CConstaterende datAmersfoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Factsheets

Commissie Bedrijvigheid 24 juni 2026, gemeente AmersfoortBij agendapunt: Raadsacademie Energiesysteem - beeldvorming31.764 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Korte en lange termijn activiteiten In 2026 werken we aan een aantal activiteiten voor een goede uitvoering, monitoring en informatievoorziening voor de raad over het Omgevingsprogramma Volkshuisvesting, onder andere: • • •

Uitbreiding van de monitoring. Na het zomerreces 2026 informeren we de raad met een nieuwe, jaarlijkse raadsinformatiebrief over de ontwikkeling van de woonopgaven aan de hand van de belangrijkste kerncijfers voor het omgevingsprogramma volkshuisvesting. Op specifieke thema’s zoals woningbouw blijven we de raad ook apart informeren. Financiële afwegingen over de uitvoering van het omgevingsprogramma volkshuisvesting zijn onderdeel van de jaarlijkse begrotingscyclus. 25

FACTSHEETS

Daarnaast worden per uitvoeringslijn vele activiteiten ondernomen. Onderstaand noemen we diverse voorbeelden en geven voor zover bekend aan hoe de raad betrokken wordt. In algemene zin geldt dat de raad wordt geïnformeerd via bovengenoemde rapportages of als daar aanleiding toe is via bijvoorbeeld een specifieke raadsinformatiebrief of gesprek in de commissie. Ook kan de raad worden gevraagd om besluitvorming (zie verderop bij rol en bevoegdheid). 1. Betaalbaar wonen, vitale wijken en samenwerking met corporaties • Voor nieuwe woningbouwprojecten gaan de nieuwe regels voor betaalbaarheid in het omgevingsprogramma volkshuisvesting gelden. Voor lopende projecten gelden de bepaalde kaders of gemaakte afspraken op basis van het Deltaplan Wonen. We gaan meer focus leggen op gebiedsgerichte kansen en opgaven en wat voor specifieke doelgroepen als jongeren, gezinnen, ouderen of mensen met een zorgbehoefte nodig is. Per project kan de doelgroepenfocus verschillen. Dat wordt per nieuw project zichtbaar in de kaderstellende notitie die de raad vaststelt. • Met corporaties werken we aan de afspraken over voorraadontwikkeling en woonruimteverdeling. • Met het oog op leefbaarheid is gebiedsgerichte samenwerking met corporaties en huurders van belang (zoals in Liendert); daarbij kijken we ook wat we kunnen leren van de gezamenlijke aanpak Amersfoort Vernieuwt uit het verleden.

• We informeren de raad voor de zomer 2026 over onze rol en aanpak voor de inzet van verschillende koopinstrumenten. Dat doen we samen met corporaties en met ontwikkelaars zoals in Bovenduist. • We gaan de aanpak jongerenhuisvesting uitbreiden en kijken daarbij onder andere naar wooncooperatie / collectieve woonvormen en studentenhuisvesting. 2. Gebiedsontwikkelingen en woningbouw in bestaande wijken • We werken in projecten (groot en klein en verspreid over de stad) aan plannen voor woningbouw, bijvoorbeeld Kop van Isselt (2.500-3.000 woningen) en Bovenduist (3.0003.300). Ontwikkelkaders worden in 2026 uitgewerkt in concrete plannen. • Een grote bedreiging voor de voortgang van woningbouw is netcongestie; zie de factsheet over Energie. 3. Bestaande woningvoorraad en woonruimteverdeling • We stimuleren woningdelen om voor diverse doelgroepen snel extra huisvesting te regelen; met corporaties wordt dit verkend en Portaal doet een pilot. We geven eerst prioriteit aan vergunninghouders en urgent woningzoekenden (zoals mensen die uitstromen uit zorg) en gaan daarna aan de slag met woningdelen voor jongeren en overige reguliere doelgroepen. • Om doorstroming te bevorderen gaan we in gesprek met corporaties over huurbehoud. Ook gaan we een pilot buurtvoorrang voor LES inrichten; de raad besluit daarover met een aanpassing van de Huisvestingsverordening.

We ontwikkelen de inzet van wooncoaches door. Na de zomer informeren we de raad over alle maatregelen die we in 2026 en 2027 nemen over doorstroming. • Eind 2026 evalueren we de leegstandsverordening en maken een afweging over leegstandsheffing en of leegstand van niet-woningen onderdeel van de verordening wordt (de raad beslist indien aanpassing van de leegstandsverordening aan de orde is). • Eind 2026 maken we een afweging over het eventueel intrekken of aanpassen van de opkoopbescherming in de Huisvestingsverordening (de raad beslist daar dan over); we wachten de resultaten van de landelijke evaluatie af (verwacht na de zomer). • We maken heldere regels voor splitsen en kamerverhuur (procedure en planning ntb). 26

FACTSHEETS

4. Geschikte ouderenhuisvesting (zie ook factsheet Wmo en vergrijzing) • We gaan in 2026 met corporaties kijken naar de mogelijkheden om bestaande complexen beter geschikt te maken voor ouderen (onder andere ontmoetingsruimtes). • We werken uit hoe we meer gebiedsgericht kunnen werken aan ouderenhuisvesting (waaronder in woon-zorgcirkels): wat is waar het meeste nodig / passend / kansrijk? • We gaan door met onze inzet gericht op bewustwording over Langer thuis wonen. • We zetten in op speciale woonvormen voor ouderen, zoals geclusterde ouderenhuisvesting (als dit kansrijk is in een project ziet de raad dat in de kaderstellende notitie) en Lang Leven Thuisflats. 5. Wonen en zorg en overige aandachtsgroepen We werken met corporaties en andere partijen uit het Netwerk Wonen en Zorg aan diverse acties uit het Actieplan huisvesting urgent woningzoekenden, zoals woningdelen, flexwonen en maatregelen in de verdeling van woonruimte via het verdeelbesluit. •

• •

•

•

Huisvesting vergunninghouders: de gemeente loopt achter op de taakstelling huisvesting vergunninghouders, waardoor we onder verscherpt toezicht van de provincie staan. Met de provincie zijn afspraken gemaakt hoe de opgebouwde achterstand kan worden ingelopen. Ook in 2026 werken we aan de in het verbeterplan gemaakte afspraken met de provincie. Eind 2026 evalueren we het verdeelbesluit. We werken Wonen Eerst verder uit. Housing First Nederland werkt aan een advies hoe we dit in Amersfoort kunnen implementeren; het traject wordt afgerond in mei 2026 en daarna gaat het college naar de raad over het vervolg. Flexwonen: om op korte termijn meer woonplekken te realiseren voor mensen die met spoed een woning zoeken (wettelijke urgenten, vergunninghouders, overige spoedzoekers en jongeren) wordt gewerkt aan het toevoegen van flexwoningen. Hiervoor kijken we bij voorkeur naar de transformatie van bestaande gebouwen maar ook naar (bekende) zoeklocaties. De inzet is om de komende 3 jaar 200-250 flexwoningen te realiseren. De raad beslist per locatie over de realisatie van flexwoningen. We zoeken locaties voor extra standplaatsen voor woonwagens.

Rol en bevoegdheid gemeenteraad • Bepaalt de kaders voor het woonbeleid (via de Omgevingsvisie en via een wensen en bedenkingen procedure voor het omgevingsprogramma) • Stelt kaders vast voor woningbouwprojecten (kaderstellende notitie of ontwikkelkader) • Stelt omgevingsplannen vast (waarin woningbouw planologisch mogelijk gemaakt wordt). • Stelt budgetten voor de uitvoering beschikbaar (via de begroting). • Vaststellen van regels voor woonbeleid via verordeningen (zoals de Huisvestingsverordening) Betrokkenheid externen Voor de uitvoering is de gemeente sterk afhankelijk van samenwerking met diverse partijen, o.a.: • Corporaties en huurders (bijvoorbeeld samenwerkingsafspraken) • Rijk / provincie / regio (bijvoorbeeld woondeal en regionale afspraken over ouderenhuisvesting en aandachtgroepen) • Ontwikkelende partijen (ontwikkelaars, corporaties etc.) 27

FACTSHEETS

Netwerk van wonen en zorg (zorg- en welzijnspartijen, corporaties) Zie ook paragraaf 6.2 Samenwerking in het Omgevingsprogramma Volkshuisvesting. •

Risico’s (politiek, maatschappelijk en financieel) De woonopgaven in Amersfoort zijn groter dan wat gemeente en partners op korte termijn kunnen realiseren, waardoor de woningnood en maatschappelijke onvrede dreigen toe te nemen. De ambitie om jaarlijks 1.000 nieuwe woningen te bouwen staat onder druk door o.a. netcongestie, stikstofbeperkingen, langdurige procedures. Als bouwtempo-afspraken met het Rijk niet worden gehaald, kan dit financiële consequenties hebben. Daarnaast staat de samenwerking met woningcorporaties onder druk. Er is een risico dat ze overvraagd worden in relatie tot beschikbare middelen en capaciteit. Door schaarste aan sociale huur worden moeilijke keuzes tussen doelgroepen onvermijdelijk, wat gevoelens van oneerlijkheid en onrust kan versterken. De woningnood vergroot ook de vraag naar zorg, omdat mensen langer in opvang of zorginstellingen moeten blijven. Amersfoort loopt achter bij het huisvesten van vergunninghouders en kan daardoor verder onder provinciaal toezicht komen. Voor woonwagenbewoners is er al jaren een tekort aan standplaatsen, wat tot onrust kan leiden — zowel bij de woonwagenbewoners zelf als omwonenden. Tot slot dreigt verdere tweedeling tussen vitale en kwetsbare wijken als er sprake blijft van overconcentratie van kwetsbare groepen en eenzijdige woningvoorraad. Betrokken afdelingen: Stad & Ontwikkeling.

Afdelingsmanager: Johan Boelhouwers Projecten & Programma’s. Afdelingsmanager: Remco Limburg Wonen & Werken. Afdelingsmanager: Nadia Crietee - van der Leeden

28

FACTSHEETS

7. Mobiliteitstransitie Kern dossier Omgevingsprogramma In mei 2025 is het Omgevingsprogramma Mobiliteit 2025-2035 Amersfoort aantrekkelijk en bereikbaar vastgesteld. Dit Omgevingsprogramma is een uitwerking de Omgevingsvisie Amersfoort Gezond Samen Leven 2030-2040, meer in het bijzonder de pijler ‘Een stad met een duurzame mobiliteit’. De pijler bestaat uit 3 doelen: 1. Een bereikbare stad die actieve mobiliteit omarmt; 2. De transitie naar emissieloze mobiliteit; 3. De versterking van de landelijke en regionale bereikbaarheid. We werken volgens het principe van STOMP (stappen, trappen, openbaar vervoer, MaaS (deelmobiliteit), privé-auto). We werken aan veel projecten die wandel- en fietsmogelijkheden verbeteren. Ook is in de stad in veel straten de snelheid verlaagd. Hiervoor zijn in januari 2026 borden geplaatst. De daadwerkelijke aanpassing van de inrichting van de straat is een geleidelijk proces van jaren. De realisatie van betaald en vergunningparkeren is in uitvoering. Fase 1 is in oktober 2025 ingegaan en fase 2 start dit jaar (zie factsheet Parkeren). We zetten in op het afvlakken van de groei van automobiliteit om een gezonde groei van de stad mogelijk te maken. Het verkeerssysteem loopt tegen haar grenzen aan en de bereikbaarheid staat onder druk.

Er is gekozen om meer binnenstedelijk en bij knooppunten te bouwen omdat daar ‘nabijheid’ een grote rol speelt: voorzieningen zijn op loopafstand te bereiken, bushaltes en stations zijn dichtbij. Op deze locaties wordt ook deelmobiliteit georganiseerd en is gekozen voor lage parkeernormen. Daarmee is het mogelijk om meer woningen te realiseren en door het parkeren veelal op te lossen in hubs ontstaat er meer openbare ruimte (zie verder factsheets Publieke mobiliteit en Parkeren). Binnen het programma wordt ook gekeken naar het samenhangende verkeerssysteem in het centrum, zie: 2. Hier loopt een toekomstige BRT-corridor, komen 5 levensaders bij elkaar, komen er, ondanks het beleid, nog meer auto’s bij vanwege de extra woningen en banen én hebben we ambities op het gebied van ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid. Om bereikbaar te blijven, ook bij extra woningbouw, is het nodig om één rijstrook en een busbaan in beide richtingen op de Stadsring te realiseren. De Amsterdamseweg blijft totdat dit is gerealiseerd 2x2 rijbanen en kan daarna heroverwogen worden. In de Asch Van Wijck-/Stationsstraat kan de bus op de rijbaan komen. De Nieuwe Poort is een belangrijke schakel in het geheel. Hier wordt de doorstroming en de ruimtelijke kwaliteit verbeterd. Het programma Mobiliteitstransitie heeft een budget waaruit bijvoorbeeld het project van 50 naar 30 km betaald kan worden.

Voor investeringsprojecten is er in principe geen budget. Jaarlijks worden via de Ruimtelijke Investeringsstrategie (RISA) bij de kadernota aanvragen gedaan voor projecten die gaan starten. Voor veel projecten zijn ook middelen door andere overheden beschikbaar gesteld, bijv. via BO MIRT. Samenwerking met Rijk en Regio, waaronder BO MIRT Een van de belangrijkste manieren om onze lange termijn verstedelijkingsambities en doelen te behalen is door samenwerking met regio en rijk. De belangrijkste tafel daarvoor is de samenwerking met de MRU, provincie en Rijk in U-ned verband. Via de lijn van Uned worden 29

FACTSHEETS

besluiten voor het BO MIRT voorbereid. Jaarlijks bespreken we tijdens het BO MIRT Noordwest de grote dossiers op het gebied van woningbouw en mobiliteit met de minister van IenW. Het BO MIRT is een overleg tussen regionale bestuurders en bewindspersonen van in elk geval de ministeries van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) en Infrastructuur en Waterstaat (IenW). Provincie Utrecht vormt samen met de provincies Noord-Holland en Flevoland het landsdeel ‘Noordwest’. Met RIB 2026-002 Resultaten BO MIRT 2025 is de raad geïnformeerd over de afspraken die zijn gemaakt waaronder toekenning van extra Rijksmiddelen voor de ontwikkeling van de onze woningbouwgebieden LES, Hoefkwartier en Vathorst Bovenduist en de Mobiliteitsagenda Regio Amersfoort. Doelstelling/ korte omschrijving Amersfoort is een fijne stad om te wonen, werken, winkelen en te ontspannen. Dat willen we graag zo houden. Door de groei van het aantal inwoners en woningen staat dit onder druk. Om Amersfoort ook in de toekomst leefbaar, bereikbaar en klimaatbestendig te houden is het nodig anders om te gaan met mobiliteit en de beschikbare ruimte. Daarom geven we ruimte aan en stimuleren we lopen, fietsen, het gebruik van OV en deelvervoer als alternatief voor de privéauto. Stand van zaken Uitvoering van het Omgevingsprogramma verloopt via het programma Mobiliteitstransitie.

Dit programma heeft een looptijd van 10 jaar en bestaat uit tientallen projecten en maatregelen. De doelen uit het programma worden elke 2 jaar gemonitord. Waar nodig worden de maatregelen en projecten bijgesteld om de doelen te halen. De projecten bevinden zich in verschillende stadia: sommige projecten zijn in de studiefase (bijv. hubs, Bus Rapid Transit verbindingen) en andere projecten zijn al in uitvoering (bijv. fietsroutes, betaald parkeren en de verlaging van de maximumsnelheid). Korte en lange termijn activiteiten Voor parkeren en publieke mobiliteit zijn er 2 aparte factsheets, waarin de activiteiten aan de orde komen. Verder is beleidsvormend van belang dat dit jaar een besluit wordt genomen welke wegen aanvullend ook nog een snelheidsverlaging krijgen. Op 30 januari 2026 is de 1e fase van de snelheidsverlaging gemeentebreed ingegaan. De wegen die belangrijk zijn voor het openbaar vervoer zijn hierbij vooralsnog niet meegenomen. Hiervoor wordt in beeld gebracht wat de consequenties zijn voor de bus en op basis van een integrale afweging worden keuzen gemaakt En o.a.

aan de volgende projecten wordt dit jaar gewerkt: • Planuitwerking fietsveilig westzijde (waarbij het deel noord en zuid relatief snel richting uitvoering kunnen en waarbij voor het deel midden nog wordt onderzocht wat een goede oplossing is rondom de kruising met het spoor) • Planuitwerking Amersfoortsestraat • Planuitwerking Doorfietsroute Bovenduist • Verkenning Doorfietsroute UtrechtSciencePark • Aanpassingen in looproutes

30

FACTSHEETS

Rol en bevoegdheid gemeenteraad Het college is bevoegd om het omgevingsprogramma en de wijzigingen daarvan vast te stellen. De raad heeft vooraf wensen en bedenkingen gegeven. De raad stelt krediet vast voor de verschillende projecten. Inbreng in BO MIRT en andere overleggen met rijk en provincie vindt plaats aan de hand van het Omgevingsprogramma Mobiliteit en de Mobiliteitsagenda Regio Amersfoort die door de raad zijn vastgesteld. Betrokkenheid externen - Inwoners, ondernemers en bedrijven in de stad. - Rijk - Regio Amersfoort – RWS – provincies Utrecht en Gelderland- Uned. - NS, ProRail, Keolis. - Fietsersbond, SGLA, VVN, VNO-NCW, TLN, ROCOV/ Rover - Belangengroeperingen op buurt/wijk/stadsniveau, zoals Van Ring naar Park Risico’s (politiek, maatschappelijk en financieel) • Voorziene maatregelen worden om uiteenlopende redenen niet gerealiseerd; dit kan tot gevolg hebben dat minder woningen kunnen worden gebouwd dan gepland; • Nog geen volledige dekking voor de uitvoering • Onvoldoende voortgang • Onvoldoende gedragsverandering • Onvoldoende capaciteit Betrokken afdeling: Stad & Ontwikkeling. Afdelingsmanager: Johan Boelhouwers

31

FACTSHEETS

8. Parkeren Kern dossier In de Woondeal is afgesproken in Amersfoort 8.500 tot 11.500 woningen te realiseren. Een belangrijk onderdeel van de samenwerking met het Rijk is het op orde brengen van de benodigde randvoorwaarden voor verstedelijking. Eén van die randvoorwaarden is bereikbaarheid. De druk op Amersfoortse wegen neemt toe en kan het autoverkeer van al deze extra woningen niet verwerken. Dit vraagt onder meer een andere manier van omgaan met parkeren. Ook stellen we bij hoge dichtheden eisen ten aanzien van een groene openbare ruimte, omdat bewoners niet altijd meer over een eigen buitenruimte beschikken. Hierdoor kunnen parkeerplaatsen niet op maaiveld gerealiseerd worden, waardoor ontwikkelaars zijn aangewezen op dure gebouwde parkeeroplossingen. Dit opgeteld leidt ertoe dat we alleen grote aantallen woningen kunnen bouwen met een lagere parkeernorm, inzetten op nabijheid van wonen, werken en voorzieningen en goede alternatieven op het gebied van publieke mobiliteit. De bestaande stad mag bovendien niet de dupe worden van een hoge parkeerdruk die wordt veroorzaakt door een naastgelegen wijk met een lage parkeernorm. Door in grote delen van de stad alleen betaald parkeren en vergunningparkeren in te voeren tussen 06:00 uur en 11:00 uur proberen we de impact en overlast op deze wijken tot een minimum te beperken.

Het parkeerbeleid omvat de uitgangspunten en strategie voor de invoering van parkeerregulering en het stellen van parkeernormen. Op 13 mei 2025 is het Omgevingsprogramma Mobiliteit samen met de aanvullende parkeerbesluiten en regels vastgesteld. In het noordelijke deel van de stad (Kattenbroek, Hoogland, Nieuwland, Vathorst en Hooglanderveen) is afgesproken om vóór 2035 geen parkeerregulering in te voeren, tenzij de situatie daarom vraagt. De invoering van parkeerregulering is één van de projecten in het programma Mobiliteitstransitie (zie aparte factsheet). Doelstelling/ korte omschrijving We zetten parkeerbeleid in om meer duurzame en actieve vervoerswijzen te stimuleren en meer ruimte te creëren voor onze ruimtelijke ambities en uitdagingen zodat de stad bereikbaar blijft. In de wijken Eemkwartier, Isselt, Soesterkwartier, De Berg Noord en Zuid, Nederberg, Leusderkwartier, Vermeerkwartier, Randenbroek, Kruiskamp, De Koppel, Schuilenburg, Liendert, Rustenburg, Schothorst Noord en Zuid, Zielhorst en De Hoef voeren we de komende jaren parkeerregulering in. In deze wijken is nu al parkeeroverlast, omdat in een naastgelegen wijk al betaald parkeren en vergunningparkeren is ingevoerd of we verwachten dat er parkeeroverlast ontstaat door de uitbreiding van parkeerregulering.

Om te voorkomen dat in wijken die grenzen aan de ontwikkelgebieden Langs Eem en Spoor en Hoefkwartier parkeeroverlast ontstaat, voeren we hier betaald parkeren en vergunningparkeren in. Met de invoering zorgen we dat iedereen die in de wijk moet zijn met de auto, hier kan parkeren en houden we de bereikbaarheid op de weg op peil. Daarnaast maken we ruimte voor bijvoorbeeld voetgangers, fietsers en groenvoorziening. Stand van zaken De Parkeerverordening en de Verordening parkeerbelasting 2025-2026 zijn op basis van het nieuwe beleid aangepast. De uitwerking door het college is vastgelegd in het Aanwijzingsbesluit betaald- en vergunningparkeren, het Besluit uitgifte parkeervergunningen, de Beleidsregels POET (Parkeren op eigen terrein) en GROP (Geen recht op parkeervergunning), de Beleidsregels 32

FACTSHEETS

parkeernormen Amersfoort en de Amersfoortse Bouwbrief. Inmiddels is ook de Adressenrestrictielijst POET en GROP vastgesteld. Per 1 oktober 2025 is betaald parkeren en vergunningparkeren ingevoerd in Kruiskamp, Randenbroek (tot de Ringweg Randenbroek) en Vermeerkwartier (tot aan de Gasthuislaan). Waar voorheen al vergunningparkeren was is een dagkaartgebied ingesteld. Hier is het nog wel mogelijk om het eerste uur voor 3 euro te parkeren. Inzichten die de eerste fase hebben opgeleverd zijn te lezen in de volgende documenten, presentatie tussenevaluatie. Aanpassingen: Collegebericht aan de raad, collegebericht aanpassingen parkeerverordening. Korte en lange termijn activiteiten Vanaf 1 oktober 2026 wordt ook in het Soesterkwartier, Isselt, Eemkwartier en Liendert betaald parkeren en vergunningparkeren ingesteld. De voorbereidingen hiervoor zijn in volle gang. Begin april worden de bewoners en bedrijven hierover per brief geïnformeerd. Vanaf half mei worden bewonersbijeenkomsten georganiseerd en vanaf juli is het voor deze wijken mogelijk een vergunning aan te vragen. Per 1 mei 2027 volgen de wijken Rustenburg, Schuilenburg, rest Randenbroek, rest Vermeerkwartier en de Berg noord en zuid. Per 1 oktober 2027 volgen de wijken Schothorst-Zuid, Zielhorst en de omgeving van het Meander MC.

Zie hiervoor ook de Interactieve kaart betaald- en vergunningparkeren Rol en bevoegdheid gemeenteraad Kaderstellend (met de Omgevingsvisie en wensen en bedenkingen op het Omgevingsprogramma Mobiliteit) en uitvoerend met de Parkeerverordening Amersfoort en de Verordening parkeerbelasting. Daarnaast toezicht op zorgvuldige uitvoering van het Omgevingsprogramma mobiliteit 2025-2035 en de gedelegeerde taken en bevoegdheden van het college. Betrokkenheid externen Inwoners, ondernemers, organisaties en bedrijven in de stad. Risico’s (politiek, maatschappelijk en financieel) Politiek: dit parkeerbeleid is mede ingevoerd om de stad bereikbaar en leefbaar te houden en woningbouw zoals gepland mogelijk te maken. Andere keuzes hebben effect op geplande woningbouw. Tegelijkertijd grijpt het in op de leefomgeving en moeten inwoners betalen. Dit leidt tot onrust en politiek debat. Financieel: dit soort grote transities brengen altijd financiële risico’s met zich mee. Een vertraging of andere uitvoering van de uitbreiding van betaald parkeren heeft negatieve financiële effecten op de meerjarenbegroting Maatschappelijk: we hebben gezien dat het parkeerbeleid op weerstand stuit. Invoering van de verschillende fases zoals gepland zal waarschijnlijk steeds weer maatschappelijke discussie oproepen. Betrokken afdeling: Stad & Ontwikkeling. Afdelingsmanager: Johan Boelhouwers

33

FACTSHEETS

9. Publieke Mobiliteit Kern dossier Publieke Mobiliteit Het totale stelsel van gedeelde mobiliteit dat in meer of mindere mate publiek wordt aangestuurd, wordt publieke mobiliteit genoemd. Dit varieert van kleine, vraagafhankelijke vervoerssystemen zijn die worden gerund door vrijwilligers (zoals AutoMaatje) tot aan de grote opgaven die we hebben ten aanzien van spoor, Bus Rapid Transit (BRT) en deelmobiliteit bij gebiedsontwikkeling. De rol van de gemeente varieert van vorm tot vorm, net als de aard en de omvang van eventuele investeringen (in ruimte, inspanningen als euro’s). Hieronder werken we op een aantal onderdelen dit thema verder uit. Al deze onderdelen maken deel uit van het programma Mobiliteitstransitie en het Omgevingsprogramma Mobiliteit (zie aparte factsheet). Spoor en stations als nationaal knooppunt voor wonen, werken en innovatie Per spoor is Amersfoort goed verbonden. Dat willen we graag behouden en waar mogelijk verder uitbouwen, zoals ook opgenomen in de Public Affairs Agenda 2024 – 2027. De OV-knooppunten Amersfoort Centraal en Schothorst zijn van nationaal belang om stagnatie op spoor- en wegennet tegen te gaan en om gezond te kunnen verstedelijken. BRT Bus Rapid Transit (BRT) is een netwerk van snelle, betrouwbare, frequente en comfortabele bussen die het spoor aanvullen.

Samen met de provincie Utrecht, die over het aanbod gaat, werken we aan drie kerncorridors die we het OV-Anker van Amersfoort noemen. De gemeente is als wegbeheerder aan zet om op deze corridors ook ruimte te maken voor de BRT die in deze provincie rijden als Ulink en Uliner. Zie ook: Presentatie Commissie Omgeving over de toekomst van OV in Amersfoort Hubs Mobiliteitshubs zijn fysieke schakels tussen vervoersmodaliteiten met daaraan soms ook andere functies toegevoegd. Ze zijn aantrekkelijk in zowel ruimte als aanbod en zijn makkelijk te herkennen en te vinden in de stad, zie ook: Raadsinformatiebrief 2025-066: Stappenplan Mobiliteitshubs Deelmobiliteit Met een vergunningenstelsel en gerichte afspraken met aanbieders van deelmobiliteit (-auto's, fietsen, -bakfietsen, -scooters) bieden we garantie op voldoende aanbod, keuze en alternatieven voor onze inwoners om zich makkelijk te kunnen verplaatsen in de hele stad en regio. Daarbij stimuleren we toegankelijkheid, nabijheid en betaalbaarheid. Doelstelling/ korte omschrijving De missie vanuit Publieke Mobiliteit: We maken gedeeld vervoer zo aantrekkelijk dat je er gebruik van wil maken. Dat betekent dat ons streven is om te werken aan een systeem dat zowel op korte als lange afstanden, ongeacht welk moment en welke plaats, een alternatief kan zijn voor de auto. Dat systeem gaat verder dan alleen de klassieke bus of trein.

Die vormen zijn goed voor grote groepen mensen, terwijl die grote vraag lang niet altijd op elke plek en op elk moment aanwezig is. Daarom kijken we naar het totale stelsel van gedeelde mobiliteit – met en zonder chauffeur – om vervoersoplossingen op maat te bieden. In de buurt, altijd bereikbaar en voor zoveel mogelijk mensen te gebruiken.

34

FACTSHEETS

Stand van zaken Publieke Mobiliteit We werken samen in een pilot in de koploperregio Midden-Nederland samen met de gemeente Utrecht en provincie Utrecht aan een samenhangend mobiliteitssysteem van openbaar vervoer, doelgroepenvervoer en aanvullende vervoerssystemen, zoals deelvervoer of wijkbus. In deze pilot kijken we naar de bereikbaarheid van ziekenhuizen en bedrijventerreinen in de regio, waarin we ook de link leggen met Goed op Weg. Spoor en stations Voor Amersfoort betekent het dat we werken aan aantrekkelijke stations en stationsomgevingen die de toekomstige reizigersgroei aankunnen en die een goede entree geven naar de stad. Voor de stations Amersfoort Centraal en Amersfoort Schothorst werken we met onze partners binnen U Ned aan een verdiepend onderzoek op basis van de visies die eerder zijn ontwikkeld en het Gebiedsonderzoek Spoorzone Amersfoort en Heuvelrugzone onder U Ned-vlag. BRT Op bestuurlijk niveau zijn provincie en gemeente overeengekomen dat we GAan voor Goud. Voor de relatie richting Utrecht Science Park, wat op dit moment al een van de drukste busverbindingen in de regio is en waar de reistijd per OV in op veel plekken in de stad al concurrerend is met die van de auto, werken we samen met het Rijk en onze partners in U Ned aan een préverkenning vanuit het BO-MIRT aan een doorontwikkeling naar een volwaardige BRT.

Hubs We zijn in 2023 gestart met de uitrol van in totaal zo'n 200 buurthubs. Daar kunnen inwoners binnen een afstand van maximaal zo'n 300 meter een deeltweewieler (fiets/scooter) vinden en in veel gevallen ook al een deelauto en/of een bakfiets. In het Vermeerkwartier doen we een proef voor een wijkhub. Of er in de stad wijkhubs gaan komen, hangt sterk af van de effecten van het parkeerbeleid. Blijft de parkeerdruk in de woonstraten hoog, dan kunnen we met een wijkhub in de buurt zorgen voor meer leefbare straten. Ook werken we aan stadsrand- en corridorhubs aan de A1 en A28, waar bezoekers aan de stad kunnen overstappen van auto op een vorm van publieke mobiliteit. Daarmee ontlasten we het drukke verkeer in het centrum. Deelmobiliteit Bij nieuwbouw is publieke mobiliteit de norm, waarbij de gemeente ook wil zorgen voor het aanbod. Gemeente Amersfoort werkt ook aan deelmobiliteit via Goedopweg, onderdeel van U Ned. Er zijn momenteel zo'n 110 deelauto's van MyWheels, Greenwheels en Snappcar. In het voorjaar komt Vloto hier nog bij. We faciliteren initiatieven voor particulier autodelen. Voor deelfietsen is een tweejarige regionale concessie verleend aan Voi (240 e-bikes en gewone fietsen). Voor bakfietsen is er een tweejarige opdracht verstrekt aan Baqme t.b.v. 50 bakfietsen. Met Check is een tweejarige opdracht afgesproken t.b.v. 200 deelscooters.

Dit jaar herijken we het stelsel zodat zowel in de bestaande stad als in LES en Hoefkwartier garantie op meerjarig aanbod voor (nieuwe) bewoners geboden wordt. We maken afspraken over het aanbieden van stimuleringstegoeden. Ook kijken we of we het gratis OV voor minima kunnen verbreden naar deelmobiliteit.

35

FACTSHEETS

Korte en lange termijn activiteiten • Introductie deelfietsen met Voi in mei 2026. • Campagnes deelmobiliteit vanaf voorjaar 2026. • Herijken stelsel voor aanbieders deelauto's 2e helft 2026. • Finaliseren stelsel voor organiseren deelmobiliteit bij gebiedsontwikkeling, taken gemeente, juridische, financiële en organisatorische inbedding, 2e helft 2026. • Afspraken BO-MIRT over investeringen (jaarlijkse cyclus) en benodigde visieontwikkeling daarvoor voor stations en BRT-USP Rol en bevoegdheid gemeenteraad Voor investeringen die worden gedaan vanuit het BO-MIRT wordt de gemeenteraad geïnformeerd over de uitkomsten. Voor openbaar vervoer geldt dat de gemeente geen opdrachtgever is voor de uitvoering en dus geen rechtstreekse zeggenschap heeft over bijvoorbeeld de lijnen. Wel geeft de gemeenteraad belangrijke randvoorwaarden mee op het gebied van doorstroming, snelheid en betrouwbaarheid van het OV, aangezien wij wegbeheerder zijn. Daarnaast kan de gemeenteraad elk jaar suggesties doen voor het vervoerplan van het komende jaar. De gemeenteraad zal moeten vaststellen op welke wijze de gemeente regie neemt in het organiseren van deelmobiliteit bij gebiedsontwikkeling. Betrokkenheid externen - Inwoners, ondernemers en bedrijven in de stad. - Rijk - Regio Amersfoort – RWS – provincies Utrecht en Gelderland- U Ned. - NS, ProRail, Keolis.

- SGLA, VNO-NCW, TLN, ROCOV/ Rover, Onbeperkt Amersfoort. - Belangengroeperingen op buurt/wijk/stadsniveau, zoals Van Ring naar Park. - Aanbieders deelmobiliteit, zoals Greenwheels, MyWheels, Check, Voi en Baqme. Risico’s (politiek, maatschappelijk en financieel)

36

FACTSHEETS

Publieke mobiliteit Het totale stelsel van publieke mobiliteit als één systeem benaderen, is nog vrij nieuw. Het speelveld is complex met veel stakeholders en verschillende type vragen en uitdagingen (zie ook de praatplaat Publieke Mobiliteit). Wie welke rol pakt en op welke manier, hangt af van veel factoren. Daarbij gaat het om ruimte, geld, data en techniek. Spoor en stations Voor investeringen aan het spoor en op stations zijn we sterk afhankelijk van (co-)financiering door Rijk en regio. Omdat er forse bedragen mee gemoeid zijn, is er duidelijk commitment nodig vanuit de andere partijen. De belangen van de partijen lopen daarbij niet altijd parallel. Ook van ons als gemeente vraagt dit een grote bijdrage waarvoor een beroep zal worden gedaan op de RISA (Ruimtelijke Investeringsstrategie). Dit geldt ook voor de fysieke aanpassingen op BRTlijnen en voor de stadsrandhubs. BRT Ook voor BRT moeten we forse investeringen doen in euro’s en ruimte (die echter per reiziger gunstiger uitvallen ten opzichte van de auto). We richten we ons op corridorgericht werken om de opgaven in samenhang te zien. Hubs Ook voor hubs geldt dat er investeringen nodig zijn. Hoe grootschaliger de hub, hoe forser de investeringen (maar ook meer kansen in samenhang met andere voorzieningen). Daarnaast is er samenhang met de beschikbare parkeerplaatsen en parkeertarieven elders in de stad.

Als we dit onvoldoende in samenhang benaderen, kan het zijn dat investeringen onvoldoende of zelfs helemaal geen effect hebben. Deelmobiliteit Bij het aanbieden van deelmobiliteit is onze rol verschoven van het mogelijk maken voor marktpartijen om hier hun aanbod neer te zetten door middel van vergunningen naar in sommige gevallen daadwerkelijk opdracht-/concessieverlener. Dit betekent dat we dus ook daadwerkelijk geld investeren in het aanbod en hier ook risico in lopen, mocht het gebruik achterblijven. Betrokken afdeling: Stad & Ontwikkeling. Afdelingsmanager: Johan Boelhouwers

37

FACTSHEETS

10.

Omgevingsprogramma Maatschappelijke Voorzieningen

Kern dossier Het omgevingsprogramma maatschappelijke voorzieningen (in wording) is een vertaling en nadere uitwerking van ontwikkelopgave zes “een stad waarin voorzieningen meegroeien” uit de Amersfoortse Omgevingsvisie Gezond Samenleven 2030-2040. Het omgevingsprogramma beschrijft de noodzaak, opgaves, ambities en doelstellingen waar we als Amersfoort voor staan als het gaat om de maatschappelijke voorzieningen in de stad. De omgevingsvisie en het beleidskader inclusieve stad vormen de basis voor het omgevingsprogramma. Het omgevingsprogramma bevat straks ook een uitvoeringsprogramma waarin we beschrijven hoe we de ambities en doelstellingen realiseren. De scope van het programma maatschappelijke voorzieningen is vastgelegd in de startnotitie voor het omgevingsprogramma en betreft: 1. Onderwijs: primair en voortgezet. 2. Kinderopvang: Dagopvang, Buitenschoolse Opvang en Voor- en Vroegschoolse Educatie 3. Binnensportaccommodaties: zwembaden, sporthallen, sportzalen en gymzalen. 4. Buitensport en sportvelden: voetbal, hockey, rugby etc. 5. Sporten en bewegen in de openbare ruimte 6. Welzijn in de openbare ruimte en in gebouwde accommodaties 7. Eerstelijnszorg: huisartsen, apotheken, tandartsen, fysiotherapeuten en verloskundigen 8. Buurt- en wijkgerichte culturele voorzieningen

9. Religieuze voorzieningen 10. Ontmoetingsplekken binnen en buiten 11. Rust- en stilteplekken Doelstelling/ korte omschrijving Amersfoort groeit. Om een gezonde en prettig leefbare stad voor alle inwoners te zijn, is het van belang dat onze maatschappelijke voorzieningen meegroeien. Maar hoe bieden we ruimte aan voorzieningen in een compacte stad waar ruimte steeds schaarser wordt? En hoe zorgen we dat de juiste voorzieningen op de juiste plek komen? Het omgevingsprogramma maatschappelijke voorzieningen biedt inzicht in de opgaven en geeft antwoord op de vraag hoe we op integrale wijze deze opgaven realiseren. Genoeg ruimte voor maatschappelijke voorzieningen in de groeiende stad zorgt voor een goed functionerende stad met een prettige fysieke en sociale leefomgeving voor onze inwoners. Met elkaar werken we aan voldoende ruimte voor een passend aanbod van maatschappelijke voorzieningen in nabijheid van onze inwoners. Dat doen we nu en in de toekomst. Onze maatschappelijke voorzieningen zijn toekomstbestendig, verbindend en toegankelijk. Stand van zaken Op 5 november 2024 is de startnotitie voor het Omgevingsprogramma maatschappelijke voorzieningen vastgesteld: 1933736 - Definitieve Raadsinformatiebrief (1545870) (1559062).docx 38

FACTSHEETS

Op dit moment werken we het omgevingsprogramma uit. In Q4 2026 bieden we het omgevingsprogramma aan ter besluitvorming door de raad. Korte en lange termijn activiteiten Raadsbesluit omgevingsprogramma maatschappelijke voorzieningen Q4 2026 Rol en bevoegdheid gemeenteraad • Wensen en bedenkingen meegeven aan het college ten behoeve van de vaststelling door het college. • Vaststellen van ontwikkelkaders voor gebiedsontwikkeling en diverse projecten waarin ruimte wordt gereserveerd voor maatschappelijke voorzieningen. Betrokkenheid externen Het creëren, optimaliseren, behouden en gebruiken van ruimte voor onze maatschappelijke voorzieningen doen we in samenwerking met partners uit de stad zoals, SRO, indebuurt033, Wijkteam Amersfoort, Samenfoort, Huisartsen Eemland en GGD regio Utrecht. Maatschappelijke voorzieningen hebben veelal een buurt- of wijkgerichte functie waardoor we samenwerken met gebiedsmanagers en lokale partijen en gebruikers van voorzieningen. Risico’s (politiek, maatschappelijk en financieel) • Netcongestie: stagnatie in de uitvoering van nieuwbouwprojecten. • De uitvoering van het omgevingsprogramma maatschappelijke voorzieningen kost geld. Niet voor alle projecten en maatregelen die in het uitvoeringsprogramma terecht komen, zal al geld beschikbaar zijn voor de uitvoering.

Aan de hand van de financiële mogelijkheden en beschikbare budgetten voor de uitvoering stellen we prioriteiten en kijken we zo nodig waar aanvullende dekking gevonden kan worden. Betrokken afdeling: Stad & Ontwikkeling. Afdelingsmanager: Johan Boelhouwers

39

FACTSHEETS

11.

Vastgoed

Kern dossier De gemeente is eigenaar van een vastgoedportefeuille, bestaande in hoofdlijn uit twee delen: (1) het maatschappelijk vastgoed en (2) het strategisch vastgoed. Het maatschappelijk vastgoed betreft sportaccommodaties (zwembaden, gymzalen, sporthallen en sportvelden), cultureel vastgoed (theaters, musea), welzijnsgebouwen (wijkcentra, scouting, speeltuinen en volkstuinen) en multifunctionele accommodaties waar meerdere functies onder één dak gehuisvest zijn (zoals Eemhuis, Icoon, Zonneparel). De gemeente heeft ook een twintigtal monumenten in bezit die zeer beperkt of helemaal niet verhuurd kunnen worden, zoals de Koppelpoort, Onze Lieve Vrouwe Toren en het Belgenmonument. Ook de huisvesting voor ambtenaren, zoals het Stadhuis, CNME en de brandweerkazernes behoren tot ons vastgoed. Het strategisch vastgoed betreft tijdelijke gebouwen en gronden die in bezit zijn om ontwikkelingen mogelijk te maken, zoals infrastructurele projecten, woningbouw en gebiedsontwikkeling. Bijvoorbeeld gebouwen aan de Meridiaan. Onderhoud en beheer Het beheer en de exploitatie van ons vastgoed hebben wij voor een groot deel uitbesteed aan SRO Amersfoort BV. Hiertoe hebben wij met SRO een Raamovereenkomst onroerende zaken gesloten, waarin ook zaken als staat van onderhoud en exploitatierisico zijn opgenomen. Per 1 januari 2024 is er een nieuwe Raamovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Voor onder andere Vastgoed is een deelovereenkomst (t/m december 2028) afgesloten. Hierbij zijn KPI’s vastgelegd over ons vastgoed waarbij SRO rapporteert op de thema's veiligheid, duurzaamheid en klanttevredenheid. Vanuit deze informatie werken wij met SRO aan de verbetering van de samenwerking en de prestaties van ons vastgoed. Naast vastgoedbeheer is SRO ook exploitant bij het sportvastgoed en bij een deel van het maatschappelijk vastgoed verhuurder aan maatschappelijke instellingen. In 2020 is een start gemaakt met het project verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed, middels het vaststellen van de ‘Routekaart verduurzaming’, zie Raadsinformatiebrief 2020099. Onlangs zijn de (financiële) planning en de spelregels van het verduurzamen geactualiseerd, zie het collegebesluit. De verduurzaming is inmiddels in gang gezet, waarbij bijvoorbeeld de Veerensmederij als eerste CO2 neutrale rijksmonument is opgeleverd. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan de vervanging dan wel grootschalige renovatie van gemeentelijk vastgoed dat ouder is dan 40 jaar. Dit project is bekend onder de naam ‘vervangingsinvesteringen’. In april 2025 is hiervoor het uitvoeringsplan vervangingsinvesteringen Maatschappelijk Vastgoed vastgesteld.

Doelstelling/ korte omschrijving De gemeente Amersfoort hanteert voor het onderhoud conditieniveau 3 volgens de NEN 2767 (norm voor conditiemeting van gebouwen, infrastructuur en andere beheerobjecten.). Deze conditiescore sluit aan bij een sober en doelmatig uitgangspunt, waarbij er op beleidsthema’s met het vastgoed bijgedragen wordt zoals bijvoorbeeld met duurzaamheid en 40

FACTSHEETS

toegankelijkheid. Daarmee creëren we met ons vastgoed en de functies die er in gehuisvest zijn een meerwaarde voor de stad. In het jaarplan van SRO zijn alle onderhoudswerkzaamheden, wettelijke verplichtingen/contractonderhoud en dagelijks onderhoud opgenomen. Gemeente Amersfoort en SRO stemmen dit plan gezamenlijk af, waarna een definitief jaarplan wordt vastgesteld voor alle objecten. In de praktijk kunnen de onderhoudskosten afwijken door onvoorziene omstandigheden. Ook blijft de onderhoudssector gevoelig voor stijgende kosten van arbeid en materiaal. Indien kosten significant afwijken, treden SRO en gemeente hierover in overleg en wordt bekeken of er bezuinigingen mogelijk zijn of herprioritering van de werkzaamheden.

Stand van zaken Het maatschappelijk vastgoed staat er goed bij en de gemeente en SRO zijn in control. De gemeente voert onderhoud uit op basis van actuele meerjarige onderhoudsplannen, waar de onderhoudsvoorzieningen op gebaseerd zijn. Bij de uitvoering van de projecten verduurzaming en vervangingsinvesteringen is gebleken dat het wenselijk en nodig is om een aantal spelregels ( Actualisatie (financiële) planning verduurzamen en vervangen vastgoed (incl. ‘spelregels’)) en een geactualiseerde (financiële) planning vast te laten stellen omdat dit richting geeft bij toekomstige scenario’s en input levert voor toekomstige begrotingen. In de komende periode wordt het Huis voor de Stad opgeleverd, richten we hiervoor een beheerorganisatie in en zijn er naast vervangingsinvesteringen meerdere renovatie/nieuwbouw projecten voorzien met betrekking tot het maatschappelijk vastgoed, zoals vervanging van sporthal Midland en ontwikkeling van een nieuw zwembad in Hoogland. Daarnaast wordt er een start gemaakt met de renovatie en verduurzamen van het CBA Rusthof en zijn we bezig met de ontwikkeling van nieuw te bouwen brandweerkazernes. Bij Amerena worden een aantal verschillende noodzakelijke technische aanpassingen doorgevoerd. Indicatief in 2030 wordt een restauratie van de Onze Lieve Vrouwe toren verwacht. De voorbereidingen voor de werkzaamheden worden naar verwachting in 2026 gestart.

De eerste gebouwen zijn verduurzaamd, diverse verduurzamingsprojecten worden dit jaar uitgevoerd en de volgende projecten worden voorbereid. Korte en lange termijn activiteiten In 2017 heeft de gemeente Amersfoort de Nota Vastgoedbeheer 2017-2020 vastgesteld. De huidige situatie vraagt om een herijking van het bestaande kader. Amersfoort groeit en de druk op maatschappelijke voorzieningen neemt toe. Momenteel zijn we bezig met actualisatie van het beleid en verwachting is dat we dit in 2026 willen laten vaststellen. Naast de toenemende vraag door de groei van het inwoneraantal neemt de vraag naar maatschappelijke voorzieningen ook toe door nieuwe vragen. Zo krijgt de incidentele en acute vraag naar ruimte voor opvang van vluchtelingen uit Oekraïne een meer (semi)permanent karakter in de vorm van algemene vluchtelingenopvang. Ook wordt er nu gewerkt aan bijvoorbeeld het vastgoed aan de Meridiaan. 41

FACTSHEETS

Rol en bevoegdheid gemeenteraad Het proces met betrekking tot de kadernota's wordt benut voor besluitvorming over benodigd budget voor onderhoud en verduurzaming. Vervolgens wordt dit verwerkt in de opvolgende begrotingen. Daar waar nodig worden separaat raadsvoorstellen voorgelegd voor renovatie, onderhoud- en investeringsprojecten. Betrokkenheid externen SRO, gebruikers als (sport)verenigingen, culturele en welzijnsinstellingen, maatschappelijke en niet maatschappelijke huurders, inwoners van Amersfoort. Risico’s (politiek, maatschappelijk en financieel) • Als gevolg van geopolitieke en economische onzekerheden kunnen (bouw)prijzen stijgen, waardoor kosten in onderhoud en/of projecten stijgen. • Netcongestie. Het stroomnet voor grootgebruik aansluitingen is vol. Wijzigingen in aansluiting of introductie van terug leveren is niet mogelijk, waardoor het niet mogelijk is optimaal te kunnen verduurzamen en nog een tweede keer terug moeten komen voor de laatste besparingsmaatregelen. Medio 2027 gaat dit ook gelden voor kleingebruik aansluitingen. Hiertoe proberen we zoveel als mogelijk nog verzwaringen in te schatten en aan te vragen zodat we voldoende capaciteit hebben om via elektriciteit te verwarmen. Deze oplossing is eindig. Het gasloos maken van gebouwen wordt hiermee onzekerder en complexer.

• Verduurzamingsmaatregelen zijn ingrijpend waardoor gebruikers tijdelijk elders gehuisvest moet worden. Dit veroorzaakt meerkosten voor tijdelijke huisvesting of gederfde inkomsten.

Betrokken afdeling: Projecten & Programma’s. Afdelingsmanager: Remco Limburg

42

FACTSHEETS

12.

Grondzaken

Kern dossier Grondzaken gaat over het verwerven, ontwikkelen en uitgeven van grond om publieke, ruimtelijke doelen te realiseren. Dat betekent dat de gemeente bedrijfsmatig handelt op de grond- en vastgoedmarkt om bouwrijpe grond te produceren. Dit doet zij omdat zij hiermee ruimtelijke doelen wil behalen. Dit is afwijkend van andere gemeentelijke taken en brengt andersoortige risico’s met zich mee. Daarom is specifieke verantwoording nodig via de jaarrekening. Amersfoort doet dat via het Meerjaren Programma Grondexploitaties (MPG). Zie voor 2024: Vergadering Raadzaal 24-06-2025 Gemeente Amersfoort). In gebiedsontwikkelingen zijn grofweg drie smaken mogelijk: 1. Faciliterende projecten: marktpartijen zijn initiatiefnemer en de gemeente toetst. 2. Actieve grondexploitaties1: de gemeente voert actief grondbeleid, en stuurt op de kaders en de risico’s. Het MPG geeft o.a. inzicht in de lopende grondexploitaties van de gemeente. 3. Een samenwerking tussen markt en gemeente. In het grondbeleid legt een gemeente vast hoe zij bepaalt welke rol zij wil vervullen en welke instrumenten zij wil inzetten om de doelen te bereiken. Door de toenemende stapeling van opgaven (meer betaalbare woningen, collectieve mobiliteits- en energieoplossingen etc.) kennen de gebiedsontwikkelingen een negatief financieel resultaat: er moet geld bij om een sluitende businesscase te krijgen.

In toenemende mate is de gemeente daarvoor afhankelijk van Rijksregelingen zoals het Mobiliteitspakket, Gebiedsbudget of Woningbouwimpuls-regeling. Het Rijk vraagt wel om minimaal 50% cofinanciering en stelt een aantal voorwaarden (zoals over tempo en woningaantallen). Doelstelling/ korte omschrijving Doel is het faciliteren van de ruimtelijke doelen en opgaven uit de Omgevingsvisie en beleid.

Stand van zaken De huidige Nota Grondbeleid is gedateerd. Momenteel werken we aan een nieuwe Nota Grondbeleid dat in 2026 aan de raad ter besluitvorming zal worden aangeboden. De gemeente kan actief grondbeleid voeren in situaties waarin de markt het (niet automatisch) oppakt en waar het maatschappelijk belang hoog is. Bij grote ontwikkelingen is het eigendom vaak gedeeld met ontwikkelende marktpartijen. Het Hoefkwartier is een voorbeeld van zo’n gebiedsexploitatie, waarin ook bijdragen (aan bijvoorbeeld openbare ruimte) van marktpartijen zijn opgenomen, naast de eigen kosten en opbrengsten voor de grondontwikkeling. o.a. Vanwege het budgetrecht, wordt het openen van een grond- of gebiedsexploitatie altijd voorgelegd aan de raad. Rond de zomer van 2026 zal de besluitvorming voor Kop van Isselt aan de raad worden voorgelegd. Op hoofdlijnen zijn de gemeente en marktpartijen akkoord via o.a. de Head of Terms (Raadsbesluit 24-2-2026 punt 17). Korte en lange termijn activiteiten In juni wordt, vanuit de cyclus van de jaarrekening, het MPG ter besluitvorming aangeboden. En in de loop van 2026 verwachten we twee specifieke besluiten voor te leggen: • De Nota Grondbeleid 43

FACTSHEETS •

Uitbreiding van de grondexploitatie Rova naar grondexploitatie Kop van Isselt

Rol en bevoegdheid gemeenteraad Raad Grondbeleid Vaststellen van de nota grondbeleid Controleren van de uitvoering door college. Vaststellen van (tussentijdse) winst- en verliesnemingen, beschikken over reserves en voorzieningen Voorbereidingskrediet Beschikbaar stellen van voorbereidingskredieten Grondexploitaties Openen en vaststellen van nieuwe grondexploitaties

College Uitvoeren van het grondbeleid Verantwoording afleggen over de uitvoering (paragraaf grondbeleid bij begroting en jaarrekening)

Financieel

Verwerving

Gronduitgifte

(Grond)prijzen

Kostenverhaal

Samenwerking

Vaststellen van wijzigingen met financiële gevolgen bij grondexploitaties met een raadsbesluit Herzien en afsluiten van grondexploitaties Beschikbaar stellen van het investeringskrediet strategische verwervingen Bestendigen van een voorkeursrecht Nemen van een onteigeningsbeschikking Nemen van een voorbereidingsbesluit Vaststellen van beleidskaders voor gronduitgifte als onderdeel van de nota grondbeleid Vaststellen van beleidskaders voor pacht Vaststellen van de kaders voor grond- en uitgifteprijzen als onderdeel nota grondbeleid

Uitvoeren van voorbereidingskredieten Uitvoeren van de grondexploitaties en afronden van afgesloten grondexploitaties

Strategisch verwerven binnen beschikbare investeringskrediet strategische verwervingen Voorvestigen van een voorkeursrecht

Vaststellen van uitvoeringskaders voor gronduitgifte Gronduitgifte en pacht Vaststellen grondprijzen en prijzen voor pacht, zakelijke rechten, huur en bruikleen Sluiten van privaatrechtelijke overeenkomsten en het in rekening brengen van kostenverhaalbijdragen Aangaan van samenwerkingsovereenkomsten,

44

FACTSHEETS

oprichten van een of deelnemen in een privaatrechtelijke rechtspersoon

Betrokkenheid externen Bij gebiedsontwikkelingen zijn veel partijen betrokken, zoals omwonenden, projectontwikkelaars, bouwers, corporaties en beleggers. Het Rijk en de provincie zijn in veel gevallen betrokken vanuit financiële regelingen en de landelijke/regionale opgaven. Risico’s (politiek, maatschappelijk en financieel) De ruimte, financiële middelen en de (ambtelijke) uren zijn schaars. Daarom is het noodzakelijk dat er bestuurlijke keuzes worden gemaakt. De looptijd van een gebiedsontwikkeling varieert van ca. 5 tot 15 jaar om van een idee tot een nieuw stukje stad te komen. Er zijn veel afhankelijkheden, die op elkaar inwerken en het risicoprofiel van de grondexploitaties is hoog. Dat vraagt veel van het managen van de vele ambities, verwachtingen en de langjarige afspraken (rijk, provincie) en contracten. Wat betreft de financiële risico’s: • Zit er een grens aan het financiële risico dat gemeenten kunnen dragen. De portefeuille van grondexploitaties moet beheersbaar zijn; • Door de status ‘grootschalige NOVEX-woningbouwlocatie Spoorzone en A1-zone Amersfoort’ heeft Amersfoort forse bijdragen ontvangen van het Rijk en ook de provincie heeft € 22 miljoen toegezegd. Daar hoort bij dat de prestaties, zoals de bouw van voldoende (betaalbare) woningen en binnen afgesproken termijnen, worden geleverd.

Spant de gemeente zich onvoldoende in, bestaat het risico op (gedeeltelijke) terugbetaling. • Gebiedsontwikkeling op deze schaal zijn lange processen die te maken hebben met macro-economische ontwikkelingen die lastig lokaal te beïnvloeden zijn (zoals bouwkostenstijging, veranderende vastgoedmarkt etc.). Ook stikstof geluid en met name netcongestie zijn ontwikkelingen die invloed krijgen op de projecten (vertraging, aanpassing programma ed.). Betrokken afdeling: Projecten & Programma’s. Afdelingsmanager: Remco Limburg

45

FACTSHEETS

13.

Ruimtelijke Investeringsagenda Amersfoort

Kern dossier De Ruimtelijke Investeringsstrategie Amersfoort (RISA) is een hulpmiddel voor het college bij het maken van keuzes, die voorgelegd worden aan de raad voor besluitvorming, aangaande het doen van investeringen die bijdragen aan het behalen van de doelen uit de omgevingsvisie Gezond Samenleven. In de Raadsinformatiebrief van juli 2024 is de werking van de RISA uitgelegd. Met het vaststellen van de Kadernota 2025-2028 en de vertaling daarvan in de meerjarenbegroting 2025-2028 is structurele financiële ruimte gecreëerd voor deze ruimtelijke investeringen. De huidige werkwijze is dat het college jaarlijks bepaalt welke investeringsvoorstellen voldoen aan de RISA-criteria, inclusief het afwegingskader. En vervolgens wordt er in de kadernota een voorstel aan de raad gedaan om specifieke projecten te koppelen aan beschikbare middelen. Daarna wordt dit in de begroting verwerkt en door de raad vastgesteld. Onder ‘stand van zaken’ vindt u terug waarom dit in het huidige verkiezingsjaar iets anders verloopt. Daarnaast wordt jaarlijks bepaald of de € 1,5 miljoen oploop in beschikbaarheid van structurele RISA-middelen nog noodzakelijk en doelmatig is, of dat bijstelling naar boven of beneden is vereist.

Doelstelling/ korte omschrijving De RISA biedt overzicht in wat (concrete projecten/opgaven), wanneer (fasering en volgorde) en hoe (investeringsopgave) de gemeente Amersfoort de Omgevingsvisie kan realiseren. De RISA is een hulpmiddel voor het college met een ondersteunend afwegingskader om keuzes te kunnen maken in de fasering van projecten en te prioriteren in welke projecten ruimtelijke investeringen vragen. De middelen kunnen ook dienen ter dekking van noodzakelijke cofinanciering indien we door lobby financiële bijdragen van derden (bijvoorbeeld BO MIRT) kunnen ontvangen. Deze keuzes landen binnen de P&C-cyclus, zodat via het kadernota, het begrotings- en jaarrekeningproces de rol van de raad geborgd is. Stand van zaken Investeringsvoorstellen die voldoen aan de RISA-criteria en voldoende scoren op het afwegingskader worden normaliter door het college voorgelegd aan de raad via de kadernota. De raad neemt daar, met het vaststellen van de kadernota, een besluit over, waarna deze verwerkt worden in de meerjarenbegroting. Vanwege de verkiezingen legt het college de raad nu geen keus voor. De kaderbrief 2027-2030 is namelijk beleidsarm en de keus voor RISAinvesteringen is een beleidsrijke afweging. Onderhandelende partijen kunnen hierover in de formatie afspraken maken, waarna een nieuw college een voorstel kan doen aan de raad in de meerjarenbegroting 2027-2030.

Met het RISA meerjarenbeeld kijken we verder vooruit op welke aanvragen we verwachten in de toekomst per thema. We doen dit om investeringen integraal af te kunnen wegen en voldoende grip te hebben om de financiële impact bij o.a. lobbytrajecten en/of benodigde cofinanciering te kunnen inschatten en behappen. Het huidige inzicht op het totaal van benodigde investeringen tot 2040 komt op dit moment uit op ongeveer € 780 mln. Jaarlijks wordt er bij het voorstel in de kadernota getoetst aan het eindbeeld en de jaarlijkse structurele bijdrage. Daarnaast zijn er nog mogelijkheden om bijdragen via provincie of rijk te ontvangen. Het totaalbedrag is echter onzeker: hoe verder in de tijd hoe minder nauwkeurig de prijs van 46

FACTSHEETS

benodigde investeringen. Ook is aan de voorkant niet altijd inzichtelijk welke investeringen we noodzakelijk achten in de toekomst. Op dit moment is er geen reden om de jaarlijks voorziene stijging van € 1,5 miljoen aan te passen. Korte en lange termijn activiteiten Besluitvorming over het toekennen van middelen gebeurt dit jaar alleen via de meerjarenbegroting 2027-2030 die door de raad wordt vastgesteld. De RISA is als losse paragraaf opgenomen in de begroting en de jaarrekening, omdat ze afzonderlijke begrotingsprogramma’s overstijgt. De feitelijke investeringen die voortvloeien uit de RISA zullen wel in de afzonderlijke programma's worden opgenomen en daar zichtbaar zijn. Rol en bevoegdheid gemeenteraad De RISA is een instrument dat in eerste instantie door het college gebruikt wordt. Borging en het budgetrecht van de raad is essentieel bij het gebruik van de RISA. Om de RISA goed te kunnen gebruiken zal er worden aangesloten bij de momenten die al binnen de P&C-cyclus bestaan. Er zijn twee sturingsmomenten voor de raad; tijdens vaststelling van de kadernota en vaststelling van de begroting. Bij kadernota kan de raad tevens besluiten of de hoogte van de structurele ruimte nog steeds passend is of dat dit bedrag moet worden opgehoogd of verminderd. Betrokkenheid externen De RISA is een gemeentelijke aangelegenheid.

Externen kunnen wel betrokken zijn bij de investeringsprojecten. Risico’s (politiek, maatschappelijk en financieel) Het risico bestaat dat het structureel extra opnemen van structurele lasten onvoldoende is voor de realisatie van het totale eindbeeld of dat de er (te grote) druk ontstaat op de begroting. Dit zal een jaarlijkse overweging zijn bij de kadernota. Het kan zijn dat projecten niet of later worden uitgevoerd dan verwacht. Mochten de financiële middelen niet worden uitgegeven dan kan de raad besluiten ze aan de reserve RISA toe te voegen. Betrokken afdeling: Projecten & Programma’s. Afdelingsmanager: Remco Limburg

47

FACTSHEETS

Sociaal 14.

Wijkplannen en gebiedsgericht werken

Kern dossier We willen ondersteuning dichtbij de inwoner realiseren, aansluitend op lokale structuren en in samenwerking met inwoners en partners die in de wijk actief zijn. Met gerichte inzet op groepen in een kwetsbare situatie (Beleidskader Inclusieve Stad). We zien dat deze samenwerking te realiseren is op wijkniveau en we zien dat deze beweging van meerdere kanten wordt ingezet. Gebiedsgericht werken aan leefbaarheid is een werkwijze waarin het contact met inwoners en hun leefwereld centraal staat. We luisteren naar de stad en brengen initiatieven en signalen van buiten naar binnen. We bieden, waar nodig, maatwerk dat aansluit bij de specifieke situatie, het gebied en de leefwereld van inwoners en andere betrokkenen. We schrijven voor elke wijkcombinatie in Amersfoort een wijkplan sociaal en een wijkplan leefbaarheid. In het wijkplan sociaal worden bestaande en nieuwe plannen van verschillende organisaties samengevoegd tot één plan. Dit zorgt ervoor dat ondersteuning en hulp voor inwoners beter op elkaar afgestemd is. We willen dat de inwoner zich gezond en vitaal voelt, mee kan doen in de samenleving, naar anderen omkijkt en zich thuis voelt in de eigen buurt. Wat daarvoor nodig is, leggen we vast in het wijkplan sociaal. Met de wijkplannen leefbaarheid werken we integraal en planmatig aan de belangrijkste prioriteiten in een gebied.

Deze plannen maken we nu intensiever samen met actieve inwoners, interne en externe partners om de samenwerking rond vraagstukken in de wijken of dorpen te verbeteren en meer resultaat te behalen. Twee wijkplannen leefbaarheid zijn opgeleverd, namelijk voor de wijken Schothorst, Zielhorst en de Hoef en voor Kruiskamp, de Koppel en Binnenstad. In de toekomst willen we werken aan één proces en één plan. Dit doen we al in het programma Wij Liendert en we werken voor de wijkcombinatie Vathorst Hooglanderveen aan een gezamenlijk proces. Doelstelling/ korte omschrijving Het programma wijkaanpak sociaal geeft invulling aan een aantal voornemens in het Beleidskader Inclusieve Stad: wijkgericht samenwerken, impact gedreven werken en een integraal wijkplan voor elke wijk. Met twee hoofddoelen: meer gezonde en vitale inwoners en meer kansen, meedoen en omzien naar elkaar. Om dit te bereiken, richten we ons op preventie en bouwen we aan een sterke sociale basis in alle wijken. Doelstelling voor de komende tijd is om zo integraal mogelijk te werken in onze wijken. Daarvoor starten we in de wijk Vathorst Hooglanderveen met een gezamenlijk proces vanuit leefbaarheid en sociaal. Ook in de uitvoering en wijkcommunicatie willen we de integraliteit borgen. Het gebiedsgericht werken heeft tot doel: • Leefbaarheid in wijken te versterken, zodat inwoners prettig samenleven in een fijne omgeving;

48

FACTSHEETS

• • • • •

Vragen en opgaven op het juiste schaalniveau (straat, buurt, wijk, gebied) op te pakken en stedelijke opgaven te vertalen naar de gebiedscontext; Meer te kijken vanuit de leefwereld van onze inwoners, ondernemers en andere partners; om daar beter bij aan te sluiten; Inwoners uit te nodigen te participeren en initiatieven te starten in hun fysieke en sociale leefomgeving; Om fysieke, veiligheids- en sociale opgaven te verbinden en projecten, planning en communicatie in een gebied goed af te stemmen; Relatie versterken tussen inwoners en de gemeente, door het continue contact en gesprek met de stad.

Stand van zaken Al geruime tijd werken wij in Amersfoort gebiedsgericht als het gaat om het streven naar leefbare wijken. In 2025 is de een evaluatie van het gebiedsgericht werken besproken met de raad. De resultaten van het evaluatieonderzoek zijn vastgelegd in de notitie beleidsevaluatie gebiedsgericht werken 2025 en een raadsinformatiebrief. De kracht van gebiedsgericht werken ligt in de duurzame relatie met inwoners(netwerken) en wijkpartners. Het wijkwethouderschap draagt bij door de zichtbaarheid en aanspreekbaarheid in de buurten en in de rol als bestuurlijk opdrachtgever van het wijkplan leefbaarheid en de buurtaanpakken. In elk gebied werken we met een actief samenwerkingsverband in de vorm van een kernteam van wijkprofessionals (corporaties, IndeBuurt033, wijkagent etc). Het kernteam, onder leiding van een gebiedsmanager en adviseur, zet op basis van gedeelde signalen en het wijkplan leefbaarheid gezamenlijke actie in gang. In juni 2024 heeft het college daarnaast besloten een nieuwe samenhangende wijkaanpak sociaal in te voeren. Hierover is de raad geïnformeerd in de Raadsinformatiebrief 2024-054. In april 2025 hebben we met de Raadsinformatiebrief 2025-036 een update gegeven over de invoering van wijkaanpak sociaal.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17038609/1