Toelichting Bestemmingsplan Haagbeuklaan 1-3
Tekst van het document
TOELICHTING Bestemmingsplan Haagbeuklaan 1-3
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 1 van 54
Inhoudsopgave HOOFDSTUK 1 INLEIDING 1.1 Aanleiding en doelstelling 1.2 Ligging en begrenzing plangebied 1.3 Geldende bestemmingsplannen 1.4 Juridische procedures 1.5 Leeswijzer HOOFDSTUK 2 PLANBESCHRIJVING 2.1 Huidige situatie en omgeving 2.2 De ontwikkeling HOOFDSTUK 3 PLANOPZET 3.1 Algemeen 3.2 De planregels en bestemmingen HOOFDSTUK 4 UITVOERBAARHEID 4.1 Economische uitvoerbaarheid 4.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 4.3 Handhaving HOOFDSTUK 5 BELEIDSKADER 5.1 Inleiding 5.2 Rijksbeleid 5.3 Provinciaal en regionaal beleid 5.4 Gemeentelijk beleid HOOFDSTUK 6 OMGEVINGSKWALITEIT 6.1 Archeologie en cultuurhistorie 6.2 Bedrijven en milieuzonering 6.3 Besluit milieueffectrapportage (m.e.r.) 6.4 Bezonning 6.5 Bodem 6.6 Duurzaam bouwen en energie 6.7 Ecologie 6.8 Externe veiligheid 6.9 Geluid 6.10 Kabels en leidingen 6.11 Luchtkwaliteit 6.12 Verkeer en parkeren 6.13 Water
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
3 3 3 5 6 7 8 8 12 21 21 22 25 25 25 26 28 28 28 31 32 37 37 37 38 39 39 41 42 43 44 46 46 46 48
pag 2 van 54
HOOFDSTUK 1 INLEIDING 1.1 Aanleiding en doelstelling CAD 3 B.V. is voornemens om het perceel Haagbeuklaan 13 te herontwikkelen. De bestaande monumentale bebouwing van de Heilige Geestkerk blijft daarbij behouden en gaat onderdak bieden aan een kinderdagverblijf. Op de plaats van de niet monumentale pastorie en de dagkerk is een nieuw appartementengebouw met 57 woningen voorzien. De transformatie van het plangebied brengt een kwaliteitsimpuls ten opzichte van de huidige situatie teweeg, waarbij monumentale bebouwing in de gemeente blijft behouden en met het beoogde woningbouwprogramma invulling wordt gegeven aan het gemeentelijke beleid om betaalbare woningen in Amstelveen te realiseren. Het bouwplan past niet in het geldende bestemmingsplan. Om de bouw mogelijk te maken dient dan ook een nieuw bestemmingsplan te worden vastgesteld. Op 11 maart 2020 heeft de gemeenteraad de 'Startnotitie Haagbeuklaan 13' vastgesteld. Deze notitie vormt de basis van het nu voorliggende bestemmingsplan. Op 22 december 2021 is door de initiatiefnemer een aanvraag om de afgifte van een omgevingsvergunning voor het bouwen ingediend (Z21093396). De besluiten over het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning worden gecoördineerd behandeld (zie paragraaf 1.4). Het concept van het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning is opgenomen als bijlage 20.
1.2 Ligging en begrenzing plangebied Het plangebied is ca. 4.500 m2 groot en is gelegen in het midden van Amstelveen in de wijk Keizer Karelpark. Het plangebied wordt begrensd door de Notenlaan, Haagbeuklaan en Lindenlaan. Aan de oostzijde staat het Maatschappelijk Ontmoetingscentrum (MOC) gebouw in een andere rooilijn. De zuidzijde wordt gevormd door een waterpartij, die achter het MOCgebouw aansluit op een lange water en groenstructuur van de wijk.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 3 van 54
Figuur 1: Ligging plangebied
Figuur 2: Begrenzing plangebied
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 4 van 54
1.3 Geldende bestemmingsplannen Dit bestemmingsplan vervangt gedeeltelijk de volgende bestemmingsplannen: 1. Amstelveen MiddenWest (vastgesteld 26 november 2008); 2. Paraplubestemmingsplan Schipholparkeren en parkeernormen (vastgesteld 22 maart 2017); 3. Paraplubestemmingsplan Archeologie en Cultuurhistorie (vastgesteld 28 maart 2018); 4. Paraplubestemmingsplan Wonen (vastgesteld 26 maart 2019). Ter plaatse van het onderhavige plangebied geldt het bestemmingsplan 'Amstelveen MiddenWest'. Dit bestemmingsplan is vastgesteld op 26 november 2008 en is onherroepelijk geworden op 17 juli 2009. De geldende bestemmingen en de nieuwe geprojecteerde bebouwing zijn in onderstaande figuur weergegeven.
Figuur 3: Uitsnede verbeelding vigerend bestemmingsplan met projectie nieuwe bebouwing
De gronden hebben overwegend de bestemming 'Maatschappelijk' en voor een klein deel 'Groen'. Binnen de bestemming 'Maatschappelijk' zijn gebouwen toegestaan ten behoeve van maatschappelijke doeleinden in de vorm van sociale, religieuze, medische, culturele, (openbare) en educatieve voorzieningen. Daarnaast zijn de gronden bestemd voor daarbij horende wegen, paden, parkeer, groen en speelvoorzieningen, water, tuinen, erven en terreinen. Gebouwen zijn alleen toegestaan binnen een bouwvlak. Binnen de bestemming 'Groen' zijn geen gebouwen toegestaan en de gronden zijn bestemd voor groenvoorzieningen, bermen en beplanting, paden, speelvoorzieningen, water, waterlopen en waterpartijen met daaraan ondergeschikt verhardingen en parkeervoorzieningen. Onder voorwaarden zijn bouwwerken, geen gebouwen zijnde, toegestaan. Het, in de te handhaven monumentale bebouwing van de kerk, voorziene kinderdagverblijf past niet in de maatschappelijke bestemming, omdat het bedrijfsmatig opvang van kinderen verzorgt. Het nieuw te bouwen appartementengebouw ligt voor het overgrote deel binnen de maatschappelijke bestemming en voor een klein deel in de groenbestemming.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 5 van 54
Om het nieuwe appartementengebouw en de vestiging van een kinderdagverblijf mogelijk te maken, is aanpassing van het bestemmingsplan dus noodzakelijk. Het geldende bestemmingsplan komt met het in werking treden van dit bestemmingsplan (gedeeltelijk) te vervallen. De drie hiervoor genoemde paraplubestemmingsplannen regelen gemeentebreed een aantal onderwerpen. In dit bestemmingsplan wordt daar inhoudelijk bij aangesloten.
1.4 Juridische procedures Bestemmingsplan Vanwege het feit dat het onderhavige project niet past binnen de regels van het vigerende bestemmingsplan (en omdat er geen afwijkingsprocedure wordt gevoerd), is het opstellen van een nieuw bestemmingsplan noodzakelijk. Dit betreft het onderhavige bestemmingsplan "Haagbeuklaan 13". De bestemmingsplanprocedure ziet er als volgt uit. De procedure voor het bestemmingsplan wordt op basis van artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) gevoerd. De bestemmingsplanprocedure start met de kennisgeving van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan, via digitale weg in het Gemeenteblad en op de gemeentelijke website (RoPubliceer). Het ontwerpbestemmingsplan wordt vervolgens zes weken ter inzage gelegd en binnen deze termijn kan een ieder zienswijzen bij de gemeenteraad naar voren brengen. De ingediende zienswijzen worden voor zover nodig verwerkt in het vast te stellen bestemmingsplan. Na de vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad ligt het vastgestelde bestemmingsplan gedurende zes weken ter inzage en kunnen belanghebbenden een beroepschrift bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State indienen. Tevens kan een verzoek om een voorlopige voorziening bij de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State worden ingediend.
Hogere (grens)waarde procedure op grond van de Wet geluidhinder Het onderhavige plan kent geluidsgevoelige functies. Indien bij een project of plan met geluidsgevoelige functies sprake is van een geluidsbelasting op de gevel boven de initiële toegestane geluidsbelasting of de voorkeursgrenswaarde, dan zijn (indien mogelijk) hogere (grens)waarden benodigd. Deze hogere (grens)waarden ten aanzien van de toegestane geluidsbelasting zijn ontheffingen die op grond van de Wet geluidhinder kunnen worden verleend door het bevoegd gezag, in dit geval door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amstelveen. De hogere (grens)waarde procedure is geregeld in hoofdstuk VIIIa 'Hogere waarde en onderzoeksbepalingen' van de Wet geluidhinder. De hogere (grens)waarden zijn nodig ten behoeve van de vaststelling van het bestemmingsplan en de verlening van de omgevingsvergunning. Op grond van artikel 110c van de Wet geluidhinder is bij een bestemmingsplan de zienswijzenprocedure (afdeling 3.4 van de Awb) van toepassing. Daarmee wordt de hogere (grens)waarde procedure gekoppeld aan de bestemmingsplanprocedure, waardoor het besluit hogere (grens)waarden en het besluit vaststelling bestemmingsplan tegelijk ter inzage worden gelegd. Beide besluiten worden eerst als ontwerpbesluit ter inzage gelegd, ten behoeve van de mogelijkheid tot zienswijzen.
Na de vaststelling van de hogere (grens)waarden, na de zienswijzentermijn, worden beide besluiten ter inzage gelegd voor de mogelijkheid tot beroep. Gemeentelijke coördinatieregeling Door de gemeenteraad van Amstelveen is besloten om de gemeentelijke coördinatieregeling volgens paragraaf 3.6.1 (artikel 3.30 tot en met artikel 3.32) van de
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 6 van 54
Wet ruimtelijke ordening (Wro) toe te passen voor wat betreft het coördineren van bepaalde procedures dan wel besluiten. Daartoe is de "Coördinatieverordening Amstelveen 2018" op 12 december 2018 vastgesteld. Op grond daarvan kunnen een bestemmingsplan en een omgevingsvergunning bouwen worden gecoördineerd. De initiatiefnemer van het project heeft de gemeente verzocht om de coördinatieregeling toe te passen bij het onderhavige project en bestemmingsplan. De bestemmingsplanprocedure wordt gecoördineerd behandeld met het besluit tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk, het wijzigen van een gemeentelijk monument en het maken van twee uitwegen. Tevens wordt, zoals gezegd, het benodigde besluit tot het vaststellen van hogere grenswaarden op grond van de Wet geluidhinder (Wgh) gecoördineerd behandeld. Het gebruikmaken van de coördinatieregeling heeft een aantal voordelen. De procedure van het bestemmingsplan is leidend, waarbij de ontwerpbesluiten gezamenlijk ter inzage worden gelegd. Daardoor kunnen in één keer op de gecoördineerde besluiten zienswijzen worden ingebracht. Nadat de besluiten tot vaststelling van het bestemmingsplan, verlening van de omgevingsvergunning(en) en de hogere waarden zijn genomen, is beroep mogelijk bij één instantie (anders meerdere instanties), namelijk de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak behandelt de besluiten als één besluit en dient binnen zes maanden na ontvangst van het verweerschrift een besluit te nemen. Hierdoor kan aanzienlijke tijdwinst worden behaald. Crisis- en herstelwet De Crisis en herstelwet (Chw) beoogt een versnelling in de ontwikkeling en verwezenlijking van ruimtelijke projecten te bewerkstelligen en stimuleert vernieuwende en duurzame projecten. Het gaat onder meer om de aanleg van wegen en bedrijventerreinen en de bouw van woningen en windmolenparken. Een belangrijke maatregel uit de Chw is de vermindering en versnelling van beroepsprocedures. De projecten waarvoor dit geldt zijn opgenomen in bijlage I en II van de Chw. In bijlage I van de Chw is als categorie van gevallen, die vallen onder de werking van de Chw, onder andere genoemd de ontwikkeling en verwezenlijking van werken en gebieden krachtens afdeling 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening ten behoeve van de bouw van meer dan 11 woningen in een aaneengesloten gebied. Voorliggend bestemmingsplan maakt de bouw van meer dan 11 woningen mogelijk en valt daardoor in deze categorie.
1.5 Leeswijzer In hoofdstuk twee wordt een beschrijving gegeven van de huidige situatie van het plangebied en van de ontwikkelingen die in het bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt. In hoofdstuk drie wordt uitgelegd hoe het bestemmingsplan en de daarin opgenomen bestemmingen zijn vertaald in juridische zin. In hoofdstuk vier komt de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan aan bod. Hoofdstuk vijf gaat verder in op de beleidskaders en in het laatste hoofdstuk komen de omgevingsaspecten aan bod.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 7 van 54
HOOFDSTUK 2 PLANBESCHRIJVING 2.1 Huidige situatie en omgeving 2.1.1 Het plangebied in groter verband Het plangebied is ca. 4.500 m2 groot en is gelegen in het midden van Amstelveen in het westelijke deel van de wijk Keizer Karelpark. Keizer Karelpark dateert uit de jaren vijftig. De wijk wordt begrensd door de Burgemeester Van Sonweg (A9), Beneluxbaan, Sportlaan en Handweg. Keizer Karelpark wordt doorsneden door de Van der Hooplaan, die de wijk verdeelt in een oostelijk en westelijk deel. Ook de naar de Handweg afbuigende Keizer Karelweg vormt één van de hoofdroutes door de wijk. De Kastanjelaan en de Lindenlaan spelen voor de lusvormige ontsluiting binnen de wijk een belangrijke rol. De stedenbouwkundige en verkeerskundige structuur is zeer kenmerkend voor de wijk Keizer Karelpark. Daardoor is de wijk opgedeeld in afzonderlijke woonbuurten. De aaneengesloten, Hvormige groen en waterstructuur binnen de wijk versterkt dit. Keizer Karelpark vormt een bonte verzameling van verschillende buurtjes met een herkenbaar, eigen karakter. Dit draagt bij aan de identiteit van de afzonderlijke buurtjes. Van eengezinswoningen in zowel open en gesloten woonblokken als strokenbouw, tot middelhoge gestapelde hoogbouw, hogere accenten aan de rand van de wijk en enkele vrijstaande woningen. In het noorden van Keizer Karelpark bepalen eengezinswoningen van twee lagen met een kap het beeld.
Langs de Ouderkerkerlaan, de oorspronkelijke verbinding tussen Amstelveen en Ouderkerk, zijn er veel historische, vrijstaande panden. In het centrale deel van de wijk, tussen de Plesmanlaan en de Lindenlaan, staan flats in parkachtig groen. Het zuidelijke deel van de wijk kenmerkt zich door dominante flatgebouwen en strak verkavelde eengezinswoningen. Ook het uiterlijk van de bebouwing verschilt in sterke mate als gevolg van de gefaseerde realisatie met grote tussenpozen. Naarmate de bebouwing ouder is, zijn de woningen doorgaans rijker gedetailleerd. Kenmerkend voor de wederopbouwperiode begin jaren vijftig is de seriematige bouw, sobere vormgeving en eenvoudig materiaalgebruik. Keizer Karelpark is met name een woonwijk en beschikt over op de wijk gerichte winkels en voorzieningen. Langs de Van der Hooplaan bevindt zich de belangrijkste winkelconcentratie. Rondom het Hueseplein – ooit een buurtwinkelcentrum zijn voornamelijk op dienstverlening gerichte voorzieningen gevestigd. Langs de Kastanjelaan, de Lindenlaan en op het Augustinusplein zijn winkels in de plinten van woongebouwen gevestigd. Langs de A9 staan twee moderne kantoorgebouwen (dat van Zwitserleven en het voormalige KPMG gebouw) die vooral gericht zijn naar de A9. Overige bedrijvigheid is in de wijk slechts in beperkte mate aanwezig.
Keizer Karelpark telt, naast het onderhavige kerkgebouw, nog een aantal gemeentelijke monumenten; twee bruggen (bij Elegast en de Ir. Romplaan), de marechausseekazerne, de oude school en een woonhuis aan de Ouderkerkerlaan. Daarnaast heeft de omgeving van het Veenendaalplein en de Fokkerlaan een bijzondere beeldkwaliteit, vanwege de zorgvuldige vormgeving van de bouwblokken met hoekwoningen en –oplossingen en de detaillering. De wooncomplexen op de hoek Sportlaan en Van der Hooplaan en aan de Kastanjelaan vallen op vanwege hun bijzondere vormgeving.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 8 van 54
Figuur 4: Opzet wijk Keizer Karelpark
2.1.2 Huidige situatie plangebied Het plangebied is gelegen ten zuiden van de kruising Haagbeuklaan/Lindenlaan. De Lindenlaan is een verbindingsweg tussen de noordoost/zuidwest lopende Keizer Karelweg en de noord/zuid lopende Van der Hooplaan. Het plangebied ligt waar de Lindenlaan een knik maakt van een noordwest/zuidoostrichting naar een west/oostrichting. In dit deel van de wijk fungeert de kerk als scharnierpunt, vanwege de aansluiting op zowel de Lindenlaan (noordoost) als de Haagbeuklaan (noordwest). Aan de oostzijde van het plangebied staat in een andere rooilijn het gebouw dat onderdak biedt aan het Maatschappelijk Ontmoetingscentrum (MOC). De zuidzijde wordt gevormd door een waterpartij, die achter het MOCgebouw aansluit op een lange water en groenstructuur van de wijk. Aan de overzijde van het water heeft Dura Vermeer 37 woningen in het plan AppellaanNotenlaan gebouwd.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 9 van 54
Figuur 5: Bovenaanzicht huidige situatie
In het plangebied staat de volgende bebouwing: <0000> kerkgebouw met bijgebouw; <0000> vrijstaande klokkentoren; <0000> pastoriegebouw. Het pastoriegebouw is gelegen aan Haagbeuklaan 3 en de overige bebouwing aan Haagbeuklaan 1. Het kerkcomplex bestaat uit een zaalkerk met doopkapel, aangrenzend een dagkerk met sacristie en koffieruimte en een klokkentoren. De koffieruimte is met een verbindingsgang verbonden met de pastorie. Los van de kerk is de kerktoren met klokkestoel geplaatst, op het snijvlak van de rooilijnen van de noordoostelijke zijgevel van de kerk en de noordwestelijke gevel van de dagkerk. Alle bouwdelen zijn gedekt onder een plat dak. De kerk meet 27,8 bij 27,8 meter en is 8,8 meter hoog. Ter hoogte van de noordwestelijke voorgevel is een entreeportaal aangebracht over de volle hoogte van de gevel, tot aan de koperen dakrand, van circa 7,9 bij 2,7 meter en 7,1 meter hoog. Aan de noordoostzijde is de ronde doopkapel (6 meter doorsnede, nokhoogte van 6 meter) aan de zaal gekoppeld met een korte tussenbouw. Aan de andere zijde van de kerkzaal bevinden zich de nevenruimten als sacristie, dagkerk en koffieruimte. Deze nevenruimten zijn gerangschikt in een bouwvolume van één bouwlaag van 8,2 bij 41,4 meter met een nokhoogte van 3,6 meter.
Door een verbindingsgang verbonden is de pastorie aan de westelijke zijde van de kerk gesitueerd, en bestaat uit twee bouwlagen op een grondplan van 17,2 bij 10,2 meter en een nokhoogte van 5,2 meter.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 10 van 54
Figuur 6: Aanzicht kerkgebouw, klokkentoren en dagkerk
Figuur 7: Aanzicht kerkgebouw, dagkerk en pastorie
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 11 van 54
Figuur 8: Aanzicht pastorie op de voorgrond, gezien vanaf de Haagbeuklaan.
Op 6 oktober 2020 hebben burgemeester en wethouders besloten om het bijgebouw, waarin de voormalige dagkerk en de sacrestie waren gevestigd, en het pastoriegebouw af te voeren van de gemeentelijke monumentenlijst. Het kerkgebouw (inclusief het doopvont) en de vrijstaande klokkentoren behouden de monumentale status.
2.2 De ontwikkeling 2.2.1 Uitgangspunten en randvoorwaarden Startnotitie Op 11 maart 2020 is de Startnotitie Haagbeuklaan 13 vastgesteld door de gemeenteraad. Een Startnotitie loopt vooruit op de procedure voor een bestemmingsplanwijziging. Een Startnotitie geeft het ruimtelijk kader en randvoorwaarden op basis waarvan daarna de bestemmingsplanprocedure kan worden doorlopen. De Startnotitie geeft inzicht in alle ruimtelijke raakvlakken en maatschappelijke en financiële overwegingen waar het project mee te maken heeft of kan hebben en of het op die basis haalbaar is om verder te gaan met het project. Daarnaast vervult de ontwerp Startnotitie een belangrijke rol bij de participatie van belanghebbenden. Na vaststelling van de ontwerp Startnotitie door burgemeester en wethouders, heeft deze voor belangstellenden ter inzage gelegen in oktober 2019. Vragen en opmerkingen van belanghebbenden zijn door burgemeester en wethouders van een antwoord voorzien en tezamen met de Startnotitie ter vaststelling aan de gemeenteraad aangeboden. Door vervolgens de definitieve Startnotitie vast te stellen heeft de gemeenteraad het ruimtelijk kader voor dit plan bepaald. Programmatische uitgangspunten Kerkgebouw Het behoud van het gemeentelijk monument is een essentieel uitgangspunt voor de onderhavige ontwikkeling. Daarbij is het van belang dat de beleving van de kerk moet blijven bestaan.
Daarom moet het gebouw toegankelijk blijven, zodat het (gedeeltelijke) interieur van de kerk zichtbaar is voor de bezoekers van de nieuwe bestemming. Voor het kerkgebouw is een ontwikkeling mogelijk waarbij gedacht kan worden aan multifunctionele ruimten, bijvoorbeeld voor maatschappelijke invullingen, waaronder een kinderdagverblijf. Meer levendigheid in de wijk is wenselijk. Woningbouw Het woningbouwprogramma voorziet in de bouw van 57 gestapelde appartementen in het koopsegment. Hierdoor ontstaat in de wijk Keizer Karelpark een betere mix van huur en koopwoningen. Uitgangspunt bij de ontwikkeling is dat 59% van de woningen
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 12 van 54
in het middeldure koopsegment worden gerealiseerd. Hiermee wordt aan de Amstelveense woningmarkt een bijdrage geleverd van 34 middeldure appartementen, woningen waaraan in Amstelveen een grote behoefte bestaat. Voor deze woningen wordt een zelfbewoningsclausule van 3 jaar opgelegd en tevens wordt daar een antispeculatiebeding aan gekoppeld van 5 jaar met als doel speculatie tegen te gaan. Het beoogde woningaanbod is gericht op starters, young professionals, jonge gezinnen en mensen waarvan de kinderen al uit huis zijn gegaan. Door het aanbieden van koopappartementen krijgt de doelgroep de kans eigen vermogen op te bouwen. Ruimtelijke randvoorwaarden Stedenbouwkundige randvoorwaarden Voor de beoogde ontwikkeling gelden de volgende stedenbouwkundige randvoorwaarden: Kerk: <0000> Behoud van het monument. Gevelaanpassingen en het toevoegen van openingen worden met respect voor het kerkgebouw ingepast en vormgegeven. Energiebesparing door middel van isolatie wordt waar mogelijk toegepast. In combinatie met het appartementengebouw wordt onderzocht of de kerk aardgasvrij kan worden gemaakt. Stedin zal geen nieuwe kleinverbruikers aardgasaansluiting toestaan o.g.v. de Wet VET. <0000> Ruimte voor levendigheid in het pand en op het plein en verblijfskwaliteit toevoegen op het plein. <0000> Multifunctioneel gebruik, maatschappelijke bestemming.
Bijvoorbeeld kinderdagverblijf of bedrijvigheid, kantoor, kleinschalige detailhandel, horeca etc.. <0000> Minimaal 5 meter afstand houden tot het water. Hier is een strook wijkstructureel groen die intact moet blijven. Appartementengebouw: <0000> Positionering draagt bij aan de leesbaar en herkenbaarheid van de stedenbouwkundige en functionele structuur van de stad; <0000> Het appartementengebouw is lager dan het plan ‘Lindepark’ aan de overzijde van de Lindelaan; <0000> Het appartementengebouw is alzijdig ontworpen; <0000> De parkeergarage steekt maximaal 1,5 meter boven het maaiveld uit, zodat de woningen op de eerste bouwlaag bijdragen aan de belevingskwaliteit op straatniveau; <0000> De bovenste 2 bouwlagen hebben een afwijkend karakter ten opzichte van de onderste 3 bouwlagen, maar zijn wel familie van elkaar; <0000> Het plein wordt rustig ingericht, zodat de kerk het middelpunt blijft vormen; <0000> Duurzame energieopwek in de vorm van zonnepanelen wordt mee ontworpen in het gebouw, dan wel is onopvallend geplaatst (op plat dak). Bij de verdere planuitwerking dient, zowel bij de kerk als het appartementengebouw, rekening te worden gehouden met de toegankelijkheid van de gebouwen voor minder validen. Binnen de genoemde randvoorwaarden wordt uitgegaan van een landschapsontwerp dat voorziet in een openbaar aantrekkelijk toegankelijk groen maaiveld.
Door de groene inrichting wordt bewerkstelligd dat hittegolven minder lang in de stad blijven hangen om de zogenaamde hittestress te voorkomen. In de nabije omgeving liggen voldoende speelplekken (Pruimenlaan, Abelenlaan, Maluslaan, hellingbaanflats) zodat er geen speelterrein met toestellen nodig is. Afwijkende parkeernorm voor de woningen in het middeldure segment
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 13 van 54
Een ontwikkeling dient te voldoen aan de parkeernormen, zoals deze zijn opgenomen in de Nota Parkeernormen Amstelveen 2016. Hierbij dient het initiatief zelf te voorzien in de parkeerbehoefte. Dit kan op eigen terrein of op openbaar terrein in de directe omgeving. Ervaring leert dat woningen in het middensegment met een lagere parkeernorm toe kunnen, deze ervaring is echter nog niet opgenomen in de Nota Parkeernormen Amstelveen 2016. Van de 57 koopwoningen komen minimaal 34 woningen (59%) in het middensegment. Gegeven de beperkte oppervlakte van deze 34 woningen (max 60 m2), zijn deze woningen met name aantrekkelijk voor een doelgroep waarvan de ervaring leert dat deze een lager dan gemiddeld autobezit hebben. Daarom is voor de 34 woningen in het middensegment een afwijkende parkeernorm van 1 parkeerplaats per woning gesteld. Voor de overige 23 woningen geldt de normale parkeernorm conform de Nota parkeernormen 2016. Groen, water en openbare ruimte Het plan wordt grotendeels ontwikkeld op eigen terrein, waarbij onderstaande uitgangspunten van toepassing zijn: <0000> Schade aan de openbare ruimte dient door de initiatiefnemer te worden hersteld. <0000> De gemeentelijke groenstructuren blijven gehandhaafd, de noorse esdoorn op de hoek Haagbeuklaan – Notenlaan wordt gekapt. Na de bouw zal ter compensatie een nieuwe boom worden geplant.
<0000> De groenstrook langs het water wordt opnieuw ingeplant met heesters in verschillende grootte. De inrichting van het groen zal daarbij moeten worden aangepast aan de nieuwe omstandigheden, maar wel passend bij en in aansluiting op het aangrenzende bestaande groen. <0000> De strook groen aan de waterpartij blijft over de hele lengte van het gebouw minimaal 5 meter breed vanwege de bereikbaarheid van de strook voor onderhoud. <0000> In het openbare gebied moeten twee ondergrondse afvalcontainers voor restafval en PMD bijgeplaatst worden. Dit bijplaatsen is op kosten van de ontwikkelaar. Indien deze containers komen te staan op grond van de ontwikkelaar dan wordt deze grond aan de gemeente overgedragen om niet of er wordt een recht van opstal gevestigd. De containers dienen bereikbaar te zijn voor de gemeentelijke ophaaldienst. <0000> Het terrein aan de kant van de Haagbeuklaan moet een groen karakter krijgen vanwege het uitzicht van de bestaande woningen en ter compensatie van verlies aan openbaar groen aan de westzijde van het gebouw. <0000> Mocht worden overwogen de buitenruimte over te dragen aan de gemeente dan is in principe de “Leidraad Inrichting Openbare Ruimte” van toepassing voor de inrichting van de buitenruimte. <0000> De ontwikkelaar is zelf verantwoordelijk de wateraangelegenheden af te stemmen met Waterschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV).
De waterhuishouding dient goed te worden uitgewerkt. <0000> De benodigde herinrichting en/of herstel van aangrenzend gemeenteterrein dat door de ontwikkeling wordt aangetast wordt vergoed door de ontwikkelaar. Riolering De riolering dient te worden aangesloten op het bestaande VWA stelsel. Het hemelwater kan worden geloosd op de naastgelegen waterpartij. Bezonning Bij de beoordeling van de aanvaardbaarheid van de schaduwwerking van de nieuw te bouwen appartementen op de omgeving, is de 'strenge' TNOnorm van toepassing: ten minste 3 mogelijke bezonningsuren per dag in de periode 21 januari – 22 november (gedurende 10 maanden) in midden vensterbank binnenkant raam. Energie en duurzaamheid De gemeente streeft waar mogelijk naar realisatie van aardgasvrije gebouwen met een energieprestatiecoëfficiënt van 0,2. Goede isolatie, een duurzame warmtevoorziening, Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 14 van 54
toepassing van warmteterugwinning bij warmwater en slimme ventilatie (met warmteterugwinning) zijn hierbij noodzakelijk. Initiatiefnemer draagt zorg voor een goede (thermische) schil en energetisch ontwerp en onderzoekt welke eigen opwek nu al realiseerbaar is en wat er op termijn kan worden toegevoegd, gebruikmakend van dan beschikbare en naar verwachting betaalbaardere technieken. Het toepassen van een WKO dient zorgvuldig afgestemd te worden met de omgeving. Het realiseren van bronnen dient op eigen terrein plaats te vinden. Voor de aanleg van WKO’s is een vergunning op grond van de Waterwet noodzakelijk, de Provincie Noord Holland is hiervoor het bevoegde gezag. 2.2.2 Beschrijving van de ontwikkeling 2.2.2.1 Programma Kerkgebouw Het bouwplan voorziet in de herontwikkeling van het plangebied, waarbij het gemeentelijke monument wordt behouden door middel van restauratie. Dit heeft betrekking op het voormalige kerkgebouw, het doopvont en de klokkentoren, inclusief de klok, van de Heilige Geestkerk. De pastorie en de dagkerk zijn afgevoerd van de gemeentelijke monumentenlijst en worden geamoveerd ten behoeve van de bouw van een appartementengebouw. In het kerkgebouw is de vestiging van maatschappelijke voorzieningen mogelijk. Dit bestemmingsplan voegt daar een kinderdagverblijf aan toe.
Woningen Het bouwplan voorziet in de realisatie van 57 koopappartementen, een halfverdiepte parkeergarage met 25 parkeerplaatsen en een gemeenschappelijke fietsenberging en 47 parkeerplaatsen op maaiveld. In figuur 9 is het woningbouwprogramma weergegeven.
Figuur 9: Woningbouwprogramma
2.2.2.2 Het bouwplan Op 22 december 2021 is door de initiatiefnemer een aanvraag om de afgifte van een omgevingsvergunning voor het bouwen ingediend. Door middel van onderstaande afbeeldingen wordt een indruk gegeven van de beoogde nieuwe situatie binnen het plangebied.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 15 van 54
Figuur 10: Nieuwe situatie
Figuur 11: Gevelbeeld voormalig kerkgebouw
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 16 van 54
Figuur 12: Gevelbeelden appartementengebouw
Figuur 13: Plattegronden kelder en begane grond
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 17 van 54
Figuur 14: Plattegronden 1e en 2e verdieping
Figuur 15: Plattegronden 3e en 4e verdieping
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 18 van 54
Figuur 16: Impressie bouwplan vanaf de Lindelaan/Haagbeuklaan
Figuur 17: Impressie bouwplan vanaf Notenlaan/Zomerlindepad
2.2.2.3 Stedenbouwkundige inpassing In deze wijk wordt gestreefd naar meer differentiatie en kwaliteit. Het plan draagt daaraan bij door de kerk te behouden en in te vullen met een bestemming die levendigheid met zich meebrengt en de realisatie van een plan met meer dan 50% middeldure koopappartementen. Het is omwille van de ruimtelijke kwaliteit wenselijk om de bestaande structuur in de wijk Keizer Karelpark te behouden. De ontwikkelaar heeft een plan gemaakt waarbij de monumentale kerk en klokkentoren blijven staan en de dagkerk en pastorie komen te vervallen. Op de plaats van de pastorie en de dagkerk is
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 19 van 54
een appartementengebouw voorzien met 5 woonlagen en een halfverdiepte parkeergarage. De bijzondere vorm van de kavel en de karakteristieke positie van de kerk in het stedenbouwkundig weefsel zijn bij het voorgenomen bouwplan intact gebleven. Het initiatief zet in op aansluiting van de nieuwbouw langs het water en een noordzuidoriëntatie van de appartementen. De positionering van het appartementengebouw ten opzichte van de kerk en de ruimtelijke positionering van de volumes in samenspel van nieuw en oud passen in de ruimtelijke opzet en bebouwingsstructuur van de wijk. Doordat het appartementengebouw achter de kerk iets verder van de Lindenlaan af staat, wordt poortwerking met de bebouwing in de binnenbocht en visuele knijp in de Lindenlaan voorkomen. Het (hoge) appartementengebouw ‘Lindepark’, die de begeleiding van de binnenbocht van de Lindenlaan vormt, en de monumentale klokkentoren zijn hoger dan het nieuwe appartementengebouw. De kerk en de klokkentoren fungeren als een stedelijk oriëntatiepunt. De klokkentoren komt op het plein goed tot zijn recht. Het appartementengebouw, met een hoogte van ca. 17 meter, past in hoogte tussen het hogere Lindepark (20 meter) aan de overzijde van de Lindelaan en de lagere eengezinswoningen (10 meter) in het plan Appellaan – Notenlaan aan de overzijde van de waterpartij.
Het appartementengebouw komt dichter bij de woningen aan het Zomerlindepad te staan dan de huidige pastorie, maar door het wijkstructuurgroen aan de noordzijde van de waterpartij en de bomen aan de zuidzijde van de waterpartij wordt het gebouw opgenomen in de structuur van de omgeving. Ten noorden van de waterpartij heeft de groenstrook een breedte van ca. 5 meter, behalve aan de westkant aan de Notenlaan. Daar is de groenstrook smaller, omdat de waterpartij daar breder is. De entree van de parkeergarage komt aan de Notenlaan aan de westzijde van het appartementengebouw op de kopse kant. De entree naar de parkeerkelder en de entree van het appartementengebouw (inclusief de natuurlijke ventilatie van de parkeervoorziening) verdienen bijzondere aandacht in het ontwerp van het verblijfsgebied. De verlichting in de parkeerkelder wordt op bewegingssensoren gezet, zodat het licht niet continu aan is en ook dankzij de nieuwe roosters wordt overbodig lichtstraling naar de buren aan Zomerlindepad voorkomen. De hellingbaan naar de kelder is ca. 3,5 meter breed en wordt voorzien van een stoplicht. De kwaliteit die de plek als verblijfsgebied kan toevoegen aan dit deel van de wijk en de mogelijkheid voor het toevoegen en compenseren van groen op de kavel dient te worden benut en in het plan te worden vormgegeven.
In het voorliggende initiatief wordt een deel van dit plein gebruikt om parkeerplaatsen te realiseren en het overige deel kan worden ingericht als ontmoetingsplek. Om het stenige karakter van het terrein aan te kleden, maar ook om de bocht in de Lindenlaan te begeleiden is een groene invulling op de vrije hoek in de bocht een waardevolle toevoeging.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 20 van 54
HOOFDSTUK 3 PLANOPZET 3.1 Algemeen In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de wijze waarop de gewenste ruimtelijke en functionele ontwikkeling van het plangebied juridisch is vertaald. In het voorgaande hoofdstuk is beschreven welke ontwikkelingen in het plangebied plaatsvinden. In dit hoofdstuk wordt aangegeven welke juridischplanologische instrumenten daarbij worden ingezet. Het voorliggende bestemmingsplan is een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening. Het plan is opgesteld conform SVBP 2012 (Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012). Daarin zijn de regels voor een belangrijk deel gestandaardiseerd. Het bestemmingsplan is overeenkomstig de SVBP 2012 gedigitaliseerd opgesteld. Het bestemmingsplan wordt elektronisch/digitaal beschikbaar gesteld op de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl. Het juridische deel van het bestemmingsplan bestaat uit de verbeelding en de regels. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor de toepassing van de regels, alsmede de functie van visualisering van de bestemmingen. Deze onderdelen zijn bindend voor een ieder. De regels bevatten samen met de verbeelding het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden en gebouwen en bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing.
De toelichting is niet juridisch bindend, maar wordt gebruikt als handvat en interpretatiekader voor het bestemmingsplan. Het onderhavige bestemmingsplan voorziet in een actueel en adequaat juridisch kader voor ontwikkeling en beheer van het plangebied. Gezien de duidelijke voorgestane ontwikkeling van het plangebied, is gekozen voor een gedetailleerde planvorm. Deze planvorm maakt het mogelijk alle functies in het plangebied te voorzien van een gedetailleerde bestemmingsregeling waardoor de ruimtelijke kwaliteit in het gebied als zodanig kan worden beheerd, behouden en versterkt. Op de verbeelding zijn alle functies zodanig bestemd, dat het direct mogelijk is om met het bijbehorende renvooi (verklaring van de bestemmingen) te zien welke bestemmingen aan de gronden binnen het plangebied zijn gegeven. Uitgangspunt daarbij is dat de verbeelding zoveel mogelijk informatie geeft omtrent de in acht te nemen horizontale en verticale maten. In de bijbehorende regels zijn de bestemmingsomschrijving, de bouwregels en de gebruiksbepalingen, alsmede de eventuele afwijkingsmogelijkheden te vinden. Voor een goede ruimtelijke ordening is het noodzakelijk dat de in het bestemmingsplan gestelde regels zodanig zijn opgesteld dat deze (goed) zijn te handhaven. Het gemeentebestuur is van oordeel dat de regels in het onderhavige plan voldoen aan deze eis.
Hieronder is de kaart van de verbeelding van het onderhavige bestemmingsplan "Haagbeuklaan 13" weergegeven.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 21 van 54
Figuur 18: Kaart verbeelding van het onderhavige bestemmingsplan
3.2 De planregels en bestemmingen 3.2.1 De opbouw van het bestemmingsplan De regels zijn, conform de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen SVBP2012, onderverdeeld in vier hoofdstukken: <0000> Hoofdstuk 1: inleidende regels; met daarin definities en de wijze van meten en berekenen en de reikwijdte van dit bestemmingsplan. <0000> Hoofdstuk 2: bestemmingsregels; die het hart van ieder bestemmingsplan vormen. Ze zijn opgebouwd uit een bestemmingsomschrijving, waarin een omschrijving wordt gegeven van de aan de grond toegekende functies. Per bestemming worden bouwregels gegeven, waarin voor alle bouwwerken de van toepassing zijnde bouwbepalingen worden geregeld. <0000> Hoofdstuk 3: algemene regels; deze hebben betrekking op in beginsel alle voorafgaande regels. Hierbij gaat het onder meer om de antidubbeltelbepaling, algemene gebruiksregels, algemene bouwregels en algemene afwijkingsbevoegdheid. <0000> Hoofdstuk 4: overgang en slotregels. De regels in hoofdstuk 1 en de algemene regels in hoofdstuk 3 gelden voor het bestemmingsplan als geheel. Zij werken door in de diverse bestemmingen. 3.2.2 Artikelsgewijze toelichting op de regels Hoofdstuk 1 Inleidende regels Begrippen (artikel 1) In dit artikel worden de relevante begrippen gedefinieerd die in de planregels worden gebruikt. Wijze van meten (artikel 2)
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 22 van 54
In dit artikel wordt aangegeven op welke wijze de diverse maten moeten worden gemeten en de oppervlakte van bouwwerken worden berekend om zo een eenduidige toepassing van de regels te bewerkstelligen. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Groen (artikel 3) Deze bestemming geldt voor het openbaar groen en daaraan ondergeschikte voorzieningen. De opgenomen functieaanduiding 'wonen' geldt voor de over deze bestemming hangende balkons. Maatschappelijk (artikel 4) Binnen deze bestemming wordt, ten opzichte van het voorheen geldende bestemmingsplan 'Amstelveen MiddenWest', de vestiging van een kinderdagverblijf mogelijk gemaakt. In de specifieke gebruiksregels zijn voorwaardelijke verplichtingen opgenomen. Zo wordt een geluidscherm voorgeschreven en moet bij het verlenen van een omgevingsvergunning worden aangetoond dat wordt voldaan aan de geluidnormen en dat ook het binnenniveau voldoet aan de normen. Aldus wordt een verantwoord woon en leefklimaat gewaarborgd. Als het kerkgebouw een andere invulling krijgt dan kinderdagverblijf, dan is het geluidscherm niet verplicht. Tuin (artikel 5) In de tuinbestemming zijn 'bouwwerken, geen gebouwen zijnde' toegestaan. Slechts ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van tuin bijgebouw' is een gebouwtje toegestaan voor de opslag van tuingereedschap, meubilair en speelgoed.
Ter plaatse van de bouwaanduiding 'specifieke bouwaanduiding 1' is het, voor de vestiging van het kinderdagverblijf voorgeschreven, geluidscherm mogelijk gemaakt en ter plaatse van de fuinctieaanduiding 'speelvoorziening' mogen speelvoorzieningen worden gerealiseerd. Dit betreffen bouwwerken, geen gebouwen zijnde met een maximale bouwhoogte van 3 meter. Verkeer Verblijfsgebied (artikel 6) Binnen deze bestemming is het tracé van de woonstraat geregeld. Hierbinnen vallen de rijbanen, trottoirs, fietspaden, parkeervakken en ondergeschikte groenvoorzieningen. Binnen de bestemming kan straatmeubilair, zoals onder andere ondergrondse huisvuilcontainers, verlichting en speelvoorzieningen, worden geplaatst. Tussen het voormalige kerkgebouw en het nieuwe appartementengebouw is de functieaanduiding 'wonen' (w) opgenomen. Hier mag ten behoeve van het woongebouw een overbouwing worden gebouwd voor de vierde en vijfde bouwlaag. Wonen (artikel 7) Binnen deze bestemming mag een appartementengebouw met de daarbij behorende voorzieningen, zoals een parkeergarage, worden gebouwd met in totaal maximaal 57 appartementen. Voorts is een kwalitatieve verplichting opgenomen in verband met de geluidbelasting op de gevels van de appartementen.
Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor de bouw van het woongebouw, moet worden aangetoond dat aan de normen van de Wet geluidinder en het Activiteitenbesluit wordt voldaan. Ter plaatse van de aanduiding 'parkeergarage' kan een volledig ondergrondse of halfverdiepte parkeergarage worden gerealiseerd. Bouwen is alleen toegestaan binnen het bouwvlak, maar voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde is een uitzondering gemaakt. Dergelijke bouwwerken zijn onder voorwaarden ook buiten het bouwvlak mogelijk. Hoofdstuk 3 Algemene regels Antidubbeltelregel (artikel 8) Deze bepaling dient om te voorkomen dat bijvoorbeeld een grondoppervlak, dat in een bepaald geval al eens als berekeningsgrondslag voor de toelaatbare oppervlakte aan Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 23 van 54
bebouwing heeft gediend, later nog eens als berekeningsgrondslag voor een ander bouwwerk wordt gebruikt, maar dat dan tot gevolg heeft dat in het eerste geval een situatie ontstaat die afwijkt van het plan. Algemene bouwregels (artikel 9) In artikel 9.1 staan de regels voor toegelaten overschrijdingen van bestemmingsgrenzen, bouwgrenzen en hoogtematen en in artikel 9.2 wordt aangegeven onder welke voorwaarden ondergronds bouwen mogelijk is. In artikel 9.3 wordt voorzien in een verwijzing naar de 'Nota Parkeernormen Amstelveen 2016'. Bij de afgifte van een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen, moet worden beoordeeld of wordt voldaan aan de normen die deze Nota oplegt aan het bouwplan. Voor de 34 woningen in het middensegment geldt een, van de Nota Parkeernormen afwijkende, norm van 1,0 parkeerplaats per woning. In artikel 9.4 zijn de bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van voorzieningen voor het systeem van de warmte koudeopslag geregeld. Algemene gebruiksregels (artikel 10) In dit artikel is het strijdige gebruik voor alle bestemmingen bepaald. Daarnaast is de voorwaardelijke verplichting terzake van de watercompensatie opgenomen. Voordat de extra verharding ten gevolge van het bouwplan plaatsvindt, dient het extra wateroppervlak in de waterpartij langs de Acacialaan te zijn gerealiseerd.
Het gebruik van gronden ten behoeve van de warmte koudeopslag is expliciet toegestaan. Algemene afwijkingsregels (artikel 11) In dit artikel wordt bepaald van welke algemene afwijkingen in het plangebied gebruik kan worden gemaakt. Algemene aanduidingsregels (artikel 12) In deze bepaling wordt aangegeven welke beperkingen, op grond van het Luchthavenindelingbesluit (Lib) Schiphol, gelden op de gronden binnen de drie gebiedsaanduidingen 'luchtvaartverkeerzone'. Binnen deze zones gelden regels ten aanzien van maximale bouwhoogten (toetshoogte en radarhoogte) en regels met betrekking tot vogelaantrekkende werking. Overige regels (artikel 13) In deze regel is bepaald dat de in het plan genoemde wet en regelgeving moet worden gelezen, zoals die geldt op het moment van tervisielegging van het bestemmingsplan. Voor de 'Nota Parkeernormen' is een uitzondering gemaakt, omdat in de Startnotitie de Nota Parkeernormen 2016 van toepassing is verklaard (met uitzondering van de 34 woningen in het middensegment). Overgangsrecht (artikel 15) Samengevat wordt in deze bepalingen gewaarborgd dat bouwwerken en gebruiksvormen die bij de totstandkoming van het plan reeds legaal bestaan, maar nu in strijd raken met het plan, mogen blijven bestaan. Daarbij wordt het mogelijk gemaakt om op te treden tegen eerder ontstaan illegaal gebruik. Slotregel (artikel 16) Voor de duidelijkheid, o.a.
bij benoeming en verwijzing, is hierin een eenduidige naam voor het gehele plan inclusief de toelichting aangegeven.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 24 van 54
HOOFDSTUK 4 UITVOERBAARHEID 4.1 Economische uitvoerbaarheid 4.1.1 Financieel-economische haalbaarheid De realisatie van de in dit bestemmingsplan rechtstreeks mogelijk gemaakte ontwikkelingen is in handen van één ontwikkelende partij. Met deze partij heeft de gemeente een overeenkomst gesloten als beschreven in paragraaf 4.1.2. Niet is gebleken dat de ontwikkelende partij over onvoldoende middelen beschikt om de bedoelde ontwikkelingen te kunnen realiseren en de exploitatiebijdrage aan de gemeente te voldoen. 4.1.2 Verhaal van kosten De gemeente is op grond van artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening verplicht om bij het mogelijk maken van een bouwplan als bedoeld in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening, een exploitatieplan vast te stellen ten behoeve van het verhalen van de door de gemeente te maken kosten, tenzij voorafgaand aan de vaststelling van de bestemmingswijziging een overeenkomst tot stand is gekomen waarin dit kostenverhaal is verzekerd. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in onder meer de bouw van 57 woningen en betreft daarmee een bouwplan waarvoor in principe een exploitatieplan dient te worden opgesteld. In afwijking hiervan behoeft de gemeenteraad bij een besluit tot vaststelling van een bestemmingsplan geen exploitatieplan vast te stellen, indien: 1.
het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in het plan begrepen gronden anderszins verzekerd is. 2. het bepalen van een tijdvak of fasering niet noodzakelijk is, en 3. het stellen van eisen, regels, of een uitwerking van niet noodzakelijk is. Op 11 januari 2022 heeft de gemeente met de ontwikkelende partij, ten behoeve van onderhavige grondexploitatie, een anterieure overeenkomst gesloten waarin de kosten voor de grondexploitatie worden verhaald op de ontwikkelende partij. Het is niet nodig een tijdvak of fasering of regels danwel een uitwerking van regels publiekrechtelijk op te leggen. Hiermee is het verhaal van kosten anderszins verzekerd. Het opstellen van een exploitatieplan is derhalve niet meer noodzakelijk.
4.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 4.2.1 Inspraak De inhoud van de Startnotitie Haagbeuklaan 13 is aan de hand van een participatietraject tot stand gekomen. In oktober 2019 heeft de ontwerpstartnotitie ter inzage gelegen, waarbij een ieder in de gelegenheid is gesteld om een inspraakreactie naar voren te brengen. Op 14 oktober 2019 heeft in het kerkgebouw aan de Haagbeuklaan een informatie en participatieavond plaatsgevonden in de vorm van een inloopavond. In de gemeente Amstelveen wordt de lijn gehanteerd dat, wanneer voor een project een participatieproces in het kader van een Startnotitie is doorlopen, het voorontwerp bestemmingsplan niet onderhevig wordt gemaakt aan inspraak. 4.2.2 Vooroverleg ex art. 3.1.1 Bro Op 11 mei 2022 is het voorontwerp bestemmingsplan, in het kader van het wettelijk vooroverleg op grond van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro), toegezonden aan een aantal instanties. De toezending is gedaan met het verzoek om binnen vier weken te reageren en met de mededeling, dat indien niet binnen die termijn zal zijn gereageerd, wordt aangenomen, dat het voorontwerp bestemmingsplan geen aanleiding heeft gegeven tot het maken van opmerkingen.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 25 van 54
De volgende instanties is de gelegenheid geboden om een vooroverlegreactie te geven: 1. Gedeputeerde Staten van NoordHolland 2. Waterschap Amstel, Gooi en Vecht 3. Brandweer Amsterdam Amstelland Van deze instanties is een reactie ontvangen. Hieronder worden deze samengevat en zonodig van een reactie voorzien. 1. Gedeputeerde Staten van NoordHolland De provincie is van mening dat het plan goed aansluit op de omgevingsvisie NH2050 van de provincie NoordHolland, waarin wordt gestreefd naar het zoveel mogelijk binnenstedelijk opvangen van de woningvraag. De provincie heeft verder geen inhoudelijke opmerkingen over het voorontwerpbestemmingsplan. 2. Waterschap Amstel, Gooi en Vecht Het bestemmingsplan heeft het thema water en het relevante beleid volledig beschreven. Het plan geeft geen aanleiding voor opmerkingen. 3. Brandweer Amsterdam Amstelland Wij hebben onderzoek gedaan naar relevante risicobronnen nabij het plangebied. Er is gekeken naar de invloedsgebieden van spoor, weg, watervervoer gevaarlijke stoffen, Bevi inrichtingen, buisleidingen en of het plangebied in het Luchthavenindelingsbesluit Schiphol ligt. Uit dit onderzoek is gebleken dat het plangebied buiten de grootste risicocontouren ligt van bovengenoemde risicobronnen. Derhalve is het niet nodig om verder onderzoek te doen naar het groepsrisico of plaatsgebonden risico ter plaatse van het plangebied.
De bluswatervoorziening en bereikbaarheid voor de hulpdiensten ter plaatse van het plangebied is momenteel niet goed uit de aangeleverde stukken af te leiden. Wij verzoeken u daarom om bij de nadere uit werking van (bouwwerken in) het plangebied de invulling van de bereikbaarheid en bluswatervoorzieningen met ons af te (laten) stemmen. Reactie Op de bij de omgevingsvergunning behorende tekening van de nieuwe situatie zijn de opstelplaatsen voor de brandweer nu weergegeven. Voorts wordt in de te verlenen omgevingsvergunning een voorschrift opgenomen, waarin het aanbrengen van een brandhydrant in de nabijheid van het woongebouw wordt voorgeschreven. De exacte locatie daarvan moet worden bepaald in overleg met de brandweer en Waternet. 4.2.3 Zienswijzen Van 22 december 2022 tot en met 1 februari 2023 hebben het ontwerpbestemmingsplan, het ontwerpbesluit tot vaststelling van hogere waarden als bedoeld in de Wet geluidhinder en het ontwerpbesluit tot verlening van de omgevingsvergunning voor het realiseren van het bouwplan voor een ieder ter inzage gelegen. Naar aanleiding daarvan zijn negen zienswijzen naar voren gebracht. Op 17 januari 2023 heeft van 19.00 uur tot 20.30 uur een inloopavond plaatsgevonden. Tijdens deze avond konden belangstellenden nadere informatie verkrijgen. De naar voren gebrachte zienswijzen zijn behandeld in een separate Nota van beantwoording.
Deze nota is opgenomen als bijlage 1.
4.3 Handhaving Handhaving op het gebied van ruimtelijke ordening spitst zich toe op het gebruik van de gronden en opstallen, de maatvoering van bouwwerken en het uitvoeren van werken en werkzaamheden waarvoor een omgevingsvergunning nodig is. Handhaving kan kortweg worden omschreven als: elke handeling die er op is gericht de naleving van rechtsregels
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 26 van 54
te bevorderen of een overtreding te beëindigen. Handhaving is geen doel op zich maar draagt bij aan de realisatie van de ruimtelijke doelstellingen die met het bestemmingsplan worden beoogd en de bescherming van de verschillende belangen die worden gewaarborgd. Een bestemmingsplan bevat daarom een handhavingsparagraaf. Hierin wordt een toelichting gegeven op de wijze waarop de gemeente het juridische normenkader van het bestemmingsplan handhaaft, dat door middel van de planregels in samenhang met de planverbeelding in het leven is geroepen. Het niet naleven van een bestemmingsplan komt neer op het ondergraven van één van de meest waardevolle en invloedrijkste instrumenten van de gemeentelijke overheid. Daarnaast is het een inbreuk op en aantasting van de belangrijkste waarborgen die de burger en bedrijven op gemeentelijk niveau hebben. De maatschappij mag immers verwachten en eisen van de gemeentelijke overheid dat zij de regelgeving die zij in het bestemmingsplan heeft opgenomen ook zal handhaven. Het niet naleven en handhaven van het bestemmingsplan tast de geloofwaardigheid van de gemeente in het algemeen aan. Om deze redenen is het noodzakelijk het bestemmingsplannen te handhaven en te blijven handhaven.
De gemeente is verplicht om uitvoerings (vergunningverlening) en handhavingsbeleid vast te stellen in een of meer documenten, waarin gemotiveerd wordt aangegeven welke doelen wij onszelf stellen bij de uitvoering en handhaving en welke activiteiten we daarvoor zullen uitvoeren. Deze verplichting is nu al opgenomen in het Besluit omgevingsrecht en komt ook in de Omgevingswet terug. De gemeente heeft aan deze verplichting invulling gegeven in het actuele VTH beleidsplan, waarin zowel het uitvoerings als het handhavingsbeleid is opgenomen. Deze nota beschrijft de visie, doelstellingen, prioriteiten, uitgangspunten en strategieën op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Het is gebaseerd op een analyse van de problemen die zich kunnen voordoen met betrekking tot de naleving van de geldende wetgeving, waaronder dit bestemmingsplan. Een andere belangrijk uitgangspunt zijn de toepasselijke algemeen verbindende voorschriften, de beleidskaders en een analyse van inzichten, technieken en werkwijzen die gebruikt kunnen worden voor de uitvoering. Het gehele uitvoerings en handhavingsbeleid geeft ten minste inzicht in: <0000> De prioriteiten bij de uitvoering van voorgenomen activiteiten. <0000> De methodiek die de gemeente gebruikt om te bepalen of gestelde doelen worden bereikt.
<0000> De objectieve criteria voor het beoordelen van aanvragen voor en beslissingen over een omgevingsvergunning en het afhandelen van meldingen. <0000> De werkwijze bij vergunningverlening en het afhandelen van meldingen. <0000> De afspraken die door de gemeente met de Omgevingsdienst en met de organen die belast zijn met de strafrechtelijke handhaving zijn gemaakt. <0000> De wijze waarop het toezicht op de naleving van het bij of krachtens de betrokken wetten bepaalde wordt uitgeoefend om de gestelde doelen te bereiken. <0000> De wijze waarop bestuurlijke sancties en de termijnen die bij het geven en uitvoeren daarvan worden gehanteerd en de strafrechtelijke handhaving onderling worden afgestemd, waarbij tevens aandacht wordt besteed aan de aard van de geconstateerde overtredingen. <0000> De wijze waarop de gemeente handelt na overtredingen die zijn begaan door of in naam van de eigen gemeente of van andere organen behorende tot de overheid. Uit de planregeling volgt geen directe opgave voor handhaving, omdat er geen strijdige activiteiten zijn geconstateerd die ingevolge het bestemmingsplan dienen te worden beëindigd.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 27 van 54
HOOFDSTUK 5 BELEIDSKADER 5.1 Inleiding Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de belangrijkste ruimtelijke beleidskaders. Achtereenvolgens komt het relevante rijks, provinciale, regionale en gemeentelijk beleid aan bod. Het beleid en de wetgeving op milieugebied wordt behandeld in hoofdstuk 6.
5.2 Rijksbeleid Hieronder volgt het beleid van het rijk, waar indien relevant voor het plangebied met dit Rijksbeleid rekening wordt gehouden in dit bestemmingsplan. 5.2.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Per 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie vastgesteld. Hierin zijn de kaders van het nieuwe rijksbeleid opgenomen. Deze Omgevingsvisie vervangt de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (2012). De NOVI is een instrument van de nieuwe Omgevingswet en loopt vooruit op de inwerkingtreding van die wet. Vanwege het uitstel van de inwerkingtreding van de Omgevingswet komt de NOVI als structuurvisie uit onder de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Zodra de Omgevingswet in werking is getreden, zal deze structuurvisie gelden als de Nationale Omgevingsvisie, zoals in de nieuwe wet bedoeld. In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) wordt door het Rijk een langetermijnvisie gegeven op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI bestaat uit een visie, toelichting en uitvoeringsagenda. De combinatie van deze drie documenten zorgt voor een toetsing die leidt tot nationale strategische keuzes en gebiedsgericht maatwerk. De NOVI beschrijft een toekomstperspectief met de ambities: wat willen we bereiken? Vervolgens worden de 21 nationale belangen in de fysieke leefomgeving en de daaruit voortkomende opgaven beschreven.
Die opgaven zijn in feite het verschil tussen de ambitie en de huidige situatie en verwachte ontwikkelingen. De vier prioriteiten De Uitvoeringsagenda beschrijft de vier prioriteiten. De opgaven uit de toelichting kunnen veelal niet apart van elkaar worden aangepakt. Als een samenhangende, integrale aanpak nodig is, over de sectoren heen, vraagt dit een andere inzet. De samenhang tussen opgaven manifesteert zich rond vier prioriteiten. <0000> <0000> <0000> <0000>
Ruimte voor klimaatadaptie en energietransitie Duurzaam economisch groeipotentieel Sterke en gezonde steden en regio's Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied
Drie afwegingsprincipes Het doel van de Omgevingswet is het bereiken van een balans tussen: '(a) het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit en (b) doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften'. Beschermen en ontwikkelen sluiten elkaar niet per definitie uit en kunnen elkaar zelfs versterken. Echter, gaan beschermen en ontwikkelen niet altijd en overal zonder meer samen en zijn soms echt onverenigbaar. Een optimale balans tussen deze twee vergt steeds een zorgvuldige afweging en prioritering van ongelijksoortige belangen. Om dit afwegingsproces en de omgeving inclusieve benadering richting te geven, is in de NOVI een drietal afwegingsprincipes geformuleerd: <0000> Combineren boven enkelvoudig; <0000> Kenmerken & identiteit; <0000> Afwentelen voorkomen.
Toelichting bestemmingsplan Haagbeuklaan 13
pag 28 van 54
Relevantie plangebied De realisatie van maximaal 57 woningen binnen het plangebied is niet in strijd met een van de 21 nationale belangen. De beoogde ontwikkeling vindt wel aansluiting bij nationaal belang nummer 5: zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften. De opgave is aansluitend op de woonbehoefte (met name in en bij de stedelijke regio’s) om circa 1 miljoen woningen te realiseren tussen 2019 en 2030. In het kader van de 'Woondeal MRA' moet de regio Amsterdam de komende zes jaar 100.000 woningen bouwen. Tot 2040 betreffen dit 230.000 woningen (huidige prognose). Deze woningen moeten structureel voldoende betaalbaar blijven. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties heeft deze afspraken met de MRA op 5 juli 2019 ondertekend in een woondeal. De Minister en Regio spannen zich in om voldoende woningproductie te realiseren om te voldoen aan de groeiende woningbehoefte en de tekorten in alle segmenten terug te dringen. 5.2.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) geeft de juridische kaders die nodig zijn om het vigerend ruimtelijk rijksbeleid te borgen en legt daarmee nationale ruimtelijke belangen vast. De ruimtelijke onderwerpen van nationaal belang zijn daardoor beperkt.
Het bevat regels die de beleidsruimte van andere overheden ten aanzien van de inhoud van ruimtelijke plannen inperken, daar waar nationale belangen dat noodzakelijk maken. In hoofdstuk 2 van het Barro is, om de nationale belangen te beschermen per onderwerp (één onderwerp per titel) aangegeven welke beperkingen er per welk (ruimtelijk) gebied gelden. Relevantie plangebied Bij de beoogde ontwikkeling zijn geen nationale belangen als beschreven in het Barro aan de orde. Wel dient de ladder voor duurzame verstedelijking te worden doorlopen. Dit betekent dat in het kader van de planologische procedure de behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling dient te worden aangetoond. In onderstaande paragraaf vindt de toets aan de ladder plaats. 5.2.3 Besluit ruimtelijke ordening Op 1 juli 2017 is de Nieuwe Ladder voor Duurzame Verstedelijking in werking getreden. De nieuwe Ladder is ten opzichte van de voorgaande Ladder vereenvoudigd. De drie treden zijn komen te vervallen en er is een nieuwe bepaling toegevoegd. De Laddertoets geldt alleen voor plannen die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maken. Onder een nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt verstaan: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'.
Het gaat om een nadere motiveringseis die in artikel 3.1.6 lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening is opgenomen ten behoeve van een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten waardoor de ruimte in stedelijke gebieden optimaal benut wordt. Bij elke nieuwe stedelijke ontwikkeling moet gemotiveerd worden dat er behoefte is aan deze ontwikkeling. Overheden dienen op grond van het Bro nieuwe stedelijke ontwikkeling standaard te motiveren met behulp van twee opeenvolgende stappen. Deze stappen borgen dat tot een zorgvuldige ruimtelijke afweging en inpassing van die nieuwe ontwikkelingen wordt gekomen. Relevantie plangebied Het realiseren van de woningen inclusief bijbehorende voorzieningen is een stedelijke ontwikkeling waarop de Ladder voor duurzame verstedelijking van toepassing is. De definitie voor een stedelijke ontwikkeling (artikel 1.1.1. lid 1 Bro) luidt als volgt: 'Stedelijke ontwikkeling: ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'.