CConstaterende datAmersfoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Tam omgevingsplan Stoutenburgerlaan 16 Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 Hoogland

Commissie Omgeving 15 april 2026, gemeente AmersfoortBij agendapunt: TAM-omgevingsplan Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland21.336 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Gemeente Amersfoort

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

28 oktober 2025

Kenmerk 0307-20-T01 Projectnummer 0307-20 NL.IMRO.0307.TAM17-0201

Inhoudsopgave 1.

Inleiding 1.1. Aanleiding 1.2. Ligging plangebied 1.3. Toetsing aan omgevingsplan 1.3.1. Bestemmingsplan ‘Buitengebied-Oost’ 1.3.2. Bestemmingsplan ‘Buitengebied- West’ 1.3.3. ‘Paraplubestemmingsplan Parkeren 2023’ 1.3.4. ‘Bestemmingsplan Veegplan B’ 1.4. Leeswijzer

1 1 1 2 2 3 4 4 4

2.

Planbeschrijving 2.1. Huidige situatie 2.1.1. Locatie Stoutenburgerlaan 16 2.1.2. Locatie Coelhorsterweg 34 2.2. Toekomstige situatie 2.2.1. Locatie Stoutenburgerlaan 16 2.2.2. Locatie Coelhorsterweg 34

5 5 5 6 7 7 9

3.

Beleidskader 3.1. Rijksbeleid 3.1.1. Nationale Omgevingsvisie (NOVI) 3.1.2. Instructieregels Rijk (AMvB's) 3.2. Provinciaal beleid 3.2.1. Omgevingsvisie provincie Utrecht 3.2.2. Omgevingsverordening provincie Utrecht 3.3. Regionaal beleid 3.3.1. Handelingsperspectief buitengebied regio Amersfoort 3.4. Gemeentelijk beleid 3.4.1. Omgevingsvisie Amersfoort 2030-2040 3.4.2. Woonvisie Amersfoort 2011-2020 3.4.3. Groenvisie Amersfoort 2030 3.4.4. Verkeer- en vervoersplan Amersfoort 3.4.5. Omgevingsprogramma Groen-Blauw 2040

11 11 11 12 13 13 15 17 17 18 18 19 20 20 21

4.

Aspecten fysieke leefomgeving en milieu 4.1. m.e.r.-beoordeling 4.2. Ladder voor duurzame verstedelijking 4.3. Duurzaamheid & gezondheid 4.4. Verkeersgeneratie, -afwikkeling & parkeren 4.5. Flora & Fauna 4.5.1. Algemeen

22 22 22 23 24 25 25

5.

4.5.2. Gebiedsbescherming 4.5.3. Soortenbescherming 4.5.4. Conclusie 4.6. Luchtkwaliteit 4.7. Geluid 4.8. Geur 4.9. Milieuzonering 4.10. Omgevingsveiligheid 4.11. Trilling 4.12. Welstand 4.13. Archeologie, cultuurhistorie en landschap 4.13.1. Algemeen 4.13.2. Archeologie 4.13.3. Cultuurhistorie 4.14. Bodem 4.15. Weging van het waterbelang

25 27 28 28 29 31 32 35 37 37 39 39 39 41 41 42

Uitvoerbaarheid 5.1. Maatschappelijke uitvoerbaarheid 5.2. Financiële haalbaarheid 5.3. Belangenafweging

44 44 44 44

Bijlagen Bijlage 1 Quickscan ecologie locatie Stoutenburgerlaan 16 Bijlage 2 Quickscan ecologie locatie Coelhorsterweg 34 Bijlage 3 Stikstofdepositieonderzoek Stoutenburgerlaan 16 Bijlage 4 Stikstofdepositieonderzoek Coelhorsterweg 34 Bijlage 5 Activiteitenplan soortenbescherming Stoutenburgerlaan 16 Bijlage 6 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Stoutenburgerlaan 16 Bijlage 7 Inventariserend veldonderzoek proefsleuven Stoutenburgerlaan 16 Bijlage 8 Landschappelijk inpassingsplan Stoutenburgerlaan 16 Bijlage 9 Bodemonderzoek Stoutenburgerlaan 16

1

1.

Inleiding

1.1.

Aanleiding Op het perceel Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord bevindt zich een (voormalige) intensieve veehouderij en op het perceel Coelhorsterweg 34 te Hoogland bevindt zich een (voormalig) agrarisch bedrijf. De bedrijfsactiviteiten op beide percelen worden beëindigd en het voornemen is een groot deel van de opstallen op beide percelen te slopen. Op beide percelen blijft de bestaande bedrijfswoning en een deel van de schuren gehandhaafd en de percelen krijgen een woonfunctie. In ruil voor de sloop van de schuren en het omzetten van de bedrijfsfunctie naar woonfunctie worden er op het perceel Stoutenburgerlaan 16 twee nieuwe vrijstaande woningen gerealiseerd. Op grond van het tijdelijk deel van het omgevingsplan (bestemmingsplan ‘Buitengebied-Oost’ en bestemmingsplan ‘Buitengebied-West’) is de voorgenomen ontwikkeling niet mogelijk. Om de voorgenomen ontwikkeling mogelijk te maken wordt een Tijdelijke alternatieve maatregel (TAM) Omgevingsplan opgesteld. Het TAM-omgevingsplan biedt de mogelijkheid om via de IMRO-standaard (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) en de bestaande voorziening Ruimtelijke Plannen het omgevingsplan te wijzigen voor urgente gebiedsontwikkelingen. Bij het vaststellen van een nieuw omgevingsplan moet worden aangetoond dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies, als opgenomen in de beoordelingsregels uit artikel afdeling 5.1 BkL.

Dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies wordt met dit document aangetoond.

1.2.

Ligging plangebied Het plangebied bestaat uit twee percelen binnen de gemeente Amersfoort, namelijk perceel Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland. In dit TAMomgevingsplan zijn beide percelen opgenomen, omdat het toekennen van de woonfunctie op beide percelen en nieuwbouw van de twee woningen alleen mogelijk kan worden gemaakt op moment dat de agrarische functie en -bebouwingsmogelijkheden, die nu op beide percelen rust, wordt wegbestemd. Het perceel Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg en het perceel Coelhorsterweg 34 in Hoogland liggen in het buitengebied van de gemeente Amersfoort. Het plangebied ligt binnen de kadastrale begrenzing van het perceel sectie R met nummer 404 in de kadastrale gemeente Amersfoort en binnen de kadastrale begrenzing van het perceel sectie E met nummer 3443 in de kadastrale gemeente Hoogland. Op de volgende afbeelding is de globale ligging van het plangebied weergegeven.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

2

Afbeelding 1: Ligging plangebied

1.3.

Toetsing aan omgevingsplan Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 vormen alle vigerende bestemmingsplannen van rechtswege het tijdelijk omgevingsplan. Voor het plangebied betreft dit het bestemmingsplan ‘Buitengebied-Oost’, bestemmingsplan ‘Buitengebied-West’, ‘Paraplubestemmingsplan Parkeren 2023’ en ‘Bestemmingsplan Veegplan B’.

1.3.1. Bestemmingsplan ‘Buitengebied-Oost’ Het perceel Stoutenburgerlaan 16 ligt binnen de begrenzing van het bestemmingsplan ‘Buitengebied-Oost’ dat door de gemeenteraad van de gemeente Amersfoort op 24 februari 2009 is vastgesteld. Het plangebied heeft daarin de bestemming ‘Agrarische bedrijfsdoeleinden’ met de aanduiding ‘intensieve veehouderij toegestaan’ bestemd voor, onder andere, de uitoefening van een grondgebonden agrarisch bedrijf en waar op dit perceel een intensieve veehouderij met bedrijfswoning is toegestaan. Binnen deze bestemming is het gebruik van de bedrijfswoning als burgerwoning en de bouw van nieuwe woningen niet mogelijk.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

3

Afbeelding 2: Fragment bestemmingsplan ‘Buitengebied-Oost’

1.3.2. Bestemmingsplan ‘Buitengebied- West’ Het perceel Coelhorsterweg 34 ligt binnen de begrenzing van het bestemmingsplan ‘Buitengebied-West’ dat door de gemeenteraad van de gemeente Amersfoort op 20 december 2011 is vastgesteld. Het plangebied heeft daarin de bestemming ‘Agrarische met waarden - Hoevenlandschap’ bestemd voor, onder andere, de uitoefening van een grondgebonden agrarisch bedrijf en waar op dit perceel een bedrijfswoning is toegestaan. Binnen deze bestemming is het gebruik van de bedrijfswoning als burgerwoning niet mogelijk. Daarnaast heeft het perceel de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie categorie 1’ ter bescherming van mogelijk aanwezige archeologische waarden. Deze dubbelbestemming is echter komen te vervallen met de vaststelling van het ‘Bestemmingsplan Veegplan B’ waar in paragraaf 1.3.4. verder op wordt ingegaan. Verder is de bedrijfswoning aangeduid met de functieaanduiding ‘cultuurhistorische waarden’ voor het behoud en bescherming van de cultuurhistorische waarde van dit gebouw. Hier wordt verder op ingegaan in paragraaf 4.13.3. Tot slot heeft het perceel de functieaanduiding ‘recreatie’ waarin op het perceel, onder voorwaarden, mogelijkheden worden geboden voor een paardenbak, een kleinschalig kampeerterrein en horeca ten dienste van het extensief recreatief medegebruik.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

4

Afbeelding 3: Fragment bestemmingsplan ‘Buitengebied-West’

1.3.3. ‘Paraplubestemmingsplan Parkeren 2023’ Het ‘Paraplubestemmingsplan Parkeren 2023’ is op 23 april 2024 door de gemeenteraad van de gemeente Amersfoort vastgesteld. In dit bestemmingsplan worden regels gesteld aan het thema parkeren. Bij nieuwe ontwikkelingen moet worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid. Hierop wordt verder ingegaan in paragraaf 4.4. 1.3.4. ‘Bestemmingsplan Veegplan B’ Het ‘Bestemmingsplan Veegplan B’ is op 26 september 2017 door de gemeenteraad van de gemeente Amersfoort vastgesteld. In dit bestemmingsplan worden regels gesteld aan de thema’s archeologie en bedrijfsmatige activiteiten aan huis. Wat betreft archeologie heeft het perceel Stoutenburgerlaan 16 de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 2’ en het perceel Coelhorsterweg 34 de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 1’. Deze dubbelbestemmingen leggen beperkingen op ten aanzien van bodemingrepen omwille van de bescherming van mogelijk aanwezige archeologische waarden. Hier wordt verder op ingegaan in paragraaf 4.13.2. De regels ten aanzien van bedrijfsmatige activiteiten aan huis worden in dit TAMomgevingsplan overgenomen.

1.4.

Leeswijzer Dit document bestaat uit vijf hoofdstukken. Na dit inleidende hoofdstuk wordt in hoofdstuk 2 een planbeschrijving gegeven en wordt ingegaan op de huidige en toekomstige situatie. Hoofdstuk 3 gaat in op het beleid, waarna in hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de aspecten met betrekking tot de fysieke leefomgeving en milieu. Tot slot komt in hoofdstuk 5 de maatschappelijke- en financiële uitvoerbaarheid aan bod en is een samenvatting gegeven waaruit blijkt dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

5

2.

Planbeschrijving

2.1.

Huidige situatie

2.1.1. Locatie Stoutenburgerlaan 16 Op de locatie Stoutenburgerlaan 16 bevindt zich een (voormalige) intensieve veehouderij. Op het perceel staat een bedrijfswoning met bedrijfsgebouwen. De bedrijfsactiviteiten op het perceel worden beëindigd. Het plangebied grenst aan de noordzijde aan de Esvelderbeek en de Koedijkerweg die hier parallel aan loopt, aan de oostzijde aan de Stoutenburgerlaan met aan de andere zijde van de Stoutenburgerlaan woon- en bedrijfspercelen, aan de zuidzijde aan een woonperceel en aan de westzijde aan agrarische gronden. Afbeelding 4: Huidige situatie locatie Stoutenburgerlaan 16

Afbeelding 5: Huidige situatie locatie Stoutenburgerlaan 16

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

6

2.1.2. Locatie Coelhorsterweg 34 Op de locatie Coelhorsterweg 34 bevindt zich een (voormalig) agrarisch bedrijf. Op het perceel staat een cultuurhistorisch waardevolle woonboerderij die dateert uit het jaar 1900 en dienst doet als bedrijfswoning. Verder bevinden zich op het perceel enkele schuren. De bedrijfsactiviteiten op het perceel zijn beëindig. Het plangebied grenst aan de noordzijde aan agrarische gronden horende bij het perceel, aan de oostzijde aan een woonperceel, aan de zuidzijde aan de Coelhorsterweg met aan de andere zijde van de Coelhorsterweg natuurgebied en aan de westzijde aan gronden horende bij landgoed Coelhorst. Afbeelding 6: Huidige situatie locatie Coelhorsterweg 34

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

7

Afbeelding 7: Huidige situatie locatie Coelhorsterweg 34

2.2.

Toekomstige situatie

2.2.1. Locatie Stoutenburgerlaan 16 In de toekomstige situatie wordt het grootste gedeelte van de agrarische bedrijfsgebouwen gesloopt. Eén schuur en de bestaande bedrijfswoning blijven staan en deze bedrijfswoning wordt omgezet in een burgerwoning en het perceel krijgt een woonbestemming. Ten zuiden van het perceel worden twee (schuur)woningen gerealiseerd. In de toekomstige situatie vormt de bestaande woning op het perceel Stoutenburgerlaan 16 samen met één schuurwoning stedenbouwkundig gezien één erfensemble. Het perceel Stoutenburgerlaan 14 samen met de tweede schuurwoning vormt een tweede erfensemble. Het geheel wordt landschappelijk ingepast als verwoord in het landschappelijk inpassingsplan1. Op het eerste erf wordt de bestaande woning ontsloten via de bestaande inrit, de parkeerplaatsen komen achter het bijgebouw. Voor de schuurwoning wordt een bestaande inrit, waarover ook de landbouwwerktuigen rijden naar het achterliggende akker, getransformeerd naar een karrespoor. De parkeerplaatsen van de schuurwoning komen achter het toekomstige bijgebouw en de beplanting. Op het tweede boerenerf staat de bestaande en nieuwe bebouwing rond een gedeeltelijk bestaande boomgaard. Deze zal uitgebreid en aangevuld worden. Het bestaande erf ligt met de bestaande woning en twee bijgebouwen aan een bestaande inrit, ten zuiden van de boomgaard.

De nieuwe schuurwoning met de bestaande inrit ligt ten noorden van de boomgaard. Zowel de parkeerplaatsen als het bijgebouw worden aan het zicht onttrokken doordat deze zich achter een houtwal bevinden.

1

MAAK, Stoutenburgerlaan 16, Stoutenburg Noord landschappelijk inpassingsplan, Amersfoort, 4 april 2025

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

8

Om het principe van de twee boeren erven te versterken wordt er onderscheid gemaakt tussen het hoofdgebouw: de boerderij met een statige poort, beklinkerde oprijlaan en statige voortuin omzoomd met een gemengde haag. En het daarbij horende boeren erf met de nieuw te bouwen schuurwoningen, met een houtwal, boerenhek, karrenspoor en natuurlijke bloemenweide als voortuin. Om de twee boerenerven van elkaar te onderscheiden, is er gekeken naar de specifieke context. Het bovenste boerenerf richt zich meer op de Esvelderbeek, terwijl het tweede boerenerf aansluit bij de bestaande boomgaard op het perceel aan de Stoutenburgerlaan 14. Afbeelding 8: Inrichtingstekening toekomstige situatie locatie Stoutenburgerlaan 16

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

9

Afbeelding 9: Impressie toekomstige situatie locatie Stoutenburgerlaan 16

2.2.2. Locatie Coelhorsterweg 34 In de toekomstige situatie is één schuur en enkele bijgebouwen die zich nu op het perceel bevinden gesloopt. Het perceel wordt ook iets anders ingericht. Het parkeren wordt zoveel mogelijk uit het zicht gehaald doordat er een parkeerkoffer komt die omzoomd is door een haag. De entree sluit daarmee aan bij de bestaande siertuin aan de voorkant van het woonhuis. De gronden ten noorden en westen van het plangebied behouden de agrarische functie. Verder wordt de bestaande bedrijfswoning omgezet in een burgerwoning en krijgt het perceel een woonbestemming. De agrarische functie van het plangebied verdwijnt daarmee.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

10

Afbeelding 10: Toekomstige situatie locatie Coelhorsterweg 34

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

11

3.

Beleidskader

3.1.

Rijksbeleid

3.1.1. Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is op 11 september 2020 vastgesteld en geldt vanaf 1 januari 2024 als de Nationale Omgevingsvisie als bedoeld in de omgevingswet. In de NOVI geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI bestaat uit een visie, toelichting en uitvoeringsagenda. De combinatie van deze drie documenten zorgt voor een toetsing die leidt tot nationale strategische keuzes en gebiedsgericht maatwerk. De NOVI geeft weer voor welke uitdagingen Nederland staat, wat daarbij de nationale belangen zijn, welke prioriteiten de Rijksoverheid stelt bij de inrichting van Nederland en hoe het Rijk keuzes maakt in de uitvoering daarvan. Keuzes die samenhangen met toekomstbeelden over de fysieke leefomgeving, maatschappelijke opgaven en bijbehorende economische perspectieven. Steeds duidelijker wordt dat de opgaven alleen goed aangepakt kunnen worden als dat in samenhang gebeurt, het ontwikkelpotentieel van heel Nederland optimaal wordt benut en gezorgd wordt voor een duurzame verbinding van alle delen van Nederland en met de landen om ons heen. Het beleid in de leefomgeving is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de betrokken overheden.

De NOVI geeft aan waar het Rijk zich op nationale schaal aan bindt, waar het regie voert richting medeoverheden of waar het juist aan de medeoverheden is om keuzes te maken. Provincies en (samenwerkende) gemeenten zullen in hun omgevingsvisies uiting geven aan hun eigen verantwoordelijkheid en keuzes in de fysieke leefomgeving. Met de NOVI wordt in beeld gebracht waar kansen liggen. Kansen om de kwaliteit van onze leefomgeving te verbeteren. Kansen om sociale samenhang, gezondheid en economisch herstel te bevorderen en kansen om schone, veilige en duurzame technieken, die bijdragen aan de beoogde transitie naar een circulaire samenleving – stevig te verankeren in onze manier van leven en werken. Daartoe zijn 21 nationale belangen in de fysieke leefomgeving en de daaruit voortkomende opgaven beschreven. Die opgaven zijn in feite het verschil tussen de ambitie en de huidige situatie en verwachte ontwikkelingen. Deze nationale belangen komen samen in vier prioriteiten: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie 2. Een duurzaam en (circulair) economisch groeipotentieel 3. Sterke en gezonde steden en regio's 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Voor de vier NOVI-prioriteiten geldt steeds dat zowel voor de lange als de korte termijn maatregelen nodig zijn. Deze maatregelen dienen in de praktijk voortdurend op elkaar in te spelen.

Bij de afweging van de belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving cen-

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

12

traal voor zowel de boven- als de ondergrond. Ten behoeve van die afweging gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: ▪ combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van de ruimte; ▪ kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; ▪ afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. Toetsing De voorgenomen ontwikkeling is van een dusdanig kleine schaal dat deze geen belangen raakt uit de Nationale Omgevingsvisie. Het voornemen is om (voormalige) agrarische bedrijfsgebouwen te slopen en daarvoor in de plaats twee woningen te realiseren. Dit past in ieder geval binnen twee nationale belangen uit de NOVI, namelijk: ▪ realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit; ▪ zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften.

Conclusie De planontwikkeling is niet in strijd met de uitgangspunten van de NOVI. 3.1.2. Instructieregels Rijk (AMvB's) De Omgevingswet werkt door in vier algemene maatregelen van bestuur (AMvB’s): 1. het Omgevingsbesluit (Ob); 2. het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl); 3. het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal); 4. het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). In deze AMvB's staan regels voor het praktisch uitvoeren van de wet. Voor de volgende onderwerpen gelden er rijksinstructieregels: ▪ Waarborgen van veiligheid (paragraaf 5.1.2 Bkl); ▪ Beschermen van waterbelangen (paragraaf 5.1.3 Bkl); ▪ Beschermen van gezondheid en milieu, waaronder instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht, trillingen, geluid en geur en bodemkwaliteit (paragraaf 5.1.4 Bkl); ▪ Beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed, waaronder de ladder voor duurzame verstedelijking (paragraaf 5.1.5 Bkl); ▪ Het behoud van ruimte voor toekomstige functies voor autowegen, buisleidingen, natuur- en recreatiegebieden (paragraaf 5.1.6 Bkl); ▪ Het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten, waaronder landsverdediging en nationale veiligheid, elektriciteits-

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

13

voorziening, rijksvaarwegen en luchtvaart, fiets- en wandelroutes, aanwijzing van woningbouwcategorieën (paragraaf 5.1.7 Bkl); ▪ Het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen (paragraaf 5.1.8 Bkl). Daarnaast bevat afdeling 5.2 van het Bkl instructieregels voor de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving. Daarbij gaat het onder meer om het voorkomen van belemmeringen van gebruik en beheer van spoorwegen en rijkswegen. In heel bijzondere gevallen kunnen B&W de Minister vragen om een ontheffing van bepaalde instructieregels te verlenen. Dit volgt uit afdeling 5.3 van het Bkl. Conclusie Het voorgenomen plan raakt geen van de nationale belangen en is niet in strijd met de rijksinstructieregels uit de AMvB’s. Het plan past binnen de instructieregels van de AMvB’s.

3.2.

Provinciaal beleid

3.2.1. Omgevingsvisie provincie Utrecht In de Omgevingsvisie provincie Utrecht geeft de provincie aan dat de ruimte in de provincie beperkt is, terwijl de vraag naar ruimte groot is. Dat stelt de provincie Utrecht voor een grote uitdaging: ‘hoe gaan we om met de groei van inwoners en bedrijven zonder dat dit ten koste gaat van een prettige en gezonde leefomgeving? We móeten keuzes maken’. Daarom is het uitgangspunt om waar mogelijk te kiezen voor slim combineren en concentreren. Met zeven beleidsthema’s geeft de provincie richting aan de ontwikkeling en de bescherming van een gezonde en veilige leefomgeving. In 2050 is de provincie Utrecht een inclusieve en circulaire provincie: ▪ waarin Stad en land gezond zijn; ▪ die Klimaatbestendig en waterrobuust is; ▪ waarin Duurzame energie een plek heeft; ▪ met Vitale steden en dorpen; ▪ die Duurzaam, gezond en veilig bereikbaar is; ▪ met een Levend landschap, erfgoed en cultuur; ▪ die een Toekomstbestendige natuur en landbouw heeft. Het plangebied is op de visiekaart aangewezen als ‘Landbouwgebied’. Over dit gebied wordt onder andere het volgende aangegeven over nieuwe functies voor stoppende agrarische bedrijven. Het beleid is in principe gericht op het duurzaam toekomstperspectief geven aan de agrarische bedrijven.

Daar waar de bouwpercelen gunstig liggen ten opzichte van de goede landbouwgrond is in het geval een agrarisch bedrijf stopt, het behoud van een agrarisch bouwperceel voor de landbouw wenselijk. Door het grote aantal bedrijven dat stopt, en de soms ongunstige ligging van bouwperceel ten opzichte van veldpercelen is dit echter vaak niet haalbaar. Veelal zal de voormalige bedrijfswoning een woonfunctie krijgen. De voormalige bedrijfsbebouwing kan dan blijven staan, maar kan in dat geval niet voor een bedrijfsmatige functie worden

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

14

gebruikt. Een beperkte oppervlakte in de nabijheid van de woning kan worden gebruikt voor beroep of bedrijf aan huis. Om sloop van overbodig geworden bedrijfsbebouwing te stimuleren en dus verval te voorkomen, wordt de saneringsregeling voor bedrijfsbebouwing aanbevolen. Veel gemeenten hanteren die: de overbodige bedrijfsbebouwing wordt onder het overgangsrecht gebracht, maar kan toch worden vervangen indien de oppervlakte met 50% afneemt. Als een agrarisch bouwperceel geheel vrijkomt is het beleid gericht op sloop van overbodig geworden bedrijfsbebouwing. De provincie biedt via de Omgevingsverordening, zie paragraaf 3.2.2., in het landelijk gebied ruimte voor de bouw van één tot drie woningen (ruimte-voorruimte) of de vestiging van een niet-agrarische functie in ruil voor de sloop van een evenredige oppervlakte aan bedrijfsbebouwing. Daarbij is het uitgangspunt dat alle bedrijfsmatige bebouwing moet worden gesloopt. Naar mate er meer wordt gesloopt, is er meer ontwikkelruimte. Er worden hiervoor standaard normen gehanteerd. Hiervan kan door gemeenten worden afgeweken, indien een evenredige kwaliteitswinst anders dan sloop van gebouwen wordt bereikt. Zo ontstaat ruimte voor maatwerk: bijvoorbeeld meer dan 1 tot 3 woningen, woningen op een andere plek dan het agrarisch bouwvlak, combineren van sloop van meerdere bouwvlakken of vestiging van een groter niet-agrarisch bedrijf.

Bij de beoordeling van evenredige kwaliteitswinst, anders dan door sloop, kunnen onder andere de volgende aspecten een rol spelen: herstel van landschapselementen, versterking van de cultuurhistorische hoofdstructuur (agrarisch cultuurlandschap), oplossingen voor de wateropgave, realisering van wandel- en recreatievoorzieningen, de verbetering van het woonmilieu in een aangrenzende kern en extra, compact gebouwde woningen die aantoonbaar in een plaatselijke woningbehoefte voorzien. De beoordeling of sprake is van meer ruimtelijke kwaliteit is primair een verantwoordelijkheid van de gemeente. Gemeenten kunnen een eigen afweging maken om een andere, evenredige vorm van ruimtelijke kwaliteitswinst mogelijk te maken. Toetsing Bij de voorgenomen ontwikkeling wordt gebruik gemaakt van de ruimte voor ruimte regeling uit de Omgevingsverordening, zie paragraaf 3.2.2. In de Omgevingsvisie is bovenstaande toelichting op deze regeling opgenomen en de voorgenomen ontwikkeling is in lijn met deze toelichting. Met de voorgenomen ontwikkeling blijft op beide percelen de bestaande bedrijfswoning en een deel van de schuren gehandhaafd en de percelen krijgen een woonfunctie. Een groot deel van de schuren wordt echter ook gesloopt en in ruil voor de sloop van de schuren worden er op het perceel Stoutenburgerlaan 16 twee nieuwe vrijstaande woningen gerealiseerd.

Met deze ontwikkeling wordt leegstand van de agrarische bebouwing met verfrommeling tot gevolg voorkomen. De nieuwe woonfunctie, waar ook een landschappelijke inpassing mee gepaard gaat zorgt daarmee voor een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit ter plaatse. Conclusie Gezien het voorgaande kan geconcludeerd worden dat de ontwikkeling in lijn is met de omgevingsvisie van de provincie Utrecht.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

15

3.2.2. Omgevingsverordening provincie Utrecht Het beleid van de Omgevingsvisie wordt uitgevoerd met behulp van de Omgevingsverordening en Programma’s. Omgevingsverordening In de Omgevingsverordening van de provincie Utrecht staan de regels die horen bij het beleid dat in de Omgevingsvisie staat. Bijvoorbeeld regels voor natuurgebieden, waterwingebieden en woningbouw. Het opstellen van deze regels is een wettelijke taak of is het gevolg van politieke keuzes van de provincie Utrecht. In de Omgevingsverordening gaat het deels om regels die alleen voor gemeenten, waterschappen en uitvoeringsdiensten gelden en deels om regels die voor iedereen gelden. De provincie Utrecht heeft de ambitie om alleen regels te maken om risico’s uit te sluiten. Soms is het mogelijk van regels af te wijken. De provincie Utrecht vindt het belangrijk om ruimte te geven aan nieuwe initiatieven en maatwerk per gebied. In de Omgevingsverordening zijn alle regels voor de leefomgeving samengebracht en de provincie Utrecht is van zo’n 20 verordeningen naar één Omgevingsverordening gegaan. Dit moet het voor iedereen eenvoudiger maken om te zien welke regels waar gelden. Programma’s Om het beleid uit te voeren zijn er niet alleen regels nodig, maar ook op uitvoering gerichte programma’s. De provincie zal hier samen met overheden, partners en de samenleving invulling aan geven.

Bijvoorbeeld in het programma ‘wonen en werken’. Gemeenten in een regio en provincie zitten daarbij samen aan tafel en leggen vast welke woningen waar op welk moment gebouwd gaan worden en welke bedrijventerreinen ontwikkeld gaan worden. Daarbij wordt ook rekening gehouden met andere zaken, zoals dat mensen naar hun werk kunnen gaan en dat er voldoende recreatie en groen is. Met de Omgevingsvisie wil de provincie Utrecht duidelijkheid geven hoe de Utrechtse leefomgeving ingericht kan worden. Welke rol de provincie pakt, hangt af van de situatie. De ene keer zal de provincie Utrecht een ontwikkeling stimuleren, de andere zorgt ze ervoor dat plannen worden aangepast om de kwaliteiten van de omgeving te beschermen. Toetsing Het plangebied is in de omgevingsverordening aangeduid als ‘Landelijk gebied’. Voor de voorgenomen ontwikkeling is hiervoor artikel 9.12 op de locatie Coelhorsterweg 34 en artikel 9.13 op de locatie Stoutenburgerlaan 16 het meest relevant. In dit artikel wordt ingegaan op de ruimte voor ruimte regeling als toegelicht in paragraaf 3.2.1. Artikel 9.12 In artikel 9.12 is bepaald dat wordt toegestaan dat aan een agrarisch bedrijfsperceel waar het agrarisch gebruik wordt beëindigd een woonfunctie wordt gegeven aan de bedrijfswoning en de tot het hoofdgebouw behorende aangebouwde bedrijfsruimte, mits is voldaan aan de volgende voorwaarden:

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

16

a) het bouwperceel is niet optimaal gesitueerd en uitgerust voor de grondgebonden landbouw, of, in het geval van een glastuinbouwbedrijf, het bouwperceel ligt niet in een Concentratiegebied glastuinbouw; b) de bestaande cultuurhistorische en landschappelijke waarden worden behouden of versterkt; c) de omliggende agrarische bedrijven worden niet in hun bedrijfsvoering belemmerd; en d) een kantoor of bedrijf aan huis is mogelijk indien de omvang van die activiteiten ondergeschikt blijft aan de woonfunctie De voorgenomen ontwikkeling voldoet aan deze voorwaarden op de locatie Coelhorsterweg 34: a) de agrarische bedrijfsvoering op het perceel is beëindigd en er is geen bedrijfsopvolging. Daaruit kan geconcludeerd worden dat het perceel niet optimaal gesitueerd en uitgerust is om het agrarisch bedrijf te kunnen voortzetten; b) zoals in paragraaf 4.13.3. staat aangegeven blijven de cultuurhistorische waarden behouden. Daarnaast wordt er een landschap ontsierende schuur gesloopt en worden en landschappelijk maatregelen getroffen die de landschappelijke waarde versterken; c) zoals in paragraaf 4.8 en 4.9 staat aangegeven is dit niet aan de orde; d) deze mogelijkheid wordt aan het perceel toegekend in dit TAM-omgevingsplan.

In artikel 9.13 is bepaald dat op agrarische bedrijfspercelen waar het agrarisch gebruik is beeindigd de bouw van één of meerdere nieuwe woningen is toestaan, mits voldaan is aan de volgende voorwaarden: a) het bouwperceel is niet optimaal gesitueerd en uitgerust voor de grondgebonden landbouw of, in geval van een glastuinbouwbedrijf, het bouwperceel ligt niet in een Concentratiegebied glastuinbouw; b) alle bedrijfsbebouwing op de betrokken bouwpercelen wordt gesloopt, tenzij het gaat om historisch waardevolle of karakteristieke bebouwing of bedrijfswoning. De historisch waardevolle of karakteristieke bebouwing krijgt een passende functie die bijdraagt aan dat behoud. Wanneer 750 m2 tot 2.500 m2 aan bebouwing wordt gesloopt, is de bouw van één nieuwe woning toegestaan. Wanneer 2.500 m2 tot 4.000 m2 aan bebouwing wordt gesloopt, is de bouw van twee woningen toegestaan. Wanneer er 4.000 m2 of meer aan bebouwing wordt gesloopt, is de bouw van drie woningen toegestaan. Voor kassen geldt dat er 5.000 m2 aan bedrijfsbebouwing wordt gesloopt voor één woning.

Afwijking van de vereiste sloopoppervlakten, het aantal te bouwen woningen en van de verplichting om het totaal aan bedrijfsbebouwing te slopen, is mogelijk mits dit leidt tot verhoging van de ruimtelijke kwaliteit; c) de nieuwe woning of woningen worden gesitueerd binnen de voormalige bouwpercelen, in samenhang met de te handhaven boerderij of bedrijfswoning, de betrokken bouwpercelen worden evenredig verkleind en de woningen worden landschappelijk goed ingepast, tenzij situering van de nieuwe woning op een andere locatie in het landelijk gebied leidt tot verhoging van de ruimtelijke kwaliteit; en d) de omliggende agrarische bedrijven worden niet in hun bedrijfsvoering belemmerd.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

17

De voorgenomen ontwikkeling voldoet aan deze voorwaarden op de locatie Stoutenburgerlaan 16: a) in de eerste plaats verdwijnt er een intensieve veehouderij met de voorgenomen ontwikkeling en gaat het dus niet om grondgebonden landbouw. De agrarische bedrijfsvoering op het perceel is beëindigd en er is geen bedrijfsopvolging. Daaruit kan geconcludeerd worden dat het perceel niet optimaal gesitueerd en uitgerust is om het agrarisch bedrijf te kunnen voortzetten; b) met uitzondering van de bedrijfswoning en één schuur dat als bijgebouw bij de woning zal dienen wordt alle bedrijfsbebouwing gesloopt, inclusief één schuur op het perceel Coelhorsterweg 34. Daarmee wordt voldaan aan de vereiste sloopmeters om twee nieuwe woningen op te richten. c) de twee nieuwe woningen worden nagenoeg binnen de begrenzing van het agrarische bouwperceel gerealiseerd. De gekozen situering is stedenbouwkundig en landschappelijk wenselijk en leidt tot een verhoging van de ruimtelijke kwaliteit. d) deze mogelijkheid wordt aan het perceel toegekend in dit TAM-omgevingsplan. Conclusie Gezien het voorgaande kan geconcludeerd worden dat de ontwikkeling in lijn is met de Omgevingsverordening van de provincie Utrecht.

3.3.

Regionaal beleid

3.3.1. Handelingsperspectief buitengebied regio Amersfoort De samenwerkende gemeenten in de Regio Amersfoort en de Provincie Utrecht hebben een strategie ontwikkeld om de groei van de regio in goede banen te leiden: ‘Ontwikkelbeeld Regio Amersfoort Centraal!’. Het Handelingsperspectief buitengebied Regio Amersfoort (HPB) is daarvan een uitwerking dat door de betreffende gemeenteraden op 1 juli 2024 is vastgesteld. Het HPB maakt duidelijk dat het buitengebied zal veranderen en schetst mogelijkheden hoe dat te doen. Het HPB zorgt voor samenhang tussen de verschillende ontwikkelingen in de regio. Het is daarmee een leidraad voor de ontwikkeling van het buitengebied. Het buitengebied van de Regio Amersfoort is het landelijke gebied buiten de bebouwde kom van de negen gemeenten van de Regio Amersfoort. Dit handelingsperspectief gaat specifiek over het Utrechtse deel van Regio Amersfoort. Eén van de doelen uit het HPB is het extensiveren van de landbouw door het aantal dieren te verminderen of het areaal landbouwgrond te vergroten. Daarnaast speelt het aantal bedrijfsbeeindigingen een rol. De Landbouwvisie Utrecht gaat ervan uit dat 40% van de agrarische bedrijven binnenkort zal stoppen en dat daarbij 30% van de landbouwgrond vrijkomt. Het plangebied ligt in een kernrandzone in het deelgebied ‘Gelderse vallei’.

In de kernrandzones zijn veel functies van stad en land te combineren volgens het nabijheidsprincipe. Denk aan ommetjes, landbouw, opvang van regenwater, bosrijke recreatiegebieden, nieuwe woningen en bedrijven in

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

18

vrijkomende agrarische bebouwing. De mogelijkheden en draagkracht voor functies variëren per kernrandzone en per plek in de kernrandzone. Maatwerkoplossingen zijn nodig Toetsing Het doel van het HPB is niet de agrarische bedrijfsbeëindiging, maar de extensivering van de landbouw. Desondanks draagt de bedrijfsbeëindiging wel bij aan de extensivering van de landbouw. De voorgenomen ontwikkeling is een maatwerkoplossing in de kernrandzone om een nieuwe invulling te geven aan vrijgekomen agrarische bebouwing. De voorgenomen ontwikkeling levert met de landschappelijke maatregelen die worden getroffen een bijdrage aan de beleving van de kernrandzone als recreatief gebied Conclusie Er kan geconcludeerd worden dat de beoogde ontwikkeling past binnen het Handelingsperspectief buitengebied regio Amersfoort.

3.4.

Gemeentelijk beleid

3.4.1. Omgevingsvisie Amersfoort 2030-2040 De Omgevingsvisie Amersfoort 2030-2040 is een aanvulling op de Structuurvisie Amersfoort 2030 (2013). Er is de afgelopen jaren veel veranderd in Amersfoort en de komende jaren zal er nog veel meer veranderen. De stad groeit omdat het voor veel mensen een aantrekkelijke plek is om te wonen, te werken en te recreëren. En vanwege economische ontwikkelingen, klimaatverandering en energietransitie zal de stad op verschillende plekken ingrijpend aangepakt moeten worden. De visie en strategie zijn samen met de ambities en doelen voor het beleid voor de fysieke leefomgeving vertaald in zes integrale ontwikkelopgaven: 1. Een groene stad in een groene omgeving die water omarmt; 2. Een duurzame CO2-neutrale stad; 3. Een stad met een duurzame mobiliteit; 4. Een inclusieve en aantrekkelijke stad om in te wonen; 5. Een stad met een veelzijdige en veerkrachtige economie; 6. Een stad waarin voorzieningen meegroeien. Toetsing De locatie Stoutenburgerlaan 16 ligt op een locatie die in de Omgevingsvisie is aangewezen als gebied waar de nadruk op extensieve recreatie en natuur ligt. Met de voorgenomen ontwikkeling wordt niet expliciet een recreatieve- of natuurfunctie toegevoegd, maar wordt wel een bijdrage geleverd aan deze twee aspecten.

Er verdwijnen namelijk de nodige ontsierende schuren, waarvoor in de plaats twee nieuwe woningen, gepaard met de nodige natuurlijke en landschappelijke maatregelen, worden opgericht. Dit komt ten goede aan de beleving van het landschap en is vanuit ecologisch aspect bevorderlijk voor het plangebied en de omgeving. Bovendien wordt er met de toevoeging van twee woningen aan de woningvoorraad een (beperkte) bijdrage geleverd aan de woningbouwopgave.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

19

Conclusie Er kan geconcludeerd worden dat de beoogde ontwikkeling past binnen de Omgevingsvisie van de gemeente. 3.4.2. Woonvisie Amersfoort 2011-2020 In de Woonvisie Amersfoort 2011 – 2020 (vastgesteld 27 september 2011) staat beschreven met welk woonbeleid de gemeente aan de slag gaat. Het is een van de bouwstenen voor de structuurvisie waar vooral de ruimtelijke invulling een plek moet krijgen. In de koers voor de Structuurvisie Amersfoort 2030 is als ambitie vastgesteld dat Amersfoort zich verder ontwikkelt tot een duurzame, vitale stad met een centrumfunctie voor de regio. De kracht van Amersfoort zit in de goede mix van stedelijkheid en groene leefbare wijken, met een waardevol historisch centrum in een groene omgeving. Er moet meer gebouwd worden dan alleen voor de eigen behoefte, want er is een groot aantal huishoudens van buiten Amersfoort dat op zoek is naar een woning in Amersfoort. Voor de komende jaren streeft de gemeente naar een gemiddelde netto toevoeging van 900 woningen per jaar. Dit streefprogramma ligt daarmee tussen de eigen vraag en de totale vraag. Afbeelding 11: Woningaanbod 2010-2029 Amersfoort (bron: Woonvisie 2011-2020)

Daarnaast wil de gemeente dat Amersfoort een sterke sociaaleconomische positie heeft en als jonge en levendige stad fungeert. Dit wil zij behalen door het behouden en zo nodig versterken van die specifieke kwaliteiten die het voor gezinnen aantrekkelijk maakt om in Amersfoort te wonen. Toetsing Het voorgenomen plan draagt (in bescheiden mate) bij aan een uitbreiding van het woningaanbod van Amersfoort. Het levert een bijdrage van twee vrijstaande woningen in het buitengebied die gerealiseerd worden ter compensatie van de sloop van (voormalig) agrarische bedrijfsbebouwing. De twee woningen zijn bovendien levensloopbestendig aangezien het volledige woonprogramma zich op de begane grond bevindt. In de woonvisie wordt specifiek ingezet op de bouw van dit type woning.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

20

Conclusie Er kan geconcludeerd worden dat de beoogde ontwikkeling past binnen de Woonvisie van de gemeente. 3.4.3. Groenvisie Amersfoort 2030 Op 8 november 2016 heeft de gemeenteraad van Amersfoort de 'Groenvisie Amersfoort 2030' vastgesteld. Met de groenvisie wil de gemeente de kwaliteit van de groenstructuur verbeteren. De groenvisie benadrukt dat Amersfoort een groene stad is, maar dat meer groen van belang is. De doelen van de groenvisie worden aan de hand van een aantal thema's verwoord: ▪ Stad van de groene ruimte ▪ Biodivers Amersfoort ▪ Recreatief Amersfoort ▪ Eetbaar Amersfoort ▪ Klimaatbestendig Amersfoort ▪ Boomrijk Amersfoort ▪ Groencompensatiebeleid Aan de hand van de groenvisie heeft de raad van Amersfoort op 31 mei 2022 het Groencompensatiebeleid vastgesteld. Ruimtelijke plannen die niet passen in het geldende bestemmingplan dienen getoetst te worden aan het groencompensatiebeleid. De toetsing bestaat uit een stappenplan dat de initiatiefnemer dient te doorlopen. Toetsing Het voorgenomen plan wordt zorgvuldig ingepast en er is rekening gehouden met natuurwaarden en ecologie. Dit is vastgelegd in het landschappelijk inpassingsplan. Het plangebied grenst direct aan de ecologische verbindingszone en de gekozen maatregelen in het landschappelijk inpassingsplan leveren een bijdrage aan de versterking van deze zone.

Conclusie Bij het aanvragen van de omgevingsvergunning zal een groencompensatieplan worden ingediend dat in lijn moet zijn met het groencompensatiebeleid. 3.4.4. Verkeer- en vervoersplan Amersfoort Op 23 september 2013 is het 'Verkeer- en vervoersplan Amersfoort' (VVP) door de gemeenteraad vastgesteld. In het VVP zijn de ambities van de gemeente voor de bereikbaarheid, verkeersveiligheid, duurzame mobiliteit en de keuzevrijheid in vervoersmiddelen beschreven. Toetsing Met de voorgenomen ontwikkeling vinden geen grootschalige ingrepen aan het bestaande verkeersnetwerk plaats. Er wordt gebruik gemaakt van de bestaande in-/uitritten waarbij de in/uitritten, waarover op één in-/uitrit ook de landbouwwerktuigen rijden naar het achterliggende akker, getransformeerd worden naar een karrespoor. De benodigde parkeerbehoefte wordt op eigen terrein opgelost en is voldoende voor bewoners en bezoekers en het plan leidt tot een

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

21

afname van verkeersbewegingen in vergelijking met de huidige situatie. In paragraaf 4.4 wordt verder ingegaan op het aspect verkeer en parkeren. Conclusie De voorgenomen ontwikkeling past binnen het Verkeer- en vervoersplan Amersfoort. 3.4.5. Omgevingsprogramma Groen-Blauw 2040 Het omgevingsprogramma Groen-Blauw 2040 is op 30 januari 2024 vastgesteld. Het doel van het omgevingsprogramma is om Amersfoort gezond, groen en leefbaar te houden. Het streven is dat Amersfoort in 2040 een natuurinclusieve stad is waarin genoeg natuur in de stad is om de stad leefbaar, gezond en economisch sterk te houden. Een voorwaarde hiervoor is het behouden van het groen en het groen mee te laten groeien met de ontwikkelingen van de stad. Het omgevingsprogramma maakt de ontwikkeldoelen van de omgevingsvisie van Amersfoort verder concreet en gekoppeld aan een programmatische aanpak.

De doelen van het doelen het omgevingsprogramma zijn: ▪ Een groene stad met water; ▪ De stad is klimaatbestendig ▪ Een natuurinclusieve stad met een vergrote en robuuste biodiversiteit ▪ Ruimte voor water en kwaliteit van water ▪ Bereikbaar en voldoende groen voor mensen en dieren ▪ Een gezonde leefomgeving die uitnodigt tot bewegen en ontmoeten ▪ De inrichting van de stad nodigt uit tot bewegen en ontmoeten Toetsing Met de voorgenomen ontwikkeling worden de nodige maatregelen getroffen ter bevordering van de natuurwaarden en ecologie. Het gaat om landschappelijke- en natuurinclusieve maatregelen die zijn opgenomen in het landschappelijk inpassingsplan. Op deze onderdelen levert het plan een positieve bijdrage. Conclusie De voorgenomen ontwikkeling past binnen de het Omgevingsprogramma Groen-Blauw 2040.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

22

4.

Aspecten fysieke leefomgeving en milieu

4.1.

m.e.r.-beoordeling Algemeen De wetgeving omtrent de milieueffectrapportage (m.e.r) is opgenomen in afdeling 16.4 van de Omgevingswet en in hoofdstuk 11 en bijlage V bij het Omgevingsbesluit. Het bevoegd gezag zal per specifiek geval na moeten gaan of er sprake is van een plan of programma in de zin van de Strategische milieubeoordeling-richtlijn. Onder een plan of programma wordt in ieder geval verstaan: een omgevingsvisie, een programma, een omgevingsplan en een voorkeursbeslissing. Er hoeft niet (meer) getoetst worden aan de limitatieve lijst van MER-plichtige plannen en programma's uit de Bijlage bij het Besluit MER. Er wordt onder de Omgevingswet geen onderscheid (meer) gemaakt tussen een formele en vormvrije MER-beoordeling op grond van aangewezen drempelwaarden. Er is dus nog maar één MER-beoordelingsprocedure. Toetsing De nieuwbouw van twee woningen ter compensatie van de sloop van (voormalige) agrarische bebouwing wordt in dit geval niet gezien als een stedelijk ontwikkelingsproject. Er is namelijk sprake van een aanzienlijk afname aan bebouwingsoppervlak waarmee er geen aanvullend ruimtebeslag gemoeid is met de voorgenomen ontwikkeling. Wellicht ten overvloede kan worden opgemerkt dat uit de samenvatting van de onderzoeken in dit hoofdstuk, volgt dat belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn uitgesloten.

Conclusie Het aspect m.e.r.-beoordeling levert geen belemmering op voor de voorgenomen ontwikkeling.

4.2.

Ladder voor duurzame verstedelijking Algemeen Om de ruimte zorgvuldig te benutten en overprogrammering te voorkomen is de "Ladder voor duurzame verstedelijking" geïntroduceerd. De ladder voor duurzame verstedelijking is een instructieregel voor zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand. De instructieregel in artikel 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) regelt dat bij een wijziging van het omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de ladder is vereist. Bij een nieuwe stedelijke ontwikkeling moet de behoefte aan die ontwikkeling (trede 1) worden aangetoond. Indien die stedelijke ontwikkeling mogelijk wordt gemaakt buiten het bestaand stedelijk gebied, moet worden gemotiveerd waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien (trede 2). Het begrip stedelijke ontwikkeling wordt daarbij als volgt gedefinieerd: "ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen". Toetsing Uit jurisprudentie blijkt dat 11 woningen niet wordt aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling. Het planvoornemen omvat het omzetten van twee bedrijfswoningen in een burgerwoning en de

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

23

bouw van twee nieuwe woningen en er is daarmee geen sprake van een stedelijke ontwikkeling. Het planvoornemen hoeft daarmee niet verder getoetst te worden aan de ladder voor duurzame verstedelijking. Conclusie De planontwikkeling voldoet aan de uitgangspunten van de ladder voor duurzame verstedelijking.

4.3.

Duurzaamheid & gezondheid De eisen met betrekking tot de milieuprestatie en energiezuinigheid van gebouwen zijn opgenomen in artikel 4.148-4.160 (Duurzaamheid) van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Hierin is onder meer aangegeven dat een bouwwerk bijna energie neutraal (BENG) dient te zijn. In BENG wordt de energieprestatie van een gebouw uitgedrukt met drie indicatoren: ▪ BENG 1 Energiebehoefte: de hoeveelheid energie die een gebouw nodig heeft voor verwarming en koeling uitgedrukt in kWh per m² gebruiksoppervlakte per jaar. Deze indicator gaat over het beperken van de energievraag van het gebouw zelf. Aandachtspunten: stedenbouwkundig ontwerp, oriëntatie, compact ontwerp, schilisolatie, luchtdichtheid, zomernachtventilatie, ventilatiesysteem en zonwering. ▪ BENG 2 Primair energiegebruik: de hoeveelheid fossiele brandstof in kWh per m² gebruiksoppervlakte per jaar die nodig is voor verwarming, koeling, warm water en installaties. Let op: voor netstroom wordt het rendement van elektriciteitsproductie verrekend. Aandachtspunten: efficiënte installaties, warmteafgifte op lage temperatuur, warmwater met korte leidingen en warmteterugwinning en toepassing van hernieuwbare energie (ook BENG 3). ▪ BENG 3 Aandeel hernieuwbare energie: het percentage (in procenten) hernieuwbare energie van het totale energiegebruik.

Aandachtspunten: toepassing van PV, zonneboiler, bodemenergie, omgevingswarmte, biomassa en externe warmtelevering (mits hernieuwbaar). Ook de bevordering van gezondheid is een afwegingscriterium bij ruimtelijke ontwikkelingen. In dit hoofdstuk komt een aantal (milieu)aspecten, zoals geluidsoverlast, bodemverontreiniging, externe veiligheid, enzovoort, aan de orde waarbij de gezondheid van de toekomstige bewoners een rol speelt. Uit de uitgevoerde onderzoeken zijn geen belemmeringen naar voren gekomen ten aanzien van gezondheid. Daarnaast kan bij grotere planontwikkelingen ook gezondheidsbevordering gestimuleerd worden. Zo heeft de fysieke leefomgeving positieve gezondheidseffecten als deze uitnodigt tot gezond gedrag en mensen stimuleert tot meer bewegen, gezonder eten en elkaar ontmoeten. Voor de voorgenomen ontwikkeling is het onderdeel van het bevorderen van de gezondheid minder relevant, omdat er geen leefomgeving op een groter schaalniveau wordt ingericht.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

24

Conclusie Het aspect duurzaamheid en gezondheid levert geen belemmering op voor de voorgenomen ontwikkeling.

4.4.

Verkeersgeneratie, -afwikkeling & parkeren Algemeen Bij ruimtelijke plannen moet rekening worden gehouden met verkeersgeneratie en -afwikkeling en parkeerbehoefte die ontstaat door een nieuwe ontwikkeling. Toetsing locatie Stoutenburgerlaan 16 Zoals ook in paragraaf 3.4.4. aangegeven wordt gebruik gemaakt van de bestaande in-/uitritten waarbij één in-/uitrit, waarover ook de landbouwwerktuigen rijden naar de achterliggende akker, getransformeerd wordt naar een karrespoor. Zoals in paragraaf 1.3.3. staat aangegeven moet bij nieuwbouwontwikkeling worden voorzien in voldoende parkeerplaatsen, waarvoor de Beleidsregels Parkeernormen Amersfoort het toetsingskader is. De Beleidsregels Parkeernormen Amersfoort voorziet echter niet in parkeernormen voor locaties gelegen in het buitengebied. Daarom wordt teruggevallen op de CROW-publicatie 744 op basis waarvan de parkeernormen in Amersfoort zijn vastgesteld. Daarin staat dat voor een woning binnen de categorie ‘Koop, huis, vrijstaand’ in het buitengebied van de gemeente Amersfoort, wat een ‘sterk stedelijke’ gemeente is, een gemiddelde parkeernorm van 2,1 parkeerplaatsen per woning geldt. Op het erf van de woningen worden twee parkeerplaatsen per woning gerealiseerd. Er is op het terrein, te plaatse van de in-/uitritten, echter voldoende ruimte om nog een auto te kunnen parkeren en waarmee dus kan worden voldaan aan de parkeerbehoefte.

Wat betreft het aantal verkeersbewegingen is het zo dat er in de voormalige situatie sprake was van een agrarisch bedrijf met bedrijfswoning waar een bepaald aantal verkeersbewegingen vanuit ging. Om het aantal verkeersbewegingen te berekenen kan worden uitgegaan van de Parkeerkerncijfers 2024 van het CROW, echter kent deze publicatie geen categorie die aansluit bij een agrarisch bedrijf. Voor de toekomstige situatie geldt voor een woning binnen de categorie ‘Koop, huis, vrijstaand’ in het buitengebied van de gemeente Amersfoort, wat een ‘sterk stedelijke’ gemeente is, een gemiddelde verkeersgeneratie van 8,2 verkeersbewegingen per etmaal. Voor de twee nieuwe woningen gaat dit dus om een totaal van 16,4 verkeersbewegingen per etmaal. Dit betreffen uitsluitend personenauto’s. In voormalige situatie was er sprake van vrachtverkeer ten behoeve van het agrarisch bedrijf. De verwachting is daarom dat er geen sprake zal zijn van een verkeerstoename die het verkeersnetwerk niet aankan of zal zorgen voor een onwenselijke situatie. Toetsing locatie Coelhorsterweg 34 Ter plaatse van de locatie Coelhorsterweg 34 blijft de bestaande in-/uitrit gehandhaafd. De verkeerssituatie wijzigt daarom niet en het aantal verkeersbewegingen zal afnemen. Daarnaast verdwijnt de agrarisch functie en blijft het aantal woningen gelijk.

De parkeerbehoefte neemt daarmee af en er hoeft dus niet te worden voorzien in nieuwe parkeerplaatsen. Het terrein

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

25

wordt echter wel heringericht en er worden vier parkeerplaatsen aangelegd. Daarmee wordt ruimschoots voldaan aan de parkeerbehoefte van 2,1 parkeerplaats. Conclusie Het aspect verkeersgeneratie, -afwikkeling & parkeren levert geen belemmering op voor de voorgenomen ontwikkeling.

4.5.

Flora & Fauna

4.5.1. Algemeen De natuur in Nederland wordt beschermd vanuit twee invalshoeken: bescherming van gebieden en bescherming van soorten. Per 1 januari 2024 is de Wet natuurbescherming (Wnb) opgegaan in de Omgevingswet: de Aanvullingswet natuur het Aanvullingsbesluit natuur en de Aanvullingsregeling natuur. Ter bescherming van de natuur zijn in het Bkl diverse regels opgenomen. Het gaat hierbij in de eerste plaats om regels voor de gebiedsbescherming van aangewezen Natura 2000-gebieden, regels voor de soortenbescherming van te beschermen planten diersoorten (waaronder vogels) en regels ter bescherming van houtopstanden. Het gebieds- en soortenbeschermingsregime vloeit voor een belangrijk deel voort uit twee Europese richtlijnen, te weten de Vogelrichtlijn (79/409/EEG) en de Habitatrichtlijn(92/43/EEG). Het normenkader, de instrumenten en de bevoegdheidsverdeling voor het Natuurbeschermingsrecht is ongewijzigd ten opzichte van de Wnb. Voor alle beschermde soorten geldt een ontheffingsplicht. Het bevoegd gezag (de provincie) kan voor de soorten die zijn opgenomen in het 'beschermingsregime andere soorten' vrijstellingsbesluit nemen en hierin onderscheid maken tussen meer en minder strikt beschermde soorten. In verband met de planontwikkeling is daarom ecologisch onderzoek verricht in het plangebied voor zowel de locatie Stoutenburgerlaan 162 als de locatie Coelhorsterweg 343. 4.5.2.

Gebiedsbescherming Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden en wordt in Nederland beschermd door middel van de Omgevingswet. Deze wet biedt een beschermingskader voor de aangewezen beschermde gebieden. Deze gebieden worden beschermd om de gunstige staat van instandhouding van vogelsoorten, habitattypen en andere planten- en diersoorten te behouden en waar nodig te herstellen.

2

3

FF Solutions, Quickscan Natuurwetgeving Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg-Noord, 26QS09-23, Nijkerk, 6 maart 2024 FF Solutions, Quickscan Natuurwetgeving en Coelhorsterweg 34 te Hoogland, 26QS06-25, Nijkerk, 4 september 2025

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

26

Naast de wettelijke bescherming van de Natura 2000-gebieden heeft Nederland de bescherming van andere gebieden planologisch vastgelegd. Onder de planologische bescherming vallen onder andere weidevogelgebieden en het Natuurnetwerk Nederland (NNN). De bescherming van het NNN vindt plaats door toetsing van de bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen aan het NNN-beleid. Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is het Nederlandse netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuur(gebieden). Door verbindingen tussen natuurgebieden te maken, kunnen planten en dieren zich makkelijker verspreiden over meer gebieden. De bescherming van het NNN bestaat hieruit (artikel 7.8, lid 2, Bkl): dat geen activiteiten worden mogelijk gemaakt die leiden tot een aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden, of tot een vermindering van de wezenlijke kenmerken en waarden, oppervlakte of samenhang van het NNN. Toetsing gebiedsbescherming locatie Stoutenburgerlaan 16 Het plangebied behoort niet tot Natura 2000-gebied en ligt niet binnen het Natuurnetwerk Nederland. Gelet op de aard en omvang van de voorgenomen activiteiten, de duur van de ontwikkelfase en de afstand tussen het plangebied en het meest dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied kan een negatief effect op Natura 2000-gebied, als gevolg van de depositie van stikstofoxiden in Natura 2000-gebied op voorhand uitgesloten worden.

Er is daarom een stikstofdepositieonderzoek4 uitgevoerd. In het stikstofdepositieonderzoek is voor de aanleg- en gebruiksfase van de ontwikkeling de te verwachten stikstofdepositie ter plaatse van de Natura 2000-gebieden berekend. Uit de berekening van de aanleg- en gebruiksfase blijkt dat de stikstofdepositie op de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden niet hoger is dan 0,00 mol/ha/jaar. Er is geen sprake van vergunningplicht op grond van de Omgevingswet. Uit het oogpunt van de gebiedsbescherming zijn er geen belemmeringen voor de planontwikkeling aan de Stoutenburgerlaan 16. Toetsing gebiedsbescherming locatie Coelhorsterweg 34 Het plangebied behoort niet tot Natura 2000-gebied en ligt niet binnen het Natuurnetwerk Nederland. Gelet op de aard en omvang van de voorgenomen activiteiten, de duur van de ontwikkelfase en de afstand tussen het plangebied en het meest dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied kan een negatief effect op Natura 2000-gebied, als gevolg van de depositie van stikstofoxiden in Natura 2000-gebied op voorhand uitgesloten worden. Er is daarom een stikstofdepositieonderzoek5 uitgevoerd. . In het stikstofdepositieonderzoek is voor de aanleg- en gebruiksfase van de ontwikkeling de te verwachten stikstofdepositie ter plaatse van de Natura 2000-gebieden berekend.

Uit de berekening van de aanleg- en gebruiksfase blijkt dat de stikstofdepositie op de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden niet hoger is dan 0,00 mol/ha/jaar. Er is geen sprake van vergunningplicht op grond van de Omgevingswet. Uit het oogpunt van de gebiedsbescherming zijn er geen belemmeringen voor de planontwikkeling aan de Coelhorsterweg 34.

4

5

FF Solutions, AERIUS-berekening aanleg- en gebruiksfase Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg-Noord, 26QS0923, Nijkerk, 5 september 2024 FF Solutions, AERIUS-berekening aanleg- en gebruiksfase Coelhorsterweg 34 te Hoogland, 26AERIUS06-25, Nijkerk, 25 augustus 2025

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22t Gemeente Amersfoort – Stoutenburgerlaan 16 te Stoutenburg Noord en Coelhorsterweg 34 te Hoogland

27

4.5.3. Soortenbescherming Onder de Omgevingswet zijn veel dier- en plantsoorten beschermd. De bescherming richt zich op soorten van Europees belang, die onder de reikwijdte van de Vogel- en Habitatrichtlijn vallen, als om bepaalde soorten van nationaal belang. Soortenbescherming vindt plaats binnen en buiten het natuurnetwerk Nederland. Het kan de vorm hebben van wet- en regelgeving, maar ook van fysieke maatregelen die bescherming, vestiging of uitbreiding van een soortenpopulatie stimuleren. Op grond van artikel 2.18 lid 1 sub f Omgevingswet zijn in beginsel de provincies hiervoor verantwoordelijk. Toetsing soortenbescherming locatie Stoutenburgerlaan 16 Op basis van de quickscan is niet uit te sluiten dat de huismus, gierzwaluw, steenuil, kerkuil, boerenzwaluw, huiszwaluw, gebouwbewonende vleermuizen, steenmarter of kleine marterachtigen vaste rust- of verblijfplaatsen bezetten binnen het plangebied. De ontwikkeling leidt mogelijk tot nadelige gevolgen op voorgaand genoemde soorten, zoals het opheffen van vaste rusten verblijfplaatsen. Er heeft daarom nader ecologisch onderzoek 6 naar de soortenbescherming plaatsgevonden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16788497/1