Bijlage 2b - Bijlagen Bestemmingsplan hoogspanningsstations
Tekst van het document
Toelichting
Bestaande objecten en infrastructuur AM-Req-1542 Geen assets van TenneT realiseren binnen een
Het tracé wordt niet onnodig aangelegd binnen
(toekomstige) beheerszone van wegen (rijk/
beheerszones van rijks- en provinciale wegen. Bij kruising
provincie/ gemeente), tenzij het een kruising
van wegen geldt AM-Req-4222.
van deze zone betreft of gemotiveerd
Beheerszones gemeentelijke wegen worden niet
aangetoond wordt dat realisatie elders minder
meegenomen in de trechtering. Gemeentelijke wegen
wenselijk of maatschappelijk onverantwoord is
hebben over het algemeen geen aparte beheerszone (die
en realisatie in dit gebied ook uitvoerbaar kan
is gelijk aan de weg zelf). De wegen vallen af onder de
worden gemaakt.
laag bestaande infrastructuur.
Archeologie en Bodem AM-Req-1541 Geen assets realiseren daar waar een hoge
Archeologische-, cultuurhistorische- en aardkundige
kans bestaat dat archeologische-, aardkundige-
monumenten vallen af als mogelijk tracé. Gebieden met
en/of cultuurhistorische waarden en
een (zeer) hoge waarde worden minder hoog
monumenten aanwezig zijn, tenzij gemotiveerd
gewaardeerd dan gebieden met een lagere
aangetoond wordt dat realisatie elders
verwachtingswaarde.
onmogelijk is c.q. maatschappelijk onverantwoord en realisatie in dit gebied ook uitvoerbaar kan worden gemaakt.
AM-Req-1543 Geen assets realiseren op/ in gebieden of een
Stortlocaties vallen af omdat het onwenselijk is assets te
bodem waar een (ernstige)
realiseren in leeflagen. Historisch bodemonderzoek wordt
bodemverontreiniging bekend is, tenzij
later in het project uitgevoerd (n.t.b. in welke fase).
gemotiveerd aangetoond wordt dat realisatie elders minder wenselijk of maatschappelijk onverantwoord is en realisatie in dit gebied ook uitvoerbaar kan worden gemaakt.
AM-Req-1544 Geen assets realiseren op/ in zettingsgevoelige
Zeer zettingsgevoelige gebieden krijgen een lagere
(slappe) bodems of gebieden (veengronden),
waardering dan gebieden die minder zettingsgevoelig
tenzij gemotiveerd aangetoond wordt dat
zijn.
realisatie elders minder wenselijk of
Gebieden waar plannen zijn voor vernatting vallen af
maatschappelijk onverantwoord is en realisatie
wanneer andere oplossingen (tracévarianten) mogelijk
in dit gebied ook uitvoerbaar kan worden
zijn.
gemaakt.
14
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
AM-Req-1553 Geen assets realiseren in gebieden waar
Op basis van de beschikbare gegevens (bekende
mogelijk niet-gesprongen explosieven aanwezig
ruimingslocaties) is enkel aan te geven of een gebied
(kunnen) zijn, tenzij gemotiveerd aangetoond
verdacht is op het voorkomen van niet-gesprongen
wordt dat realisatie elders minder wenselijk of
explosieven. Daarmee kan aangegeven worden of in de
maatschappelijk onverantwoord is en realisatie
ontwerpfase van het project een (historisch) onderzoek
in dit gebied ook uitvoerbaar kan worden
nodig is. Dit criteria is niet onderscheidend binnen het
gemaakt.
zoekgebied.
Natuur AM-Req-1557 Geen assets realiseren in/ nabij NNN-gebieden
Bij voorkeur geen tracé aanleggen in beschermde
(voorheen ook wel EHS-gebieden), Natura
natuurgebieden (Natura2000-gebied, NNN-gebied,
2000 gebieden, beschermde
beschermde natuurmonumenten of gevoelige gebieden).
natuurmonumenten of gevoelige gebieden
Wanneer dit onvermijdelijk is geldt dat het tracé met de
(zoals bedoeld in het Besluit
kortste afstand door het beschermd natuurgebied de
milieueffectrapportage), tenzij gemotiveerd
voorkeur heeft t.o.v. tracévarianten met een langere
aangetoond wordt dat realisatie elders minder
afstand.
wenselijk of maatschappelijk onverantwoord is en realisatie in dit gebied uitvoerbaar kan worden gemaakt.
AM-Req-1559 Geen assets realiseren in gebieden die zijn
Bij voorkeur geen tracé aanleggen in ganzen- en
aangewezen als ganzen- en
weidevogelleefgebied. Wanneer dit onvermijdelijk is geldt
weidevogelgebieden, tenzij gemotiveerd
dat het tracé met de kortste afstand door het ganzen- en
aangetoond wordt dat realisatie elders minder
weidevogelleefgebied de voorkeur heeft t.o.v.
wenselijk is en het bouwen in dit gebied
tracévarianten met een langere afstand. Het realiseren
uitvoerbaar kan worden gemaakt.
van de kabelverbinding is mogelijk, rekening houdend met de geldende voorwaarden. Tijdens aanleg kunnen mitigerende maatregelen genomen worden om de invloed zoveel als mogelijk te beperken.
AM-Req-4216 Indien binnen een afstand van 20 meter van
Locaties binnen 20 meter van dassen- en/of
een dassen- en/of beverburcht wordt gewerkt,
beverburchten vallen af (bron: gemeente Amstelveen).
moet in beginsel worden gehandeld zoals
Indien dit onvermijdelijk is geldt dat het tracé met de
beschreven in de recente aanvraag voor een
minste belemmering voor de dassen- en/of beverburcht
generieke ontheffing bij RVO en vier provincies.
(in overleg met een ecoloog) de voorkeur krijgt t.o.v. tracévarianten met een grotere belemmering.
15
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Water AM-Req-4220 TenneT conformeert zich aan het convenant
Het tracé wordt niet aangelegd in en kruist niet onnodig
Kabels en leidingen in waterkeringen. Daarom
waterkerings- en vrijwaringszones. Indien een kruising
realiseert TenneT geen assets in/ nabij een
noodzakelijk is geldt AM-Req-4222.
waterkerings- of een vrijwaringszone (bijvoorbeeld een dijk), tenzij gemotiveerd aangetoond wordt dat realisatie elders minder wenselijk of maatschappelijk onverantwoord is en realisatie in dit gebied ook uitvoerbaar kan worden gemaakt.
AM-Req-1576 + 1582 Kabelverbindingen worden bij voorkeur niet
Gebieden in beschermingszones van water vallen af.
gerealiseerd in beschermingszones voor water (d.w.z. waterwingebieden, grondwaterbeschermingsgebied, boring vrije zone of intrekgebied) tenzij gemotiveerd aangetoond wordt dat realisatie elders minder wenselijk is en het bouwen in dit gebied uitvoerbaar kan worden gemaakt.
AM-Req-1565 TenneT wenst op zo groot mogelijke afstand te
Gebieden binnen 30 meter afstand van gevaarlijke
liggen van andere kabels en leidingen, maar
buisleidingen (en andere relevante kabels en leidingen)
minimaal conform NEN3654. Bij een afstand
vallen af.
meer dan 1 km is er geen beïnvloeding. Binnen 1 km gelden de volgende verdelingen: Een parallelloop tot max. 10 meter: geen afstandseis; Een parallelloop van 10 - 15 meter: minimaal 30 meter afstand; Een parallelloop van 16 - 20 meter: minimaal 100 meter afstand; Een parallelloop van 21 - 40 meter: minimaal 200 meter afstand; Een parallelloop van 41 - 80 meter: minimaal 500 meter afstand; Een parallelloop van 81 - 150 meter: minimaal 800 meter afstand. Met afstand wordt gedoeld op de afstand tussen de buitenste zijde van de kabelverbinding en de gas c.q. buisleiding.
16
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
EM-velden AM-Req-1572 + 4230 Ondergrondse verbindingen worden buiten de
Gebieden binnen de belemmerde strook van
belemmerde strook van de bovengrondse
bovengrondse verbindingen vallen af.
verbindingen aangelegd (of de breedte van de strook zoals die zou moeten zijn voor de betreffende verbinding gelet op wat is geformuleerd in TBD/ PVE lijnen)
Ruimtelijke beïnvloeding en veiligheid ProRail 2015 5a Niet kruisende hoogspanningslijnen mogen
Gebieden binnen 700 meter van het spoor van een trein
niet aanwezig zijn binnen een afstand van -
of tram vallen af.
horizontaal gemeten - 700 m uit het hart van de
Indien dit niet mogelijk is wordt gekeken naar locaties
buitenste spoorbaan.
binnen 700 meter van het spoor.
In afwijking van punt 5a geldt een afstand van 11 meter bij geëlektrificeerde sporen met een tractiespanning van 25 kV, 50 Hz. Hoogspanningsmasten mogen niet worden geplaatst binnen een afstand van ten minste 31 m uit het hart buitenste spoor (20+ 11).
AM-Req-1571 + 4221 Voor zover de afstand tussen windturbine en
Gebieden binnen 245 meter van een windturbine vallen
asset van TenneT minder is dan de
af.
werpafstand bij nominaal toerental en/ of de
Plaatsingszones voor nieuwe windturbines (vastgelegd in
tiphoogte, dient een nadere afweging plaats te
bestemmingsplannen) vallen af.
vinden of de stijging van het autonome risico kan worden geaccepteerd door TenneT. Let op: aanpassing Requirement d.d. mei 2020: Er is een nieuw HRW-versie 2020 gepubliceerd op de site van RVO. Hierin is beleid van TenneT opgenomen conform PVE 00.002. Dit beleid moet worden gebruikt. Het reference document Handboek Risicozonering Windturbines 3.1 (2014) geldt dan ook niet meer voor projecten die worden gestart na publicatie van deze nieuwe versie (mei 2020).
AM-Req-1568 In principe worden geen assets gerealiseerd op
Gebieden binnen 800 meter van BRZO +
minder dan 800 meter van locaties waar een
vuurwerkbedrijven vallen af.
gebruik is toegestaan wat omschreven is in de
Overige installaties en gevaarlijke inrichtingen worden
Wet milieubeheer als ‘(overige) gevaarlijk
beoordeeld als de locaties in beeld zijn. Indien er geen
gebruik/ stoffen’ en/of een milieucategorie
logisch tracé gevonden kan worden buiten de contour van
hoger dan 3.1 of daarmee vergelijkbaar te
800 meter dan wordt gekeken of hiervan kan worden
stellen categorie.
afgeweken.
17
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Overige ruimtelijke aspecten Overig In principe geen assets realiseren in gebieden
Gebieden met ontwikkelingen voor bv. woningbouw die
met andere ontwikkelingsplannen (die minimaal
andere belemmeringen met zich meebrengen voor een
vastliggen in ontwerpbestemmingsplannen) die
station vallen af.
een belemmering met zich meebrengen voor de realisatie van een station (zoals nieuwe woonwijken).
AM-Req-4231 Bij de tracering van een kabelverbinding moet
Tracering + ZRO-strook (11 meter voor open ontgraving
ernaar gestreefd worden dat de kabel zodanig
en 16 meter voor gestuurde boringen) zo veel mogelijk op
komt te liggen dat de gehele breedte van de
hetzelfde perceel. Tracévarianten waar dit niet mogelijk is
belemmerde strook op hetzelfde perceel rust
krijgen een minder hoge waardering.
als daar waar de kabel feitelijk komt te liggen.
AM-Req-4233 TenneT realiseert een kabelverbinding aan de
Tracévarianten die een perceel meer belemmeren
randen van (agrarische) percelen, tenzij
doordat geen ligging langs de randen mogelijk is krijgen
gemotiveerd aangetoond wordt dat realisatie
een minder hoge waardering.
elders minder wenselijk of maatschappelijk onverantwoord is en realisatie in dit gebied ook uitvoerbaar kan worden gemaakt.
AM-Req-4226 Bij het traceren van een ondergrondse
Tracering op basis van 2x25 meter vanuit het midden van
hoogspanningsverbinding wordt een
het kabelbed. Tracévarianten waar dit niet mogelijk is
aanlegstrook van 2x25 meter vanuit het midden
krijgen een minder hoge waardering.
van het kabelbed gehanteerd. Indien dit niet mogelijk is dient tabel 1 in het PvE gehanteerd te worden.
Overig In principe geen assets realiseren in een
Nationale landschappen vallen af.
Stiltegebied en/ of nationaal landschap.
Tracévarianten in Stiltegebied krijgen een minder hoge waardering van varianten daarbuiten. Wanneer de kabelverbinding aangelegd wordt in stiltegebied is hiervoor tijdens de realisatiefase mogelijk extra aandacht nodig.
AM-Req-4235 Zonnepanelen onder/ nabij de bovengrondse
Gebieden binnen het hekwerk van een weide met
verbindingen van TenneT zijn toegestaan onder
zonnepanelen vallen af. Gebieden met plannen voor
bepaalde voorwaarden.
zonneweides (die vastliggen in bestemmingsplannen) vallen af.
18
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
AM-Req-4222 Volgens wet- en regelgeving, zo kort mogelijke
Kortere tracévarianten krijgen een hogere waardering.
afstand, zo min mogelijk kruisingen, in principe
Tracévarianten met het minst aantal kruisingen krijgen
in open ontgraving
een hogere waardering. Tracévarianten in open ontgraving krijgen een hogere waardering.
Landschappelijke inpassing AM-Req-1556 TenneT besteedt veel aandacht aan een goede
Gebieden met beschermde landschapsstructuren
landschappelijke inpassing van het
waarvoor aanvullende eisen gelden vallen af.
hoogspanningsnet. Het bouwen, wijzigen en beheren van het net is maatwerk. Altijd zal op en per locatie - dus situationeel - het landschap moeten worden ‘gelezen en begrepen’ om, na afweging van alle omgevingsaspecten, de beste inpassing te realiseren.
Tabel 4.1 | Beoordelingskader
4.2.4
Niet beschouwde onderwerpen
Op verzoek van TenneT zijn er geen onderzoeken (uitgevoerd door externe adviesbureaus) verricht en geen gesprekken gevoerd met stakeholders. De volgende onderwerpen zijn daarom in deze studie niet beschouwd: •
Aangaan van verplichtingen/ opstellen van documenten voor bv. vergunningen of opstalrechten;
•
Bureaustudies (door externe adviesbureaus);
•
Veldonderzoeken;
•
Ontwerp van horizontaal gestuurde boringen;
•
Communicatieplan;
•
Communicatie en participatie met omgeving.
4.2.5
Score Beoordelingskader
Om de oplossingen voor het knelpunt te kunnen wegen, worden de mogelijke belemmeringen beoordeeld. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een beoordelingsschaal zoals in onderstaande tabel 4.2 is beschreven. In hoofdstuk 4.3 worden de oplossingen op deze wijze beoordeeld om te komen tot een voorkeursoplossing. Score 0
Impact op realiseerbaarheid De belemmering heeft geen of nauwelijks effect ten aanzien van het criterium realiseerbaarheid
-
Is een mitigerende maatregel mogelijk? Hoe lichter geel gekleurd (in de tabellen in paragraaf 4.4.1 t/m 4.4.4) hoe meer mitigerende maatregelen nodig zijn
De belemmering heeft een effect ten aanzien
Hoe lichter oranje gekleurd (in de tabellen in paragraaf
van het criterium realiseerbaarheid
4.4.1 t/m 4.4.4) hoe meer mitigerende maatregelen nodig zijn
Tabel 4.2 | Beoordelingsschaal
4.3
Beschrijving oplossingen
In paragraaf 4.3.1 wordt het zoekgebied nader getypeerd per deel(zoek)gebied. Op basis van relevante belemmeringen en kansen zijn een aantal tracévarianten in kaart gebracht. In paragraaf 19
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
4.3.2 worden de oplossingen voor het knelpunt (in de vorm van tracévarianten) toegelicht op basis van het beoordelingskader (tabel 4.1).
4.3.1
Kenmerken deel(zoek)gebieden
Het zoekgebied is verdeeld in 4 deelgebieden, zie figuur 4.3. In de hierop volgende subparagrafen wordt een beschrijving gegeven per deelgebied.
Figuur 4.3 | Deelgebieden
4.3.1.1
Deelgebied 1 ‘vertrekpunt 150kV-station Amstelveen Zuid’
Dit deelgebied betreft de tracering van voorkeurslocatie Amstelveen Zuid tot na de kruising van de Bovenkerkerweg (N521). De locatie voor 150kV-station Amstelveen Zuid ligt ten noorden van het Bedrijventerrein Amstelveen-Zuid (BTAZ). Ten zuiden van de voorkeurslocatie is recent een bedrijfspand gebouwd. Ten oosten van de voorkeurslocatie ligt een woning met (sier)tuin. Ten noorden liggen agrarische gronden waarvan daar ten noorden van de nieuwe woonwijk ‘De Scheg’ ontwikkeld wordt met ongeveer 1.300 woningen. 4.3.1.2
Deelgebied 2 ‘door de Bovenkerkerpolder’
Dit deelgebied betreft de tracering vanaf de Bovenkerkerweg door de Bovenkerkerpolder tot aan de Nesserlaan. Dit deelgebied bestaat uit agrarische percelen met enkele woningen.
20
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
4.3.1.3
Deelgebied 3 ‘langs de golfbaan’
Deelgebied 3 ligt ten oosten van de woonwijken Waardhuizen en Groenelaan en ten westen van de Amstel. Er is beperkt ruimte beschikbaar tussen de woonwijken en de Amstel. In het deel(zoek)gebied liggen enkele agrarische percelen. Het grootste deel van het deelgebied is in gebruik als golfbaan (Golf Amsteldijk). 4.3.1.4
Deelgebied 4 ‘aansluiting op 150kV-station Amstelveen’
Dit deelgebied betreft het noordelijkste stuk van het zoekgebied, de aansluiting tot 150kV-station Amstelveen. Direct ten noordwesten van het 150kV-station Amstelveen liggen volkstuinen. In dit deelgebied ligt een sporthal met sportvelden en relatief veel oppervlaktewater.
4.3.2
Oplossingen
Op basis van de hiervoor uitgevoerde analyse en het opgestelde beoordelingskader zijn per deelgebied een aantal kansrijke oplossingen (in de vorm van tracévarianten) benoemd. In figuur 4.4 (en bijlage B.4-a2) zijn de oplossingen (binnen alle deelgebieden) weergegeven.
Figuur 4.4 | Tracé oplossingen totaal
21
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
4.3.2.1
Oplossingen deelgebied 1
Binnen deelgebied 1 zijn drie tracévarianten beschouwd (1A, 1B en 1C). In figuur 4.5 (en bijlage B4.3.2.1-a1) zijn de tracévarianten, inclusief belemmeringen, binnen deelgebied 1 weergegeven.
Figuur 4.5 | Tracévarianten deelgebied 1 inclusief belemmeringen
Beschrijving tracévarianten Tracévariant 1A loopt vanaf de voorkeurslocatie van 150kV-station Amstelveen-Zuid richting het noorden aan de westzijde van de N521. Het tracé buigt t.h.v. de Bovenkerkerweg 102-104 af naar het oosten en kruist de Bovenkerkerweg. Het tracé ligt daarna (in rechte lijn) in agrarische grond. Tracévariant 1B loopt vanaf de voorkeurslocatie van 150kV-station Amstelveen-Zuid richting het noorden aan de westzijde van de N521. Het tracé buigt t.h.v. de Bovenkerkerweg 8 af naar het oosten en kruist de Bovenkerkerweg. Het tracé ligt daarna in agrarische grond en buigt langs de randen van de percelen af naar het noorden. Tracévariant 1C loopt vanaf de voorkeurslocatie van 150kV-station Amstelveen-Zuid richting het oosten en kruist de N521 t.h.v. Zijdelweg 1. Vervolgens buigt het tracé af richting het noorden waarbij de kabel nu langs de oostzijde van de N521 ligt. Vlak voor de dijk t.h.v. Bovenkerkerweg 108-110 buigt het tracé af naar het westen. Na 100 meter buigt het tracé af naar het noorden en kruist de Bovenkerkerweg. De kabel vervolgt zijn route richting het noorden. Daarna volgt het tracé 1C de route van variant 1B.
22
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Belemmeringen tracévarianten Hieronder zijn de belemmeringen die in deelgebied 1 voorkomen beschreven 3. In bijlage B.4.3.2.1a1 is een kaart met tracévarianten in deelgebied 1 inclusief belemmeringen opgenomen. Per belemmering wordt beschreven voor welke tracévarianten deze geldt. Indien de belemmering onderscheidend is voor de tracévarianten wordt beschreven wat het risico is, welke mitigerende maatregelen genomen kunnen worden en welke stakeholders betrokken dienen te worden. Bijzonder Provinciaal Landschap Het is niet mogelijk een tracévariant aan te wijzen buiten het bijzonder Provinciaal landschap. Alle tracévarianten in deelgebied 1 liggen het laatste stuk in bijzonder provinciaal landschap Amstelscheg4. Het Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) is het regime voor bescherming en waar mogelijk versterking en ontwikkeling van gebieden in Noord-Holland die landschappelijk, aardkundig, ecologisch of cultuurhistorisch van bijzondere waarde zijn. Het BPL is beschreven in kernkwaliteiten per deelgebied. De voormalige beschermingszones Bufferzones, Aardkundig Monument en Weidevogelleefgebied zijn geborgd in de kernkwaliteiten. Het NatuurNetwerk Nederland (gericht op de wezenlijke kenmerken en waarden van natuur en landschap) en Provinciale Monumenten hebben een eigen regime en vallen daarom buiten het BPL-regime.
In het BPL zijn ontwikkelingen, met uitzondering van nieuwe stedelijke ontwikkelingen, toegestaan wanneer de beschreven kernkwaliteiten niet worden aangetast. In de ruimtelijke onderbouwing van een bestemmingsplan dat een ontwikkeling in het BPL mogelijk maakt, moet worden gemotiveerd dat de ter plaatse geldende kernkwaliteiten5 niet worden aangetast vanwege de tijdelijkheid van de verstoring (tijdens aanleg van de kabelverbinding). De aanleg van de kabelverbinding tast de kernkwaliteiten niet aan, daarom wordt het BPL niet meegenomen als afwegingscriteria in deze studie. Bestaande objecten en infrastructuur Alle tracévarianten kruisen de provinciale weg N521 (Bovenkerkerweg/Zijdelweg) middels een horizontaal gestuurde boring. Tracévariant 1C kruist als enige variant de Zijdelweg en de Bovenkerkerweg. Conclusie: Alle tracévarianten zijn haalbaar maar 1A en 1B hebben enige voorkeur boven 1C. Archeologie en bodem Het is niet mogelijk een tracévariant aan te wijzen buiten de dubbelbestemming archeologie. Alle tracévarianten liggen in gronden met de dubbelbestemming archeologie (Paraplubestemmingsplan Archeologie en cultuurhistorie, vastgesteld op 28-3-2018 en onherroepelijk). Voor het aanleggen van de kabelverbinding in de dubbelbestemming, Waarde - Archeologie 1 t/m 5, dient een omgevingsvergunning aangevraagd te worden.
Conclusie: dit thema is niet onderscheidend voor de tracévarianten in deelgebied 1.
3
Voor elk deel(zoek)gebied geldt dat alle traceringsuitgangspunten uit bijlage B.3-a2 zijn bekeken. Indien op basis van de uitgangspunten geen belemmeringen voorkomen in het deel(zoek)gebied zijn deze niet genoemd in paragraaf 4.3.2. 4 Het PBL Amstelscheg maakt deel uit van het ensemble Amstelscheg in de leidraad Landschap en Cultuurhistorie. 5 file:///C:/Users/AL10493/Downloads/Bijzonder%20Provinciaal%20Landschap%20%2032%20landschappen%20en%20kernkwaliteiten%20(2).pdf 23
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Water De N521 (Bovenkerkerweg/Zijdelweg) is in de bestemmingsplannen dubbel bestemd als ‘waterstaat – waterkering’. Deze weg is niet weergegeven op de Legger van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht. Afstemming met het waterschap over de aanlegmethode zal (in de vervolgfase van het project) moeten plaatsvinden. Het is niet mogelijk een tracé te vinden die de dubbelbestemming ‘waterstaat – waterkering’ vermijdt. Alle tracévarianten in deelgebied 1 kruisen deze dubbelbestemming. Voor het aanleggen van de kabelverbinding in de dubbelbestemming, waterstaat – waterkering, dient een omgevingsvergunning aangevraagd te worden. Tracévariant 1C ligt voor een grotere afstand binnen de dubbelbestemming dan varianten 1A en 1B. Dit komt omdat bij tracering rekening is gehouden met ligging langs de randen van de percelen. Tracévariant 1A kruist enkele sloten minder dan tracévarianten 1B en 1C (doordat deze varianten in dit deelgebied meer percelen in de polder doorkruisen). Conclusie: Alle tracévariant zijn haalbaar maar 1A heeft enige voorkeur boven 1B en 1B heeft enige voorkeur boven 1C. Private gronden Alle tracévarianten in deelgebied 1 liggen grotendeels langs de randen van de percelen. Een enkele keer wordt een perceel (over korte afstand) niet langs de rand gekruist. Op basis van dit aspect is geen voorkeur aan te wijzen voor één van de varianten.
Wanneer de voorkeursvariant bepaald is wordt gekeken naar een optimalisatie van het tracé en wordt waar mogelijk het tracé meer naar de randen van de percelen verschoven. Conclusie: dit thema is niet onderscheidend voor de tracévarianten in deelgebied 1. Techniek: De verschillen tussen de kabellengtes van de tracévarianten in dit deelgebied zijn minimaal. Op basis van afstand is geen voorkeur aan te geven voor één van de tracévarianten. Voor tracévarianten 1A en 1B is één gestuurde boring noodzakelijk, voor tracévariant 1C zijn twee gestuurde boringen nodig omdat zowel de Zijdelweg als de Bovenkerkerweg gekruist wordt. Op basis van het aantal gestuurde boringen is er een voorkeur voor variant 1A en 1B. Conclusie: Alle tracévarianten zijn haalbaar maar 1A en 1B hebben enige voorkeur boven 1C. 4.3.2.2
Oplossingen deelgebied 2
Binnen deelgebied 2 zijn drie tracévarianten beschouwd. In figuur 4.6 zijn de tracévarianten en belemmeringen binnen deelgebied 2 weergegeven.
24
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Figuur 4.6 | Tracé oplossingen deelgebied 2 inclusief belemmeringen
Beschrijving tracévarianten Tracévariant 2A loopt ten westen van de watergang naar het noorden richting de Nesserlaan. Ten zuiden van de Nesserlaan buigt het tracé naar het oosten en kruist daarmee de watergang. Het tracé vervolgt de route tot aan de Middenweg Bovenkerkerpolder, deze weg wordt gekruist. Ter hoogte van de Nesserlaan 8 buigt het tracé af naar het noorden waarbij de Nesserlaan wordt gekruist. Het tracé vervolgt zijn weg langs de noordzijde van de Nesserlaan richting het oosten en kruist daarbij de watergang ‘Oosttocht’. Tracévariant 2B kruist de watergang en vervolgt het tracé tot aan de Middenweg Bovenkerkerpolder, hier buigt het tracé af naar het noorden en ligt hier ten oosten van de Middenweg Bovenkerkerpolder tot aan de Nesserlaan. Dit tracé vervolgt zijn route vanaf het punt waar het tracé van variant 2A de Middelweg Bovenkerkerpolder kruist. Tracévariant 2C volgt de route van variant 2B maar maakt een aftakking na 150 meter richting het oosten. De Middenweg Bovenkerkerpolder wordt gekruist. Het tracé ligt vervolgens in een rechte lijn tot aan de watergang ‘Oosttocht’ om vervolgens deze te kruisen. Het tracé vervolgt de route parallel langs de Oosttocht en gaat onder de Ringdijk Bovenkerker Polder door. Het tracé eindigt bij de Nesserlaan. De tracévarianten in deelgebied 3 lopen door het BPL (zie paragraaf 4.3.2.1).
De kernkwaliteiten van dit gebied worden niet aangetast door aanleg van de kabelverbinding.
25
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Belemmeringen tracévarianten Hieronder zijn de belemmeringen die in deelgebied 2 voorkomen beschreven. In bijlage B.4.3.2.1a2 is een kaart met tracévarianten in deelgebied 2 inclusief belemmeringen opgenomen. Per belemmering wordt beschreven voor welke tracévarianten deze geldt. Indien de belemmering onderscheidend is voor de tracévarianten wordt beschreven wat het risico is, welke mitigerende maatregelen genomen kunnen worden en welke stakeholders betrokken dienen te worden. Bestaande objecten en infrastructuur Tracévarianten 2A en 2B kruisen tweemaal een weg, tracévariant 2C driemaal. Tracévariant 2C loopt dichter langs woningen waardoor tijdens realisatie mogelijk meer overlast ervaren wordt. Conclusie: Alle tracévarianten zijn haalbaar maar 2A en 2B hebben enige voorkeur boven 2C. Archeologie en bodem Het is niet mogelijk een tracévariant aan te wijzen buiten de dubbelbestemming archeologie. Alle tracévarianten liggen in een dubbelbestemming archeologie (Paraplubestemmingsplan Archeologie en cultuurhistorie, vastgesteld op 28-3-2018 en onherroepelijk). Voor het aanleggen van de kabelverbinding in de dubbelbestemming, Waarde - Archeologie 1 t/m 5, dient een omgevingsvergunning aangevraagd te worden. Conclusie: dit thema is niet onderscheidend voor de tracévarianten in deelgebied 2.
Natuur De Nesserlaan en Middenweg Bovenkerkerpolder zijn aangemerkt als ecologische verbindingszones (ecologische hoofdstructuur). Langs deze verbindingszones lopen de tracévarianten 2A en 2B. Het is niet mogelijk deze verbindingszones te vermijden. Het gebied ten zuiden van de Nesserlaan maakt deel uit van NatuurNetwerk Nederland (NNN). Tracévarianten 2A en 2B lopen ongeveer 1 kilometer door NNN-gebied (Bovenkerkerpolder). Tracévariant 2C loopt ongeveer 200 meter door het NNN-gebied. De aanleg van de kabelverbinding tast de kernkwaliteit van het NNN-gebied niet aan6. Door de recente ontwikkeling van de aanwezige natuurwaarden is deze in principe relatief eenvoudig en snel vervangbaar (<10 jaar). Voor de aanleg door NNN-gebied dient afstemming plaats te vinden (in de vervolgfase van het project) met de provincie Noord-Holland. Conclusie: Tracévariant 2C heeft voorkeur boven de varianten 2A en 2B vanwege afstand door NNN-gebied. Stiltegebied Het is niet mogelijk een tracévariant aan te wijzen gelegen buiten Stiltegebied. Alle tracévarianten lopen in deelgebied 2 door een milieubeschermingsgebied - stiltegebied7. Er is nauwelijks onderscheid tussen de drie tracévarianten m.b.t. de overlast op het stiltegebied. Daarnaast is er enkel overlast in de realisatiefase van het project. In de gebruiksfase is dit aspect niet meer relevant.
In artikel 4.26 tweede lid onder c, van de omgevingsverordening NH2020, is de aanleg, het onderhoud of de exploitatie van infrastructurele werken dan wel werken van telecommunicatie vrijgesteld. In deze fase, bij de keuze van een voorkeurstracé, wordt dit aspect niet verder meegenomen als afwegingscriteria. Conclusie: dit thema wordt niet verder meegenomen als afwegingscriteria. 6
https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.9927.POVPNHVG01/b_NL.IMRO.9927.POVPNH-VG01_521.pdf 7 Omgevingsverordening NH2020 paragraaf 4.2.1 26
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Water Tracévariant 2C loopt, onvermijdelijk, door de dubbelbestemming ‘Waterstaat – waterbergingsgebied’. Wanneer deze variant gekozen wordt dient (in de vervolgfase) afgestemd te worden met waterschap AGV. Tracévariant 2A kruist enkele sloten minder dan tracévarianten 2B en 2C (doordat de kavels die variant 2A doorkruist breder zijn dan de kavels die de varianten 2B en 2C doorkruisen. De kavels zijn van elkaar gescheiden door watergangen). Conclusie: Alle tracévarianten zijn haalbaar maar de voorkeur gaat uit naar tracévariant 2A (i.v.m. minste slootkruisingen) en vervolgens naar 2B. Op variant 2C heeft deze belemmering meer effect dan op varianten 2A en 2B, dit komt i.v.m. de ligging van variant 2C in het waterbergingsgebied. Techniek De verschillen tussen de kabellengtes van de tracévarianten in dit deelgebied zijn minimaal. Op basis van afstand is geen voorkeur aan te geven voor één van de tracévarianten. Voor tracévarianten 2A en 2B zijn vier gestuurde boringen noodzakelijk. Voor tracévariant 2C zijn vijf gestuurde boringen noodzakelijk (omdat ook het waterbergingsgebied middels een gestuurde boring wordt gekruist). Op basis van het aantal gestuurde boringen is een voorkeur voor variant 2A en 2B. Conclusie: Alle tracévarianten zijn haalbaar maar 2A en 2B hebben enige voorkeur boven 2C. 4.3.2.3
Oplossingen deelgebied 3
Binnen deelgebied 3 zijn twee tracévarianten bekeken. In figuur 4.7 zijn de tracévarianten en belemmeringen binnen deelgebied 3 weergegeven.
Figuur 4.7 | Tracé oplossingen deelgebied 3 inclusief belemmeringen
27
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Beschrijving tracévarianten Tracévariant 3A loopt langs de watergang naar het noorden richting De Afslag. Tegenover Baken 34 kruist het tracé een aantal watergangen, het Simon Colenvaartpad en De Afslag. Het tracé loopt verder richting het noorden langs De Afslag. Voorbij de tweede golfbaan en in het verlengde van In de Wolken 238 eindigt Variant 3A. Tracévariant 3B loopt richting het oosten langs het noorden van de Nesserlaan. Na 250 meter buigt het tracé af richting het noorden en gaat onder een golfbaan door. Tracévariant 3B eindigt in het verlengde van In de Wolken 240. De tracévarianten in deelgebied 3 lopen door het PBL (zie paragraaf 4.3.2.1). De kernkwaliteiten van dit gebied worden niet aangetast door aanleg van de kabelverbinding. Belemmeringen tracévarianten Hieronder zijn de belemmeringen die in deelgebied 3 voorkomen beschreven. In bijlage B.4.3.2.1a3 is een kaart met tracévarianten in deelgebied 3 inclusief belemmeringen opgenomen. Per belemmering wordt beschreven voor welke tracévarianten deze geldt. Indien de belemmering onderscheidend is voor de tracévarianten wordt beschreven wat het risico is, welke mitigerende maatregelen genomen kunnen worden en welke stakeholders betrokken dienen te worden. Bestaande objecten en infrastructuur Beide tracévarianten kruisen een aantal wegen.
Het fietspad ten oosten van Waardhuizen wordt mogelijk doorgetrokken naar de Nesserlaan (Structuurvisie Amstelveen 2025+, geconsolideerde versie 21-9-2011). Vanwege de watergang tussen het fietspad en tracévariant 3A wordt hierdoor geen overlast verwacht voor het tracé. Conclusie: dit thema is niet onderscheidend voor de tracévarianten in deelgebied 3. Archeologie en bodem Het is niet mogelijk een tracévariant aan te wijzen buiten de dubbelbestemming archeologie. Alle tracévarianten liggen in een dubbelbestemming archeologie (Paraplubestemmingsplan Archeologie en cultuurhistorie, vastgesteld op 28-3-2018 en onherroepelijk). Voor het aanleggen van de kabelverbinding in de dubbelbestemming, Waarde - Archeologie 1 t/m 5, dient een omgevingsvergunning aangevraagd te worden. Conclusie: dit thema is niet onderscheidend voor de tracévarianten in deelgebied 3. Water Tracévariant 3B doorkruist meer sloten dan tracévariant 3A (omdat tracévariant 3B deels door agrarische percelen loopt die van elkaar gescheiden zijn door watergangen). Conclusie: Beide tracévarianten zijn haalbaar maar er is enige voorkeur voor tracévariant 3A (i.v.m. minste slootkruisingen). Private gronden Tracévariant 3A ligt grotendeels langs de randen van de percelen. Tracévariant 3B doorkruist een aantal agrarische percelen en een golfbaan.
Bij het kruisen van de agrarische percelen zou tracering langs de randen van de percelen een toename (> 1 kilometer) in kabellengte betekenen. Enkele kadastrale percelen lijken in eigendom van één eigenaar en worden als één geheel gebruikt. Tracering langs kadastrale grenzen levert dan alsnog een belemmering op voor de 28
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
grondeigenaar. Wanneer de voorkeursvariant bepaald is wordt gekeken naar een optimalisatie van het tracé en wordt waar mogelijk het tracé meer naar de randen van de percelen verschoven. Voor het kruisen van de golfbaan worden vanwege het gebruik van deze gronden mogelijk door de grondeigenaar aanvullende eisen gesteld aan bijvoorbeeld de aanlegmethode van de kabelverbinding. Conclusie: Alle varianten zijn haalbaar maar er is enige voorkeur voor tracévariant 3A (i.v.m. ligging langs perceelsgrenzen). Techniek Zowel tracévariant 3A als 3B kruisen de dubbelbestemming ‘Leiding – Water’. Voor de aanleg van de kabelverbinding is afstemming met de leidingbeheerder en een omgevingsvergunning nodig. Beide tracévarianten bevatten twee gestuurde boringen. De totale lengte aan gestuurde boringen is kleiner bij tracévariant 3A, waardoor deze de voorkeur heeft. Conclusie: Alle varianten zijn haalbaar maar er is enige voorkeur voor tracévariant 3A (i.v.m. totale lengte gestuurde boringen). 4.3.2.4
Oplossingen deelgebied 4
Binnen deelgebied 4 zijn twee tracévarianten bekeken. In figuur 4.8 zijn de tracévarianten en belemmeringen binnen deelgebied 4 weergegeven.
Figuur 4.8 | Tracé oplossingen deelgebied 4 inclusief belemmeringen
29
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Beschrijving tracévarianten Tracévariant 4A loopt langs De Afslag tot aan het beginpunt van De Afslag waarbij deze overgaat in de Laan van de Helende Meesters. Het tracé buigt af naar het oosten en vervolgens richting het parkeerterrein tussen Langs de Akker en Essenlaan in. Vanaf dit punt vervolgt het tracé richting het nieuwe 150kV-station Amstelveen. Tracévariant 4B buigt af richting het oosten bij einde van variant 3A. Het tracé kruist onder de watergang door en vervolgt het tracé tot aan het eind van tracé 3B. Hier maakt het tracé een bocht richting het noorden waarbij de Emergohal aan de oostzijde wordt gepasseerd en de weg Langs de Akker wordt gekruist richting het parkeerterrein tussen Langs de Akker en Essenlaan in. Vanaf dit in/uittredepunt zal het tracé de route vervolgen naar het nieuwe 150kV-station Amstelveen. De tracévarianten in deelgebied 4 lopen door het BPL (zie paragraaf 4.3.2.1). De kernkwaliteiten van dit gebied worden niet aangetast door aanleg van de kabelverbinding. Belemmeringen tracévarianten Hieronder zijn de belemmeringen die in deelgebied 4 voorkomen beschreven. In bijlage B.4.3.2.1a4 is een kaart met tracévarianten in deelgebied 4 inclusief belemmeringen opgenomen. Per belemmering wordt beschreven voor welke tracévarianten deze geldt.
Indien de belemmering onderscheidend is voor de tracévarianten wordt beschreven wat het risico is, welke mitigerende maatregelen genomen kunnen worden en welke stakeholders betrokken dienen te worden. Bestaande objecten en infrastructuur Beide tracévarianten kruisen wegen en bestaande infrastructuur. Het is daarom niet mogelijk het laatste tracédeel, tot de voorkeurslocatie voor 150kV-station Amstelveen, in open ontgraving aan te leggen. Omdat een boring voor beide tracévarianten onvermijdelijk is maken de kruisingen met bestaande infrastructuur geen aanvullend onderscheid tussen de varianten. De verschillen zijn minimaal en daarom wordt er geen onderscheid gemaakt op basis van dit thema tussen de tracévarianten. Conclusie: dit thema is niet onderscheidend voor de tracévarianten in deelgebied 4. Archeologie en bodem Het is niet mogelijk een tracévariant aan te wijzen buiten de dubbelbestemming archeologie. Alle tracévarianten liggen in een dubbelbestemming archeologie (Paraplubestemmingsplan Archeologie en cultuurhistorie, vastgesteld op 28-3-2018 en onherroepelijk). Voor het aanleggen van de kabelverbinding in de dubbelbestemming, Waarde - Archeologie 1 t/m 5, dient een omgevingsvergunning aangevraagd te worden. Conclusie: dit thema is niet onderscheidend voor de tracévarianten in deelgebied 4.
Private gronden Tracévariant 4A belemmert de percelen minder doordat aan de randen van de percelen getraceerd kan worden. Tracévariant 4B neemt meer ruimte in op de percelen door het doorkruisen of het inzetten van een gestuurde boring. Wanneer de voorkeursvariant bepaald is wordt gekeken naar een optimalisatie van het tracé en wordt waar mogelijk het tracé meer naar de randen van de percelen verschoven. Conclusie: Beide tracévarianten zijn haalbaar maar 4A heeft enige voorkeur boven variant 4B (vanwege het minder doorkruisen van percelen).
30
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Techniek De verschillen tussen de kabellengtes van de tracévarianten in dit deelgebied zijn minimaal. Derhalve is op basis van afstand geen voorkeur aan te geven voor één van de tracévarianten. Voor variant 4A is één gestuurde boring nodig, voor tracévariant 4B zijn twee gestuurde boringen nodig. De totale lengte van de gestuurde boringen is voor beide varianten nagenoeg gelijk. Conclusie: beide tracévarianten zijn haalbaar maar tracévariant 4A heeft enige voorkeur boven variant 4B (vanwege het aantal gestuurde boringen).
4.4
Vergelijking oplossingen
In deze paragraaf worden de oplossingen per deelgebied met elkaar vergeleken door middel van de beoordelingsschaal in paragraaf 4.2.5 (tabel 4.2). In hoofdstuk 4.3 zijn de belemmeringen voor de verschillende oplossingen beschreven. Voor een aantal van de geconstateerde belemmeringen zijn mitigerende maatregelen mogelijk. In onderstaande tabel zijn de scores ten aanzien van de belemmeringen per oplossing naast elkaar gezet. Voor iedere oplossing is de score na mitigerende maatregel(en) opgenomen. Belemmeringen die niet onderscheidend zijn voor de verschillende tracévarianten zijn niet opgenomen in de tabel.
4.4.1
Deelgebied 1
Onderdeel
Omschrijving
Oplossing 1A
Oplossing 1B
Oplossing 1C
Score
Score
Score
Bestaande objecten en infrastructuur
0
0
0
Water
0
0
0
Score
Score
Score
0
0
0
0
0
0
Oplossing 2A
Oplossing 2B
Oplossing 2C
Score
Score
Score
Bestaande objecten en infrastructuur
0
0
0
Natuur
0
0
0
Water
0
0
-
Hoogspanningskabels
Score
Score
Score
Gestuurde boringen
0
0
0
0
0
-
Oplossing 3A
Oplossing 3B
Score
Score
Water
0
0
Private gronden
0
0
Hoogspanningskabels
Score
Score
Gestuurde boringen
0
0
0
0
ROM
Techniek
Gestuurde boringen
Totalen
4.4.2
Deelgebied 2
Onderdeel
Omschrijving
ROM
Techniek
Totalen
4.4.3
Deelgebied 3
Onderdeel
Omschrijving
ROM
Techniek
Totalen
31
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
4.4.4
Deelgebied 4
Onderdeel
Omschrijving
Oplossing 4A
Oplossing 4B
ROM Score
Score
Private gronden
0
0
Hoogspanningskabels
Score
Score
Gestuurde boringen
0
0
0
0
Techniek
Totalen
4.5
Voorkeursoplossing
Op basis van de in paragraaf 4.4 uitgevoerde beoordeling blijkt dat nagenoeg alle oplossingen technisch uitvoerbaar zijn. Het beperkte aantal belemmeringen in het zoekgebied zorgen voor minimaal onderscheid tussen de tracévarianten. De oplossingen onderscheiden zich in geringe mate van elkaar op het gebied van: •
Het aantal te kruisen wegen;
•
Het aantal te kruisen watergangen;
•
Kabellengte door beschermd natuurgebied;
•
Het aantal te kruisen dubbelbestemmingen (waterstaat – waterkering, waterstaat – waterbergingsgebied en leiding- water);
•
Ligging in waterbergingsgebied;
•
Het aantal (i.c.m. totale lengte) gestuurde boringen;
•
Bestemming en grondgebruik;
•
Mate van belemmering private gronden (wanneer tracering langs perceelsgrenzen niet mogelijk is).
Wanneer bovenstaande belemmeringen (beschreven per tracévariant in paragraaf 4.4.1 t/m 4.4.4) meegenomen worden in de afweging van de tracévarianten blijkt dat een lichte voorkeur uitgaat naar de oplossing: 1A + 2A + 3A + 4A. In figuur 4.9 en bijlage B4.5-a1 is een kaart met het voorkeurstracé opgenomen.
32
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Figuur 4.9 | Voorkeurstracé
4.5.1
Eigendom en zakelijk recht
Voor het tracé van de 150kV-kabelverbinding worden zakelijkrecht overeenkomsten gevestigd, voorafgaand aan de aanlegwerkzaamheden. In onderstaande tabel is voor het voorkeurstracé8 een overzicht opgenomen van de grondeigenaren. Op basis van openbaar beschikbare informatie is niet bekend of gronden gebruikt worden door pachters, huurders of andere gebruikers. Deze informatie komt enkel boven tafel door gesprekken te voeren met de grondeigenaar. In een later stadium van het project wordt deze informatie, als de gesprekken met grondeigenaren plaatsvinden, bekend. Het voorkeurstracé ligt in gronden van de volgende publieke grondeigenaren (met daarachter het aantal te kruisen percelen): 1. Gemeente Amstelveen (34); 2. Waterschap Amstel, Gooi en Vecht (10); 3. Staatsbosbeheer (2); 4. Provincie Noord-Holland (1); 5. Liander N.V. (1). Het voorkeurstracé ligt in gronden met de volgende private grondeigenaren (met daarachter het aantal te kruisen percelen): 1. Immink Agro B.V. (9); 2. Verwelius Projectontwikkeling B.V. (9); 3. Agrimm B.V. (1); 8
In de vervolgfase van dit project wordt gekeken naar een optimalisatie voor de ligging van het tracé (ZRO en kabelverbinding op hetzelfde perceel waar mogelijk). 33
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
4. ASR Dutch Farmland Custodian B.V. (2); 5. H. van Schaik (2); 6. Vastgoed Amsteldijk B.V. (2); 7. A. van Blaaderen (1); 8. Ballast Nedam Beta B.V. (1); 9. J.C. Bulk (1); 10. O.E. Ott (1); 11. Ooms Ontwikkeling B.V. (1); 12. T.E. Immink (1); 13. Terra Landelijke eigendommen Projectontwikkeling B.V. (1).
4.5.2
Vergunningen
In deze paragraaf is weergegeven welke vergunningen mogelijk nodig zijn voor de aanleg van de 150kV-kabelverbinding op het voorkeurstracé. Hierbij is inzichtelijk gemaakt wie het bevoegd gezag is en wat de minimale benodigde proceduretijd is. De benodigde vergunningen/ meldingen, die nodig zijn voor de werkzaamheden op de 150kV-stations, zijn hierbij buiten beschouwing gelaten. Voordat de benodigde vergunningen worden aangevraagd wordt een bestemmingsplan opgesteld waarin de 150kV-kabelverbinding dubbel bestemd wordt. Een overzicht van de (mogelijk) benodigde vergunningen en meldingen is weergegeven in tabel 4-3. Activiteit Kruisen provinciale wegen Werk of werkzaamheden uitvoeren (archeologie en leiding - water) Kruisen watergangen, aanleg in beschermingszone, uitvoeren HDD-boringen Parallelligging en/ of kruising van andere kabels en leidingen
Besluit Wegenverordening Noord-Holland Omgevingsvergunning
Bevoegd Gezag Provincie Noord-Holland Gemeente Amstelveen
Proceduretijd 8 weken 14 weken
Vergunning Waterwet
Waterschap Amstel, Gooi en Vecht
8 weken
Melding en toestemming kabel- en leidingeigenaren
8 weken
Bemalen en lozen grondwater
Vergunning Waterwet en/ of melding Besluit lozen buiten inrichting Wet bodembescherming
Kabel- en leidingeigenaren/ netbeheerders Waterschap Amstel, Gooi en Vecht Provincie Noord-Holland
Omgevingsvergunning Provinciale verordening
Gemeente Amstelveen Provincie Noord-Holland
8 weken 8 weken
MOOR-vergunning Melding toepassing grond
Gemeente Amstelveen Gemeente Amstelveen
5 weken 5 werkdagen
Graven in/saneren bodemverontreiniging Tijdelijke in- en uitritten aanleggen Toestemming tijdelijke verkeersmaatregelen provinciale wegen Openbreken openbare ruimte Aanvullen sleuven
8 weken 15 weken
Tabel 4.3 | Overzicht mogelijke vergunningen en meldingen voor het voorkeurstracé
4.5.3
Stakeholders
Stakeholders zijn partijen of personen met een belang en, of rol bij de vorming, uitvoering en de resultaten van het project. Het gaat hierbij ook om partijen die gevolgen ondervinden van de resultaten van het project zonder direct tot een eindgebruiker te behoren. Hieronder, in tabel 4.4, zijn de belangrijkste stakeholders geïnventariseerd, die in deze fase van het project in beeld zijn, waarbij is uitgewerkt welke rol de stakeholders in het project vervullen. In de vervolgfase van dit project wordt uitgewerkt op welke wijze de stakeholders bij de uitwerking van het project moeten worden betrokken.
34
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
Stakeholders
Rol
Provincie Noord-Holland
Bevoegd gezag (Wnb, provinciale wegen) en grondeigenaar
Gemeente Amstelveen
Bevoegd gezag en grondeigenaar
Omgevingsdienst NHN
Bevoegd gezag Wnb
Waterschap Amstel, Gooi en Vecht
Bevoegd gezag en grondeigenaar
Kabel- en leidingbedrijven
Partijen moeten toestemming geven voor het kruisen van kabels en leidingen.
Grondeigenaren
Grondeigenaren moeten toestemming verlenen voor het aanleggen van de verbinding op eigendom.
Agrarisch natuurvereniging De Amstel
Draagvlak creëren bij actieve organisatie van boeren die zich o.a. inspannen voor weidevogels in het zoekgebied.
Pachters/ huurders/ overige
Partijen moeten toestemming verlenen voor het aanleggen van de
grondgebruikers
verbinding.
Omwonenden
Ervaring overlast tijdens uitvoering van de aanlegwerkzaamheden
Tabel 4.4 | Overzicht stakeholders voorkeurstracé
4.6
Conclusie
Na het beschouwen van het zoekgebied op basis van de gegeven uitgangspunten (requirements) en feitelijke gegevens (zie paragraaf 4.2.2) kan worden geconcludeerd dat het aanleggen van een 150kV-kabelverbinding tussen nieuw te bouwen 150kV-station Amstelveen en nieuw te bouwen 150kV-station Amstelveen-Zuid haalbaar is. Er zijn verschillende haalbare tracévarianten tegen elkaar afgewogen waaruit één voorkeurstracé (zie paragraaf 4.5) is bepaald.
35
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
5 Risico's In deze paragraaf wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste risico’s die van toepassing zijn op het voorkeurstracé. Risiconr.
Omschrijving van het risico
R.1
R01 - Het lukt niet om op tijd (uiterlijk voor het in werking treden van de omgevingswet) het ontwerpbestemmingsplan ter inzage te leggen.
R.2
R02- Er is veel weerstand vanuit de omgeving.
R.3
R21 - Wijzigen locaties 150kVstations AMV en AMVZ en/of indeling terrein.
R.4
R23 - In de realisatie ondervindt het project belemmeringen.
R.5
R28 - Grondeigenaren werken niet mee aan het afsluiten van ZRO
Oorzaak In werking treden omgevingswet op 1-72022 en voorbereidingstijd voor het bestemmingsplan. In het bestemmingsplan worden beide stationslocaties + 150kVkabelverbinding opgenomen (er bestaat een kans dat niet alles voldoende is uitgewerkt voor het opstellen van het bestemmingsplan) Geen transparante communicatie richting omgeving (o.a. vanwege magneetvelden en tracékeuze). Wijzigende inzichten of wijzigende eisen/voorwaarden. Locaties voor beide stationslocaties zijn nog niet aangekocht op het moment van de haalbaarheidsstudie. Bijvoorbeeld: K&L derden liggen in werkelijkheid anders dan op verstrekte documentatie (KLIC) staat aangegeven. Realisatie (onbekende) werkzaamheden/projecten in de omgeving. Vertraging bouw stations AMV en AMVZ. Slecht of onwerkbaar weer (met name vorst en regen). Aantreffen onbekende ondergrondse verontreinigingen of obstakels. Kabelverbinding ook elders mogelijk (moeilijk te onderbouwen waarom een specifiek perceel gekozen wordt voor het tracé). Kabelverbinding geeft beperking op landbouwgrond. Mogelijk wordt het bestemmingsplan gepubliceerd voordat grondeigenaren geïnformeerd zijn, dit kan een nadeel zijn voor de onderhandelingen.
Gevolg
Mitigerende maatregel
Vertraging en hogere kosten. Omgevingsplan moeten schrijven en moeten voldoen aan nieuwe wet- en regelgeving die vanaf dat moment gaat gelden (en nu nog niet bekend is).
Bestemmingsplanprocedure (nauw) afstemmen met de gemeente Amstelveen.
Stagnatie door bezwaren en mogelijke tracéwijziging.
Vertraging/uitlopen planning. Re-work/Re-engineering. Extra kosten. Haalbaarheidsstudie moet (deels) opnieuw.
Vertraging/uitlopen planning. Re-work/Re-engineering. Extra kosten.
Vertraging/uitlopen planning. Re-work/Re-engineering. Extra kosten.
Omgeving tijdig en voldoende informeren.
Vroegtijdig en uitvoerig overleg met gemeente Amstelveen en vooroverleg met betrokken stakeholders.
Vroegtijdig proefsleuven maken (op kritische locaties). Vroegtijdig afstemmen/onderkennen en voldoende ruimte in de realisatieplanning opnemen voor eventuele tegenslagen. In de DO-fase alternatieveof noodscenario’s uitwerken waarin het treffen van tijdelijke maatregelen/voorzieningen is opgenomen.
Gedoogplichtprocedure doorlopen. Vroegtijdig communicatie opstarten.
Tabel 5.1 | Risico's
36
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
6 Kosten Oplossing
Kosten
Voorkeurstracé
€ 18.430.836,89
Tabel 6.1 | Kosten
Zie bijlage B.6-a1 voor de totale begroting van de kosten voor het voorkeurstracé.
37
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
7 Vervolgstappen Voor de verdere uitwerking van het voorkeurstracé in de BO-fase adviseren wij o.a. de volgende onderzoeken en werkzaamheden te verrichten: •
Opstellen concept ontwerp bestemmingsplan;
•
Uitvoeren bureaustudies;
•
Uitvoeren conditionerende onderzoeken conform onderzoeksprotocol TenneT;
•
Uitvoeren EM-veldberekeningen;
•
Ontwerpen van horizontaal gestuurde boringen (boorplannen);
•
Beïnvloedingsonderzoeken conform NEN3654;
•
Onderzoek naar grondeigendom in verband met het sluiten van zakelijk recht overeenkomsten (kadastrale recherche);
•
Het uitvoeren van proefsleuven om de juiste ligging van K&L derden en daarmee de werkelijk beschikbare tracéruimte nader vast te stellen;
•
Uitvoeren van belastbaarheidsberekeningen en vaststellen kabeltype.
Ook dient bij de nadere uitwerking van het voorkeurstracé zo spoedig mogelijk in overleg te worden getreden met de kabels- en leidingen-eigenaren/-beheerders, Provincie Noord-Holland, waterschap AGV, omgevingsdienst Noord-Holland Noord en de gemeente Amstelveen om te kunnen beoordelen of de ligging van deze tracés mogelijk is en welke voorwaarden de beheerders en bevoegde gezagen stellen. Daarnaast dienen vroegtijdig gesprekken met particuliere grondbezitters te worden opgestart voor het verkrijgen van betredingstoestemmingen voor de conditionerende onderzoeken en zakelijk recht overeenkomsten in particuliere gronden. Parallel aan het uitvoeren van de onderzoeken en gesprekken met stakeholders dient de bestemmingsplanprocedure opgestart te worden. Tot slot worden de benodigde vergunningen aangevraagd.
38
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
8 Planning Item
Omschrijving
Doorlooptijd
1
Basisontwerp, waaronder (binnen een periode van 12 maanden):
12 maanden
- Bestemmingsplanprocedure
12 maanden (reeds opgestart)
- Gesprekken stakeholders
12 maanden
- Betredingstoestemming en vestigen ZRO’s
6 maanden
- Vergunningen
7 maanden
- Onderzoeken
3 maanden
2
Detailontwerp (Uitvoeringsontwerp)
9 maanden
3
Inkoop materialen en diensten
6 maanden
4
Voorbereiding realisatie
4 maanden
5
Realisatie
12 maanden
6
Eindoplevering
5 maanden
7
Administratieve oplevering en afsluiting
4 maanden
Tabel 8.1 | Planning
39
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
9 Lijst met begrippen en afkortingen Afkorting
Betekenis
Al
Aluminium
AMV
Amstelveen
AMVZ
Amstelveen Zuid
AGV
Amstel, Gooi en Vecht
BRZO
Besluit risico’s zware ongevallen
BTAZ
Bedrijventerrein Amstelveen-Zuid
EHS
Ecologische Hoofdstructuur
kV
kilo Volt
MVA
Mega Volt Ampère
NNN
NatuurNetwerk Nederland
PvE
Programma van Eisen
RVO
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
SPE
Standaard Programma van Eisen
VNB
Voorziene Niet Beschikbaarheid
ZRO
Zakelijk Recht Overeenkomst
Tabel 9.1 | Begrippen en afkortingen
40
HBS 150kV-kabelverbinding AMV-AMVZ projectnr 003.097-RTE238 16 juli 2021, versie 1.0
10 Bijlagen Hoofdstuk 1 ▪
Projectomschrijving
Geen bijlagen
Hoofdstuk 2
Toelichting op bestaande situatie en knelpunt
▪
B.2.2.8-a1 Technische Uitvoeringsvoorschriften Trambaan
▪
B.2.2.8-a2 Technische Voorschriften Light rail
▪
B.2.2.8-a3 Algemene VELIN-voorwaarden voor grondroer- en overige activiteiten
Hoofdstuk 3 ▪
Zoekgebied
B.3-a1 Kaart zoekgebied
Hoofdstuk 4
Oplossingen
▪
B.4-a1 Traceringsuitgangspunten
▪
B.4-a2 Tracé oplossingen totaal
▪
B.4.3.2.1-a1 Tracévarianten deelgebied 1 inclusief belemmeringen
▪
B.4.3.2.1-a2 Tracévarianten deelgebied 2 inclusief belemmeringen
▪
B.4.3.2.1-a3 Tracévarianten deelgebied 3 inclusief belemmeringen
▪
B.4.3.2.1-a4 Tracévarianten deelgebied 4 inclusief belemmeringen
▪
B.4.5-a1 Voorkeurstracé
▪
B.4.5-a2 Enkelbestemmingen
▪
B.4.5-a3 Dubbelbestemming archeologie
Hoofdstuk 5 ▪
Geen bijlagen
Hoofdstuk 6 ▪
Planning
Geen bijlagen
Hoofdstuk 9 ▪
Vervolgstappen
Geen bijlagen
Hoofdstuk 8 ▪
Kosten
B.6-a1 begroting kosten voorkeursvariant
Hoofdstuk 7 ▪
Risico’s
Lijst met begrippen en afkortingen
Geen bijlagen
41
Aan
TenneT: Gerrie Muijlwijk, Shiromani Goerdin, Chantal ter Braak. Van
Bart Noordhoek, André de Rijk en Yvette Ghamati/Jeffrey Leek
Notitie Contactpersoon
Datum
Bart Noordhoek
21 juni 2022 Ons kenmerk
RTE238 003.097 Versie
2.0
Betreft
Oplegnotitie Haalbaarheidsstudie 150kV-kabelverbinding Amstelveen Amstelveen-Zuid Voorliggende oplegnotitie is bedoeld om, aanvullend aan de eerder uitgevoerde haalbaarheidsstudie (Reddyn, 16-07-2021, versie 1.0, zie bijlage 1), tracévarianten te beschrijven voor de 150kV-kabelverbinding tussen nieuw te bouwen 150kV-station Amstelveen en nieuw te bouwen 150kV-station Amstelveen-Zuid, met als uitgangspunt dat de verbinding door middel van horizontaal gestuurde boringen wordt gerealiseerd. De reden voor het uitvoeren van deze aanvullende studie is het verzoek van de gemeente Amstelveen om in het Bijzonder Provinciaal Landschap het tracé niet aan te leggen in open ontgraving maar zoveel als technisch mogelijk in horizontaal gestuurde boringen. Inleiding In deze notitie wordt enkel de, t.o.v. de studie van 16 juli 2021, aanvullende informatie beschreven. Onder anderen de projectomschrijving en uitgangspunten zijn terug te lezen in de studie van 16 juli 2021. Reddyn heeft twee alternatieve tracévarianten bepaald. Hierbij is rekening gehouden met (ruimtelijke) belemmeringen op basis van openbaar beschikbare informatie ten tijde van het uitvoeren van deze studie. Voor deze twee alternatieve tracévarianten is de haalbaarheid onderzocht op basis van technische- en omgevingsaspecten. Leeswijzer In hoofdstuk 1 zijn de gewijzigde uitgangspunten t.o.v. de haalbaarheidsstudie vermeld.
Hoofdstuk 2 beschrijft de tracévarianten 1 en 2. De technische haalbaarheid en aandachtspunten zijn in hoofdstuk 3 beschreven. In hoofdstuk 4 zijn de omgevingsaspecten beschreven die een belemmering vormen voor de aanleg van het kabeltracé of waarvoor aandacht nodig is in de vervolgfase van het project. Een overzicht van de totale kosten van beide tracévarianten is te vinden in hoofdstuk 5. En als laatste staat in hoofdstuk 6 de conclusie en het vervolg beschreven.
Datum
21 juni 2022 Ons kenmerk
RTE238 Pagina
2 van 46
1. Gewijzigde uitgangspunten Na het afronden van de haalbaarheidsstudie in juli 2021 heeft TenneT het PVE 00.002 Planologische traceringsuitgangspunten en locatie-eisen herzien. Voor deze oplegnotitie worden de uitgangspunten en eisen gebruikt uit: Document type PVE
Vakgebied
Naam
Versie
Publicatiedatum
00 – Algemeen
PVE.00.002 Planologische traceringsuitgangspunten en locatie-eisen
3.1
Augustus 2021
Tabel 1.1 | Van toepassing zijnde TenneT standaarden
Voor de aanvullende studie heeft TenneT gevraagd om qua haalbaarheid twee alternatieve tracévarianten te onderzoeken met als uitgangspunten: 1. Eén tracé zoveel als mogelijk haalbaar in gestuurde boringen waarbij volledig het voorkeurstracé uit de HBS van juli 2021 wordt gevolgd; 2. Eén tracé zoveel als mogelijk haalbaar in horizontaal gestuurde boringen waarbij het uitgangspunt ‘tracering aan de randen van de percelen’ los is gelaten. De belangrijkste aandachtspunten bij deze tracévarianten zijn: x bereikbaarheid moffen; te allen tijde bereikbaar zonder tijdelijke toegangswegen o.i.d. te maken; x is de bodemgesteldheid geschikt om een gestuurde boring te realiseren op een diepte van minimaal 8 meter –mv? Voor de tracering is verder uitgegaan van de volgende lengten: x Horizontaal gestuurde boringen: maximaal 1.200m; x Lengte 150kV-kabel op haspel: maximaal 1.500m; x Afstand tussen de boringen voor moffen: minimaal 20m. In bijlage 2 is het beoordelingskader gebaseerd op de gewijzigde uitgangspunten opgenomen. In het beoordelingskader zijn enkel de herziene uitgangspunten opgenomen die invloed hebben op de tracékeuze voor het 150kV-tracé. Uitgangspunten die ongewijzigd zijn, van toepassing zijn op een vervolgfase van het project of betrekking hebben op de locatiekeuze voor stations zijn niet opgenomen in het beoordelingskader.
Datum
21 juni 2022 Ons kenmerk
RTE238 Pagina
3 van 46
2.
Beschrijving alternatieve tracévarianten
Afbeelding 2.1 Zoekgebied met tracévarianten
Tracévariant 1 (westelijk tracé) Deze tracévariant volgt het tracé van de voorkeursvariant uit de haalbaarheidsstudie van juli 2021. De aanlegmethode is enkel aangepast van open ontgraving naar hoofdzakelijk gestuurd boren. Hierbij is rekening gehouden met de maximale lengte voor de gestuurde boringen en zoveel als mogelijk de bereikbaarheid van de locaties waar de verbindingsmoffen liggen. Tracévariant 1 loopt vanaf de voorkeurslocatie van 150kV-station Amstelveen-Zuid richting het noorden aan de westzijde van de N521. Het tracé buigt t.h.v. de Bovenkerkerweg 102-104 af naar het oosten en kruist de Bovenkerkerweg. Het tracé ligt daarna (in rechte lijn) in agrarische grond tot aan de watergang waarlangs het tracé naar het noorden richting de Nesserlaan loopt. Ten zuiden van de Nesserlaan buigt het tracé naar het oosten en kruist daarmee de watergang. Het tracé vervolgt de route tot aan de Middenweg Bovenkerkerpolder, deze weg wordt gekruist. Ter hoogte van de Nesserlaan 8 buigt het tracé af naar het noorden waarbij de watergang ‘Oosttocht’ en de Nesserlaan wordt gekruist. Het tracé vervolgt zijn weg langs de noordzijde van de Nesserlaan richting het oosten en kruist daarbij de watergang ‘Oosttocht’. Vervolgens loopt het tracé langs de watergang naar het noorden richting De Afslag. Tegenover Baken 34 kruist het tracé een aantal watergangen, het Simon Colenvaartpad en De Afslag.
Het tracé loopt verder richting het noorden langs De Afslag tot aan het beginpunt van De Afslag waarbij deze overgaat in de Laan van de Helende Meesters. Het tracé buigt hier af naar het oosten en vervolgens richting het nieuwe 150kV-station Amstelveen waarbij achtereenvolgens enkele watergangen en Langs de Akker worden gekruist