1. Jaarstukken 2025 Amstelveen
Tekst van het document
In artikel 5 lid 6 van de verordening 212 wordt een aantal reserves benoemd waarbij de werkelijke mutatie mag worden afgewikkeld als die hoger is dan begroot. De reserve stedelijke vernieuwing wordt in de opsomming niet vermeld in tegenstelling tot de reserve "Grote projecten". Nadat besloten is om de reserve "Stedelijke vernieuwing" vooral te bestemmen voor het afdekken van het risicoprofiel van Legmeer is het logisch om de reserve op dezelfde wijze te behandelen als "Grote projecten". Voorgesteld wordt om de reserve "Stedelijke vernieuwing" ingaande 2026 toe te voegen aan artikel 5 lid 6 en dit bij de eerstvolgende actualisatie van de verordening 212 te verwerken. De structurele dotatie aan de reserve bedraagt € 1 miljoen. Voorzieningenmutatie met toelichting
bedrag x € 1.000
Bijgestelde begroting toevoeging
onttrekking
a. saldo mutatie
Jaarrekening
Verschil
Dubieuze debiteuren
stand 1jan 1.342
toevoeging 228
onttrekking 796
stand 31dec 774
b. saldo mutatie -568
568
Totaal programma
1.342
228
796
774
-568
568
a-b
Dubieuze debiteuren In de verordening 212 staan gedragsregels voor het bepalen van het saldo dubieuze debiteuren. De voorziening geeft een indicatie van de vorderingen waar de gemeente een risico loopt ten aanzien van het (volledig) terugontvangen van vorderingen. De noodzakelijke omvang wordt vastgesteld door afhankelijk van de ouderdom van de openstaande posten een bepaald percentage als dubieuze vordering te beschouwen; tussen 1 en 2 jaar is dit 25%, tussen 2 en 3 jaar 50% en voor oudere vorderingen 100%. Dit leidt tot een toevoeging aan de voorziening met € 0,2 miljoen. De grootste post hierbinnen is voor belastingdebiteuren. Het restant heeft onder andere betrekking op opgelegde dwangsommen. De onttrekking betreft voor € 615.000 afboekingen van oninbare debiteuren. Daarnaast valt € 180.000 van de voorziening vrij doordat de gereserveerde bedragen niet meer benodigd zijn ter afdekking van het risico. pagina 78 van 243
Jaarstukken 2025
Verbonden partijen Naast de eigen organisatie dragen verbonden partijen bij aan het realiseren van de beleidsdoelstellingen. Bij de realisering van de doelstellingen van het programma Algemene dekkingsmiddelen zijn betrokken: Gemeentebelastingen Amstelland, Centrumregeling ambtelijke samenwerking Aalsmeer en Amstelveen, AmstelveenSport B.V., Stedin Groep (netwerkbedrijf) en NV Bank Nederlandse Gemeenten. Voor aanvullende informatie per partij wordt verwezen naar de paragraaf verbonden partijen.
Jaarstukken 2025
pagina 79 van 243
3 Paragrafen
Jaarstukken 2025
pagina 81 van 243
3.1 Lokale heffingen Inleiding De paragraaf lokale heffingen bevat, conform het BBV, een overzicht van de inkomsten, het beleid ten aanzien van de lokale heffingen en een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen, de lokale lastendruk en een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid. Beleidsvoornemens In de begroting 2025 staat de berekening van het gehanteerde overheadpercentage van 61%. Belangrijkste uitgangspunten voor het gemeentelijk tarievenbeleid zijn: Het toepassen van een jaarlijkse indexering voor loon- en prijsontwikkeling; Het hanteren van maximaal kostendekkende tarieven; Terughoudendheid ten aanzien van lokale lastendruk burgers en bedrijfsleven. Kwijtscheldingsbeleid De meest recente beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid staat in de begroting 2026: 3.1 Lokale heffingen | Kwijtscheldingsbeleid | Begroting 2026 . Grondslag heffingen In de Gemeentewet en een aantal bijzondere wetten is geregeld welke heffingen (belastingen en retributies) een gemeente mag opleggen. De gemeenteraad bepaalt de hoogte van het tarief en welke van die heffingen ook daadwerkelijk worden geheven. De commissie BBV heeft in 2021 het advies uitgebracht om in de paragraaf lokale heffingen een overzicht op te nemen van de te onderscheiden lokale heffingen, de maatstaf en de doelstelling die wordt beoogd met het opleggen van de heffing.
Deze is terug te vinden in de begroting 2025 van Amstelveen: Grondslag | Begroting 2025 . Inkomsten lokale heffingen Gemeten naar financiële omvang bepalen de onroerende zaakbelastingen, de afvalstoffenheffing en het rioolrecht met afgerond 72% de opbrengst lokale heffingen. bedrag x € 1.000 omschrijving Ozb niet-woning gebruik Ozb-niet-woning eigendom Ozb woning eigendom Toeristenbelasting Subtotaal belastingen Afvalstoffenheffing Rioolheffing Marktgelden Begraafrecht Grafrecht (onderhoud) Bouwleges Parkeerinkomsten Bevolking APV vergunningen Bedrijven Investeringszone (BIZ) Overig Subtotaal retributies Totaal
pagina 82 van 243
rekening 2024 6.075 8.765 14.821 1.816 31.477
begroting 2025 6.427 9.372 15.774 2.820 34.392
12.350 9.455 149 3.471 1.902 4.332 5.090 2.558 89 139 58 39.593 71.070
12.697 9.549 185 3.760 1.818 4.753 5.361 3.029 83 134 126 41.493 75.886
rekening programma 2025 6.486 8 9.261 8 15.811 8 2.798 3 34.356 12.655 9.670 139 4.102 1.980 3.642 5.520 2.899 85 142 32 40.868 75.225
Jaarstukken 2025
4 4 3 4 4 5 5 6 6 3
Belastingen Belastingen zijn heffingen waarvan de opbrengst vrij besteedbaar is. Parkeergeld betreft een belasting (regulerende functie). Tegelijkertijd hebben parkeergelden (deels) ook het karakter van een vergoeding voor een dienst. Daarom zijn de inkomsten in deze paragraaf verantwoord onder retributies. Retributies Retributies zijn heffingen waarbij een bepaalde vergoeding wordt betaald voor een specifieke dienst.
Uitwerking financiële kaders per heffing c.q. groep van heffingen Hieronder worden per heffing c.q. groep van heffingen de relevante kosten en mate van kostendekkendheid inzichtelijk gemaakt. Via "overige toe te rekenen kosten" worden kosten betrokken bij de kostendekkendheid die niet op het taakveld staan van de heffing. Op onderdelen kan sprake zijn van enigszins afgeronde bedragen die beperkt afwijken van de exacte bedragen op de programma’s en in de administratie. kostendekkendheid in begroting en rekening Bij het bepalen van de kostendekkendheid in begroting en rekening inclusief de verwerking van verschillen tussen begroting en rekening gelden de volgende uitgangspunten: Directe lasten en baten op het taakveld van de heffing de directe lasten en baten op het taakveld van de heffing maken integraal onderdeel uit van de verantwoording van de kostendekkendheid (rekent af met de voorziening).
In de begroting zijn dit de geraamde directe lasten/baten, in de rekening zijn dit de werkelijke directe lasten/baten; Overige toe te rekenen kosten als algemene regel geldt dat de primitief bepaalde bedragen voor de overige toe te rekenen kosten het gehele jaar van kracht zijn (begroting = rekening; voorcalculatie = nacalculatie); hierop geldt één uitzondering: het bedrag voor overhead kan door specifieke besluitvorming (bijvoorbeeld krimp/groei) en/of gehanteerde systematiek van kostentoerekening afwijken in de begroting na wijziging en op rekeningbasis; het gehanteerde overheadpercentage in de rekening is gelijk aan het berekende percentage in de begroting; de op te nemen bedragen voor straatvegen en baggeren worden periodiek bij de begroting getoetst en indien nodig geactualiseerd aan de hand van de VNG-matrix; voor de overige onderdelen worden de gehanteerde begrotingsramingen getoetst aan de werkelijke cijfers. Dit kan leiden tot aanpassing in de eerstvolgende op te stellen begroting.
Verrekeningen met de egalisatievoorzieningen rioolrecht, huishoudelijk afval en Zorgvlied begrotingswijzigingen sluiten via een verrekening met de voorziening; de afwijking op de regel "saldo kosten -/- heffing" tussen de rekening en de begroting na wijziging wordt verrekend met de egalisatievoorziening (dekkingspercentage blijft dan gelijk); een egalisatievoorziening "mag niet negatief staan". Mocht sprake zijn van een onverhoopt tekort dat groter is dan het saldo in de egalisatievoorziening, dan komt het resterende tekort na uitputting van de egalisatievoorziening ten laste van het rekeningresultaat. Dit leidt bij rioolrecht, huishoudelijk afval en Zorgvlied tot een verschil op de regel "saldo kosten -/- heffing" tussen de rekening en de begroting na wijziging; het dekkingspercentage bedraagt in de rekening maximaal 100%; Als het percentage hoger dan 100% uitkomt in de rekening wordt een bedrag gestort in de egalisatievoorziening waarna het dekkingspercentage 100 bedraagt.
Jaarstukken 2025
pagina 83 van 243
Rioolheffing Toelichting (werkelijk ten opzichte van gewijzigde begroting) De lasten en baten van het taakveld (1a en 1b) zijn vrijwel conform de gewijzigde begroting. De dotatie aan de voorziening (1c) heeft een relatie met hogere opbrengsten. Verder zaten op andere onderdelen minimale afwijkingen. De hogere opbrengst (4a) van € 122.000 betreft met name extra opleggingen meerverbruik. Aan de egalisatievoorziening wordt € 1,27 miljoen toegevoegd. De stand van de egalisatievoorziening eind 2025 bedraagt daarmee € 1,6 miljoen. Dit overschrijdt het plafond van 10% van de opbrengsten rioolrecht (vastgelegd in de Nota Reserves en voorzieningen) met € 0,6 miljoen. Bij de eerstvolgende Perspectiefnota wordt concreet voorgesteld hoe met dit surplus om te gaan. Daarbij geldt als hoofdregel dat een surplus via de spaarvoorziening ‘vervanging riolering’ ingezet wordt ter dekking van vervangingsinvesteringen. Op deze wijze blijft het surplus binnen het taakveld riolering en leidt dit tot een gematigder tariefontwikkeling. Al een aantal jaren op rij wordt geconstateerd dat bij de jaarstukken de stand van de egalisatievoorziening het plafond overschrijdt. In 2026 zal het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2027-2032 opgesteld worden. Hierbij zal beoordeeld worden of dit tot een verlaging van het riooltarief kan leiden.
Financieel overzicht De concrete toepassing van de hiervoor omschreven uitgangspunten leidt tot onderstaand financieel overzicht. RIOOLHEFFING bedrag x € 1.000
1a. lasten
Begroting 2025
Begroting 2025
Primitief
incl. wijzigingen
Rekening 2025
6.623
6.251
1b. baten, exclusief heffingen
-27
-27
-13
1c. Verrekening met voorziening
599
1.106
1.266
1. taakveld riolen (netto kosten)
7.195
7.330
7.473
2a. straatvegen
448
448
448
2b. baggerkosten 2c. overhead
62 936
62 877
62 877
2d. BTW 2. overige toe te rekenen kosten
909 2.355
862 2.249
839 2.226
3. Totaal voor riolering relevante kosten
9.550 N
9.579 N
9.699 N
4a. opbrengst
-9.550
-9.549
-9.670
4b. evt. tariefvoorstel 4.Opbrengst rioolheffing
0 -9.550 V
0 -9.549 V
0 -9.670 V
5. Saldo kosten -/- heffing 6. Dekkingspercentage
0 N 100,0%
30 N 99,7%
6.220
29 N 99,7%
Afvalstoffenheffing Toelichting (werkelijk ten opzichte van gewijzigde begroting) De lasten van het taakveld (1a) zijn afgerond € 1,1 miljoen hoger dan begroot. Structureel is sprake van € 460.000 extra uitgaven voor afvalverwerking en transport. Op grond van de uitgaven in 2023 is deze begrotingspost neerwaarts bijgesteld met € 500.000, ervan uitgaande dat die trend zich zou doorzetten in 2025. Een tweede structurele afwijking betreft ICT-kosten ter grootte van € 90.000.
pagina 84 van 243
Jaarstukken 2025
Incidenteel is voor onderhoud en vervanging € 225.000 extra besteed voor containershields, herstelwerkzaamheden containers, vervanging kapotte minicontainers en herstel van afvalhokken Uilenstede. Vervanging en onderhoud zal zich elk jaar in enige vorm voordoen, zodat een deel van de overschrijding structureel van aard is. De papierinzameling in ondergrondse containers is vanaf 1 augustus nog niet zelf ter hand genomen. Het bestelde voertuig was op die datum nog niet geleverd, hetgeen heeft geleid tot incidenteel hogere lasten van € 110.000. Voor de afvalkalender (inclusief porto), PMD- en GFT-campagne en ondersteuning voor aanbesteding is bijna € 200.000 incidenteel extra besteed. Hiervan zal een deel elk jaar terugkeren in de vorm van incidentele campagnes. Bij het opstellen van de tarievennota 2027 zal meer duidelijk zijn welk deel van de overschrijding ad. € 1,1 miljoen structureel van aard is en verwerkt moet worden in de begroting 2027. In de begroting na wijziging werd rekening gehouden met een dotatie aan de voorziening (1c) van € 0,2 miljoen. Het resultaat 2025 biedt geen ruimte om een bedrag te storten. De voorziening per 1 januari 2024 was nihil en dit geldt ook ultimo 2025. In de Perspectiefnota 2027 wordt aangegeven wat dit betekent voor het jaar 2026 en de tariefbepaling voor 2027. De baten van het taakveld (1b) zijn vrijwel conform begroting.
Per saldo betekent hogere lasten van € 1,1 miljoen en geen dotatie ad. € 0,2 miljoen op het taakveld (1) een tekort van € 0,85 miljoen. De opbrengst afvalstoffenheffing (4a) is € 50.000 lager dan begroot. De overige toe te rekenen kosten (2) zijn € 0,2 hoger dan begroot. Tezamen met de hiervoor vermelde afwijkingen leidt dit tot een afwijking van € 1.090.000 bij regel 5. Saldo kosten -/- heffing. Dit bedrag komt ten laste van het rekeningresultaat 2025. Op programma 4 - taakveld 7.3 afval huishoudens wordt een nadeel van € 0,9 miljoen vermeld. Dit sluit aan op het saldo kosten -/- heffing (5) exclusief overige toe te rekenen kosten (2). Financieel overzicht De concrete toepassing van de hiervoor omschreven uitgangspunten leidt tot onderstaand financieel overzicht. HUISHOUDELIJK AFVAL
Begroting 2025
Begroting 2025
Primitief
incl. wijzigingen
1a. lasten
11.978
11.487
12.551
1b. baten, exclusief heffingen
-1.927
-1.502
-1.494
1c. verrekening met voorziening
-1.075
216
0
1. taakveld huishoudelijk afval (netto kosten)
8.976
10.201
11.057
2a. straatvegen
623
623
623
2b. kwijtschelding 2c. handhaving
414 193
414 184
414 184
2d. overhead 2e. BTW
2.558 1.398
2.538 1.283
2.538 1.475
2. Overige toe te rekenen kosten
5.186
5.042
5.234
3. Totaal voor huish. afval relevante kosten
14.162 N
15.243 N
16.291 N
4a. opbrengst 4b. evt. tariefvoorstel
-12.378 0
-12.697 0
-12.655 0
4. Opbrengst afvalstoffenheffing
-12.378 V
-12.697 V
-12.655 V
5. Saldo kosten -/- heffing 6. Dekkingspercentage
1.784 N 87,4%
2.546 N 83,3%
3.636 N 77,7%
bedrag x € 1.000
Jaarstukken 2025
Rekening 2025
pagina 85 van 243
Zorgvlied Toelichting 1.c Verrekening met voorziening Het saldo van Zorgvlied op programma 4 wikkelt af met de voorziening "Begraafplaats Zorgvlied". Dit heeft geleid tot een dotatie aan de voorziening van € 175.000. De belangrijkste reden vormt de hogere legesopbrengst. 1a. Lasten & 4a. Opbrengst "Begraafrecht" en "Grafrecht (onderhoud)" Sprake is van hogere inkomsten van € 368.000 voor afkoopsommen (4a. opbrengst) door een conservatieve raming bij de 2e tijdvakrapportage. Hierdoor is € 368.000 meer gestort (via 1a. lasten) in de daarvoor bestemde voorzieningen "Afkoop onderhoud graven" & "Uitgifte graven". De lasten en baten zijn hierdoor budgetneutraal. 4a. Opbrengst De ontvangen leges exclusief afkoopsommen zijn € 136.000 hoger dan begroot. Financieel overzicht De concrete toepassing van de hiervoor omschreven uitgangspunten leidt tot onderstaand financieel overzicht (bedrag x € 1.000). Zorgvlied
Begroting 2025
Begroting 2025
Primitief
incl. wijzigingen
1a. lasten
5.177
5.680
6.032
1b. baten, exclusief heffingen
-458
-474
-509
1c. verrekening met voorziening
49
52
227
4.768
5.258
5.750
bedrag x € 1.000
1. Taakveld Zorgvlied (netto kosten) 2a. reservemutaties/overig
Rekening 2025
66
-43
-31
2b. overhead
1.749
1.695
1.694
2. Overige toe te rekenen kosten
1.815
1.652
1.663
3. Totaal voor Zorgvlied relevante kosten
6.583 N
6.910 N
7.413 N
4a. opbrengst
-5.098
-5.578
-6.082
4. Opbrengst heffing rechten Zorgvlied
-5.098 V
-5.578 V
-6.082 V
5. Saldo kosten -/- heffing
1.485 N
1.332 N
1.331 N
6. Dekkingspercentage
77,4%
80,7%
82,0%
Bouwleges 1a. Toezicht omgevingsvergunningen (voordeel € 119.000) Bij grote projecten met een bouwsom vanaf € 500.000 wordt op basis van een vastgestelde aanname een reservering gemaakt voor de te verwachten kosten met betrekking tot het noodzakelijke toezicht op die grote projecten inclusief de constructieve toets. Het aantal vergunningen is lager dan verwacht en leidt tot lagere lasten voor toezicht. Hiernaast is op andere onderdelen sprake van een geringe afwijking.
pagina 86 van 243
Jaarstukken 2025
De hoogte van de voorziening dubieuze debiteuren omgevingsvergunningen wordt aan het einde van het jaar berekend. In 2025 is € 32.000 gedoteerd aan de voorziening. De mutatie met de voorziening maakt overigens geen onderdeel uit van de berekening van de kostendekkendheid.
De lagere lasten hebben ook tot gevolg dat de onder punt 2 vermelde overhead en BTW lager uitvalt. 4a. Verlening Omgevingsvergunningen (nadeel € 1,1 miljoen) De legesopbrengsten voor grote omgevingsvergunningen blijven aanzienlijk achter bij de raming. Dit wordt veroorzaakt door: Zes minder grote vergunningen verleend, waardoor de legesopbrengst € 522.000 achterblijft op de prognose. Minder nieuwe aanvragen: de rekenkundige inschatting na de 2e tijdvakrapportage van € 500.000 aan leges voor september-december is € 348.000 lager uitgekomen. Gegrond bezwaar: bij één grote vergunning kon € 507.000 aan leges niet worden opgelegd. Bij overige vergunningen (voorfase, kleine bouwactiviteiten, overige omgevingsvergunningen en buitenplanse afwijkingen) is € 0,2 miljoen meer aan leges ontvangen door een hoger aantal aanvragen en hogere gemiddelde leges in de laatste vier maanden van het jaar. Financieel overzicht De concrete toepassing van de hiervoor omschreven uitgangspunten leidt tot onderstaand financieel overzicht (bedrag x € 1.000). BOUWLEGES
Begroting 2025
Begroting 2025
Primitief
incl. wijzigingen
1a. lasten 1b. baten, exclusief heffingen
2.631 0
2.812 0
2.679 0
1c. verrekening met voorziening 1. Taakveld bouwvergunningen (netto kosten)
0 2.631
0 2.812
0 2.679
2a. overhead
1.503
1.614
1.537
2b. BTW 2. Overige toe te rekenen kosten
125 1.628
217 1.831
184 1.721
3. Totaal voor bouwleges relevante kosten
4.259 N
4.643 N
4.400 N
4a. opbrengst
-2.189
-4.753
-3.642
4. Opbrengst bouwleges
-2.189 V
-4.753 V
-3.642 V
bedrag x € 1.000
5. Saldo kosten -/- heffing
2.070 N
6. Dekkingspercentage
51,4%
Jaarstukken 2025
Rekening 2025
-110 V 102,4%
758 N 82,8%
pagina 87 van 243
Burgerzaken De leges en de rijksafdrachten voor Burgerzaken zijn voornamelijk gebaseerd op landelijke tarieven. De begroting is nagenoeg gelijk aan de werkelijke lasten/baten. Financieel overzicht De concrete toepassing van de hiervoor omschreven uitgangspunten leidt tot onderstaand financieel overzicht (bedrag x € 1.000). BURGERZAKEN
Begroting 2025
Begroting 2025
Primitief
incl. wijzigingen
1.788
1.803
0
0
0
1.788
1.803
1.778
2a. overhead
963
963
963
2b. BTW
88
87
82
2c. afdracht rijksleges en overige kosten
1.433
1.469
1.391
2. Overige toe te rekenen kosten
2.484
2.519
2.436
3. Totaal voor burgerzaken relevante kosten
4.271 N
4.322 N
4.214 N
4a. opbrengst
-2.978
-3.029
-2.899
4b. evt. tariefvoorstel 4. Opbrengst burgerzaken
0 -2.978 V
0 -3.029 V
0 -2.899 V
bedrag x € 1.000 1a. lasten 1b. baten, exclusief heffingen 1. Taakveld burgerzaken (netto kosten)
Rekening 2025
1.778
5. Saldo kosten -/- heffing
1.294 N
1.293 N
1.315 N
6. Dekkingspercentage
69,7%
70,1%
68,8%
APV In 2025 is bijna geen gebruik gemaakt van het werkbudget Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en preventie. Dit leidt tot lagere kosten in 2025 dan begroot. Algemene Plaatselijke Verordening (APV) bedrag x € 1.000
1a. lasten
Begroting 2025
Begroting 2025
Primitief
incl. wijzigingen
Rekening 2025
744
726
704
1b. baten, exclusief heffingen 1c. netto kosten taakveld
0 0
0 0
0 0
1. Taakveld APV (netto kosten)
744
726
704
2a. overhead 2b. BTW
373 36
373 33
373 28
2c. overige kosten 2. Overige toe te rekenen kosten
0 409
0 405
0 401
1.154 N
1.131 N
1.105 N
4a. opbrengst
-83
-83
-85
4. Opbrengst APV
-83 V
-83 V
-85 V
5. Saldo kosten -/- heffing
1.071 N
1.048 N
1.020 N
6. Dekkingspercentage
7,2%
7,3%
7,7%
pagina 88 van 243
Jaarstukken 2025
3. Totaal voor APV relevante kosten
Markt De kostendekkendheid van de markt komt in 2025 uit op 70,5%. De afgelopen jaren was dit hoger dan 75%. Deze ongunstige ontwikkeling heeft te maken met een teruggang in het aantal ondernemers met circa 15% en het niet actief werven van nieuwe ondernemers door plaatsingsproblemen tijdens de langdurige verbouwingsactiviteiten. Het totaaloverzicht aan het begin van deze paragraaf geeft een begrote inkomst weer van € 185.000. Dit is inclusief een bedrag van € 9.800 voor pilot Oude dorp. In de kostendekkendheid is dit bedrag achterwege gelaten. MARKTLEGES
Begroting 2025
Begroting 2025
Primitief
incl. wijzigingen
139
139
0
0
0
1. Taakveld markt (netto kosten)
139
139
138
2a. overhead
45
45
45
2b. BTW
16
16
14
2. Overige toe te rekenen kosten
61
61
59
3. Totaal voor marktleges relevante kosten
200 N
200 N
197 N
4a. opbrengst
-175
-175
-139
4. Opbrengst marktleges
-175 V
-175 V
-139 V
bedrag x € 1.000 1a. lasten 1b. baten, exclusief heffingen
5. Saldo kosten -/- heffing 6. Dekkingspercentage
25 N 87,5%
Rekening 2025
138
25 N 87,5%
58 N 70,5%
Onroerende zaakbelastingen (OZB) Toelichting De onroerende zaakbelastingen zijn de belangrijkste gemeentelijke belastingen. De OZB bestaat uit een belasting voor: het gebruik (alleen niet-woningen) en het eigendom (woningen en niet-woningen). De totale OZB-opbrengst bedraagt € 31,6 miljoen (begroot € 31,6 miljoen). De baten op programma algemene dekkingsmiddelen wijken gering af van beide bedragen doordat ook andere inkomsten staan vermeld op de taakvelden OZB woningen/niet-woningen.
Overige heffingen Parkeren De parkeeropbrengst is € 160.000 hoger dan begroot. Dit betreft vooral meeropbrengsten parkeerautomaten/parkeerapps (€ 239.000). De naheffingsaanslagen zijn iets lager (€ 73.000). De werkelijke opbrengst is opgebouwd uit de volgende onderdelen: € 2,3 miljoen parkeergelden; € 2,2 miljoen naheffingsaanslagen en; € 0,9 miljoen parkeervergunningen. Toeristenbelasting De opbrengst van de toeristenbelasting loopt 1 jaar achter; in 2025 staat de opbrengst over 2024 verantwoord (€ 2,8 miljoen).
Jaarstukken 2025
pagina 89 van 243
Lokale lastendruk Woonlastenvergelijking Om een indruk te geven van de ontwikkeling van de Amstelveense tarieven worden deze vergeleken met enkele omringende gemeenten. Basis hiervoor zijn de tarieven 2025. Voor de vergelijking met omringende gemeenten is gebruikgemaakt van de Atlas van de lokale lasten 2025, opgesteld door het COELO. Voor 2025 bedragen de Amstelveense (meerpersoonshuishoudens) € 1.005.
pagina 90 van 243
woonlasten
voor
Jaarstukken 2025
een
gemiddelde
koopwoning
3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het besluit Begroting en Verantwoording (BBV, artikel 11) definieert het weerstandsvermogen als de relatie tussen de capaciteit om tegenvallers op te vangen (weerstandscapaciteit) en de materiële risico's waarvoor geen specifieke voorzieningen zijn getroffen.
3.2.1 Risico's en beheermaatregelen De paragraaf biedt op hoofdlijnen inzicht in het risicoprofiel van de gemeente en de mogelijkheden om tegenvallers op te vangen (weerstandscapaciteit). Opgemerkt wordt dat er een onlosmakelijke samenhang is tussen risico's en beheersmaatregelen. Met gedegen beheersmaatregelen worden de mogelijke risico's aanmerkelijk ingeperkt. Andersom geldt vanzelfsprekend ook dat, indien geen beheersmaatregelen worden getroffen, de risico's navenant toenemen.
Jaarstukken 2025
pagina 91 van 243
Risicoprofiel Bij het bepalen van het risicoprofiel wordt rekening gehouden met: duiden van mogelijke tegenvallers waarmee de gemeente te maken kan krijgen; de beheersmaatregelen die de gemeente neemt om risico's te identificeren; het bevorderen van het risicobewustzijn; het vermijden van risico's; beperken van schade ingeval risico's zich onverhoopt toch voordoen. Uitgangspunt is dialoog-gerichte aanpak en geen risicomanagementsysteem Het beleidskader is met de Nota risicobeleid, reservebeleid en activabeleid Amstelveen 2021 in november 2021 vastgesteld. De nota is de kapstok aan de hand waarvan deze paragraaf is uitgewerkt. Het uitgangspunt is een dialoog-gerichte aanpak in plaats van een risicomanagementsysteem (het vullen van een tool met alle risico’s). Verwacht wordt dat door een dialoog meer interactie ontstaat waardoor de echte risico’s boven tafel komen. Idee daarbij is ook dat niet op honderden (kleinere) risico’s gestuurd kan worden. Gestuurd zal worden op grotere risico’s waarbij de kans aannemelijk is dat deze zich kunnen voordoen. Het verleden leert ons ook dat een 100% risico-inschatting niet te maken is. In het recente verleden wordt dit bevestigd door de coronapandemie of de opvang van ontheemden uit Oekraïne. Beide onderwerpen zullen vrijwel zeker in geen enkel risicomanagementsysteem opgenomen zijn geweest.
De paragraaf is kwalitatief beschreven waarbij wordt aangegeven of het risico is toegenomen, gedaald of gelijk is gebleven ten opzichte van het vorige P&C-document (in dit geval de begroting 2026). Hier wordt doelbewust geen bedrag of kans dat het risico optreedt vermeld. Amstelveen wijkt hierbij af bij wat veel andere gemeenten -al dan niet met behulp van een softwarepakket- in de paragraaf vermelden. Het kwantitatief benoemen van de risico's in plaats van het alternatief "bedrag x kans" lijkt meer vrijblijvend. Bij het alternatief beschikt de raad namelijk over een exact berekend risicobedrag. De risico's die er echt toe doen zijn echter veelal niet in een (exacte) kans van optreden te waarderen. Denk hierbij aan klimaatrisico's, stikstof of ICT (beveiliging, AVG, AI). De vraag ontstaat dan of "bedrag x kans" scorejournalistiek is of dat dit de raad betrouwbare informatie biedt. Waar het om gaat is dat de raad inzicht krijgt of Amstelveen robuust genoeg is om een tegenvaller van substantiële omvang op te vangen. In het geval van corona en opvang ontheemden Oekraïne was het belangrijk dat de raad snel kon handelen en € 10 miljoen kon reserveren uit de algemene reserve om de eerste nood te ledigen. Beide zijn risico's die in alle jaren voorafgaande aan het moment van optreden niet in de paragraaf van Amstelveen waren vermeld. Vanuit het verleden valt wel te leren.
Gelukkig blijkt niet elk jaar € 10 miljoen nodig om optredende tegenvallers te dekken. Dit in overweging nemende komen de bedragen die in deze paragraaf vermeld staan als benodigde risicobuffer niet uit de lucht vallen. Het is geen exacte wetenschap, maar wel passend bij de Amstelveense begroting. Het zijn geen bedragen die in "beton zijn gegoten", maar waarbij de beschikbare kengetallen en middelen worden meegewogen. Amstelveen heeft een begroting die structureel in evenwicht is met een hoog solvabiliteitspercentage, relatief weinig schulden en een onbenutte belastingcapaciteit van redelijke omvang. De gemeente is hierdoor in staat een risico dat optreedt (tijdelijk) op te vangen alvorens het -indien nodig- structureel wordt ingebed in de begroting. Twee keer per jaar de risico's kwalitatief afwegen lijkt voor Amstelveen hierdoor minstens net zo zinvol als het invullen van een risicomanagementsysteem. De grondexploitaties met vaak substantiële risico's en voor Amstelveen het onderdeel met hoogste risicobuffer worden overigens wel met een risicomodel (Monte Carlo-analyse) beoordeeld. Bij grondexploitaties is sprake van een (meer) repeterend karakter van mogelijk optredende risico's waardoor meer geleerd kan worden vanuit het verleden of anders gezegd is meer sprake van historisch besef.
pagina 92 van 243
Jaarstukken 2025
3.2.2 Incidentele weerstandscapaciteit Weerstandscapaciteit betreft de mogelijkheden om tegenvallers op te vangen. Door risicoprofiel en weerstandcapaciteit met elkaar te confronteren kan een uitspraak over het weerstandvermogen van de gemeente worden gedaan. De weerstandsratio wordt berekend door weerstandscapaciteit te delen door het risicoprofiel. Incidenteel weerstandsvermogen (bedrag x € 1 miljoen) Bedrag x € 1 miljoen
werk.24
begr.26
werk.24
begr.26
werk.25
1a. Algemene risico's
15
15
15 2a. Algemene reserve
60
51
66
1b. Financiële verhouding Rijk
10
10
10 2b. Bestemmingsreserves
45
40
55
1c. Mobiliteit
5
5
5 2c. Niet gerealiseerde boekwinsten
4
4
5
1d. Grondexploitaties
54
53
54
1. Risicoprofiel
84
83
84 2. Weerstandscapaciteit
109
95
126
1,30
1,14
3. Weerstandsratio
werk.25
1,50
2a. Algemene reserve De algemene reserve bedraagt ultimo 2025 afgerond € 66 miljoen. 2b. Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves zijn door de raad ingesteld. Het aanwenden van deze reserves voor het opvangen van tegenvallers/calamiteiten is een raadsaangelegenheid. Vaak hebben deze reserves een specifiek doel waardoor een andere aanwending dan dit doel niet mogelijk is, zonder dat flankerende of compenserende maatregelen moeten worden getroffen. In de nota risicobeleid, reservebeleid en activabeleid Amstelveen 2021 wordt uitgebreid ingegaan op de functies van de verschillende bestemmingsreserves en egalisatiereserves en de relatie met de weerstandscapaciteit. In totaliteit bedragen de bestemmingsreserves, egalisatiereserves en overige reserves zo’n € 240 miljoen per 31 december 2025. Hiervan bedraagt de reserve dekking kapitaallasten ongeveer € 130 miljoen. Deze reserve dient ter dekking van in het verleden uit eenmalige middelen gedekte investeringen en is ingesteld op grond van wettelijke voorschriften. In geval van calamiteiten moet het mogelijk zijn om € 55 miljoen, zijnde 50% van de reserves exclusief dekking kapitaallasten, een andere aanwending te geven en tot de weerstandscapaciteit te rekenen. 2c. Niet gerealiseerde boekwinsten en stille reserves De waarde tegen agrarisch gebruik van € 9,00/m2 van getaxeerde gronden bedraagt € 7,37 miljoen.
Wanneer deze gronden ontwikkeld gaan worden zal een hogere opbrengst in het verschiet liggen. Dit is naar de toekomst toe een potentieel financiële buffer. Eind 2025 bezit de gemeente circa 873.000 vierkante meter grond met een boekwaarde van afgerond € 3,25 miljoen. Onder de bestemmingsreserve "dekking kapitaallasten" staan ter dekking van deze boekwaarde twee gronden met een bedrag van € 0,26 en € 0,75 miljoen. Dit resulteert in een boekwaarde exclusief "dekking kapitaallasten" van € 2,24 miljoen. Voor dit moment wordt volstaan met het verschil agrarische waarde ad. € 7,37 miljoen ten opzichte van de boekwaarde exclusief "dekking kapitaallasten" (€ 2,24 miljoen). Dit saldo van afgerond € 5 miljoen wordt gerekend tot de weerstandscapaciteit (defensieve benadering). 3. Weerstandsratio De weerstandsratio voor de begroting 2026 exclusief de reserve "dekking kapitaallasten" bedraagt 1,50 (ruim voldoende). Met inachtneming van deze reserve kapitaallasten scoort Amstelveen uitstekend. Ook andere jaarlijkse benchmarks over de financiële positie komen tot goede scores voor Amstelveen (VNG, BDO). Wel staat tegenover een zeer goede begrotings- en reservepositie een toenemend risicoprofiel van substantiële omvang, met name door een aantal grote, meerjarige en complexe grondexploitaties en overige projecten (Legmeer/BTAZ, mobiliteit, Stadshart, Kronenburg).
Het behouden van een goede financiële positie is daarmee geen automatisme, maar vraagt een alert beleid. Jaarstukken 2025
pagina 93 van 243
Weerstandsratio >= 2,0 1,4 < 2,0 1,0 < 1,4 0,8 < 1,0 0,6 < 0,8 <0,6
Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
3.2.3 Structurele weerstandscapaciteit De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit bezuinigen/ombuigingen en de “onbenutte belastingcapaciteit”. Het kwantificeren van de bezuinigingen/ombuigingen is in dit verband weinig relevant. Al is het alleen maar omdat de gemeente over een structureel sluitende meerjarenbegroting moet beschikken. De zogenoemde “onbenutte belastingcapaciteit” kan wel worden gekwantificeerd omdat daar maatstaven voor gelden. Het benutten van deze weerstandcapaciteit is overigens een puur lokaal bestuurlijke aangelegenheid zolang geen sprake is van de zogenaamde artikel 12-status van een gemeente. De “onbenutte belastingcapaciteit” wordt bepaald door de actuele OZB opbrengst van een gemeente te vergelijken met de opbrengst van het gemiddelde in Nederland vermenigvuldigd met 1,2. Dit wordt gezien als een redelijk peil. Gemeenten die een beroep willen doen op de artikel 12-status (extra financiële ondersteuning) moeten om daarvoor in aanmerking te komen in elk geval hun OZBtarief op redelijk peil brengen (1,2 maal het gemiddelde tarief voor Nederland). Daarbij geldt als randvoorwaarde dat de afvalstoffenheffing en het rioolrecht kostendekkend moeten zijn. Voor zover dit (nog) niet geval is wordt dit als aanvullende correctie in de berekening meegenomen.
De “onbenutte belastingcapaciteit” bedraagt voor Amstelveen op jaarbasis afgerond € 17,3 miljoen, waarvan € 1,6 miljoen betrekking heeft op onderdekking afvalstoffenheffing/rioolheffing. Dit laatste bedrag betreft vrijwel geheel de afvalstoffenheffing, de rioolheffing is kostendekkend. De reële onbenutte belastingcapaciteit op sec de OZB, zonder effect afvalstoffenheffing/rioolheffing en zonder 20% artikel-12 opslag komt uit op € 7,8 miljoen. Daarnaast heeft de Amstelveense begroting veerkracht om structurele begrotingsrisico’s op te vangen door structurele ombuigingen. Amstelveen heeft daarmee een goede basis om de toenemende risico's tegemoet te treden en het weerstandsvermogen is onverminderd goed.
Kengetallen financiële positie Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeente (BBV) stelt vijf kengetallen verplicht. Doel hiervan is dat de gemeenteraad gemakkelijker inzicht krijgt in de financiële positie van hun gemeente. Een externe normering is niet aan de orde. Eén afzonderlijk kengetal zegt niet alles, de kengetallen moeten altijd in relatie tot elkaar worden bezien. Als de combinatie een verontrustend beeld geeft kan dit betekenen dat de financiële positie onder druk staat en dat maatregelen noodzakelijk zijn om de situatie te verbeteren. In het kort is de betekenis van het percentage als volgt, waarbij ter indicatie in de kolom “optimale percentages" de grenswaarde van het beste resultaat staat vermeld (zie https://www.findo.nl/dashboard/dashboard/gemeentelijke-rekening-kengetallen/ ): De financiële positie is goed. Wel is een terugloop in de scores te zien. In vergelijking tot de begroting 2025 loopt de schuldquote verder op en de solvabiliteit daalt. Dat past bij het algehele beeld van deze begroting dat de marges smaller zijn geworden.
pagina 94 van 243
Jaarstukken 2025
Voor Amstelveen gelden de volgende meerjarige waarden: omschrijving
rekening begroting 2024 2025
rekening optimale 2025 percentages
Toelichting
Balans: Netto schuldquote
-4%
9%
-5% Hoe lager, hoe beter (<90%)
Heeft de gemeente een hoge schuld exclusief verstrekte leningen?
Netto gecorrigeerde schuldquote
-5%
5%
-6% Hoe lager, hoe beter (<90%)
Dit is de netto schuldquote exclusief geleende gelden die zijn doorgeleend.
Solvabiliteitsratio
64%
68%
63% Hoe hoger, hoe Heeft de gemeente voldoende eigen beter (>50%) vermogen om aan haar financiële verplichtingen te voldoen?
Grondexploitatie
1%
5%
1% Hoe lager, hoe beter (<20%)
Structurele exploitatieruimte
11%
0%
3% Hoe hoger, hoe De structurele baten en lasten worden beter (>0%) vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken.
Belastingcapaciteit c.q. lokale lasten
98%
104%
Dit kengetal geeft aan hoe groot de grondpositie (waarde van de grond) is ten opzichte van de totale baten. Wanneer de grond tegen de prijs van landbouwgrond is aangekocht, loopt een gemeente relatief gering risico.
Exploitatie:
96% Hoe lager, hoe beter (<95%)
De woonlasten (OZB, riool- en reinigingsheffing) van Amstelveen worden gerelateerd aan de hoogte van de gemiddelde landelijke woonlasten van vorig jaar. Een percentage lager dan 100% betekent dat de woonlasten huidig jaar lager zijn dan de gemiddelde landelijke woonlasten vorig jaar.
Risicobeleid De risico’s zijn onderverdeeld in: Normale/algemene bedrijfsrisico’s; Financiële verhouding met het Rijk; Mobiliteit; Grondexploitaties. Amstelveen staat er financieel goed voor, zoals hiervoor staat beschreven bij de kengetallen financiële positie. Dit wordt jaarlijks bevestigd door benchmarks van bijvoorbeeld VNG en BDO. Dit biedt de ruimte om grote financiële risico’s die zich voordoen (structureel) in te bedden in de begroting. De afgelopen jaren zijn hier de ontwikkeling van woonwijk Nieuw Legmeer en tekorten jeugdmiddelen enkele voorbeelden van. Tevens kunnen klimaatrisico’s, zoals bijvoorbeeld stormschade veelal incidenteel worden gedekt uit de algemene reserve.
Jaarstukken 2025
pagina 95 van 243
Algemene risico's inbedden in de begroting Voor de normale (algemene) bedrijfsrisico’s is met de raad via de nota Risicobeleid en reservebeleid een risicobuffer van 5% van het structurele begrotingstotaal vastgesteld. Dit bedrag van € 15 miljoen (5% over € 275 miljoen) dient ter dekking van bijvoorbeeld de navolgende gemelde risico’s: Gemelde algemene
Korte toelichting
risico’s
Ontwikkeling
Wat doen we om het risico te
risico t.o.v.
beperken?
begroting 2026 A = Toename B = Afname C = Onveranderd 1. Inkomsten bouwleges
Inkomst is gebaseerd op meerjarige
Aan de hand van planningen en
planning van bouwactiviteiten die
voortgangsrapportages van de
C
per jaar kan afwijken
projecten wordt de voorspelbaarheid van de inkomsten zo goed als mogelijk in beeld gebracht.
2. Omgevingsplan- en
Wijzigingen van het Omgevingsplan
handhavingsprocedures
en handhavingsprocedures kunnen
Bij elk besluit tot wijziging of handhaving worden de mogelijke
C
leiden tot beroepen en aansprakelijkheid voor schade of
gevolgen ingeschat en afgewogen tegen het maatschappelijk belang.
nadeelcompensatie. 3. Aanbestedingsrisico’s
Kans op hogere prijzen of geringe
Per aanbesteding wordt onderzocht
inschrijving
wat de beste strategie is. Rekening wordt gehouden met een percentage onvoorzien. Hogere inschrijfprijzen bij projecten die wel door moeten,
C
worden beoordeeld en besproken met de inschrijvers. Als besloten wordt door te gaan, worden tegenvallers zo goed als mogelijk opgevangen binnen de programma's.
4. Stikstofdepositie
Ruimtelijke ontwikkelingen mogen
Vroegtijdig wordt onderzocht of er
niet leiden tot een toename van
mogelijk sprake is van depositie
stikstofdepositie in Natura 2000gebieden
C
vanwege een project. Indien blijkt dat er depositie is worden de mogelijkheden onderzocht om de emissie bij een project te verlagen.
5. Uitvoering
Externe factoren kunnen tot
Op tijd externe partners betrekken,
infraprojecten in
vertraging of tot extra kosten leiden.
vroegtijdig onderzoeken doen,
openbare ruimte
risicoanalyses uitvoeren bij projecten, regelmatig ramingen maken gedurende fasen van het proces, marktontwikkelingen (o.a.
C
qua prijzen) goed bijhouden. Daarnaast wordt getracht tegenvallers op te vangen binnen het totale programma buitenruimte door bijvoorbeeld andere projecten te temporiseren of de scope aan te passen.
pagina 96 van 243
Jaarstukken 2025
Gemelde algemene
Korte toelichting
risico’s
Ontwikkeling
Wat doen we om het risico te
risico t.o.v.
beperken?
begroting 2026 A = Toename B = Afname C = Onveranderd 6. Informatiebeveiliging
Afhankelijkheid van ICT is groot. De
De organisatie stelt zich ten doel om
Europese NIS2-richtlijn voor
bij de inwerkingtreding van de
informatiebeveiliging wordt in 2026
nieuwe cyberbeveiligingswet
omgezet tot wetgeving (nieuwe
(uitgesteld van 2025 naar medio
cyberbeveiligingswet). De wetgeving
2026) aan alle maatregelen te
bevat substantiële boetes ( tot € 10 miljoen of 2% van de jaaromzet).
C
voldoen. Desondanks kan ongewild inbreuk worden gemaakt op de
Gemeenten moeten voldoen aan
verplichtingen uit de
zorgplicht, meldplicht en toezicht.
cyberbeveiligingswet, waarbij tijdelijke afwijkingen of niet-naleving niet volledig kunnen worden uitgesloten.
7. Algemene
Door de toenemende behoefte aan
Technische risico’s worden beheerst
Verordening
het verzamelen en uitwisselen van
door vele maatregelen die in de BIO
Gegevensbescherming
informatie groeit de noodzaak voor
2.0 (Baseline Informatiebeveiliging
(AVG)
naleving van de AVG. Gemeenten
Overheid) zijn opgenomen.
zijn verplicht om datalekken tijdig te
Hieronder vallen ook de
melden en om AVG-rechten (zoals
procesmatige maatregelen zoals de
inzage en correctie) binnen een
verplichte risicoanalyses,
maand af te handelen. Het aantal
bijvoorbeeld bij de inzet van nieuwe
van deze verzoeken neemt steeds
technologie of bij risicovolle
verder toe. Niet-naleving kan leiden tot substantiële boetes die kunnen
C
processen. De lastigst te beheersen risico’s
oplopen tot € 20 miljoen of 4% van
liggen in menselijke fouten. Er zijn
de jaaromzet., reputatieschade en
hiervoor verplichte trainingen
politieke aandacht.
ingericht voor alle medewerkers (inclusief externe medewerkers). Daarnaast zijn er bewustwordingssessies en een themaweek van de veiligheid met veel aandacht voor kennis en vaardigheden van medewerkers.
8. Artificial intelligence
De AI Act wetgeving bevat flinke
Dit is een compleet nieuw gebied dat
(AI)
boetes die kunnen oplopen tot € 35
(wereldwijd) volop in ontwikkeling
miloen. bij overtredingen: AI-
is. Ook de regelgeving op dit gebied,
systemen met een onaanvaardbaar
inclusief sancties, bestuurlijke
risico zijn vanaf februari 2025
dwang en onder toezichtstelling zijn
verboden. Het grootste deel van de
nieuw. Binnen de gemeente lopen
wet geldt vanaf augustus 2026. Alhoewel substantiële boetes
C
nu planmatige acties rond de inzet, de kadering en de beheersing van AI
formeel deel uitmaken van de
Uitgangspunt is dat de gemeente
sancties bij niet naleven van de AI
behoudend op de inzet van AI en de
act, lijkt bij gemeenten het opleggen
landelijke ontwikkelingen volgt,
van dwangmaatregelen of onder
waarna de organisatie aansluit bij
toezichtstelling meer voor de hand
beproefde werkwijzen en
liggend..
technologieën.
Jaarstukken 2025
pagina 97 van 243
Gemelde algemene
Korte toelichting
risico’s
Ontwikkeling
Wat doen we om het risico te
risico t.o.v.
beperken?
begroting 2026 A = Toename B = Afname C = Onveranderd 9. Capaciteit
Aansluiting op het netwerk is niet
Er wordt gewerkt aan een lokaal
elektriciteitsnet
meer vanzelfsprekend en kan
uitvoeringsplan om de gevolgen van
gevolgen hebben voor
netcongestie zoveel mogelijk te
(nieuw)bouwplannen.
beperken en op te vangen. Hierbij is de gemeente afhankelijk van de beperkte transportcapaciteit bij Tennet en Liander. Zij verwachten dat er tot circa 2032 sprake zal zijn
A
van netcongestie en dan langzaam verbetering op kan treden. Per aansluiting wordt onderzocht op welke wijze deze gerealiseerd kan worden door innovatieve oplossingen. De kosten voor nieuwbouw/uitbreidingen en verduurzamingsprojecten worden hierdoor wel hoger.
10. Algemene
De jaarlijkse actualisatie van de
Risico wordt extern bepaald door
pensioenwet politiek
overdrachtswaarde door de extern
vooral de rekenrente. De 25-jaars
ambtsdragers (APPA)
specialist kan door vooral
rekenrente daalt waardoor het risico
schommelende rekenrente leiden tot jaarlijkse financiële verschillen.
B
afneemt. De APPA-voorziening wordt jaarlijks geactualiseerd om
Uiterlijk vanaf 2028 worden de
voldoende middelen te hebben voor
pensioenen overgeheveld naar het
de overdracht naar ABP.
ABP. 11. AmstelveenSport
De fiscale positie van de B.V. vraagt
B.V.
dat er winst wordt gemaakt voor dividenduitkering. Door stijgende
Er is regelmatig overleg om de ontwikkelingen in de exploitatie te
C
kosten en areaaluitbreidingen is de
monitoren en daarop gerichte actie te ondernemen.
meerjarenontwikkeling onduidelijk. 12. Inflatie/Prijsindex
Afgelopen jaren was de inflatie
Zowel de inflatie als loonstijging via
hoog, hetgeen grote financiële gevolgen kan hebben voor de
CAO’s daalt. Via de stelpost
B
financiële huishouding.
nominaal wordt de toekomstige prijsontwikkeling zo goed als mogelijk structureel ingedekt.
13. Opvang ontheemden
De vergoeding van het Rijk daalt de
uit Oekraïne
laatste jaren. Dit kan ertoe leiden dat de vergoeding niet alle kosten dekt. Dit betekent dat aanvullend
Dit ligt buiten de invloedssfeer.
C
vergoeding gevraagd moet worden tegen hogere administratieve lasten.
pagina 98 van 243
Jaarstukken 2025
Gemelde algemene
Korte toelichting
risico’s
Ontwikkeling
Wat doen we om het risico te
risico t.o.v.
beperken?
begroting 2026 A = Toename B = Afname C = Onveranderd 14. Asielopvang en
De achterstand van de taakstelling
huisvesting
om statushouders te huisvesten
statushouders
neemt toe. Tezamen met andere
Dit ligt buiten de invloedssfeer.
doelgroepen die een beroep doen op de sociale woningvoorraad vormt dit
A
een enorme uitdaging. Daarnaast zorgt het doorsturen van nareizigers door het COA mogelijk voor een toename van de druk. 15. Klimaatrisico’s
De risico’s zijn divers en onvoorspelbaar, zoals stormschade of wateroverlast.
Waar risico’s optreden wordt dit
A
zoveel als mogelijk verwerkt in de structurele begroting of incidenteel gedekt via de algemene reserve.
16. Weerbare
De dreiging van cyberaanvallen of
Er wordt een Business Impact
Samenleving
klimaatveranderingen neemt toe. Op
Analyse (BIA) uitgewerkt,
nationaal en lokaal niveau is
Noodsteunpunten voorbereid en
versterking van de weerbaarheid van de samenleving nodig.
Nieuw
vindt er afstemming plaats met onze maatschappelijke- en andere relevant partijen. Dit i.s.m. de Veiligheidsregio AmsterdamAmstelland.
Jaarstukken 2025
pagina 99 van 243
Risico's financiële verhouding en mobiliteit Voor de risico’s “Financiële verhouding en decentralisaties” en “Mobiliteit” is bij het vaststellen van de nota Risicobeleid en reservebeleid een vast bedrag bepaald. Dit wordt twee keer per jaar bij zowel de begroting als jaarstukken beoordeeld of het toereikend is of dat sprake is van sterk gewijzigde risico’s. Ook hierbij geldt dat structurele risico’s in de begroting worden verwerkt en de algemene reserve ruimte biedt om incidentele risico’s op te vangen. Gemelde risico’s
Korte toelichting
Ontwikkeling
Wat doen we om het risico te
risico t.o.v.
beperken?
begroting 2026 A = Toename B = Afname C = Onveranderd Financiële
Risicobuffer € 10 miljoen
verhoudingen met het Rijk 17. Algemene uitkering
De algemene uitkering is de grootste
Toekomstige structurele
inkomst van de gemeente met een
ontwikkelingen worden zoveel als
onderliggend complex verdeelmodel.
mogelijk verwerkt in de structurele
Aanpassingen in dit model leiden tot
begroting. Incidenteel toegekende
risico’s en kansen.
middelen worden toegevoegd aan de algemene reserve. Dit voorkomt dat incidenteel verstrekte middelen worden ingezet voor structurele
C
tekorten. Via de maatstaf "huishoudens met laag inkomen" wordt op een omvang van de algemene uitkering van € 41 miljard bijna € 9 miljard verdeeld via deze maatstaf (ruim 20%). Aanpassing van deze maatstaf leidt dan gelijk tot een positieve of negatieve mutatie van ongeveer € 0,5 miljoen.
18. Omgevingswet
De nieuwe wetgeving kan op termijn
Met de invoering van de
structurele financiële gevolgen
Omgevingswet in januari 2024 is
hebben. Overgangsrecht, gefaseerde
een overgangsperiode gestart om de
invoering en de nog altijd niet
nieuwe wetgeving en de nieuw
opgeloste ICT knelpunten zetten de
digitale werkwijze te implementeren.
organisatie en dienstverlening onder
Er worden goede stappen gemaakt
druk.
maar nog veel is (juridisch)
C
onduidelijk en de techniek is nog volop in ontwikkeling. Verwacht wordt dat door meer algemene regels een verschuiving zal plaatsvinden in de toerekenbaarheid van de kosten van de dienstverlening naar de Algemene Middelen (in plaats van Legesexploitatie).
pagina 100 van 243
Jaarstukken 2025