobcoach aangaf veel klanten in de caseload te hebben.325 Voor deel werkgevers blijft betrokkenheid jobcoach belangrijk na plaatsing Een deel van de werkgevers houdt graag contact met de jobcoach na een plaatsing.326 Het kan soms zelfs bepalend zijn voor het succes van een plaatsing wanneer een jobcoach er bij problemen tussen werkgever en medewerker in slaagt om te bemiddelen.327 Werkgevers willen ook makkelijk vragen kunnen stellen over de wet- en regelgeving of over de rechten en plichten van werkgever, gemeente en werknemer bij ziekte. Een meerderheid van de werkgevers in onze enquête gaf aan goed bij de gemeente terecht te kunnen met vragen.

Ze zijn over het algemeen positief over de betrokkenheid van hun jobcoach en de mogelijkheid om snel advies te krijgen bij problemen. Maar er zijn ook werkgevers die deze betrokkenheid missen en soms slecht contact krijgen met de jobcoach van hun medewerker. Mede daardoor is bij werkgevers behoefte aan een centraal punt waar ze terechtkunnen met algemene vragen. Eén werkgever voelt zich nu “vaak van kastje naar de muur gestuurd”.328 Dat de Sociaal Werkkoepel vragen kan beantwoorden, lijkt niet bij 79

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

iedereen bekend. Een werkgever die dat wel weet, is positief; de Sociaal Werkkoepel is volgens deze werkgever waardevol als vraagbaak en geeft een realistisch beeld van wat je als werkgever aan begeleiding moet kunnen bieden aan werknemers met een arbeidsbeperking.329 Ook werkgevers met een interne jobcoach houden graag de mogelijkheid om te kunnen overleggen; het is hen niet altijd duidelijk wie welke verantwoordelijkheid heeft in de begeleiding van werknemers.330

7.4.4 Veel coaches betrokken bij werkende Amsterdammers, zorgt voor overlap

Veel betrokkenen bij de werkende Amsterdammer De keten rondom de begeleiding naar werk is momenteel zo ingericht dat er veel coaches en andere betrokkenen zijn bij de begeleiding tijdens werk, waardoor op bepaalde onderdelen een overlap van taken is en op andere zaken juist een gat lijkt te vallen. Amsterdammers die via Sociaal Werk op een werkplek geplaatst zijn, hebben te maken met een jobcoach van Sociaal Werk. Naast de jobcoaches zijn er in sommige gevallen ook professionals voor andere leefgebieden betrokken bij de Amsterdammer, zoals schuldhulpverlening.331 Zorginstellingen kennen IPS-jobcoaches die Amsterdammers breed begeleiden op leefgebieden en die daarnaast ook naar werk begeleiden.332 Voor Amsterdammers die bij Pantar werken, is er naast de gemeentelijke jobcoach begeleiding door een interne coach en werkbegeleider. Interne jobcoach kan begeleiding op de werkvloer overnemen van de gemeente In sommige gevallen neemt een interne jobcoach de begeleiding op de werkvloer over van de gemeentelijke jobcoach.

Sommige werkgevers hebben interne jobcoaches in dienst die Amsterdammers met een arbeidsbeperking begeleiden.333 De gemeente voorziet in een subsidieregeling die het werkgevers mogelijk maakt om deze in dienst te nemen.334 Een werkgever, die via de gemeente Amsterdammers met een arbeidsbeperking werk biedt in de horecasector, ziet dat dit in de praktijk tot onduidelijkheid leidt. Hij zegt dat het voor medewerkers verwarrend is om twee jobcoaches te hebben.335 Ze weten niet welke vragen ze aan wie moeten stellen. In het groepsgesprek lichten jobcoaches toe dat zij dit beeld niet herkennen: voor hen is duidelijk wie welke rol heeft naar de Amsterdammer toe.336 Verder gaven jobcoaches in het groepsgesprek aan dat de interne jobcoach de begeleiding tijdens werk van hen overneemt. Ze blijven wel verantwoordelijk en beschikbaar als een Amsterdammer begeleid moet worden naar ander werk. Jobcoaches merkten daarbij op dat ze minder goed op de hoogte zijn van iemands werksituatie als er een interne jobcoach betrokken is. Om beter op de hoogte te blijven, is recent besloten dat gemeentelijke jobcoaches elke drie maanden contact hebben met een interne jobcoach.337

7.4.5 Jobcoaches lijken niet structureel te sturen op ontwikkeling Omdat de gemeente ernaar streeft Amsterdammers op de best passende werkplek te plaatsen qua begeleiding en ontwikkelmogelijkheden338, is de verwachting dat jobcoaches actief aandacht hebben voor de ontwikkeling van Amsterdammers. De aandacht voor het bereiken van leerdoelen is wel benoemd in de kwaliteitslijn van jobcoaches maar niet nader uitgewerkt.339 De Amsterdammers die wij spraken, gaven aan dat ontwikkeling geen structureel thema is tijdens voortgangsgesprekken die zij voeren met hun jobcoach. Dit terwijl verschillende Amsterdammers wel ambities hebben: we spraken medewerkers bij Pantar, die graag een opleiding in de ICT zouden volgen om daar werk in te vinden en een 80

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

medewerker met leidinggevende ambities. Slechts een van hen besprak deze wensen met de jobcoach.340 Een Amsterdammer die al 25 jaar op detacheringsbasis voor de gemeente werkt, vertelde dat er ‘ooit’ wel een ontwikkelplan is opgesteld, maar dat daar toen geen opvolging aan is gegeven.341 In een reactie stelt de ambtelijke organisatie dat de het ontwikkelen van Amsterdammers die bij Pantar werken tot de taken van Pantar behoort. Het sociaal ontwikkelbedrijf werkt de invulling hiervan uit in de volgende Meerjarenstrategie.342

8

Informatievoorziening aan de gemeenteraad In dit hoofdstuk beoordelen we of de gemeenteraad voldoende informatie via P&C-stukken en beleidsrapportages ontvangt om de doeltreffendheid van het beleid te kunnen beoordelen. We onderzochten of in de beleidstukken naar de gemeenteraad de beoogde doelen en prestaties zijn opgenomen. Ook bekeken we of er indicatoren en streefwaarden waren geformuleerd. Tot slot gingen we na in welke mate het college de raad informeert over de realisatie van beoogde doelen en prestaties en of deze informatie betrouwbaar, relevant, begrijpelijk en volledig is. Daarmee beantwoorden we de vraag:

Stelt de informatievoorziening van het college de raad voldoende in staat om (de doeltreffendheid van) het gemeentelijk beleid te volgen en eventueel bij te sturen? Deelconclusie

Wij constateren dat het college zijn visie en ambities duidelijk heeft gecommuniceerd naar de raad. De effectiviteit van het beleid is wel lastig te volgen. Met uitzondering van de hoofddoelstellingiiii zijn de ambities uit het Uitvoeringsbesluit Sociaal Werk (2018) onvoldoende geconcretiseerd en over de resultaten van deze prestatieindicatoren wordt beperkt en versnipperd gerapporteerd. Ook ontbreekt het de raad aan inzicht in de ondersteuning van Amsterdammers die na plaatsing begeleiding blijven houden. Ook valt de financiering van Sociaal Werk moeilijk te herleiden: het is niet eenvoudig in de jaarstukken terug te vinden uit welke middelen de trajecten en de begeleiding van werkzoekenden met een arbeidsbeperking worden betaald. Wij baseren deze conclusie op een analyse van de informatie in WPI-begrotingen en jaarverslagen (P&C-cyclus), WPI-voortgangsrapportages, de voortgangsrapportages op de gemeentelijke toegankelijkheid Iedereen doet mee!, WPI-factsheets, evaluaties van de Sociaal Werkkoepel (2020 en 2023) en begeleidende raadsbrieven in de periode 20172025.

iiii

Het aantal mensen dat werkzaam is in sociaal werk (2018-2022) en het aantal plaatsingen met

instrumenten uit de Participatiewet (2023-2026).

81

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

8.1 Beleid: raad meegenomen in keuzes en inrichting sociaal werk

Het college heeft de raad goed meegenomen bij de inrichting van sociaal werk (2017) en de oprichting van de Sociaal Werkkoepel (2018). De verruiming van de doelgroep (2022) is eveneens helder beargumenteerd. Wel ontbrak daarbij een risicoanalyse, waardoor de raad geen inschatting heeft kunnen maken van de impact van de koerswijziging.

8.1.1 Hoe en waarom van inrichting sociaal werk helder gecommuniceerd naar de raad (2017)

In de informatievoorziening is de raad meegenomen over het hoe en het waarom van sociaal werk. In 2017 deelde het college zijn visie op sociaal werk met de raad. Dit lijkt een reactie op het verzoek van de toenmalige raadscommissie Werk en Economie om “inzicht in het wat en het hoe” van sociaal werk in Amsterdam.343 Een jaar later volgde de notitie Bouwstenen Doorontwikkeling Sociaal Werk en de notitie Uitvoeringsbesluit Sociaal Werk. Deze documenten geven de raad inzicht in het instrumentarium om Amsterdammers met een arbeidsbeperking naar betaald werk toe te begeleiden en waar nodig tijdens werk te ondersteunen. Ook is de raad geïnformeerd over de omvang en diversiteit van de doelgroep en betrokken bij de oprichting van de Sociaal Werkkoepel.

8.1.2 Mogelijke impact van verruiming doelgroep niet gecommuniceerd (2022)

In december 2022 maakte het college bekend de doelgroep van sociaal werk te verruimen, maar zij heeft de impact van deze beleidswijziging niet gecommuniceerd naar de gemeenteraad. Het college koos er met de verruiming van de doelgroep voor om instrumenten zoals LKS ruimer in te zetten. De reden voor deze koerswijziging is helder, maar de raad is niet geïnformeerd over de mogelijke impact van deze koerswijziging. Het college koos ervoor om de doelgroep te verruimen, omdat het aandeel bijstandsgerechtigden dat minder makkelijk werk vond en langdurig afhankelijk was van een bijstandsuitkering, toenam. Deze groep heeft intensievere ondersteuning nodig om aan werk te komen.344 In juni 2023 informeerde het college de raad verder in een raadsinformatiebrief. Daaraan is een bijlage toegevoegd met uitleg over het wettelijk kader van de Participatiewet, de rol van de gemeente daarin, een beschrijving van de doelgroep en de financieringssystematiek.345 Welke impact deze koerswijziging zou kunnen hebben op de dienstverlening aan de oorspronkelijke doelgroep (Amsterdammers met een arbeidsbeperking) maakt de brief niet duidelijk.

Beschikt de afdeling Sociaal Werk over voldoende capaciteit om de nieuwe aanwas van klanten op te vangen? Houden Amsterdammers met een arbeidsbeperking dezelfde mate van ondersteuning of zal er per klant minder tijd beschikbaar zijn? Daar kreeg de raad geen informatie over. Evenmin over of en hoe de gemeente de begeleiding van Amsterdammers met een arbeidsbeperking en de ontwikkelingen binnen deze doelgroep zou blijven volgen. Het college kondigde in eerste instantie aan een Actieplan gesubsidieerd en sociaal werk te zullen opstellen346, maar in andere beleidsstukken is alleen vermeld dat er een actieplan gesubsidieerd werk komt.347 Dit doet vermoeden dat er geen document in de maak is dat ingaat op mogelijke implicaties van de beleidswijziging voor de oorspronkelijke doelgroep van sociaal werk.

82

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

8.2 Indicatoren: alleen concrete streefwaarden op primaire doelstelling

Zoals eerder genoemd, stelde het college bij de inrichting van sociaal werk in 2018 alleen concrete streefwaarden op voor het aantal mensen dat werkzaam is in sociaal werk. De overige KPI’s vertaalde het college naar inspanningsdoelen (meer passend werk en meer doorstroom van onbenut potentieel), wat het voor de raad lastig maakt om de effectiviteit van het beleid op deze andere onderdelen vast te stellen.

8.2.1 Concrete streefwaarden ontbreken voor aantal KPI’s Geen uitwerking inspanningsdoelen Hoewel het college bij de inrichting van sociaal werk heeft toegezegd de inspanningsdoelen later te zullen uitwerken in concrete KPI’s, zijn we deze concrete uitwerking niet tegengekomen in onze analyse. Ook lijkt het college geen opvolging te hebben gegeven aan het voornemen om inzicht te geven in de totale omvang van de doelgroep sociaal werk, het potentieel voor doorstroom vanuit zorg en onderwijs en de doelmatigheid van Beschut Werk.348 Dat voor de meeste KPI’s geen concrete streefwaarden zijn opgesteld, maakt de impact van sociaal werk lastig vast te stellen. Ook is moeilijk na te gaan of het college erin slaagt Amsterdammers passend en duurzaam te plaatsen, doordat de termen ‘passend’ en ‘duurzaam’ niet zijn geoperationaliseerd. Inspanningsdoelen zijn bovendien alleen geformuleerd in relatie tot de toeleiding naar werk. Ze ontbreken voor de ondersteuning na plaatsing. Raad verzocht diverse malen om concrete indicatoren op sociale inkoop De afgelopen jaren is het college op verschillende momenten verzocht meer concrete prestatie-indicatoren op te stellen en/of daarover te informeren: Eind 2018 vroeg de raad om een kwantitatieve doelstelling met indicator voor de inkoop bij sociale firma'sjjjj (motie 972).

Het college gaf daar geen gehoor aan, omdat het meende dat het verloop met de huidige indicatoren “adequaat te volgen is”.349 In 2021 verzocht de raad nogmaals om meer te sturen op de resultaten van sociale inkoop (motie 660). In een reactie gaf het college aan dat landelijke regelgeving daadwerkelijk sturen “complex” maakt en dat er daarom geen sturingsinstrument kan worden ingericht. Wel zei het college toe vanaf 2022 jaarlijks in de jaarverslagen te rapporteren over de resultaten van sociale inkoop.350 In 2022 kreeg het college na de evaluatie van de Sociaal Werkkoepel de aanbeveling om “doelstellingen gerichter te formuleren” met indicatoren die “meer inzicht geven in de daadwerkelijke meerwaarde van de begeleiding”.351 Na behandeling van de begroting voor 2023 verzocht de raad in een motie (motie 400) het college om doelen voor het aantal gesubsidieerde banen “aan te scherpen” en waar mogelijk “de uitstroomambitie te verhogen”. Want de raad dacht dat “effectievere en efficiëntere inzet van middelen en programma's mogelijk was door inzet van middelen meer te coördineren”.kkkk

jjjj

Meer (gemeentelijke) omzet realiseren bij sociale firma’s is een van de KPI's van Sociaal Werk. Bron:

Gemeente Amsterdam, Notitie uitvoeringsbesluit Sociaal Werk, 19 maart 2019, p. 14. kkkk

Dit betreft programma’s voor de totale groep aan bijstandsgerechtigden, niet alleen de doelgroep van

sociaal werk. Bron: Gemeente Amsterdam, Motie 400 … inzake de Begroting 2023, 10 november 2022.

83

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

In 2023 diende de raad opnieuw een motie in (motie 420) met het verzoek jaarlijks een stand van zaken te krijgen over de inzet en resultaten van impactvol inkopen. Het college gaf aan de beschikbare informatie in de jaarrekening te zullen uitbreiden.352

8.3 Begroting: budget voor afdeling Sociaal Werk niet gespecificeerd

Het viel de afgelopen bestuursperioden niet uit P&C-documenten op te maken hoeveel er voor de afdeling Sociaal Werk werd begroot. Zo is bijvoorbeeld niet bekend welk bedrag het college vrijmaakte voor de jobcoaching van Amsterdammers met een arbeidsbeperking, een kostenpost die de gemeente voor het grootste deel uit eigen middelen financiert.

8.3.1 WPI-begroting vermeldt totale budget toeleiding naar werk Budget voor Sociaal Werk niet gespecificeerd Het budget voor Sociaal Werk is niet gespecificeerd in de begroting van WPI. De begroting vermeldt enkel het totale budget voor de toeleiding naar werk van alle bijstandsgerechtigden (2018-2024). Tot en met 2024 staan de bedragen voor loonkosten van mensen in de Wsw-voorziening, LKS en de vergoedingen van bedrijfskosten aan organisaties die (beschut) werk bieden aan mensen met een arbeidsbeperking, wel apart vermeld. Hoe deze kostenposten zijn opgebouwd, valt niet te herleiden. Zo is bijvoorbeeld niet duidelijk wat de vergoeding is voor werkgevers met Beschut Werkmedewerkers of hoeveel de ondersteuning van Amsterdammers per traject kost. Dit hoeft niet per se gespecificeerd in de begroting terug te komen, maar we verwachten wel dat de raad deze informatie krijgt in onderliggende beleidsplannen. De meest concrete informatie hierover vinden we in de raadsbrief Meer Amsterdammers ondersteunen via Sociaal Werk (2023).

Daarin begroot het college de uitvoeringskosten om vijfhonderd mensen extra naar werk toe te begeleiden op € 1,4 miljoen, inclusief jobcoaching.353 In de raadsinformatiebrief Doorontwikkeling Gesubsidieerd Werk (2023) staat wel een kostenschatting van een individuele tijdelijk gesubsidieerde baan met LKS, maar daarbij gaat het om trajecten voor de verruimde doelgroep van bijstandsgerechtigden met afstand tot de arbeidsmarkt. Niet specifiek voor mensen met een arbeidsbeperking. Bij de kosteninschatting lijken de kosten voor begeleiding overigens niet te zijn meegerekend.354 Jobcoaching grotendeels gefinancierd vanuit eigen middelen Jobcoaching wordt via de eigen financiële middelen gefinancierd. Het Rijk draagt bij aan de begeleiding van Amsterdammers in de Wsw-regeling en Beschut Werk, maar dekt niet direct de jobcoaching voor de Amsterdammers die werken met LKS. De gemeente financiert de begeleiding daarom grotendeels zelf, onder ander via de reserve Sociaal Werk. 355 Dit is een “knelpunt”, waar de gemeente volgens het college “een goed evenwicht in moet vinden”.356

8.4 Resultaten: raad structureel geïnformeerd over groeidoel, niet over andere indicatoren

WPI geeft structureel een stand van zaken op het primaire groeidoel van Sociaal Werk. Het is niet bekend in hoeverre Amsterdammers passend en duurzaam worden geplaatst. Ook 84

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

blijft onderbelicht hoe Sociaal Werk de ontwikkeling van Amsterdammers monitort die werken met een subsidieregeling van de gemeente of het Rijk.

8.4.1 WPI-voortgangsrapportages rapporteren jaarlijks op aantal plaatsingen Sociaal Werk

De raad heeft zicht op plaatsingen Sociaal Werk via WPI-rapportages WPI-voortgangsrapportages geven jaarlijks een stand van zaken op het aantal Amsterdammers met een arbeidsbeperking dat via Sociaal Werk aan het werk is gegaan. Deze voortgangsrapportages geven inzicht in het aantal plaatsingen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt naar regeling (Wsw, Beschut Werk, LKS en/of jobcoaching). Ook wordt er structureel gerapporteerd op de uitstroom: het aantal maanden dat via de Participatiewet geplaatste Amsterdammers aan het werk zijn geweest. De voortgangsrapportages van WPI informeren verder overwegend over de ontwikkelingen van de totale groep van bijstandsgerechtigden. Zo zijn er bijvoorbeeld cijfers over het percentage klanten dat na uitstroom naar werk nog begeleiding ontvangt en het aantal arbeidsplaatsen dat het WSP in een jaar heeft vervuld. Hieruit is echter niet op te maken hoe effectief de dienstverlening is specifiek voor klanten met een arbeidsbeperking.357 In 2022 zijn er, voor zover we kunnen nagaan, geen voortgangsrapportages met de raad gedeeld. Niet bekend in hoeverre plaatsingen passend zijn In hoeverre een plaatsing via Sociaal Werk passend is, krijgt geen aandacht in de rapportages die de raad ontvangt. De “focus ligt op kwaliteiten, wensen en mogelijkheden van werkzoekende” en “meerdere ervaringen zijn nodig om een passende werkplek te vinden”.

Hoe werkplekken daadwerkelijk aansluiten bij de behoeften en verwachtingen van klanten, is niet inzichtelijk.358 Duurzaamheid: alleen rapportage over actieve dienstverbanden WPI-rapportages delen jaarlijks een overzicht van de duur van actieve dienstverbanden. Dienstverbanden die voor of na dat peilmoment zijn stopgezet, maken geen deel uit van de analyse. Daardoor valt uit de gedeelde data moeilijk te achterhalen hoe duurzaam de plaatsingen zijn. Dat deze informatie wel wordt gemonitord, blijkt als begin 2025 een analyse wordt gedeeld op het aantal herplaatsingen. Daarin staat onder andere wat de huidige (werk)situatie is van Amsterdammers die sinds 2015 met begeleiding van Sociaal Werk aan het werk zijn gegaan. Van de 326 Amsterdammers die in 2015 zijn begonnen met werk, zouden er anno 2024 nog 193 aan het werk zijn.llll359

8.4.2 Stand van zaken op overige kernindicatoren niet structureel gedeeld met de raad

Op de KPI’s uit het Uitvoeringsbesluit Sociaal Werk deelt het college niet structureel een stand van zaken. De doorstroom uit zorg en onderwijs en de gerealiseerde omzet bij sociale firma’s ontbreken bijvoorbeeld in reguliere rapportages. Incidenteel krijgt de raad hier wel informatie over, bijvoorbeeld in de tussenevaluatie van de Sociaal Werkkoepel (2020).

llll

Het valt niet met zekerheid te zeggen of deze mensen allemaal werk hadden, maar deze groep ontving in

2024 geen bijstandsuitkering.

85

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Werken met een arbeidsbeperking

Raad best geïnformeerd via Tussenrapportage Sociaal Werkkoepel en factsheets (2020-2022) Op de meeste KPI’s uit het Uitvoeringsbesluit Sociaal Werk vinden we voor het eerst een stand van zaken in de Tussenrapportage Sociaal Werkkoepel (2020). Nadat een raadslid van de commissie WIO opmerktmmmm jaarcijfers over de kernindicatoren van Sociaal Werk te missen, deelt het college een stand van zaken (maart 2020) van alle KPI’s uit het Uitvoeringsbesluit. Hierin staat onder andere een analyse van de loonwaarde van werknemers (Beschut Werk en LKS) en het aantal plaatsingen dat nodig is om nominale groei te realiseren. Ook is een overzicht opgenomen van de (gemeentelijke) omzet bij sociale firma's. Van 2020 tot en met 2022 deelt het college aanvullend op de voortgangsrapportages circa twee keer per jaar een factsheet Resultaten en Ontwikkelingen Sociaal Werk. Daarin staan cijfermatige resultaten vergelijkbaar met die uit de voortgangsrapportage: hoeveel Amsterdammers met een arbeidsbeperking op een bepaald moment werkzaam zijn in sociaal werk en met welk instrument, hoe lang ze aan het werk zijn en wat de uitstroom is naar regulier werk. Weinig gedeeld over doorstroom en (gemeentelijke) omzet sociale firma’s Een stand van zaken over de doorstroom uit zorg en onderwijs en de gerealiseerde omzet bij sociale firma’s/omzet uit social return ontbreekt in de meeste factsheetsnnnn.

Ook informeren de factsheets minder uitgebreid dan de tussenrapportage Sociaal Werkkoepel: een analyse van de loonwaarde van werknemers is bijvoorbeeld geen onderdeel meer. In 2023 en 2024 lijken er geen factsheets met de raad te zijn gedeeld.oooo Wel krijgt de raad een stand van zaken in de raadsbrief Meer Amsterdammers ondersteunen via Sociaal Werk (juni 2023), onder andere op de verwachte instroom vanuit dagbesteding.

8.4.3 Informatievoorziening niet volledig: weinig gedeeld over de ontwikkeling van werknemers in sociaal werk ná plaatsing

Het college deelt weinig informatie over de prestaties van Sociaal Werk in de begeleiding van Amsterdammers die zijn geplaatst en werken met subsidieregelingen. Om te bepalen of beleid doeltreffend is, is het voor de raad belangrijk ook inzicht te krijgen in de effectiviteit daarvan: welke interventie werkt voor wie en in welke omstandigheden? Wat zijn oorzaken voor uitval? Wat zorgt juist voor een succesvolle plaatsing? De stukken rond de oprichting en evaluatie van de Sociaal Werkkoepel geven wel enige context en toelichting, waaronder aandachtspunten. Maar daarbij ligt de focus op de toeleiding naar

mmmm

In deze raadscommissie vraagt een lid om meer informatie over de activiteiten van de Sociaal

Werkkoepel, waaronder actuele jaarcijfers. Ook refereert ze aan het voornemen van het college om de doelmatigheid van Beschut Werk te volgen, waarbij niet duidelijk is hoe en wanneer de raad daarover wordt ingelicht. Bron: Gemeente Amsterdam, Raadscommissieverslag WIO, 11 november 2020. nnnn

Sinds 2021 is sociale inkoop verankerd in het inkoopbeleid. Vanaf 2022 zijn de resultaten van sociale

inkoop opgenomen in het jaarverslag. In 2022 is sociale inkoop en de omzet uit social return een thema in de factsheet Resultaten en Ontwikkelingen Sociaal Werk, maar niet in de meest recente factsheet. Bron: Gemeente Amsterdam, Factsheet Resultaten en Ontwikkelingen Sociaal Werk peildatum 1 april 2024, 25 februari 2025. oooo

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16129912/1