CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

01b Algemeen deel - 20210708 Notulen raadsvergadering middag

RAAD 15 september 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de notulen van de raadsvergadering op 7 en 8 juli 202132.099 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad

R

Raadsnotulen

Jaar Vergaderdatum Publicatiedatum

2021 8 juli 2021 8 september 2021 Middagzitting op donderdag 8 juli 2021 Voorzitter: mevrouw F. Halsema, burgemeester Plaatsvervangend voorzitter: het raadslid mevrouw El Ksaihi Raadsgriffier: mevrouw Houtman Verslaglegging: mevrouw Smakman (Notuleerservice Nederland)

Voorzitter: burgemeester Halsema 1. Algemeen deel De VOORZITTER heropent de vergadering. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Naoum Néhmé. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: We hebben het natuurlijk heel vaak gehad, ook toen de Omgevingsvisie nog een conceptvisie was, over de Omgevingsvisie. Dus ik was niet van plan om het heel lang te maken. Toch nog onze moties natuurlijk toelichten en aankondigen. Laat helder zijn, de VVD droomt van een ander Amsterdam dan de stad die in de Omgevingsvisie centraal staat. In onze visie moet Amsterdam, naast een prettige woonstad, ook een welvarende stad zijn. Wij denken dat welvaart geen gegeven is en niet vanzelfsprekend. Dat moet je bevechten en behouden, omdat ook zonder welvaart aan banen die bedrijven en ondernemers creëren, je niet kunt herverdelen. Toch wel een belangrijk punt voor linkse partijen: herverdelen. Ja, maar er moet wel eerst welvaart zijn, voordat je kunt herverdelen. Dat vraagt om een evenwichtige en realistische kijk op de stad. En ja, we zien dat ten opzichte van de vorige versie van de Omgevingsvisie echt wel verbeteringen zijn doorgevoerd. Daar danken wij het college voor. We noemen bijvoorbeeld de expliciete doelstelling dat de productieve sector in een stad behouden blijft, daar zijn we blij mee dat dat is toegevoegd. Maar we missen stappen op andere belangrijke punten. Daarover dienen we moties in.

De meeste zijn met het CDA. Op de eerste plaats staat ons een enorme transformatie binnen de stadsgrenzen te wachten. Volgens mij, kunnen we als raad alleen maar daar bijhouden wat er gaat en hoe het gaat als we ook jaarlijks monitoren of ook de juiste stappen gebeuren richting 2050. Daarvoor dienen we een motie in, voor een jaarlijkse monitor. Ten tweede, de honderdvijftig hectare aan bedrijvigheid die gaat verdwijnen zonder dat de gemeente een duidelijk commitment wil geven of er een plek daarvoor gevonden zal worden. Zoals Oram zei, voor het eerst in onze geschiedenis gaan we het verschijnsel van dakloze bedrijven meemaken. Dat lijkt de VVD geen goed idee. Daarom komen we met een motie die verder gaat dan uw beschreven inspanningsverplichtingen in de Omgevingsvisie. Over windmolens. Wij willen windmolens uit de Omgevingsvisie halen, omdat het college hiermee domweg voor dertig jaar over haar graf regeert. Ik kan me voorstellen, als de collegesamenstelling volgend jaar verandert, dat je natuurlijk ook opnieuw het gesprek

1

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

over de windmolens met elkaar aan wil gaan. Bovendien zijn ook andere ruimtelijke instrumenten voorhanden waar je windmolens in kunt borgen – dat moet je gewoon niet in de Omgevingsvisie willen doen – waarvan je hoopt dat zoveel mogelijk partijen daar natuurlijk achter staan. Dus ook partijen die niet voor windmolens zijn. Dan de woningbouw. Volgens mij, moeten en kunnen wij een hogere ambitie vastleggen in de Omgevingsvisie dan er nu in staat, zeker gezien de achterstanden die afgelopen jaren zijn ontstaan, omdat we bevolkingsgroei niet gelieerd hebben aan woningbouw. Dus daarover een motie. En tot slot twee moties over autoverkeer. De Omgevingsvisie gaat nu natuurlijk uit van 0% autogroei. Als je kijkt naar de gedegen onderzoeken van het Mobiliteitsinstituut, dan gaan die niet uit van 0% groei. Dus we roepen het college op om realistische aannames over autogroei te voeren. Tot slot, voorzitter, over parkeren. Wij willen dat het college zich inzet voor parkeerplaatsen op straat voor maatschappelijke beroepen, voor politieagenten en voor verpleegkundigen, die zich niet een parkeerplek binnen de woningbouw van 50.000 euro of 60.000 euro kunnen veroorloven. (Mevrouw VAN RENSSEN: Ik hoorde de woordvoerder van de VVD in het begin van haar betoog al zeggen dat zij droomt van een andere stad – de VVD – en dat zij inzet op welvaart.

Ik vroeg me even af, waar in de Omgevingsvisie mevrouw Naoum Néhmé leest dat de Omgevingsvisie niet inzet op welvaart.) Wij missen de visie op hoe we ons brood blijven verdienen in de stad, ook in de toekomst. Je ziet wereldwijd dat landen hun best doen om bedrijven aan te trekken en dat er eigenlijk heel erg veel concurrentie is tussen metropoolregio’s om banen en ondernemers aan te trekken. Wij willen dat in Amsterdam behouden. Want een aantrekkelijke stad is een rijke stad. (Mevrouw VAN RENSSEN: Maar dat begrijp ik niet helemaal, want geld wordt toch niet alleen maar verdiend bij bedrijvigheid of grondgeboden bedrijvigheid, zou ik eigenlijk willen zeggen. Geld wordt toch ook verdiend in de kunst- en cultuursector, in kantoren, bij horeca, door sociale ondernemers. Dus waar leest u dat er geen geld verdiend kan worden in Amsterdam of dat de welvaart niet eerlijk kan worden verdeeld?) Nee, mijn punt is niet dat de welvaart niet eerlijk wordt verdeeld. Dat laat ik aan links over. Mijn punt is meer, de Omgevingsvisie neemt welvaart als een gegeven en gaat zich dan afvragen hoe we dat kunnen herverdelen, terwijl dat, volgens mij, nog niet vanzelfsprekend is. Dus je moet welvaart behouden en bevechten.

(Mevrouw VAN RENSSEN: Ik concludeer dat de Omgevingsvisie echt volledig in balans is, dat het juist gaat over het gebruik van de schaarse ruimte en dat we die ruimte eerlijk moeten delen. Maar dat iedereen juist voorstander is om de economische groei van de stad ook vooral te stimuleren. Ik denk dus dat wat dat betreft ook die droom van de VVD ook bij deze Omgevingsvisie past. Dus mijn vraag is nog, op welke andere punten heeft de VVD dan een andere droom?) U mag best weten dat het de afgelopen jaren, ook in discussies met het college, op een gegeven moment leek alsof het woord ‘economische groei’ een vies woord is, ook in het kader van de discussies die gevoerd zijn over donutmodellen en zo. Terwijl we denken, ja, uiteindelijk, als je de koek groter kunt maken, kun je meer herverdelen en juist meer mensen, ook de sociale huurders die GroenLinks altijd erbij wil hebben, helpen met allerlei armoederegelingen.

2

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

(De heer KREUGER: Geestig dat de VVD nu gaat afgeven op de donut, terwijl ze daar zelf mee in hebben gestemd. Maar dat terzijde. De VVD had het net over straatparkeren. Nu heb ik recent gehoord dat de VVD positief staat ten opzichte van een verbod op straatparkeren. Dus wat is het nou? Want dan weten mensen gewoon waar ze op gaan stemmen.) We doen een specifiek voorstel in dit geval over straatparkeren. Dat staat ook in onze motie. (De heer KREUGER: Hoe verhoudt zich dat dan tot je uitspreken dat je best wel wat ziet in een verbod op straatparkeren? Een verbod. Dus dat straatparkeren onmogelijk wordt gemaakt. Waarom doet de VVD dat als ze nu met zo’n voorstel komen?) Ik durf niet met de heer Kreuger mee te gaan, want volgens mij lijkt hij nu ook wat voorzichtiger te formuleren dat wij iets zouden zien in dat verbod. Ik wil u dan verwijzen naar onze woordvoerder mobiliteit. (De heer KREUGER: Maar ik ga er toch vanuit dat de VVD gewoon met één mond spreekt. U bent hier ook over mobiliteit aan het praten. Als ik u dan confronteer met het feit dat de VVD wat ziet in een verbod op straatparkeren, dan nu aankomen met een voorstel dat dat wel mogelijk maakt, dan is het toch niet raar dat ik me afvraag waar de VVD staat?) Nee, voorzitter, dat klopt, maar ik weet niet of de samenvatting van ons standpunt, zoals net gegeven door de heer Kreuger, overeenkomt met de werkelijkheid.

We doen hier een heel concreet voorstel voor maatschappelijke beroepen. (Mevrouw DE JAGER: Ik was ook benieuwd waar de VVD staat. Zijn de moties en amendementen die zijn ingediend voor de VVD voorwaardelijk voor het steunen van de Omgevingsvisie?) Ja, als ze allemaal worden aangenomen, kunnen we instemmen met de Omgevingsvisie. (Mevrouw DE JAGER: Dus dat betekent dat als er ook maar één motie of amendement niet wordt aangenomen u niet zal instemmen met deze Omgevingsvisie waar zevenhonderd Amsterdammers hun zienswijze op hebben gegeven en die verwerkt zijn en waar heel veel werk in zit?) Wij maken ons grote zorgen over de wijze waarop de zienswijzen verwerkt zijn en of ze in balans en in evenwicht verwerkt zijn. (Mevrouw BLOEMBERG-ISSA: Ik hoor mevrouw Naoum Néhmé zeggen dat er veel meer gebouwd moet worden. Er moeten ook parkeerplekken komen voor bepaalde beroepen. Mijn vraag aan de VVD is, hoe wil de VVD er dan voor zorgen dat Amsterdam een leefbare stad blijft?) Wat grappig is, is dat we nu eigenlijk geen leefbare stad zijn geworden of aan het worden zijn vanwege het tekort aan woningbouw. We lopen eigenlijk enorm achter, omdat we de inkomensgroei en bevolkingsgroei, die zich in Amsterdam voordoet, niet hebben bijgebeend met woningbouw. Dus ik denk juist, als je leefbaarheid wil verbeteren, dan moet je meer woningen gaan bouwen.

(Mevrouw BLOEMBERG-ISSA: Kan de VVD dan ook reflecteren het feit dat parken overvol zijn, dat er druk is op maatschappelijke voorzieningen en de Amsterdammers dat nodig hebben?) Het is een levendige stad, zou ik zeggen. Dat parken vol zijn, dat mensen mogen genieten van het leven en niet altijd zuur erbij hoeven lopen, dat er leven in de brouwerij is, dat we een nachtleven hebben waar je uit kunt gaan – even ongeacht corona – ja, ik zou zeggen, daarvoor woon je in deze prachtige stad.

3

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

(Mevrouw BLOEMBERG-ISSA: Ik kan wel concluderen dat de VVD heel veel wil bouwen, maar geen duidelijke visie heeft op een leefbare stad, waarbij ook ruimte is voor groen, voor gezinnen, voor de middenklasse, op straat en dat alle voorzieningen in goede mate aanwezig zijn. Nee, maar dan heb ik uw vraag, denk ik, dan net niet goed begrepen. In onze tegenbegroting geven we heel duidelijk aan dat voor een leefbare stad groen ook heel belangrijk is. VVD’ers vinden groen hartstikke belangrijk, zou ik willen zeggen. En middeninkomens, we hebben bij de Voorjaarsnota voorstellen ingediend zelfs om een jaar lang alleen maar voor middeninkomens te bouwen. Ik sta in deze raad bekend als chef middeninkomens, als de aanstichter van de woningbouwcoalitie, waar u gelukkig wel onderdeel van bent, maar mevrouw Van Renssen niet en mevrouw De Jager ook niet. Dus ik heb een voldragen visie als het gaat om leefbaarheid en woningbouw. De VOORZITTER: Ik zie dat mensen aan een tweede ronde van interrupties willen beginnen. Ik vraag u om even uw betoog af te ronden en dan maken we een veegronde en kunt u nog even interrumperen mocht u daar behoefte aan hebben. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Drie slotopmerkingen. Mijn fractie vindt het jammer dat de stedelijke vernieuwing rondom het Muiderpoortstation om onduidelijke redenen op de lange baan is geschoven.

Je zou denken, als we toch zo hartstochtelijk moeten verdichten, wat is er gebeurd met de plannen rondom het Muiderpoortstation? Dat is mij nog steeds niet duidelijk. Ten tweede, voorzitter, toch een woord over volkstuinen in het Westerpark. We zien nu dat de druk alleen maar gaat toenemen. De VVD heeft de verenigingsstructuur van de volkstuinen hoog in het vaandel. Volkstuinen moeten open zijn: ja. Maar geen fietssnelwegen erdoorheen. Het lijkt ons goed dat we na een zwaar jaar voor de volkstuinen ook naar alternatieven gaan kijken. Om een voorbeeld te noemen: eromheen, waar bijvoorbeeld al fietspaden liggen. Tot zover, voorzitter. (Mevrouw BLOEMBERG-ISSA: Ik hoor mevrouw Naoum Néhmé zich uitspreken tegen de ov-lijn ook door het Westerpark. Betekent dit dat de VVD het amendement van de Partij voor de Dieren hierover zal steunen?) Nee, voorzitter, dat gaan we niet doen. Dat heeft te maken met heel veel redenen. Een daarvan is dat we het op dit moment ook niet willen uitsluiten. De VOORZITTER: U hoeft niet, hoor. (De heer KREUGER: Ja, gewoon uit interesse. Is ook bij de VVD de belofte dat de woonlasten voor lage - en middeninkomens niet stijgen als gevolg van de kosten van de energietransitie?) Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Het is best grappig, want de heer Kreuger haalt een zin uit het coalitieakkoord waar de VVD tegen heeft gestemd.

Dus ik hoef daar in principe niet achter te staan, maar ik wil uw vraag wel beantwoorden. We hebben landelijk ook altijd gezegd dat we vinden dat het woonkostenneutraal moet gebeuren. Ja, zeker. (Mevrouw VAN RENSSEN: Een ander punt. We hadden het net over de economie en nu over woningbouw. Ik zie dat de VVD kiest voor 225.000 extra woningen in plaats van 150.000 die al opgenomen was in de Omgevingsvisie in een van de amendementen en dat ze daar zonder de Omgevingsvisie niet zal steunen, wat me heel erg verbaasd. Weet mevrouw Naoum Néhmé dat we op dit moment 450.000 woningen hebben

4

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

in Amsterdam en dat ze feitelijk 50 procent van de stad in dertig jaar erbij wil bouwen? Mijn vraag is vooral, hoe gaat de VVD dat doen?) Door investeerders te vragen te investeren in Amsterdam. Zo doen we dat. (Mevrouw VAN RENSSEN: De vraag is dan vooral, u pleit voor meer bedrijvigheid en dus blijkbaar ook bedrijvigheid wat heel veel ruimte inneemt, want vandaar die 150 hectare. U pleit voor heel veel meer woningen. Mijn vraag is, waar gaan al die mensen wonen? Die daar komen te wonen en werken, waar gaan die dan sporten en waar gaan die dan met name ook naar kunst en cultuur? Waar zijn de maatschappelijke voorzieningen in de stad waar u van droomt?) Dit zijn natuurlijk heel brede vragen waar je uren en uren over door kunt gaan. We hebben de afgelopen drie jaar – en daar heeft GroenLinks altijd tegen gestemd, samen met D66; dus die horen niet bij de woningbouwcoalitie, waar ik de aanjager van ben – heel veel locaties voorgesteld, waaronder bijvoorbeeld IJburg III. Dat zou je kunnen overwegen. Bovendien, in Haven Stad, waar we natuurlijk achter staan, zien we ook wel dat er verdicht moet worden. Maar wat we missen, is dat het college afgelopen jaren niet het gesprek heeft opgezocht met de convenantpartijen hoe we samen tot een oplossing komen om de transformatie, die daar gaat gebeuren, aan te jagen. Dat is wat wij als VVD zouden hebben gedaan.

Namelijk het gesprek aangaan in plaats van te zeggen, u moet weg en u wordt dakloos. (Mevrouw VAN RENSSEN: Ik constateer, voorzitter, dat de woordvoerder van de VVD geen antwoord geeft op mijn vraag. Ik constateer ook dat ze vindt dat ze zelf vooral de middenhuur vertegenwoordigt. Wat dit antwoord ook weer weergeeft, is dat voor mij de VVD vooral het grote geld en de investeerders en beleggers vertegenwoordigt. Ziet u dat ook niet zo, mevrouw Naoum Néhmé?) Moet ik hier serieus op geven, voorzitter? De VOORZITTER: Dat is volledig aan u, maar ik beluisterde wel iets retorisch in de vraag. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Precies. (Mevrouw DE JAGER: Ik had nog een interruptie, want ik was eigenlijk verbaasd om hier te horen dat de VVD tegen de Omgevingsvisie gaat stemmen. U heeft vijf minuten voor het debat veel amendementen ingediend en mij in elk geval niet benaderd om daaraan mee te doen. Maar misschien is dat ook helemaal niet uw intentie en stemt u graag tegen. Maar ik ben vooral benieuwd, komt er een tegenvisie van de VVD hoe we dat dan wel gaan doen in Amsterdam?) Ik wist niet dat je tegenwoordig je moties moet verspreiden. Mevrouw De Jager, we gaan vanavond stemmen. Het staat u volledig vrij om te gaan staan als u onze moties wilt steunen. Dus ik vind dit wel een beetje een verbazingwekkende gang van zaken.

Vijf minuten daarvoor is niet waar, omdat we hier ook vorige week bij de commissiebehandeling – volgens mij, was u daarbij – bij stil hebben gestaan. We hebben hier ook aandacht voor gevraagd bij de bespreking van de Concept Omgevingsvisie een paar maanden geleden. Dus het kan geen verrassing zijn. (De heer VAN SCHIJNDEL: Ik hoor mevrouw Naoum Néhmé zeggen dat het zo is dat de zevenhonderd inspraakreacties of inbrengen niet goed zijn verwerkt of dat u daar twijfel over heeft. Kunt u dat toelichten?)

5

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Neem bijvoorbeeld de mails die ons overladen hebben als het gaat om Westerpark en Haven Stad en wat daar allemaal gaat gebeuren. Daar zijn ook heel veel zienswijzen op gekomen. U kunt serieus de vraag stellen of dat verwerkt is conform de zorgen die zijn geuit in de zienswijzen. (Mevrouw DE JAGER: Ik bemerkte een nogal felle reactie op mijn opmerking dat het vijf minuten van tevoren werd ingediend. U heeft gelijk dat u natuurlijk ook deze Omgevingsvisie behandelt in de commissie. Maar ik dacht, als je een andere visie hebt, dan probeer je daar natuurlijk steun voor te organiseren. Mijn vraag van net zou ik graag nog herhalen. Dat is namelijk, gaat de VVD een tegenvisie indienen?) Ik heb samen met collega Stijn Nijssen in 020 – dat is een beetje het blad voor ruimtelijke ordening – ik geloof, drie maanden geleden een lang stuk geschreven – dat kunt u opzoeken – over onze visie op Amsterdam. De VOORZITTER: De heer Boutkan? Ik dacht het. Goed, ik zie geen verdere interrupties, alleen wat gemurmel buiten de microfoon. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer N.T. Bakker. De heer N.T. BAKKER: Ik ga het kort houden vanwege de spreektijd. De Omgevingsvisie, hartstikke goed. Nog even aansluitend op mevrouw Bloemberg-Issa, die raakte een gevoelige snaar inderdaad.

Want wij gaan met voorstellen komen hoe we dus groen kunnen toevoegen, groen ontsluiten en sociaal kunnen bouwen, het liefst op de Zuidas. Tot zover. (De heer KREUGER: Blijft ook de belofte van de SP dat de woonlasten voor lage - en middeninkomens niet stijgen als gevolg van de kosten van de energietransitie?) Ja. De VOORZITTER: Dat is bondig. Dan is het woord aan mevrouw Van Soest. Zie ik niet? Klopt dat? Dan, de heer Boomsma ziet af. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Kreuger. De heer KREUGER: De Omgevingsvisie 2050. Hoe ziet de stad eruit in 2050? Ik heb de vorige keer heel veel gezegd over woningbouw en dergelijke. Dat ga ik vandaag niet doen. Ik wil het hebben over klimaat en dan met name de kosten van het Klimaatbeleid. Ik weet niet of er iets is veranderd in de opvatting van het college of dat het gewoon een fout is. Het kan allebei. We hebben er recent ook een discussie over gehad. Dat ging over het bestrijden van energiearmoede. Ik heb u toen uitgelegd hoe dat werkt met duurzame bronnen. Als je die vervangt, en die zijn duurder, dat dat dan niet woonlastenneutraal kan. Dat snapte u toen niet. Daar kan ik op zich ook inkomen, want het is ook allemaal best ingewikkeld. Dus ik ga het gewoon heel rustig nog een keertje aan u uitleggen. En dan hopen dat het kwartje valt. Ik pak even het coalitieakkoord erbij.

Daar staat op bladzijde 41- Of nee, even kijken, hij staat op bladzijde 40. Daar staat een passage en daar staat het volgende: ‘het uitgangspunt is dat de woonlasten voor huishouders met lage - en middeninkomens niet stijgen als gevolg van de kosten van de energietransitie’. Dat is een belofte uit het

6

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

coalitieakkoord. Dan doe ik vervolgens de Omgevingsvisie open en dan staat er in een keer: ‘het uitgangspunt is daarom dat de individuele woonlasten voor huishoudens met lage - en middeninkomens niet stijgen als gevolg van de overgang van fossiele naar duurzame huisverwarming’. Huup huup huup, dikke, vette boeventruc. Hier staat gewoon compleet iets anders. Hier staat compleet iets anders. Ja, ik word er eigenlijk boos over, want dit bewijst namelijk precies mijn punt. En het is ook een punt wat werd gemaakt door een partijgenoot van u. Honderden miljoenen extra nodig voor groene plannen. Daarin wordt onder andere gepleit voor een verhoging van de gasprijs, want die is nodig om vervolgens af te romen naar onder andere SDE om die duurzame bronnen mogelijk te maken. Echter, op dit moment houdt u zich al niet aan de afspraak, want wat er op dit moment is gebeurd: afgelopen twee jaar is al de gasprijs met tien cent verhoogd. Die moet dus nog verder omhoog. Wat het probleem is met het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving is dat je de bronnen in eerste instantie al veel sneller vervangt. Want we zitten in 2030 al op 70 procent duurzame energie. Maar je kan niet de gehele woningvoorraad in hetzelfde tempo isoleren of verduurzamen.

Dus wat er dan op een gegeven moment gebeurt, is dat de woonlasten voor de mensen die dus inderdaad naar een aardgasvrije woning gaan, daar gaan inderdaad de energiekosten dalen, dat klopt, maar dat wordt betaald van de mensen die nog aan het gas zitten. Daarvoor gaat de gasprijs omhoog. Dus op het moment dat jij laat aan de beurt bent en jouw woning gaat pas in 2039 van het gas af, dan ben je dus nog de aankomende negentien jaar een hogere gasprijs aan het betalen voor iemand die al in een huis woont met een lagere energierekening. Dus ik ben heel benieuwd wat er nou precies is veranderd, want volgens mij, moet dit gewoon op een goede manier verankerd zijn, dat die woonlasten ook echt niet stijgen. Sterker nog, het college houdt zich op dit moment al helemaal niet aan de afspraak. Dus daarvoor ga ik een amendement indienen om de passage uit de Omgevingsvisie, die ik net noemde, te vervangen door de belofte uit het coalitieakkoord en alles gewoon kostenneutraal te houden voor de lage - en middeninkomens. Ik dank u wel. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Kuiper. Mevrouw KUIPER: Ik ben sinds een paar maanden raadslid. Een van de eerste grote dossiers die ook voorbijkwamen, is deze van de Omgevingsvisie.

Het heeft mij geholpen om even een totaaloverzicht te krijgen over wat er zich allemaal afspeelt in de stad, welke plannen er zijn, welke totaalvisie hier aan het ontwikkelen is. Dat vond ik bijzonder aangenaam. In zekere zin was het heel prettig. In zekere zin was het ook echt heel ambtelijk en was het ook weleens een beetje doorploegen. Daarvoor zat ik dan in een volkstuintje in de buurt van mijn huis en genoot ik ondertussen van wat zich om mij heen afspeelde en probeerde ik dat in verbinding te brengen met wat ik las. Maar het was een mooi overzichtsdocument. Ik denk dat dat ook de bedoeling is, ook voor verdere ontwikkelingen. Het is een enorm document. Er staat heel veel beleid in. En mijn eerste vraag is dan ook om wat meer duiding te geven bij de status van dit document. Betekent het nu dat wanneer de gemeenteraad deze visie aanneemt al het beleid, de kaartjes en de teksten het uitgangspunt en de juridische basis zijn voor al het beleid dat we tot 2050 zullen gaan maken en voeren? En hoe verhoudt deze voordracht zich dan ten opzichte van al het beleid dat door de gemeenteraad wordt besproken en aangenomen? Een voorbeeld. Deze Omgevingsvisie is natuurlijk al tijden in ontwikkeling. In de tussentijd hebben we als raad of bijvoorbeeld de Provinciale Staten moties en beleid aangenomen, die alweer aanpassing zouden vragen van onderdelen van deze visie.

Hoe wordt dit verwerkt? Om het voorbeeld nog concreter te maken. We hebben in deze raad

7

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

besloten dat de Noorder IJplas in plaats van een ‘nee, tenzij...’-gebied juist een voorkeursgebied voor zonne-energie is geworden. Dat is niet verwerkt in deze visie. Ook actueel, onlangs is in de Provinciale Staten een motie van de ChristenUnie en de Partij voor de Dieren aangenomen die volkstuinen kenmerkt als kwetsbare objecten en dat in de uitwerking van de RES de voorwaarden voor externe veiligheid conform worden toegepast als het gaat om voorkeursgebieden voor windenergie. Mijn vraag naar aanleiding van deze twee voorbeelden is, wat is in zulke gevallen nu leidend: deze Omgevingsvisie of het beleid en de kaders die overheidsorganen nu of later op onderdelen van deze visie vormgeven? Ik wil graag toelichten waarom ik hier wat dieper op inga. Als ChristenUnie steunen we namelijk grote delen van deze visie en zijn we geneigd in te stemmen met de voordracht. Echter, er zijn ook onderdelen waar we kritisch op zijn. We hebben overwogen om, net als andere collega’s, een heleboel amendementen en moties voor te bereiden, maar met dat je daaraan begint, denk je, ja, waar beginnen we aan? Waar stoppen we mee? Er is geen beginnen aan. Het document is dermate dik. En, heb je dan alles? Dus dat is een dilemma. Vervolgens kwamen wij op deze vragen. Dus u zult dat kunnen begrijpen, hoop ik.

Dus de vraag, onderdelen waar we kritisch op zijn en we steunen niet al het beleid wat hierin genoemd wordt – en dan noem ik even de bebouwing van de Lutkemeerpolder, onderdelen van de RES of bij bus-trambaan door het Westerpark. Vandaar de vraag, stemmen over de richting en de grote lijn? Of stemmen we hiermee ook al grotendeels met de uitwerking en de details in? En kunnen we daar mogelijk ook nog van afwijken? Het antwoord van het college op deze vragen bepaalt voor ons uiteindelijk of we voor of tegen deze Omgevingsvisie zullen stemmen. (Mevrouw BLOEMBERG-ISSA: Ik hoorde mevrouw Kuiper zeggen dat de ChristenUnie ernaar neigt om voor de Omgevingsvisie te stemmen. Stel dat nou zo’n amendement over de Lutkemeerpolder niet wordt aangenomen en het blijft er gewoon in staan, stemt de ChristenUnie dan in met de Omgevingsvisie?) Het hangt er dus vanaf welke status dit document heeft. Is dit leidend voor alles en slaat daarmee alles dood? Of is er wel de mogelijkheid om op deze onderdelen nog af te wijken? (De heer KREUGER: Ik heb net wat uitgelegd over hoe het zit met de woonlasten in relatie tot verduurzaming gebouwde omgeving. Dat is een ontiegelijk grote strop die er op mensen af komen als dit daadwerkelijk de afspraken worden en alles wordt uitgevoerd.

Gaat de ChristenUnie het amendement dat ik net heb ingediend, steunen?) Ja, u had misschien toch het onderwijs in moeten gaan, want u heeft vaak het idee dat uw visie, als die niet goed overkomt bij anderen, dat dat een gebrek aan intelligentie bij anderen is. Dus ik moet hier ook wel even extra goed over nadenken en ik kom er nog op terug. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw De Jager. Mevrouw DE JAGER: De Omgevingsvisie, het is een visie voor onze internationale wereldstad op een postzegel waar de ruimte altijd schaars zal zijn en de ambitie nooit groot genoeg. We hebben een heel duidelijke opgave. Deze Omgevingsvisie helpt om daar richting aan te geven: meer huizen, meer groen, omschakelen naar een duurzame economie, waarbij we denken vanuit de complete stad. We zullen vanuit de raad, vanuit D66, de transformatieopgave extra goed monitoren, want we denken dat dat een cruciale pijler is onder deze Omgevingsvisie. Ik zou de wethouder graag willen vragen, zoals ik ook in de commissie deed, hier expliciet op in te gaan bij de uitvoeringsagenda.

8

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Voor woningbouw is deze visie wat D66 betreft de minimale inzet. We blijven inzetten op meer. Ik denk ook wel dat, in mijn ogen, de continue aandacht die hiervoor is van bijna alle partijen in deze raad, helpt. Ik noemde het net, bijna zevenhonderd reacties op deze Omgevingsvisie ingediend. Ik vind het een goede Nota van Beantwoording. Er is op onderdelen echt wat gedaan met de reacties, zeker op economie, op sport, waar D66 blij mee is, maar bijvoorbeeld ook op het gebied van evenementen, die eerder een beetje waren vergeten en nu een plek hebben in deze visie. Wat ons betreft een mooie uitkomst. D66 zal deze uitgebreide Omgevingsvisie steunen. (De heer KREUGER: Ook aan D66 de vraag: houdt D66 zich aan haar belofte dat de woonlasten voor lage - en middeninkomens niet zullen stijgen als gevolg van de kosten van de energietransitie?) Ja, om de een of andere reden had ik deze interruptie verwacht natuurlijk. Ik denk dat het best wel terecht is dat JA21 zoveel aandacht vraagt hiervoor, want de zin spreekt een intentie uit. Dat is de inzet, maar we weten niet exact hoe zich dat ontwikkelt en zeker niet tot 2050. Dus als u vraagt, blijft dat de inzet? Dan is dat natuurlijk ‘ja’, het antwoord. (De heer KREUGER: Maar belooft u dat?) Ik beloof dingen waarvan ik weet dat ik ze kan waarmaken. Persoonlijk is dit niet mijn dossier.

Dus het lijkt me niet aan mij om hier dingen over te beloven. Maar dat is de intentie, dat is de inzet en dat vinden we dus belangrijk ook vanuit D66. (De heer KREUGER: Als het gaat om de gebouwde omgeving en het aardgasvrij maken van woningen is dat natuurlijk maar een heel klein gedeelte van de energietransitie. Dus als u weet dat u juist door dat door te drukken zoveel draagvlak ondermijnt, omdat het zoveel geld gaat kosten, is het dan niet iets wat bij D66 bespreekbaar is om dat op een lager pitje te zetten of wellicht helemaal gewoon niet te doen?) Nee, D66 staat wel achter wat er nu in deze Omgevingsvisie staat. En houdt het daarbij. (Mevrouw BLOEMBERG-ISSA: De heer Van Dantzig had het erover dat klimaat echt het allerbelangrijkste is voor D66 de komende verkiezingen. Ik ben benieuwd wat mevrouw De Jager vindt van wat er over het klimaat in deze Omgevingsvisie staat.) Een kleine correctie, ik denk niet dat het alleen gaat om klimaat, maar om duurzaamheid in brede zin. Ik vind dat deze Omgevingsvisie daar goed op ingaat. Ik steun ook van harte het amendement wat de Partij voor de Dieren indient om de klimaatscenario’s door te laten rekenen en te kijken wat de impact daarvan is op de stad om te zien of er meer nodig is op dat gebied.

(Mevrouw BLOEMBERG-ISSA: Toch ontbreekt er in deze Omgevingsvisie meer inzet op bijvoorbeeld de krimp van Schiphol of het stoppen van verbranden van bomen in biomassacentrales om de stad te verwarmen, terwijl dit ook allemaal ten koste van het klimaat gaat. Wat vindt D66 daar dan van?) Ik ben me er zeer van bewust dat de Partij voor de Dieren daarin veel verder gaat dan eigenlijk elke andere partij in deze raad. Er was natuurlijk eerder ook een debat met de SP over dat de Partij voor de Dieren geen huizen zou willen bouwen of daar geen visie op heeft. Maar ik vind het ergens te prijzen dat jullie best wel een consistente lijn hebben, namelijk wij stellen de natuur boven de woningnood. En in die zin verschillen daar onze partijen wel in. (Mevrouw BLOEMBERG-ISSA: Het is Partij vóór de Dieren. Wij hebben inderdaad een andere woningvisie dan de meeste partijen in deze raad, die ook kijkt naar de samenhang van biodiversiteit, natuur en woningbouw in

9

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

het gehele land. Maar ik moet toch concluderen uit deze reacties van mevrouw De Jager dat D66 zegt het klimaat heel belangrijk te vinden, maar ondertussen heel veel toestaat, ook tweeduizend extra energie slurpende databedrijven, in Amsterdam.) Ik hoorde ergens een bevestiging dat Partij voor de Dieren altijd kijkt naar de biodiversiteit. De planten werden ook expliciet genoemd bij deze Omgevingsvisie, waar die voor is geschreven. Ik denk dat het vanuit mijn oogpunt realistisch is dat je de verschillende belangen tegen elkaar afweegt. We hebben ook woningnood, we willen inderdaad ook datacenters. Maar daar zijn we, volgens mij, hard mee bezig beleid te maken om dat op een verantwoorde manier te doen. De VOORZITTER: Overigens, misschien voor ons allemaal nog eens goed om te herinneren: Partij vóór de Dieren. (De heer N.T. BAKKER: Dank voor deze bijdrage. We hebben vanochtend al de discussie gehad met mevrouw Kukenheim over het belang van betaalbaar wonen. Zij karakteriseert ook het probleem van het frame wat in Den Haag wordt gelegd over het feit dat dat minder zou moeten gebeuren. Uw partijleider is ook bezig om de nadruk te leggen op middenwonen. U vertelt nu hier dat u natuur boven wonen belangrijk vindt. Hier geeft u aan in uw betoog over de Omgevingsvisie dat u het een minimale ambitie vindt. Het wordt mij een beetje onduidelijk wat D66 nou werkelijk vindt.

Waar ligt nou het belang: betaalbaar wonen, middenhuur of natuur boven wonen? Want het gaat nu echt alle kanten op.) Mevrouw DE JAGER: Ja, ik snap wel dat de SP dat denkt, omdat hij niet zo goed geluisterd heeft naar mijn antwoord, denk ik. Want ik heb niet gezegd dat D66 natuur boven het belang van wonen stelt. Dat zei ik juist niet. Gezien de reacties uit de zaal denk ik dat dat klopt. (De heer N.T. BAKKER: D66 zei net expliciet in antwoord op Partij voor de Dieren dat het belangrijk is dat je natuur boven bouwen stelt. Mijn vraag is nu, waar ligt het primaat? Want als ik uw wethouder, die ik overigens zeer prijs in haar aanpak van de dakloosheid en zie dat zij echt dingen doet om dakloosheid weg te werken met meer betaalbaar wonen. En als ik uw partijleider zie, die het telkens heeft over middenhuur en een bepaald frame legt in Den Haag waardoor dat wordt geobstrueerd, waar ligt dan uw visie?) Deze laatste reactie van mij geeft dan in elk geval nog de kans om te zeggen, Partij voor de Dieren waar ik op reageerde, kan, denk ik, bevestigen met mij dat dat niet was wat ik zei. We kunnen het terugzien, dus laten we dat samen nog eens doen. Maar u vraagt, waar ligt de visie als het gaat om deze verschillende dingen? Die visie ligt dus in deze Omgevingsvisie die we net vaststellen. De VOORZITTER: Meneer Kreuger, nog een allerlaatste. Nee, niet nodig? Prima.

De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Veldhuyzen. De heer VELDHUYZEN: Ik hou het kort, want ik heb nog weinig spreektijd. BIJ1 is positief over de Omgevingsvisie in die zin dat er gebruik wordt gemaakt van de circulaire benadering en de nadruk op het donutmodel, dus die ecologische bovengrens en de sociale ondergrens. Het donutmodel is een directe reactie op het gefaalde neoliberale project. De klimaat- en de biodiversiteitcrisis, de wooncrisis, de afbraak van de sociale

10

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

zekerheid, die vinden allemaal een oorzaak in het structureel en beleidsmatig prioriteren van eigenlijk het grootkapitaal over het algemeen belang. Het donutmodel stuurt ook expliciet aan op herdistributie van economische middelen en macht. Zonder deze herdistributie schieten we uiteindelijk boven de ecologische bovengrens en onder de sociale ondergrens uit. Waar dit niet helemaal rijmt met het beleid van het college, is dat dit college multinationals aan wil trekken en meer bedrijvigheid en bedrijvigheid wil, maar die winsten verdwijnen in de zakken van aandeelhouders. Dat wordt niet geherinvesteerd in de gemeenschap wat juist de bedoeling is van het donutmodel. Als er bijvoorbeeldDe VOORZITTER: Meneer Veldhuyzen, u bent echt volledig door uw spreektijd heen. De heer VELDHUYZEN: Ja, ik ben bij mijn een-na-laatste punt. De VOORZITTER: Ik zou zeggen, uw een-na-laatste zin. De heer VELDHUYZEN: Een-na-laatste zin. Oké, dat ga ik kunnen. Weet je wat, ik ga wel naar de kern. De VOORZITTER: Dat lijkt mij sowieso heel verstandig. De heer VELDHUYZEN: Ja, nee, de laatsteDe VOORZITTER: Ik zou zeggen, één zin nog. De heer VELDHUYZEN: Ja, de laatste zin.

Nee, ja, want er zijn heel veel voorbeelden die ik kan geven, maar de kernvraag is: welke mechanismen zijn er nou om te waarborgen dat deze Omgevingsvisie niet slechts een mooi plannetje blijft, maar dat de sociale ondergrens eenduidig en transparant wordt gedefinieerd en ook wordt nageleefd. Daar hou ik het bij. Dank u, voorzitter. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Kiliç. Mevrouw KILIÇ: Bij voorbaat even mijn excuses. Ik kan niet zo goed articuleren, vanwege een verdoving die ik heb gehad. Ik doe mijn best. Dank ook aan de ambtenaren voor dit uitgebreide document. Voorzitter, laat ik beginnen met hoe blij ik ben dat mijn motie om de eeuwigdurende grafrust op te nemen in de Omgevingsvisie uitgevoerd te zien. Dit zal voor heel veel mensen ook heel veel betekenen. Ik bedankt dit college voor de inclusiviteit die zij hiermee vastlegt voor Amsterdam in de toekomst. Voorzitter, ik wil nog wel ingaan op voor wie we inclusief zijn in Amsterdam. Want Amsterdam lijkt af te stevenen op een stad voor de minderbedeelden en de superbedeelden. Ik zie veel goede plannen, maar ik heb onvoldoende een beeld van de toekomstige Amsterdammer. Ik citeer het college: ‘we gaan door met het accommoderen van de groei van inwoners en arbeidsplaatsen via hogere dichtheden’. Voorzitter, ik vraag me af welke groei hiermee wordt bedoeld.

Want zoals onze fractie al in de commissie aangaf bij de bouwrapportage, kinderen, inmiddels jongvolwassenen, en zelfs volwassenen worden nog steeds gedwongen om bij hun ouders te wonen met alle financiële en psychische gevolgen van dien. We bouwen voor studenten, expats, mensen van buiten de stad. Ondertussen is er een emigratie gaande van Amsterdamse gezinnen en

11

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

jongvolwassenen die niet meer in Amsterdam kunnen blijven wonen. Het wordt er allemaal niet goedkoper op. Ik mis in de visie hoe men de stad leefbaar maakt en houdt voor de mensen met een kleine beurs of met een middelgrote beurs. Er moet veel groen komen, maar wie gaat daarvan genieten? Niet de middeninkomens. Investeerders die sociale woningen opkopen om vervolgens zes keer de hoofdprijs te rekenen, gewoon omdat het kan. Zo drijft men de prijs flink op en daarmee dus ook de grondprijzen die de gemeente dan kan verwerken in de nieuwe erfpachtprijzen, waardoor tenders zo duur worden dat ontwikkelaars niet meer 40-40-20 kunnen of willen bouwen en stagneert de sociale - en middenhuurbouw. Het ontbreekt in deze visie hoe we deze vicieuze cirkel kunnen doorbreken. Dus ik ben benieuwd naar de plannen van de wethouder om hier wat aan te doen. De erfpachtberekening is nu zodanig dat het in ieder geval niet is weggelegd voor de middeninkomens van 2050. Die zullen waarschijnlijk allemaal forensen zijn die voor de rijke mensen en bedrijven in de stad moeten komen werken. Dan wil ik nog terugkomen op de inclusiviteit en voor wie precies. Het woord ‘gehandicapten’ komt welgeteld één voor in deze visie.

Voorzitter, mijn vraag is, is er ruimte voor zelfstandige mensen met een beperking? En waar kan ik dat terugvinden in de Omgevingsvisie? Worden zij meegenomen in de vervoersarmoede? Want wat heb je aan een invalidenparkeerplaats als er geen parkeerplaatsen voor jou zijn? Of als je alsnog vijfhonderd meter moet lopen naar je bestemming. Of een tramhalte die onbereikbaar blijft voor mensen met een beperking, omdat er geen lift is. Dan, voorzitter, in deze stad moet je minstens twee middeninkomens hebben om hier te kunnen wonen, of rijk zijn. Maar twee middeninkomens betekent vaak ook twee auto’s. Als je niet voor de kinderopvang werkt, werk je wel voor de parkeerkosten. Logisch dat de middengroepen uit de stad vluchten. Het college spreekt wel van een fijnmazig openbaar vervoersvoorziening, maar in de praktijk worden er haltes opgeheven, lijnen geschrapt en daarmee de fijnmazigheid afgebroken. Ik sluit af, voorzitter. Als laatste wil ik nog ingaan op de zogenaamde maatschappelijke voorzieningen. Deze behelzen enkel groen en sport. Maar ik mis hierin ethisch culturele ontmoetingsplaatsen, gebedshuizen, vrouwenorganisaties. Kortom, een plek voor organisaties die helpen emanciperen, waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en cultuur kunnen delen, elkaar kunnen helpen en bevorderen om met elkaar samen te leven.

Ik ben benieuwd hoe deze passen in de visie van het college in het kader van een inclusieve stad. Ik hoor het graag. Dank u wel. De VOORZITTER: Dan meld ik alleen nog, voordat ik de wethouder- Eerst de vraag, is de wethouder in staat om onmiddellijk te antwoorden? Dan zou ik willen voorstellen dat wij ook de termijn van de wethouder zo nog even doen. Er zijn nog twee extra moties ingediend. Excuus, drie. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 144° 2021.631

Motie van het lid Kreuger inzake de Omgevingsvisie (Oost-Westlijn), nr.

Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: - Te onderzoeken in hoeverre de Oost-Westlijn een oplossing is voor de problematiek waar ook de verlenging van de Noord-Zuidlijn een oplossing voor zou zijn. De motie maakt deel uit van de beraadslaging.

12

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 145°

Motie van het lid Kreuger inzake de Sport in het midden, nr. 2021.633

Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: - Bij nieuwe grootschalige woningbouwplannen - zoals Haven-Stad of het Schinkelkwartier - de sportterreinen zoveel mogelijk een centrale ligging te geven in plaats van aan de buitenranden. De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat het volgende amendement is ingekomen: 146° Amendement van het lid Kreuger inzake Omgevingsvisie Amsterdam 2050: (Geen woonlastenstijging voor lage- en middeninkomens als gevolg van de kosten energietransitie), nr. 2021.632 besluit: Op pagina 167 onder het kopje ‘Duurzaamheid en inclusiviteit’ ‘Uitgangspunt is daarom dat de individuele woonlasten voor huishoudens met lageen middeninkomens niet stijgen als gevolg van de overgang van fossiele naar duurzame huisverwarmingen’ te wijzigen in: “Uitgangspunt is dat de woonlasten voor huishoudens met lage middeninkomens niet stijgen als gevolg van de kosten van de energietransitie.”

en

Het amendement maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Doorninck. Wethouder VAN DOORNINCK: Excuus, voorzitter. Ik probeerde ook nog even de allerlaatste moties erbij te halen, wat best lastig is op het laatste moment. Mevrouw KUIPER: Voorzitter, een punt van orde. De VOORZITTER: Mevrouw Kuiper, ga uw gang. Een punt van orde mag altijd gemaakt worden. Mevrouw KUIPER: Mag ik nog een amendement indienen? Mag dat? Kan dat nog? De VOORZITTER: Zolang dit debat niet is afgerond, kunt u een amendement indienen. Mevrouw KUIPER: Ja, want we hebben nog iets ontdekt in de Omgevingsvisie wat volgens ons niet klopt. Dat gaat over de Noorder IJplas.

13

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De VOORZITTER: Goed. Als er iets niet klopt, lijkt het me verstandig als u daar nog een amendement voor maakt. Zorgt u wel dat het zo snel mogelijk bij ons ligt, zodat iedereen en ook de wethouder er kennis van kan nemen.

De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Doorninck. Wethouder VAN DOORNINCK: Dank ook aan alle leden, bijna alle leden, van de raad voor hun vele besprekingen van deze Omgevingsvisie. We zijn begonnen met een uitgangspuntennotitie al in 2019 en hebben toen met heel erg veel Amsterdammers, met bedrijven, met beleggers, met grote spelers, kleinere spelers, maar vooral heel veel met actieve Amsterdammers dit gesprek gevoerd over wat is onze visie richting 2050. Een Omgevingsvisie is geen blauwdruk. De VOORZITTER: Wethouder, u moet even opnieuw inloggen. Nee, daar wilde ik u niet op corrigeren, maar u heet Touria Meliani en dat kan natuurlijk toch voor verwarring zorgen bij de kijkers thuis. Wethouder VAN DOORNINCK: Nu heet ik Van Doorninck. Een Omgevingsvisie is geen blauwdruk. Een Omgevingsvisie behelst een kijk op hoe wij als stad ons gaan ontwikkelen. En hoe belangrijk dat is, is denk ik door een heleboel van u al aangemerkt. Namelijk, wat gebeurt er met een stad als je als stadsbestuur eigenlijk de grip erop verliest en er een heleboel zaken in de stad gebeuren die je misschien anders had willen zien, maar waar je geen instrumenten meer voor hebt om daar verandering in aan te brengen.

Dat betekent bijvoorbeeld, wat velen van u noemden, de inclusiviteit, een stad die steeds duurder wordt, een stad waar kwetsbare onderwerpen of kwetsbare mensen weggedrukt worden omdat ze niet de stem hebben om voor zichzelf op te komen of omdat iets anders meer opbrengt. We hadden een Structuurvisie 2011. Wat we gezien hebben, is dat onze stad veel sneller gegroeid is dan wat we toen hadden kunnen bevroeden. We zien ook dat het aantal woningen veel sneller is toegenomen, het aantal woningen wat we bedacht hadden is nu al bijna bereikt terwijl het een Structuurvisie 2040 was, en niet het flankerende beleid daarbij hoorde, namelijk de infrastructuur, de voorzieningen, zorgen dat we een complete stad zijn. Ik denk dat deze Omgevingsvisie, en zeker ook heel veel van de punten die u als raad heeft meegegeven, maar ook mensen in de stad, dat het belangrijk is dat een stadsbestuur heel duidelijk richting geeft. En aan de andere kant heel veel ruimte biedt. Dit is waar wij denken als stadsbestuur waar de ontwikkeling heen moet gaan. Dit is ook wat wij zien als welke randvoorwaarden wij willen geven aan de groei van de stad, omdat we anders onze inclusiviteit kwijtraken, omdat we anders ons kwetsbare groen kwijtraken, omdat we anders bedrijven kwijtraken.

Dus die grenzen hebben we aangegeven, omdat we niet willen dat die andere grote krachten die op deze stad spelen, deze aantrekkelijke metropool die we zijn, het anders over gaan nemen. Dat is wat we proberen en dat is wat we doen met deze Omgevingsvisie. Dat is heel duidelijk richting geven hoe en waarom we willen groeien, en wat de randvoorwaarden zijn. Tegelijkertijd willen we met deze Omgevingsvisie ook heel veel ruimte bieden aan ondernemers, aan Amsterdammers, aan bedrijven, aan creatievelingen, aan kunstenaars, om met ons mee te denken hoe we die Omgevingsvisie dan ook uit gaan voeren en in gaan vullen. Dus het is geen blauwdruk. Dat zeg ik tegen een paar van de leden die vroegen, wat is nu de status. Als wij nu hier mee instemmen, wat betekent dat? Ik hoorde het mevrouw Bloemberg-Issa zeggen als het ging over eventuele bebouwing langs de Gaasperplas of over windmolens. Wij baseren ons op beleid wat er al is. Er zitten ook

14

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

nieuwe beleidsstukken in, waarvan we hebben gezegd, dit gaan we nog vaststellen. Bijvoorbeeld de hoofdgroenstructuur waar mevrouw Van Renssen op doelde. Als het gaat om staand beleid, dan is dat meegenomen. En dan kijk ik even naar de Lutkemeerpolder en dat is al sinds 2013 bestemd als bedrijventerrein. Daar maken we geen verandering in in deze Omgevingsvisie. Maar als het gaat om windmolens of als het gaat om bouwen bijvoorbeeld langs een Gaasperplas, dan is dit geen besluit. Dit zijn richtingen die je zou kunnen doen. Als het gaat om windmolens, gaat het om zoekgebieden, om te onderzoeken of windmolens daar kunnen komen. Als we echt een besluit nemen, komt dat natuurlijk altijd naar de uw raad toe. En dan gaat het ook over ov-verbindingen, degenen die zeer gewenst zijn, degenen waar we nog echt onderzoek naar willen doen. Maar het is gebaseerd op bestaand beleid. Er zitten aanzetten in op nieuw beleid. Die vindt u allemaal terug in de Omgevingsvisie, ook degenen die nog uitgewerkt moeten worden, bijvoorbeeld de Hoogtevisie. Dus dat is de status. Maar het geeft wel een richting mee. Dus op het moment dat wij echt volledig gaan afwijken in bepaald beleid van de Omgevingsvisie zullen we dat ook aangeven. Dus voor sommige ontwikkelingen nemen we de Omgevingsvisie ook echt wel als leidraad hoe wij werken.

Maar niet precies tot in de letter wat we doen, maar wel hoe we het doen en welke richting we op willen gaan. Dat is misschien een belangrijk punt voor de status van deze visie. De VOORZITTER: Hiermee bent u aan het eind van de inleiding over de status van het stuk. Daarop zijn interrupties, begrijp ik, van de heer Van Schijndel, mevrouw Van Soest, de heer Kreuger en mevrouw Kuiper. Ik zou u willen vragen om die interrupties kort te houden met het oog op de agenda. (De heer VAN SCHIJNDEL: Ja, dus in een notendop: het is niet juridisch bindend in strikte zin, die Omgevingsvisie. Helder. Nou, dat schept dan ook de ruimte om te vragen naar waar het staat met de woningbouw. Ik hoor heel vaak dat het niet alleen gaat om woningen, woningen, woningen, maar je moet ook dus die hele structuur-) De VOORZITTER: Meneer Van Schijndel, uw vraag is? (De heer VAN SCHIJNDEL: Dus al die openbare voorzieningen hebben. En dat is natuurlijk zo. Maar waarom is het stadsbestuur nou niet veel harder dat ze werkt om te zorgen dat groen en onderwijs en de tramlijnen er op tijd zijn?) De VOORZITTER: Dank u wel. Wethouder VAN DOORNINCK: Volgens mij, heb ik dat net in mijn inleiding aangegeven. We hebben dus een tijdje gehad dat de woningbouw sneller ging dan de infrastructuur of de voorzieningen die daarbij horen.

Dat is een van de belangrijke redenen waarom wij gezegd hebben, we moeten nu een Omgevingsvisie maken, want wij moeten die grip op de groei weer terugnemen, we moeten de teugels van die stad weer in eigen handen nemen en tegelijkertijd ruimte bieden aan iedereen die ideeën heeft over hoe die invulling eruit ziet. Maar juist de punten die de heer Van Schijndel noemt, zijn een reden om deze Omgevingsvisie te maken. (De heer VAN SCHIJNDEL: Ja, dan constateer ik toch dat de belangrijkste mogelijkheid die er is, Haven Stad, dat loopt helemaal niet goed, want die ov, de metrolijn- Den Haag wil er niet aan. U moet een koppelverkoop doen

15

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

van geef ons die metrolijn en dan zorgen wij dat wij heel veel woningen versneld daar gaan bouwen. En dan is het rijk ook blij.) Wethouder VAN DOORNINCK: Volgens mij heeft de heer Van Schijndel de lobby vanuit Amsterdam op echt heel veel rijkstafels gemist. Als er iets is wat wij duidelijk maken, is dat wat wij nodig hebben – en in de Verstedelijkingsstrategie die we straks bespreken, doen we dat eigenlijk met de hele MRA – dat wij zeggen, ja, die enorme woningbouwopgave willen we heel graag invoeren, maar dat kan niet zonder de randvoorwaarden en daar hebben we het rijk bij nodig. (Mevrouw VAN SOEST: Ik heb een vraag aan de wethouder. Ze heeft het over de Groenvisie en dat we dus ook niet gaan bouwen in de hoofdgroenstructuur. Maar, voorzitter, wat doen we dan met de windmolens? Want die komen toch in het groen. We hebben de Meervaart, die gaan we gewoon bouwen in hoofdgroenstructuur. Mijn vraag aan u is, wat voor waarde kunnen we nu nog hechten aan deze voorliggende voordracht dat dit allemaal niet meer gaat gebeuren. Kunt u dat garanderen?) Ja, als het gaat om windmolens, heeft de Technische Adviescommissie het advies gegeven dat windmolens kunnen passen in de hoofdgroenstructuur. Dat betekent dat er nog heel veel onderzoek nodig is. Dat is precies wat we gaan doen. Die zoekgebieden zijn vastgesteld. Namelijk, onderzoeken of het kan of niet.

Dat is precies volgens de richtlijnen van de Technische Adviescommissie Hoofdgroenstructuur. Als het gaat om De Meervaart, volgens mij, heeft uw raad zojuist besloten om dat niet in de hoofdgroenstructuur te doen. De VOORZITTER: De heer Kreuger. Dan probeer ik me even te herinnerenNee, dat begreep ik al, want ik begreep dat u niet luisterde. Dan, er waren nog andere interrupties. Ik dacht, mevrouw Kuiper. (Mevrouw KUIPER: Het antwoord van de wethouder stelt zeker gerust. Maar nog even voor de zekerheid: dit document is dus geen dwangbuis, maar ook bijvoorbeeld voortschrijdende inzichten over ruimtelijke ontwikkelingen kunnen aanleiding zijn om af te wijken van de inhoud van de Omgevingsvisie. Heb ik dat juist?) Wethouder VAN DOORNINCK: Ja, het is een Omgevingsvisie 2030. Ik denk dat we één ding zeker kunnen zeggen: in 2030 ziet de stad er niet precies zo uit zoals wij het hier hebben ingetekend. We geven richting in hoe we denken dat belangrijke ontwikkelingen in de stad eruit kunnen gaan zien. Maar hoe dat er precies uit gaat zien, dat weten we niet. Dit is echt een richtinggevend document en niet een juridisch vastliggend document. Behalve natuurlijk, dat heb ik net aangegeven, in het stuk zelf ziet u op welke beleidsstukken het ook is gebaseerd. En die zijn natuurlijk wel vastgesteld door uw raad. Dus die gelden wel.

Er zal wel veelvuldig aan de Omgevingsvisie getoetst worden: past dit binnen die kaders die we toen met elkaar hebben afgesproken. Dus daar moet u hem in zien. Ik denk wel dat het altijd goed om daar ook weer op terug te kijken, want dat is dan iets waar we met elkaar ook gezegd hebben, die kant willen we op. Maar hoe we er komen en wat het precies wordt, dat is nou juist ook vooral aan al die Amsterdammers, die ondernemers, die bedrijven, die kunstenaars, iedereen die deze stad maakt. En dat gaan we dan ook echt samen doen. Voorzitter, ik zou er natuurlijk nog veel langer over kunnen praten, maar ik denk dat ik naar de moties en amendementen ga, omdat ik op die manier, denk ik, ook heel veel vragen kan beantwoorden.

16

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Dan begin ik met motie 2021.553 van mevrouw Bloemberg-Issa om het instrument monitor groennorm te ontwikkelen. Ik denk dat dat een goed idee. Dat zullen we verder uitwerken en betrekken bij de uitwerking van het Omgevingsprogramma Groenvisie of bij de monitoring van de Omgevingsvisie zoals we dat doen. We kijken even wat de beste plek is, wat voor u als raad de beste manier wordt om daar goed op te kunnen controleren. Maar op deze manier hebben we geen bezwaar tegen aannemen van de motie. Dan de motie van mevrouw Bloemberg-Issa om natuurbescherming te versterken. Daarmee vraagt u eigenlijk om alles wat groen is – dus niet zozeer hoofdgroenstructuur – ook meteen eigenlijk de juridische bescherming van de hoofdgroenstructuur te geven. Als we goed kijken, in grote lijnen voldoen we er al aan. Maar wat u zegt, is dat het dezelfde status moet krijgen, bijna, als de hoofdgroenstructuur. Dan gaan we één stapje te ver, want we hebben niet voor niets een hoofdgroenstructuur. We gaan er in de doorontwikkeling van de hoofdgroenstructuur op terugkomen. Daar zult u ook zien dat we er stukken aan gaan toevoegen. Maar we kunnen niet elk stukje groen ook van zo’n juridische status voorzien. Dus ik snap de motie. Ik ben het er in grote lijnen ook mee eens. Maar niet in de uitwerking zoals u die hier aangeeft. Dan de motie van mevrouw Bloemberg-Issa, 2021.555, over extra datacentra.

Ik herken die tweeduizend extra bedrijven echt niet. Volgens mij, praten we in Amsterdam over vier tot tien voor de komende jaren. En dan is het wat betreft het beleidskader wat uw raad heeft vastgesteld ook zo’n beetje klaar. Maar daarnaast is het natuurlijk zo dat wij gewoon ons eigen beleid hebben gesteld. Dan kunnen een heleboel mensen ergens iets van vinden, maar wij hebben zelf een restrictief beleid vastgesteld. Dat betekent dat de MRA, een perfecte samenwerkingspartner- Graag in regionale samenwerking, maar wij gaan nog steeds over onze eigen datacenterbeleid. Dus het lijkt me niet nodig om deze motie aan te nemen. We hebben daarvoor ons eigen beleid, wat we natuurlijk ook monitoren of alles goed gaat. De vraag die u ook stelt in uw motie of wij zelf precies die groei van de datacapaciteit kunnen berekenen. Dat is heel erg lastig. Dat laten we echt wel aan de experts over. Ik denk dat wij veel meer onze sturende kracht hebben in het stimuleren van zoveel mogelijk energiegebruik-beperking. Dat is ook het gesprek wat ik voortdurend met de branche heb, dat ze niet zoveel energie en water gebruiken. (Mevrouw BLOEMBERG-ISSA: Ik hoorde de wethouder zeggen dat zij die formulering van tweeduizend nieuwe databedrijven in 2025 niet herkende. Ik herkende dat ook niet, want dat hebben we hier nooit besloten.

Maar dat heb ik gehaald uit het Duisenberg-rapport Digitale Stad waar daar een zin over is opgenomen. Dus ik zou dan toch aan de wethouder willen vragen om uit te zoeken wat daar precies over is afgesproken.) Als het een rapport is wat zegt wat er nodig zou zijn, is er niks over afgesproken. Dan heeft iemand misschien gezegd dat dat nodig zou zijn, maar dat er geen afspraak is. Ik herken de afspraak niet, maar ik kan u zeker toezeggen dat ik even ga uitzoeken waar dit vandaan komt en wat de status is. Maar gelukkig hebben we als Amsterdam hier gewoon ons eigen beleid op en dat is een restrictief beleid met veel voorwaarden. Dan de motie van mevrouw Bloemberg-Issa 2021.556 over de gebodsbepaling slachthuizen. Ik denk dat dat een verbodsbepaling is. Dat gaat heel erg over het Omgevingsplan. Dat is niet iets wat op dit moment voorligt. Daarnaast is het voor ons niet mogelijk om legale functies zomaar te verbieden. Daar moet dan een gemeentelijk beleid aan gekoppeld worden. Dat zou op een andere tafel gedaan moeten worden. De Omgevingsvisie is hier niet de plek voor. En bovendien kunnen wij dat niet zomaar doen. Op dit moment ligt het Omgevingsplan nog niet voor. Dan de motie van mevrouw Bloemberg-Issa 2021.557, geen groen, maar sport. Ja, dat is natuurlijk een discussie die we vaker hebben met Partij voor de Dieren en ook verder

17

Jaar

2021

Vergaderdatum 8 juli 2021

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

in deze raad. Op het moment dat je in een sterk verdichtende stad alles wilt, betekent dat af en toe keuzes maken, betekent dat heel veel ruimte delen, slim met ruimte omgaan. Maar af en toe ook keuzes maken. De keuze die de Partij voor de Dieren maakt om echt te zeggen dat er helemaal geen sport in de hoofdgroenstructuur kan, die is te sterk, want we moeten toch- Meerderen van u hebben gezegd, bij een complete stad hoort juist ook die sport. We gaan er wel heel voorzichtig mee om. Bijvoorbeeld, we hebben ook gezegd, als er ergens kunstgrasvelden komen, dan moet de ecologische zoom extra versterkt worden. Maar we moeten wel ook keuzes maken. Dat merk ik af en toe dat Partij voor de Dieren daar wat conservatiever in zit en zegt, laat het maar zoals het is. En dan kan je ergens wel wat bij doen, maar je kan de andere dingen niet veranderen. Het is een dynamische stad en ook sport kan in de hoofdgroenstructuur. Het uitgangspunt is natuurlijk wel dat er in principe niet wordt gebouwd. Dan de MRA-afspraken, motie van mevrouw Bloemberg-Issa, 2021.558, waarbij u stelt dat regionale afspraken die niet zijn goedgekeurd door de raad volkomen vrijblijvend zijn. Ik denk dat dat niet een goed signaal is richting onze partners in de MRA.

Het is natuurlijk zo dat het niet al juridisch ingekaderd is, maar we maken nu juist heel veel afspraken regionaal om te zorgen dat we ook bijvoorbeeld op een aantal punten samen dat landschap bewaren, samen kijken hoe klimaatadaptie eruit moet zien, samen de biodiversiteit en ecologie- Maar ook de woningbouwopgave zo doen, zodat we als regio ook dat in balans met elkaar kunnen doen. Dus het is logisch dat we afspraken maken. Belangrijke afspraken komen ook telkens uw kant op. Dat is via verschillende portefeuilles. En straks bespreken we de Verstedelijkingsstrategie waar al deze punten langskomen. Daar kunt u ook uw wensen en bedenkingen in meegeven. Ik ontraad het aannemen van deze motie. Dan de motie van mevrouw Bloemberg-Issa cum suis 2021.559 over de klimaatscenario’s te onderzoeken. Dat lijkt me een heel erg goed idee. Dat geeft ons ook weer richting. Ik zou er één kanttekening bij willen maken. Mevrouw Bloemberg-Issa vraagt om direct te starten met het onderzoek. Wij zouden graag even wachten tot het nieuwe klimaatsignaal van het KNMI. Dat wordt waarschijnlijk eind dit jaar uitgebracht. Dan hebben we de laatste cijfers en dan kunnen we ook het best dat onderzoek gaan doen. Maar verder geen bezwaar tegen aanneming van deze motie. Dan motie 2021.560 om de bodemdaling tegen te gaan. Dat is natuurlijk van groot belang. Deze motie kan ik dan ook positief preadviseren.

Geen bezwaar tegen aanneming. Dan motie 2021.561 over het handhaven, beperken of verbieden van terrasverwarmers. Ik heb gezegd in eerdere gesprekken dat we in het kader van het Omgevingsplan verder gaan kijken naar regelgeving omtrent terrasverwarming. Dat lijkt me ook de beste plek om dat te gaan doen. Op dit moment zijn er al regels en staat er al welke vormen toegestaan zijn of niet. Het lijkt me goed dat we echt het Omgevingsplan gebruiken. En geloof me, daar hebben we dan ook nog een discussie te voeren over hoe je tegen terrasverwarming aankijkt. Laten we dat doen op het moment dat het daarvoor het beste is. Dan denk ik dat we daar dan op dat moment de discussie het beste over kunnen gaan voeren. Dus op dit moment ontraden. (Mevrouw BLOEMBERG-ISSA: Wil de wethouder dan wel toezeggen dat wij ruim op tijd voor het Omgevingsplan informatie krijgen over de mogelijkheden die het Omgevingsplan biedt met betrekking tot terrasverwarmers?) Ja, dat zal ik gaan uitzoeken. U weet natuurlijk ook dat het Omgevingsplan wat op zich laat wachten, omdat de Omgevingswet op zich laat wachten. Dus dan zitten we wel halverwege 2022.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10511596/1