CConstaterende datAltena
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage b - Stakeholderonderzoek

Raadsvergadering 21 december 2021, gemeente AltenaBij agendapunt: Herijkte visie toerisme en recreatie18.636 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Wensen- en behoefteonderzoek toerisme Altena Minder is meer

Breda University of Applied Sciences Leisure & Events Management Diederik Vermeulen Student nummer: 163136

Datum 30 september 2020

Opdrachtnemer Diede Vermeulen Student nummer: 163136 Vermeulen.dljm@gmail.com

Opdrachtgever Gemeente Altena Sportlaan 170 4286 ET Almkerk

Onderwijsinstelling Breda University of Applied Sciences Leisure & Events Management Monseigneur Hopmansstraat 2 4817 JS Breda

Bedrijfsbegeleider Annemarie de Stigter A.destigter@gemeentealtena.nl Beleidsadviseur Team Ondernemen

Docentbegeleider Johannes van Walsum Walsum.j@buas.nl

2

Samenvatting De reden tot het schrijven van dit rapport is voortgekomen uit vraag van gemeente Altena waarbij de gemeente de vraag stelde ‘’of het huidige beleid voor marketing, educatie en informatievoorziening nog voldoet aan de wensen en behoeften van de stakeholders’’. De vraag van de gemeente Altena is uitgemond in een doelstelling voor het onderzoek, die als volgt luidt: ‘’Inzicht verkrijgen in wensen en behoeften van de stakeholders ten aanzien van het toeristisch product, teneinde aanbevelingen te kunnen geven hoe de gemeente Altena hierop in kan spelen.’’ Om hierop antwoord te geven zijn er drie deelvragen opgesteld, die luiden als volgt: 1. Wie zijn de stakeholders en wat is hun positie (primair of secundair)? 2. Wat is het belang en de invloed van stakeholders? 3. Wat zijn de wensen en behoeften van de stakeholders op het gebied van marketing, informatievoorziening en educatie? Om de deelvragen te beantwoorden is er gebruik gemaakt van zowel kwalitatief als kwantitatief onderzoek. Er is voor gekozen om door middel van interviews onderzoek te doen naar deelvraag één en twee en voor deelvraag drie zijn zowel interviews als twee enquêtes gebruikt. De interviews zijn gebruikt voor het vaststellen van de stakeholders en het inventariseren van de wensen en behoeften van de geïnterviewden.

Er zijn twee enquêtes gebruikt om respectievelijk de toeristische ondernemers in Altena en de toeristen en recreanten te ondervragen naar hun wensen en behoeften. Uit de resultaten van de interviews en enquêtes konden de volgende conclusies getrokken worden. Zowel de ondernemers als de consumenten willen zowel de marketing als de informatievoorziening meer online laten plaatsvinden. De kleinere ondernemers zijn blij met de ondersteuning vanuit de VVV. De consumenten zijn positief gestemd na een recreatief bezoek aan Altena. Er bestaat onder de ondernemers bereidwilligheid om samenwerking aan te gaan met andere ondernemers. Aan de hand van de conclusies zijn er aanbevelingen gedaan. Er wordt aanbevolen om een online platform te creëren, dat voor zowel marketing, informatievoorziening als educatie ingezet kan worden. Het platform moet tevens samenwerking en inzet van ondernemers stimuleren. Naast het creëren van een online platform wordt er aanbevolen verder onderzoek te doen en is er gekeken naar hoe de VVV (Biesbosch Linie) een rol kan vervullen in de toekomst. Voor een verdere beschrijving van de aanbevelingen adviseer ik u het gehele onderzoeksrapport te raadplegen.

3

Inhoud Samenvatting ................................................................................................................................................. 3 Inhoud bijlagenboek ....................................................................................................................................... 5 Lijst met afkortingen ...................................................................................................................................... 6 Voorwoord ..................................................................................................................................................... 7 1. Probleemanalyse ........................................................................................................................................ 8 1.1 Organisatorische achtergrond ...................................................................................................................... 8 1.2 Actuele situatie ............................................................................................................................................. 8 1.3 Managementprobleem ...............................................................................................................................

10 1.3.1 Informatievoorziening ......................................................................................................................... 10 1.3.2 Marketing: ........................................................................................................................................... 10 1.3.3 Educatie ............................................................................................................................................... 10 1.4 Probleemanalyse ......................................................................................................................................... 10 1.5 Probleemstelling ......................................................................................................................................... 11 1.6 Doelstelling ................................................................................................................................................. 11 1.7 Deelvragen .................................................................................................................................................. 11 2. Theoretisch kader .....................................................................................................................................

12 2.1 Stakeholder analyse .................................................................................................................................... 12 2.2 Behoeften en wensen .................................................................................................................................. 15 2.3 Marketingmix .............................................................................................................................................. 15 2.4 Belevingsmodel van Goossens .................................................................................................................... 16 3 Methoden van onderzoek .......................................................................................................................... 17 3.1 Beantwoording van vragen ......................................................................................................................... 17 3.1.1 Vraag 1 (Vaststellen stakeholders en hun positie) .............................................................................. 17 3.1.2 Vraag 2 (Vaststellen belang en invloed van stakeholders en categoriseren) ...................................... 17 3.1.3 Vraag 3 (Vaststellen wensen en behoefte stakeholders) ....................................................................

17 3.2 Interviews .................................................................................................................................................... 17 3.4 Enquête ....................................................................................................................................................... 19 3.5 Deskresearch ............................................................................................................................................... 20 3.6 Steekproefkader .......................................................................................................................................... 20 3.7 Conceptueel model ...................................................................................................................................... 21 4.

Resultaten ............................................................................................................................................ 22 4.1 Interviews .................................................................................................................................................... 22 4.1.1 Inhoud van het semigestructureerde interview .................................................................................. 22 4.1.2 Eerste bijeenkomst - gestructureerd deel interview .......................................................................... 23 4.1.3 Invloed en belang ..................................................................................................................................... 24 4.1.4 Wensen van de geïnterviewden .......................................................................................................... 29 4.2 Enquête ondernemers ................................................................................................................................. 31

4

4.3 Enquête consumenten ................................................................................................................................. 36 5 Conclusie ................................................................................................................................................... 40 5.1 Invloed belangen matrix ............................................................................................................................. 40 5.2 Wensen en behoefte ten aanzien van marketing, informatievoorziening en educatie ............................... 41 6. Aanbevelingen .......................................................................................................................................... 43 6.1 Online platform ........................................................................................................................................... 43 6.2 Vervolgonderzoek ....................................................................................................................................... 43 6.2.1 Vervolgonderzoek educatie ................................................................................................................. 43 6.2.2 Scholen ................................................................................................................................................

43 6.2.3 Monitors .............................................................................................................................................. 44 6.3 VVV.............................................................................................................................................................. 44 6.3.1 Platform runnen .................................................................................................................................. 44 6.3.2 Verbinding ........................................................................................................................................... 44 6.3.3 Fysieke locatie ..................................................................................................................................... 44 Bronnenlijst .................................................................................................................................................. 45 Uitwerking platform gemeente Altena ......................................................................................................... 47 1 Doel ................................................................................................................................................................

47 1.1 Platform eigenaar en manager ................................................................................................................... 47 1.2 Uitgangspunten .......................................................................................................................................... 47 1.3 Extra voordelen ........................................................................................................................................... 48 2 Ontwerp ......................................................................................................................................................... 49 3 Marketing....................................................................................................................................................... 52 3.1 Hoe werkt search engine optimization? ................................................................................................. 52 3.2 Hoe werkt search engine advertisement? .............................................................................................. 53 H4 Huidige platformen ......................................................................................................................................

54 5 Haalbaarheid.................................................................................................................................................. 55 5.1 Financieel ................................................................................................................................................ 55 5.2 Organisatorisch ....................................................................................................................................... 56 5.3 Economisch ............................................................................................................................................. 56 5.4 Technologisch ......................................................................................................................................... 56 5.5 Sociaal ..................................................................................................................................................... 56 5.6 Juridisch .................................................................................................................................................. 57 5.7 Ethisch .................................................................................................................................................... 57

Inhoud bijlagenboek Bijlagen A Bijlagen B Bijlagen C Bijlagen D Bijlagen E Bijlagen F

Enquêtevragen ondernemers en consumenten Transcripten interviews Gegeven score invloed en belang Uitdraai frequentietabellen Alfabetische lijst stakeholders Uitwerking aanbeveling online platform

5

Lijst met afkortingen FAQ – Frequently asked questions HBL – Het Brabants Landschap NPB – Parkschap Nationaal Park de Biesbosch PWA – Progressive web app SEA – Search engine advertisement SEO – Search engine optimization VVV – VVV Biesbosch Linie OV – Openbaar Vervoer ZLTO – Zuidelijke Land- en Tuinbouworganisatie

6

Voorwoord In het rapport dat voor u ligt, vindt u de resultaten van het onderzoek naar de wensen en behoeften van de stakeholders ten aanzien van marketing, informatiebehoefte en educatie van het toeristisch product in Altena. Het rapport is geschreven op verzoek van de gemeente Altena. Annemarie de Stigter van Team Ondernemen van de gemeente Altena heeft het onderzoek geïnitieerd en heeft gefungeerd als begeleider en klankbord. Ik zou mevrouw de Stigter graag willen bedanken voor het proactief meedenken, begeleiden en het openen van deuren waar en wanneer dit nodig was. Tot slot wil ik meneer Rijnders en mevrouw Wittstock bedanken voor het stroomlijnen van het proces, de controlerende rol en het vertrouwen dat zij in mij stelden. Dan rest mij alleen maar u veel leesplezier te wensen. Diederik Vermeulen Breda, 30 September 2020

7

1. Probleemanalyse In dit hoofdstuk worden de aanleiding en de inhoud van de vraagstelling van de opdrachtgever beschreven en vervolgens in perspectief van de algemeen bekende inzichten gezet. Tot slot wordt een probleemstelling geformuleerd, die leidend zal zijn voor het onderzoek en de rapportage.

1.1 Organisatorische achtergrond Op 1 januari 2019 zijn de gemeenten Woudrichem, Werkendam en Aalburg door een gemeentelijke herindeling opgegaan in de nieuwe gemeente Altena. De nieuwe gemeente beslaat het gehele gebied, genaamd ‘Het land van Heusden en Altena’ en is met 226,5 km2 de grootste gemeente van Noord-Brabant, maar met bijna 56.000 inwoners relatief dunbevolkt. Binnen het hiervoor beschreven rurale karakter van de gemeente nemen natuur en de geschiedenis van het gebied een centrale plaats in bij recreatie en toerisme (Oosterhout, 2017). Binnen de gemeentelijke organisatie is het team Ondernemen verantwoordelijk voor Toerisme en recreatie. Dit team heeft als taak het creëren van heldere en stimulerende voorwaarden waarbinnen de recreatie, het toeristische bedrijfsleven en ondernemende burgers de kansen kunnen benutten. In 2011 is door de voorlopers van gemeente Altena voor het eerst een “visie en actieplan recreatie & toerisme” opgesteld (van Hooff, 2011). Dit rapport is in 2016 herzien met het nieuwe rapport “Herijkte visie toerisme en recreatie” (Woudrichem Werkendam en Aalburg, 2016).

1.2 Actuele situatie Voor de uitvoering van het huidige beleid op het gebied van toerisme en recreatie subsidieert de gemeente Altena drie organisaties, die zich hard maken om de regio te ontwikkelen en te onderhouden, te promoten en om de informatievoorziening over en binnen Altena te regelen. 1. De VVV van Altena werkt onder de naam Biesbosch Linie en is volledig afhankelijk van subsidie van de gemeente Altena. De huidige vorm waarin de VVV functioneert is 10 jaar geleden bij de oprichting bedacht door de drie voorlopers van de gemeente Altena. De huidige taken van de VVV zijn naast het promoten van het gebied Altena, het onderhouden van contacten met de toeristische ondernemers en het verbeteren van het toeristisch product. Om het gebied Altena te promoten, worden activiteiten ontplooid, veelal in de vorm van posts over evenementen of gebeurtenissen op sociale media zoals facebook, Instagram en twitter, met links naar extra informatie op bijvoorbeeld organisatiesites. Daarnaast worden er elk jaar nieuwe folders ontwikkeld over de mogelijkheden in het gebied, die lokaal op verschillende plaatsen binnen het gebied worden verspreid, om zo de toeristen en recreanten die al in Altena zijn, meer informatie te verschaffen over de extra mogelijkheden voor hun verblijf.

De VVV onderhoudt contact met de ondernemers in de vrijetijdsindustrie, om kennis te kunnen delen en als verbindende factor op te treden tussen de ondernemers. Hiervoor worden maandelijkse bijeenkomsten gehouden op locatie bij verschillende ondernemers, waarbij er mogelijkheid is voor het nemen van een kijkje in de keuken, ruimte om te spreken over problemen, dilemma’s en vragen die spelen en ideeën kunnen worden uitgewisseld.

8

Tot slot werkt de VVV ook aan het verbeteren van het toeristisch product door bijvoorbeeld het actueel houden van kaarten zoals in de folder “Pluk- en picknick routes” en ook door geheel nieuwe producten te ontwikkelen, denk hierbij aan nieuwe fiets- en wandelroutes (Stigter 2019, 2019a). 2. De Vestingdriehoek is een organisatie die zich bezighoudt met het promoten van Slot Loevestein, Fort Vuren en de vestingsteden Gorinchem en Woudrichem. De Vestingdriehoek is een samenwerkingsverband tussen gemeenten Altena, Gorinchem, Zaltbommel en Lingewaal. Begin 2019 is de promotie van de Vestingdriehoek ondergebracht bij De Nieuwe Hollandse Waterlinie, waarbij enerzijds de herkenbaarheid als interlokale samenwerking is gebleven, en anderzijds gebruik kan worden gemaakt van de promotionele structuur van De Nieuwe Hollandse Waterlinie waardoor deze een veel groter bereik heeft. De promotionele activiteiten betreffen de gehele Nieuwe Hollandse Waterlinie beginnend in Altena en eindigend bij het IJ-meer en is in 2020 beloond met een nominatie op de UNESCO-werelderfgoedlijst met de steun van meer dan zestig organisaties. In praktische zin heeft de organisatie bijvoorbeeld het initiatief genomen om een veerdienst tussen de verschillende over water bereikbare vestingsteden op te zetten, “de Riveerdienst” (Toplocaties vestingdriehoek, 2019; Stigter, 2019a). 3.

Parkschap Nationaal Park De Biesbosch (NPB) is een zogenaamde Gemeenschappelijke Regeling tussen de gemeentes Dordrecht, Werkendam en Drimmelen. Vanuit deze regionale overheden en samen met Staatsbosbeheer bestuurt het Parkschap de ontwikkeling en het beheer van het nationale park, door middel van onder andere toezicht en handhaving, marketing, voorlichting en educatie. De ontwikkeling wordt aan de hand een bestemmingsplan uitgevoerd, denk hierbij aan het toevoegen of weghalen van een spaarbekken en toeristische faciliteiten zoals bankjes en afvalbakken. De handhaving wordt door Staatsbosbeheer in combinatie met politie en boa’s geregeld. Er moet op toegezien worden dat de toeristen en recreanten zich houden aan de gestelde regels en wetgeving. De marketing voor het gebied wordt uitgevoerd via het platform “Beleef de Biesbosch”, dat een overzicht biedt van de recreatieve activiteiten. Deze omvatten onder andere bootverhuur, verblijf, wandel- en fietsroutes, en een agenda van evenementen en activiteiten. Staatsbosbeheer maakt zich ook op verschillende manieren hard voor educatie en voorlichting met name over natuur en geschiedenis. Zo is het mogelijk om informatieve boottochten te maken en kunnen groepen en scholen zich aanmelden om een educatief programma te volgen (Parkschap nationaal park de Biesbosch, 2020).

Naast deze drie organisaties voor toerisme en recreatie, subsidieert Altena ook nog een natuurbeschermingsorganisatie, de stichting Het Brabants Landschap (HBL). HBL is actief in de gehele provincie Noord-Brabant om de natuur en erfgoed beschikbaar te houden voor ‘’de Brabander’’ en de bewoners van de naast gelegen gebieden. Deze natuur wordt beheerd door de boswachters van HBL. Een gedeelte van deze grond is open voor het publiek en een gedeelte wordt verpacht aan lokale boeren als agrarische grond. HBL koopt actief grond op in Brabant om deze als natuur te kunnen behouden. Naast natuurbescherming werkt HBL er ook hard aan om erfgoed zoals forten uit de tweede wereldoorlog en andere archeologische vindplaatsen te behouden en open te stellen voor publiek (Annelieke, 2019).

9

1.3 Managementprobleem Gemeente Altena vraagt zich af, “of het huidige beleid voor informatievoorziening, marketing en educatie nog voldoet aan de wensen en behoeften van de stakeholders’’ Aanleiding voor dit managementprobleem is de revisie van het gemeentelijke visiedocument “Herijkte visie toerisme en recreatie” begin 2020. Voor het vaststellen van nieuwe doelen zijn in 2019 drie partijen bij elkaar gekomen, te weten de VVV, de stichting (HBL) en de gemeente. De VVV is tevens uitvoerende partij van het beleid dat uiteindelijk door de gemeente wordt vastgesteld. HBL is binnen de gemeente grootgrondbezitter en daarmee eigenaar van een groot deel van het toeristisch product (natuur en cultureel erfgoed). In twee bijeenkomsten hebben de partijen vastgesteld, dat aan drie punten gewerkt moet worden: de informatievoorziening, de marketing en educatie ten aanzien van het toeristisch product.

1.3.1 Informatievoorziening Is de informatievoorziening voor zowel de ondernemers als de consument voldoende en waar zou deze zo nodig verbeterd kunnen worden?

1.3.2 Marketing: Hoe moet in de toekomst marketing opgepakt worden en met welke doelstelling moet marketing worden ingezet? Wie moet hiervoor de verantwoording dragen?

1.3.3 Educatie Het thema “educatie” is opgedeeld in twee facetten: de commerciële kant en de niet commerciële, informatieve kant. De commerciële kant van de educatie heeft als einddoel het gebied beter te (kunnen) exploiteren, terwijl de niet-commerciële kant puur gericht is op het overbrengen van informatie aan en voorlichten van de volgende generaties (Pörtzgen 2019, Stigter 2019b, Kelderman 2019). Dit onderzoek richt zich op de commerciële kant, met de volgende vragen: Willen de ondernemers optreden als ambassadeur voor het gebied Altena en hebben zij behoefte aan educatie om dit te verwezenlijken?

1.4 Probleemanalyse De huidige manier van werken is in grote lijnen 10 jaar geleden opgezet en door de jaren heen op enkele onderdelen bijgeschaafd, waardoor beleidslijnen aan helderheid hebben ingeboet. De twijfels over het huidige beleid bestaan al langere tijd en is onder andere onduidelijk geworden welke de rol de VVV tegenwoordig concreet zou moeten vervullen. Zo zijn veel zaken die voorheen via een VVV-kantoor werden gedaan (informatie inwinnen, op weg geholpen worden en in sommige gevallen het boeken van uitjes) inmiddels verplaatst naar het internet. Daarnaast zijn er in de loop der jaren door de VVV “achter de schermen” activiteiten opgezet, waarvan men zich nu afvraagt of de werkwijze niet toe is aan verandering. Een voorbeeld hiervan is, het organiseren van ondernemersbijeenkomsten. Daarnaast is het toeristisch product in Altena door de jaren heen wezenlijk veranderd, wat ook om een andere aanpak vraagt vanuit zowel de gemeente als de VVV. Gesteld kan worden dat het aanbod voor toeristen en recreanten zowel verdiept als verruimd is. Zo was er voorheen geen verblijfsrecreatie buiten enkele campings en schieten nu de bed & breakfastlocaties uit de grond. De eerste vergunningen voor een hotel met 160 kamers zijn inmiddels afgegeven.

10

De markt voor riviercruises begint met de eerste rondvaarten en is er veel geïnvesteerd in het Biesbosch MuseumEiland waardoor het nu één van de grootste toeristische trekpleisters in de regio is geworden. Ook de trendvorming is aan het veranderen, wat zichtbaar is in het consumentengedrag. Steeds meer mensen zoeken en boeken zelf online een vakantie, in plaats van informatie in te winnen bij bijvoorbeeld een reisorganisatie. De online aanwezigheid van locaties, activiteiten en dergelijke worden dan ook steeds belangrijker. Zo zie je in de resultaten bij google op dit moment als je op “Veluwe” zoekt, dat het eerste niet-betaalde resultaat de officiële website is voor toerisme: www.visitveluwe.nl (Ravensbergen, 2019). Tot slot is de toeristische industrie in heel Nederland langzaam aan het veranderen. Deze ontwikkeling gaat ook aan Altena niet voorbij. Steeds meer mensen nemen korte vakanties van 1 à 2 dagen in eigen land. Dit betekent dat deze markt in Nederland aan het groeien is en dat er nieuwe mogelijkheden ontstaan voor een gebied als Altena. Recente gebeurtenissen als de Coronacrisis versterken deze reeds ingezette vakantietrend. Singels, koppels, gezinnen en vrienden kunnen minder makkelijk naar het buitenland en gaan hard opzoek naar recreatieve mogelijkheden in Nederland (Vermeulen, 2020).

Genoemde veranderingen hebben hun weerslag op de hele toeristische sector van het gebied Altena. Beleidsadviseur Annemarie de Stigter geeft aan dat naast de gemeente, de VVV en HBL, ook vanuit de ondernemers de behoefte is uitgesproken voor een integrale afstemming van het toeristisch product met betrekking tot informatievoorziening, marketing en educatie, binnen de totale sector. Het is dan ook van belang om na te gaan wie de stakeholders zijn en hen allen te betrekken in het onderzoek. Gezien het dynamische en voortdurende karakter van de genoemde ontwikkelingen, is de opdrachtgever vooral geïnteresseerd in onderzoek naar de wensen en behoeften van de stakeholders. De achterliggende gedachte hierbij is tweeledig: Enerzijds wil de opdrachtgever haar stakeholders beter leren kennen en anderzijds kan door te kijken naar wensen en behoeften ook worden gekeken naar een toekomstige situatie waarbij met bijvoorbeeld een tevredenheidsonderzoek al snel alleen naar de huidige situatie wordt gekeken.

1.5 Probleemstelling Wat zijn de wensen en behoeften van de stakeholders ten aanzien van de informatievoorziening, marketing en educatie van het toeristisch product door gemeente Altena? Om dit te kunnen onderzoeken is het eerst nodig om te weten aan wie we dat moeten vragen. Bij de implementatie is van belang te weten wie belangrijk is om erbij te betrekken.

1.6 Doelstelling Inzicht verkrijgen in wensen en behoeften van de stakeholders voor het toeristisch product, teneinde aanbevelingen te kunnen geven hoe de gemeente Altena hierop kan inspelen.

1.7 Deelvragen 1. Wie zijn de stakeholders en wat is hun positie (primair of secundair) 2. Wat is het belang van en de invloed van stakeholders 3. Wat zijn de wensen en behoeften van de stakeholders op het gebied van marketing, informatievoorziening en educatie? 11

2. Theoretisch kader In het theoretisch kader van het onderzoek worden theorieën en modellen beschreven die gebruikt zullen worden voor het beantwoorden van de deel- en hoofdvragen. Op basis van de onderstaande theorieën worden interviews ontwikkeld en gehouden en een enquête gemaakt om de behoeften en wensen van de stakeholders met betrekking informatievoorziening, marketing en educatie in kaart te brengen.

2.1 Stakeholder analyse Om vraag één en twee van het onderzoek te beantwoorden is het nodig om een stakeholder analyse te maken. Een stakeholder analyse wordt gebruikt om inzicht te krijgen in het belang en de invloed van verschillende betrokken partijen met betrekking tot een organisatie of specifiek vraagstuk. In dit geval draait het om een vraagstuk. Deze inzichten kunnen worden gebruikt om het belang en de invloed van de partijen strategisch in te zetten wanneer er bepaalt moet worden wat voor verandering er doorgevoerd moet worden en op welke wijze dit gedaan moet worden. Daarnaast geeft een stakeholder analyse en beter beeld van het gebied wat nodig is om op de juiste manier onderzoek te kunnen doen naar de wensen en behoeften van verschillende partijen. Zonder een concreet beeld van de omgeving en de partijen is het namelijk niet mogelijk om een gedegen onderzoek uit te voeren naar de wensen en behoeften. Een stakeholder analyse kan op verschillende manieren worden gemaakt. De meeste modellen hebben als nadeel dat ze te uitgebreid zijn voor het doel van dit onderzoek. Ik heb gekozen voor de Power Interest matrix, omdat voor dit vraagstuk met name de invalshoeken “invloed” en “belang” van toepassing zijn. Bij andere modellen worden ook andere invalshoeken uitgewerkt, zoals bijvoorbeeld bij het stakeholder salience model.

Hier wordt naast invloed en belang, ook gekeken naar de acties die de stakeholder al uitvoert en of die wenselijk zijn voor diens positie in de organisatie. Echter, dit wordt te uitgebreid voor het betreffende onderzoek; de stakeholder analyse is slechts een klein onderdeel van het gehele onderzoek en moet dan ook niet te veel tijd in beslag nemen. De beantwoording van de eerste twee vragen kent de volgende 5 stappen welke hier onder beschreven zijn. Stap 1 Het beknopt formuleren van het vraagstuk Het vraagstuk voor de Power Interest matrix in het geval van dit onderzoek kan uit de hoofdvraag en deelvragen worden gehaald. Het vraagstuk zal dus zijn wat de invloed is van de stakeholders die zij kunnen uitoefenen binnen de vrijetijdsbranche en welk belang zij hebben bij de vrijetijd branche. Stap 2 Het identificeren van de stakeholders Omdat het bij de meeste vraagstukken gaat om een grote verscheidenheid aan stakeholders, is het noodzakelijk om hen met meerdere mensen die bekend zijn met de situatie te identificeren, zodat geen personen of groepen over het hoofd worden gezien. In dit onderzoek worden de stakeholders geïdentificeerd met behulp van drie betrokken partijen, te weten gemeente Altena, de VVV en Het Brabants Landschap. Er is voor deze partijen gekozen omdat ze alle drie de omgeving en het vraagstuk goed kennen (Ernst, 2018).

12

Stap 3 Het beoordelen van de invloed van de individuele stakeholder Om de mate van invloed, die een stakeholder kan uitoefenen te meten, zijn er vijf variabelen waarnaar gekeken kan worden. Deze variabelen dragen allemaal bij aan de invloed die een stakeholder kan hebben op een vraagstuk. Het inventariseren van de invloed van stakeholders kan gebeuren door informatie in te winnen middels interview of enquête bij onafhankelijke instanties of personen die bekend zijn met de situatie. Een brainstormsessie is hiervoor niet geschikt, in verband met de mogelijke onderlinge beïnvloeding.

Variabele

Toelichting

Financieel

In welke mate kan en wil de stakeholder financiële middelen in zetten? Wat voor netwerk heeft de stakeholder en kan die dit inzetten? Welke kennis, informatie of expertise heeft de stakeholder die mogelijk ingezet kan worden voor dit vraagstuk? Kan de stakeholder politieke druk oefenen en op wat voor wijze?

Relaties/ netwerk Kennis Politieke invloed

De verkregen informatie kan in een matrix worden geplaatst, welke hieronder is beschreven. Voor elke stakeholder moet er per onderwerp worden aangegeven of deze geen, weinig, een beetje of veel invloed heeft. In de matrix kan dit inzichtelijk worden gemaakt door met minnetjes en plusjes te werken. (1) voor geen invloed, (2) voor weinig invloed, (3) voor een beetje invloed, (4) redelijk veel invloed en (5) voor veel invloed. Het doel van deze matrix is het inzichtelijk/ overzichtelijk maken van de verkregen informatie om het later te kunnen gebruiken in de Power Interest matrix (Ernst, 2018; Schuurmans, 2016).

Stakeholder

Hiërarchie/ invloed

Financieel

Stakeholder 1 Stakeholder 2 Stakeholder 3

5 1 4

4 3 2

Relaties/ netwerk 1 5 4

Kennis 3 3 4

Politieke invloed 2 3 4

Stap 4 Het beoordelen van het belang van de individuele stakeholder In tegenstelling tot het meten van de invloed die een stakeholder kan uitoefenen valt het belang van stakeholders minder makkelijk te meten. Het belang van de stakeholder komt voort uit: • • •

De mate waarin een stakeholder geïnteresseerd is in een probleem De mate waarin de stakeholder betrokken is bij het probleem De mate waarin de stakeholder belang heeft in de kwestie.

Net als bij invloed zijn er standaardvariabelen die bij de meeste vraagstukken invloed hebben op het belang van de stakeholders.

13

Variabele Inhoud Financieel Economisch Sociaal Politiek

Toelichting De aspecten die het eigenlijke onderwerp betreffen Word de stakeholder direct (op korte termijn) financieel beter of slechter bij verandering van het vraagstuk? Word de stakeholder op langere termijn financieel beter of slechter bij verandering van het vraagstuk? Wat zijn eventuele bredere sociale veranderingen die voor de samenleving van de stakeholder kunnen gelden? De politieke gevolgen van de mening/ beslissing van een belanghebbende

Op dezelfde wijze als bij het thema invloed, moet de verkregen informatie worden ingevoerd in een matrix en kan er per stakeholder een waarde aan worden gegeven op een schaal van 1 tot 5. Ook deze matrix heeft als doel de verkregen informatie zo inzichtelijk mogelijk te maken(Ernst, 2018; Schuurmans, 2016).

Stakeholder

Inhoud

Stakeholder 1 Stakeholder 2 Stakeholder 3

2 1 4

Financieel

Economisch Sociaal

3 5 2

1 2 1

5 3 1

Politiek 3 4 2

Stap 5 Het plaatsen van de stakeholders in het juiste kwadrant Als laatste stap moeten de stakeholders vanuit de invloed- en belang-matrixen worden geplaatst in de Power Interest matrix. Door de stakeholders te verdelen over de cellen wordt een overzichtelijk beeld gecreëerd van de posities die zij innemen zowel ten aanzien van het vraagstuk als tot elkaar. Door dit overzicht wordt het makkelijker om op de juiste manier de juiste stakeholders te betrekken. Hoe werkt de matrix? De Power Interest matrix (figuur 2.1) is bedacht voor het in kaart brengen van stakeholders. Deze matrix beschrijft vier verschillende verhoudingen die stakeholders kunnen hebben tot het vraagstuk. De vier verhoudingen zijn gebaseerd op twee factoren, het belang dat de stakeholder heeft bij het project en de invloed die de stakeholder heeft ten opzichte van het vraagstuk. Afhankelijk van het kwadrant waar de stakeholder in valt wordt er een strategie voor het betrekken van de stakeholder bepaald (Eriksen-Coats, 2018). Figuur 2.1 A. De Beïnvloeder. Deze groep heeft weinig belang, maar kan wel veel invloed uitoefenen. Het is van belang deze groep tevreden te houden. B. De sleutelfiguur. Deze groep heeft veel invloed binnen het project en heeft wel een groot belang. Het is dan ook van belang deze groep goed te betrekken.

14

C. De Toeschouwer. Deze groep stakeholders heeft zowel weinig invloed als belang in het project en heeft daardoor weinig aandacht nodig. D. Geïnteresseerde Deze groep heeft weinig invloed binnen het project maar heeft wel een groot belang. Het is dan ook van belang deze groep goed te informeren Na het doorlopen van deze 5 stappen moet het inzichtelijk zijn geworden welke stakeholders belangrijk zijn om erbij te betrekken, en welke stakeholders niet.

2.2 Behoeften en wensen In het kader van de beantwoording van deelvraag 3 is het nodig om de begrippen wensen en behoeften goed te definiëren. Behoeften Een behoefte ontstaat wanneer de feitelijke en gewenste situatie niet overeenstemmen. Het is de innerlijke drijfveer tot handelen, je wilt de feitelijke situatie veranderen naar de gewenste situatie (Beunders & Boers, 2008). Behoeften ontstaan door een tekort aan iets wat nodig is. De drang om dit tekort aan/op te vullen is dan de behoefte. Behoefte is vaak niet één ding, gezien het feit dat er vaak meerdere opties zijn om een tekort aan te vullen (Verhagen, 2013). Wensen Na het bewust worden van een behoefte moet er een passende vorm gevonden worden om die behoefte te vervullen. Omdat er vaak meerdere opties zijn heeft de consument keuze. In het proces van een alternatief vinden om de behoeften te bevredigen, ontstaat er vaak een voorkeur. Deze voorkeur voor een bepaalde optie is datgene wat de consument wenst. De wensen van de consument komen dan dus ook voort uit de behoeften (Verhagen, 2013).

2.3 Marketingmix Om te kijken wat de stakeholders als behoeften en wensen hebben ten aanzien van marketing, kan er gebruik gemaakt worden van de marketingmix (4P’s) volgens Mc Carthy (1960) (Van Vliet 2013). Product - Het product bestaat uit goederen, diensten en ideeën die op de wensen en behoeften van de consumenten inspelen. In dit onderzoek draait het om de wensen en behoeften van de stakeholders en zijn de drie vormen van het product toepasbaar. Plaats - Dit zegt iets over de plek/ platform die gebruikt wordt voor de distributie van de promotie. Waar moet de focus komen te liggen geografisch gezien? Welk type platform moet er gebruikt worden? Promotie - Dit omvat de communicatie naar de doelgroep over alle activiteiten en mogelijkheden op het gebied van vrijetijd die binnen de gemeente Altena ontplooid worden. Dit met het doel het aantrekken van consumenten te bevorderen.

15

Prijs - Dit omvat de mogelijke financiële of materiële prijs die gepaard gaat met het stimuleren van de aanwas naar Altena. Dit kan een aanpassing in de prijzen van de ondernemers zijn maar ook financiële steun voor de ondernomen acties (Verhagen, 2013).

2.4 Belevingsmodel van Goossens Ervan uitgaand dat een behoefte ontstaat door een discrepantie tussen de feitelijke en gewenste situatie kan het model van Goossens gebruikt worden om deze discrepantie te vinden. Zo beschrijft het model van Goossens dat beleving mee kan spelen in de behoeften die je hebt en kan er op specifieke punten worden bekeken waar die behoeften niet vervuld worden/zijn. De focus kan hier liggen op marketing- en informatiebehoeften om zo te kijken of het beeld dat er bestaat over het gebied overeenkomt met de werkelijkheid. Het belevingsmodel van Goossens en Mazursky is opgebouwd uit drie fases. Het model beschrijft de beleving voor, tijdens en na een activiteit. De fases worden pre-exposure, directexposure en post-exposure genoemd (figuur 2.2). 1. Pre-exposure – Dit is de fase die voorafgaat aan een bezoek en of activiteit. In deze fase vindt de beeldvorming plaats. Eigen ervaring in combinatie met het vergaren van kennis via verschillende mediums creëert een verwachting voorafgaand aan het bezoek of de activiteit. 2. Direct-exposure – Dit is de fase die plaats vindt tijdens het bezoek en/ of de activiteit. In deze fase worden de verwachtingen die gecreëerd zijn tijdens de pre-exposure fase wel of niet waargemaakt, wat zorgt voor een positieve of negatieve beleving. 3. Post-exposure – Dit is de fase die plaats vindt na het bezoek en/ of de activiteit.

In deze fase worden de verwachting en de daadwerkelijke beleving met elkaar vergeleken. Uit die vergelijking komt een tevreden of ontevreden resultaat. De uitkomst is bepalend voor de attitude van de bezoeker, wat zich vertaalt naar positieve of negatieve mond-tot-mond reclame en mogelijk wel of geen herhaal bezoek. (Goossens, 2011)

Figuur 2.2

16

3 Methoden van onderzoek In dit hoofdstuk wordt er beschreven met welke methodes er gewerkt is om de onderzoeksvragen te beantwoorden. Ook worden de criteria beschreven voor de minimumeisen van de steekproefgrootte en de afgenomen interviews.

3.1 Beantwoording van vragen 3.1.1 Vraag 1 (Vaststellen stakeholders en hun positie) Deelvraag één heeft als doel het in kaart brengen van de populatie stakeholders die onderzocht moet worden en het vaststellen van wat de positie is van de verschillende groepen stakeholders. Om deze vraag te beantwoorden is er op twee verschillende manieren onderzoek gedaan naar de populatie. Zo zijn er interviews afgenomen op zowel beleidsniveau (bij de gemeente en HBL) als uitvoerend niveau (bij de VVV en ook HBL). Daarnaast zijn relevante beleidsstukken en monitors bestudeerd, die beschikbaar zijn gesteld door de gemeente en na onderzoek zijn gevonden op internet.

3.1.2 Vraag 2 (Vaststellen belang en invloed van stakeholders en categoriseren) Deelvraag twee moet inzicht geven in de grootte van de invloed van de stakeholders en hun belang binnen het gebied Altena. Door dit inzichtelijk te maken, kan er een gewicht aan de wensen en behoeften van de verschillende groepen stakeholders worden gegeven. Deze vraag wordt onderzocht door middel van deskresearch en interviews met de drie eerdergenoemde organisaties om vervolgens met de Power Interest matrix inzicht te krijgen in de verhouding van invloed en belang van de te onderscheiden stakeholders.

3.1.3 Vraag 3 (Vaststellen wensen en behoefte stakeholders) Gezien het tijdsbestek van het onderzoek is er in overleg met de gemeente voor gekozen, om het onderzoek naar wensen en behoeften te laten plaatsvinden binnen twee specifieke stakeholdersgroepen. Deze keuze is gemaakt, omdat zij de grootste groepen, direct betrokken stakeholders zijn. De wensen en behoeften van de stakeholders worden onderzocht door middel van twee enquêtes, één voor de consumenten en één voor de toeristische ondernemers. Er is gekozen om dit met twee enquêtes te doen, omdat de vragen voor de consumenten anders geformuleerd moeten worden en ook op een ander onderwerp worden toegespitst. Zo zal voor de consument de marketing meer op de achtergrond komen en zal er meer gefocust worden op de informatievoorziening.

3.2 Interviews Voor zowel deelvraag 1 als 2 worden interviews gebruikt om de vraag te beantwoorden. Interviews geven een gedetailleerd beeld en doordat ze onafhankelijk van elkaar worden gehouden worden de verschillende partijen niet door elkaar beïnvloed. Er is gekozen om drie verschillende partijen te interviewen die dicht bij het vraagstuk staan en tevens ook een goed beeld hebben van de omgeving van het vraagstuk. Bij drie grotere partijen mag ervanuit worden gegaan, dat een goed beeld wordt verkregen van de verschillende stakeholders17

(groepen). Gemeente Altena heeft met veel van de stakeholders beleidsmatig contact, de VVV komt met veel stakeholders in aanraking tijdens het uitvoeren van hun taken en Het Brabants Landschap is één van de grootste stakeholders en heeft meerdere stakeholders verbonden aan hun organisatie. Waar de Gemeente met iedereen contact heeft specialiseert de VVV zich met name in op het toeristische vlak en HBL heeft meer kennis over alles wat natuur gerelateerd is. Er is voor gekozen om semigestructureerde interviews te houden. Bij dit type interview wordt gebruik gemaakt van een itemlijst met thema’s en vastgestelde vragen. Een gedeelte van de vragen moet gesteld worden en sommige mogen aangepast of achterwege gelaten worden, afhankelijk van de antwoorden en wie er wordt geïnterviewd. De volgorde van vragen staat bij deze vorm van interviewen niet vast en kan dus verschillen per interview. Semigestructureerde interviews worden vaak als informeel ervaren (Baarda, 2014). Omdat het geen gestructureerd interview is met identieke vragen bij elk interview, is het van belang de interviews te transcriberen om zo de benodigde informatie eruit te kunnen halen. Tot slot is er op verzoek van Annemarie de Stigter (Gemeente Altena) een interview gehouden met Peter van Beek van het Biesbosch MuseumEiland. Annemarie heeft aangegeven dat dit waardevol kan zijn voor het onderzoek.

Er is door haar aangegeven dat de volgende punten voor nieuwe inzichten zouden kunnen zorgen: relatie met de VVV, relatie met andere ondernemers, toekomstplannen en gebruik van gidsen. Er is dan ook een open interview gehouden met deze onderwerpen als leidraad. De verwerking van dit interview is terug te vinden in hoofdstuk 4 resultaten onder 4.1.4. Analyseren interviews Alle interviews worden uitgewerkt in transcripten welke terug te vinden zijn in de bijlagen B. De transcripten vormen de basis voor het analyseren van de interviews. De antwoorden van de respondenten krijgen codes, welke ervoor zorgen dat het inzichtelijk wordt welke respondenten dezelfde antwoorden hebben gegeven. Hierdoor kunnen de resultaten makkelijker met elkaar en met de theorie worden vergeleken. Om het nog overzichtelijker te maken, worden de gegevens in een matrix geplaatst. Tevens is het van belang om belangrijke of interessante quotes uit de interviews te halen om hiernaar te kunnen verwijzen in een later stadium. Item lijst interview Stakeholders Wie Waarom Invloed Hiërarchie Financieel Relaties/ netwerk

Kennis

Wie zijn stakeholder in dit proces? Waarom zijn deze groepen/ mensen stakeholders? Waar staat de stakeholder in dit vraagstuk? Wat zijn de financiële middelen van de stakeholder? Kent de stakeholder veel relevante mensen? Wie kent de stakeholder? Hoe kan de stakeholder zijn netwerk inzetten? Heeft de stakeholder kennis die van belang is voor het vraagstuk? Wat kan deze kennis inhouden?

18

Belang

Politieke invloed

Kan de stakeholder veel politieke invloed uitoefenen? Wat voor politieke invloed kan de stakeholder uitvoeren?

Inhoud

Is de inhoud van het vraagstuk van belang voor de stakeholder? Is de stakeholder er financieel bij gebaat? Hoe is de stakeholder er financieel bij gebaat? Zijn er op de langere termijn financiële gevolgen? Wat zijn op langere termijn de financiële gevolgen? Zijn er gevolgen sociaal gezien voor de stakeholder? Wat zijn deze gevolgen? Heeft het politieke gevolgen voor de stakeholder? Wat zijn de politieke gevolgen?

Financieel Economisch Sociaal Politiek

3.4 Enquête Er is gekozen om twee groepen stakeholders te benaderen door middel van een enquête, te weten de toeristische ondernemers en de eindgebruikers van het toeristisch product, de consumenten. Toeristische ondernemers Er is bij de toeristische ondernemers gekozen voor een enquête, om zo alle leden van deze groep te kunnen bereiken en niemand uit te sluiten. Uiteindelijk is het de keuze van de ondernemers of ze daadwerkelijk willen participeren. De VVV heeft door de jaren heen de contactgegevens van alle toeristische ondernemers verzameld en bijgehouden. In deze gegevens is van alle ondernemers een e-mailadres bekend. Dit adres is gebruikt om de ondernemers te benaderen met een uitnodiging voor deelname aan de enquête. Consumenten Om informatie in te winnen over de consumenten is er om twee redenen gekozen voor een enquête: ten eerste omdat met een enquête makkelijker een grote groep bereikt kan worden en ten tweede, omdat een korte enquête leidt tot een hogere respons dan een interview, zeker wanneer de respondent wordt benaderd tijdens een dagje weg. Het bereiken van de consumenten van het toeristisch product is bewerkelijk, aangezien hier geen kant en klare lijst met contact gegevens voor bestaat. Er is voor gekozen om de enquêtes in het veld af te nemen.

Omdat dit onderzoek is gehouden in de winter en veel van het toerisme in Altena buiten plaats vindt, was het lastig om drukbezochte plekken te vinden. Er is uiteindelijk voor twee locaties gekozen, Het Biesbosch MuseumEiland en de vestingstad Woudrichem. Er is gekozen voor het Biesbosch MuseumEiland, omdat deze locatie ook in de winter goed wordt bezocht en doordat het binnen is en dus minder weersafhankelijk is. De vestingstad Woudrichem is gekozen omdat deze plaats, naast dat het zijn eigen toeristische aantrekkingskracht heeft, ook een springplank is naar andere toeristische plaatsen (bijv. pontje naar andere vestingsteden). Voor het afnemen van de enquête is er een bedrijf ingehuurd dat in de kerstvakantie op beide locaties met twee man heeft geënquêteerd.

19

De twee enquêtes die worden uitgezet hebben beiden een eigen steekproefkader. De enquêtes hebben veel overeenkomsten. Echter de focus van de enquêtes zal niet geheel hetzelfde zijn. De enquête voor de consumenten heeft de focus meer liggen op de informatievoorziening, aangezien dit een belangrijkere factor is die de ervaren kwaliteit van het verblijf beter of slechter maakt. Zo wordt er bij informatievoorziening gekeken naar het programma, productontwikkeling, kennis & gastheerschap en naar de website en folders die beschikbaar zijn. Voor de toeristische ondernemers is gekozen om op alle drie punten die voor hen belangrijk zijn, informatievoorziening, educatie en marketing, te focussen. Zo moet marketing voor nieuwe aanwas van consumenten zorgen, iets waar alle ondernemers baat bij hebben. Educatie moet ervoor zorgen, dat de juiste kennis in huis is bij de ondernemers om de consumenten goed te kunnen bedienen en informatievoorziening moet het verblijf van de consument makkelijk en aangenaam maken, iets waar de ondernemers weer profijt van hebben. SPSS Voor het verwerken van de ingezamelde data wordt gebruik gemaakt van SPSS. Dit is een statistisch programma waarmee de gegevens verwerkt worden tot bruikbare resultaten. Relevante tabellen en resultaten zijn terug te vinden in hoofdstuk 4 en alle uitgedraaide resultaten zijn terug te vinden als bijlage D.

Enquêtevragen De complete vragenlijsten van de enquêtes voor de Consumenten en de toeristische ondernemers zijn beide terug te vinden als bijlagen A.

3.5 Deskresearch Deskresearch draait om het verzamelen, analyseren en interpreteren van bestaande data die relevant zijn voor het onderzoek. De data die gebruikt worden bij deskresearch zijn eerder opgezocht door onderzoekers. Voor dit onderzoek zal deskresearch zich met name focussen op gemeentelijke stukken en informatie vanuit de VVV omtrent de lokale ondernemers.

3.6 Steekproefkader Het steekproefkader voor de ondernemers is gebaseerd op cijfers van de VVV over de ondernemers. Dit is gedaan om een schatting te geven van de omvang van de groep. Het steekproefkader voor de ondernemers kan nog aangepast worden aan de hand van de bevindingen bij deelvragen 1 en 2. Het steekproefkader voor de consumenten staat wel vast en is gebaseerd op de meest recente berekening van de populatie. In 2016 zijn 2.4 miljoen consumenten gemeten. Dit was tevens het laatste jaar dat er metingen zijn uitgevoerd in opdracht van de gemeente (Oosterhout, 2017).

20

Steekproefkader Wie Waar Populatie foutmarge betrouwbaarheidsinterval aantal enquêtes

Enquête 1 Ondernemers Mailing list VVV 145 5% 90% 95

Enquête 2 Consumenten Online Enquête 2.400.000 5% 90% 271

3.7 Conceptueel model

Invloed Stakeholder Manier van omgang met Stakeholder Belang Stakeholder Advies

Wensen Stakeholder

Behoeften Stakeholder

Verhoogde urgentie / kans van slagen

21

4. Resultaten In dit hoofdstuk worden de resultaten per onderzoeksmethode besproken beginnend met de afgenomen interviews gevolgd door de enquête die is afgenomen onder de consumenten en afsluitend met de enquête die onder de ondernemers is afgenomen.

4.1 Interviews Om vast te stellen wie de stakeholders zijn naar wie een enquête moet worden toegestuurd en wat hun positie is volgens Mendelow’s matrix, zijn semigestructureerde interviews gehouden met de 3 eerdergenoemde partijen, de VVV, HBL en de gemeente Altena. In deze paragraaf worden de resultaten van de afgenomen interviews beschreven. Alle gehouden interviews zijn uitgewerkt in transcripten, welke zijn terug te vinden in bijlage B. Er zijn in totaal vier mensen geïnterviewd, namelijk Daphne van Hekken van de VVV, Bart Pörtzgen en Annelieke Kelderman van HBL en Annemarie de Stigter van gemeente Altena. Er is voor gekozen om van HBL twee mensen te interviewen, de één meer lokaal georiënteerd (meneer Pörtzgen werkt binnen gemeente Altena) en de ander meer beleidsmatig georiënteerd over de gehele regio van HBL (mevrouw Kelderman). De interviews zijn in twee bijeenkomsten per geïnterviewde afgenomen, waarbij tijdens de eerste bijeenkomst algemene aspecten aan de orde zijn gekomen en in de tweede bijeenkomst naar verdieping is gezocht met name op het gebeid van invloed en belang van de stakeholders. Door persoonlijke omstandigheden heeft met Annelieke Kelderman geen tweede interview kunnen plaatsvinden.

Naast de semigestructureerde interviews die zijn gehouden om de stakeholders nader te identificeren, is er ook een interview gehouden met één van de grootste toeristische ondernemers in Altena, Peter van Beek van het Biesbosch MuseumEiland.

4.1.1 Inhoud van het semigestructureerde interview Het interview dat in twee gesprekken per persoon is afgenomen, bevatte de volgende onderwerpen: a. Het benoemen van criteria en op basis hiervan herkennen van stakeholders; b. Het uitwerken van welk belang stakeholders hebben met betrekking tot marketing, informatievoorziening en educatie binnen de toeristische sector; c. Inventariseren van wensen en behoeften bij de geïnterviewde. De volgende vragen zijn bij alle geïnterviewden gesteld in interview a. 1. Wie zijn naar uw idee stakeholders? 2. Wat zijn voor u de criteria om stakeholder te zijn? 3. Welke invloed en belang hebben stakeholders m.b.t. educatie, marketing en informatievoorziening binnen de toeristische sector? 4. Vindt u dat recreatieve consumenten ook stakeholders zijn? 5. Heeft u een voorkeur voor een groep die de regio zou moeten bezoeken? De volgende vragen zijn in interview b gesteld aan Daphne, Bart en Annemarie. De vragen zijn vervolgens in dezelfde volgorde per stakeholder categorie afgenomen wat betekent dat de vragenlijst 8X is herhaald.

22

1. Kan de stakeholder met zijn financiële middelen invloed uitoefenen? 2. Kent de stakeholder veel relevante mensen? 3. Kan de stakeholder zijn netwerk inzetten? 4. Heeft de stakeholder kennis die van belang is voor het vraagstuk? 5. Wat voor politieke invloed kan de stakeholder uitvoeren? 6. Is de inhoud van het vraagstuk van belang voor de stakeholder? 7. Is de stakeholder er financieel bij gebaat? 8. Zijn er op de langere termijn financiële gevolgen? 9. Wat zijn op langere termijn de financiële gevolgen? 10. Zijn er gevolgen sociaal gezien voor de stakeholder? 11. Heeft het politieke gevolgen voor de stakeholder? In gedeelte c zijn korte beschrijvingen opgenomen van een open gesprek tussen interviewer en geïnterviewde waarbij gekeken is naar hun eigen wensen, behoeften en toevoegingen.

4.1.2 Eerste bijeenkomst - gestructureerd deel interview Daphne Wie zijn naar uw Koninklijke horeca, idee de agrarische stakeholders? natuurvereniging ZLTO, erfgoed Altena, gemeente Altena, het gidsen gilde (Woudrichem), gidsen fort Altena, vrijwilligers fort Giessen, historische vereniging in Werkendam, musea Wat zijn de Dat je van invloed criteria om bent op het stakeholder te toeristisch product zijn? en dat je bent verenigd

Bart Het Brabants Landschap, de forten, nieuwe Hollandse waterlinie, basis en middelbare scholen, archeologische vereniging. Altena natuur, natuurpunt Altena

Annelieke Ondernemers, forten, VVV, gemeente Altena, provincie noord Brabant, nationaal park de Biesbosch, vrijwilligers van Brabantslandschap

Annemarie Consumenten, recreatieve ondernemers, amateurs (stadsgidsen en niet recreatieve ondernemers die wel consumenten contacten hebben), semi overheidsinstanties (gesubsidieerde instanties)

-

Het zijn de aanbieders van het toeristisch product

Ondernemer die direct actief toeristen of recreanten ontvangt of te woord staat en/ of voorziet van informatie Iedereen staat op gelijke voet wat betreft hun inbreng.

Invloed en Iedereen staat op Educatie voor Behoud van de belang gelijke voet wat scholen staat voorop natuur en erfgoed stakeholders betreft hun inbreng. en telt zwaarder mee staat voorop en m.b.t. marketing, daarmee de partijen informatiedie dit voorziening en verwezenlijken educatie

23

Vind u de consument ook een stakeholder?

Wat voor bezoeker heeft voor u de voorkeur?

Het is misschien wel de grootste stakeholder, alleen beïnvloedt deze niet het product, maar gebruikt het Goed betalende consumenten, meerdaagse bezoekers.

-

De consumenten zie Ja, als afnemer ik meer als misschien wel de doelgroep. grootste stakeholder

Kwalitatieve Doelgroep is 60+ Meerdaagse bezoekers, hoeft niet met kleinkinderen en bezoekers die meerdaags als ze jonge gezinnen meerdere malen hun maar echt komen portemonnee trekken voor het gebied en dit willen beleven en ademen

4.1.3 Invloed en belang In de eerste interviewronde zijn de stakeholders vastgesteld. Deze zijn vervolgens in categorieën ingedeeld om het zo overzichtelijk te houden. In het vervolginterview zijn deze categorieën aangehouden. Alle categorieën zijn of primaire of secundaire stakeholders (tabel 1). Primaire stakeholders hebben ten aanzien van de thema’s marketing, informatie- en educatievoorzieningen een coördinerende en uitvoerende rol. Over het algemeen hebben deze stakeholders ook een groot belang en veel invloed. Secundaire stakeholders zijn met name afnemers van marketing, informatie- en educatievoorzieningen. Primair Overheidsinstantie Organiserende partijen

Secundair Grote ondernemers Kleine ondernemers Consumenten (Vrijwilligers) Verenigingen Belangenverenigingen Scholen

Op de initiële vraag naar invloed en belang van alle stakeholders werd door alle ondervraagden in eerste instantie aangegeven dat iedereen gelijk was in zijn belang en invloed. Echter na specifiek doorvragen op vier variabelen van invloed en vijf van belang, werd duidelijk dat er een meer gedifferentieerd beeld bestaat. De onderstaande tabellen geven het gemiddelde weer van de waardering die door Daphne, Bart en Annemarie zijn gegeven in de gehouden interviews. Voor verdere uitwerking zie bijlage C.

24

Invloed Overheid Organiserende bedrijven Grote ondernemers Kleine ondernemers Vrijwilligers verenigingen Belangenverenigingen Consumenten Scholen

Financieel Relaties netwerk 5 4,33 4 5

Kennis Politieke invloed 5 5 5 3,33

Totaal 19,33 17,33

2,67 1,67 1

4,33 2,67 4

4,33 2,67 4,33

4 2 2,67

15,33 9,00

1,67 2 1

5 1,67 1

3,33 1,67 1,33

3,67 1,67 1

13,67 7,00 4,33

Belang Inhoud Overheid 5 Organiserende 5 bedrijven Grote ondernemers 3,67 Kleine ondernemers 4 Vrijwilligers 4 verenigingen Belangenverenigingen 2,67 Consumenten 2,33 Scholen 2,33

Financieel 4,33

Economisch 4

Sociaal 4,33

Politiek 3,67

Totaal 21,33

4

3,33

4,33

2,33

3,33 4,33

3,33 4,33

3,00 3,00

3,33 1,33

19,00 16,67 17,00

2

2

4,33

1,67

2,33 1 1

2,33 1 1

1,33 1 2

1,67 1 1

12,00

Overheidsinstanties Onder de overheidsinstanties vallen zowel de gemeente Altena als de Provincie NoordBrabant. Beide organisaties zijn regelgevend in het beleid dat gevoerd wordt binnen Altena. De Provincie Noord-Brabant voert het landelijke en eigen beleid uit en de gemeente Altena voert het landelijke, het provinciale en het eigen beleid. Alle ondervraagden hebben aangegeven dat, dat zij de overheid als projecteigenaar zien en dat zij daardoor haar invloed als groot inschatten. ‘’De overheid moet de drijvende factor zijn achter dit project’’ (Bart, 2020) ‘’de gemeente is een drijvende kracht’’ (Daphne, 2020) Het belang voor de overheidsinstanties zit in het stimuleren van het gebied binnen de gezette regels en doelen op de lange termijn. Wel is aangegeven dat het belang vooral bij de gemeente ligt en niet zo zeer bij de provincie of nog hoger. Als financierende partij heeft de gemeente grote financiële belangen. Maar ook op het sociale vlak wordt aangegeven dat de gemeente er belang bij heeft, om de leefbaarheid voor de inwoners te verbeteren. ‘’Ik denk dat het recreatieve aandeel wel van belang is voor de leefbaarheid en dus voor de sociale component’’ (Annemarie, 2020)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10748000/2