Bijlage Begroting 2026
Tekst van het document
2026
1 Algemene dienstverlening
2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning
3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn
Totaal Kosten / Kostendekking
1.655
1.472
119
3.246
1.655
1.472
119
3.246
628
1.323
107
2.058
628
1.323
107
2.058
Totale lasten
2.283
2.795
226
5.304
Baten heffingen
2.082
3.136
16
5.234
Saldo
201N
341V
210N
70N
Dekkingspercentage
91%
112%
7%
99%
Baten en lasten taakvelden Lasten taakvelden incl. rente Baten taakvelden, excl. heffingen Netto kosten taakveld Toe te rekenen lasten Overhead incl. omslagrente BTW Totaal toe te rekenen lasten
De in de begroting 2026 opgenomen, voor de kostendekking van de legesverordening relevante, baten overschrijden de lasten niet. De totale kostendekking is 99%. Hoofdstuk 1 is 91% kostendekkend. Hoofdstuk 2 is 112% kostendekkend. Hoofdstuk 3 is 7% kostendekkend. Bij het berekenen van de kostendekking worden alle relevante baten en lasten toegerekend. Deze baten en lasten zijn geschoond voor onderdelen welke wettelijk niet toegerekend mogen worden aan de heffing.
88
Berekening van kostendekking Leges Biesbosch
2026
Altena Baten en lasten taakvelden Lasten taakvelden incl. rente
7
Baten taakvelden, excl. heffingen
0
Netto kosten taakveld
7
Toe te rekenen lasten Overhead incl. omslagrente
0
BTW
0
Totaal toe te rekenen lasten
7
Totale lasten
7
Baten heffingen
7
Saldo
0
Dekkingspercentage
100%
De in de Begroting 2026 opgenomen baten van de Leges Biesbosch overschrijden de lasten niet. Het kostendekkingspercentage is 100%. Alle relevante baten en lasten worden toegerekend. Deze baten en lasten worden geschoond voor onderdelen welke wettelijk niet toegerekend mogen worden. Berekening van kostendekking Rioolheffing
2026
Altena Baten en lasten taakvelden Lasten taakvelden incl. rente
6.003
Baten taakvelden, excl. heffingen
69
Netto kosten taakveld
5.933
Toe te rekenen lasten Overhead incl. omslagrente
955
BTW
1.819
Totaal toe te rekenen lasten
2.774
Totale lasten
8.708
Baten heffingen
7.655
Saldo
1.053N
Dekkingspercentage
88%
De in de Begroting 2026 opgenomen baten van de rioolheffing overschrijden de lasten niet. De totale kostendekking is 88%. Het tekort wordt gedekt uit de voorziening. Alle relevante baten en lasten worden toegerekend. Deze baten en lasten zijn geschoond voor onderdelen welke wettelijk niet toegerekend mogen worden.
89
Berekening van kostendekking Reinigingsheffing
2026
Altena Baten en lasten taakvelden Lasten taakvelden incl. rente
7.628
Baten taakvelden, excl. heffingen
1.138
Netto kosten taakveld
6.489
Toe te rekenen lasten Overhead incl. omslagrente
581
BTW
1.295
Totaal toe te rekenen lasten
1.877
Totale lasten
8.366
Baten heffingen
8.205
Saldo
161N
Dekkingspercentage
98%
De in de Begroting 2026 opgenomen, voor de kostendekking van de reinigingsheffing relevante, baten overschrijden de lasten niet. De totale kostendekking is 98%. Het percentage van de kostendekking is jaarlijks aan fluctuatie onderhevig. Alle relevante baten en lasten worden toegerekend. Deze baten en lasten worden geschoond voor onderdelen welke wettelijk niet toegerekend mogen worden. Berekening van kostendekking Lijkbezorgingsrechten
2026
Altena Baten en lasten taakvelden Lasten taakvelden incl. rente
1.171
Baten taakvelden, excl. heffingen Netto kosten taakveld
1.171
Toe te rekenen lasten Overhead incl. omslagrente
238
BTW Totaal toe te rekenen lasten
238
Totale lasten
1.409
Baten heffingen
1.007
Saldo
401N
Dekkingspercentage
72%
De in de Begroting 2026 opgenomen, voor de kostendekking van de Lijkbezorgingsrechten relevante, baten overschrijden de lasten niet. De totale kostendekking is 72%. Uitgangspunt voor het college is de tarieven voor lijkbezorging betaalbaar te houden en conform het bestuursakkoord niet te streven naar 100% kostendekking. Het kostendekkingspercentage is jaarlijks aan fluctuatie
90
onderhevig. Alle relevante baten en lasten worden toegerekend. Deze baten en lasten worden geschoond voor onderdelen welke wettelijk niet toegerekend mogen worden. Berekening van kostendekking Marktgelden
2026
Altena Baten en lasten taakvelden Lasten taakvelden incl. rente
56
Baten taakvelden, excl. heffingen
0
Netto kosten taakveld
56
Toe te rekenen lasten Overhead incl. omslagrente
21
BTW Totaal toe te rekenen lasten
21
Totale lasten
77
Baten heffingen
73
Saldo
4N
Dekkingspercentage
95%
De in de Begroting 2026 opgenomen, voor de kostendekking van de Marktgelden relevante, lasten overschrijden de baten niet. De totale kostendekking is 95%. De kostendekking is jaarlijks aan fluctuatie onderhevig. Alle relevante baten en lasten worden toegerekend. Deze baten en lasten worden geschoond voor onderdelen welke wettelijk niet toegerekend mogen worden.
91
Berekening van kostendekking Havengelden
2026
Altena Baten en lasten taakvelden Lasten taakvelden incl. rente
556
Baten taakvelden, excl. heffingen
6
Netto kosten taakveld
549
Toe te rekenen lasten Overhead incl. omslagrente
157
BTW
0
Totaal toe te rekenen lasten
157
Totale lasten
707
Baten heffingen
707
Saldo
0
Dekkingspercentage
100%
De in de Begroting 2026 opgenomen, voor de kostendekking van de Haven- en kadegelden relevante lasten overschrijden de baten niet. De totale kostendekking is 100%. Het kostendekkingspercentage is jaarlijks aan fluctuatie onderhevig. Alle relevante baten en lasten worden toegerekend. Deze baten en lasten worden geschoond voor onderdelen welke wettelijk niet toegerekend mogen worden.
92
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing € 6.583.000
€ 25.087.000
3,8
Risicowaarde
Weerstandscapaciteit
Weerstandsvermogen
Inleiding In deze paragraaf gaan we in op het weerstandsvermogen en de risicobeheersing van de gemeente Altena. Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) vraagt in deze paragraaf minimaal in te gaan op een inventarisatie van de weerstandscapaciteit, een inventarisatie van de risico’s en het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's. Daarnaast zijn ook een aantal kengetallen voorgeschreven, evenals een beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie. De risico-inventarisatie wordt twee keer per jaar geactualiseerd (voor de begroting en voor de jaarrekening).
Beleidskader en definities Beleidskaders • Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) • Nota Risicomanagement 2019 • Nota Reserves en voorzieningen 2019 • Herijking Reserves en voorzieningen 2020 Definities De paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft een indicatie van de mate waarin het vermogen van de gemeente Altena toereikend is om financiële tegenvallers op te vangen zonder dat het beleid moet worden aangepast. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: 1. Weerstandscapaciteit: De middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet-begrote lasten te dekken. 2. Risico's: Alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Risicomanagement wordt gedefinieerd als het systematisch in kaart brengen van de risico’s met het oog op de beheersing van deze risico’s. In deze paragraaf ligt de primaire focus op het financiële risico. Risicomanagement is geen statisch instrument, maar dient een integraal onderdeel uit te maken van werkprocessen. Via de Planning & Control-documenten wordt de gemeenteraad geïnformeerd over het weerstandsvermogen. De risico’s met betrekking tot verbonden partijen zijn opgenomen in de paragraaf Verbonden Partijen.
93
Tot slot zijn in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing kengetallen opgenomen die betrekking hebben op de financiële positie van de gemeente Altena, evenals een beoordeling van de onderlinge verhouding tussen deze kengetallen.
Weerstandscapaciteit Bij het bepalen van de weerstandscapaciteit wordt onderscheid gemaakt tussen incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Incidentele weerstandscapaciteit De incidentele weerstandscapaciteit is het vermogen dat ingezet kan worden om eenmalige tegenvallers op te vangen en wordt gevormd door de optelsom van het vrij aanwendbare deel van de algemene reserve en de stille reserves. Stille reserves worden bepaald door het verschil tussen boekwaarden en de actuele marktwaarden van bezittingen in aandelen en onroerend goed. Hierbij dient in acht te worden genomen dat niet alle stille reserves snel te gelde gemaakt kunnen worden. Bovendien neemt de toezichthouder deze reserves alleen mee bij de berekening van de incidentele weerstandscapaciteit als de actuele marktwaarde reëel is onderbouwd, bijvoorbeeld door een officiële taxatie. Ook mag de stille reserve geen gebruiksnut meer hebben voor de gemeente en moet deze op korte termijn beschikbaar kunnen komen. Om deze redenen worden de stille reserves op nihil gesteld. Structurele weerstandscapaciteit De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de lopende exploitatie op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken over meerdere jaren.
De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit de post onvoorzien, de onbenutte belastingcapaciteit en structurele begrotingsruimte. De totale weerstandscapaciteit wordt als volgt berekend: (bedragen x € 1.000)
Begroting 2026
Vrij aanwendbaar deel algemene reserve (per 31-12-2026) Stille reserves
18.653 -
Incidentele weerstandscapaciteit (A)
18.653
Onbenutte belastingcapaciteit
6.384
Onvoorzien
50
Structurele begrotingsruimte
0
Structurele weerstandscapaciteit (B)
6.434
Totale weerstandscapaciteit (A + B)
25.087
94
Risico -inventarisatie Bepalen risicowaarde Om tot een kwantificering van de risico’s te komen worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: •
Kans. De kans dat een risico zich daadwerkelijk voordoet is afhankelijk van meerdere factoren. Om te komen tot een schaalverdeling worden de volgende categorieën gehanteerd: o klein (< 25%) o middel (> 25% - < 75%) o groot (> 75%)
•
Financiële impact. De financiële impact geeft de financiële invloed aan die een risico kan hebben op de gemeentelijke exploitatie. In sommige gevallen is het lastig om de impact te bepalen, dan kan gebruik gemaakt worden van de volgende categorieën: o gering (< € 100.000); o beduidend (> € 100.000 - < € 500.0000); o kritiek (> € 500.000).
•
Risicowaarde. De risicowaarde wordt berekend door het percentage ‘kans’ te vermenigvuldigen met het maximale risicobedrag. Voor structurele risico’s wordt de risicowaarde vermenigvuldigd met factor 2. De gedachtegang hierbij is dat 2 jaar voldoende is om passende maatregelen te treffen.
Toepassing van bovenstaande leidt tot het volgende overzicht van geïnventariseerde risico’s. Zoals in de nota Risicomanagement 2019 is aangegeven worden de tien belangrijkste risico’s weergegeven en toegelicht. Omschrijving (bedragen x € 1.000) Aanbestedingen en prijsontwikkelingen, vooral bij grote projecten
I/ S I
Financieel effect 900
Kans
I
30%
900
S
500
20%
750
3.
Kwetsbaarheid bedrijfsvoering/ formatie- en inhuurbudget ontoereikend Overschrijding budgetten Jeugdzorg
S
438
50%
875
4.
Overschrijding budgetten WMO
S
338
50%
675
5.
Overschrijding budgetten uitkeringen/ participatievoorzieningen
S
299
30%
597
6.
Risico’s inzake informatiebeveiliging
I
300
10%
300
7.
Risico's gerelateerd aan niet voldoen aan de AVG
I
200
25%
200
8.
Open eind karakter gemeenschappelijke regelingen
S
200
20%
9.
Extra bijdrage nazorg gesloten stortplaatsen
I
400
50%
400
10
Faillissement van contractpartijen, met name in de jeugdzorg
I
125
25%
125
1. 2.
S
400
Totaal incidentele en structurele risicowaarde 1 t/m 10
5.222
Overige risico's
1.361
Totaal risicowaarde
6.583
I = incidenteel / S = structureel
95
Toelichting 1. Risico's bij aanbestedingen en prijsontwikkelingen, vooral bij grote projecten Projecten kunnen grofweg worden ingedeeld in drie categorieën: civiele (bouw)projecten, samenwerking met ontwikkelaars bij bouwprojecten, en projecten waarbij de gemeente de opdrachtgever is. Hoewel elk project risico's met zich meebrengt, zijn de financiële risico's vooral aanwezig bij projecten waar de gemeente zelf de opdrachtgever is. Om de voortgang van deze projecten goed te monitoren, richt de organisatie zich op het vergroten van continu inzicht en overzicht. Dit leidt tot een voortdurende actualisatie van het meerjarig investeringsprogramma, wat een beter toekomstig inzicht in investeringen biedt. Ondanks de afvlakking van prijsstijgingen in de sector, blijft er een risico op hogere kosten ten opzichte van de ramingen bij nieuwe aanbestedingen. De aantrekkende economie dreigt de bouwsector te overspannen, wat kan resulteren in veel hogere offertes dan begroot, of slechts één inschrijvende aanbieder. Bovendien, gezien de huidige ongunstige prijsontwikkelingen, is het risico groot dat aanbestedingen duurder uitvallen. Daarnaast gelden er strikte regels voor (Europese) aanbestedingen. Niet-naleving van deze regels kan financiële risico's veroorzaken. De gemeente Altena heeft een inkoop- en aanbestedingsbeleid vastgesteld en algemene inkoopvoorwaarden geformuleerd. 2.
Risico's bij kwetsbaarheid bedrijfsvoering/ formatie- en inhuurbudget ontoereikend Door de krappe arbeidsmarkt blijft het moeilijk om geschikte medewerkers te vinden. Bedrijfsrisico's kunnen ontstaan doordat processen nog niet optimaal verlopen, wat extra inspanningen vereist om het goed functioneren te waarborgen. Ziekteverzuim en vergrijzing leiden tot verlies van kennis. In de afgelopen drie jaar zijn de inhuurkosten gestegen door langdurig ziekteverzuim en de behoefte aan specialistische kennis voor complexe vraagstukken. Vacatures behoren vaak tot schaarse doelgroepen en zijn moeilijk in te vullen, wat leidt tot hoge inhuurtarieven. Het budget voor inhuur wordt nauwlettend bewaakt om budgetoverschrijding te voorkomen. We werken aan een toekomstbestendige, flexibele en wendbare organisatie. 3. Overschrijding budgetten Jeugdzorg Net als veel andere gemeenten kampt Altena met budgetoverschrijdingen op het gebied van Jeugdzorg. Hoewel er zo realistisch mogelijk begroot wordt, hebben wij op dit gebied te maken met soms onvoorspelbare omstandigheden. Gedeeltelijk kent de jeugdzorg een open einde karakter. Ook kunnen individuele casussen leiden tot forse kostenposten. In samenwerking met de andere regiogemeenten wordt gewerkt aan een doorontwikkeling van de sturing- en beheersingsinformatie om de voorspelbaarheid van kosten te vergroten.
De Hervormingsagenda Jeugd geeft sturing aan het verbeteren en financieel houdbaar krijgen van de jeugdzorg. 4. Overschrijding budgetten WMO Bij de WMO leiden landelijke ontwikkelingen tot grotere financiële risico’s. De invoering van het zogenoemde abonnementstarief leidt enerzijds tot een lagere eigen bijdrage van de cliënten. Anderzijds heeft het een aanzuigende werking op cliënten die voorheen geen beroep deden op een WMO-voorziening en nu, vanwege de lage kosten, hier wel gebruik van gaan maken. Op langere termijn wordt het verdeelmodel WMO (begeleiding en beschermd wonen) herzien. Ook de toenemende extramuralisering van de zorg (langer thuis blijven wonen) leidt tot een toenemende complexiteit en kosten van de zorgvragen.
96
5. Overschrijding budgetten uitkeringen / participatievoorzieningen Het gaat hierbij om het risico op fluctuaties in de gebundelde uitkering. De gemeente ontvangt van het Rijk een gebundelde uitkering (BUIG) voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004 (levensonderhoud startende ondernemers) en voor de inzet van loonkostensubsidie. 6. Risico’s inzake informatiebeveiliging Dit risico betreft het voorkomen van schendingen van wetgeving, regelgevende en contractuele verplichtingen, en beveiligingseisen. Het niet naleven van het geactualiseerde informatiebeveiligingsbeleid kan leiden tot onvoldoende naleving van afgesproken regels en maatregelen. Het risico omvat ook het waarborgen van informatiebeveiliging in de gehele levenscyclus van informatiesystemen, inclusief systemen die via openbare netwerken diensten verlenen. Hoewel het risico hoog is geprioriteerd, drukken de vele getroffen beheersmaatregelen het netto risico slechts beperkt op het weerstandsvermogen. 7. Risico's gerelateerd aan niet voldoen aan de Algemene verordening gegevensbescherming De gemeente is in het kader van de Algemene verordening gegevensbescherming en de Wet politiegegevens verplicht passende technische en organisatorische maatregelen te treffen om ten aanzien van de verwerking van persoonsgegevens van burgers en haar medewerkers.
De Autoriteit Persoonsgegevens kan organisaties die niet aan de Algemene verordening gegevensbescherming voldoen een boete opleggen van maximaal 20 miljoen euro of 4% van de jaaromzet. Bij overtreding van de Wet politiegegevens kan de Autoriteit Persoonsgegevens boetes opleggen welke zijn opgenomen in het Wetboek van Strafrecht. Afhankelijk van de aard van de overtreding kan een boete oplopen tot wel € 820.000 per overtreding. 8. Openeind-karakter gemeenschappelijke regelingen De gemeente kan geconfronteerd worden met financiële tegenvallers van verbonden partijen/ gemeenschappelijke regelingen waarin de gemeente verplicht is bij te dragen in eventuele nadelige saldi. Hierop heeft de gemeente niet altijd (directe) invloed. Naast dit algemene risico ten aanzien van verbonden partijen, kunnen er ook specifieke risico’s ten aanzien van één partij zijn. 9. Nazorg gesloten stortplaatsen In 2020 zou de eeuwigdurende nazorg van de stortplaats Zevenbergen worden overgedragen aan de Provincie Noord-Brabant (PNB). Er is een geschil ontstaan over de omvang van het doelvermogen dat noodzakelijk is voor de eeuwigdurende nazorg. Partijen zijn onder voorwaarden overeengekomen gedurende 5 jaar onderzoek te doen naar het juiste doelvermogen. Afhankelijk van de uitkomst van dit onderzoek zullen de betreffende gemeenten, waaronder de gemeente Altena, mogelijk moeten bijstorten.
Het uiteindelijke benodigde doelvermogen is van vele, nu nog onbekende factoren, afhankelijk. Ook een eventuele verlaging van de rekenrente. 10. Faillissement contractpartijen, met name in de jeugdzorg De afgelopen periode zien we zowel landelijk als ook in onze eigen regio dat er zorgaanbieders zijn die financieel in de problemen komen. Naast het feit dat het wegvallen van een zorgaanbieder een grote belasting is voor het zorglandschap, zien we dat er hoge frictiekosten bij komen kijken.
97
Overige risico’s Hierboven zijn de tien belangrijkste risico’s benoemd. Naast deze tien risico’s zijn nog andere (kleinere) risico’s te onderscheiden. Deze variëren van risico’s die samenhangen met onvoldoende toezicht op bouwactiviteiten tot risico’s op het gebied van fraude bij aanvraag van inkomensvoorzieningen en meer. Verondersteld wordt dat met deze overige risico’s in totaal een bedrag van € 1,2 miljoen gemoeid is. Hervormingsagenda Jeugd – Beweging naar de Sociale Basis De Hervormingsagenda Jeugd vormt het startpunt van een brede verandering binnen het sociaal domein, waarbij de beweging wordt ingezet van geïndiceerde zorg naar vrij toegankelijke ondersteuning, ofwel: licht waar het kan, zwaar waar het moet’. Deze verandering strekt zich uit over de domeinen Jeugd, Wmo, Participatiewet en gezondheid, en wordt vormgegeven in het koersdocument Sociaal Domein 2030, dat naar verwachting in Q1 2026 door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Deze beweging beoogt de ondersteuning dichter bij inwoners te organiseren en preventie te versterken, maar implementatie brengt altijd risico’s met zich mee. In de eerste jaren van de verandering kunnen de kosten oplopen doordat nieuwe werkwijzen extra tijd vragen, onverwachte vraagstukken oproepen en mogelijk extra investeringen vragen, bijvoorbeeld in de sociale basis.
Dit kan mogelijk leiden tot een tijdelijke druk op de begroting en het benodigde beroep op de Algemene Reserve om de continuïteit van dienstverlening te waarborgen.
Frauderisico’s De frauderisicoanalyse is erop gericht de opzet, het bestaan en de werking van de beheersmaatregelen op het gebied van fraude en integriteit te signaleren en maatregelen te treffen. In het Interne Controleplan van de gemeente Altena is een beperkte risicoanalyse opgenomen waarbij in de aanpak specifieke aandacht uitgaat naar de meest kritische bedrijfsprocessen. Ook wordt in het kader van risicomanagement in de tussentijdse verantwoordingsgesprekken van directie met teammanagers aandacht besteed aan (verwachte) risico’s, waarbij ook mogelijke frauderisico’s aan de orde komen. Het streven is om in de toekomst een integrale risicoanalyse op te stellen voor een nog gerichtere preventie aanpak. Daarnaast is bij de start van nieuwe medewerkers veel aandacht voor integriteit en wordt met behulp van een dilemma spel hierover de dialoog gevoerd. Deze aanpak maakt expliciet onderdeel uit van de onboardingstraject en is opgenomen in het beleid ter voorkoming van fraude en integriteitsschendingen.
Weerstandsvermogen De weerstandsratio wordt bepaald door de weerstandscapaciteit af te zetten tegen de waarde van de geïnventariseerde risico’s. De omvang van de weerstandscapaciteit bedraagt bij de Begroting 2026 € 25.087.000. Gegeven de totale omvang van de geïnventariseerde risico’s van € 6.583.000 komt de factor weerstandsvermogen hiermee op 3,8. Dit betekent dat de beschikbare financiële middelen 3,8 keer groter zijn dan de verwachte risico’s.
98
Om de factor weerstandsvermogen te beoordelen kan gebruik gemaakt worden van de door de Universiteit Twente opgestelde waardering. Waarderingscijfer
Ratio
Betekenis
A
> 2,0
Uitstekend
B
1,4 – 2,0
Ruim voldoende
C
1,0 – 1,4
Voldoende
D
0,8 – 1,0
Matig
E
0,6 – 0,8
Onvoldoende
F
< 0,6
Ruim onvoldoende
De voor de gemeente Altena berekende weerstandsratio valt in de categorie A en kan dus beoordeeld worden als uitstekend. De factor weerstandsvermogen ligt ruim boven het door de gemeenteraad in de nota Risicomanagement vastgestelde minimum van 1,0. Een ratio van 3,8 duidt dus op een ruime buffer. De wijze waarop en de volgorde waarin de diverse componenten van de weerstandscapaciteit zullen worden ingezet, indien de risico’s daadwerkelijk tot financiële lasten leiden, zullen afhankelijk zijn van de aard (incidenteel of structureel) en de omvang van de lasten. Omdat daarvoor een begrotingswijziging nodig zal zijn, wordt dit uiteindelijk door de gemeenteraad bepaald. Geconcludeerd kan worden dat het weerstandsvermogen van de gemeente ruim voldoende is om de belangrijkste geïnventariseerde risico’s (financieel) op te vangen. Dit ook mede gelet op de relatief kleine kans van de afzonderlijke risico’s en het feit dat deze risico’s geen verband met elkaar houden, waardoor de kans zeer gering is dat alle risico’s zich gelijktijdig manifesteren.
99