CConstaterende datAltena
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 Kaderbrieven

Raadsvergadering 23 juni 2026, gemeente AltenaBij agendapunt: Zienswijzen ontwerpbegrotingen Gemeenschappelijke Regelingen 202730.381 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Aan de Colleges van Burgemeester en Wethouders alsmede de Raden van de 24 gemeenten in Midden- en West-Brabant

Datum 9 februari 2026 Onze referentie 260121--80 Uw referentie Uw bericht van

Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant Postbus 3208 5003 DE Tilburg

Behandeld door Doorkiesnummer E-mail Onderwerp

Jolanda Trijselaar 088-2250100 Jolanda.Trijselaar@vrmwb.nl Kaders voor beleidsbegroting 2027

Geachte heer/mevrouw , In de vergadering van 5 februari jl. heeft het Algemeen Bestuur van Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant (VRMWB) kennisgenomen van de door het Dagelijks Bestuur vastgestelde financiële uitgangspunten en beleidsmatige ontwikkelingen die het kader vormen voor onze beleidsbegroting 2027. In deze brief informeren wij u hierover. Voor de beleidsmatige ontwikkelingen vinden wij financiële dekking in onze eigen begroting of is er landelijke financiering (gevraagd), deze hebben geen gevolgen voor de gemeentelijke bijdrage in begrotingsjaar 2027. De consequenties voor de gemeenten in de gemeentelijke bijdrage zijn mutaties ten gevolge van indexatie. Vervolgproces Wij verwerken de financiële- en beleidsmatige kaders in de beleidsbegroting 2027 die ter zienswijze aan de gemeenteraden wordt voorgelegd. Van een aantal gemeenten hebben wij richtlijnen ontvangen voor de kaderbrief en de begroting 2027. Wij hebben daar kennis van genomen en waar mogelijk in de kaders verwerkt. Ook nemen wij deze richtlijnen mee bij het maken van de beleidsbegroting 2027. Na de vergadering van het Dagelijks Bestuur van 1 april 2026 ontvangt u de Beleidsbegroting 2027 en wordt u in de gelegenheid gesteld om vóór 24 juni 2026 een zienswijze in te dienen. Het Algemeen Bestuur stelt de beleidsbegroting 2027 vast in de vergadering van 2 juli 2026.

Wij hopen dat wij u met bijgevoegde Kaderbrief 2027 een goed inzicht geven in de beleidsmatige ontwikkelingen, de financiële kaders en het proces van de beleidsbegroting 2027. Voor een nadere toelichting kunt u ons uiteraard altijd benaderen. Vertrouwend dat wij u hiermee naar wens hebben geïnformeerd, Met vriendelijke groet, namens het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant,

Jolanda Trijselaar Algemeen Directeur/ Regionaal Commandant Bijlage: Kaderbrief 2027

VRMWB | Kaders voor beleidsbegroting 2027

1

Vergadering Algemeen Bestuur Datum 5 februari 2026 Onderwerp

Kaderbrief 2027

Portefeuillehouder DB Portefeuillehouder VD Stuknummer

De heer J.F.M. Janssen Mevrouw A.C. Trijselaar AB2026.02.05/4.1

Voorstel

Informatief

Besluitvormend

Oordeelsvormend

Beslispunten Het Algemeen Bestuur wordt gevraagd om: 1. Kennis te nemen van de door het Dagelijks Bestuur vastgestelde Kaderbrief 2027. 2. De Kaderbrief 2027 door de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant ter kennisgeving aan te laten bieden aan de colleges en gemeenteraden. Toelichting In de Kaderbrief 2027 beschrijven we onze financiële uitgangspunten en de beleidsmatige ontwikkelingen voor de Beleidsbegroting 2027. De basis is ons beleidsplan (2023-2029) waarin we onze meerjarige ambities hebben beschreven. Hieraan ligt de bestuurlijke keuze in mei 2022 voor het profiel ‘een adequate en parate veiligheidsregio, klaar voor actuele uitdagingen’ ten grondslag. Deze keuze is op 4 december 2025 herbevestigd. De dreiging van veiligheidsrisico’s in de wereld om ons heen is onverminderd hoog. Internationale dreiging, klimaatveiligheid met als mogelijke effecten verstoring van (digitale) infrastructuur en maatschappelijke onrust blijven onze aandacht en focus vragen. Een grootschalig incident in Spanje en Portugal in april 2025 lieten zien dat de maatschappelijke effecten van stroomuitval groot zijn. Beleidsmatige ontwikkelingen Tegen de achtergrond van geopolitieke dreiging en mondiale klimaatontwikkelingen, hebben we in de kaderbrief meer specifieke beleidsmatige ontwikkelingen beschreven die een impact hebben op onze begroting.

Conform de bestuurlijke financiële uitgangspunten vinden we financiële dekking voor deze ontwikkelingen in onze eigen begroting. Het gaat om: 1. Weerbaarheid van de samenleving 2. Vitale organisatie 3. Transformatie Brandweerzorg 4. Stedelijke en infrastructurele ontwikkelingen 5. Grootschalig en specialistisch brandweeroptreden 6. Natuurbrandbeheersing 7. Financiering beroepsbezetting vanwege Europese wet- en regelgeving 8. Post Moerdijk Haven 9. Meldkamer 10. Informatievoorziening 11. CO2 -reductie Financiële uitgangspunten Het Algemeen Bestuur gaf in de zomer 2024 de bestuurlijke commissie opdracht om samen met de directie de financiële gevolgen van kortingen op het gemeentefonds en de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) te onderzoeken en te verwerken in deze Kaderbrief 2027. Er komen geen harde bezuinigingen en in het AB van 4 december 2025 is een besluit genomen over het toepassen van een tweetal financiële principes:

VRMWB | Kaderbrief 2027

1

1. ‘Nieuw voor oud’: door slimmer te investeren, capaciteit efficiënter in te zetten en middelen of taken anders te organiseren, kunnen we op termijn besparingen realiseren. 2. ‘Nieuwe taken, nieuwe knaken’: nieuwe taken of wet- en stelselwijzigingen financieren we met nieuwe middelen. Nieuwe taken worden altijd ter besluitvorming voorgelegd aan het bestuur. Van kaderbrief naar begroting Met de kaderbrief bepaalt het bestuur de kaders van het beleid en de financiën voor de komende jaren. De kaderbrief wordt ter informatie naar de deelnemende gemeenten gestuurd. Op basis hiervan volgt in april de Beleidsbegroting 2027 die we voor zienswijzen voorleggen aan de gemeenten. Van een aantal gemeenten hebben we richtlijnen ontvangen voor de kaderbrief en de begroting. We hebben daar kennis van genomen en waar mogelijk in de kaderbrief verwerkt. Consequenties Voor de beleidsmatige ontwikkelingen vinden we financiële dekking in onze eigen begroting of is er landelijke financiering (gevraagd), dus die hebben geen gevolgen voor de gemeentelijke bijdrage in begrotingsjaar 2027. De consequenties voor de gemeenten in de gemeentelijke bijdrage zijn mutaties ten gevolge van indexatie. De indexaties voor de gemeentelijke bijdrage zijn berekend op basis van onze LPO-systematiek, gebaseerd op de CPB brondata Macro Economische Verkenning juni 2025.

De mutatie van de gemeentelijke bijdrage ten opzichte van het oude kader is relatief klein, met 0,24% voor 2027, 0,12% voor 2028, 0,52% voor 2029 en de nieuwe jaarschijf 2030 krijgt 3,24%. Risico’s Eerdere besluiten AB2025.12.04/5.1 Financiële uitdagingen Vervolgstappen Met het vaststellen van de kaderbrief bepaalt het bestuur de kaders van het beleid en de financiën voor de komende jaren. Op basis hiervan volgt in april ‘26n de Beleidsbegroting 2027 in het Algemeen Bestuur van 9 april ’26 welke wij voor zienswijzen voorleggen aan de gemeenten. Bijlagen: Bijlage 1 - Kaderbrief 2027 Bijlage 2 - Aanbiedingsbrief colleges en gemeenteraden

VRMWB | Kaderbrief 2027

2

Kaderbrief 2027

1

Inleiding ................................................................................................................. 3

2

Financiële uitgangspunten ...................................................................................... 3 2.1

Sleutels kostenverdeelmodel ......................................................................................... 4

2.2

Loon- en prijsontwikkeling (LPO) .................................................................................... 4

2.3

Concept verloopstaat gemeentelijke bijdrage ................................................................. 4

2.4

Ontwikkelingen bijdrage BDuR ....................................................................................... 5

3

Beleidsmatige ontwikkelingen en risico’s ................................................................ 6 3.1

Weerbaarheid van de samenleving ................................................................................ 6

3.2

Vitale organisatie .......................................................................................................... 6

3.3

Transformatie Brandweerzorg ....................................................................................... 6

3.4

Stedelijke en infrastructurele ontwikkelingen................................................................. 7

3.5

Grootschalig en Specialistisch Brandweer Optreden ....................................................... 7

3.6

Natuurbrandbeheersing................................................................................................. 7

3.7

Financiering beroepsbezetting vanwege Europese wet- en regelgeving en roosterfactor . 7

3.8

Post Moerdijk Haven ..................................................................................................... 7

3.9

Meldkamer.................................................................................................................... 8

3.10

Informatievoorziening ................................................................................................... 8

3.11

CO2-reductie................................................................................................................. 8

3.12

Overzicht ...................................................................................................................... 8

Bijlage 1

Verdeelsleutels van het kostenverdeelmodel ................................................. 10

Bijlage 2

Nieuwe index CPB met effect op loon- en prijsontwikkeling ........................... 11

Bijlage 3

Concept verloopstaat gemeentelijke bijdrage................................................. 12

27 Kaderbrief 2027

2

1 Inleiding In deze kaderbrief 2027 beschrijven we onze financiële uitgangspunten en de beleidsmatige ontwikkelingen voor de Beleidsbegroting 2027. De basis voor deze kaderbrief is ons beleidsplan (2023-2029)1 waarin we onze ambities hebben beschreven. Hieraan ligt de bestuurlijke keuze voor het profiel 4 ‘een adequate en parate veiligheidsregio, klaar voor actuele uitdagingen’ ten grondslag. De dreiging van veiligheidsrisico’s in de wereld om ons heen is onverminderd hoog. Internationale dreiging en klimaatveiligheid blijven onze aandacht en focus vragen. Mogelijke effecten op onze veiligheid zijn verstoring van (digitale) infrastructuur en maatschappelijke onrust. Grootschalige incidenten in Berlijn in januari 2026 en Spanje en Portugal in april 2025 lieten zien dat de maatschappelijke effecten van stroomuitval groot zijn. Stroomuitval kan het gevolg zijn van cyberaanvallen, maar ook de energietransitie, resulterend in een toename van het aantal zonnepanelen en andere hernieuwbare energiebronnen. Dit kan ervoor zorgen dat het elektriciteitsnet overbelast raakt en er nieuwe risico's ontstaan. Het Algemeen Bestuur (AB) gaf in de zomer 2024 een bestuurlijke commissie opdracht om samen met de directie de financiële gevolgen van kortingen op het gemeentefonds en de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) te onderzoeken en te verwerken in deze kaderbrief 2027.

Er komen geen harde bezuinigingen en in het AB van 4 december 2025 is een besluit genomen over het toepassen van de principes ‘Nieuw voor oud’ en ‘Nieuwe taken, nieuwe knaken’, zie hoofdstuk 2 ‘Financiële uitgangpunten. Na deze kaderbrief behandelt het Algemeen Bestuur de beleidsbegroting 2027 die in week 15 van 2026 ter zienswijze wordt voorgelegd aan de gemeenten. Voor de kaderbrief is een aantal richtlijnen ontvangen vanuit gemeenten. Hier wordt zoveel als mogelijk rekening mee gehouden.

2 Financiële uitgangspunten Het Algemeen Bestuur hanteert als algemeen uitgangspunt dat noodzakelijke uitgaven als gevolg van wet- en regelgeving en/of wettelijk vastgestelde beleidsdocumenten verrekend kunnen worden via het kostenverdeelmodel. Deze vormt de basis voor de gemeentelijke bijdrage van gemeenten aan VRMWB. Uit de bestuurlijke opdracht ‘Financiële uitdagingen’ in 2025 is een tweetal principes voortgekomen die we hanteren om in de toekomst betaalbaar te blijven: ‘Nieuwe taken, nieuwe knaken’: Nieuwe taken of wet- en stelselwijzigingen moeten gefinancierd worden met nieuwe middelen (‘nieuwe taken, nieuwe knaken’). Stelselwijzigingen worden gezien als verantwoordelijkheid van het Rijk. Denk hierbij aan versterken weerbaarheid samenleving en de financiering beroepsbezetting vanwege Europese wet- en regelgeving. Nieuwe taken worden zoals eerder afgesproken altijd ter besluitvorming voorgelegd aan het bestuur. ‘Nieuw voor oud’: Door slimmer te investeren, capaciteit efficiënter in te zetten en middelen of taken anders te organiseren, kunnen we op termijn besparingen realiseren. We hebben eerder natuurlijk al grote stappen gezet en hiermee streven we nog meer naar financiële ruimte op andere plekken in de organisatie, waar deze hard nodig is om de bestaande uitdagingen het hoofd te bieden. 1

Algemeen Bestuur heeft op 6 februari 2025 besloten om onze opgaven in het Beleidsplan 2023-2027 te temporiseren met minimaal 2 jaar tot en met 2029.

Kaderbrief 2027

3

Tegelijkertijd maken we op deze manier vernieuwing mogelijk binnen de bestaande financiële kaders. Over deze ombuigingen, verschuivingen van onze budgetten informeren we het bestuur bij de kaderbrief, de begroting, de bestuursrapportage en/of begrotingswijzigingen.

2.1 Sleutels kostenverdeelmodel In 2018 heeft het Algemeen Bestuur besloten om jaarlijks de verdeelsleutel van het kostenverdeelmodel te actualiseren op basis van de meest recent beschikbare ministeriële maatstaven voor het subcluster Crisisbeheersing en Brandweer. Door deze jaarlijkse actualisatie van de verdeelsleutels sluiten de bijdragen van gemeenten aan op de bijdragen die zij ontvangen uit het gemeentefonds. In oktober 2025 heeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken besloten het subcluster Crisisbeheersing en Brandweer niet meer jaarlijks vrij te geven aan veiligheidsregio’s. Hierdoor is jaarlijkse actualisatie middels de afgesproken methode niet meer mogelijk. Voor de Kaderbrief 2027 gaan we daarom uit van de laatste nog ter beschikking gestelde verdeelsleutel. Dat is het subcluster Crisisbeheersing en Brandweer Meicirculaire 2024. Daarmee is de verdeelsleutel ten opzichte van de Kaderbrief 2026 ongewijzigd, zie bijlage 1.

2.2 Loon- en prijsontwikkeling (LPO) In 2018 is bestuurlijk besloten om de gehanteerde methodiek ten behoeve van de loon- en prijsontwikkeling voort te zetten. Deze methodiek houdt in dat we een LPO-systematiek hanteren, waarbij er sprake is van een correctie met terugwerkende kracht van twee jaar. De LPO wordt bepaald door de laatst gepubliceerde Index loonvoet sector overheid en Index prijs bruto binnenlands product voor het begrotingsjaar 2027 van het Centraal Plan Bureau (CPB) en de correcties van deze indices voor het jaar 2025 en 2026 van de in de begroting 2025 verwerkte cijfers. De laatst bekende raming die is afgegeven door het CPB betreft de kerngegevenstabel Macro Economische Verkenning (MEV) 2026 ( van september 2025). Deze bevat dit keer echter geen meerjarenperspectief in verband met het vallen van het kabinet. We vallen daarom terug op de Concept MEV van juni 2025. Dit geeft het effect zoals getoond in bijlage 2. De nieuwe gewogen indexatie wordt afgezet tegen de indexatie van de Beleidsbegroting 2026. In onderstaande tabel is deze mutatie tussen de oude en nieuwe cijferreeks zichtbaar. Effect loon- en prijsontwikkeling Mutatie Gewogen loon- en prijsindex Kaderbrief 2027-2030 Gewogen loon- en prijsindex Begroting 2026 Mutatie loon- en prijsindex in Kaderbrief 2027

2027

2028

2029

2030

4,22% 3,98% 0,24%

3,66% 3,54% 0,12%

4,06% 3,54% 0,52%

3,24% 3,24%

2.3 Concept verloopstaat gemeentelijke bijdrage In bijlage 3 presenteren we een concept verloopstaat van de gemeentelijke bijdrage van de meerjarenraming. Hierdoor zijn gemeenten beter in staat zich voor te bereiden op de gemeentelijke beleidsbegroting 2027. Op dit moment worden kapitaallasten nog geactualiseerd. Dit kan gevolgen hebben voor de uiteindelijke gemeentelijke bedrage. Deze wijzigen nog bij de beleidsbegroting 2027. Begrotingswijziging 2026-1 (AB2025.12.04/4.2) vormt de basis voor de berekening van de gemeentelijke bijdrage. Hierin bedraagt de nieuwe gemeentelijke bijdrage in 2026 € 81.088.876. Exclusief de kapitaallasten is dat € 72.673.018. Dit vormt het uitgangspunt voor boekjaar 2027.

Kaderbrief 2027

4

2.4 Ontwikkelingen bijdrage BDuR Reguliere bijdrage Op grond van het Hoofdlijnenakkoord en de uitwerking in het regeerprogramma wordt de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (de Rijksbijdrage aan de veiligheidsregio’s) vanaf 2026 met 10% gekort. Voor de VRMWB komt dit neer op € 1,468 miljoen. In het kader van de besluitvorming over de voorjaarsnota 2025 heeft het kabinet besloten om deze korting te behouden. In de voorjaarsnota 2025 is ook besloten om ter compensatie voor alle 25 veiligheidsregio's vanaf 2027 extra gelden beschikbaar te stellen voor versterking en intensivering van regionale weerbaarheid in het kader van de crisisbeheersing. Voor de VRMWB wordt de korting hiermee nagenoeg gecompenseerd. Daarnaast is in de bestuurlijke afspraken besloten tot het stapsgewijs ontwikkelen van een landelijk netwerk aan noodsteunpunten bij de gemeenten en coördinatiepunten bij de veiligheidsregio’s. Voor alle gemeenten/veiligheidsregio’s wordt hiervoor vanaf 2027 € 35 miljoen structureel beschikbaar gesteld. Mede op basis van de landelijke, door het NIPV gecoördineerde evaluatie in 2026, wordt de verdeelsleutel bepaald voor de bijdrage vanaf 2027. Uiterlijk 1 oktober 2026 maken het ministerie van JenV en het Veiligheidsberaad hierover afspraken, de uitwerking hiervan wordt meegenomen in een begrotingswijziging.

Extra BDuR gelden versterking crisisbeheersing en informatievoorziening (CB/IV) Op 26 augustus 2022 is een bestuurlijk akkoord gesloten met de minister van JenV en het Veiligheidsberaad waarin afgesproken is een structurele financiële impuls te geven aan de versterking van de (gezamenlijke) crisisbeheersing en informatiepositie van in totaal € 3,4 miljoen voor de VRMWB.

Ontwikkeling totale bijdrage BDuR Op basis van voorgaande ontwikkelingen en de meerjarenbegroting van het Ministerie van Justitie en Veiligheid wordt een bijdrage voor VRMWB verwacht zoals getoond in onderstaande tabel. Omdat jaarlijks de reguliere BDuR bijdrage bijgesteld wordt voor loon- en prijsontwikkeling, wordt in de kaderbrief 2027 meerjarig al rekening gehouden met een verwachte bijstelling. Ontwikkeling bijdrage BDuR

2027

2028

2029

2030

BDuR regulier BDuR CB Beschikking (december 2025)

€ € €

12.658.823 € 3.416.350 € 16.075.173 €

12.658.462 € 3.416.350 € 16.074.812 €

12.658.461 € 12.658.461 3.416.350 € 3.416.350 16.074.811 € 16.074.811

Verwachte loon/prijs bijstelling

€

700.000 €

1.050.000

€

1.400.000

€

Totaal verwachte bijdrage

€

16.775.173 €

17.124.812 €

17.474.811

€ 17.824.811

1.750.000

De Rijksbijdrage BDUR wordt 3 jaar vooruit geprognotiseerd. Voor 20230 is het bedrag van 2029 aangehouden.

Kaderbrief 2027

5

3 Beleidsmatige ontwikkelingen en risico’s 3.1 Weerbaarheid van de samenleving Weerbaarheid is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. We bouwen samen met onze gemeenten en partners aan een veerkrachtige samenleving die voorbereid is op toekomstige risico’s. Vanaf 2027 is weerbaarheid structureel ingebed in onze reguliere activiteiten: inwoners krijgen handelingsperspectief, burgerhulpverlening wordt een vast onderdeel van onze dienstverlening, en een groot deel van de noodsteunpunten zijn ingericht in de gemeenten en we spelen in op nieuwe dreigingen. Zoals hierboven in paragraaf 2.4 aangegeven, biedt het ministerie van JenV voor het versterken van weerbaarheid vanaf 2027 landelijk een structurele financiering van €35 miljoen. De verdeelsleutel hiervan wordt nog bepaald.

3.2 Vitale organisatie In juli 2025 heeft het ministerie van JenV de veiligheidsregio’s voor drie processen aangemerkt als ‘vitale aanbieder’ binnen de sector Openbare Orde en Veiligheid (OOV). Het gaat om 1. Inzet brandweer, 2. Crisiscoördinatie/besluitvorming en 3. Communicatie- en informatievoorziening hulpdiensten en crisispartners. In 2026 voeren we (landelijk) een weerbaarheidsanalyse uit voor deze processen. Voor deze processen bepalen we de maximum tolereerbare periode van verstoring en de snelheid van herstel. We verwachten dat hierover in 2026 en 2027 bestuurlijke bovenregionale afspraken worden gemaakt. Op basis daarvan worden de benodigde financiële middelen bestuurlijk bepaald.

3.3 Transformatie Brandweerzorg Ons bestuur heeft het toekomstperspectief voor brandweerzorg vastgesteld op 4 december 2025. De transformatie naar toekomstbestendige brandweerzorg richt zich op differentiatie, maatwerk en innovatie. In 2026 maken we een meerjarig uitvoeringsplan. We maken onze brandweerzorg toekomstbestendig binnen onze bestaande financiële kaders. Besparingen en uitdagingen vallen mogelijk niet altijd samen in de tijd, dit vraagt om goede afstemming met ons bestuur. De VRMWB heeft sinds de jaren ‘90 een eigen opleidings- en oefencentrum (Safety Village) in gebruik dat een essentiële rol vervult in het opleiden en vakbekwaam houden van het brandweerpersoneel binnen onze regio. De combinatie van aflopende tijdelijke vergunningen voor huisvesting op het terrein, verouderde infrastructuur, capaciteitsdruk en landelijke ontwikkelingen in het brandweeronderwijs maakt dat we op korte termijn moeten bepalen hoe we ook in de toekomst over goede opleidings- en oefenfaciliteiten kunnen blijven beschikken. Op basis van toenemende eisen aan flexibiliteit, inhoudelijke regie en betaalbaarheid is in het Algemeen Bestuur van september 2025 de strategische richting uitgesproken voor het behoud van een eigen opleidings- en oefencentrum. We onderzoeken hoe we deze opgave toekomstbestendig kunnen realiseren en welke mogelijkheden samenwerking met buurregio’s hiervoor kan bieden.

De kosten en financiering hiervan worden in beeld gebracht.

Kaderbrief 2027

6

3.4 Stedelijke en infrastructurele ontwikkelingen Verschillende stedelijke en infrastructurele ontwikkelingen in onze gemeenten krijgen steeds meer vorm en hebben impact op de manier waarop brandweerzorg in de toekomst gewaarborgd kan blijven. Denk aan Breda (CrossMark) en Tilburg (Parkring). Een andere ruimtelijke ontwikkeling is de zoektocht naar locaties voor grote energiehubs om het lokale elektriciteitsnet te ontlasten. De investering voor het borgen van brandweerzorg in de context van deze ontwikkelingen is afhankelijk van een groot aantal factoren, zoals locatiekeuzes en de invulling van brandweerzorg(concepten). Dit zijn nieuwe opgaven, waarvoor mogelijk aanvullende financiering nodig is.

3.5 Grootschalig en Specialistisch Brandweer Optreden De Inspectie heeft in 2024 alle Veiligheidsregio’s beoordeeld op een Landelijke Visie Grootschalig en Specialistisch Brandweer Optreden (GBO-SO). De Inspectie concludeert dat het uniforme landelijk kader dat ervoor zou moeten zorgen dat regio’s elkaar eenduidig en betrouwbaar kunnen ondersteunen, ‘gedeeltelijk en versnipperd’ in de regio’s is geïmplementeerd. Het verschijnen van het Inspectierapport vormt een kans om GBO-SO bovenregionaal door te ontwikkelen en te bestendigen. In een brief aan de informateur heeft de voorzitter van het Veiligheidsberaad benadrukt dat landelijk een extra investering van € 200 miljoen nodig is voor bovenregionale voorbereiding, opleiding, gezamenlijke aanschaf van materieel, en behoud van specialismen.

3.6 Natuurbrandbeheersing Uit de visie en het uitvoeringsplan natuurbrandbeheersing van Brandweer Nederland volgt dat een structurele investering van jaarlijks minimaal €5 miljoen nodig is. Landelijk is verkend welke dekking mogelijk is, maar er is vooralsnog geen gezamenlijke financiering gevonden. In 2025 heeft de VRMWB € 50k bijgedragen aan dit programma maar de middelen voor 2026 en verder zijn nog niet bekend.

3.7 Financiering beroepsbezetting vanwege Europese wet- en regelgeving en roosterfactor In afwachting van landelijk beleid als gevolg van Europese wet- en regelgeving is eind 2022 bestuurlijk voor de tijdelijke oplossing gekozen om de repressieve sterkte van de brandweer op orde te krijgen. Concreet betekent dit dat we dagelijks vrijwilligers kazerneren, wat met ca. € 465k financieel de meest aantrekkelijke oplossing is. In 2027 is hiervoor incidenteel dekking gevonden. In een brief aan de informateur heeft de voorzitter van het Veiligheidsberaad benadrukt dat landelijk een extra investering van structureel 40 miljoen euro nodig is voor het behoud van onze vrijwilligers.

3.8 Post Moerdijk Haven In de vergadering van 12 december 2024 heeft het Algemeen Bestuur besloten om de Publiek Private Samenwerking (PPS) met Stichting Brandweerzorg Moerdijk (SBM) met ingang van 1 januari 2027 te beëindigen en de brandweer Post Moerdijk om te vormen naar een 100% overheidsbrandweerpost. De jaarlijkse kostenstijging van € 893k vanaf 2027 vangen we aanvankelijk incidenteel op. Vanaf 2029 dekken we deze kosten structureel vanuit het principe ‘nieuw voor oud’. Het is nu nog onzeker of binnen de transformatie brandweerzorg tijdig voldoende financiële ruimte ontstaat om deze ontwikkeling op te vangen.

Kaderbrief 2027

7

3.9 Meldkamer De visie op de meldkamerfunctie van de veiligheidsregio 2030 van de RCDV schetst een aantal grote veranderingen. Grote landelijke ontwikkelingen in het meldkamerdomein zijn onder meer de komst van het missiekritische communicatiesysteem VMX als opvolger van C2000 en Adaptief Basis Systeem (ABS) als vervanging van deelfunctionaliteiten in het Geïntegreerd Meldkamer Systeem (GMS). Het is nog onbekend welke inzet middelen en capaciteit hiervoor nodig zijn.

3.10 Informatievoorziening Alle 25 veiligheidsregio’s werken aan het landelijke masterprogramma Informatievoorziening 20252030. Dit programma rust op vijf programmalijnen: Informatiegestuurde veiligheid, Informatiegestuurde missiekritische communicatie, Data, infrastructuur en architectuur, Informatieveiligheid en Digitaal fitte organisatie. Wij adopteren deze 5 actielijnen in ons realisatieplan Informatievoorziening (IV) 2026-2030. Aan dit realisatieplan hebben we naast de 5 landelijke sporen ook nog de thema’s Kunstmatige intelligentie (AI) en de Wet Open Overheid toegevoegd. De structurele kosten voor deze 5 programmalijnen en AI op de langere termijn zijn nog onbekend. De pilots met AI zijn incidenteel gedekt voor twee jaar.

3.11 CO2-reductie Het terugdringen van de CO2-uitstoot van onze zware voertuigen is een volgende stap in onze ambitie van 50% CO2-reductie in 2030 ten opzichte van 2022. Omdat het aanbesteden van elektrische/hybride tankautospuiten nog op zich laat wachten, starten we in twee stappen vanaf 2027 met het gebruik van de biologische brandstof HVO100. We onderzoeken welk effect het gebruik van deze brandstof heeft op onze totale CO2-voetafdruk en welke kosten dat met zich meebrengt. Het financiële uitgangspunt is om dekking te vinden in de bestaande begroting.

3.12 Overzicht Hieronder een samenvattend overzicht van de beleidsmatige ontwikkelingen met hun financiële impact in 2027 en verder, voor zover nu bekend. Conform de bestuurlijke financiële uitgangspunten vinden we financiële dekking voor deze ontwikkelingen in onze eigen begroting.

Kaderbrief 2027

8

Beleidsmatige ontwikkeling

Lasten

Dekking

Weerbaarheid van de samenleving

nb

Financiering door Rijk

Vitale organisatie

nb

Transformatie Brandweerzorg

nb

Stedelijke en infrastructurele ontwikkelingen Grootschalig en specialistisch brandweeroptreden Natuurbrandbeheersing

nb nb

Afhankelijk van gekozen niveau binnen eigen begroting opvangen, anders aanvullende (landelijke) financiering nodig. Binnen eigen begroting (nieuw voor oud) Nieuwe opgaven, vragen om aanvullende financiering Financiering Rijk gevraagd

nb

Vermoedelijk Rijk

Financiering beroepsbezetting vanwege Europese wet- en regelgeving Post Moerdijk Haven

€ 465k structureel

Financiering Rijk gevraagd

€ 893k structureel vanaf 2029

Meldkamer

nb

Informatievoorziening

nb

Binnen eigen begroting (nieuw voor oud) Binnen eigen begroting (nieuw voor oud) Binnen eigen begroting

CO2 -reductie

nb

Kaderbrief 2027

Binnen eigen begroting (nieuw voor oud)

9

Bijlage 1 Verdeelsleutels van het kostenverdeelmodel Ondergenoemde verdeelsleutel is gebaseerd op de bijdrage die gemeenten ontvangen vanuit het gemeentefonds voor het subcluster crisisbeheersing en brandweer op basis van de meicirculaire 2024 en dienen als grondslag voor de verdeling van de gemeentelijke bijdragen. Gemeente

Alphen-Chaam Altena Baarle-Nassau Bergen op Zoom Breda Dongen Drimmelen Etten-Leur Geertruidenberg Gilze en Rijen Goirle Halderberge Hilvarenbeek Loon op Zand Moerdijk Oisterwijk Oosterhout Roosendaal Rucphen Steenbergen Tilburg Waalwijk Woensdrecht Zundert Totaal

Kaderbrief 2027

Indicatieve verdeelsleutel obv meicirculaire 2024 Gemeentefonds 0,89% 4,70% 0,65% 5,89% 17,23% 2,08% 2,38% 3,58% 1,80% 2,16% 1,88% 2,57% 1,33% 1,90% 3,27% 2,85% 4,73% 6,65% 1,76% 2,02% 22,16% 3,96% 1,88% 1,70% 100%

10

Bijlage 2 Nieuwe index CPB met effect op loon- en prijsontwikkeling Index CPB Verhouding

Gewogen Index Index index kaderbrief Begroting 2027 2027

Loonindex 2025 Prijsindex 2025 Gewogen index Index 2025 bij begroting 2026 Correctie index 2025

5,00% 4,00%

60,00% 40,00%

3,00% 1,60% 4,60% 3,90% 0,70%

Loonindex 2026 Prijsindex 2026 Gewogen index Index 2026 bij begroting 2026 Correctie index 2026

2,80% 2,60%

60,00% 40,00%

1,68% 1,04% 2,72% 2,30% 0,42%

Loonindex 2027 Prijsindex 2027 Gewogen index 2027 Index 2027 incl nacalculatie (correctie 2025 en 2026)

3,50% 2,50%

60,00% 40,00%

2,10% 1,00% 3,10%

Loonindex 2028 Prijsindex 2028 Gewogen index 2028

4,30% 2,70%

Loonindex 2029 Prijsindex 2029 Gewogen index 2029

5,10% 2,50%

Loonindex 2030 Prijsindex 2030 Gewogen index 2030

3,80% 2,40%

Kaderbrief 2027

60,00% 40,00%

60,00% 40,00%

60,00% 40,00%

4,22%

4,22%

2,58% 1,08% 3,66%

3,66%

3,66%

3,06% 1,00% 4,06%

4,06%

4,06%

2,28% 0,96% 3,24%

3,24%

3,24%

11

Bijlage 3 Concept verloopstaat gemeentelijke bijdrage Onderstaande cijfers zijn voorlopige cijfers. Bij de begroting 2027 wordt de definitieve gemeentelijke bijdrage berekend. Ontwikkeling gemeentelijke bijdrage

Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Begroting 2030

Gemeentelijke bijdrage zonder kapitaallasten Aflopen Kazernering vrijwilligers en beroeps + LPO 2024, 2025 Gemeentelijke bijdrage zonder kapitaallasten Aanpassing LPO Gemeentelijke bijdrage na aanpassing LPO Toegepaste CPB index Herijking beleid Energiekosten Publieke brandweer Moerdijk Haven uit eigen middelen VRMWB Informatieveiligheid: BIO 2.0, Nis2 en AVG Gemeentelijke bijdrage na aanpassing LPO en herijking beleid Geactualiseerde kapitaallasten* Gemeentelijke bijdrage na herijking beleid Intekentaken* FLO Kazernes Totaal intekentaken

€ 70.033.451 € 72.673.018 € 75.739.819 € 78.511.896 € 81.699.479

Totaal bijdrage gemeenten Kaderbrief 2027 Totaal bijdrage gemeenten Begroting 2026-1 Verschil Kaderbrief 2027 - Begroting 2026-1

€ 83.916.314 € 87.354.651 € 90.416.992 € 93.961.309 € 97.524.525 € 83.916.314 € 87.061.161 € 90.016.944 € 94.004.554 € - € 293.490 € 400.048 € -43.245

Kaderbrief 2027

€

-512.167

€ 69.521.283 € 72.673.018 € 75.739.819 € 78.511.896 € 81.699.479 € 2.725.234 € 3.066.801 € 2.772.077 € 3.187.583 € 2.647.063 € 72.246.518 € 75.739.819 € 78.511.896 € 81.699.479 € 84.346.542 3,92% 4,22% 3,66% 4,06% 3,24% €

€

326.500 €

-

€

-

€

-

€

-

€

-

€

-

€

-

€

-

100.000 €

-

€

-

€

-

€

-

€ 72.673.018 € 75.739.819 € 78.511.896 € 81.699.479 € 84.346.542 € 8.415.858 € 9.081.570 € 9.502.675 € 9.459.120 € 9.459.121 € 81.088.876 € 84.821.389 € 88.014.571 € 91.158.599 € 93.805.663 € € €

2.721.343 € 106.095 € 2.827.438 €

2.424.515 € 108.747 € 2.533.262 €

2.290.737 € 111.684 € 2.402.421 €

2.688.234 € 114.476 € 2.802.710 €

3.601.639 117.223 3.718.862

12

Streekarchief Langstraat Heusden Altena 1

1

11 11

I

1'

1

1

Bij het Streekarchiefzijn aangesloten de gemeenten

Altena, Heusden en Waalwijk

Aan de raad van de gemeente Altena Postbus 5 4286 ZG Almkerk

Betreft: beleidsmatige en financiele kaders Streekarchief Langstraat Heusden Altena Heusden, 23 januari 2026 Geachte leden van de raad, Deze kaderbrief beschrijft de uitgangspunten voor de nog op to stellen begroting van 2027. Voor de programmabegroting 2027 en de meerjarenraming 2028-2030 worden beleidsmatige en financiele kaders gehanteerd die richtinggevend zijn voor de verdere uitwerking. Met deze kaderbrief ontvangt u - voorafgaand aan het opstellen van de begroting - het concept van de to hanteren kaders. Hiermee bieden wij het bestuur inzicht in de beleidsmatige en financiele uitgangspunten voor de programmabegroting 2027. 1. Beleidskader 1.1 Beleid 2026-2029 De beleidsperiode 2022-2025 met het beleidsplan getiteld Dichtbij is ten einde. Een evaluatie van dit beleidsplan met benoeming van speerpunten voor de periode 2026-2029 is door het bestuur vastgesteld. In het eerste kwartaal van 2026 wordt op basis hiervan een definitief beleidsplan 2026-2029 opgesteld: Een voortzetting van het huidige beleid, met enkele accentverschuivingen. Dit betreft geen nieuw beleid, maar een nieuwe beleidsperiode met een bijbehorend geactualiseerd plan, gebaseerd op wettelijke ontwikkelingen en eerder vastgestelde (beleids)stukken. Binnen de beleidsmatige- en financiele kaders streeft het Streekarchief ernaar om kostenstijgingen zo veel als mogelijk binnen de eigen begroting to realiseren.

Mogelijke financiele consequenties betreffen hoofdzakelijk eenmalige projectuitgaven, bijvoorbeeld m.b.t. een hernieuwde/nieuwe website en digitalisering. Uitgangspunt is dat deze vanuit reserves gerealiseerd kunnen worden. 1.2 Wetgeving 1.2.1 Nieuwe archiefwet Zoals het er nu voorstaat zal de nieuwe Archiefwet ingaan op 1 januari 2027. Deze geactualiseerde Archiefwet stelt eisen aan de duurzaam toegankelijke informatiehuishouding bij de gemeenten en heeft invloed op de taakuitoefening door het SALHA. De belangrijkste wijzigingen die de nieuwe Archiefwet met zich meebrengt zijn: • een verkorting van de overbrengingstermijn (van twintig naar tien jaar); • een verandering van de open baarheidsregels; en • een toetsing van de kwaliteit van het beheer van de overgebrachte archieven aan de wettelijke eisen. Hoewel de wetgever heeft bepaald dat overheden niet per direct aan de verkorting van de overbrengingstermijn hoeven to voldoen, is de verwachting dat de meeste gemeenten dit ook niet lang willen uitstellen. We rekenen dan ook op een periode van sterkere groei van de collectie. Daarbij weten we dat op recent materiaal meer openbaarheidsbeperkingen van toepassing zullen zijn, onder andere vanwege privacyregels. Voor het SALHA betekent dit incidenteel bij het overbrengen van de overheidsarchieven en structureel in de dienstverlening extra werk.

bezoekadres Pelsestraat 17, 5256 AT Heusden t. (0416) 6619 o1 e. info@salha.nl i. www.salha.nl bankrekeningnummer I BAN NL68 BNGH 0285 085816 BTw-nummer NLo041O3749Boi KvK 53526872

Enerzijds omdat het behandelen van verzoeken om inzage van beperkt openbaar materiaal maatwerk is en uiterste zorgvuldigheid vereist. Anderzijds omdat de nieuwe wet de mogelijkheid geeft om aan burgers 'informatie in andere vorm'te verstrekken uit beperkt openbaar archief. De invoering van de nieuwe Archiefwet zal zowel incidenteel als structureel ook extra werkzaamheden met zich meebrengen aan de kant van de gemeenten. Ter voorbereiding op de nieuwe Archiefwet werkt SALHA er samen met de gemeenten aan om een beter beeld to krijgen van de to bewaren informatie die op dit moment bij de gemeenten wordt gecreeerd en in hoeverre die informatie al voldoet voor overbrenging. Hiertoe wordt jaarlijks een monitor digitale informatie uitgezet. 1.2.2 Privacy en informatiebeveiliging SALHA moet voldoen aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). In 2025 is een traject uitgevoerd bij SALHA met als doe] een compacte, resultaatgerichte aanpak om de voldoen aan de AVG en de BIObasishygiene. Resultaten van dit traject zijn de aanstelling van een externe FG per 1 augustus 2025 en het inrichten van overige wettelijk vereiste documenten en registraties in een daarvoor bestemde applicatie. Structurele borging van de kosten hiervan, ingeschat op € 11.000, in de begroting is onoverkomelijk.

1.3 Project (her)huisvesting SALHA Op 14 november 2023 heeft u ingestemd met het raadsvoorstel "Krediet (her)huisvesting SALHA en financiele gevolgen". In dit raadsvoorstel worden zowel structurele en incidentele financiele consequenties benoemd die van invloed zullen zijn op de begrotingen vanaf 2026. Volgens planning en binnen het begrootte budget is de nieuwbouw van de arch iefbewaarplaats in Heesbeen op 1 december 2025 opgeleverd. In januari 2026 is ook de inrichting van de drie gerealiseerde depots opgeleverd. Ten aanzien van de renovatie en verduurzaming van het pand Pelsestraat 17 is in november 2025 een architectenbureau geselecteerd die dit project gaat voorbereiden en begeleiden. De oorspronkelijk beoogde planning, realisatie per 31 december 2026, wordt niet gehaald. Op dit moment staat realisatie gepland op 1 juli 2027. Of en zo ja welke (financiele) gevolgen dit zal hebben is nog onduidelijk. In april 2026 zult u nader worden geinformeerd over de (financiele) stand van zaken. 2. Financieel kader Hieronder de financiele kaders en richtlijnen die toegepast worden op de program mabegroting en meerjarenraming. 2.1 Indexering Uitgangspunt voor indexering zijn de CPB index-cijfers, zoals opgenomen in de septembercirculaire van Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).

2.1.1 Indexering salarissen Algemeen uitgangspunt is dat de personele formatie en de bijbehorende salariskosten voor de begroting 2027 worden geraamd op basis van de actuele personele formatie in januari/februari 2026. De indexatie wordt enkel op het primaire jaar toegepast. In de meerjaren doorrekening wordt een nullijn ten opzichte van het primaire jaar gehanteerd. Voor de lonen wordt als basis de laatst bekende CAO gehanteerd. De huidige CAO heeft een looptijd tot en met 31 maart 2027. Vanaf 1 april 2027 wordt daarom aansluiting gezocht bij de door het CPB geraamde stijging van de lonen (loonvoet sector overheid), die in de door BZK uitgebrachte septembercirculaire is gepubliceerd. Dit betreft een percentage van 4,2 °/o.

Streekarchief Langstraat Heusden Altena Il II

I`

I

I

Bij het Streekarchief Zin aangesloten de gemeenten

Altena, Heusden en Waalwijk

Ten tijde van de afronding van de begroting 2027, zullen de laatste inzichten worden meegenomen inzake een nieuwe CAO in april 2027. Mocht de CAO langer op zich laten wachten dan zal deze correctie, indien significant, worden verwerkt in de volgende begrotingscyclus. 2.1.2 Prijsindexering kostenbudgetten De prijsindexering wordt toegepast conform de door het CPB opgestelde cijfers (prijs overheidsconsumptie, netto materieel (IMOC)) zoals opgenomen in de septembercirculaire 2025. Dit betreft een percentage van 2,4%. Alleen indien voor specifieke kostencategorieen andere indexeringspercentages gelden, wordt afgeweken van het algemene indexeringspercentage en worden de marktconforme kostenstijgingen in de begrotingscijfers verwerkt. 2.2 Bijdrage per gemeente Voor het bepalen van de bijdrage per gemeente wordt gebruik gemaakt van de inwonersaantallen per gemeente. Zo wordt er gerekend met het aantal inwoners per gemeente met de peildatum van 1 januari het jaar ervoor. Voor de begroting van 2027 wordt gerekend met de inwonersaantallen van het CBS per 1 januari 2026. Voor de meerjarenramingen rekenen we met dezelfde inwonersaantallen als voor de begroting van 2027.

Met vriendelijke groet,

M. Heijmans-van Bruggen secretaris

bezoekadres Pelsestmat 17, 5256 AT Heusden t. (0416) 66 ig o1 e. info@salha.nl i. www.salha.nl bankrekeningnummer MAN NL68 BNGH 0285 085816 Brw-nummer NLo041O374gBoi KvK 53526872

Kaderbrief 2027 Voor u ligt de kaderbrief van de GGD West-Brabant. In deze kaderbrief vertalen we het eerste jaar van onze beleidsperiode 2027-2030 naar de voornemens voor 2027. We benoemen kort en kernachtig onze ambities voor 2027, gekoppeld aan de vier pijlers van de toekomstvisie ‘Wij maken samen gezond gewoon’. Dit vertalen we in de gevolgen voor de organisatie en financiën, waarbij we met gemeenten afspraken maken over het benutten van de AZWA-middelen. De kaderbrief is daarmee aanvullend op de wettelijke taken die we regulier uitvoeren volgens de afspraken met gemeenten. In 2027 starten we met de uitvoering van het besluit over de intensivering van de samenwerking met GGD Hart voor Brabant (Samen Sterker). Het algemeen bestuur stelt in februari 2026 deze kaderbrief vast. De kaderbrief wordt verder uitgewerkt in de (ontwerp)begroting 2027, die vanaf begin april voor een zienswijze bij de raden voorligt. Het algemeen bestuur stelt de begroting begin juli 2026 vast.

Drie thema’s centraal In ons concept meerjarenbeleid stellen we in de komende beleidsperiode 2027– 2030 drie thema's centraal: 1. Kansrijk opgroeien: ieder kind – ongeacht afkomst, achtergrond of woonplek – krijgt de mogelijkheid om gezond en veilig op te groeien. Juist in de zwangerschap en de eerste levensjaren wordt de basis gelegd voor latere gezondheid. Door vroeg te investeren in een stabiele, stimulerende omgeving en ondersteuning van ouders, verkleinen we gezondheidsverschillen en voorkomen we problemen op latere leeftijd. Gelijke kansen op gezondheid beginnen bij een goede (seksuele) gezondheid, gezond en voorbereid zwanger worden, de ontwikkeling in de buik, waar je wieg staat en de eerste jaren van het opgroeien. 2. Gezonde leefomgeving: gezond leven, gezonde voeding & gedrag en mentaal welbevinden starten met een omgeving die daarop is ingericht. Schone lucht, voldoende groen en een inrichting die uitnodigt tot bewegen en ontmoeten, maken gezonde keuzes vanzelfsprekend. In wijken waar gezondheidsproblemen zich opstapelen, kan de leefomgeving het verschil maken: door hinder te verminderen, sociale verbinding te faciliteren en rustplekken te creëren, ontstaat een omgeving waarin mensen gezonder en prettiger kunnen wonen, werken en leven. In een latere fase (2027) beschrijven we de concrete stappen die we daarvoor richting gemeenten en partners zetten. 3.

Mentale veerkracht: veerkracht is het vermogen om met tegenslagen om te gaan, stress te reguleren en weer op te krabbelen na moeilijke momenten. Door hierop in te zetten – van jong tot oud – versterken we het fundament voor een gezond leven. Niet alleen voor het individu, maar juist ook door slimme aanpassingen in de omgeving van mensen. Door de collectieve veerkracht te versterken helpen we bijvoorbeeld jongeren om zich staande te houden in een wereld vol prikkels en verwachtingen. Het ondersteunt ouderen bij het omgaan met verlies, eenzaamheid of gezondheidsproblemen. Het bevordert zelfredzaamheid, verkleint de kans op psychische klachten en maakt het makkelijker om hulp te zoeken

1

wanneer dat nodig is. Zo draagt mentale veerkracht bij aan een samenleving waarin gezondheid niet alleen een individueel streven is, maar een gedeelde kracht.

Een gezond, veilig en gelukkig West-Brabant

2

1. Ambities 2027

Voorkomen als het kan, beschermen als het moet Preventie is dé sleutel tot een gezonde toekomst. Daarom zetten we daar vol op in, vanuit het principe van positieve gezondheid. Maar natuurlijk blijven we ook klaar staan om mensen te helpen als dat nodig is. In 2030 ervaren inwoners in Brabant dat de gezonde keuze de makkelijkste is. We zetten in op de beweging van achteraf oplossen naar voorkomen vooraf. We verwachten in 2027 ontwikkelingen als gevolg van landelijke besluitvorming die ons werk binnen deze pijler gaan beïnvloeden. Denk bijvoorbeeld aan de ontwikkelingen als pandemische paraatheid, versterken van de maatschappelijke weerbaarheid en de mogelijke verschuiving van de ASG-regeling naar het gemeentefonds. Het belangrijkste dat wij als GGD hierin doen, is deze ontwikkelingen goed monitoren, ons voorbereiden op de verschillende uitkomsten en ons hard te maken voor de gezondheid van onze inwoners.

In 2027 bereiken we de volgende resultaten per thema: Kansrijk opgroeien: 1. Vanuit het programma Generatie Gezond Brabant realiseren we in 2027 dat een kwart van de contactmomenten is geharmoniseerd. Dat betekent dat er een gezamenlijk basisaanbod jeugdgezondheid (–9 maanden tot 18 jaar) wordt uitgevoerd door de drie Brabantse GGD’en. Zo geven we uitvoering aan de visie op jeugdgezondheid, waarin elke Brabander kan rekenen op goede jeugdgezondheidszorg. 2. De GGD heeft afspraken met partners gemaakt, zodat de aanwezige Stevige Lokale Teams kinderen in kwetsbare situaties (nog) beter signaleren en zorgen voor een warme toeleiding naar beschikbare interventies, als prenatale huisbezoeken, Stevig Ouderschap & Voorzorg en Opvoedingsondersteuning. Zo kan het netwerk samen deze kinderen zo snel mogelijk ondersteunen, uiterlijk binnen vier maanden. 3. In alle gemeenten is de samenwerking tussen jeugdgezondheid, onderwijs en jeugdhulp in kaart gebracht en wordt jaarlijks geëvalueerd op trends en verbetering in de structurele samenwerking. Gezonde leefomgeving: Een gezonde leefomgeving stimuleert gezond gedrag en daarmee is het een belangrijk thema in de verschuiving van zorg naar gezondheid. 4. In nog niet alle ruimtelijke plannen wordt gezondheid structureel meegenomen bij de beoordeling.

Daarvoor verdiepen we in 2027 de oorzaken en bepalen we met partners de vervolgstappen om ruimtelijke plannen van gemeenten in de toekomst voorzien van een GGD-advies over de effecten op gezondheid (risico’s en kansen). 5. Als kennispartner verstevigen we de kennis over luchtkwaliteit, geluid en hitte. In 2027 herijken de data waarmee we over deze thema’s structureel informeren.

Een gezond, veilig en gelukkig West-Brabant

3

Mentale veerkracht: 5. Er is lokaal of regionaal een netwerk suïcidepreventie waarin de GGD een rol heeft. 6. Scholen vormen een essentiële schakel om grote groepen jongeren te bereiken om mentale gezondheid te verstevigen. Daarvoor gebruiken we effectieve programma’s. In 2027 benut tenminste de helft van de middelbare scholen in de regio minimaal één aanpak voor mentale gezondheid (of is gestart met implementatie), in lijn met de Gezonde School aanpak. 7. Om als stevige kennispartner te weten of de interventies succesvol zijn meten we op systematische wijze stress en veerkracht bij jongeren, jongvolwassenen en mensen van middelbare leeftijd. Dit gebeurt nu nog gevarieerd. Daarom maken we in 2027 op systematische wijze gebruik van bestaande screeningsinstrumenten.

Zelf, maar niet alleen Niets is zo persoonlijk als je eigen gezondheid. Maar niemand hoeft het alleen te doen. Wie onze kennis wil gebruiken, weet ons te vinden. In 2030 voeren inwoners zelf regie over hun gezondheid. Zij kiezen bewust voor digitale ondersteuning. Hulp vragen is normaal. Wat nu nog bijzonder is, is in 2030 normaal.

In 2027 bereiken we, de volgende resultaten per thema: Kansrijk opgroeien: 1. Bij het zelf regie voeren op gezond zwanger worden is bewust zijn van een kinderwens de eerste stap. In 2027 is 30% van de jongere inwoners in de vruchtbare periode bekend met het belang van de vraag ‘wil ik binnen een jaar zwanger worden?’. 2. Digitale middelen zijn een belangrijk hulpmiddel voor ouders en verzorgers om bewust gezonde keuzes te maken in de opvoeding. In 2027 maken ouders/verzorgers vaker gebruik van digitale middelen die de GGD samen met partners aanbiedt voor het vinden van betrouwbare informatie over kansrijk opgroeien, opvoedondersteuning en passende professionele hulp. Dat resulteert in een meetbare toename van 20% gebruik van digitale middelen ten opzichte van 2026. Gezonde leefomgeving: 3. Partners in de gezonde leefomgeving kunnen zelf ook veel doen om gezondheid nog beter te borgen in de gezonde leefomgeving. Op basis van de verdieping uit hoofdstuk 1.1 bepalen we concrete stappen die gemeenten, omgevingsdiensten en inwoners zelf kunnen zetten om hieraan bij te dragen. Mentale veerkracht: 4. In de eerste gemeenten die gestart zijn met de basisinfrastructuur volgens het AZWA, zijn we in de netwerken een pilot gestart om de preventieve activiteiten gericht op het versterken van de mentale veerkracht van (jonge) inwoners te borgen.

Zodat losse initiatieven gekoppeld zijn aan de AZWAbeweging en daarmee versterkt worden.

Een gezond, veilig en gelukkig West-Brabant

4

Iedereen verschillend, allemaal gelijk We zijn allemaal anders, maar willen uiteindelijk allemaal hetzelfde: gezond opgroeien en oud worden. Dat moet écht voor iedereen mogelijk zijn. Wij maken ons sterk voor iedereen in kwetsbare situaties. In 2030 is er ruimte voor inwoners die extra aandacht nodig hebben om gezond gewoon te maken. Zij ervaren een netwerk dat hen helpt met passend aanbod waarin zij actief meedenken.

In 2027 bereiken we, per thema, de volgende resultaten: Kansrijk opgroeien: 1. Kinderen in gezinnen in kwetsbare situaties krijgen ondersteuning die zij nodig hebben. Dit varieert van normaliseren van gedrag en uitdagingen, tot laagdrempelige ondersteuning of noodzakelijke zorg. Partners en de GGD werken hierin nauw samen. Vanaf 2027 zijn er langjarige afspraken om dit goed te borgen. Gezonde leefomgeving: 2. In ten minste 15 wijken die achterblijven qua gezondheid hebben we met inwoners en partners concrete maatregelen afgesproken om een gezonde leefomgeving te creëren, o.a. op het vlak van woonomgeving, mobiliteit en gebouwen. Denk hierbij een rookvrije omgeving, nadruk op gezonde mobiliteit en een prettig binnenklimaat. Mentale veerkracht: 3. Het is belangrijk dat interventies om mentale veerkracht te versterken goed aansluiten op de leefwereld van jongeren en ouderen. In 2027 creëren we met inwoners, vanuit groepen in kwetsbare situaties, eerste interventies. We bouwen voort op bewezen methodieken zoals spiegelgesprekken, design thinking en werken samen in het netwerk met experts. 4. Samen met gemeenten creëren we een goed afwegingskader voor inzet van bewezen effectieve programma’s. We sluiten aan op de landelijke ontwikkeling van het investeringsmodel voor preventie, maar wachten hier niet op.

Daarnaast maken we samen met gemeenten afspraken over hoe we deze programma’s vanaf 2028 kunnen implementeren.

Een gezond, veilig en gelukkig West-Brabant

5

Overal om ons heen, binnen en buiten Gezond leven start met een omgeving die daarop is ingericht. Daarom zetten we gezondheid en veiligheid altijd voorop: zowel binnen als buiten, offline en online. In 2030 ervaren inwoners dat gezondheid is meegewogen in besluiten over de fysieke leefomgeving. Zij worden actief betrokken en benutten betrouwbare informatie. Dat gaat over nieuwe woonwijken, maar ook over bestaande situaties met bekende gezondheidsrisico’s. Inwoners en partners zijn actief met elkaar in gesprek over het verkleinen van risico’s en het vergroten van de kansen. Ook in de digitale omgeving.

In 2027 bereiken we de volgende resultaten per thema: Kansrijk opgroeien: 1. We integreren het onderwerp omgevingsbewustzijn en leefomgeving in de jeugdgezondheidszorg. Gezonde leefomgeving: 2. Met gemeenten is er een eerste pilot gerealiseerd in 4 wijken met aantoonbare gezondheidsrisico’s om deze risico’s te verlagen en om gezondheidskansen te vergroten. Mentale veerkracht: 3. Met minimaal een derde van de gemeenten maken we afspraken over hoe de gezonde leefomgeving lokaal zo kan worden ingericht dat het de mentale veerkracht van inwoners versterkt. Denk aan een omgeving die uitnodigt tot wandelen in de natuur, ontmoeting tussen inwoners stimuleert en (sociale) veiligheid biedt.

Een gezond, veilig en gelukkig West-Brabant

6

2. De aantrekkelijke werkgever Om onze ambities en maatschappelijke opdracht waar te maken zijn betrokken, deskundige en wendbare professionals essentieel. Aantrekkelijk werkgeverschap vraagt om een actieve aanpak om collega’s aan te trekken, zich te laten ontwikkelen en te behouden. We begeleiden collega’s goed bij de veranderende maatschappij en dienstverlening. De organisatie moet zich continu ontwikkelen om modern te blijven binnen gezonde financiële kaders. Onze doelen zijn ambitieus, omdat ‘goed’ niet langer ‘goed genoeg’ is.

In 2027 zetten we essentiële stappen om de volgende resultaten te bereiken: a) We organiseren structureel medewerkersbelevingsonderzoek (MBO) waarin we actief vragen naar werk-privé balans en in welke mate collega’s met plezier en trots bij de GGD’en werken. In 2027 zien we een stijging van de tevredenheid ten opzichte van het onderzoek in 2025. b) Er is een participatieve samenwerking met de verschillende medezeggenschapsorganen. c) Iedere medewerker heeft toegang tot het leermanagementsysteem met diverse vormen van deskundigheidsbevordering. d) Met alle vertrekkende collega’s is een exitgesprek gevoerd. In dit gesprek wordt expliciet gevraagd naar ambassadeurschap: zou je de GGD aanbevelen als werkgever? We streven naar een score van 80% of hoger. e) Er is een plan van aanpak opgesteld voor reductie van reisbewegingen en reductie van afvalstromen binnen de organisatie. f) We zijn en blijven financieel gezond. Er is een opzet gemaakt voor de meerjarenbegroting passend bij het beleidsplan 2027-2030 en is er sprake van een structureel sluitende exploitatie.

Een gezond, veilig en gelukkig West-Brabant

7

3. Financiën en ontwikkelingen 3.1 Ontwikkelingen Bezuinigingsopgave ‘Trapje op, trapje af’ Met het oog op de toenemende financiële uitdagingen bij gemeenten en de aangekondigde bezuinigingen vanuit het Rijk, staan wij als Gemeenschappelijke Regeling voor een belangrijke opgave. In lijn met het principe “Trapje op, trapje af” hebben wij deze bestuurlijke opdracht tot bezuinigingen verwerkt in onze begroting voor 2026. Dit betekent een structurele taakstelling van 4%. Wij verwachten in 2026 en uiterlijk in 2027 volledige invulling te hebben gegeven aan deze bezuinigingen. Deze aanpak vraagt om zorgvuldige keuzes, waarbij wij blijven streven naar het behoud van kwaliteit en continuïteit van onze dienstverlening.

Overheveling specifieke GGD SPUK-regelingen naar gemeenten In het landelijk regeerakkoord van 2024 was opgenomen dat specifieke uitkeringen worden overgeheveld naar het gemeentefonds met toepassing van een budgetkorting van 10 procent. Als GGD hebben wij een aantal van dergelijke regelingen. Mochten deze uitkeringen in 2027 daadwerkelijk worden overgeheveld naar het gemeentefonds, dan vertalen we dit naar de gemeentelijke bijdrage in lijn met de wet gemeenschappelijke regelingen. Gemeenten worden voor deze toevoegingen gecompenseerd via het gemeentefonds. Relevante SPUK-regelingen waarbij de GGD substantiële uitkeringen ontvangt, zijn de ASG- en Prep-regeling, Versterking Infectieziektenbestrijding en Pandemische Paraatheid (VIP) en Covid19 vaccinatie.

Regionaal Actieplan Suïcidepreventie In 2026 treedt naar verwachting de Wet integrale suïcidepreventie in werking, waarmee gemeenten een wettelijke taak krijgen voor integraal beleid op dit thema. In West-Brabant is hiervoor een Regionaal Actieplan Suïcidepreventie opgesteld, in samenwerking met zestien regiogemeenten en partners. De bestuurlijke opdracht voor 2026 omvat het verder uitwerken van dit actieplan in een uitvoeringsagenda, waarbij samenwerking en kennisdeling centraal staan. Hoewel het Rijk vanaf 2026 middelen beschikbaar stelt via het gemeentefonds, is nog niet duidelijk of deze structureel toereikend zijn voor de regionale aanpak. Indien de uitvoering van suïcidepreventie structureel bij de GGD wordt belegd, kan dit leiden tot een begrotingswijziging om de benodigde middelen te borgen. Hierover vindt in 2026 eerst een onderzoek plaats, waarna besluitvorming volgt.

Aanpassingen contactschema Rijksvaccinatieprogramma Als gevolg van de aanpassingen in het vaccinatieschema van het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) maken wij extra kosten. Hiervoor is in 2025 in het gemeentefonds incidenteel een extra bedrag toegevoegd ter overbrugging van schommelingen in de implementatie van deze schemawijzigingen. In de kaderbrief 2026 zijn de wijzigingen als PM post opgenomen en dat dit nog kan leiden tot aanpassing in de gemeentelijke bijdragen afhankelijk van de afspraken die het bestuur hierover maakt. Het aan onze deelnemende gemeenten hiervoor beschikbaar gestelde bedrag vanuit het Gemeentefonds in 2025

Een gezond, veilig en gelukkig West-Brabant

8

bedraagt € 89.666. Dit bedrag is als eenmalige bijdrage toegevoegd aan de gemeentelijke bijdragen in de kaderbrief 2027.

Ontwikkelingen en toevoegingen gemeentefonds: maternale griep en rotavaccinatie a) Rijksvaccinatieprogramma schemawijzigingen Met de wijziging van het Besluit publieke gezondheid worden drie vaccinaties officieel toegevoegd aan het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). Het gaat om de vaccinatie van kinderen tegen het rotavirus en tegen het respiratoir syncytieel virus (RSV) en van zwangere vrouwen tegen griep. Deze drie vaccinaties worden al uitgevoerd door de GGD en nu nog rechtstreeks bekostigd door het RIVM. Er vindt een kostprijsonderzoek plaats om de financiering van maternale griep en rotavaccinatie per 2027 over te hevelen naar het gemeentefonds. Voor het RS-virus is beoogd om deze overheveling naar gemeenten te laten plaatsvinden met ingang van 1 januari 2028. Wij vertalen deze uitkering aan het gemeentefonds naar een bijdrage per inwoner. b) Toezicht gastouderopvang De Eerste Kamer heeft ingestemd met een aanpassing van de Wet Kinderopvang om de kwaliteit van gastouderopvang beter te waarborgen. De nieuwe kwaliteitseisen gaan gelden vanaf 1 juli 2026 (naast enkele kleinere wijzigingen die ingaan per 1 januari 2026). De wetswijziging leidt tot meerkosten voor toezicht en handhaving op de gastouderopvang. In de Voorjaarsnota 2024 zijn hiervoor financiële middelen gereserveerd.

Deze middelen worden nu toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds en kunnen worden aangewend voor het aanpassen van het toezicht en handhaving in voorbereiding op de nieuwe kwaliteitseisen, bijvoorbeeld voor training/scholing van inspecteurs. Ook kunnen de middelen worden ingezet voor structurele uitbreiding van de duur van een inspectie bij een voorziening voor gastouderopvang en bij een gastouderbureau. Het gaat om € 1,4 miljoen in 2026, € 2,2 miljoen in 2027 en 2028 en daarna aflopend naar € 1,8 miljoen in 2029 en structureel € 1,7 miljoen vanaf 2030. De reeks kent een incidentele component die is bedoeld voor de uitbreiding van de duur van het eerste inspectiebezoek na invoering van de nieuwe kwaliteitseisen. Wat dit per gemeente in onze regio betekent voor de komende jaren werken wij de komende periode nader uit. Mogelijk leidt dit tot een begrotingswijziging in 2026.

Aanpassing WMO In het Algemeen Bestuur van 3 juli 2025 is het besluit genomen om de bezuiniging op de WMO van €50.000, onderdeel van de bestuurlijke bezuinigingsopdracht ‘Trapje op, trapje af’, niet door te zetten maar aan te houden. Doordat het voorstel in de beleidsbegroting 2026 reeds was verwerkt is het besluit genomen om dit te corrigeren bij de beleidsbegroting 2027.

WKO-inspecties In de vergadering van het algemeen bestuur op 3 juli is besloten om de uitvoering van WKO-inspecties te financieren vanuit de gemeentelijke bijdrage als onderdeel van het bezuinigingstraject (trapje op trapje af). Dit besluit heeft geleid tot een efficiëntere inrichting van het administratieve proces, wat een besparing op heeft geleverd van €110.000 op basis van de verwachte opbrengsten met peildatum 2024. De GGD past de gemeentelijke bijdrage voor het nieuwe beleidsbegrotingsjaar aan op basis van het gemiddelde van de afgelopen drie boekjaren. Hierdoor is een lichte daling te zien in de opbrengsten WKO-inspecties voor 2027. Omdat de afgenomen producten voor 2025 zijn gebaseerd op een schatting,

Een gezond, veilig en gelukkig West-Brabant

9

kan de verdeling over de gemeenten in de beleidsbegroting 2025 enigszins afwijken door het herrekende gemiddelde op basis van de werkelijke realisatie. Als gevolg van een verwachte stijging van het aantal af te nemen producten in combinatie met de berekeningssystematiek op basis van gemiddelden (3 jaar) zal de gemeentelijke bijdragen in de komende jaren een stijging laten zien.

Teruggave indexatie De gehanteerde indexatie van 3,31% (beleidsbegroting 2026) – conform de afgesproken systematiek – valt voor het looncomponent structureel hoger uit dan de feitelijke loonontwikkeling op basis van de meest recente CAO-afspraken. Dit resulteert in een structureel voordeel van €447.000. Binnen de systematiek van de Gemeenschappelijke Regeling betekent dit een structurele teruggave aan de deelnemers, passend bij transparante en rechtvaardige financiële verantwoording.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16941419/1