Agendabundel
Tekst van het document
de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 meter, met dien verstande dat de hoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevel c.q. het verlengde daarvan niet meer mag bedragen dan 1 meter; b. de hoogte van andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan: c. 6 meter voor palen en masten; d. 3 meter voor lichtmasten en voor het overige. 11.3 afwijken van de bouwregels 11.3.1 Afwijken splitsen woning Met een omgevingsvergunning kan een woning gesplitst worden met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. het voormalige samengevoegde woningen betreft, en; b. het in niet meer dan 2 woningen wordt gesplitst. 11.3.2 Afwijken samenvoegen woningen
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 41
Met een omgevingsvergunning kan een woning worden samengevoegd met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. het voormalige gesplitste woningen betreft, en; b. dit ten goede komt aan de kwaliteit van de woning. 11.4 Voorwaarden m.b.t. het afgeven van een omgevingsvergunning voor bouwen 11.4.1 Parkeernormen Een omgevingsvergunning voor bouwen, verbouwen, uitbreiden en/of functiewijziging van een gebouw of perceel wordt slechts verleend, wanneer wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid het beleid zoals neergelegd in de 'Nota Parkeernormen Amstelveen', met dien verstande dat indien en voor over de Nota Parkeernormen Amstelveen gedurende de looptijd van dit bestemmingsplan wijzigt, aanvragen om omgevingsvergunning steeds aan die laatste wijziging van het beleid worden getoetst. 11.4.2 Laden en/of lossen Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden en/of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort.
11.4.3 Afwijken van de parkeernormen Indien uit een door de aanvrager van een omgevingsvergunning te overleggen parkeerbalans blijkt dat niet (geheel) kan worden voldaan aan voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein waarbij rekening gehouden wordt met dubbelgebruik en de benodigde parkeerplaatsen niet in de openbare ruimte kunnen worden gerealiseerd, kunnen Burgemeester en Wethouders in afwijking van het bepaalde in 11.4.1 omgevingsvergunning verlenen indien: a. de (resterende) parkeerbehoefte meer dan 2 parkeerplaatsen betreft; b. dit niet op stedenbouwkundige of verkeerskundige bezwaren stuit; c. de parkeerplaatsen voldoen aan de maatvoering- en bereikbaarheidseisen; d. strikte toepassing van de nota leidt tot een bijzondere hardheid die niet door dringende redenen/noodzaak wordt gerechtvaardigd. 11.4.4 Afwijken van het laden en/of lossen Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het bepaalde in 11.4.2 omgevingsvergunning verlenen indien: a. het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of b. voor zover op andere wijze in de nodige laad- en/of losruimte wordt voorzien. 11.4.5 Nadere eisen parkeernormen Burgemeester en wethouders kunnen bij de omgevingsvergunning nadere eisen stellen ten aanzien van: a. de aard, plaats en inrichting van de parkeer- en/of stallingsgelegenheid; b.
de aanwezigheid en aanduiding van parkeer- en/of stallingsgelegenheid uitsluitend ten behoeve van invaliden. 11.5 specifieke gebruiksregels 11.5.1 Aan-huis-gebonden beroep of -bedrijf
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 42
Het uitoefenen van een aan-huis-gebonden beroep en/of bedrijf is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de woonfunctie als primaire functie gehandhaafd blijft; b. het bruto-vloeroppervlak voor de uitoefening van het aan-huis-gebonden beroep danwel het aan-huis-gebonden bedrijf mag maximaal 30 % van de vloeroppervlakte van de woning bedragen, met inbegrip van de daarbij behorende bouwwerken; c. het gebruik niet leidt tot een onevenredige aantasting van de verkeersontsluiting en parkeersituatie ter plaatse; d. het beroep alleen door de bewoner(s) wordt uitgeoefend; e. er geen horeca-activiteiten en geen detailhandel plaatsvinden; f. er geen buitenopslag plaatsvindt, noch beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten in de openbare ruimte rond de woning, met uitzondering van in- en uitladen. 11.5.2 Bed & breakfast Het verhuren van kamers ten behoeve van een bed & breakfast is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de woonfunctie als primaire functie gehandhaafd blijft; b. het bruto-vloeroppervlak mag maximaal 30 % van de vloeroppervlakte van de woning bedragen; c. voor maximaal vier gasten verspreid over maximaal twee kamers voor de duur van maximaal zeven aaneengesloten overnachtingen. Op een kamer mogen maximaal twee slaapplaatsen aanwezig zijn; d. de kamers maken deel uit van het hoofdgebouw; e.
dat deze alleen door de hoofdbewoner mag wordt uitgeoefend, die ook aanwezig blijft; f. er dient in voldoende mate in de eigen parkeerbehoefte te worden voorzien op eigen terrein, 1 parkeerplaats per gastenkamer; g. er geen zelfstandige horeca-activiteiten en geen zelfstandige detailhandel plaatsvinden. 11.5.3 Woningdelen via hospitaverhuur en inwoning Woningdelen door middel van hospitaverhuur en inwoning is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de hoofdbewoner de woning feitelijk als hoofdverblijf heeft; b. de hoofdbewoner minimaal 60% van de woning zelf bewoond; c. er mogen maximaal 3 personen in een woning wonen, exclusief een huishouden van hoofdbewoner; d. elke meerderjarige bewoner heeft een eigen onzelfstandige kamer. 11.5.4 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van vrijstaande (bij)gebouwen voor bewoning; b. het gebruik van woningen voor meer dan 30% voor bedrijf en/of beroep aan huis; c. het gebruik van onbebouwde gronden voor opslag van goederen met een hoogte van meer dan 2 meter; d. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting.
11.6 Afwijken van de gebruiksregels 11.6.1 Woningdelen via kamergewijze verhuur Met een omgevingsvergunning kan een woning, in afwijking van lid 5.1,sub c worden gebruikt voor kamergewijze verhuur met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. er moet sprake zijn van minimaal drie en maximaal vier personen die geen huishouden zijn;
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 43
b. elke bewoner heeft een eigen kamer; c. bij een grondgebonden woning mag binnen een straal van 50 meter geen andere woning aanwezig zijn waar kamergewijze verhuur plaatsvindt; d. bij een appartementencomplex mag maximaal 10% van de woningen worden gebruikt voor kamergewijze verhuur.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 44
Artikel 12
Centrum - 7
12.1 bestemmingsomschrijving De voor 'Centrum - 7' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. detailhandel; b. dienstverlening; c. horecadoeleinden typen 1 en 2; d. woningen ten behoeve van het wonen vanaf de eerste verdieping, al dan niet in combinatie met ruimte voor een aan-huis- verbonden beroep of bedrijf zoals omschreven in lid 12.5.1; met de daarbij behorende: e. fietsenstallingen; f. parkeervoorzieningen; g. bouwwerken geen gebouwen zijnde; h. terrassen ten behoeve van de horeca, zoals genoemd onder c; met daaraan ondergeschikt: i. horeca1 bij detailhandel; j. ontsluitingswegen en andere verhardingen; k. groenvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en openbare nutsvoorzieningen. 12.2 bouwregels 12.2.1 Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. het splitsen van bestaande woningen is niet toegestaan; b. het samenvoegen van bestaande woningen is niet toegestaan; c. bij sloop/nieuwbouw dienen er evenveel woningen te worden teruggebouwd; d. een gebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; e. het bebouwd oppervlak mag 100% bedragen, tenzij anders is aangeduid; f. de oppervlakte voor dienstverlening, zoals bedoeld in lid 12.1 sub b mag niet meer bedragen dan 300 m2; g. de oppervlakte voor horeca, zoals bedoeld in lid 12.1 sub c mag niet meer bedragen dan 200 m2; h.
de goothoogte en de bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximum goot- en bouwhoogte' mag niet worden overschreden. 12.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 meter, met dien verstande dat de hoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevel c.q. het verlengde daarvan niet meer mag bedragen dan 1 meter; b. de hoogte van andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan: c. 6 meter voor palen en masten; d. 3 meter voor lichtmasten en voor het overige. 12.3 afwijken van de bouwregels 12.3.1 Afwijken splitsen woning Met een omgevingsvergunning kan een woning gesplitst worden met inachtneming van de volgende voorwaarden: Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 45
a. het voormalige samengevoegde woningen betreft, en; b. het in niet meer dan 2 woningen wordt gesplitst. 12.3.2 Afwijken samenvoegen woningen Met een omgevingsvergunning kan een woning worden samengevoegd met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. het voormalige gesplitste woningen betreft, en; b. dit ten goede komt aan de kwaliteit van de woning. 12.4 Voorwaarden m.b.t. het afgeven van een omgevingsvergunning voor bouwen 12.4.1 Parkeernormen Een omgevingsvergunning voor bouwen, verbouwen, uitbreiden en/of functiewijziging van een gebouw of perceel wordt slechts verleend, wanneer wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid het beleid zoals neergelegd in de 'Nota Parkeernormen Amstelveen', met dien verstande dat indien en voor over de Nota Parkeernormen Amstelveen gedurende de looptijd van dit bestemmingsplan wijzigt, aanvragen om omgevingsvergunning steeds aan die laatste wijziging van het beleid worden getoetst. 12.4.2 Laden en/of lossen Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden en/of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort.
12.4.3 Afwijken van de parkeernormen Indien uit een door de aanvrager van een omgevingsvergunning te overleggen parkeerbalans blijkt dat niet (geheel) kan worden voldaan aan voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein waarbij rekening gehouden wordt met dubbelgebruik en de benodigde parkeerplaatsen niet in de openbare ruimte kunnen worden gerealiseerd, kunnen Burgemeester en Wethouders in afwijking van het bepaalde in 12.4.1 omgevingsvergunning verlenen indien: a. de (resterende) parkeerbehoefte meer dan 2 parkeerplaatsen betreft; b. dit niet op stedenbouwkundige of verkeerskundige bezwaren stuit; c. de parkeerplaatsen voldoen aan de maatvoering- en bereikbaarheidseisen; d. strikte toepassing van de nota leidt tot een bijzondere hardheid die niet door dringende redenen/noodzaak wordt gerechtvaardigd. 12.4.4 Afwijken van het laden en/of lossen Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het bepaalde in 12.4.2 omgevingsvergunning verlenen indien: a. het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of b. voor zover op andere wijze in de nodige laad- en/of losruimte wordt voorzien. 12.4.5 Nadere eisen parkeernormen Burgemeester en wethouders kunnen bij de omgevingsvergunning nadere eisen stellen ten aanzien van: a. de aard, plaats en inrichting van de parkeer- en/of stallingsgelegenheid; b.
de aanwezigheid en aanduiding van parkeer- en/of stallingsgelegenheid uitsluitend ten behoeve van invaliden.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 46
12.5 specifieke gebruiksregels 12.5.1 Aan-huis-gebonden beroep of -bedrijf Het uitoefenen van een aan-huis-gebonden beroep en/of bedrijf is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de woonfunctie als primaire functie gehandhaafd blijft; b. het bruto-vloeroppervlak voor de uitoefening van het aan-huis-gebonden beroep danwel het aan-huis-gebonden bedrijf mag maximaal 30 % van de vloeroppervlakte van de woning bedragen, met inbegrip van de daarbij behorende bouwwerken; c. het gebruik niet leidt tot een onevenredige aantasting van de verkeersontsluiting en parkeersituatie ter plaatse; d. het beroep alleen door de bewoner(s) wordt uitgeoefend; e. er geen horeca-activiteiten en geen detailhandel plaatsvinden; f. er geen buitenopslag plaatsvindt, noch beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten in de openbare ruimte rond de woning, met uitzondering van in- en uitladen. 12.5.2 Bed & breakfast Het verhuren van kamers ten behoeve van een bed & breakfast is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de woonfunctie als primaire functie gehandhaafd blijft; b. het bruto-vloeroppervlak mag maximaal 30 % van de vloeroppervlakte van de woning bedragen; c. voor maximaal vier gasten verspreid over maximaal twee kamers voor de duur van maximaal zeven aaneengesloten overnachtingen. Op een kamer mogen maximaal twee slaapplaatsen aanwezig zijn; d. de kamers maken deel uit van het hoofdgebouw; e.
dat deze alleen door de hoofdbewoner mag wordt uitgeoefend, die ook aanwezig blijft; f. er dient in voldoende mate in de eigen parkeerbehoefte te worden voorzien op eigen terrein, 1 parkeerplaats per gastenkamer; g. er geen zelfstandige horeca-activiteiten en geen zelfstandige detailhandel plaatsvinden. 12.5.3 Woningdelen via hospitaverhuur en inwoning Woningdelen door middel van hospitaverhuur en inwoning is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de hoofdbewoner de woning feitelijk als hoofdverblijf heeft; b. de hoofdbewoner minimaal 60% van de woning zelf bewoond; c. er mogen maximaal 3 personen in een woning wonen, exclusief een huishouden van hoofdbewoner; d. elke meerderjarige bewoner heeft een eigen onzelfstandige kamer. 12.5.4 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van vrijstaande (bij)gebouwen voor bewoning; b. het gebruik van woningen voor meer dan 30% voor bedrijf en/of beroep aan huis; c. het gebruik van onbebouwde gronden voor opslag van goederen met een hoogte van meer dan 2 meter; d. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting. 12.6 Afwijken van de gebruiksregels
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 47
12.6.1 Woningdelen via kamergewijze verhuur Met een omgevingsvergunning kan een woning, in afwijking van lid 5.1,sub c worden gebruikt voor kamergewijze verhuur met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. er moet sprake zijn van minimaal drie en maximaal vier personen die geen huishouden zijn; b. elke bewoner heeft een eigen kamer; c. bij een grondgebonden woning mag binnen een straal van 50 meter geen andere woning aanwezig zijn waar kamergewijze verhuur plaatsvindt; d. bij een appartementencomplex mag maximaal 10% van de woningen worden gebruikt voor kamergewijze verhuur.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 48
Artikel 13
Cultuur en ontspanning
13.1 bestemmingsomschrijving De voor 'Cultuur en ontspanning' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. cultuur en ontspanning; b. ter plaatse van de functieaanduiding 'horeca van categorie 4' is een poppodium toegestaan; c. ter plaatse van functieaanduiding 'parkeergarage' is een parkeergarage toegestaan; d. ter plaatse van de bouwaanduiding 'onderdoorgang' is een overbouwde doorgang met een vrije doorloophoogte van minimaal 3 meter toegestaan; met de daarbij behorende: e. bouwwerken geen gebouwen zijnde; met daaraan ondergeschikt: f. horeca t/m categorie 3; g. h. detailhandel; i. ontsluitingswegen, parkeervoorzieningen en andere verhardingen; j. groenvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en openbare nutsvoorzieningen. 13.2 bouwregels 13.2.1 Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. een gebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. het bouwvlak mag voor 100% worden bebouwd, tenzij anders is aangeduid; c. de bouwhoogte van een hoofdgebouw ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' mag niet worden overschreden; d. de gebouwen dienen plat afgedekt te worden. 13.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen; b. 6 meter voor palen en masten; c.
3 meter voor lichtmasten en voor het overige. 13.3 Voorwaarden m.b.t. het afgeven van een omgevingsvergunning voor bouwen 13.3.1 Parkeernormen Een omgevingsvergunning voor bouwen, verbouwen, uitbreiden en/of functiewijziging van een gebouw of perceel wordt slechts verleend, wanneer wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid het beleid zoals neergelegd in de 'Nota Parkeernormen Amstelveen', met dien verstande dat indien en voor over de Nota Parkeernormen Amstelveen gedurende de looptijd van dit bestemmingsplan wijzigt, aanvragen om omgevingsvergunning steeds aan die laatste wijziging van het beleid worden getoetst. 13.3.2 Laden en/of lossen
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 49
Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden en/of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort. 13.3.3 Afwijken van de parkeernormen Indien uit een door de aanvrager van een omgevingsvergunning te overleggen parkeerbalans blijkt dat niet (geheel) kan worden voldaan aan voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein waarbij rekening gehouden wordt met dubbelgebruik en de benodigde parkeerplaatsen niet in de openbare ruimte kunnen worden gerealiseerd, kunnen Burgemeester en Wethouders in afwijking van het bepaalde in 7.4.1 omgevingsvergunning verlenen indien: a. de (resterende) parkeerbehoefte meer dan 2 parkeerplaatsen betreft; b. dit niet op stedenbouwkundige of verkeerskundige bezwaren stuit; c. de parkeerplaatsen voldoen aan de maatvoering- en bereikbaarheidseisen; d. strikte toepassing van de nota leidt tot een bijzondere hardheid die niet door dringende redenen/noodzaak wordt gerechtvaardigd. 13.3.4 Afwijken van het laden en/of lossen Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het bepaalde in 24.6.2 omgevingsvergunning verlenen indien: a. het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of b.
voor zover op andere wijze in de nodige laad- en/of losruimte wordt voorzien. 13.3.5 Nadere eisen parkeernormen Burgemeester en wethouders kunnen bij de omgevingsvergunning nadere eisen stellen ten aanzien van: a. de aard, plaats en inrichting van de parkeer- en/of stallingsgelegenheid; b. de aanwezigheid en aanduiding van parkeer- en/of stallingsgelegenheid uitsluitend ten behoeve van invaliden. 13.4 specifieke gebruiksregels 13.4.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1. eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van onbebouwde gronden voor de opslag van goederen; b. het gebruik van gronden en bouwwerken voor een sexinrichting; c. het gebruik van gronden en bouwwerken/gebouwen voor wonen; d. het gebruik van gronden en bouwwerken/gebouwen voor zelfstandige detailhandel; e. het gebruik van gronden en bouwwerken/gebouwen voor bedrijven.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 50
Artikel 14
Gemengd
14.1 bestemmingsomschrijving De voor 'Gemengd' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woningen, vanaf de eerste verdieping, ten behoeve van het wonen, al dan niet in combinatie met ruimte voor een aan-huis-verbonden beroep of bedrijf zoals omschreven in artikel 14.4.1; b. ter plaatse van functieaanduiding 'parkeergarage' is een ondergrondse parkeergarage toegestaan; c. detailhandel op de begane grond; d. maatschappelijke voorzieningen op de begane grond; e. ter plaatse van de functieaanduiding 'horeca t/m categorie 3' is horeca 1, 2 en 3 toegestaan; f. ter plaatse van de functieaanduiding 'horeca van categorie 5' is een hotel toegestaan; met de daarbij behorende: g. terrassen, ten dienste van de toegestane horeca; h. parkeervoorzieningen; i. bouwwerken geen gebouw zijnde; j. afvalcontainers; k. fietsenrekken; met daaraan ondergeschikt: l. kantoren; m. ontsluitingswegen en andere verhardingen; n. groenvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en openbare nutsvoorzieningen. 14.2 bouwregels 14.2.1 Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. het splitsen van bestaande woningen is niet toegestaan; b. het samenvoegen van bestaande woningen is niet toegestaan. c. bij sloop/nieuwbouw dienen er evenveel woningen te worden teruggebouwd; d. een gebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; e.
het bebouwd oppervlak mag 100% bedragen, tenzij anders is aangeduid; f. de bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' mag niet worden overschreden; g. de oppervlakte voor de detailhandel, zoals bedoeld in lid 14.1 sub c mag niet meer bedragen dan 940 m2; h. de oppervlakte voor maatschappelijke voorzieningen, zoals bedoeld in lid 14.1 sub d mag niet meer bedragen dan 1.350 m2. 14.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen; b. 6 meter voor palen en masten; c. 3 meter voor lichtmasten en voor het overige. 14.3 Voorwaarden m.b.t. het afgeven van een omgevingsvergunning voor bouwen
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 51
14.3.1 Parkeernormen Een omgevingsvergunning voor bouwen, verbouwen, uitbreiden en/of functiewijziging van een gebouw of perceel wordt slechts verleend, wanneer wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid het beleid zoals neergelegd in de 'Nota Parkeernormen Amstelveen', met dien verstande dat indien en voor over de Nota Parkeernormen Amstelveen gedurende de looptijd van dit bestemmingsplan wijzigt, aanvragen om omgevingsvergunning steeds aan die laatste wijziging van het beleid worden getoetst. 14.3.2 Laden en/of lossen Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden en/of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort. 14.3.3 Afwijken van de parkeernormen Indien uit een door de aanvrager van een omgevingsvergunning te overleggen parkeerbalans blijkt dat niet (geheel) kan worden voldaan aan voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein waarbij rekening gehouden wordt met dubbelgebruik en de benodigde parkeerplaatsen niet in de openbare ruimte kunnen worden gerealiseerd, kunnen Burgemeester en Wethouders in afwijking van het bepaalde in 7.4.1 omgevingsvergunning verlenen indien: a. de (resterende) parkeerbehoefte meer dan 2 parkeerplaatsen betreft; b.
dit niet op stedenbouwkundige of verkeerskundige bezwaren stuit; c. de parkeerplaatsen voldoen aan de maatvoering- en bereikbaarheidseisen; d. strikte toepassing van de nota leidt tot een bijzondere hardheid die niet door dringende redenen/noodzaak wordt gerechtvaardigd. 14.3.4 Afwijken van het laden en/of lossen Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het bepaalde in 24.6.2 omgevingsvergunning verlenen indien: a. het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of b. voor zover op andere wijze in de nodige laad- en/of losruimte wordt voorzien. 14.3.5 Nadere eisen parkeernormen Burgemeester en wethouders kunnen bij de omgevingsvergunning nadere eisen stellen ten aanzien van: a. de aard, plaats en inrichting van de parkeer- en/of stallingsgelegenheid; b. de aanwezigheid en aanduiding van parkeer- en/of stallingsgelegenheid uitsluitend ten behoeve van invaliden. 14.4 specifieke gebruiksregels 14.4.1 Aan-huis-gebonden beroep en/of -bedrijf Het uitoefenen van een aan-huis-gebonden beroep en/of bedrijf is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de woonfunctie als primaire functie gehandhaafd blijft; b.
het bruto-vloeroppervlak voor de uitoefening van het aan-huis-gebonden beroep danwel het aan-huis-gebonden bedrijf mag maximaal 30 % van de vloeroppervlakte van de woning bedragen, met inbegrip van de daarbij behorende bouwwerken; c. het gebruik niet leidt tot een onevenredige aantasting van de verkeersontsluiting en parkeersituatie ter plaatse; d. het beroep alleen door de bewoner(s) wordt uitgeoefend; e. er geen horeca-activiteiten en geen detailhandel plaatsvinden; Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 52
f. er geen buitenopslag plaatsvindt, noch beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten in de openbare ruimte rond de woning, met uitzondering van in- en uitladen. 14.4.2 Bed & breakfast Het verhuren van kamers ten behoeve van een bed & breakfast is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de woonfunctie als primaire functie gehandhaafd blijft; b. het bruto-vloeroppervlak mag maximaal 30 % van de vloeroppervlakte van de woning bedragen; c. voor maximaal vier gasten verspreid over maximaal twee kamers voor de duur van maximaal zeven aaneengesloten overnachtingen. Op een kamer mogen maximaal twee slaapplaatsen aanwezig zijn; d. de kamers maken deel uit van het hoofdgebouw; e. dat deze alleen door de hoofdbewoner mag wordt uitgeoefend, die ook aanwezig blijft; f. er dient in voldoende mate in de eigen parkeerbehoefte te worden voorzien op eigen terrein, 1 parkeerplaats per gastenkamer; g. er geen zelfstandige horeca-activiteiten en geen zelfstandige detailhandel plaatsvinden. 14.4.3 Woningdelen via hospitaverhuur en inwoning Woningdelen door middel van hospitaverhuur en inwoning is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de hoofdbewoner de woning feitelijk als hoofdverblijf heeft; b. de hoofdbewoner minimaal 60% van de woning zelf bewoond; c. er mogen maximaal 3 personen in een woning wonen, exclusief een huishouden van hoofdbewoner; d.
elke meerderjarige bewoner heeft een eigen onzelfstandige kamer. 14.4.4 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1. eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruiken of doen gebruiken van meer dan 30% van de vloeroppervlakte van een woning, met inbegrip van de daarbij behorende aan- en/of bijgebouwen, als kantooren/of praktijkruimte ten behoeve van een aan huis gebonden beroep of bedrijf; b. het gebruik van onbebouwde gronden voor opslag van goederen met een hoogte van meer dan 2 meter; c. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting. 14.5 afwijken van de gebruiksregels 14.5.1 Woningdelen via kamergewijze verhuur Met een omgevingsvergunning kan een woning, in afwijking van lid 14.1 sub b worden gebruikt voor kamergewijze verhuur met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. er moet sprake zijn van minimaal drie en maximaal vier personen die geen huishouden zijn; b. elke bewoner heeft een eigen kamer; c. bij een grondgebonden woning mag binnen een straal van 50 meter geen andere woning aanwezig zijn waar kamergewijze verhuur plaatsvindt; d. bij een appartementencomplex mag maximaal 10% van de woningen worden gebruikt voor kamergewijze verhuur.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 53
Artikel 15
Groen
15.1 bestemmingsomschrijving De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen; met daaraan ondergeschikt: b. parkeervoorzieningen; c. fiets- en voetpaden; d. speelvoorzieningen; e. water, waterlopen en waterpartijen; f. nutsvoorzieningen; g. bruggen; met de daarbij behorende: h. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 15.2 bouwregels 15.2.1 Gebouwen Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd. 15.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van kunstwerken en kunstobjecten mogen niet meer bedragen dan 6 meter; b. de hoogte van palen en masten mag niet meer bedragen dan 10 meter; c. de hoogte van andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 4 meter. 15.3 specifieke gebruiksregels 15.3.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gronden als opslag-, stort- of bergplaats van al dan niet afgedankte voorwerpen, stoffen of producten, behoudens voor zover dat noodzakelijk is voor het op de bestemming gerichte beheer van de gronden; b. het gebruik van gronden als staan- of ligplaats, alsmede kampeerterrein; c.
het gebruik van gronden voor het beproeven van voer- of vaartuigen, voor het beoefenen van auto- of motorsport of de (model) vliegsport en voor het houden wedstrijden met motorvoertuigen of bromfietsen; d. het gebruik van gronden voor sport- of wedstrijdterrein, parkeerterrein, landingsplaats, dagcamping dan wel voor de ruitersport.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 54
Artikel 16
Horeca
16.1 bestemmingsomschrijving De voor 'Horeca' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. horecadoeleinden type 1, 2 en 3; : b. ter plaatse van de functieaanduiding 'wonen' zijn woningen ten behoeve van het wonen vanaf de tweede verdieping toegestaan, al dan niet in combinatie met ruimte voor een aan-huis- verbonden beroep of bedrijf zoals omschreven in lid 16.4.1; c. ter plaatse van de bouwaanduiding 'onderdoorgang' is een overbouwde doorgang met een vrije doorloophoogte van minimaal 3 meter toegestaan; met de daarbij behorende: d. bouwwerken geen gebouwen zijnde; e. terrassen; met daaraan ondergeschikt: f. ontsluitingswegen en andere verhardingen; g. groenvoorzieningen, water, waterhuishoudkundige voorzieningen en openbare nutsvoorzieningen. 16.2 bouwregels 16.2.1 Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. het splitsen van bestaande woningen is niet toegestaan; b. het samenvoegen van bestaande woningen is niet toegestaan; c. bij sloop/nieuwbouw dienen er evenveel woningen te worden teruggebouwd; d. een gebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; e. het bebouwingspercentage mag 100% bedragen, tenzij anders is aangeduid; f. de bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' mag niet worden overschreden; g. de goot- en bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximum goot- en bouwhoogte' mag niet worden overschreden.
16.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 m bedragen, met dien verstande dat de hoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevel c.q. het verlengde daarvan niet meer dan 1 meter mag bedragen; b. 6 meter voor palen en masten; c. 3 meter voor lichtmasten en voor het overige. 16.3 Voorwaarden m.b.t. het afgeven van een omgevingsvergunning voor bouwen 16.3.1 Parkeernormen Een omgevingsvergunning voor bouwen, verbouwen, uitbreiden en/of functiewijziging van een gebouw of perceel wordt slechts verleend, wanneer wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid het beleid zoals neergelegd in de 'Nota Parkeernormen Amstelveen', met dien verstande dat indien en voor over de Nota Parkeernormen Amstelveen gedurende de looptijd van dit bestemmingsplan wijzigt, aanvragen om omgevingsvergunning steeds aan die laatste wijziging van het beleid worden getoetst. Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 55
16.3.2 Laden en/of lossen Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden en/of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort. 16.3.3 Afwijken van de parkeernormen Indien uit een door de aanvrager van een omgevingsvergunning te overleggen parkeerbalans blijkt dat niet (geheel) kan worden voldaan aan voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein waarbij rekening gehouden wordt met dubbelgebruik en de benodigde parkeerplaatsen niet in de openbare ruimte kunnen worden gerealiseerd, kunnen Burgemeester en Wethouders in afwijking van het bepaalde in 7.4.1 omgevingsvergunning verlenen indien: a. de (resterende) parkeerbehoefte meer dan 2 parkeerplaatsen betreft; b. dit niet op stedenbouwkundige of verkeerskundige bezwaren stuit; c. de parkeerplaatsen voldoen aan de maatvoering- en bereikbaarheidseisen; d. strikte toepassing van de nota leidt tot een bijzondere hardheid die niet door dringende redenen/noodzaak wordt gerechtvaardigd. 16.3.4 Afwijken van het laden en/of lossen Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het bepaalde in 24.6.2 omgevingsvergunning verlenen indien: a. het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of b.
voor zover op andere wijze in de nodige laad- en/of losruimte wordt voorzien. 16.3.5 Nadere eisen parkeernormen Burgemeester en wethouders kunnen bij de omgevingsvergunning nadere eisen stellen ten aanzien van: a. de aard, plaats en inrichting van de parkeer- en/of stallingsgelegenheid; b. de aanwezigheid en aanduiding van parkeer- en/of stallingsgelegenheid uitsluitend ten behoeve van invaliden. 16.4 specifieke gebruiksregels 16.4.1 Aan-huis-gebonden beroep of -bedrijf Het uitoefenen van een aan-huis-gebonden beroep en/of bedrijf is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de woonfunctie als primaire functie gehandhaafd blijft; b. het bruto-vloeroppervlak voor de uitoefening van het aan-huis-gebonden beroep danwel het aan-huis-gebonden bedrijf mag maximaal 30 % van de vloeroppervlakte van de woning bedragen, met inbegrip van de daarbij behorende bouwwerken; c. het gebruik niet leidt tot een onevenredige aantasting van de verkeersontsluiting en parkeersituatie ter plaatse; d. het beroep alleen door de bewoner(s) wordt uitgeoefend; e. er geen horeca-activiteiten en geen detailhandel plaatsvinden; f. er geen buitenopslag plaatsvindt, noch beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten in de openbare ruimte rond de woning, met uitzondering van in- en uitladen.
16.4.2 Bed & breakfast Het verhuren van kamers ten behoeve van een bed & breakfast is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de woonfunctie als primaire functie gehandhaafd blijft;
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 56
b. het bruto-vloeroppervlak mag maximaal 30 % van de vloeroppervlakte van de woning bedragen; c. voor maximaal vier gasten verspreid over maximaal twee kamers voor de duur van maximaal zeven aaneengesloten overnachtingen. Op een kamer mogen maximaal twee slaapplaatsen aanwezig zijn; d. de kamers maken deel uit van het hoofdgebouw, zijnde de bedrijfswoning; e. dat deze alleen door de hoofdbewoner mag wordt uitgeoefend, die ook aanwezig blijft; f. er dient in voldoende mate in de eigen parkeerbehoefte te worden voorzien op eigen terrein, 1 parkeerplaats per gastenkamer; g. er geen zelfstandige horeca-activiteiten en geen zelfstandige detailhandel plaatsvinden. 16.4.3 Woningdelen via hospitaverhuur en inwoning Woningdelen door middel van hospitaverhuur en inwoning is toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de hoofdbewoner de woning feitelijk als hoofdverblijf heeft; b. de hoofdbewoner minimaal 60% van de woning zelf bewoond; c. er mogen maximaal 3 personen in een woning wonen, exclusief een huishouden van hoofdbewoner; d. elke meerderjarige bewoner heeft een eigen onzelfstandige kamer. 16.4.4 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van onbebouwde gronden voor opslag van goederen met een hoogte van meer dan 2 meter; b.
het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel; c. het gebruik van gronden en bouwwerken als seksinrichting. 16.5 Afwijken van de gebruiksregels 16.5.1 Woningdelen via kamergewijze verhuur Met een omgevingsvergunning kan een woning, in afwijking van lid 16.1, lid c worden gebruikt voor kamergewijze verhuur met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. er moet sprake zijn van minimaal drie en maximaal vier personen die geen huishouden zijn; b. elke bewoner heeft een eigen kamer; c. binnen een straal van 50 meter mag geen andere woning aanwezig zijn waar kamergewijze verhuur plaatsvindt.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 57
Artikel 17
Kantoor
17.1 bestemmingsomschrijving De voor 'Kantoor' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebouwen ten behoeve van kantoren; b. ter plaatse van de functieaanduiding 'parkeergarage' is een parkeergarage toegestaan; c. ter plaatse van de functieaanduiding 'centrum' zijn centrumvoorzieningen toegestaan op de begane grond; met de daarbij behorende: d. bouwwerken geen gebouwen zijnde; e. terrassen ten dienste van de bestemming; met daaraan ondergeschikt: f. ontsluitingswegen en andere verhardingen; g. groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en openbare nutsvoorzieningen; h. horecavoorzieningen tot en met categorie 2 ten dienste van de bestemming. 17.2 bouwregels 17.2.1 Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. een gebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. de bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' mag niet worden overschreden; c. het bebouwingspercentage bedraagt 100%, tenzij anders is aangeduid. 17.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen, met dien verstande dat de hoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevel c.q. het verlengde daarvan niet meer dan 1 meter mag bedragen; b.
6 meter voor palen en masten; c. 3 meter voor lichtmasten en voor het overige. 17.3 Voorwaarden m.b.t. het afgeven van een omgevingsvergunning voor bouwen 17.3.1 Parkeernormen Een omgevingsvergunning voor bouwen, verbouwen, uitbreiden en/of functiewijziging van een gebouw of perceel wordt slechts verleend, wanneer wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid het beleid zoals neergelegd in de 'Nota Parkeernormen Amstelveen', met dien verstande dat indien en voor over de Nota Parkeernormen Amstelveen gedurende de looptijd van dit bestemmingsplan wijzigt, aanvragen om omgevingsvergunning steeds aan die laatste wijziging van het beleid worden getoetst. 17.3.2 Laden en/of lossen Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden en/of lossen van goederen, moet in deze behoefte in
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 58
voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort. 17.3.3 Afwijken van de parkeernormen Indien uit een door de aanvrager van een omgevingsvergunning te overleggen parkeerbalans blijkt dat niet (geheel) kan worden voldaan aan voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein waarbij rekening gehouden wordt met dubbelgebruik en de benodigde parkeerplaatsen niet in de openbare ruimte kunnen worden gerealiseerd, kunnen Burgemeester en Wethouders in afwijking van het bepaalde in 7.4.1 omgevingsvergunning verlenen indien: a. de (resterende) parkeerbehoefte meer dan 2 parkeerplaatsen betreft; b. dit niet op stedenbouwkundige of verkeerskundige bezwaren stuit; c. de parkeerplaatsen voldoen aan de maatvoering- en bereikbaarheidseisen; d. strikte toepassing van de nota leidt tot een bijzondere hardheid die niet door dringende redenen/noodzaak wordt gerechtvaardigd. 17.3.4 Afwijken van het laden en/of lossen Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het bepaalde in 24.6.2 omgevingsvergunning verlenen indien: a. het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of b. voor zover op andere wijze in de nodige laad- en/of losruimte wordt voorzien.
17.3.5 Nadere eisen parkeernormen Burgemeester en wethouders kunnen bij de omgevingsvergunning nadere eisen stellen ten aanzien van: a. de aard, plaats en inrichting van de parkeer- en/of stallingsgelegenheid; b. de aanwezigheid en aanduiding van parkeer- en/of stallingsgelegenheid uitsluitend ten behoeve van invaliden. 17.4 specifieke gebruiksregels 17.4.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1. eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van onbebouwde gronden voor opslag van goederen; b. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting; c. het gebruik ten behoeve van detailhandel; d. het gebruik van bouwwerken voor bewoning.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 59
Artikel 18
Maatschappelijk
18.1 bestemmingsomschrijving De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebouwen ten behoeve van maatschappelijke voorzieningen; b. ter plaatse van de bouwaanduiding 'onderdoorgang' dient de overbouwde doorgang een vrije doorrijhoogte van minimaal 4 meter te hebben; met de daarbij behorende: c. bouwwerken geen gebouwen zijnde; d. speelvoorzieningen; met daaraan ondergeschikt: e. horeca 1 ten dienste van de bestemming; f. detailhandel ten dienste van de bestemming; g. ontsluitingswegen, parkeervoorzieningen en andere verhardingen; h. groenvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en openbare nutsvoorzieningen. 18.2 bouwregels 18.2.1 Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. een gebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. de bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' mag niet worden overschreden; c. het bebouwingspercentage mag 100% bedragen, tenzij anders is aangeduid. 18.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen; b. 6 meter voor palen en masten; c. 3 meter voor lichtmasten en het overige. 18.3 Voorwaarden m.b.t.
het afgeven van een omgevingsvergunning voor bouwen 18.3.1 Parkeernormen Een omgevingsvergunning voor bouwen, verbouwen, uitbreiden en/of functiewijziging van een gebouw of perceel wordt slechts verleend, wanneer wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid het beleid zoals neergelegd in de 'Nota Parkeernormen Amstelveen', met dien verstande dat indien en voor over de Nota Parkeernormen Amstelveen gedurende de looptijd van dit bestemmingsplan wijzigt, aanvragen om omgevingsvergunning steeds aan die laatste wijziging van het beleid worden getoetst. 18.3.2 Laden en/of lossen Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden en/of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 60
18.3.3 Afwijken van de parkeernormen Indien uit een door de aanvrager van een omgevingsvergunning te overleggen parkeerbalans blijkt dat niet (geheel) kan worden voldaan aan voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein waarbij rekening gehouden wordt met dubbelgebruik en de benodigde parkeerplaatsen niet in de openbare ruimte kunnen worden gerealiseerd, kunnen Burgemeester en Wethouders in afwijking van het bepaalde in 7.4.1 omgevingsvergunning verlenen indien: a. de (resterende) parkeerbehoefte meer dan 2 parkeerplaatsen betreft; b. dit niet op stedenbouwkundige of verkeerskundige bezwaren stuit; c. de parkeerplaatsen voldoen aan de maatvoering- en bereikbaarheidseisen; d. strikte toepassing van de nota leidt tot een bijzondere hardheid die niet door dringende redenen/noodzaak wordt gerechtvaardigd. 18.3.4 Afwijken van het laden en/of lossen Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het bepaalde in 24.6.2 omgevingsvergunning verlenen indien: a. het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of b. voor zover op andere wijze in de nodige laad- en/of losruimte wordt voorzien. 18.3.5 Nadere eisen parkeernormen Burgemeester en wethouders kunnen bij de omgevingsvergunning nadere eisen stellen ten aanzien van: a. de aard, plaats en inrichting van de parkeer- en/of stallingsgelegenheid; b.
de aanwezigheid en aanduiding van parkeer- en/of stallingsgelegenheid uitsluitend ten behoeve van invaliden. 18.4 specifieke gebruiksregels 18.4.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van de onbebouwde gronden voor opslag van goederen; b. het gebruik van gronden als begraafplaats, asielzoekerscentrum en verslavingszorg c. het gebruik van gronden en bouwwerken als seksinrichting; d. het gebruik van gebouwen voor bewoning; e. het gebruik van gronden en bouwwerken voor zelfstandige detailhandel; f. het gebruik van gronden en bouwwerken voor zelfstandige horeca.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 61
Artikel 19
Tuin
19.1 bestemmingsomschrijving De voor Tuin (T) aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. tuinen behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouwen; b. entreeportalen; c. erkers; d. fietsenbergingen; met de daarbij behorende: e. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; met daaraan ondergeschikt: f. verhardingen; g. parkeren, indien er een inrit aanwezig is; h. inrit voor parkeergarage 19.2 bouwregels 19.2.1 Gebouwen Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd, behoudens het bepaalde in 19.2.3, 19.2.4 en 19.2.5. 19.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan: 1. 6 meter voor palen en masten; 2. 3 meter voor het overige; b. voor erf- en perceelafscheidingen bij woningen in een voorerfgebied, dat grenst aan een openbaar toegankelijk gebied gelden de volgende voorwaarden: 1. de hoogte van de afscheiding in een voorerfgebied mag vanaf het aansluitende terrein niet meer dan 1 meter bedragen; 2. de hoogte van de afscheiding in een voorerfgebied mag vanaf het aansluitende terrein niet meer dan 2,00 meter bedragen, mits het voorerfgebied minimaal 2,50 meter diep is ten opzichte van de voorgevelrooilijn van de woning ; 3.
een afscheiding vanaf 1 meter tot 2,00 meter hoog in het voorerfgebied mag slechts bestaan uit een transparant rasterwerk dat minimaal 90% open van structuur is, en zich leent voor begroeiing; 4. de bouwhoogte van gemetselde penanten in een voorerfgebied mag niet meer dan 2,00 meter bedragen; 5. een toegangspoort, die onderdeel uitmaakt van de totale erf- of perceelafscheiding of die geplaatst wordt tussen groenvoorzieningen, mag niet breder zijn dan 4 meter en niet hoger dan 2 meter ten opzichte van het aansluitende terrein; c. een vijver is toegestaan onder de volgende voorwaarden: 1. de oppervlakte mag ten hoogste 50 m2 bedragen; 2. een vijver mag niet meer dan 0,3 meter boven het aansluitend terrein uitsteken; 3. een vijver is alleen bedoeld voor het houden van aan water gebonden flora- en fauna, dus niet als zwemvijver. 19.2.3 Erkers Voor het bouwen van erkers gelden de volgende regels: a. een erker mag alleen worden gebouwd aan een hoofdgebouw; b. de diepte van een erker mag maximaal 1 meter bedragen; c. ter plaatse van een voorgevel mag de erker een breedte hebben van het oorspronkelijk raam Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 62
d. ter plaatse van een zijgevel mag de breedte van een erker maximaal 4/10 deel bedragen van de oorspronkelijke gevelbreedte waar tegenaan wordt gebouwd; e. de hoogte van een erker mag niet hoger zijn dan de bouwhoogte van de aansluitende eerste bouwlaag van het hoofdgebouw; f. er dient een niet te bebouwen strook in acht te worden genomen van 1 meter ten opzichte van gronden bestemd voor verkeer en groen; g. het dak van een erker grenzend aan, of uitziend op, de openbare weg mag als balkon/dakterras worden ingericht; h. een erker wordt niet toegestaan indien er, in hetzelfde gevelvlak, ter hoogte van de entree een bouwwerk als bedoeld in lid 31.2.4 is gerealiseerd of vergund. 19.2.4 Entreeportalen Voor het bouwen van entreeportalen gelden de volgende regels: a. een entreeportaal mag worden opgericht ter plaatse van en aansluitend op de toegang van hoofdgebouwen; b. de maximum oppervlakte van een entreeportaal bedraagt 5 m²; c. de hoogte van een entreeportaal mag ten hoogste gelijk zijn aan die van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw; d. er dient een niet te bebouwen strook van 1 meter in acht te worden genomen ten opzichte van de gronden bestemd voor verkeer en groen; e. een entreeportaal wordt niet toegestaan indien er, in hetzelfde gevelvlak, een bouwwerk als bedoeld in lid 31.2.3 is gerealiseerd of vergund.
19.2.5 Fiets- en containerbergingen Voor het bouwen van fiets- en containerbergingen in een voorerfgebied gelden de volgende bepalingen: a. de gezamenlijke oppervlakte van alle aanwezige bouwwerken bedraagt niet meer dan 50% van het totale voorerfgebied; b. de oppervlakte van het bouwwerk mag niet meer dan 4 m2 bedragen; c. de hoogte van de berging mag niet meer dan 2 meter bedragen; d. de langste zijde van het bouwwerk is haaks op de voorgevel van de woning gebouwd; e. de afstand van de berging tot de erfgrens, grenzend aan het openbaar toegankelijk gebied, is minimaal 0,5 meter. 19.3 afwijken van de bouwregels 19.3.1 Afwijken m.b.t. erkers Zolang het ondergeschikte karakter van de erker gehandhaafd blijft, kan met een omgevingsvergunning afgeweken worden van: a. het bepaalde in artikel 19.2.3 sub b tot een diepte van maximaal 2,50 meter onder de voorwaarde dat een erker ter plaatse van de voorgevel een niet te bebouwen strook van minimaal gelijke breedte is als de diepte van de erker en tevens wordt voldaan aan het gestelde in artikel 19.2.3 onder h; b. het bepaalde in artikel 19.2.3 sub b tot een diepte van maximaal 2,50 meter onder de voorwaarde dat een erker ter plaatse van de zijgevel tevens wordt voldaan aan het gestelde in artikel 19.2.3 onder f en h; c. het bepaalde in artikel 19.2.3 sub c tot een breedte van maximaal 2/3 van de breedte van het gevelvlak; d.
het bepaalde in artikel 19.2.3 sub g ter plaatse van de zijgevel tot een diepte tot aan de perceelsgrens wanneer dit een grens met het openbaar gebied is. 19.3.2 Voorwaarden voor afwijken De in lid 19.3.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, mits:
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 63
a. de geluidbelasting vanwege het wegverkeer van geluidgevoelige gebouwen niet hoger zal zijn dan de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde, of een verkregen hogere grenswaarde, en; b. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: 1. het straat- en bebouwingsbeeld; 2. de woonsituatie; 3. de verkeersveiligheid; en 4. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 19.3.3 Afwijken t.b.v. ondergrondse bouwwerken Met een omgevingsvergunning kan afgeweken worden ten behoeve van het oprichten van ondergrondse kelders, met dien verstande dat: a. ondergrondse bouwwerken slechts mogen worden gerealiseerd op de voor Tuin bestemde gronden indien binnen de bestemming Wonen de gronden gelegen buiten het bouwvlak ontbreken; b. de diepte van de ondergrondse bouwwerken niet meer mag bedragen dan één bouwlaag met een diepte (vrije hoogte) van 3.00 meter; c. de oppervlakte van de ondergrondse bouwwerken niet meer mag bedragen dan 40% van de voor Tuin bestemde gronden met een maximum van 45 m²; d. het realiseren van ondergrondse bouwwerken geen nadelige effecten mag hebben op de bodem- en waterhuishouding. Hiertoe dient de aanvrager (vooraf) een watervergunning aan te vragen bij de Waterbeheerder.
19.4 specifieke gebruiksregels 19.4.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van deze gronden voor opslag voor goederen; b. het gebruik van deze gronden ten behoeve van het parkeren indien er geen inrit aanwezig is.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 64
Artikel 20
Verkeer
20.1 bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen, straten en paden; b. parkeervoorzieningen; c. ter plaatse van de bouwaanduiding 'specifieke bouwaanduiding - inritconstructie' is een inritconstructie toegestaan; met de daarbij behorende: d. waterhuishoudkundige voorzieningen; e. bruggen; f. viaducten; g. groenvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen; h. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; i. geluidwerende voorzieningen;
standplaatsen, voorzover de locatie is opgenomen in het standplaatsenbeleid; k. infrastructurele voorzieningen met het oog op het beheer van de bestemming. j.
20.2 bouwregels 20.2.1 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van palen en (licht)masten, mag niet meer bedragen dan 16 meter; b. de hoogte van reclame-uitingen en kunstobjecten en -werken mag niet meer bedragen dan 6 meter; c. de hoogte van andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, anders dan rechtstreeks ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer mag niet meer bedragen dan 3 meter. 20.3 specifieke gebruiksregels 20.3.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van de gronden voor de opslag van goederen; b. het gebruik van gronden en bouwwerken voor een seksinrichting.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 65
Artikel 21
Verkeer - Garagebox
21.1 bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer - Garagebox' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. garageboxen; met de daarbij behorende: b. verhardingen; c. ontsluitingswegen; d. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 21.2 bouwregels 21.2.1 Bouwwerken Voor het bouwen van garages gelden de volgende regels: a. de goothoogte van een garage mag niet meer bedragen dan 3 meter; b. de bouwhoogte van een garage mag niet meer bedragen dan 4,50 meter, respectievelijk 3 meter bij een platte afdekking; c. het bebouwingspercentage mag 100 % bedragen, tenzij anders is aangeduid. 21.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan: b. 6 meter voor palen en masten; c. 3 meter voor lichtmasten en voor het overige. 21.3 specifieke gebruiksregels 21.3.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken voor bewoning; b. het gebruik van gronden en bouwwerken voor detailhandel; c. het gebruik van gronden en bouwwerken als kantoor; d. het gebruik van gronden en bouwwerken als bedrijf; e. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting; f.
het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van de opslag van vuurwerk.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 66
Artikel 22
Verkeer - Openbaar Vervoer
22.1 bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer-Openbaar Vervoer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. openbaar vervoersvoorzieningen; b. ter plaatse van de functieaanduiding 'horeca van categorie 1' is horeca 1 toegestaan; c. ter plaatse van de functieaanduiding 'detailhandel' is detailhandel toegestaan op de begane grond en eerste verdieping; d. ter plaatse van de functieaanduiding 'parkeergarage'is een bovengrondse parkeergarage toegestaan; met de daarbij behorende: e. waterhuishoudkundige voorzieningen; f. geluidwerende voorzieningen; g. bruggen; h. viaducten; i. groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen; j. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; k. abri's; l. perrons met de bijbehorende bouwwerken zoals bijvoorbeeld trappen en liften; m. fietsenstallingen; n. infrastructurele voorzieningen met het oog op het beheer van de bestemming; met daaraan ondergeschikt: o. straatmeubilair. 22.2 bouwregels 22.2.1 Bouwwerken Voor het bouwen van bouwwerken gelden de volgende regels: a. een fietsenstalling mag een maximale bouwhoogte krijgen van 3 meter; b. bouwwerken op het perron mogen een maximale bouwhoogte krijgen van 5 meter, gemeten vanaf de afgewerkte vloer van het perron. 22.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a.
de hoogte, gemeten vanaf het perron indien aanwezig, van palen en masten mag niet meer dan 10 meter bedragen; b. de hoogte van andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, anders dan rechtstreeks ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer, mag niet meer dan 5 meter bedragen c. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, op het perron die onderdeel uitmaken van het overbruggen van een hoogteverschil mogen een maximale bouwhoogte krijgen van 15 meter, gemeten vanaf de afgewerkte vloer van het perron. 22.3 specifieke gebruiksregels 22.3.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van de gronden voor de opslag van goederen; b. het gebruik van gronden en bouwwerken voor een seksinrichting.
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 67
Regels vastgesteld bp Amstelveen Stadshart 2022
pagina 68
Artikel 23
Verkeer - Parkeerterrein
23.1 bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer - Parkeerterrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. parkeerterreinen met de daarbij behorende bouwwerken; b. parkeergarage; c. daktuinen; d. ter plaatse van de bouwaanduiding 'specifieke bouwaanduiding - inritconstructie' is een inritconstructie toegestaan; e. ter plaatse van de bouwaanduiding 'specifieke bouwaanduiding - entreegebouw' is een entreegebouw toegestaan; f. ter plaatse van de 'specifieke vorm van verkeer-parkeerterrein evenemententerrein' zijn evenementen toegestaan met de daarbij behorende: g. ontsluitingswegen, straten en paden h. waterhuishoudkundige voorzieningen; i. groenvoorzieningen, speelvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen; j. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; k. geluidwerende voorzieningen; l. fietsenstallingen; m. infrastructurele voorzieningen met het oog op het beheer van de bestemming. met daaraan ondergeschikt: n. straatmeubilair. 23.2 bouwregels 23.2.1 Bouwwerken Voor het bouwen van bouwwerken gelden de volgende regels: a. een parkeergarage mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. de bouwhoogte van een parkeergarage ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte' mag niet worden overschreden; c. een fietsenstalling mag een maximale bouwhoogte krijgen van 3 meter; d.
per bestemmingsvlak mag één bouwwerk (in de vorm van een beheersgebouw) worden opgericht met een maximale goot- en bouwhoogte van respectievelijk 3,00 en 4,50 meter en een maximale oppervlakte van 10 m²; 23.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van palen en (licht-)masten en andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van beveiliging en regeling van het verkeer mag niet meer bedragen dan 10 meter; b. de hoogte van afscheidingen van daktuinen mag niet meer bedragen dan 2 meter, gemeten vanaf de aangrenzende vloer; c. de hoogte van andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, anders dan rechtstreeks ten behoeve van de beveiliging en regeling van het verkeer, mag niet meer bedragen dan 3 meter. 23.3 specifieke gebruiksregels 23.3.1 Toegestaan gebruik evenemententerrein