Bijlage 1 - Rapport Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
Tekst van het document
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
15 december 2021
Uitgebracht aan:
Gemeente Amstelveen
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
Amsterdam, 15 december 2021
M. (Max) Burgers L. (Lisette) Lubberman M. (Maikki) Huurdeman
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen - PROJ000657
I
INHOUD
1.
2.
INLEIDING
1
1.1
Context
1
1.2
Vraagstelling
2
PROCEDURE EN SCENARIO’S AANWIJZING LOKALE PUBLIEKE MEDIA-INSTELLING
3
2.1
Wettelijke procedure aanwijzing lokale publieke media-instelling
3
2.2
Mogelijke scenario’s in aanloop naar aanwijzing publieke lokale omroep Amstelveen
3.
4.
5.
3
PRAKTIJKCASUSSEN ADVISERING GEMEENTERAAD
6
3.1
Casus gemeente Leiderdorp
6
3.2
Casus gemeente Apeldoorn
7
3.3
Casus gemeente Gooise Meren
8
3.4
Casus gemeente Zwolle
9
3.5
Casus gemeente Amsterdam
10
3.6
Voorbeelden van aanvullende beoordelingscriteria
11
OPTIES ADVISERING GEMEENTERAAD OP EEN RIJ
13
4.1
Aanvullende criteria en beoordelingssystematiek voorkeursadvies
13
4.2
Gremium voorbereiding voorkeursadvies
14
4.3
Bredere inzet van een adviescommissie
17
SLOTREFLECTIE EN AANBEVELINGEN
BIJLAGEN WET-EN REGELGEVING PUBLIEKE LOKALE MEDIA-INSTELLINGEN
18
1
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen - PROJ000657
1.
INLEIDING
1.1
Context Tot 24 augustus 2024 is RTVA de door het Commissariaat voor de Media (CvdM) aangewezen publieke lokale media-instelling voor het verzorgen van de publieke mediadiensten in de gemeente Amstelveen. RTVA valt daarmee onder de zorgplicht van de gemeente Amstelveen voor het bekostigen van het functioneren van de aangewezen media-instelling. De aanwijzingsprocedure kende een bijzonder verloop. Aanvankelijk was RTVA de enige lokale omroep die een aanvraag tot aanwijzing als publieke lokale media-instelling indiende bij het CvdM. De gemeenteraad van Amstelveen adviseerde het CvdM negatief over aanwijzing van RTVA en verzocht het CvdM om na afwijzing van de aanvraag op een later moment te mogen adviseren over een nieuwe aanwijzingsaanvraag. Het CvdM ging daarin niet mee. In het geval dat er één aanvraag tot aanwijzing als lokale publieke media-instelling wordt ingediend, zijn de formeel wettelijke bepalingen van toepassing (artikel 2.61, tweede lid van de Mediawet 2008). RTVA voldeed aan deze bepalingen waarmee er voor het CvdM geen andere weg was dan het advies van de gemeenteraad terzijde te leggen en de aanwijzing aan RTVA te verlenen. De tussentijds bij het CvdM ingediende aanwijzingsaanvraag van Stichting AAN! Amstelveen werd niet in behandeling genomen. Deze werd naar het oordeel van het CvdM te laat ingediend.
Zij achtte het in strijd met de zorgvuldige besluitvormingsprocedure om deze nieuwe aanvraag in behandeling te nemen1. Op voorstel van het college van burgemeester en wethouders is in de raadsvergadering van 24 maart 2021 besloten om zowel RTVA alsook Stichting AAN! (AAN!) een subsidie te verstrekken conform het landelijke richtbedrag voor publieke lokale media-instellingen2. In diezelfde raadsvergadering van 24 maart 2021 heeft de gemeenteraad ook de motie ‘Onafhankelijke Adviesraad Amstelveense Lokale Media’ aangenomen. In deze motie wordt geconstateerd dat de gemeenteraad al ruim tien jaar in discussie is over de lokale omroep RTVA en dat er een vraagstuk is bijgekomen sinds er een tweede lokale omroep, AAN!, is bijgekomen. De motie beoogt om de politiek uit de discussie over en beoordeling van subsidieaanvragen en komende licentieaanvraag bij het CvdM te halen. Het college wordt vervolgens verzocht om de mogelijkheid te onderzoeken voor de instelling van een onafhankelijke adviesraad Amstelveense Lokale Media die, aan de hand van de door de gemeenteraad opgestelde criteria, de gemeenteraad adviseert over subsidiering, kwaliteit en diversiteit in het aanbod.
1 Besluit Commissariaat voor de Media met kenmerk 800387/859469 van 17 november 2020 2 Besluitenlijst van de vergadering van de gemeenteraad Amstelveen van 24 maart 2021
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
1
1.2
Vraagstelling Om invulling te geven aan de aangenomen motie ‘Onafhankelijke Adviesraad Amstelveense Lokale Media’ heeft het college van burgemeester en wethouders de volgende onderzoeksvraag uitgezet bij Van de Bunt Adviseurs: Gegeven de verwachting van de gemeenteraad dat er meerdere lokale omroepen zijn die in 2024 een licentieaanvraag doen bij het Commissariaat, moet de gemeenteraad op dat moment een ander advies uitbrengen dan de strikte toets aan de vereisten in de mediawet. Om dat goed beargumenteerd te kunnen doen heeft de gemeenteraad de volgende vraag: Hoe kan de gemeenteraad het best geadviseerd worden voorafgaand aan de nieuwe licentieaanvraag lokale omroep bij het Commissariaat voor de Media in 2024? Bij deze hoofdvraag heeft de gemeente Amstelveen de volgende subvragen gesteld: 1. Zijn er in Nederland voorbeelden van dergelijke advisering en wat kunnen we hiervan leren? 2. Welke rol kan een eventueel adviesorgaan krijgen ten opzichte van de toetsende rol van de gemeenteraad op grond van de mediawet? 3. Welke status heeft een onafhankelijk advies aan de gemeenteraad: vrijblijvend of dwingend? 4. Wat is de procedure bij een verschil van inzicht tussen het adviesorgaan en het college? A.
In het geval van een adviesraad: 1) Wat houdt de onafhankelijkheid van de adviesraad in en hoe kan de onafhankelijkheid geborgd worden? 2) Welke selectieprocedure voor leden is wenselijk: wie heeft zitting in de selectiecommissie? 3) Welk profiel kandidaten past in deze adviesraad en wie stelt het profiel vast? 4) Welk budget is wenselijk om de rol uit te kunnen voeren? Is een onderzoeksbudget bijvoorbeeld noodzakelijk? B. In het geval van een adviesbureau: 1) Welke selectieprocedure voor een bureau is wenselijk: wie heeft zitting in de selectiecommissie? 2) Welk profiel heeft een onderzoeksbureau en wie stelt het profiel vast? 3) Welk budget is wenselijk om de rol uit te kunnen voeren. Is een onderzoeksbudget bijvoorbeeld noodzakelijk? C. Zijn er andere opties?
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
2
2.
PROCEDURE EN SCENARIO’S AANWIJZING LOKALE PUBLIEKE MEDIA-INSTELLING In dit hoofdstuk worden zowel het wettelijk kader voor aanwijzing van een publieke lokale media-instelling alsook de verschillende scenario’s voor de gemeente Amstelveen uiteengezet.
2.1
Wettelijke procedure aanwijzing lokale publieke media-instelling Aanwijzing van de publieke lokale media-instelling van een gemeente door het CvdM kan alleen plaatsvinden als een lokale omroep voldoet aan de wettelijke eisen en nadat de gemeenteraad heeft geadviseerd over de vraag of de lokale omroep aan deze eisen voldoet. De eisen zijn vastgelegd in de Mediawet (artikel 2.61, lid 2): Voor aanwijzing komen slechts instellingen in aanmerking die: a. rechtspersoon naar Nederlands recht met volledige rechtsbevoegdheid zijn; b. zich volgens de statuten uitsluitend of hoofdzakelijk ten doel stellen het op regionaal respectievelijk lokaal niveau uitvoeren van de publieke mediaopdracht door het verzorgen van media-aanbod dat gericht is op de bevrediging van maatschappelijke behoeften die in een provincie, een gemeente of een deel van de provincie waarop de instelling zich richt leven, en het verrichten van alle activiteiten die nodig zijn om daarmee een publieke taak te vervullen; en c. volgens de statuten een orgaan hebben dat het beleid voor het media-aanbod bepaalt en dat representatief is voor de belangrijkste in de desbetreffende provincie of gemeente voorkomende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke stromingen.
Als er meerdere licentieaanvragen voor aanwijzing als publieke lokale omroep bij het CvdM ingediend zijn, is het de wettelijke plicht van het college van burgemeester en wethouders om te onderzoeken of samengaan van de aanvragende lokale omroepen mogelijk is. - Als dit mogelijk blijkt, wordt de samengevoegde omroep getoetst aan de wettelijke voorwaarden en adviseert de gemeenteraad het CvdM over aanwijzing als publieke lokale omroep. - Als samengaan niet mogelijk is en er meerdere omroepen zijn die voldoen aan de wettelijke voorwaarden, wordt er een 'voorkeursadvies' gevraagd. Dit advies moet ook officieel door de gemeenteraad worden afgegeven aan het CvdM. Het CvdM toetst aan de wettelijke voorwaarden en beoordeelt of het voorkeursadvies op zorgvuldige wijze tot stand is gekomen en voldoende is gemotiveerd. Meer informatie over de regelgeving met betrekking tot de aanwijzing en bekostiging van publieke lokale media-instellingen door gemeenten is opgenomen in de bijlagen.
2.2
Mogelijke scenario’s in aanloop naar aanwijzing publieke lokale omroep Amstelveen Ruim voor het verlopen van de aanwijzing van RTVA als publieke lokale media-instelling van de gemeente Amstelveen, op 24 augustus 2024, zal de procedure voor de nieuwe aanwijzing in gang gezet moeten worden. Met welk scenario de gemeente Amstelveen op dat moment te maken krijgt, is vooraf niet met zekerheid te zeggen. De volgende scenario’s zijn voorstelbaar:
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
3
A. Eén lokale omroep meldt zich bij het CvdM met het verzoek om aangewezen te worden als publieke lokale media-instelling van de gemeente Amstelveen: RTVA, AAN!, een samenvoeging van beide omroepen of een nu nog onbekende derde. B. Twee of meer lokale omroepen melden zich bij het CvdM met het verzoek om aangewezen te worden als publieke lokale media-instelling van de gemeente Amstelveen: RTVA, AAN! en/of eventueel een nu nog onbekende derde. Afhankelijk van het scenario zal de gemeente Amstelveen een specifieke procedure moeten doorlopen. Hieronder zijn de verschillende scenario’s schematisch weergegeven: Aanwijzing Publieke Lokale Omroep
JA
Meerdere lokale omroepen vragen een licentie aan bij het CvdM?
NEE
Toetsing van elke aanvragende lokale omroep aan de wettelijke eisen conform artikel 2.61 (a,b,c) van de Mediawet
Advies aan het CvdM vanuit de gemeenteraad op basis van toetsing van de lokale omroep aan de wettelijke eisen conform artikel 2.61 (a,b,c) van de Mediawet (totstandkoming van advies is vrij)
Voldoet meer dan 1 omroep aan de wettelijke eisen?
JA
NEE Aanwijzing lokale omroep tot publieke lokale media-instelling door CvdM als de omroep voldoet aan de wettelijke eisen
College van burgemeester en wethouders onderzoekt de mogelijkheden van het samengaan van de omroepen Aanwijzing lokale omroep tot publieke lokale media-instelling door CvdM als de omroep voldoet aan de wettelijke eisen
Is samengaan tot één lokale omroep mogelijk?
NEE
JA
Advies aan het CvdM vanuit de gemeenteraad om de samengevoegde lokale omroep aan te wijzen als publieke lokale media-instelling (totstandkoming van advies is vrij)
Gemotiveerd voorkeursadvies aan het CvdM vanuit de gemeenteraad gebaseerd op zelf te verkiezen criteria die conform de lokale en regionale behoeften/trends/ ontwikkelingen worden opgesteld (totstandkoming van advies vrij).
Aanwijzing lokale omroep tot publieke lokale media-instelling door CvdM als de omroep voldoet aan de wettelijke eisen
Aanwijzing geadviseerde lokale omroep tot publieke lokale media-instelling door CvdM als de omroep voldoet aan de wettelijke eisen en de voorkeur op zorgvuldige wijze tot stand is gekomen en voldoende is gemotiveerd
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
4
In de onderzoeksvraag is aangegeven dat de gemeenteraad verwacht dat er meerdere lokale omroepen zijn die in 2024 een licentieaanvraag zullen doen. Gegeven de huidige situatie waarin er twee lokale omroepen actief zijn, RTVA en AAN!, die beide op dit moment voldoen aan de wettelijke eisen en die beide gemeentelijke ondersteuning krijgen, is dat een reëel scenario. Het college van burgemeester en wethouders zou in dat geval als onderdeel van de procedure moeten verkennen of het mogelijk is om de omroepen samen te laten gaan. Omdat samengaan minder kansrijk is nadat omroepen los van elkaar een aanvraag hebben ingediend, zou het aan te bevelen zijn als RTVA en AAN! gestimuleerd worden om daarover vroegtijdig met elkaar in gesprek gaan.
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
5
3.
PRAKTIJKCASUSSEN ADVISERING GEMEENTERAAD De gemeenteraad heeft in de procedure voor aanwijzing van een publieke lokale omroep een wettelijke adviesrol richting het CvdM. Dit advies betreft de beoordeling of de betreffende lokale omroep voldoet aan de wettelijke eisen die gesteld worden aan publieke lokale omroepen (zie paragraaf 2.1). In het geval dat er sprake is van twee of meer omroepen die aan de eisen voldoen en de inspanning van het college van burgemeester en wethouders om samengaan tussen de omroepen te bevorderen niet gelukt is, is het aan de gemeenteraad om een voorkeursadvies uit te brengen aan het CvdM. Aan de hand van een aantal recente praktijkcasussen uit 2020 en 2021 is zichtbaar dat gemeenten op verschillende wijze invulling geven aan de tot totstandkoming van het voorkeursadvies van de gemeenteraad richting het CvdM.
3.1
Casus gemeente Leiderdorp3 Situatie: Naast de bestaande publieke lokale omroep meldde zich een nieuwe omroep bij het CvdM met het verzoek om voor de volgende periode van vijf jaar aangewezen te worden als publieke lokale omroep. Met een aanpassing in de statuten van één van de twee omroepen voldeden uiteindelijk beide omroepen aan de wettelijke eisen. De wethouder concludeerde op basis van gesprekken dat er geen basis was voor samengaan van de omroepen. De visies liepen te zeer uiteen. De gemeenteraad van Leiderdorp moest daarom een voorkeursadvies voor één van beide omroepen uitbrengen aan het CvdM. Stappen totstandkoming voorkeursadvies: Het college van burgemeester en wethouders heeft een rol genomen in het verrichten van voorwerk voor de totstandkoming van het voorkeursadvies van de gemeenteraad. Het adviestraject bestond uit de volgende stappen: - Het opstellen van objectieve criteria om de twee omroepen met elkaar te kunnen vergelijken, uitgewerkt in een vragenlijst voor de omroepen. - De twee omroepen hebben de vragen beantwoord. - De antwoorden zijn beoordeeld door een klein comité bestaande uit twee ambtenaren en een wethouder van de gemeente Leiderdorp. Ten aanzien van de verschillende criteria zijn punten toegekend aan beide omroepen en de punten zijn voorzien van een argumentatie.
- Er is een informatieavond georganiseerd waarin de twee omroepen hun verhaal konden presenteren aan de gemeenteraad. - Het college van burgemeester en wethouders heeft een raadsvoorstel opgesteld met het advies om als gemeenteraad de lokale omroep met het hoogste aantal punten op de criteria te adviseren aan het CvdM. Status advies aan gemeenteraad: In het raadsvoorstel benadrukte het college van burgemeester en wethouders dat het aan de gemeenteraad was om een gemotiveerd advies uit 3
Raadsvoorstel gemeente Leiderdorp Z/20/772259/227438 van 20 januari 2021 en Besluit Commissariaat voor de Media met kenmerk: 807671/878057 van 11 mei 2021
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
6
te brengen aan het CvdM. Zij gaven aan dat de gemeenteraad ook de (subjectieve) informatie kon meenemen uit de presentaties die de beide omroepen hadden kunnen geven aan de gemeenteraad. Uitkomst: De gemeenteraad heeft het raadvoorstel aangenomen en in lijn met het raadsvoorstel geadviseerd aan het CvdM. De niet gekozen omroep heeft een zienswijze ingediend bij het CvdM. Het CvdM heeft het advies van de gemeenteraad overgenomen.
3.2
Casus gemeente Apeldoorn4 Situatie: Er waren in totaal drie lokale omroepen die zich bij het CvdM meldden met het verzoek om voor de volgende periode van vijf jaar aangewezen te worden als publieke lokale omroep. Op initiatief van het college van burgemeester en wethouders zijn gesprekken gevoerd over het samengaan van de drie omroepen. Deze gesprekken werden begeleid door een gecertificeerd registermediator. De omroepen hebben op een gegeven moment verzocht om de mediation te beëindigen. De gemeenteraad van Apeldoorn moest daarom een voorkeursadvies voor één van de drie omroepen uitbrengen aan het CvdM. Wel werd afgesproken dat na aanwijzing van één van de omroepen, de samenwerking tussen de omroepen door de gemeente bevorderd zou blijven worden. Stappen totstandkoming voorkeursadvies: Het college van burgemeester en wethouders heeft een rol genomen in het verrichten van voorwerk voor de totstandkoming van het voorkeursadvies van de gemeenteraad. Hiertoe zijn ambtenaren van de afdeling communicatie van de gemeente Apeldoorn aangewezen. Het adviestraject bestond uit de volgende stappen: - Het opstellen van aanvullende criteria om de drie omroepen met elkaar te kunnen vergelijken. Het college van burgemeester en wethouders heeft een aanzet voor de criteria gedaan en heeft dit in de raad voorgelegd met de vraag welke criteria de raad wilde toevoegen.
- De omroepen zijn in de gelegenheid gesteld om te pitchen in de raadsvergadering om hun plannen nader toe te lichten en waar nodig aanvullende informatie te geven op de aangeleverde documenten. - De drie omroepen zijn beoordeeld door een interne adviescommissie bestaande uit drie ambtenaren van de afdeling communicatie van de gemeente Apeldoorn. Ten aanzien van de verschillende criteria is een kwalificatie toegekend (onvoldoende/voldoende/goed/uitstekend) aan de omroepen en voorzien van een argumentatie. Voor de beoordeling gebruikten zij de beleidsplannen van de omroepen. - Het college van burgemeester en wethouders heeft uiteindelijk het advies op basis van de beoordeling aan de hand van criteria gevolgd en heeft een raadsvoorstel opgesteld met het advies om als gemeenteraad de lokale omroep met de beste score op de criteria te adviseren aan het CvdM.
4 Beoordeling aanvragen uitzendlicentie Lokale Publieke Omroep van de interne adviescommissie en Besluit
Commissariaat voor de Media met kenmerk 800387/875367 van 13 april 2021
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
7
Status advies aan gemeenteraad: Het college van burgemeester en wethouders heeft een raadsvoorstel gedaan. Het was aan de gemeenteraad om daar wel of niet mee in te stemmen. Uitkomst: Na uitbrengen van het raadsvoorstel ontstond er een politieke discussie. Een aantal fracties beoordeelde de geadviseerde partij, op basis van de presentaties in de gemeenteraad, niet als de meest geschikte partij. Uiteindelijk heeft de gemeenteraad het raadvoorstel wel aangenomen en in lijn met het raadsvoorstel geadviseerd aan het CvdM. Eén van de niet gekozen omroepen heeft een zienswijze ingediend op het voorkeursadvies van de gemeenteraad. Naar aanleiding van de zienswijze heeft het CvdM de gemeente Apeldoorn om een nadere toelichting gevraagd. Het CvdM heeft uiteindelijk het advies van de gemeenteraad overgenomen. Eén van de omroepen heeft later een Wob-verzoek ingediend bij het CvdM om alle documenten openbaar te maken. Dit verzoek is ingewilligd.
3.3
Casus gemeente Gooise Meren5 Situatie: Naast de bestaande lokale omroep meldde zich een nieuwe omroep bij het CvdM met het verzoek om voor de volgende periode van vijf jaar aangewezen te worden als publieke lokale omroep. Op initiatief van het college van burgemeester en wethouders zijn gesprekken gevoerd met beide omroepen en daar leken mogelijkheden te zijn voor samengaan. Na maanden onderhandelen tussen de omroepen stelden de aanvragers vast dat samengaan op dat moment niet mogelijk was. De gemeenteraad van Gooise Meren moest daarom een voorkeursadvies voor één van beide omroepen uitbrengen aan het CvdM. Stappen totstandkoming voorkeursadvies: Het college van burgemeester en wethouders heeft een rol genomen in het verrichten van voorwerk voor de totstandkoming van het voorkeursadvies van de gemeenteraad. Het adviestraject bestond uit de volgende stappen: - Het opstellen van aanvullende criteria om de twee omroepen met elkaar te kunnen vergelijken. - De twee omroepen hebben inhoudelijk aangegeven hoe zij willen functioneren ten aanzien van de criteria en hebben hun beleidsplan ingediend. - De antwoorden zijn beoordeeld door ambtenaren van de gemeente Gooise Meren. Ten aanzien van de verschillende criteria zijn punten toegekend aan beide omroepen en de punten zijn voorzien van een argumentatie.
- Het college van burgemeester en wethouders heeft een raadsvoorstel opgesteld met het advies om als gemeenteraad de lokale omroep met het hoogste aantal punten op de criteria te adviseren aan het CvdM. Status advies aan gemeenteraad: Het college van burgemeester en wethouders heeft een raadsvoorstel gedaan. Het was aan de gemeenteraad om daar wel of niet mee in te stemmen. Uitkomst: De gemeenteraad heeft het raadsvoorstel aangenomen en in lijn met het raadsvoorstel geadviseerd aan het CvdM. De niet gekozen omroep heeft geen zienswijze 5
Raadsvoorstel met zaaknummer 2067768 en Besluit Commissariaat voor de Media met kenmerk: 804347/878365 van 11 mei 2021
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
8
ingediend op het voorkeursadvies van de gemeenteraad. Het CvdM heeft het advies van de gemeenteraad overgenomen.
3.4
Casus gemeente Zwolle6 Situatie: Er meldden zich twee lokale omroepen bij het CvdM met het verzoek om voor de volgende periode van vijf jaar aangewezen te worden als publieke lokale omroep. Het college van burgemeester en wethouders heeft gesprekken gevoerd met beide omroepen, maar concludeerde dat er geen mogelijkheden waren voor samengaan. De gemeenteraad van Zwolle moest daarom een voorkeursadvies voor één van beide omroepen uitbrengen aan het CvdM. Stappen totstandkoming voorkeursadvies: Het college van burgemeester en wethouders heeft een rol genomen in het verrichten van voorwerk voor de totstandkoming van het voorkeursadvies van de gemeenteraad. Het adviestraject bestond uit de volgende stappen: - Een toetsing van beide aanvragen aan zes criteria op het gebied van lokaal toereikend media-aanbod, voortvloeiend uit het 'Vernieuwingsconvenant Gemeenten-Lokale Omroepen'. - Handmatige tellingen aangaande de kwantiteit en kwaliteit van het media-aanbod van beide omroepen, met als toetsingscriteria (1) de mate waarin de omroepen zelf content produceren en aan nieuwsgaring doen en (2) de veelzijdigheid van het media-aanbod.
- Een vergelijking van het Programmabeleidbepalend orgaan (pbo) van beide aanvragende partijen, aanvullend op het criterium in artikel 2.61 tweede lid sub c van de Mediawet 2008, gelet op de mate waarin de pbo's een afspiegeling vormen van Zwolse samenleving. - Consultatie van naastgelegen lokale publieke media-instellingen en andere relevante (media-) instellingen, om antwoord te kunnen krijgen op de vraag in hoeverre deze partijen openstaan voor een samenwerking met één of beide aanvragende partijen. - Het college van burgemeester en wethouders heeft een raadsvoorstel opgesteld met het advies om als gemeenteraad de lokale omroep met de beste score op de criteria te adviseren aan het CvdM. Status advies aan gemeenteraad: Het college van burgemeester en wethouders heeft een raadsvoorstel gedaan. Het was aan de gemeenteraad om daar wel of niet mee in te stemmen. Uitkomst: De gemeenteraad heeft het raadsvoorstel aangenomen en in lijn met het raadsvoorstel geadviseerd aan het CvdM. De niet gekozen omroep heeft een zienswijze ingediend op het voorkeursadvies van de gemeenteraad. Het CvdM heeft het advies van de gemeenteraad overgenomen.
6 Besluit Commissariaat voor de Media met kenmerk: 800823/862457 van 6 oktober 2020
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
9
3.5
Casus gemeente Amsterdam7 Situatie: Naast de bestaande publieke lokale omroep meldde zich een nieuwe omroep bij het CvdM met het verzoek om voor de volgende periode van vijf jaar aangewezen te worden als publieke lokale omroep. Onderzoek van het college van burgemeester en wethouders leverde op dat samengaan van deze omroepen geen optie was. De gemeenteraad van Amsterdam moest daarom een voorkeursadvies voor één van beide omroepen uitbrengen aan het CvdM. Stappen totstandkoming voorkeursadvies: De gemeenteraad heeft het college van burgemeester en wethouders gevraagd voorwerk te verrichten voor de totstandkoming van het voorkeursadvies van de gemeenteraad, maar dat wilde het college aanvankelijk niet. Zij wilde geen beoordelende rol vervullen richting lokale omroepen die op hun beurt de politiek controleren. Er is toen een externe adviescommissie ingesteld. Het adviestraject bestond uit de volgende stappen: - Het opstellen van aanvullende criteria om de twee omroepen met elkaar te kunnen vergelijken. Hierbij is gekeken naar het soort criteria: waar zou je als gemeente wel/niet iets van moeten willen vinden en zijn de criteria geschikt om te wegen. - Een onafhankelijke externe commissie, bestaande uit twee personen, heeft een beoordeling uitgevoerd en adviseerde om toch nog eens te proberen om de omroepen te laten samengaan.
Voor het geval dat dat niet zou lukken gaf de externe adviescommissie een voorkeursadvies voor de omroep die naar hun oordeel het beste invulling zou gaan geven aan de criteria. Dat was de nieuwgevormde omroep. - Vervolgens zijn twee procesbegeleiders aan het werk gezet om te onderzoeken of samengaan van de omroepen mogelijk was. Na een uitgebreid traject was de conclusie dat samengaan niet mogelijk was. Ook gaven de procesbegeleiders mee dat zij risico’s zagen aan het volgen van het advies van de externe adviescommissie om de nieuwgevormde omroep aan te bevelen bij het stokken van het samengaan. Zij zagen risico’s omdat de nieuwe omroep geen (eindverantwoordelijke) ervaring had met het leiden van een grote mediaorganisatie. - Het college van burgemeester en wethouders heeft vervolgens een eigenstandig advies gegeven aan de gemeenteraad, namelijk om het CvdM te vragen de omroep aan te wijzen die al jaren de publieke lokale omroep was. Dat advies was niet in lijn met het advies van de externe adviescommissie. Het college maakte daarvoor een eigen beoordeling aan de hand van de criteria met een argumentatie.
Zij kwamen op een ander eindoordeel uit dan de externe adviescommissie, omdat er in de verkenning van samengaan nieuwe informatie naar voren was gekomen over de plannen van beide omroepen en zij vonden dat de externe adviescommissie bepaalde scores onvoldoende gemotiveerd had.
7 Advies inzake aanwijzing lokale publieke omroep 2019-2024 van 2 juli 2019 en Besluit Commissariaat voor de Media
met kenmerk: 800837/856850 van 14 juli 2020
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
10
Status advies aan gemeenteraad: Het college van burgemeester en wethouders heeft een, van de externe adviescommissie, afwijkend advies uitgebracht. De gemeenteraad was vrij om daar wel of niet mee in te stemmen. Uitkomst: De gemeenteraad heeft het advies van het college overgenomen en in die lijn geadviseerd aan het CvdM. De niet gekozen omroep heeft een Wob-verzoek ingediend bij de gemeente Amsterdam om op basis daarvan, met uitstel, een zienswijze richting het CvdM te kunnen opstellen. Het CvdM heeft geen uitstel verleend en de omroep heeft binnen de termijn een zienswijze gestuurd. Naar aanleiding van de zienswijze en het afwijken van het advies van de externe adviescommissie heeft het CvdM de gemeente Amsterdam om een nadere toelichting gevraagd. De nadere toelichting van het college is door de gemeenteraad aangenomen. Het CvdM heeft uiteindelijk het advies van de gemeenteraad overgenomen.
3.6
Voorbeelden van aanvullende beoordelingscriteria Een belangrijk onderdeel bij de totstandkoming van een voorkeursadvies is het opstellen van objectieve toetsingscriteria. De gemeenteraad is vrij om te bepalen welke criteria belangrijk zijn en hoe ze vervolgens uitgevraagd worden. Hieronder een overzicht met veelvoorkomende criteria die door de gemeenten uit de praktijkcasussen gebruikt zijn om tot een weloverwogen vergelijking van omroepen te komen. Veel gemeenten gebruikten het ‘vernieuwingsconvenant Gemeenten-Lokale Omroepen 2015-2018’ bij het opstellen van de criteria. De criteria werden gewogen met behulp van een kwantitatieve dan wel kwalitatieve beoordelingsschaal. Criterium
Uitwerking
Brede gerichtheid en (toereikende) content
-
-
Het inhoudelijke programma en de profilering is gericht op alle inwoners van desbetreffende gemeente ongeacht leeftijd, geslacht, culturele achtergrond, enz. en sluit voldoende aan op de ‘natuurlijke habitat’ De content wordt cross-mediaal aangeboden (tv, radio, internet/social media) Er is een evenwichtige en volledig dekkende redactionele aandacht voor de inwoners en haar behoeften Multimediaal en lokaal nieuws dat volledig aansluit op trends, ontwikkelingen en actuele thema’s die spelen in de stad/regio Hoeveelheid uitzendtijd per week Genoeg aandacht voor jongeren
Actieve betrokkenheid van de lokale bevolking
-
Lokale samenwerking
-
Mate van samenwerking met lokale instellingen/partners (onderwijs, bibliotheken, culturele organisaties, sportverenigingen)
Pbo-orgaan
-
Het pbo-orgaan moet, naast de wettelijke criteria (gebaseerd op artikel 2.61 tweede lid sub c), voldoende representatief zijn voor de lokale inwoners van de desbetreffende gemeente. Denk hierbij aan: • Diversiteit in groep vertegenwoordigers (etniciteit, leeftijd, geslacht)
-
Voldoende interactie en participatie van burgers en groeperingen binnen de gemeente Participatie van burgers en ondernemers in de productie van content Het stimuleren van talentenontwikkeling door bijvoorbeeld het aanbieden van stageplekken of het scouten van talent op platformen
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
11
•
• Regionale en landelijke samenwerking
-
Journalistieke onafhankelijkheid
-
Keuze voor vertegenwoordigers als representanten van stromingen binnen het pbo is voldoende beargumenteerd met behulp van concrete en specifieke (werk)ervaring Pbo-leden zijn benaderbaar en zichtbaar voor mensen en organisaties als lid van pbo
Er wordt samengewerkt met regionale en landelijke instellingen (bijvoorbeeld met gemeente of provincie) of binnen het publieke bestel De omroep dient als lokale omroep maar ook als regionale streekomroep Er wordt gebruik gemaakt van landelijke infrastructuur (door bijvoorbeeld het creëren van een media-hub) Er wordt opgetrokken met andere omroepen en/of media-initiatieven bij de uitwisseling van en/of gezamenlijk produceren van programma’s De onafhankelijkheid van de redactie wordt voldoende gewaarborgd in het redactiestatuut Kwaliteit, onafhankelijkheid en continuïteit van journalistiek is professioneel gewaarborgd
Onderzoek eigen functioneren
-
Actief onderzoek naar ervaringen en meningen van de doelgroepen in de vorm van luister/kijk- en klanttevredenheidsonderzoek
Financiële situatie
-
Er is voldoende solvabiliteit en liquiditeit van de omroep De omroep heeft een eigen jaarrekening Minimaal de helft wordt door lokale omroep zelf geacquireerd
Organisatiestructuur
-
Een professioneel geborgde organisatie met overgrote deel van personeel bestaande uit vrijwilligers/onbetaalde krachten Transparant en evenwichtige stemverdeling met meerkoppig bestuur met een oneven aantal leden waarbij personeel representatief is voor de inwoners
-
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
12
4.
OPTIES ADVISERING GEMEENTERAAD OP EEN RIJ De hoofdvraag voor dit onderzoek is: Hoe kan de gemeenteraad het best geadviseerd worden voorafgaand aan de nieuwe licentieaanvraag lokale omroep bij het Commissariaat voor de Media in 2024? De onderzochte praktijkvoorbeelden van aanpakken in andere gemeenten, laten een aantal constanten zien dat die door de gemeente Amstelveen overgenomen kan worden: - De wettelijk vastgelegde adviesrol van de gemeenteraad ten aanzien van het aanwijzen van een publieke lokale omroep blijft in alle gevallen in stand. De gemeenteraad kan weliswaar ondersteund worden bij het maken van een afweging, maar maakt uiteindelijk een eigenstandige afweging ten aanzien van het uit te brengen (voorkeurs)advies aan het CvdM.
- In de situatie dat de gemeenteraad een voorkeursadvies moet uitbrengen aan het CvdM, ten aanzien van de aanwijzing van een publieke lokale omroep, kiezen gemeenten ervoor om: • de gemeenteraad te ondersteunen bij het maken van een afweging en het uitbrengen van het voorkeursadvies; • het college van burgemeester en wethouders een rol te geven bij het samenstellen van een advies aan de gemeenteraad en dit advies te vervatten in een raadsvoorstel; • criteria op te stellen waarop de lokale omroepen beoordeeld worden (aanvullend op de wettelijke eisen); • een traject in te richten waarbinnen de omroepen worden gevraagd input te leveren ten aanzien van hun (toekomstig) functioneren in relatie tot de criteria, hun input beoordeeld wordt en beargumenteerd een voorkeur tot stand komt. Er zijn ook verschillen in de aanpakken van de casusgemeenten. Die verschillen zitten in de specifieke criteria die zij hanteerden bij het opstellen van een voorkeursadvies en de bronnen die gebruikt werden bij de beoordeling. Daarnaast was er een verschil in de keuze wie de beoordeling van de omroepen uitvoert: een interne commissie of een externe commissie. In dit hoofdstuk geven we aandachtspunten mee voor de aanvullende criteria die de gemeente Amstelveen kan inzetten als basis voor het voorkeursadvies. Daarna werken we de opties uit voor het gremium dat de beoordeling uitvoert.
Dat doen we aan de hand van de onderzoeksvragen die vooraf zijn meegegeven.
4.1
Aanvullende criteria en beoordelingssystematiek voorkeursadvies De praktijkcasussen laten zien dat het hanteren van aanvullende criteria (aanvullend op de wettelijke eisen) en een goede beoordelingssystematiek sterk bijdragen aan een zorgvuldige afweging tussen omroepen die aangewezen willen worden als publieke lokale omroep. De gemeenteraad van Amstelveen heeft op 24 maart 2021 ingestemd met een voorstel van het college van burgemeester en wethouders voor het hanteren van criteria voor de besluitvorming over subsidiering van de omroepen AAN! en RTVA:
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
13
-
gaat een verregaande samenwerking aan met NH Media; er is voldoende Amstelveense content voor Amstelveense inwoners; er is ruimte voor samenwerking van de omroep met andere lokale media; het gemeentelijk budget komt volledig ten goede aan Amstelveense journalistiek; er worden duidelijke afspraken gemaakt over de verantwoordelijkheden van alle betrokken partijen; bestuurlijke vernieuwing: bestuur is divers samengesteld en het pbo is conform de mediawet ingericht; inhoudelijke uitwerking van de samenwerking en vernieuwing en inzet op journalistiek en redactie; randvoorwaardelijke criteria over kwaliteit van organisatie, bedrijfsvoering, personeelsorganisatie, huisvesting en techniek.
Deze criteria zouden een vertrekpunt kunnen zijn voor het samenstellen van aanvullende criteria voor het uitbrengen van een voorkeursadvies. Ze vertonen veel overlap met de voorbeelden van aanvullende beoordelingscriteria in paragraaf 3.6. Een inhoudelijk aandachtspunt bij het samenstellen van de definitieve set criteria is het aanhouden van een zuivere lijn: eisen stellen die invulling geven aan de publieke opdracht van een publieke omroep zonder de onafhankelijkheid van de omroep aan te tasten. Daarbij hoort ook dat niet gespecificeerd wordt op welke manier een omroep invulling moet geven aan een criterium. Een meer technisch aandachtspunt is dat alle criteria te beoordelen moeten zijn, dat duidelijk moet zijn op basis van welke informatie de beoordeling plaatsvindt, en op welke wijze de beoordeling tot uitdrukking wordt gebracht.
4.2
Gremium voorbereiding voorkeursadvies In alle onderzochte praktijkcases werd de gemeenteraad door het college van burgemeester en wethouders ondersteund bij het uitbrengen van een voorkeursadvies aan het CvdM. De beoordeling van de aanvragers op de aanvullende criteria werd uiteindelijk in alle cases binnen de gemeente zelf uitgevoerd. De exacte vorm en benaming verschilde iets: een interne adviescommissie bestaande uit ambtenaren van de gemeente, een interne adviescommissie bestaande uit ambtenaren en de wethouder met de lokale omroep in portefeuille, het college van burgemeester en wethouders in naam, maar met ambtelijke voorbereiding. In de gemeente Amsterdam werd aanvankelijk gewerkt met een externe adviescommissie, maar werd dat advies op een later moment gevolgd door een afwijkend eigenstandig advies vanuit het college van burgemeester en wethouders. Hieronder geven we weer hoe de inzet van een interne adviescommissie, een externe adviescommissie en een extern adviesbureau eruit zou kunnen zien. Naar de laatste twee mogelijkheden werd in de onderzoeksvraag expliciet gevraagd.
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
14
Interne adviescommissie De inzet van een interne adviescommissie is op basis van de praktijkcasussen de dominante én een succesvolle aanpak van gemeenten die te maken krijgen met meerdere omroepen die aangewezen willen worden als publieke lokale omroep. Als de gemeente Amstelveen zou kiezen voor een interne adviescommissie dan kan beoordeling van de omroepen door meerdere mensen sterk bijdragen aan de objectiviteit. Voor de samenstelling van een dergelijke interne adviescommissie zouden wij een ambtelijke invulling adviseren, bijvoorbeeld een commissie bestaande uit ambtenaren van de afdeling kunst en cultuur waar de lokale omroepen in portefeuille zijn. Eventueel kan een ambtenaar worden toegevoegd met expertise op het gebied van aanbestedingen. De te doorlopen procedure heeft kenmerken van een aanbestedingstraject, waarin een zorgvuldige beoordelingsmethodiek ook cruciaal is. Een ambtelijke interne adviescommissie zou werken in opdracht van het college van burgemeester en wethouders. Het is vervolgens het college dat, op basis van het werk van de interne adviescommissie, een voorstel doet aan de gemeenteraad voor het uit te brengen voorkeursadvies. Het werken met een interne adviescommissie heeft als voordeel boven de andere opties, dat er, los van de ambtelijke en bestuurlijke capaciteit, geen extra kosten worden gemaakt.
Externe adviescommissie De inzet van een externe adviescommissie (of adviesraad) in de voorbereiding van het voorkeursadvies van de gemeenteraad, is mogelijk. Het gaat daarbij nadrukkelijk om ondersteuning van de afweging die de gemeenteraad te maken heeft. Die afweging kan door de gemeenteraad niet worden overgedragen aan een dergelijke commissie. Wel kan de gemeenteraad, bij het vaststellen van de te doorlopen procedure, zelf besluiten om het advies van de externe adviescommissie over te nemen tenzij er zwaarwegende redenen zijn om daarvan af te wijken. Bij inzet van een externe adviescommissie is het extra belangrijk om te bepalen welke rol het college van burgemeester en wethouders in de procedure vervult. Ondersteunt de externe adviescommissie het college en adviseert uiteindelijk het college de gemeenteraad of vervult het college een faciliterende rol en adviseert de externe commissie rechtstreeks aan de gemeenteraad. In het eerste geval stelt het college de adviescommissie aan en in het tweede geval kan het college de opdracht en aanstelling voorbereiden, maar ligt het meer voor de hand dat de gemeenteraad over de opdracht en aanstelling beslist. Als de gemeente Amstelveen zou kiezen voor inzet van een externe adviescommissie, dan zou gezocht moeten worden naar leden die op geen enkele manier een betrokkenheid of belang hebben bij de uitkomst van het advies.
Leden die op persoonlijke titel kunnen functioneren en over de juiste expertise beschikken, zoals expertise op het gebied van media in het algemeen en lokale media in het bijzonder en leden met inzicht in de lokale Amstelveense context. Als de
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
15
commissie op basis van een opdracht het hele beoordelingsproces zelfstandig uitvoert, dan is ook expertise op het gebied van systematisch beoordelen gewenst en zal de commissie wellicht ondersteuning willen inschakelen. Een andere mogelijkheid is dat de adviescommissie ambtelijk wordt ondersteund in de beoordeling van de omroepen. De doorlooptijd van van het werken met een externe adviescommissie zal naar verwachting langer zijn en de kosten hoger dan bij inzet van een interne adviescommissie. Naast ambtelijke en bestuurlijke capaciteit, zullen de leden van de externe adviescommissie aangezocht en geïnstrueerd moeten worden en zullen zij een (onkosten)vergoeding voor hun activiteiten moeten krijgen. Afhankelijk van de manier van werken is wellicht ook een onderzoeksbudget nodig. De reeds bestaande Mediaraad Amstelveen is in onze ogen geen geschikt gremium voor het vervullen van een rol in de aanwijzingsprocedure publieke lokale omroep vanwege de dubbelrol waarin zij dan terechtkomen. De Mediaraad zelf heeft overigens al aangegeven dat zij zich sec richten op onafhankelijke advisering over de aanvragen voor een bijdrage uit het Mediafonds. Extern adviesbureau In de onderzoeksvraag is expliciet gevraagd naar de optie van inzet van een extern adviesbureau in de beoordeling.
Wij zijn daar in de praktijkcasussen geen voorbeeld van tegengekomen, maar zien geen belemmering voor een rol van een adviesbureau in de ondersteuning van de gemeenteraad bij het uitbrengen van een voorkeursadvies. Bij inzet van een adviesbureau geldt hetzelfde opletpunt als bij een externe adviescommissie ten aanzien van de rol van het college van burgemeester en wethouders. Ook is er dezelfde keuze voor het al dan niet ambtelijk laten ondersteunen van het adviesproces. De selectieprocedure is evenwel een andere. Bij inzet van een bureau kan op basis van een briefing bij meerdere bureaus met relevante expertise en ervaring een offerte worden opgevraagd. Een selectie van bureaus zou gemaakt kunnen worden op basis van kennis en ervaring op het gebied van media in het algemeen en lokale media in het bijzonder en kennis en ervaring met systematische beoordelingsprocessen. Inzicht in de lokale Amstelveense context zou een pre zijn, maar zal de keuze voor een bureau waarschijnlijk te sterk beperken. Dat inzicht zou een bureau ook in het kader van de uitoefening van de opdracht kunnen vergaren. Afhankelijk van de rol, beslist het college of leggen zij een keuze voor een specifiek adviesbureau voor aan de gemeenteraad. De kosten van het werken met een extern adviesbureau zullen hoger zijn dat bij inzet van een interne adviescommissie.
Naast ambtelijke en bestuurlijke capaciteit, is een inschatting dat de kosten van een adviesbureau ongeveer 25.000,- euro exclusief btw bedragen. Dat bedrag zou lager kunnen zijn als ambtelijk voorbereidend en ondersteunend werk wordt verricht.
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
16
4.3
Bredere inzet van een adviescommissie In de motie ‘Onafhankelijke Adviesraad Amstelveense Lokale Media’, aangenomen op 24 maart 2021, wordt het college verzocht om de mogelijkheid te onderzoeken voor de instelling van een onafhankelijke adviesraad Amstelveense lokale media. In lijn met de vraagstelling voor dit onderzoek is die vraag onderzocht voor het gedeelte dat betrekking heeft op de aanwijzing van de publieke lokale omroep. De motie voorzag echter een mogelijk bredere taak van een dergelijke adviesraad, namelijk ‘op geheel onafhankelijke wijze de raad van advies dienen bij de beoordeling van het toekennen van de door de lokale media gevraagde financiële ondersteuning’. Onzes inziens kan het nut van een onafhankelijke adviesraad/adviescommissie alleen worden beantwoord in het licht van het beleid van de gemeente Amstelveen op het gebied van lokale media. Of de vraag van subsidiering van lokale media, los van de bekostiging van de publieke lokale omroep, aan de orde is, hangt namelijk af van het gevoerde beleid. Welke rol wil de gemeente met publieke middelen vervullen in het stimuleren en ondersteunen van een lokaal medialandschap? Onderdeel van dat beleid zal zijn of de gemeente meerdere lokale omroepen wil (blijven) ondersteunen.
In maart 2022 vinden de gemeenteraadsverkiezingen plaats en zal daarna een nieuw college een coalitieakkoord sluiten en beleid ontwikkelen en tot uitvoering brengen op het gebied van lokale media. Op basis van het beleid komt de vraag aan de orde hoe het beste uitvoering gegeven kan worden aan dat beleid en wie daarin het beste welke rol kan vervullen. Een goed voorbeeld is het ingestelde Amstelveens stimuleringsfonds Lokale Media (Mediafonds). Dat fonds komt voort uit het coalitieakkoord 2018-2022 en de uitwerking daarvan in beleid. De inzet van een onafhankelijke mediaraad is voor het beoordelen van subsidieaanvragen voor journalistieke producties en -projecten een passende vorm.
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
17
5.
SLOTREFLECTIE EN AANBEVELINGEN De behoefte van de gemeenteraad aan een onafhankelijke adviesraad komt voort uit de langjarige discussie over de publieke lokale omroep en de ongelukkig verlopen laatste aanwijzingsprocedure waarin RTVA de enige aanvrager was en ontijdig een nieuw initiatief AAN! werd ingebracht. Het verloop van deze procedure heeft laten zien dat als er één omroep een aanvraag indient en die omroep aan de wettelijke eisen voldoet, dat een negatief advies van de gemeenteraad niet wordt gevolgd door het CvdM. Als er op dat moment een onafhankelijke adviesraad/adviescommissie had bestaan, dan had dat voor de uitkomst geen verschil gemaakt. De procedure voor de aanwijzing als publieke lokale omroep voor de komende periode, zal naar alle waarschijnlijkheid een andere zijn dan de vorige. De gemeente Amstelveen heeft een divers medialandschap met twee lokale omroepen. De beide omroepen zijn daardoor in de gelegenheid om tijdig kenbaar te maken dat zij de publieke lokale omroep willen worden. De praktijkcasussen van andere gemeenten laten zien dat een bevredigend proces doorlopen kan worden waarin het CvdM het voorkeursadvies van de gemeenteraad volgt bij de aanwijzing van een publieke lokale omroep. Dat de gemeenteraad zich wil laten ondersteunen bij de totstandkoming van het voorkeursadvies is voorstelbaar.
De gemeenteraden van de gemeenten uit de praktijkcasussen hadden diezelfde behoefte. Het college van burgemeester en wethouders kan de gewenste ondersteuning organiseren. Cruciaal in de procedure zijn de aanvullende criteria en de te hanteren beoordelingsmethodiek. Daarmee worden in belangrijke mate de transparantie en objectiviteit van het adviesproces geborgd. Vervolgens is er iets te kiezen als het gaat om wie de daadwerkelijke beoordeling van de omroepen op de aanvullende criteria uitvoert: een interne adviescommissie, een externe adviescommissie of een extern adviesbureau. In dit afsluitende hoofdstuk zetten we de aanbevelingen op een rij: 1. Richt een zorgvuldig proces in voor de aanwijzing van een publieke lokale omroep voor de volgende periode die ingaat op 24 augustus 2024: a. Neem de gemeenteraad actief mee in de procedure van het aanwijzen van een publieke lokale omroep en wat daarin specifiek de rol is van de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders. b. Verken tijdig of er naast RTVA en AAN! nieuwe initiatieven zijn voor het oprichten van een lokale omroep, zodat je daar als gemeente rekening mee kunt houden. c. Stimuleer tijdig het gesprek tussen de omroepen over de mogelijkheden tot samengaan en het indienen van één aanvraag om aangewezen te worden als publieke lokale omroep.
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
18
d. Werk de aanpak uit voor een zorgvuldige beoordeling van omroepen ten behoeve van het uitbrengen van een voorkeursadvies (toe te passen als er zich toch meer dan één omroep aanmeldt bij het CvdM): - rolbepaling van het college van burgemeester en wethouders; - samenstellen en vaststellen van de aanvullende beoordelingscriteria; - uitwerken van de beoordelingsmethodiek en de bronnen die daarvoor worden ingezet; - bepalen van het gremium dat de beoordeling uitvoert. e. Draag zorg voor vastlegging van alle stappen en inhoud, zodat achteraf navolgbaar is hoe het proces van het aanwijzen van een publieke lokale omroep verlopen is en deze informatie openbaar gemaakt kan worden als daar in een Wob-verzoek om gevraagd wordt. 2. Beoordeel op basis van het gemeentelijk beleid op het gebied van lokale media meer specifiek of in de uitvoering van een bepaalde procedure of regeling een rol van een onafhankelijk (advies)orgaan wenselijk is.
Advisering over aanwijzing publieke lokale media-instelling gemeente Amstelveen
19
BIJLAGEN WET-EN REGELGEVING PUBLIEKE LOKALE MEDIA-INSTELLINGEN 1.
Aanwijzing en bekostiging publieke lokale media-instellingen door gemeenten Wet- en regelgeving publieke lokale media-instellingen8 Aanwijzing Artikel 2.61 Mediawet
1.
2.
3.
Voor de verzorging van de publieke mediadiensten op regionaal en lokaal niveau kan het Commissariaat regionale respectievelijk lokale instellingen als publieke media-instellingen aanwijzen volgens de bepalingen van deze paragraaf. Voor aanwijzing komen slechts in aanmerking instellingen die: a. rechtspersoon naar Nederlands recht met volledige rechtsbevoegdheid zijn; b. zich volgens de statuten uitsluitend of hoofdzakelijk ten doel stellen het op regionaal respectievelijk lokaal niveau uitvoeren van de publieke mediaopdracht door het verzorgen van media-aanbod dat gericht is op de bevrediging van maatschappelijke behoeften die in een provincie, een gemeente of een deel van de provincie waarop de instelling zich richt leven, en het verrichten van alle activiteiten die nodig zijn om daarmee een publieke taak te vervullen; en c. volgens de statuten een orgaan hebben dat het beleid voor het mediaaanbod bepaalt en dat representatief is voor de belangrijkste in de desbetreffende provincie of gemeente voorkomende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke stromingen. Aanwijzing geschiedt nadat provinciale staten hebben dan wel de gemeenteraad heeft geadviseerd over de vraag of de instelling aan de eisen, bedoeld in het tweede lid, voldoet.
Artikel 2.63 Mediawet
1. Als meer dan één lokale instelling in een gemeente aan de eisen, bedoeld in artikel 2.61 tweede lid, voldoet, bevordert het college van burgemeester en wethouders voor zover dat redelijkerwijs mogelijk is het samengaan van die instellingen. 2. Er kan per gemeente slechts één lokale publieke media-instelling worden aangewezen, waarbij het Commissariaat acht slaat op alle factoren die voor het functioneren van de instelling van belang kunnen zijn.
Artikel 2.64
1. Een instelling die de publieke mediaopdracht wil uitvoeren voor meer dan één provincie of gemeente, wordt alleen dan voor dat gebied aangewezen, als provinciale staten of de gemeenteraden van de betreffende provincies of gemeenten het in artikel 2.61, derde lid bedoelde advies gezamenlijk hebben uitgebracht. 2. Het Commissariaat stelt provinciale staten en de gemeenteraden van de desbetreffende provincies of gemeenten in kennis van een aanvraag van een instelling als bedoeld in het eerste lid.
Mediawet
Artikel 2.65 Mediawet
Artikel 2.66 Mediawet
1.
Een aanwijzing geschiedt op aanvraag, geldt voor de duur van vijf jaar, die begint met ingang van de concessie, bedoeld in artikel 2.60k, dan wel met ingang van het zesde jaar van die concessie, en daarna van rechtswege vervalt.
2.
Zonodig wijst het Commissariaat de dagen waarop en de uren waarin programma-aanbod van regionale en lokale mediadiensten wordt uitgezonden op de voor de regionale dan wel lokale publieke mediadiensten beschikbare ruimte op een omroepzender. Provinciale staten brengen, dan wel de gemeenteraad brengt, tijdens de aanwijzingsperiode ten minste eenmaal aan het Commissariaat advies uit over de
1.
8 Mediawet 2008
1
2.
Artikel 2.67 Mediawet
1.
2.
1. Artikel 2.68 Mediawet
2.
3.
Artikel 2.69 mediawet
Bekostiging
1.
Artikel 2.170b Mediawet 2.
3.
vraag of een aangewezen regionale of lokale publieke media-instelling naar hun of zijn mening nog voldoet aan de eisen van artikel 2.61, tweede lid. Als tijdens de aanwijzingsperiode bij het Commissariaat ernstige twijfel bestaat of de regionale of lokale publieke media-instelling nog aan de eisen van artikel 2.61, tweede lid, voldoet, kan hij een tussentijds advies vragen. Het Commissariaat trekt een aanwijzing in, als de desbetreffende regionale of lokale publieke media-instelling niet meer voldoet aan de eisen van artikel 2.61, tweede lid. Het Commissariaat trekt de aanwijzing van een regionale of lokale publieke media-instelling die niet meer voldoet aan artikel 2.61, tweede lid, onderdelen b of c, pas in nadat de desbetreffende media-instelling gedurende vier maanden, gerekend van de dag waarop het desbetreffende feit is geconstateerd, in de gelegenheid is gesteld opnieuw aan dit vereiste te voldoen en zij daarin niet is geslaagd. Een aanwijzing kan door het Commissariaat worden ingetrokken als: a. de regionale of lokale publieke media-instelling in een periode van een jaar geen media-aanbod dat voldoet aan de eisen van deze wet heeft verzorgd en dat aanbod gedurende een ononderbroken periode van ten minste twee maanden is verspreid; of b.
het Commissariaat aan de regionale of lokale publieke media-instelling binnen een periode van een jaar ten minste twee maal een bestuurlijke sanctie als bedoeld in titel 7.2 heeft opgelegd voor overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze wet of artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Het Commissariaat beslist pas over intrekking op grond van het eerste lid, onderdeel a, nadat hij gedeputeerde staten respectievelijk het college van burgemeester en wethouders van de desbetreffende provincie of gemeente in de gelegenheid heeft gesteld binnen een door het Commissariaat te stellen redelijke termijn hun zienswijze te geven. Het uitblijven van een zienswijze binnen de gestelde termijn staat aan het nemen van een beslissing door het Commissariaat niet in de weg. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over: a. de wijze waarop en de termijn waarbinnen aanvragen voor een aanwijzing worden ingediend; b. de termijn waarbinnen beslissingen op de aanvragen worden genomen; c. de termijn waarop adviezen als bedoeld in artikel 2.61, derde lid worden uitgebracht; en d. de termijn waarop beslissingen over aanwijzing of intrekking van een aanwijzing in werking treden.
Het college van burgemeester en wethouders zorgt voor de bekostiging van het functioneren van de lokale publieke media-instelling als de gemeenteraad een advies als bedoeld in artikel 2.61, derde lid heeft uitgebracht en daarbij positief heeft geadviseerd over de vraag of de instelling voldoet aan de eis, bedoeld in artikel 2.61, tweede lid, onderdeel c. De bekostiging betreft vergoeding van de kosten die rechtstreeks verband houden met het verzorgen van de lokale publieke mediadienst, voor zover die kosten niet op andere wijze zijn gedekt, op zodanige wijze dat op lokaal niveau in een toereikend media-aanbod kan worden voorzien en continuïteit van bekostiging is gewaarborgd. Als twee of meer gemeenteraden gezamenlijk een advies als bedoeld in artikel 2.61, derde lid hebben uitgebracht, en daarbij positief hebben geadviseerd over de vraag of de instelling voldoet aan de eis, bedoeld in artikel 2.61, tweede lid,
2
4. 5.
2.
onderdeel c, zorgen de colleges van burgemeester en wethouders van de desbetreffende gemeenten gezamenlijk voor de bekostiging, bedoeld in het eerste lid. Aan de bekostiging worden geen voorschriften verbonden die in strijd zijn met het bepaalde bij of krachtens deze wet. Onze minister zendt telkens na drie jaar aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van het bepaalde in dit artikel in de praktijk.
Vereisten functioneren publieke lokale media-instellingen Wet- en regelgeving publieke lokale media-instellingen9 Publieke mediaopdracht
1.
Er is een publieke mediaopdracht die bestaat uit: a. het op landelijk, regionaal en lokaal niveau verzorgen van publieke mediadiensten door het aanbieden van media-aanbod dat tot doel heeft een breed en divers publiek te voorzien van informatie, waaronder journalistieke inhoud, cultuur en educatie, via alle beschikbare aanbodkanalen; a1. het kunnen inzetten van amusement als middel om een informatief, cultureel of educatief doel te bereiken of een breed en divers publiek te trekken en te binden zodat deze doelen onder de aandacht worden gebracht; b. het verzorgen van publieke mediadiensten waarvan het media-aanbod bestemd is voor Nederlanders die buiten de landsgrenzen verblijven; en c. het stimuleren van innovatie ten aanzien van media-aanbod, het volgen en stimuleren van technologische ontwikkelingen en het benutten van de mogelijkheden om media-aanbod aan het publiek aan te bieden via nieuwe media- en verspreidingstechnieken.
2.
Publieke mediadiensten zijn in overeenstemming met publieke waarden, waarbij zij voorzien in democratische, sociale en culturele behoeften van de Nederlandse samenleving. Zij verzorgen daartoe media-aanbod dat: a. evenwichtig, pluriform, gevarieerd en kwalitatief hoogstaand is en zich tevens kenmerkt door een grote verscheidenheid naar vorm en inhoud; b. op evenwichtige wijze een beeld van de samenleving geeft en de pluriformiteit van onder de bevolking levende overtuigingen, opvattingen en interesses op maatschappelijk, cultureel en levensbeschouwelijk gebied weerspiegelt; c. gericht is op en een relevant bereik heeft onder zowel een breed en algemeen publiek, als bevolkings- en leeftijdsgroepen van verschillende omvang en samenstelling met in het bijzonder aandacht voor kleine doelgroepen; d. onafhankelijk is van commerciële invloeden en, behoudens het bepaalde bij of krachtens de wet, van overheidsinvloeden; e. voldoet aan hoge journalistieke en professionele kwaliteitseisen, die binnen deze sector gehanteerd worden; en f. voor iedereen toegankelijk is.
3.
Het programma-aanbod van de algemene programmakanalen van de landelijke, regionale en lokale publieke mediadiensten wordt via omroepzenders verspreid naar alle huishoudens in het verzorgingsgebied waarvoor de programma’s zijn bestemd zonder dat zij voor de ontvangst andere kosten moeten betalen dan de kosten van aanschaf en gebruik van technische voorzieningen die de ontvangst mogelijk maken.
Artikel 2.1 Mediawet
9 Mediawet 2008 en brochure Publieke lokale media-instellingen en de mediawet, Commissariaat voor de Media
3
Productienorm
-
ICE-norm
-
-
-
Ten minste vijftig procent van de toetsingstijd (uitzendtijd tussen 7.00 uur en 23.00 uur) dient te bestaan uit programma’s die in eigen beheer zijn geproduceerd. Als de productie van een programma wordt uitbesteed aan een derde partij, dan vraagt het CvdM dat: • de omroep een overeenkomst sluit met deze derde; • de betreffende programma’s alleen exclusief worden uitgezonden door de lokale omroep die de productieopdracht heeft gegeven. Voor elk afzonderlijk kanaal moet ten minste vijftig procent van de toetsingstijd een informatief, cultureel of educatief karakter hebben, gericht op de eigen gemeente. Van deze vijftig procent moet minimaal zestig procent een lokaal informatief of educatief karakter bezitten: • Programma’s met ten minste dertig minuten aan lokale informatie of educatie per uur. Denk aan nieuwsprogramma’s, sportprogramma’s, informatievoorziening over kunstactiviteiten of over de gezondheidszorg, raadsvergaderingen en interviews met kunstenaars. • De verslaglegging van belangrijke gebeurtenissen of festiviteiten in de gemeente. Voorbeelden hiervan zijn de avondvierdaagse, de carnavalsoptocht, de intocht van Sinterklaas en de benoeming van de burgemeester.
De overige veertig procent mag bestaan uit programma’s met een lokaal cultureel karakter: • De registratie van culturele voorstellingen (zoals cabaret, concerten en toneelvoorstellingen) en kerkdiensten in de gemeente. • Verstrooiende programma’s zoals verzoekplatenprogramma’s en spelprogramma’s met lokale kandidaten. Het programmabeleidbepalend orgaan, ofwel het pbo, geeft het lokale karakter van deze programma’s aan.