CConstaterende datAltena
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Integrale verordening sociaal domein

Raadsvergadering 21 december 2021, gemeente AltenaBij agendapunt: Integrale verordening sociaal domein28.056 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Inhoud kindpakket PW | GEMEENTEWET 1. 2. 3.

De gemeente stelt jaarlijks de inhoud van het kindpakket vast. De gemeente wijst een organisatie aan die het kindpakket uitvoert. De inwoner kan een hulpvraag bij die organisatie indienen. De inhoud van het kindpakket en de voorwaarden die daarvoor gelden legt de gemeente vast in beleidsregels.

Om actief deel te kunnen nemen aan de samenleving is het belangrijk dat inwoners meedoen aan maatschappelijke activiteiten. Hieraan zijn meestal kosten verbonden. De gemeente heeft hiervoor een Activiteitenfonds. Inwoners met een laag inkomen kunnen een vergoeding krijgen om te sporten en om mee te doen aan culturele, sportieve, recreatieve en andere maatschappelijke activiteiten. Ouderen en arbeidsgehandicapten kunnen de bijdrage ook besteden aan een aantal voorzieningen die sociaal isolement tegengaan.

Doelgroep GEMEENTEWET 1.

2.

Een bijdrage uit het Activiteitenfonds is bedoeld voor de inwoner die geen goede financiële buffer heeft en een inkomen dat lager is dan 120% van de bijstandsnorm. De kostendelersnorm is niet van toepassing. Geen recht op een bijdrage heeft de inwoner die: a. een tegemoetkoming in de schoolkosten (op grond van hoofdstuk 4 Wet Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage en Schoolkosten) of studiefinanciering van DUO krijgt; b. in een Wlz-instelling verblijft; of c. jonger is dan 18 jaar.

Inhoud Activiteitenfonds GEMEENTEWET 1.

2.

Het Activiteitenfonds is bedoeld voor kosten voor eenmalige of terugkerende maatschappelijke activiteiten. De gemeente legt in beleidsregels vast om welke activiteiten het gaat. Het Activiteitenfonds is ook bedoeld voor kosten die inwoners met een AOW-uitkering en arbeidsgehandicapte inwoners maken om sociaal isolement tegen te gaan. De gemeente legt in beleidsregels vast om welke kosten het gaat.

48/82

www.gemeenteAltena.nl

Bijdrage GEMEENTEWET

1. De gemeente legt in een beleidsregel de hoogte van de maximale bijdrage per kalenderjaar vast.

2. De inwoner met een inkomen tussen 100% en 110% van de bijstandsnorm komt in aanmerking voor een vergoeding van de aantoonbare kosten, tot het bedrag van de maximale bijdrage.

3. De inwoner met een inkomen tussen 110% en 120% van de bijstandsnorm komt in aanmerking voor een vergoeding van de aantoonbare kosten, tot 50% van de maximale bijdrage.

4. De gemeente gaat ervan uit, dat de inwoner die langer dan twaalf maanden een inkomen ontving dat lager was dan een van de genoemde inkomensgrenzen, en wiens inkomen toeneemt als gevolg van werkaanvaarding, in het eerste kalenderjaar na werkaanvaarding nog over een inkomen beschikt onder die inkomensgrens.

5. Een aanvraag voor een bijdrage moet worden ingediend voor 1 maart van het kalenderjaar nadat de kosten zijn gemaakt. Anders wordt de bijdrage niet verstrekt.

Inwoners zijn niet altijd zelf in staat om een warme maaltijd te bereiden. Inwoners kunnen dan gebruik van de maaltijdservice van enkele maatschappelijke organisaties. Hiervoor stelt het college een nadere regeling vast. Deze maaltijden voldoen aan de eisen die worden gesteld aan gezonde maaltijden. Voor inwoners met een laag inkomen die gebruik maken van deze maaltijdvoorziening is een financiële bijdrage mogelijk.

Doelgroep PW De bijdrage van de gemeente voor de maaltijdvoorziening is bedoeld voor de inwoner met een inkomen tot 120% van de bijstandsnorm die niet in staat is zelf een warme maaltijd te bereiden. De kostendelersnorm is niet van toepassing.

Bijdrage PW 1.

2.

De gemeente vergoedt de prijs van de warme maaltijd geheel of gedeeltelijk, als die prijs hoger is dan het bedrag, dat de gemeente rekent voor het zelf bereiden van een maaltijd. De inwoner met een inkomen tot 110% van de bijstandsnorm krijgt de kosten boven het genoemde bedrag volledig vergoed.

49/82

www.gemeenteAltena.nl

3. 4.

De inwoner met een inkomen tussen 110% en 120% van de bijstandsnorm krijgt een vergoeding van 50% van de kosten boven het genoemde bedrag. De gemeente kan de bijdrage in de kosten in mindering brengen op de maaltijdprijs. De bijdrage wordt dan niet aan de inwoner uitbetaald.

De gemeente heeft de taak om inwoners met schuldproblemen te helpen. Inwoners kunnen daarom de gemeente om hulp vragen bij het vinden van een oplossing voor hun schulden. Hier worden de belangrijkste uitgangspunten genoemd die de gemeente toepast als inwoners om hulp vragen.

Samenwerking en toegang WGS 1. 2. 3. 4.

De gemeente werkt samen met andere organisaties om te voorkomen dat inwoners problematische schulden opbouwen. De gemeente zorgt ervoor dat inwoners op een eenvoudige manier om hulp kunnen vragen bij het vinden van een oplossing voor schulden. De gemeente informeert inwoners over de hulp die zij kan aanbieden en zorgt ervoor dat die hulp ook echt beschikbaar is. De gemeente sluit geen enkele inwoner bij voorbaat uit van hulp. Een uitzondering op die regel is de inwoner die geen geldige verblijfstitel heeft.

Schuldhulpverlening WGS De gemeente zorgt ervoor dat de inwoner die hulp kan krijgen bij het oplossen van schulden, die hulp zo snel mogelijk krijgt. 1. 2.

De gemeente informeert de inwoner die hulp kan krijgen over de manier waarop de hulp wordt gegeven. De gemeente stuurt iedere inwoner die geen hulp kan krijgen een brief waarin staat waarom er geen hulp wordt gegeven.

De hulp die de gemeente geeft is in principe ‘in natura’: de gemeente zorgt ervoor dat er hulp wordt ingezet. Dat kan in de vorm van een dienst zijn (bijvoorbeeld hulp in de huishouding), maar het is ook mogelijk dat er een product wordt gegeven (bijvoorbeeld een rolstoel). In

50/82

www.gemeenteAltena.nl

bepaalde gevallen kan de hulp in de vorm van geld worden gegeven (inkomenstoeslag) of als een persoonsgebonden budget. In dit hoofdstuk is geregeld op welke manier de gemeente de hulp geeft. Ook is geregeld wanneer de gemeente een financiële bijdrage aan de inwoner kan vragen.

• • • • •

De gemeente versterkt de zelfredzaamheid van de inwoner. De inwoner staat centraal. De eigen mogelijkheden en het sociaal netwerk van de inwoner gaan voor. De gemeente stemt de hulp af op de inwoner. De gemeente maakt de hulp makkelijk bereikbaar.

JEUGDWET | WMO | PW | IOAW | IOAZ | WGS | GEMEENTEWET 1.

2.

3.

De inwoner die hulp van de gemeente krijgt, ontvangt de hulp in natura (een dienst of een product), tenzij in de wet of in deze verordening anders is bepaald. Gaat het om een product, dan wordt dit in principe bruikleen verstrekt. De gemeente ziet erop toe dat de leverancier van een product de wettelijke bepalingen over de garantie naleeft en de inwoner informeert over alles wat van belang is om te weten over de dienst of het product. De gemeente kan ten aanzien van lid 1 nadere regels opstellen.

JEUGDWET | WMO | PW | IOAW | IOAZ | GEMEENTEWET | AWB 1. 2.

De inwoner die hulp of ondersteuning van de gemeente krijgt, kan dit in de vorm van geld ontvangen, als dat in de wet of in deze verordening zo is bepaald De gemeente kan beslissen om het geld niet te betalen, maar te verrekenen met een bedrag dat de inwoner moet terugbetalen, als dit volgens de wettelijke regels kan. Het moet gaan om een vordering op grond van een van de wetten waarop deze verordening is gebaseerd.

Voorwaarden JEUGDWET | WMO 1.

In plaats van hulp in natura kan de inwoner een pgb krijgen als het om Wmo-hulp of jeugdhulp gaat en voldaan is aan de voorwaarden die; a. de Wmo of de Jeugdwet stellen,

51/82

www.gemeenteAltena.nl

2.

3.

4.

5. 6.

7.

b. in deze paragraaf staan, en c. zijn vastgelegd in nadere regels. De gemeente kent een pgb pas toe als zij vindt dat de inwoner (of zijn wettelijk of pgb vertegenwoordiger) in staat is zijn belangen voldoende te behartigen. De inwoner moet de taken die bij het pgb horen op een verantwoorde manier kunnen uitvoeren. De inwoner of diens wettelijk vertegenwoordiger kan ervoor kiezen een pgbvertegenwoordiger aan te stellen. Deze persoon beheert het pgb namens de inwoner. De gemeente toetst of de pgb-vertegenwoordiger voldoet aan de eisen als bedoeld in het eerste lid. Als dat zo is, registreert de gemeente de pgb vertegenwoordiger en meldt deze aan bij de SVB. Een pgb wordt pas toegekend als naar het oordeel van de gemeente is gewaarborgd dat de hulp-op-maat die wordt ingekocht, veilig, doeltreffend en cliëntgericht is, en bijdraagt aan het bereiken van het in het ondersteuningsplan opgenomen beoogde resultaat; Een pgb wordt pas toegekend als de aanvrager kan motiveren dat het aanbod hulp in natura niet passend is; Het pgb is bedoeld voor hulp, maar kan niet aan alle kosten die daarmee te maken hebben worden besteed. Het pgb kan niet besteed worden aan: a.

kosten voor bemiddeling, tussenpersonen, pgb-vertegenwoordigers of belangenbehartigers, contributie voor het lidmaatschap van belangenverenigingen van budgethouders kosten voor het volgen van cursussen over het pgb, kosten voor het bestellen van informatiemateriaal; b. het voeren van een pgb-administratie; c. ondersteuning bij het aanvragen en beheren van een pgb-administratie; en d. kosten voor een feestdagenuitkering aan de hulpverlener(s) en reiskosten. e. alle zorg en ondersteuning (door aanbieders) buiten EU-landen De gemeente verstrekt geen pgb in de volgende situaties: a. De kosten zijn gemaakt vóórdat de aanvraag is ingediend en het is niet meer na te gaan of die hulp nodig was. b. Het gaat om kosten voor vervoer, in het geval dat de inwoner kan gebruikmaken van het collectief taxivervoer. c. Uit het door de inwoner ingediende pgb-plan blijkt niet dat de kwaliteit van de hulp voldoende gewaarborgd is. d. De inwoner kan het pgb niet zelf beheren en er is ook geen geschikte pgbvertegenwoordiger; e. De beoogde pgb-vertegenwoordiger is dezelfde persoon als de beoogde hulpverlener, tenzij de gemeente hier schriftelijk toestemming voor heeft gegeven. f. Voor pleegzorg

Voorwaarden pgb professionele aanbieders JEUGDWET | WMO 1.

Een professionele aanbieder dient te voldoen aan de kwaliteitseisen zoals opgenomen in hoofdstuk 4 van de Jeugdwet of hoofdstuk 3 van de Wmo.

52/82

www.gemeenteAltena.nl

2.

Een professionele aanbieder is verplicht een dossier in te richten met betrekking tot de verlening van jeugdhulp zoals bedoeld in artikel 7.3.8 van de Jeugdwet.

Voorwaarden pgb sociaal netwerk ofwel niet professionele aanbieders JEUGDWET | WMO 1.

2.

3. 4.

5.

De persoon die hulp geeft mag iemand uit het sociaal netwerk van de inwoner zijn als deze persoon met goede argumenten aan kan geven dat hij door het geven van de hulp niet overbelast raakt. Ook is deze persoon in staat om kwalitatief goede hulp te bieden en planmatig te werken. Bij inzet vanuit het sociaal netwerk met een pgb moet er in elk geval sprake zijn van een van de volgende situaties: a. de hulp is vooraf niet goed in te plannen; b. de hulp moet op ongebruikelijke tijden geleverd worden; c. de hulp moet op veel korte momenten per dag geboden worden; d. de hulp moet op verschillende locaties worden geleverd; e. de hulp moet 24 uur per dag en op afroep beschikbaar zijn; f. de hulp moet vanwege de aard van de beperking worden geboden door een persoon met wie de cliënt vertrouwd is en goed contact heeft. Een pgb voor jeugdhulp uit het sociaal netwerk kan alleen betrekking hebben op ondersteuning en/of begeleidende verzorging en respijtzorg. Hulp door een bloed-of aanverwant in de eerste of tweede graad, wordt altijd als hulp door iemand uit het sociaal netwerk en ook als hulp van een niet-professionele aanbieder gezien. De inwoner of pgb-vertegenwoordiger draagt de verantwoordelijkheid voor het bewaken van de kwaliteit van de hulp die zij betrekken van personen die tot het sociaal netwerk behoren.

Pgb-plan JEUGDWET | WMO 1.

2.

De inwoner of diens wettelijk vertegenwoordiger maakt samen met de aanbieder een plan voor de besteding van het pgb. Dit is het pgb-plan. Hierin staat welke hulp de inwoner met het pgb wil betalen en door wie de hulp wordt gegeven. De gemeente moet het plan goedkeuren en zal daarna het pgb vaststellen. Het college nadere regels vast over de voorwaarden waar dit plan aan moet voldoen.

Hoogte en tarief pgb JEUGDWET | WMO 1.

De hoogte van het pgb bedraagt nooit meer dan de tarieven waarvoor de gemeente de dienst of voorziening heeft gecontracteerd bij verstrekking in natura.

53/82

www.gemeenteAltena.nl

2.

De pgb-tarieven worden als volgt bepaald: a. Jeugdhulp door een professionele hulpverlener: Deze tarieven zijn gebaseerd op de tariefstelling van deze aanbieder, tot een maximum van 90% van het tarief dat hiervoor wordt gehanteerd door een door de gemeente gecontacteerde aanbieder. b. Jeugdhulp door iemand uit het sociaal netwerk of een niet professionele hulpverlener: Het pgb bedraagt minimaal het wettelijk minimum uurloon voor een persoon van 23 jaar of ouder, inclusief vakantietoeslag, bij een 36-urige werkweek en maximaal € 20,= per uur. Bij respijtzorg door een niet-professionele aanbieder geldt een maximumtarief van € 30= per etmaal voor logeeropvang en € 7,50 per dagdeel voor dagopvang. De gemeente betrekt bij de hoogte van het pgb de persoonlijke situatie van de inwoner en de werkervaring en deskundigheid van de hulpverlener. c.

Producten: Het pgb is zo hoog als de door inwoner ingediende offerte. Indien van toepassing wordt dit bedrag verhoogd met een post voor onderhoud, reparatie en verzekering. Het pgb is maximaal het bedrag zoals omschreven in lid 1.

d.

Wmo-hulp in de vorm van huishoudelijke ondersteuning door een niet gecontracteerde zorgaanbieder: 100% van het tarief dat hiervoor wordt gehanteerd door een door de gemeente gecontacteerde aanbieder; e. Wmo-hulp in de vorm van huishoudelijke ondersteuning door een persoon uit het sociaal netwerk, of door een persoon niet werkzaam voor een zorgaanbieder: 68% van het tarief dat hiervoor wordt gehanteerd door een door de gemeente gecontacteerde aanbieder; f. Wmo-hulp in de vorm van begeleiding uitgevoerd door een (niet door de gemeente gecontacteerde) zorgaanbieder of een daartoe opgeleid persoon: i. zelfstandig werkend, en ii. ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, en iii. in het bezit van een adequaat intern kwaliteitsplan, of in het bezit van een geldig branche specifiek kwaliteitscertificaat: 100% van het toepasselijke tarief dat hiervoor wordt gehanteerd door een door de gemeente gecontacteerde aanbieder; g.

3. 4.

Wmo-hulp in de vorm van begeleiding uitgevoerd door een persoon die niet voldoet aan de criteria genoemd onder lid f: 60% van het toepasselijke tarief dat hiervoor wordt gehanteerd door een door de gemeente gecontacteerde aanbieder. Het tarief is toereikend om effectieve en kwalitatief goede hulp-op-maat in te kopen; De gemeente stelt de tarieven voor PGB’s vast in nadere regels.

54/82

www.gemeenteAltena.nl

De zorgovereenkomst JEUGDWET | WMO 1. 2.

De inwoner of diens wettelijk vertegenwoordiger komt met de zorgverlener een zorgovereenkomst overeen. De toetsing van de zorgovereenkomst op arbeidsrechtelijke zaken wordt uitgevoerd door de SVB. De gemeente is verantwoordelijk voor de goedkeuring van de zorgovereenkomst. Daarbij worden zowel de inhoud als de financiën beoordeeld.

Verantwoording pgb JEUGDWET | WMO 1.

2. 3. 4.

De gemeente kan de inwoner vragen om duidelijk te maken hoe het pgb is besteed en welke resultaten de hulp voor de inwoner heeft gehad. Voor dat verslag kan de gemeente een formulier verplicht stellen. Als een inwoner hulp-op-maat in de vorm van een pgb krijgt, wordt alleen de hulp uitbetaald die feitelijk geleverd is. Bij onderbesteding of overbesteding kan de gemeente een onderzoek instellen naar de oorzaak hiervan. De gemeente kan op basis van de evaluatie besluiten tot aanpassing van de beschikking.

Opschorten pgb JEUGDWET | WMO De gemeente kan aan de SVB vragen om de uitbetaling uit het pgb helemaal of gedeeltelijk uit te stellen totdat een besluit is genomen om het pgb weer voort te zetten of in te trekken. Dit kan de gemeente doen als: 1.

2. 3.

de inwoner onjuiste of onvolledige informatie heeft verstrekt, terwijl het verstrekken van de juiste of volledige informatie zou hebben geleid tot een andere beslissing van de gemeente; de inwoner niet voldoet aan de voorwaarden die bij een pgb horen; of de inwoner het pgb niet of voor een ander doel heeft gebruikt.

WMO 1.

De inwoner betaalt een bijdrage in de kosten voor Wmo-hulp-op-maat, zolang de inwoner gebruikmaakt van die hulp of voor de periode waarvoor een pgb is verstrekt. Gaat het om een product of overige kosten zoals onderhoud en reparatie aan een product, dan betaalt de inwoner een bijdrage totdat de kostprijs is betaald. De inwoner betaalt de bijdrage per maand aan het Centraal Administratiekantoor (CAK). De hoogte

55/82

www.gemeenteAltena.nl

2. 3. 4. 5. 6. 7.

8.

van deze periodieke bijdrage is gelijk aan het bedrag dat maximaal betaald moet worden op grond van de Wmo 2015. De kostprijs van hulp-op-maat in natura wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in de markt of na overleg met de aanbieder. De kostprijs van hulp-op-maat in pgb is gelijk aan de hoogte van dat pgb. Het startmoment van het betalen van de eigen bijdrage is het moment dat de hulp-opmaat start, of het product geleverd wordt. Bij tussentijds pauzeren (bijvoorbeeld door een opname of vakantie) langer dan zes weken, wordt de eigen bijdrage na zes weken op pauze gezet. Voor gebruik van het collectief vervoer en de individuele taxikostenvergoeding geldt een ritbijdrage per rit. De gemeente stelt de tarieven hiervoor vast in nadere regels. Geen bijdrage in de kosten is verschuldigd voor: a. Hulp in geld; b. Een rolstoel; c. Vervoerskosten van en naar de dagbesteding; d. Maatwerkvoorzieningen voor cliënten jonger dan 18 jaar inclusief woningaanpassingen, en; e. Begeleiding trede waakvlam. Een cliënt is voor verblijf in maatschappelijke opvang of beschermd wonen een bijdrage in de kosten verschuldigd aan de centrumgemeente Breda.

Dit hoofdstuk gaat over de manier waarop de gemeente en de inwoner met elkaar omgaan. Het gaat over de manier waarop de gemeente zich moet gedragen en wat er van de inwoner wordt verwacht. Als de inwoner rechten heeft, dan staan daar vaak plichten tegenover. Houdt de inwoner daar onvoldoende rekening mee, dan kan de gemeente de uitkering of voorziening beëindigen, terugvorderen of verlagen.

• • • •

De gemeente ziet de inwoner als volwaardige partner. De eigen mogelijkheden en het sociaal netwerk van de inwoner gaan voor. De inwoner is zelf verantwoordelijk, de gemeente helpt als dat nodig is. De inwoner geeft de informatie die nodig is.

56/82

www.gemeenteAltena.nl

De rol van de gemeente JEUGDWET | WMO |PW | IOAW | IOAZ | WGS | LLV | WKO | GEMEENTEWET | AWB 1.

2.

De gemeente zoekt samen met de inwoner naar een oplossing voor zijn probleem. Gemeente en inwoner gaan daarbij op een respectvolle manier met elkaar om. De gemeente zorgt voor het volgende: a. Voor de inwoner is het duidelijk wie er namens de gemeente contact met hem onderhoudt. De gemeente houdt het aantal contactpersonen zo beperkt mogelijk. b. De inwoner heeft, om zijn probleem te bespreken, altijd recht op een gesprek met een medewerker. Dat gesprek kan op het gemeentehuis, thuis bij de inwoner of ergens anders plaatsvinden. c. Als de gemeente niet de gevraagde hulp en ondersteuning biedt, helpt de gemeente de inwoner om de juiste organisatie te vinden. d. De website van de gemeente voldoet aan erkende kwaliteitseisen. e. Er zijn eenvoudige aanvraagformulieren beschikbaar voor de inwoner die een uitkering of voorziening nodig heeft en die wil aanvragen. Het is voor de inwoner duidelijk waar die aanvraagformulieren verkrijgbaar zijn. f. De gemeente informeert de inwoner op een passende manier over procedures die worden gevolgd en zorgt ervoor dat deze procedures zo eenvoudig mogelijk zijn. g. De gemeente respecteert zoveel mogelijk de privacy van de inwoner. h. De gemeente vraagt alleen gegevens die nodig zijn voor het beoordelen van de hulpvraag. i. De gemeente wijst de inwoner op beschikbare deskundige hulp.

De gemeente reageert op een professionele manier op gedrag van de inwoner dat ontoelaatbaar is. De gemeente zorgt voor het volgende: a. De inwoner wordt op tijd geïnformeerd over: i. zijn rechten en plichten; ii. wat er van hem wordt verwacht; iii. welk gedrag niet deugt; iv. wat de reactie van de gemeente is op gedrag dat niet deugt; en v. waarom de gemeente tegen het gedrag optreedt. b. Als de gemeente van plan is om een maatregel te nemen vanwege het gedrag van de inwoner, krijgt de inwoner de kans om zijn mening te geven vóórdat de gemeente beslist c. De reactie van de gemeente op ontoelaatbaar gedrag past bij: i. de ernst van het gedrag; ii. de mate waarin dat de inwoner verweten kan worden; en iii. de persoonlijke situatie van de inwoner. d. De gemeente stuurt de inwoner een brief met daarin duidelijk vermeld wat de gemeente gaat doen als reactie op het gedrag, wat dit precies betekent voor de inwoner en wat de inwoner daartegen kan doen. De gemeente maakt de inwoner ook duidelijk op welke manier hij het gedrag kan aanpassen, zodat de relatie

57/82

www.gemeenteAltena.nl

hersteld wordt en de gemeente eventueel de dienstverlening zal voortzetten (als die is stopgezet).

De rol van de inwoner JEUGDWET | WMO |PW | IOAW | IOAZ | WGS | LLV | WKO | GEMEENTEWET | AWB 1.

2.

De inwoner is in de eerste plaats zelf verantwoordelijk voor het oplossen van zijn probleem. De gemeente vult de mogelijkheden van de inwoner en zijn sociaal netwerk aan als dat nodig is. De inwoner zorgt voor het volgende: a. De inwoner gaat eerst na welke mogelijkheden hij zelf heeft om zijn probleem op te lossen. b. Als de gemeente hulp verleent werkt de inwoner mee aan de oplossing van zijn probleem. c. De inwoner zorgt ervoor dat de hulp van de gemeente niet langer duurt dan nodig is. De inwoner werkt mee zodat snel duidelijk is op welke manier zijn probleem zo snel mogelijk kan worden opgelost. Dat betekent het volgende: a. De inwoner informeert de gemeente zo snel en zo volledig mogelijk over alles wat van belang is voor het beoordelen van de hulpvraag, de persoonlijke situatie en de rechten en plichten van de inwoner. Dit geldt ook als de hulp al is toegekend. b. De gemeente ontvangt alle documenten en bewijsstukken die zij nodig heeft zo snel mogelijk van de inwoner. c. De inwoner doet wat nodig is om de hulp van de gemeente zo kort mogelijk te laten duren. d. De inwoner brengt de gemeente zo snel mogelijk op de hoogte van zijn beperkingen, als die van belang zijn in het contact met de gemeente.

Afstemming op houding en gedrag van de inwoner PW | IOAW | IOAZ | AWB 1. 2.

3.

De gemeente verlaagt een uitkering als dat volgens de regels van de wet en deze verordening past bij de houding of het gedrag van de inwoner. Bij het nemen van een besluit tot het verlagen van een uitkering houdt de gemeente rekening met: a. de ernst van het gedrag; b. de mate waarin de inwoner het gedrag verweten kan worden, en c. de persoonlijke situatie van de inwoner. Dit kan betekenen dat de gemeente afwijkt van de hierna genoemde duur en/of percentage van de verlaging. Voordat een uitkering wordt verlaagd, geeft de gemeente de inwoner de kans om zijn mening te geven. De inwoner kan dat op de volgende manier doen:

58/82

www.gemeenteAltena.nl

a. b. c.

Mondeling (persoonlijk of telefonisch) schriftelijk via e-mail

Geen schuld en verjaring PW | IOAW | IOAZ | AWB De gemeente verlaagt de uitkering niet als het gedrag van de inwoner meer dan een jaar voor het nemen van een besluit heeft plaatsgevonden of als het gedrag hem niet te verwijten is.

Ingangsdatum en periode verlaging PW | IOAW | IOAZ | AWB 1.

2.

De gemeente maakt het besluit tot verlaging per brief aan de inwoner bekend. De verlaging gaat in vanaf de kalendermaand na de datum van dit besluit. Het is mogelijk dat de verlaging al in dezelfde maand of over eerdere maanden wordt toegepast. Dat kan als de uitkering voor die maand(en) nog niet is uitbetaald. Soms kan de gemeente de uitkering niet of maar voor een deel verlagen omdat deze wordt beëindigd. Dan zal de gemeente het overgebleven deel van de verlaging alsnog opleggen als de inwoner binnen 6 maanden na de beëindiging opnieuw een uitkering gaat ontvangen.

Berekening verlaging PW | IOAW | IOAZ | AWB 1. 2. 3.

De verlaging is een percentage van de uitkeringsnorm die van toepassing is op de inwoner. Als de inwoner maandelijks bijzondere bijstand ontvangt, kan de gemeente de bijzondere bijstand verlagen met een percentage van de bijzondere bijstand. Eenmalige bijzondere bijstand die nodig is door verwijtbaar gedrag van de inwoner kan door de gemeente geweigerd worden.

Niet nakomen wettelijke arbeidsverplichtingen PW | AWB 1.

De gemeente verlaagt de uitkering een maand als de inwoner een arbeidsverplichting uit artikel 18, vierde lid, van de Participatiewet niet voldoende nakomt. Die verlaging is 100% van de uitkeringsnorm.

59/82

www.gemeenteAltena.nl

Niet nakomen andere arbeidsverplichtingen PW | IOAW | IOAZ | AWB 1.

2.

3.

4.

De gemeente verlaagt de bijstandsuitkering een maand met 20 % van de voor de inwoner geldende uitkeringsnorm, voor het volgende gedrag: a. het niet voldoende proberen werk te vinden; b. het niet voldoende meewerken aan het opstellen, uitvoeren en evalueren van een plan van aanpak; c. het niet voldoende meewerken aan het afleggen van een taaltoets als bedoeld in artikel 18b van de Participatiewet; d. het niet voldoende leveren van een door de gemeente opgedragen tegenprestatie; e. bij de inwoner die alleenstaande ouder is: het uit houding en gedrag laten blijken geen gebruik te willen maken van een voorziening bedoeld om de kans op werk te vergroten, wat heeft geleid tot het intrekken van de ontheffing van de arbeidsplicht als bedoeld in artikel 9a, eerste lid, van de Participatiewet. De gemeente verlaagt de IOAW-of IOAZ-uitkering een maand met 20% van de voor de inwoner geldende uitkeringsnorm voor het volgende gedrag: a. het niet voldoende gebruikmaken van een door de gemeente aangeboden voorziening; b. het niet meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden om te werken; c. het niet voldoende leveren van een door de gemeente opgedragen tegenprestatie; d.

bij de alleenstaande ouder: het uit houding en gedrag laten blijken geen gebruik te willen maken van een voorziening die de kans op werk kan vergroten, wat heeft geleid tot het intrekken van de ontheffing van de arbeidsplicht als bedoeld in artikel 9a, eerste lid, van de Participatiewet. Als de inwoner verwijtbaar werkloos is, wordt de IOAW-of IOAZ-uitkering geweigerd. De uitkering wordt dan geweigerd naar de mate waarin de inwoner inkomen zou hebben kunnen ontvangen als hij niet verwijtbaar werkloos was geworden of gebleven. De uitkering wordt tijdelijk geweigerd, als de inwoner: a. op staande voet is ontslagen, of b. een dienstverband heeft beëindigd, zonder dat er grote bezwaren waren verbonden aan de voortzetting. De Pw, IOAW, of IOAZ-uitkering wordt blijvend geweigerd, als de inwoner: a. een aanbod voor een dienstverband heeft afgewezen, of b. een dienstverband is misgelopen door zijn houding of gedrag.

Stoppen verlaging PW | AWB De gemeente kan de verlaging stopzetten als overduidelijk blijkt dat de inwoner de arbeidsverplichtingen alsnog nakomt. De inwoner moet de gemeente zelf verzoeken om de verlaging te stoppen. Hij moet het verzoek per brief of e-mail hebben ingediend binnen een maand nadat het besluit om de uitkering te verlagen is genomen. Stopzetten van de verlaging gebeurt vanaf de ontvangstdatum van het verzoek.

60/82

www.gemeenteAltena.nl

Te weinig besef van verantwoordelijkheid PW | AWB 1.

De gemeente verlaagt de uitkering van een inwoner die vóór of tijdens de bijstandsperiode onverantwoord omgaat met zijn mogelijkheden en financiële middelen, waardoor de gemeente eerder uitkering moet geven of een hoger bedrag aan uitkering moet geven. 2. Het is in ieder geval niet verantwoordelijk als de inwoner a. vrijwillig ontslag neemt of verwijtbaar ontslagen wordt uit een dienstbetrekking en daarna uitkering vraagt, of b. zijn vermogen onverantwoord uitgegeven heeft, bijvoorbeeld door schenkingen te doen, of c. in aanmerking zou kunnen komen voor een andere inkomstenbron, bijvoorbeeld alimentatie, maar hier geen beroep op doet. 3. Bij verwijtbaar ontslag nemen wordt de uitkering een maand verlaagd met 100%. In andere gevallen wordt de verlaging vastgesteld op 20% voor het aantal maanden volgens deze tabel: onverantwoord besteed bedrag / periode onterechte uitkering duur verlaging tot € 1500 / tot 2 maanden van € 1500 tot € 5000 / van 2 tot 4 maanden van € 5000 tot € 10000 / van 4 tot 8 maanden van € 10000 tot € 20000 / van 8 tot 16 maanden van € 20000 tot € 40000 / van 16 tot 32 maanden vanaf € 40000 / vanaf 32 maanden

1 maand 3 maanden 6 maanden 9 maanden 12 maanden 18 maanden

Onacceptabel gedrag PW | IOAW | IOAZ | AWB De gemeente verlaagt de uitkering van een inwoner die zich ernstig misdraagt tegenover personen en instanties die de Participatiewet, de IOAW en IOAZ uitvoeren. De uitkering wordt een maand verlaagd met 50% van de uitkeringsnorm. Als het gaat om (bedreiging met) lichamelijk geweld tegen een persoon wordt de uitkering een maand met 100% verlaagd.

Niet nakomen van andere verplichtingen PW | AWB | WI 1. 2.

De gemeente verlaagt de uitkering van een inwoner die een opgelegde verplichting als bedoeld in de artikelen 55 tot en met 57 van de Participatiewet niet voldoende nakomt. De verlaging is 20% van de uitkeringsnorm voor een maand als het gaat om:

61/82

www.gemeenteAltena.nl

a. b.

3.

verplichtingen die gericht zijn op werk; verplichtingen in verband met bijstand die in een bepaalde vorm (bijvoorbeeld in natura) of voor een specifiek doel wordt verstrekt; c. een verplichting om een noodzakelijke medische behandeling te volgen; d. verplichtingen die zijn gericht op vermindering van de bijstand; e. Verplichtingen die gericht zijn op een verantwoorde besteding van de bijstand; f. het door een inburgeringsplichtige niet meewerken aan financiële ontzorging. De verlaging is 100% van de uitkeringsnorm voor een maand als het gaat om verplichtingen die gericht zijn op beëindiging van de bijstand.

Samenloop van gedragingen PW | IOAW | IOAZ | AWB | WI 1.

2.

3.

Gedrag waardoor de inwoner meerdere verplichtingen uit deze paragraaf niet nakomt, leidt tot één verlaging. De grootste verlaging die van toepassing is voor het gedrag geldt dan, en ook de duur die bij die verlaging hoort. Als sprake is van meerdere gedragingen die ertoe leiden dat één of meer verplichtingen niet worden nagekomen, wordt voor iedere gedraging een afzonderlijke verlaging opgelegd. Deze verlagingen worden gelijktijdig of -als dat niet mogelijk is -na elkaar opgelegd. Als de gemeente voor dezelfde gedraging de bijstand op grond van artikel 18 of 18b Participatiewet kan verlagen en een boete op grond van de Wet inburgering 2021 op kan leggen, dan kiest hij ervoor de bijstand te verlagen en geen boete op te leggen.

Herhaling (recidive) PW | IOAW | IOAZ | AWB De duur van de verlaging wordt verdubbeld als de uitkering binnen twaalf maanden na de datum van het besluit waarmee de verlaging is opgelegd opnieuw wordt verlaagd. De duur wordt ook verdubbeld als de gemeente de eerdere verlaging vanwege dringende redenen heeft vastgesteld op 100%. Een herhaalde verlaging op grond van artikel 9.4.5 kan maximaal 3 maanden duren.

Terugvordering en incasso PW | IOAW | IOAZ 1.

De gemeente vordert gemeentelijke uitkeringen terug in de gevallen die in de wet zijn beschreven en doet dat volgens de regels van de wet. De gemeente vordert niet terug als terugvordering onaanvaardbare gevolgen heeft voor de inwoner.

62/82

www.gemeenteAltena.nl

2.

3.

Bij een klein bedrag, tot € 250,00, kan de gemeente besluiten om dit niet terug te vorderen, als dit te veel tijd en geld kost. De gemeente vordert een klein bedrag in ieder geval wel terug als er te veel uitkering is betaald omdat de inwoner onvoldoende informatie heeft gegeven aan de gemeente. Bij de incasso zorgt de gemeente ervoor dat inwoners een inkomen blijven houden dat past bij hun persoonlijke situatie. Dit inkomen is in ieder geval gelijk aan het bedrag dat bij beslaglegging vrijgelaten moet worden.

Beëindiging voorziening JEUGDWET | WMO |PW | IOAW | IOAZ | WGS | LLV | WKO 1.

2.

De gemeente kan een voorziening beëindigen als: a. de voorziening niet langer passend of nodig is; b. de inwoner niet meer voldoet aan de voorwaarden voor toekenning; c. de inwoner zich niet houdt aan voorwaarden of verplichtingen die aan de voorziening zijn verbonden; d. de voorziening is verstrekt op grond van onjuiste of onvolledige gegevens van de inwoner; e. de gemeente niet langer kan vaststellen of een voorziening kan worden voortgezet, omdat de inwoner onvoldoende meewerkt aan een onderzoek naar het recht op de voorziening; f. de voorziening voor een ander doel wordt gebruikt dan bedoeld; g. de inwoner niet binnen zes maanden gebruik heeft gemaakt van de voorziening, tenzij hem dat niet te verwijten is. De voorziening kan met terugwerkende kracht worden ingetrokken als een situatie die tot beëindiging kan leiden al in het verleden ontstaan is..

Terugvordering voorziening JEUGDWET |WMO |PW | IOAW | IOAZ | WGS | LLV | WKO | GEMEENTEWET | BURGERLIJK WETBOEK De gemeente kan de voorziening of de waarde daarvan van de inwoner terugvorderen. Dat kan vanaf het moment waarop is voldaan aan één of meer van de redenen voor beëindiging die genoemd worden in artikel 9.4.1. Wmo-voorzieningen kunnen alleen worden teruggevorderd als die voorzieningen zijn ingetrokken omdat de inwoner onjuiste of onvolledige gegevens aan de gemeente heeft verstrekt.

63/82

www.gemeenteAltena.nl

Controle JEUGDWET |WMO |PW | IOAW | IOAZ 1.

2. 3. 4.

De gemeente controleert regelmatig of de inwoner recht heeft op een uitkering of voorziening en of hij de juiste uitkering of voorziening heeft aangevraagd of ontvangt. De gemeente kan daarvoor gebruik maken van: a. huisbezoeken: medewerkers van de gemeente gaan langs bij de inwoner en kijken in en om de woning. De gemeente kan een huisbezoek aankondigen, maar dat hoeft niet; b. heimelijke waarnemingen: medewerkers van de gemeente verzamelen gegevens over de inwoner zonder dat de inwoner hierover vooraf is geïnformeerd. Dat verzamelen gebeurt bijvoorbeeld door buurtonderzoek; c. bestandsvergelijkingen: de gemeente vergelijkt de gegevens van de inwoner met de gegevens die bekend zijn over deze inwoner bij andere organisaties, zoals bij UWV, de Belastingdienst en andere gemeenten; d. signalen en tips van organisaties of particulieren; e. andere passende onderzoeksmethoden. De controle van de voorzieningen is ook bedoeld om de kwaliteit van de voorziening te beoordelen en om te kijken of de voorziening op de juiste manier wordt gebruikt. Bij de controle van uitkeringen en voorzieningen zorgt de gemeente ervoor dat de regels die horen bij de opsporing van strafbare feiten worden nageleefd. Bij beëindiging van de uitkering of voorziening op verzoek van de inwoner, onderzoekt de gemeente wat de reden is van de beëindiging.

De gemeente gaat ook na of de uitkering of voorziening tot de einddatum terecht is verstrekt.

Voorkomen van fraude JEUGDWET |WMO |PW | IOAW | IOAZ De gemeente stelt alles in het werk om fraude te voorkomen (preventie). Daarom informeert de gemeente inwoners op een gepaste manier over rechten en plichten en over de gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van uitkeringen en voorzieningen.

Beleidsplan en beleidsverslag JEUGDWET |WMO |PW | IOAW | IOAZ 1.

De gemeenteraad stelt periodiek een beleidsplan vast. In dat plan legt de gemeente vast hoe zij fraudebestrijding aanpakt en ervoor zorgt dat inwoners zich zo goed mogelijk aan de regels houden (handhaving).

64/82

www.gemeenteAltena.nl

2.

3.

In het beleidsplan staat in ieder geval: a. wat de gemeente precies met fraudepreventie bedoelt; b. wanneer en hoe de gemeente inwoners informeert over rechten en plichten (voorlichting); c. welke onderzoeksmethoden wanneer kunnen worden ingezet; en d. hoe de gemeente samenwerkt met andere organisaties om fraude tegen te gaan. De gemeente stelt na afloop van ieder kalenderjaar een beleidsverslag vast. Daarin beschrijft de gemeente of de gestelde doelen voor dat jaar zijn behaald en de redenen waarom dat wel of niet is gebeurd.

Privacy JEUGDWET |WMO |PW | IOAW | IOAZ 1.

De gemeente stelt voor onderzoeksmethoden die vaak worden toegepast protocollen op. Het gaat in ieder geval om protocollen voor de inzet van: a. Huisbezoeken; b. Buurtonderzoeken. De protocollen moeten ervoor zorgen dat er geen ongeoorloofde inbreuk op het privéleven van inwoners plaatsvindt. De gemeente maakt de protocollen openbaar bekend.

2.

Bij het uitvoeren van onderzoek zorgt de gemeente ervoor dat inbreuk op persoonlijkheidsrechten, zoals op de bescherming van het privéleven, niet verder gaat dan wat noodzakelijk, passend en wettelijk toegestaan is. De GGD West-Brabant stelt voor het kwaliteitstoezicht op de Wmo een eigen protocol voor het toezicht op de regels in deze verordening en nadere regels.

3.

Toezichthouders JEUGDWET |WMO |PW | IOAW | IOAZ | AWB De gemeente wijst een of meer ambtenaren aan die de taak hebben erop toe te zien dat de PW, JW, Wmo, IOAW IOAZ en de bijbehorende regels worden nageleefd.

Het beleid dat de gemeente maakt en uitvoert is bedoeld voor de inwoners. Met de ervaringen van de inwoners kan de gemeente haar beleid als het nodig is aanpassen en verbeteren. In dit hoofdstuk is vastgelegd hoe inwoners hun invloed kunnen uitoefenen. Ook is geregeld dat er een brede adviesraad sociaal domein is en is de taak van deze raad beschreven.

65/82

www.gemeenteAltena.nl

• •

De gemeente ziet de inwoner als volwaardige partner. De gemeente gaat zorgvuldig om met de inwoner.

JEUGDWET |WMO |PW | IOAW | IOAZ | GEMEENTEWET 1.

2.

De gemeente kan inwoners op de volgende manier inspraak geven: a. door inwoners of cliënten te raadplegen, bijvoorbeeld met enquêtes en bijeenkomsten. Ook kan de gemeente gebruik maken van een burgerpanel; b. door aan te sluiten bij inwoners met een initiatief en hun daarbij te ondersteunen; en daarnaast c. via de brede adviesraad sociaal domein. De gemeente kiest die vorm van inspraak die past bij het onderwerp en bij de groep die het betreft.

JEUGDWET |WMO |PW | IOAW | IOAZ | GEMEENTEWET 1.

2. 3. 4. 5.

6.

De gemeente zet zich ervoor in dat er een brede adviesraad sociaal domein is die een afspiegeling vormt van de verschillende groepen inwoners voor wie deze verordening iets regelt. Het doel van de gemeente om een brede adviesraad sociaal domein in te stellen is om inwoners inspraak te geven in het beleid, de regels en de uitvoering daarvan. De gemeente benoemt een onafhankelijk voorzitter voor een periode van vier jaar. De adviesraad kent een open structuur. Vergaderingen zijn openbaar. De gemeente heeft ten minste twee keer per jaar contact met de brede adviesraad sociaal domein. De gemeente evalueert elk jaar ten minste één keer met de brede adviesraad sociaal domein hoe de samenwerking gaat. Dan wordt ook besproken of de inspraak goed functioneert. De brede adviesraad sociaal domein stuurt jaarlijks een verslag van haar werkzaamheden aan de gemeente.

66/82

www.gemeenteAltena.nl

JEUGDWET |WMO |PW | IOAW | IOAZ | GEMEENTEWET 1.

2. 3.

4. 5. 6.

De brede adviesraad sociaal domein haalt ervaringen, meningen en inzichten van inwoners, waaronder die afhankelijk zijn van hulp van de gemeente, op en maakt deze kenbaar aan de gemeente. De brede adviesraad sociaal domein adviseert de gemeente over plannen om beleid, regels of de uitvoering daarvan bij te stellen. De gemeente betrekt de brede adviesraad sociaal domein in een vroegtijdig stadium bij de beleidsvoorbereiding van alle onderwerpen waarover de adviesraad in een later stadium gevraagd wordt advies uit te brengen. De gemeente voorziet de brede adviesraad sociaal domein tijdig mondeling of schriftelijk van de informatie die noodzakelijk is om adequaat te kunnen adviseren. De brede adviesraad sociaal domein kan ongevraagd voorstellen doen aan de gemeente over verandering van beleid, regels of de uitvoering daarvan. De brede adviesraad sociaal domein kan geen klachten, bezwaarschriften of andere onderwerpen bespreken die over individuele personen gaan. De brede adviesraad sociaal domein kan zelf regels vaststellen over de manier waarop de raad zijn werk doet.

JEUGDWET |WMO |PW | IOAW | IOAZ | GEMEENTEWET 1. 2.

3. 4.

De gemeente geeft de brede adviesraad sociaal domein elk jaar een budget voor de onkosten. De leden van de brede adviesraad sociaal domein ontvangen een bijdrage voor hun lidmaatschap van de brede adviesraad sociaal domein. De hoogte is bepaald de Verordening rechtspositie raads-, commissie- en burgerleden Altena 2019. De gemeente stelt aan de adviesraad de noodzakelijke faciliteiten ter beschikking om haar taken uit te kunnen voeren. De gemeente stelt een medewerker (ambtelijk secretaris) aan die de brede adviesraad sociaal domein helpt om zijn werk goed te doen.

De gemeente probeert het beleid en de regels zo goed mogelijk uit te voeren. Toch is het mogelijk dat inwoners het niet eens zijn met de aanpak van de gemeente. In dit hoofdstuk staan enkele regels over de mogelijkheid om een klacht in te dienen, een

67/82

www.gemeenteAltena.nl

vertrouwenspersoon te spreken of bezwaar te maken. Daarbij is aangesloten bij de visie op klachtbehandeling van de Nationale ombudsman.

• • •

De gemeente ziet de inwoner als volwaardige partner. De gemeente handelt professioneel en neemt de inwoner serieus. De gemeente helpt de inwoner om op een eenvoudige manier zijn mening te geven.

AWB | GEMEENTEWET 1.

2.

3. 4. 5.

De gemeente ziet een klacht of bezwaar als: a. een stimulans om de hulpvraag van de inwoner nog eens te onderzoeken, mits het bezwaar ontvankelijk is; b. een middel voor de inwoner om zijn mening kenbaar te maken; c. een mogelijkheid om de dienstverlening aan de inwoners te verbeteren; d. een manier om een vertrouwensbreuk te herstellen; en e. een middel om fouten bij de uitvoering van wettelijke taken te repareren. De inwoner die een klacht of ontvankelijk bezwaar heeft ingediend, krijgt de gelegenheid om zijn klacht of bezwaar mondeling toe te lichten. Dit gebeurt niet als het voor de gemeente overduidelijk is dat een mondelinge toelichting geen enkele zin heeft. De inwoner kan kritiek op de uitvoering van wettelijke taken door de gemeente uiten via een eenvoudige en effectieve klachten-en bezwaarprocedure. De gemeente zorgt ervoor dat klachten en bezwaren zo snel mogelijk, maar in ieder geval binnen de wettelijke termijnen, worden afgehandeld. De gemeente streeft ernaar dat de inwoner die een klacht of bezwaar heeft ingediend zich gehoord voelt.

AWB | GEMEENTEWET 1.

De gemeente heeft de Verordening voor de behandeling van klachten Altena 2019 vastgesteld. Op grond van die verordening kan een inwoner bij de gemeente een klacht indienen over: a. het gedrag van medewerkers of bestuurders en de bejegening van de inwoner; b. de manier waarop de gemeente meldingen en aanvragen van die inwoner heeft afgehandeld; c. de manier waarop de gemeente voorzieningen en diensten ten behoeve van die inwoner heeft uitgevoerd.

68/82

www.gemeenteAltena.nl

2. 3.

De verordening voor de behandeling van klachten Altena 2019 is ook van toepassing op deze verordening. Voor klachten over de jeugdhulpverlening geboden door de gemeente Altena stelt het college nadere regels vast.

JEUGDWET | AWB | GEMEENTEWET 1.

2. 3.

4.

De inwoner die een klacht heeft over het gedrag van een persoon of organisatie die door de gemeente is ingehuurd, moet zijn klacht eerst indienen bij die persoon of organisatie. Die persoon of organisatie moet een klachtenregeling hebben en deze met de gemeente hebben gedeeld. De gemeente controleert of de klachtenregeling van personen of organisaties die hulp verlenen op grond van een besluit van de gemeente, wordt nageleefd. Als de inwoner niet tevreden is over de manier waarop de klacht door de hulpverlenende persoon of organisatie is afgehandeld, kan de inwoner een klacht indienen bij de gemeente. De inwoner die geraakt is door geweld of ander strafbaar gedrag van personen of organisaties die die hulp verlenen op grond van een besluit van de gemeente, kan dit melden bij de gemeente. De gemeente bepaalt hoe die melding wordt behandeld.

JEUGDWET | GEMEENTEWET 1.

2.

De gemeente zorgt ervoor dat de inwoner (jongere, ouder of pleegouder) die hulp van de gemeente krijgt op grond van de Jeugdwet een onafhankelijke vertrouwenspersoon kan spreken. De vertrouwenspersoon kan de inwoner op verzoek ondersteunen bij problemen, klachten en vragen in verband met de hulpverlening door de gemeente, de jeugdhulpaanbieder, de gecertificeerde instelling jeugdbescherming en jeugdreclassering en het Advies-en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling (Veilig Thuis).

AWB | GEMEENTEWET 1. 2.

Als de gemeente een besluit neemt, informeert de gemeente de inwoner over de manier waarop bezwaar kan worden gemaakt tegen dat besluit. De inwoner die het niet eens is met een besluit dat is genomen op grond van de genoemde wetten en van deze verordening, kan daartegen bezwaar maken volgens de

69/82

www.gemeenteAltena.nl

3.

regels die zijn beschreven in de Algemene wet bestuursrecht en de Verordening Commissie Bezwaarschriften Altena 2019. Nadat de gemeente een bezwaarschrift heeft ontvangen, neemt een medewerker telefonisch contact op met de inwoner om het bezwaar te bespreken. De medewerker geeft uitleg over het besluit van de gemeente en informeert bij de inwoner naar argumenten, feiten en omstandigheden die van belang zijn voor de beoordeling van het bezwaar. Dit gesprek is gericht op verbetering van de besluitvorming door de gemeente en kan leiden tot een heroverweging van het besluit.

De diensten en producten die de gemeente levert, moeten van goede kwaliteit zijn. Diensten moeten aansluiten bij de behoefte van de inwoner. Producten moeten degelijk zijn en goed bruikbaar voor de inwoner. De gemeente moet zich bij de inkoop van diensten en producten aan bepaalde regels houden. Dit hoofdstuk gaat over de kwaliteit, de inkoop en de aanbesteding van diensten en producten.

• • • •

Diensten en producten van de gemeente zijn kwalitatief goed en passend bij de behoefte van de inwoner. De gemeente handelt professioneel en neemt de inwoner serieus. De gemeente werkt efficiënt en doelgericht. De gemeente stemt de hulp af op de inwoner.

JEUGDWET | WMO | PW | WI | GEMEENTEWET 1.

2.

3.

Alle diensten en producten die de gemeente in het kader van deze verordening aanbiedt moeten van goede kwaliteit zijn, zodat het gewenste effect voor de inwoner wordt bereikt. De gemeente zorgt voor een goede prijs-kwaliteitverhouding door: a. een vaste prijs te bepalen. Die prijs geldt dan voor inschrijving op een aanbesteding en voor een daaropvolgende overeenkomst met een leverancier; of b. een reële prijs vast te stellen. Die geldt dan als ondergrens voor een inschrijving en voor een daaropvolgende overeenkomst met een leverancier. De diensten en producten: a. passen bij de behoefte van de inwoner; b. zijn veilig, geschikt en bruikbaar voor de inwoner;

70/82

www.gemeenteAltena.nl

c.

4.

voldoen aan normen en eisen die door de beroepsgroep of in het vakgebied algemeen zijn aanvaard; d. respecteren de rechten van de inwoner; e. worden afgestemd op andere diensten of producten die aan de inwoner worden geleverd; f. worden geleverd volgens een bepaalde opzet die op tijd aan de inwoner wordt meegedeeld. g. passen bij de identiteit en samenstelling van de bevolking van de gemeente. De gemeente stelt nadere regels vast waarin de kwaliteitseisen worden uitgewerkt en controleert of deze eisen door leveranciers worden nageleefd.

JEUGDWET | WMO | PW | WI | GEMEENTEWET 1.

2.

De gemeente zorgt ervoor dat de kwaliteit van de diensten en producten in het kader van deze verordening gegarandeerd is. Bij inkoop en aanbesteding verwacht de gemeente van leveranciers dat zij rekening houden met de voorwaarden uit artikel 12.2 lid 2. Bij inkoop en aanbesteding verwacht de gemeente van leveranciers dat zij: a. diensten en producten leveren tegen de door hen berekende kostprijs, zonder dat de kwaliteit en de levering in gevaar komen; en b. als zij personeel hebben, dat zij zich als werkgever houden aan de regels van het arbeidsrecht. c. een regeling hebben voor het afhandeling van klachten van cliënten over de voorzieningen die door de aanbieder wordt aangeboden. d. als zij meer dan 10 medewerkers hebben, een regeling hebben voor de medezeggenschap van cliënten over voorgenomen besluiten van de aanbieder die voor gebruikers van belang zijn ten aanzien van de voorzieningen die door hen worden aangeboden.

De gemeente controleert of de zorgaanbieder of leverancier zich houdt aan de regels voor inspraak. 3.

De gemeente houdt bij het vaststellen van prijzen rekening met: a. het soort dienst of product; b. het salaris en andere arbeidsvoorwaarden van de beroepskrachten; c. een redelijke toeslag voor overheadkosten; d. andere personeelskosten die niet direct met de dienstverlening te maken hebben, zoals kosten voor bijscholing, ziekte en verlof van personeel; e. reis- en opleidingskosten; f. het jaarlijks aanpassen van de kostprijs in verband met stijging van de kosten; g. andere kosten die het gevolg zijn van verplichtingen voor leveranciers, zoals rapportage- en administratieve verplichtingen.

71/82

www.gemeenteAltena.nl

4.

De leverancier moet aantonen dat bij het bepalen van de kostprijs rekening gehouden is met de factoren uit 12.3.3.

In dit hoofdstuk zijn de laatste bepalingen opgenomen. Hier wordt geregeld welke verordeningen vervangen worden door deze verordening en wanneer deze verordening ingaat. Hier is ook opgenomen dat de gemeente bepalingen uit deze verordening kan uitwerken of verder invullen, dat met regelmaat beoordeeld wordt of de verordening nog goed werkt, wat de officiële naam is van deze verordening en dat de gemeente van deze verordening kan afwijken als dit echt nodig is.

• • •

De gemeente handelt professioneel en neemt de inwoner serieus. De gemeente werkt efficiënt en doelgericht. De gemeente stemt de hulp af op de inwoner.

GEMEENTEWET 1.

2. 3.

De gemeente onderzoekt uiterlijk na 1 jaar na inwerkingtreding of de verordening voldoende bijdraagt aan de doelen die de gemeente wil bereiken. Om dat te kunnen nagaan verzamelt de gemeente systematisch informatie over: a. ervaringen van inwoners; b. inhoudelijke ontwikkelen en effecten; c. financiële ontwikkelingen en prognoses. De gemeente houdt zich daarbij aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). De gemeenteraad bespreekt een verslag van dit onderzoek en past de verordening aan als dat nodig is.

GEMEENTEWET De gemeente kan uitvoeringsregels maken over de onderwerpen die in deze verordening zijn geregeld. Deze uitvoeringsregels kunnen de vorm hebben van beleidsregels of van een (nadere) regeling. Beleidsregels geven aan hoe de gemeente met een bepaalde bevoegdheid omgaat.

72/82

www.gemeenteAltena.nl

Met een (nadere) regeling worden bepaalde regels van de verordening verder uitgewerkt. De mogelijkheid om deze uitvoeringsregels te maken wordt begrensd door de wet.

GEMEENTEWET De gemeente kan afwijken van een bepaling uit deze verordening als toepassing van die bepaling volgens de gemeente een onredelijke uitkomst heeft voor de inwoner of voor een ander die direct bij het besluit betrokken is.

GEMEENTEWET De volgende verordeningen worden ingetrokken op de datum dat deze verordening ingaat: • • • • • • • • • • • • •

Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Altena 2019 Afstemmingsverordening Sociale Zekerheid gemeente Altena 2019 Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Altena 2019 de Verordening Individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Altena 2019 de Verordening individuele studietoeslag Participatiewet gemeente Altena 2019 Verordening Subsidieverlening gebruikers maaltijdvoorziening gemeente Altena 2019 Verordening Activiteitenfonds gemeente Altena 2019 Verordening handhaving Sociale Zekerheid 2019 gemeente Altena Verordening tegenprestatie sociale zekerheid gemeente Altena 2019 Verordening jeugdhulp Altena 2020 Verordening beschikkingstermijn schuldhulpverlening gemeente Altena 2021 Verordening Cliëntenparticipatie Participatiewet Altena 2019 Verordening leerlingenvervoer Altena 2019 (inclus. 1e wijziging)

• • • •

Verordening leerlingenvervoer Altena 2019 Verordening Jeugdhulp gemeente Aalburg 2017 Verordening Jeugdhulp gemeente Werkendam 2017 Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive Participatiewet 2015 gemeente Aalburg Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive Participatiewet 2015 gemeente Werkendam Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive Participatiewet 2015 gemeente Woudrichem Verordening bevordering van maatschappelijke participatie schoolgaande kinderen, gemeente Aalburg

• • •

73/82

www.gemeenteAltena.nl

• • • • • •

Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Werkendam Verordening cliëntenraad sociale zekerheid gemeente Woudrichem 2010 Verordening Wet inburgering gemeente Woudrichem 2009 Verordening persoonsgebonden budget begeleid werken Wet sociale werkvoorziening, gemeente Werkendam Verordening persoonsgebonden budget begeleid werken Wet sociale werkvoorziening gemeente Woudrichem Verordening tegemoetkoming kosten kinderopvang gemeente Woudrichem.

GEMEENTEWET 1.

2.

3.

Een maandelijkse voorziening of uitkering die op grond van een ingetrokken verordening wordt verstrekt, blijft ook na de datum van inwerkingtreding van deze verordening doorlopen. Deze voorziening of uitkering loopt door totdat de gemeente een nieuw besluit over die voorziening of uitkering heeft genomen. Een aanvraag die de inwoner heeft ingediend vóór de datum van inwerkingtreding van deze verordening en waarover de gemeente pas later een besluit neemt, handelt de gemeente af volgens deze verordening. Voor een aanvraag op grond van de Participatiewet, de IOAW en de IOAZ die is ingediend vóór de datum van inwerkingtreding van deze verordening geldt juist dat de gemeente deze afhandelt volgens de ingetrokken verordening. Maar als een besluit volgens deze nieuwe verordening gunstiger uitpakt voor de inwoner, past de gemeente deze verordening toe. Op bezwaarschriften tegen een besluit op grond van een van de bij 13.6 genoemde ingetrokken verordeningen, past de gemeente die ingetrokken verordening toe.

GEMEENTEWET 1. 2.

Deze verordening wordt genoemd: Verordening sociaal domein gemeente Altena 2022. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van openbare bekendmaking in het digitale Gemeenteblad van Altena.

In deze verordening worden allerlei begrippen gebruikt. Deze begrippen hebben dezelfde betekenis als in de wetten waarop deze verordening is gebaseerd. Waarom deze begrippenlijst? •

Soms worden bepaalde begrippen in meerdere wetten gebruikt en hebben ze in die wetten een verschillende betekenis. Hier staat wat de betekenis van deze begrippen in deze verordening is.

74/82

www.gemeenteAltena.nl

•

•

•

Voor een aantal begrippen geldt dat ze in deze verordening een ruimere betekenis hebben dan in de genoemde wetten, omdat zoveel mogelijk is aangesloten bij het normale, dagelijkse taalgebruik. Ook staan er voor de duidelijkheid ook enkele wettelijke begrippen in de lijst, die in deze verordening wel dezelfde betekenis hebben, maar hier in andere woorden zijn omschreven. Ten slotte worden in deze verordening ook begrippen gebruikt die niet zijn terug te vinden in de wetten. Ook die zijn hier omschreven.

aangepast vervoer: vervoer met een besloten (school)bus, taxi, treintaxi of bustaxi; activiteitenfonds: fonds bestemd voor financiële ondersteuning aan voor inwoners met een laag inkomen gericht op maatschappelijke participatie in de gemeente, gezonde leefstijl, laaggeletterdheid en voorkomen van eenzaamheid en ontmoeting. activeringsplaats: werken met behoud van uitkering voor inwoner met een (zeer) grote afstand tot de arbeidsmarkt die wel het perspectief hebben dat zij met langere begeleiding weer inzetbaar zijn in reguliere arbeid; algemeen gebruikelijke voorziening: voorziening die niet speciaal is bedoeld voor mensen met een beperking en die algemeen verkrijgbaar is en niet of niet veel duurder is dan vergelijkbare producten; andere voorziening: een voorziening waarop de inwoner een beroep kan doen voor de hulp die hij nodig heeft, anders dan hulp-op-maat. Het gaat om voorzieningen die buiten de regeling liggen van de aangevraagde voorziening of om voorzieningen die binnen het bereik van die regeling liggen, maar vrij toegankelijk zijn voor de inwoner. Dat kan een andere uitkering zijn, een algemeen gebruikelijke, algemene of collectieve voorziening, of voorzieningen als alimentatie en toeslagen. AOW-leeftijd: leeftijd waarop de AOW-uitkering ingaat.

arbeidsgehandicapte: De arbeidsgehandicapte als bedoeld in de wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA) en de persoon met een Wajong uitkering. arbeidsinschakeling: aan het werk (kunnen) gaan. arbeidsverplichting: de verplichting om mee te werken aan de arbeidsinschakeling of het leveren van een tegenprestatie, als bedoeld in artikel 9 van de Participatiewet, artikel 37 van de IOAW en artikel 37 van de IOAZ. armoedeval: achteruitgang in inkomen als een uitkeringsgerechtigde een baan aanneemt op of rond het minimumloon. Dit komt door het wegvallen van tegemoetkomingen van de gemeente of van toeslagen zoals huurtoeslag en zorgtoeslag.

75/82

www.gemeenteAltena.nl

basisschool: basisschool of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs. beperking: de vermindering van mogelijkheden als gevolg van een lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke, psychische of psychosociale handicap, ziekte of aandoening, die het functioneren op sociaal of maatschappelijk gebied belemmert. Bij leerlingenvervoer geldt dat de beperking het vervoer naar school belemmert. bijstandsnorm: de maximale hoogte van de bijstandsuitkering bedoeld in artikel 5, onderdeel c van de Participatiewet. De hoogte hangt af van de woon-en leefsituatie en de leeftijd van de inwoner. Voor hoofdstuk 7 wordt onder bijstandsnorm verstaan: de bijstandsnorm zonder de (reservering voor de) vakantietoelage. bijstandsuitkering: de algemene bijstand voor levensonderhoud, bedoeld in artikel 5, onderdeel b van de Participatiewet. Gaat het om een jongere van 18 tot 21 jaar, dan wordt met bijstandsuitkering bedoeld: de algemene bijstand plus de aanvullende bijzondere bijstand op grond van artikel 12 van de Participatiewet. collectief taxivervoer: vervoer van deur tot deur, op afroep en met een deeltaxi (ook wel collectief vraagafhankelijk vervoer genoemd). consumentenprijsindex: gemiddelde prijsstijging van de goederen en diensten die consumenten kopen; deze wordt vastgesteld door het CBS.

detacheringsbaan: een betaalde baan bij een reguliere werkgever via een (sociaal)

detacheringsbureau van de overheid of via een derde. dichtstbijzijnde school: school die het dichtst bij de woning of opstapplaats van het kind ligt, gemeten via de kortste route waarlangs het kind veilig kan reizen. Als het kind naar een speciale basisschool gaat, dan is de dichtstbijzijnde school de school de dichtstbijzijnde speciale basisschool in het samenwerkingsverband van de basisschool dat het kind eerst bezocht, of een andere speciale basisschool binnen dit samenwerkingsverband, als het vervoer naar die school voor de gemeente goedkoper is. effect: het resultaat of het doel. eigen vervoermiddel: een vervoermiddel dat de inwoner zelf bezit of dat hij mag gebruiken. Daaronder valt ook een vervoermiddel dat de gebruiker ter beschikking staat, zoals een deel, leen-of leaseauto. financiële buffer: vermogen. Een goede financiële buffer is een vermogen op of boven de vermogensgrens bedoeld in artikel 34, lid 3 van de Participatiewet. fraude: het bewust verstrekken van onjuiste en/of onvolledige gegevens, of het verzwijgen of niet (op tijd) verstrekken van gegevens. Het gaat om gegevens die nodig zijn om te bepalen of er recht op een uitkering of een voorziening is, en om de duur en hoogte van die

76/82

www.gemeenteAltena.nl

uitkering of voorziening vast te stellen. Als gevolg hiervan wordt een uitkering of voorziening helemaal of gedeeltelijk ten onrechte verstrekt. gebruikelijke hulp: de hulp die over het algemeen mag worden verwacht van de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten. Voor de Jeugdwet wordt met ouders ook andere opvoeders en verzorgers bedoeld. gemeente: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena. gesprek: gesprek waarin de inwoner zijn hulpvraag, zijn persoonlijke situatie en het effect dat hij wil bereiken bespreekt. gezinshuis: een kleinschalige vorm van jeugdhulp, georganiseerd vanuit een natuurlijk gezinssysteem, waar gezinshuisouders volgens het 24x7-principe opvoeding, ondersteuning en zorg bieden aan bij hen in huis geplaatste kinderen en jongeren die tijdelijk of langdurig zijn aangewezen op intensieve en professionele hulpverlening als gevolg van beschadigende ervaringen en/of complexe problematiek hulp: ondersteuning bij de arbeidsinschakeling als bedoeld in artikel 7 van de Participatiewet, artikel 36 van de IOAW en artikel 36 van de IOAZ, bijstand als bedoeld in artikel 7 van de Participatiewet, een uitkering als bedoeld in artikel 5 van de IOAW en artikel 5 van de IOAZ, inkomensondersteuning op grond van artikel 147 van de Gemeentewet, maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wmo, jeugdhulp als

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10790680/1