Omgevingsprogramma Erfgoed gemeente Amersfoort 2026-2040
Tekst van het document
Korte termijn (0-3 jaar)
Middellange termijn (3-5 jaar)
Lange termijn (na 2031)
Ontmoetingsplekken incl. Aanpak Religieus Erfgoed
3
2
2
Groen Erfgoed
3
3
3
Verduurzaming en energietransitie
3
3
3
Aanwijzing nieuw erfgoed
2
2
1
Erfgoedbeleving
2
2
2
Kwaliteit stadsgezichten
2
2
2
Kennisdeling
2
2
2
Borging archeologische waarden
0
1
1
Bouwhistorie
1
1
1
Erfgoed van de toekomst
1
1
1
Erfgoedagenda
1
1
1
De thema’s Ontmoetingsplekken, Aanpak Religieus Erfgoed, Groen Erfgoed en Verduurzaming & energietransitie vragen de komende periode de meeste inzet in de flexibele schil. Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
61
8.1 Planning tot 2031 De onderwerpen in het schema sluiten aan bij de twee thema’s van dit Omgevingsprogramma: Erfgoed voor de toekomst (ET) en Erfgoed verbindt (EV). De uitvoering is projectmatig met een interdisciplinaire aanpak. Legenda bij tabel: ET = Thema Erfgoed voor de toekomst EV = Thema Erfgoed verbindt H = verwijst naar desbetreffende Hoofdstuk in dit document Onderwerp
Thema en hoofdstuk in Omgevingsprogramma
Planning
Wettelijke basis op orde
ET, H.5.5 en 5.7
Doorlopend
Erfgoedwaarden in omgevingsplan, o.a.: thematische wijziging, borging erfgoedbiotoop
ET, H.5.2
Doorlopend
Erfgoedwaarden betrekken bij ruimtelijke ontwikkelingen en stimuleren hoogwaardige nieuwbouw
ET, H.5.2, 3 en 7
Verdiepen en verfijnen van de cultuurhistorische waardenkaart, ook samen met de stad
ET, H.5.2 en 3, EV, H.6.5
Zichtbaar maken van erfgoedstructuren
ET, H.5.2 & H.7
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
Doorlopend, sluit aan op lopende projecten Afronding basisthema’s 2026-2027 Daarna periodiek actualiseren met de stad Doorlopend, sluit aan op lopende projecten
Onderwerp
Thema en hoofdstuk in Omgevingsprogramma
Planning
Extra aandacht voor kwaliteit en inrichting van de openbare ruimte in de beschermde stadsgezichten
ET, H.5.2
Doorlopend, sluit aan op lopende projecten
Cultuurhistorische waardenkaart toegankelijk maken via de gemeentelijke website
ET, H.5.3
In samenwerking met afdeling IV. Planning: 2027
Groen Erfgoed aanvullen op de cultuurhistorische waardenkaart
ET, H.5.4
Aanvullend onderzoek 2026-2027
Aanpak Groen Erfgoed
ET, H.5.4
Aanvullend onderzoek 2026-2030, daarna borging
Overleg met partners Groen Erfgoed
ET, H.5.4
Doorlopend, periodiek overleg
Onderzoeksagenda Archeologie
ET, H.5.5
Doorlopend, vanaf 2026
Innovatie Archeologische onderzoeksmethodes
ET, H.5.5
Doorlopend
Onderzoek verhuizing depot Archeologie
ET, H.5.5
2026-2030
Onderzoek samenwerking meldpunt toevalsvondsten Archeologie
ET, H.5.5
2027 e.v.
Aanpak nieuw erfgoed archeologische monumenten
ET, H.5.5
2026 e.v.
Ontwikkelen aanpak controleren archeologische vindplaatsen
ET, H.5.5
2029 e.v., daarna doorlopend
62
Onderwerp
Thema en hoofdstuk in Omgevingsprogramma
Planning
Onderwerp
Thema en hoofdstuk in Omgevingsprogramma
Planning
Bouwhistorie - ontwikkelen bouwhistorische verwachtingskaart en formuleren onderzoeksagenda
ET, H.5.6
2026 e.v.
Aanpak verduurzaming monumenten afstemmen in Warmteplan Amersfoort
ET, H.5.7
Aanpak nieuw erfgoed - Boerderijen
ET, H.5.7
2026 e.v.
2026 e.v., in samenwerking met programma Energietransitie
Aanpak nieuw erfgoed - Industrieel erfgoed
ET, H.5.7
2026 e.v.
ET, H.5.7
Aanpak nieuw erfgoed - Post 65
ET, H.5.7
2028 e.v.
Onderzoeken mogelijkheden energietransitie Binnenstad, o.a. vervolg uitkomsten ErfgoedDeal
Aanpak nieuw erfgoed - Kattenbroek
ET, H.5.7
2028 e.v.
Aanpak nieuw erfgoed - Speciaal erfgoed
ET, H.5.7
2026 e.v.
Aanpak Beeldbepalende Panden
ET, H.5.7
2026 e.v.
Online informatievoorziening monumentenzorg verbeteren, o.a. m.b.t. verduurzaming erfgoed
ET, H.5.7
Doorlopend
Doorlopend, vervolg uitkomsten ErfgoedDeal 2024-2025, in samenwerking met programma Energietransitie
ET, H.5.7
2026-2028
Onderzoeken mogelijkheid legesvrije vergunning onderhoudswerkzaamheden monumenten
ET, H.5.7
2026-2027
Kennisontwikkeling en innovatie monumentenzorg - Project Post65 - Een Warme Jas II Erfgoed van de toekomst Onderzoek gebiedsgerichte criteria Welstandsnota
ET, H.5.7
Vanaf 2026 e.v.
Monitoren kwaliteit erfgoed en actieve handhaving
ET, H.5.7
Doorlopend, in samenwerking met VTH
ET, H.5.7, EV, H6.2
Uitkomsten van de ontwikkelde methodiek brandveiligheidsrisico’s delen en verder ontwikkelen
ET, H.5.7
Doorlopend, in samenwerking met VRU, RCE en eigenaren
Aanpak Levensaders, Inventarisatie bijzonder erfgoed aan levensaders en onderzoeken van kansen van dit erfgoed in lopende projecten.
Inventarisatie 2026-2027, daarna doorlopend, sluit aan bij lopende projecten
ET, H.5.7, EV, H6.5
Actualisering Zonnepanelenbeleid Bergkwartier
ET, H.5.7
Erfgoedagenda - o.a. actief het gesprek voeren over ruimtelijke kwaliteit, thematisch ophalen van kennis en uitvoeren van onderzoek met de stad
Vanaf 2027, doorlopend, onderzoeken met de stad
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
2026-2028
63
Onderwerp
Thema en hoofdstuk in Omgevingsprogramma
Planning
Aanpak Religieus Erfgoed- o.a. overleg en ondersteuning met eigenaren, aanspreekpunt, interne werkgroep voor procesverbetering, onderzoek subsidie
EV, H6.3
Vanaf 2026-2031, periodiek overleg met eigenaren, vast aanspreekpunt, oprichten werkgroep
Aanpak Religieus Erfgoed Onderzoeken methodes activeren ontmoetingsplek religieus erfgoed
EV, H6.3
Vanaf 2028 e.v.
Kennisdeling en publieksparticipatie
EV, H6.4
Doorlopend
Jeugd actief betrekken bij erfgoed, o.a. juniorgidsen OMD
EV, H6.4
Doorlopend
Opzetten lesprogramma archeologie voortgezet onderwijs
EV, H6.4
2026-2027
Expositieruimte vergroten
EV, H6.4
2026-2030
Verhaal vertellen in de buurt: bij (her)inrichtingsplannen, tentoonstellingen in buurthuizen of bibliotheken en via informatieborden.
EV, H6.4
Doorlopend
Openbaar toegankelijke Vondstendatabase
EV, H6.4
2030 e.v.
Ondersteunen erfgoedorganisaties in de stad
EV, H6.5
Doorlopend, door Toerisme
Verbeteren toeristische informatievoorziening
EV, H6.5
Doorlopend, door Toerisme
Erfgoed inzetten bij profilering Amersfoort
EV, H6.5
Doorlopend, door Toerisme
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
64
8.2 Vooruitblik na 2031 In dit hoofdstuk beschrijven we wat we na 2031 gaan doen en welke concrete doelen en acties daarbij horen. De focus ligt op thema’s die meer tijd vragen om te realiseren of waarvoor aanvullende samenwerking, kennisontwikkeling of middelen nodig zijn. Deze lange termijnplanning bouwt voort op de resultaten tot 2031 en bereidt de volgende stappen voor richting een toekomstbestendig erfgoedbeleid. Zo blijft het Omgevingsprogramma Erfgoed ook op de langere termijn bijdragen aan een sterke, leefbare en herkenbare omgeving. Waar nodig herijken we het programma. Legenda bij tabel: ET = Thema Erfgoed voor de toekomst EV = Thema Erfgoed verbindt H = verwijst naar desbetreffende Hoofdstuk en paragraaf in dit document Onderwerp
Thema en hoofdstuk in Omgevingsprogramma
Planning
Aanpak nieuw erfgoed - Spotlight
ET, H.5.7
Na 2031
Vervolg aanpak Religieus Erfgoedo.a. overleg en ondersteuning met eigenaren, aanspreekpunt, interne werkgroep voor procesverbetering
EV, H 6.3
Na 2031 evaluatie van voorgaande periode.
Wettelijke basis op orde
ET, H.5.5 en 7
Doorlopend
Erfgoedwaarden in omgevingsplan, o.a.: thematische wijziging, borging erfgoedbiotoop
ET, H.5.2
Inventarisaties gereed in 2032
Erfgoedwaarden betrekken bij ruimtelijke ontwikkelingen en stimuleren hoogwaardige nieuwbouw
ET, H.5.2, 3 en 7
Doorlopend, sluit aan op lopende projecten
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
Onderwerp
Thema en hoofdstuk in Omgevingsprogramma
Planning
Verdiepen en verfijnen van de cultuurhistorische waardenkaart, ook samen met de stad. De kaart is duurzaam ontsloten via de gemeentelijke website.
ET, H.5.2 en 3, EV, H.6.5
Na 2031 blijvend actualiseren met de stad. Samen met IV
Zichtbaar maken van erfgoedstructuren
ET, H.5.2 & H.7
Doorlopend, sluit aan op lopende projecten
Extra aandacht voor kwaliteit en inrichting van de openbare ruimte in de beschermde stadsgezichten
ET, H.5.2
Doorlopend, sluit aan op lopende projecten
Aanpak Groen Erfgoed
ET, H.5.4
Borging opbrengsten in omgevingsplan
Overleg met partners Groen Erfgoed
ET, H.5.4
Doorlopend, periodiek overleg, sturen op instandhouding Groen Erfgoed
Onderzoeksagenda Archeologie
ET, H.5.5
Evaluatie voorgaande periode
Innovatie Archeologische onderzoeksmethodes
ET, H.5.5
Doorlopend
Aanpak controleren archeologische vindplaatsen vastgesteld
ET, H.5.5
Doorlopend
Bouwhistorie - bouwhistorische verwachtingskaart gereed en periodieke onderzoeksagenda
ET, H.5.6
Evaluatie voorgaande periode, doorlopend
65
Onderwerp
Thema en hoofdstuk in Omgevingsprogramma
Planning
Onderwerp
Thema en hoofdstuk in Omgevingsprogramma
Planning
Aanpak nieuw Erfgoed monumentenzorg afgerond
ET, H.5.7
Borging in omgevingsplan
EV, H6.3
Online informatievoorziening monumentenzorg monitoren
ET, H.5.7
Doorlopend
Aanpak Religieus Erfgoed Opbrengsten onderzoeken methodes activeren ontmoetingsplek religieus erfgoed
Na 2031: Opbrengsten evalueren, borgen
Monitoren kwaliteit erfgoed en actieve handhaving
ET, H.5.7
Doorlopend, in samenwerking met VTH
Kennisdeling en publieksparticipatie
EV, H6.4
Doorlopend
Lespakket Amersfoorts erfgoed
EV, H6.4
Na 2031, samen met LEU
Uitkomsten van de ontwikkelde methodiek brandveiligheidsrisico’s geborgd
ET, H.5.7
Doorlopend, in samenwerking met VRU, RCE en eigenaren. Evaluatie voorgaande periode
Jeugd actief betrekken bij erfgoed, o.a. juniorgidsen OMD
EV, H6.4
Doorlopend
Verhaal vertellen in de buurt: bij (her)inrichtingsplannen, tentoonstellingen in buurthuizen of bibliotheken en via informatieborden.
EV, H6.4
Doorlopend
Aanpak Levensaders
ET, H.5.7, EV, H6.2
Doorlopend, sluit aan bij lopende projecten
Ondersteunen erfgoedorganisaties in de stad
EV, H6.5
Doorlopend, door Toerisme
Erfgoedagenda - o.a. actief het gesprek voeren over ruimtelijke kwaliteit, thematisch ophalen van kennis en uitvoeren van onderzoek met de stad
ET, H.5.7, EV, H6.5
Doorlopend, onderzoeken met de stad
Verbeteren toeristische informatievoorziening
EV, H6.5
Doorlopend, door Toerisme
Erfgoed inzetten bij profilering Amersfoort
EV, H6.5
Doorlopend, door Toerisme
Onderzoek fonds beleving erfgoed
EV, H5.7.3
2026 e.v.
Aanpak Religieus Erfgoed
EV, H6.3
Evaluatie voorgaande periode, doorlopend
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
66
9 FINANCIËN Het uitgangspunt voor het Omgevingsprogramma Erfgoed is dat de uitvoering (zie hiervoor de uitvoeringsagenda) binnen de bestaande budgetten plaatsvindt. De doelen en acties die gerelateerd zijn aan de wettelijke taken realiseren we zodoende met de middelen die al beschikbaar zijn binnen het huidige beleid en de reguliere programma’s. Deze wettelijke taken vormen een groot deel van de opgave. Toch zijn er enkele projecten vanuit de ambities die incidenteel extra budget vragen, bijvoorbeeld vanwege hun omvang, vernieuwende aanpak of samenwerkingsvorm. Dit extra budget is nodig om deze ambities in het Omgevingsprogramma Erfgoed te behalen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan onderzoek naar nieuw erfgoed, participatie en de aanpak van religieus erfgoed. Deze opdrachten gaan pas van start zodra er dekking beschikbaar is. Het College zal deze betrekken bij een eventuele herprioritering in de besteding van middelen of meenemen in de integrale afweging bij de Kadernota.
Onderwerp
Kostenraming
Doel
Onderzoek nieuw erfgoed en participatie
Incidenteel budget €200.000,-
• aanwijzing nieuw erfgoed en evaluatie monumenten bestand: Groen, Boerderijen, Industrieel, Post65, Kattenbroek, Speciaal, Spotlight, Beeldbepalende panden
Aanpak Religieus Erfgoed
Incidenteel budget € 50.000,-
• Activeren ontmoetingsplekken religieus erfgoed
Belevingsfonds Erfgoed
Structureel budget € 30.000,- per jaar
• Oprichting belevingsfonds erfgoed
Kennisdeling en publieksparticipatie
Incidenteel budget € 55.000,-
• Opzetten lesprogramma archeologie voortgezet onderwijs • Expositieruimte archeologie vergroten
Kennisdeling en publieksparticipatie
Structureel budget € 20.000,- per jaar
• Verhaal vertellen in de buurt: bij (her)inrichtingsplannen, tentoonstellingen in buurthuizen of bibliotheken en via informatieborden • Openbaar toegankelijke vondstendatabase
Communicatie
Structureel budget 0,2 fte
• Kennisdeling en publieksparticipatie: Nieuwsbrief Erfgoed en informatievoorziening eigenaren
Educatie medewerker
Structureel budget 0,2 fte
• Kennisdeling en publieksparticipatie
Bouwhistoricus
Structureel budget 0,8 fte
• Borging bouwhistorische en monumentale waarden: ontwikkeling kennis over de stad
In dit hoofdstuk lichten we toe wat de geschatte kosten zijn. En op welke manier de financiële middelen bijdragen aan de realisering van de prioriteiten van het Omgevingsprogramma. Meer informatie over de doelen is terug te lezen in de specifieke hoofdstukken.
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
67
10 MONITORING Voor de monitoring van het Omgevingsprogramma Erfgoed sluiten we aan bij de methoden die de gemeente toepast bij de Amersfoortse Omgevingsvisie 2030-2040. In de Omgevingsvisie staan geen specifieke meetbare waarden (KPI’s) voor erfgoed. Dat komt omdat het meten van kwaliteit in erfgoedzorg complex is. Ook in de landelijke en provinciale monitoring ligt de nadruk vooral op kwantitatieve gegevens, waarbij soms wel een link wordt gemaakt met de onderhoudsstaat van monumenten. In het Omgevingsprogramma Erfgoed kiezen we daarom voor een praktische en lerende aanpak. We evalueren regelmatig de voortgang van projecten en delen de belangrijkste resultaten periodiek met de gemeenteraad en de stad. Zo houden we zicht op de ontwikkeling van het erfgoedbeleid en kunnen we waar nodig bijsturen. Periodiek bevragen we inwoners en monumenteneigenaren over onze dienstverlening en informatievoorziening. Gegevens die we daarnaast bijhouden: • Aantal vergunningen waarbij archeologie en monumentenzorg onderdeel is van de beoordeling. • Publicaties naar aanleiding van bouwhistorisch en archeologisch onderzoek in bijvoorbeeld Kroniek en Jaarboek Flehite. • Aantal bezoekers bij onze open middagen Centrum voor Archeologie (woensdag- en vrijdagmiddag). • Aantal bezoekers tijdens de jaarlijkse Open Monumentendagen en Nationale Archeologiedagen. • Aantal gelezen berichten op sociale media.
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
68
11 BIJLAGE 1 - Begrippenlijst Archeologie Archeologie is de wetenschap die samenlevingen van de vroege prehistorie tot en met de Tweede Wereldoorlog bestudeert aan de hand van voorwerpen en grondsporen. Deze voorwerpen en grondsporen bevinden zich in de bodem en noemen we archeologische resten. Archeologische onderzoeksagenda In een archeologische onderzoeksagenda staat beschreven over welke archeologische onderwerpen al veel bekend is en over welke onderwerpen juist heel weinig. Ook staan er onderzoeksvragen op waar archeologen tijdens nieuw onderzoek aandacht aan kunnen geven. Aan de hand van de onderzoeksagenda maken we keuzes vooraf, tijdens en na afronding van archeologisch onderzoek. Archeologische verwachtings- en beleidskaart Op een archeologische beleidskaart staan gebieden waar we archeologische resten verwachten. Naast gebieden waarvan bekend is dat er archeologische resten in de grond zitten en waar niet meer. Aan al deze gebieden zijn beleidsregels gekoppeld; regels die aangeven wat hier wel en niet mag. Archeologische vindplaats Een plaats met bewijs van menselijke activiteit uit het verleden, bewaard gebleven in de bodem (in de vorm van archeologische resten) of zichtbaar in het landschap. Beeldbepalend complex Een groep van gebouwen of bouwwerken die waardevol zijn en samen het uiterlijk of karakter van een straat, buurt of stadsdeel sterk bepalen.
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
Beeldbepalend pand Een enkel gebouw of bouwwerk dat waardevol en herkenbaar is in zijn omgeving en positief bijdraagt aan het beeld van een straat of stadsgezicht. Het gaat daarbij met name om de uiterlijke verschijningsvorm. Behoud in situ Archeologische resten laten liggen op de plek waar ze zijn gevonden. Ze worden dus niet opgegraven. Behoud ex situ Archeologische resten uit de bodem halen/opgraven. De vondsten worden in een depot opgeslagen. De sporen leggen we op tekeningen en foto’s vast. Belanghebbende Persoon of organisatie die direct of indirect last heeft van of belang heeft bij ruimtelijke besluiten (zoals een vergunning) of het behoud van erfgoed. Bijvoorbeeld een eigenaar, buurtbewoner of erfgoedorganisatie. Bevoegd gezag De overheidsinstantie of persoon die volgens de wet de bevoegdheid heeft om besluiten te nemen zoals vergunningen verlenen of weigeren, monumenten aanwijzen, toezicht houden. Dit kan bijvoorbeeld het Rijk of de gemeente zijn. Bij besluiten over erfgoed is in de meeste gevallen het college van burgemeester en wethouders het bevoegd gezag. Alleen voor de aanwijzing van rijksmonumenten en bij sommige procedures voor archeologische monumenten is het Rijk het bevoegd gezag.
69
Booronderzoek Archeologisch onderzoek waarbij met een grondboor wordt gekeken of er archeologische resten in de bodem aanwezig zijn of kunnen zijn. Hierna kan men besluiten een vervolgonderzoek te doen. Bouwhistorie De geschiedenis van een gebouw of bouwwerk: wanneer het gebouwd is, welke veranderingen het heeft ondergaan, welke bouwstijl of materialen gebruikt zijn, en welke functies het gehad heeft. Kennis over de bouwhistorie helpt bij het waarderen van erfgoed en bij het beoordelen van wijzigingsplannen voor erfgoed. De bouwhistorie kan worden onderzocht door archiefonderzoek en met name aan de hand van bouwsporen in het gebouw. Bureauonderzoek Archeologisch onderzoek waarbij aan de hand van bekende archeologische, historische en landschappelijke informatie de specifieke verwachting van een locatie wordt bekeken. Tijdens dit onderzoek wordt niet gegraven in de bodem. Hierna kan men besluiten een vervolgonderzoek te doen. Cultuurhistorische analyse Een cultuurhistorische analyse geeft inzicht in de historische ontwikkeling van een gebied en analyseert de historische waarden. Het vormt een belangrijke basis voor ruimtelijke ontwikkelingen of plannen in de openbare ruimte. De analyse biedt kaders en inspiratie. De analyse bestaat uit drie delen: een biografie van het plangebied, een waardering of waardestelling en kaders voor ontwikkeling.
Cultureel erfgoed - term vanuit de Omgevingswet Alle waardevolle tastbare en niet-tastbare overleveringen van het verleden die belangrijk zijn voor de cultuur, geschiedenis en identiteit van mensen en plekken. Onder de Omgevingswet gaat het om behoud, bescherming en goede ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Hier valt cultureel erfgoed ook onder.
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
Depot Ruimte waar alle archeologische vondsten en opgravingsdocumentatie (niet digitaal) worden opgeslagen. Erfgoedcommissie en GAO Erfgoedcommissie: een adviescommissie die zich richt op het erfgoedwaarden en beleid, aanwijzing of wijzingen van monumenten. In Amersfoort spreken we over de subcommissie Erfgoed binnen de gemeentelijke adviescommissie. Deze commissie beoordeelt aanvragen voor aanwijzing of wijziging van monumenten. De commissie adviseert het college van burgemeester en wethouders –gevraagd en ongevraagdover alles wat te maken heeft met het erfgoed in Amersfoort. GAO = Gemeentelijke Adviescommissie Omgevingskwaliteit: een gemeentelijke commissie die adviseert over de ruimtelijke kwaliteit van plannen. Erfgoedzaken kunnen daar onderdeel van zijn. De subcommissie Erfgoed is onderdeel van de GAO. Erfgoedagenda Een strategisch document waarin een gemeente samen met erfgoedpartners haar doelen, prioriteiten en plannen voor erfgoed vastlegt: hoe zij omgaat met onderzoek, activiteiten en ontwikkeling van erfgoed in de toekomst. Erfgoedverordening Een gemeentelijke verordening waarin regels staan voor de omgang met gemeentelijk erfgoed: aanwijzingen, beschermingen, vergunningen, verplichtingen voor onderhoud, etc.
In Amersfoort is dit voor het gemeentelijk erfgoed de Verordening fysieke leefomgeving Amersfoort (afkorting: ‘floA’) waarin het hoofdstuk Erfgoed de begrippen en regels bevat. Deze verordening wordt onderdeel van het gemeentelijke Omgevingsplan waarin alle regels voor de fysieke leefomgeving zijn samengevoegd.
70
Fysieke leefomgeving Het geheel van de fysieke ruimte om ons heen: gebouwen, wegen, groen, water, bodem, lucht, en de functies die daar plaatsvinden (wonen, werken, recreatie). Onder de Omgevingswet wordt de fysieke leefomgeving ruim opgevat en is erfgoed onderdeel van deze omgeving.
Omgevingsplan Een plan dat gemeenten opstellen op basis van de Omgevingswet met regels voor de fysieke leefomgeving: bestemmingen, gebruik, bouwactiviteiten. Het plan bevat ook erfgoedregelgeving: hoe omgegaan wordt met monumenten, beeldbepalende panden, stadsgezichten.
Gedecentraliseerd Dit betekent dat bevoegdheden of taken zijn overgedragen van een hoger bestuursniveau (bijv. Rijk) naar een lager bestuursniveau (provincie of gemeente). In erfgoedcontext: gemeenten hebben meer taken gekregen in de bescherming van het erfgoed, ook als dat door het Rijk is aangewezen. De gemeente is het bevoegd gezag in de Omgevingsvergunningprocedure bij erfgoed en moet rekening houden met erfgoed in het Omgevingsplan.
Omgevingsprogramma Een gemeentelijk programma (uitvoeringsdocument) waarin acties, maatregelen en doelen zijn opgenomen om de fysieke leefomgeving te verbeteren of in stand te houden. Het geeft uitvoering aan de Omgevingsvisie en kan doorwerking hebben in het Omgevingsplan.
Gemeentelijk beschermd stadsgezicht Een gebied dat de gemeente beschermt vanwege de bijzondere samenhang, schoonheid, cultuurhistorische of architectuurhistorische waarde en waarin één of meer monumenten voorkomen. Gemeentelijk monument Een bouwwerk of archeologische vindplaats dat de gemeente beschermt vanwege zijn cultuurhistorische waarde, schoonheid of betekenis. Bijvoorbeeld omdat het typisch is voor een tijdperk of architectuurstijl. De regels die gelden voor gemeentelijke monumenten zijn vastgelegd in het Omgevingsplan. Landschapselementen Herkenbare onderdelen van het landschap, zoals bomenrijen, houtwallen, sloten of dijken, die belangrijk zijn voor de geschiedenis, het beeld en de ecologie van een gebied. Monumentenzorg Het geheel van beleidsmaatregelen, uitvoering, onderhoud en toezicht dat nodig is voor het behoud van monumenten en gebouwd of ruimtelijk erfgoed. Omvat bijvoorbeeld het aanwijzen van monumenten, het geven van subsidies, plantoetsing en het verlenen van vergunningen, en toezicht op uitvoering. Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
Omgevingsvergunning De vergunning die soms nodig is voor het verrichten van bepaalde activiteiten in de fysieke leefomgeving (zoals bouwen, slopen, veranderen, gebruik) op grond van de Omgevingswet. Voor monumenten en andere beschermde panden kan een omgevingsvergunning extra voorwaarden hebben. Omgevingsvisie Een strategisch document waarin de gemeente haar visie op de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving vastlegt voor de lange termijn: hoe zij ruimte, natuur, erfgoed, infrastructuur, stad en landschap wil vormgeven. Erfgoedopgaven maken daar onderdeel van uit. Opgraving Het laatste gravende archeologische onderzoek waarbij alle archeologische resten uit de bodem worden gehaald en gedocumenteerd. Proefsleuvenonderzoek Archeologisch onderzoek waarbij smalle sleuven of kleine putten worden gegraven. Er wordt gekeken of archeologische resten aanwezig zijn en wat de aard, datering, omvang en kwaliteit is van deze resten. Hierna kan men besluiten een vervolgonderzoek te doen.
71
Rijksmonument Een bouwwerk of terrein dat op basis van de Erfgoedwet door het Rijk is aangewezen als monument vanwege nationaal belang (cultuurhistorisch, architectuurhistorisch, archeologisch). De rijksbescherming betekent dat bij wijzigingsplannen de vergunningregels voor monumenten vanuit de Omgevingswet gelden. In sommige gevallen heeft het Rijk hierbij een adviesplicht. Ook gelden voor de rijksmonumenten landelijke subsidieregelingen. Rijksbeschermd stadsgezicht Een gebied dat het Rijk beschermt vanwege zijn bijzondere ruimtelijke, architectuurhistorische en/ of cultuurhistorische waarde. De gemeente moet in het Omgevingsplan en bij ontwikkelingen rekening houden met de aanwezige waarden. Waardering Het vaststellen of erkennen van de waarde van een bouwwerk of gebied. Bijvoorbeeld cultuurhistorische, architectuurhistorische, stedenbouwkundige of archeologische waarde. Waardering is het fundament voor bescherming: zonder waardering geen monument of beeldbepalend pand.
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
72
12 BIJLAGE 2 - Het historische verhaal van Amersfoort Hoe is Amersfoort eigenlijk geworden tot wat het nu is? En nog belangrijker, biedt dit verhaal van de stad ook prachtige aanknopingspunten om op door te kunnen bouwen? In dit hoofdstuk beschrijven we in het kort het verhaal van Amersfoort vanuit de historische ontwikkeling van de stad. Want je weet pas waar je naartoe kan gaan, als je snapt waar je vandaan komt. Dit verhaal is opgebouwd uit allemaal kleine verhalen. Want natuurlijk is er niet één verhaal. Ook komen er steeds nieuwe verhalen bij. Alle verhalen samen maken wel Het historische verhaal van Amersfoort.
Een rijke geschiedenis De vele historische structuren, landschappelijke elementen en gebouwen zowel in de binnenstad als in alle andere wijken geven inzicht in de ontwikkelingsgeschiedenis van Amersfoort. De geschiedenis van de plek krijgt - mede door nauwgezet onderzoek - een meerwaarde door de verhalen die ermee zijn verbonden. Amersfoort ligt aan de voet van de Utrechtse Heuvelrug. Daar waar de heuvelrug overgaat in het landschap van de Gelderse Vallei aan de oostkant en de Eemvallei aan de noordkant komen vele beken bij elkaar in de rivier de Eem. Dit landschap waar droge hoogtes en natte laagtes elkaar snel afwisselden, zoals bij Nieuwland, was al aan het eind van de laatste IJstijd in trek bij de jagers-verzamelaars. Maar ook vele eeuwen later waren de hogere delen van het landschap in trek bij boeren. De hoogte van de Amersfoortse Berg werd door de boeren uit de Bronstijd benadrukt door grafheuvels op te werpen. De boeren uit de IJzertijd woonden en akkerden graag op de hogere gronden bij Wieken, Zielhorst en in Hoogland. Vanaf ongeveer de 8ste-9de eeuw na Christus werd het hele grondgebied van Amersfoort geleidelijk aan ontgonnen en bewoond. Weede, Emiclaer, De Hoef en de zuidkant van de Leusderweg zijn de eerste plekken die zijn ontgonnen.
Vanaf de 12de eeuw werd het mogelijk het grootste gedeelte van de moerasgronden in het noorden en het westen droog te leggen en ze geschikt te maken voor landbouw. Bij Hoogland ontstonden zo de Malehoeves, verspreid liggende boerderijen - waarvan een groot deel vandaag nog bestaat - die gezamenlijk de akkergronden onderhielden. Het lage Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
en natte Laakgebied, waar Vathorst tegenwoordig ligt, is een van de laatste gebieden waar boeren zich vestigden. Ook de hoge en droge Amersfoortse Berg bleef nog heel lang een heide- en bosgebied. De stad zelf is ontstaan op de plek waar twee doorgaande routes samenkwamen bij doorwaardbare plaatsen in de Eem; een “voorde in de Amer”. De routes van Wijk bij Duurstede naar Zwolle (via de Leusderweg en Hoogland) en van Utrecht naar Deventer (via de Vlasakkers en de Hogeweg) bestaan al vanaf de Vroege Middeleeuwen, maar zullen waarschijnlijk ook al in de Prehistorie aanwezig zijn geweest. De Eem ten slotte verbond De Gelderse Vallei met de Zuiderzee, Amsterdam en het kustgebied. Door deze strategische ligging groeide Amersfoort van een agrarische nederzetting via een hof van de Utrechtse bisschop uit tot een stad met een regionale functie. Vanuit deze hof werd de omgeving bestuurd en werden ontginningswerkzaamheden geregeld. De strategische locatie dicht bij het vijandelijke Gelre was voor de bisschop de reden om Amersfoort in 1259 stadsrechten te verlenen. Dat betekende zelfbestuur, eigen rechtspraak en een eigen parochiekerk (de Sint-Joriskerk) voor de Amersfoorters in ruil voor trouw aan de bisschop. De heren van Amersfoort, die eerder de bisschoppelijke Hof in Amersfoort bewoonden (op de plek van de huidige Sint-Joriskerk) verhuisden naar kasteel Stoutenburg.
Het ging de stad voor de wind en er werd veel geld verdiend met bier, textiel en de ossenhandel. Kort na elkaar werden twee stadsmuren gebouwd. De Eemhaven lag in eerste instantie binnen de muren, maar vanaf halverwege de 15de eeuw kwam die buiten de Koppelpoort te liggen. Na de middeleeuwse bloeiperiode stagneerde de groei. De middeleeuwse vesting bood tot diep in de 19de eeuw voldoende ruimte aan alle stedelijke ontwikkelingen. Dit betekent ook dat veel van de historische objecten en hun onderlinge samenhang bewaard zijn gebleven. Dit maakt dat het schilderachtige stadsbeeld in de thans nog zeer gave historische kern als rijksbeschermd stadsgezicht is aangewezen.
73
De stagnatie betekende echter niet dat de stad geen rol meer had in de regio. Amersfoort profiteerde in de periferie van de Republiek Holland in de 17de eeuw wel degelijk van de gunstige economische omstandigheden. Amersfoort werd een belangrijke producent van bombazijn, een geweven stof waar katoen (uit de haven van Amsterdam) en linnen (uit Duitsland) voor nodig was. Ook bleek de landbouwgrond die in eerste instantie gebruikt werd om granen voor onder andere de bierbrouwers te verbouwen zeer geschikt voor houtplantages (vooral ten zuiden van de stad) en de tabaksteelt (vooral ten oosten van de stad). De overgang van de hoge berg naar de lagere reliëfrijke delen in het zuiden van de stad en het uitgestrekte land langs de Eem in het noorden werden geliefde locaties voor buitenverblijven van rijke stedelingen zoals Jacob van Campen die o.a. de vermaarde ‘Wegh de Weegen’ ontwierp en Everard Meyster die de Amersfoorters de bijnaam ‘Keientrekkers’ bezorgde. Parken als Randenbroek, Nimmerdor, Coelhorst en Schothorst zijn overblijfselen van dit soort buitenplaatsen. In de 19de eeuw was Amersfoort niet langer het centrum van de tabak- en textielhandel. De komst van de spoorlijnen naar Zwolle, Apeldoorn en Kesteren (het latere PON-lijntje) in de tweede helft van die eeuw maakte de stad tot een knooppunt van spoorwegen.
De wagenwerkplaats die net ten noorden van het centrale station werd aangelegd maakte dat de Spoorwegen vanaf 1930 de grootste werkgever van Amersfoort was en de aanjager van stedelijke groei. Langs de spoorlijnen en langs de Eem werden fabrieken gebouwd. Dit industriële erfgoed geeft de Wagenwerkplaats en De Nieuwe Stad hun unieke karakter.
De groei van de stad maakte dat er behoefte was aan woningbouw buiten de binnenstad. De eerste uitbreidingswijken voor arbeiders verrezen bij de Koppel, in het Soesterkwartier en het Leusderkwartier. Op de Berg werd op particulier initiatief door befaamde tuinarchitecten een villawijk gepland, die inmiddels eveneens door het rijk als beschermd stadsgezicht is aangewezen. Na de Tweede Wereldoorlog kampte ook Amersfoort met woningtekort. Volgens de modernistische bloembladtheorie waarbij de Onze-Lieve-Vrouwetoren het middelpunt vormde, werd een plan gemaakt om de stad harmonisch uit te breiden, ook richting het noorden en oosten. Dit was mogelijk door de aanleg van het Valleikanaal en de afsluiting van de Zuiderzee, waardoor het risico voor overstromingen een stuk was ingeperkt. Vanaf 1984 was de behoefte aan nieuwe wijken groot, Amersfoort werd aangewezen als Groeistad. Eén van de meest vernieuwende wijken was Kattenbroek, met een uitgesproken stedenbouwkundig plan en bijzondere architectuur. Al tijdens de bouw werd deze wijk door architectuurliefhebbers bezocht. De laatste uitbreiding is de Vinex-wijk Vathorst waarin ook verschillende karakteristieke buurten met als thema ‘een wereld van verschil’ zijn te vinden.
Een andere aanjager van de stedelijke groei in de 19de en 20ste eeuw is de aanwijzing van Amersfoort als garnizoensstad. De centrale ligging bij het spoorknooppunt, de goedkope grond en ruimte voor grote oefenterreinen en de ligging bij de Grebbelinie (die vanuit Leusden langs het huidige Valleikanaal en de Eem richting Spakenburg liep) gaf de doorslag voor de bouw van de kazernes. De beschikbare ruimte was ook een goede locatie voor de opvang van 19.000 gevluchte Belgen tijdens de Eerste Wereldoorlog. Het Belgenmonument werd opgericht.
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
74
13 BIJLAGE 3 - Geschiedenis van de erfgoedzorg in Amersfoort In Amersfoort is er al heel lang veel waardering voor het ‘stadsschoon’. Historische gebouwen werden eeuwenlang als vanzelfsprekend hersteld en hergebruikt. Maar net als in veel andere steden vielen vanaf de 19de eeuw steeds meer historische gebouwen ten prooi aan de slopershamer. Oorzaken daarvan waren de opkomst van de industrie, de snelle groei van de stad en de schaalvergroting in de bebouwing die daarmee gepaard ging.
Erfgoedzorg wordt overheidstaak Landelijk trok advocaat Victor de Stuers (1843-1916) in 1873 fel van leer tegen de lakse houding van burgers en overheid ten opzichte van de historische omgeving. Met zijn artikel ‘Holland op zijn smalst’ legde hij misstanden bloot. Zo wist hij te bereiken dat er een afdeling van Kunsten en Wetenschappen werd opgericht, als onderdeel van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Samen met architect Pierre Cuypers (1827-1921) ging hij de erfgoedbelangen in het land behartigen. Ook in Amersfoort groeide het historisch besef. In 1882 werd de historische vereniging Flehite opgericht. Een van de eerste wapenfeiten was het voorkomen van de sloop van de Koppelpoort, die uiteindelijk in 1886 kon worden gerestaureerd met veel hulp van Pierre Cuypers. Dit leidde echter niet direct tot een ommekeer in de sloopwoede in de stad. Voorzitter Croockewit hield in het jaarverslag van Flehite jaarlijks een ‘afbraakkroniek’ bij. Daarnaast financierde hij uit eigen zak, samen met bestuurslid Tromp van Holst, restauratiewerkzaamheden in de stad. De vermogende bestuursleden kochten zelfs historische panden aan om deze te behoeden voor sloop. De markante trapgeveltjes van Havik 31-33 werden zo gered. In 1903 werd een Rijkscommissie voor de Monumentenzorg ingesteld om een inventarisatie en beschrijving te gaan maken van het Nederlandse erfgoed.
Men wilde in korte tijd komen tot een landelijke monumentenlijst en wetgeving. Naast Cuypers als voorzitter van de commissie werd dr. Jan Kalf (1873-1954) als secretaris aangesteld. Ze doorkruisten het land en de ‘Voorloopige lijst der Nederlandsche Monumenten van Geschiedenis en Kunst’ zag het licht. De provincie Utrecht was als Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
eerste aan de beurt en Kalf was persoonlijk verantwoordelijk voor de inventarisatie en beschrijving van de Amersfoortse lijst met zo’n 120 gebouwen. Tijdens de werkzaamheden ondernam Kalf ook direct actie als hem sloopplannen ter ore kwamen. Zo kon hij de sloop van het Kapelhuis voorkomen, maar die van de sacristie bij de Sint-Joriskerk in 1905 niet. ‘Een schromelijk vandalisme’, aldus Kalf.
Amersfoortse Monumentenverordening 1922 In 1920 had de door het Rijk opgestelde ‘Voorloopige lijst’ van monumenten nog steeds geen rechtsgeldigheid. De gewenste Monumentenwet kwam niet van de grond, dit zou nog tot 1961(!) duren. Men was voor het behouden van monumentale gebouwen dus volledig afhankelijk van de welwillendheid van eigenaren, wat lang niet altijd succesvol was. De gemeente Den Haag loste dit als eerste op met een eigen monumentenverordening en -lijst. Amersfoort volgde als een van de eerste gemeenten vlak daarna. Eind 1921 legde de gemeentelijke ‘Commissie van Wetgeving’ een voorstel voor. Op 21 juni 1922 volgde de vaststelling van de definitieve ‘Verordening op de monumenten in de gemeente Amersfoort’ door de gemeenteraad. De totstandkoming van de eerste vastgestelde monumentenlijst werd daarin geregeld. Belangrijk was daarnaast de bepaling dat voor het slopen of wijzigen van de gebouwen op de lijst een vergunning was vereist. Binnen de gemeentelijke Dienst Bouw- en Woningtoezicht werd A.J. van der Tol de eerste gemeentelijke monumentenzorger in die tijd. Hij had veel belangstelling voor historische gebouwen, ontwikkelde zijn kennis en voerde onderzoek uit aan de eerste monumenten. Hij maakte en begeleidde plannen voor restauraties en verbouwingen. Na de Tweede Wereldoorlog werd een apart gemeentelijk bureau Restauraties opgericht, waaraan J.
Kapteijn leiding ging geven.
75
Wethouder Fons Asselbergs (*1940) gaf vanaf eind jaren 1970 een nieuwe impuls aan het Amersfoortse Erfgoed, met monumentenambtenaar Cor van de Braber (1937-2022) als bevlogen rechterhand. Er kwam veel aandacht voor het totale stadsbeeld, de eerste stadsarcheoloog Moniek Krauwer (*1954) werd aangesteld en architectuurhistoricus Max Cramer (*1954) werd aangesteld als specialist voor een nieuwe categorie monumenten: de Jonge Bouwkunst uit de periode 1850-1940. De gemeentelijke Erfgoedverordening is sinds 1920 diverse malen geactualiseerd. De kern wordt nog steeds gevormd door de mogelijkheid voor de gemeente om Amersfoortse monumenten aan te wijzen en daaraan regels te verbinden.
Monumentenwet 1961 en 1988 In 1961 was uiteindelijk pas de eerste landelijke Monumentenwet van kracht geworden. Daarnaast bleef er een actief gemeentelijk monumentenbeleid en liep Amersfoort opnieuw vooruit op het Rijk met de aanwijzing van jonge monumenten (periode 1850-1940) en met een meer gebiedsgerichte bescherming van de historische binnenstad, die uiteindelijk in 1984 door het Rijk werd aangewezen tot beschermd stadsgezicht.
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
In 1988 werd de Monumentenwet herzien, waarbij veel erfgoedtaken werden gedecentraliseerd en de gemeente hiervoor verantwoordelijk werd.
Veertig jaar Centrum voor Archeologie Op 2 februari 1984 kreeg Amersfoort een eigen stadsarcheoloog. Haar benoeming markeerde het begin van een nieuw tijdperk voor de archeologie van de stad. Wat begon als een deeltijdfunctie is inmiddels uitgegroeid tot het huidige ‘Centrum voor Archeologie’, waar archeologen samenwerken met een grote groep vrijwilligers, stagiaires en een flexibele schil van inhuurkrachten. De aanstelling van eigen archeologen zorgde ervoor dat archeologisch onderzoek in Amersfoort goed was verankerd. Zelfs toen dit nog niet goed in een wet was geregeld, werd archeologisch onderzoek gedaan bij nieuwbouwprojecten. Vanaf het begin zijn de resultaten van deze onderzoeken bekend gemaakt aan het publiek. Amersfoort was bovendien de eerste gemeente met een archeologische beleidskaart.
76
Monumentencommissie In de eerste Amersfoortse monumentenverordening uit 1922 was al bepaald dat er een onafhankelijke deskundige commissie moest worden ingesteld die tot taak had Burgemeester en Wethouders te adviseren over erfgoedzaken. De eerste taak van de commissie was het uitbrengen van advies over de samenstelling van de gemeentelijke monumentenlijst. Basis vormde de Voorloopige lijst van het Rijk, deze werd zorgvuldig geactualiseerd en aangevuld. Daarnaast werden door de commissie in de eerste jaren de nodige sloop- en verbouwplannen beoordeeld. Regelmatig werd daarbij ook de rijkscommissie benaderd, in de persoon van de eerder genoemde Jan Kalf. In de eerste decennia was de verhouding tussen de commissie en het gemeentebestuur nog moeizaam. Diverse voorstellen tot plaatsing op de monumentenlijst werden niet overgenomen en de commissie werd vaak niet of te laat betrokken bij ingrepen aan monumenten. Desondanks kon de sloop van veel markante monumenten worden voorkomen, zoals de bijzondere Gelderse gevel van Bloemendalsestraat 37. Na de Tweede Wereldoorlog, onder burgemeester Moldendijk, keerde het tij. Ondanks de grote wederopbouwopgave was er ook veel aandacht voor het erfgoed in de stad. Dit leidde in die periode tot een enorme impuls en tot grote waardering in en buiten de stad.
Molendijk bevorderde ook het gebruik van monumenten voor bijzondere, vaak culturele functies. In alle latere erfgoedwetgeving is ook de verplichting opgenomen om wijzigingsplannen voor monumenten te laten beoordelen door een onafhankelijke deskundige commissie. Dit zorgt voor een zorgvuldige afweging en voorkomt willekeur. Wijzigingen aan monumenten zijn immers in de meeste gevallen onomkeerbaar. In de huidige situatie adviseert de Erfgoedcommissie in de procedures, als onderdeel van de integrale Gemeentelijke Adviescommissie Omgevingskwaliteit (GAO).
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
Huidige situatie: Erfgoedwet en Omgevingswet In de afgelopen decennia zijn de erfgoedtaken nog verder gedecentraliseerd. De gemeenten zijn verantwoordelijk voor de meeste erfgoedtaken en zijn in vrijwel alle gevallen het bevoegd gezag, ook voor de rijksmonumenten. De gemeente is zo het loket voor alle plannen die te maken hebben met erfgoed en verleent de vergunningen voor erfgoedplannen. De gemeente kan daarbij een beroep doen op de specialistische kennis van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). In bepaalde gevallen heeft de RCE nog een formele adviesrol (aan het college van burgemeester en wethouders) in de procedures bij erfgoed. In de huidige situatie is alle wet- en regelgeving voor het erfgoed vastgelegd in de Erfgoedwet (2016), de Omgevingswet (2024) en de daarbij behorende besluiten en instructieregels. De Erfgoedwet definieert wat erfgoed is, regelt de aanwijzingsprocedure van rijksmonumenten en de zorg voor archeologische opgravingen. De Omgevingswet regelt met name de omgang met monumenten, zoals bijvoorbeeld de vergunningplicht bij het wijzigen van een monument.
77
14 BIJLAGE 4 - Wet- en regelgeving en beleidskaders Landelijke Erfgoedwet en Omgevingswet De landelijke wet- en regelgeving voor het erfgoed in de fysieke leefomgeving is vastgelegd in de Erfgoedwet (2016) en de Omgevingswet (2024 en de daarbij behorende besluiten en instructieregels. De Erfgoedwet definieert wat erfgoed is, regelt de aanwijzingsprocedure van rijksmonumenten en de zorg voor archeologische opgravingen. In de Omgevingswet is met name de omgang met monumenten geregeld zoals bijvoorbeeld de vergunningsregels voor het wijzigen van een monument.
Gemeentelijk erfgoed Naast het rijk kunnen ook provincies en gemeenten (archeologische of gebouwde) monumenten en stadsgezichten aanwijzen en hieraan regels verbinden. Amersfoort heeft daarvoor sinds 1922 een erfgoedverordening. In de huidige situatie is de erfgoedverordening onderdeel van de integrale verordening fysieke leefomgeving Amersfoort (hierna: verordening floA). De verordening floA is (voorlopig) een van de kaders voor het door de gemeente aangewezen erfgoed, totdat de regels uit deze verordening zijn opgenomen in het Omgevingsplan. De regels in de verordening floA gaan over aanwijzing, wijziging en bescherming van erfgoed.
Omgevingsplan, Omgevingsvisie en Omgevingsprogramma Om uitvoering te geven aan de Omgevingswet moeten gemeenten een Omgevingsplan vaststellen, waarin alle regels staan die gelden voor de fysieke leefomgeving. In dit Omgevingsplan moet de gemeente rekening houden met erfgoedwaarden. Het erfgoed moet in het omgevingsplan worden vastgelegd en hieraan moet een passende bescherming worden gekoppeld. Het Omgevingsplan is in eerste instantie een samenvoeging van de eerdere bestemmingsplannen en gemeentelijke verordeningen. In de komende jaren worden deze documenten omgevormd tot een integraal Omgevingsplan. De uitgangspunten van de gemeentelijke Erfgoedverordening worden zo ook onderdeel van het integrale gemeentelijke Omgevingsplan.
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
De Omgevingsvisie is het instrument waarmee de gemeente richting geeft aan de plannen voor de lange termijn. Het gaat om de hoofdlijnen van beleid voor de ruimtelijke ontwikkeling, met belangrijke doelen voor wonen, werken, groen, mobiliteit en duurzaamheid. Erfgoed vormt een overkoepeld thema dat als een rode draad door deze ontwikkelopgaven loopt. In de Amersfoortse Omgevingsvisie (2023) vormt het erfgoed de basislaag, en is het een belangrijk onderdeel van diverse ontwikkelopgaves. Het erfgoed draagt in Amersfoort in grote mate bij aan een aantrekkelijke stad om in te wonen, te werken of om te bezoeken. Erfgoed vormt daarmee een verbindende factor tussen de diverse ontwikkelopgaves uit de visie: • • • • •
Een inclusieve en aantrekkelijke stad om in te wonen Een groene stad in een groene omgeving, die water omarmt Een circulaire en CO2-neutrale stad Een stad met een veelzijdige en veerkrachtige economie Een stad waarin voorzieningen meegroeien.
In diverse Omgevingsprogramma’s werkt de gemeente de uitgangspunten van de visie verder uit. Dit gebeurt zowel thematisch als gebiedsgericht. In dit Omgevingsprogramma Erfgoed zijn de uitgangspunten uit de Omgevingsvisie thematisch uitgewerkt. Vanuit de Omgevingsvisie is in de verstedelijkingsstrategie Ontmoeten het leidend en overkoepelend thema, dat inspeelt op belangrijke maatschappelijke behoeften. In de levensaders en ontmoetingsplekken die zijn benoemd in de visie kan erfgoed een belangrijke rol vervullen om invulling te geven aan dit thema. De gemeente geeft uitvoering aan het erfgoedbeleid en de wetgeving van het rijk. Daarbij is er ook ruimte voor eigen prioriteiten en aanvullend gemeentelijk erfgoedbeleid. Voor de komende periode zijn deze ambities vastgelegd in dit thematische Omgevingsprogramma Erfgoed.
78
Wettelijke taken van de gemeente op het gebied van erfgoed
Omgaan met erfgoed in ruimtelijke plannen
De gemeente heeft een belangrijke taak in het beschermen en ontwikkelen van het cultureel erfgoed binnen haar grondgebied. Deze verantwoordelijkheid komt voort uit de Erfgoedwet, de Omgevingswet en de daarbij behorende instructieregels en besluiten, zoals het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl).
Bij alle ruimtelijke plannen en ontwikkelingen moeten zowel initiatiefnemers als de gemeente rekening houden met aanwezige erfgoedwaarden. Bijvoorbeeld bij nieuwe bouwprojecten, herinrichting van straten of gebiedsontwikkelingen. Daarbij wordt gekeken hoe cultuurhistorische structuren, zichtlijnen en monumentale gebouwen behouden en waar mogelijk versterkt kunnen worden. Zo draagt erfgoed bij aan de kwaliteit en herkenbaarheid van de fysieke leefomgeving.
Veel erfgoedtaken zijn in de afgelopen decennia gedecentraliseerd van rijk naar gemeente. De gemeente is het bevoegd gezag voor vrijwel alle processen en procedures bij erfgoed.
Aanwijzen en beschermen van erfgoed De gemeente kan archeologische waarden, gebouwen, objecten of gebieden aanwijzen als gemeentelijk monument of als gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht. De gemeente zorgt voor registratie en voor regels die het behoud van deze waarden waarborgen. Dit gebeurt in Amersfoort in de verordening floA en in het Omgevingsplan.
Roerend Erfgoed Roerend erfgoed is alles dat verplaatsbaar is en historische waarde heeft. Roerend erfgoed is alleen onderdeel van dit programma wanneer het direct is verbonden met het onroerend erfgoed in de leefomgeving. Bijvoorbeeld de bodemvondsten in ons archeologische depot. Ook waardevolle losse interieurelementen die horen bij een monument zijn roerend erfgoed. Onze gemeentelijke Erfgoedverordening (onderdeel van de Verordening fysieke leefomgeving Amersfoort - floA) biedt de mogelijkheid om dit soort voorwerpen of collecties aan te wijzen als beschermde gemeentelijk cultuurgoederen of verzamelingen. Om procedures en inzet te beperken kiezen we hier alleen voor als dit nodig is om verlies van waardevol roerend erfgoed te voorkomen.
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
Vergunningen en advies Voor aanpassingen aan monumenten of ingrepen in beschermde gebieden is vaak een omgevingsvergunning nodig. Daarmee wordt voorkomen dat (soms onbedoeld) monumentale waarden verloren gaan. De gemeente is het bevoegd gezag voor deze vergunningen -ook bij rijksmonumenten- en laat zich adviseren door de onafhankelijke Erfgoedcommissie (onderdeel van de Gemeentelijke Adviescommissie Omgevingskwaliteit, GAO). De commissie beoordeelt of plannen passen bij de cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het gebied of gebouw.
Zorg voor archeologie De gemeente is verantwoordelijk voor het behoud van archeologische waarden in de bodem. De beleidsregels voor het ruimtelijk proces staan in het Omgevingsplan. Het is uiteindelijk de gemeente die bepaalt of en welk archeologisch onderzoek nodig is. Het Centrum voor Archeologie spreekt als archeologisch deskundige namens de gemeente. Amersfoort is opgedeeld in meerdere gebieden. In die gebieden is er een archeologische verwachting of een vastgestelde waarde. Deze gebieden kennen elk hun eigen regels. De gebieden staan aangegeven op de gemeentelijke archeologische verwachtings- en beleidskaart.
Toezicht, handhaving en stimulering De gemeente ziet toe op naleving van de regels rond monumentenzorg en archeologie. Daarnaast stimuleert zij goed onderhoud en verduurzaming van erfgoed, onder meer via voorlichting, adviezen en subsidies aan eigenaren.
79
Erfgoed in het Omgevingsplan De Omgevingswet schrijft voor dat we rekening houden met erfgoed in het Omgevingsplan. Erfgoedwaarden zijn de waarden die belangrijk zijn voor onze geschiedenis en omgeving.
deze waarden vast. Daarin vermelden we ook of extra bescherming nodig is. Soms is de bestaande regelgeving al voldoende. Als meer bescherming nodig is, volgt eerst een aanwijsprocedure. Daarbij worden eigenaren en belanghebbenden betrokken.
Proces erfgoed in Omgevingsplan en thematische wijziging Omgevingsplan Erfgoedwaarden kunnen zijn: • Archeologische waarden: resten of sporen uit het verleden in de grond. • Objectwaarden: gebouwen en andere vaste objecten. • Ruimtelijke waarden: stadsgezichten, complexen, structuren en zichtlijnen. • Landschappelijke waarden: groen erfgoed en cultuurlandschappen. • Roerend erfgoed als dit is verbonden aan de fysieke leefomgeving. • Immateriële waarden: gebruiken of tradities die verbonden zijn met de fysieke omgeving. Sommige erfgoedwaarden zijn al beschermd, zoals rijks- en gemeentelijke monumenten. Andere hebben geen formele status. Waar nodig koppelen we een passend beschermingsniveau aan het erfgoed, bijvoorbeeld door aanwijzing tot monument met bijbehorende vergunningsregels voor wijziging of sloop. Soms volstaan ook de bestaande regels in het Omgevingsplan, bijvoorbeeld om te voorkomen dat er wordt gebouwd in een waardevol groengebied. Nieuw in de Omgevingswet is dat ook de omgeving van een monument moet worden beschermd. Hierbij kijken we bijvoorbeeld naar zichtlijnen, schaal, maat en beleving. Dit is een interdisciplinaire opgave die per locatie om een nadere uitwerking vraagt. Als daarvoor aanvullende juridische regels nodig zijn vraagt dit eerst om een belangenafweging, met uiteindelijk een eventuele borging via het Omgevingsplan.
Werkwijze De belangrijkste stap is het inventariseren en in kaart brengen van erfgoedwaarden op alle niveaus. Dat geldt zowel voor het bestaande, al beschermde erfgoed als voor nieuwe, nog onbeschermde waarden. In de verplichte cultuurhistorische paragraaf van een (deel)omgevingsplan leggen we Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
• De gemeentelijke teams Archeologie en Monumentenzorg brengen de cultuurhistorische waarden in kaart, zowel op stadsniveau als per deelgebied. • Basis zijn de bestaande beschrijvingen, erfgoedkaarten en de Archeologische Beleidskaart. • Waar nodig vullen we deze aan en gebruiken we daarbij externe deskundigheid (bijv. voor landschappelijk erfgoed). • Per deelgebied zorgen we dat de informatie over erfgoed beschikbaar is bij de actualisering van het Omgevingsplan. Waar mogelijk starten we hier alvast mee. Een gebiedsbeschrijving en cultuurhistorische paragraaf vormt de basis. • Uitgangspunt voor de invoering van de oude bestemmingsplannen in het Omgevingsplan is in eerste instantie een beleidsneutrale overgang. Bestaande (erfgoed)regels gaan over naar het nieuwe plan. • Voor aanvullende -onbeschermde- erfgoedwaarden onderzoeken we wat nodig is voor bescherming en hoe urgent dat is. • Bij urgente gevallen starten we direct een aanwijsprocedure tot gemeentelijk monument. Eigenaren en belanghebbenden worden hierbij betrokken. • In andere gevallen wijzen we nieuw erfgoed aan in thematische rondes, via de aanwijsprocedures gevolgd door een thematische wijziging van het Omgevingsplan. In deze thematische ronde borgen we ook de regels die de Omgevingswet vraagt voor de omgeving van het monument.
Deze laatste categorie vraagt om een integrale beleidsmatige afweging in een actualisatie van het omgevingsprogramma Erfgoed. Er spelen bij de omgeving van een monument meerdere belangen nu behalve de eigenaar van het monument ook de omgeving betrokken wordt. • Ook zonder aanvullende regels kunnen erfgoedwaarden soms al goed worden beschermd met bestaande ruimtelijke regels van het Omgevingsplan en met de algemene welstandsregels. Dat geldt vooral voor erfgoed met minder hoge waarden (zoals beeldbepalende of beeldondersteunende panden). Wanneer er voor een goede bescherming van deze panden aanvullende juridische regels
80
gewenst zijn, bijvoorbeeld met een aanvullende sloopvergunningplicht, vraagt dat een extra procedure waarin eigenaren en belanghebbenden worden betrokken voordat het omgevingsplan kan worden gewijzigd.
Erfgoed in de verordening floA en het omgevingsplan De oude gemeentelijke erfgoedverordening is opgenomen in de verordening fysieke leefomgeving Amersfoort (floA). Deze verordening regelt: • De aanwijzing van gemeentelijke monumenten (archeologisch en bouwkundig) en stadsgezichten. • De regels voor omgang met gemeentelijke monumenten en stadsgezichten (vergunningsregels).
gewogen. Daarna leggen we dit vast in een (thematische) wijziging van het Omgevingsplan. Bij de eerste wijziging van het Omgevingsplan Amersfoort (OP-1) zijn onderdelen over erfgoed aan de zogenoemde bruidsschat toegevoegd, met name de artikelen die betrekking hebben op gemeentelijke monumenten (artikelen 22.236 en 22.240). Deze regels gelden naast de bepalingen van de verordening floA.. De verordening floA blijft dus (voorlopig) een van de kaders voor het door de gemeente aangewezen erfgoed, maar haar gelding is tijdelijk: zodra het definitieve omgevingsplan in werking treedt, gaan de regels over aanwijzing, wijziging en bescherming van erfgoed via het Omgevingsplan lopen. Voor het rijksbeschermde erfgoed gelden de regels uit de Erfgoedwet.
Daarnaast zijn in oudere bestemmingsplannen regels opgenomen voor beeldbepalende panden (bijvoorbeeld de sloopvergunningplicht) en cultuurhistorische waarden. Deze regels nemen we over in het Omgevingsplan.
Aanwijzingsprocedure gemeentelijke monumenten onder verordening floA en Omgevingswet
Overgang van de verordening floA naar het Omgevingsplan Amersfoort
De aanwijzing tot gemeentelijk monument is geregeld in paragraaf VIII.3 van de floA. In het kort gaat het om de volgende stappen.
We dragen zorg voor het up-to-date houden van de juridische bescherming van ons erfgoed.
Voortraject
De aanwijzing van gemeentelijk erfgoed is deels geregeld in de verordening fysieke leefomgeving Amersfoort.
Onderzoek naar monumentale waarden (redengevende beschrijving), het horen van belanghebbenden (art. 4:8 Awb) en advies vragen aan de Erfgoedcommissie (art. 8.7 floA).
De erfgoedregels uit de verordening fysieke leefomgeving Amersfoort (FloA) moeten voor 2032 overgezet worden naar het Omgevingsplan Amersfoort. Het Omgevingsplan vormt uiteindelijk het centrale gemeentelijke instrument voor alle regels over de fysieke leefomgeving, waaronder ook cultuurhistorie en erfgoed. Wanneer de bescherming van erfgoedwaarden nieuwe juridische consequenties heeft (voor eigenaren of belanghebbenden), vraagt dit eerst een (aanwijs)procedure of een aanvulling op dit Omgevingsprogramma (als het gaat om de ‘omgeving van het monument’ of bij ‘nieuwe beeldbepalende- of ondersteunende panden’ als er geen ander besluit daarover is genomen), waarin de belangen integraal worden Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
Besluit voornemen tot aanwijzing Het besluit van het college met het voornemen om een onroerende zaak aan te wijzen als gemeentelijk monument moet worden bekend gemaakt aan alle zakelijk gerechtigden. Tegen dit besluit kunnen zienswijzen worden ingediend. De voorbescherming treedt reeds in werking bij bekendmaking van het voornemen (art. 8.6 floA).
81
Besluit tot aanwijzing In dit besluit worden de adviezen en zienswijzen afgewogen. Tegen het besluit tot aanwijzing staan de mogelijkheden voor bezwaar en beroep open.
Aanwijzing De aanwijzing tot gemeentelijk monument geschiedt via het wijzigingen van het Omgevingsplan. Op dit wijzigingsbesluit is de uniforme voorbereidingsprocedure van afd. 3.4 Awb van toepassing (art. 16.29 t/m 16.31 Omgevingswet).
Voortraject Belanghebbenden moeten worden geïnformeerd omdat de UAV wordt toegepast (art. 3.13 Awb). In het voortraject vindt (aanvullend) onderzoek naar de monumentale waarden plaats (opstellen redengevende beschrijving) en er wordt advies gevraagd aan de Gemeentelijke Adviescommissie Omgevingskwaliteit (Erfgoedcommissie).
Voorbescherming Dit vereist een voorbereidingsbesluit (art. 4.14 Omgevingswet). Dit moet binnen maximaal 1,5 jaar worden gevolgd door een definitief besluit.
Bekendmaking van het voornemen om het Omgevingsplan te wijzigen Dit volgt uit art. 16.29 Omgevingswet. Dus het voornemen om het proces te starten om een object als gemeentelijk monument aan te wijzen.
Kennisgeving van het ontwerp-omgevingsplan Dit volgt uit art. 16.30 Omgevingswet. De redengevende beschrijving en het advies van de commissie moeten met het ontwerpbesluit ter inzage worden gelegd (6 weken). Tegen het ontwerp-wijzigingsbesluit kunnen zienswijzen worden ingediend.
Omgevingsprogramma Erfgoed Gemeente Amersfoort
Wijzigingsbesluit Op basis van de adviezen en zienswijzen neemt het college van burgemeester en wethouders een besluit. Tegen het wijzigingsbesluit staat beroep open. Het definitieve besluit treedt in werking 4 weken na de bekendmaking.
Voornemen tot aanpassing aanwijzingsprocedure verordening floA Er is een concept-wijziging van de floA in voorbereiding. Deze wijzigingen hebben voor wat betreft de aanwijzingsprocedure m.n. betrekking op artikel 8.4 (wijziging “naar aanleiding van een verzoek van een belanghebbende” i.p.v. “naar aanleiding van een aanvraag van een belanghebbende”; deze wijziging in terminologie heeft echter geen juridische consequentie), artikel 8.7 (wijziging naam commissie GAO, subcommissie Erfgoed i.p.v. CRK subcommissie Erfgoed en vervallen van lid 3), artikel 8.8 (zo nodig verlenging van de beslistermijn bij een aanwijzing op verzoek van een derde met 26 weken, dus in totaal 2x 26 weken) en artikel 8.9 (gemeentelijk erfgoedregister i.p.v. monumentenlijst).
Regels vanuit Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en Besluit Activiteiten leefomgeving (Bal) Binnen de kaders van de Omgevingswet zijn regels over cultureel erfgoed opgenomen in zowel het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) als het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Artikel 5.130 van het Bkl bevat instructieregels die gericht zijn op het behoud van cultureel erfgoed in het omgevingsplan. Deze regels hebben onder meer betrekking op archeologische monumenten en andere cultuurhistorisch waardevolle elementen in de fysieke leefomgeving. Gemeenten zijn hiermee verplicht om bij het vaststellen
82
van het omgevingsplan rekening te houden met het behoud en de bescherming van deze waarden. Daarnaast bevat artikel 5.131 van het Bkl instructieregels voor het behoud van de uitzonderlijke universele waarde van werelderfgoederen. Deze regels zijn ook van toepassing wanneer het betreffende werelderfgoed zich buiten de eigen gemeentegrenzen bevindt. In het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) is het onderwerp cultureel erfgoed verder uitgewerkt in hoofdstuk 13, dat regels stelt voor activiteiten die betrekking hebben op cultureel erfgoed. Hoofdstuk 14 van het Bal ziet specifiek op activiteiten die verband houden met werelderfgoed. Hoewel binnen de gemeente Amersfoort geen werelderfgoed aanwezig is, zijn de bepalingen uit artikel 5.130 van het Bkl en hoofdstuk 13 van het Bal wél van toepassing. Deze vormen de basis voor het gemeentelijk beleid ten aanzien van het behoud, de bescherming en de zorgvuldige omgang met het cultureel erfgoed in Amersfoort.