Toelichting Vaststellen bestemmingsplan ‘Herziening Amstelveen Zuid-West 2014 - ZetterijGrutterij’ met gecoördineerde omgevingsvergunning
Tekst van het document
TOELICHTING Bestemmingsplan Herziening Amstelveen Zuid-West 2014 - Zetterij/Grutterij
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 1 van 41
Inhoudsopgave HOOFDSTUK 1 INLEIDING 1.1 Aanleiding en doelstelling 1.2 Ligging en begrenzing plangebied 1.3 Geldend bestemmingsplan 1.4 Leeswijzer HOOFDSTUK 2 PLANBESCHRIJVING 2.1 Uitgangspunten 2.2 Huidige situatie 2.3 De ontwikkeling 2.4 Belemmeringen 2.5 Motivering gemaakte keuzes HOOFDSTUK 3 PLANOPZET 3.1 Algemeen 3.2 De bestemmingen HOOFDSTUK 4 UITVOERBAARHEID 4.1 Economische uitvoerbaarheid 4.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 4.3 Handhaving HOOFDSTUK 5 BELEIDSKADER 5.1 Inleiding 5.2 Rijksbeleid 5.3 Provinciaal beleid 5.4 Gemeentelijk beleid HOOFDSTUK 6 OMGEVINGSKWALITEIT 6.1 Bodem 6.2 Water 6.3 Archeologie en cultuurhistorie 6.4 Geluid 6.5 Luchtkwaliteit 6.6 Externe veiligheid 6.7 Natuur en Ecologie 6.8 Besluit milieueffectrapportage (m.e.r.)
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
3 3 3 4 6 7 7 7 8 11 12 13 13 13 16 16 16 20 21 21 21 24 26 31 31 32 36 36 37 38 39 41
pagina 2 van 41
HOOFDSTUK 1 INLEIDING 1.1 Aanleiding en doelstelling De Gamma, nu nog gesitueerd op de Grutterij 1, wil graag uitbreiden. Dat is op de huidige locatie niet mogelijk. Om die reden wil men verhuizen naar de Zetterij nabij nr. 8. Door middel van een huisnummerbeschikking heeft het perceel het adres Zetterij 12 toegekend gekregen. Op de Zetterij ligt momenteel een stuk grond braak. Op deze locatie was ooit een jongerencentrum bedacht en naast de school, MBO College Amstelland, zou een bedrijfsverzamelgebouw worden gerealiseerd. Deze plannen zijn echter niet tot uitvoering gekomen. Op de Zetterij hebben de gronden de bestemming "Gemengd 2". Binnen deze bestemming is geen perifere detailhandel toegestaan. Op de huidige locatie van de Gamma aan de Grutterij geldt de bestemming "Gemengd 4" met een nadere aanduiding dat perifere detailhandel is toegestaan. Aangezien perifere detailhandel op bedrijventerreinen in Amstelveen niet zonder meer mag toenemen, wordt met dit bestemmingsplan de aanduiding perifere detailhandel op het perceel aan de Grutterij van de verbeelding gehaald. Deze aanduiding wordt dan toegevoegd aan de verbeelding op de nieuwe locatie aan de Zetterij. De gemeente Amstelveen faciliteert met onderhavig bestemmingsplan de door de Gamma gewenste verhuizing van de Grutterij naar de Zetterij en geeft deze een juridischplanologische status.
1.2 Ligging en begrenzing plangebied Beide locaties zijn gelegen in het zuidwesten van Amstelveen. De locatie Grutterij ligt op bedrijventerrein Legmeer en de locatie Zetterij ligt iets noordelijker op bedrijventerrein Bovenkerk.
Figuur 1: ligging plangebied
Grutterij 1 Bedrijventerrein Legmeer is gesitueerd tussen de wijken Westwijk (ten westen en ten zuiden) en Middenhoven (ten oosten). De Grutterij 1 is gelegen op de hoek met de Spinnerij aan de westkant van het bedrijventerrein.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 3 van 41
Figuur 2: begrenzing locatie de Grutterij 1
Zetterij nabij nr. 8 Bedrijventerrein Bovenkerk is gesitueerd tussen de wijken Bovenkerk (ten westen en ten noorden) en Keizer Karelpark (ten oosten). De Zetterij nabij nr. 8 ligt ten zuiden van de weg en ten westen van de Maalderij.
Figuur 3: begrenzing locatie nabij de Zetterij 8
1.3 Geldend bestemmingsplan Beide locaties zijn gelegen in het vigerende bestemmingsplan "Amstelveen ZuidWest 2014".
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 4 van 41
Figuur 4: uitsnede plankaart geldend bestemmingsplan en geprojecteerde nieuwe situatie nabij Zetterij 8
De gronden waarop het bouwplan is voorzien hebben ingevolge het geldende bestemmingsplan de bestemmingen "Gemengd 2" (artikel 8), "Groen" (artikel 11) en "Water" (artikel 25). Daarnaast gelden de dubbelbestemmingen "Leiding Gas" (artikel 36) en "Leiding Water" (artikel 37). Ten slotte gelden ter plaatse de gebiedsaanduidingen "LuchtvaartverkeerzoneLIB artikel 2.2.2" (artikel 44) en "LuchtvaartverkeerzoneLIB artikel 2.2.3" (artikel 45). Binnen de bestemming "Gemengd 2" is perifere detailhandel uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding "perifere detailhandel". Nu deze aanduiding op het plangebied aan de Zetterij ontbreekt, is de gewenste vestiging van de Gamma in strijd met de bestemming "Gemengd 2". Het bouwplan is vanzelfsprekend ook in strijd met de bestemmingen "Groen" en "Water" van het geldende bestemmingsplan.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 5 van 41
Figuur 5: uitsnede plankaart geldend bestemmingsplan Grutterij 1
Het perceel Grutterij 1 heeft de bestemming "Gemengd 4" met de functieaanduiding "detailhandel perifeer" (dhp). Deze functieaanduiding wordt verplaatst naar de Zetterij en komt voor de Grutterij dus te vervallen. Het onderhavige bestemmingsplan vervangt voor beide locaties het geldende bestemmingsplan, dat aldus gedeeltelijk komt te vervallen.
1.4 Leeswijzer In hoofdstuk twee worden de uitgangspunten van het ruimtegebruik voor de komende tien jaar gegeven. Hoofdstuk drie bevat de juridische vertaling van de visie van het bestemmingsplan. In hoofdstuk vier komt de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan aan bod. Om een indruk te krijgen wat met het bestemmingsplan wordt beoogd en hoe het juridisch wordt vertaald, is het lezen van deze hoofdstukken voldoende. Hoofdstuk vijf en zes geven de achtergronden, toelichting op en motivering van de gemaakte keuzen weer die uiteindelijk hebben geleid tot de planopzet. In hoofdstuk vijf wordt een beschrijving gegeven van het relevante rijks, provinciaal en gemeentelijk beleid. In hoofdstuk zes komen de omgevingsaspecten aan bod.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 6 van 41
HOOFDSTUK 2 PLANBESCHRIJVING 2.1 Uitgangspunten Het bestemmingsplan "Herziening bestemmingsplan Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij" komt overeen met de Structuurvisie 2025+ en de daarbij behorende uitvoeringsparagraaf. In hoofdstuk 5 wordt nader ingegaan op de relatie tussen het bestemmingsplan en de structuurvisie. Tevens wordt het overige relevante beleid daar behandeld. Het bestemmingsplan is ontwikkelgericht en maakt de bouw van een nieuwe Gamma mogelijk op de locatie Zetterij nabij nr. 8, waar nu geen perifere detailhandel is toegestaan. Gelet op het gemeentelijke detailhandelsbeleid en het provinciale beleid wordt de aanduiding "perifere detailhandel" ter plaatse van de locatie Grutterij 1 van de planverbeelding verwijderd.
2.2 Huidige situatie De bedrijventerreinen Legmeer en Bovenkerk maken onderdeel uit van het plangebied van het bestemmingsplan "Amstelveen Zuid – West 2014". Bedrijventerrein Legmeer Het bedrijventerrein Legmeer ligt aan de zuidkant van Amstelveen en is ca. 25 ha groot. Het terrein is over de weg bereikbaar via de Bovenkerkerweg (N521). Het bedrijventerrein is grotendeels eind jaren zeventig, begin jaren tachtig gerealiseerd. Binnen Legmeer kan onderscheid worden gemaakt tussen drie deelgebieden: in het noordelijk deel staat het gebouw van Canon, het middelste gedeelte van Legmeer betreft een bedrijventerrein en aan de westzijde van Legmeer, aan de Spinnerij, is eind jaren negentig een nieuwe rand bedrijventerrein toegevoegd. Inmiddels is door de ontwikkeling van met name Westwijk het bedrijventerrein Legmeer meer in de stad komen te liggen. Legmeer is een gemengd, deels verouderd, bedrijventerrein met een hogere milieucategorisering dan Bovenkerk. Op het terrein zijn productie en groothandelsbedrijven, autobedrijven, drukkerijen en zakelijke dienstverleners gevestigd. Ook zijn er kantooractiviteiten te vinden en is de gemeentewerf plus afvalbrengstation ter plekke gevestigd. Verder hebben een aantal bedrijven een publieksaantrekkende functie. Bijvoorbeeld een indoor golfbaan, sportschool, partycentrum, bouwmarkt en een dansschool.
Tevens beschikt een aantal bedrijven over een bedrijfswoning. Behoudens de Gamma is detailhandel op Legmeer niet toegestaan. Bedrijventerrein Bovenkerk Het bedrijventerrein Bovenkerk vormde in de jaren zestig van de vorige eeuw de eerste bedrijfsontwikkeling ten zuiden van de Noorddammerlaan, aan de rand van Amstelveen. Inmiddels is het bedrijventerrein door de ontwikkeling van woonwijken midden in de stad komen te liggen. De bedrijfspanden zijn gericht op de ontsluitingswegen. De bebouwing betreft bedrijfshallen, kantoorgebouwen en gecombineerde complexen waarin meerdere bedrijven zijn gehuisvest. Het bedrijventerrein Bovenkerk is ca. 15 ha groot en wordt ontsloten vanaf de Zetterij. De hoofdontsluiting wordt gevormd door de centrale noordzuidas 'Maalderij’. Deze as kan als bindende drager van het bedrijventerrein worden gezien.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 7 van 41
Een deel van het bedrijventerrein is in gebruik voor perifere detailhandel. Daarnaast zijn een supermarkt en een kringloopwinkel ter plaatse gevestigd. Verder zijn gemengde bedrijvigheid en kantooractiviteiten toegestaan. Ook zijn er enkele maatschappelijke functies en een sportschool gevestigd. Bovenkerk is door de aanwezigheid van de verschillende functies getransformeerd naar een gemengd bedrijventerrein met een publieksgericht karakter.
2.3 De ontwikkeling De uitgangspunten van dit bestemmingsplan hebben consequenties op ruimtelijk en op functioneel niveau. In deze paragraaf wordt de beschreven welke fysieke veranderingen plaats zullen vinden en op welke wijze de gronden gebruikt zullen gaan worden. 2.3.1 Veranderingen op ruimtelijk niveau In de bestaande situatie is de Gamma gevestigd in het gebouw op het perceel de Grutterij 1. Het perceel is ruim 5.000 m2 groot, het gebouw heeft een oppervlakte van ruim 2.600 m2 en mag ingevolge het vigerende bestemmingsplan een maximale bouwhoogte hebben van 15 meter. Het gebouw kan worden gehandhaafd, maar ook is een kwalitatieve en duurzame herontwikkeling mogelijk in het kader van de voorgestane transformatie van bedrijventerrein Legmeer.
Figuur 6: aanzicht zuidgevel huidige Gamma aan de Grutterij 1
Figuur 7: aanzicht westgevel huidige Gamma aan de Grutterij 1
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 8 van 41
In de bestaande situatie zijn de gronden aan de Zetterij nabij nr. 8 onbebouwd en liggen braak. Het terrein heeft een oppervlakte van bijna 1,2 ha.
Figuur 8: het te bebouwen perceel aan de Zetterij
Het te realiseren nieuwe bedrijfsgebouw voor de Gamma krijgt een grootte van ca. 4.000 m2 bruto vloeroppervlak, inclusief kantoorruimte. De maximale bouwhoogte bedraagt ca. 6,7 meter. De dakconstructie is geschikt voor het dragen van zonnepanelen. Op eigen terrein worden, naast de bij de bouwmarkt behorende buitenruimte, 123 parkeerplaatsen aangelegd.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 9 van 41
Figuur 9: bestaande en nieuwe situatie
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 10 van 41
Figuur 10: gevels
2.3.2 Veranderingen op functioneel niveau Het gebouw op het perceel Grutterij 1 wordt thans gebruikt door de Gamma. Met onderhavig bestemmingsplan wordt de functieaanduiding "detailhandel perifeer" (dhp) van het perceel verwijderd. De vigerende bestemming "Gemengd 4" wordt gehandhaafd. Daarmee mogen het gebouw en de daarbij behorende gronden worden gebruikt voor een scala aan functies, zoals bedrijven, cultuur en ontspanning, sport en maatschappelijke voorzieningen. In de nieuwe situatie aan de Zetterij wordt de functieaanduiding "detailhandel perifeer" (dhp) toegevoegd aan de bestemming "Gemengd 2". Daarmee wordt naast de reeds toegestane functies, zoals bedrijfsactiviteiten, cultuur en ontspanning en sport, perifere detailhandel toegestaan. Voor bedrijventerrein Legmeer is in het vigerende bestemmingsplan geregeld, dat binnen de bestemming "Gemengd 4" automobielbedrijven, zijn toegestaan. Voor bedrijventerrein Bovenkerk geldt dat niet. Hier zijn automobielbedrijven uitsluitend toegestaan ter plaatse van de desbetreffende functieaanduiding. Daarom worden voor het perceel aan de Zetterij binnen de functieaanduiding "detailhandel perifeer" automobielbedrijven uitgesloten.
2.4 Belemmeringen De beoogde ontwikkeling dient te voldoen aan een goede ruimtelijke ordening. Dat wil zeggen dat het bestemmingsplan in ieder geval moet voldoen aan de relevante Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 11 van 41
ruimtelijke en milieutechnische wetgeving. Hoofdstuk 6 gaat nader in op de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan in relatie tot de omgevingsaspecten. Op voorhand zijn binnen of in de nabijheid van het bestemmingsplangebied enkele belemmeringen bekend, waarmee rekening moet worden gehouden bij de planontwikkeling en het vaststellen van dit bestemmingsplan. Ten noorden van het plangebied ligt een hoofdwatertransportleiding. Aan weerszijden van deze leiding ligt een strook van 10 meter waarbinnen niet mag worden gebouwd of gegraven. Binnen het plangebied liggen meerdere hogedruk aardgastransportleidingen en een afsluiterlocatie van de Gasunie. Aan weerszijden van de buisleidingen geldt een belemmeringenstrook van ten minste 4 meter, gemeten vanuit het hart van de leiding. Rondom de afsluiterlocatie geldt een zone van ten minste 4 meter, die vrij moet worden gehouden van bouwwerken waarin zich ten minste 50 personen kunnen bevinden.
2.5 Motivering gemaakte keuzes Het aanbod perifere detailhandel concentreert zich bijna volledig op het bedrijventerrein Bovenkerk. Het verplaatsen van de Gamma van bedrijventerrein Legmeer naar bedrijventerrein Bovenkerk past in de voorgestane centralisatie van de perifere detailhandel en versterkt dit winkelcluster op het bedrijventerrein Bovenkerk. Aan de andere kant wordt het meer bedrijfsmatige karakter van bedrijventerrein Legmeer versterkt door het verwijderen van de enige perifere detailhandelsvestiging op dit terrein. Het vrijkomen van het perceel Grutterij 1 biedt kansen om het perceel te herontwikkelen in het kader van de voorgenomen transformatie van bedrijventerrein Legmeer.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 12 van 41
HOOFDSTUK 3 PLANOPZET 3.1 Algemeen In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de wijze waarop de gewenste ruimtelijke en functionele ontwikkeling van het plangebied juridisch is vertaald. In het voorgaande hoofdstuk is beschreven welke ontwikkelingen in het plangebied plaatsvinden. In dit hoofdstuk wordt aangegeven welke juridischplanologische instrumenten daarbij worden ingezet. De Wet ruimtelijke ordening (Wro) die per 1 juli 2008 in werking is getreden verplicht gemeenten tot het opstellen van een bestemmingsplan voor het gehele grondgebied. In de Wro en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is nader uitgewerkt uit welke onderdelen een bestemmingsplan in ieder geval moet bestaan. Het juridische deel van het bestemmingsplan bestaat uit de verbeelding en de regels. Deze onderdelen zijn bindend. De regels bevatten samen met de verbeelding het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden en gebouwen en bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing. De toelichting is niet juridisch bindend, maar wordt als handvat en interpretatiekader voor het bestemmingsplan gebruikt. De bruikbaarheid van deze instrumenten is geheel afhankelijk van het doel van het bestemmingsplan en de gewenste bestemmingsmethodiek van de gemeente Amstelveen. Uitgangspunt is dat het bestemmingsplan moet voorzien in een passende regeling voor de komende tien jaar.
3.2 De bestemmingen Hoofdstuk 1 Inleidende regels Begrippen (artikel 1) In dit artikel worden de relevante begrippen gedefinieerd die in de planregels worden gebruikt. Wijze van meten (artikel 2) In dit artikel wordt aangegeven op welke de diverse maten moeten worden gemeten en de oppervlakte van bouwwerken worden berekend om zo een eenduidige toepassing van de regels te bewerkstelligen. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Gemengd2 (artikel 3) In dit artikel worden de diverse toegestane functies binnen deze bestemming opgesomd. Voor zover mogelijk is aansluiting gezocht bij de bestemming, zoals die geldt in het bestemmingsplan 'Amstelveen ZuidWest 2014'. De Staat van Bedrijfsactiviteiten omvat alle branches van bedrijvigheid, dienstverlening, horeca en maatschappelijke activiteiten die toelaatbaar kunnen zijn. In dit artikel is specifiek aangegeven welke branches zijn toegelaten. Om de vestiging van de Gamma aan de Zetterij mogelijk te maken is de aanduiding 'detailhandel perifeer' opgenomen. Ter plaatse van deze aanduiding is, naast de overige genoemde functies, derhalve perifere detailhandel toegestaan. Automobielbedrijven zijn, overeenkomstig het eerdergenoemde bestemmingsplan, uitgesloten.
In het artikel is een kwalitatieve verplichting opgenomen om de bouw van het in het akoestisch onderzoek meegenomen scherm langs de buitenruimte van het kinderdagverblijf aan de Maalderij te borgen. Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 13 van 41
Groen (artikel 4) Deze bestemming geldt voor het openbaar groen en daaraan ondergeschikte voorzieningen. Verkeer (artikel 5) Onder de verkeersbestemming vallen de verkeerswegen ten dienste van gemotoriseerd verkeer, fiets en voetpaden en daarbij behorende bouwwerken en voorzieningen. Water (artikel 6) De gronden die bestemd zijn voor water en gerelateerde functies en voorzieningen hebben de bestemming 'Water'. Het gaat om die gronden waar vanuit het oogpunt van voldoende waterbergingscapaciteit en goede doorstroming ook daadwerkelijk water moet worden aangelegd. Steigers zijn in beperkte mate toegestaan voor de scouting. Gemengd4Voorlopig (artikel 7) Deze bestemming geldt voor de locatie aan de Grutterij. Omdat aan de Zetterij de aanduiding 'detailhandel perifeer' is opgenomen, wordt deze aanduiding aan de Grutterij verwijderd. Vanwege de verwachte bouwtijd van het nieuwe bedrijfsgebouw aan de Zetterij, is een overgangsperiode opgenomen waarbinnen de Gamma haar bedrijfsvoering aan de Grutterij kan continueren. Door middel van het opnemen van een voorlopige bestemming kan de Gamma nog maximaal twee jaren, nadat het bestemmingsplan in werking is getreden, aldaar gevestigd blijven. Na die twee jaren komt de voorlopige bestemming te vervallen en treedt de definitieve bestemming in werking. Perifere detailhandel is dan niet langer toegestaan aan de Grutterij.
LeidingGas (artikel 8) Deze dubbelbestemming beschermt de belangen van de in het plangebied aanwezige hogedruk gastransportleidingen en de afsluiterlocatie. In het geval van strijdigheid van belangen tussen een (enkel)bestemming en een dubbelbestemming, gaat het belang van de dubbelbestemming voor. In artikel 17 van de regels is de onderlinge rangorde bepaald van de dubbelbestemmingen bepaald in het geval deze geheel of gedeeltelijk samenvallen. LeidingWater (artikel 9) Deze dubbelbestemming beschermt de belangen van de in het plangebied aanwezige hoofdwatertransportleiding. Voor de onderlinge relatie met andere onderliggende bestemmingen en de rangorde tussen de diverse dubbelbestemmingen wordt verwezen naar de toelichting op artikel 8. WaardeArcheologie 5 (artikel 10) Deze dubbelbestemming beschermt de belangen van eventueel in het plangebied voorkomende archeologische waarden. Het plangebied kent een relatief lage verwachtingswaarde (5), die is gebaseerd op de gemeentelijke archeologische verwachtings en beleidsadvieskaart. Voor de onderlinge relatie met andere onderliggende bestemmingen en de rangorde tussen de diverse dubbelbestemmingen wordt verwezen naar de toelichting op artikel 8.
Hoofdstuk 3 Algemene regels Antidubbeltelregel (artikel 11) Deze bepaling dient om te voorkomen dat bijvoorbeeld een grondoppervlak, dat in een bepaald geval al eens als berekeningsgrondslag voor de toelaatbare oppervlakte aan bebouwing heeft gediend, later nog eens als berekeningsgrondslag voor een ander bouwwerk wordt gebruikt, maar dat dan tot gevolg heeft dat in het eerste geval een situatie ontstaat die afwijkt van het plan. Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 14 van 41
Algemene bouwregels (artikel 12) In dit artikel staan de regels voor toegelaten overschrijdingen en ondergronds bouwen. In lid 12.1 (toegelaten overschrijdingen) wordt aangegeven in welke gevallen de in dit plan aangegeven bestemmingsgrenzen, bouwgrenzen en/of hoogtematen mogen worden overschreden. In lid 12.2 wordt aangegeven onder welke voorwaarden ondergronds bouwen mogelijk is. Algemene afwijkingsregels (artikel 13) In dit artikel is een aantal algemene afwijkingsmogelijkheden opgenomen. Het betreft onder meer kleine afwijkingen ten behoeve van een betere ruimtelijke en/of technische uitvoerbaarheid, als ook mogelijkheden voor kleine gebouwen voor het openbaar belang en groene daken. LuchtvaartverkeerszoneLIB (artikel 14, 15 en 16) In deze drie artikelen wordt aangegeven welke beperkingen, op grond van het Luchthavenindelingbesluit (LIB) Schiphol, gelden op de gronden binnen de drie gebiedsaanduidingen 'luchtvaartverkeerzone'. Binnen deze zones met de gebiedsaanduidingen gelden regels ten aanzien van maximale bouwhoogtes (toetshoogte en radarhoogte) en regels met betrekking tot vogelaantrekkende werking. Overige regels (artikel 17) In lid 17.1 is bepaald dat de in het plan genoemde wet en regelgeving moet worden gelezen, zoals die geldt op het moment van tervisielegging van het bestemmingsplan.
In lid 17.2 is geregeld dat, in het geval van strijdigheid van belangen tussen een (enkel)bestemming en een dubbelbestemming, het belang van de dubbelbestemming prevaleert. Ook is de onderlinge rangorde bepaald van de dubbelbestemmingen voor het geval deze geheel of gedeeltelijk samenvallen. Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Overgangsrecht (artikel 18) Samengevat wordt hierin gewaarborgd dat bouwwerken en gebruiksvormen die bij de totstandkoming van het plan reeds bestaan, maar nu in strijd raken met het plan, mogen blijven bestaan. Daarbij wordt het mogelijk gemaakt om op te treden tegen eerder ontstaan illegaal gebruik. Slotregel (artikel 19) Voor de duidelijkheid, o.a. bij benoeming en verwijzing, is hierin een eenduidige naam voor het gehele plan inclusief de toelichting aangegeven.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 15 van 41
HOOFDSTUK 4 UITVOERBAARHEID 4.1 Economische uitvoerbaarheid 4.1.1 Financieel-economische haalbaarheid De gemeente heeft in het kader van dit bestemmingsplan met initiatiefnemer twee overeenkomsten gesloten. Eén overeenkomst heeft betrekking op de verkoop van gronden aan de Zetterij en de andere overeenkomst ziet op verhaal van de grondexploitatiekosten. Initiatiefnemer heeft het perceel gekocht dat plaatselijk bekend staat als gelegen aan de Zetterij 8 te Amstelveen, kadastraal bekend gemeente Amstelveen, sectie O, nummer 8265 (geheel), ter grootte van 6.985 m². De gemeente was eigenaar van een perceel grond, plaatselijk bekend als gelegen aan de Zetterij naast 8 te Amstelveen, kadastraal bekend gemeente Amstelveen, sectie O, nummer 6669 (gedeeltelijk), ter grootte van circa 4.703 m² en sectie O, nummer 8924 (gedeeltelijk) ter grootte van circa 240 m², in totaal ter grootte van circa 4.943 m². Het perceel is door de gemeente verkocht aan de initiatiefnemer van het bouwplan. De realisatie van de in dit bestemmingsplan rechtstreeks mogelijk gemaakte ontwikkelingen op de genoemde percelen is in handen van één ontwikkelende partij. Met deze partij heeft de gemeente een anterieure overeenkomst gesloten als beschreven in paragraaf 4.1.2.
Niet is gebleken dat de ontwikkelende partij over onvoldoende middelen beschikt om de bedoelde ontwikkelingen te kunnen realiseren en de exploitatiebijdrage aan de gemeente te voldoen. 4.1.2 Verhaal van kosten De gemeente is op grond van artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening verplicht om bij het mogelijk maken van een bouwplan als bedoeld in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening, een exploitatieplan vast te stellen ten behoeve van het verhalen van de door de gemeente te maken kosten, tenzij voorafgaand aan de vaststelling van de bestemmingswijziging een overeenkomst tot stand is gekomen waarin dit kostenverhaal is verzekerd. Voorliggend bouwplan voorziet in de bouw van een hoofdgebouw bestaande uit een bedrijfsgebouw. Op grond van artikel 6.2.1 sub b van het Bro betreft het derhalve een bouwplan waarvoor in principe een exploitatieplan dient te worden opgesteld. Op 30 juli 2019 heeft de gemeente met aanvrager, ten behoeve van onderhavige grondexploitatie, een anterieure overeenkomst gesloten waarin de kosten voor de grondexploitatie worden verhaald op aanvrager. In dit geval is sprake van kostenverhaal via de gronduitgifte (percelen voorheen in eigendom gemeente, O, nummers 6669 en 8924) en kostenverhaal via de anterieure overeenkomst (perceel sectie O, nummer 8265, facilitaire ontwikkeling/zelfrealisator).
Het verhaal van kosten is derhalve anderszins verzekerd. Voorts is het niet nodig een tijdvak of fasering of regels, dan wel een uitwerking van regels publiekrechtelijk op te leggen. Het opstellen van een exploitatieplan is dan ook niet noodzakelijk.
4.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 16 van 41
4.2.1 Inspraak Periode en reacties Overeenkomstig de inspraakverordening van de gemeente Amstelveen heeft het voorontwerp van het bestemmingsplan voor inspraak ter inzage gelegen van 22 oktober 2019 tot en met 18 november 2019. Op 12 november 2019 is één inspraakreactie van de Praxis ontvangen. Zakelijke weergave reactie Het plan kent een tekort van 7 parkeerplaatsen en doordat geen rekening is gehouden met de draaicirkel van een vrachtwagen kunnen de parkeerplaatsen nabij het magazijn niet als zodanig worden gebruikt. De weg naar het magazijn toe is te smal om twee vrachtwagens te laten passeren, zodat er 1 voor op het parkeerterrein of op de doorgaande weg komt stil te staan. Dit leidt tot ernstige belemmering van de doorstroming van verkeer op de Zetterij. Beoordeling reactie De behoefte aan parkeerplaatsen wordt getoetst aan de gemeentelijke Parkeernota. Een bouwmarkt valt onder de categorie winkelen in ‘Overige detailhandel’. Dit betekent dat een parkeernorm geldt van 3 parkeerplaatsen per 100 m2 bruto vloeroppervlak (bvo). Het plan voorziet in ca. 4.089 m2 bvo. Uitgaande van 4.100 m2 bvo, zijn derhalve 123 parkeerplaatsen op eigen terrein benodigd. Het bouwplan voorziet hierin en daarmee wordt voldaan aan de uitgangspunten van en de normen uit de Parkeernota. In onderstaande figuur is de benodigde draaicirkel van vrachtwagens weergegeven.
Daaruit valt niet alleen op te maken dat de draaicirkel voldoende is en de parkeerplaatsen nabij het magazijn dus ook als zodanig kunnen worden gebruikt, maar tevens blijkt hieruit dat op deze wijze is voorzien in een eventuele opstelplaats voor een vrachtwagen. Derhalve valt niet in te zien dat de doorstroming van verkeer op de Zetterij zou worden belemmerd door aanrijdende vrachtwagens.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 17 van 41
Figuur 11: draaicirkel vrachtwagen
4.2.2 Vooroverleg In het kader van het wettelijk vooroverleg op grond van artikel 3.1.1. van het Besluit op de ruimtelijke ordening is het voorontwerp bestemmingsplan toegezonden aan een aantal instanties op 17 oktober 2019. De toezending is gedaan met het verzoek om binnen vier weken nadien te reageren en met de mededeling dat, indien niet binnen die termijn is gereageerd, wordt aangenomen, dat het voorontwerp bestemmingsplan geen aanleiding heeft gegeven tot het maken van opmerkingen. De volgende instanties zijn in de gelegenheid gesteld om een vooroverlegreactie te geven: 1. Gedeputeerde Staten van NoordHolland; 2. Waterschap Amstel, Gooi en Vecht; 3. Gasunie; 4. PWN NoordHolland; 5. Brandweer AmsterdamAmstelland. De instanties vermeld onder de nummers 1 en 4 hebben niet gereageerd, zodat mag worden aangenomen, dat het voorontwerp geen aanleiding heeft gegeven tot het maken van opmerkingen. De instanties vermeld onder de nummers 2, 3 en 5 hebben inhoudelijk schriftelijk gereageerd op het voorontwerp bestemmingsplan. Hieronder volgt een samenvatting van de reacties en het commentaar daarop van het college van burgemeester en wethouders. Waterschap Amstel, Gooi en Vecht Zakelijke weergave reactie Sinds 1 november 2019 is een nieuwe keur van kracht die meer geënt is op de Omgevingswet. De uitgangspunten blijven grotendeels hetzelfde, veranderingen zijn vooral in de details.
Een aantal onderwerpen ontbreekt in de waterparagraaf: inrichting oppervlaktewater, waterkwaliteit en klimaatadaptatie. Voor deze onderwerpen wordt een tekstvoorstel gedaan. Beoordeling reactie Het voorontwerp bestemmingsplan is in procedure gebracht voor 1 november 2019. Nu het ontwerpbestemmingsplan na deze datum in procedure wordt gebracht, is de tekst in paragraaf 6.2.1.4 (Beleid Waterschap Amstel, Gooi en Vecht) aangepast. Het tekstvoorstel is integraal overgenomen. Aan de reactie van het Waterschap is tegemoet gekomen en de benodigde Watervergunning is door haar verleend op 13 augustus 2020. Daarmee is het vooroverleg met het Waterschap afgerond. Gasunie Zakelijke weergave reactie In het plan wordt een aantal maal gesproken over de aanwezigheid van een ‘gasverdeelstation’. Deze term past echter meer bij een gasontvangstation, wat een gemetseld gebouw is waarbinnen de gasdruk wordt gereduceerd. In dit geval betreft het een ondergronds gelegen ‘afsluiterlocatie’. Verzocht wordt ‘gasverdeelstation’ te wijzigen in ‘afsluiterlocatie’.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 18 van 41
Voor het onderhavige plan zijn door Gasunie voorwaarden gesteld voor het opnieuw inrichten van het terrein. Hierover is nog geen formele overeenstemming, omdat wij nog informatie dienen te ontvangen over de volgende aspecten: <0000> definitieve inrichtingstekening; <0000> mogelijke zettingen; <0000> toegankelijkheid van het terrein en de afsluiters; <0000> bebouwingsafstand van 21 meter uit de 4” afblaasleidingen. Beoordeling reactie In de tekst is ‘gasverdeelstation’ gewijzigd in ‘afsluiterlocatie’. Blijkens telefonische navraag zijn de gevraagde gegevens verstrekt en de verwachting is dat formele overeenstemming op korte termijn wordt bereikt. Het vooroverleg met de Gasunie is hiermee afgerond. Mocht onverhoopt toch niet tot overeenstemming worden gekomen, dan heeft de Gasunie de mogelijkheid om tegen het ontwerpbestemmingsplan een zienswijze naar voren te brengen. Brandweer Amsterdam-Amstelland Zakelijke weergave reactie Voorgesteld wordt de in onderstaande tabel weergegeven maatregelen te nemen.
Figuur 12: door Brandweer geadviseerde maatregelen
Beoordeling reactie De voorgestelde maatregelen zijn integraal overgenomen. Voor het bestemmingsplan zijn vooral de planologische maatregelen van belang. De opstelplaatsen zijn opgenomen in figuur 7 en aanvullende bluswatervoorzieningen kunnen worden gerealiseerd. Aan de noordoostzijde van het plangebied is een nieuwe brug opgenomen (zie eveneens figuur 7), waardoor twee verschillende vluchtwegen aanwezig zijn. Door het overnemen van de voorgestelde maatregelen is het vooroverleg met de Brandweer afgerond. Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 19 van 41
4.2.3 Zienswijzen Van 22 oktober tot en met 2 december 2020 heeft het ontwerpbestemmingsplan gecoördineerd met het ontwerpbesluit van de omgevingsvergunning, conform afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn twee reacties ontvangen. Waterschap Amstel Gooi & Vecht Het waterschap geeft aan dat zij reeds nauw betrokken is geweest bij de ontwikkeling van de nieuwe Gamma in het kader van de watertoets. Zij heeft dan ook geen commentaar op het ontwerpbestemmingsplan. Groenraad Amstelveen Op 17 december 2020 heeft de Groenraad zijn zienswijze ingetrokken, omdat het was bedoeld als een advies. De Groenraad heeft overleg gehad met de initiatiefnemer en daarbij is consensus bereikt over wijzigingen in de beplanting en een gedeeltelijke of gehele bestrating van de parkeerplaats met waterdoorlatend materiaal. Dergelijke wijzigingen van het plan behoeven geen planologische regeling. Conclusie De ingekomen reacties geven geen aanleiding het bestemmingsplan te wijzigen ten opzichte van het ontwerpplan.
4.3 Handhaving Wanneer een bestemmingsplan onherroepelijk is geworden, dan is de discussie over de inhoud van het plan afgerond en dienen overheid en burgers zich aan het plan te houden. Gebruik en/of bouwen dat niet in overeenstemming is met de verbeelding en/of de planregels is dan in strijd met het geldende bestemmingsplan. De zorg dat situaties gedurende de planperiode in overeenstemming zijn en blijven met het geldende bestemmingsplan valt onder het begrip handhaven. Goede handhaving vereist dat, naast de overheid ook belanghebbenden en de gebruikers van een plangebied op eenvoudige wijze kennis kunnen nemen van de inhoud van het geldende bestemmingsplan. Om dit te bereiken zijn bestemmingsplannen digitaal toegankelijk via het internet. Een bestemmingsplan dient een handhavingsparagraaf te bevatten. Hierin dient een toelichting te worden gegeven op de wijze waarop de gemeente het juridische normenkader, dat door middel van de planregels in samenhang met de planverbeelding in het leven is geroepen, van het bestemmingsplan zal handhaven. Uit de planregeling volgt geen directe opgave voor handhaving, omdat geen strijdige en illegale functies zijn geconstateerd die ingevolge het bestemmingsplan dienen te worden beëindigd.
Het gemeentelijke beleid voor de aanpak van handhaving is neergelegd in het VTH beleidsplan 20162019, zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 1 maart 2016. Deze nota beschrijft de visie, doelstellingen, prioriteiten, uitgangspunten en strategieën op het gebied van toezicht en handhaving.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 20 van 41
HOOFDSTUK 5 BELEIDSKADER 5.1 Inleiding Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de belangrijkste ruimtelijke beleidskaders. Achtereenvolgens komt het relevante rijks, provinciale, regionale en gemeentelijk beleid aan bod. Het beleid en de wetgeving op milieugebied wordt behandeld in hoofdstuk 6.
5.2 Rijksbeleid 5.2.1 Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) van kracht geworden. De SVIR actualiseert het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid als gevolg van nieuwe politieke accenten en veranderende omstandigheden zoals de economische crisis, klimaatverandering en toenemende regionale verschillen onder andere omdat groei, stagnatie en krimp gelijktijdig plaatsvinden. De structuurvisie geeft een nieuw, integraal kader voor het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid op rijksniveau en vervangt de Nota Ruimte. In de structuurvisie schetst het Rijk de ambities voor concurrentiekracht, bereikbaarheid, leefbaarheid en veiligheid tot 2040 (lange termijn) en doelen, belangen en opgaven tot 2028 (middellange termijn). De centrale visie wordt uiteengezet in drie hoofddoelstellingen voor de middellange termijn (2028), namelijk: Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijkeconomische structuur van Nederland; Het verbeteren, in stand houden en ruimtelijk zeker stellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn. De drie hoofddoelen van het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid kennen nationale opgaven die regionaal neerslaan.
Voor alle nationale opgaven worden rijksinstrumenten ingezet, waarbij financiering slechts één van de instrumenten is. Ook decentrale overheden en marktpartijen dragen bij aan de realisatie van nationale opgaven. 5.2.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening Structuurvisies hebben geen bindende werking voor andere overheden dan de overheid die de visie heeft vastgesteld. De nationale belangen (uit de structuurvisie) die juridische borging vragen, worden daarom geborgd in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Deze AMvB is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen en zorgt voor sturing en helderheid van deze belangen vooraf. In het Barro zijn de volgende nationale belangen opgenomen: Rijksvaarwegen, Project Mainportontwikkeling Rotterdam, Kustfundament, Grote rivieren, Waddenzee en waddengebied, Defensie, Ecologische hoofdstructuur, Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde, Hoofdwegen en hoofdspoorwegen, Elektriciteitsvoorziening, Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen, Primaire waterkeringen buiten het kustfundament en IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte). Geen van de in het Barro geregelde onderwerpen heeft invloed op het onderhavige project. De betreffende onderwerpen zijn niet aan de orde in het kader van dit bestemmingsplan.
5.2.3 Ladder voor duurzame verstedelijking Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 21 van 41
De "Ladder voor duurzame verstedelijking" heeft als doel een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. De ladder voor duurzame verstedelijking is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte geïntroduceerd en is vastgelegd in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro), in artikel 3.1.6, lid 2. De onderbouwing van de behoefte aan functies wordt gedaan aan de hand van de ladder voor duurzame verstedelijking. Bij de ladder worden een aantal aspecten beschouwd, zoals de behoefte aan functies, zowel kwantitatief als kwalitatief, en de locatie van de voorgestane functies. Op 1 juli 2017 is artikel 3.1.6 van het Bro ten aanzien van de ladder voor duurzame verstedelijking gewijzigd. Ingevolge artikel 3.1.6, lid 2 van het Bro bevat de toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Nieuwe ontwikkelingen dienen te worden getoetst aan de ladder voor duurzame verstedelijking, indien sprake is van een ‘stedelijke ontwikkeling’.
Het begrip ‘stedelijke ontwikkeling' is in artikel 1.1.1, lid 1, sub i van het Bro gedefinieerd als: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'.
Inhoudsopgave
In de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2016:1075) is een algemeen kader geformuleerd ten aanzien van de vraag of sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in het geval van een planologische functiewijziging van (nog) onbebouwde gronden. Een bestemmingsplan dat ten opzichte van het voorheen geldende bestemmingsplan geen uitbreiding van de maximaal toegelaten oppervlakte aan bedrijfsbebouwing mogelijk maakt, maar alleen een planologische functiewijziging, voorziet in beginsel niet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als bedoeld in artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro, tenzij die planologische functiewijziging een zodanige aard en omvang heeft dat desalniettemin sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Op grond van het vigerende bestemmingsplan mag op het plangebied aan de Zetterij ruim 4.200 m2 worden gebouwd in 3 verschillende bouwvlakken. Voor ca. 1.200 m2 geldt een bouwhoogte van 8 m en voor ca. 3.000 m2 geldt een bouwhoogte van 15 m. In het onderhavige nieuwe bestemmingsplan is een bouwvlak van ruim 4.000 m2 opgenomen en de maximale bouwhoogte bedraagt 7 m. Het nieuwe pand wordt gebouwd in bestaand stedelijk gebied. In het vigerende bestemmingsplan hebben de gronden overwegend de bestemming "Gemengd 2".
Het nieuwe bestemmingsplan voorziet in een aanduiding waarmee de functie perifere detailhandel wordt toegevoegd aan de in het vorige bestemmingsplan reeds toegestane functies op de gronden in het plangebied. Het onderhavige bestemmingsplan voorziet ten opzichte van het vorige bestemmingsplan niet in uitbreiding van de bebouwingsmogelijkheden, en derhalve niet in nieuw ruimtebeslag, maar uitsluitend in uitbreiding van de gebruiksmogelijkheden. In dit geval is dan ook geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 22 van 41
Nu het plan niet voorziet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling, is artikel 3.1.6, tweede lid, niet van toepassing en hoeft de ladder voor duurzame verstedelijking niet te worden doorlopen. 5.2.4 Luchthavenindelingbesluit Schiphol (2002) Het oorspronkelijke Luchthavenindelingbesluit (LIB) Schiphol is op 31 augustus 2004 gewijzigd in werking getreden. Met het LIB wordt in kaartmateriaal een zogenaamd beperkingengebied vastgesteld. Het LIB bevat voor dat beperkingengebied regels waarbij beperkingen zijn gesteld ten aanzien van de bebouwing en het gebruik van gronden, voor zover die beperkingen noodzakelijk zijn met het oog op de veiligheid en de geluidsbelasting in verband met de nabijheid van de luchthaven Schiphol. Per 4 november 2015 is een wijziging van het Luchthavenindelingbesluit (LIB) in werking getreden (zie Staatsblad met nr. 389). Doel van deze wijziging is om de vliegveiligheid rondom Schiphol in afdoende mate te borgen. Hiervoor zijn de zogenaamde toetshoogtes in de omgeving van Schiphol aanzienlijk verlaagd. Bestemmingsplannen dienen deze verlaagde toetshoogtes in acht te nemen. Gebouwen hoger dan de toetshoogtes kunnen alleen toegestaan worden indien het Rijk hiervoor een verklaring van geen bezwaar (vvgb) heeft afgegeven of een positief radar advies heeft afgegeven. Het instrument "radar advies" is een nieuw instrument naast het reeds bestaande vvgb.
Voor de radartoets gelden afzonderlijke toetshoogtes; deze zijn opgenomen in een nieuwe kaart in bijlage 4a bij het LIB. De procedures in het kader van een aanvraag van een omgevingsvergunning voor een vvgb en een radaradvies gelden allebei afzonderlijk van elkaar maar kunnen ook samenvallen wanneer verschillende toetsvlakken worden doorsneden. De genoemde beperkingen betreffen: <0000> de bebouwing en het gebruik van grond in verband met het externeveiligheidsrisico vanwege het luchthavenverkeer; <0000> de bebouwing en het gebruik van grond in verband met de geluidbelasting vanwege het luchthavenluchtverkeer; <0000> de maximale hoogte van objecten in, op of boven de grond, in verband met de veiligheid van het luchthavenluchtverkeer; <0000> bebouwing die, of van een gebruik dat, vogels aantrekt, in verband met de veiligheid van het luchthavenluchtverkeer. Op 1 januari 2018 is het LIB gewijzigd in werking getreden. De regelwijziging ziet op een eigen bevoegdheid voor het lokaal bestuur om binnen bestaand stedelijk gebied woningen toe te voegen. In het gebied binnen zone 4 blijft wel de grens van 25 woningen per bouwplan gehandhaafd. In het bestaand stedelijk gebied tussen de grens van zone 4 en de 20 Kecontour gelden nu en ook onder het regime van het nieuwe LIB geen kwantitatieve beperkingen aan woningbouw.
In het landelijk gebied zijn volgens het LIB nieuwe woningbouwlocaties niet toegestaan. Relevantie plangebied Het voorliggende plan valt binnen het beperkingengebied voor hoogten van het LIB. Op grond van artikel 2.2.2, eerste lid, en artikel 2.2.2.a van het LIB zijn op gronden die zijn aangewezen op de kaarten in bijlage 4 en 4a bij het besluit geen objecten toegestaan die hoger zijn dan de op de kaarten aangegeven maximale waarden. De hoogtes zijn gerelateerd aan het N.A.P. In het kader van het LIB geldt hier een toets bouwhoogte van 41 meter. Voor de toetshoogtes radar geldt een hoogte van 35 meter. In het onderhavige bestemmingsplan worden geen bouwhoogtes toegestaan die boven de 35 meter uitkomen.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 23 van 41
Daarnaast ligt het plangebied binnen de zone waar geen nieuwe vogelaantrekkende functies (zoals viskwekerijen) zijn toegestaan. Het bestemmingsplan maakt dergelijke functies niet mogelijk. Het Luchthavenindelingbesluit heeft geen consequenties voor dit bestemmingsplan.
5.3 Provinciaal beleid 5.3.1 Omgevingsvisie NH2050 Op 19 november 2018 is de "Omgevingsvisie NH2050 Balans tussen economische groei en leefbaarheid" door Provinciale Staten van NoordHolland vastgesteld. De Omgevingsvisie NH2050 is een structuurvisie op grond van de Wet ruimtelijke ordening. In de omgevingsvisie heeft de provincie haar ruimtelijke toekomstvisie vastgelegd en heeft zij tevens aangegeven hoe zij deze visie denkt te zullen realiseren. Het uitgangspunt van de omgevingsvisie is dat NoordHolland een relatief hoog welvaarts en welzijnsniveau heeft. Om deze ook voor de toekomst vast te kunnen houden, richt de provincie zich op een goede balans tussen economische groei en leefbaarheid. Zodanig dat bij veranderingen in het gebruik van de fysieke leefomgeving de doelen voor een gezonde en veilige leefomgeving overeind blijven. In de omgevingsvisie worden ambities genoemd op het gebied van de leefomgeving, het gebruik van de leefomgeving en de energietransitie. De ambities ten aanzien van de leefomgeving luiden als volgt. Een klimaatbestendig en waterrobuust NoordHolland. In het kader van gezondheid en veiligheid, het behouden en waar mogelijk verbeteren van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Het vergroten van de biodiversiteit van NoordHolland. Voor het gebruik van de leefomgeving gelden de volgende ambities.
Een duurzame economie met innovatie als belangrijke motor, daardoor is er ruimte voor ontwikkeling van circulaire economie, duurzame landbouw, energietransitie en experimenten. Verder wil de provincie vraag en aanbod van woon en werklocaties beter afstemmen (kwantitatief en kwalitatief). Daarbij moet woningbouw, in overeenstemming met de kwalitatieve behoeftes en trends, vooral in en aansluitend op de bestaande verstedelijkte gebieden worden gepland. Duurzaamheid van de totale woningvoorraad is het uitgangspunt. De derde ambitie binnen deze categorie is het effectief, veilig en efficiënt kunnen verplaatsen van inwoners, bedrijven en producten van NoordHolland, waarbij negatieve gevolgen van de mobiliteit op klimaat, gezondheid, natuur en landschap steeds nadrukkelijk worden meegewogen. Als laatste geldt het behouden en versterken van de unieke kwaliteiten van de diverse landschappen en de cultuurhistorie. Voor energietransitie is de overkoepelende ambitie dat NoordHolland in 2050 volledig klimaatneutraal is en gebaseerd op hernieuwbare energie. Daarom is er ruimte voor de noodzakelijke energietransitie en daarvoor benodigde infrastructuur. Dit alles rekening houdende met de ambities voor verstedelijking en landschap.
5.3.2 Provinciale ruimtelijke verordening Op 2 mei 2018 is de nieuwe Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV) in werking getreden, onder de naam “Provinciale Ruimtelijke Verordening mei 2018”. Op 23 april 2018 zijn wijzigingen van de PRV, en daarmee de geconsolideerde Provinciale Ruimtelijke Verordening, door Provinciale Staten van NoordHolland vastgesteld. In de PRV staan de regels van de provincie NoordHolland met betrekking tot ruimtelijke Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 24 van 41
ordening, ontwikkeling en plannen. Tevens heeft de provincie in de PRV in het belang van een goede ruimtelijke ordening algemene regels vastgesteld omtrent de inhoud van bestemmingsplannen en ruimtelijke onderbouwingen, over onderwerpen waar een provinciaal belang mee is gemoeid. Daarnaast zijn in de PRV regels vastgelegd die voortvloeien uit het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). De PRV geeft verder de kaders aan die de provincie stelt om ongewenste ontwikkelingen tegen te gaan. Met de PRV is het provinciale beleid in regels vertaald, en is doorwerking naar gemeentelijke bestemmingsplannen geregeld. Het betreft regels voor de inhoud van en de toelichting op bestemmingsplannen. Daarnaast worden er regels gesteld over thema's die betrekking hebben op het Natuurnetwerk Nederland, de Blauwe Ruimte en Energie. Artikel 5a PRV (regel voor het gehele grondgebied) en het onderhavige plan Uitgangspunt is dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling (zoals gesteld in artikel 1.1.1, onder i. Bro) in overeenstemming is met regionale afspraken. Op 28 februari 2017 hebben Gedeputeerde Staten nadere regels vastgesteld om deze regionale afspraken te concretiseren, in de Uitvoeringsregeling regionale afspraken nieuwe stedelijke ontwikkeling 2017. Zoals in paragraaf 5.2.3 uiteen is gezet, betreft het onderhavige bestemmingsplan geen nieuwe stedelijke ontwikkeling.
Artikel 5a PRV is daarom niet van toepassing op dit bestemmingsplan. Artikel 5b PRV (regel voor het gehele grondgebied) en het onderhavige plan Onverminderd artikel 5a voorziet een bestemmingsplan niet in nieuwe detailhandel op bedrijventerreinen en kantoorlocaties met uitzondering van: a. een afhaalpunt ten behoeve van internethandel; b. detailhandel die in zowel bedrijfseconomisch als ruimtelijk opzicht ondergeschikt is aan de toegelaten bedrijfsuitoefening op grond van het vigerende bestemmingsplan en daarop nauw aansluit; c. brand of explosiegevaarlijke detailhandel of; d. volumineuze detailhandel indien deze in winkelgebieden uit een oogpunt van hinder, veiligheid of verkeersaantrekkende werking niet inpasbaar is. Als het totaal winkelvloeroppervlak van deze volumineuze detailhandel meer dan 1.500 m2 bedraagt, geldt dat: 1. dit aantoonbaar niet leidt tot ruimtelijk relevante leegstand in bestaande winkelgebieden, en; 2. de regionale adviescommissie hierover een advies heeft uitgebracht. De Gamma is een perifere detailhandels vestiging (PDV) en is thans gevestigd op bedrijventerrein Legmeer.
Onder PDV branches wordt verstaan: de branches in "volumineuze artikelen"; zoals auto's, boten en caravans (ABC branches), woninginrichting en meubels, bouwmarkten en tuincentra, die door het volumineuze karakter van het overgrote deel van het assortiment buiten de traditionele reguliere winkelgebieden een plaats kunnen krijgen. In de gemeentelijke Detailhandelsnota 20162020 (zie paragraaf 5.4.3) is aangegeven dat PDV is geclusterd op bedrijventerrein Bovenkerk. De huidige Gamma vestiging heeft een bruto vloeroppervlak van ruim 2.600 m2. Deze bestaande vestiging wordt verplaatst naar een nieuw bedrijfsgebouw op bedrijventerrein Bovenkerk. Het nieuwe gebouw krijgt een bruto vloeroppervlak van ca. 4.089 m2. De toename van het bruto vloeroppervlak bedraagt derhalve minder dan 1.500 m2. Geconcludeerd wordt dan ook, dat het voorliggende bestemmingsplan voldoet aan het bepaalde in de PRV.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 25 van 41
5.3.3 Detailhandelsbeleid Noord-Holland 2015-2020 In de nota "Detailhandelsbeleid NoordHolland 20152020" geeft de provincie aan dat haar missie is ‘het versterken van de detailhandelstructuur in NoordHolland’. Daarbij behoren de volgende drie hoofddoelstellingen: Een detailhandelstructuur die uitgaat van duurzaam ruimtegebruik; Een detailhandelstructuur die bijdraagt aan een vitale regionale economie; Een detailhandelstructuur die bijdraagt aan een aantrekkelijke woon en leefomgeving. Met de drie hoofddoelstellingen geeft de provincie invulling aan people, planet, profit. Het geeft ook de uiteenlopende belangen aan die gepaard gaan met detailhandel en de veelzijdigheid van detailhandel. De hoofddoelstellingen zijn uitgewerkt in zes beleidsdoelen: 1. Prioriteit geven aan hoofdwinkelgebieden; 2. Voorkómen van extra leegstand; 3. Internetafhaalpunten bij voorkeur situeren in bestaande winkelcentra; 4. Een vitale, dynamische en concurrerende detailhandelstructuur, ruimte geven aan kwaliteit; 5. Primaire detailhandel bereikbaar op een aanvaardbare afstand; 6. Detailhandel die bijdraagt aan aantrekkelijke binnensteden. Realisatie van het detailhandelsbeleid gaat voor een belangrijk deel via de Wet ruimtelijke ordening. In de Omgevingsvisie NH2050 staat het provinciaal belang met betrekking tot de detailhandel geformuleerd.
Omdat deze Structuurvisie alleen bindend is voor de provincie zelf, vindt borging van het provinciaal belang plaats via de Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV). Zoals blijkt uit paragraaf 5.3.2 voldoet dit bestemmingsplan aan de PRV en daarmee derhalve ook aan het ruimtelijke aspect van het provinciale detailhandelsbeleid.
5.4 Gemeentelijk beleid 5.4.1 Structuurvisie Amstelveen 2025+ Op 21 september 2011 heeft e gemeenteraad van Amstelveen heeft de Structuurvisie Amstelveen 2025+ vastgesteld. De structuurvisie is op de eerste plaats een ruimtelijke visie, maar ondersteunt ook maatschappelijke ontwikkelingen. Het biedt daarmee helderheid aan inwoners, ondernemers, instellingen en andere overheden over de gewenste ontwikkeling van Amstelveen en de prioriteiten die het bestuur hierbij stelt. De wettelijk verplichte structuurvisie vormt de grondslag voor bindende bestemmingsplannen en exploitatieplannen. Amstelveen is in een aantal decennia stormachtig gegroeid door zijn gunstige ligging en door ondernemend op het juiste moment kansen te grijpen. Inmiddels staat de concurrentiepositie van de metropoolregio Amsterdam onder druk. De tijd dat Amstelveen kon meeliften op de groei van de regio is voorgoed voorbij. Dat vraagt om een andere instelling. Vraag is nu meer wat Amstelveen kan betekenen voor de regio. Groeiende behoefte aan diversiteit Voor woningzoekenden wordt de kwaliteit van de woonomgeving steeds belangrijker in hun woningkeuze. Een kwalitatief hoogwaardige openbare ruimte met aansprekende architectuur zijn belangrijke ingrediënten voor aantrekkelijke woonmilieus.
Van belang is dan ook op zoek te gaan naar de mogelijkheden om de kwaliteit van woonmilieus in Amstelveen te verhogen en verder te differentiëren. Een woonmilieu is een aanduiding voor een verzameling aan kenmerken die woongebieden binnen dat woonmilieu Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 26 van 41
gemeenschappelijk hebben. Uitgangspunt voor de verdere differentiatie in woonmilieus is dat de belangrijke onderscheidende kwaliteiten van Amstelveen behouden blijven. Belangrijkste kwaliteit is dat Amstelveen een rustig, groen en relatief veilig woonmilieu biedt ten opzichte van de aangrenzende gemeente Amsterdam. Ten opzichte van andere gemeenten in de metropoolregio die dergelijke suburbane woonmilieus aanbieden, moet Amstelveen haar extra kwaliteiten als hoogwaardig onderwijs,internationale voorzieningen en hoogwaardig openbaar vervoer verder uitbuiten. Voorzieningen zorgen voor levenskwaliteit Bij voorzieningen gaat het om alle zaken die het beleven van wonen en werken in Amstelveen aangenaam maken en het (samen)leven vergemakkelijken. Dan gaat het niet alleen om commerciële voorzieningen als winkels, horeca, bioscopen en fitness en wellnesscentra, maar ook om publieke voorzieningen op stedelijk en regionaal niveau als theaters, bibliotheken, musea, voortgezet onderwijs en om maatschappelijke voorzieningen op wijkniveau als kinderopvang, basisscholen, huisartsen, therapeuten, ontmoetingsruimten en maatschappelijke ondersteuning. Van groot belang hierbij is een goede bereikbaarheid van alle voorzieningen: lopend, rollend, fietsend, met de auto of met openbaar vervoer. Voldoende en passende werklocaties bieden Amstelveen biedt veel werkgelegenheid.
Aantrekkelijke werkmilieus zijn een belangrijk onderdeel van het Amstelveense economisch beleid: om de economische structuur te versterken, om een evenwichtige en duurzame economische groei te bevorderen en om de diversiteit in de Amstelveense bedrijvigheid of de directe regio te vergroten. Het bieden van voldoende werklocaties, goed passend bij de kwaliteitseisen van de ondernemers, is essentieel om het vestigingsklimaat voor het bedrijfsleven te verbeteren, de bestaande werkgelegenheid te behouden en nieuwe werkgelegenheid te creëren. De verscheidenheid van deze locaties moet zodanig zijn, dat zowel lokale, regionale en internationale bedrijven zich gemakkelijk in Amstelveen kunnen vestigen. De bedrijvigheid in Amstelveen kenmerkt zich door relatief veel dienstverlenende bedrijven (71% van de werkgelegenheid, waarvan 55% commercieel), een aantal grote nationale en internationale (hoofd)vestigingen en bestaat verder uit een groot deel zelfstandigen zonder personeel. Direct gevolg hiervan is dat Amstelveen beschikt over relatief weinig bedrijventerreinen en veel kantoren. Drie gemengde bedrijventerreinen Amstelveen beschikt over drie bedrijventerreinen binnen bestaand bebouwd gebied: Legmeer, Bovenkerk en Westwijk. Het merendeel van de hier gevestigde bedrijven heeft een lokale of regionale functie.
Bedrijventerrein Legmeer is een gemengd terrein waar algemene bedrijvigheid en enkele bedrijven met een publiekstrekkende functie gevestigd zijn. Behalve enkele autodealers en een bouwmarkt is er geen consumentenverkoop. Legmeer is enigszins verouderd en komt voor herstructurering in aanmerking. Bedrijventerrein Bovenkerk biedt ruimte aan gemengde bedrijvigheid, kantooractiviteiten en perifere en grootschalige detailhandelsvestigingen. Zittende detailhandelsbedrijven kunnen uitbreiden binnen de mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt. Ook kunnen Amstelveense detailhandelsbedrijven zich verplaatsen naar Bovenkerk. Het winkelaanbod is versnipperd over het terrein gevestigd. Bedrijventerrrein Westwijk is een nieuw en relatief klein terrein met kleinschalige, geschakelde bedrijfspanden met kantoorruimte. Dit terrein heeft een kwalitatief goede uitstraling, dat gewaarborgd wordt door de aanwezigheid van parkmanagement.
Toelichting bestemmingsplan Herziening Amstelveen ZuidWest 2014 Zetterij/Grutterij
pagina 27 van 41
5.4.2 Nota Parkeernormen 2016 Op 16 december 2015 heeft de gemeenteraad de 'Nota Parkeernormen 2016' vastgesteld. Deze nota vervangt de parkeernormen uit de Parkeernota 20052010. Op basis van de parkeernormen in deze nota worden projecten en bouwplannen getoetst ten aanzien van het aantal parkeerplaatsen. Voldoende parkeergelegenheid is een belangrijke voorwaarde voor elke ruimtelijke ontwikkeling. Om ervoor te zorgen dat voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd voor nieuwe ontwikkelingen, wordt in de regels van dit bestemmingsplan verwezen naar de geldende 'Nota Parkeernorm Amstelveen'. Op grond van artikel 3.1.2. tweede lid van het Bro mogen parkeernormen worden neergelegd in een beleidsregel (Nota Parkeren). In een planregel dient dan tot uitdrukking te worden gebracht, dat bij de toets op het onderdeel parkeren de beleidsregel moet worden betrokken. Dit mag een dynamische verwijzing zijn. Dat betekent dat in de planregel tot uitdrukking kan worden gebracht dat te allen tijde wordt getoetst aan de meest actuele versie van het beleid. Tussentijdse wijzigingen van het beleid zijn dus gedurende de planperiode van het bestemmingsplan mogelijk. Hierdoor kan elke initiatief, waarvoor een omgevingsvergunning wordt aangevraagd, worden getoetst aan de meest actuele parkeernormen. Bij het toepassen van de parkeernorm worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: 1.
Elke initiatiefnemer van (bouw)plannen dient zorg te dragen voor het realiseren van voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein. 2. Een bouwinitiatief of wijziging van functie van een locatie mag geen parkeerproblemen en verkeersveiligheidsproblemen in de openbare ruimte veroorzaken of vergroten. 3. De Nota Parkeernormen is van toepassing op ruimtelijke plannen voor nieuwbouw, verbouw, uitbreiding of wijziging van functie(s), voor zover zij van invloed zijn op het parkeren. 4. Een initiatiefnemer kan een gemotiveerd voorstel indienen om af te wijken van de vastgestelde parkeernorm, onderbouwd door een goed mobiliteits en bereikbaarheidsplan en een goede motivering waarom met minder parkeerplaatsen kan worden volstaan en hoe overlast wordt voorkomen. Burgemeester en wethouders kunnen op basis hiervan gemotiveerd afwijken van de parkeernorm. Indien voor projecten in het voortraject normen zijn vastgesteld in het programma van eisen van deze projecten, wordt aan deze normen vastgehouden. Een bouwmarkt valt onder de categorie winkelen in ‘Overige detailhandel’. Dit betekent dat een parkeernorm geldt van 3 parkeerplaatsen per 100 m2 bruto vloeroppervlak (bvo). Het plan voorziet in ca. 4.089 m2 bvo en 123 parkeerplaatsen op eigen terrein. Daarmee wordt voldaan aan de uitgangspunten van en de normen uit de Parkeernota.