Bijlage 9 Klimaatplan TAM-plan Kronenburg
Tekst van het document
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Uitwerking Clusters
projectnummer 0497711.100 14 maart 20255
www.anteagroup.nl
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025
Auteur(s) Y.F. (Ype) Willemsen
Opdrachtgever Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V. Claude Debussylaan 223 1082 MC Amsterdam
Gecontroleerd B. (Benno) Steentjes
datum 14 maart 2025
beschrijving Voor indiening
vrijgave A. de Jong
Pagina 2 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
1.
Inhoudsopgave
1.
Inhoudsopgave
3
1.
Inleiding
5
1.1 1.2 1.3 1.4
Aanleiding en Scope Doel Leeswijzer Bronnen
5 6 6 6
2.
De huidige situatie
8
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6
Inrichting Maaiveldhoogte Oppervlaktewater Bodemopbouw en grondwater Riolering, kabels en leidingen en hun knelpunten Raakvlakken overige thema’s klimaatadaptatie
8 9 10 12 14 17
3.
Visie, ambitie en programma van eisen
22
3.1 3.2 3.3 3.4 3.4.1 3.4.2 3.4.3 3.4.4 3.4.5 3.4.6
Visie en ambitie Afspraken watertoets 2020 en klimaattoets 2021 Programma van Eisen klimaatopgaven Aanvullende eisen gemeente Aanvullende eisen Vloerpeil Aanvullende eisen Riolering Aanvullende eisen Grondwaterzorg, drainage en ontwatering Aanvullende eisen Watergangen, oevers en duikers Aanvullende eisen Verharding i.r.t. klimaat en waterhuishouding Aanvullende eisen Groenvoorzieningen i.r.t. klimaat en waterhuishouding
22 23 24 27 27 27 29 29 31 31
4.
Uitwerking voorontwerp Cluster C – VDVI
32
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
Toelichting ontwerp en voornemens Voorontwerp omgang met vuilwater Voorontwerp omgang met regenwater Voorontwerp omgang met grondwater Raakvlakken overige thema’s klimaatadaptatie
32 35 38 47 48
5.
Uitwerking voorontwerp Cluster F – VDVI
49
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5
Toelichting ontwerp en voornemens Voorontwerp omgang met vuilwater Voorontwerp omgang met regenwater Voorontwerp omgang met grondwater Raakvlakken overige thema’s klimaatadaptatie
49 52 56 66 67
6.
Uitwerking voorontwerp Clusters A2, B en X – M&Z en VDVI
68
6.1 6.2 6.3 6.4 6.5
Toelichting ontwerp en voornemens Voorontwerp omgang met vuilwater Voorontwerp omgang met regenwater Voorontwerp omgang met grondwater Raakvlakken overige thema’s klimaatadaptatie
68 72 75 83 83
7.
Uitwerking voorontwerp Cluster G – DUWO
85
7.1 7.2
Toelichting ontwerp en voornemens Omgang met vuilwater
85 87 Pagina 3 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
7.3 7.4 7.5
Omgang met regenwater Voorontwerp omgang met grondwater Raakvlakken overige thema’s klimaatadaptatie
89 93 94
8.
Uitwerking voorontwerp openbare ruimte
95
Bijlage 1 Analyse vloerpeil van de panden Cluster C en Cluster F
96
Pagina 4 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
1.
Inleiding
1.1
Aanleiding en Scope “Een toekomstbestendig, levendig en dynamisch woon-werkgebied dat kan uitgroeien tot een volwaarde woonwerk campus”, aldus de (in mei 2019 door gemeenteraad vastgestelde) gebiedsvisie voor KronenburgUilenstede, een gebied in het noordoosten van de gemeente Amstelveen tussen de Saskia van Uylenburgweg (zuiden), Beneluxbaan (westen), het dijklichaam Kalfjeslaan (noorden) en de sportaccommodaties aan de Aanloop (oosten), nabij de gemeentegrens met Amsterdam. De stadsregio Amsterdam kent, net als vele andere regionen in Nederland met instellingen voor Hoger Onderwijs, een groot woningtekort voor studenten. Tegelijkertijd heerst er sinds de financiële crisis van 2008 veel leegstand in kantorenlocatie Kronenburg, wat de vitaliteit van de naastgelegen studentencampus Uilenstede onder druk zet. Om deze beide problemen het hoofd te bieden, heeft de gemeenteraad van Amstelveen de kantorenlocatie Kronenburg in 2016 aangewezen als transformatiegebied, met als doel een grootschalige studentencampus die aansluit bij de studentencampus Uilenstede. Hiertoe is reeds in 2020 een voorlopig ontwerp inclusief BeeldKwaliteitPlan (BKP) Kronenburg-Uilenstede met bouwenveloppen voor gerealiseerd. Dit zou ruimte bieden voor meer dan 2.500 studentenwoningen en ca. 1.600 tot 2.100 kamers voor ‘extended stay’ (kamerhuur tot ca. 1 maand).
In verband met het Luchtvaartindelingsbesluit heeft de uitwerking van het plan enige tijd stilgelegen. In de tweede helft van 2024 heeft het plan zijn vervolg gekregen. Het voorliggende Klimaatplan inventariseert de waterhuishoudkundige ambities en knelpunten in het plangebied en verkent de uitwerking naar een klimaatadaptieve inrichting, met aandacht voor wateroverlast, hitte- en droogtestress. Dit voor de Clusters A2, B, X, C, E, F en G uit het transformatiegebied als beschreven in het VO uit 2020 en weergegeven in onderstaand figuur. De Clusters A1 en D vallen buiten de scope van dit plan. Kalfjeslaan
Uilenstede
Prof. W.H. Keesomlaan
X
Laan van Korenburg
Uilenstede
Figuur 1-1 Het transformatiegebied als in het BKP 2020, waarbij Clusters A2, B, X, C, E, F en G binnen de scope van dit Klimaatplan vallen.
Pagina 5 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Voor de grondeigenaren en een korte omschrijving van de beoogde ontwikkeling per Cluster, zie Tabel 1. Tabel 1-1 Eigenaar en omschrijving beoogde ontwikkeling voor ieder Cluster.
1.2
Cluster
Binnen afbakening?
Eigenaar?
Omschrijving beoogde ontwikkeling
Cluster A1
Nee, al vergunning
Student Experience
Nieuwbouw
Cluster A2
Ja
MaarsenZadelhoff
Sloop nieuwbouw
Cluster B
Ja
VDVI
Sloop nieuwbouw
Cluster X
Ja
MaarsenZadelhoff
Nieuwbouw, verder onbekend
Cluster C
Ja
VDVI
Sloop nieuwbouw
Cluster D
Nee, uitgestapt
Dolika
Niet van toepassing
Cluster E
Ja
VDVI
Alleen binnen gebouw, niks buiten
Cluster F
Ja
VDVI
Nieuwbouw (nu nog krakers)
Cluster G
Ja
DUWO
Sloop Nieuwbouw
Openbare Ruimte
Ja
Gemeente
Aanpassing van structuren, i.o.m. gemeente
Doel Het doel van onderliggend Klimaatplan is het invulling geven aan de water- en rioleringsaspecten van de beoogde ontwikkeling bij de Laan van Kronenburg, met raakvlakken naar klimaatadaptatie. Het Klimaatplan vormt daarmee de basis voor het wegingsproces van het Waterbelang (voorheen de watertoets) en aanvraag van de watervergunning.
1.3
Leeswijzer Na deze inleiding beschrijft hoofdstuk 2 de visie voor het plangebied. Het 3e hoofdstuk gaat in op de visie, ambities en eisen voor water, riolering en klimaatadaptatie. In de hoofdstukken 4 t/m 8 is per cluster of gebiedsdeel de uitwerking opgenomen. Onderhavig document is de uitwerking van alle clusters vanuit tussentijdse afstemmingen met de opdrachtgever, ontwikkelaars, gemeente en waterschap en betreft de eindconcept-versie.
1.4
Bronnen Voor onderhavig plan is een hoeveelheid aan bronnen geraadpleegd. Deze paragraaf geeft een overzicht van de gebruikte overkoepelende stukken en documenten. Specifieke bronnen per Cluster zijn in de betreffende hoofdstukken opgesomd. Overkoepelende visie-, beleid- en kaderstellende stukken Leidraad Inrichting Openbare Ruimte Amstelveen 2024.pdf – Internet Ontwerp Omgevingsvisie Amstelveen Bloeit.pdf – Internet Notitie Ontwikkelprincipes Omgevingsvisie Amstelveen v23nov2023.pdf – internet GRP Amstelveen 2021 - 2026.pdf – Internet Basisveiligheidsniveau-Klimaatbestendige-nieuwbouw-3.0.pdf – Internet Beleidsregels voor de Waterschapsverordening van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht.url – Internet Overkoepelend voor transformatiegebied en achtergronddocumenten o 20190402 Gebiedvisie Kronenburg-Uilenstede versie BW.pdf – internet o M.e.r.-beoordeling Kronenburg-Uilenstede: b_NL.IMRO.0362.20A-OW01_bijlage15.pdf – internet o Bestemmingsplan Uilenstede Oost (bijlage bij raadsvoorstel 2009_75).pdf – internet o 2020-04-20 Stedenbouwkundig & Beeldkwaliteit: 2004_610_109_Bouwenveloppen_ms.pdf – Levering opdrachtgever o 2020-09-23 VO Boom Landscape: 20200923 Boekwerk VO IP laag.pdf – Levering opdrachtgever o 2020-10-27 Definitief Beeldkwaliteitsplan: 20201022 BKP Kronenburg.pdf – Levering opdrachtgever o 2021-05-11 TAUW Tygron Klimaattoets Amstelveen Ontwikkeling
Kronenburg-Uilenstede: hitte en wateroverlast – Gemeente Amstelveen en waterschap AGV Pagina 6 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
o o o o
2021-04-12 Antea Group Verkennend (water)bodem- en verkennend en nader asbestonderzoek Laan van Kronenburg 2 te Amstelveen 2021-03-25 Antea Group Verkennend bodem- en asbestonderzoek Laan van Kronenburg 12 te Amstelveen 20250109 Clusters Kronenburg aantal units + voorzieningen.pdf – Levering opdrachtgever Adviesbureau E.C.O. Logisch - Ecologisch werkprotocol Kronenburg Uilenstede te Amstelveen RREC2401 Concept 2024.pdf
Pagina 7 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
2.
De huidige situatie Dit hoofdstuk geeft een beschrijving van de huidige situatie van de voor de waterhuishouding en klimaatadaptieve inrichting relevante kenmerken voor het gehele transformatiegebied.
2.1
Inrichting Eind 2024 betreft het plangebied een kantorenlocatie met verschillende andere voorzieningen. De inrichting verschilt sterk per Cluster, zie Figuur 2. Zo zijn Cluster B en Cluster C in de huidige inrichting (nagenoeg) volledig verhard met bebouwing en een groot parkeerplein. Cluster F is daarentegen geheel begroeid en Cluster betreft deels begroeiing en deels oppervlaktewater. Cluster A2, Cluster E en Cluster G hebben een meer gemengde inrichting, met bebouwing, verharde parkeerruimte en omliggend groen.
Figuur 2-1 De huidige inrichting (BGT) anno 2024 van het transformatiegebied Kronenburg met in geel de huidige bebouwing in de Clusters.
In afstemming met gemeente en waterschap en conform de reeds gedane Watertoets 2020, geldt voor de verdere uitwerking van de plannen de voormalige inrichting in 2006 als referentie. Dit is de situatie voordat de panden op Cluster A1, Cluster A2, Cluster X en Cluster F werden gesloopt. Deze referentiesituatie is weergegeven in Figuur 2-2. Het gebied als afgebakend in de watertoets uit 2020 was ca. 15 ha groot. Het grootste deel hiervan was verhard (ca. 55%), ca. 33% uit groen en ca. 12% uit water. Zie tevens Tabel 2-1. Tabel 2-1 Verdeling van oppervlakten in het transformatiegebied in de referentiesituatie (2006). Legenda
Areaal
Oppervlakte (referentie)
Verhard
82.505 m2
55%
Groen
50.395 m
33%
Water
18.025 m2
12%
150.925 m2
100%
Totaal
2
Pagina 8 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Legenda
Areaal Verhard Groen Water
Figuur 2-2 Bestaande situatie (2006) van het transformatiegebied als toegepast bij de watertoets uit 2020.
2.2
Maaiveldhoogte Het huidig maaiveld van het plangebied en omgeving is weergegeven in Figuur 2-3, o.b.v. de AHN4-DTM (inwinningsjaar 2020). Aan de noordzijde is het secundaire dijklichaam van het waterschap duidelijk zichtbaar op de kaart, net als een beperkt aantal relatief hooggelegen bebouwingsdelen. Daarnaast is duidelijk dat de sportaccommodaties ten oosten van de Clusters een lager maaiveld kennen. In elk van de Clusters zit enige maaiveld-variatie, maar van een duidelijke gradiënt is geen sprake. Het maaiveld per Cluster is in onderstaande tabel beschreven. Cluster
Verkenning maaiveldhoogten in het Cluster
Cluster A2
Cluster A2 heeft een maaiveld tussen ca. -3,80 m NAP en -4,00 m NAP.
Cluster B
Rondom het pand van Cluster B ligt het maaiveld op ca. -3.70 m NAP aan de zuidwestzijde, terwijl dit afloopt naar ca. -4,00 m NAP aan de noordoostzijde.
Cluster X
Cluster X heeft een maaiveld tussen ca. -3,80 m NAP en -4,00 m NAP, dat bij het oppervlaktewater aan de westzijde afloopt
Cluster C
Cluster C heeft een maaiveld tussen ca. -4,30 m NAP en -4,10 m NAP, met de lagere delen bij de parkeerplaatsen.
Cluster E
In Cluster E ligt een significant hoger maaiveld direct rondom het pand dan in de rest van het gebied. Het maaiveld aan de oostkant van het kantoorpand is vrij stabiel op ca. – 2,60 m NAP tot aan de watergang alhier, terwijl het maaiveld aan de westkant van het kantoorpand vanaf ca. 2,60 m NAP afloopt tot het maaiveld van het omliggende gebied, ca. -4,00 m NAP.
Cluster F
Cluster F heeft een maaiveld dat grotendeels op ca. -4,10 m NAP ligt, met een verlaging aan de oostelijke en aan de zuidelijke kant van het maaiveld (maaiveld ca. -4,50 m NAP tot -4,90 m NAP) die uitmondt in het oppervlaktewater.
Cluster G
Cluster G heeft een maaiveld tussen ca. -4,00 m NAP en -4,20 m NAP. Aan de zuidzijde van het kantoorpand daalt dit maaiveld richting ca. -5,00 m NAP naar het hier gelegen oppervlaktewater.
Pagina 9 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Figuur 2-3 Maaiveldhoogte in en rondom de Clusters, o.b.v. het AHN4.
2.3
Oppervlaktewater Watersysteem Figuur 2-4 geeft het huidige watersysteem weer. Het gebied ligt in de polder Middelpolder (peilbesluitgebied code 1564). Het watersysteem is daarmee ingericht als een polder met bebouwde omgeving. Het plangebied bestaat uit twee verschillende peilgebieden vastgesteld door het waterschap, gescheiden door een stuw (houten overlaat) ter hoogte van het Radisson Hotel Amsterdam-Zuid, ten noorden van Cluster E. De scheiding van de twee peilgebieden ligt langs de Professor W.H. Keesomlaan en loopt daarmee door Cluster E heen. Het winterpeil van Cluster E ligt op -5,47 m NAP en het zomerpeil op -5,37 m NAP. Voor de andere clusters is het winterpeil op -5,27 m NAP en het zomerpeil op -5,17 m NAP. Het waterschap geeft aan (onderbouwd vanuit een studie van Tauw) dat het waterpeil kan stijgen tot -4,75 m NAP. Rondom en tussen de Clusters zijn verscheidene primaire watergangen als vastgesteld op de legger van het waterschap, die middels duikers met elkaar in verbinding staan. Tevens staat er een gemaal nabij Cluster E, ten oosten van de parkeerplaatsen. Dit gemaal pompt het water rondom de sportaccommodaties naar de watergang langs Cluster E.
Pagina 10 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Figuur 2-4 Het huidig watersysteem. Aan oostzijde zit een gemaal en in de noordoosthoek een stuw die zorgt voor 2 peilgebieden.
Waterkering Aan de noordzijde van het plangebied ligt een waterkering (Kalfjeslaan) met daarbij horende (binnen- en buiten) beschermingszones (zie Figuur 2-5). Dit is een secundaire waterkering. Voor deze kering is dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering' opgenomen. Binnen deze zone heeft het waterschap AGV-beperkingen opgelegd. Het te transformeren gebied ligt buiten de waterkering en zal hier dus geen invloed op hebben.
Figuur 2-5 Waterkering Kalfjeslaan aan noordzijde van transformatiegebied heeft geen invloed op de Clusters.
Pagina 11 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
2.4
Bodemopbouw en grondwater Bodemopbouw In het transformatiegebied is op één locatie geologisch booronderzoek uitgevoerd conform DINOloket, nabij Cluster G (noordwesthoek). Hieruit blijkt dat op deze locatie de eerste ca. 3,50 m -mv een veenlaag betreft. Hier ligt tot ca. 9,30 m -mv ligt een kleilaag onder, gevolgd door een dunne veenlaag (ca. 0,20 m dik) en zandige laag.
Figuur 2-6 Bodemopbouw nabij Cluster G conform boormonsterprofiel in BRO GeoTOP v1.6.
In aanvulling op bodemmodellen vanuit het DINOloket, zijn in 2021 verkennende bodemonderzoeken gedaan in de Clusters C (met 32 boringen en 2 peilbuizen) en F (met 37 boringen en 3 peilbuizen). Deze onderzoeken laten zien dat voor deze beide Clusters de toplaag géén veenlaag is, maar van ca. 0,50 m tot 1,00 m bestaat uit (bouw)zandgrond en dat hieronder een zwak zandige kleilaag ligt. Grondwater Binnen of in de nabije omgeving van het plangebied zijn geen grondwatermeetputten met meerjarige datareeksen aanwezig. Wel kunnen op basis van het grondwater-datamodel LHM van Deltares en het Nederlands Hydrologisch Instituut (NHI) inschattingen gemaakt worden van de Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand (GHG) en Gemiddeld Laagste Grondwaterstand (GLG) gedurende de periode 2011-2018 voor een grof raster van 250m×250m. Kanttekening is dat dit model in stedelijk gebied minder betrouwbaar is. Voor Cluster C en Cluster F in februari 2021 verkennende bodemonderzoeken uitgevoerd met meerdere peilbuizen voor het meten van de grondwaterstanden. Voor de andere clusters worden deze verkennende bodemonderzoeken in januari 2025 uitgevoerd (zie tevens Figuur 2-7). De winter is normaliter de periode met hoogste grondwaterstanden. De GHG’s (o.b.v. nationale klimaateffectatlas), GLG’s (o.b.v. lokale MRA klimaatatlas) en gemeten grondwaterspiegels (GWS, o.b.v.
verkennende bodemonderzoeken in februari ’21 en januari ’25) staan per Cluster in Tabel 2-2. Hierbij is de maaiveldhoogte voor ieder Cluster versimpeld naar één waarde.
Pagina 12 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V. Tabel 2-2 Grondwaterstanden per Cluster. Cluster
Maaiveld (m NAP)
GHG (m -mv)
GHG (m NAP)
GLG (m -mv)
GLG (m NAP)
Cluster A2
-4,0
0,8
-4,8
1,5
-5,5
Gemeten GWS (m NAP) n.t.b.
Cluster B
-4,0
0,8
-4,8
1,5
-5,5
n.t.b.
Cluster X
-4,0
0,9
-4,9
1,0
-5,0
n.t.b.
Cluster C
-4,0
0,7
-4,7
1,5
-5,5
-4,6 (noord) tot -4,7 (zuid)
Cluster E (LHM) (realistischer)
-3,0 -3,0
0,3 1,3
-3,3 -4,3
1,5 1,5
-4,5 -5,5
n.t.b.
Cluster F
-4,0
0,6
-4,6
1,5
-5,5
-4,5 (west) tot -4,7 (oost)
Cluster G
-4,0
0,4
-4,4
1,5
-5,5
n.t.b.
Hierbij is duidelijk dat de beschikbare gemeten grondwaterspiegels vrij goed overeenkomen met de modelwaardes. Wel vallen met name de relatief hoge GHG’s van cluster E en Cluster G op. Voor Cluster E ligt het voor de hand dat dit te maken heeft met de rastergrootte van het LHMdatamodel, waardoor de (ca. 1,5 m) lager gelegen sportvelden ten oosten van het cluster binnen het raster van Cluster E valt. Voor Cluster G is de GHG complex, daar het cluster op het snijvlak van 4 rasters in het LHM-datamodel ligt met allen zeer andere waarden. Duidelijk is dat aan de noordzijde van het transformatiegebied de GHG’s hoger liggen en daarmee is het reëel dat de GHG van dit cluster ook wat hoger is.
Figuur 2-7 Locatie van boringen verkennende bodemonderzoeken (februari 2021, door Antea Group) en resulterende grondwaterspiegels.
Grondwaterbeschermingsgebied Het projectgebied is niet gelegen in of nabij een grondwaterbeschermingsgebied. Het dichtstbijzijnde grondwaterbeschermingsgebied ligt ca. 20 km ten westen van het plangebied, ten behoeve van drinkwatervoorziening in de duinen.
Pagina 13 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
2.5
Riolering, kabels en leidingen en hun knelpunten Verkenning ondergrondse infrastructuur o.b.v. KLIC In en rondom de Clusters zitten zeer veel kabels, leidingen en andere infrastructuur in de ondergrond (Figuur 2-8). Het gebied kent een warmtenet, specifiek liggend onder de openbare weg Laan van Kronenburg. Daarnaast lopen verschillende hoge- en lagedruk gasleidingen, hoog- en middenspanning elektriciteitskabels. Ook ligt met de Kalfjeslaan een secundaire waterkering aan de noordzijde van het plangebied, met benodigd voorzorgsmaatregel-gebied. Daarnaast ligt in het gebied allerlei andere ondergrondse infrastructuur en nutsvoorzieningen, zoals datatransport, waterleidingen en laagspanning elektriciteit, zoals verwacht kan worden van een bestaand stedelijk gebied. Cluster
Verkenning ondergrondse infrastructuur (exclusief huidige riolering) in het Cluster
Cluster A2
Verschillende relevante kabels en leidingen lopen direct langs het Cluster in de noordoost hoek, met o.a. een middenspanning elektriciteitskabel. Daarnaast loopt het warmtenet vanaf deze hoek het Cluster in, naar het pand. Aan de westkant van het huidige pand loopt ook een middenspanning elektriciteitskabel het grasveld in vanaf de straat Uilenstede.
Cluster B
Rondom Cluster B liggen geen noemenswaardige kabels en leidingen, afgezien van e.e.a. aan nutsvoorzieningen.
Cluster X
Rondom Cluster X liggen geen noemenswaardige kabels en leidingen.
Cluster C
In de naastgelegen Laan van Kronenburg zit zeer veel ondergrondse infrastructuur. Aan de zuidwestkant van het Cluster, ter plaatse van het kantoorpand, komt belangrijke ondergrondse infrastructuur het Cluster in, met de aansluiting van het warmtenet en hogedruk gasleiding inclusief gashuisje. Ook lopen hier verschillende middenspanning elektriciteitskabels. Tussen de Laan van Kronenburg en het kantoorpand ligt de VWA-aansluiting op het gemengde rioolstelsel en er ligt een separaat HWA-stelsel dat zuidwaarts afwatert in het oppervlaktewater. Bij de parkeerplaats ligt ook een HWA-stelsel, die, via Cluster D, oostwaarts afwatert in het oppervlaktewater.
Cluster E
Het grootste aandachtspunt voor Cluster E is de hoogspanning elektriciteitskabel inclusief voorzorgsmaatregelgebied die aan de oostzijde van het Cluster ligt. Daarnaast ligt er veel ondergrondse infrastructuur onder en langs de Professor W.H. Keesomlaan, waaronder lagedruk gasleidingen en middenspanning elektriciteitskabels. Deze middenspanning wordt ca. halverwege het kantoorpand (noord-zuid bezien) naar het kantoorpand geleid, met ook een elektriciteitshuisje. Het kantoorpand is zowel aan de noord- als zuidzijde van het kantoorpand aangesloten op de lagedruk gasleiding. Daarnaast liggen ook in en langs dit Cluster verschillende nutsvoorzieningen.
Cluster F
In Cluster F ligt geen ondergrondse infrastructuur, anders dan een drinkwaterleiding en een telecomkabel. Wel ligt in de naastgelegen Laan van Kronenburg zeer veel ondergrondse infrastructuur, met onder andere een warmtenet en hoge- en lagedruk gasleidingen.
Cluster G
Cluster G kent met name aan de oostzijde, tussen het kantoorpand en de Laan van Kronenburg, verschillende ondergrondse infrastructuur. Zo zit hier een hogedruk gasleiding inclusief gashuisje en lopen de nutsvoorzieningen als telecom, laagspanning en drinkwater vanaf de Laan van Kronenburg ter plaats van de oprit naar het parkeerplein richting het kantoorpand. Aan de noordzijde van het kantoorpand ligt een gescheiden rioolstelsel, die wordt aangesloten op het gemeentelijk stelsel.
Pagina 14 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Figuur 2-8 De ondergrondse infrastructuur in het transformatiegebied conform de KLIC-melding.
Verkenning rioolsysteem Voor de verkenning van het huidige rioolsysteem is de KLIC-melding gekoppeld aan een export van het gemeentelijk rioolbeheersysteem Geovisia (Figuur 2-9). Hierbij wordt duidelijk dat in de openbare ruimte voornamelijk nog gemengde riolering ligt, waarbij jaren van aanlag niet geregistreerd zijn. In de noordwestelijke hoek rondom de straten Uilenstede, waar recentelijk een herinrichting heeft plaatsgevonden, ligt echter wel reeds een gescheiden stelsel. Het huidige rioolstelsel is onder voor ieder Cluster beschreven, in aanvulling op hetgeen reeds bij de verkenning van de ondergrondse infrastructuur o.b.v. KLIC is benoemd. Cluster
Verkenning huidige riolering in het Cluster
Cluster A2
Cluster A2 kent een gescheiden stelsel. Het vuilwater zit aangekoppeld op het gemeentelijk gemengde stelsel in de Laan van Kronenburg. Het hemelwater zit aangekoppeld op het HWA-stelsel in de straat Uilenstede en watert af op oppervlaktewater tussen Cluster A2 en Cluster G ligt.
Cluster B
Cluster B kent een gescheiden stelsel. Echter lijkt hier geen vuilwaterriool te liggen. Rondom het pand liggen een drietal HWAstelseltjes. Aan zowel de zuid- als de noordzijde lijkt een HWA-stelsel op het groen af te wateren. Aan de oostkant lijkt een HWA-stelseltje de Laan van Kronenburg onderdoor te steken en af te wateren in het groenvak tussen de straat en de parkeerplaats van Cluster C.
Cluster X
Cluster X kent op dit moment geen rioolstelsel. Wel is omliggend het cluster een gemeentelijk gemengd stelsel aanwezig.
Cluster C
Cluster C kent een gescheiden stelsel. Het vuilwater vanaf het kantoorpand wordt westwaarts aangesloten op het gemengde stelsel in de Laan van Kronenburg. Het hemelwater van het kantoorpand wordt middels een lokaal HWA-stelsel zuidwaarts afgewaterd op het oppervlaktewater aldaar. De parkeerplaatsen hebben ook een eigen lokaal HWA-stelsel die, via Cluster D, afwatert op het oppervlaktewater aan de oostzijde van deze gebieden.
Cluster E
Cluster E kent een gescheiden stelsel voor het kantoorpand. Het hemelwater van het kantoorpand zit aangekoppeld op het lokale HWA-stelsel van de Professor W.H. Keesomlaan en watert af in het naastgelegen oppervlaktewater. Het vuilwater zit vanaf de noordkant van het kantoorpand aangesloten op het gemeentelijk gemengde stelsel dat langs de Professer W.H. Keesomlaan loopt. Bij het parkeerplein ten noorden van het kantoorpand ligt geen HWA-stelsel en dit zal naar verwachting over maaiveld afwateren.
Cluster F
In Cluster F ligt geen riolering. Wel ligt in de Laan van Kronenburg een gemeentelijk gemengd rioolstelsel, waar in de toekomstige situatie vuilwater op aangekoppeld kan worden.
Cluster G
Cluster G kent een gescheiden rioolstelsel, waarbij zowel de HWA als de DWA aangesloten zit op het gemeentelijk gescheiden stelsel. Het gemeentelijk HWA-stelsel betreft een lokaal stelsel dat afwatert op het oppervlaktewater ten zuiden van het Cluster. Het gemeentelijk VWA-stelsel zit in de Laan van Kronenburg aangekoppeld op het gemeentelijk gemengde stelsel.
Pagina 15 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Figuur 2-9 Verkenning van de huidige riolering in het transformatiegebied, o.b.v. gemeentelijk beheersysteem en de KLIC-melding.
Gemeentelijke voornemens met de ondergrondse infrastructuur en het rioolsysteem Vanuit de overleggen met gemeente en waterschap in december 2024 zijn er geen concrete voornemens van de gemeente in de openbare ruimte bekend. Momenteel lijken er geen plannen in de openbare ruimte te zijn vanuit vervanging wegen, groen of riolering o.b.v. kwaliteit. Primair is aansluiten van nieuwe ontwikkelingen op bestaande voorzieningen voor nu het uitgangspunt. De gemeente geeft aan dat het huidige gemengde stelsel Laan van Kronenburg eventuele extra belasting nog wel aankan. Het idee van de gemeente is het gemengde stelsel te zijn er tijd om te bouwen bij de aanpak van de Laan van Kronenburg zelf (op het eind van de stedebouwkundige realisaties). Warmtenet Figuur 2-10 laat het bestaande warmtenet van Eneco in Kronenburg zien (situatie 2020, uit KOA). DUWO heeft een eigen net in Uilenstede. Beide netten zijn zogeheten hoge temperatuurnetten, dus buizen met isolatie en beperkte warmteafgifte naar de omgeving.
Pagina 16 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Figuur 2-10 Het warmtenet nabij het Transformatiegebied (2020).
2.6
Raakvlakken overige thema’s klimaatadaptatie Om de kansen en knelpunten v.w.b. klimaateffecten in kaart te brengen, is gekeken naar allerlei klimaatthema’s: wateroverlast, hitte, droogte, overstromingen en natuurinclusiviteit en biodiversiteit. Hiertoe is gebruik gemaakt van de landelijke Klimaateffectatlas en de regionale klimaatatlas van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) om de huidige situatie in beeld te brengen. In 2021 is door Tauw hierop een verdiepende analyse gemaakt voor de klimaatthema’s wateroverlast en hittestress vanuit een Tygron-model. In deze paragraaf is een aantal relevante items getoond en een selectie gemaakt voor een aantal kaartbeelden. Wateroverlast gevoeligheid Wateroverlast 70 mm in één uur Wateroverlast bij een bui van 70 mm in één uur is in de huidige situatie te verwachten op verschillende plekken in het transformatiegebied. Dit betreft voornamelijk het parkeerplein van Cluster C, centraal in Cluster F, rondom het huidige pand van Cluster G en bij andere clusters langs de randen met de openbare ruimte. In deze openbare ruimte kan verwacht worden dat de wegen Laan van Kronenburg, Professor W.H. Keesomlaan en Professor E.M. Meijerslaan wateroverlast hebben. In het onderzoek van Tauw 2021 zijn diverse scenario’s onderzocht. De verschillen tussen het toekomstige scenario 1 en de huidige situatie 2020 is weergegeven in Figuur 2.11.
Hierbij geven negatieve cijfers aan dat de waterdiepte in het toekomstige scenario mínder hoog was dan in het huidige scenario. De volgende aspecten zijn opgevallen aan de figuur: Het gebouw ten noorden van cluster G krijgt 2-5 cm meer water tegen de gevel te verwerken. De waterdiepte tegen dit gebouw kan mogelijk schade veroorzaken; De Laan van Kronenburg krijgt 2-5 cm meer water te verwerken, over een net iets groter gebied dan 2006. Dit verschil komt omdat in 2020 meer water kon infiltreren in het gehele gebied, en dit water in de toekomstige situatie sneller afstroomt naar onder andere de weg. Pagina 17 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Figuur 2-11 Verschillenkaart 70mm bui, uit het onderzoek van Tauw 2021 (Figuur 3.16)
Hitte gevoeligheid Stedelijk hitte eiland effect Het effect van de verharding in het transformatiegebied op de (gevoels)temperatuur in de vorm van het stedelijk hitte eiland effect (ofwel het gemiddelde luchttemperatuurverschil tussen het stedelijk en omliggende landelijke gebieden) is duidelijk zichtbaar in de nationale Klimaateffectatlas en de resultaten uit onderzoek van Tauw (2021). Vanuit de Klimaateffectatlas zijn met name Cluster B, Cluster C en Cluster G in de huidige situatie aandachtspunten, waar de temperaturen ca. 1,5°C tot 1,8°C hoger liggen. De temperatuur is daarentegen in Cluster X en Cluster F relatief beperkt verhoogd. Zie tevens onderstaande tabel. Uit het onderzoek van Tauw blijkt dat in de bestaande situatie (2006) met name tussen Clusters C en F en bij Cluster G een aandachtspunt is. Zichtbaar is echter ook dat Clusters A2, B en X en Cluster F grotendeels bebouwd zijn. Bebouwing houdt veel warmte vast, maar kent geen hittestress in de modelberekeningen. Dit geeft dan ook niet een volledig beeld. Als gekeken wordt naar de beoogde situatie, is zichtbaar dat in de binnenpleinen van Cluster C, Cluster F, Cluster G en Clusters A2, B en X wel hittestress wordt voorzien. Dit is weergegeven in Figuur 2-12. Tabel 2-3 Toename temperatuur door het stedelijk hitte eiland effect (Bron: Klimaateffectatlas). Cluster
Stedelijk hitte eiland effect
Cluster A2
+ 0,7°C
Cluster B
+ 1,1°C
Cluster X
+ 0,4°C
Cluster C
+ 1,5°C
Cluster E
+ 1,1°C
Cluster F
+ 0,6°C
Cluster G
+ 1,5°C
Pagina 18 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Figuur 2-12 Het stedelijke hitte eiland effect bij het transformatiegebied, de eindsituatie uit het onderzoek van Tauw 2021 (figuur 3.10)
Droogtegevoeligheid Bodemdaling Op basis van de lokale klimaatatlas van de MetropoolRegio Amsterdam valt te verwachten dat het plangebied weinig tot geen bodemdaling kent.
Figuur 2-13 De te verwachten bodemdaling rond het transformatiegebied, conform de lokale MRA-Klimaatatlas.
Pagina 19 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Paalrot In periodes van aanhoudende droogte kan de grondwaterstand uitzakken. Bij oude, houten funderingen die normaliter in het grondwater staan, kan hierdoor paalrotting ontstaan. Op basis van de Klimaateffectatlas wordt hier voor de Clusters echter geen risico in verwacht. Overstroming gevoeligheid Voor de onderhavige notitie is het beeld beschouwd dat in het transformatiegebied ontstaat tijdens een overstroming. Voor analyse op de impact van een overstroming is gewerkt met de overstromingslagen van de Klimaateffectatlas van de Metropoolregio Amsterdam. Hierbij zijn de lagen ‘Plaatsgebonden overstromingskans’ en ‘Overstromingsdiepte’ gebruikt. Via deze kaartlagen komt naar voren welke gebieden kunnen overstromen, wat de kans van optreden is en welke maximale overstromingsdiepte kan optreden bij een overstroming vanuit de primaire en/of regionale keringen. Op basis van de afwegingskaders, zoals de Metropoolregio Amsterdam die hanteert, is per gebiedsdeel een advies opgenomen inzake de gevolgbeperking van overstromingen. Plaatsgebonden overstromingskans conform norm 2050 De plaatsgebonden overstromingskans is in de Clusters tussen de 1/3.000 en 1/30.000 per jaar voor een inundatiediepte van 0-20cm, wat geclassificeerd wordt als ‘zeer kleine kans’. Voor inundatiedieptes tussen 20cm en 50cm en voor inundatiedieptes tussen 50cm en 200cm wordt dezelfde overstromingskans verwacht.
Voor een inundatiediepte >200cm wordt alleen langs de oostzijde van Cluster E een zeer kleine kans verwacht, maar het is aannemelijk dat dit komt door de rastergrootte waarmee de naastgelegen en lagergelegen sportvelden worden meegenomen in de inundatiediepte. Inundatiediepte bij overstroming met bijzonder kleine kans Conform de modelberekeningen vanuit het LIWO valt te verwachten dat bij een overstroming met kleine kans de Clusters geïnundeerd raken. Deze inundatiediepte verschilt binnen de Clusters, maar ligt grotendeels tussen de 1,0 meter en 2,0 meter boven maaiveld. Inundatiediepte bij overstroming Op basis van de voorgaande beschouwingen, zullen in elk van de Clusters maatregelen moeten worden genomen om schades bij inundatiedieptes tot 0,20 meter te voorkomen. Dit houdt in dat geen schade aan gebouwen en elektrische installaties in de openbare ruimte mag optreden en hoofdwegen begaanbaar blijven. Daarnaast dienen voor elk Cluster maatregelen worden genomen die schade beperken. Dit zijn maatregelen zoals het verhoogd aanleggen van elektrische apparatuur, het gebruik van waterresistente materialen voor de vloer of aangepaste drempelhoogtes. Ook moeten maatregelen omtrent schuilen en evacueren expliciet meegenomen worden in elk Cluster.
Dit kan worden bereikt door binnen de gebouwen maatregelen te nemen zodat minimaal één verdieping boven de maximale overstromingsdiepte van ca. 2,0m geschuild kan worden, of middels een dakraam een evacuatieroute mogelijk is naar schuillocaties buiten het gebouw.
Figuur 2-14 Uitgangspunten te nemen maatregelen o.b.v. plaatsgebonden overstromingskans en bijbehorende inundatiediepte vanuit MRA.
Pagina 20 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Natuurinclusiviteit en biodiversiteit De ontwikkelingen bieden kansen voor het bevorderen van de biodiversiteit in het gebied, zoals reeds uitgewerkt het landschapsontwerp 2020 en het Beeldkwaliteitsplan 2020. Het inzetten van groene gevels en nestkasten geven een impuls. Specifieke soorten hebben specifieke behoeftes en kunnen niet overal nestelen en overleven. De kapstok hiervoor zijn de 8 V’s: Voortplanting, Voedsel, Veiligheid, Variatie, Verbinding, Verspreiding, Veelheid en Vocht. Door aantal partijen is een document opgesteld voor het natuurinclusief ontwikkelen (Synchroon, Nest Natuurinclusief en Vogelbescherming Nederland, 2023). De lage en middel-lage bebouwing kan door het inzetten van groene gevels een aantrekkelijke plek worden voor insecten. De lagere stukken van de groene gevel, tot ca. 7,5 meter heeft ook toegevoegde waarde voor verschillende vogelsoorten, zoals de koolmees, pimpelmees, merel en huismus. Nestkasten op de zuidelijke en westelijke gevels van de bebouwing zijn nuttig voor vleermuizen. Vogels nestelen beter op noordelijke en oostelijke gevels. Daarnaast kunnen langs de waterranden natuurvriendelijke oevers worden gerealiseerd, waar tal van soorten een nestlocatie in vinden.
Pagina 21 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
3.
Visie, ambitie en programma van eisen
3.1
Visie en ambitie “Uitgangspunt is dat Amstelveen een complete gemeente blijft waarin het prettig wonen, werken en leven is. […] We zoeken balans in de ontwikkeling zonder dat de leefkwaliteit van Amstelveen achteruit gaat: een groene levendige gemeente met lokale en regionale functies, gelegen op een strategische plek in de regio.” – Notitie Ontwikkelprincipes Omgevingsvisie november 2023 De gemeente Amstelveen ontwikkelt zich en iedere ontwikkeling dient bij te dragen aan verschillende, overkoepelende doelen. Deze doelen zijn opgenomen in tal van vastgestelde beleids- en kadergevende stukken. Zo heeft de gemeente Amstelveen in voorbereiding op de gemeentelijke Omgevingsvisie een achttal ontwikkelprincipes opgesteld en vastgelegd in de Notitie Ontwikkelprincipes Omgevingsvisie 2023 d.d. november 2023, waaraan elke ruimtelijke ontwikkeling binnen de gemeentegrenzen aan moet voldoen. Eén van deze principes is dat elke ontwikkeling bijdraagt aan behoud en versterking van het kenmerkende, groene karakter van Amstelveen, waarbij groen de basis is van de directe leefomgeving. Ook draagt elke ontwikkeling bij aan een vitale en gezonde leefomgeving, waarbij wordt ingezet op gezonde netwerken (met stimuleren van lopen en fietsen en het sporten in de buitenruimte en wordt milieuhinder en hittestress geminimaliseerd.
Vanuit duurzaamheidsoogpunt dienen ruimtelijke ontwikkelingen bij te dragen aan een toekomstbestendige netwerkbenadering van lokale en regionale oplossingen voor energie-, water- en afvalvraagstukken, met ruimte voor het opvangen van de steeds frequentere piekbuien. In haar Ontwerp Omgevingsvisie Amstelveen (d.d. juli 2024), een vervolg op de voornoemde Notitie, benoemt de gemeente het verminderen van overlast door hittestress, water en droogte dan ook als belangrijke opgaven waar een ruimtelijke ontwikkeling op moet inspelen. Dit wordt ook onderstreept door de Agenda en actieplan klimaatadaptatie Amstelveen 2021-2026: “Klimaatverandering gaat ook onze gemeente aan. Het wordt warmer, droger en tegelijk nemen regenbuien steeds meer in hevigheid en aantallen toe. Bekend uit het nieuws zijn de vele activiteiten en plannen die moeten bijdragen aan het tegengaan van klimaatverandering. Daarnaast willen wij maatregelen treffen om negatieve gevolgen van de klimaatverandering te kennen en te beheersen.
Dit noemen wij klimaatadaptatie, het zodanig aanpassen van de ruimte dat we de gevolgen van de klimaatverandering weliswaar niet geheel kunnen voorkomen, maar wel beter kunnen beheersen.” Vanuit de notitie Basisveiligheidsniveau Klimaatbestendige Nieuwbouw 3.0 vanuit de Metropoolregio Amsterdam, een notitie waarin voor de gehele Metropoolregio Amsterdam is vastgelegd wat de ambities zijn op het gebied van klimaatbestendige ontwikkeling, wordt naast de welbekende klimatologische aandachtspunten van ‘wateroverlast’, ‘hitte’, ‘droogte’ en ‘overstromingen’ ook ‘Natuurinclusiviteit en biodiversiteit’ als essentiële pijler gezien voor klimaatadaptieve ontwikkelingen. In haar ‘Gemeentelijk RioleringsPlan Amstelveen 2021-2026 – Amstelveen op weg naar een waterbestendige toekomst’ zet de gemeente Amstelveen uiteen wat haar ambities zijn om op een klimaatadaptieve manier te werken aan de gemeentelijke watertaken en zorgplichten, met inzameling en transport van afvalwater, inzameling en verwerking van hemelwater en het beheer van grondwater. Hierbij wordt een integrale aanpak als essentieel gezien, zoals blijkt uit navolgende visie-beschrijvende paragraaf uit het GRP: “Het is 2050. Overheden, inwoners en bedrijven van Amstelveen zijn trots op wat ze samen hebben bereikt. Het gastvrije karakter van de ruimte vinden we terug in een aantrekkelijke, groene en klimaatbestendige leefomgeving.
We hebben ons voorbereid op extreme regenval en langdurige droogte. Er heerst een diepgaand besef dat we de extremen niet kunnen tegenhouden, maar wel kunnen beheersen. Bewoners, bedrijven en overheden doen hier actief aan mee. De gemeente en haar partner-overheden hebben watersystemen, riolering en ruimtelijke inrichting vergaand op elkaar afgestemd om de toekomstige extremen op te vangen. Samenwerking met bewoners en bedrijven is vanzelfsprekend geworden.” Hierbij ziet de gemeente dat de gevolgen van klimaatverandering nieuwe eisen aan het watersysteem, de waterketen en de leefomgeving stelt.
Pagina 22 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
3.2
Afspraken watertoets 2020 en klimaattoets 2021 In 2020 heeft reeds door RoyalHaskoningDHV een eerste overlegfase plaatsgevonden op basis waarvan de watertoets (thans Weging van het Waterbelang) in het bestemmingsplan Kronenburg-Uilenstede is doorlopen (M.e.r.-beoordeling Kronenburg-Uilenstede 1). Daarin is met het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV) afgestemd aan welke eisen de waterhuishouding en inrichting van het plangebied moeten voldoen om negatieve effecten op het aspect ‘water’ te voorkomen. In 2021 is door Tauw hierop een verdiepende analyse gemaakt voor de klimaatthema’s wateroverlast en hittestress vanuit een Tygron-model. Relevante constateringen uit dat document: Waterkering Aan de noordzijde van het plangebied ligt een waterkering (Kalfjeslaan) met daarbij horende (binnen- en buiten) beschermingszones. Het gaat hier een secundaire waterkering. Voor deze waterkering is een dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering' opgenomen. Binnen deze zone heeft het waterschap AGVbeperkingen opgelegd. Het te transformeren gebied van Kronenburg-Uilenstede ligt buiten de waterkering en zal hier dus geen invloed op hebben. Verhard oppervlak en watercompensatie Er is een overzicht gemaakt van de bestaande situatie en de nieuwe situatie waarin de eventueel benodigde watercompensatie is berekend. In de nieuwe situatie is sprake van een afname van de verharding met 11.333 m².
In dit geval is watercompensatie niet noodzakelijk. Onderstaand figuur geeft dit weer (figuur vanuit Klimaattoets Tauw 12 mei 2021). Onderdeel hiervan is het toevoegen van een west-oost koppeling in het watersysteem, met te graven watergangen en een duiker onder de Laan van Kronenburg.
De gemeente stelt in de LIOR 2024 dat 'voor een goed functionerend watersysteem moet minimaal 10% van het hele plangebied bestaan uit oppervlaktewater’. In de huidige situatie bedraagt dit reeds 12% (18.025 van 150.925) van het transformatiegebied. Door de 1 op 1 compensatie van te dempen water blijft hieraan voldaan worden. 1
b_NL.IMRO.0362.20A-OW01_bijlage15.pdf (RHDHV, 29 oktober 2020) Pagina 23 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Grondwater In het beleid van AGV is voor Kronenburg-Uilenstede bepaald dat: Fundamenten van bebouwing waterdicht moet worden uitgevoerd, zodat grondwaterproblemen in de bebouwing wordt voorkomen Alleen hemelwater in de grond mag infiltreren. Waterkwaliteit Vanuit de watertoets 2020; met AGV is vastgesteld dat: De ontwikkeling Kronenburg-Uilenstede bijdraagt aan de uitbreiding van het openwatersysteem; Oppervlaktewater tijdelijk kan eutrofiëren, door nalevering van voedingsstoffen i.v.m. grondroeringen. Er voldoende stroming moet zijn gewaarborgd in alle open waterlopen. Klimaatadaptatie Met AGV is vastgesteld dat klimaatadaptieve maatregelen in Kronenburg-Uilenstede moeten bijdragen aan de lokale hydrologische optimalisatie van het woon-werkgebied. Ze zijn erop gericht dat: Hemelwater zoveel mogelijk infiltreert in de grond, waardoor zowel wateroverlast als droogte worden tegengegaan (maximaal bufferen) en overbelasting van riolering wordt tegengegaan. Extra bomen en (gevel)groen bijdragen aan vermindering van toenemende hittestress. Het toepassen van een gescheiden rioolsysteem: alle bebouwing levert gescheiden het afvalwater en het hemelwater aan. Beoordeling In het plan Kronenburg-Uilenstede zijn in afstemming met AGV passende maatregelen genomen om negatieve effecten op grondwater en oppervlaktewater te voorkomen.
Tevens worden passende maatregelen getroffen om wateroverlast te voorkomen en heeft het aanbrengen van een extra koppeling van west naar oost meerwaarde voor het algemeen functioneren van het watersysteem. Er treden geen belangrijke nadelige effecten op.
3.3
Programma van Eisen klimaatopgaven De gemeente Amstelveen hanteert voor het thema Klimaat het basisveiligheidsniveau zoals opgesteld vanuit de Metropoolregio Amsterdam (MRA, Basisveiligheidsniveau Klimaatbestendige Nieuwbouw 3.0, juni 2021). Het basisveiligheidsniveau beschrijft een totaalpakket aan doelvoorschriften waar nieuwbouw binnen de MRA aan dient te voldoen om klimaatbestendig te zijn, schade door het veranderende klimaat te verminderen en de leefbaarheid te vergroten. Daarnaast heeft de gemeente Amstelveen een Actieplan Klimaatadaptatie Amstelveen 2021-2026, die onder andere beleidsuitgangspunten i.r.t. klimaatadaptatie beschrijft voor ontwikkelingen binnen de gemeente Amstelveen. Ook kent de gemeente Amstelveen een Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR, 2018), waarin concrete richtlijnen, kwaliteitseisen en procesbeschrijvingen voor projecten en werkzaamheden met betrekking tot onder meer het inrichten en onderhouden van de openbare ruimte worden geborgen. Voor de toetsing van de ontwerpen van zijn voornoemde drie kader-gevende documenten geraadpleegd. De eisen overlappen ten dele, waarbij eisen ook kunnen verschillen. De eisen vanuit de LIOR betreffende de wateroverlast liggen bijvoorbeeld minder hoog dan die vanuit de MRA en Actieplan Klimaatadaptatie.
In principe zijn de eisen vanuit de MRA als leidend beschouwd, tenzij de eisen vanuit LIOR of het Actieplan Klimaatadaptatie strenger of een aanvulling zijn. In het onderstaande zijn deze eisen en uitgangspunten gebundeld tot één set aan kaders, per klimaatthema. Wateroverlast Bij een bui08 (eens per 2 jaar, 20 mm in één uur) is voldoende capaciteit in het rioolstelsel beschikbaar om water-op-straat te voorkomen en is er een minimale waking van 20 cm onder maaiveld in het stelsel. Hevige neerslag (eens per 100 jaar, 70 mm in één uur) zorgt niet voor schade in en aan gebouwen, infrastructuur en voorzieningen. Bij zeer hevige neerslag (eens per 250 jaar, 90 mm in één uur) blijven vitale en kwetsbare infrastructuur en voorzieningen functioneren en bereikbaar. Pagina 24 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Waterberging privaat terrein: Een groot deel van de neerslag van een hevige bui op verhard privaat terrein dient verwerkt (geïnfiltreerd, opgevangen en/of vertraagd afgevoerd) te worden op dit private terrein of in extra (water)voorzieningen in of toegerekend aan het plangebied. Concreet is de eis 40-70 mm neerslag. De voorzieningen voeren de eerste 24 uur vertraagd af (niet extra naar riolering of watersysteem) en zijn in maximaal 60 uur weer beschikbaar. Hiertoe is een verscheidenheid van oplossingen mogelijk, zoals dak- en gevelberging, waterzuilen en waterkelders. Hemelwaterberging bij nieuwbouw: In het GRP stelt de gemeente dat voor nieuwe ontwikkelingen een waterbergingseis geldt van 70 mm voor het te ontwikkelen gebied (resultaatsverplichting). Deze waterberging moet primair een plaats vinden in oppervlaktewater (minimaal 10% van de planoppervlakte, dit is een eis van het Hoogheemraadschap van Rijnland). De openbare ruimte en privaat terrein moeten zo zijn ingericht dat de resterende berging hier plaatsvindt en het water zonder schade kan worden vastgehouden, geborgen afgevoerd. Eigenaren van privaat terrein zijn zelf verantwoordelijk voor het voorkomen of beperken van schade door wateroverlast vanuit hun eigen terrein. Gemeente streeft naar meer bergend/vertragend vermogen in private ruimte t.o.v. 2020.
Waterberging in openbaar gebied: Bij nieuwbouwgebieden dient voor het openbaar gebied een waterberging van 90 mm neerslag en bij reconstructie in bestaand openbaar gebied minimaal 60 mm neerslag gerealiseerd te worden. Deze waterberging dient op maaiveldniveau te komen, waarbij de oplossingsrichtingen mede afhankelijk zijn van de inrichting en het straatbeeld. Het is interpretabel dat dit ook middels uitbreiding van het oppervlaktewater kan. Daarnaast dient bij een (her)ontwikkeling meer bergend en vertragend vermogen dan in huidige situatie te ontstaan. Waterneutraal: De (her)ontwikkeling gebeurt waterneutraal en leidt niet tot extra water aan/afvoer. Vasthouden, bergen, vasthouden: Hemelwater wordt zowel ondergronds als bovengronds verwerkt, waarbij de drietrapsstrategie Vasthouden-Bergen-Afvoeren wordt gevolgd en water- en waterbergingsopgaven niet worden afgewenteld op andere locaties en gebieden (tenzij doelmatig). Waterhergebruik binnen het plangebied is hierbij ook een optie voor Vasthouden. Natuurlijke afwatering: In het gebied is natuurlijke en oppervlakkige afwatering zoveel mogelijk aanwezig. Waterdiepte: Bij een waterdiepte van 20cm op rijbaan door extreme regen en/of overstromingen mag geen schade optreden aan gebouwen en elektrische installaties in de openbare ruimte en blijven hoofdwegen begaanbaar.
Hitte Tijdens hitte biedt het plangebied een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving en microklimaat. Schaduw: Er is tenminste 30% schaduw voor belangrijke langzaamverkeerroutes en verblijfsplekken in het plangebied tijdens de hoogste zonnestand in de zomer. Koele plekken: Koele plekken (minimaal 200 m2) zijn op loopafstand (300 meter) aanwezig. Horizontale en verticale oppervlakten: Tenminste 50% van alle horizontale en verticale oppervlakten worden warmte-werend of verkoelend ingericht/gebouwd om opwarming van het stedelijk gebied en gebouwen zelf te verminderen. Vitale en kwetsbare functies: Vitale en kwetsbare functies moeten bestand zijn tegen hitte. Binnentemperatuur: Woningen worden tijdens hitte niet te warm (< 27 °C). Groen: Verblijfsplekken bestaan voor 50% uit groen, waarbij primair wordt gekozen voor gebiedseigen flora en fauna. Droogte Bij langdurige droogte (potentieel maximaal neerslagtekort 300mm, eens per 10 jaar) wordt schade aan bebouwing, wegen, groen en vitale en kwetsbare functies voorkomen. Droogtebestendige inrichting: De inrichting van het plangebied is afgestemd op de verwachte grondwaterstanden en de zoetwaterbeschikbaarheid tijdens droogte. Hierbij is het belangrijk dat hemelwater geborgen en vertraagd afgevoerd wordt. Ook moet tijdens droogte het beschikbare hemelwater de bomen, groen (dak)tuinen of andere voorzieningen bereiken.
In algemene zin dient de inrichting bij te dragen aan de sponswerking van de openbare ruimte. Bodemdaling: Maatregelen die schade door bodemdaling tegengaan en kostenefficiënt zijn over de levensduur van 30 jaar worden in het ontwerp opgenomen. Vitale en kwetsbare functies: Vitale en kwetsbare functies moeten langdurige droogte aankunnen.
Pagina 25 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
Overstroming Afhankelijk van de plaatselijke overstromingskans en optredende waterdiepte wordt ingezet op het voorkomen van schade, het beperken van schade of het voorkomen van slachtoffers. Voor vitale en kwetsbare functies gelden aanvullende eisen. Welke eisen van toepassing zijn op het plangebied is dus afhankelijk van de overstromingskans en diepte. Het plangebied heeft een zeer kleine plaatsgebonden kans (1:3.000 jaar tot 1:30.000 jaar) dat het overstroomt, met een te verwachten inundatiediepte van ca. 0,5 m tot 2,0 m. Op basis van de MRA dient bij deze kans en inundatiediepte niet enkel ingezet te worden op maatregelen die schade voorkomen en beperken, maar dienen ook schuil- en evacuatiemaatregelen getroffen te worden. Schade voorkomen: Bij overstromingen mag er geen schade optreden aan gebouwen en elektrische installaties in de openbare ruimte en blijven hoofdwegen begaanbaar. Schadebeperking: Maatregelen dienen genomen te worden om schade te beperken in geval van een overstroming, mits deze doelmatig zijn. Dit zijn maatregelen zoals het verhoogd aanleggen van elektrische apparatuur, het gebruik van waterresistente materialen voor de vloer of aangepaste drempelhoogtes. Schuilen en evacuatie: Maatregelen moeten worden getroffen om veilig te kunnen schuilen of te evacueren in het geval van een overstroming.
Dit kan worden bereikt door binnen de gebouwen maatregelen te nemen zodat minimaal één verdieping boven de maximale overstromingsdiepte van ca. 2,0m geschuild kan worden, of middels een dakraam een evacuatieroute mogelijk is naar schuillocaties buiten het gebouw. Natuurinclusiviteit en biodiversiteit Groenblauwe structuren en de gebiedseigen biodiversiteit worden versterkt via het leidende principe in het toepassen van klimaatadaptieve maatregelen dat ecologische oplossingen altijd de voorkeur hebben boven ‘puur technische’ oplossingen (‘groen, tenzij’). Ecologische oplossingen: Ecologische oplossingen en oplossingen gebaseerd op natuurlijke processen van het specifieke gebied hebben altijd de voorkeur boven ‘puur technische’ oplossingen, ook bij gelijke maatschappelijke prestaties en kosten (Total Cost of Ownership benadering). Groenblauwe structuren: Het horizontale en verticale oppervlak wordt in samenhang met groenblauwe structuren en ecosystemen in de bredere omgeving ingericht (met minimaal 30% groen op buurtniveau, boomkroonoppervlak telt mee). Habitat: Het plangebied creëert, afhankelijk van de grootte, een hoogwaardige habitat voor een of meer soortencategorieën.
Pagina 26 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
3.4
Aanvullende eisen gemeente Voor de technische uitwerking hanteert de gemeente de ‘Leidraad Inrichting Openbare Ruimte’ (18 december 2024). De relevante secties uit de LIOR zijn in navolgende paragrafen weergegeven.
3.4.1
Aanvullende eisen Vloerpeil Algemeen • Het toekomstige vloerpeil van woningen is mede afhankelijk van de bestaande woningen in de directe omgeving en mogelijk noodzakelijke klimaatadaptieve maatregelen. Het vloerpeil dient minimaal boven het maximaal te verwachten peil van omliggend oppervlaktewater (eis waterschap AGV) én minimaal 0,20 m boven de as van naastliggend straatpeil te liggen.
3.4.2
Aanvullende eisen Riolering Hoofdriolering Algemeen • Aansluiten op bestaande gemengde stelsels mag alleen van goedkeuring van de Rioolbeheerder. • Bij nieuwe aanleg wordt altijd gescheiden vuilwater- en hemelwaterstelsels aangelegd. Dit is vastgelegd in het Besluit Bouwwerken Leefomgeving. • Vrijvervalriolering is het uitgangspunt voor het ontwerp van nieuwe stelsels en dient zo ontworpen te worden dat het altijd onder vrij verval aangesloten kan worden op het bestaande gemeentelijke stelsel. • Hoofdleidingen in het hart van de rijbaan, tenzij anders overeengekomen met de Rioolbeheerder. • Riolering die in gemeentelijk beheer is of moet komen, dient op openbaar terrein aangelegd te zijn en onderhouden te kunnen worden. • Bij het maken van het ontwerp dient te zijn nagedacht over de zettingsgevoeligheid van de locatie en de optie van fundering onder het aan te leggen rioolstelsel, onderbouwd met een zettingsonderzoek. • De sleuf waar de riolering in wordt gelegd dient aangevuld te worden met zand. Ter voorkoming van zettingen, dient het zand waarmee de rioolsleuf gevuld wordt, in lagen van 0,30 m verdicht te worden. • Afstand (buitenkant buis) tussen vuilwater verzamelleiding en hemelwater verzamelleiding: 0,50 meter. • Ruimte tussen kruisende verzamelleidingen minimaal 0,20 meter.
• Kruisingen watergangen onder vrij verval conform de voorschriften van de keur van het betreffende Waterschap. • Het afschot in de leiding is op geen enkel punt tegengesteld aan het voorgeschreven afschot. • De toepassing van pompen, bergbezinkbassins en/of andere mechanische oplossingen ten behoeve van riolering is alleen toegestaan als een oplossing zonder installaties niet mogelijk of doelmatig is. Ontwerpeisen dienen door de Rioolbeheerder aangeleverd te worden. • Bestaande of nieuwe overstorten mogen niet naar/in peilvakken buien het plangebied worden verplaatst/geplaatst en moeten altijd worden afgestemd met het Waterschap. • Leidingwerk: Het gronddek is minimaal 1 meter voor zowel HWA als DWA. Standaard materiaal is dubbelwandig lichtgewicht PVC-buizen voorzien van een kern van recyclingmateriaal, klasse CEN SN 8. PVC – hulpstukken zijn voorzien van gefixeerde rubberen manchetten en zijn klasse CEN SN 8 voor zover deze in genoemde klasse worden vervaardigd. DWA uitvoeren in bruine kleur (RAL 8023), HWA in grijze kleur (RAL 7037). Pasbuizen korter dan 0,75 meter mogen niet worden gebruikt. Maximale strenglengte 50 meter. Minimale diameter 250 mm. Diameter groter dan Ø 500 mm: gewapende mof-spie betonbuis, met S.B.R. ring, kwaliteitseisen volgens NEN 7126.
Afhankelijk van specifieke lokale omstandigheden, is afwijking van materialisatie toegestaan, mits na overleg en met goedkeuring van Rioolbeheerder. Droogweerafvoer • Uitgangspunt voor ontwerp is maximale DWA-belasting van 12 liter/uur per inwoner gedurende 10 uur per dag, met een gemiddelde van 2,5 inwoner per woning. Pagina 27 van 100
Klimaatplan Laan van Kronenburg Amstelveen Eindconcept projectnummer 0497711.100 14 maart 2025 Amstelveen Laan van Kronenburg 2 B.V.
• • •
Minimaal verhang bovenstrooms (eindstrengen): 1:250. De volgende 150 meter 1:333. Minimaal verhang benedenstrooms (verzamelstrengen: 1:500.
Hemelwaterafvoer • In het kader van klimaatadaptatie dient gestreefd te worden naar zoveel mogelijk buffering en infilrtatie in de bodem. • Hemelwater dat op private percelen valt, dient zoveel mogelijk op de private percelen verwerkt te worden. Dit kan door opvang en buffering op of in eigen grond of door infiltratie in de bodem. Wat het perceel zelf niet kan verwerken, mag afgewend worden op aanliggend oppervlaktewater of door infiltratie in de bodem buiten het eigen perceel waar dit toegestaan is. Ook mogen eigenaren overtollig hemelwater aanbieden aan de Gemeente om te transporteren en te verwerken. De Gemeente moet dit afnemen, de Gemeente heeft echter altijd het recht om te bepalen hoe zij het hemelwater in ontvangst willen nemen. Hier zijn verschillende inrichtingen mogelijk, dit is afhankelijk van de situatie en moet daarom altijd met de Rioolbeheerder overlegd worden. • Voor de toekomstige omstandigheden conform klimaatadaptatiebeleid (70 mm/uur en 90 mm/uur) moet de verwerking van hemelwater in gebieden gezocht worden naar onderlinge samenhang van riolering, infrastructuur, groen, plantsoen, pleinen en open water. Verwerking van hemelwater moet kunnen plaats vinden zonder dat werkelijke schade aan gebouwen ontstaat. Dit betekent niet dat het gehele rioolsysteem wordt gedimensioneerd op deze belastingen.
• Uitgangspunt bij rioolaanleg is de verwerkingsvolgorde van waterstormen. De openbare ruimte dient zodanig ingericht te zijn dat het water wordt vastgehouden, geborgen en daarna vertraagd afgevoerd. Waarbij gestreefd moet worden naar zo min mogelijk gebruik van leidingen. • Hemelwater wordt schoon genoeg geacht om direct op het oppervlaktewater te lozen, uitgezonderd is hemelwater dat naar alle waarschijnlijkheid vervuild is (voorbeelden: vervuilde bedrijventerreinen, zinken daken). In dat geval treedt initiatiefnemer in overleg met de Gemeente voor passende maatregelen. • HWA dient vrij uit te stormen naar het oppervlaktewater, waarbij de uitstroomvoorziening bestand dient te zijn tegen het onderhoudsregime van de watergang en waterkant. Wadi • Het toepassen van een wadi kan een oplossing zijn om te voldoen aan de (hemel)wateropgave. Het ontwerp van de wadi is afhankelijk van de gebiedsopgave en moet gedimensioneerd worden op de benodigde capaciteit vanuit de Klimaattoets. • Een wadi is nooit bedoeld om de totale wateropgave van een gebied te bedienen en dimensionering van de wadi is dan ook slechts onderdeel van de totale wateropgave. • Een wadi is een groene greppel met verschillende soorten beplanting die tegen tijdelijke hevige vernatting bestand is. • De wadi moet ingericht zijn passend bij de ondergrond op locatie.