2025-07-01 Transcript Gemeente Altena Gemeenteraad
Tekst van het document
En dat is ook gebaseerd op eigenlijk een meerjarenbegrotingsplan wat door de gemeente is opgesteld, zou het voorlopig 20.000 euro moeten zijn jaarlijks om het voortbestaan van de kinderboerderij te kunnen waarborgen. Dus wat ons betreft moeten we gewoon zeggen, meerjarig nemen we 20.000 euro op in de begroting. Is het voortbestaan in ieder geval voor die jaren gewaarborgd. In die tijd gaan we nog met elkaar in gesprek om uiteindelijk een duurzame oplossing te bedenken voor de langere termijn. Misschien een klein zijstapje. Ik zat van de week zomaar even te Googelen op dit onderwerp. Kwam ik op de website van de stad Gorinchem terecht, waar ze ook een kinderboerderij hebben. Misschien niet helemaal te vergelijken met hoe het in Werkendam is, maar wel in grote lijnen. Daar krijgen ze jaarlijks een bedrag van 115.000 euro en daar is dit jaar en volgend jaar nog een extra subsidiebedrag van 75.000 euro uitgetrokken. Gaat dus om iets grotere bedragen dan bij ons. Dit jaar staat er bij ons nog 15.000 euro in de begroting, volgend jaar 10. Dus het is ook niet dat wij 20 extra vragen, het is een kleine aanvulling daarop. Dus wat ons betreft, niet moeilijk doen. Gewoon voor de komende jaren dit bedrag uittrekken. Geen omwegen gaan zoeken, gewoon dit bedrag. En dan met elkaar in gesprek over lange termijnoplossing. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Timmermans.
De heer Timmermans: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, de VVA zit daar wel iets genuanceerder in, ook al zien wij de meerwaarde wel van een kinderboerderij. Er zijn in den lande ook voldoende kinderboerderijen die ook gewoon kunnen draaien zonder zoveel subsidie op te slurpen. Ik vind het ook een beetje voorbarig om daarin een kinderboerderij uit Gorinchem te noemen, die dan in één keer boven de ton ergens uitkomt. Dan is er iets fors mis met de begroting van Gorinchem, denk ik. Gelukkig zitten we aan deze kant van het water, voorzitter en kunnen we nog helder nadenken, dacht ik. Maar ik hoor, minder ambtenaren. Daar komen we dadelijk op terug, mijnheer Den Haan. Het ja, ik wel. Voorzitter, het punt is wel duidelijk dat we op zich wel de meerwaarde onderschrijven, maar subsidies zijn wij gewoon altijd heel kritisch op. En vinden eigenlijk elke vorm van subsidie vinden wij toch wel inzoomwaardig, zal ik het maar noemen om daar eens goed op in te zoomen of het wel goed is. En het was al bekend bij het bestuur dat het afgebouwd zou worden. Dus wat dat betreft kan ik me wel in die lijn vinden. Hetzij dat er andere potjes eventueel gevonden kunnen worden, dan kan ik me er ook bij in vinden. Maar het zou mij een structurele sluitendheid geven als de vereniging zelf tot financiële sluiting komt, dus bijvoorbeeld om entreegeld te vragen.
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Timmermans. Mijnheer Kolff. De heer Kolff: Dank, voorzitter. Wij twijfelen absoluut niet aan de hoedanigheid van de, van deze kinderboerderij van, in Werkendam, dat heel veel goede dingen doet. We zijn er een keer op bezoek geweest, voor twee weken geleden volgens mij ook al verteld. Ze zijn al een keer in wezen spreken in Altenaronde, als ik het goed heb. Mijn voorganger, de heer Timmermans, die haalde het ook eigenlijk al aan. Er is een heel mooi beleid, heel veel activiteiten maar financieel-technisch qua inkomsten hebben ze eigenlijk geen idee hoe dat dan moet. Kijk, subsidie geven is heel mooi. We hebben heel mooi, heel veel partijen natuurlijk die subsidie willen hebben in onze gemeente. Financieel inkomsten gezien, entree, dat daar zo vaak op bezoek komt. Dat is allemaal denk ik heel mooi. Maar als daar geen financiële geld aan zit, dan is het allemaal heel mooi, maar dan moet de gemeente moet het overeind houden. Dus ik kan me voor met de heer Timmermans een heel eind vinden. We laten het niet failliet gaan, laat ik het zo maar zeggen. Maar ze moeten zelf ook meer initiatief tonen om entreegeld of gelden binnen te halen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kolff. Mevrouw Schermers. Mevrouw Schermers-van Elderen: Voorzitter, ik vind een geitenpaadje bewandelen voor een kinderboerderij nu wel een mooie woordspeling.
Dus ik dacht, mijnheer Roovers, als dat het geitenpaadje is? Alleen, ik denk ook wel dat er inderdaad wel een stuk je verantwoordelijkheid ligt bij de Floreffehoeve zelf als zij inderdaad en dat weet ik, deze doelgroep regelmatig ook begeleiden en daar de mensen voor hebben, dan zouden zij natuurlijk ook gewoon vrij zijn om zelf het initiatief te nemen en in gesprek te gaan met de gemeente. Om te kijken, kunnen mensen wellicht met, in de vorm van een pgb gebruikmaken van de kinderboerderij als voorziening. Dus ik zie daar ook nog wel mogelijkheden dat ze dat eventueel zelf zouden kunnen gaan doen. We willen even het antwoord van de wethouder ook afwachten, hoe dat die daar in staat. En met betrekking tot de motie van de SGP om het dan gewoon standaard te doen. Dat nemen we ook even mee in onze schorsing om daar vervolgens een mening over te hebben. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Schermers. Mijnheer Den Haan. De heer Den Haan: Dank je wel, voorzitter. Dat heb je als mevrouw Schermers voor je zit en je wil een geintje maken over een geitenpaadje, heeft ze het alweer gedaan. Nee, nee, precies. Nee, nee. Voorzitter. Ik zal het in die zin kort houden om niet ook van die vergadering van enkele weken terug te hebben. Maar wat ons betreft is het ook geen discussie over mogelijk als het gaat over de Floreffehoeve, hoe belangrijk zij in vele opzichten
zijn en een belangrijke voorziening in Altena. Maar goed, dan gaat het altijd, vroeg of laat gaat het over geld, ook nu. Dan hebben zij een en ik denk dat ik mag zeggen, hij zit in de zaal als voorzitter volgens mij of, dat is de heer Potters. Die verstaat dan de kunst om een soort anker in je rug te slaan en dat niet meer los te laten, om vervolgens je met de haren erbij te betrekken, hoe de situatie is. Maar goed, het gaat dan uiteindelijk om het geld. En de vraag is, hoeveel, wat is verantwoord, wat kunnen we uitgeven, wat willen we al, wat doen we al? Hoe verhoudt zich dat wellicht ook met en dat heb ik al eerder gehoord, vergelijkbare voorzieningen waar inwoners samenkomen. Wat kunnen we nog meer doen in wederkerigheid en hoe moeten we omgaan met beide moties? Als we kijken naar de moties dan zeggen wij, de motie van het CDA die vinden we vooral als het gaat over die brede integrale kijk, een prima insteek. Ik hoorde net de heer Kolf daar een opmerking over maken, maar wij vinden het juist wel heel prettig om die brede kijk te gaan maken om te kijken, of er eventueel wel entree ge… je entree kunt heffen. Of dat je breed kunt gaan kijken naar, wat zijn de mogelijkheden met SOVAK of binnen de Wmo om te kijken met scholen, als het over educatie gaat of dat er eventueel gelden van zijn. Dus wij hebben daar hele positieve gevoelens over.
Dat is eigenlijk ook met de motie van de SGP, want hij is een beetje dubbel. Dan bedoel ik dubbel, voorzitter als het gaat over ergens toen een motie van weledelgestrenge mevrouw Van der Tol was. Toen waren jullie volgens mij nog tegen, maar nu dan voor het geven van 20.000 euro of verstrekken daarvan. Maar wij durven dat ook best aan om deze voorziening zo in die zin op te laten graden en toekomstbestendig te laten zijn. Ik heb, voorzitter tot slot een paar vragen aan de portefeuillehouder. Dus misschien dat zij nog even wat enige duiding kan geven in, wat doen we al, wat deden we al? Hoe ziet u die toekomst van de Floreffehoeve? En wat kunnen we eventueel nog meer samen doen? En dan gaan wij als fractie ons beraden hoe we daarmee omgaan. De voorzitter: Dank u wel. Dan mogen de indieners van de moties mogen reageren op de inbreng van anderen. Als eerste CDA en PA. Wie als eerste? Mevrouw Hofstede, u krijgt het woord. Mevrouw Hofstede: Dank u wel, voorzitter. Ik wil in ieder geval even reageren op de inbreng van de VVD. Ik kreeg een beetje de indruk dat daar de, het gevoel is dat ze zelf weinig doen. Ik weet niet of dat u de website wel eens heeft bekeken, maar als je daar kijkt onder het tabblad sponsoren dan zie je een hele lijst met sponsoren staan. Als zij bijvoorbeeld ook vervoer, maken ze gebruik van, cofinanciering. Er worden collectes gehouden. U weet waar ik woon.
Aan de dijk is vaak voor collectanten niet een meest favoriete plek om langs de deur te gaan, maar ook daar zijn ze geweest. Dus ik denk dat de kinderboerderij echt zijn best doet om eigen financiële middelen binnen te halen. Verder zijn wij geen voorstander van om entreegeld te gaan heffen, omdat we het juist een hele mooie voorziening vinden die voor iedereen toegankelijk is, ongeacht je portemonnee. Wat dat betreft, dat is ook de reden dat wij samen met het CDA ook die motie hebben ingediend van, laten we dan eerst in ieder geval eens kijken van, wat kunnen we samen met de kinderboerderij doen om toch hen te ondersteunen om de financiën wat op te krikken? En wat ons betreft is de tweede stap, willen we graag openhouden van, mocht dat niet voldoende opleveren, is het dan nodig om die subsidie wellicht iets op te krikken? Maar wat ons betreft eerst de ene stap en dan de volgende stap. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Hofstede. Mijnheer Roovers. De heer Roovers: Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Hofstede heeft het natuurlijk prima verwoord. Ook wij hadden niet de indruk dat bestuur van de Floreffehoeve op de handen zat. Zeker niet, dat ze eigenlijk ook wel alles in het werk stellen om extra geld te genereren. En, voorzitter wij het ook onderdeel uit laten maken van onze motie.
Want daar staat uitdrukkelijk ook bij in het punt twee, dat wij ook aan de Floreffehoeve een inzet vragen. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer De Raad, SGP.
De heer De Raad: Dank, voorzitter. Misschien een korte enkele reactie op een aantal partijen. AltenaLokaal, motie Pauline van der Tol, PvdT, u heeft inderdaad gelijk. Maar ook wij als fractie zijn lerende en toen was de tijd misschien nog niet rijp en nu inmiddels wel voor ons. Dus daarom deze motie voor nu. VVD, niet failliet laten gaan. Ik ben wel even op zoek uit uw betoog, wat wilt u dan wel zeg maar? U vraagt stukje wederkerigheid. Dat ben ik helemaal met u eens. Volgens ons op basis van de info die wij hebben, zit dat er ook zeker wel in. Doet, wordt er vanuit Floreffehoeve ook voldoende gedaan om geld binnen te halen. Kan altijd meer. Maar wat ons betreft moet het ook niet per se te zijn dat er entreegeld geheft gaat worden, of geheven gaat worden, gezien alle rollen die ze als kinderboerderij hebben. CU over eventueel meegaan in standaard subsidie. Wat ons betreft wel en dat hoop ik dat dat wel is overkomen is niet zozeer, dat wij nu voor lange termijn die 20.000 euro willen geven, maar wel voor de komende jaren om in ieder geval voor nu het voortbestaan te kunnen waarborgen. En daarna moet er wel een gesprek plaatsvinden tussen gemeente en de kinderboerderij om uiteindelijk een duurzame oplossing te gaan bedenken met elkaar. En dat is ook denk ik waar onze motie nog iets anders in zit, dan die van het CDA. Het CDA roept vooral op en met samen PA tot een onderzoek.
Onderzoek kost tijd, kost ook geld. Daarom zeggen wij voor nu, laten we voor nu gewoon die 20.000 euro reserveren en beschikbaar stellen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer De Raad. Gaan we naar het college, portefeuillehouder Van Ooijen. Mevrouw Van Ooijen: Reactie van het college op beide moties. Laat ik met de eerste beginnen. Dank aan de indieners van deze motie en hun betrokkenheid bij de Floreffehoeve. Een voorziening die ook zoals het in de motie verwoord is, al jarenlang een vertrouwde en gewaardeerde plek is in onze gemeente. Nog een correctie. De Floreffehoeve organiseert overigens zelf niet de dagbesteding, maar verhuurt haar locatie aan SOVAK en SOVAK ontvangt de betaling voor de indicatie dagbesteding. De motie die hier voorligt, vraagt om in gesprek te gaan met de Floreffehoeve en te onderzoeken of er alternatieve vormen van financiële ondersteuning mogelijk zijn. Bijvoorbeeld via een dienstverleningsovereenkomst voor maatschappelijke inzet, zoals dagbesteding of educatie. Het college kan de intentie achter deze, achter dit voorstel, achter deze motie goed begrijpen. Het zoeken naar maatwerk binnen de ruimte die er is. De mogelijkheid zou eventueel kunnen liggen bijvoorbeeld in een locatie voor de niet-geïndiceerde dagbesteding.
Voorzitter, het college ziet in deze motie de oproep om in gesprek te gaan met de kinderboerderij en te bespreken hoe we hen kunnen verstevigen. En te zoeken naar andere financiële mogelijkheden. Het meedenken, meezoeken en wellicht nog meer creatieve kansen in beeld brengen, zien wij ook als een taak voor ons om hen daarin bij te staan. En college kan daarom ook uitvoering geven aan deze eerste motie. De tweede motie van de SGP. Die gaat dan een stapje verder, door het college op te roepen om structureel voor hoelang 20.000 euro per jaar als subsidie op te nemen in de begroting. Laat ik duidelijk zijn. Het maatschappelijk belang van de Floreffehoeve wordt door het college zeer zeker onderkend. Wij onderkennen de sociale inclusieve waarde van deze voorziening en we hebben de Floreffehoeve daarom in de afgelopen jaren ook al extra ondersteund. In de jaren 2022, 2023 en 2024 heeft de Floreffehoeve in totaal 120.000 euro gekregen en die extra subsidie was gedeeltelijk specifiek bedoeld voor het onderhoud. De afgelopen jaren heeft de kinderboerderij hiermee ook kunnen investeren in het toekomstige, toekomstbestendig worden en veel zaken zijn met die extra impuls opgepakt en gerealiseerd. Dus vooral om het onderhoud stapsgewijs verder vorm te geven.
In 2025 en mijnheer De Raad refereerde er al aan, wordt die subsidie stapsgewijs teruggebracht, 20.000 euro in 2025, 2026 15.000 euro en 2027 10.000 euro. En voor de jaren daarna hebben we als college daar nog geen besluit over genomen. En dan tot slot, voorzitter, elk initiatief beoordelen wij op doel en bereik en leggen we langs ons vastgestelde beleidskader. Zo ook een eventuele aanvullende subsidie voor de Floreffehoeve. We hebben nu geen specifiek plan om een ophoging van de subsidie kunnen beoordelen. En u begrijpt dat wij graag meedenken, meehelpen en op een nodige creatieve mogelijkheden voor de Floreffehoeve verder willen onderzoeken. Maar dan wel wat ons
betreft, volgens de subsidieregels die door uw raad zijn vastgesteld. Daarom ontraadt de, het college deze motie om zonder meetbare onderbouwing extra subsidie te geven. De voorzitter: Dank u wel, portefeuillehouder Van Ooijen. Gaan we naar de tweede termijn. En als laatste krijgen de indieners wat mij betreft het woord. Mijnheer Timmermans. De heer Timmermans: Voorzitter, we gaan ons dadelijk wel even beraden in de pauze of in aan het eind, welke motie dat we gaan steunen. Maar ik vond wel om de opmerking nog even te maken richting de sponsoren. Er staan 60, ruim 60 sponsoren op de website van de kinderboerderij. Maar de gemeente Altena staat er niet bij, dus op een of andere manier zijn we toch te kleine sponsor, denk ik. De voorzitter: Subsidiegever is geen sponsor. Mijnheer De Raad. De heer De Raad: Ik heb eigenlijk nog een vraag aan de portefeuillehouder, want er is door een gemeente eigenlijk een meerjarenonderhoudsprogramma opgesteld. Volgens mij als ik me goed kan herinneren loopt dat tot 2040 voor de kinderboerderij. Daar is dit bedrag van die 20.000 euro uitgekomen. En nu wordt er eigenlijk gesteld van die 20.000 euro kunnen we niet beschikbaar stellen, want er zit geen rapport of geen plan onder. Hoe verhoudt zich dat met elkaar? Kunt u dat nog wat meer duiden? De voorzitter: Mijnheer Den Haan.
Ja, vraag aan het college, maar het college krijgt straks pas weer de kans dus. Nu eerst u. De heer Den Haan: Ik wilde nog even reageren. Ik was niet snel genoeg op mevrouw Hofstede, want toen ging het over entreegelden. En ik, laat er nu geen misverstand over bestaan dat ik pleit voor entreegelden. Wat ik daarbij bedoelde was, dat de diverse doelgroepen die daar komen en dat past een beetje in het verhaal van of een beetje, past heel erg in het verhaal van de motie van het CDA en wat de heer Roovers vertelde. Dat was om als college ook mee te kijken naar groepen die daar komen om daar dan ook wat geld uit te halen. Dat bedoelde ik dus met entreegelden, dus laat er geen misverstand over bestaan. Dank je wel. De voorzitter: Anderen nog tweede termijn? De indieners nog? Dan het college nog, portefeuillehouder Van … Ja? Dan mag u nog even interrumperen op het college. Mevrouw Van Ooijen: Dank u wel. Het meerjarenonderhoudsplan hebben we samen met de kinderboerderij opgesteld, niet wij als gemeente in ons eentje. Die loopt van 2021 tot en met 2030, 2021 was de subsidie aan de kinderboerderij beneden nog minder dan 10.000 euro. Na het vaststellen van het meerjarenonderhoudsplan dank u wel, hebben we die extra impuls in de jaren 2022, 2023, 2024 gegeven om dat meerjarenonderhoudsplan verder vorm te geven. Het loopt dus nog tot de jaren 2030.
Dus oh, ik heb een ander document voor dit … De voorzitter: Vanaf de tribune mag er niet gereageerd worden. Mijnheer Potters, dat weet u ook. Mevrouw Van Ooijen: Ik heb een document waar 2030 op staat voor 10 jaar dus. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Nog een reactie, mijnheer De Raad? Bij interruptie. De heer De Raad: Misschien niet echt een interruptie, voorzitter. Kijk, het meerjarenonderhoudsprogramma 2030 of 2040 wat het dan ook mag zijn, wat van belang is volgens mij is dat het betaalbaar is. Daar staan we hier uiteindelijk voor met elkaar. Ik hoor wat verschillen in vanuit de verschillende fracties over de beide
moties. Wat ik belangrijk vind is dat we ergens tot een gezamenlijk iets komen met elkaar, niet dat we dadelijk twee moties hebben die het allebei niet halen. Dus wellicht is het goed dat we in schorsing elkaar even opzoeken om te kijken, hoe we tot een gezamenlijke motie kunnen komen, wat mij betreft. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer De Raad. Gaan we door naar agendapunt 3.6 De historische graven. Mijnheer Versluis. De heer Versluis: Historische graven. Twee weken geleden heb ik hem eigenlijk al uitgebreid ingeleid, waarom dat wij dit zo belangrijk vinden om in ieder geval de aandacht voor historische graven in stand te houden. Dus om daar niet op te gaan bezuinigen, wat wel het voorstel van het college is. We hebben daar ook verschillende argumenten voor gegeven. Trouwens voor opgemerkt, deze motie wordt mede ingediend door het CDA. Goed, er is in 2020 een beheersplan opgesteld waarin aandacht gevraagd is voor de historische graven. En daar hebben we met elkaar ja op gezegd en het begin is gemaakt. We hebben een hele uitgebreide inventarisatie inmiddels gekregen. Heel interessant om te zien. Dat zou natuurlijk wel heel erg jammer zijn om dan nu te stoppen. Je hebt de inventarisatie, je hebt het grote voorwerk gedaan en er dan niets meer mee te doen. Dat vinden we als SGP en CDA een hele slechte gedachte.
We willen gewoon, de gedachte blijft daaromheen, maar ook straks richting uitvoering willen we voortzetten. Daarom willen wij die 20.000 euro niet bezuinigen, maar die in de toekomst gebruiken voor beleid en uitvoering. Ik kreeg net bij het begin van de vergadering nog iets van de heer Vos van het CDA in mijn handen gestoken. En funeraire wandeling als ik het goed zeg, funeraire wandeling waarbij, dit is dan een voorbeeld uit Bergen op Zoom. Heel interessant om te lezen, maar ik heb iets onderstreept. En er staat, een historische wandelroute langs monumentale graven op de oude begraafplaats. Die vertelt het verhaal van de Bergenaren, die veel betekend hebben voor de stad. En dan gaat het zo verder. En wat zou het mooi zijn als we voor Bergenaren, Altenaren in kunnen vullen en om ook in ieder geval ook binnen Altena aandacht te blijven houden en dat extra te onderstrepen, als het gaat om de historische graven. Ik hoop dat u dat ook ondersteunt. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Versluis. Mevrouw Maris. Mevrouw Maris: Dank u wel, voorzitter, ik was wel vast gaan staan. Dank u wel, collega SGP voor het indienen van deze motie. Het is inderdaad zoals u zegt, we zien een toenemende belangstelling van bezoekers en inwoners voor de eigen lokale geschiedenis. En begraafplaatsen die zijn daar ook een belangrijke plek voor.
Niet alleen de personen die daar liggen, maar natuurlijk ook de uitingen en de materialen die daar worden gebruikt. Dus daar staan wij zeker ook achter, dat dat een heel belangrijk en waardevol erfgoed is. We vinden dat dus inderdaad in historisch opzicht, ook in educatieve waarde. Dat zegt u ook in uw motie. Wij willen dat ook heel graag behouden, maar wij vinden het heel belangrijk dat je het kan behouden alleen maar met beleid. Beleid is onmisbaar, criteria aanleggen waarom je wat houdt en wat niet. Inventarisatie die is er, dat is prachtig, maar zonder beleid kun je dat dus niet behouden met elkaar. Het enige probleem waar wij tegenaan lopen met deze motie is, dat je natuurlijk niet elk jaar opnieuw beleid hoeft te maken. Je kunt nu zeggen, we hebben nu 20.000 euro voor nieuw beleid. Dat beleid maken we in het komend jaar en daarna komt er een uitvoeringsprogramma, waarin je dus de gevolgen en de consequenties van het beleid vastlegt wat je gaat doen, wat je daadwerkelijk gaat doen en welke kosten je dan ook maakt. Mochten er uit dat beleid en uit het uitvoeringsprogramma dan kosten voortkomen dat die noodzakelijk zijn, dan is eigenlijk de gebruikelijke weg volgens ons dat de college, het college bij ons terugkomt met een budgetvraag. Dus we zouden, in die zin kan ik met u meegaan. Beleid? Ja, eenmalig. Namelijk komend jaar 20.000 euro.
En voor de rest ben ik benieuwd wat het college daarvan vindt, dat je dan eigenlijk met een uitvoeringsprogramma moet langskomen bij ons. ‘…’.
De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Maris. Gaan we naar mijnheer Vos, CDA. De heer Vos: Kleine toelichting, voorzitter. De heer Versluis heeft het heel goed verwoord. We spreken over funeraire erfgoed en dat is ons stenen archief en daar wilde ik het eigenlijk bij houden. Dat moeten we behouden. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Vos. Mijnheer Nieuwenhuizen, ChristenUnie. De heer Nieuwenhuizen: Dank u wel, voorzitter. Als ChristenUnie hechten wij ook aan de waarde van historische graven. Het staat ook in onze beheerverordening volgens mij, dat het college een lijst bijhoudt van historische, van graven die van historische betekenis zijn of waarvan de grafbedekking een opvallende kwaliteit heeft. Dus of we die 20.000 euro nu uit moeten geven aan, alleen aan beleid of aan onderhoud, dat laten we graag aan het college over. En of wat ons betreft hoeft er ook geen uitgebreid beleid. Maar als er een paar criteria zijn die we hanteren bij het vaststellen of het, wat de waarde of betekenis is, dan zou dat voldoende zijn. En laten we dat dan low-profile houden. Dus wij ondersteunen deze motie van harte. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Nieuwenhuizen. Mijnheer Hoegee. De heer Hoegee: Dank, voorzitter. Wij zijn het eens met de inhoud van de motie en zullen deze ook steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Anderen nog? Mijnheer Versluis. Mijnheer Kolff, oh.
Dank, ik was even … De heer Kolff: Ik was rondlopen, voorzitter. De voorzitter: Keek niet helemaal naar rechts. De heer Kolff: Kijk, deze motie is natuurlijk erop gericht. Ik heb, we hebben vanavond de portefeuillehouder Financiën horen zeggen als we ergens geld vandaan halen, moet het ergens anders vandaan komen. Of betaal, je kunt maar één keer uitgeven. Dus een andere motie van vanavond gaat over, we gaan niet praten over de 50.000 euro. Nu komt er weer één langs van 20. Daarnet hadden we er één van 20. Het telt allemaal wel bij elkaar op, dus we kunnen het maar één keer uitgeven. Ik heb, we hebben eventjes snel een mooi initiatief getoond binnen onze partij en zeggen van, als het ergens vandaan moet komen, dan kunnen we ook die grafrechten verhogen. Dan blijft het in ieder geval waar het is en dan komt het bij de juiste plek terecht. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Versluis. De heer Versluis: Dank u wel, voorzitter. Ik loop even het rijtje af. Progressief Altena, mevrouw Maris. Mevrouw Maris heeft natuurlijk helemaal gelijk in dat je natuurlijk niet ideaal beleid moet maken, want volgens mij is het beleid ook niet zo heel ingewikkeld. Als je de inventarisatie hebt, is het een kwestie van welke ideeën heb je ermee rondom het historisch besef en de educatie? Dus het is een stukje beleid, spelregels, daar uitvoering aan geven.
Maar daarom, wij hebben ook naar aanleiding van de opmerkingen die u gaf en daar hebt u helemaal gelijk in ook vorige week, dat wij natuurlijk niet de komende jaren alleen maar die 20.000 euro aan beleid uit gaan geven. Daarom is de motie ook zodanig verwoord dat dat geld beschikbaar blijft voor beleid en uitvoering. U kent mij natuurlijk goed genoeg. Ik ben niet zo van rapport op rapport en notitie op notitie. Wat mij betreft mag het beleid gewoon overgaan in een uitvoeringsagenda van het college.
En daar ben ik het met de heer Nieuwenhuizen mee eens, dan als wij de kaders stellen wat wij belangrijk vinden, dan kan het college daarmee aan de slag. Dus zou het graag in ieder geval laag bij de grond willen houden, maar voor wat ons betreft is dat geld beschikbaar voor een stukje uitvoering en beleid. ChristenUnie, dank voor de onderstreping en de steun. Geldt ook voor AltenaLokaal, ook dank voor de steun. De VVD die gaf aan, dit kost indirect geld, want als je een bezuiniging streept, dan heb je geld nodig. Waar komt het geld vandaan? Ik zat al snel te rekenen, dat geld heb ik denk ik al. Als we de verblijfsbelasting verhogen, hebben we 120.000 euro dus dan kunnen we dit zes keer betalen. Dus dat, ik heb het antwoord al. Alleen toen kwam er nog achteraan, je zou ook de grafrechten kunnen verhogen. Volgens mij heeft dat niet direct een link met het behoud van de historische graven, dat heeft er helemaal niets mee te maken. Dit gaat om een stukje historie in stand te houden, om daar iets mee te doen en ook educatief. Dus dat heeft helemaal niets te maken met de lijkbezorgingsrechten. Maar nogmaals, ik kan u echt geruststellen. Ik heb wel een beetje de hoop, dat we eind van de avond een motie aan kunnen nemen die 120.000 euro oplevert. Dus dan kunnen we daar dit van betalen. De voorzitter: Dank u wel. We gaan luisteren naar het college.
Mevrouw Schipper-Heijmans: Voorzitter, dank u wel. In de motie wordt gevraagd om een structurele bijdrage van 20.000 euro en zoals mijnheer Versluis al zei, voor beleid, uitvoering, educatie. Het is volgens het college wel belangrijk om zicht te krijgen wat we nu eigenlijk echt belangrijk vinden. Restaureren en of educatie en of beleid vaststellen, en wat we daarvoor nodig hebben. Voor 20.000 euro kan je niet alles. Het college zou u daarom de suggestie mee willen geven om te beginnen met eigenlijk in het verlengde wat mevrouw Maris ook zei, met een beleid, beleidsregels, kaders opstellen en daarin keuzes te maken voor eenmalig 20.000 euro in 2026. En als dit beleid dan voor het eind van de bestuursperiode wordt voorgelegd, heeft u als raad in beeld wat de wensen zijn, wat de keuzes zijn, welke keuzes zijn gemaakt, al dan niet verwerkt in een uitvoeringsprogramma, maar ook welke middelen u daarvoor nodig heeft. Dat is eigenlijk een beetje wat het college aan u wil meegeven. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Schipper. Gaan we even naar een tweede termijn en de suggestie ook nog van het college. Mijnheer Versluis mag reageren, anderen ook. Mijnheer Versluis krijgt sowieso het laatste woord. Mijnheer Vos als eerste. De heer Vos: Dank u wel, voorzitter. We hebben net ook al van verschillende sprekers gehoord, dat we niet te veel aan beleid uit moeten geven.
Ik daag de wethouder ook uit om het een beetje simpeler te houden en wat minder beleidsmatig bezig te zijn, maar direct met een uitvoeringsprogramma te gaan beginnen. En ik denk dat dat veel meer effectiviteit oplevert, dan dat we eerst weer een stuk gaan schrijven. Dat we daar een jaar mee bezig zijn en dat er in dat jaar verder weer niks gebeurt. Dus wat dat betreft denk ik, dat het een beetje simpeler kan en dat we aan de slag moeten. De voorzitter: Mijnheer Timmermans. De heer Timmermans: Voorzitter, ik heb bewust in de eerste termijn nog niet gereageerd, want ik zie er een bepaalde vorm van hypocrisie in en dat ga ik uitleggen. Want historische graven zijn ooit graven geweest die ergens vandaan komen. Het huidige beleid van de gemeente is als er niet meer voor betaald wordt, dan gaan we ruimen. Dat geldt voor gewone graven. Wat brengt dan de historische graven ten opzichte van gewone graven? Dat zou ik dan wel weer aan de SGP willen stellen, want u bent van het beleid dat u graven gaat ruimen als er niet voor betaald wordt. En historische graven wilt u eigenlijk onderhouden. Dus wanneer wordt het historisch dan? Want als we gaan ruimen, dan wordt het nooit historisch.
De voorzitter: Mijnheer Nieuwenhuizen. De heer Nieuwenhuizen: Dank u wel, voorzitter. Wat ik in de eerste termijn zei van, hou het eenvoudig en ga geen grote dingen optuigen hiervoor. En dat hoeft ook niet, we houden al een lijst bij. Er is een inventarisatie geweest. Gebruik misschien AI om een verhaaltje te dichten en dan kunnen we daar best mee aan de slag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Vos, was bij interruptie op mijnheer Timmermans. De heer Vos: Voorzitter, ik wil het woord hypocrisie hier toch eigenlijk niet noemen want we hebben hier, we spreken hier toch over verschillende dingen. We hebben een lijst van historische graven. Die is vastgesteld, daar is aandacht aan besteed. En dat is heel iets anders dan van, als er een graftermijn verlopen is. En ik denk dat mijnheer Timmermans dan toch maar eens even moet kijken wat er precies in de lijst staat en wat daar de definitie van geweest is. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Vos. Anderen nog? Mijnheer Versluis, tot slot. De heer Versluis: Voorzitter, ik merk dat de heer Vos en de heer Versluis eigenlijk een beetje uit hetzelfde hout gesneden zijn. Dus we geven bijna tenminste, ik zou dezelfde antwoorden voor een groot deel hebben gegeven, dus ik kan er een aantal overslaan dus. Maar ik wil nog wel even reageren naar de wethouder.
Want volgens mij legt hij nu zaken in de mond die ik in ieder geval niet heb gezegd heb. En dat is ook nog zeker niet de bedoeling van, waar gaan we dat geld aan uitgeven, aan beleid, aan een stukje uitvoeren, aan restaureren? Restaureren, ik weet niet of het de taak is van ons als gemeente om graven van iemand anders te restaureren. Daar gaat het eigenlijk helemaal niet om. Het gaat er gewoon om hetgeen wat we hebben, te behouden. Laat ik zeggen, die aandacht als ware daarvoor te vragen en om ook de betekenis daarvan verder te brengen onder zowel jong als oud. Dus niet meer en niet minder. En ik wil ook nog een keer onderstrepen. We moeten echt hier niet te veel geld aan uitgeven aan het schrijven van notities en beleid en rapporten. We moeten gewoon concreet iets mee doen, zoals we ook onze QR-erfgoedroutes hebben. Ik bedoel, dat is ook op een eenvoudige manier en zo kun je ook de historische graven benaderen en dat een plek geven. Dus wat de SGP betreft, zo veel mogelijk straks uitgeven aan uitvoering en concretisering en niet aan beleid. De voorzitter: Dank u wel. Gaan we nog naar de laatste reactie naar het college. Mevrouw Schipper-Heijmans: Mijnheer Vos daagde mij uit en u eigenlijk ook, mijnheer Versluis.
Als ik even de stukken lees en de achterliggende gedachte vanuit het beleidsvoornemen, vermeldt u in uw motie samen met de heer Vos om jaarlijks financiële middelen beschikbaar te houden voor beleid en uitvoering. Dus ik lees, het college denkt daarin mee. Ik heb ook aangegeven of u beleid wil, beleidsregels, iets kaderstellends. Ik kan me ook voorstellen dat u het prettig zou vinden, dat er enigszins een kader wordt weergegeven waarbinnen de middelen aan uitgegeven kunnen worden. En of u nu een uitvoerings… als u een uitvoeringsprogramma wil, dan denk ik dat u misschien even iets aan de motie moet doen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Bij interrumperen op de wethouder? Dat mag. De heer Versluis: Ik zou het gewoon niet te ingewikkeld willen maken. Ik denk dat het best helder is wat wij in meerderheid hier met elkaar bedoelen. Maar wat mij betreft zouden we dat straks kunnen onderstrepen als we over een enkele maand het beheerplan wat het vervolg van het beheerplan, dus de actualisatie van het
beheerplan waar ook dit aan de orde komt, dan kunnen we met elkaar best u een aantal uitgangspunten meegeven die wij denk ik in meerderheid belangrijk vinden. En dat lijkt me een hele praktische oplossing. Mevrouw Schipper-Heijmans: Mijnheer Versluis, volgens mij vinden wij elkaar hierin. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan sluit ik dit agendapunt af. Programma 4 Duurzaam Altena De voorzitter: Dan gaan we naar programma vier, 4.1 met de mededeling tussenstand, we lopen op dit moment een half uur achter op de planning. Dus u weet wat te doen staat als u op tijd klaar wil zijn. Mijnheer Verbaarschot. En waar gewenst, zal ik u daarbij helpen. De heer Verbaarschot: Dank u, voorzitter. De motie gaat over klimaat en energie en het lijkt dat dat soms allemaal een herhaling is. Maar daar staan toch wel wat nieuwe argumentatie in. Ik wijs op een paar dingen, zoals die subsidie die er gegeven werd door de provincie Brabant. De, het houdt in, dat er een tijdelijke uitbreiding is van het ambtenarenkorps in de toch al te kleine behuizing. En met een mogelijke verlenging van die termijn, als het allemaal niet voldoende blijkt te zijn. Daarnaast zijn we ook opgeschrikt door de waarschuwing van onze energiemaatschappij die aan ziet komen, dat vanwege de elektrificatie een uitval van de stroom vaker voor kan komen.
Is een zeer ernstige bedreiging van ons bedrijfszekerheid, van ons elektriciteitsnetwerk. Houdt dus, is dus het gevolg van al die dingen die wij aan het doen zijn met de gevolgen van het klimaatakkoord die wij allemaal zo graag willen volgen, behalve wij. Vandaar dus deze motie om in ieder geval wij hier in Altena, iets anders aan te geven wat we daarmee willen. Nogmaals, ik verzoek jullie allemaal om daar eens goed notie van te nemen, voor zover dat nog niet is gebeurd. En dan wil ik u bij dezen vragen om steun. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Verbaarschot. Welke fracties in eerste termijn? Niemand in de eerste termijn? Mevrouw Boll. Mevrouw Boll, aan u het woord. Mevrouw Boll: Dank u wel, voorzitter. Ik wil mij even richten op mijnheer Verbaarschot en ook wel waardering uitspreken over de inzet en kritische houding ten opzichte van klimaat- en energiemaatregelen. Het is duidelijk uw onderwerp, uw passie en u komt regelmatig met nieuwe inzichten en ideeën. En bent ook daarin erg vasthoudend en deze motie is daar ook een goed voorbeeld van. Maar over deze motie zelf. We hebben ook als CDA eerder informatie ontvangen over de mogelijkheden van de inzet op Thorium Zuid, centraal en kernenergie en zullen dat ook zeker blijven volgen.
Echter, gezien het langetermijntraject dat daarin nog gelopen moet worden, maakt dat we eerder ook aan andere alternatieven zowel binnen als buiten Altena, zullen moeten nadenken. En als fractie zullen wij daarin onze eigen afweging maken. Wij zullen daarom deze motie nu niet steunen. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Boll. Mijnheer Nieuwenhuizen. De heer Nieuwenhuizen: Dank u wel, voorzitter. Wij zullen, wij willen altijd reageren op moties die ingebracht zijn. Daar is werk voor verricht, dus wij willen ook laten horen wat wij daarvan vinden als ChristenUnie. Het staat een beetje haaks op wat wij als partij daarvan vinden, zeg maar. Maar vooral wat wij vinden is langs een omweg heb ik het idee, dat mijnheer Verbaarschot toch weer probeert een alternatieve RES in te brengen. Hij hamert op een rol voor Altena, maar hij heeft het ook over regio. Maar volgens mij is de RES juist bedoeld om dat we en als Altena daarin een rol hebben, maar ook samen met de regio daar een rol in hebben. En die
breedte die mis ik sowieso in deze motie. Verder zijn, worden daar dingen gezegd over hoe we om moeten gaan met het klimaatakkoord. Dat is niet hoe wij daar tegenaan kijken. Wij zien de nood, nut en noodzaak van het verdere omgaan van gas naar elektriciteit. Dat heeft tijd nodig en dat heeft inspanning nodig. Wij denken dat daar een goede aanzet gegeven wordt in de RES die we onlangs hebben vastgesteld. Deze motie vinden wij overbodig. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van Gammeren, SGP. De heer Van Gammeren: Dank u wel, voorzitter. Met de laatste woorden van de vorige spreker met, te beginnen. Deze motie vinden wij overbodig. Ik zat net een beetje te dubben voor, zal ik blijven zitten? Want deze discussie die hebben we de vorige keer ook al gevoerd en ik zie daar nog heel weinig nieuwe argumenten bijkomen. Maar ik vond het wel zo fatsoenlijk om in ieder geval daar even op te reageren, dat SGP hem in deze vorm niet gaat steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Gammeren. Mijnheer Alderliesten. De heer Alderliesten: Is ook een beetje de lijn die wij hebben. We hebben deze discussie al vaker gehad met de heer Verbaarschot in het kader van de RES. Er is ook vaker gezegd dat de energievorm waar de heer Verbaarschot of de VVA heel veel toekomst in ziet, dat dat best een optie zou kunnen zijn.
Maar niet voor de periode waarin we nu een oplossing zoeken, dus dat is echt een hele lange termijn periode. Voor de korte termijn hebben we ons gecommitteerd in RES-verband. En die discussie die blijft zich maar herhalen. Ons standpunt wordt daar niet anders van en we zouden, we gaan dus ook niet mee in die motie. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Alderliesten. Mijnheer Kolff. De heer Kolff: Hij is opgewaardeerd. Dank u wel, voorzitter. Zo handig ben om gelijk alles te bedienen. Op deze motie. Die energieschaarste daar kunnen wij ons helemaal in vinden. Dat is natuurlijk een groot probleem, want anders dan weet je vanavond ook niet … Die argumentatie wordt dagelijks gevoerd met andere partijen. Het is net al gezegd, we zitten hier vast aan de RES, die afslag hebben we genomen. Het brengt elke keer wel, verbazend hoe er elke keer weer nieuwe ontwikkelingen bij ons in de raad komen. Daar ben ik de VVA heel dankbaar voor, maar dit gaat ons nu even te ver. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kolff. Anderen? AltenaLokaal nog? Dan mag u reageren, mijnheer Verbaarschot. De heer Verbaarschot: Dank, mijnheer de voorzitter. Ik heb het idee dat voor de meeste fracties de ontwikkelingen in mijn mede inbrengen, dat dat allemaal te ver gaat. Ik heb een aantal weken geleden met het politiek podium heb ik een lezing gegeven over aanvullende zaken, oorzaken en noem maar op.
Als partijen in de gemeenteraad van Altena alles maar blijven herhalen, wij volgen het landelijk beleid zonder argumentatie, blijven herhalen van dat de termijn van waarop dit zou moeten gebeuren, allemaal veel te lang vinden. Zonder argumentatie, zonder verder te weten waar het over gaat. Dan kom je geen steek verder. Dit is een motie die verreweg de grootste bezuiniging teweegbrengt van alles wat hier vanavond is besproken. Alleen het is niet direct in Altena, maar wel in de portemonnee van onze eigen inwoners. Dus de termijn die gesteld is momenteel om een thorium dan wel kerncentrale te openen, die hangt af van de ontwikkeling van een reactor. En die wordt getest gedurende 10 jaar. Die periode die willen ze zo, omdat het 10 jaar is minimaal om te kunnen aantonen van dat een reactor 40 jaar stand houdt. Dat is de bedoeling. Maar er wordt verder niet bij stilgestaan, dat je die periode ook kunt verkorten. Zet die termijn op 20 jaar, dan kan je in vijf jaar
testen. Plus dat de zeg maar de wil om het kort te maken, die is er dan niet. En die wil die moet vanuit de politiek gaan komen. Die techneuten die bij die technische universiteit, bij de technische universiteiten daarmee bezig zijn, die hebben de politiek nodig. En die gaan doen wat voor zaken die gaan doen, waarvoor ze subsidie krijgen. Technische Universiteit in Delft en in Eindhoven die hebben allebei subsidies gekregen om dat uit te testen. Als ze meer geld krijgen, dan kunnen ze ook het testprogramma anders indelen en daar beter over nadenken. Wij komen daar niet meer verder als we altijd maar vol blijven houden van, dat beleid wat nu loopt in die Regionale Energiestrategie, dat we dat ondersteunen. En dat we dat doen zonder argumentatie, dat gaat er bij niet in. Echt niet. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Verbaarschot. Nog een korte reactie van het college. Mevrouw Schipper-Heijmans: Dank u wel, voorzitter. Inderdaad, een korte reactie. U pleit vooral voor de thorium kerncentrale. Daar wordt al dan niet gesteund door de provincie Noord-Brabant, u zei het ook al substantieel onderzoek naar gedaan. Of wij hem hier zullen meemaken? Het gaat echt nog wel enige tijd duren. In de tussentijd is het wel goed en noodzakelijk onderzoek te blijven doen naar alternatieve energiebronnen. En daarbij wordt wel degelijk zeer goed gekeken naar de regio, zo is opgenomen in het RPE.
Het college ontraadt deze motie. En ik laat het hier even bij. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Is er nog behoefte aan een tweede termijn? Mijnheer Van Gammeren. De heer Van Gammeren: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik hecht er toch veel waarde aan om er een tweede termijn aan te maken. Want de heer Verbaarschot die doet u ons als raad wel heel makkelijk af dat wij hem niet begrijpen of zo, of dat het boven ons petje gaat. Ik heb daar een stukje veldwerk naar gedaan. Stukje huiswerk, mijnheer Verbaarschot. En als ik dan een van de grootste geleerden op de thoriumtechnieken, de heer Jan Leen Kloosterman mag citeren. Die zegt dat er minimaal nog 20 jaar onderzoek nodig is. Dan heeft hij het nog niet eens over geld, want geld is er wel. Maar het onderzoek dat moet uitgevoerd worden minimaal 20 jaar en daarna nog minimaal vijf tot 10 jaar. Voordat er een, überhaupt al een centrale operationeel is, dan hebben we het over een pakweg een periode van 30 jaar. Mijnheer Verbaarschot, daar wil de SGP, daar wil deze raad niet op wachten en wij willen op dit moment gewoon stappen zetten. En die doen we in de vorm van de RES 2.0. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Gammeren.
Anderen nog in tweede termijn? Mijnheer Verbaarschot, wilt u nog reageren? Of, u brengt gewoon de motie in stemming, neem ik aan? De heer Verbaarschot: Ik wilde even reageren op de inbreng van mijnheer Van Gammeren. De exacte informatie die u daar heeft, die heb ik niet. Ik heb wel andere informatie, maar die heeft u weer niet, dus dat wordt een pingpong spelletje. Dat gaan we niet doen, maar ik breng hem wel in stemming. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we dat doen. Gaan we naar 4.21 Bouwen voor onze eigen inwoners. Mijnheer Timmermans. De heer Timmermans: Voorzitter, hierbij een motie die eigenlijk niemand tegen kan zijn. Ik heb hem zo geformuleerd dat iedereen gewoon erin mee kan gaan, dus ik hoef ook niet heel lang uit te leggen denk ik. We willen allemaal huizen. Laten we dat gewoon als gemeenteraad uitspreken dat we dit gewoon volledig steunen. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Andere fracties? Mijnheer De Raad.
De heer De Raad: Voorzitter, ik zal de heer Timmermans een klein inkijkje geven in onze fractievergadering. Toen wij bij deze motie aankwamen toen er, begonnen we eigenlijk op dezelfde manier als u net aangaf. Een motie waar je niet op tegen kan zijn. En eigenlijk zaten wij ook op dat standpunt, totdat u uw algemene beschouwing hield vanavond. Waar u dus weer de koppeling legt met asielzoekers, met arbeidsmigranten, met … Dan schudt u nee, maar het is misschien goed dat u toch nog eens terug gaat luisteren wat u dan wel gezegd heeft. Maar goed, ik zal mijn bijdrage toch nog even meedelen. Wij hebben trouwens 2019 als SGPfractie ook een motie ingediend op dit onderwerp. De strekking was misschien wel vergelijkbaar hiermee, waar we eigenlijk een oproep hebben gedaan om te kijken, hoe kunnen we woningbouw binnen Altena versnellen? Voor korte termijn, voor lange termijn. Uiteindelijk heeft het college daar ook invulling aan gegeven. Die hebben een aantal projecten naar voren gehaald waar extra inzet op geleverd is, prioritaire projecten. We hebben in de afgelopen tijd gezien dat daar ook heel veel energie en tijd ingestoken is. Dus in die zin zijn we daar blij mee. Maar ook wij zouden graag willen dat het sneller zou gaan, dat er meer woningen zouden zijn, dat we onze jongeren, onze ouderen binnen de gemeente kunnen houden. Dus in die zin, onderschrijven wij ook uw oproep.
Aan de andere kant hebben we vorige week ook gehoord, dat er op dit moment rond de 160 projecten gaande zijn. En vragen wij ons af, als we daar nu nog meer projecten naast gaan stapelen. In hoeverre heeft dat effect op alle andere projecten en hebben we voldoende capaciteit in huis om alles op een goede manier ook de juiste aandacht te blijven geven? En of we aan het eind van de rit dan niet juist trager gaan werken in plaats van sneller. Daarnaast ruimte voor onze eigen inwoners. Daar hebben we de afgelopen weken ook al verschillende keren over gehad. Nogmaals, volgens mij hebben we als SGP-fractie hebben we daar ook verschillende keren aandacht voor gevraagd in de afgelopen jaren. Als er nog ruimte is binnen de wettelijke kaders, dan vindt u ons aan uw zijde. Dan moeten we die ook benutten. Wij zijn in de veronderstelling dat we alles al doen daarin. Maar goed, nogmaals, als u ruimte ziet nogmaals binnen de wettelijke kaders, dan zijn we daar ook voor. Maar nogmaals, en volgens mij gaan we in herhaling vallen, want twee weken geleden hebben we het erover gehad en een aantal weken daarvoor ook al. Niet gekoppeld aan asielzoekers, aan vluchtelingen, waar u toen straks wel degelijk de koppeling mee legde in uw bijdrage. Dus als dat er buiten staat, dan vindt u ons aan uw zijde wat betreft deze motie. Maar niet om onder water een andere agenda van u te vervullen.
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer De Raad. Mijnheer Duizer. De heer Duizer: Dank u, voorzitter. Zoals mijn collega Kees net zei, als iemand een motie indient, dan hebben wij het fatsoen om te reageren. Maar bij de heer Verbaarschot, de vorige motie zagen we nog een stukje passie en gedrevenheid. En die missen wij een beetje op deze motie. Hij is wel erg makkelijk en plat. En nog los van wat de heer De Raad net zei. U weet volgens mij ook of u bent slim genoeg om te weten, dat hetgeen wat u het college opdraagt helemaal niet gaat. En eigenlijk ook vooral het tweede punt, wijst op een behoorlijk ingrijpen van de overheid. Volgens mij bent u daar zelf gewoon een fervent tegenstander van. Dus wat ons betreft gaat deze motie, het is niet uitvoerbaar, is gewoon niet realistisch en het gaat zelfs tegen uw eigen uitgangspunten in. Behalve de punten die de heer De Raad net zei, dat er toch weer een verborgen agenda achter zit. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Hoegee. De heer Hoegee: Dank, voorzitter. Het eerste punt, weer een onderzoek naar het versnellen en een rapport voor het versnellen. Dat zien wij niet direct zitten. Het gaat allemaal vrij snel. En als we kijken naar versnellen, dan denk ik dat wij als raad nog een stap kunnen zetten, want het vaststellen van bestemmingsplannen neemt behoorlijk wat tijd in beslag af en toe. Dan het tweede punt, lokaal voorrangsbeleid.
Daar zijn we niet op
tegen, mits u daar ook senioren en gezinnen toevoegt. Want waarom zou dat alleen dan voor starters gelden? En mits dit binnen geldende wet- en regelgeving kan. En daar zien wij wat hindernissen, maar misschien kunt u uitleggen hoe je die kan omzeilen. Want een van de grootste uitdagingen is het, is de juridische basis voor het geven van voorrang aan gemeentelijke inwoners. In Nederland geldt de Huisvestingswet en die bepaalt, toewijzingsbeleid eerlijk en transparant moet plaatsvinden. Nieuwe inwoners, migranten of mensen die werkof medische redenen hebben om te verhuizen, die kunnen zich buitengesloten voelen door dat beleid. Dat botst dus weer met inclusiviteit en het gelijkheidsbeginsel. Daarnaast moet de gemeente dan gaan definiëren hoe lang iemand in de gemeente moet hebben gewoond om voorrang te krijgen. En dat moet dan weer geadministreerd worden, dat moet bijgehouden worden en dat kost een hoop ambtelijke capaciteit. En dat botst weer met een standpunt dat u zelf heeft, dat die formatie-uitbreiding niet mag. Dus hoe gaan we dit dan allemaal oplossen? Samenvattend, wij zijn niet voor weer een onderzoek naar hoe woningbouw versneld kan worden. Voor wat betreft het lokale voorrangsbeleid verwachten we, wachten we even op de antwoorden van de wethouder, maar we horen ook graag of de indiener eventueel bereid is de motie aan te passen. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hoegee. Mijnheer Bouman, het CDA. De heer Bouman (CDA): Dank u wel, voorzitter. Ik wil eigenlijk beginnen met het uitdelen van een compliment. Maar dat is niet voor de heer Timmermans. Ik wil een compliment geven aan het college. Want het college heeft volgens mij en met de heer Tanis voorop, zich keihard ingezet om de woningbouw te versnellen en daar ook zichtbare resultaten in bereikt. Vorige week hebben we daar nog een bijpraatsessie over gehad en daar is ook aangeven, hoeveel dat er inmiddels al gedaan wordt. En daar is ook gesteld, 67 procent van de nieuwbouwwoningen die hier in Altena gerealiseerd worden, worden gekocht door mensen uit Altena. Dus je ziet daar denk ik al heel duidelijk dat wat er gebouwd wordt dat daar laat ik maar zeggen, dat voorrangsbeleid, die echte noodzaak, die wettelijke grondslag die ontbreekt een beetje, want dat is pas mogelijk als dat onder de 50 procent zou zijn. Dus u heeft eigenlijk weer een motie gemaakt met een hoog populistisch gehalte gebouwd op drijfzand. Daar komt het een beetje op neer. En de heer De Raad die maakte die koppeling. Ik was van plan het eigenlijk niet te doen, dus ik ga er … Ik heb me er de vorige keer heel erg druk over gemaakt, dat ga ik nu niet meer doen. Maar het is allemaal een beetje doorzichtig, heer Timmermans.
Ik hoop dat, u probeert hier voor te sorteren zegt u heel vaak, op verkiezingen en dan gaan we het allemaal zien. Ik hoop dat de kiezers van Altena zo intelligent zijn en daar heb ik alle vertrouwen in, dat ze uw doorzichtige plannetjes doorzien en daar niet in meegaan. En wij gaan in elk geval niet mee in deze motie. Tuurlijk zijn wij vol voor, daar waar mogelijk voor het voorrangsbeleid. Maar daar heeft ook het college de vorige keer op geantwoord, dat ze volgens mij daar ook mee bezig zijn en daar nog met eventuele mogelijkheden verder naar ons terugkomen. Dat is in elk geval wat ik me kan herinneren. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bouman. Mijnheer Alderliesten. De heer Alderliesten: Heel kort voorzitter. Want het is inderdaad wat de heer Timmermans aangaf of, het is een motie waar je niet tegen kan zijn. Sterker nog, we zijn er allang mee bezig met het zoeken naar mogelijkheden om juist dit te doen. En eigenlijk is alles gezegd door eerdere sprekers, inclusief het, de dubbele agenda die ook wij hierin zien. Ook de ambtelijke capaciteit bij de 165 projecten die nu aan het lopen zijn. Onuitvoerbaar, onrealistisch en daar waar we daadwerkelijk hand in de ploeg kunnen zetten, doen we dat al. Niet met één hand, maar met twee handen. Dus wat dat betreft, wij kunnen ook niet meegaan met de motie. De voorzitter: Dank u wel. Kijk even, is de VVD nog bereid mee te doen? Nee.
Mijnheer Timmermans.
De heer Timmermans: Voorzitter had ik nog zo’n kort betoog in het begin als algemene beschouwingen, binnen ik geloof anderhalve minuut. En dan is het toch niet duidelijk geweest, dus ik denk toch dat ik het nu over moet doen. Voorzitter. De voorzitter: U krijgt nu niet nog eens een keer nog … De heer Timmermans: Nee, hoor, maar ik kan wel betrekken, want dat mag ik als beantwoording gewoon meenemen. Want ik heb duidelijk gesteld in mijn betoog dat ik een, dat ik vind dat er woningen gebouwd moeten worden voor mensen uit Altena. En daarna heb ik gezegd wat wij als partij vinden en dat wij dat uit blijven spreken. Dat is het punt wat gaat over de woningen toewijzen aan migranten of statushouders. Zijn twee aparte punten. U gaat er mij een beetje van betichten dat ik dat iedere keer meng. Dat heb ik bewust niet gedaan. Ik heb bewust deze motie zo opgesteld, dat ik dat ook weggelaten heb. Daar zijn geen verborgen agenda's, want anders zou ik dat hier ook in benoemd moeten hebben. Dus ik kan het college geen opdracht geven hiermee, om dan toch dit of dit te doen. Het is gewoon een hele duidelijke korte motie, die oproept waar u eigenlijk niet tegen kan zijn. En bent u tegen? Dan bent u eigenlijk tegen uw eigen college bezig. Voorzitter, want uiteindelijk, heel kort nog even een beantwoording.
Inderdaad, dat was volgens mij AltenaLokaal die zei dat ik inderdaad op beslist punt twee alleen bij starters had gebruikt en geen ouderen. Maar inderdaad, die zou ik nog aan kunnen passen tekstueel. Al mocht daar dan toch nog steun voor zijn, dan ben ik dat bereid om dat gewoon te doen, want dat is eigenlijk een schoonheidsfoutje. Daarnaast, voorzitter, er werd mij ook aangedragen dat wij waarschijnlijk alles al doen. Maar er zijn ook gemeentes in onze omliggende gemeenten die dus al daadwerkelijk zo’n voorrang, voorgangstraject hebben doorlopen. En ook hun eigen inwoners daarop voorttrekken door middel van het inschrijven van het BRP-registratie toe te passen, dat ze dat zoveel jaar moeten zijn om dan voorrang te krijgen op een woning. Dat doet volgens mij de gemeente Altena niet, bij mijn weten. Maar die wetgeving geeft gewoon die mogelijkheden, dus we kunnen dat wel degelijk toepassen die richtlijnen, die ook onze omliggende gemeentes doen. Alleen, dan moeten we niet de kant van West-Brabant op, kijk maar de andere kant een keer op kijken. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Timmermans. Gaan we naar reactie van het college, wethouder Tanis. De heer Tanis: Voorzitter, ik hou het heel kort, want er is al heel veel gezegd, onder andere door sorry, door de heer Bouman. Dus dat ga ik niet herhalen. Ook met betrekking tot voorrangsregeling.
Vorige week zijn er ook een aantal dingen voorbijgekomen, heer Timmermans. Ik heb ook namens het college gezegd dat we zeker kijken wat er nog meer mogelijk is. Maar het is zo zoals de heer Bouman schetst dat als je voorrangsregeling interpreteert, dat je dat maar maximaal voor 50 procent van de toe te wijzen woningen mag doen. En dat Altena inderdaad voor nieuwbouwwoningen op 67 en voor huurwoningen op 60 procent zit, dus ruim boven de 50 procent. Dat wil niet zeggen dat je het niet in zou kunnen voeren, maar dat heeft wat dat betreft geen effect. En het tweede punt, voorzitter en dan stop ik. Ik vind het prima dat u het college kritisch volgt, ook als het gaat over woningbouw. Want dat, dit is ook zo'n onderwerp waar je veel kunt doen, maar nooit genoeg doet. Dat realiseert het college zich ook. Andere kant en dat is vorige week niet voorbijgekomen, voorzitter, daarom meld ik dat toch maar even puur ter informatie. We hebben met elkaar ook een ambitie afgesproken van 3000 woningen voor de komende 10 jaar. Dat zou afgerond zijn 300 woningen per jaar. Je gelooft het of niet, maar vorig jaar zijn er 304 woningen opgeleverd, er zijn 67 woningen in aanbouw genomen en er zijn vorig jaar voor 397 woningen vergunningen verleend en in 2025 inmiddels 140.
Doe je dan genoeg? Nee, maar we zijn ook heel nadrukkelijk en ik trek daar zeker ook heel veel met mijn achterbuurman op, om te zoeken naar potentiële woningbouwlocaties. En daar praat ik graag de raad nog een keer verder over bij, voorzitter, als we verder zijn.
De voorzitter: Dank u wel, wethouder Tanis. Is er nog behoefte aan tweede termijn? In ieder geval, mijnheer Timmermans. De heer Timmermans: Dank u, voorzitter. Ik wil toch kort reageren op de wethouder, want die heeft nu in één keer over 3000 woningen. Maar de voorgaande sessies zijn er ook gepraat over het inzetten op 4000 woningen, om 3000 te realiseren. Daarbij geeft hij dus ook aan, dat heeft de desbetreffende ambtenaar des, ook al gezegd, dat je meer in moet zetten om dat ook te krijgen die woningbouw. En als we dat dus niet voldoende blijven doen, dan gaan we achterlopen. Dus nu lopen we wellicht voor, maar dadelijk zijn de reservepotjes op en zullen we bij moeten sturen. De voorzitter: Dank. Ik neem aan, dat u uw motie gewoon in stemming gaat brengen. Ja? Gaan we naar 4.3 en 4.4, die doen we weer samen. Dan de motie Biodiversiteit en groen, ingediend door Alderliesten van de PA en de heer Nieuwenhuizen van de ChristenUnie. En dan Geen bezuiniging door Van Gammeren, SGP. Mijnheer Alderliesten. De heer Alderliesten: Ik heb een lijn te pakken vandaag, voorzitter, die mag genoemd worden, vrij kort is, hè? Dat dat, ik ga zo door. De voorzitter: U bent goed bezig. De heer Alderliesten: Dat dacht ik. Soms moet je vissen naar complimentjes. Over de motie eigenlijk een hele eenvoudige.
We hebben eerder hebben we een motie ingediend, waar het ging over het zoeken eigenlijk naar bezuinigingsmogelijkheden, het omvormen van groen, waarbij je dan in het onderhoud uiteindelijk winst pakt. En daarbij ook een biodiversiteitswinst kunt inboeken. Die werd door het college eigenlijk anders opgepakt. Toen kregen we een voorstel waaruit bleek, dat er hagen gerooid gingen worden en daar gras voor terugkwam. Inderdaad, dat is een stap naar voren waar het gaat over het besparen op onderhoud. Alleen doe je daar de biodiversiteit geen, bewijs je geen dienst mee. Toen hebben we even gekeken wat dan de mogelijkheid is, want je kan hem volledig schrappen dit voorstel. Maar we dachten toch met deze motie juist een extra onderstreping te geven van daar waar het ons daadwerkelijk om gaat en dat is het versterken van de biodiversiteit. En eigenlijk zoeken we nog steeds naar alle mogelijke manieren om om te vormen, waardoor het onderhoud geringer wordt. Maar altijd met die insteek, dat uiteindelijk de biodiversiteit daar de grote winnaar van wordt. Dus dat is eigenlijk de strekking van de motie. Wij zien alle omvormingen eigenlijk positief tegemoet, daar waar de biodiversiteit gediend is. Tot zover. De voorzitter: Helder, dank. Mijnheer Nieuwenhuizen. De heer ChristenUnie: Dank u wel, voorzitter.
Als ChristenUnie dienen we samen met Progressief Altena deze motie in om het belang van biodiversiteit te onderstrepen. We willen inderdaad ook het geld laten staan, want omvormen van groen blijft een doorlopende actie. Groen veroudert en groen moet ook regelmatig omgevormd worden, maar dan wel met de juiste intentie. En dat blijkt uit dat de eerdere motie niet genoeg, niet helder genoeg was misschien. Dus we willen dat nog een keer extra onderstrepen richting het college om daar op een goede wijze mee om te gaan. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Nieuwenhuizen. Mijnheer Van Gammeren. De heer Van Gammeren: Dank u wel, voorzitter. Ook bij de SGP is net als mijn voorgangers die zojuist hebben gesproken, de ombuiging op het groen van het college opgevallen. En openbaar groen is altijd een van de
eerste slachtoffers bij bezuinigingen. En toegegeven, het moet ergens vandaan komen. Maar het voorstel wat het college ons nu presenteert, is een omvorming van tussen de 20 en de 35 procent van alle hagen omvormen naar gras. Een investering, voorzitter, daar heb ik mijn voorgangers niet over gehoord. Een investering van een slordige 90 tot 150.000 euro incidenteel weliswaar, en dan mogelijk een besparing van 30.000 euro structureel. Voorzitter, dat betekent dus dat we al minimaal vier jaar bezig zijn om dat überhaupt die investering terugverdienen. SGP vindt het een enorme verschraling van onze mooie buitenruimte. En net als de ChristenUnie en de Progressief Altena dit ook vinden, kunnen ze beter … Sorry. En als de ChristenUnie en de Progressief Altena dit ook vinden, kunnen ze beter onze motie steunen dan hun eigen motie. Ik kan me de discussie van twee weken geleden nog levendig herinneren dat de heer Kolff, de heer Alderliesten fijntjes meegaf dat in grasland meer biodiversiteit zou borgen dan hagen. Voorzitter, de heer Kolff heeft gelijk. Als je geen onderhoud aan het gras pleegt, dus eigenlijk de hagen eruit rooit, gras inzaait en vervolgens zo weinig mogelijk onderhoud uitvoert. Dan voldoe je aan de motie van Progressief Altena en de ChristenUnie. Maar je bent wel je mooie buitenruimte kwijt.