CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

03 Onderzoeksrapport Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

RAAD 11 december 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Overnemen van de aanbevelingen uit het rekenkamerrapport Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam (VN2025-016097)40.869 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Tot slot geeft het aan dat de directie Toezicht en Handhaving Openbare Ruimte ondanks de hoeveelheid aan taken en opgaves bijna in alle stadsdelen de handhaving op afvaloverlast een hoge prioriteit geeft. Uit de bestuurlijke reactie van het college op het rapport Toegankelijkheid openbare toiletten blijkt dat het geen uitvoering wil geven aan een subaanbeveling. Het college geeft aan het niet verstandig en passend te vinden om de vindbaarheid van de openbare toiletten van andere aanbieders te stimuleren (winkelcentra, stations, etc.) door als gemeente ook daar symbolen aan te brengen op bewegwijzering en op panden. Het

nnn

Het college geeft aan samen te werken met uitvoerende organisaties aan preventie, in een praktijk waarin

leren en bijsturen centraal staan. De sturingsfilosofie houdt in dat de gemeente regelmatig met alle betrokken partijen bespreekt of de aanpak nog klopt en goed wordt uitgevoerd. Dit gebeurt in samenwerking met onder andere Stichting OKT, de Jeugdgezondheidszorg (JGZ), het Flexibel Preventief Aanbod Jeugd (FPAJ), de GGD, het onderwijs en organisaties in de sociale basis.

39

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

college licht dit toe. De gemeente kan géén zorg dragen voor de beschikbaarheid, kwaliteit en toegankelijkheid van dergelijke toiletten.85

4.2.2

Interne organisatie

Voor wat betreft de factor interne organisatie (zie paragraaf 4.1.6) benoemt het college alle vier de aspecten: samenwerking, lerende cultuur, kennisborging, en taakverdeling.ooo

Samenwerking Het college benoemt zeven typen van samenwerking, en benoemt daarmee meer typen van samenwerking dan de interne samenwerking die door ambtenaren is benoemd (zie paragraaf 4.1.6). In de plannen van aanpak, bestuurlijke reacties en de raadsinformatiebrieven zijn zeven typen van samenwerking beschreven:86 1.

Gesprekken van het college met de gemeenteraad.

2.

De samenwerking tussen het college en de dagelijkse besturen van de stadsdelen en het stadsdeelgebied Weesp.

3.

De samenwerking tussen het college en verschillende directies (bijvoorbeeld: Directie Middelen en Control, Directie Juridische Zaken, Grond en Ontwikkeling, de stadsdelen Centrum en Watergraafsmeer).

4.

De samenwerking van het college met de Commissie Persoonsgegevens Amsterdam, de functionaris gegevensbescherming, de ombudsman en andere vakdeskundigen van de gemeente.

5.

De samenwerking met andere overheden (bijvoorbeeld de G4-gemeenten, ministerie van LNV en het Rijk).

6.

De samenwerking met partners van de gemeente (bijvoorbeeld: inwoners, ondernemers, belangengroeperingen, woningcorporaties, Stichting Ouder- en Kindteams Amsterdam).

7.

De samenwerking met leveranciers. Voor het opvolgen van de aanbevelingen van het onderzoek Toegankelijkheid openbare toiletten geeft het college aan dat het uitvoeringstempo van de projecten afhankelijk is van de productie van de leverancier.

Lerende cultuur en kennisborging Het college benoemt meermaals de lerende cultuur: het wil leren van praktijkervaringen, reflecties en evaluaties. Ook heeft het college oog voor kennisborging, door het geleerde te borgen in bestaande processen en door in bestaande processen de gebruikte bronnen beter te raadplegen. Het college beschrijft in het plan van aanpak Algoritmen dat het wil leren van de praktijk van diverse pilots rondom Generatieve AI en de governance bij pilots (wie beslist wat). Bij de interne privacy-audit worden ook de ervaringen van medewerkers meegenomen. In

ooo

De aspecten zijn beschreven in rangorde van voorkomen.

40

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

het plan van aanpak Grof Afval geeft het college aan dat er ruimte nodig is om te kunnen leren en ontwikkelen, juist omdat niet alles in een keer goed zal gaan. Wat betreft het verbeteren van de voorspellende waarde van de begroting geeft het college aan de ervaringen bij zes programma’s uit de begroting te gaan gebruiken bij het opstellen en het bijstellen van de begroting. Het college verwacht gaandeweg te leren van de ervaringen en de resultaten te borgen in het begrotingsproces. Rondom het afhandelen van Woo-verzoeken verwacht het college al lerende aanpassingen te maken waardoor het beslisproces extra kan worden versneld. Het college zegt over de preventieve jeugdhulp dat het de tijd neemt om te reflecteren op het huidige beleid en te ontdekken wat werkende en niet-werkende patronen zijn. De evaluatie van de contractrelatie met stichting OKT heeft het college gebruikt om een nieuwe gesprekscyclus te ontwikkelen met de stichting. In het plan van aanpak Indicatoren discriminatie geeft het college aan dat onderdeel van het proces is om de gebruikte bronnen beter te zullen raadplegen.87

Taakverdeling In de door ons geanalyseerde documenten heeft het college weinig aandacht voor de bestuurlijke en ambtelijke verantwoordelijkheid en taakverdeling voor het uitvoeren van de aanbevelingen. We troffen dit aspect in één document aan. Voor Algoritmen licht het college in het plan van aanpak toe wie bestuurlijk en ambtelijk verantwoordelijk zijn.88

4.2.3

Beleidsprobleem waar de aanbeveling betrekking op heeft

Wat betreft het beleidsprobleem waar de aanbeveling betrekking op heeft (zie paragraaf 4.1.5) benoemt het college drie aspecten: gemakkelijke afbakening beleidsprobleem – heldere oplossing voorhanden; maatschappelijke relevantie en politieke belangstelling; en lange tijdshorizon.ppp

Gemakkelijke afbakening beleidsprobleem – heldere oplossing voorhanden Het college beschrijft over het algemeen hoe het de rekenkameraanbevelingen gaat uitvoeren. Daarbij benoemt het voor een aantal situaties wat ingewikkeld is. Het college legt hierbij impliciet een relatie met het opvolgen van een (sub)aanbeveling. Bij de onderzoeken Indicatoren discriminatie en Preventieve jeugdhulp in Amsterdam maakt het college de kanttekening dat het in het algemeen moeilijk is om de effectiviteit van beleid in het sociaal domein te meten. De reden is dat het zeer ingewikkeld is om het causaal verband aan te tonen tussen (preventie)activiteiten en het voorkomen van problematiek. In het plan van aanpak voor Grof afval wordt aangegeven dat de ingrijpende verandering van het inzamelen van grof afval alleen kan slagen als alle actoren daaraan bijdragen. In het plan van aanpak Verbeteren voorspellende waarde van de begroting komt een andersoortige complexiteit aan de orde. Het college geeft aan dat allerlei onvoorziene ontwikkelingen effect kunnen hebben op de begroting, terwijl de begroting al in de zomer voorafgaand aan het begrotingsjaar is opgesteld. Het college vindt het stimuleren van

ppp

De aspecten zijn beschreven in rangorde van voorkomen in de bronnen.

41

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

toiletten bij winkels vóór de kassa via wet- en regelgeving een kansrijke oplossing om meer toiletten te realiseren. Tegelijkertijd schetst het college de afhankelijkheid van de nationale wetgever om dat te realiseren.89

Maatschappelijke relevantie en politieke belangstelling Het college beschrijft voor de meerderheid van de rekenkameronderzoeken de relatie tussen het maatschappelijke of politieke belang van het beleidsonderwerp en het opvolgen van de aanbevelingen.qqq Het college benoemt het maatschappelijke of politieke belang op verschillende manieren:90 

Door een relatie te leggen met het verbeteren van dienstverlening voor de inwoners en toegankelijke hulp aan gezinnen met kinderen (de onderzoeken Algoritmen en Preventieve jeugdhulp in Amsterdam). Door te benoemen dat Amsterdam voor iedereen toegankelijk moet zijn (het onderzoek Toegankelijkheid van openbare toiletten) en dat iedereen zichzelf moet kunnen zijn (het onderzoek Indicatoren discriminatie). Door de samenhang te beschrijven met raadsmoties (in de onderzoeken Behoud betaalbare huurwoningen en Participatieparagraaf) en met beleid waar de raad recent mee heeft ingestemd (het onderzoek Grof afval) Door de relatie te leggen met een ingezet meerjarig programma dat moet uitstralen naar de organisatie dat openbaarheid voor de gemeente vanzelfsprekend moet zijn (het onderzoek Openbaarheid van overheidsinformatie in Amsterdam).

Lange tijdshorizon In de door ons geanalyseerde documenten zijn wij niet tegengekomen dat het college zich openlijk afvraagt wanneer een aanbeveling kan worden afgerond. Wel informeert het college de raad een aantal keer over de (verwachte) langere doorlooptijd voor het afronden van aanbevelingen. Voor het op orde brengen van de aanbiedplekken voor grof afval verwacht het college vier tot acht jaar nodig te hebben. In de raadsinformatiebrief openbare toiletten licht het college toe dat door een vertraagde aanbesteding de realisatie van openbare toiletten later zal plaatsvinden, maar dat voor hetzelfde bedrag meer toiletten vervangen of gerealiseerd kunnen worden. Opvallend is dat het college aangeeft dat het verbeteren van de voorspellende waarde van de begroting een lange adem vergt, terwijl het een realisatietijd van ongeveer anderhalf jaar verwacht.91

4.2.4

Kwaliteit rekenkameronderzoek

Hoewel het college de kwaliteit van het rekenkameronderzoek meermaals benoemt, overwegend in positieve zin, is dit niet gekoppeld aan het al dan niet opvolgen van (sub)aanbevelingen. Over de kwaliteit van rekenkameronderzoek is het college overwegend positief. In het plan van aanpak Grof Afval bedankt het college de rekenkamer nogmaals voor het

qqq

In de door ons geanalyseerde documenten troffen wij deze relatie niet aan voor de rekenkameronderzoeken

Voorspellende waarde van de begroting en Groen in de stad.

42

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

grondige rapport en de bijdrage die dit rapport levert aan een schone en afvalvrije stad. In het plan van aanpak Verbeteren voorspellende waarde begroting bedankt het college de rekenkamer voor het onderzoek en het aanreiken van nuttige handvatten om te komen tot betere ramingen. En in de bestuurlijke reactie op het rapport Preventieve jeugdhulp in Amsterdam geeft het college aan dat de rekenkamer zeer uitgebreid en gedegen onderzoek heeft gedaan. In de bestuurlijk reactie bij het onderzoek Toegankelijkheid van openbare toiletten benoemt het college dat de rekenkamer andere definities en een ander werkwijze heeft gehanteerd dan het college, maar dat het college zich zeker herkent in de conclusies van de rekenkamer.92

43

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

Bijlagen

Bijlage 1 Verantwoording literatuuronderzoek en groepsgesprekken Literatuuronderzoek

Voor dit onderzoek konden we niet terugvallen op een goed ontwikkelde en empirisch robuuste theorie die verklaart welke factoren de opvolging van aanbevelingen (of – in bredere zin – de doorwerking van rekenkamerrapporten) beïnvloeden. Een dergelijke theorie ontbreekt vooralsnog in de wetenschappelijke literatuur. De beschikbare kennis bestaat met name uit een verzameling mogelijk relevante factoren die niet systematisch zijn onderzocht en vooral indicatief van aard zijn (Alkin en King omschreven dit in 2017 als ‘pattern theories’).93 Voor dit onderzoek hebben we geen systematische literatuurreview verricht. Wel hebben we bronnen verzameld om de bestaande factoren te documenteren. Hiervoor is gezocht op internet op Nederlandstalige zoektermen "aanbeveling(en)", "advies", “opvolging” en afgeleiden. Ook is gebruik gemaakt van de sneeuwbalmethode, waarbij aanvullende bronnen werden gevonden in de literatuurlijst in eerder geïdentificeerde bronnen. We hebben drie criteria gehanteerd bij het selecteren van bronnen, enerzijds om de scope van het onderzoek te beperken, anderzijds om zo goed mogelijk aan te sluiten bij context van de gemeente Amsterdam: 1. 2. 3.

De bron bevat empirisch onderzoek. De bron heeft (deels) betrekking op de mate waarin aanbevelingen (of adviezen) worden opgevolgd. De bron heeft betrekking op evaluatoren in het Nederlandse openbaar bestuur (bijvoorbeeld rekenkamers, maar ook de nationale ombudsman en andere toezichthouders).

Met deze criteria hebben we zeven bronnen geïdentificeerd.rrr Een promovendasss wees ons op vier relevante (inter)nationale bronnen die betrekking hebben op de opvolging van

rrr

De zeven bronnen met betrekking tot de opvolging van aanbevelingen (of adviezen) in de Nederlandse publieke

sector zijn: Auditdienst Rijk. Onderzoeksrapport opvolging BIT en Gateway adviezen DSO. 16 juli 2021 ; Berenschot, Effectiviteit van aanbevelingen Onderzoeksraad voor Veiligheid, 9 juli 2024; Van de Bunt Adviseurs. Over effectiviteit gesproken. Onderzoek naar de effectiviteit van de onderzoeken uit eigen beweging van de Nationale ombudsman. 11 april 2017; Keulen, S. De doorwerking van lokaal rekenkameronderzoek. Bestuurswetenschappen 75, 2(2021), pp. 82-100; Keulen, S. et al. De impact van doelmatigheids-en doeltreffendheidsonderzoek van de Algemene Rekenkamer op de rijksoverheid. Beleidsonderzoek Online, 2025 ; Radar Advies. Vier rekenkamers, vier smaken. Pilot over het vergroten van doorwerking bij rekenkamers. Rapport voor het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. 4 november 2024; Van Heerwaarden, M., Wat bereiken ze er mee? Vergelijkend onderzoek naar de onderliggende factoren van doorwerking bij rekenkameronderzoek. Scriptie Hogeschool van Amsterdam, 2022. sss

Rosalie Joosten doet promotieonderzoek aan de Universiteit Leiden in samenwerking met de Algemene

Rekenkamer, gericht op de impact en doorwerking van (lokale) rekenkamers en adviesraden op openbaar bestuur en parlementaire processen

44

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

aanbevelingen, alsook de bredere context van de doorwerking van rekenkameronderzoek.ttt Deze bronnen hebben wij toegevoegd aan onze analyse. De bronnen zijn gecodeerd in ATLAS.ti. Het coderen vond plaats in een iteratief proces in drie ronden van coderen en hercoderen. Aan de basis van het codeerschema stonden twee bronnen. Ten eerste gebruikten we het boekhoofdstuk van Coolsma en Van Montfort (2014), die een aantal condities beschrijven die de overeenstemming tussen vastgesteld beleid en uitvoering beïnvloeden. Zij onderscheiden vier kenmerken van individuele functionarissen die de kans op conforme beleidsprestaties vergroten: weten (kennis van de beleidsinhoud), willen (motivatie), kunnen (competenties en capaciteit) en moeten (verantwoording en toezicht). Wij nemen het vierde kenmerk (‘moeten’), niet mee. De rol van de rekenkamer wijkt af van die van een toezichthouder, omdat de rekenkamer niet over formele bevoegdheden beschikt om (beleids)wijzigingen af te dwingen, zoals het geven van een waarschuwing of het opleggen van een sanctie.

Deze kenmerken beschouwen wij als randvoorwaarden voor opvolging van rekenkameraanbevelingen.uuu Voor de succesfactoren en knelpunten hanteren we een artikel uit 2017 van de politicologen Jonathan Craft en Matt Wilder, verbonden aan de University of Toronto.94 Zij schetsen vier “archetypes” voor de mate waarin advies en beleid op elkaar aansluiten.vvv Craft en Wilder geven zelf aan dat hun indeling bedoeld is om verdere analyse en contextafhankelijke toepassing te faciliteren.www Dat biedt ons ruimte om hun model aan te passen aan onze onderzoeksvraag en context. We hebben gekeken welke factoren het meest relevant bleken in de literatuur. Niet alle factoren zijn één-op-één overgenomen in de tabel B1.1, omdat sommige minder toepasbaar bleken of onvoldoende zichtbaar waren in de bronnen.

Groepsgesprekken

Over welke rekenkameronderzoeken hebben wij gesproken? In totaal hebben twee groepsgesprekken plaatsgevonden en een individueel gesprek met een ambtenaar die niet kon deelnemen aan het groepsgesprek. Aan het eerste groepsgesprek namen acht ambtenaren deel die momenteel betrokken zijn bij het uitvoeren van de aanbevelingen van een van de vier rekenkameronderzoeken: Afhandeling meldingen openbare ruimte (2021), Gemeentelijke rioolwatertaken (2021), Algoritmen (2023) en Behoud betaalbare huurwoningen (2023). Dit eerste groepsgesprek vond plaats op 14 mei 2025 van 11.00 tot 13.30 ttt

De vier aanvullende bronnen zijn: Alkin, M.C., & King, J.A. Definitions of evaluation use and misuse, evaluation

influence, and factors affecting use. American Journal of Evaluation, 38, 3(2017), pp. 434-450; Hoekstra, R. Wat is de meerwaarde van onze rekenkamer? Introductie van een model om de doorwerking van rekenkameronderzoek te meten. Beleidsonderzoek Online, 2013; Van Loocke, E., & Put, V. The impact of performance audits: A review of the existing evidence. In: Lonsdale, J. et al. Performance Auditing, Edward Elgar Publishing, 2011, pp. 175-208; Elston, T., & Zhang, Y. Implementing public accounts committee recommendations: Evidence from the UK government’s ‘progress reports’ since 2012. Parliamentary Affairs 76, 3(2023), pp. 662-693. uuu

De literatuur maakt geen onderscheid tussen randvoorwaarden enerzijds en succesfactoren of knelpunten

anderzijds. Wij achten het onderscheid echter van belang, omdat het duidelijk maakt welke elementen fundamenteel zijn en waar de invloed variabel is. vvv

De oorspronkelijke vier archetypes zijn: Content (met als sub-items Policy Aims, Instruments, Programs),

Purpose (Political, Learning, Instrumental, Procedural), Issue (Salience, Complexity, Temporality) en Relational (Trust, Capacity, Influence, Conflict). www

“We have developed four archetypes of policy ideational compatibility […] to enable richer analysis of the

sources and patterns of influence among the constituent elements of advisory systems.” Bron: Craft, J. & Wilder, M. Catching a second wave: Context and compatibility in advisory system dynamics. Policy Studies Journal 45, 1(2017), p. 231.

45

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

uur. Aan het tweede groepsgesprek namen vijf ambtenaren deel die in het verleden betrokken waren bij het uitvoeren van de aanbevelingen van een van de drie rekenkameronderzoeken waarvan het college aangeeft dat alle aanbevelingen zijn afgedaan: Toegankelijkheid van openbare toiletten (2020), Groen in de stad (2021) en Preventieve jeugdhulp in Amsterdam (2023). Dit tweede groepsgesprek vond plaats op 14 mei 2025 van 14.00 tot 16.30 uur. Tot slot hebben we op 2 juni 2025 van 10.00 tot 11.08 uur via Teams gesproken met een ambtenaar die betrokken was bij het uitvoeren van de aanbevelingen van het rekenkameronderzoek Openbaar maken van overheidsinformatie (2022). Ook van dit onderzoek heeft het college aangegeven dat de aanbevelingen zijn afgedaan. Wat was de structuur van de groepsgesprekken? Na het welkom heten van de deelnemers aan het groepsgesprek is het doel van het gesprek besproken: het achterhalen van de randvoorwaarden en het achterhalen van knelpunten en succesfactoren voor het uitvoeren van rekenkameraanbevelingen. Vervolgens heeft de projectleider de deelnemers uitgenodigd een punt te noemen wat zij belangrijk vinden of hebben gevonden bij het uitvoeren van rekenkameraanbevelingen, aan de hand van de volgende vragen. Om de aanbeveling uit te voeren was het   

noodzakelijk dat …. [randvoorwaarde] behulpzaam dat …. [succesfactor] lastig dat … [knelpunt]

Het antwoord vatte de projectleider zo nodig samen. Vervolgens is aan de andere deelnemers gevraagd hierop te reageren door middel van het opsteken van een kaart en indien gewenst het geven van een mondelinge toelichting:   

Groen: herkenbaar, speelt bij het opvolgen van de aanbeveling Rood: Niet herkenbaar, speelt niet bij opvolgen van de aanbeveling Zwart: Weet niet/ geen mening

Nadat elke deelnemer een punt heeft ingebracht heeft de rekenkameronderzoeker de uitkomsten van het literatuuronderzoek over de randvoorwaarden (weten, kunnen en willen) toegelicht. De projectleider heeft vervolgens gevraagd of de randvoorwaarden door de deelnemers werden herkend. Een aantal antwoorden zijn samengevat en in stemming gebracht. Deze aanpak is herhaald voor de vier thema’s in tabel B1.1. De promovenda heeft vervolgens gevraagd of de deelnemers zich kunnen vinden in het onderscheiden van randvoorwaarden, succesfactoren en knelpunten zoals dat in de literatuur is gemaakt. Tot slot heeft de projectleider de deelnemers gevraagd of zij nog aanvullende aandachtspunten hebben bij het uitvoeren van aanbevelingen. Van het groepsgesprek is een conceptverslag gemaakt dat aan deelnemers is voorgelegd. Een aantal deelnemers heeft daarop gereageerd. Eind juni zijn de verslagen definitief gemaakt, aan de deelnemers toegezonden en is de audio opname vernietigd. Wat was de structuur van het individuele gesprek? Voorafgaand aan het gesprek heeft de deelnemer de vraag Om de aanbeveling uit te voeren was het: noodzakelijk dat …, behulpzaam dat …, lastig dat … per e-mail beantwoord. Vervolgens heeft de projectleider een hand-out gemaild (28 slides) ten behoeve van het gesprek. Die handout bevat een toelichting op het gesprek, de voorlopige bevindingen van de rekenkamer uit de

46

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

literatuuranalyse en de door de deelnemers aan de groepsgesprekken benoemde (d.d. 14 mei 2025) ervaren knelpunten, randvoorwaarden en succesfactoren. Tijdens het digitale gesprek zijn de slides getoond en is aan de deelnemer gevraagd in hoeverre de door andere deelnemers ervaren randvoorwaarden, knelpunten en succesfactoren herkenbaar zijn. Tot slot is de vraag gesteld of het gemaakte onderscheid in literatuur tussen randvoorwaarden, succesfactoren en knelpunten ook herkenbaar is in de praktijk. Ook van dit gesprek is een conceptverslag gemaakt dat aan de deelnemer is voorgelegd. De reactie op het verslag is verwerkt en eind juni is het verslag definitief gemaakt, aan de deelnemer toegezonden en is de audio opname vernietigd. Vertrouwelijke status van de verslagen Overeenkomstig de werkwijze van de rekenkamer is aan de deelnemers toegezegd dat de rekenkamer het gespreksverslag vertrouwelijk zal behandelen. De rekenkamer heeft de deelnemers met klem verzocht het gespreksverslag niet verder te verspreiden.

47

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

Tabel B1.1 - Mogelijke succesfactoren en knelpunten voor de opvolging van rekenkameraanbevelingen Thema

Onderwerp

Succesfactor

Knelpunt

Relatie rekenkamer en gemeente

Werkrelatie

Professionele werkrelatie tussen rekenkamer gemeente

Geen professionele werkrelatie tussen rekenkamer en gemeente

Vertrouwen

Goede vertrouwensband tussen rekenkamer en gemeente

Geen goede vertrouwensband tussen rekenkamer en gemeente

Onderzoekskwaliteit

Kwaliteit

Het onderzoek dat de basis vormt voor de aanbeveling voldoet aan de minimale criteria van validiteit en betrouwbaarheid

Het onderzoek dat de basis vormt voor de aanbeveling voldoet niet aan de minimale criteria van validiteit en betrouwbaarheid

Uitvoerbaarheid van de aanbeveling

Beleid

Aanbeveling sluit aan bij beleidsdoelen en prioriteiten

Aanbeveling sluit niet aan bij beleidsdoelen en prioriteiten

Praktijk

De aanbeveling sluit aan op de huidige uitvoeringspraktijk

De aanbeveling sluit niet aan op de huidige uitvoeringspraktijk

Belang

Beleidsprobleem waar de aanbeveling betrekking op heeft, heeft een groot (maatschappelijk of politiek) belang

Beleidsprobleem waar de aanbeveling betrekking op heeft, heeft weinig (maatschappelijk of politiek) belang

Complexiteit

Beleidsprobleem kan goed worden afgebakend, weinig onzekerheid of controverse over adequate oplossingen

Beleidsprobleem kan niet goed worden afgebakend, veel onzekerheid of controverse over adequate oplossingen

Tijdshorizon

[In de literatuur is geen succesfactor benoemd]

Beleidsprobleem kent een lange tijdshorizon

Beleidsprobleem waar de aanbeveling betrekking op heeft

48

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

Bijlage 2 Verantwoording onderzoek naar navolgbaarheid opgevolgde aanbevelingen

In dit onderzoek hebben we beoordeeld in hoeverre het college van B en W rekenkameraanbevelingen navolgbaar en in lijn met de bedoeling van de rekenkamer heeft opgevolgd. Hierbij zijn we uitgegaan van de motivering en de onderbouwing die het college geeft. We hebben in dit onderzoek het perspectief van een raadslid gehanteerd. We beperken onze beoordeling daarom tot die informatie die het college van B en W actief onder de aandacht heeft gebracht van de raad.xxx Het college moet de raad sinds 1 januari 2023 jaarlijks informeren over de opvolging van de aanbevelingen. Het college informeert de raad met één overzicht als onderdeel van het gemeentelijk jaarverslag. Dat overzicht is opgenomen in het gemeentelijk Jaarverslag 2023 en 2024. Dat overzicht kan verwijzingen bevatten naar eerdere rapportages, zoals de bestuurlijke reactie op het rekenkamerrapport of raadsinformatiebrieven. Ook deze documenten nemen we mee in onze beoordeling. Ambtelijk wordt het opvolgen van de rekenkameraanbevelingen bewaakt in het systeem FullyInControl (FIC). Als in het FIC-systeem is verwezen naar andere openbare informatie over de opvolging van onze aanbevelingen, dan hebben we deze informatie ook beoordeeld.

In ons oordeel merken we in dat geval op dat het FIC-systeem meer of andere informatie bevat dan met de raad is gedeeld en dat het college de gemeenteraad niet actief heeft gewezen op deze informatie. Scope van ons onderzoek In de jaarverslagen van 2023 en 2024 hebben in totaal 27 aanbevelingen de status ‘afgedaan’. Deze aanbevelingen zijn afkomstig uit zes onderzoeken:yyy 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Toegankelijkheid van openbare toiletten (2020) – 3 aanbevelingen Groen in de stad (2021) – 6 aanbevelingen Openbaar maken van overheidsinformatie in Amsterdam (2022) – 6 aanbevelingen Participatieparagraaf (2022) – 3 aanbevelingen Preventieve jeugdhulp in Amsterdam (2023) – 6 aanbevelingen Indicatoren discriminatie (2023) – 3 aanbevelingen

Rapportagestructuur per aanbeveling In de bijlagen 3 tot en met 8 is de per aanbeveling verzamelde informatie als volgt gepresenteerd: 

xxx

Nummer aanbeveling en korte omschrijving aanbeveling. In deze rapportage volgen we de nummering die het college van B en W aan onze aanbevelingen heeft gegeven. Als het college afwijkt van onze oorspronkelijke nummering, lichten we in een voetnoot de oorspronkelijke nummering in het rekenkamerrapport toe. De korte

Daarnaast nemen we ook openbare documenten mee in onze beoordeling als in het FullyInControl-

systeem is verwezen naar deze documenten. yyy

Drie afgedane aanbevelingen hebben betrekking op het Opvolgingsonderzoek (2023) en vallen buiten de

scope van dit onderzoek: 1: Invulling jaarlijkse verantwoording over de opvolging van aanbevelingen; 2: Inzet van de termijnagenda voor plan van aanpak en voortgangsrapportage; 3: Standaardelementen om de basiskwaliteit te borgen. Bij deelvraag 1 gaan we in op deze elementen. Daarom behoeft de afdoening van deze aanbevelingen geen afzonderlijke behandeling.

49

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

omschrijving van de aanbeveling (veelal één zin) is afkomstig uit ons rekenkamerrapport. Beschrijving aanbeveling. Dit betreft de integrale tekst van de aanbeveling en is afkomstig uit het bestuurlijk rekenkamerrapport. In de bronvermelding hebben we de paginanummers van het bestuurlijk rapport vermeld. Rapportage aan gemeenteraad over afdoening. Dit betreft de integrale tekst van het college van burgemeester en wethouders per bron waarin het college de gemeenteraad informeert hoe het de rekenkameraanbeveling heeft afgedaan. De bronnen kunnen per aanbeveling verschillen. Soms geeft het college in de bestuurlijke reactie bij het oorspronkelijke rapport aan hoe het de aanbeveling heeft afgedaan. Het komt ook voor dat het college dit (ook) uiteenzet in een afzonderlijke raadsinformatiebrief of raadsinformatiebrieven. We laten de integrale tekst(en) voorafgaan door een inleidende alinea (‘Bevinding:’). In die alinea zetten we uiteen in welke jaarverslag(en) het college heeft aangegeven dat de aanbeveling is afgedaan en noemen we het moment van afdoen. Als het college in het jaarverslag of in het FullyInControl-systeem verwijst naar een openbare bron, dan nemen we een link op naar de bron(nen) en vermelden of raadsleden in het jaarverslag ook zijn gewezen op de bron(nen). Deze openbare bronnen betrekken we in onze beoordeling.

Rekenkameroordeel over de mate van de navolgbaarheid van de opvolging van de aanbeveling. Dit betreft ons oordeel over de mate waarin de opvolging van de aanbeveling navolgbaar is voor een raadslid, gevolgd door een onderbouwing van ons oordeel. Aanvullende informatie FullyInControl. Ambtenaren kunnen in het systeem FullyInControl (FIC) per aanbeveling de onderbouwing vastleggen over de stand van zaken van de opvolging van de aanbeveling. We hebben de tekst uit FIC hier weergegeven indien er aanvullende informatie ten opzichte van de raadsinformatie beschikbaar is. Indien het FIC-systeem geen aanvullend informatie bevat, geven we dat aan. Indien in het FIC-systeem is verwezen naar openbare informatie, dan hebben we die openbare informatie betrokken in ons oordeel. Andere informatie uit het FICsysteem hebben we niet betrokken bij onze beoordeling, omdat deze informatie niet toegankelijk is voor een raadslid. We hebben deze informatie wel opgenomen om vast te kunnen stellen of de ambtelijke organisatie over aanvullende informatie beschikt over het afdoen van de aanbeveling. Aanvullende informatie ambtelijke organisatie. In de periode 3 juni tot en met 14 juli hebben wij de ambtelijke organisatie de mogelijkheid geboden om te reageren op de voorlopige bevindingen over de aanbevelingen met de status ‘afgedaan’.

Daarbij hebben we aangegeven dat het kan voorkomen dat er meer informatie beschikbaar is over de opvolging van een aanbeveling dan blijkt uit de door ons beoordeelde openbare documenten en de informatie in FullyInControl. We hebben de ambtelijke organisatie verzocht om de opvolging van de aanbeveling te beschrijven en waar mogelijk te verwijzen naar openbare documenten. Deze beschrijving (inclusief de verwijzing naar openbare documenten) hebben wij per aanbeveling opgenomen in de bijlagen 3 tot en met 8. Over 14 van de 27 aanbevelingen hebben wij nadere informatie ontvangen over de opvolging.

50

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

Beoordelen mate van navolgbaarheid opvolging We hebben twee criteria voor onze beoordeling gehanteerd: (1) beschrijft het college de acties die het heeft ondernomen, (2) sluiten de acties aan op de aanbeveling. Dit leidt tot een oordeel per aanbeveling: 

Een aanbeveling is niet navolgbaar opgevolgd in lijn met het rekenkamerrapport indien:  het college geen acties beschrijft om de aanbeveling uit te voeren of het college acties beschrijft om de aanbevelingen op te volgen, maar die acties nog niet is gestart, of  gestarte acties geen betrekking hebben op de aanbeveling. Een aanbeveling is gedeeltelijk navolgbaar opgevolgd in lijn met het rekenkamerrapport indien:  het college enkele acties beschrijft die het is gestart of heeft afgerond om de aanbeveling uit te voeren, of  de acties deels betrekking hebben op de aanbeveling, maar sommige aspecten onbehandeld blijven. De aanbeveling is volledig navolgbaar opgevolgd in lijn met het rekenkamerrapport indien:  het college alle acties beschrijft die het is gestart of heeft afgerond om de aanbeveling uit te voeren, en  de acties aansluiten op alle aspecten van de aanbeveling.

Beoordelen navolgbaarheid afwijken van aanbeveling Voor alle aanbevelingen die niet of gedeeltelijk navolgbaar zijn opgevolgd, zouden we oorspronkelijk nagaan in hoeverre het college navolgbaar voor de gemeenteraad heeft gemotiveerd waarom de aanbeveling op een andere wijze is afgedaan. Voor geen van de 27 aanbevelingen is expliciet gemotiveerd dat is afgeweken van de (lijn van de) oorspronkelijk aanbeveling. Om die reden is deze beoordeling in geen van de 27 aanbevelingen van toepassing.

51

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

Bijlage 3 Toegankelijkheid van openbare toiletten Aanbeveling 1: Neem bij afwegingen ook de maatschappelijke baten mee (ID01)zzz

Beschrijving aanbeveling (bron: Toegankelijkheid van openbare toiletten, 2020, pp. 10-11) De gemeente ziet toegankelijkheid als een uitgangspunt voor de stad. Openbare toiletten zijn daarbij een broodnodige voorziening. Die maatschappelijke baten moeten ook worden meegenomen bij een kosten-batenafweging van realisatie en onderhoud van openbare toiletten. Achterliggende bevindingen De kosten van openbare toiletten zijn een belangrijke beweegreden geweest om in het verleden toiletten te sluiten. Ook in de afgelopen jaren zijn de kosten een belangrijke reden geweest dat er geen toiletten zijn gerealiseerd in parken. De maatschappelijke baten worden hierin te weinig meegenomen. De kosten van openbare toiletten zijn een belangrijke beweegreden geweest om in het verleden toiletten te sluiten. Ook in de afgelopen jaren zijn de kosten een belangrijke reden geweest dat er geen toiletten zijn gerealiseerd in parken. De maatschappelijke baten worden hierin te weinig meegenomen. Ga niet alleen uit van de kosten, maar neem in de berekening ook de maatschappelijke baten mee om een realistisch beeld te schetsen. Bijvoorbeeld de mogelijkheden die mensen met buik- en blaasproblemen en mensen die afhankelijk zijn van een rolstoel krijgen om weer (langdurig) de deur uit te gaan, wat mogelijk een positief effect heeft op ervaren eenzaamheid en zelfredzaamheid.

Andere voorbeelden zijn het tegengaan van wildplassen en het genereren van inkomsten doordat bezoekers langer in de stad verblijven, omdat ze niet terug hoeven naar hun verblijf. Zo worden kosten voor de Wmo en voor straatonderhoud verminderd en de omzet van winkels, musea, theaters en horeca verhoogd, wat ook een doorwerking heeft op de OZBinkomsten van de gemeente. Rapportage aan gemeenteraad over afdoening: bestuurlijke reactie, 4 juni 2020 en raadsinformatiebrief, 20 maart 2024 Bevinding: Raadsleden zijn geïnformeerd over de status van deze aanbeveling via de jaarlijkse rapportage in het Jaarverslag 2023. Het college geeft aan dat de aanbeveling is afgedaan op 1 januari 2022.95 In deze rapportage is niet verwezen naar de bestuurlijke reactie, d.d. 4 juni 2020. De bestuurlijke reactie bevat informatie over de voorgenomen opvolging van de aanbeveling. Opvallend is dat het college na het afdoen van deze aanbeveling (1 januari 2022) aanvullend heeft gerapporteerd over de opvolging van deze aanbeveling in een raadsinformatiebrief, d.d. 20 maart 2024. De raad is in de jaarlijkse rapportage via het jaarverslag niet aanvullend gewezen op deze raadsinformatiebrief.

zzz

Wij gaan in dit document uit van de nummering van de aanbevelingen in het overzicht in de gemeentelijke

jaarverslagen. In het bestuurlijk rapport Toegankelijkheid van openbare toiletten is deze aanbeveling echter genummerd als aanbeveling 2.

52

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

Bestuurlijke reactie Het college ziet, net als de Rekenkamer, de maatschappelijke baten van voldoende toegankelijke toiletten in de stad. Hierover is ook gesproken met belangenvertegenwoordigers, waaronder de MLDS en Cliëntenbelang Amsterdam. Voor de leefbaarheid is ook het beperken van wildplassen een belangrijke meerwaarde van het verbeteren van de toiletvoorzieningen. Het college neemt de aanbeveling van de Rekenkamer ter harte en blijft met een integrale blik de toiletten benaderen. Raadsinformatiebrief 20 maart 2024 Kredietbesluit openbare toiletten In de begroting 2022 is besloten om €4 miljoen te investeren in rolstoeltoegankelijke toiletten in parken en op andere groene recreatielocaties. Het college heeft in december 2022 het kredietbesluit voor deze investering genomen. Daarbij heeft het college ingestemd met de eisen die we stellen aan deze toiletten. Raamovereenkomst met Sanitronics In november 2023 heeft de gemeente een raamovereenkomst gesloten met het Nederlandse bedrijf Sanitronics voor het leveren, plaatsen en beheren van nieuwe openbare toiletten. Tijdens de Europese aanbestedingsprocedure heeft Sanitronics bewezen aan het uitgebreide programma van eisen te kunnen voldoen en daarbij te kunnen inschrijven met de meest voordelige prijs.

Bij de brief over dit kredietbesluit is toen de verwachting uitgesproken dat de eerste toiletten aan het eind van 2023 zouden worden geplaatst. De toiletten moeten onder andere toegankelijk zijn voor rolstoelgebruikers, blinden en slechtzienden, zelfreinigend zijn en een uitstraling hebben die aansluit op de vormgeving van het Amsterdamse straatmeubilair. Andere eisen gaan onder andere over het interne ontwerp, de functionaliteiten, de uitvoer van het beheer en onderhoud door de marktpartij en de informatieregistratie over het gebruik. Na het sluiten van de raamovereenkomst is de afgelopen periode gewerkt aan het uitwerken van het standaardontwerp met daarin verschillende opties. Zo kan gekozen worden voor meerdere toiletten per unit en wel of geen urinoirs aan de buitenzijde. Sanitronics maakt voor hun toiletunits gebruik van twee draaiende toiletpotten in een unit waardoor de toiletpot in een naastgelegen technische ruimte wordt gereinigd terwijl de andere toiletpot alweer kan worden gebruikt. Belangrijke voordeel hiervan is dat het schoonmaken van de toiletpot grondiger kan gebeuren en dat de toiletunit weer eerder gebruikt kan worden.

Uitvoering door lopende projecten De plaatsing van de toiletten, inclusief het realiseren van de benodigde aansluitingen en het verkrijgen van de benodigde vergunningen, verloopt via projecten die de komende jaren in parken en op groene recreatielocaties gepland staan. Door het plaatsen van de toiletten onder te brengen bij lopende projecten maken we ‘werk met werk’ en is de uitvoering efficiënter. Het exacte moment van plaatsing van de toiletten hangt samen met het uitvoeringstempo van de projecten en de snelheid van productie van de leverancier. De parkprojecten kunnen binnen de raamovereenkomst een toilettype naar keuze bestellen. Via het investeringsprogramma worden ze betaald. Het eerste toilet wordt naar verwachting geplaatst in september of oktober van 2024 in het Oosterpark. De nieuwe toiletten moeten resulteren in een betere spreiding van toiletvoorzieningen die altijd voor iedereen toegankelijk zijn. In principe zijn de toiletten dan ook kostenvrij en 24 uur per dag in gebruik, tenzij anders wordt besloten in verband met de veiligheid of de overlast in het gebied. Vanuit het Investeringsprogramma zijn op dit moment toiletten toegezegd aan

53

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

verschillende parkprojecten. De uitvoering en inpassing ligt nu bij hen. Parkprojecten waar de plaatsing van een nieuw toilet wordt voorbereid zijn, naast het Oosterpark, het Vondelpark, Nelson Mandelapark, Sloterpark, Noorderpark, Rembrandtpark en Gerbrandypark. Rekenkameroordeel over de mate van de navolgbaarheid van de opvolging van de aanbeveling Oordeel: Niet navolgbaar opgevolgd Onderbouwing van het oordeel: Uit de bestuurlijke reactie blijkt niet dat het college de maatschappelijke baten meeneemt bij een kosten-batenafweging van realisatie en onderhoud van openbare toiletten. Uit de aanvullende informatie in de raadsinformatiebrief blijkt dat bij de Begroting 2022 is besloten om € 4 miljoen te investeren in nieuwe, rolstoeltoegankelijke toiletvoorzieningen. Het is onduidelijk of dit besluit voortkomt uit een (maatschappelijke) kostenbatenafweging. In de raadsinformatiebrief geeft het college daar geen toelichting op. Wel stelt het dat de aanbesteding van de toiletten is gegund aan de partij die voldoet aan het programma van eisen tegen de meest voordelige prijs. Wanneer het college slechts de kosten – en niet de maatschappelijke baten – meeneemt, dan zien wij het risico dat het college afwegingen rondom openbare toiletten maakt op basis van onvolledige informatie.

Met de nadruk op kosten – en de afwezigheid van baten – in de afweging, kan dit ertoe leiden dat er slechts beperkt toegankelijke openbare toiletten bij komen, of dat deze zelfs worden gesloten. Dit, terwijl deze toiletten voor een grote groep Amsterdammers en bezoekers aan de stad essentieel zijn. Informatie in FullyInControl Oordeel: Het FIC-systeem bevat geen andere informatie ten opzichte van de bestuurlijke reactie en de raadsinformatiebrief van 20 maart 2024 Onderdeel omschrijving In de bestuurlijke reactie op het rekenkameronderzoek heeft het college het volgende aangegeven: "Het college ziet, net als de Rekenkamer, de maatschappelijke baten van voldoende toegankelijke toiletten in de stad. Hierover is ook gesproken met belangenvertegenwoordigers, waaronder de MLDS en Cliëntenbelang Amsterdam. Voor de leefbaarheid is ook het beperken van wildplassen een belangrijke meerwaarde van het verbeteren van de toiletvoorzieningen. Het college neemt de aanbeveling van de Rekenkamer ter harte en blijft met een integrale blik de toiletten benaderen." Op basis van deze integrale afweging van maatschappelijk baten is bij de begroting 2022 besloten €4 miljoen te investeren in nieuwe, rolstoeltoegankelijke toiletvoorzieningen. Eind 2023 is een raamovereenkomst gesloten voor het realiseren van rolstoeltoegankelijke zelfreinigende toiletten. De eerste toiletten worden in 2024 geplaatst.

De gemeente ziet toegankelijkheid als een uitgangspunt voor de stad. Openbare toiletten zijn daarbij een broodnodige voorziening. Die maatschappelijke baten moeten ook worden meegenomen bij een kosten-batenafweging van realisatie en onderhoud van openbare toiletten.

54

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

Onderdeel documenten 1. Email: Toegankelijkheid van openbare toiletten RE Beloofde exel doc (1) 2. Toegankelijkheid van openbare toiletten FW_ Aanbevelingen 3. 29230622 FullyInControl - toiletten + drukte OR Toegankelijkheid van openbare toiletten. Onderdeel informatie links Hyperlink naar de Raadsinformatiebrief van 20 maart 2024 Onderdeel resultaat/uitkomst "In de bestuurlijke reactie op het rekenkameronderzoek heeft het college het volgende aangegeven: Het college ziet, net als de Rekenkamer, de maatschappelijke baten van voldoende toegankelijke toiletten in de stad. Hierover is ook gesproken met belangenvertegenwoordigers, waaronder de MLDS en Cliëntenbelang Amsterdam. Voor de leefbaarheid is ook het beperken van wildplassen een belangrijke meerwaarde van het verbeteren van de toiletvoorzieningen. Het college neemt de aanbeveling van de Rekenkamer ter harte en blijft met een integrale blik de toiletten benaderen."" Op basis van deze integrale afweging van maatschappelijk baten is bij de begroting 2022 besloten €4 miljoen te investeren in nieuwe, rolstoeltoegankelijke toiletvoorzieningen."

55

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

Aanbeveling 3: Verbeter de vindbaarheid (ID02)aaaa

Beschrijving aanbeveling (bron: Toegankelijkheid van openbare toiletten, 2020, p. 13) De vindbaarheid van openbare toiletten moet dringend verbeterd worden. Dat kan op straat door bewegwijzering, door informatie via de website en - voor uitgaansgebieden mogelijk door lichtvoorzieningen. Achterliggende bevindingen Op straat is de vindbaarheid van openbare toiletten slecht. De gemeente heeft wel een start gemaakt met het aanbrengen van WC-symbolen op bewegwijzering. Dit geldt alleen voor de gemeentelijke openbare toiletten. Zet de verbetering van de bewegwijzering op straat door De gemeente is wel gestart met het aanbrengen van symbolen op de bestaande bewegwijzering om de vindbaarheid van de gemeentelijke toiletten te verbeteren, maar drie (kleine) symbolen op evenzovele borden verbetert de vindbaarheid niet substantieel. Dit moet beter, door een uitbreiding van het aantal bewegwijzeringsborden waarop een 'WC-symbool' staat aangegeven. We vinden het daarnaast raadzaam om de vindbaarheid van de openbare toiletten van andere aanbieders te stimuleren, zoals bij openbaar vervoerpunten en winkelcentra, door als gemeente ook daar symbolen aan te brengen op bewegwijzering en op panden. Symbolen op panden waar zich openbare toiletten bevinden, kunnen in de hele stad hetzelfde zijn.

Zoek naar digitale mogelijkheden en lichtvoorzieningen De samenwerking van de gemeente Amsterdam met de Hoge Nood app is nuttig. Hiernaast kan de gemeente mogelijkheden voor de verspreiding van informatie via de digitale weg verder onderzoeken. De eigen toilettenkaart van de gemeente op maps.amsterdam kan een volledig Engelse versie krijgen en een versie die geschikt is voor mensen met een visuele beperking. Ook websites die veel bezocht worden door bezoekers van de stad (IAmsterdam, TripAdvisor en andere informatiewebsites voor toeristen) kunnen benaderd worden voor het plaatsen van (een link naar) deze informatie. Voor uitgaansgebieden zijn 's avonds en 's nachts lichtvoorzieningen nuttig. Al in de notitie van de gemeente uit februari 2018 wordt deze mogelijkheid besproken; het is tijd om hiervan werk te maken. Rapportage aan gemeenteraad over afdoening in bestuurlijke reactie, d.d. 4 juni 2020 (link) Bevinding: Raadsleden zijn geïnformeerd over de status van deze aanbeveling via de jaarlijkse rapportage in het Jaarverslag 2023. Het college geeft aan dat de aanbeveling is afgedaan op 1 januari 2022.96 In deze rapportage is niet verwezen naar de bestuurlijke reactie op het rekenkamerrapport. Deze bestuurlijke reactie bevat informatie over de voorgenomen opvolging van de aanbeveling.

Bestuurlijke reactie Het college deelt de bevindingen van de Rekenkamer dat zichtbaarheid een belangrijk onderdeel is om de beschikbaarheid van toiletten te verbeteren. Om die vindbaarheid van gemeentelijke toiletten te verbeteren zijn recent op verzoek van de raad al een aantal

aaaa

Wij gaan in dit document uit van de nummering van de aanbevelingen in het overzicht in de gemeentelijke

jaarverslagen. In het bestuurlijk rapport Toegankelijkheid van openbare toiletten is deze aanbeveling echter genummerd als aanbeveling 4.

56

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

stappen gezet: het vermelden van de toiletvoorzieningen op het bewegwijzeringssysteem voor voetgangers, het beter zichtbaar maken van het toilet zelf met een witte banier (uitgevoerd op Leidseplein en in voorbereiding op Koningsplein) en het plakken van de ‘hier kun je naar de WC’ stickers van de MLDS op de gemeentelijke panden. Indien de mogelijkheid zich voordoet om méér van dit type maatregelen te treffen, zullen we dat doen om de vindbaarheid van gemeentelijke toiletten verder te verbeteren. In aanvulling daarop stelt de Rekenkamer dat het raadzaam zou zijn om de vindbaarheid van de openbare toiletten van andere aanbieders te stimuleren (winkelcentra, stations, etc.) door als gemeente ook daar symbolen aan te brengen op bewegwijzering en op panden. Het college vindt dit niet verstandig, omdat wij als gemeente géén zorg kunnen dragen voor de beschikbaarheid, kwaliteit en toegankelijkheid van dergelijke toiletten. Het verwijzen hiernaar met gemeentelijke uitingen in de openbare ruimte achten we daarmee niet passend. Ook ten aanzien van de digitale vindbaarheid van onze toiletten zijn al stappen gezet, via de toilettenkaart op maps.amsterdam.nl en de Hoge Nood App. De gemeentelijke data met betrekking tot openbare toiletten zijn ook digitaal beschikbaar voor derden om te delen, zoals TripAdvisor, Booking.com en andere informatiewebsites voor toeristen.

Uiteraard kunnen zij ook verwijzen naar de Hoge Nood App, die gratis voor iedereen beschikbaar is en ook de gemeentelijke openbare toiletten vermeldt. Rekenkameroordeel over de mate van de navolgbaarheid van de opvolging van de aanbeveling Oordeel: Gedeeltelijk navolgbaar opgevolgd Onderbouwing van het oordeel: Uit de bestuurlijke reactie blijkt dat het college de verbetering van de bewegwijzering naar gemeentelijke toiletten op straat doorzet. Het college geeft in de bestuurlijke reactie aan het niet verstandig te vinden om de vindbaarheid van de openbare toiletten van andere aanbieders te stimuleren. Het college lijkt daarmee dit onderdeel van de aanbevelingen niet over te nemen, maar vermeldt dit niet in de rapportage in het jaarverslag. Het college gaat niet in op de aanbevelingen om de digitale informatievoorziening verder te onderzoeken en verbeteren, en om werk te maken van licht-bewegwijzering naar bestaande openbare toiletten in uitgaansgebieden. Het niet-opvolgen van deze aanbevelingen brengt het risico met zich mee dat een groot deel van de toiletten die in Amsterdam wel openbaar toegankelijk zijn, beperkt vindbaar blijft voor de doelgroep. Informatie in FullyInControl Oordeel: Uit het FIC-systeem blijkt aanvullend dat bij nieuwe gemeentelijke toiletten die de gemeente voornemens is te plaatsen vereisten en budget zijn geregeld voor de vindbaarheid.

Tevens zijn er ideeën hoe de vindbaarheid van openbare toiletten kan worden verbeterd. En zijn acties ondernomen om de herkenbaarheid en zichtbaarheid van seizoenstoiletten te vergroten. Onderdeel omschrijving In de bestuurlijke reactie op het rekenkamer onderzoek heeft het college reeds het volgende aangegeven:

57

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

"Om die vindbaarheid van gemeentelijke toiletten te verbeteren zijn op verzoek van de raad al een aantal stappen gezet: het vermelden van de toiletvoorzieningen op het bewegwijzeringssysteem voor voetgangers, het beter zichtbaar maken van het toilet zelf met een witte banier en het plakken van de ‘hier kun je naar de WC’ stickers van de MLDS op de gemeentelijke panden. Ook ten aanzien van de digitale vindbaarheid van onze toiletten zijn al stappen gezet, via de toilettenkaart op maps.amsterdam.nl en de Hoge Nood App." Sindsdien is verder ingezet op de herkenbaarheid en zichtbaarheid van seizoenstoiletten, door de toiletten te voorzien van opvallende omkleding. In het Programma van Eisen voor nieuwe, vaste zelfreinigende toiletten is opgenomen dat de toiletten voorzien moeten worden van lichtgevende tekst "WC" met bijbehorende symbolen. Tevens is in het Investeringsprogramma Openbare Toiletten budget gereserveerd voor het vermelden van nieuwe openbare toiletten op wayfinding. De vindbaarheid van openbare toiletten moet dringend verbeterd worden. Dat kan op straat door bewegwijzering, door informatie via de website en - voor uitgaansgebieden mogelijk door lichtvoorzieningen. Onderdeel documenten 1.

Email: Toegankelijkheid van openbare toiletten RE Beloofde exel doc (1)

2.

Toegankelijkheid van openbare toiletten FW_ Aanbevelingen

3. 29230622 FullyInControl - toiletten + drukte OR Toegankelijkheid van openbare toiletten Onderdeel informatie links - (geen informatie) Onderdeel resultaat/uitkomst "In de bestuurlijke reactie op het rekenkamer onderzoek heeft het college reeds het volgende aangegeven: ""Om die vindbaarheid van gemeentelijke toiletten te verbeteren zijn recent op verzoek van de raad al een aantal stappen gezet: het vermelden van de toiletvoorzieningen op het bewegwijzeringssysteem voor voetgangers, het beter zichtbaar maken van het toilet zelf met een witte banier (..) en het plakken van de ‘hier kun je naar de WC’ stickers van de MLDS op de gemeentelijke panden. (..) Ook ten aanzien van de digitale vindbaarheid van onze toiletten zijn al stappen gezet, via de toilettenkaart op maps.amsterdam.nl en de Hoge Nood App."" Sindsdien is verder ingezet op de herkenbaarbaarheid en zichtbaarheid van seizoenstoiletten, door de toiletten te voorzien van opvallende omkleding. In het Programma van Eisen voor nieuwe, vaste zelfreinigende toiletten is opgenomen dat de toiletten voorzien moeten worden van lichtgevende tekst "WC" met bijbehorende symbolen. Tevens is in het Investeringsprogramma Openbare Toiletten budget gereserveerd voor het vermelden van nieuwe openbare toiletten op wayfinding. "

58

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

Aanbeveling 4: Stel de benadering bij (ID03)bbbb

Beschrijving aanbeveling (bron: Toegankelijkheid van openbare toiletten, 2020) De gemeente gaat uit van een te beperkte benadering van 'openbaar' door dit gelijk te stellen aan 'gemeentelijk'. Toiletten kunnen openbaar worden genoemd als ze gebruikt kunnen worden zonder beletsel of zonder erom te vragen. De gemeente is actief om meer toiletten openbaar te maken, maar is niet helder in haar overzichten. Wij pleiten voor een bredere benadering van openbare toiletten. Achterliggende bevindingen  

Amsterdam gaat uit van twaalf rolstoeltoegankelijke openbare toiletten. Wij inventariseren er vijftig. De gemeente heeft de toiletten opengesteld in stadsloketten en de OBA gestimuleerd de toiletten in alle vestigingen open te stellen voor publiek gebruik. Er liggen plannen om ook gebruikers van gemeentelijke panden en horecaondernemers te vragen of te stimuleren toiletten open te stellen.

Verbreed de gemeentelijke blik op openbare toiletten De huidige benadering van openbare toiletten levert een papieren werkelijkheid op. Alleen uitgaan van gemeentelijke openbare toiletten is niet realistisch vanuit het oogpunt van diegenen die er gebruik van maken. Er zijn in de stad veel meer openbare toiletten beschikbaar en het verdient aanbeveling om ook die toiletten mee te tellen. Dit vraagt wellicht om een aantal criteria op basis waarvan het college een toilet openbaar wil noemen. Wij denken in ieder geval aan toiletten op plekken en bij instanties die als relatief 'stabiel' gekenmerkt kunnen worden (NS-stations, winkelcentra, private partijen die voor lange tijd geïnvesteerd hebben). Maar ook valt te denken aan criteria gerelateerd aan toegankelijkheid of openingstijden. Wanneer de toiletten aan de criteria voldoen, dienen ze ook opgenomen te worden in het overzicht van de toiletten dat de gemeente publiceert. Dit legt een basis om samen met deze partijen de aanwezigheid van openbare toiletten te garanderen. Wanneer de gemeente twijfels heeft over de mate van openbaarheid van bepaalde toiletten, dan bieden de criteria concrete handvatten om hierover met de beheerder in gesprek te gaan.

Probeer meer afspraken te maken over de openbare functie van bestaande toiletten De gemeente heeft plannen om anderen te vragen hun toiletten open te stellen, maar dit kan uitgebreider dan nu gebeurt. Op sommige plekken in de stad zijn er al openbare toiletten in combinatiepanden van de openbare bibliotheek en welzijnsinstellingen. Andere welzijnscentra, maar ook gezondheidscentra, kunnen hiervoor ook gevraagd worden. Particulieren in winkelcentra, waar nog geen openbare toiletten zijn, zouden mogelijk via een eenmalige subsidie kunnen worden gestimuleerd. En op locaties waar een sleutelbeleid gevoerd wordt voor rolstoeltoegankelijke toiletten, kan de gemeente in gesprek gaan met de beherende partij over wat er nodig is om deze toiletten ook zonder sleutel toegankelijk te maken. Als een arbeidsgehandicapte of bijstandsgerechtigde bij een van de bovenstaande voorbeelden gastheer of -vrouw kan worden, kan de gemeente een uitkering uitsparen.

bbbb

Wij gaan in dit document uit van de nummering van de aanbevelingen in het overzicht in de gemeentelijke

jaarverslagen. In het bestuurlijk rapport Toegankelijkheid van openbare toiletten is deze aanbeveling echter genummerd als aanbeveling 1.

59

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

Stimuleer ook via regelgeving en convenanten de publieke functie van toiletten Ook met behulp van bestaande wet- en regelgeving kunnen publiek toegankelijke toiletten worden gestimuleerd. Volgens de Horecawet moet elke horecavoorziening waar alcohol geschonken wordt een toilet hebben. Door de verbreding van de horecadefinitie naar zaken waar geen alcohol geschonken wordt, moeten ook deze zaken een toilet hebben. Dit is in Tilburg en Maastricht gebeurd. Omdat het openstellen van toiletten niet op grond van de wet kan worden afgedwongen, houdt dit niet per definitie meer opengestelde toiletten in, maar het werkt mogelijk wel bevorderend. Andere mogelijkheden zijn een bepaling in de bouwverordening waarin staat dat gebouwen en winkels voor de balie of kassa een toilet moeten hebben dat openbaar toegankelijk is en dat gebruikers of huurders van gemeentelijk vastgoed verplicht kunnen worden om toiletten open te stellen. Waar regelgeving niet kan worden ingezet, bieden convenanten met verbonden of verenigingen van ondernemers (gericht op bepaalde sectoren of juist bepaalde buurten) wellicht de mogelijkheid openbaar toegankelijke toiletten te stimuleren. Rapportage aan gemeenteraad over afdoening in bestuurlijke reactie, d.d. 4 juni 2020 (link) Bevinding: Raadsleden zijn geïnformeerd over de status van deze aanbeveling via de jaarlijkse rapportage in het Jaarverslag 2023.

Het college geeft aan dat de aanbeveling is afgedaan op 1 januari 2022.97 In deze rapportage is niet verwezen naar de bestuurlijke reactie op het rekenkamerrapport, d.d. 24 juni 2020. Deze bestuurlijke reactie bevat informatie over de voorgenomen opvolging van de aanbeveling. De bestuurlijke reactie bevat tevens de visie van het college van B en W op onze aanbeveling. Hoewel het college aangeeft de aanbeveling over te nemen, licht het college ook toe aan welke onderdelen van de aanbeveling het geen uitvoering zal geven. Bestuurlijke reactie De Rekenkamer beveelt het college aan om niet alleen gemeentelijke toiletten als volledig openbaar te beschouwen, maar ook de andere toiletten die zonder beletsel gebruikt kunnen worden. Het college beschouwt alle (semi)openbare toiletten onderdeel van de oplossingen voor voldoende toiletvoorzieningen in de Amsterdamse openbare ruimte en zal zich ook blijven inzetten om alle mogelijkheden tot het toevoegen van toegankelijke toiletten in de openbare ruimte te benutten, conform eerdere toezeggingen aan de raad. Als het gaat om de digitale kaart op de gemeentelijke website en de bewegwijzering op straat houdt het college echter vast aan de werkwijze om alléén gemeentelijke openbare toiletten te vermelden, omdat we alleen daar verantwoordelijkheid kunnen nemen voor de beschikbaarheid, toegankelijkheid en de kwaliteit van het toilet.

De Hoge Nood App biedt immers een mooi overzicht van álle toiletten in de stad. Op verzoek van de gemeenteraad is de gemeente een partnerschap aangegaan met deze app. De aanbevelingen over het gebruik maken van regelgeving door bijvoorbeeld de horecadefinitie uit te breiden heeft volgens het college niet het gewenste effect, omdat deze wijziging in de regelgeving complex en ingrijpend is. Het zou onder meer betekenen dat dit type horeca niet meer gevestigd kan zijn in kleine pandjes waar geen ruimte is voor klanten- of gastentoiletten. Het beter benutten van toiletten bij horecaondernemers die al wel een toilet hebben zien we als een meer haalbare optie voor het toevoegen van meer (semi)openbare toiletten in de stad. Het simuleren van toiletten bij winkels vóór de kassa via wet- en regelgeving vindt het college een kansrijke oplossing om meer toiletten te realiseren. Maar, het college constateert dat de landelijke wet- en regelgeving ons op dit punt niet helpt. Gezien de

60

Rekenkamer Amsterdam - Onderzoeksrapport - Opvolging aanbevelingen Rekenkamer Amsterdam

landelijke opgave omtrent toiletvoorzieningen zou het effectiever zijn als dergelijke eisen inzake toiletten bij winkels vanuit de Rijksoverheid doorgevoerd worden. Het college zou er groot voorstander van zijn als landelijke wet- en regelgeving wordt aangepast zodat grote supermarkten en andere winkels waar klanten langere tijd verblijven een toilet moeten hebben voor klanten en passanten. Rekenkameroordeel over de mate van de navolgbaarheid van de opvolging van de aanbeveling Oordeel: Niet navolgbaar opgevolgd Onderbouwing van het oordeel: Uit de bestuurlijke reactie blijkt dat het college alle (semi-)openbare toiletten als onderdeel van de oplossingen beschouwt voor voldoende toiletvoorzieningen in de Amsterdamse openbare ruimte, en dat het zich blijft inzetten om alle mogelijkheden tot het toevoegen van toegankelijke toiletten in de openbare ruimte te benutten. Uit deze reactie blijkt niet welke acties het college onderneemt of heeft afgerond om uitvoering te geven aan de aanbeveling. De bestuurlijke reactie bevat geen informatie over of het college geprobeerd heeft om meer afspraken te maken over de openbare functie van bestaande toiletten. In de bestuurlijke reactie geeft het college aan dat het wijzigen van de horecadefinitie in regelgeving te complex en te ingrijpend is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16373156/1