Agendabundel
Tekst van het document
Voor een algemeen inzicht over de situatie rondom en oplossingen voor dakloosheid is gebruikgemaakt: •
CBS-statline, rapportages, factsheets en artikelen over dakloosheid.
Naast de analyse van deze bronnen zijn er gesprekken gevoerd met ambtenaren van de gemeente Amstelveen en medewerkers Eigen Haard.
8
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
2.3.1 Vergelijking Amstelveen met Amsterdam Om de Amstelveense aantallen en trends in perspectief te plaatsen is in dit rapport regelmatig een vergelijking met centrumgemeente Amsterdam en de andere Amstellandgemeenten/Diemen gemaakt. Naar verwachting zullen de Amstelveense dakloosheidscijfers minder dan een tiende van die van Amsterdam zijn. Deze verwachting is als volgt tot stand gekomen: •
•
•
De omvang van de bevolking tussen de 15 en 75 jaar is in Amstelveen, met 66.439 inwoners, grofweg tienmaal zo klein als Amsterdam (695.376 inwoners tussen 15 en 75 jaar oud). De andere Amstellandgemeenten (incl. Diemen) kennen 78.609 inwoners in deze leeftijdsrange.11 De leeftijdsverdeling van de bevolking tussen 15 en 75 jaar tussen de gemeenten verschilt. Amstelveen kent meer 60 tot 75 jarigen in Amstelveen, in Amsterdam is het aandeel 25 tot 45 jarigen hoger (figuur 2.1). Dit is met name van belang bij de vergelijking van de situatie ten aanzien van jongeren. Bij de leeftijdsverdeling van de Amstellandgemeenten (incl. Diemen) is in vergelijking met Amstelveen de groep tussen 30 t/m 45 ondervertegenwoordigd. Bovendien is er een verschil in besteedbaar inkomen. Zowel in Amsterdam als Amstelveen is de middeninkomensgroep ondervertegenwoordigd (figuur 2.2). Amstelveen kent met name meer huishoudens die qua inkomen tot de hoogste 20% van Nederland gerekend worden (29% van de Amstelveense huishoudens). Amsterdam heeft daarentegen meer huishoudens die tot de laagste 20% van Nederland gerekend worden (32% van de huishoudens). Het mediane besteedbare inkomen in Amstelveen is hoger dan dat van Nederland (27.700€ t.o.v. 25.700€). In Amsterdam is dit met (22.800€) juist lager.
25.000
250.000
20.000
200.000
15.000
150.000
10.000
100.000
5.000
50.000
0
Aantal in Amsterdam
Aantal in Amstellandgemeenten
Figuur 2.1: Aantal inwoners Amstelveen en Amsterdam naar leeftijd (15 tot 80 jaar), bron CBS
0 15 tot 30
30 tot 45
45 tot 60
60 tot 75
Amsterdam Amstelveen Andere Amstellandgemeenten
11
Bevolking; geslacht, leeftijd, nationaliteit en regio, 1 januari 2019
9
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Figuur 2.2: Verdeling van het besteedbaar inkomen van huishoudens in Nederland, Amsterdam en Amstelveen en 12
Amstellandgemeenten in quintielen*.
100% 20
21
20
14
29
29
18
21
17
18
80% 60%
16
80%-100%
20 17
40% 20 20%
60%-80% 17
15
40%-60%
19
22
20%-40%
32 20
0%
0%-20%
*: 20% huishoudens met laagste besteedbaar inkomen t/m 20% huishoudens met hoogst besteedbaar inkomen bij particuliere huishoudens, inclusief studenten.
12
CBS tabel: Inkomen van huishoudens; huishoudenskenmerken, regio (indeling 2018); dd. 20/2/2020
10
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
3 Economisch daklozen Amstelveen
3.1 Achtergronden Dakloosheid; feitelijk daklozen, residentieel daklozen en economisch daklozen Er wordt vaak een onderscheid gemaakt tussen feitelijk daklozen, residentieel daklozen en economisch daklozen. Bij feitelijk daklozen gaat het om personen die in de open lucht, overdekte openbare ruimten zoals portieken, fietsenstallingen, stations, winkelcentra - of een auto slapen, of binnen slapen in de nachtopvang of andere laagdrempelige opvang13, of op niet-structurele basis verblijven bij vrienden, kennissen of familie. De term feitelijk dakloos wordt gebruikt als contrast met residentieel dakloos waarmee personen die stabiel gebruik maken van de voorzieningen van de maatschappelijke opvang worden aangeduid. Deze mensen zijn dakloos geweest. Voorheen vond de maatschappelijke opvang voornamelijk plaats in 24-uursvoorzieningen. Momenteel heeft het merendeel van de groep een individuele woning en wordt ambulant begeleid. CBS Schatting feitelijk daklozen:14
Het CBS schat het aantal feitelijk daklozen op 1,65 per 1000 inwoners voor steden buiten de G4. Aangezien Amstelveen 91.000 inwoners (2019) heeft, zou dit neerkomen op een verwachte prevalentie* van 151 feitelijk daklozen. * het aantal op één moment
Economisch daklozen suggereert dat het personen betreft die niet dakloos zouden zijn geweest als zij in een stabiele financiële situatie zouden verkeren. De term economisch dakloos wordt daarmee ook gebruikt om het contrast aan te geven met mensen die wegens psychische- of verslavingsproblemen niet in staat zijn om (zonder begeleiding) zelfstandig te wonen15 en is daarmee een variant op de term ‘zelfredzame daklozen’ Ondanks de term ‘economisch’ zijn financiën over het algemeen maar één van de
13 14
Zoals passantenpensions/woonhotels of winteropvang CBS statline, schatting van het aantal daklozen in Nederland Bewerking: 24.7000 daklozen buiten de G4 ==> 24.7000 daklozen/14.900.000 inwoners buiten G4= > 1,65/1000 inw.
15
Hoewel daklozen zonder geldige verblijfsstatus ook in een slechte financiële situatie verkeren worden hier niet tot de
economisch daklozen gerekend bij hen is het gebrek aan rechten een grotere hindernis tot het verkrijgen van een woning. Ook de niet in Nederland ingeschreven EU burgers die (nog) geen werk of huisvesting gevonden hebben of juist werk en de daaraan gekoppelde huisvesting zijn kwijtgeraakt wordt in dit onderzoek buiten beschouwing gelaten.
11
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
aspecten waar zich problemen voordoen. Vaak is bijvoorbeeld het sociaal netwerk beperkt of door de omstandigheden uitgeput. De groep economisch daklozen omvat niet iedereen met huisvestingsproblemen. Iemand zonder eigen woonruimte die structureel inwoont bij een familielid of vriend, of voor langere tijd gebruik maakt van een kamer, woning in onderhuur, vakantiehuisje of pension wordt in deze definitie weer niet als feitelijk dakloos beschouwd. Samen met de bovengenoemde groep economisch daklozen kan deze groep wel worden beschouwd als urgent woningzoekenden zonder veel middelen. De groep urgent woningzoekenden zonder veel middelen is groter dan de groep feitelijk daklozen. Deze groep zal - indien zij zich niet aanmeldt bij het daklozenloket van Werk, Participatie en Inkomen (WPI) en GGD - veelal buiten beeld blijven. Ontwikkeling woningvoorraad Amstelveen Figuur 3.1 laat zien dat de toename van het aantal woningen in Amstelveen in 2019 (0,7%) aan de lage kant is vergeleken met het landelijk beeld (1,0%) of de toename in Amsterdam (1,3%). De toename van het aantal nieuwe woningen in Amstelveen is in 2019 met 0,7% wel iets hoger dan in 2018 (0,6%). Uit figuur 3.2 is op te maken dat deze geringe toename vooral te danken is aan het lager aantal huizen dat door sloop, functieverandering, samenvoeging of anderszins aan de woningvoorraad onttrokken is.
Opvallend is het lage aantal woningen dat in 2019 door woningsplitsing of functieverandering aan de woningvoorraad is toegevoegd.
Figuur 3.1: Ontwikkelingen woningen in Nederland, Amsterdam en Amstelveen16, 2018/2019
% verschil t.o.v. voorgaand jaar
2,5% 2,0% 2,0% 1,5% 1,0%
1,3% 1,0%
1,0% 0,6%
0,7%
2018
2019
0,5% 0,0% 2018
2019 NL
16
2018
2019
Amsterdam
Amstelveen
CBS statline, open data, voorraad woningen en niet woningen; mutaties, gebruiksfunctie, regio
12
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Figuur 3.2: Aantal woningen toegevoegd of onttrokken in Amstelveen, 2018/2019
500
Aantal woningen (toegevoegd (+)/ontrokken (-))
400 300 Overige onttrekking 200
Sloop Overige toevoeging
100
Nieuwbouw 0 2018
2019
-100 -200
3.2 Preventie van dakloosheid Wat kan de gemeente Amstelveen (meer) doen om dakloosheid te voorkomen? Om deze vraag te beantwoorden is gekeken naar preventiemethoden voor dakloosheid/huisuitzetting en de mogelijke dienstverlening voor economisch daklozen. Hierbij ook kijkend naar de initiatieven in andere steden. 1) Voldoende betaalbare huisvesting / efficiënter gebruik maken van bestaande woningen Het gebrek aan (betaalbare) huisvesting wordt gezien als de grootste oorzaak van het toenemend aantal economisch daklozen. Dit maakt dat mensen die met spoed een, voor hen betaalbare, woning nodig hebben, deze steeds moeilijker kunnen vinden en steeds langer in deze situatie blijven. Deze langere periode zorgt voor een cumulatie van deze groep spoedzoekers zonder veel middelen. Deze spoedzoekers zijn misschien nog niet dakloos maar hun huisvestingsituatie is veelal suboptimaal. Zoals partners die ondanks relatieproblemen langer bij elkaar blijven wonen, jongeren die ondanks een problematische thuissituatie langer bij de ouders blijven wonen dan ze zouden willen of mensen die hun eigen huis zijn kwijtgeraakt en langer inwonen bij familieleden, kennissen of vrienden of een tijdelijke woning in onderhuur hebben. De inwonende persoon bevindt zich daarbij in een afhankelijke positie.
Investeren in kleinere betaalbare, desnoods tijdelijke en/of flexibele, woningen is dan ook van belang om de druk op de woningmarkt te verlichten. De meeste economisch daklozen zijn alleenstaanden17 en een
17
Inzicht in dakloosheid, CBS 2018
13
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
kleine sobere woonvoorziening zou dan ook kunnen voldoen. Gebrek aan bouwgrond is vaak een belemmering voor uitbreiding. Verplaatsbare en herbruikbare flexibele woningen zijn hiervoor mogelijk een oplossing.18,19 Ook vanuit de rijksoverheid wordt de bouw van flexibele woningen gestimuleerd.20 Naast het bouwen van nieuwe (betaalbare) woningen kan er mogelijk efficiënter gebruik gemaakt worden van de bestaande woningvoorraad. Het (bouwkundig) splitsen van grotere woningen waardoor er een extra persoon kan wonen. Of het (kadestraal) splitsen van grotere woningen waardoor er officieel twee kleinere woning ontstaan waarvan er één verkocht of verhuurd kan worden. Ook als deze huizen niet verhuurd of verkocht worden aan personen die tot de groep economisch daklozen behoort, kan dit het totale aandeel betaalbare woningen vergroten en een mogelijkheid bieden aan starters of doorstromers uit de corporatiewoningen.21 Een nieuw project in Amsterdam dat mogelijk navolging kan krijgen in Amstelveen betreft tijdelijke huisvesting in sloop- of renovatiepanden22 . In samenwerking met de woningcorporaties en de gemeenten worden telkens twee mensen die economisch dakloos zijn voor een jaar gehuisvest in een pand dat een jaar later gesloopt of gerenoveerd wordt. In de tussentijd kan de persoon op zoek gaan naar een woning binnen of buiten de stad. 2)
Voorkómen van huisuitzetting
Tussen 2013 en 2018 is in Nederland het jaarlijks aantal huisuitzettingen bij woningcorporaties gehalveerd van circa 600o naar circa 3000.23 De laatste jaren is veel ingezet op de vroegtijdige herkenning van schulden en het inzetten van schuldhulpverlening door projecten als Vroeg Eropaf of vergelijkbare projecten.24 Dit gebeurt in samenwerking met woningbouwcorporaties en de Stichting Bureau Krediet Registratie (BKR). Zelfs -of juist - als de rechter heeft besloten dat een huisuitzetting gerechtvaardigd is, is er nog gelegenheid om te interveniëren. Het merendeel (75%) van de rechterlijke vonnissen leidt niet tot een daadwerkelijke huisuitzetting.25
18 19
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2019/05/14/rapport-de-bouw-van-tijdelijke-woningen https://dkvwg750av2j6.cloudfront.net/m/11e63c8eb2fd4eb2/original/Aedes-Corporatiemonitor-Tijdeljke-woningen_feb2020.pdf
20
Kamerbrief over stimuleringsaanpak flexwonen Zie o.a. de uitzendingen van Radar over de woningmarkt (NPO). 22 https://www.parool.nl/amsterdam/tweehonderd-extra-woningen-voor-economisch-daklozen~bcd87b8e/ 23 https://www.aedes.nl/artikelen/klant-en-wonen/schuldhulpverlening/corporatiemonitor-voorkomenhuisuitzettingen.html 21
24
Leidraad vroegsignalering schulden, Jacomijn Kuiper, Marielle Fleuren,
25
AEDES: vroeg-erop af.
14
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Figuur 3.3: Huisuitzettingen Amstelveen op basis van huurachterstand bij woningcorporatie Eigen Haard; 2017-2019
In 2018 vond er landelijk per 1000 corporatiewoningen één huisuitzetting plaats wegens een huurachterstand. Als dit landelijke cijfer wordt geprojecteerd op Amstelveen zouden , met bijna 11.ooo woningen van Eigen Haard, ongeveer 11 huisuitzettingen verwacht mogen worden. In 2017 waren dit er ook 10 maar in 2018 waren het er slechts 6. In 2019 daalde het aantal zelfs verder tot 4 (fig. 3.3). Wel kwamen er in 2018 in Amstelveen 29 woningen26 beschikbaar na constatering van woonfraude.27 Bij een deel van de fraudezaken maakt de huurder zelf geen gebruik meer van de woning. De vereniging van woningcorporaties AEDES geeft in haar jaarverslag voor een verdere vermindering van huisuitzettingen als gevolg van schulden voornamelijk suggesties aan het Rijk, zoals het vereenvoudigen van het toeslagensysteem en het rechtstreeks overmaken van de toeslagen naar de woningcorporatie. Ook wordt gepleit om betalingsachterstanden bij het Rijk en de Belastingdienst geen voorrang meer te geven boven achterstanden in huur, energie, water en ziektekosten. 3) Inwonen bij vrienden en kennissen/ leveren van maatwerk binnen de participatiewet Na verlies van huisvesting door relationele problemen kan iemand wellicht tijdelijk inwonen bij familie, vrienden of kennissen mar naarmate dit langer duurt zal de kans dat het fout gaat ook groter worden.
Aangezien degene die inwoont zich in een afhankelijke situatie bevindt zal dit meestal eindigen met het vertrek van deze persoon. Indien het sociaal netwerk op den duur uitgeput raakt zal iemand afhankelijk worden van de opvangvoorzieningen.
26
Waarvan 7 als gevolg van een hennepplantage
27
https://www.eigenhaard.nl/jaarverslag2018/in-prettige-buurten/woonfraude
15
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Inwoning bij familie of vrienden kan betekenen dat iemand adresloos wordt en zijn inschrijving in de Basisregistratie Personen verliest. De hoofdbewoner kan, vanuit de angst om op grond van de kostendelersnorm gekort te worden op zijn bijstandsuitkering, bezwaar hebben tegen inschrijving op zijn adres of zelfs helemaal geen onderdak durven te bieden. Gemeenten hebben binnen de participatiewet echter ruimte om maatwerk te leveren en de kostendelersnorm niet toe te passen28. Als er sprake is van tijdelijke inwoning hoeft de inwonende29 niet meegeteld te worden voor de kostendelersnorm. Het kan hierbij gaan om mensen in een crisissituatie en daklozen30. Het is aan de gemeente om vast te stellen dat het om een tijdelijk verblijf gaat en in deze specifieke situaties een uitzondering te maken en de kostendelersnorm niet toe te passen. Een project dat inwonen stimuleert en zich specifiek richt op de economisch daklozen is “Onder de pannen”31. Dit project van De Regenboog Groep koppelt mensen die een kamer over hebben en kampen met eenzaamheid aan mensen die geen eigen huisvesting hebben. Op eventuele uitkeringen of toeslagen wordt niet gekort. Degene die de kamer verhuurt kan 100 euro per maand extra verdienen. Mensen met een huurachterstand tot €2500,- kunnen deze bovendien in één keer afbetalen door een kamer aan te bieden voor het project.
Ook de grootste Amstelveense woningcorporatie ‘Eigen Haard’ staat positief ten opzichte van dit project, tenzij het alleenstaanden betreft die in woningen verblijven die eigenlijk voor grotere gezinnen geschikt zijn. Dan is verhuizing naar een kleinere woning te prefereren. 4) Passantenpensions: tijdelijke opvang Mocht een verblijf binnen het eigen netwerk niet lukken dan zijn er de zogenaamde passantenpensions voor zelfredzame daklozen met binding met de regio Amsterdam. Momenteel zijn er in Amsterdam 5 passantenpensions32 met een gezamenlijke capaciteit van 234 bedden. Een passantenpensions biedt een tijdelijke woonplek voor de periode van een half jaar33. Een gemeubileerde kamer wordt voor 15 euro per dag gehuurd. De gasten van het pension kunnen er zelf koken. Er is toezicht maar geen additionele hulp zoals maatschappelijk werk of medische zorg. Het is de bedoeling dat de gasten zelf werken aan een oplossing voor hun problemen en op zoek gaan naar een (zelfstandige) woonplek. Voor ouders die de relatie hebben beëindigd, in de buurt van hun kinderen willen blijven wonen, maar niet op korte termijn betaalbare huisvesting kunnen krijgen, kunnen in verschillende gemeenten tijdelijk (12 maanden) terecht in zogenaamde ‘parenthouses’.34
28
Artikel 18 lid 1 Participatiewet; Het college stemt de bijstand en de daaraan verbonden verplichtingen af op de omstandigheden, mogelijkheden en middelen van de belanghebbende. 29 Van 21 jaar of ouder 30 Brief van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (2015) 31 https://www.onderdepannen.nl/ 32 Passantenhotel Boerhaave (60), passantenpension Anton Struik (63), passantenpension Ruysdael (50), passantenpensionen De Nassau (14) en passantenpension Batjan (47) 33 In de praktijk is een uitloop mogelijk 34 http://www.parentshouses.nl/
16
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
5) Laagdrempelige opvang in hostels Amsterdam kent goedkope hostels waar behalve door toeristen ook al door (economisch) daklozen gebruik van wordt gemaakt. Een publiek-private samenwerking tussen de gemeente en een hostel in Amstelveen zou voor een deel van de (economisch) daklozen een tijdelijke (nood)oplossing kunnen bieden. Samenwerking met hotels vindt in Amsterdam o.a. plaats door de Regenboog Groep 6) Buurtteams Er zijn plannen om de Buurtteams Amsterdam meer verantwoordelijkheid te geven bij huisvestingsproblemen van personen uit de buurt. Wanneer de cliënt niet door het buurtteam kan worden begeleid vanwege ontbrekende expertise of noodzaak tot bescherming, kan er doorverwezen worden naar de Centrale Toegang voor maatschappelijke opvang of beschermd wonen. Totdat er een plek of ondersteuning aangeboden kan worden vanuit maatschappelijke opvang of beschermd wonen , kan het zijn dat het buurtteam de regie en de ondersteuning blijft bieden. 35 Bij de begeleiding van deze personen moet er wel rekening mee gehouden worden dat er ondersteuning nodig is op meer vlakken dan huisvesting. Een onderzoek uitgevoerd bij ‘ zelfredzame daklozen’ in de huizen van de wijk leert dat er naast huisvesting problemen waren op het gebied van administratie, financiën en psychisch welbevinden. 36
3.3 Omvang economisch daklozen Amstelveen Een exact antwoord op de vraag hoeveel Amstelveners (economisch) dakloos zijn kan niet worden gegeven. Er kan wel een indicatie worden gegeven. Hiervoor zijn de volgende bronnen bekeken: De centrale toegangen voor maatschappelijke opvang: o Volwassenen ; screeningsbalie Bijzondere Doelgroepen aan de Jan van Galenstraat Amsterdam o Dakloze jongeren (tot 23 jaar); afdeling MGGZ Vangnet, GGD Amsterdam o Dakloze gezinnen; afdeling MGGZ Vangnet, GGD Amsterdam Centrale toegang beschermd wonen Winteropvang Het aantal aangevraagde briefadressen.
35
Uitvoeringsdocument Buurtteams Amsterdam; gemeente Amsterdam 2020 Pilot warme overdracht voor zelfredzame daklozen van de CTMO naar Huizen van de Wijk in Amsterdam 2018-2019 Evaluatieonderzoek november 2019; Tim Oosterveer, Gwen van Husen, Matty de Wit (2019). 36
17
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
3.3.1 Centrale toegangen voor maatschappelijke opvang Screeningsbalie Bijzondere Doelgroepen Jan van Galenstraat; Volwassenen Personen die dakloos zijn kunnen zich melden bij het daklozenloket aan de Jan van Galenstraat. Daar wordt door medewerkers van de GGD bekeken wat de beste route voor iemand is. Bij de meer kwetsbare groep kan dit leiden tot een indicatie voor verblijf in de maatschappelijke opvang met de bijbehorende zorg. De economisch daklozen, waarbij het vooral gaat om het wonen en niet zozeer om de zorg, worden voor ondersteuning naar Huizen van de Wijk of Algemeen Maatschappelijk Werk verwezen. Wel kan het daklozenloket voor deze groep, indien dit nog niet het geval was, een briefadres37 en een uitkering voor adreslozen regelen. Een briefadres wordt geregistreerd in de BRP. Dit administratieve adres maakt het vervolgens mogelijk om een uitkering aan te vragen, maar bijvoorbeeld ook een zorgverzekering of toeslag. Met een tijdelijk briefadres wordt dus voorkomen dat men na het verlies van een vast woonadres in de vicieuze cirkel van geen geld - dus geen huis - dus geen recht op een uitkering raakt.
40
400
30
300
20
200
10
4
6
6
6 3
4
4
0
100
0 2017,3 2017,4 2018,1 2018,2 2018,3 2018,4 2019,1 uit Amstelveen
Aantal aanmeldingen uit Amsterdam
Aantal aanmeldingen uit Amstelveen
Figuur 3.4: Aanmeldingen voor de maatschappelijke opvang Volwassenen (vanaf 23 jaar) per kwartaal
uit Amsterdam
Bij het daklozenloket wordt naar de reden van dakloosheid gevraagd. Dit gebeurt echter bijna uitsluitend wanneer men bij ‘woonsituatie’ aangeeft dakloos te zijn. Hierdoor zijn de aantallen te klein om apart voor Amstelveen te vermelden. Daarom wordt voor de gehele groep die zich meldt de reden van dakloosheid weergegeven in figuur 3.5. Ongeveer een derde (n=58, 31%) verloor zijn huisvesting door een (dreigende) huisuitzetting, ontruiming of beëindiging van een huurcontract38. In iets meer dan de helft van deze gevallen (n=30, 52%) betrof dit een sociale huurwoning, daarvan ging het in 60% van de gevallen (n=18) om een huurachterstand.
37 38
Briefadressen kunnen ook via organisaties als Leger des heils, HVO/Querido en daklozenvakbond worden geregeld. Dit betreft niet alleen de formele huisuitzettingen (van een huur- of koopwoning), maar ook huisuitzetting als gevolg van het ontbinden of beëindigen van het huurcontract van een kamer of een woning in onderhuur als gevolg van overlast, oneigenlijk gebruik, huurachterstand of einde huurcontract.
18
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Voor eveneens een derde (31%) gold dat zij hun huis verlieten na een conflict, of op verzoek van medebewoner(s). Komst vanuit het buitenland bleek voor 13% de reden van de problematische huisvesting. Ten slotte was voor 9% gebrek aan huisvesting na verblijf in een instelling, ziekenhuis of voorziening de reden van dakloosheid.
Figuur 3.5: Reden dakloosheid (n= 188); 1 juni 2017 t/m 1 april 2019.
Onbekend 2% Anders 14% Ontslag instelling 9%
Uitzetting/einde contract 31%
(terugkomst) buitenland 13% Conflict / Relatiebreuk 31%
Figuur 3.6: Woonsituatie bij aanmelding voor Maatschappelijke Opvang
100% 90% 80%
Eigen huis
70% Instelling
60% 50%
Familie vrienden
40% 30%
Ongeschikte huisvesting
20% Dakloos/nachtopvang
10% 0% Amstelveen (n=28)
Amsterdam (n=1967)
19
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Centrale toegang dakloze jongeren (tot 23 jaar) Jongeren met huisvestingsproblemen kunnen zich melden bij het centraal meldpunt dakloze jongeren van de GGD Amsterdam. Het gaat hierbij echter wel om jongeren met extra problemen op het gebied van bijvoorbeeld financiën, dagbesteding, huiselijke relaties, sociaal netwerk, geestelijke gezondheid en verslaving.
Figuur 3.7: Aanmeldingen bij de centrale toegang dakloze jongeren naar gemeente van herkomst. (Bron GGD, veldregie jeugd)
Aanmeldingen Amsterdam
350
40 35
370 332
300
312
30
250
25
200
20
150 100
15 8
7
50
10 5
5
0 2017 Amsterdam
2018 Amstelveen
0
Aanmeldingen Amstelland gemeenten
400
2019 Overig Amstelland/Diemen
Figuur 3.7 toont het aantal aanmeldingen bij het meldpunt. Op de linker Y-as kunnen de aantallen voor Amsterdam worden afgelezen, op de rechter die voor de Amstelland gemeenten. Hier is wederom, gelijk aan de verschillen in bevolkingsomvang, de Amsterdamse as 10x zo groot als die van de Amstelland gemeenten. Hier valt op dat ook het aantal Amstelveense jongeren dat zich meldt bij de centrale toegang relatief klein is. Centrale toegang dakloze gezinnen Dakloze gezinnen die in aanmerking willen komen voor maatschappelijke opvang kunnen door een verwijzer worden aangemeld bij het Centraal Meldpunt dakloze gezinnen (CMDG) van de GGD Amsterdam. Amsterdam heeft hierin een regiofunctie. In geval van nood, en wanneer er nog geen passende voorziening beschikbaar is, kunnen gezinnen ook tijdelijk worden opgevangen in de noodopvang. Ook aan Amsterdamse gezinnen die niet aan de toelatingscriteria van de MO voldoen kan, vanwege het uitgangspunt dat er geen kinderen op straat mogen verblijven, noodopvang worden geboden. Door middel van begeleiding wordt het gezin dan wel actief (terug)geleid naar het eigen netwerk of een andere oplossing voor iemands situatie van dakloosheid. Voor de noodopvang van “zelfredzame” gezinnen zijn de regiogemeenten in principe zelf verantwoordelijk. Amstelveen heeft hiertoe drie noodwoningen beschikbaar als tijdelijk verblijf voor gezinnen.
20
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Figuur 3.8: Aantal meldingen bij het Centraal Meldpunt Dakloze Gezinnen en noodopvang in Amsterdam; 2017-2019
Het aantal gezinnen dat de afgelopen jaren vanuit Amstelveen is aangemeld bij het centrale meldpunt dakloze gezinnen en/of de noodopvang39 is beperkt, met in totaal 12 gezinnen in 2019, maar laat wel een stijging zien.
3.3.2 Centrale toegang beschermd wonen Beschermd wonen richt zich op mensen die wegens psychiatrische aandoeningen een beschermende woonomgeving nodig hebben. Deze groep cliënten is klinisch uitbehandeld, maar (nog) niet in staat om zelfstandig te wonen. De groep is niet dakloos maar loopt, wanneer iemand niet in aanmerking komt voor beschermd wonen, wel het risico om na uitstroom uit een kliniek dakloos te worden. Wanneer iemand niet in aanmerking komt voor een beschikking beschermd wonen kan worden verwezen naar de wijkzorg of de centrale toegang van de maatschappelijke opvang. Het aantal Amstelveners dat zich meldt bij de centrale toegang beschermd wonen is, gerelateerd aan het inwonertal, klein. Gemiddeld melden zich 14 Amstelveners per kwartaal bij de Amsterdamse centrale toegang voor beschermd wonen.
39
Op 1 januari verbleven er 252 gezinnen in de Amsterdamse noodopvang
21
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Figuur 3.9: Aanmeldingen voor beschermd wonen per kwartaal; (Laatste) gemeente van inschrijving of adres:
40
400
30
300
20
200
10
100
0
0
Aantal aanmeldingen uit Amsterdam
Aantal aanmeldingen uit Amstelveen
Amsterdam versus Amstelveen
2017,3 2017,4 2018,1 2018,2 2018,3 2018,4 2019,1 uit Amstelveen
uit Amsterdam
3.3.3 Winteropvang Gedurende de winterperiode is er in Amsterdam winteropvang. Deze winteropvang is bedoeld voor alle daklozen die niet in staat zijn om alternatieven te vinden voor onderdak. Het gaat om avond- en nachtopvang. De winteropvang is een extra regeling naast de structurele nachtopvang. Er wordt gratis een bed, een douche, een warme maaltijd en ontbijt geboden.
Figuur 3.10: Gebruik van winteropvang (2017/18 of 2018/19) bij personen die zich in de periode 1 juli 2017 t/m maart 2019 aangemeld hebben bij BW of MO;
25% 20% 15% 10%
niet in WKO
374
5
5% 0%
WKO
69
1 Amsterdam Amstelveen (n=2013) (n=103) BW
Amsterdam Amstelveen (n=2124) (n=32) MO
22
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Van de 32 Amstelveners die zich in de periode juli 2017 tot en met maart 2019 hebben aangemeld bij de centrale toegang maatschappelijke opvang, hebben er 5 (18%) gebruikgemaakt van de winteropvang 2017/2018 of 2018/201940. Voor de Amsterdammers die zich hadden aangemeld waren dit er 374 van de 2124 (17%). Van de 103 Amstelveners die zich in de periode juli 2017 tot en met maart 2019 hadden aangemeld bij de centrale toegang voor beschermd wonen, heeft 1 persoon (1%) gebruikgemaakt van de winteropvang. Van de Amsterdammers waren dit er 69 van de 2013 (3%).
3.3.4 Briefadressen en uitkeringen voor adreslozen van Amstelveners in Amsterdam Een belangrijke indicator voor het aantal (economisch) daklozen is het aantal briefadressen. Een briefadres voorkomt dat iemand zonder woonadres zijn inschrijving in de Basisregistratie Personen verliest. Het zorgt er bovendien voor dat een bijstandsuitkering of zorgverzekering kan worden behouden of aangevraagd. Alle relevantie correspondentie hierover loopt via het briefadres. Amsterdam heeft een regiofunctie voor het aanvragen van een briefadres. Ook dak-of thuislozen uit de gemeenten Aalsmeer, Amstelveen, Diemen, Ouder-Amstel of Uithoorn maken dus aanspraak op een Amsterdams briefadres. Het aanvragen van een briefadres kan bij de afdeling Inkomen van de gemeente Amsterdam, HVOQuerido of de Daklozenvakbond41. De onderstaande figuren tonen afwisselend het aantal briefadressen op peilmoment 1 januari en het jaarlijks aantal nieuwe briefadressen naar laatst ingeschreven woongemeente. De figuren worden allereerst getoond voor de groep jonger dan 27 jaar, vervolgens voor de groep van 27 jaar en ouder. Voor de groep jonger dan 27 jaar geldt dat zowel het aantal briefadressen op een peilmoment als het jaarlijks aantal nieuwe briefadressen beperkt is. Het aantal jongeren onder de 27 jaar dat zich meldt voor een briefadres lijkt wel een stijging in te zetten.
Al is deze beperkt in vergelijking met Amsterdam, maar ook in verhouding tot andere Amstellandgemeenten. De getallen zijn slechts klein waardoor de kans dat de fluctuatie op toeval berust groot is.
40
Het is niet exact bekend hoeveel mensen uit Amstelveen bekend waren in de winteropvang, omdat
er bij de intake voor de winteropvang niet bij iedereen de gemeente van herkomst wordt geregistreerd. Dit wordt wel gedaan bij de mensen die zich bij de Jan van Galenstraat melden voor een postadres of plek in de MO. 41 Afhankelijk van het soort briefadres; Waar vraag ik een briefadres aan?
23
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Figuur 3.11: Aantal personen (< 27 jaar) met een briefadres op peildatum (1 januari 2017-2020) Amsterdam, Amstelveen en Amstellandgemeenten
Figuur 3.12: Aantal personen (<27 jaar) dat nieuw een Amsterdams briefadres krijgt naar laatst ingeschreven gemeente
Ook voor de groep vanaf 27 jaar geldt dat het aantal briefadressen van personen die afkomstig zijn uit Amstelveen op de peilmomenten (1 januari) beperkt is en de laatste jaren niet stijgt. n. Het aantal personen vanaf 27 jaar dat zich nieuw meldt voor een briefadres is sinds 2017 zelfs gedaald van 13 personen naar 7 personen in 2019.Dit in tegenstelling tot de stijgende trend die in Amsterdam en andere Amstellandgemeenten wordt waargenomen.
24
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Figuur 3.13: Aantal personen (27 jaar en ouder) met een briefadres op peildatum (1 januari 2017-2020) Amsterdam, Amstelveen en Amstellandgemeenten
Figuur 3.14: Aantal personen (27 jaar en ouder) dat nieuw een Amsterdams briefadres krijgt naar laatst ingeschreven gemeente
Voor dit onderzoek is bij WPI nagevraagd of eenzelfde analyse gemaakt kon worden met bijstandsuitkeringen voor adreslozen in Amsterdam en te achterhalen hoeveel mensen uit Amstelveen afkomstig waren. Dit bleek echter niet mogelijk. Aangezien een dergelijke uitkering vaak gepaard gaat met een briefadres wordt verwacht dat dit geen andere bevindingen had opgeleverd.
25
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
3.3.5 Amstelveense briefadressen In Amstelveen zelf worden ook briefadressen verstrekt aan daklozen of mensen die ergens wonen waar zij zich niet kunnen inschrijven. Het briefadres is dan het adres van een bekende of een instelling. In figuur 3.15 zijn de categorieën geselecteerd die mogelijk duiden op economisch daklozen; 38 toegekende briefadressen in 2018 en 46 in 2019. De categorieën zijn niet allemaal even duidelijk en hebben soms betrekking op de reden van het adresprobleem, soms op de woonsituatie, soms op een achterliggend probleem (schulden).
Figuur 3.15: Aantal toegekende Amstelveense briefadressen naar reden; 2018-2019
Opvallend is het relatief hoog aantal briefadressen dat is toegekend in verband met het ontbreken van toestemming om in te schrijven op het verblijfadres; 16 in 2018 en 18 in 2019. Meestal heeft een uitkering of het ontvangen van toeslagen van de hoofdbewoner invloed op het wel of niet mogen inschrijven op een verblijfadres. Deze categorie lijkt daarmee niet geheel uitsluitend met de categorie in verband met de uitkering van de medebewoner.
3.4 Druk op woningmarkt Amstelveen De druk op de Amstelveense woningmarkt is hoog en in de afgelopen jaren toegenomen. Dat is onder andere te zien in de benodigde inschrijfduur. De gemiddeld benodigde inschrijfduur is de afgelopen 3 jaar voor zowel starters als doorstromers toegenomen tot recordhoogtes; respectievelijk van 10,2 naar 14 jaar, en 21,3 naar 23,4 jaar. Daarbij is ook het aantal actief woningzoekenden toegenomen van 28.818 in 2017 naar 31.282 in 2018. De gemiddelde slaagkans voor een regulier woningzoekende (excl. de directe bemiddelingen) is in de afgelopen drie jaar dan ook afgenomen (van 1,3% in 2016 naar 0,9% in 2018).Voor reguliere woningzoekenden is de krapte op de woningmarkt dan ook duidelijk voelbaar geworden. Van alle
26
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
huishoudtypen in Amstelveen hebben 1-persoonshuishoudens de laagste slaagkansen (0,7%). De lage slaagkans is toe te schrijven aan het feit dat er minder woningen beschikbaar komen. In 2018 heeft Eigen Haard in Amstelveen 445 sociale huurwoningen verhuurd via WoningNet. Een derde (33%) van deze verhuringen is gereserveerd voor kwetsbare groepen en komt via direct bemiddeling42 tot stand. Daarnaast is nog een deel via WoningNet aan specifiek doelgroepen verhuurd (o.a. sociaal medisch urgenten). Dit betekent dat er in 2018 nog 242 woningen zijn voor de reguliere woningzoekenden inclusief de doelgroep van deze studie. Mensen die slechts kort ingeschreven staan zijn niet helemaal kansloos. Woningcorporaties waaronder Eigen Haard bieden 15 procent van hun vrijgekomen woningen aan als lotingwoning waarbij er wordt geloot onder alle belangstellenden.
Tabel 1: Aantal verhuringen, woningzoekenden, benodigde inschrijfduur en gemiddelde slaagkans; 2017-2018 2016 Aantal verhuringen Waarvan directe bemiddeling
2017
2018
476
445
160 (34%)
147 (33%)
nnb
56 (13%)
nnb
28.818
31.282
nnb
Waarvan sociaal medisch urgenten Aantal actief woningzoekenden
2019
Gemiddeld benodigde inschrijfduur Doorstromer
21,3
21,3
23,4
nnb
Starter
10,2
12,8
14
nnb
1,3%
1,1%
0,9%
nnb
2017
2018
2019
Gemiddelde slaagkans voor regulier woningzoekenden Huisuitzetting Eigen Haard, wegens huurachterstand
42
Sociale huur
7
6
3
Vrije sector/middensegment huur
3
0
1
De woning is dan niet geadverteerd, maar direct aan een klant aangeboden. Het betreft stadsvernieuwingskandidaten,
kandidaten die via gemeenten aangemeld worden (statushouders, omklapcontracten uit eerdere jaren) en doorstroombevorderende maatregelen (van Groot naar Beter, woningruil).
27
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
3.5 Is de ondersteuning voor de economische adres- of dakloze Amstelveners adequaat geregeld? Voor iemand die dakloos is of dreigt te raken met onvoldoende of geen middelen – zoals inkomen, inschrijfduur of sociaal netwerk – en te weinig bijkomende problematiek, is het waarschijnlijk moeilijk om binnen Amstelveen een oplossing te vinden. De website van de gemeente Amstelveen geeft niet veel hoop. Voor een urgentie komt de economisch dakloze waarschijnlijk niet aanmerking tenzij hij/zij de zorg draagt voor kinderen:
De gemeente verleent alleen een urgentie aan woningzoekenden die in een acute noodsituatie verkeren en op zeer korte termijn een woning nodig hebben. Alleen in zeer bijzondere situaties wordt een urgentie verstrekt. Een woonurgentie wordt bijvoorbeeld niet verstrekt als: u gaat scheiden of u gescheiden bent zonder zorg te 43 dragen voor kinderen.
Toch zou het verbreden van de urgentie-criteria het probleem van de woningnood alleen verplaatsen; er komen dan immers minder woningen beschikbaar voor de andere woningzoekenden. Om te voorkomen dat iemand ‘adresloos’ wordt is een briefadres van belang. Bij het zoeken naar informatie over het aanvragen van een briefadres wordt aan dak-of thuislozen geadviseerd om naar Amsterdam te gaan.
Fragment van website gemeente Amstelveen, briefadres aanvragen Dak- of thuisloosheid.44 In deze situatie moet u eerst contact opnemen met het opvangadres Amsterdam (met verwijzing naar de volgende tekst: Informatie op de website van Amsterdam: "Bent u dakloos en 18 jaar of ouder? Of verblijft u op wisselende adressen in Amsterdam of Aalsmeer, Amstelveen, Diemen, Ouder-Amstel of Uithoorn? Kom dan langs bij de screeningsbalie van Bijzondere Doelgroepen voor hulp en advies. U kunt hier zonder afspraak langskomen." "Leef je op straat of verblijf je op wisselende adressen in Amsterdam of Aalsmeer, Amstelveen, Diemen, OuderAmstel of Uithoorn? Dan kun je via hulpverleners in de wijk, zoals de maatschappelijke dienstverlening, terecht bij afdeling MGGZ Vangnet van de GGD. Je kunt ook terecht bij de inloop van Streetcornerwork.
43
https://www.amstelveen.nl/amstelveenloket/product/zorg-en-ondersteuning_uw-zorg-en-ondersteuningsvragen-aande-gemeente_urgentieverklaring-huurwoning-aanvragen (d.d. 31/3/2020) 44 https://www.amstelveen.nl/home/product/briefadres-aanvragen (d.d. 31/3/2020)
28
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Het probleem voor de economische of zelfredzame daklozen die naar Amsterdam worden verwezen is dat ook Amsterdam beperkte mogelijkheden heeft voor huisvesting. Zowel de screeningsbalie Bijzondere Doelgroepen als de afdeling MGGZ Vangnet van de GGD zijn gericht op het selecteren van de groep die in aanmerking komen voor een (dure en schaarse) plek in de maatschappelijke opvang of het beschermd wonen. Hoewel er door de dienst Werk, Inkomen en Participatie (WPI) een briefadres of daklozenuitkering geregeld kan worden, zijn de mogelijkheden voor hulp bij huisvestingsproblemen beperkt. Dat economische daklozen zo tussen wal en schip dreigen te vallen is onder andere in het rapport van de rekenkamer45 aan de kaak gesteld. Hoewel sinds dit rapport het aantal plaatsen in passantenpensions is uitgebreid, en er initiatieven zoals tijdelijke huisvesting in sloop- en renovatiepanden zijn gestart voor tijdelijke opvang voor deze groep, blijft de druk op deze voorzieningen hoog. 46, 47 Toch is er iets tegenstrijdigs. Enerzijds worden daklozen verzocht zich in Amsterdam te melden, anderzijds kan echtscheiding of ontruiming een reden zijn om een briefadres aan te vragen. Dit kan echter niet op een gemeentelijk adres in Amstelveen. Wel zijn er mogelijkheden zich tijdelijk in te schrijven op een privé-adres (zie 3.3.5).
De betrokkene heeft dan nog wel iemand uit zijn netwerk nodig die zijn adres beschikbaar willen stellen. Opvallend is dat er uiteindelijk meer mensen met huisvestingsproblemen in Amstelveen een briefadres krijgen dan in Amsterdam.48 Opvang van daklozen in Amstelveen De gemeente Amstelveen heeft drie woningen beschikbaar waar gezinnen met acute huisvestingsproblemen tijdelijk kunnen verblijven. Bij navraag bleek dat dit voldoende was om de zelfredzame) gezinnen te huisvesten. Voor daklozen zonder zorg voor kinderen is er tot nog toe geen opvang.
45
https://www.rekenkamer.amsterdam.nl/onderzoek/wachten-op-opvang/ https://www.parool.nl/amsterdam/tweehonderd-extra-woningen-voor-economisch-daklozen~bcd87b8e/ 47 https://vng.nl/artikelen/economisch-daklozen-vallen-tussen-wal-en-schip 48 13 in Amsterdam versus 46 in Amstelveen. 46
29
GGD Amsterdam
Versie 2.0 1 oktober 2020
Bijlage Indicator: Vertrokken Onbekend Waarheen (VOW) bleek nietbruikbaar in dit onderzoek, daarom is deze als bijlage toegevoegd.Een andere indicator voor (economische) daklozen is het aantal mensen dat is uitgeschreven uit de Basisregistratie Personen zonder dat bekend is waar zij heen zijn gegaan (Vertrokken Onbekend Waarheen (VOW)). Deze informatie bleek onvoldoende bruikbaar voor dit onderzoek. Naast de vertrokken onbekend waarheen uitschrijvingen vanwege dakloosheid, zijn er namelijk ook een groot aantal van dit soort uitschrijvingen vanwege een andere reden. Er zijn twee groepen die de cijfers vertekenen: 1. De studenten: Amstelveen heeft een grote studentencampus, Uilenstede, met circa 3.400 inwoners. Een deel van de studenten dat na de studie naar een andere stad verhuist vergeet een adreswijziging door te geven aan de gemeente. De gemeente Amstelveen schrijft deze studenten vervolgens uit de Basisregistratie personen (BRP) met label vertrokken onbekend waarheen. De totaalcijfers in onderstaand figuur konden gecorrigeerd worden voor de studenten die VOW zijn uitgeschreven vanuit een Uilenstede-adres. 2. De Kennismigranten: Amstelveen is een expat-stad. Kennismigranten vergeten zich soms bij terugkeer naar land van herkomst uit te schrijven. De twee belangrijkste groepen kennismigranten in Amstelveen zijn de Indiërs en de Japanners.
Er mag binnen de BRP niet worden gefilterd op nationaliteit. Hierdoor kunnen de kennismigranten niet op basis van nationaliteit uit de cijfers worden gefilterd. In de BRP is ook de verblijfstitel “verblijfsvergunning arbeid als kennismigrant”, verstrekt door de IND, opgenomen. De IND blijft echter eigenaar van deze informatie. Om deze reden konden de cijfers ook niet op basis van deze variabele worden gecorrigeerd.
Figuur: Vertrokken Onbekend Waarheen, vanuit Amstelveen; 2017-2019
30
3.4 Aanpak Eenzaamheid 1 Dossier 530 voorblad.pdf
Raadscommissie voor Burgers en samenleving Dossiernummer
530
Vertrouwelijk
Nee
Vergaderdatum
26 mei 2021
Agendapunt
3.4
Omschrijving
Aanpak Eenzaamheid
Geagendeerd
Vergaderdatum
Raadscommissie voor Burgers en
26 mei 2021
samenleving Raadscommissie voor Burgers en
26 mei 2021
samenleving Toelichting Het college van B&W wil met de commissie in gesprek over de Amstelveense aanpak om eenzaamheid in Amstelveen te verminderen. Herkent de commissie zich in de voorgestelde aanpak en welke wensen, bedenkingen of suggesties wil de commissie meegeven?
1 Notitie Aanpak eenzaamheid
Notitie Aan
Commissie B&S
Van
College van B&W
Betreft
Ter bespreking aanpak Eenzaamheid
Datum
12 april 2021
Geachte commissieleden, Het verminderen van eenzaamheid in Amstelveen is een van de actiepunten van dit college. Met deze notitie ontvangt u de aanpak: onze visie, een analyse en de werkwijze. Visie We hebben in Amstelveen een kwalitatief goed zorgaanbod, allerlei activiteiten en ontmoetingsmogelijkheden en een enorme schat aan vrijwilligers. Desondanks maken cijfers duidelijk dat eenzaamheid niet afneemt. In Amstelveen is vier op de tien mensen weleens eenzaam. Dat betekent dat we anders moeten kijken naar eenzaamheid. We zien soms dat de vele initiatieven die eenzaamheid bestrijden, eenzaamheid willen oplossen door het aanbieden van nieuwe sociale contacten. Hoewel onderzoeken laten zien dat deelname aan activiteiten, zoals vrijwilligerswerk, sportverenigingen, helpt om eenzaamheidsgevoelens tegen te gaan is het eenvoudigweg betrekken van eenzame mensen bij bijvoorbeeld een etentje geen oplossing, omdat er voorbij wordt gegaan aan de complexiteit van eenzaamheid. Dit illustreert het ervaringsverhaal dat u kunt teruglezen in de aanpak. Dat eenzaamheid een persoonlijk, subjectief gevoel is dat bij elk persoon zich anders manifesteert en verweven is met allerlei levensgebieden. Analyse Voor het oplossen van eenzaamheid is er niet één aanpak toepasbaar op al die verschillende doelgroepen en persoonlijke situaties.
Een duurzame aanpak staat daarom niet in het teken van meer aanbod creëren. De belangrijkste opgave is een gezicht geven aan eenzaamheid. Met als belangrijke prioriteit het delen van kennis en kunde over eenzaamheid. Onze partners voelen zich betrokken bij het thema eenzaamheid, het gevoel van urgentie om een bijdrage te leveren groeit. De komende tijd gaan we dan ook verder met het mobiliseren en bundelen van vele krachten. De landelijke aanpak Het landelijke actieprogramma één tegen eenzaamheid zet in op het creëren van lokale sterke netwerken. Als gemeente zijn wij daarbij aangesloten. Vanuit het actieprogramma wordt ondersteuning geboden op kennis en kunde om de lokale aanpakken te versterken. De Amstelveense aanpak is dan ook door ondersteuning en advies vanuit VWS tot stand gekomen. De Amstelveense aanpak: een alliantie tegen eenzaamheid Een sociaal vraagstuk als eenzaamheid oppakken lukt niet vanuit één organisatie. Je hebt elkaars organisatie, expertise en netwerk nodig. Een duurzame uitnodigende aanpak tegen eenzaamheid is een zoektocht naar het bundelen van elkaars krachten. Dit vraagt om een breed gedragen gevoel van verantwoordelijkheid bij onze professionals, maar ook bij professionals in het veld, de vele vrijwilligers en onze inwoners.
Deze nota is geen uitgewerkt beleidsplan, maar een weergave van een nieuwe kijk op eenzaamheid en een middel om de alliantie tegen eenzaamheid vorm en inhoud te geven.
Pagina
2 van 2
Corona We leven nu meer dan ooit met elkaar op afstand en blijven veel thuis. De kans op (ernstige) eenzaamheid wordt zo vergroot. Dit vraag om een aanpak die aansluit bij de ervaringen van nu. Met deze aanpak geloven we dat we de maatschappelijke aandacht voor eenzaamheid in Amstelveen kunnen vergroten. Het gaat erom dat ook inwoners weten: hoe herken je eenzaamheid? We zien elkaar wel, maar herkennen eenzaamheid niet altijd. Als we dat beter kunnen organiseren met elkaar, kunnen we een belangrijke stap zetten De aanpak zullen we dan ook op de gemeentelijke website beschrijven en bijhouden. Via die pagina kunnen organisaties en inwoners deelnemen aan de alliantie of informatie en ideeën delen. Graag horen wij in de commissievergadering burger en samenleving op 19 mei of u zich herkent in de aanpak die wordt voorgesteld en welke wensen, bedenken of suggesties u wilt meegeven.
1 Bijlage 1 Aanpak eenzaamheid
UITNODIGING AMSTELVEENSE AANPAK TEGEN EENZAAMHEID
H1
Inleiding
Aanleiding We leven nu meer dan ooit met elkaar op afstand en blijven veel thuis. De kans op (ernstige) eenzaamheid wordt zo vergroot. Dit vraag om een aanpak die aansluit bij de ervaringen van nu. De belangrijkste opgave is een gezicht geven aan eenzaamheid. Met als belangrijke prioriteit het delen van kennis en kunde over eenzaamheid. Veel mensen lopen niet te koop met hun eenzaamheid. Men schaamt zich ervoor en voelt zich een mislukkeling. Soms hoort het ook bij het leven, en gaat de periode ook weer over. Eenzaamheid wordt echt een probleem wanneer mensen zich ernstig of langdurig eenzaam voelen. Het heeft vervelende gevolgen voor de gezondheid. Het kan ervoor zorgen dat mensen minder energie hebben en minder goed mee kunnen. Dan kan het zo erg worden, dat je er zelf niet meer uit komt. Voor vier op de tien Amstelveners geldt dat zij zich, zoals we dat dan noemen, matig tot ernstig eenzaam voelen.1 In het College uitvoeringsprogramma en de nota sociaal domein 2019 is het tegengaan van eenzaamheid opgenomen als een van de belangrijke doelstellingen. We willen dat alle inwoners van Amstelveen ondanks eventuele beperkingen mee kunnen doen in de samenleving. De voorliggende aanpak is dan ook een netwerkaanpak: een bundeling van concrete inzichten, en een uitnodiging voor een ieder die zich wil inzetten voor een langere termijn aanpak op eenzaamheid.
Leeswijzer
Hieronder volgt eerst een inhoudelijke uiteenzetting over eenzaamheid in Amstelveen. Vervolgens zetten we de aanpak uiteen en zoomen we in op wat er al gebeurt: veel initiatieven, partijen en aanbod in de gemeente hebben direct of indirect het tegengaan van eenzaamheid tot doel. Tot slot gaan we in op een aantal organisatorische randvoorwaarden.
1 Bron: vierjaarlijkse gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen van de GGD, 2016
1.1 Eenzaamheid in Amstelveen We zien met de komst van het coronavirus in de wijken een toename aan klachten gerelateerd aan eenzaamheid (zie ook figuur 1.). Dit uit zich op verschillende manieren: Sombere gedachten Toename mensen met zorgen over toekomst (inkomen, gezondheid, contacten) Mensen die al problemen hadden voelen extra stress Onder kinderen en jeugd is er sprake van verveling Jongeren missen (fysieke) aansluiting Kwetsbare inwoners en hun netwerk (vrienden), mantelzorgers, kinderen) ervaren extra stress van geïsoleerd leven. Dit is geen uitputtende lijst. Eenzaamheidsproble matiek in kaart brengen is complex. Amstelveens buurten zijn divers opgebouwd en eenzaamheid laat zich moeilijk aan de buitenkant zien. Daarbij komt dat coronatijd het openbare leven op pauze heeft gezet, waardoor signalen moeilijker op te vangen zijn.
Doelgroepen
Uit 4-jaarlijks onderzoek van de GGD weten we welke doelgroepen vaker last heb ben van eenzaamheid. Matige eenzaamheid is het hoogst onder 75-plussers, ern stige eenzaamheid komt relatief vaak voor onder 19- t/m 34-jarigen. Verder komt ernstige eenzaamheid vaker voor bij mensen met een lage of middelbare opleiding, met een laag inkomen, zonder betaald werk, met een niet-Nederlandse herkomst en bij alleenwonenden.
Figuur 1. Fragment Draaitabel uit Onderzoek Impactmeting Corona bron: gemeente Amstelveen 2020
Q3_4. Ik voel me eenzamer
Q3_8. Ik ervaar meer saamhorigheid in de samenleving
Q3_10. Ik zet mezelf extra in voor anderen
Q39.1. Initiatieven om anderen te helpen
Q39.11. Hulp aan buren/ familie/ vrienden/kennissen
man
vrouw
18-34
35-49
50-64
65+
Totaal
(Helemaal) eens
23%
30%
39%
21%
22%
23%
26%
Neutraal
23%
16%
20%
18%
22%
19%
20%
(Helemaal) oneens
53%
54%
41%
61%
56%
58%
54%
(Helemaal) eens
34%
34%
21%
37%
36%
43%
34%
Neutraal
34%
32%
26%
34%
36%
35%
33%
(Helemaal) oneens
32%
35%
52%
29%
28%
22%
33%
(Helemaal) eens
31%
38%
31%
39%
44%
25%
35%
Neutraal
46%
41%
36%
42%
39%
56%
43%
(Helemaal) oneens
23%
21%
33%
19%
17%
19%
22%
No
88%
86%
89%
87%
84%
88%
87%
Yes
12%
14%
11%
13%
16%
12%
13%
No
84%
80%
89%
79%
77%
82%
82%
Yes
16%
20%
11%
21%
23%
18%
18%
1.2 Eenzaamheid een complex gevoel De oorzaken van gevoelens van eenzaamheid zijn complex en per persoon verschil lend. Hieronder volgt ter illustratie van die complexiteit een geanonimiseerd erva ringsverhaal: Ik ben al een lange tijd met eenzaamheid bekend, echter is het niet altijd zo duidelijk voor mijzelf geweest zoals het nu is. Wanneer ik begon met mij te distantiëren van vrienden, collega's en anderen weet ik niet meer precies, ik weet echter dat ik dit deed omdat ik mij minderwaardig voelde. Voor mijn gevoel had iedereen een leuk leven en bij mij ging het allemaal moeilijk, toen dacht ik nog dat ik hierin alleen was. Ondanks dat ik aardig wat vrienden en familie om me heen had voelde ik mij alsnog erg alleen en het laatste dat je dan wil horen is hoe goed iedereen om je heen het heeft.
Ik begon mij meer op werk te focussen, maar toen ik eenmaal een prettige werkplek had kon ik alleen nog maar denken aan de eenzaamheid en andere negatieve gedach ten. Hierdoor begon ik eerst fysieke klachten te vertonen, maar met fysiotherapie en andere hulp ben ik daar weer overheen gekomen. Toen ik bijna weer aan het werk was kreeg ik weer een vlaag aan negatieve gedachten en deze keer werd het te veel, ik kreeg een grote paniek aanval op werk en was in een klap al mijn energie kwijt en was voor een paar maanden emotioneel verdoofd. Het heeft mij 3 jaar geduurd voor ik de stappen durfde te zetten die ik nu heb gezet om mijn leven weer op gang te zetten. Met hulp van onder andere familie, vrienden waar ik het contact weer van heb opgezocht en mijn collega's bij TeamED ben ik al heel ver gekomen, maar zelfs nu heb ik nog vlagen van eenzaamheid en andere ne gatieve gedachten. Ondanks dat ben ik overtuigd in dat deze ervaringen mijn inzicht geven zodat ik anderen kan helpen richting een prettigere toekomst.
1.3 Omgaan met eenzaamheid
1.4 Doen wat werkt
Zowel afleiding zoeken (in werk of andere bezig heden) als ook wegkruipen (afstand creëren rich ting anderen), maakt eenzaamheid ten diepste niet draaglijker en kost soms juist ook energie, omdat je je eenzaamheid ‘er onder probeert te houden’. Eenzaamheid is dus een emotionele toestand, een gevoel, waar soms gedachten van waardeloosheid bij komen kijken.
We zien soms dat de vele initiatieven die een zaamheid bestrijden, eenzaamheid willen oplossen door het aanbieden van nieuwe sociale contacten. Hoewel onderzoeken laten zien dat deelname aan activiteiten, zoals vrijwilligers werk, sportverenigingen, helpt om eenzaam heidsgevoelens tegen te gaan is het eenvou digweg betrekken van eenzame mensen bij bijvoorbeeld een etentje geen oplossing, omdat er voorbij wordt gegaan aan de complexiteit van eenzaamheid.
Ook komt het soms voort uit psychische klachten die niet altijd even makkelijk te herkennen zijn. Zowel bij jezelf als bij een ander. Depressie en andere psychische problematiek dragen bij aan eenzaamheid of zijn er een gevolg van. Bij een gebroken been zie je wat er aan scheelt: bij een depressie of bij eenzaamheid niet. Een eenduidige aanpak is dan ook niet mogelijk, omdat het zoiets persoonlijks en complex is. Wat wel kan helpen – geven ook ervaringsdeskundigen aan – is meer aandacht en zichtbaarheid over de verhalen van eenzaamheid en aandacht voor het aanbod aan hulp en activiteiten wat er is in de gemeente. Eenzaamheid is een complex gevoel, verweven met veel leefgebieden, verschillende doelgroe pen en uiteenlopende problematiek. Eenzaam heid heeft weliswaar een piek bij 75+, maar komt in alle leeftijdsgroepen voor. Ook een wijziging in persoonlijke omstandigheden zoals het verlies van partner, echtscheiding, verhuizing of verlies van werk en inkomen kunnen eenzaamheid tot gevolg hebben.
Vaak wordt meer dagbesteding, het aanbieden van meer activiteiten en maatjes als oplossing gezien. Iedere vorm van eenzaamheid en iedere doelgroep vraagt een andere aanpak. Aanbieden van ontmoeting en activiteiten is niet altijd de oplossing. Voor het oplossen van eenzaamheid is er niet één aanpak toepasbaar op al die verschillende doel groepen en persoonlijke situaties. Veel interven ties zijn veelal op ouderen gericht. Terwijl een zaamheid bij jongeren en andere inwoners tussen de 19 en 65 jaar ook zeker aandacht verdient. Een duurzame aanpak staat daarom niet in het teken van meer aanbod creëren. De belangrijkste opga ve is een gezicht geven aan eenzaamheid en het herkennen ervan. Met als belangrijke prioriteit het delen van kennis en kunde over de diverse gezich ten van eenzaamheid.
H2
Amstelveense aanpak Eenzaamheid
Er zijn geen kant en klare oplossingen. Er zijn al veel interventies in Amstelveen. Een sociaal vraagstuk als eenzaamheid oppakken lukt niet vanuit één organisatie. Je hebt elkaars organisatie, expertise en netwerk nodig. Een uitnodigende aanpak tegen eenzaamheid is een zoektocht naar nieuwe verbindingen.
Bewustwording en agendering We zetten in op het concreet maken van de samenwerking met partners rond de Week van Eenzaamheid 2021 door geplande activiteiten af te stemmen en aan te jagen We zetten in op het verhogen van maatschappelijke aandacht: een gezicht geven aan eenzaamheid door bijvoorbeeld een communicatiecampagne
2.1 Amstelveense alliantie tegen eenzaamheid Een van de onderdelen van de aanpak tegen eenzaamheid is het verbinden van betrok ken organisaties in het vormen van een Amstelveense alliantie tegen eenzaamheid. De doelstelling van de Amstelveense alliantie is het gezamenlijk succesvol verminderen van eenzaamheid onder onze inwoners. Om tot zichtbare resultaten te komen wordt ingezet op het vergroten van de maatschappelijke aandacht voor eenzaamheid, kenni suitwisseling tussen organisaties, mensen meer naar elkaar laten omkijken en aandacht voor het signaleren en herkennen van eenzaamheid. Daarom focussen we ons op de drie volgende facetten: bewustwording, kennisdeling en signalering. Verbeteren signalering en kennisdeling Bij het ‘signaleren’ gaat het erom dat professionals en vrijwilligers beter en eerder signalen van eenzaamheid onder inwoners (0-100 jaar) herkennen en vervolgens ade quaat kunnen handelen. Acties waaraan je kunt denken om dit te bereiken zijn onder andere: - het geven van scholingen aan vrijwilligers.
Met de partners wordt de invulling en uitvoering samen ingevuld. Actie: We zetten in op het oprichten van een lokale werkgroep waaruit de samenwer king wordt aangejaagd voor de alliantie die aan de slag gaan met bewustwording, kennisdeling en signalering. Er zal een gezamenlijke startbijeenkomst met beoog de deelnemers van de werkgroep zijn na goedkeuring van het college. We nodigen partijen met belangrijk aanbod tegen eenzaamheid uit tot het toepassen van de Verbetertool Eenzaamheid van Movisie. Via deze tool krijgen organisaties inzicht hoe zij hun project of aanpak van eenzaamheid kunnen ver beteren, gebaseerd op inzichten uit onderzoek en praktijk We zetten in op een gezamenlijke communicatiestrategie met de organisaties van de alliantie