Resultaten van een onderzoek onder inwoners over opvanglocaties voor asielzoekers (Populytics)
Tekst van het document
Resultaten van een onderzoek onder inwoners over opvanglocaties voor asielzoekers Een onderzoek voor de gemeente Amersfoort
26 maart 2026
Colofon Dit onderzoek is uitgevoerd door Populytics in opdracht van gemeente Amersfoort.
2
Auteurs
Tom Geijsen (tom@populytics.nl) Charlotte Spit Mark Beumer
Datum
26 maart 2026
Versie
Definitief
Contact
Populytics b.v. Strawinskylaan 339 1077 XX Amsterdam info@populytics.nl www.populytics.nl
Samenvatting
Samenvatting
Aanleiding, opzet en respons
1
Aanleiding, opzet en respons Algemene houding tegenover vluchtelingen en de gemeente
Algemene houding tegenover vluchtelingen en de gemeente
2
Inhoudsopgave
Criteria bij realiseren van opvanglocaties
Welke criteria vinden inwoners belangrijk bij het kiezen van plekken voor de opvang van asielzoekers? En waarom?
Doelen voor samenleven met asielzoekers
Doelen voor samenleven met asielzoekers
5
6
Wat vinden inwoners een fijne manier om betrokken te worden bij plannen in hun buurt?
Over het onderzoek
Hoe hebben deelnemers het onderzoek ervaren? Welk rapportcijfer gaven zij? Wat vonden ze goed en wat zijn verbeterpunten?
Methodologie
Hoe is het onderzoek tot stand gekomen? Hoe zijn de data geanalyseerd?
Bijlage
Overige uitsplitsingen voor de open versie van het onderzoek
Over het onderzoek
7 Methodologie
8 Bijlage
9
Welke doelen vinden inwoners belangrijk als het gaat om samenleven met asielzoekers? En waarom?
Hoe inwoners te betrekken
Hoe inwoners te betrekken
3
Wat is de houding van inwoners tegenover vluchtelingen? En tegenover de gemeente? En tegenover het plan van de gemeente om vaste nieuwe plekken te zoeken voor de opvang van asielzoekers? Welk type opvang heeft de voorkeur van inwoners? En waarom?
Criteria bij realiseren van opvanglocaties
4
Hoe zag het onderzoek er globaal uit? Wie hebben er meegedaan?
Type opvang
Type opvang
3
Een samenvatting van het onderzoek en de hoofdresultaten.
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
Samenvatting
4
De gemeente Amersfoort wil van inwoners weten hoe de opvang voor asielzoekers geregeld kan worden Aan een gesloten versie van het onderzoek namen 2.237 inwoners deel. Aan een open versie 2.778 inwoners. Op basis van het gesloten onderzoek zijn er betrouwbare en representatieve uitspraken te doen over de gehele gemeente. •
Aanleiding. Om aan de Spreidingswet te voldoen zoekt de gemeente Amersfoort naar 541 nieuwe vaste opvangplekken.* Dat zijn deels nieuwe plekken voor asielzoekers die er al zijn (350 plekken) en deels plekken voor nieuwe asielzoekers (191 plekken). De gemeente moet keuzes maken om te zorgen dat die plekken er komen. Die keuzes gaan over de volgende drie dingen: 1. Hoe kan opvang van asielzoekers in Amersfoort eruit zien? 2. Welke criteria vinden inwoners belangrijk bij het kiezen van een plek voor een opvanglocatie in Amersfoort? 3. Welke doelen vinden inwoners belangrijk bij samenleven in de gemeente Amersfoort?
•
Waar ging dit onderzoek niet over? Dit onderzoek is niet bedoeld als referendum over de vraag óf er meer plek voor de opvang van asielzoekers moet komen binnen de gemeente. Dat is namelijk een wettelijke verplichting. Zie voor een verdere toelichting bij deze keuze het hoofdstuk Methodologie (p.61 e.v.). Wel vroegen we deelnemers aan het begin van het onderzoek naar de mate waarin ze het eens zijn met het plan van de gemeente om nieuwe vaste opvangplekken te zoeken.
•
Dataverzameling. Inwoners konden van 9 januari tot 8 februari 2026 deelnemen aan het onderzoek. Om ervoor te zorgen dat deelnemers een goede afspiegeling zijn van de hele gemeente hebben 10.000 willekeurige adressen in de gemeente een uitnodiging ontvangen, verspreid over alle wijken. De uitnodiging was gericht aan de bewoner van 16 jaar of ouder die als eerstvolgende jarig is. Zo zorgden we voor variatie in geslacht en leeftijd. Elke uitnodiging bevatte een unieke code waarmee één keer mocht worden deelgenomen. Dat hebben 2.237 inwoners gedaan. Deze versie noemen we ook wel het gesloten onderzoek en hiermee kunnen we representatieve uitspraken doen over alle inwoners van Amersfoort boven de 16 jaar op kenmerken geslacht, leeftijd, opleiding en woongebied. Om er ook voor te zorgen dat iedereen die dat wil zijn mening kan geven, konden inwoners ook meedoen zonder code. Dat hebben 2.778 inwoners gedaan. We noemen dit het open onderzoek. In totaal hebben 5.015 deelnemers het onderzoek ingevuld.
* Het gemeentelijke doel van 541 nieuwe vaste plekken is gebaseerd op de verplichting vanuit de Spreidingswet om in totaal 941 plekken te
5 bieden. Dit aantal geldt in elk geval tot eind 2026. Het aantal benodigde plekken wordt periodiek opnieuw vastgesteld. Eind februari 2026 is een nieuwe prognose gepubliceerd, waarin het aantal benodigde plekken lager uitvalt. Zie ook deze pagina van de Rijksoverheid.
Inwoners zijn verdeeld over het plan van de gemeente om nieuwe vaste plekken te zoeken voor de opvang van asielzoekers Inwoners in Amersfoort denken verschillend over het plan van de gemeente om nieuwe vaste opvangplekken te gaan zoeken. Deze verschillen hangen samen met hun houding ten aanzien van vluchtelingen in de samenleving. •
We vroegen inwoners naar wat ze vinden van het plan van de gemeente om nieuwe vaste plekken te zoeken om asielzoekers op te vangen. De resultaten van zowel het gesloten als open onderzoek zijn hiernaast weergegeven. Inwoners zijn verdeeld over dit plan.
•
Op basis van het gesloten onderzoek concluderen we dat ongeveer 49% van de inwoners het (helemaal) eens is. Deze inwoners geven aan dat zij vinden dat Amersfoort zich aan de Spreidingswet moet houden. Een deel geeft ook aan dit een morele plicht te vinden. Ongeveer 36% is het (helemaal) oneens. Een veelgenoemde reden is dat Amersfoort nu al genoeg asielzoekers opvangt. Een deel geeft aan dat extra opvang zal leiden tot veiligheidsproblemen en overlast. Een kleiner deel geeft aan dat er überhaupt geen asielzoekers moeten worden opgevangen. De overige 14% staat neutraal tegenover het plan. Deze inwoners geven regelmatig aan dat ze vragen of voorwaarden bij het plan hebben.
•
•
“De gemeente Amersfoort gaat nieuwe vaste plekken zoeken om asielzoekers op te vangen. Wat vind je daarvan?”
Gesloten onderzoek
Open onderzoek
0%
Helemaal mee oneens
Mee oneens
13% 14%
31%
Inclusief
In het open onderzoek zien we een groter aandeel deelnemers dat het helemaal eens is en dat het helemaal oneens met het plan dan uit het gesloten onderzoek blijkt. Dergelijke verschillen tussen open en gesloten onderzoeken zien we vaker terug in onze onderzoeken: een open onderzoek trekt meer inwoners met een uitgesproken mening. We vroegen inwoners ook naar hun houding ten aanzien van vluchtelingen in de Nederlandse samenleving en naar hun vertrouwen in de gemeente op het thema vluchtelingen. We zien dat inwoners die het (helemaal) eens zijn met het plan een positievere houding hebben tegenover vluchtelingen en meer vertrouwen hebben in de gemeente op dit thema. Voor inwoners die het (helemaal) oneens zijn met het plan is dit het tegenovergestelde. Zie pagina’s 17 en verder.
23%
Representatief
20%
Neutraal
26%
23%
10% 11% 19%
28%
40%
60%
Mee eens
80%
100%
Helemaal mee eens
* Percentages tellen niet altijd op tot 100%, resterend betreft 'zeg ik liever niet / Weet ik niet’
6
De meeste inwoners adviseren alleen kleinere opvanglocaties te realiseren, of een combinatie van kleinere en één grotere Een meerderheid van de inwoners adviseert de gemeente in elk geval kleinere opvanglocaties te realiseren. Dat heeft volgens hen minder impact op de buurt. Eventueel gecombineerd met een grotere locatie. Dat helpt volgens hen om opvang betaalbaar te houden. •
•
Het merendeel van de inwoners adviseert alleen kleinere of zowel één grotere als kleinere locaties (37% en 36%) te zoeken. 16% heeft de voorkeur voor alleen één grotere opvanglocatie. Inwoners die geen keuze willen maken (11%), geven vaak aan dat ze simpelweg geen (nieuwe) opvang van asielzoekers willen.
•
Alleen kleinere locaties zoeken is een optie die de voorkeur heeft van inwoners ongeacht of ze het wel of niet eens zijn met het plan van de gemeente. Een breed gedeelde overtuiging is dat kleine locaties nodig zijn om de impact op de omgeving zo klein mogelijk te maken. Er zijn wel verschillende redeneringen: inwoners die het oneens zijn met het plan benadrukken vaker de noodzaak om overlast te beperken, terwijl inwoners die het eens zijn juist vaker spreken over de integratiemogelijkheden bij kleinere locaties.
•
•
7
We vroegen deelnemers hoe zij de benodigde plekken zouden realiseren. Deelnemers konden kiezen uit ‘alleen een grotere locatie (vanaf 300 bewoners)’, ‘alleen kleinere locaties (met maximaal 300 bewoners)’ of ‘zowel een grotere als kleinere locaties’. De figuur hiernaast geeft de gemiddelde resultaten weer voor alle inwoners en daaronder van inwoners die het helemaal oneens, neutraal en helemaal eens zijn met het plan van de gemeente. Dit zijn de representatieve resultaten op basis van het gesloten onderzoek.
“Hoe zou jij plek maken voor de opvang van 541 asielzoekers?”
37%
36%
16%
11%
Alleen kleinere
Eén grotere
Zeg ik liever niet / Weet ik niet
Grotere én kleinere
~ 44%
Zowel een grotere als kleinere locaties zoeken, is vooral een voorkeursoptie van inwoners die het eens zijn met het plan van de gemeente. Inwoners geven als belangrijkste redenen dat dit een efficiënte manier is om de opvang te realiseren. En dat dit mogelijkheden biedt om specifieke groepen in aparte locaties op te vangen, zoals jonge alleenstaande mannen of juist gezinnen met kinderen. Een veelgenoemde voorwaarde is dat grotere locaties niet te dicht bij woningen komen.
29% 30%
Alleen grotere locaties zoeken heeft vooral de voorkeur van inwoners die het oneens zijn met het plan. Zij willen het liefst een grote en efficiënte locatie en deze hoort volgens hen niet in de buurt van woningen.
Eén grotere
33% 22%
41% 25% 9%
7%
Alleen kleinere
51%
Grotere én kleinere
5%
3%
Zeg ik liever niet / Weet ik niet
Inwoners geven prioriteit aan vier criteria voor een plek voor een opvanglocatie, waarvan er drie breed gedeeld zijn Optie
Gemiddeld
Ongeacht of inwoners het eens zijn met de plannen voor het zoeken naar nieuwe vaste plekken voor opvang, is er consensus over het belang van drie criteria: 1) dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden, 2) dat voorzieningen in de buurt genoeg ruimte hebben en 3) dat er weinig problemen zijn in de buurt. •
•
•
8
Helemaal oneens
Neutraal
Helemaal eens
~
Gem Dat de plek ver weg van woningen ligt
7,6
17,8
8,6
1,3
Dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden als opvanglocatie
6,6
5,3
8,1
6,1
Dat de plek ver van woningen ligt, krijgt gemiddeld de hoogste prioriteit van inwoners. We zien hier een sterk verschil tussen groepen: inwoners die het (helemaal) oneens zijn én inwoners die neutraal zijn over het plan vinden dit (verreweg) de belangrijkste prioriteit, maar inwoners die het (helemaal) eens zijn juist niet. Andersom zien we dat hoe sterker inwoners het eens zijn met het plan, hoe sterker de voorkeur is dat een opvanglocatie dichtbij woningen is. Maar die voorkeur is niet zo sterk. Voor inwoners die het (helemaal) eens zijn met het plan zijn andere dingen belangrijker. Vooral dat de plek goed te bereiken is.
Dat de verenigingen, scholen en zorg in de buurt genoeg ruimte hebben
6,1
3,9
5,9
7,0
Dat er weinig problemen zijn in de buurt, zoals werkloosheid en dakloosheid
5,9
4,8
5,3
6,6
Drie criteria zitten bij elk van deze groepen bij de bovenste vier: 1) dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden, 2) dat voorzieningen in de buurt genoeg ruimte hebben en 3) dat er weinig problemen zijn in de buurt. Er is dus consensus dat deze drie criteria relatief belangrijk zijn bij het kiezen van een plek voor een opvanglocatie. Bij het criterium ‘dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden’ geven inwoners voornamelijk één argument: het is efficiënt/goedkoop om een bestaand gebouw te gebruiken. Bij de andere twee criteria zien we verschil in het soort argumenten die inwoners geven. Inwoners die het oneens zijn met het plan noemen vaak de verwachte nadelige effecten op de buurt. Inwoners die het eens zijn met het plan spreken vaak over de mogelijkheden voor asielzoekers en over het bereiken van draagvlak in de buurt.
Dat de plek goed te bereiken is
4,9
1,5
4,0
7,6
Dat de plek dichtbij bestaande woningen ligt
2,3
0,6
1,6
4,5
Dat de plek dichtbij woningen ligt die nog gebouwd gaan worden
1,6
1,0
1,6
1,9
In het onderzoek konden deelnemers zich uitspreken over 7 criteria die belangrijk kunnen zijn bij het zoeken naar een plek voor een opvanglocatie. De figuur hiernaast laat de gemiddelde puntenverdeling voor heel Amersfoort zien, en specifiek voor 3 subgroepen: inwoners die het helemaal oneens, neutraal en die het helemaal eens zijn met het plan van de gemeente. Dit zijn de representatieve resultaten op basis van het gesloten onderzoek.
0 tot 2,5 punten
2,5 tot 5 punten
5 tot 7,5 punten
7,5 tot 10 punten
Meer dan 10 punten
Inwoners hebben vier breed gedeelde prioriteiten als het gaat om samenleven met asielzoekers Optie
Gemiddeld
Als het gaat om samenleven met asielzoekers, dan hebben inwoners van Amersfoort 4 gedeelde prioriteiten: 1) dat iedereen zich veilig voelt, 2) dat asielzoekers de Nederlandse taal en cultuur leren, 3) dat inwoners geïnformeerd zijn over de komst en opvang van asielzoekers en 4) dat asielzoekers werken of een opleiding volgen. •
•
•
•
9
In het onderzoek konden inwoners zich ook uitspreken over 10 doelen die belangrijk kunnen zijn als het gaat over als een opvanglocatie er eenmaal is. De figuur hiernaast laat de gemiddelde puntenverdeling voor heel Amersfoort zien, en specifiek voor 3 subgroepen: deelnemers die het helemaal oneens, neutraal en die het helemaal eens zijn met het plan van de gemeente om nieuwe vaste opvangplekken te realiseren. Dit zijn de representatieve resultaten op basis van het gesloten onderzoek. Vergeleken met de locatiecriteria zien we meer overeenstemming: de vier doelen die gemiddeld het hoogst scoren krijgen ook van elk van de getoonde groepen prioriteit: 1) dat iedereen zich veilig voelt, 2) dat asielzoekers de Nederlandse taal en cultuur leren, 3) dat inwoners geïnformeerd zijn over de komst en opvang van asielzoekers en 4) dat asielzoekers werken of een opleiding volgen. De gedeelde prioriteit voor de vier doelen wijst er op dat inwoners een verwachting delen over asielzoekers: als er asielzoekers in de gemeenschap zijn, zorg dan dat zij snel op eigen benen (kunnen) staan en een bijdrage (kunnen) leveren aan de gemeenschap. Dat moet bereikt worden doordat vluchtelingen de Nederlandse taal en cultuur leren en zo snel mogelijk aan het werk gaan. Een randvoorwaarde hierbij is dat de veiligheid geborgd is.
Ook geven inwoners aan dat het belangrijk is dat de gemeente hen goed informeert. Twee doelen krijgen van elk van de groepen lage prioriteit: 1) dat de gemeente extra investeert in de wijken waar een opvanglocatie komt en 2) dat er bij opvanglocaties ook woningen komen voor andere inwoners.
Helemaal oneens
Helemaal eens
~
Gem Dat iedereen zich veilig voelt
Neutraal
8,9
13,5
9,2
6,1
6,8
7,9
7,5
6,4
6,4
7,7
6,9
5,3
6,2
5,6
6,1
6,7
Dat asielzoekers weten hoe alles werkt in Nederland
5,1
5,5
5,6
4,4
Dat buurtbewoners meedenken over wat de gemeente op en rond opvanglocaties moet regelen
4,5
5,0
4,9
4,0
Dat er genoeg te doen is op en rond opvanglocaties
4,0
1,9
3,2
5,3
3,5
0,6
2,4
5,7
3,1
1,6
3,2
3,6
1,6
0,6
1,1
2,5
Dat asielzoekers de Nederlandse taal en cultuur leren Dat inwoners geïnformeerd zijn over de komst en opvang van asielzoekers Dat asielzoekers werken of een opleiding volgen om aan werk te komen
Dat asielzoekers en inwoners met elkaar in contact komen en blijven Dat de gemeente extra investeert in de wijken waar een opvanglocatie komt Dat er bij opvanglocaties ook woningen komen voor andere inwoners 0 tot 2,5 punten
2,5 tot 5 punten
5 tot 7,5 punten
7,5 tot 10 punten
Meer dan 10 punten
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
Aanleiding, opzet en respons
• Hoe zag het onderzoek er globaal uit? • Wie hebben er meegedaan?
10
De gemeente Amersfoort wil met inwoners onderzoeken hoe opvang voor asielzoekers geregeld kan worden. Aanleiding. Om aan de Spreidingswet te voldoen zoekt de gemeente Amersfoort naar 541 nieuwe vaste opvangplekken.* Dat zijn deels nieuwe plekken voor asielzoekers die er al zijn (350 plekken) en deels plekken voor nieuwe asielzoekers (191 plekken). De gemeente moet keuzes maken om te zorgen dat die plekken er komen. Die keuzes gaan over de volgende drie dingen: 1. Hoe kan opvang van asielzoekers in Amersfoort eruit zien? 2. Welke criteria vinden inwoners belangrijk bij het kiezen van een plek voor een opvanglocatie in Amersfoort? 3. Welke doelen vinden inwoners belangrijk bij samenleven in de gemeente Amersfoort? Waar ging dit onderzoek niet over? Dit onderzoek is niet bedoeld als referendum over de vraag óf er meer plek voor de opvang van asielzoekers moet komen binnen de gemeente. Dat is namelijk een wettelijke verplichting. Zie voor een verdere toelichting bij deze keuze het hoofdstuk Methodologie (p.71 e.v.). Wel vroegen we deelnemers aan het begin van het onderzoek in hoeverre ze het eens zijn met het plan van de gemeente om nieuwe vaste opvangplekken te zoeken. Dataverzameling. Inwoners konden van 9 januari tot 8 februari 2026 deelnemen aan het onderzoek.
Om ervoor te zorgen dat deelnemers een goede afspiegeling zijn van de hele gemeente hebben 10.000 willekeurige adressen in de gemeente een uitnodiging ontvangen, verspreid over alle wijken. De uitnodiging was gericht aan de bewoner van 16 jaar of ouder die als eerstvolgende jarig is. Zo zorgden we voor variatie in geslacht en leeftijd. Elke uitnodiging bevatte een unieke code waarmee één keer mocht worden deelgenomen. Dat hebben 2.237 inwoners gedaan. Deze versie noemen we ook wel het gesloten onderzoek en hiermee kunnen we representatieve uitspraken doen over alle inwoners van Amersfoort boven de 16 jaar op de kenmerken geslacht, leeftijd, opleiding en woongebied. Om er ook voor te zorgen dat iedereen die dat wil zijn mening kan geven, konden inwoners ook meedoen zonder code. Dat hebben 2.778 inwoners gedaan. We noemen dit het open onderzoek. In totaal hebben 5.015 deelnemers het onderzoek ingevuld.
* Het gemeentelijke doel van 541 nieuwe vaste plekken is gebaseerd op de verplichting vanuit de Spreidingswet om in totaal 941 plekken te bieden. Dit aantal geldt in elk geval tot eind 2026. Het aantal benodigde plekken wordt periodiek opnieuw vastgesteld. Eind februari 2026 is een nieuwe prognose gepubliceerd, waarin het aantal benodigde plekken lager uitvalt. Zie ook deze pagina van de Rijksoverheid.
11
Kader 1. Over de methode PWE
•
Wetenschappelijk gevalideerd: De Participatieve Waarde Evaluatie (PWE) is een participatiemethode die Populytics vaak inzet om inwoners te betrekken bij beslissingen die hen gaan raken. Wetenschappers van onder andere de TU Delft hebben de methode ontwikkeld en getest.
•
Op de stoel van: De essentie van een PWE-onderzoek is om deelnemers in een online omgeving 20 minuten op de stoel van een beleidsmaker of politicus te zetten. Deelnemers krijgen een aantal keuzes voorgelegd om uit te kiezen. Daarmee ervaren ze hoe beleidsmakers beleid vormen en uitvoeren. De keuzes zijn realistisch en deelnemers wegen de gevolgen ervan af. Net zoals beleidsmakers dat doen. Wat adviseren ze vervolgens als zij in de schoenen van een beleidsmaker staan? Deelnemers kunnen daarna aangeven waarom voor iets gekozen hebben. Ze kunnen hun advies toelichten.
•
Begrip voor complexiteit: Door mee te doen aan een PWE-onderzoek begrijpen deelnemers beter hoe ingewikkeld de keuzes zijn. Met de resultaten kunnen beleidsmakers hun keuzes beter aan laten sluiten op de voorkeuren, waarden en zorgen van deelnemers.
Inwoners van de gemeente Amersfoort deden mee aan een van de twee versies van het onderzoek Twee kernwaarden van een goed PWE-onderzoek zijn dat (1) de deelnemers een goede afspiegeling vormen van de hele gemeente en (2) dat iedereen die dat wil zijn mening kan geven. Om beide doelen te bereiken is het onderzoek op twee manieren uitgevoerd. De versies zijn inhoudelijk hetzelfde.
Open
Gesloten
Inclusief
Representatief
• De gemeente selecteerde willekeurig 10.000 huishoudens, gelijk verdeeld over de wijken, met de vraag om mee te doen aan het onderzoek. Ofwel: elk huishouden binnen een wijk had een even grote kans om een uitnodiging te krijgen. Zo deden van 9 januari tot en met 8 februari 2026 2.237 inwoners mee aan het onderzoek via deze directe uitnodiging. Het onderzoek stond op de website DenkMeeOverOpvang.nl.
• De gemeente deelde de uitnodiging voor de open versie via diverse communicatiekanalen, zoals; huis-aan-huisbladen, sociale media en reclameborden in de stad. Deelnemen kon via de website amersfoort.nl/opvanglocaties. Zo deden van 13 tot en met 8 februari 2.778 inwoners mee aan de open versie van het onderzoek. Zie voor een verdere toelichting het hoofdstuk Methodologie.
• We vroegen de persoon van 16 jaar of ouder die als eerste jarig is om deel te nemen. Zo zorgden we dat niet steeds dezelfde persoon binnen een huishouden deelneemt en dat er variatie ontstaat in leeftijd en geslacht onder de deelnemers. Daardoor lijkt de samenstelling van de deelnemersgroep meer op de samenstelling van de inwoners van de gemeente als geheel.
•
• Om betrouwbare uitspraken te kunnen doen over de gemeente Amersfoort als geheel, hebben we herweging toegepast door multiplicatief wegen (raking). Zie voor een verdere toelichting het hoofdstuk Methodologie.
• Omdat de open versie niet representatief is, laten we in de hoofdresultaten voornamelijk de resultaten zien van de gesloten versie. Waar relevant, staan we stil bij de verschillen tussen de resultaten van de open en gesloten versie. Op die manier vormen de resultaten van het open onderzoek een nuttige aanvulling op die van het gesloten onderzoek.
• De conclusies die we op basis van deze resultaten trekken zijn representatief voor de gemeente Amersfoort op de kenmerken leeftijd, gender, opleidingstype en gebied. Deze kenmerken staan op de volgende pagina.
12
Een open versie biedt iedereen die advies wíl geven, de mogelijkheid om dit te doen.
• De open versie is per definitie niet representatief. Een open onderzoek trekt meer deelnemers met een uitgesproken mening en/of een expliciet belang/interesse bij het onderwerp.
• We hebben de resultaten van de open raadpleging ook gebruikt voor de analyse van de motivaties die deelnemers geven voor hun keuzes. In onze onderzoeken zien we vaak dat de motivaties uit de open versies uitgebreider zijn dan die in de gesloten versie.
In totaal hebben 5.015 inwoners deelgenomen. Representatieve uitspraken voor de hele gemeente zijn mogelijk met het gesloten onderzoek • Verschillende groepen inwoners hebben meegedaan, al zijn sommige groepen (licht) onder- en oververtegenwoordigd. In beide versies zijn inwoners met sommige kenmerken oververtegenwoordigd en inwoners met andere kenmerken ondervertegenwoordigd. De resultaten van het gesloten onderzoek zijn voor alle kenmerken uit de tabel hiernaast herwogen, zodat de uitkomsten representatief zijn voor de gehele gemeente. Zie het hoofdstuk Methodologie (p.61 e.v.) voor een verdere toelichting van deze gebruikelijke statistische werkwijze.
• Vluchtelingen. 14 deelnemers geven aan zelf gevlucht te zijn en 59 deelnemers dat iemand uit de familie is gevlucht. • Aantallen kunnen verschillen. Door de routing in het onderzoek hebben niet alle deelnemers alle vragen beantwoord. Ook waren niet alle vragen verplicht. Daardoor kunnen de deelnemersaantallen per vraag verschillen. • Representatieve resultaten. We laten de uitkomsten zien van het gesloten en het open onderzoek. De resultaten uit het gesloten onderzoek zijn herwogen en daarmee representatief voor de gehele gemeente voor leeftijd, opleiding geslacht en gebied. Analyses op basis van geschreven motivaties van deelnemers komen altijd uit zowel het gesloten als het open onderzoek. 13
Figuur 1.1. Samenstelling van de deelnemers
Gesloten onderzoek Open (unieke onderzoek* code)** * (n=2.237) (n=2.778)
Gender
Aandeel gemeente Amersfoort*
Vrouw
50,5%
45,2%
49,7%
Man
49,5%
52,1%
47,1%
onbekend
2,6%
3,3%
Anders/ zeg ik liever niet Leeftijd 16 tot 24 jaar
5,0%
3,2%
4,6%
25 tot 34 jaar
15,1%
14,6%
15,0%
35 tot 44 jaar
11,2%
17,7%
20,2%
45 tot 54 jaar
22,1%
18,7%
21,2%
55 tot 64 jaar
17,3%
21,9%
20,1%
65 jaar en ouder
29,3%
22,7%
17,9%
Opleiding Praktisch
21,7%
5,2%
4,2%
Toegepast
36,5%
20,4%
20,0%
Theoretisch
41,8%
71,4%
72,5%
Gebied*** Binnenstad, Kruiskamp, Koppel, Liendert en Rustenburg Nieuwland, Calveen, Hoogland en Kattenbroek Randenbroek, Schuilenburg en Buitengebied-Oost Schothorst, Zielhorst, Hoefkwartier Soesterkwartier, Isselt Vathorst, Hooglanderveen Vermeer, Berg- en Leusderkwartier en Bosgbied Ik woon buiten de gemeente Amersfoort
Aandeel gemeente Amersfoort*
Gesloten onderzoek (unieke code)** (n=2.237)
Open onderzoek** (n=2.778)
17,2%
15,8%
12,4%
22,2%
22,2%
16,2%
8,0%
5,7%
4,3%
12,9%
13,5%
15,2%
7,8%
6,8%
6,3%
17,2%
19,5%
28,0%
14,7%
15,6%
11,4%
n.v.t.
0,0%
1,3%
* Bron: CBS ** Aantallen tellen niet altijd op tot 100%. Het resterende deel betreft ‘zeg ik liever niet’ *** De gebieden worden in het vervolg van het rapport afgekort naar het eerste genoemde gebied met ‘e.o.’.
Een reflectie van inwoners over deelname aan het onderzoek
Figuur 1.2. Heeft u al eens uw mening gegeven aan de gemeente over dit onderwerp?
• In totaal hebben 5.015 inwoners uit de gemeente Amersfoort meegedaan aan het onderzoek. • Deelnemers hebben gemiddeld een half uur over het onderzoek gedaan. Deelnemers aan het gesloten onderzoek hebben er gemiddeld 34 minuten over gedaan om het onderzoek in te vullen. Voor deelnemers aan de open versie was dit gemiddeld 31 minuten. • Inwoners bereikt die nog niet eerder over dit onderwerp hun mening hebben gegeven aan de gemeente. 89% van de deelnemers aan het gesloten onderzoek heeft niet eerder hun mening gegeven over dit onderwerp aan de gemeente. Bij de open versie is dit 78% van de van de deelnemers. • Deelnemers zijn gemiddeld genomen positief over het onderzoek. Deelnemers aan het gesloten onderzoek geven in 89% van de gevallen een voldoende en beoordelen het onderzoek gemiddeld met een rapportcijfer 7,1. Deelnemers aan het open onderzoek geven in 83% van de gevallen een voldoende en het onderzoek gemiddeld met een rapportcijfer 6,7. Zie hoofdstuk 7 voor verdere resultaten hoe deelnemers het onderzoek hebben ervaren.
14
100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%
89% 78%
6% Nee
10%
8%
Ja, via een enquête
3%
1%
Ja, via een fysieke of online bijeenkomst
Gesloten onderzoek
2%
Ja, ik ben actief betrokken bij een belangenorganisatie
Open onderzoek
2%
2%
Anders
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
• Wat is de houding van inwoners tegenover vluchtelingen?
2
15
Algemene houding tegenover vluchtelingen en gemeente
• En tegenover de gemeente?
• En tegenover het plan van de gemeente om vaste nieuwe plekken te zoeken voor de opvang van asielzoekers?
Introductie: Houding tegenover vluchtelingen, gemeente en het zoeken van nieuwe plekken voor de opvang van asielzoekers
Kader 2. Vragen over hoe jij naar opvang kijkt
• Hoofdvragen. 1. Hoe kijk je aan tegen vluchtelingen in de Nederlandse samenleving? 2. Hoeveel vertrouwen heb je in de gemeente als het gaat over vluchtelingen? 3. De gemeente Amersfoort gaat nieuwe vaste plekken zoeken om asielzoekers op te vangen. Wat vind je daarvan? • Vraagstelling. Twee sliders en één meerkeuzevraag. • Extra informatie. Onder een Help-knop die gedurende het hele onderzoek toegankelijk was, konden deelnemers aanvullende informatie lezen. Bijvoorbeeld welke groepen vluchtelingen er zijn en welke opvang er voor asielzoekers is in de gemeente. Opbouw van dit hoofdstuk: → Figuur 2.1 – Houding tegenover vluchtelingen – Gemiddeld → Figuur 2.2 – Reacties van deelnemers over hun houding tegenover vluchtelingen → Figuur 2.3 – Vertrouwen in de gemeente als het gaat over vluchtelingen – Gemiddeld → Figuur 2.4 – Reacties van deelnemers over hun vertrouwen in de gemeente als het gaat over vluchtelingen → Figuur 2.5 – Nieuwe vaste plekken voor de opvang van asielzoekers – Gemiddeld → Figuur 2.6 – Reacties van deelnemers over hun mening over het plan → Figuur 2.7 – Houding ten aanzien van vluchtelingen – Naar mening over plan → Figuur 2.8 – Vertrouwen in de gemeente als het gaat over vluchtelingen – Naar mening over plan
16
Het antwoord van deelnemers op deze vraag (‘De gemeente Amersfoort gaat nieuwe vaste plekken zoeken om asielzoekers op te vangen. Wat vind je daarvan?’) blijkt een belangrijke voorspeller van verschillen tussen inwoners. We laten in de rest van de rapportage daarom steeds antwoorden zien van vijf groepen naar hun mening over dit plan (van helemaal mee oneens tot helemaal mee eens). We tonen daarbij steeds de representatieve uitkomsten voor de gehele gemeente.
De houding van inwoners van de gemeente Amersfoort tegenover vluchtelingen verschilt
Figuur 2.1. Houding tegenover vluchtelingen – Gemiddeld “Hoe kijk je aan tegen vluchtelingen in de Nederlandse samenleving?” (0 = negatief, 100 = positief)
• Houding. We hebben deelnemers gevraagd hoe ze aankijken tegen vluchtelingen in de Nederlandse samenleving. Zij konden antwoorden tussen de 0 (negatief) en 100 (positief). Scores rond de 50 geven een min of meer neutrale houding weer. • Inwoners van gemeente Amersfoort denken ongeveer even vaak (licht) negatief, neutraal en (licht) positief over vluchtelingen als in het landelijke onderzoek. 37% van de inwoners van de gemeente Amersfoort heeft een (licht) negatieve houding tegenover vluchtelingen (o.b.v. gesloten onderzoek). In eerder landelijk onderzoek was dit 39% van de deelnemers. 42% van de inwoners heeft een (licht) positieve houding; in het landelijke onderzoek was dit 41%. Een bijna gelijke groep van 21-22% heeft een circa neutrale houding. • Deelnemers aan het open onderzoek hebben vaker een negatieve of positieve houding dan de gemiddelde inwoner. 25% van de deelnemers aan de open raadpleging heeft een negatieve houding en 19% een positieve houding, tegenover 20% en 16% op basis van het gesloten onderzoek. Op de volgende pagina → Analyse van de motivaties die deelnemers gaven.
Gesloten onderzoek
Open onderzoek
Landelijk**f
(0-19)
Cordaid 2023
Licht negatief (20-39)
Ca. neutraal (40-60)
22%
26%
16%
19%
21%
19%
21%
27%
14%
16%
19%
0%
Negatief
17%
25%
Inclusief
*Bron: Cordaid 2023
17
20%
Representatief
20%
20%
40%
60%
Licht positief (61-80)
** Percentages tellen niet altijd op tot 100% door afronding
Positief (81-100)
80%
100%
Inwoners geven diverse redenen voor hun houding tegenover vluchtelingen • Bij de groep inwoners die (licht) negatief staat tegenover vluchtelingen in de Nederlandse samenleving, zien we drie perspectieven voorbij komen. Het eerste perspectief betreft inwoners die negatief zijn zonder een inhoudelijke reden te geven. Zij willen simpelweg geen vluchtelingen in de samenleving. Het tweede perspectief zijn inwoners die negatief zijn en hiervoor wel een inhoudelijke reden geven. Deze gaan voornamelijk over; veiligheid, de woningnood en (het krijgen van toegang tot) sociale voorzieningen. Het derde perspectief is van inwoners die negatief zijn, tenzij het gaat om (tijdelijke) opvang voor inwoners die moesten vluchten voor een oorlog. En op voorwaarde dat ze integreren. Over andere groepen, zoals ‘gelukzoekers’, zijn zij negatief. Dit is de nee, tenzij groep.
• Bij de groep inwoners die (licht) positief staat tegenover vluchtelingen in de Nederlandse samenleving, zien we twee perspectieven voorbij komen. Het eerste perspectief betreft inwoners die positief zijn en dit toelichten. Redenen die vaak voorbij komen, zijn; het is een plicht om inwoners een veilige plek te bieden, een recht en een verrijking voor de samenleving. Het tweede perspectief betreft een groep die voorwaarden stelt aan dat vluchtelingen mogen komen, mits ze integreren (ja, mits). Ook zien we in deze groep een aantal inwoners dat aangeeft positief te zijn, maar kritiek uit op het huidige proces, beleid en de regels. Deze inwoners vinden de asielprocedure vaak te moeilijk of te lang duren voor vluchtelingen. • Inwoners die qua houding tussen positief en negatief zitten, gebruiken argumenten van de groep waar zij dichtbij zitten qua houding. Zo gebruiken inwoners met een licht negatieve houding vaker argumenten uit de negatieve groep en inwoners met een licht positieve houding gebruiken vaak dezelfde twee perspectieven als bij de positieve groep. Inwoners met een circa neutrale houding gebruiken argumenten van inwoners uit beide lichte groepen. Zij halen voornamelijk het onderscheid tussen het soort vluchteling aan. 18
Figuur 2.2. Voorbeelden van reacties van deelnemers over hun houding tegenover vluchtelingen
“[…] Nederlands is al eeuwen lang een land waar wij ruimte creëren voor dit soort inwoners en daar moeten wij mee doorgaan. Ik ben in Nederland geboren in een veilig en tolerant land en ik vind dat we dit ook verplicht zijn aan inwoners die dit geluk niet hebben gehad.”
“Het is van de zotte, dat de plek waar je wieg stond bepaalt waar je mag wonen.”
Negatief
“Oorlog vluchtelingen snap ik die gaan in principe ook weer terug, maar gelukzoekers weren!”
“Het overgrote deel is geen vluchteling en maken misbruik van de voorzieningen.”
“Geen meerwaarde voor Nederland.”
“ECHTE vluchtelingen prima. Maar de helft van de inwoners die naar ons land komen zijn geen vluchtelingen.”
“indien snel geïntegreerd en geaccepteerd, kunnen vluchtelingen een mooie toevoeging zij n aan onze samenleving, door een nieuwe impuls te geven en ook de diversiteit te vergroten.”
Licht negatief
Circa neutraal
“Het zijn inwoners die hulp en veiligheid zoeken, maar helaas kunnen we gelukzoekers en criminelen moeilijk onderscheiden van inwoners die echt hulp verdienen.”
“wel is de overheid aan de vluchtelingen verplicht om de juiste beslissingen te nemen en inwoners niet jarenlang laten wachten.”
Licht positief
Positief
Figuur 2.3. Vertrouwen in de gemeente als het gaat over vluchtelingen – Gemiddeld “Hoeveel vertrouwen heb je in de gemeente als het gaat over vluchtelingen?” (0 = heel weinig, 100 = heel veel)
Gesloten onderzoek
31%
Representatief
19%
22%
Inwoners hebben vaker weinig dan veel vertrouwen in de gemeente als het gaat over vluchtelingen • We hebben deelnemers gevraagd naar hun vertrouwen in de gemeente als het gaat over vluchtelingen. Zij konden antwoorden op een schaal van 0 (weinig) tot 100 (veel). Scores rond de 50 geven een min of meer neutrale houding weer.
20%
8%
• In het gesloten representatieve onderzoek geeft 31% van de inwoners aan weinig vertrouwen te hebben in de gemeente als het gaat over vluchtelingen. Dit percentage is hoger in het open onderzoek; daar geeft 41% van de inwoners aan weinig vertrouwen te hebben. Op de volgende pagina → Analyse van de motivaties die deelnemers gaven.
Open onderzoek
41%
Inclusief
0%
Heel weinig (0-19)
Weinig (20-39)
Ca. neutraal (40-60)
16%
20%
40%
Veel
(61-80)
60%
9%
80%
100%
Heel veel (81-100)
* Percentages tellen niet altijd op tot 100%, resterend betreft 'zeg ik liever niet / Weet ik niet’
19
19%
15%
Figuur 2.4. Voorbeelden van reacties van deelnemers over hun vertrouwen in de gemeente als het gaat over vluchtelingen "De gemeente wil graag vluchtelingen opvangcentrums doorzetten terwijl er grote weerstand is."
"Luisteren niet ook nóóit gedaan kijk maar parkeerbeleid"
"Gebaseerd op het incident in Schothorst weinig, slechte communicatie, niet eerst draagvlak gecreëerd. (Maar ik snap dat het een leerproces is)"
"Ik vertrouw erop dat het democratisch gekozen gemeentebestuur de juiste beslissingen maakt, die de wensen van de burgers evenredig vertolken."
"Ik heb geen reden om geen vertrouwen te hebben."
Heel weinig vertrouwen 20
"De gemeente is van aanpak verandert na protest bewoners. Heeft gereflecteerd en verbeterd. Dit vraagt professionaliteit en mijn complimenten aan de inwoners bij de gemeente die zich hiervoor inzetten."
Weinig vertrouwen
Circa neutraal
"de gemeente doet wat men zelf wilt en luistert niet naar de nederlanders"
"Ik heb eerlijk gezegd geen idee. Ik heb geen negatieve ervaringen, dus dat is alvast een goed begin"
"Ik ben blij dat amersfoort open staat voor vluchtelingen."
Veel vertrouwen
Heel veel vertrouwen
Inwoners geven diverse redenen voor hun vertrouwen in de gemeente als het gaat over vluchtelingen • Inwoners die (heel) weinig vertrouwen hebben in de gemeente schrijven in grote mate dat ze vinden dat de gemeente niet naar inwoners luistert en ‘haar zin doordrukt’. Een deel verwijst hiervoor ook naar het parkeerreferendum, waarbij volgens hen niet naar de inwoners is geluisterd. Daarnaast motiveren deelnemers ook dat ze minder vertrouwen hebben gekregen in de gemeente door hoe er eerder over asielbeleid is gecommuniceerd en geparticipeerd. Sommige deelnemers schrijven dat ze de gemeente niet capabel genoeg voor grote vraagstukken achten. Tot slot stellen sommige deelnemers dat ze de gemeente te links of ideologisch gedreven vinden. • Inwoners die (heel) veel vertrouwen hebben in de gemeente motiveren in grote mate dat ze het idee hebben dat de gemeente goed handelt en capabel is. Een deel heeft daar geen duidelijke onderbouwing voor, maar vertrekt vanuit een punt van vertrouwen. Andere deelnemers schrijven het goed te vinden dat de gemeente asielzoekers opvangt. Sommige deelnemers stellen dat ze vinden dat eerder of ander asielbeleid van de gemeente goed ging of gaat. Ten slotte menen sommige deelnemers dat de gemeente het op het huidige asieldossier goed handelt. • Inwoners met een circa neutrale houding geven relatief vaak aan dat ze het niet goed weten.
Daarnaast gebruiken ze veelal argumenten die inwoners met minder of meer vertrouwen gebruiken.
Inwoners denken verschillend over dat de gemeente nieuwe vaste plekken gaat zoeken om asielzoekers op te vangen • We vroegen deelnemers wat ze ervan vinden dat de gemeente nieuwe vaste plekken gaat zoeken om asielzoekers op te vangen. Zij konden antwoorden het hier (helemaal) mee eens, neutraal, of (helemaal) mee oneens te zijn. • 49% van de inwoners is het (helemaal) eens met het plan dat de gemeente nieuwe vaste plekken gaat zoeken voor asielzoekers (o.b.v. het gesloten onderzoek). 36% is het daar (helemaal) niet mee eens.
• Deelnemers aan het open onderzoek zijn het vaker (helemaal) oneens. Ook is er bij het open onderzoek een grotere groep die aangeeft het helemaal eens te zijn. Deelnemers aan deze versie lijken een meer uitgesproken mening te hebben. Op de volgende pagina’s → Analyse van de motivaties die deelnemers gaven. → Uitkomsten van de vraag naar houding en vertrouwen uitgesplitst naar mening over het plan van de gemeente om nieuwe vaste plekken te zoeken voor de opvang van asielzoekers.
Figuur 2.5. Nieuwe vaste plekken voor de opvang van asielzoekers – Gemiddeld “De gemeente Amersfoort gaat nieuwe vaste plekken zoeken om asielzoekers op te vangen. Wat vind je daarvan?”
Gesloten onderzoek
23%
Representatief
Open onderzoek
31%
Inclusief
0%
Helemaal mee oneens
Mee oneens
13%
Neutraal
20%
14%
26%
23%
10% 11%
19%
28%
40%
60%
Mee eens
Helemaal mee eens
* Percentages tellen niet altijd op tot 100%, resterend betreft 'zeg ik liever niet / Weet ik niet’
21
80%
100%
Inwoners geven diverse redenen voor hun mening over het plan van de gemeente om nieuwe vaste plekken te zoeken voor de opvang van asielzoekers • Deelnemers die het (helemaal) oneens zijn met het plan schrijven met name dat ze vinden dat er nu al genoeg of te veel asielzoekers worden opgevangen in Amersfoort. Deelnemers schrijven daarnaast dat ze denken dat extra opvang van asielzoekers gaat leiden tot veiligheidsproblemen en overlast. Ten slotte schrijven sommige deelnemers dat ze vinden dat Nederland überhaupt geen asielzoekers moet opvangen. • Deelnemers die het (helemaal) eens zijn met het plan schrijven in grote mate dat ze vinden dat Amersfoort zich aan de spreidingswet moet houden. Daarnaast schrijft een deel dat ze vinden dat Amersfoort asielzoekers moet opvangen uit moreel opzicht; sommigen schrijven dat ze vinden dat Amersfoort dit ook goed aankan. Sommige deelnemers schrijven dat ze het met name goed vinden dat er naar vaste plekken wordt gezocht; dat is, volgens hen, het beste voor asielzoekers en inwoners. Ten slotte schrijven sommige deelnemers al enkele criteria op: zoals dat ze het liefst ook spreiding binnen de gemeente zouden zien, al dan niet naar draagkracht, of dat ze liever meerdere kleinschalige locaties hebben dan een grote locatie.
Figuur 2.6. Voorbeelden van reacties van deelnemers over hun mening over het plan "Amersfoort heeft al jaren een AZC, heeft al jaren inwoners een vaste opvangplek/woning gegeven. Het is nu echt genoeg het is te vol."
"Dit gaat weer leiden tot nog meer overlast, dreiging en criminaliteit."
"Genoeg is genoeg. Help eerst de nodige in Amersfoort"
"vanuit gedachte/verantwoordelijkheid vanuit spreidingswet vind ik dat prima, ook Amersfoort kan/moet een bijdrage landelijk leveren"
"Amersfoort is te klein en grote woning nood om asielzoekers op te vangen"
"Alleen indien we daarmee voldoen aan het voor ons verplichte aantal"
• Deelnemers die neutraal tegenover het doel staan schrijven met name dat ze vragen of voorwaarden bij het plan hebben. "Het is niet alleen onze juridische plicht, maar ook onze morele plichte"
Helemaal mee oneens 22
"Ik vind dat wij ons aan de spreidingswet moeten houden."
Mee oneens
Neutraal
"Spreidingswet moet toegepast worden. Als alle gemeenten meedoen denk ik dat kleine groepen integratie makkelijk is."
Mee eens
Helemaal mee eens
De mening over dat de gemeente nieuwe vaste plekken gaat zoeken verschilt sterk naar mening over het plan.
Gesloten
Representatief
Figuur 2.7. Houding ten aanzien van vluchtelingen – Naar mening over plan “Hoe kijk je aan tegen vluchtelingen in de Nederlandse samenleving?” (0 = negatief, 100 = positief)
• Figuur 2.7 laat de houding zien tegenover vluchtelingen, uitgesplitst naar de mate waarin inwoners het eens zijn met dat de gemeente gaat zoeken naar nieuwe vaste plekken voor de opvang van asielzoekers. • Bijna twee derde van de inwoners die het helemaal oneens is met het plan (66%) heeft een negatieve houding tegenover vluchtelingen. En 27% een licht negatieve houding. Dit is 21% en 41% in de groep inwoners die aangeeft het oneens te zijn, en 12% en 21% van de groep die neutraal staat tegenover het plan. • Van de inwoners die het helemaal eens zijn met het plan heeft 50% een positieve houding en 41% een licht positieve houding tegenover vluchtelingen. Bij inwoners die het eens zijn is dat 14% en 50%, en bij de groep die neutraal is over het plan is dat 4% en 13%. • We kunnen niet zeggen of de mening over het plan van de gemeente invloed heeft op de houding tegenover vluchtelingen, of misschien andersom. We weten alleen dat deze twee houdingen met elkaar correleren.
Helemaal mee eens
7%
Mee eens
6%
29%
Neutraal
12%
21%
41%
50%
41%
Helemaal mee oneens
66%
0%
Negatief (0-19)
20%
20-39
14%
50%
21%
Mee oneens
50%
40%
40-60
60%
61-80
13%
4%
29%
8%
27%
6%
80%
100%
Positief (81-100)
* Percentages tellen niet altijd op tot 100%, resterend betreft 'zeg ik liever niet / Weet ik niet’ Uitwerking voor de open versie
23
Uitwerking voor de open versie
Gesloten
Representatief
Figuur 2.8. Vertrouwen in de gemeente als het gaat over vluchtelingen – Naar mening over plan “Hoeveel vertrouwen heb je in de gemeente als het gaat over vluchtelingen?” (0 = heel weinig, 100 = heel veel)
Helemaal mee eens
4% 6%
Mee eens
7%
23%
46%
17%
36%
29%
Neutraal
41%
Mee oneens
Heel weinig (0-19)
20%
20-39
6%
• Inwoners die het eens zijn met het plan, geven vaker dan andere groepen aan veel vertrouwen te hebben in de gemeente (21%). Ook binnen deze groep zijn er inwoners met weinig vertrouwen in de gemeente (4%). • We kunnen niet zeggen of de mate van vertrouwen in de gemeente van invloed is op de mening over het plan, of misschien andersom. We weten alleen dat deze twee kenmerken met elkaar samenhangen.
17%
12%
40%
40-60
7%
31%
83%
0%
• Inwoners die het oneens zijn met het plan van de gemeente geven vaak aan weinig vertrouwen te hebben in de gemeente (83%).
21%
39%
Helemaal mee oneens
• Figuur 2.8 toont hoeveel vertrouwen inwoners hebben in de gemeente als het gaat over vluchtelingen, uitgesplitst naar mening over het plan.
33%
31%
Vertrouwen in de gemeente verschilt sterk naar mening over het plan
60%
61-80
80%
100%
Heel veel (81-100)
* Percentages tellen niet altijd op tot 100%, resterend betreft 'zeg ik liever niet / Weet ik niet’ Uitwerking voor de open versie
24
Uitwerking voor de open versie
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
Type opvang
• Welk type opvang heeft de voorkeur van inwoners? • En waarom?
25
Introductie: voorkeuren voor type opvanglocatie • Hoofdvraag. Hoe kan de opvang van asielzoekers in Amersfoort eruitzien? Hebben inwoners een voorkeur voor grotere of kleinere opvanglocaties? • Vraagstelling. Drie vragen over de grootte van opvanglocaties. 1. Hoe zou jij plek maken voor de opvang van 541 asielzoekers? 2. Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een kleinere opvanglocatie (met maximaal 300 bewoners)? 3. Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een grotere opvanglocatie (met minimaal 300 bewoners)? • Extra informatie. In dit deel van het onderzoek konden deelnemers twee uitklappers lezen met extra informatie. De eerste ging over hoe de gemeente aan dit precieze aantal van 541 plekken komt. Daar wordt uitgelegd hoeveel plekken er momenteel zijn, en of deze tijdelijk of vast zijn. In de tweede uitklapper konden deelnemers meer lezen over de verschillen tussen kleinere en grotere opvanglocaties met betrekking tot beveiliging & veiligheid, begeleiding, zorg en onderwijs. Hierachter zaten meerdere links naar websites van het COA voor nog verdere informatie.
Opbouw van dit hoofdstuk: → Figuur 3.1 – Voorkeuren over mogelijke opvanglocatie(s) – Gemiddeld → Figuur 3.2 – Voorkeuren voor aantal bewoners in een opvanglocatie – Naar voorkeur voor type locatie(s) → Figuur 3.3 - Voorkeuren over mogelijke opvanglocatie(s) – Naar mening over dat de gemeente op zoek gaat naar nieuwe vaste plekken voor de opvang van asielzoekers → Figuur 3.4 – Argumenten bij voorkeuren voor type opvanglocatie(s) – Naar mening over plan
26
Kader 3. Meedenken over de opvang van asielzoekers in Amersfoort
Meeste inwoners hebben een voorkeur voor kleinere opvanglocaties, eventueel gecombineerd met één grotere
Alleen kleinere
Grotere én kleinere
Zeg ik liever niet / Weet ik niet
“Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een kleinere opvanglocatie (met maximaal 300 bewoners)?”
0% 50%
“Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een grotere opvanglocatie (met minimaal 300 bewoners)?”
25 50 75 100 150 200 250 300 *
0%
50%
* Geeft aan welk aandeel koos voor ‘Zeg ik liever niet/ weet ik niet’. Omdat een substantieel aantal deelnemers dit antwoord koos, laten we dit expliciet zien.
27
*
541
500
450
400
350
300
*
541
0% 500
Inwoners die een voorkeur hebben voor een grotere en meerdere kleine locaties, adviseren vaak een zo klein mogelijk aantal van 300 bewoners (47%).
Eén grotere
450
•
Inwoners die een voorkeur hebben voor kleinere locaties, zien daar het liefst 25-50 bewoners in (51%). 20% geeft aan 100 bewoners een goed aantal te vinden. Inwoners die zowel een grotere als kleinere locaties adviseren, adviseren juist het vaakst 100-150 bewoners (39%).
Open
Inclusief
50%
400
•
Alleen één grotere opvanglocatie is een voorkeur van vooral inwoners die het helemaal oneens zijn met het plan. Inwoners die neutraal zijn, kiezen het vaakst voor alleen kleinere locaties. Inwoners die het helemaal eens zijn met het plan, hebben een sterke voorkeur voor zowel één grotere als kleinere opvanglocaties.
“Hoe zou jij plek maken voor de opvang van 541 asielzoekers?”
350
•
Het merendeel van de inwoners adviseert alleen kleinere opvanglocaties of zowel één grotere als kleinere locaties (37% en 36%, zie figuur). Een kleinere groep (16%) heeft de voorkeur voor alleen één grotere opvanglocatie.
Gesloten
Representatief
25 50 75 100 150 200 250 300 *
•
We vroegen deelnemers hoe zij de benodigde plekken zouden realiseren. En hoeveel asielzoekers er volgens hen op grotere en kleinere locaties horen. De resultaten staan in de figuur hiernaast en op de volgende 3 pagina’s.
300
•
Figuur 3.1. Voorkeuren over mogelijke opvanglocatie(s) – Gemiddeld
Figuur 3.2. Voorkeuren voor aantal bewoners in een opvanglocatie – Naar voorkeur voor type locatie(s) Gesloten
Representatief
Eén grotere
Alleen kleinere
Grotere én kleinere
Weet ik niet / zeg ik niet
(16%)
(37%)
(36%)
(11%)
75% 50%
“Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een 25% kleinere opvanglocatie (met maximaal 300 bewoners)?”
25 50 75 100 150 200 250 300 *
25 50 75 100 150 200 250 300 * 300
25 50 75 100 150 200 250 300 * 300
300
25 50 75 100 150 200 250 300 * 300
0%
75% 50%
*
541
500
450
400
350
*
541
500
450
400
350
*
541
500
450
400
*
541
500
450
400
350
0%
350
“Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een grotere opvanglocatie (met minimaal 300 bewoners)?” 25%
* Geeft aan welk aandeel koos voor ‘Zeg ik liever niet/ weet ik niet’. Omdat een substantieel aantal deelnemers dit antwoord koos, laten we dit expliciet zien. Uitwerking voor de open versie
28
Uitwerking voor de open versie
Figuur 3.3. Voorkeuren over mogelijke opvanglocatie(s) – Naar mening over het plan Gesloten
Representatief
“Hoe zou jij plek maken voor de opvang van 541 asielzoekers?” Eén grotere
Alleen kleinere
Grotere én kleinere
Zeg ik liever niet / Weet ik niet
“Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een kleinere opvanglocatie (met maximaal 300 bewoners)?”
Helemaal mee oneens
Mee oneens
Neutraal
Mee eens
Helemaal mee eens
(23%)
(13%)
(14%)
(26%)
(23%)
50%
0% 50%
25 50 75 100 150 200 250 300 *
25 50 75 100 150 200 250 300 *
25 50 75 100 150 200 250 300 * 300
25 50 75 100 150 200 250 300 *
25 50 75 100 150 200 250 300 *
* Geeft aan welk aandeel koos voor ‘Zeg ik liever niet/ weet ik niet’. Omdat een substantieel aantal deelnemers dit antwoord koos, laten we dit expliciet zien. Uitwerking voor de open versie
29
Uitwerking voor de open versie
*
541
500
450
400
350
300
*
541
500
450
400
350
300
*
541
500
450
400
*
541
500
450
400
350
*
541
500
450
400
350
0%
350
50%
300
“Hoeveel asielzoekers horen er volgens jou op een grotere opvanglocatie (met minimaal 300 bewoners)?”
300
0%
Figuur 3.4. Argumenten bij voorkeuren voor type opvanglocatie(s) – Naar mening over plan
Figuur 3.4. Argumenten bij voorkeuren voor type opvanglocatie(s) – Naar mening over plan Open
Gesloten
“Wil je een toelichting geven bij je antwoorden?”
• •
•
•
Helemaal mee oneens
Mee oneens
Neutraal
Mee eens
Helemaal mee eens)
(23%)
(13%)
(14%)
(26%)
(23%)
47% gaf een toelichting. Een derde geeft geen antwoord op de vraag. In hun motivatie geven zij veelal aan simpelweg geen (nieuwe) opvang voor asielzoekers te willen. Bijna een derde kiest voor alleen kleinere opvanglocaties. Zij noemen kleinschaligheid als voorwaarde voor goede integratie en weinig overlast. Een even grote groep kiest juist voor één grotere locatie. Dat is volgens hen veiliger en goedkoper. "Liever gewoon niet"
"Spreiding legt minder druk op de omgeving" "Een grotere opvanglocatie aan de rand van de stad met basisvoorzieningen […] is wat mij betreft het maximale."
30
Inclusief
Representatief
• •
•
•
38% gaf een toelichting. 40% kiest voor alleen kleinere opvanglocaties. Deze deelnemers noemen acceptatie voor de buurt en weinig overlast als redenen. Een kwart kiest voor zowel grotere als kleinere locaties. Daarbij geven deelnemers aan dat grote locaties niet in een wijk horen, en dat de verdeling aangepast moet worden op het type bewoner. Ook een kwart geeft aan alleen 1 grotere locatie te willen. De argumenten sluiten aan bij de groep die het helemaal oneens is. "De kleinere netjes verdeeld over de wijken en een eventuele grotere op het industrieterrein en NIET in een woonwijk." "Het lijkt mij belangrijk dat er geen concentraties van jonge mannen ontstaan. Dit geeft groepsvorming in de stad en leidt mogelijk tot excessen. […]”
• •
•
47% gaf een toelichting. Deze groep maakt dezelfde keuzes als de groep die het oneens is met het plan, met vergelijkbare argumenten. Deze groep inwoners geeft vaker dan de groepen die het (helemaal) oneens zijn een argument vanuit het perspectief van een asielzoeker. "Hoewel kleine locaties meer geld kosten, roepen deze minder weerstand bij buurtbewoners op. Dit maakt het voor vluchtelingen zelf ook prettiger om in een wijk te verblijven, en neemt zorgen bij buurtbewoners weg." “1 grote locatie, met voldoende eigen voorzieningen. En deze dan niet midden of nabij een woonwijk. Voorkeur voor locatie in buitengebied = minder last in de wijken mits genoeg te doen op deze locaties en mogelijk werk voor deze inwoners […]”
• •
•
•
49% gaf een toelichting. Deze groep heeft een sterke voorkeur voor kleinere locaties, eventueel met een grotere. Redenen om te kiezen voor zowel een grotere als kleinere locaties zijn dat het efficiënt is en dat zo rekening gehouden kan worden met de omgeving. Reden om voor kleinere locaties te kiezen zijn hogere acceptatie en betere kans op integratie en contact. "Ik denk dat draagvlak en integratie belangrijk zijn, dit bereik je meer met kleinere locaties. Ik besef me dat dit hogere kosten met zich mee zal brengen […]” "Een grotere is prima voor efficiency mits niet in een woonwijk. Als het in de directe woonomgeving van inwoners is, dan zou ik kiezen voor meerdere kleinere locaties. Minder kans op overlast en meer kans op contact met de buurt […]”
• •
•
49% gaf een toelichting. Deze groep maakt dezelfde keuzes als de groep die het eens is met het plan. De argumenten die gegeven worden zijn vergelijkbaar met die van de groep die het eens is met het doel.
"Met een mix zijn de lusten en lasten beter te spreiden"
"Kleine locaties indien mogelijk in elke wijk van Amersfoort (verspreid) en 1 grote locatie voor een specifieke groep die meer ondersteuning nodig heeft"
"Ik denk dat er meer draagvlak is voor kleinere opvanglocaties. Het is namelijk minder anoniem, voelt veiliger, het is makkelijker contact te maken."
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
Criteria bij realiseren van opvanglocaties
31
• Welke criteria vinden inwoners belangrijk bij het kiezen van plekken voor de opvang van asielzoekers? • En waarom?
Introductie: criteria bij realiseren van opvanglocaties •
Hoofdvraag. Wat vind jij belangrijk als de gemeente een plek kiest voor een opvanglocatie in Amersfoort?
•
Vraagstelling. Deelnemers verdeelden 35 punten over zeven dingen waar de gemeente meer of minder prioriteit aan kan geven. Elke deelnemer kreeg de volgende dingen in willekeurige volgorde te zien (kader 4, van links naar rechts, boven naar beneden): • Dat de plek dichtbij bestaande woningen ligt • Dat er weinig problemen zijn in de buurt, zoals werkloosheid en dakloosheid • Dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden als opvanglocatie • Dat de plek dichtbij woningen ligt die nog gebouwd gaan worden • Dat de verenigingen, scholen en zorg in de buurt genoeg ruimte hebben • Dat de plek ver weg van woningen ligt • Dat de plek goed te bereiken is
•
Extra informatie. Onder de roze informatieknoppen konden deelnemers aanvullende informatie lezen over ieder ding.
•
Onderdeel overslaan. Deelnemers hoefden niet alle 35 de punten te verdelen. Ze konden ervoor kiezen op deze stap over te slaan. In dat geval, konden ze in een volgend scherm konden hun reden toelichten.
Op de volgende pagina’s → Figuur 4.1 – Prioritering doelen – Gemiddeld → Figuur 4.2 – Prioritering doelen – Naar mening over plan → Figuur 4.3 – Prioritering doelen – Naar voorkeur voor type opvang → Figuur 4.4 – Prioritering doelen – Naar gebied → Uitwerking van motivaties van deelnemers voor de zeven criteria
32
Kader 4. De PWE-keuzekaart over criteria bij realiseren van opvanglocaties
Kader 5. Voorbeeld uitkomsten met uitleg
Betrouwbaarheidsinterval (roze hekjes) • Elke steekproef heeft een bepaalde mate van onzekerheid. Hoe kleiner die onzekerheid, hoe betrouwbaarder de conclusies zijn. De roze hekjes bij de scores geven deze onzekerheid aan: het 95%-betrouwbaarheidsinterval. Dat wil zeggen: als we 100 keer dit onderzoek doen, zal er 95 keer een score uitkomen die binnen dit interval ligt. We concluderen daarom dat als alle inwoners van 16+ uit de gemeente zouden meedoen, de kans zeer groot is dat de score binnen het gegeven interval ligt. Voor de optie ‘dat de plek ver van woningen ligt’, is dat een score tussen de 7,0 en 8,2. •
Als het interval van een optie niet overlapt met de score van een andere optie, dan is het verschil tussen deze opties significant. Bijvoorbeeld: het interval bij de optie ‘dat de plek ver weg van woningen ligt’ overlapt niet met de score van ‘dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden als opvanglocatie’. We kunnen daarom met een hoge mate van betrouwbaarheid stellen dat inwoners van Amersfoort dit gemiddeld de meest belangrijke optie vinden. En, de hekjes van de onderste optie overlappen niet met de scores van de opties erboven. We kunnen daarom met een hoge mate van betrouwbaarheid stellen dat inwoners van Amersfoort dit gemiddeld de minst belangrijke optie vinden.
Legenda: hoge en lage prioriteit • Als deelnemers aan alle opties evenveel punten toekennen (alles evenveel prioriteit geven), dan zou elke optie vijf punten krijgen (35 gedeeld door 7).
33
•
Als een optie meer dan vijf punten krijgt, dan krijgt die optie prioriteit van (een groep) deelnemers. Als een optie meer dan 7,5 punten krijgt, dan heeft het hoge prioriteit. Minder dan 2,5 punten is lage prioriteit.
•
Meer dan 10 punten wijst op een principekwestie of een hoge urgentie.
Inwoners geven gemiddeld prioriteit aan vier criteria, waarvan drie breed gedeeld zijn. •
•
•
•
•
34
Figuur 4.1. Prioritering doelen – Gemiddeld
De figuur hiernaast laat de gemiddelde prioritering van de criteria zien voor zowel de gesloten als de open versie van het onderzoek. De figuren op de volgende pagina’s laten de prioritering zien van verschillende groepen inwoners. Dat de plek ver van woningen ligt, krijgt gemiddeld de hoogste prioriteit van inwoners. We zien hier een sterk verschil tussen inwoners die het helemaal eens zijn met het plan en inwoners die het helemaal oneens zijn (zie Figuur 4.2 op de volgende pagina). Voor ongeveer de helft van de inwoners is dit verreweg de belangrijkste prioriteit, maar voor de andere helft juist niet.
Figuur 4.2 laat ook zien dat hoe sterker inwoners het eens zijn met het plan, hoe sterker de voorkeur is dat een opvanglocatie dichtbij woningen is. Maar die voorkeur is minder sterk. Voor inwoners die het (helemaal) eens zijn is het juist belangrijk dat de plek goed te bereiken is. Drie criteria krijgen van elk van deze groepen hoge prioriteit: 1) dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden, 2) dat voorzieningen in de buurt genoeg ruimte hebben en 3) dat er weinig problemen zijn in de buurt. Er is dus brede consensus dat deze drie criteria belangrijk zijn bij het kiezen van een plek voor een opvanglocatie. Deelnemers aan de open versie van het onderzoek prioriteren de doelen hetzelfde als deelnemers aan de gesloten versie.
Open
Gesloten
Representatief
Inclusief
Dat de plek ver weg van woningen ligt
7,6
9,5
Dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden als opvanglocatie
6,6
6,0
Dat de verenigingen, scholen en zorg in de buurt genoeg ruimte hebben
6,1
5,9
Dat er weinig problemen zijn in de buurt, zoals werkloosheid en dakloosheid
5,9
5,0
Dat de plek goed te bereiken is
Dat de plek dichtbij bestaande woningen ligt
Dat de plek dichtbij woningen ligt die nog gebouwd gaan worden
0 tot 2,5 punten
2,5 tot 5 punten
5 tot 7,5 punten
4,9
4,8
2,3
2,3
1,6
1,5
7,5 tot 10 punten
Meer dan 10 punten
Figuur 4.2. Prioritering doelen – Naar mening over plan Gesloten
Representatief
Gemiddeld
Helemaal oneens
Oneens
Neutraal
Eens
Helemaal eens
(23%)
(13%)
(14%)
(26%)
(23%)
Dat de plek ver weg van woningen ligt
17,8
12,0
8,6
4,4
1,3
Dat er al een gebouw staat dat gebruikt kan worden als opvanglocatie
5,3
6,7
8,1
7,1
6,1
6,6
Dat de verenigingen, scholen en zorg in de buurt genoeg ruimte hebben
3,9
5,8
5,9
6,9
7,0
6,1
Dat er weinig problemen zijn in de buurt, zoals werkloosheid en dakloosheid
4,8
5,5
5,3
6,4
6,6
5,9
Dat de plek goed te bereiken is
1,5
2,7
4,0
6,0
7,6
Dat de plek dichtbij bestaande woningen ligt
0,6
0,7
1,6
2,5
4,5
2,3
Dat de plek dichtbij woningen ligt die nog gebouwd gaan worden
1,0
1,6
1,6
1,7
1,9
1,6
0 tot 2,5 punten
2,5 tot 5 punten
5 tot 7,5 punten
7,5 tot 10 punten
7,6
4,9
Meer dan 10 punten Uitwerking voor de open versie
35
Uitwerking voor de open versie
Figuur 4.3. Prioritering doelen – Naar voorkeur voor type opvang Gesloten
Representatief
Eén grotere
Alleen kleinere
Kleinere en een grotere
Zeg ik niet/ Weet ik niet
(16%)
(37%)
(36%)
(11%)
Dat de plek ver weg van woningen ligt