CConstaterende datAmersfoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Resultaten van een onderzoek onder inwoners over opvanglocaties voor asielzoekers (Populytics)

Commissie Omgeving 15 april 2026, gemeente AmersfoortBij agendapunt: Uitkomst AZC-onderzoek (beeldvorming)29.242 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

★★

Mist de vraag óf er een opvanglocatie moet komen

★★

Vraagstelling biedt ruimte voor toelichting/eigen mening

★

Ontevreden over (wijze van) punten toekennen in keuzetaken

★

Positief over het bestaan van en initiatief tot het onderzoek

★

Onderzoek is lang(er dan aangegeven)

<★

Vraagstelling neutraal en niet sturend

<★

Mist vragen over vrijwilligerswerk/wat bewoners kunnen doen

Legenda: < ★ tot 5% | ★ Tussen 5-10% van de motivaties gaat hierover | ★★ Tussen 10-20% van de motivaties gaat hierover

67

<★

•

Figuur 7.2 laat een clustering en frequentie (f) zien van antwoorden op de open vragen: Wat vond je goed aan dit onderzoek, en wat kunnen we verbeteren?

•

Goed. deelnemers geven aan dat ze de vraagstelling duidelijk en helder vonden. En dat het ruimte biedt voor toelichting of een eigen mening. Verder zijn ze positief over burgerparticipatie en het bestaan van het onderzoek. Ook werd er aangegeven de vraagstelling als neutraal en niet sturend te ervaren.

•

Verbeterpunten. als grootste verbeterpunt geven deelnemers aan wantrouwend te zijn tegenover de gemeente dat ze iets met de uitkomsten gaan doen. Een deel mist een vraag in het onderzoek waarin zij konden aangeven dat ze geen opvanglocatie in de gemeente willen. Verder motiveerden deelnemers dat ze het toewijzen van de punten lastig vonden of dat het onderzoek langer was dan verwacht. Een deel gaf aan dat ze vragen over de bereidheid tot vrijwilligerswerk door inwoners misten.

“Zo houden, prima initiatief van de Gemeente Amersfoort” “Dat je alle meningen kan geven en niet alleen die voor als er asielopvang komt, dus ook als je geen asielopvang wilt.” “Hoop dat veel inwoners reageren. Nu heb je de kans. Pak hem dan”

“Kan alleen melden dat ik het fijn vmijn mening te geven. Zeg maar een tegenhang tegen de schreeuwende minderheid”

Open

Inclusief

Open onderzoek: hoe hebben deelnemers het onderzoek gewaardeerd? (1/2) •

De figuur op deze pagina laat zien hoe deelnemers aan het open onderzoek antwoordden op verschillende stellingen over het onderzoek.

•

Deelnemers zijn gemiddeld genomen positief over het onderzoek. 83% van de deelnemers geeft een voldoende. Ze beoordelen het onderzoek gemiddeld met een rapportcijfer 6,7. De groep inwoners die het helemaal oneens is met dat de gemeente zoekt naar nieuwe vaste plekken voor de opvang van asielzoekers geeft gemiddeld een 5,4. De groep inwoners die het helemaal eens is geeft gemiddeld een 7,7. De overige groepen bevinden zich hier tussenin.

•

Mening kwijt in onderzoek. Een meerderheid van de deelnemers (65%) geeft aan hun mening kwijt te kunnen in dit onderzoek. 14% kon dat niet. Sommige deelnemers gaven aan de vraagstelling als beperkt, sturend en/of suggestief te ervaren (zie figuur 7.4).

•

Eerlijk onderzoek. Een meerderheid (57%) van de deelnemers vertrouwt er op dat het een eerlijk onderzoek is. 21% geeft aan er niet op te vertrouwen dat dit een eerlijk onderzoek is. Sommige deelnemers vragen zich af of er geluisterd zal worden naar inwoners of dat de gemeente iets met de uitkomsten gaat doen (zie figuur 7.4).

•

•

Figuur 7.3. Vragen over het onderzoek Ik kon mijn mening kwijt in dit onderzoek

21%

19%

21%

Ik vond het een belangrijk onderwerp om mijn mening over te geven 3%

Ik vond dit onderzoek moeilijk te begrijpen

4% 13% 82%

5%

92%

(Helemaal) eens

68

57%

14%

65%

Belangrijk onderwerp om mening over te geven. Een ruime meerderheid (92%) geeft aan dit een belangrijk onderwerp te vinden om hun mening over te geven. Dit onderzoek heeft inwoners bereikt die niet eerder hebben meegedacht. 78% van de deelnemers gaf aan niet eerder zijn of haar mening te hebben gegeven over dit onderwerp aan de gemeente.

Onderzoek goed te begrijpen. Een relatief kleine groep deelnemers (5%) gaf aan dat het onderzoek moeilijk te begrijpen was. 82% vond dat niet.

Ik vertrouw erop dat dit een eerlijk onderzoek is

Neutraal

(Helemaal) oneens

Totaal percentages tellen niet altijd op tot 100% door afronding of deelnemers die een vraag hebben overgeslagen

Open

Inclusief

Figuur 7.4. Wat vond je goed aan dit onderzoek, en wat kunnen we verbeteren? Goed

%

Verbeterpunten

%

Vraagstelling biedt ruimte voor toelichting/eigen mening

★★

Wantrouwen: hopelijk wordt er geluisterd naar inwoners

★★

Vraagstelling duidelijk en helder

★★

Vraagstelling beperkt, sturend, en/of suggestief

★★

Vraagstelling breed en uitgebreid

★

Onderzoek is lang(er dan aangegeven)

★

Positief over burgerparticipatie en betrokkenheid Positief over het bestaan van en initiatief tot het onderzoek

★

Wantrouwen: de gemeente zal er niets mee doen

<★

Mist de vraag óf er een opvanglocatie moet komen

Legenda: < ★ tot 5% | ★ Tussen 5-10% van de motivaties gaat hierover | ★★ Tussen 10-20% van de motivaties gaat hierover

69

Open onderzoek: hoe hebben deelnemers het onderzoek gewaardeerd? (2/2) •

Figuur 7.4 laat een clustering en frequentie (f) zien van antwoorden op de open vragen: Wat vond je goed aan dit onderzoek, en wat kunnen we verbeteren?

•

Goed: deelnemers geven aan dat de vraagstelling ruimte biedt voor toelichting/eigen mening, duidelijk & helder is en breed en uitgebreid. Ook zijn ze positief over burgerparticipatie en het bestaan van het onderzoek.

•

Verbeterpunten: als grootste verbeterpunt geven deelnemers aan wantrouwend te zijn dat er naar inwoners geluisterd gaat worden of dat de gemeente er daadwerkelijk wat mee zal doen. Andere deelnemersvonden de vraagstelling beperkt, het onderzoek lang. Een deel gaf aan dat ze vragen over de bereidheid tot vrijwilligerswerk door inwoners misten.

“Er ligt al vast dat de opvang van asielzoekers wordt uitgebreid”

★

★

“Sowieso het kenbaar maken van waar jullie mee bezig zijn en de waardering/meedenken van de bewoners op prijs stelt.”

“Het onderzoek is goed, ik hoop dat jullie de resultaten en meningen van de inwoners ook serieus nemen. Vergeet vooral niet dat de belangen van de huidige inwoners van Amersfoort op 1 moeten staan.”

“Goed en voldoende uitleg en ruimte voor mening te geven”

Open onderzoek: hoe zijn deelnemers van de open versie bij het onderzoek terecht gekomen? •

•

70

Figuur 7.5. Hoe ben je bij dit onderzoek terecht gekomen?

Het open onderzoek is via verschillende communicatiekanalen van de gemeente onder de aandacht gebracht. We vroegen de deelnemers aan deze versie via welk communicatiekanaal zij bij het onderzoek terecht waren gekomen. De resultaten presenteren we op deze pagina. 28% van de deelnemers heeft over het open onderzoek gehoord via bekenden. 18% is bij het onderzoek terecht gekomen op een andere manier dan de genoemde opties. Een mogelijkheid is dat deze deelnemers via een briefuitnodiging voor het gesloten onderzoek bij het onderzoek terecht zijn gekomen. Via een (digitale) krant is 17% van de deelnemers bij het onderzoek terecht gekomen en 15% via de sociale media kanalen van de gemeente. Deze worden gevolgd door de website van de gemeente (7%), een digitale nieuwsbrief van de gemeente (6%), posters of informatieborden in de buurt (5%) en via een flyer (3%).

Open

Inclusief

Via bekenden

28%

Anders

18%

Via een (digitale) krant

17%

Via sociale media van de gemeente

15%

Via de website van de gemeente

7%

Via een digitale nieuwsbrief van de gemeente

6%

Via posters of informatieborden in de buurt

5%

Via een flyer

3%

Inhoudsopgave

Inhoudsopgave

Methodologie

Fase 1

Fase 2

Fase 3 rapportage Analyse en

Ontwerp

Ontwerp

71

Dataverzameling

Analyse en rapportage

Fase 1: Ontwerp

Het hoofddoel van de ontwerpfase is om vragen in kaart te brengen rond het brede thema migratie •

•

•

72

Op de stoel van…: De essentie van een onderzoek volgens de methode PWE is om deelnemers in een online omgeving 20 minuten op de stoel van een beleidsmaker of politicus te zetten. Daarom brengen we eerst de keuzes van de beleidsmakers en politici van de gemeente Amersfoort in kaart. Belangrijk daarbij is dat de uitkomsten van het onderzoek handelingsperspectief moeten bieden: daarmee bedoelen we dat de gemeente straks moet weten hoe ze beleid beter kan laten aansluiten bij de behoeften, waarden en zorgen van inwoners. En dat het ook daadwerkelijk mogelijk is dat beleid te veranderen. Het uitgangspunt voor het ontwerp was het raadsbesluit ‘Procesvoorstel realisatie nieuwe azc locaties’. In dat besluit heeft de gemeenteraad onder andere gevraagd om een brede raadpleging ‘over de criteria voor het locatieonderzoek die van belang zijn bij de opvang van asielzoekers en die van belang zijn bij de keuze voor een plek.’ Ontwerpsessie(s): We brengen de keuzesituatie in kaart door bronnenonderzoek, gesprekken en in zogeheten ontwerpsessies. Dat zijn bijeenkomsten waarin we met anderen nadenken over hoe het onderzoek eruit moet komen te zien. De uitkomsten vertalen we naar een of meerdere zogeheten PWE-keuzekaarten (zie kader 7). Daarop staan twee van de afwegingen die de gemeente Amersfoort moet maken als het gaat om de opvang van asielzoekers.

De gemeente heeft maar een beperkte hoeveelheid geld en medewerkers. Deelnemers ervaren dit, doordat ze een beperkt aantal punten kunnen verdelen over de verschillende keuzes. Zij ervaren zodoende dezelfde keuze. Wat adviseren ze vervolgens als zij in de schoenen van een beleidsmaker staan? In dit onderzoek vonden de volgende ontwerpsessies plaats: 1. Ontwerpsessie met professionals van binnen en buiten de gemeente : 19 november 2025 Beleidsmedewerkers, COA, wijkagenten en Boa's dachten mee over mogelijke keuzekaarten. 2. Ontwerpsessie met willekeurig uitgenodigde inwoners: 16 december 2025 O.b.v. 500 uitnodigingen naar willekeurige huishoudens hebben 25 inwoners feedback gegeven op een conceptversie van het onderzoek. Ontwerp in stappen: Op basis van de ontwerpsessies hebben we het onderzoek uitgewerkt in vragen en teksten. Deze scherpten we in stappen steeds verder aan, waarbij de gemeente meerdere keren feedback heeft gegeven. De resulterende keuzekaart is afgebeeld in Hoofdstuk 4 (p.32).

Kader 7: Wat is een PWE-keuzekaart?

• Definitie: Een keuzekaart volgens de PWE-methode is een experimentele opzet om voorkeuren van deelnemers te achterhalen, vaak over maatschappelijke vraagstukken. Een keuzekaart heeft vier kenmerken die samen zorgen dat het de kern van een beleidsdilemma weergeeft.

• Een onderzoeksvraag over de voorkeuren van de deelnemer rond een bepaald thema. Deze vraag sluit zo goed mogelijk aan bij de vraag van een bestuurder of beleidsmaker.

• Een aantal opties die de deelnemer gelijktijdig en in samenhang afweegt. Dit kunnen bijvoorbeeld doelen, principes, criteria of maatregelen zijn.

• Uitgebreide informatie over de opties, zoals een beschrijving van de huidige situatie, welke dingen de gemeente kan doen en mogelijke gevolgen van kiezen voor de optie.

• Een beperking zodat de deelnemer niet alles of juist helemaal niets kan kiezen. Een keuze is nodig: de deelnemer ervaart ‘keuzepijn’.

Fase 1: Ontwerp

Figuur 8.2. Een deel van de informatie aangeboden in het onderzoek

Binnen het onderwerp ‘criteria die van belang zijn bij de opvang van asielzoekers en die van belang zijn bij de keuze voor een plek’ hebben we keuzes moeten maken welke onderwerpen op te nemen in het onderzoek • Elk onderzoek bevat bepaalde onderwerpen wel en niet. Deelnemers kunnen immers niet eindeloos veel vragen beantwoorden. Ook in dit onderzoek zijn keuzes gemaakt welke onderwerpen binnen het brede thema migratie wel en niet aan bod komen. Hoe hebben we deze keuze gemaakt? • Een belangrijk uitgangspunt bij het betrekken van inwoners is dat zij zich kunnen uitspreken over onderwerpen waar een overheid nog keuzes in te maken heeft. Dit betekent ook dat een overheid eerlijk en transparant moet zijn over de keuzes die wel en niet meer gemaakt kunnen worden. Als inwoners zich mogen uitspreken over onderwerpen waar een overheid feitelijk niets aan kan doen (bijvoorbeeld door een wettelijke opgave of langdurige verplichtingen), dan kan inspraak op die onderwerpen verkeerde verwachtingen wekken. • In dit onderzoek is het belangrijkste voorbeeld de kwestie of er in de gemeente Amersfoort een opvanglocatie moet komen. Uit de voorgeschiedenis is bekend dat een groep inwoners het hiermee oneens is en zich – naar verwachting – daarover uit wilde spreken. Tegelijkertijd ligt er een wettelijke verplichting vanuit de Spreidingswet om 541 nieuwe vaste plekken te realiseren.

Gemeenten moeten wetten volgen. De keuze of er opvangplekken komen bestaat daarmee in feite niet. Wel hebben we bewust een vraag opgenomen over hoe inwoners aankijken tegen het plan van de gemeente om deze plekken te gaan zoeken. Met deze vraag bieden we de mogelijkheid voor deelnemers om hun mening hierover te geven, zonder dat we de indruk wekken dat de gemeente haar plannen over het zoeken naar deze opvangplekken zal aanpassen. • Inwoners konden zich ook uiten over vele andere onderwerpen binnen het onderwerp asielopvang, waaronder over hun houding ten opzichte van vluchtelingen in de samenleving en hun vertrouwen in de gemeente op dit onderwerp. Aanvullend is er gekozen om meerdere open invulvelden aan te bieden zodat deelnemers ál hun zorgen konden uiten.

73

Figuur 8.3. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 1 van 7)

Figuur 8.3. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 1 van 7)

Q1. Hoe lang konden deelnemers meedoen aan het onderzoek?

Q3. Hoe komen jullie tot betrouwbare representatieve uitspraken?

Deelnemers konden meedoen vanaf 9 januari tot en met 8 februari 2026. Meedoen kon via de URL DenkMeeOverOpvang.nl, en via denkmeeoveropvang.raadpleging.net. Een link naar het onderzoek was ook beschikbaar via amersfoort.nl/opvanglocaties.

Een belangrijk doel van dit onderzoek is om betrouwbare, representatieve uitspraken te kunnen doen over de mening van inwoners van de gemeente. Daarvoor selecteerde de gemeente willekeurig 10 duizend adressen. De gemeente stuurde naar elk adres een uitnodiging om mee te doen met een unieke code. Op elk adres vroegen we de bewoner van 16 jaar of ouder die het eerste jarig is om mee te doen. Zo zijn de deelnemers een goede weerspiegeling van de Amersfoortse samenleving. Dit heet ook wel het gesloten onderzoek, omdat alleen deelnemers met een unieke code op die manier kunnen meedoen.

Q2. Hoe zijn inwoners op de hoogte gebracht van het onderzoek? De gemeente informeerde inwoners op twee manieren: 1. Via een uitnodiging met unieke code. 10 duizend huishoudens in de gemeente Amersfoort ontvingen half januari 2026 een brief met een uitnodiging om mee te doen aan het onderzoek. In deze brief stond een unieke code die één keer gebruikt kon worden. 2. Via andere kanalen. De gemeente verspreidde een nieuwsbericht over het onderzoek via de media, plaatste een artikel en advertenties in DeStadAmersfoort en een advertentie in Algemeen Dagblad Amersfoortse Courant, in digitale nieuwsbrieven, op sociale media en op verschillende reclameborden in de stad in januari en februari 2026.

74

Q4. Mocht iedereen meedoen met het onderzoek? Ja, alle inwoners van 16 jaar of ouder van de gemeente Amersfoort mochten meedoen met het onderzoek. Het is belangrijk dat alle inwoners van Amersfoort mochten meedoen met het onderzoek. Iedereen die zijn mening wil geven, moet dat kunnen doen. Niet alle inwoners kunnen meedoen met een unieke code. Die mag maar één keer gebruikt worden per huishouden. Daarom kunnen ook deelnemers meedoen die geen unieke code hebben. Bijvoorbeeld als iemand anders in dat huishouden ook zijn of haar mening wil geven nadat de code al is gebruikt. Dit heet het open onderzoek, omdat iedereen mee kan doen. De vragen in het gesloten onderzoek en in het open onderzoek zijn hetzelfde. Beide onderzoeken tellen mee in de resultaten.

Figuur 8.4. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 2 van 7)

Figuur 8.4. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 2 van 7)

Q5. Hoe komen jullie van een groep deelnemers die de unieke code hebben gebruikt tot betrouwbare representatieve uitspraken voor de gehele gemeente? Dat doen we in vier stappen. We leggen er nog meer over uit in andere vragen. We beschrijven hier de stappen globaal: 1. De onderzoekers trekken eerst een aselecte steekproef van huishoudens uit de gemeente. Aselect betekent dat de adressen willekeurig zijn geselecteerd met een loting. In de meeste onderzoeken loten onderzoekers ongeveer 10 duizend adressen. Ook in Amersfoort. 2. De gemeente stuurt al die adressen een uitnodiging met een unieke code om deel te nemen aan het onderzoek. De unieke code mag eenmaal gebruikt worden, bij voorkeur door de eerstvolgende jarige in het huishouden. We leggen onder het volgende kopje uit waarom we niet alle inwoners (i.p.v. huishoudens) een uitnodiging met unieke code hebben kunnen sturen. 3. Inwoners uit deze steekproef die meedoen aan het onderzoek, moeten hun unieke code invullen. De onderzoekers controleren achteraf of de code klopt en of deze eenmaal is gebruikt. Dit doen ze handmatig. Zo weten ze dat inwoners die met de unieke code hebben deelgenomen uit Amersfoort komen en maar één keer hebben meegedaan.

Als deze groep deelnemers aan vijf voorwaarden voldoet (zie volgende kopje), dan kunnen ze op basis van deze groep deelnemers betrouwbare, representatieve uitspraken doen over de gemeente als geheel. 4. De onderzoekers analyseren de antwoorden die deelnemers hebben gegeven, zowel de antwoorden op de gesloten vragen als op de open vragen. Ze rapporteren duidelijk over alle vragen die zijn gesteld en hoeveel inwoners elke vraag hebben ingevuld. Ze beantwoorden eventuele vragen van inwoners, beleidsmakers, politici en andere belanghebbenden over het rapport.

75

Figuur 8.5. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 3 van 7)

Figuur 8.5. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 3 van 7)

Q6. Wanneer weten jullie dat je betrouwbare, representatieve uitspraken kan doen? Het is mogelijk om betrouwbare, representatieve uitspraken te doen over alle inwoners van de gemeente Amersfoort van 16 of ouder op basis van een steekproef. Daarvoor moeten de deelnemers uit de steekproef voldoen aan een aantal voorwaarden: A. Alle personen in de gemeente maken (evenveel) kans om een uitnodiging te ontvangen; B. Alle deelnemers komen uit de gemeente Amersfoort en zijn 16 jaar of ouder; C. De deelnemers hebben elk maar één keer meegedaan; D. De deelnemers zijn verschillend genoeg in termen van leeftijd, geslacht, opleidingsniveau en wijk/dorp/kern E. De deelnemers hebben geen selectiebias. Dat betekent dat niet veel meer deelnemers meedoen die een belang hebben om deel te nemen aan het onderzoek, of die een sterke mening over het onderwerp. Of dat er veel minder deelnemers zijn met een minder sterk belang of mening bij het onderzoek. Hoe voldoet dit onderzoek aan deze vijf voorwaarden? • Alle huishoudens van de gemeente maken (evenveel) kans om in de steekproef te komen, omdat alle huishoudens in het bestand zitten waar de steekproef uitkomt (voorwaarde A). • Door de uitnodigingen proactief en met een unieke code aan 10 duizend huishoudens alleen in de gemeente Amersfoort te versturen, voldoet het onderzoek aan deze voorwaarden (voorwaarde B en E).

• Controle op de unieke codes zorgt voor unieke deelnames (voorwaarde C). • De onderzoekers zorgen voor zoveel mogelijk variatie in leeftijd, geslacht, opleiding en spreiding over de stad onder de deelnemers, door 10 duizend huishoudens een uitnodiging te sturen en de ‘verjaardag vraag’ te stellen (voorwaarde D).

76

Q7. Is 10 duizend uitnodigingen met unieke codes genoeg om representatieve uitspraken te doen? Als de steekproef aan de voorwaarden hierboven voldoet, dan is een groep van ongeveer 400 deelnemers genoeg om representatieve, betrouwbare uitspraken te doen (statistisch betrouwbaarheidsniveau met 95% zekerheid). We weten uit ervaring in andere gemeenten met dit onderwerp dat ongeveer 10% van de huishoudens die een uitnodiging ontvangt, meedoet aan het onderzoek. Dan is het versturen van 4.000 uitnodigingen voldoende. Maar een bekende vuistregel uit de statistiek is: hoe groter de steekproef, hoe betrouwbaarder de uitkomsten. En dat biedt ook mogelijkheden subgroepen met elkaar te vergelijken. De onderzoekers kiezen voor extra betrouwbaarheid. Daarom sturen we normaal circa 10 duizend uitnodigingen.

Figuur 8.6. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 4 van 7)

Figuur 8.6. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 4 van 7)

Q8. Waarom hebben jullie niet alle inwoners een persoonlijke uitnodiging met unieke code gestuurd? Het is niet nodig iedereen een persoonlijke uitnodiging te sturen om representatieve uitspraken te doen over de gemeente: wij hoeven niet alle inwoners van de gemeente te bevragen. Als een peilingbureau wil weten hoe Nederlanders gaan stemmen bij aankomende verkiezingen, dan hoeft dit bureau ook niet alle 13 miljoen kiesgerechtigden te ondervragen. Een goede steekproef die voldoet aan de voorwaarden hierboven, is voldoende. Daarbij zou alle inwoners uitnodigen zou het onderzoek duurder hebben gemaakt. We willen zorgvuldig omgaan met publiek geld. Ook moeten overheden voorzichtig omgaan met persoonsgegevens. Ook al bezit een gemeente de adresgegevens van alle inwoners, mag zij die niet zomaar overal voor gebruiken.

Q9. Is het onderzoek anoniem? Ja, het onderzoek is anoniem. Voor veel inwoners is het belangrijk dat zij anoniem, in hun eigen omgeving en op eigen tijd en tempo, een mening kunnen geven over een gevoelig onderwerp. Alle antwoorden en/of adviezen die deelnemers geven tijdens het maken van het onderzoek verzamelen we anoniem. Dat betekent dat hun keuzes en antwoorden met betrekking tot het onderzoek niet gekoppeld worden aan andere gegevens die direct of indirect te herleiden zijn naar de deelnemer.

77

Q10. Waarom gebruiken jullie unieke codes? En hoe controleren jullie dat? Een belangrijk doel is dat de codes de controle mogelijk maken dat een deelnemer maar één keer meedoet. Dit controleren we achteraf handmatig. Ook weten we zo dat deze deelnemers uit de gemeente Amersfoort komen, omdat de gemeente de codes alleen naar huishoudens binnen de gemeente verstuurde. Op basis van de deelnemers met een unieke code, kunnen we onder de voorwaarden die we eerder benoemden betrouwbare, representatieve uitspraken doen.

Q11. Waarom controleren jullie de code achteraf en niet vooraf, bij het begin van het onderzoek? Soms beginnen inwoners aan een onderzoek, maar maken het niet af. Deze deelnemers mogen het onderzoek nogmaals doen met dezelfde code. We controleren achteraf of codes dubbel gebruikt zijn. We verwijderen de incomplete deelname en we bewaren de complete deelname. Hierdoor is het onderzoek inclusiever en toegankelijker.

Q12. Vanwaar de vraag aan de eerstvolgende jarige om deel te nemen met de unieke code? Door de eerstvolgende jarige in een huishouden uit te nodigen, vergroten we de variatie van de groep deelnemers die de unieke code gebruikt. Zodat bijvoorbeeld niet automatisch de gezinsoudste deelneemt, omdat die vaak de post opent. Maar dat een jongere huisgenoot evenveel kans maakt.

Figuur 8.7. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 5 van 7)

Figuur 8.7. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 5 van 7)

Q13. Waarom konden inwoners ook meedoen zonder code? Niet alle inwoners konden meedoen met de unieke code. De unieke code kon immers maar één keer gebruikt worden per huishouden. Het is goed voorstelbaar dat meerdere inwoners binnen één huishouden mee willen doen aan het onderzoek. We willen juist de kans geven aan iedereen die mee wil doen, om mee te kunnen doen. Dit onderzoek moet met andere woorden ook inclusief zijn. Dit is een belangrijk verschil met puur wetenschappelijke onderzoeken, die hoeven niet per se aan alle inwoners de gelegenheid te geven deel te nemen. Daarom stelden we het onderzoek ook open voor inwoners die geen code hadden. We noemen dit het open onderzoek. We presenteren de resultaten van het open onderzoek los van de resultaten van de deelnemersgroep die heeft meegedaan met de unieke code (het gesloten onderzoek).

Q15. Hoe zit het met deelnemers van buiten de gemeente? Waarom vragen jullie geen identificatie? We kunnen – en mogen – niet controleren op woonplaats van deelnemers, noch op andere persoonsgegevens, zoals leeftijd. Dan zouden we namelijk identificatie moeten vragen. En dat is niet zomaar toegestaan volgens de AVG. Dit geldt voor zowel het open onderzoek als het gesloten onderzoek waarin we unieke codes gebruiken. Er is dus geen mogelijkheid om uit te sluiten dat inwoners van buiten een gemeente deelnemen aan een onderzoek als dit. Dit is relevant voor het interpreteren van de resultaten van het open onderzoek. In het gesloten onderzoek zijn uitsluitend huishoudens in de gemeente Amersfoort benaderd. Q16. Als het open onderzoek niet waterdicht is, waarom dan toch doen?

Q14. Maakt het openstellen van het onderzoek niet gevoelig voor beïnvloeding? Hoe zit het met dubbele deelnames? Het onderzoek kon niet onbeperkt worden ingevuld. Op een aantal verschillende manieren kunnen wij controleren of inwoners meerdere keren hebben meegedaan aan het onderzoek. Zo loggen we tijdelijk (twee weken) een aantal internetgegevens van deelnemers. Dit doen we voor het detecteren van fraude en het voorkomen van cyberaanvallen. De grondslag voor het verzamelen van deze internetgegevens is gerechtvaardigd belang en is dus in lijn met de AVG. We hanteren daarbij een strikte scheiding tussen de internetgegevens van deelnemers die we tijdelijk loggen en hun antwoorden op de onderzoeksvragen. Zo blijft het onderzoek anoniem. Dit is een sterke controle op dubbele deelnames en (grootschalige) beïnvloeding.

78

Het is een afweging. We stellen het onderzoek open vanwege het belang van inclusiviteit. Alle inwoners van de gemeente moeten hun mening kunnen geven over dit onderwerp. Als we alleen de steekproef hadden getrokken voor het gesloten onderzoek, dan was een (terechte) wedervraag geweest waarom niet alle inwoners hun mening mochten geven over dit onderwerp. Tegelijkertijd kunnen we niet alle inwoners een persoonlijke uitnodiging met unieke code sturen, vanwege de privacy. Daarom stellen we het onderzoek ook open.

Figuur 8.8. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 6 van 7)

Figuur 8.8. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 6 van 7)

Q17. Wat zeggen de uitkomsten van het open onderzoek? In het rapport presenteren we de resultaten apart. Die van het gesloten onderzoek, waarin deelnemers met unieke code hebben meegedaan. Deze uitkomsten zijn betrouwbaar representatief voor de gehele gemeente. We presenteren ook de resultaten van het open onderzoek waaraan alle inwoners konden deelnemen. Bij deze resultaten moet in gedachten worden gehouden dat er deelnemers van buiten de gemeente bij kunnen zitten. In open onderzoeken zien we ook veel selectiebias: een oververtegenwoordiging van deelnemers met een uitgesproken mening of een sterk belang bij het onderwerp. Anderzijds geven deelnemers aan een open onderzoek vaak uitgebreide motivaties in de open invulvelden, wat belangrijke informatie kan zijn voor de gemeente.

Q18. Hoe zijn de vragen in het onderzoek bedacht? We hebben vergelijkbare onderzoeken over vluchtelingen en asielzoekers in andere Nederlandse gemeenten uitgevoerd. Veel van de vragen in dit onderzoek komen daarvandaan en zijn dus eerder getoetst. Ook hebben experts op dit thema die werkzaam zijn in organisaties binnen de gemeente Amersfoort meegekeken op de vragen.

79

Q19. Waarom kon ik in het onderzoek niet aangeven dat ik voor of tegen een opvanglocatie ben? Het onderzoek is niet bedoeld om te kiezen voor of tegen een AZC (ook wel: opvanglocatie). Wel hebben we gevraagd in hoeverre inwoners het eens zijn met het plan van de gemeente om nieuwe vaste opvangplekken te zoeken voor asielzoekers. Gemeente Amersfoort heeft de wettelijke verplichting om bij te dragen aan de opvang van asielzoekers. Dat staat in de Spreidingswet van de Rijksoverheid. Daar kan de gemeente niet omheen. Inwoners vragen of ze vinden dat de gemeente een AZC moet openen zou oneerlijke verwachtingen kunnen scheppen die de gemeente niet waar kan maken. Want de gemeente moet voldoen aan de Spreidingswet, ook als veel inwoners zouden zeggen dat ze het niet willen. Het onderzoek is geen peiling voor of tegen. We vinden het belangrijk dat álle inwoners zich kunnen laten horen – juist ook als ze twijfels, zorgen hebben of kritisch zijn. Maar de kern is: de opgave ligt er. De vraag óf we de opgave vervullen is op dit moment niet aan de orde.

Figuur 8.9. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 7 van 7)

Figuur 8.9. Veel gestelde vragen over het onderzoek (deel 7 van 7)

Q20. Waarom staan in het onderzoek veel gesloten vragen?

Q23. Hoe analyseren jullie de resultaten?

Het onderzoek is een combinatie van gesloten en open vragen. Gesloten vragen maken de resultaten beter vergelijkbaar, geven betrouwbare uitkomsten en zijn makkelijker in te vullen. We krijgen op deze manier een duidelijk beeld wat inwoners belangrijk vinden. Ook open vragen zijn belangrijk. Deze geven deelnemers de ruimte om hun mening toe te lichten. Daarom bevatte dit onderzoek meerdere open invulvelden.

Q21. Kan ik aangeven dat ik een vraag of vragen mis?

De antwoorden op de gesloten vragen zijn vergelijkbaar tussen deelnemers. We kunnen daarom precies berekenen welk percentage van deelnemers welk antwoord heeft gegeven. Dat laten we zien. Bij de open vragen kunnen deelnemers vrij antwoorden. Vaak geven verschillende deelnemers in hun eigen woorden vergelijkbare zorgen, voorwaarden en argumenten. Bij het analyseren van deze antwoorden volgen we de principes van kwalitatieve analyse. Dat betekent bijvoorbeeld het coderen, categoriseren en tellen van vergelijkbare zorgen, voorwaarden en argumenten. We combineren deze menselijke analyse met een AI-taalmodel die alle antwoorden in de open invulvelden ook analyseert, categoriseert en telt. Antwoorden op open vragen zijn nooit representatieve uitkomsten voor de gehele gemeente.

Het onderzoek bevatte een open vraag waarin deelnemers konden aangeven of zij criteria hadden gemist die zij belangrijk vinden, en wat ze goed en niet goed vonden aan het onderzoek. In dit rapport laten we de onderwerpen die deelnemers hebben genoemd en hun antwoorden daarop zien.

Q26. Ik heb een vraag over het onderzoek die niet tussen deze vragen staat. Waar kan ik terecht? Stel ze gerust. Benader ons via de contactgegevens die te vinden zijn in dit rapport.

Q22. Kan ik mijn mening geven over het onderzoek? Ja, het onderzoek bevatte vragen wat je van het onderzoek vond. De uitkomsten op deze vragen laten we zien in dit rapport (zie Hoofdstuk 7, p.56 e.v.).

80

Fase 3: Analyse en rapportage

Nadat we het onderzoek hebben gesloten voor deelname hebben we de unieke codes gecontroleerd, en vervolgens dubbele en incomplete deelnames verwijderd •

We hanteren diverse verificatiemethoden om incomplete en dubbele deelnames te verwijderen; zie daarvoor de hieraan voorafgaande veel gestelde vragen.

•

Controle van de code-deelnemers van het onderzoek: • Populytics heeft de beschikking over een lijst van verzonden codes. We weten niet welke code naar welk huishouden is gestuurd. We hebben de door deelnemers gebruikte codes langs de lijst gehouden. Als een code niet op de lijst stond en wel lijkt op een gedeelde en ongebruikte code, dan verplaatsen we deze deelname naar het open onderzoek. Dit is 50 keer gebeurd. Er is 2 keer een code ingevuld die niet was gedeeld en ook niet lijkt op een code die we gebruikten voor dit onderzoek. Die 2 deelnames zijn niet meegenomen in de analyses. • We hebben vervolgens gekeken of codes meerdere keren zijn gebruikt. De meest voorkomende reden is dat een deelnemer het onderzoek de eerste keer niet helemaal heeft afgemaakt. We hebben de complete deelname bewaard en de incomplete deelname niet meegenomen in de analyses. Dit is 76 keer gebeurd. In andere gevallen zijn we meerdere complete deelnames met één code tegengekomen. We hebben de eerste deelname bewaard. De andere complete deelnames zijn verplaatst naar het open onderzoek. Dit is 2 keer gebeurd.

•

Controle van deelnemers aan het open onderzoek: • We kunnen controleren of deelnemers vaker dan één keer hebben meegedaan via dezelfde webbrowser. Het ging in de meeste gevallen om inwoners die de eerste keer/keren het onderzoek niet hebben afgemaakt. We hebben de complete deelname bewaard en de incomplete deelname(s) buiten beschouwing gelaten. Dit is 87 keer gebeurd. • Bij de resterende gevallen van meerdere deelnames (17 gevallen met 2 deelnames, 1 geval met 5 deelnames) hebben we geen deelnemers buiten beschouwing gelaten.

•

Omgang met unieke, maar incomplete deelnames: • Sommige deelnemers zijn begonnen aan het onderzoek, maar hebben het niet volledig afgemaakt. Alle deelnemers die de eerste vragen over leeftijd, opleiding, geslacht en woongebied hebben beantwoord zijn meegenomen in de resultaten. Deelnemers die een deel van het onderzoek hebben overgeslagen omdat ze hebben aangegeven niet mee te willen denken, zijn dus ook meegenomen.

81

Figuur 8.10. Vraag in het onderzoek, over de code

Fase 3: Analyse en rapportage

Kader 8.11. Multiplicatief wegen

Voor het herwegen gebruiken we de methodiek multiplicatief wegen* (ook wel ‘raking’ genoemd). Dat gaat in drie stappen: • We delen deelnemers op in 3 groepen voor opleidingstype (praktisch/ toegepast/ theoretisch), 6 groepen voor leeftijd (tot 25 jaar, 25 tot 35, 35 tot 45, 45 tot 55, 55 tot 65 en 65 jaar en ouder), 2 groepen voor gender (vrouw en man) en 7 groepen voor woongebied. • We vergelijken de verdeling van de deelnemers over deze groepen vergeleken met de verdeling in de populatie van de gemeente Amersfoort.

• We koppelen een wegingsfactor aan elke groep. Deze wegingsfactor zorgt dat de antwoorden van een specifieke groep zwaarder tellen als er relatief weinig deelnemers in de groep zitten. En dat de antwoorden minder zwaar meetellen als er relatief veel deelnemers in deze groep zitten.

82

* Zie ook deze publicatie van CBS: Wegen als correctie voor non-respons

Om representatieve uitkomsten te kunnen rapporteren hebben we de uitkomsten van de code-versie herwogen •

De deelnemers die mee hebben gedaan met de unieke code (het gesloten onderzoek) vormen een steekproef voor de gemeente Amersfoort met een kleine kans op selectiebias. Omdat de samenstelling van een steekproef bijna altijd afwijkt van de populatie, herwegen we standaard onze resultaten. Daardoor zijn de resultaten van de herwogen gesloten versie representatief voor de bevolking in de gemeente Amersfoort op de kenmerken gender, leeftijd, opleidingstype en gebied waar inwoners wonen. Hoe werkt herwegen? Zie Kader 8.11.

•

Ook in dit onderzoek komt de samenstelling van deelnemers aan de gesloten versie deels, maar niet geheel, overeen met de bevolkingssamenstelling van de gemeente (zie Figuur 2.2, p.14).

•

Het doel van herwegen is te zorgen dat alle groepen in de gemeente een stem naar rato krijgen. Herwegen betekent dat we in de analyse meer gewicht hebben toegekend aan de antwoorden van deelnemers die ondervertegenwoordigd zijn in de steekproef en minder gewicht hebben toegekend aan de deelnemers die oververtegenwoordigd zijn. Daarbij zijn geen gegevens of antwoorden verwijderd.

•

Herwegen heeft geen invloed op de resultaten van de kwalitatieve analyses.

Fase 3: Analyse en rapportage

Tekstuele wijzigingen gedurende dataverzameling hebben geen invloed gehad op de resultaten •

•

Nadat de dataverzameling was gestart, bleek een stuk tekst uit de introductie een onvolledigheid te bevatten. De introductie van het onderzoek luidde oorspronkelijk: “Elk jaar komen er inwoners naar Nederland die op de vlucht zijn. Vluchtelingen die nog niet weten of ze in Nederland mogen blijven, noemen we asielzoekers. We hebben in Nederland afgesproken dat elke gemeente inwoners die asiel hebben aangevraagd, opvangt.” Waar de tekst het verschil verduidelijkt tussen asielzoekers, statushouders en ontheemden uit Oekraïne, maakt de tekst onvoldoende duidelijk dat ook andere groepen inwoners dan vluchtelingen de status van asielzoeker kunnen krijgen. De tekst van de introductie is aangepast naar: “Elk jaar komen er inwoners naar Nederland die hier asiel aanvragen. We noemen hen asielzoekers. We hebben in Nederland afgesproken dat elke gemeente asielzoekers opvangt.” Gelijktijdig is ook de titel van de raadpleging aangepast van “Hoe zou jij het regelen? Denk mee over de opvang van vluchtelingen in Amersfoort.” naar “Hoe zou jij het regelen? Denk mee over de opvang van asielzoekers in Amersfoort.”

•

We hebben een aantal controles uitgevoerd om in kaart te brengen of de aanpassingen hebben geleid tot verschil in uitkomsten van het onderzoek. Deze controles hebben we uitgevoerd op de data zonder controle op dubbele codes en unieke deelnames. Het aantal deelnemers in deze controle staat in de tabel hiernaast.

•

De tabel hiernaast geeft de resultaten van de controles weer. De verschillen in het open onderzoek zijn klein en niet significant. De verschillen in het gesloten onderzoek zijn wel (licht) significant. Deze suggereren dat deelnemers na de wijziging minder vaak uitvielen, een positievere houding hadden tegenover vluchtelingen en het vaker eens zijn met het plan van de gemeente. Dit kunnen we echter niet verklaren vanuit de tekstwijziging.

83

Kader 8.12: Resultaten van controles op effect van tekstwijziging

Gesloten onderzoek Eerste Gewijzigde introductie introductie (n=1.331) (n=1.374) Aantal deelnemers dat aangaf niet mee te willen doen aan het onderzoek Resultaat T-toets, met betrouwbaarheidsinterval (BI) Gemiddelde score vraag over houding ten aanzien van vluchtelingen in Nederland

24 (1,8%)

13 (0,9%)

Verschilscore: 0,9%* BI: -0,0% tot 1,7% 51,8

56,4

Resultaat T-toets, met betrouwbaarheidsinterval (BI) Antwoord op de vraag in hoeverre deelnemers het eens zijn met dat de gemeente nieuwe vaste opvangplekken gaat zoeken voor asielzoekers: 1: Helemaal oneens 2: Oneens 3: Neutraal 4: Eens 5: Helemaal eens *: Weet ik niet/zeg ik niet

Verschilscore: -4,6* BI: -7,0 tot -2,2

22,4% 11,0% 12,2% 23,6% 30,0% 0,7%

Resultaat Chi2-toets. Indien significant, gevolgd door een ‘ordered logit’.

Pearson chi2: 27,6* Ordered logit: 0,17 BI: 0,02 tot 0,31

15,8% 10,6% 14,1% 30,5% 28,3% 0,8%

Open onderzoek Eerste Gewijzigde introductie introductie (n=410) (n=2.708)

1 (0,2%)

16 (0,6%)

Verschilscore: -0,3% BI: -1,1% tot 0,4% 47,5

48,5

Verschilscore: -1,0 BI: -4,7 tot 2,8

32,8% 7,6% 12,7% 18,1% 28,8% 0,0%

30,9% 10,8% 10,3% 19,5% 28,2% 0,4%

Pearson chi2: 3,1 (niet significant)

Fase 3: Analyse en rapportage

Kader 8.13: Omgang met persoonsgegevens (AVG)

• De vragen in dit onderzoek waren allen in overeenstemming met de privacywetgeving (Algemene verordening gegevensbescherming, AVG). Omdat het onderzoek anoniem is zijn de gegevens die we verzamelen geen persoonsgegevens. Dat betekent dat de AVG als uitgangspunt niet van toepassing is. Een anoniem onderzoek mag vragen stellen over leeftijd, gender en opleidingstype, zonder dat de AVG van toepassing is. • Ook in een anoniem onderzoek kan de AVG in sommige gevallen toch van toepassing zijn. Bijvoorbeeld als het antwoord op een vraag (of de antwoorden op een combinatie van vragen) herleidbaar is (zijn) tot een groep van drie huishoudens of minder. Dan is er sprake van een persoonsgegeven. In dat geval is de AVG van toepassing. Een voorbeeld is vragen naar postcode-4 (postcode met alleen de cijfers). Er zijn enkele (vaak landelijke) postcode-4-gebieden waarin zich minder dan drie huishoudens bevinden.

Bij het schrijven van de rapportage heeft gemeente Amersfoort mee gelezen. Populytics blijft eindverantwoordelijk voor de uitkomsten •

De basis voor deze rapportage is de kwantitatieve analyse van de antwoorden die deelnemers hebben gegeven op de PWE-keuzekaarten (het toekennen van punten) en de aanvullende stellingen en open vragen.

•

Deze kwantitatieve resultaten hebben we aangevuld met kwalitatieve duiding, op basis van de motivaties die deelnemers hebben gegeven, onder andere bij hun keuzes in de keuzetaak. Hierbij hebben we alle motivaties gebruikt om de meest voorkomende hoofdargumenten te bepalen.

•

In deze rapportage gebruiken we citaten van deelnemers aan het onderzoek. We gebruiken citaten om deelnemers letterlijk aan het woord te laten en zo de onderzoeksbevindingen te illustreren. Soms maken deelnemers taalkundige fouten in hun toelichtingen. Het is belangrijk dat citaten authentiek zijn en dus zo min mogelijk bewerkt worden. Deelnemen aan een onderzoek is immers geen dictee. We maken alleen aanpassingen wanneer de lezer van deze rapportage de boodschap anders moeilijk kan begrijpen. Onze uitgangspunten: • We geven citaten zo letterlijk mogelijk weer. • Correcties zijn uitzondering, niet regel. • Authenticiteit weegt zwaarder dan netheid.

•

Deze rapportage is opgesteld door Populytics. Er heeft een feedbackronde plaatsgevonden, waarbij gemeente Amersfoort heeft meegelezen op de eerste resultaten en suggesties heeft kunnen doen voor aanvullende analyses. Populytics blijft onafhankelijk in de rapportage en verantwoordelijk voor alle uitkomsten en uitspraken.

• In dit onderzoek is geen gegeven, of combinatie van gegevens, verzameld die herleidbaar is (zijn) tot een groep van drie huishoudens of minder in Nederland. • Elke deelnemer aan het onderzoek kon verder zelf bepalen welke informatie hij/zij wilde delen. Alle vragen over persoonlijke kenmerken bevatte de antwoordoptie 'zeg ik liever niet'. • De gegevens voor dit onderzoek blijven bewaard.

84

Inhoudsopgave

Inhoudsopgave

Bijlage

85

• Overige uitsplitsingen voor de open versie van het onderzoek

Open

De mening over dat de gemeente nieuwe vaste plekken gaat zoeken verschilt sterk naar houding • De figuur hiernaast laat de houding zien tegenover vluchtelingen, uitgesplitst naar de mate waarin deelnemers het eens zijn met dat de gemeente gaat zoeken naar nieuwe vaste plekken voor de opvang van asielzoekers. Dit zijn de resultaten voor de open versie van het onderzoek.

Inclusief

Figuur B1. Houding ten aanzien van vluchtelingen – Naar mening over plan “Hoe kijk je aan tegen vluchtelingen in de Nederlandse samenleving?” (0 = negatief, 100 = positief)

Helemaal mee eens

7%

Mee eens

8%

Neutraal

7%

37%

53%

30%

44%

29%

45%

23%

Mee oneens

41%

Helemaal mee oneens

68%

0%

Negatief (0-19)

20%

20-39

16%

40%

40-60

60%

61-80

15%

29%

7%

20%

10%

80%

Positief (81-100)

* Percentages tellen niet altijd op tot 100%, resterend betreft 'zeg ik liever niet / Weet ik niet’

86

3%

100%

Open

Inclusief

Figuur B2. Vertrouwen in de gemeente als het gaat over vluchtelingen – Naar mening over plan “Hoeveel vertrouwen heb je in de gemeente als het gaat over vluchtelingen?” (0 = heel weinig, 100 = heel veel)

Helemaal mee eens

5% 6%

Mee eens

13%

18%

44%

20%

37%

Neutraal

29%

35%

53%

Mee oneens Helemaal mee oneens

Heel weinig (0-19)

20%

34%

20-39

40%

40-60

10%

80%

Heel veel (81-100)

* Percentages tellen niet altijd op tot 100%, resterend betreft 'zeg ik liever niet / Weet ik niet’

87

5%

9%

60%

61-80

7%

22%

89%

0%

• Figuur B2 toont hoeveel vertrouwen deelnemers hebben in de gemeente als het gaat over vluchtelingen, uitgesplitst naar mening over het plan. Dit zijn de resultaten voor de open versie van het onderzoek.

27%

31%

Vertrouwen in de gemeente verschilt ook in open versie sterk naar mening

100%

Figuur B3. Voorkeuren voor aantal bewoners in een opvanglocatie – Naar voorkeur voor type locatie(s)

Figuur B3. Voorkeuren voor aantal bewoners in een opvanglocatie – Naar voorkeur voor type locatie(s) Open

Inclusief

Eén grotere

Alleen kleinere

Grotere én kleinere

Weet ik niet / zeg ik niet

(13%)

(42%)

(33%)

(12%)

75% 50%

“Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een 25% kleinere opvanglocatie (met maximaal 300 bewoners)?”

25 50 75 100 150 200 250 300 *

25 50 75 100 150 200 250 300 * 300

25 50 75 100 150 200 250 300 * 300

300

25 50 75 100 150 200 250 300 * 300

0%

75% 50%

* Geeft aan welk aandeel koos voor ‘Zeg ik liever niet/ weet ik niet’. Omdat een substantieel aantal deelnemers dit antwoord koos, laten we dit expliciet zien.

88

*

541

500

450

400

350

*

541

500

450

400

350

*

541

500

450

400

*

541

500

450

400

350

0%

350

“Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een grotere opvanglocatie (met minimaal 300 bewoners)?” 25%

Figuur B4. Voorkeuren over mogelijke opvanglocatie(s) – Naar mening over het plan

Figuur B4. Voorkeuren over mogelijke opvanglocatie(s) – Naar mening over het plan Open

Inclusief

Grotere én kleinere

Zeg ik liever niet / Weet ik niet

“Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een kleinere opvanglocatie (met maximaal 300 bewoners)?”

Mee eens

Helemaal mee eens

(25%)

(16%)

(19%)

(21%)

(19%)

50%

0% 100% 50% 150 250

*

25 50 75 100 150 200 250 300 *

*

300

“Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een grotere opvanglocatie (met minimaal 300 bewoners)?”

75

450

25

400

0%

25 50 75 100 150 200 250 300 *

Alleen kleinere

Neutraal

25 50 75 100 150 200 250 300 *

Eén grotere

Mee oneens

25 50 75 100 150 200 250 300 *

“Hoe zou jij plek maken voor de opvang van 541 asielzoekers?”

Helemaal mee oneens

50%

* Geeft aan welk aandeel koos voor ‘Zeg ik liever niet/ weet ik niet’. Omdat een substantieel aantal deelnemers dit antwoord koos, laten we dit expliciet zien.

89

*

541

500

450

400

350

300

*

541

500

450

400

350

300

*

541

500

450

400

350

300

*

541

500

450

400

350

541

500

350

300

0%

Figuur B5. Prioritering doelen – Naar mening over plan

Figuur B5. Prioritering doelen – Naar mening over plan

Open

Inclusief

Oneens

Neutraal

Eens

Helemaal eens

(25%)

(16%)

(19%)

(21%)

(19%)

Dat de plek ver weg van woningen ligt

20,6

14,5

12,6

5,3

1,2

Dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden als opvanglocatie

4,6

6,6

7,1

6,8

6,0

6,0

Dat de verenigingen, scholen en zorg in de buurt genoeg ruimte hebben

3,8

5,4

5,8

6,9

7,1

5,9

Dat er weinig problemen zijn in de buurt, zoals werkloosheid en dakloosheid

3,2

4,2

4,1

5,7

6,3

5,0

Dat de plek goed te bereiken is

1,4

2,6

3,1

6,0

7,9

4,8

Dat de plek dichtbij bestaande woningen ligt

0,6

0,6

0,8

2,3

4,7

2,3

Dat de plek dichtbij woningen ligt die nog gebouwd gaan worden

0,8

1,1

1,6

2,0

1,8

1,5

0 tot 2,5 punten

90

Gemiddeld

Helemaal oneens

2,5 tot 5 punten

5 tot 7,5 punten

7,5 tot 10 punten

Meer dan 10 punten

9,5

Figuur B6. Prioritering doelen – Naar voorkeur voor type opvang

Figuur B6. Prioritering doelen – Naar voorkeur voor type opvang

Open

Inclusief

Eén grotere

Alleen kleinere

Kleinere en een grotere

Zeg ik niet/ Weet ik niet

(13%)

(42%)

(33%)

(12%)

Dat de plek ver weg van woningen ligt

16,3

9,3

4,6

19,5

Dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden als opvanglocatie

5,6

6,1

6,5

4,0

6,0

Dat de verenigingen, scholen en zorg in de buurt genoeg ruimte hebben

4,8

6,0

6,6

4,2

5,9

Dat er weinig problemen zijn in de buurt, zoals werkloosheid en dakloosheid

3,4

5,0

6,0

3,3

5,0

Dat de plek goed te bereiken is

3,0

4,5

6,4

2,4

4,8

Dat de plek dichtbij bestaande woningen ligt

0,7

2,4

3,2

1,0

2,3

Dat de plek dichtbij woningen ligt die nog gebouwd gaan worden

1,2

1,6

1,6

0,6

1,5

0 tot 2,5 punten

91

2,5 tot 5 punten

5 tot 7,5 punten

7,5 tot 10 punten

Meer dan 10 punten

Gemiddeld

9,5

Figuur B7. Prioritering doelen – Naar gebied*

Figuur B7. Prioritering doelen – Naar gebied*

Open

Inclusief

Binnenstad e.o.

Nieuwland e.o.

Randenbroek e.o.

Schothorst e.o.

Soesterkwartier e.o.

Vathorst e.o.

Vermeer e.o.

(12%)

(16%)

(4%)

(15%)

(6%)

(28%)

(11%)

Dat de plek ver weg van woningen ligt

8,1

8,2

5,8

10,4

7,7

13,1

4,1

Dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden als opvanglocatie

5,8

6,1

6,6

5,0

5,2

6,7

6,1

Dat de verenigingen, scholen en zorg in de buurt genoeg ruimte hebben

6,0

6,1

5,9

5,9

5,7

5,7

6,4

Dat er weinig problemen zijn in de buurt, zoals werkloosheid en dakloosheid

5,9

5,2

5,9

5,0

5,8

3,7

5,9

Dat de plek goed te bereiken is

5,1

5,1

5,9

5,0

6,0

3,4

6,8

Dat de plek dichtbij bestaande woningen ligt

2,6

2,8

3,4

2,0

3,1

1,2

3,7

Dat de plek dichtbij woningen ligt die nog gebouwd gaan worden

1,5

1,4

1,4

1,7

1,5

1,2

2,1

0 tot 2,5 punten

92

2,5 tot 5 punten

5 tot 7,5 punten

7,5 tot 10 punten

Meer dan 10 punten

* Zie voor een volledige omschrijving van alle gebieden die onder ‘e.o.’ vallen, pagina 13 van het rapport.

pagina 13

Figuur B8. Prioritering doelen – Naar mening over plan

Figuur B8. Prioritering doelen – Naar mening over plan

Open

Inclusief

Oneens

Neutraal

Eens

Helemaal eens

(25%)

(16%)

(19%)

(21%)

(19%)

Dat iedereen zich veilig voelt

15,9

11,0

10,2

7,8

6,0

Dat asielzoekers de Nederlandse taal en cultuur leren

7,8

7,8

7,8

6,4

5,7

6,8

7,3

7,6

6,2

6,1

5,3

6,3

4,7

5,7

6,7

6,7

6,4

6,0

Dat asielzoekers weten hoe alles werkt in Nederland

5,1

5,2

4,8

4,5

4,2

4,7

Dat buurtbewoners meedenken over wat de gemeente op en rond opvanglocaties moet

4,9

5,4

4,6

4,4

4,1

4,6

Dat er genoeg te doen is op en rond opvanglocaties

1,3

2,2

3,4

4,6

5,5

3,7

0,6

1,5

2,0

4,2

6,2

3,5

1,9

2,6

3,3

3,4

3,6

3,0

0,6

1,0

0,9

1,9

2,8

1,7

Dat inwoners geïnformeerd zijn over de komst en opvang van asielzoekers Dat asielzoekers werken of een opleiding volgen om aan werk te komen

Dat asielzoekers en inwoners met elkaar in contact komen en blijven Dat de gemeente extra investeert in de wijken waar een opvanglocatie komt Dat er bij opvanglocaties ook woningen komen voor andere inwoners 0 tot 2,5 punten

93

Gemiddeld

Helemaal oneens

2,5 tot 5 punten

5 tot 7,5 punten

7,5 tot 10 punten

Meer dan 10 punten

9,8

Figuur B9. Prioritering doelen – Naar voorkeur voor type opvang

Figuur B9. Prioritering doelen – Naar voorkeur voor type opvang

Open

Inclusief

Eén grotere

Alleen kleinere

Kleinere en een grotere

Zeg ik niet/ Weet ik niet

(13%)

(42%)

(33%)

(12%)

Dat iedereen zich veilig voelt

12,4

9,5

7,4

16,8

Dat asielzoekers de Nederlandse taal en cultuur leren

7,4

6,8

6,4

7,1

6,8

6,5

6,4

5,9

7,4

6,3

5,9

6,3

6,1

4,1

6,0

Dat asielzoekers weten hoe alles werkt in Nederland

5,0

4,6

4,5

4,9

4,7

Dat buurtbewoners meedenken over wat de gemeente op en rond opvanglocaties moet

4,9

4,8

4,3

4,0

4,6

Dat er genoeg te doen is op en rond opvanglocaties

3,0

3,3

4,9

1,7

3,7

1,7

3,4

4,9

1,3

3,5

2,4

3,1

3,5

1,5

3,0

0,9

1,8

2,1

1,0

1,7

Dat inwoners geïnformeerd zijn over de komst en opvang van asielzoekers Dat asielzoekers werken of een opleiding volgen om aan werk te komen

Dat asielzoekers en inwoners met elkaar in contact komen en blijven Dat de gemeente extra investeert in de wijken waar een opvanglocatie komt Dat er bij opvanglocaties ook woningen komen voor andere inwoners 0 tot 2,5 punten

94

2,5 tot 5 punten

5 tot 7,5 punten

7,5 tot 10 punten

Meer dan 10 punten

Gemiddeld

9,8

Figuur B10. Prioritering doelen – Naar gebied*

Figuur B10. Prioritering doelen – Naar gebied*

Open

Inclusief

Dat iedereen zich veilig voelt Dat asielzoekers de Nederlandse taal en cultuur leren Dat inwoners geïnformeerd zijn over de komst en opvang van asielzoekers Dat asielzoekers werken of een opleiding volgen om aan werk te komen Dat asielzoekers weten hoe alles werkt in Nederland Dat buurtbewoners meedenken over wat de gemeente op en rond opvanglocaties… Dat er genoeg te doen is op en rond opvanglocaties Dat asielzoekers en inwoners met elkaar in contact komen en blijven Dat de gemeente extra investeert in de wijken waar een opvanglocatie komt Dat er bij opvanglocaties ook woningen komen voor andere inwoners

Binnenstad e.o.

Nieuwland e.o.

Randenbroek e.o.

Schothorst e.o.

Soesterkwartier e.o.

Vathorst e.o.

Vermeer e.o.

(12%)

(16%)

(4%)

(15%)

(6%)

(28%)

(11%)

9,2

8,2

7,0

9,5

7,5

12,6

7,4

7,1

7,3

6,6

6,8

6,8

6,7

6,2

6,1

6,4

5,2

6,3

5,7

6,8

5,9

6,3

5,9

7,1

6,0

6,4

5,6

6,4

4,3

4,9

4,6

4,7

5,1

4,6

4,5

3,9

4,3

5,1

4,7

4,1

4,9

4,0

4,0

4,2

4,1

4,1

3,9

2,8

4,5

4,1

3,7

4,9

3,1

4,1

2,4

5,2

3,2

3,1

3,1

3,1

3,8

2,6

3,3

1,9

1,8

2,3

1,6

2,5

1,0

2,6

0 tot 2,5 punten

95

2,5 tot 5 punten

5 tot 7,5 punten

7,5 tot 10 punten

Meer dan 10 punten

* Zie voor een volledige omschrijving van alle gebieden die onder ‘e.o.’ vallen, pagina 13 van het rapport.

pagina 13

Figuur B11. Over betrekken van inwoners bij plannen – Naar houding

Figuur B11. Over betrekken van inwoners bij plannen – Naar houding

Open

Inclusief

“Wat vind jij een prettige manier om betrokken te worden bij plannen voor de opvang van asielzoekers in jouw buurt? Je kan meerdere opties kiezen.”

96

Helemaal mee oneens

Mee oneens

Neutraal

Mee eens

Helemaal mee eens

(25%)

(16%)

(19%)

(21%)

(19%)

58%

65%

64%

Via een digitale nieuwsbrief van de gemeente

39%

56%

Via een folder in de brievenbus

38%

51%

47%

40%

36%

Via inwonersavonden op locatie

41%

54%

52%

40%

42%

Via huis-aan-huis bladen of de lokale krant

29%

35%

31%

42%

44%

Via lokale spreekuren of meedenkgroepen

29%

31%

26%

29%

29%

Via de website van de gemeente

23%

35%

32%

28%

24%

Via online inwonersavonden

23%

31%

31%

29%

19%

Via sociale media van de gemeente

25%

32%

29%

25%

16%

Via posters of informatieborden in de buurt

12%

12%

10%

10%

Ik hoef niet betrokken te worden bij plannen voor de opvang van asielzoekers in Amersfoort

18%

5%

6%

9%

17% 5%

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://amersfoort.raadsinformatie.nl/document/16780124/1