CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

03 Onderzoeksrapport Toegankelijkheid van buurthuizen

RAAD 8 oktober 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Overnemen van de aanbevelingen uit het rekenkamerrapport Toegankelijkheid van buurthuizen. Vanzelfsprekend, maar niet vanzelf. (VN2025-012967)42.133 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

21

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

geuit door maatschappelijke organisaties; anderzijds geven betrokken ambtenaren aan dat zij dit van bewoners of organisaties hebben gehoord.71

Deelconclusie

We trekken drie deelconclusies op basis van deze cijfers en analyse. Ten eerste lijkt het aantal buurthuizen licht te zijn afgenomen in de afgelopen jaren, hoewel er veel onzekerheid is over deze trend. Ten tweede zijn er verschillen in de aanwezigheid van buurthuizen binnen Amsterdam. Deze verschillen komen deels overeen met het idee van de gemeente dat buurthuizen er bij uitstek horen te zijn in gebieden met meer kwetsbare bewoners, maar er zijn ook uitzonderingen. En ten derde hebben stadsdelen met elkaar gemeen dat er overal signalen zijn van ervaren ruimtegebrek. De schaarse ruimte in een drukke en groeiende stad beperkt de aanwezigheid, en daarmee de toegankelijkheid, van buurthuizen.

2.3 Nabijheid

We weten nu hoeveel buurthuizen er zijn in Amsterdam en hoe deze zijn verdeeld over de stad. Op basis van deze informatie kunnen we een beeld schetsen van de nabijheid van buurthuizen, hier gemeten als de loopafstand die Amsterdammers moeten afleggen van hun woning tot het dichtstbijzijnde buurthuis. De berekening van nabijheid lichten we toe in bijlage 3.

Afstanden (per stadsdeel)

Uit onze berekeningen blijkt een gemiddelde afstand van 434 meter tot het dichtstbijzijnde buurthuis. Met andere woorden, de gemiddelde Amsterdammer moet 434 meter afleggen vanuit diens woning om een buurthuis te bereiken. Voor ongeveer 68% van de Amsterdammers ligt het dichtstbijzijnde buurthuis binnen 500 meter. Deze afstand van 500 meter is door de gemeente aangemerkt als "actieradius" "naarmate de sociaaleconomische positie en gezondheid van mensen zwakker is".72 Voor de resterende 32%, een derde van de Amsterdammers, ligt de afstand dus boven deze grens. Figuur 2.5 geeft weer hoe deze afstand verschilt tussen stadsdelen. We merken hierbij op dat dit gemiddelden zijn per stadsdeel; er zijn binnen elk stadsdeel bewoners die hier onder of boven zitten. We zien in de figuur dat de afstanden gemiddeld het kleinst zijn in Centrum, West en Zuid, en het grootst in Zuidoost en in Noord. Deels staat figuur 2.5 in contrast met het aantal buurthuizen per stadsdeel (figuur 2.4). Zo zijn de afstanden in Centrum gemiddeld het kleinst, terwijl er daar relatief weinig buurthuizen zijn. De verklaring hiervoor is waarschijnlijk dat Centrum (net als Zuid en West) nu eenmaal kleiner en dichter bebouwd is dan de overige stadsdelen, wat leidt tot kortere afstanden.

Verder geldt voor Zuidoost dat de buurthuizen daar zijn geclusterd op een aantal plekken, wat leidt tot grotere afstanden buiten deze clusters.

22

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

Figuur 2.5 - Gemiddelde afstand tot dichtstbijzijnde buurthuis per stadsdeel (stippellijn geeft het gemiddelde voor heel Amsterdam aan)

Zuidoost Noord Nieuw-West Oost Zuid West Centrum 0

100

200

300

400

500

600

Gemiddelde afstand tot dichtstbijzijnde buurthuis (in m.)

Verband tussen kwetsbaarheid en afstand

Figuur 2.5 suggereert dat de afstanden tot buurthuizen het grootst zijn waar de meeste kwetsbare bewoners wonen (in Zuidoost, Noord en Nieuw-West). In deze figuur houden we echter geen rekening met het feit dat de afstanden sterk kunnen verschillen binnen stadsdelen. Om een beter beeld te krijgen van het verband tussen kwetsbaarheid en nabijheid analyseren we dit op het gedetailleerdere niveau van buurten. Dat wil zeggen, voor elk van de (bewoonde) buurten in Amsterdam berekenen we de gemiddelde afstand, wat we koppelen aan het percentage kwetsbare bewoners in die buurt. Figuur 2.6 bevat het resultaat van deze analyse. Hiervoor hebben we de afstand tot het dichtstbijzijnde buurthuis voorspeld in een lineair regressiemodel, met het percentage kwetsbare bewoners (en een kwadratische term) als voorspeller, gewogen naar het aantal bewoners per buurt. We zien hier een duidelijk negatief verband: in buurten met een hoger aandeel kwetsbare bewoners is de afstand tot een buurthuis gemiddeld kleiner. Dit komt overeen met het idee dat buurthuizen er juist moeten zijn voor kwetsbare Amsterdammers. Ook hier benadrukken we tegelijkertijd dat het om een gemiddeld verband gaat. Er zijn ook buurten met veel kwetsbare bewoners en een grote afstand, maar dit is dus de uitzondering en niet de regel.

23

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

Figuur 2.6 - Verband tussen afstand tot dichtstbijzijnde buurthuis en percentage kwetsbare bewoners per buurt (gekleurd gebied geeft 95% betrouwbaarheidsinterval aan)pp 700

600

500

400

300

200 0

5

10

15

20

25

Kwetsbare bewoners in buurt (%) In aanvullende analyses zien we dat hetzelfde verband geldt met een aantal andere variabelen. Specifiek is de afstand tot een buurthuis kleiner in buurten met meer huishoudens onder het sociale minimum, meer praktisch opgeleiden, meer mensen met een migratieachtergrond en - tot op zekere hoogte - meer ouderen. Dit laatste verband is echter vrij zwak (en niet statistisch significant).

Overige bevindingen over nabijheid

In interviews met belangenorganisaties en organisaties die buurthuizen beheren, wordt het belang van nabijheid benadrukt. Tegelijkertijd worden er soms zorgen geuit over de nabijheid. Opvallend genoeg geldt dit laatste ook voor een buurthuis in Centrum. Ook hier zien we de brede wens dus terug om meer locaties te hebben.73 Ten slotte hebben we in onze eigen enquête gevraagd naar redenen waarom Amsterdammers wel of niet een buurthuis bezoeken. Van de 334 respondenten die nooit een buurthuis heeft bezocht, noemt ongeveer 7% als reden dat er geen locatie in de buurt is. We maken twee opmerkingen bij dit percentage. Ten eerste lijkt 7% laag, maar wanneer we bedenken dat een grote meerderheid van de mensen nooit een buurthuis bezoekt (zie paragraaf 2.1), gaat het hier in zijn totaliteit alsnog om een aanzienlijk aantal in vergelijking met het relatief beperkte aantal Amsterdammers dat wel een buurthuis bezoekt. Ten tweede is het tegelijkertijd niet duidelijk of mensen goed op de hoogte zijn van de buurthuizen die er al dan niet in hun buurt zijn. Op dit laatste gaan we verder in wanneer we in paragraaf 2.8 de bekendheid met buurthuizen bespreken.

pp

De bron voor cijfers over kwetsbaarheid is het Basisbestand gebieden Amsterdam, versie 24 oktober 2024. De

cijfers gaan over 2021; dit is het recentste jaar waarvoor ze beschikbaar zijn.

24

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

Deelconclusie

Op basis van voorstaande bevindingen trekken we drie deelconclusies over nabijheid. Ten eerste is nabijheid, net als aanwezigheid, belangrijk als basale vorm van toegankelijkheid. Dit geldt zeker voor Amsterdammers met een beperkte 'actieradius'. Ten tweede zijn er verschillen in nabijheid binnen Amsterdam. Enerzijds zijn de afstanden tot buurthuizen kleiner in centralere stadsdelen, waarschijnlijk door geografische factoren (zoals een grotere bevolkingsdichtheid). Anderzijds is de afstand gemiddeld kleiner voor kwetsbare bewoners, die vaker gebruikmaken van buurthuizen én vaker beperkte mobiliteit hebben. En ten derde zijn te grote afstanden voor sommige Amsterdammers een barrière om een buurthuis te bezoeken. Mogelijk geldt dit zelfs in stadsdelen waar de afstanden het kleiner zijn, zoals in Centrum.

2.4 Fysieke toegankelijkheid

Op het gebied van fysieke toegankelijkheid maken we onderscheid tussen de bereikbaarheid, betreedbaarheid en bruikbaarheid van buurthuizen. Dit doen we in navolging van de Integrale Toegankelijkheidsstandaard. De bereikbaarheid is de mate waarin mensen met een lichamelijke beperking van de openbare weg naar de ingang van een buurthuis kunnen komen. Betreedbaarheid verwijst naar de mate waarin zij zonder obstakels van de ingang naar activiteitenruimte(s) kunnen bewegen. En onder bruikbaarheid vallen hier (overige) voorzieningen die voor mensen met een lichamelijke beperking belangrijk zijn om een buurthuis zelfstandig te kunnen gebruiken, zoals een toegankelijk toilet.qq Bij de analyse van fysieke toegankelijkheid maken we veelvuldig gebruik van onze eigen observaties op locatie. We merken hierbij ten eerste op dat de criteria die we hebben gehanteerd om fysieke toegankelijkheid te beoordelen niet de enige mogelijke criteria zijn. Desalniettemin geven onze data een nuttig beeld van de huidige situatie. Ten tweede benadrukken we dat we werken met een willekeurige steekproef van 39 buurthuizen. Daardoor zitten er ruime onzekerheidsmarges rondom de percentages die we hieronder presenteren. Mede hierdoor gaat het ons om het algemene beeld dat de cijfers schetsen en niet om de exacte percentages. De observaties op locatie worden toegelicht in bijlage 3.

Bereikbaarheid

Tabel 2.1 geeft weer hoe het gesteld staat met de bereikbaarheid van buurthuizen vanaf de openbare weg. We presenteren in deze en de volgende tabellen over bereikbaarheid, betreedbaarheid en bruikbaarheid gewogen percentages, waarbij de gewichten er rekening mee houden dat er in de hele stad (maar niet in onze steekproef) meer buurtkamers zijn dan Huizen van de Wijk. Elk criterium is zo geformuleerd dat een hoger percentage duidt op betere toegankelijkheid. Bereikbaarheid hebben we beoordeeld met één criterium. Hieruit blijkt dat de route vanaf de openbare weg tot de ingang verhard, vrij van obstakels en vlak is bij ongeveer 85% van de buurthuizen. Bij de meeste locaties is de bereikbaarheid dus goed. In sommige interviews wordt dit positieve beeld beaamd. Zo heeft een belangenorganisatie positieve signalen ontvangen over de bereikbaarheid van buurthuizen in Zuid, West en Noord. Ook een andere

qq

Een toegankelijk toilet is een toilet dat toegankelijk is voor mensen met een handicap, denk aan rolstoelers

en blinden. Bron: MDLfonds Veelgestelde vragen | Iedere WC telt, geraadpleegd op 23 mei 2025.

25

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

belangenorganisatie noemde goede voorbeelden van bereikbaarheid, onder andere in Oost.74 Tegelijkertijd is de bereikbaarheid niet overal goed. Dit blijkt uit onze observaties, maar ook uit de interviews. In die laatste werd herhaaldelijk gewezen op obstakels die buiten onze observaties vielen, waaronder een gebrek aan (gehandicapten)parkeerplaatsen. Daarnaast werden ook tijdelijke obstakels genoemd als probleem, bijvoorbeeld vanwege wegwerkzaamheden.75

Tabel 2.1 - Bereikbaarheid van buurthuizen, gewogen percentages Criterium

Buurthuizen die voldoen (%)

Is de route vanaf de openbare weg naar de entreedeur verhard, vrij van obstakels en vlak?

85

Betreedbaarheid

We hebben de betreedbaarheid van buurthuizen beoordeeld aan de hand van verschillende criteria, zoals weergegeven in tabel 2.2. We zien hier dat er aan sommige criteria bijna altijd wordt voldaan. Zo is de buitendeur bijna altijd gemakkelijk te openen en zijn kokosmatten, roosters of droogloopmatten meestal afwezig. Dit bevordert de betreedbaarheid van buurthuizen voor mensen in een rolstoel of scootmobiel. Hetzelfde geldt voor de breedte van deuren en doorgangen, die bij een groot deel van de locaties breder zijn dan 85 cm. Aan de andere kant zijn er ook onderdelen van betreedbaarheid waar buurthuizen matig of slecht op scoren. Zo is er slechts in ongeveer de helft van de locaties met meerdere verdiepingen een lift aanwezig, die vervolgens niet altijd toegankelijk is voor rolstoelen, bijvoorbeeld omdat deze te klein is. Daarnaast zijn er in ongeveer de helft van de buurthuizen drempels of andere hoogteverschillen van meer dan 2 cm die niet zijn overbrugd. Ook in interviews hebben we voorbeelden van deze obstakels gehoord, onder andere in Zuidoost. Vaak gaat het om oudere panden waar bijvoorbeeld geen lift in is geïnstalleerd.

Er zijn echter ook gevallen waarbij buurthuizen zijn verbouwd, maar op zo'n manier dat gebrekkige betreedbaarheid niet helemaal werd verholpen (bijvoorbeeld door de installatie van een te kleine lift of van een traplift waarvoor geen onderhoudsbudget is gereserveerd).rr76 Al met al zorgen vooral onoverbrugde hoogteverschillen ervoor dat een groot deel van de buurthuizen niet geheel betreedbaar is voor mensen met een fysieke beperking.

Tabel 2.2 - Betreedbaarheid van buurthuizen, gewogen percentages Criterium

rr

Buurthuizen die voldoen (%)

Is de buitendeur met twee vingers te openen?

95

Zijn kokosmatten, roosters of droogloopmatten met gaten groter dan 2x2 cm afwezig?

92

Wanneer er geen onderhoudsbudget is gereserveerd is er geen structureel, formeel budget wanneer een

(trap)lift stuk is of onderhouden moet worden. In panden die de gemeente huurt ligt de verantwoordelijkheid voor het onderhoud bij de pandeigenaar; de gemeente heeft dan geen pandbegroting om onderhoud van gebouwgebonden installaties op zich te nemen.

26

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

Criterium

Buurthuizen die voldoen (%)

Zijn alle deuren/doorgangen minstens 85 cm breed?

77

Is er een (rolstoel)lift aanwezig in het gebouw (voor de 13 locaties met meerdere verdiepingen)?

58

Is de (rolstoel)lift toegankelijk voor rolstoelen (voor de 9 locaties met een lift)?

64

Zijn eventuele drempels of hoogteverschillen van meer dan 2 cm allemaal overbrugd?

49

Bruikbaarheid

Uit tabel 2.3 blijkt dat het slecht is gesteld met de bruikbaarheid van buurthuizen. In bijna de helft van alle bezochte locaties zijn er geen stoelen met armleuningen aanwezig voor bezoekers, terwijl deze wel belangrijk zijn voor mensen die moeite hebben met opstaan en gaan zitten. Slechts een klein deel van de buurthuizen heeft een toilet dat toegankelijk is voor rolstoelgebruikers. Hierbij moet wel worden opgemerkt dat het percentage locaties met een toilet voor rolstoelen in de praktijk hoger was dan 23%. Dit toilet voldeed echter niet altijd aan de eisen, bijvoorbeeld omdat deze te klein was om goed met een rolstoel te kunnen draaien of omdat de deur tijdelijk was geblokkeerd. Verder zijn er bijna nergens voorzieningen voor slechtziende en blinde mensen, zoals hoog-contrast-kleuren bij hoogteverschillen of gidslijnen van de ingang naar activiteitenruimtes. Hetzelfde geldt voor voorzieningen voor slechthorende en dove mensen, zoals een ringleiding of geluidsversterking.

Tabel 2.3 - Bruikbaarheid van buurthuizen, gewogen percentages Criterium

Buurthuizen die voldoen (%)

Zijn er stoelen met armleuningen aanwezig voor bezoekers?

57

Is er een toilet dat toegankelijk is voor rolstoelgebruikers?

23

Zijn er voorzieningen aanwezig voor slechtziende en blinde mensen?

5

Zijn er voorzieningen aanwezig voor slechthorende en dove mensen?

4

Ten slotte merken we op dat er grote verschillen zijn tussen locaties in hun fysieke toegankelijkheid. Dit beeld wordt gedeeld door geïnterviewden, zowel van de gemeente als van de welzijnsorganisaties.77 Zeker waar locaties zijn aangemerkt als tijdelijk zien we obstakels in de fysieke toegankelijkheid en een terughoudendheid bij de gemeente of de beherende organisatie om hier iets aan te doen. Tegelijkertijd zijn er gemiddeld genomen geen grote verschillen tussen buurtkamers en Huizen van de Wijk. Dit is opvallend, omdat tijdens onze interviews herhaaldelijk het vermoeden werd geuit dat buurtkamers fysiek minder toegankelijk zijn dan Huizen van de Wijk.78 In sommige opzichten is dit zo (bijvoorbeeld bij onoverbrugde hoogteverschillen), maar dit wordt opgeheven door andere criteria waar buurtkamers beter op scoren (bijvoorbeeld de breedte van deuren). Hierbij geldt wel dat Huizen van de Wijk nu eenmaal

27

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

groter zijn dan buurtkamers, waardoor de kans groter is dat er bijvoorbeeld één deur te smal is. Hoe dan ook voldoet de gemiddelde buurtkamer aan ongeveer 55% van de criteria in tabellen 2.1, 2.2 en 2.3; het gemiddelde Huis van de Wijk voldoet aan 54%.ss Dit is geen wezenlijk verschil.

Deelconclusie

Het beeld van de fysieke toegankelijkheid van Huizen van de Wijk en buurtkamers is wisselend. Enerzijds observeerden we weinig obstakels op de route naar de ingang van locaties en was het goed gesteld met sommige aspecten van betreedbaarheid. Anderzijds kwamen we veel obstakels tegen, sommige buiten het buurthuis, een groter aantal bij het betreden van het buurthuis en de meeste bij de bruikbaarheid. We concluderen daarom dat sommige dingen goed gaan op het gebied van fysieke toegankelijkheid, maar dat er tegelijkertijd veel mankeert, zeker qua betreedbaarheid en bruikbaarheid. Hierbij is het ook belangrijk om op te merken dat één obstakel al te veel kan zijn voor iemand met een fysieke beperking. Ten slotte zijn er grote verschillen tussen locaties, maar buurtkamers zijn fysiek niet minder toegankelijk dan Huizen van de Wijk.

2.5 Openingstijden

Ook de openingstijden zijn een basale vorm van toegankelijkheid. Aanwezigheid en nabijheid bepalen waar Amsterdammers een buurthuis kunnen bezoeken; de openingstijden bepalen wanneer.

Openingstijden op papier en in de praktijk

In de online informatie die we hebben verzameld voor 48 buurthuizen (zie bijlage 3) zijn we onder andere nagegaan wat de openingstijden zijn. Gemiddeld zijn deze buurthuizen 41 uur per week geopend, waarvan 8 uur in de avonden of het weekend. Er zijn tegelijkertijd veel verschillen tussen locaties, met openingstijden die variëren van 1,5 uur tot 98 uur per week. De bovengenoemde gemiddelden zijn mogelijk echter een overschatting van de daadwerkelijke openingstijden, om twee redenen. Ten eerste zitten er evenveel buurtkamers als Huizen van de Wijk in onze steekproef, waarbij Huizen van de Wijk ruimere openingstijden hebben (gemiddeld 54 uur per week) dan buurtkamers (gemiddeld 27 uur per week). In heel Amsterdam zijn er echter veel meer buurtkamers dan Huizen van de Wijk (zie de analyse van aanwezigheid in paragraaf 2.2). We kunnen onze data wegen om de verdeling van type locaties te laten lijken op die van Amsterdam. Met deze weging is de gemiddelde locatie 34 uur per week open, waarvan 5 uur in de avonden of het weekend. Ten tweede gaat het hier om de openingstijden op papier. In de praktijk kwam het herhaaldelijk voor dat we buurthuizen bezochten die waren gesloten op momenten dat ze volgens de website open zouden zijn.

Medewerkers van stadsdeel Nieuw-West benoemden dezelfde ervaring in hun onderzoek naar buurthuizen.79 In onze bezoeken kwam dit vaker voor bij buurtkamers dan bij Huizen van de Wijk. De openingstijden in de praktijk zijn hierdoor moeilijk te schatten.

ss

Hiervoor zijn alle criteria uit de tabellen meegenomen, behalve de twee over (rolstoel)liften, omdat deze

voor de meeste locaties niet van toepassing zijn.

28

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

Tegelijkertijd is het ook mogelijk dat bewoners de sleutel krijgen van het buurthuis om daar zelf activiteiten in te organiseren, buiten reguliere openingstijden om. In dat geval zijn de openingstijden in de praktijk ruimer dan op papier, met de kanttekening dat buurthuizen op deze momenten niet voor iedereen open zijn.80

Beperkte openingstijden in de avonden en weekenden

Zelfs wanneer we blijven bij de openingstijden op papier, vallen de beperkte openingstijden in de avonden en het weekend op. In onze steekproef is ongeveer de helft van de locaties nooit geopend op deze tijdstippen.tt In onze enquête worden openingstijden niet vaak genoemd als reden om geen buurthuis te bezoeken. Toch maakt de beperkte opening 's avonds en in het weekend uit, want hoe ruimer de openingstijden zijn, hoe meer verschillende doelgroepen kunnen worden bediend. Voor de avonden en de weekenden geldt specifiek dat veel Amsterdammers dan de meeste tijd hebben om een buurthuis te bezoeken, omdat ze dan niet werken of dagbesteding hebben, én dat zij dan de meeste behoefte hebben aan gezelschap. Dit wordt onder andere benoemd door een maatschappelijke organisatie voor mensen met een licht verstandelijke beperking.81 Ook verschillende exploiterende organisaties van buurthuizen erkennen beperkte openingstijden in de avond en het weekend als een bron van ontoegankelijkheid. In dezelfde interviews wordt de beperkte beschikbaarheid van betaalde medewerkers en vrijwilligers als belemmering genoemd voor ruimere openingstijden.

Zo geeft een medewerker van een van de grotere welzijnsorganisaties aan vaker 's avonds en in het weekend open te willen zijn, maar niet voldoende middelen te hebben om daarvoor een beheerder aan te nemen.82 Vanuit een van de stadsdelen wordt ondertussen geconstateerd dat sommige buurthuizen onaangekondigd gesloten zijn, terwijl de organisaties daar wel voldoende subsidie ontvangen om op die momenten open te zijn.83 Het is mogelijk dat een gebrek aan vrijwilligers ook verklaart waarom deze buurthuizen gesloten zijn, maar een definitieve verklaring hebben we niet.

Deelconclusie

We trekken drie deelconclusies over de openingstijden van buurthuizen. Ten eerste variëren deze openingstijden sterk tussen locaties, en dan met name tussen buurtkamers en Huizen van Wijk. Dit kan zorgen voor een minder goede toegankelijkheid voor mensen die niet in de buurt van een Huis van de Wijk wonen. Ten tweede zijn buurthuizen in de praktijk soms gesloten wanneer ze open zouden moeten zijn (volgens hun website). Het is onduidelijk wat hiervoor de verklaring is. En ten derde zijn met name de beperkte openingstijden in de avonden en het weekend een bron van ontoegankelijkheid. Dit vormt vooral een belemmering voor mensen die overdag betaald werk of dagbesteding hebben op doordeweekse dagen. Als oorzaak voor de beperkte openingstijden noemen maatschappelijke organisaties de beperkte beschikbaarheid van betaalde medewerkers en vrijwilligers in de avonden en weekenden.

tt

Dit percentage is vergelijkbaar onder buurtkamers en Huizen van de Wijk, waardoor wegen hier nauwelijks

invloed heeft.

29

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

2.6 Betaalbaarheid

In hoeverre vormen de kosten een belemmering voor mensen om buurthuizen te bezoeken? Om dit te beoordelen hebben we gekeken naar de kosten van consumpties, deelname aan activiteiten en de huur van een ruimte.uu

Horeca

Op het gebied van eten en drinken zijn buurthuizen goed toegankelijk. Bij onze observaties zijn we nagegaan wat de prijs is van een kopje koffie. De gemiddelde prijs is € 0,60; in bijna alle gevallen (92%) kost koffie € 1 of minder. Op een deel van de locaties is verder ontbijt, soep of een maaltijd te krijgen. Net als de koffie is dit soms gratis, en soms is het verkrijgbaar tegen een kleine vergoeding, zoals ontbijt voor € 2. Hierbij moet ook worden opgemerkt dat koffie of thee op meerdere locatie gratis wordt gegeven aan bezoekers voor wie de prijs alsnog een belemmering is.84 De gegevens uit onze interviews sluiten aan op het beeld dat de kosten van consumpties geen belemmering zijn voor bezoekers. Zowel exploiterende organisaties als bezoekers geven aan dat zij geen signalen over een gebrek aan betaalbaarheid hebben ontvangen. De lage prijzen voor consumpties worden juist genoemd als een positieve factor. Buurthuizen zijn hierdoor namelijk een van de weinige openbare plekken in Amsterdam waar mensen met een beperkt budget eten en drinken kunnen kopen.85

Deelname activiteiten

Over de betaalbaarheid van de activiteiten ontvingen we ook positieve signalen. In veruit de meeste gevallen kost het € 5 of minder om aan een activiteit mee te doen; in veel gevallen is deelname gratis. Bovendien zijn de kosten soms lager voor mensen met een stadspas. En ook hier geldt dat er soms uitzonderingen worden gemaakt voor mensen die de kosten voor een activiteit niet op kunnen brengen.vv In sommige buurthuizen worden gericht activiteiten aangeboden voor mensen met een kleine beurs. Een voorbeeld hiervan zijn sportlessen, die bij commerciële sportscholen veel duurder zijn. In Centrum en Zuid zijn volgens een belangenorganisatie echter weinig activiteiten voor mensen met een laag inkomen. Kwetsbare inwoners zouden in deze gemiddeld meer welgestelde stadsdelen vaak vergeten worden.86 Van de respondenten die in onze enquête aangaven geen buurthuis te bezoeken, noemt vrijwel niemand (1%) als reden dat de activiteiten te veel geld kosten. Net als bij de prijzen van de consumpties lijkt de betaalbaarheid van activiteiten eerder een bevorderende dan een belemmerende factor. Van de respondenten die wel een locatie bezoeken, noemt 9% als reden dat zij andere activiteiten of hobby's niet kunnen betalen.

Huur van ruimtes

Buurthuizen stellen voor bewoners en organisaties ruimtes beschikbaar om activiteiten te organiseren. De kosten voor het gebruik van deze ruimtes verschillen per locatie. Vaak

uu

In hoofdstuk 4 gaan we in op de huurkosten die maatschappelijke organisaties betalen aan de eigenaar van

het pand waarin een buurthuis is gevestigd. vv

We baseren ons hier op de activiteitenprogramma's van bezochte buurthuizen, die we echter niet helemaal

hebben gecodeerd vanwege het grote aantal activiteiten. In een interview geeft een grote welzijnsorganisatie aan dat ze erop letten dat de kosten voor deelname nooit hoger zijn dan € 5. Bron: Interview maatschappelijke organisatie, 11 maart 2024.

30

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

gelden er verschillende tarieven voor bewonersactiviteiten, maatschappelijke activiteiten en commerciële activiteiten, waarbij het tarief voor bewonersactiviteiten het laagst ligt. Een deel van de locaties is gratis beschikbaar voor bewonersactiviteiten. De kosten voor het gebruik van de ruimtes verschillen ook per stadsdeel. Zo moet er in Noord in ieder buurthuis betaald worden voor het gebruik van een ruimte, ook voor bewonersactiviteiten. Kleinschalige bewonersinitiatieven kunnen een subsidie van maximaal € 500 aanvragen om de huur en andere kosten te dekken.87 In andere stadsdelen, waaronder Centrum en Zuidoost, hoeven bewoners geen huur te betalen voor activiteiten zonder winstoogmerk. In Centrum bedraagt de maximale subsidie voor bewonersinitiatieven net als in Noord € 500. Dat daar geen huur van betaald hoeft te worden, betekent niet dat bewonersinitiatieven in Centrum meer te besteden hebben dan in Noord, volgens de ambtelijke organisatie. Mogelijk is de toegekende subsidie hoger bij aanvragen waarbij wel huur betaald moet worden.88 Voor bewonersinitiatieven lijken huurkosten op dit moment geen groot obstakel te zijn. Dat wil zeggen, uit onze interviews blijkt niet dat de kosten voor het huren van een ruimte een drempel vormen voor activiteiten van bewoners.

Ambtenaren die betrokken zijn bij de sociale basis stellen dat bewoners de kosten kunnen doorberekenen aan de deelnemers van de activiteiten, of subsidie aanvragen voor kleinschalige bewonersinitiatieven.89 Voor bewonersinitiatieven lijken huurkosten op dit moment geen groot obstakel te zijn. Dat wil zeggen, uit onze interviews blijkt niet dat de kosten voor het huren van een ruimte een drempel vormen voor activiteiten van bewoners. Ambtenaren die betrokken zijn bij de sociale basis stellen dat bewoners de kosten kunnen doorberekenen aan de deelnemers van de activiteiten, of subsidie aanvragen voor kleinschalige bewonersinitiatieven.90

Deelconclusie

De betaalbaarheid van buurthuizen is in het algemeen goed. In vergelijking met andere vormen van toegankelijkheid zijn we hier de minste problemen tegengekomen (in onze interviews, enquête en observaties op locatie). Integendeel: de betaalbaarheid is eerder een positieve factor voor mensen uit kwetsbare groepen die minder geld te besteden hebben. Er zijn wel verschillen tussen locaties en mogelijk ook tussen stadsdelen in het aanbod van goedkope activiteiten. Op de meeste plekken worden consumpties, activiteiten en huurkosten voor ruimtes echter als goed betaalbaar ervaren.

2.7 Toegankelijkheid van informatie

In hoeverre is informatie over buurthuizen toegankelijk voor potentiële bezoekers? We beantwoorden deze vraag door te onderzoeken of er openbare informatie is over buurthuizen en, zo ja, of deze informatie ontvangen en begrepen kan worden door Amsterdammers. We maken hiervoor onderscheid tussen verschillende onderwerpen: de herkenbaarheid van buurthuizen, informatie over openingstijden, informatie over activiteiten en informatie over fysieke toegankelijkheid. Tot slot gaan we in op de toegankelijkheid van websites. We bespreken hier echter niet of de informatie aankomt bij burgers; de bekendheid met buurthuizen komt in de volgende paragraaf (2.8) aan bod. Bij de analyse van informatie maken we weer gebruik van onze eigen observaties, net als in paragraaf 2.4. Hier gelden dezelfde kanttekeningen, namelijk dat onze criteria niet de enige mogelijke zijn, en dat we met een steekproef werken, waardoor er onzekerheidsmarges zitten rondom de percentages die we presenteren. We maken daarnaast gebruik van de online informatie die we hebben verzameld over 48 buurthuizen.

31

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

Herkenbaarheid van buurthuizen

Het als zodanig kunnen herkennen van een buurthuis geeft een (potentiële) bezoeker relevante informatie over de aanwezigheid en vindbaarheid van een buurthuis. Tabel 2.4 geeft weer hoe het gesteld staat met de herkenbaarheid van buurthuizen vanaf de straat. Zoals we hier kunnen zien varieert de herkenbaarheid van buurthuizen, afhankelijk van het criterium dat we gebruiken. Bij bijna alle locaties is de ingang van het gebouw te herkennen. Een basaal gebrek is echter dat veel locaties van een afstand van 5-10 meter niet te herkennen zijn als buurthuis. Dat wil zeggen, er ontbreken vaak aanduidingen zoals duidelijk te onderscheiden borden op de gevel of op straat, waardoor het voor voorbijgangers moeilijk is om te weten dat zij een buurthuis passeren. In interviews is dit onderdeel van informatie-toegankelijkheid een aantal keer aan bod gekomen. Exploiterende organisaties gaven daarin aan dat zij zich bewust zijn van het belang van een herkenbare locatie, maar dat zij ook niet altijd genoeg geld hebben voor bijvoorbeeld een bord op de gevel.91 Als we herkenbaarheid iets breder opvatten zien we dat veel organisaties zich actief inzetten om dit te vergroten. Dit doen zij via hun website, via flyers, via aanwezigheid bij evenementen en, in sommige gevallen, via huis-aanhuisbezoeken.92

Tabel 2.4 - Herkenbaarheid van buurthuizen, gewogen percentages Criterium

Buurthuizen die voldoen (%)

Is van een afstand van 5-10 meter te herkennen waar de ingang van het gebouw is?

94

Is aan de buitenkant van het gebouw van 5-10 meter afstand zichtbaar dat het een buurthuis is?

46

Informatie over openingstijden

De informatie over de openingstijden hebben we beoordeeld op locatie en online (zie tabel 2.5). Hieruit blijkt dat het niet vaak voorkomt dat de openingstijden aan de buitenkant van buurthuizen zijn te vinden. Op internet zijn deze tijden vaker beschikbaar, maar ook hier ontbreken ze in ongeveer een kwart van de gevallen. In die gevallen kunnen bezoekers dus niet achter de openingstijden van het buurthuis komen zonder er naar binnen te gaan. Deze inzichten zijn aanvullend op onze bevindingen in paragraaf 2.5. Daar lieten we zien dat de openingstijden van buurthuizen onderling sterk verschillen en dat buurthuizen soms gesloten zijn wanneer ze volgens hun website open zouden moeten zijn. Samen met de beperkte beschikbare informatie over openingstijden creëert dit onvoorspelbaarheid voor potentiële bezoekers over de openingstijden van een deel van de buurthuizen.

Tabel 2.5 - Informatie over openingstijden van buurthuizen, gewogen percentages Criterium

Buurthuizen die voldoen (%)

Zijn de openingstijden van het buurthuis te vinden op hun website of op sociale media?

76

Zijn de openingstijden aan de buitenkant van het buurthuis te vinden?

15

32

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

De ontbrekende informatie op sommige websites is een weerspiegeling van een breder fenomeen: veruit de meeste buurtkamers hebben wel een eigen site (of een pagina op de website van een maatschappelijke organisatie), maar deze wordt niet altijd actief bijgehouden. We merkten dit in de loop van ons onderzoek ook bij het samenstellen van de lijst van buurthuizen (zie paragraaf 2.2). Daarbij was het soms moeilijk om vast te stellen of een buurthuis nog bestond, omdat sommige websites al jaren niet meer waren bijgewerkt. De informatie over onder andere openingstijden, maar ook over de programmering (zie volgende paragraaf), is dus niet altijd volledig of actueel, en we zien veel versnippering van informatie in de zin dat er veel websites zijn met steeds informatie over één of een paar buurthuizen.

Informatie over activiteiten

Hoe zit het met informatie over de activiteiten die plaatsvinden in buurthuizen? De aanwezigheid van deze informatie hebben we beoordeeld aan de binnen- en buitenkant van de locaties (tabel 2.6). Het programma met activiteiten is vaker aan de binnenkant van het gebouw te vinden dan aan de buitenkant, maar ook binnen ontbreekt dit in ongeveer een kwart van de gevallen.

Tabel 2.6 - Informatie over activiteiten van buurthuizen, gewogen percentages Criterium

Buurthuizen die voldoen (%)

Is het programma met activiteiten binnen in het gebouw te vinden?

77

Is het programma met activiteiten aan de buitenkant van het gebouw te vinden?

23

We merkten regelmatig op dat niet het volledige programma aan de buitenkant van het gebouw te vinden was, maar dat er wel posters hingen met informatie over een aantal individuele activiteiten. Dat informatie over het programma niet altijd volledig is, geldt volgens een maatschappelijke organisatie ook voor online informatie: "op de website [staat] wel ons eigen aanbod, maar dat is maar 10% van wat er op een locatie gebeurt".93 Een aantal maatschappelijke organisaties hebben afgesproken om per 2024 hun activiteiten te plaatsen op de website WijkConnect.com.ww Dit is een mogelijke oplossing voor onvolledige, verouderde en versnipperde informatie. In 2024 en begin 2025 hebben een aantal buurthuizen zich inderdaad aangesloten bij WijkConnect.com, maar in januari 2025 gaat het nog steeds om een relatief beperkt aantal. Specifieker: zestien buurtkamers en vijf Huizen van de Wijk hebben hun activiteiten op de site geplaatst. Dat is 11% van alle buurthuizen in Amsterdam.xx94 Met uitzondering van één locatie gaat het om buurthuizen die worden beheerd door Dynamo in de stadsdelen Oost en Zuid.

ww

Het gaat om de organisaties van de Sociale Basis 020 (Civic, Combiwel, DOCK, Dynamo, Eigenwijks, Sociale

Maatschap en Venzo-Swazoom). Bron: Interview maatschappelijke organisatie, 26 maart 2024. xx

Nog eens twee buurtkamers en zeven Huizen van de Wijk (uit de stadsdelen Noord en Centrum) hebben wel

een pagina op de site, maar deze hebben geen activiteiten in hun agenda. In mei 2025 hebben twee van deze buurthuizen (één Huis van de Wijk in Noord en één buurtkamer in Centrum, beide beheerd door DOCK) hun activiteiten aan de site toegevoegd.

33

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

Hierbij merken we tegelijkertijd op dat het aantal activiteiten op WijkConnect.com wel is toegenomen in de afgelopen maanden. In november 2024 waren er bijvoorbeeld 219 activiteiten geregistreerd in Amsterdam (de meeste in buurthuizen); in januari 2025 was dit gestegen naar 359.yy Alsnog is de site echter onvolledig, zeker wat betreft het aanbod van kleinere (bewoners)organisaties.

Informatie over fysieke toegankelijkheid

In tabel 2.7 is op een aantal onderdelen weergegeven welke informatie er beschikbaar is over fysieke toegankelijkheid van een buurthuis. Kort gezegd is deze informatie beperkt. In ongeveer de helft van de gevallen is de route vanaf de ingang naar de activiteitenruimte(s) duidelijk aangegeven, hoewel dit meestal komt doordat de ingang direct uitkomt op de activiteitenruimte. Bij slechts een klein deel van de buurthuizen is er verdere informatie beschikbaar over fysieke toegankelijkheid, in de locatie zelf (over hulp- of geleidehonden) of op de website. Bij dit laatste voegen we toe dat we slechts hebben gecontroleerd of er enige informatie over fysieke toegankelijkheid op de site stond, zelfs als dit heel kort was (zoals "lift aanwezig"). De beperkte informatie over fysieke toegankelijkheid wordt beaamd door twee belangenorganisaties. In hun ervaring moeten mensen vaak eerst bellen om te vragen of een gebouw fysiek toegankelijk is.95 Mogelijk geldt hetzelfde voor de fysieke toegankelijkheid van activiteiten.96

Tabel 2.7 - Informatie over de fysieke toegankelijkheid van buurthuizen, gewogen percentages Criterium

Buurthuizen die voldoen (%)

Is de route vanaf de ingang van het buurthuis naar de activiteitenruimte(s) duidelijk aangegeven?zz

56

Is er informatie te vinden over de fysieke toegankelijkheid van het buurthuis op hun website?

17

Is ergens op of in het buurthuis aangegeven dat hulp- en geleidehonden toegestaan zijn?

16

Toegankelijkheid van websites

Ten slotte bespreken we de toegankelijkheid van websites, dat wil zeggen, in hoeverre zij gebruikt kunnen worden door mensen met een fysieke beperking, los van hun inhoud. Deze toegankelijkheid is erg gemengd, zoals tabel 2.8 laat zien. Bijna alle websites zijn te navigeren met het toetsenbord, bijvoorbeeld met tab, enter en de pijltjestoetsen. Dit is belangrijk voor mensen die door een motorische beperking geen muis kunnen navigeren. Geen enkele website heeft een spraakoptie (voorleeshulp) terwijl dit wel van groot belang is voor mensen met een visuele of cognitieve beperking of mensen met leesproblemen. De toegankelijkheid van websites is nauw verwant aan de informatie die op deze sites staat; wat we hierboven hebben besproken. De digitale toegankelijkheid wordt dus niet alleen

yy

In mei 2025 was dit verder gestegen naar 431.

zz

Wanneer er geen route is tussen de ingang en de activiteitenruimte - dat wil zeggen, wanneer de

activiteitenruimte meteen volgt op de ingang - voldoen buurthuizen aan dit criterium.

34

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

beperkt door het ontbreken van een spraakoptie op websites, maar ook door het feit dat de websites inhoudelijk gezien onvolledig, verouderd en/of versnipperd zijn.

Tabel 2.8 - Toegankelijkheid van websites van buurthuizen, gewogen percentages Criterium

Buurthuizen die voldoen (%)

Is de website van het buurthuis te navigeren via het toetsenbord?

97

Is er een spraakoptie op de website van het buurthuis?

0

Deelconclusie

Veel maatschappelijke organisaties zetten zich in om informatie over buurthuizen te verspreiden. Tegelijkertijd concluderen we dat er op het gebied van informatie veel ruimte is voor verbetering. Locaties zijn aan de buitenkant lang niet altijd herkenbaar als buurthuis, informatie over programmering en openingstijden is versnipperd en soms onvolledig, de toegankelijkheid van websites is gemengd, en informatie over de fysieke toegankelijkheid van locaties is zeer beperkt beschikbaar. We erkennen de pogingen om hieraan te werken, onder andere via de site WijkConnect.com, maar we concluderen dat deze de toegankelijkheid van informatie (nog) niet wezenlijk hebben verbeterd.

2.8 Bekendheid

In de vorige paragraaf bespraken we de informatie die beschikbaar is over buurthuizen. Zelfs wanneer deze informatie er is, betekent dit nog niet per se dat dit aankomt bij Amsterdammers. We gaan daarom nu in op de mate waarin mensen bekend zijn met buurthuizen.

Wie weet of er een buurthuis is?

Bekendheid met buurthuizen kan verschillende vormen aannemen. De term kan verwijzen naar de kennis dat er überhaupt een buurthuis in de directe leefomgeving staat, maar bijvoorbeeld ook naar kennis over het aanbod en de openingstijden. Wij richten ons hier op de eerste vorm. Een praktische reden daarvoor is dat we hierover enquêtedata kunnen gebruiken (hieronder toegelicht). Een inhoudelijke rechtvaardiging van deze keuze is dat dit de meest basale en minst veeleisende vorm van bekendheid is. Dat wil zeggen, zonder informatie over het bestaan van buurthuizen kunnen mensen er sowieso geen gebruik van maken. Om bekendheid te meten, hebben we in onze enquête de volgende vraag opgenomen: "Is er een Huis van de Wijk of buurtkamer bij u in de buurt? Met in de buurt bedoelen we een afstand van maximaal 500 meter van uw woning, of ongeveer 6-8 minuten lopen." De antwoorden op deze vraag hebben we vervolgens gekoppeld aan de daadwerkelijke nabijheid van een buurthuis voor elke respondent (met behulp van hun postcode). Als respondenten correct antwoorden - dat wil zeggen, ze geven aan dat er een buurthuis binnen 500 meter is terwijl dit ook echt zo is, en niet wanneer dit niet zo is - beschouwen we dit als bekendheid met de aanwezigheid (of afwezigheid) van buurthuizen.

Op basis van deze meting is ongeveer 48% van onze respondenten bekend met de aan- of afwezigheid van een buurthuis in hun woonomgeving. De resterende 52% zijn mensen die incorrect antwoorden of aangeven dat ze überhaupt geen buurthuizen kennen in

35

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

Amsterdam.aaa Bij deze 48% merken we op dat er andere keuzes in de berekening mogelijk zijn, die leiden tot andere cijfers. Zo kunnen we de data wegen om onze steekproef iets meer te laten lijken op alle Amsterdammers (zie bijlage 3 voor toelichting). We kunnen ook iets minder 'streng' zijn, en bijvoorbeeld ook antwoorden als correct beschouwen wanneer respondenten binnen 600 of 700 meter van een buurthuis wonen en aangeven dat er een in hun buurt is. Andersom geldt hetzelfde voor respondenten op 400 of 300 meter die aangaven dat er geen buurthuis in hun buurt is. Met deze andere keuzes varieert de bekendheid tussen 42% en 63%. Ongeacht de meting is grofweg de helft van onze respondenten dus niet bekend met de aanwezigheid van een buurthuis. We kunnen deze percentages vergelijken met een andere enquête, uitgevoerd door onderzoekers van de Hogeschool van Amsterdam en Vrije Universiteit Amsterdam. Hierin is aan respondenten gevraagd of er een "buurthuis of wijkgebouw" in hun buurt is, waarbij verder niet is toegelicht hoe groot deze buurt zou moeten zijn. In deze enquête is ongeveer 43% van de respondenten bekend met een buurthuis als we eenzelfde grens hanteren van 500 meter voor de buurt. Dit cijfer is direct te vergelijken met de 48% uit onze eigen enquête en versterkt dus onze bevinding dat ongeveer de helft van de mensen niet weet van buurthuizen in hun woonomgeving.

Overigens is het mogelijk dat een deel van de mensen correct gokt over de aanwezigheid van buurthuizen. In dat geval ligt de bekendheid nog lager dan de ongeveer 50% die we hier schatten. Een tweede bevinding is dat de bekendheid met buurthuizen niet sterk varieert tussen groepen Amsterdammers. Met andere woorden, ook onder groepen die vaker kwetsbaar zijn - en die de gemeente dus in het bijzonder als doelgroep van buurthuizen beschouwt - is de bekendheid laag. Zoals hierboven besproken, is de bekendheid in onze enquête onder alle respondenten 48% (op basis van de 'strenge' 500 meter grens en zonder weging). Onder mensen met een migratieachtergrond is dit 42%, onder mensen zonder hbo- of wo-diploma is het 47%, en onder mensen boven de 60 is het 49%. De interviews sluiten grotendeels aan op deze cijfers. Zoals we bespraken in paragraaf 2.7 proberen veel maatschappelijke organisaties hun bekendheid te vergroten onder buurtbewoners. Aan de andere kant signaleren sommige organisaties beperkte bekendheid als probleem. Ze geven aan dat zij niet weten wie er niet wordt bereikt met deze informatie en zij zoeken meer ondersteuning van de gemeente bij het vergroten van bekendheid.97 Ten slotte blijkt uit onze enquête dat gebrekkige bekendheid een reden kan zijn om een buurthuis niet te bezoeken.

Van de respondenten die nooit naar een buurthuis gaan, geeft 12% daarvoor als reden dat ze niet weten waar er een buurthuis is of wat daar wordt georganiseerd. Met de kanttekening die we eerder in dit hoofdstuk maakten - dat ongeveer 9% van de Amsterdammers buurthuizen bezoekt - gaat het hier om een groot aantal ten opzichte van de huidige bezoekers.

Deelconclusie

We trekken twee deelconclusies over bekendheid. Ten eerste ligt de bekendheid in het algemeen laag. Dat wil zeggen, in verschillende enquêtes is grofweg de helft van de respondenten niet op de hoogte van de aanwezigheid van buurthuizen in hun omgeving. We merken hierbij op dat dit de simpelste vorm van bekendheid is. En ten tweede ligt de

aaa

Bij incorrecte antwoorden gaat het meestal om mensen die onterecht denken dat er een buurthuis in hun

buurt is. Het komt minder vaak voor dat mensen onterecht denken dat er geen buurthuis in hun buurt is. We vermoeden echter dat veel mensen simpelweg gokken, gezien het hoge percentage onjuiste antwoorden, waarbij het logisch is om te gokken dat er een buurthuis in de buurt is.

36

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

bekendheid ook laag onder groepen die volgens de gemeente bij uitstek de doelgroep zijn van buurthuizen, waaronder mensen met een migratieachtergrond, praktisch opgeleiden en ouderen. Beide conclusies sluiten aan op onze bevindingen omtrent informatietoegankelijkheid. Dat wil zeggen, beperkte informatie is een logische verklaring voor beperkte bekendheid.

2.9 Sociale toegankelijkheid

Sociale toegankelijkheid gaat over de mate waarin mensen zich welkom, veilig en geaccepteerd voelen in buurthuizen, zodat zij volwaardig kunnen omgaan met anderen en kunnen meedoen aan activiteiten.bbb Deze vorm van toegankelijkheid verschilt van de meeste andere doordat ze grotendeels subjectief is. Sociale toegankelijkheid is daarom ook moeilijk te meten. Desondanks kunnen we inzicht geven in drie aspecten die sociale toegankelijkheid beïnvloeden: het programma van activiteiten, de bezoekers en de medewerkers.

Programma

In buurthuizen worden veel activiteiten georganiseerd. Zo staan er op WijkConnect.com 359 activiteiten geregistreerd, waarvan de meeste wekelijks plaatsvinden. Zoals we bespraken in paragraaf 2.7 zijn dit de activiteiten in slechts 11% van alle buurthuizen. Het totaal aantal (terugkerende) activiteiten in buurthuizen zal dus nog veel hoger liggen.ccc98 De activiteiten zijn divers, onder andere op het gebied van educatie en praktische ondersteuning, creatieve vaardigheden, sporten en spelen, eten en drinken, en activiteiten voor jongeren. Zoals benoemd in paragraaf 1.2 wordt een groot deel van de activiteiten in buurthuizen georganiseerd door bewoners. Zij worden daarin onder andere ondersteund vanuit de subsidie bewonersinitiatieven. Met name in de Huizen van de Wijk - maar ook in sommige buurtkamers - wordt een deel van het programma daarnaast verzorgd door de beherende organisaties.99 De keuze van de gemeente om activiteiten grotendeels door bewoners te laten organiseren kan zowel positieve als negatieve gevolgen hebben voor sociale toegankelijkheid. In positieve zin zorgt de rol van bewoners voor een grotere kans dat activiteiten aansluiten op behoeften van bewoners. Wanneer een bepaalde activiteit ontbreekt, kunnen bewoners besluiten om dit zelf te organiseren. Onze enquête beaamt dat dit zorgt voor een breed aanbod dat bezoekers aanspreekt.

Veelgenoemde redenen voor het bezoeken van buurthuizen zijn dat mensen de activiteiten leuk vinden (genoemd door 44% van bezoekers), hun lichamelijke gezondheid op peil willen houden (genoemd door 19%) of nieuwe dingen willen leren (genoemd door 17%).

bbb

Deze definitie komt grotendeels overeen met een definitie van de gemeente, met als belangrijk verschil dat

de gemeente het begrip specifiek toepast op mensen met een beperking (in brede zin van het woord), terwijl wij het breder gebruiken voor alle Amsterdammers (Bron: Gemeente Amsterdam, Subsidieregeling Vergroten sociale en fysieke toegankelijkheid van Amsterdam, 1 januari 2025). Ons begrip van sociale toegankelijkheid is daarnaast geïnformeerd door interviews met accounthouders en maatschappelijke organisaties, die het ook breed toepasten. ccc

Zoals we bespraken in paragraaf 2.7 worden de buurthuizen met activiteiten op WijkConnect.com (mede)

beheerd door grote welzijnsorganisaties. We nemen daarom aan dat er in deze buurthuizen bovengemiddeld veel activiteiten worden georganiseerd.

37

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

De mogelijk nadelige gevolgen van de nadruk op bewonersinitiatieven zijn drieledig. Ten eerste heeft niet iedereen de kennis, tijd of vaardigheden om zelf een activiteit te organiseren. Dit is extra relevant vanwege de oververtegenwoordiging van kwetsbare Amsterdammers onder de bezoekers van buurthuizen (zie paragraaf 2.1), voor wie dit vaker geldt dan voor de gemiddelde Amsterdammer. Het gevaar is dat er hierdoor een gat ontstaat in het aanbod, juist voor de groepen voor wie buurthuizen gemiddeld genomen het belangrijkst zijn.100 Een tweede risico ligt in het verlengde hiervan: bewonersinitiatieven zullen vooral worden georganiseerd door mensen die bekend zijn met buurthuizen en er al gebruik van maken. Het aanbod zal daarom met name aansluiten op hun behoeften. De keerzijde hiervan is dat het aanbod mogelijk minder aansluit op de behoeften van bewoners en doelgroepen die nog geen gebruik maken van de buurthuizen. Gezien de achtergrond van de bezoekers van buurthuizen (paragraaf 2.1) geldt dit laatste vooral voor niet-kwetsbare Amsterdammers.101 Wanneer zij buurthuizen vermijden omdat het aanbod hen niet aanspreekt, ontstaat er een vicieuze cirkel die ervoor zorgt dat dit ook in de toekomst zo zal blijven.ddd Ten slotte is er een gevaar dat bewoners niet de benodigde deskundigheid hebben om met alle bezoekers van hun activiteit om te gaan.

Zo geven verschillende bronnen aan dat initiatiefnemers niet altijd openstaan voor de deelname van mensen met een fysieke of licht verstandelijke beperking.102 We gaan hier verder op in wanneer we in de context van sociale toegankelijkheid de medewerkers van buurthuizen bespreken (paragraaf 2.9). Kort samengevat zijn er spanningen in het samenstellen van het aanbod. Een centrale rol voor bewoners kan leiden tot aanbod dat sommigen erg aanspreekt maar anderen juist uitsluit. Hierdoor kunnen de kwetsbaarste Amsterdammers worden geraakt, maar juist ook niet-kwetsbare Amsterdammers. Beherende organisaties zijn zich bewust van deze spanningen en proberen ze te verlichten. Zo stellen sommige organisaties grenzen aan het aantal activiteiten dat door dezelfde persoon georganiseerd mag worden, om te voorkomen dat het programma te zeer gericht is op een 'ingroup' van huidige bezoekers. En organisaties verbreden het aanbod door sommige activiteiten zelf te organiseren, mede vanuit het besef dat bewonersinitiatieven niet aan alle behoeften voldoen.103 Er zijn echter grenzen aan wat organisaties kunnen doen, en zeker veel kleinere buurtkamers hebben hier beperkte middelen voor.104

Bezoekers

Het ontmoeten van andere mensen is een belangrijke reden om een buurthuis te bezoeken (genoemd door 37% van bezoekers). Bezoekers kunnen dus een belangrijke bijdrage leveren aan elkaars ervaring en daarmee aan de sociale toegankelijkheid. Tegelijkertijd wijzen de door ons verzamelde en geanalyseerde data ook op een aantal spanningen rondom de bezoekers van buurthuizen. Ten eerste zit er een spanning in de ambitie van de gemeente dat buurthuizen (en andere basisvoorzieningen) er voor alle Amsterdammers moeten zijn en dat deze er tegelijkertijd bij uitstek moeten zijn voor kwetsbare bewoners (zie hoofdstuk 1). In de praktijk is het vooral de laatste groep die buurthuizen bezoekt. Een grote meerderheid van de Amsterdammers gaat

ddd

We zien hier een illustratie van in onze enquête, waar een gebrek aan aansprekende activiteiten een van

de meest genoemde redenen is om een buurthuis niet te bezoeken (genoemd door 15% van niet-bezoekers). Dit wordt iets vaker genoemd door respondenten met een hbo- of wo-diploma, hoewel het verschil - mede door een beperkt aantal observaties - niet statistisch significant is.

38

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

nooit naar een buurthuis, en dit geldt in het bijzonder voor minder of niet-kwetsbare groepen (paragraaf 2.1). Dit is niet per se een probleem. Onder de respondenten van onze enquête die geen buurthuis bezoeken is de meest genoemde reden daarvoor dat zij er geen behoefte aan hebben (genoemd door 33% van niet-bezoekers). In dat geval is er geen reden om van mensen te verlangen dat zij er alsnog naartoe gaan. Tegelijkertijd is er dus een aanzienlijke groep die een buurthuis wel zou willen bezoeken (die er behoefte aan heeft) maar die dat niet doet, onder andere vanwege het aanbod. En hierbij gaat het deels om niet-kwetsbare bewoners die de gemeente ook wil bereiken en graag als bezoeker ziet. Kortom, het is in de praktijk moeilijk om ervoor te zorgen dat buurthuizen er tegelijkertijd zijn voor iedereen en voor een specifiekere groep kwetsbare bewoners. Een tweede spanning komt voort uit de eerste, maar is iets specifieker. Aan de ene kant lijkt sociale toegankelijkheid te impliceren dat iedereen te allen tijde welkom moet zijn, maar aan de andere kant voelen veel mensen zich het meest welkom in een groep die in bepaalde opzichten op hen lijkt.

Met andere woorden, een volledig divers gezelschap bevordert sociale toegankelijkheid in één opzicht, maar gaat tegelijkertijd ten koste van sociale toegankelijkheid in een ander opzicht.105 Er is geen makkelijke oplossing voor deze spanning, en verschillende buurthuizen gaan hier op verschillende manieren mee om. Op een aantal locaties ligt de nadruk op de scheiding van groepen. Soms is dit formeel het geval, zoals bij buurthuizen die specifiek voor vrouwen zijn bestemd.eee Dit is echter zeldzaam. Het komt vaker voor dat buurthuizen in de praktijk vooral door een specifieke groep worden bezocht. Andere groepen worden daarbij op verschillende manieren buitengesloten, bijvoorbeeld wanneer bezoekers in een taal spreken die anderen niet verstaan.106 Een mogelijke uiting hiervan vinden we in de mensen die geen buurthuis bezoeken omdat zij zich daar niet welkom voelen of er een slechte ervaring hebben gehad (genoemd door 10% van niet-bezoekers). De derde en laatste spanning komt voort uit de ontwikkeling die we in hoofdstuk 1 schetsten, waarbij mensen met een zorgbehoefte steeds meer zijn aangewezen op zelf- en samenredzaamheid en op (sociale) netwerken in de wijk.

Basisvoorzieningen, waaronder buurthuizen, spelen hier een belangrijke rol in; de gemeente benadrukt dat zij "een belangrijke preventieve werking [hebben], wat de behoefte aan zwaardere ondersteuning kan beperken".107 Het gevolg hiervan is dat er een steeds grotere groep bezoekers op buurthuizen af komt met een (zware) zorgbehoefte. Sommige groepen bezoekers, zoals daklozen, verslaafden en verwarde personen, kunnen bij andere bezoekers voor een gevoel van onveiligheid zorgen. En hierdoor wordt er een steeds groter beroep gedaan op de medewerkers van buurthuizen, die vaak vrijwilliger zijn. Hier staat tegenover dat er in sommige buurthuizen samenwerkingen plaatsvinden van beherende organisaties met bijvoorbeeld De Regenboog Groep en Prisma, die expertise hebben op dit gebied. Alsnog wordt de spanning rondom bezoekers met complexe zorgbehoeften echter veelvuldig gevoeld.108 Samengevat stellen we vast dat er spanningen zijn op het gebied van sociale toegankelijkheid vanwege de bezoekers waar buurthuizen zich op richten; tussen een focus op alle Amsterdammers of kwetsbare Amsterdammers, tussen afscheiding en integratie van groepen, en tussen bezoekers met een zorgbehoefte en overige bezoekers. Het gevolg hiervan is dat buurthuizen niet altijd toegankelijk zijn, onder andere voor niet-kwetsbare

eee

Hierbij gaat het onder andere om Doenja en Vrouwenruimte de Kat.

39

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

Amsterdammers, voor potentiële bezoekers die (informeel) uitgesloten worden van sommige buurthuizen en voor mensen met een zware zorgbehoefte of mensen die zich juist onveilig voelen door deze laatste groep. Ook hier geldt dat de gemeente en betrokken organisaties zich bewust zijn van deze dilemma's. Zij zetten zich in om bij deze dilemma's zo goed mogelijk te navigeren, bijvoorbeeld door de inrichting van buurthuizen aan te passen zodat deze aantrekkelijker is voor diverse groepen.109 Tegelijkertijd kan dit weer ten koste gaan van andere vormen van toegankelijkheid, bijvoorbeeld toen een organisatie besloot de sluitingstijd te vervroegen om zo minder verslaafden aan te trekken.110 En ook hier geldt dat exploiterende organisaties beperkt zijn in hun mogelijkheden. Dit brengt ons bij de laatste dimensie van sociale toegankelijkheid die we hier bespreken: de medewerkers van buurthuizen.

Medewerkers

In onze observaties bij 39 buurthuizen hebben we onder andere informatie verzameld over eventuele medewerkers die er op dat moment waren (waarbij we medewerkers als brede term gebruiken, waar zowel vrijwilligers als betaalde krachten onder vallen). In tabel 2.9 zien we dat op de meeste locaties een medewerker aanwezig is die als zodanig herkenbaar is voor bezoekers. In een meerderheid van de locaties is er ook een betaalde medewerker aanwezig, maar bij ongeveer een derde van de buurthuizen is dit niet het geval. Kortom, in veruit de meeste gevallen is er een medewerker die bezoekers kunnen aanspreken, maar deze is niet altijd betaald.

Tabel 2.9 - Medewerkers van buurthuizen, gewogen percentages Criterium

Buurthuizen die voldoen (%)

Is er een medewerker aanwezig die duidelijk herkenbaar en zichtbaar is?

85

Is er professionele ondersteuning aanwezig, dat wil zeggen een of meerdere betaalde krachten?

66

Er zijn veel medewerkers die zich inzetten in buurthuizen. In onze enquête geeft 27% van de bezoekers van buurthuizen aan dat zij er komen omdat zij actief zijn als medewerker. Voor hen is het buurthuis een belangrijke plek waar zij veel uit halen en aan bijdragen.111 De grootste bedreiging voor sociale toegankelijkheid rondom medewerkers komt voort uit wat we hierboven schetsten: de aanwezigheid van kwetsbare groepen, de toenemende complexiteit van doelgroepen en het samengaan van allerlei verschillende groepen. Dit vraagt om steeds meer deskundigheid van medewerkers op locatie. Deze opvatting wordt breed gedragen door de ambtelijke organisatie en maatschappelijke organisaties.112 De benodigde deskundigheid is er echter niet altijd. Dit geldt bij uitstek voor vrijwilligers. Van hen kan niet verwacht worden dat zij geschoold zijn om met bezoekers met complexe problematiek om te gaan, bijvoorbeeld met zware psychische problemen. En soms zijn vrijwilligers de enige medewerkers in een buurthuis, zoals we hierboven bespraken. Ook voor betaalde krachten geldt echter dat zij niet altijd de benodigde expertise hebben.

40

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Toegankelijkheid van buurthuizen

Sommige maatschappelijke organisaties constateren hierdoor een groeiend aantal incidenten, waardoor andere bezoekers zich onveilig voelen en zich laten afschrikken.fff113 Maatschappelijke organisaties doen verschillende dingen om de deskundigheid van medewerkers vergroten, met hulp van de gemeente. In sommige gevallen volgen medewerkers cursussen (onder andere op het gebied van 'sociale hygiëne').114 Soms wordt er hulp van andere organisaties ingeschakeld, bijvoorbeeld een coördinator toegankelijkheid van Prisma of De Regenboog Groep.115 Deze initiatieven vinden echter op een beperkt aantal locaties plaats. Dit geldt voor Huizen van de Wijk maar zeker ook voor buurtkamers, waar het meest op vrijwilligers wordt gesteund. De reden dat er niet meer wordt gedaan om deskundigheid te bevorderen is dat hier geen geld voor beschikbaar is. Soms is er wel geld voor initiatieven op één locatie of voor een beperkte tijdsperiode. Organisaties geven echter aan dat er niet genoeg geld is om meer professionele medewerkers in te zetten en/of de deskundigheid van bestaande medewerkers te vergroten.116

Deelconclusie

Sociale toegankelijkheid is essentieel voor het functioneren van buurthuizen. Het is tegelijkertijd moeilijk vast te stellen in hoeverre buurthuizen sociaal toegankelijk zijn. We zijn echter wel een aantal factoren tegengekomen die sociale toegankelijkheid kunnen bevorderen of juist beperken. Bevorderende factoren zijn onder andere het grote aantal activiteiten dat wordt georganiseerd in buurthuizen, grotendeels op initiatief van bewoners. Dit is voor bezoekers de belangrijkste reden om naar buurthuizen toe te gaan, samen met het ontmoeten van andere mensen. Daarnaast zijn er veel betaalde en vrijwillige medewerkers die bijdragen aan de sociale toegankelijkheid van buurthuizen. Een beperkende factor voor sociale toegankelijkheid is onder andere de grote rol die bewonersinitiatieven hebben, waardoor het programma van activiteiten mogelijk niet aansluit op de behoeften van de kwetsbaarste Amsterdammers (die minder snel zelf activiteiten organiseren). Tegelijkertijd sluit het mogelijk ook niet aan op de behoeften van niet-kwetsbare Amsterdammers (die überhaupt minder vaak een buurthuis bezoeken). Als we verder kijken naar de bezoekers van buurthuizen zien we een spanning tussen de afscheiding en de integratie van groepen Amsterdammers.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16032940/1