03 Inspraakreacties (bijlage van bijlage 1)
Tekst van het document
WI ERI NGA ADVOCAT EN
MEMO Aan:
De Alliantie Automatenhallen AmsterdamaillIMMIll
Van:
Wieringa Advocaten;
d.d.:
6 april 2021
Inzake:
Ingangsdatum overgangsperiode
1. Inleiding In dit memo zal worden beoordeeld of de burgemeester van Amsterdam de ingangsdatum van de overgangsperiode van 15 jaar op i oktober 2018 kan stellen. Op die datum heeft de burgemeester de huidige exploitanten een brief gestuurd waarin wordt medegedeeld dat de manier waarop vergunningen voor speelautomaten worden verleend per 1 september 2021 gaat veranderen. De exploitanten zouden vanaf dat moment niet meer automatisch een nieuwe (aanwezigheids)vergunning krijgen. Op welke manier een exploitant kans zou kunnen maken op een (aanwezigheids)vergunning vanaf 1 september 2021 was op dat moment niet bekend. De burgemeester zou nog regels opstellen over de wijze waarop meegedongen kan worden naar een (aanwezigheids)vergunning. Daarover zouden de betrokkenen later meer informatie krijgen. 2. Overgangsperiode In het arrest van 16 december 20161 heeft de Hoge Raad overwogen dat ingeval van een overheidsmaatregel die leidt tot beeindiging van een onderneming een overgangsperiode is vereist die de door de maatregel getroffen eigenaar in staat stelt zijn schade te beperken.
De overgangsperiode is een omstandigheid die kan bijdragen aan het oordeel dat een redelijk evenwicht is getroffen tussen de eisen van het algemeen belang enerzijds en de bescherming van individuele rechten anderzijds.2 Dit betekent dat voldoende gelegenheid gegeven dient te worden om de gedane investeringen terug te verdienen, zich voor te bereiden op de situatie waarin het op gelijke voet met andere bedrijven naar de schaarse exploitatievergunningen kan meedingen en voorbereidingstijd van de eventuele afbouw van de eigen exploitatie (personeel, huisvesting etc.).3 Nieuwe exploitanten ondervinden niet het nadeel van reeds uitgevoerde en onrendabele investeringen en kunnen daarvan profiteren tijdens een herverdeling. Bij het bepalen van deze periode dienen tevens te worden betrokken de met de regelgeving beschermde belangen (in casu verslavingszorg, preventie, openbare orde etc.) mede met het oog op bescherming van spelers en omwonenden consumenten (openbare orde en verslavingszorg), het streven naar kwalitatieve exploitatie en de administratieve last. In het rapport van BEA van 15 mei 2020 is geconcludeerd dat een overgangsperiode van 15 jaar het beste past.
Deze termijn stelt een ruime meerderheid van de exploitanten in staat om gepleegde investeringen terug te verdienen, onder wat BEA betreft redelijke aannames voor wat betreft het effect van CRUKS, het volledig rookverbod, de opening van de online-
HR 16-12-2016, ECLI:NL:HR:2016:2888 , Gst. 2017/176, r.o. 3.5.1; 2 vgl. EHRM 131anuari 2015, nr. 65681/13, ECLI:NL:XX:2015:201, JB 2015/82 (Vekony/Hongarije). 3 Hv1171uli 2008, zaak C-347/o6, Jur. 2008,
p. 1 -5641; CBb i7 juli 2013, ECLI:NLCBB:2013:78;
- 2 -
kansspelmarkt en rekening houdend met de afwikkeling van doorlopende contractuele verplichtingen waarbij met name eventuele transitievergoedingen van belang zijn.4 3. Ingangsdatum overgangsperiode
Uit de jurisprudentie blijkt dat de overgangsperiode pas kan gaan lopen op het moment dat het nieuwe beleid voorzienbaar is. Dit houdt in dat deze voldoende precies en nauwkeurig is in de uitwerking, zodat een exploitant zich dus ook exact kan voorbereiden op de stelselwijziging.s Dat betekent concreet dat de overgangsperiode (los van de duur van die termijn) pas kan ingaan als het beleid voldoende vaststaat. Dat moment zal naar verwachting samenkomen met de vaststelling van de nieuwe Verordening, waaruit de gevolgen van het nieuwe beleid voor de branche voldoende precies en nauwkeurig zullen volgen. Voorts geldt in het algemeen dat een als redelijk bevonden overgangsperiode eerst aanvangt bij de inwerkingtreding van de betrekkelijke regeling, waarin is voorzien in de maatregel die leidt tot de beeindiging van de overheidstoestemming. Als voorbeeld kan worden gewezen op de overgangsperiode van 11 jaar die gehanteerd werd voor de inwerkingtreding van het algehele verbod op pelsdierhouderijen. De 'Wet verbod pelsdierhouderij' is in januari 2013 in werking getreden en voorziet in een overgangstermijn van 11 jaar tot ijanuari 2024. Er bestaat geen redelijke onderbouwing voor een overgangsperiode, die een aanvang neemt met de brief van de burgemeester vans oktober 2018. Er was ten tijde van de brief nog zeer veel onduidelijk over waarop de ondernemers zich hebben voor te bereiden.
Er lijkt zelfs per heden nog geen begin te zijn gemaakt met de wijze van verdeling van de in de toekomst uit te geven vergunningen. Het hiervoor genoemde rapport van BEA bevat geen aanknopingspunten voor een stelling dat de overgangsperiode een aanvang neemt met de brief van 1 oktober 2018. In de brief van i oktober 2018 is enkel gesproken over de tijdelijke aanwezigheidsvergunningen voor speelautomaten met de aankondiging dat deze laatstelijk zouden eindigen op 21 september 2021. Nadien is dit standpunt over de aangekondigde beperking van de duur van deze vergunningen door de Burgemeester verlaten. Bij de beslissingen op bezwaar gericht tegen de aanwezigheidsvergunningen is de gestelde termijn tot september 2021 herroepen en vervangen door de bepaling dat daaraan Oen termijn is verbonden. Deze uitgebreid gemotiveerde beslissingen met rechtsgevolg van de Burgemeester wegen vanzelfsprekend zwaarder dan de informatiebrief van 1 oktober 2018. Voorts werd in de brief van 1 oktober 2018 geen woord gewijd aan de exploitatievergunningen voor onbepaalde tijd voor de speelautomatenhallen van de exploitanten. Zij behoefden daarom niet eraan te twijfelen dat deze niet blijvend hun geldigheid behielden. Indien de Burgemeester had beoogd dat ook de exploitatievergunningen voor de hallen uiterlijk op 21 september 2021 zouden eindigen, dan had dit in deze brief moeten zijn opgenomen.
Bij dit alles dient bovendien te worden bedacht dat het nieuwe beleid is ingegeven door de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State omtrent de verdeling 4 Gelet op de datering van het rapport heeft BEA maar zeer beperkt rekening kunnen houden met de gevolgen van de coronacrisis op de branche. s HvJEU ssjuni 2015, Berlington, C-98/14, nrs. 77 en 85.
—3—
van schaarse vergunningen. Hieruit vloeit geenszins een plicht voort om bestaande situaties te wijzigen en al helemaal niet een verplichting deze situatie binnen een gegeven termijn te wijzigen. Daarmee hoefden de exploitanten op dat moment dus ook geen rekening te houden. 4. Conclusie Op goede gronden kan dus worden betoogd dat de overgangstermijn geen aanvang kan nemen met de brief van i oktober 2018.
Kenmerk: React ie gemeente Amsterdam verordening speelautomaten Amsterdam, 12 mei 2021
Cachte heer/mevrouw, Graag geef ik mijn reactie op de voorgestelde Conceptverordening speelautomaten/ kansspelautomaten. Ons bedrijf is reeds 40 jaar act ief met speelautomatenhallen in Amsterdam. Wij doen dit momenteel met 5 speelhallen onder de naam Casino City (Ceintuurbaan, Jan Evertsenstraat, Lange Niezel, Oudezijds Achterburgwal, Reguliersbreestraat). Allereerst wil ik jets zeggen over de manier waarop wij onze hallen runnen. VVij zijn een typisch Arnsterdams bedrijf met echte Amsterdamse medewerkers. Onze spelers zijn afkomstig uit alle lagen van de Amsterdamse bevolking...bng, oud, man, vrouw, en zeer multicultureel. In slechtsweinig Amsterdamse uitgaansgelegenheden is de vermenging van het Amsterdamse publiek zo natuurlijk aanwezig als bij ons. Daar zijn we trots op, dat koesteren we. De steer is altijd gezellig, ontspannen, open en respectvol. Alsdirecteur ken ik alle spelers. Men komt om een gokje te wagen, een spelletje te spelen, maar ook vanwege het sodale aspect. Een praatje met andere spelers of met het vaste personeel, een kopje koffie of een kleine snack. Velen al vele jaren. Het is voor veel Amsterdammerseen onschuldig tijdverblijf. Veel aandacht hebben wij daarnaast de afgelopen jaren gestopt in kansspelproblematiek prevent ie. Meer dan veel andere sectoren, denk aan horeca (alcohol) of coffeeshops hebben wij hier onze verantwoordelijkheid getoond.
In de afgelopen 40 jaar hebben wij inmiddels bewezen dat wij onze zaken prima voor elkaar hebben. In het BEA rapport heeft de heer )0000(, operationeel evert van Politie Bureau burgwallen vol lof gesproken over de Amsterdamse speelautomatenhallen. XX000(zegt onder anderen: "De speelautomatenhallen zijn een deane branche, die de uiterste best doet. Het imagoprobleem is onterecht. De bijdrage van de hallen in hun vestigingsgebied is positief. De benodigde politiecapaciteit is nihil. De ondernemers zijn doordrongen van het belang van hun zorgplicht en ze maken werk van het tegengaan van problematisch speelgedrag. De ondernemerswerken hierbij ook nauw samen. Ze dragen echt bij aan het leefklimaat in de buurt". Door het beperkende Amsterdamse beleid lopen de Amsterdamse speelautomatenhallen kwalitatief ver achter op landelijke hallen. De hallen zijn te klein en de openingstijden te beperkt. Met bijvoorbeeld onze 5 hallen zijn wij in totaal kleiner dan een gemiddelde hal in Hoofddorp. 03k weten wij dat in deze hallen tot wel 50%van de omzet gehaald wordt in uren dat wij als Amsterdamse hallen gesloten zijn! Dit heeft natuurlijk gevolgen voor de kwaliteit, de service en uitstraling van de Amsterdamse hallen. Terwijl wij met onze kleine hallen onszeer hebben ingespannen wat betreft de kwaliteit van het interieur. Hiervoor staan wij als Casino City ook bekend.
( kijk www.casinocitv.nlvoor een kijkje in onze hallen)
Net als bij veel andere vormen van vermaak zien we dat mensen steeds meer behoefte hebben aan ruimere openingstijden. Met name zien we een verschuiving naar de late uurtjes. In de voorliggende verordening wordt totaal niet gekeken naar verbetering van de kwaliteit van het Amsterdamse speelautomatensedor en de kwaliteit van de ondernemingen en de bedrijfsvoering. Terwijl de huidige openingstijden van de speelautomatenhallen stemmen uit de jaren dat de winkels nog om 17.30 dicht gingen, er geen zondagsopening was en het nachtleven om 24.00 was afgelopen. De huidige openingstijden voor de speelautomatenhallen zetten ons op grote achterstand en maakt een rendabele onderneming steeds minder mogelijk. Het helpt daarbij niet dat in omliggende gemeente en ook de Holland Casino's in Amsterdam wel veel langer open zijn. Ook Holland Casino West is 24/7 open, evenals de groeiende groep hallen om Amsterdam heen. De afgelopen jaren is het aantal hallen in Amsterdam dan wel gelijk gebleven, maar om Amsterdam heen is dit zeer sterk gestegen. Inmiddels is er een hal in het kleine Oostzaan, en Aalsmeer en maar liefst 8 hallen in Hoofddorp. Vrijwel al deze hallen zijn ook nog eens groter dan de grootste hal die we in Amsterdam zeif kennen. I3ijkansstaan er in Hoofddorp meer speelautomaten dan in Amsterdam.
Duidelijk is dat deze hallen zich niet richten op het publiek uit genoemde gemeentes maar op Amsterdamse spelers. En dat lukt ook nog. Wie met name 's nachts deze hallen bezoekt, ziet vrijwel alleen maar Amsterdammers. Vaak ook spelers die wij kennen uit onze hallen. Overigenszitten deze hier niet alleen vanwege het aantrekkelijker aanbod van deze hallen en de niet beperkte openingstijden. De Amsterdamse hallen hebben ook nog eens last van slechte bereikbaarheid en hoge parkeertarieven. bat ik zeggen de problemen waar iedere Amsterdamse binnenstad ondernemer mee kampt. Concentratie In de binnenstad bevinden zich veel speelautomatenhallen geconcentreerd in bepaalde straten. Met name in het 1012 gebied. Over het algemeen vinden we hier veel kleine hallen met weinig variatie. aeedsmoeilijker bereikbaar. In de rest van het land is de trend ruimere speelhallen die goed bereikbaar zijn met de auto. Al dan niet in combinatie met een hotel, stadion, of anders. Wij zouden onsom deze reden graag vestigen in Amsterdam Zuid Oost. Hiervoor zouden wij enkele hallen in het 1012 gebied willen omruilen. Wij zien dit ook gebeuren met coffeeshops. Waarom kan dit niet met speelautomatenhallen? Bedrijven die streng gereguleerd zijn en fiscaal veel belasting opbrengen. In de voorliggende Amsterdamse verordening komen alle bovengenoemde kwaliteits aspecten geheel niet ter sprake.
Er wordt gekozen om weer 15 jaar door to hobbelen. Wij pleiten al lange tijd voor het samenvoegen van onze hallen. Graag wil ik de drie hallen in het 1012 gebied samenvoegen en verplaatsen. Met de voorliggende nieuwe conceptverordening wordt de tijd stil gezet en mogelijk zelfs teruggedraaid. De huidige overconcentratie in het centrum zal niet verminderen. Wanneer
ondernemingen geen rendabele exploitatie kunnen draaien ontstaan kansen voor anderen. Mogelijk illegale aanbieders, on/offline concepten en nog meer megahallen aan de randen van de gemeente. Een reden voor het on hold zetten van nieuw beleid is in de verordening niet gegeven. Wel wordt er in verband met schaarse vergunningen ietsgezegd over de beperkingen van het samenvoegen. S3menvoegen van hallen op andere lokatieszou in strijd zijn met het schaarse vergunning regelgeving. Onze juristen bestrijden dit en buiten Amsterdam in andere gemeente zijn al meerdere malen hallen verplaatst. Waarom zou dit in Amsterdam dan niet kunnen? lk verzoek u om in het kader van een modernisering van het Amsterdamse speelautomatenbeleid uw standpunten over verplaatsing en verruiming van openingstijden te heroverwegen. Wij zien mogelijkheden voor een win win situatie. lk benadruk hier overigens 2036 en niet 2033 omdat wij het totaal oneenszijn, dat de 15 jaar zou moeten ingaan per 2018. Diverse advocaten die wij hierover hebben geraadpleegd delen dit standpunt. Wij zullen ons hiertegen dan ook in rechte gaan verzetten. Graag zou ik met u eens, buiten het alliantie overleg, hierover een gesprek willen hebben. Het huidige voorstel zorgt alleen maar voor een standstill in de binnenstad en nog meer hallen aan de randen van Amsterdam.
Wij willen juist komen tot een verordening die de kwaliteit van het aanbod verhoogd. Hopende u naar genoegen te hebben geinformeerd, verblijf ik. )00000000( Casino City Ceintuurbaan 286107203 )000000K )0000000000(
2 MOOIMAKELAARDIJ Makelaars en Taxateurs o.z.
Aan de Burgemeester van Amsterdam Mevrouw F. Halsema Aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam Fbstbus 2020 1000 AEAmsterdam
Mooi Makelaardij B.V. Dr. Willem Dreesweg 277 1188 KG Amstelveen Tel. 020-2106060 info@mooimakelaardij.n1 mooimakelaardij.n1
Amstelveen, 28 mei 2021 Betreft: Bezwaar stelselwijziging Saeelautomatenhallen verordening.
C*.achte burgemeester, geacht college, Snds 10 mei 2021 ben ik eigenaar van het pand gelegen aan de Ten Katestraat 5, 1053 Byte Amsterdam. Waarin gevestigd de speelautomatenhal Lucky Hall „KJ B.V. Hierbij maak ik van de gelegenheid bezwaar te maken tegen de concept verordening 'kansspelautomaten en speelautomatenhallen' welke het college op 20 april 2021 heeft vrijgegeven voor inspraak. Tevens heb ik kennisgenomen van uw raadsbrief d.d. 20 april 2021. In de conceptverordening is een overgangstermijn opgenomen tot 01 oktober 2033, gedurende de overgangstermijn kan de onderneming niet worden overgedragen, behoudens bij overlijden van de vergunninghouder. lk maak bezwaar tegen het verbod tot wijziging vergunninghouder om reden dat ik hierdoor ernstig beperkt word in de verhuurexploitatie van mijn eigendom. De huurder kan zijn onderneming niet verkopen en een nieuwe huurder voordragen, wanneer er onverhoopt spraken is van een faillissement kan ik het bedrijfspand niet verhuren aan een opvolgend automatenhalondernemer. Hierdoor 221i ik grote financiele schade ondervinden. Uit uw raadsbrief valt op te maken dat wanneer mijn huurder na 01 oktober 2033 zijn vergunning verliest, zou de vergunning bijvoorbeeld ofwel opnieuw transparant in de markt kunnen worden gezet ofwel er kan voor worden gekozen om die vergunning niet opnieuw te verlenen.
CV: • NVM MVA
vastgoedeert gecertificeerd
Directie: SB. (Sefan) Fbjsoo, Fbgister makelaar en taxateur o.z, lid Nederlandse Vereniging van Makelaars in onroerende goederen en Vastgoeddeskundigen NVM. Bankrelatie: Rabobank Arnstel en Vecht rek.nr. NL32 RABO 0160 2534 70. Voorzover niet uitdrukkelijk anders bepaald, geschieden transacties volgens de AJgemene Consumentenvoorwaarden NVM. Kamer van Koophandel/Handelsregister nr. 65356020 BlVVnr. NL8560.78.219.B.01
e;l
MOOIMAKELAARDIJ Makelaars en Taxateurs o.z.
Het niet opnieuw verlenen van de vergunning zal betekenen dat mijn huurder niet langer bestaansrecht heeft en zal zijn onderneming gedwongen moeten staken. Wanneer u er tevensvoor kiest de vergunning niet opnieuw in de markt te zetten zal ik mijn eigendom na 01 oktober 2033 niet meer kunnen verhuren alskansspelautomatenhal, hierdoor Z31 ik grote financiele schade ondervinden. lk verzoek dan ook of te zien van het wijzigen van de verordening. Wanneer ik ernstige schade ondervind door toedoen van uw wijziging houd ik u hiervoor aansprakelijk en zal ik mij middelseen planschade procedure tot u wenden. Vert rouwende u hiermede de ernst van de situatie kenbaar te hebben gemaakt, zie ik met belangstelling uw reactie tegemoet. Graag bereid tot overleg. Vriendelijke groet en,
makelaar en taxateur Opt redend alsgevolmachtigde van de eigenaar de heer4111111111111111111111 Correspondentie adres: P/a. Mooi Makelaardij B.V. Dr. Willem Dreesweg 277 1188KGAmstelveen Tevens per e-mail verzenden: 41111111111.1111111111111.1.1MIIMMIR
NVM
i;i,
.10 ° 4. vastgoedcert gecertificeerd
Drectie: SR (Befan) Raijsoo, Ragister makelaar en taxateur o.z, lid Nederlandse Vereniging van Mdcelaars in onroerende goederen en Vastgoeddeskundigen NVM. Bankrelatie: Rabobank Arnstel en Vecht rek.nr. NL32 RA130 0160 2534 70. Voorzover niet uitdrukkelijk anders bepaald, geschieden transactiesvolgens de Algemene ainsumentenvoorwaarden NVM. Kamer van Koophandel/Handelsregister nr. 65356020 131W nr. N18560.78.219.6.01
Gemeente Amsterdam Directie Openbare Orde en Veiligheid Postbus 202 1000 AE Amsterdam Per e-mail: Per Gemeente website: https://formulieramsterdam.nlithemaiondernemen/aanpassingverordening-speelautomaten/Reactieformulier/
Malaga, 31 mei 2021 Betreft: Inspraak Amsterdams vergunningenbeleid speelautomatenhallen.
Geachte Omdat ik de speelhallen Molensteeg 1 en Oudezijds Achterburgwal 30 overneem heb ik uiteraard ook een mening over het voorgenomen speelautomatenbeleid, waarvan ik al eerder gehoopt had dat ik deze nog eens onder de aandacht van de Burgemeester mocht brengen. Mijn mening en motivatie wijkt op een aantal punten af van het verhaal van de zittende exploitanten die alleen maar preken voor eigen parochie. Daarom richt ik mij rechtstreeks tot de afdeling vergunningen met nieuwe inzichten, zonder dat mijn mond wordt gesnoerd door de zittende kliek die 10-tallen jaren automatisch vergunningen hebben verkregen (zonder LBB toetsing tussendoor) en hiervan hebben geprofiteerd. lk verzoek u om mijn visie, waar de gemeente nooit naar heeft gevraagd, ook onder de aandacht te brengen van de Burgemeester. Niet via een raadsbrief maar via een persoonlijke boodschap. lk ben niet uit op een nieuwe confrontatie met de hiervoor genoemde familiebedrijven die de Amsterdamse speelhallenmarkt domineren. Voor zover dat nog niet duidelijk is: ik ben NIET aangesloten bij AAA of de VAN. Na het door deze groep exploitanten in elkaar gedraaide verhaal over mij, wens ik op geen enkele wijze contact met hen te hebben. Wie wel zijn aangesloten bij AAA is uiterst vaag; een ledenlijst is toch het minste wat je mag verwachten bij een ingediend raadsstuk.
In mijn optiek zijn de volgende punten en motivaties belangrijk om mee te nemen in een toekomstig vergunningenbeleid inzake speelautomatenhallen in 2022. Het veranderen van verqunninq verleninq van onbepaalde naar bepaalde tiid: •
Stel dat de vergunningsduur vijftien jaar zou worden. Dan zal een ondernemer de eerste 5 jaar investeren, de volgende 5 jaar oogsten, en de laatste 5 jaar afbouwen en niet meer door investeren. Dit laatste is kwalijk voor het ondernemersklimaat maar begrijpelijk. Alles wat er dan nog geInvesteerd wordt is onverkoopbaar geworden. Directe gevolgen daarvan zijn; - De kwaliteit van het spelaanbod zwakt af.
- De kwaliteit van het opleidingsniveau en inzet van de medewerkers neemt af. - De kwaliteit van de gehele exploitatie zwakt af, men raakt de laatste jaren van de looptijd van de vergunning minder geinteresseerd want: "het is toch een aflopende zaak". - De fiscus zal niet accepteren dat investeringen als gevolg van een Amsterdams vergunningenbeleid versneld worden afgeschreven. Gaat de Gemeente dat dan compenseren? Indirecte gevolgen daarvan zijn; - De ondernemer kan niet meer zelf bepalen wie zijn bedrijf opvolgt als going concern. - De ondernemer is minder gemotiveerd om van zijn zaak een prachtzaak- te maken. AIles wat ie verbetert, van personele inzet tot een beter spelaanbod, zal immers eindig zijn en geen enkel ondernemers voordeel opbrengen als ie daar wel aan werkt. - Het stukje desinteresse door de vergunning voor bepaalde tijd zal zich ook uiten op de buurt. Is het nog wel ZIJN buurt? Een buurt die hij goed wil houden voor de voortgang van zijn onderneming en opvolging. - Speelhallen kunnen te maken krijgen met gokverslaving. Als sprake is van een eindige vergunning die niet kan worden verlengd, zal de ondernemer in dat tijdsbestek zoveel mogelijk willen verdienen. De qokverslavinq van bezoekers/qasten kriiqt dan een heel andere prioriteit. Mogelijke oplossingen voor een vergunning met bepaalde tijd: - Een acceptabel aantal exploitatie jaren.
Is een ondernemer de afgelopen 5 jaar aan een stuk door op een locatie gevestigd, dan is 20 jaar een redelijke termijn voor een eindigende exploitatievergunning bij het ingaan van de nieuwe kansspelwet. Zit een ondernemer er korter dan 5 jaar aan een stuk door, dan is 25 jaar een redelijke termijn voor een eindigende exploitatievergunning, minus het aantal jaren dat de bestaande exploitatie duurde in de afgelopen 5 jaren, bij ingaan van de nieuwe kansspelwet. Note: Dat de huidige speelhalexploitanten 15 jaar acceptabel vinden komt omdat men al tientallenjaren heeft kunnen exploiteren en dat sommigen het ook wel mooi genoeg vinden. Voor mij ligt dat duidelijk anders omdat ik nog niet vergund ben. - Stel als gemeente een waarde vast voor alle exploitanten die men als goodwill en inventaris mag vragen aan de door de Gemeente aan te wijzen nieuwe exploitant.
Ken aan alle speelhallen een maximal waarde toe van bijvoorbeeld minimaal € 2 min. aan het einde van de looptijd van de vergunning. Dan is het voor de exploitant duidelijk dat ie maximaal dat bedrag mag vragen en ontvangen voor beeindiging van de vergunning periode. Dan is het ook meteen duidelijk voor nieuwe exploitanten dat men naast de vergunning verkrijging en kosten bij de Gemeente er nog minimaal bedrag X (in dit voorbeeld € 2 min.) bijkomt als vergoeding voor de zittende exploitant. Wil een ondernemer binnen de bepaalde tijd vergunning eerder van zijn zaak of is ie vrij wat ie aan overname vraagt. Enkel neemt iemand binnen een vergunning periode van 20 jaar na 5 jaar over dan rest diegene nog slechts 15 jaar. Wil de nieuwe exploitant wel weer een 20 jaar vergunning zal de vergunning verloot worden door de gemeente en kan de ondernemer het maximaal vastgestelde bedrag vragen (in dit voorbeeld € 2 min.) Het vaststellen van een minimal waarde bij exit schept duidelijkheid voor; - De Gemeente Amsterdam - De ondernemer/exploitant - De nieuwe kandidaat ondernemer/exploitant - De fiscus ivm afschrijvingen etc. - De financiers - Geef opvolging in de eerste graad van de familie van de huidige exploitant voorrang bij vergeving/verloting van een nieuwe vergunning.
Veelal zijn de exploitaties familiebedrijven waar de exploitatie van speelautomaten het gehele gezinsleven van diverse generaties heeft bepaald. Reken in zo'n geval bijvoorbeeld een flinke som aan leges. Externe gevaren en ondermijning: - Voorkom dat de markt verziekt wordt door overnames. De huidige speelhalexploitanten zitten vaak al generaties op dezelfde locaties en weten heel goed wat er in de buurt speelt. De exploitanten willen niet dat er ellende in de buurt is om een simpele reden: not good for business'. Niks meer en niks minder. Die gratis ogen en oren regelen veel meer achter de schermen dan de Gemeente zich realiseert. Als men telkens van exploitant wisselt door on verlengbare vergunningen voor bepaalde tijd te verlenen, gaat die aandacht verloren. De bestaande exploitanten kunnen in dat geval gaan denken: het duurt mijn tijd wel uit. En de nieuwe exploitant kent de buurt niet goed genoeg om aan te sturen in rust in de straat. Note: lk heb mijzelf bijvoorbeeld zo volledig mogelijk van informatie voorzien omtrent de buurt, mensen etc. om de voor mijn beoogde exploitaties op die locaties zo goed mogelijk te laten functioneren en lokale problemen te herkennen en te beantwoorden. - Voorkom dat bij verloting van vergunningen de wet van de sterkste gaat ontstaan.
Er zijn partijen in de markt die op welke manier ze hun geld ook hebben verdiend, koste wat kost de speelhalmarkt op willen. Partijen die grote sommen geld hebben verdiend in criminele zaken zoals drugs kunnen dat zo goed maskeren dat de Gemeente of het LBB daar gewoon geen vinger achter krijgt. Dit zal zich gaan vertalen in absurde biedingen bij het verloten van exploitatievergunningen waarbij
een normale exploitant gewoon niet meer aan de bak komt. De Gemeente moet oppassen dat ze straks zelf niet vergunningen gaat faciliteren aan dit soort partijen waar je rechtskundig niks op tegen kan hebben. Het zou erg zijn als de exploitanten met Amsterdamse roots straks door het nieuwe beleid allemaal weg zijn en buitenlandse partijen dan wel verkapte drugsbazen hun positie overnemen die ook nog eens geen enkel affiniteit met speelautomaten hebben. Al zal het u raar in de oren klinken maar de exploitatie van speelautomaten is echt een vak en bestaat zeker niet uit automaten plaatsen de deur open en draaien maar. Er komt voor een goede exploitatie veel mensenkennis en omgang bij kijken. Het voordeel van een eindige vergunning van een bepaalde duur is dat kwaadwillende partijen de bestaand exploitanten (meer) niet onder druk kunnen zetten om mee to werken aan een gedwongen verkoop. Een vergunning voor bepaalde tijd schrikt dit soort lui wel af.
Vertrouwend op een positieve reactie, verblijf ik, Hoogachtend,
11111111111111111111 Nedcoin 1 BV Nedcoin 2 BV
MERKUR CASINO
Aan de burgemeester van de gemeente Amsterdam Directie Openbare Orde en Veiligheid Postbus 202 1000AE Amsterdam
Hoofddorp, 2 juni 2021
Inzake: Inspraakreactie concept verordening speelautomaten en speelautomatenhallen
Geachte burgemeester, Allereerst hoop ik dat wij alien, u, de burgers van Amsterdam, de bedrijven in Amsterdam, Nederland en de rest van de wereld op een goede manier uit deze crisis gaan komen. Het heeft te lang geduurd en ook diepe wonden geslagen in levens en bedrijven. Het gesprek waar wij, Merkur Casino Amsterdam, met u en uw gemeente in zitten past bijna niet in deze tijdgeest. Dit zou een tijd moeten zijn waarin burgers, overheden en bedrijven de handen ineen zouden moeten staan om sterker uit deze crisis te komen. Vanuit dat oogpunt wil ik u en de gemeenteraad laten weten dat het huidige vooruitzicht met betrekking tot de status onze vergunning lets is waar wij onevenredig door benadeeld worden. Vergeef mij vooraf voor het niet schrijven in zeer ambtelijke of juridische taal, ik probeer de ondernemers kant van dit verhaal te belichten. Merkur Casino Amsterdam zit sinds 1986 in Amsterdam. Het casino, toen onder de naam Spielothek, zat eerst op de hoek van het Rembrandtplein en nu in het Cineac aan de Regulierbreestraat. Daarmee is Merkur een van de oudste exploitanten van speelautomatenhallen in Amsterdam en waarderen wij de gemeente Amsterdam zeer als partner.
Met de verhuizing naar het Cineac theater hebben wij een gezamenlijk belang kunnen vinden: voor ons een mooi pand en voor de gemeente een goede en betrouwbare huurder van een (anders moeilijk te verhuren) monumentaal object. Tot een paar jaar geleden waren wij heel tevreden huurders, ondanks dat de huursom van het pand eigenlijk te hoog is voor een goede exploitatie. Daar tegenover staan een wel hele mooie locatie en mooie vestiging, dus de in verhouding tot andere casino's lagere winst ratio accepteerden wij. Met de huidige plannen is een mogelijke kentering gekomen in die acceptatie. Dat wil ik graag voor u uiteenzetten. De omzetting van een oneindige naar een tijdelijke vergunning De onzekerheid die gecreeerd wordt of de vergunning verlengd gaat worden zal zeker weerslag hebben in de laatste jaren van exploitatie. Als een vergunning voor onbepaalde tijd is kunnen wij als onderneming zelf kiezen hoe wij de toekomst in gaan en willen groeien, bestendigen of verkleinen. Als er een eindtijd op zit zullen wij als ondernemer altijd in de laatste jaren terughoudend worden met investeringen, nieuw personeel, wat dan ook. De onzekerheid van het niet verlengen van een vergunning creeert een 'winstmaximalisatie' mentaliteit bij een ondernemer.
Als wij dus nu al weten dat het einde van deze vergunning per 2036 is (2033 mag toch wettelijk niet?) zullen wij zeker over 8 jaar stoppen met investeren zodat we de laatste 7 jaar de winst maximaliseren. Als op de een of andere manier de eindtijd 2033 wordt stoppen we dus al over vijf jaar met investeren.
Merkur Games Holding BV Tuinweg 6 2132DP Hoofddorp
MERKUR CASINO
Mocht de omzetting naar bepaalde tijd inderdaad gaan gebeuren dan zullen wij zodra dat bekend is ook de huur van Cineac per dezelfde datum opzeggen. Dan kunnen we tegen die tijd trachten een nieuwe vergunning aan te vragen voor een pand met een meer acceptabelere huur. Het niet-verplaatsen beleid Hier snappen wij eigenlijk helemaal niks van. Daarbij komt het om twee totaal tegenovergestelde redenen ook helemaal niet goed voor ons uit. De ene reden is dat het ons beperkt om te verhuizen. Ondanks dat wij goed op ons plek zitten belemmert deze nieuwe bepaling ons de mogelijkheid om te verhuizen. Wij hebben als ondernemer dus geen keuze en kunnen niet vrij (zonder ons bedrijf in Amsterdam op te geven) bepalen of wij willen blijven. Dat maakt onze onderhandelingspositie met de verhuurder onmogelijk. Zelfs nu, na de Corona crisis, vertikt de verhuurder Caransa om mee te werken aan een huurkorting, want zij weten dat wij geen kant op kunnen. Over 2020 en 2021 hebben wij nog geen cent huurkorting of compensatie gekregen, want de verhuurder heeft niks te vrezen. Zelfs al staan wij op het randje van faillissement, de verhuurder krijgt zijn geld. Met het nieuwe beleid verlengd de gemeente dus deze wurggreep van de verhuurder. Dat gaat ons een hoop geld kosten in de komende jaren.
De andere, tegenovergestelde, reden is dat dit nieuwe beleid het ook onmogelijk maakt voor onze directe concurrenten om te verhuizen. Voor zover wij begrepen hebben zou de gemeente graag zien dat de kleine casino's in de Regulierbree vertrokken naar een andere locatie om het algehele beeld van de straat wat te verbeteren. Dat zou voor ons juist een voordeel zijn, want dat zou voor ons meer bezoek en omzet betekenen. Dat de gemeente de kans laat schieten om de straat een 'facelift' te geven snappen wij dus niet. Op andere plaatsen zoals de Wallen is de gemeente daar wel succesvol in. Door het niet-verplaatsen beleid trekt Merkur Casino dus twee keer aan het kortste eind, Wij kunnen niet weg, al zouden we het willen en de concurrentie blijft.
Het niet-verkopen beleid Merkur Casino is geenszins van plan geweest om de licentie te verkopen, maar is altijd geinteresseerd in uitbreiding. Graag hadden wij de gemeente als partner hierin gehad om te kijken of we een gemeenschappelijk belang konden vinden. Door het opkopen van kleinere vergunningen en die te verplaatsen naar door beiden gewenste locaties had Merkur Casino de gemeente kunnen helpen met de spreiding van de locaties. Het nieuwe beleid staat dat in de weg.
De situatie nu Wij zijn ons bewust dat dit hele proces gestart is in een periode voor corona. Ook is een groot deel behandeld tijdens de eerste lockdown, na de eerste lockdown, tijdens de tweede enzovoorts. lk ben ervan overtuigd dat geen enkele betrokkene, noch u, uw gemeenteraadsleden, wij of wie dan ook ooit hadden gedacht dat het zo lang zou Buren. Het is nog niet ten einde, alhoewel wij wel staan te trappelen om aanstaande zaterdag de 5e juni weer onze deuren te mogen openen. De gevolgen voor ons, onze collega's van de AAA, andere horecaondernemers en vele gezinnen zijn echter desastreus. Een aantal van ons zal de ondernemers-eindstreep niet gaan halen en in de komende maanden het loodje leggen. Gelukkig is dat voor Merkur Casino, door de solide basis en het sterke Duitse moederbedrijf niet van toepassing, wij zijn er nog en zullen overleven. Dat neemt niet weg dat de jaren 2020 en 2021 nog lang hun sporen na zullen laten. De verliezen die wij in deze twee jaren lijden staan gelijk aan minstens vijf jaar winst, ook door de hoge huur. Pas in 2027 zullen wij deze verliezen te boven zijn gekomen.
Merkur Games Holding BV Tuinweg 6 2132DP Hoofddorp
ME
Tot die tijd betalen wij wel de huur, de andere lasten, de gemeentelijke belastingen, de salarissen van de medewerkers (uw inwoners), de kansspelbelasting enzovoorts. Wij verdienen echter geen cent, we betalen tot 2027 onze corona schuld alleen maar af. Overwegende De situatie is niet rooskleurig, maar dat is een open deur. Komen we er bovenop? Met vertrouwen zeg ik ja. Lukt dat met het huidige voorstel voor de vergunningen? Dat antwoord is nee. Wij hebben meer tijd, meer flexibiliteit en meer mogelijkheden nodig om te herstellen van deze klap. De eindigheid van de vergunning moet van tafel om een gezond ondernemingsmodel te creeren. Het lijkt mij zeer onwenselijk voor de gemeente Amsterdam om steeds ondernemers te trekken die in het begin veel investeren en daarna een uitsterfbeleid voeren om de wint te maximaliseren. Merkur Casino zal zeker tijdig de investeringen stoppen als wij weten dat in 2036 (2033??) de vergunning afloopt. Het niet-verplaatsen en niet-verkopen beleid is nadelig voor zowel de stad Amsterdam, de Regulierbree als Merkur. Wij willen graag meewerken aan overnemen en verplaatsen. Op die manier kan zowel de gemeente Amsterdam gewenste doelen bereiken en kunnen wij groeien. De mogelijke ingangsdatum van 1 oktober 2018 is een directe bom onder ons huidige exploitatiemodet.
Als wij inderdaad maar effectief 12 jaar krijgen om de huidige verliezen van 2020 en 2021 goed te maken is het beter om in 2021 de activiteiten in Amsterdam te staken. Dit jaar is toch al het grootste vertiesjaar van ons bedrijf sinds de oprichting in 1986 en dan kunnen we het verlies gebruiken om elders de eerste jaren 'VpB gratis' te groeien. Wij gaan een casino starten in Emmen en hebben nog een aanvraag gedaan in een andere gemeente. We betalen dan een forse boete voor het breken van het huurcontract, maar door de fiscale eenheid van de groep zijn dat compensabele verliezen in de hele groep. De Amsterdamse BV gaat niet failliet, maar staakt gewoon activiteiten en geeft de vergunning terug aan de gemeente. In concreto De eindigheid van de vergunning zien wij niet zitten en willen wij graag van tafel. Niet alleen vanuit juridisch maar ook vanuit ondernemers perspectief Verplaatsingen en verkopen moeten toegestaan blijven, zowel in het belang van de ondernemers als de gemeente Als de gemeente de geplande wijzigingen voortzet zal Merkur Casino in ieder geval per direct de huur van Cineac opzeggen per einde looptijd van de vergunning en zich beraden om de activiteiten eerder te staken als dat bedrijfsmatig slimmer is Wij houden van Amsterdam.
Het was de eerste vestiging van ons moederbedrijf buiten Duitsland en inmiddels zitten wij in 10 Europese landen en zijn er meer dan 1000 vestigingen. Wij willen graag in Amsterdam btijven, maar wet met een gezonde basis. Met genoegen kom ik onze standpunten toelichten aan u, aan de raad of aan uw ambtenaren. Met vriendelijke groeten, XXXXX XXXXXXXX General Manager
Merkur Games Holding BV Tuinweg 6 2132DP Hoofddorp
ataxy kAy
AMS7GRDAAt
Ten Katestraat 5 1053 BV Amsterdam T +3120 8466047 T +316 53123390
I ban NL53 ABNA 0454 0862 88 KVK 33158607
Aan de Burgemeester van Amsterdam Mevrouw E Halsema Aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam Postbus2020 1000 AEAmsterdam
Amsterdam, 02 juni 2021 Bet reft: Bezwaar stelselwijziging qpeelautomatenhallen verordening.
C*achte burgemeester, geacht college, Mijn naam ik ben best uurder van de speelautomatenhal; Lucky Hall „KJ B.V. aan de Ten Katestraat 5 Hierbij maak ik van de gelegenheid bezwaar te maken tegen de concept verordening 'kansspelautomaten en speelautomatenhallen' welke het college op 20 april 2021 heeft vrijgegeven voor inspraak. Tevens heb ik kennisgenomen van uw raadsbrief d.d. 20 april 2021. In de conceptverordening is een overgangstermijn opgenomen tot 01 oktober 2033, gedurende de overgangstermijn kan de onderneming niet worden overgedragen, behoudens bij overlijden van de vergunninghouder. lk maak bezwaar tegen het verbod tot wijziging vergunninghouder om reden dat ik hierdoor ernstig beperkt word in de exploitatie van mijn amusementscenter. De vennootschap kan de onderneming eventueel niet verkopen en/of een nieuwe aandeelhouder voordragen. Hierdoor zal ik grote financiele schade ondervinden. Ook in de einddatum van 01 oktober 2033 kan ik mij totaal niet vinden. Er wordt totaal geen rekening gehouden met de opgelopen Corona-schade van het afgelopen anderhalf jaar. Het duurt zeker 5 jaar om deze verliezen weer goed te maken.
Uit uw raadsbrief valt op ook te maken dat het willen wijzigen/verplaatsen van mijn vergunning niet mogelijk is tot ten mintste 01 oktober 2033 (bijvoorbeeld verhuizen van de speelhal naar een andere lokatie binnen de gemeente).Dit beperkt de mogenlijkheid tot optimale exploitatie en is tevens oneerlijk gezien nieuwe toetreders wel een andere lokatie mogen aandragen.
Lucky Hall is bereid om haar vergunninq eventueel te laten samenvoegen met andere verquninqhouders om 2D een betere spreidinq te bewerkstelliqen binnen de qemeente en het aantal speelhallen teruq te dringen
Tot slot wil ik u er op wipen dat er geen juridische dwingende reden is om tot aanpassing van de huidige verordering te moeten komen. Door deze verandering komen de banen van (veelal) langdurige arbeidskrachten in gevaar, zal de mot ivatie bij hun afnemen omdat ze werkeloosworden en is uiteindelijk ook de speler/bezoeker de dupe omdat ook investeringen in vernieuwende machines uitblijven. lk vermek dan ook of te zien van het wijzigen van de verordening. Wanneer ik ernstige schade ondervind door toedoen van uw wijziging houd ik u hiervoor aansprakelijk en zal ik mij middels een planschade procedure tot u wenden. Vertrouwende u hiermede de ernst van de sit uatie kenbaar te hebben gemaakt, zie ik met belangstelling uw react ie tegemoet. Graag bereid tot overleg. Vriendelijke groeten, 1111111111111namens, Lucky Hall £J BV
WIERINGA ADVOCATEN 61dok 17 1 1013 MM Amsterdam Postbus 10100 I loot EC Amsterdam t +31 (0)20 624 68 11 f +31 (0)20 627 22 78
Tevens per e-mail:
KvK 34372239 www.wieringa.n1 Stichting Beheer Clientengelden Wieringa Advocaten ABN AMRO 40.26.83.56o
Per Falk Courier Aan de burgemeester van de gemeente Amsterdam Directie Openbare Orde en Veiligheid Postbus 202 woo AE Amsterdam
Onze/Our ref:
Uw/Your ref:
391341 sl
IBAN: N1,37 ABNA 0402 6835 6o BIC: ABNANL2A
61111 advocaat +312o S3130 24 levelt@wieringa.n1
Amsterdam,
3 juni 2021
Inzake: Inspraakreactie concept verordening speelautomaten en speelautomatenhallen Geachte burgemeester, Namens Amusementspaleis Macao B.V., Carrousel Arcade B.V., Play-In Amsterdam B.V., Luckyflipper B.V. en Intermatic Holland B.V. (hierna to noemen: de exploitanten) bericht ik u als volgt. Het college heeft op 20 april jl. de Concept Verordening van de raad van de gemeente Amsterdam houdende regels over kansspelautomaten en speelautomatenhallen (hierna: "Concept" of "Concept Verordening") vrijgegeven voor inspraak en op dezelfde dag heeft u de gemeenteraad namens het college hierover schriftelijk ingelicht waarbij u tevens antwoord heeft gegeven op een aantal vragen. De exploitanten reageren hierop als volgt. In de hierna volgende inspraakreactie worden de volgende onderwerpen besproken: 51 Totstandkoming Concept Verordening: voldongen feit, geen dialoog; 2 Vergunningen: opmerking vooraf; § 3 Geen noodzaak nieuwe verordening; 3.1 lnleiding 3.2 Regels van ruimtelijk recht beperken mededinging 3.3 Positie pandeigenaar beperkt mededingsruimte 3.4 Vergunning feitelijk niet schaars 3.5 Conclusie § 4 Duur van de exploitatievergunning speelautomatenhal (1) § 5 Plafond exploitatievergunningen niet rechtmatig 5.1 Inleiding 5.2 Toetsingskader: algemeen 5.3 Dwingende redenen 5.4 Evenredigheid
Eike aansprakelijkheid is beperkt tot het bedrag dat onder onze beroepsaansprakelijkheldsverzekering wordt uitgekeerd. Any liability shall be limited to the amount which is paid out under our professional liability insurance.
WIERINGA ADVOCATEN -2-
5.5 Openbare orde 5.6 Kansspelverslaving 5.7 Voldoende instrumenten ter regulering belangen 5.8 Conclusie § 6 Lengte Overgangsperiode (en duur vergunningen (2)) 6.1 lnleiding 6.2 Overgangsperiode rechtspraak 6.3 Actualisatie BEA rapport noodzakelijk § 7 Ingangsdatum overgangsperiode § 8 Varia 8.1Koppeling met omgevingsvergunning 8.2 Wijziging vergunninghouder Totstandkoming Concept Verordening: voldongen felt, geen dialoog
1.
De exploitanten hebben d.d. 22 april jl. kennis genomen van het Concept. In de eerste plaats betreuren de exploitanten dat zij niet betrokken zijn bij de totstandkoming van het Concept. Sinds uw eerste schrijven van i oktober 2018 hebben de exploitanten in grote onzekerheid verkeerd over hun toekomst. Zij zijn vervolgens al ruim 2,5 jaar bezig om in goed overleg en op constructieve wijze u ervan te overtuigen om echt met hen om tafel te gaan. Per brief van 11 maart 2019 en later per brief van 2 juli 2019 heeft u aangegeven de exploitanten actief te betrekken in het proces. Ook in de commissievergadering van de raad van Amsterdam d.d. 31 januari 2019 heeft u aangegeven dat het nieuwe beleid "in samenspraak met de branche" gemaakt zou worden.
2.
Ondanks deze expliciete toezeggingen de exploitanten actief te betrekken aan zowel de exploitanten, als de gemeenteraad van Amsterdam, is er geen overleg geweest met de exploitanten over de inhoud van het Concept. De ambtelijke staf heeft de gemaakte keuzes aan de woordvoerders van de Alliantie, de heren Teeven en Kooijman, als voldongen feiten medegedeeld, waarbij geen inbreng of dialoog meer mogelijk was. Dit was eenrichtingverkeer. Van enige vorm van participatie of consultatie was geen sprake. De exploitanten vinden dit des te grievender omdat zij met hun brief van n december 2020 u juist dringend hadden verzocht in het vervolg zich meer rekenschap te geven van hun belangen.
3.
Ondanks de eenzijdige houding vanuit de gemeente sinds 2018 hebben de exploitanten zich in hun relatie tot de gemeente steeds constructief getoond en hebben zij medewerking verleend aan de genitieerde onderzoeken. Keer op keer zijn zij echter teleurgesteld door de gemeente als het aankwam op het nakomen van afspraken. Zo is bij het opstellen van een eerste rapportage door SEO, vertrouwelijke BIBOB-informatie van de exploitanten, zonder hun medeweten en in strijd met de wet met de onderzoekers gedeeld. Door de gemaakte miskleunen in het onderzoek en wegens de illegaal gedeelde data, is het uiteindelijk terecht door u terzijde geschoven.
4.
In 2020 hebben de exploitanten meegewerkt aan het door BEA verrichte onderzoek inzake de overgangstermijn en redelijke looptijd van een vergunning. Zij hebben binnen hun mogelijkheden inzicht gegeven in hun bedrijfsgegevens, opdat BEA u een beeld kon geven van de financiele staat van de branche. U heeft de conclusies van BEA overgenomen en de uitkomsten van dit onderzoek ook meegenomen in het opstellen van deze nieuwe verordening. Dit door de gemeente geInitieerde onderzoek gaf u
WIERINGA ADVOCATEN -3-
uiteraard ook geen andere mogelijkheid dan dit te omarmen, waarbij wel gezegd dient te worden dat voor de meest smalle lezing van dit onderzoek is gekozen. 5.
Kortom, exploitanten hebben constructief bijgedragen aan het versterken van de relatie tussen hen en de gemeente. Exploitanten voelen dan ook dat hun constructieve inzet niet met eenzelfde houding vanuit de gemeente wordt beantwoord. Van meet of aan is er sprake van een tunnelvisie waarbij de op voorhand gewenste uitkomst uwerzijds een op een tot uiting is gekomen in deze Concept Verordening.
6.
Het resultaat hiervan is een Concept Verordening waartegen de exploitanten vanwege de gemaakte inhoudelijke keuzes ernstige bezwaren hebben. Het Concept bevat bovendien vele gebreken, waardoor het de juridische toets niet kan doorstaan.
2 Vergunningen: opmerking vooraf
7. Voor de exploitatie van een speelautomatenhal is vereist een vergunning op grond van artikel 4 van de huidige Verordening op de kansspelautomaten en speelautomatenhallen, hierna 'de Verordening'. Daarnaast is vereist de vergunning voor het aanwezig hebben van kansspelautomaten als bedoeld in artikel Sob, eerst lid, van de Wet op de kansspelen, hierna 'de aanwezigheidsvergunningen'. De exploitanten beschikken over de vergunningen. De aanwezigheidsvergunningen zijn verleend zonder einddatum. Zolang de exploitatie niet wijzigt, blijven de vergunningen van kracht. De exploitatievergunningen zijn verleend voor onbepaalde termijn. § 3 Geen noodzaak nieuwe verordening 3.1 lnleiding 8. Voor u is de aanleiding om tot een nieuwe verordening te komen dat ontwikkelingen in de jurisprudentie ertoe noodzaken dat de gemeente de exploitatievergunningen voor speelautomatenhallen op een andere wijze gaat verdelen, zodat alle potentiele gegadigden gelijke kansen krijgen om mee te dingen naar de vergunning (zie toelichting onder 1. Inleiding). 9. Exploitanten bestrijden dat deze noodzaak bestaat. Zij stellen zich op het standpunt dat onder de huidige omstandigheden, dus onder werking van Verordening op de kansspelautomaten en speelautomatenhallen, vastgesteld door de gemeenteraad op 22 mei 2003, Gemeenteblad 2003, afd. 3A, nr.
87/140 (hierna: "de Verordening"), er geen sprake is van schaarse vergunningen, althans dat voor zover daarvan sprake is de beperking van de mededingingsruimte die daarvan het gevolg is niet onrechtmatig is. Zij lichten dit als volgt toe. 3.2 Regels van ruimtelijk recht beperken mededinging 3.o. De toepasselijke regelingen neergelegd in en gebaseerd op de Wet op de kansspelen (Wok), zoals de thans geldende Verordening, zijn namelijk sedert 1988 een voortzetting en uitbreiding van de regeling van speelautomatenhallen in bestemmingsplannen. 11. Op 1 december 1986 is de Wok, voor zover het de regeling met betrekking tot speelautomaten betreft, ingrijpend gewijzigd. De wetswijziging strekte ertoe de duidelijke behoefte van het publiek tot het beoefenen van een kansspel door middel van speelautomaten die uitzicht op winst geven, in goede banen te leiden.
WIERINGA ADVOCATEN -4-
12. De voor deze aangelegenheid belangrijkste wijziging hield in dat speelautomatenhallen vanaf 1 december 1988 alleen waren toegestaan indien de gemeenteraad een verordening heeft vastgesteld op grond waarvan de burgemeester vergunningen voor de in de verordening genoemde speelautomatenhallen kan afgeven. 13. De speelautomatenhallen, althans de locatie ervan, vonden tot dat moment regeling in bestemmingsplannen. Daarin werd voorzien in de functie "Automatenhal", waaronder werd verstaan "iedere besloten ruimte waar meer dan twee speelautomaten of andere mechanische toestellen in de zin van art. 30 van de Wet op de kansspelen zijn opgesteld ten behoeve van gebruik door het publiek.". De Amsterdamse bestemmingsplannen voorzagen er doorgaans in dat deze functie uitsluitend was toegestaan, daar waar deze op de plankaart was aangeduid. 14. De gemeenteraad heeft naar aanleiding van de inwerkingtreding van de Wet op de kansspelen en de daaruit volgende opdracht te besluiten over een verordening inzake speelautomatenhallen onderzoek laten doen naar de aanwezige automatenhallen in Amsterdam. De onderzoekers hebben geconcludeerd dat vanuit de invaishoek openbare orde niet kan worden gesproken van een "speelautomatenhallenproblematiek". Volgens hen namen de hallen noch in de zin van overlast, noch met betrekking tot criminaliteit een uitzonderingspositie in.
Van een negatieve uitstraling op de directe omgeving, veroorzaakt door de aanwezigheid van automatenhallen, was naar hun mening geen sprake. Dit speelt zich allemaal of in 1988/1989 en is neergelegd in beleidsstukken die door de gemeenteraad zijn onderschreven. 15. Overwegende dat het niet de bedoeling van de raad was de koers ten aanzien van de bestaande automatenhallen te wijzigen is in grote lijnen aangesioten bij de bestaande, in de bestemmingsplannen geregelde situatie. Deze situatie was dat de bestemmingsplannen de mogelijkheid tot exploitatie van 25 hallen bood. De gemeenteraad heeft de Verordening betreffende de vestiging en exploitatie van speelautomatenhallen op 25 januari 1989 vastgesteld. Het aantal van 25 hallen was een weergave van de door de bestemmingsplannen toegelaten adressen voor speelautomatenhallen, niets meer en niets minder. Het primaat van het bestemmingsplan blijkt ook uit de volgende overweging uit de toelichting: "Tussen deze verordening en de planologische instrumenten is een nauwe relatie gelegd, in de zin dat een verzoek tot de vestiging van een hal dient te worden afgewezen, indien de vestiging daarvan in strijd zou moeten komen met het bestemmingsplan, een leefmilieuverordening of stadsvernieuwingsplan." 3.6.
In de nadien vastgestelde verordeningen, zoals de thans geldende Verordening, zijn deze speelautomatenhallen (aantal en locatie), op enkele beperkte, hier niet ter zake doende wijzigingen na, steeds overgenomen. Van belang hierbij is op te merken dat de Wet op de kansspelen, waarop de betrekkelijke verordeningen zijn gebaseerd, niet voorschrijft dat een maximum aantal speelautomatenhallen in een verordening wordt opgenomen. De wetgever heeft de keuze wat dat betreft aan de gemeenteraad gelaten. De gemeenteraad heeft niet anders gedaan dan aansluiten bij hetgeen volgens de bestemmingsplannen was toegestaan en dat aantal hallen als maximum gesteld. In de raadstukken ontbreken overwegingen of onderbouwingen waarop een zelfstandige keuze — los van de overwegingen van planologische aard - voor een maximum kan worden gebaseerd.
WIERINGA ADVOCATEN - 5-
17. Niet kan worden ontkend dat de aldus in 1989 ontstane en vervolgens in opvolgende verordeningen voortgezette situatie de mededingingsruimte enigszins beperkt. Maar hierbij dient niet uit het oog te worden verloren dat deze beperking voortkomt uit de regeling van speelautomatenhallen in bestemmingsplannen en er vele regelingen in bestemmingsplannen zijn die de mededingsruimte kunnen beperken: men denke hierbij aan regelingen inzake hotels, op bezoekers gerichte activiteiten in het centrum van Amsterdam (bestemmingsplan Winkeldiversiteit), horeca 3 etc. Het gaat hier steeds om bestemmingen/functies die in Amsterdam of tenminste in belangrijke delen van Amsterdam niet mogen worden uitgebreid, hetgeen onvermijdelijk een beperking van de mededingingsruimte inhoudt aangezien deze functies wet kunnen worden uitgeoefend waar dit volgens het bestemmingsplan wet is toegestaan. Maar het is een - nogal hardnekkige - misvatting dat iedere beperking van de mededingingsruimte strijdig is met het recht en noopt tot ingrijpen door de overheid. 28. Advocaat-Generaal Widdershoven heeft in zijn conclusie inzake de casus Vlaardingen de bestaande beperking van de mededingingsruimte geldend voor speelautomatenhallen onbevredigend genoemd, maar niet in strijd met het rechtl: "7.6 "Daarmee ben ik aangeland bij het laatste zaaksspecifieke aspect.
In artikel 3, eerste lid, onder c, van de VSV 2008 wordt bepaald dat de ondernemer een exploitatievergunning dient aan te vragen 'onder overlegging van een verklaring waaruit blijkt dat hij gerechtigd is om over de ruimte te beschikken". Ook deze bepaling lijkt te zijn ontleend aan de Modelspeelautomatenhalverordening van de VNG, en we! aan artikel3, onder b. In die verordening wordt de bepaling als volgt toegelicht. fi79.1 "De verklaring waaruit blijkt dat de exploitant gerechtvaardigd over de ruimte beschikt waarin de speelautomatenhal is gevestigd, is ongewijzigd gebleven in verband met de Wet BIBOB: gemeenten willen kunnen beoordelen of de hele organisatie, (dus ook de huisvesting) met betrekking tot het uitoefenen van een bedrijf als een speelautomatenhal, op legate wijze geschiedt. De vestigingsruimte speelt hierbij een wezenlijke rol, aangezien hieruit de financiering van de hal kan worden afgeleid." Dat de verlening van een exploitatievergunning ook kan worden beoordeeld in het licht van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) vloeit voort uit artikel 3oe, derde lid, van de Wet op de Kansspelen. Dat het bestuur in dat kader ook duidelijkheid moet hebben over de ruimte waarin de speelautomatenhal gevestigd zal worden, lijkt mij evident. De aanvraagvoorwaarde is vanuit die optiek dan ook gerechtvaardigd.
Wel heeft zij, zoals de voorzitter terecht constateert, in de omstandigheden van het geval — waarin als gevolg van (vooral) de besluitvorming in het ruimtelijke spoor voor vestiging van de speelautomatenhal maar een geschikte locatie bestaat, die eigendom is van een particuliere ondernemer, die beslist met welke onderneming hij een overeenkomst wil aangaan — tot gevolg dat de keuze aan wie de exploitatievergunning wordt verleend, feitelijk niet aan het bestuursorgaan wordt gelaten. De ondernemer (appellante), waarmee die eigenaar (Green Retail House) geen overeenkomst wil sluiten, kan immers geen volledige aanvraag indienen. Vanuit de optiek van de bestuurlijke rechtsplicht om aan (potentiele) gegadigden reele kansen te bieden om naar de schaarse vergunning mee te dingen, is deze situatie niet heel bevredigend. Tegelijkertijd is formeel niet sprake van overdracht van de 1 ABRvS 2 november 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2927, AB 2016/426 m.nt. C.J. Wolswinkel
-6-
WI ERINGA ADVOCATEN
publiekrechtelijke bevoegdheid om de exploitatievergunning te verlenen aan Green Retail House en is de uitkomst van de procedure als gevolg van de aanvraagvoorwaarde, als men het stellen hiervan gerechtvaardigd acht, ook niet in strijd is met het (formele) gelijkheidsbeginsel. Wat betreft het voldoen aan de voorwaarde is de situatie van appellante immers niet vergelijkbaar met die van Hommerson, die we! een huurovereenkomst met Green Retail House heeft gesloten. 7.7 Niettemin heb ik nagedacht of het recht voor deze toch we! onbevredigende situatie een oplossing zou kunnen bieden, maar helaas tevergeefs. In het Europese aanbestedingsrecht heeft het Hof in de zaak Ordine degli Architetti in de enigszins vergelijkbare situatie dat eigenaar van een perceel de aanbestedingsplichtige werken in eigen beheer uitvoert, bepaald dat het bestuur de naleving van de voor het bestuur geldende verplichting om mededinging en transparantie te garanderen contractueel moet opleggen aan die eigenaar (punt 3.3). Een dergelijke constructie is in de onderhavige zaak niet mogelijk, onder (veel) meer omdat niet de eigenaar maar de exploitant op grond van de Wet op de Kansspelen vergunningplichtig is.
Een tweede optie, die ik heb overwogen, is dat de voorwaarde, dat de aanvrager een verklaring moet overleggen waaruit blijkt dat hij gerechtigd is om over de ruimte te beschikken, in een geval als onderhavige waarin zij eraan in de weg staat dat het bestuur gelijke mededingingskansen garandeert, buiten toepassing wordt gelaten wegens strijd met gelijkheidsbeginsel. Dit staat enigszins op gespannen voet met de vaststelling dat de voorwaarde op zich rechtmatig is (zie het vorige punt), maar kan in deze situatie wellicht worden verdedigd, omdat de speelautomatenhal hoe clan ook in het pond Veerplein 134 moet worden gevestigd, zodat beide aanvragen wat betreft die vestiging voor de Bibob-toetsing niet van elkaar verschillen. Onder deze omstandigheden zou het argument van de Bibob-toetsing — in termen van beperking van het gelijkheidsbeginsel (punt 6.18)— geen voldoende rechtvaardiging bieden voor het stellen van de aanvraagvoorwaarde die op dit beginsel inbreuk maakt. Deze optie heeft echter tot gevolg dat de eigenaar van de locatie niet kan bepalen met wie hij de overeenkomst over het gebruik ervan als speelautomatenhal wil aangaan. Dat betekent een forse inbreuk op het beginsel van contractsvrijheid en holt de onderhandelingspositie van de eigenaar op — mijn inziens — onaanvaardbare wijze uit.
Wat valt er immers te onderhandelen over de huurprijs voor de speelautomatenhal als tevoren vaststaat dat de ruimte slechts aan een ondernemer — de houder van de exploitatievergunning — kan worden verhuurd? Een dergelijke inbreuk op de contractsvrijheid lijkt mij alleen te rechtvaardigen als de wet daarvoor een grondslag biedt en voorziet in compenserende maatregelen, bijvoorbeeld op het punt van de huurprijs, kortom als sprake zou zijn van een gereguleerde markt. Nu dat niet het geval is, staat (ook) de contractsvrijheid — en dus de rechten van de eigenaar— eraan in de weg dat de aanvraagvoorwaarde buiten toepassing wordt gelaten. Anders gezegd, de beperking van het (formele) gelijkheidsbeginsel als grondslag voor de mededingingsrechtsnorm als gevolg van de aanvraagvoorwaarde, wordt—in termen van punt 6.18 — gerechtvaardigd door de contractsvrijheid van de eigenaar. Naar analogie valt in dit verband te wijzen op de opvatting van de Hoge Raad in de zaak KLM (punt 4.17), dat bij private aanbestedingen (buiten de reikwijdte van het gereguleerde aanbestedingsrecht) de aanbestedingsrechtelijke beginselen van gelijkheid en transparantie op grond van de contractsvrijheid kunnen worden uitgesloten. Mutatis mutandis heeft ook binnen het bestuursrecht te gelden dat in een situatie waarin in de omstandigheden van het geval de — op het ongeschreven
WIERINGA ADVOCATEN -7-
gelijkheidsbeginsel gebaseerde — bestuurlijke verplichting om potentiele gegadigden reele en gelijke mededinging te garanderen botst met de contractsvrijheid van de eigenaar, die contractsvrijheid heeft te prevaleren boven die verplichting. 7.8 Uit het voorgaande blijken de beperkingen van een op uitsluitend nationaal ongeschreven recht gebaseerde mededingingsrechtsplicht bij locatieafhankelijke schaarse vergunningen, zoals de exploitatievergunning voor speelautomatenhallen. Het realiseren van die rechtsplicht kan worden beperkt door de regels van de ruimtelijke ordening, omdat toepassing van de op zichzelf neutrale toetsingsnorm van de 'goede ruimtelijke ordening' met zich kan brengen dat de hal maar op een locatie kan worden toegestaan. Vervolgens kan de contractsvrijheid van de eigenaar van de locatie in de weg staan aan het realiseren van die rechtsplicht. Wil men hieraan lets doen, dan moet de wetgever maatregelen treffen. De mogelijkheden van de rechter schieten volgens mij op dit punt te kort." Regels van ruimtelijke ordening kunnen de op uitsluitend nationaal ongeschreven recht gebaseerde mededingingsrechtsplicht bij locatieafhankelijke schaarse vergunningen, waarvan hier sprake is, beperken. Zolang de wetgever hierop niet ingrijpt, kan niet worden gesteld dat er een met het recht strijdige situatie is, aldus AG Widdershoven. 19.
De Amsterdamse situatie, waarbij de beperking van de mededinging voortvloeit uit de regels van ruimtelijke ordening, is dus niet strijdig met het recht. Er bestaat dus ook geen rechtsplicht voor het gemeentebestuur in te grijpen op het bestaande stelsel, gevorm door regels van ruimtelijke ordening en de Verordening. 2o. De uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak2 in de zaak Vlaardingen waarin de hiervoor geciteerde conclusie door AG Widdershoven is gegeven maakt dit niet anders. De Afdeling kwam daarin weliswaar tot het oordeel dat de mededingingsruimte werd beperkt in de toepasselijke speelautomatenhalverordening, doch dit betrof een andere situatie. De regeling in het bestemmingsplan ging in Vlaardingen niet vciOraf aan vaststelling van de verordening. In de Amsterdamse situatie volgt de verordening de planologische regeling. Bovendien ging het in de Vlaardingse casus om besluitvorming voor een nieuwe locatie3, terwijl in Amsterdam onder de huidige omstandigheden daarvan geen sprake is. 21. Van belang hierbij is voorts de vaststelling dat de regeling van automatenhallen in bestemmingsplannen niet in strijd komt met enige hogere regeling, zoals artikel 56 VWEU, of een algemeen rechtsbeginsel.