Welstandsnota 2018 versie 3 – Werkwijze ontwikkelgebieden en vaststelling beeldkwaliteitsplannen (25268) BKP EUROPAKWARTIER NOORD
Tekst van het document
concept
EUROPAKWARTIER NOORD tuinstad in harmonie
beeldkwaliteitsplan
Inhoud Algemeen 1. Europakwartier-Noord 04 Architectuurbeeld 2. De stijl 10 3. De essentie 11 4. De elementen 14 De gebieden 5. De Tuinen van Poort 18 6. De Regenerven 36 7. Onder de Linden 42 Openbare ruimte 8. Bruggen 48
Bijlagenboek A. Buurten II B. Sferen III C. Architectonische eenheden IV D. Bouwhoogtes V E. Dakvormen VI F. Bebouwingsgrenzen VII G. Erfafscheidingen VIII H. Poorten IX I. Bruggen X
Colofon Beeldkwaliteitsplan Europakwartier-Noord Gemeente Almere - afdeling Gebiedsontwikkeling Versie 25-08-2025 (concept) Projectteam beeldkwaliteitsplan Joost Drevel Projectmanager Christian van Elven Stedenbouw Christiaan Pfeiffer Landschap Steffen Kroon Landschap
2
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Bronnenlijst 51
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
3
01 Europakwartier-Noord
Het Europakwartier Eén van die vijf woonkwartieren is het Europakwartier. Hier ligt het accent op het stedelijke karakter. Als één van de eerste wijken van Almere Poort kenmerkt het zich door een relatief hoge dichtheid, gesloten bouwblokken en een verscheidenheid aan woningtypes en kleinschalige stedelijke functies. Alle drie de delen, Europakwartier-West, -Oost (New Brooklyn) en het toekomstige -Noord, hebben of krijgen elk een duidelijk eigen signatuur.
Europakwartier-Noord Europakwartier-Noord is gelegen aan de oostzijde van de spoorlijn, ten noorden van EuropakwartierOost. De twee wijken worden van elkaar gescheiden door een watergang en het groene carré als uitloper van het Cascadepark. Aan de noordoostzijde wordt de wijk begrenst door respectievelijk de spoorlijn en de ecologische verbindingszone. De ecologische zone is onderdeel van het groenblauwe raamwerk van Almere en verbindt het bosgebied Pampushout met het Kromslootpark. Aan de zuidzijde grenst de wijk aan bedrijventerrein Lagekant en aan de oostzijde aan de Elementendreef. De dreef vormt een directe verbinding met de A6, richting Amsterdam en Lelystad. In de oorspronkelijke plannen van Almere Poort was het gebied van Europakwartier-Noord voorzien als het bedrijventerrein Middenkant. De ruimtelijke opzet van het gebied, met de slingerende Heliumweg, het groene carré en de doorsnijdende busbaan herinneren hieraan en vormen nu een onderdeel van de ruimtelijke opzet van de woonwijk.
Beeldkwaliteitsplan Dit beeldkwaliteitsplan licht de stedenbouwkundige opzet toe en beschrijft de bijbehorende architectonische uitgangspunten en randvoorwaarden. Het doel hiervan is om te komen tot een herkenbare, eigen wijk met authentieke architectuur waar de bewoners trots op mogen zijn. Het doel van het beeldkwaliteitsplan is niet slechts het formuleren van uitgangspunten. Het beschrijft het concept en de essentie van de wijk, en biedt ontwikkelaars en architecten de ingrediënten en vrijheid om hier op creatieve wijze invulling aan te geven. Door vrijheid te bieden binnen consistente ontwerpprincipes, ontstaat een unieke en samenhangende wijk met een diverse architectuur.
RL OO SP
EZ ON
EUROPAKWARTIEROOST
H ISC
EUROPAKWARTIERWEST
IJN
HOMERUSKWARTIER
LOG
ECO
HOGEKANT
E
EUROPAKWARTIERNOORD EUROPAKWARTIERWEST EUROPAKWARTIEROOST
LAGEKANT
ELEMENTENDREEF
EUROPAKWARTIERNOORD
« HOGERING R
Almere Poort Europakwartier-Noord ligt in het oosten van Almere Poort, het jongste stadsdeel van Almere. Komend over de Hollandse Brug, vanaf het oude land, vormt het gebied de poort naar Almere en Flevoland. Door de unieke ligging aan het water en de bossen bieden de vijf woonkwartieren een verrassende mix tussen stedelijk en landschappelijk wonen. Het eigen NS-station, de uitstekende busverbindingen en de nabijheid van de A6, verbinden Almere Poort met Amsterdam en de rest van de Randstad.
Leeswijzer Het eerste hoofdstuk beschrijft bondig de stedenbouwkundige en landschappelijke opzet van de wijk en schetst het karakter van de drie verschillende buurten. In hoofdstuk 2 wordt de architectuurstijl toegelicht, waar vervolgens in hoofdstuk 3 de essentie ervan wordt beschreven. De essentie vormt de onderlegger voor elk ruimtelijk ontwerp in de wijk. Vervolgens worden in hoofdstuk 4 de kenmerkende ontwerpelementen uiteengezet. Deze vormen de ingrediënten voor het architectuurontwerp. In hoofdstukken 5, 6 en 7 wordt per buurt toegelicht hoe de ingrediënten toegepast dienen te worden.
Programma In Europakwartier-Noord worden circa 1010 woningen gerealiseerd. Het betreft een mix van appartementen en eengezinswoningen, waarbij het grootste aantal bestaat uit rijwoningen, tweeonder-één-kappers en vrijstaande woningen. In de wijk worden zowel sociale huurwoningen als koopwoningen in verschillende prijscategorieën gerealiseerd.
I. A6
In Almere Poort wordt Europakwartier-Noord ontwikkeld. De wijk wordt als een Tuinstad in Harmonie vormgegeven, met een unieke en herkenbare identiteit als groenstedelijke tuinstad. Dit beeldkwaliteitsplan beschrijft de stedenbouwkundige opzet en architectonische randvoorwaarden voor de wijk.
ALMERE BUITEN
ALMERE STAD
ALMERE POORT
01
ALMERE HOUT
Het nog lege Europakwartier-Noord, gezien vanuit het noorden.
Locatie van de woonwijk in Almere en Almere Poort.
4
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
ALMERE HAVEN
Verkavelingsplankaart van Europakwartier-Noord
Stedenbouwkundig plan Het omringende landschap wordt met de wijk verweven en vormt de basis voor de stedenbouwkundige opzet. De ecologische zone wordt aan de oostzijde de wijk ingetrokken door middel van autovrije, groene lopers. De watergang die het gebied doorsnijdt, vormt de basis voor een regenlandschap waar het water op een natuurlijke wijze wordt afgevoerd. Aan de zuidwestzijde definieert het groene carré als uitloper van het Cascadepark de groene kamers waarbinnen bebouwing zal plaatsvinden. Deze drie verschillende landschapstypes definiëren drie buurtjes met elk een eigen karakter: de Tuinen van Poort, de Regenerven en Onder de Linden. Passend bij het landschap versterken de verkaveling en de vormgeving de relatie van de bebouwing met de omgeving.
1. Landschap Groene lopers Regenlandschap Groen carré
De wijk wordt ontsloten via een heldere wegenstructuur. De slingerende Heliumweg ontsluit Onder de Linden en de Regenerven en een ringweg, ook wel de ‘omloop’, ontsluit de Tuinen van Poort. Centraal door het gebied loopt de busbaan, welke een snelle busverbinding biedt met NS-station’s Almere Poort, Almere Centrum en de grotere regio. Europakwartier-Noord kent verschillende sferen op basis van de betreffende buurt en de locatie in het landschap en aan de infrastructuur: de omloop, de binnenwereld, de hoven en erven, de losse korrel en de blikvangers. Binnen het karakter van de buurt zijn de sferen mede-bepalend voor de vormgeving van de woningen . Zo zijn woningen aan de omloop bijvoorbeeld steviger aangezet omdat zij de hoofdontsluiting begeleiden, terwijl de woningen in de groene binnenwereld een meer vriendelijk karakter hebben.
2. Buurtjes de Tuinen van Poort de Regenerven Onder de Linden Zie ook bijlage A
3. Verkeersstructuur Hoofdontsluiting Busbaan Bushalte
4. Sferen de Omloop de Binnenwereld Hoven en Erven Losse korrel Blikvangers Zie ook bijlage B
6
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
N
Een thuis voor mens, plant en dier Niet alleen voor de mens, maar ook voor plant en dier biedt Europakwartier-Noord een warm thuis. De landschappelijke structuren vormen doorlopende verbindingen en zijn daarmee de haarvaten van de wijk. Diverse landschappen - van parken, waterpartijen tot aan bloemrijke graslanden - zijn op een natuurlijke manier verbonden waardoor mens, plant en dier zich door de wijk kunnen voortbewegen. De groene dooradering kent een grote diversiteit aan beplanting- en boomsoorten; alleen al de Tuinen van Poort kent bijvoorbeeld 88 verschillende boomsoorten. Bij het ontwerp van de inrichting spelen de egel en vleermuis als gidssoorten een centrale rol. Doorgaande boomstructuren, extensief beheer en dimbare verlichting creëren een veilige en voedzame omgeving voor de vleermuis. Voor de egel wordt in de beplantingskeuze rekening gehouden met de mogelijkheden tot het maken van een schuilplek. Onder busbanen worden faunapassages aangelegd zodat de egel van het ene gebied naar het andere kan trekken. Hiermee zijn landschappen gecreëerd die een habitat vormen voor een grote verscheidenheid aan andere diersoorten, zoals vogels en insecten. Er ontstaat een levendig ecosysteem dat de biodiversiteit versterkt en bijdraagt aan een gezond leefmilieu.
Van bouwers, architecten en toekomstige bewoners wordt verwacht dat zij actief bijdragen aan het versterken van het ecosysteem in de wijk. Dit kan bijvoorbeeld door nesten schuilmogelijkheden te integreren in de bebouwing en biodiverse tuinen aan te leggen. Voor elk ontwikkelingsgebied of elke tender worden specifieke ambities vastgesteld, waarmee ontwikkelaars worden uitgedaagd om creatieve en duurzame oplossingen te bedenken die bijdragen aan een gezonde en robuuste leefwereld. 03
Geïntegreerde nestkasten voor vleermuizen
02
Tuinen, struweel en bosranden, het liefst met ondergroei, zijn goede leefgebieden. voor de egel.
Raamwerk ecosysteem Groenstructuren Waterstructuren Routes Gidssoorten Diversiteit aan diersoorten Landschapskaart van Europakwartier-Noord met een raamwerk als ecosysteem.
8
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
N
02
03
De stijl
De essentie
Europakwartier-Noord wordt ontwikkeld in de geest van Willem Marinus Dudok. Als één van de meest gerenommeerde architecten van Nederland heeft Dudok aan het begin van de twintigste eeuw een aanzienlijke invloed gehad op de moderne architectuur. Zijn talrijke woningbouwprojecten en iconische gebouwen, welke voornamelijk in het destijds snelgroeiende Hilversum werden gerealiseerd, worden tot op de dag van vandaag gewaardeerd voor hun schoonheid, samenhang en pragmatisme. Nu, 100 jaar later, biedt Dudok inspiratie voor het snelgroeiende Almere waar de harmonie tussen esthetiek en functionaliteit kansen geeft voor de ontwikkeling van een herkenbare wijk die aansluit op het verhaal van Almere Poort. Europakwartier-Noord krijgt hiermee een eigen karakter met authentieke architectuur die past bij de groenstedelijke jaren ‘20- en ‘30-opzet van Almere Poort. De pragmatische stijl is goed te ontwikkelen en geeft vrijheid in het ontwerp van eigenzinnige woningen die tezamen een herkenbare eenheid vormen. Architectuur De architectuur van Dudok kenmerkt zich door de consequente toepassing van architectonische en stedenbouwkundige elementen volgens een sterke ontwerpfilosofie, die telkens door de afwijkende context en functie van het gebouw een eigen betekenis krijgen.
De gebouwen kennen een moderne esthetiek maar zijn tegelijkertijd warm en uitnodigend zonder in te boeten aan functionaliteit. Met baksteenarchitectuur worden vlakken en lijnen gecreëerd, waardoor er een spel ontstaat van een asymmetrische composities van volumes 05
04
Volgens het mantra van Dudok dient iedereen zich ‘zich simpelweg gelukkig te voelen’ op de plek waar hij of zij woont. Dit mantra onderschrijft de essentie van Dudok, welke de basis vormt voor het ontwerp van de wijk.
Waar de verschillende buurtjes elk hun eigen karakter hebben, vormt de essentie het startpunt voor elk ontwerp en maakt de wijk tot een herkenbare eenheid.
Vernieuwend traditioneel
Portret van W.M. Dudok, 1962.
en massa’s. De uitgesproken horizontaliteit met brede, uitgewerkte gevels creëren een gevoel van rust en evenwicht. De daken, plat bij utilitaire gebouwen en gekapt bij woningbouw, versterken de vlakken, lijnen en dieptewerking en vormen een verbindend element. Het werk van Dudok is als zodanig zeer herkenbaar, maar valt niet onder één stroming te scharen. Het kent de invloeden van Berlage, de Amsterdamse School, Frank Lloyd Wright en na de oorlog het functionalisme. Daarmee is het een unieke combinatie van architectuur die zowel traditioneel als vernieuwend is, verbonden door rationaliteit en functionaliteit. In de geest van Dudok De stijl van Dudok vormt de basis voor Europakwartier-Noord. Het werk van Dudok vormt hierbij een inspiratie. De wijk wordt niet in historiserende stijl gebouwd of kopieert bestaande gebouwen, maar past kenmerkende elementen toe binnen de ontwerpfilosofie om te komen tot een samenhangende, harmonieuze tuinstad. 06
De wijk krijgt een duidelijk, eigen signatuur door te ontwikkelen in de geest van Dudok. Met de eigentijdse vertaling van de architectuurstijl naar de 21ste eeuw, is de wijk niet alleen vernieuwend maar is het ook warm, herkenbaar en geborgen. 07
Orde, samenhang en schoonheid Grotere architectuureenheden vormen een samenhangend beeld en zijn nooit zonder hun context ontworpen. De wijk, de buurt en de architectonische eenheid vormen een afgerond geheel met een duidelijke stempel. 08
Samenspel De bebouwing en het landschap vormen een ideaal samenspel in beeld, materiaal, kleurgebruik en tuininrichting. Het begeleidt mens en dier door het verbinden van stad met wijk, wijk met buurt, buurt met straat en zo verder tot in de afzonderlijke ruimtes van het gebouw.
09
Ontmoeting Ontmoeting neemt een centrale plek in en vormt een betekenisvol onderdeel van het dagelijkse leven. Ontmoetingsplekken vormen het middelpunt van de stedenbouwkundige en architectonische opzet door een menselijke schaal in korrel, lijnen en functie.
10
Volgende pagina: een greep uit het werk van Dudok, met verschillende kenmerkende stijlelementen die in de wijk zullen terugkomen. Het Raadshuis in Hilversum. Eén van Dudok’s meest bekende werken.
10
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Het ‘13e woningbouwcomplex’ in Hilversum, een voorbeeld van woningbouw door Dudok.
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
11
11
12
18
Collège néerlandais, Parijs (1938) W.M Dudok
Noorderbegraafplaats, Hilversum (1927-1930) W.M Dudok
19
13
Nassauschool, Hilversum (1927-1930) W.M Dudok
15
13e woningbouwcomplex, Hilversum (1929-1930) W.M Dudok
21
20
Raadhuis, Hilversum (1927-1931) W.M Dudok
22
Nassauschool, Hilversum (1927-1930) W.M Dudok
14
(voormalig) Badhuis Bosdrift, Hilversum (1921) W.M Dudok
23
10e woningbouwcomplex, Hilversum (1927-1928) W.M Dudok
16
Raadhuis, Hilversum (1927-1931) W.M Dudok
10e woningbouwcomplex, Hilversum (1927-1928) W.M Dudok
24
Villa de Wikke, Hilversum (1926) W.M Dudok
17
13e woningbouwcomplex, Hilversum (1929-1930) W.M Dudok
1e woningbouwcomplex (1915-1919) W.M Dudok
Woningen Besselstraat, Hilversum (1936-1937) W.M Dudok
04 De elementen Om een authentiek en herkenbaar beeld te creëren, worden er in het ontwerp van de gebouwen verschillende elementen toegepast die herkenbaar zijn voor Dudok. Hoewel de Dudok een verscheidenheid aan verschijningsvormen, contexten en functies kent, is het toch als zodanig herkenbaar. Verschillende elementen komen namelijk consequent terug, al dan niet op verschillende manieren. Samen met de essentie van de ontwerpfilosofie, zoals eerder benoemd, vormen dit de ingrediënten voor het gebouwontwerp. A
C
De eigen ontwerpvisie van de architect, in combinatie met de locatie en context, zorgt voor een eigentijdse interpretatie van deze elementen. Elk gebouw of architectonische eenheid krijgt hierdoor een eigen karakter in samenhang met de omgeving. De elementen worden niet historiserend gekopieerd, maar vertaald naar de 21ste eeuw zonder aan kracht te verliezen.
Hoofdvorm
Materiaal en kleurstelling
De architectuur kenmerkt zich door een verfijnde en hoogwaardige baksteenuitstraling. Toegestaan zijn zowel volle bakstenen (traditioneel metselwerk) als steenstrips - mits de visuele kwaliteit en duurzaamheid gelijkwaardig zijn aan die van traditioneel baksteenmetselwerk. In de ‘erven en hoven’ in de Tuinen van Poort is het mogelijk om ook pleisterwerk toe te passen als secundair materiaal (max. 80%). Het kleurenpalet bestaat uit genuanceerde rood-, geel en beigetinten. Kleurkeuze en materiaal komen voort uit de locatie en het karakter van het bouwblok of ensemble. Zadeldaken zijn rood of zwart, waarbij dakranden en overstekken een lichte kleur hebben – of een kleur die de horizontaliteit versterkt. In de ‘erven en hoven’ mogen ensembles een witte of lichtere kleurstelling hebben, aansluitend op de context en het concept van het buurtje. De kozijnen reageren op de kleurstelling van de gevel: lichtgekleurd als fris contrast, of complementair aan de gevelkleur.
De hoofdvorm van de bebouwing bestaat uit een asymetrische compositie van volumes, lijnen en vlakken. De volume-opbouw heeft een plastische rijkdom aan schaduw- en dieptewerking. Geleding in de gevel zorgt voor een heldere ritmiek en maakt een horizontaal gebaar. Kubische, omhooggaande massa’s vormen een onderbreking en reageren op de stedenbouwkundige setting, bijvoorbeeld de beëindiging van een bouwblok. 25
26
27
28
Hoogwaardige baksteenuitstraling Volume-opbouw met plastische rijkdom
Een asymmetrische compositie van volumes
B
Geleding en ritmiek
Beëindiging bouwblokken
Architectuur
D
De architectuur sluit aan op de volume-opbouw en wordt gekenmerkt door een spel van horizontale en verticale elementen en accenten, waarbij horizontaliteit dominant is. Binnen de architectonische eenheid bevindt zich altijd minimaal één duidelijk afwijkend element, zoals een schoorsteen, een kopbeëindiging of een erker. Herhaling van gelijksoortige elementen zijn bepalend voor de ritmiek in de gevel. Het is een eindeloze repetitie die nooit monotoon wordt. Functionele elementen hebben betekenis in de vormgeving en maken de individuele woningen duidelijk afleesbaar. 29
Horizontaliteit en verticaliteit, horizontaliteit dominant
14
31
30
Afwijkend, verticaal, element
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Indicatief kleurenpalet, bestaande uit genuanceerde rood, geel-, bruin-, en beigetinten.
Zadeldaken zijn rood of zwart/antraciet/ donkergrijs, platte daken hebben een lichtgekleurde overstek.
Afwijkende ensembles in de ‘erven en hoven’ kunnen variëren in witte kleurstelling en/of pleisterwerk (<80%).
Kozijnen vormen een fris, licht accent met de gevel of sluiten juist aan op het kleurenpallet.
Gevel
De vormgeving van de gevel versterkt de architectuur van lijnen, vlakken en ritme. Raampartijen zijn georganiseerd in de richting van de gevel of het volume. De gevelindeling heeft een logische verhouding die de geleding ondersteunt. Het metselwerk speelt hier ook een rol in, door met formaat, voegwerk en kleur de horizontaliteit te versterken. Ornamenten zijn sober en zijn een passend onderdeel van de architectuur. 35 33 34 36 37 Roedeverdeling in de raampartijen draagt bij aan fijnmazigheid en ritme in de gevel.
32
Ritmiek en repetitie
Afleesbare individualiteit
Raampartijen met roedeverdeling versterken geleding
Gevelindeling versterkt lijnen vlakkenspel
Metselwerk benadrukt horizontalitet
Ornamenten zijn sober en passend
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
15
E
Balkons en veranda’s
H
Balkons en veranda’s zijn een integraal onderdeel van het bouwblok. Zij zijn mee-ontworpen en hebben een betekenis binnen het architectonische concept en versterkt de plasticiteit in de gevel. De balkons zijn (deels) geïntegreerd, waarbij de balustrade een onderdeel is van de gevel. Veranda’s en pergola’s zijn robuust vormgegeven en benadrukken horzontale lijnen en individuele herkenbaarheid van woningen. 39
38
Balustrade als onderdeel van de gevel.
F
40
De balkons zijn (deels) geïntegreerd
41
Balkons versterken de plasticiteit
Zie ook bijlage E
De gebouwen hebben een plat dak of een zadeldak, afhankelijk van de stedenbouwkundige betekenis. De dakvorm reageert op de plek van de woning en is op een hoek afwijkend, bijvoorbeeld plat of gedraaid. Er worden keramische dakpannen toegepast en daken hebben een kwalitatieve overstek, als sterke horizontale lijn. Eventuele dakkappelen aan de straatzijde worden mee-ontworpen en hebben een architectonische functie. Het daklandschap valt als een deken over de woningen en bijbehorende gebouwen. 43
Platte daken en zadeldaken, dakvorm op hoek is afwijkend.
G
Dakvorm reageert op stedenbouwkundige setting
44
Kwalitatieve oversterk als sterke horizontale lijn
45
Poorten
46
47
Poort als onderdeel van een poortgebouw.
Elementaire vorm, accent binnen gevelbeeld.
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
48
Benadrukking poort door architectonisch element.
50
51
52
53
Bergingen visueel onderdeel van massa
Bergingen architectonische familie van hoofdgebouw
Toegangen tot stegen zijn mee-ontworpen met bijvoorbeeld een dak of poort.
I
Erfafscheidingen
Zie ook bijlage G
Ruimere voortuinen, met een diepte van >1.5 meter hebben, afhankelijk van de voorschriften, een erfafscheiding in de vorm van een gemetseld muurtje of een haag (max. 1 meter hoog). Ondiepere voortuinen, met een diepte van <1.5 meter, hebben een ‘Delftse stoep’ in een consistent bestratingsmateriaal langs het bouwblok. Erfafscheidingen van achtertuinen grenzend aan de buitenzijde van een bouwblok of aan een binnenterrein, zijn mee-ontworpen met de gevel en passen bij de architectuur van de woning. Voor alle erfafscheidingen geldt dat deze onderdeel zijn van het architectonische concept. 54
55
56
57
Gemetselde, lage muurtjes als erfafscheiding
Erfafscheidingen zijn meeontworpen met de gevel
Ondiepere voortuinen met een ‘Delftse’ stoep
Erfafscheiding in de vorm van een haag
Dakkapellen aan straatzijde mee-ontworpen
Op strategische plekken vormen poorten een accent en oriëntatiepunt. Ze markeren de overgang naar pleintjes, hofjes en (semi-)private terreinen en creëren een subtiel spel tussen publieke en meer besloten ruimten. Daarmee ontstaat gelaagdheid in de beleving van de openbare ruimte. De poorten hebben een verhalend karakter en vormen een bijzonder accent binnen het doorgaans uniforme gevelbeeld, vaak met een geabstraheerde vorm en een karaktervolle rollaag als markering. Soms maken ze deel uit van een poortgebouw, soms worden ze benadrukt door een ander opgaand architectonisch element.
16
Bergingen en garages zijn een integraal onderdeel van de architectuuruitwerking en worden consistent en kwalitatief vormgegeven. Waar ze grenzen aan de buitenzijde van een bouwblok of aan een binnenterrein, vormen ze een onderdeel van de architectuur. Op hoeken worden ze visueel geïntegreerd in de massa van het hoofdgebouw, bijvoorbeeld via de doorzetting van een tuinmuur of gevel. In kleur, materiaal en dakvorm sluiten bergingen en garages op het hoofdgebouw aan en vormen zo een architectonische familie. Ook de toegangen tot stegen worden zorgvuldig mee-ontworpen, met bijvoorbeeld een doorlopend dak, een poort of een ander samenhangend architectonisch element.
Veranda’s doen mee in het gevelbeeld en zijn robuust vormgegeven.
Daken
42
Bergingen en garages
49
Gelaagdheid in openbare ruimten.
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
17
05 de Tuinen van Poort
Verkavelingsplankaart van de Tuinen van Poort
De Tuinen van Poort vormt een stadswijk waar stad en landschap naadloos in elkaar vastgrijpen. Grenzend aan de ecologische zone loopt het bomenlandschap via de groene lopers tot in de haarvaten van de wijk en verbindt het mens, plant en dier en biedt het plek voor ontmoeting. Landschappelijk raamwerk De landschappelijke opzet van de Tuinen van Poort kenmerkt zich door een ‘barcode’ van groene lopers die de wijk verweeft met het omliggende water- en boslandschap. Dit landschap, dat het Pampushout verbindt met het Kromslootpark, vormt een waardevolle ecologische verbindingszone en wordt door middel van de lopers de wijk ingetrokken. Een natuurlijke omgeving met extensieve grassen en een diversiteit aan boomen beplantingssoorten, vormen voor planten en dieren doorlopende structuren en dragen bij aan het vergroten en versterken van de biodiversiteit. Een ring van intensieve beplanting doorsnijdt deze structuur en begeleidt de hoofdontsluiting in de vorm van de omloop. Het groen is hiermee overal beleefbaar en begeleidt de bewoners van wijk, naar buurt, naar straat of van bos- naar parklandschap en tot in de tuin. Men woont direct aan het groen, heeft er zicht op of is heel dichtbij. De groene lopers vormen daarmee ook de sociale dooradering van de wijk. Als plek waar men verblijft, thuiskomt en elkaar tegenkomt, zijn de groene lopers belangrijke ontmoetingsplekken.
Door middel van de vormgeving van de gebouwen en de inrichting van de openbare ruimte, ontstaan binnen de doorlopende groenstructuur verschillende plekken die de geborgen en vertrouwd voelen en de gemeenschap zich eigen kan maken.
Stedenbouwkundige opzet Het landschappelijke raamwerk vormt de onderlegger voor de stedenbouwkundige opzet. De groene lopers definiëren een rationele verkavelingsopzet, maar met een palet aan eigenzinnige buurtjes. De appartementengebouwen vormen de ‘blikvangers’ van Europakwartier-Noord. Het zijn de identiteitsdragers die op strategische plekken staan en daarmee herkennings- en oriëntatiepunten vormen. Centraal door de Tuinen van Poort loopt de ontsluittingsstructuur ‘de omloop’. Deze prikt vanaf de Heliumweg en de Elementendreef aan de zuidzijde de buurt in en vormt in het noorden een ring. De omloop wordt begeleidt door stoere, stadse en kubische bebouwing. Binnen deze omlijsting bevindt zich ‘de binnenwereld’. Langs de groene lopers en de smallere straatjes speelt zich een vriendelijk spel af van kortere bouwblokken, lagere gevels, veranda’s, en een in het oog springend dakenspel. Om de omloop en de binnenwereld heen ligt een geraamte van ‘hoven en erven’. Dit zijn samenhangende architectonische ensembles geïnspireerd op de meer klassieke woningbouwarchitectuur van Dudok. De erven en hoven hebben elk een eigen architectonisch concept en zijn een samenspel van kleinere korrel en grotere eenheden.
Groene lopers Straatjes
Blikvangers (appartementengebouwen)
de Omloop
de Binnenwereld
Hoven en erven
Zie ook bijlage B
18
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
N Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
19
Verticale verbijzondering Plat dak met overstek
Blikvanger / oriëntatiepunt
Groen binnenterrein
Plastische rijkdom
Blinde gevels aan binnenzijde (niet aan de straat)
Horizontaliteit en verticaliteit Gemetselde muur om privaat terrein
Gevelindeling versterkt geleding en lijnenspelk
Balkons onderdeel van de architectuur
Gevel • Raampartijen en gevelindeling versterken de geleding en het lijnenspel. • Een deel van de raampartijen heeft een simpele roedeverdeling. • Metselwerk benadrukt horizontaliteit. • Ornamenten sober; functionele elementen verbijzonderen. • Geen blinde gevels naar straatzijden. • Eventuele nestkasten als strak ornament. Balkons en veranda’s • Balkons versterken de plasticiteit en zijn onderdeel van de architectuur. • Balkons zijn (deels) geïntegreerd en/of kragen minimaal uit. 60
de Blikvangers
Locatie binnen de buurt.
De appartementengebouwen vormen de accenten van de Tuinen van Poort. Strategisch gepositioneerd zijn ze overal langs de invalswegen zichtbaar. De gebouwen vormen het visitekaartje van de wijk.
Hoofdvorm • De appartementengebouwen vormen blikvangers en oriëntatiepunten binnen de wijk. • Het gebouw bestaat uit een asymmetrische compositie van volumes. • De volume-opbouw heeft een plastische rijkdom. • Elk gebouw heeft een verticale verbijzondering in de massa. Zie bijlage D heeft een dominant • Eén gebouw verticaal element als blikvanger.
Architectuur • De architectuur sluit aan op de volumeopbouw en wordt gekenmerkt door een spel van horizontale en verticale elementen waarbij horizontaliteit dominant is. • Elk gebouw heeft altijd minimaal één duidelijk verticaal element. • De architectuur straalt aandacht voor detail uit, met gelaagd metselwerk, zachte hoeken en uitgebalanceerde proporties die een rustig maar rijk gevelbeeld vormen. • Functionele elementen hebben betekenis in de vormgeving. Materiaal en kleurstelling • Verfijnde en hoogwaardige baksteenuitstraling. • Kleurenpalet passend bij de omliggende bebouwing. Frisse, lichtere kleuren. • Accenten lichtgekleurd of passend binnen architectonisch concept. • Kozijnen zijn lichtgekleurd als accent of liggen in lijn met het kleurenpallet van de gevel.
Bergingen en garages • Bergingen zijn opgenomen binnen het volume van het gebouw. • Bergingen zijn voorzien van daglichttoetreding en vormen zo min mogelijk een gesloten gevelwand. Zie ook bijlage G Erfafscheidingen • De erfafscheiding van de gemeenschappelijke buitenruimte bestaat uit een gemetseld muurtje. • De erfafscheidingen houden geparkeerde auto’s zo veel mogelijk het uit het straatbeeld.
64
61
Muurtje passend bij de architectuur, in combinatie met groen, vergroend het beeld en kadert het parkeren af. Balkons als onderdeel van de massa.
Balkons versterken plasticiteit en kragen beperkt uit.
Zie ook bijlage E Daken • Daken zijn plat. • Daken hebben een zichtbare kwalitatieve dakrand in de vorm van een overstek als sterke horizontale lijn. • Platte daken zijn ingericht als natuurdaken. • Zonnepanelen en technische installaties zijn niet zichtbaar vanaf het maaiveld. 62
Eigen terrein • Het eigen terrein van de appartementencomplexen worden afgekaderd door een muurtje in combinatie met een haag. • De parkeerplaatsen bestaan uit grasstenen • Het binnenterrein is groen en vriendelijk ingericht en stimuleert ontmoeting en verblijf. 66
Verticale verbijzondering in massa.
20
59
Eén blikvanger als herkenningspunt.
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Platte daken, horizontale lijnen
67
63
Parkeren op grasstenen. 58
65
Natuurdak i.c.m. zonnepanelen.
Een groen binnenterrein dat uitnodigt tot verblijf.
Indicatief kleurenpalet van de blikvangers past bij de omliggende bebouwing.
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
21
Architectuurbeeld ‘de Blikvangers’
Architectuurbeeld ‘de Omloop’ 68
69
76
Asymmetrische volume-opbouw
Kleurenpalet
Balkons onderdeel van de massa
Plastisch gevelbeeld
70
71
Balkons dragen bij aan plasticiteit gevel
Verfijnde detaillering en overhoekse vormgeving
Horizontaliteit dominant
72
73
Kubische vormentaal Totaalontwerp
Reactie stedenbouwkundige setting
81
80
Kwalitatieve dakrand
Individuele leesbaarheid
Fris kleurenpalet
Gevelindeling en raampartijen
Ritmiek
75
Lijnenspel
82
83
Kwalitatieve dakrand
Architectonische inpassing balkons
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Asymetrische compositie volumes
79
Massa-opbouw
74
22
Metselwerk
78
Metselwerk benadrukt horizontaliteit
Dakrand, lichte accenten
77
Verticale verbijzondering
Metselwerk
Stedelijke begeleiding
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
23
Stevige, stadse opzet
Begeleiding ontsluiting
Minstens 3 lagen aan straatzijde Afleesbare individualiteit Kubisch hoekaccent, krachtige horizontale beweging
Plat dak, kwalitatieve dakrand Muurtjes als erfafscheiding voortuinen Bergingen mee-ontworpen indien aan de buitenzijde van een bouwblok.
Mee-ontworpen muren bij hoekwoningen, i.c.m hagen bij parkeerkoffers en busbaan
de Omloop
Locatie binnen de buurt.
Verbonden door warme kleuren en heldere lijnen, begeleidt de Omloop de hoofd-ontsluiting binnen de Tuinen van Poort. De blokken hebben een stadse en stevige opzet.
Hoofdvorm • De blokken in de omloop hebben een stevige, stadse opzet van ten minste 3 lagen hoog welke een begeleiding vormen langs de dominante infrastructuur. • De hoofdvorm van een bouwblok bestaat uit een asymetrische compositie van volumes. Vanaf een kubisch hoekaccent volgt het een krachtige horizontale beweging. • Geleding en ritmiek begeleidt het gevelbeeld horizontaal vanaf het hoekaccent • Naast de hoekaccenten, heeft ieder blok ten minste één afwijkend, verticaal element.
Asymetrische compositie van volumes
• De architectuur versterkt de volumeopbouw en is een spel van vlakken en lijnen, met een ritmiek van gevelelementen zoals ramen, entrees, erkers en kaprichtingen welke samen een herkenbaar patroon vormen. • Deze ritmiek en repetitie zijn beeldbepalend maar niet monotoon. Het draagt bij aan de individuele afleesbaarheid van de woningen. • Zowel de vormgeving van de woning, als de buitenruimte, erfafscheiding of enig ander element is onderdeel van het architectonisch concept. • De vormgeving van de woningen draagt bij aan een herkenbaar straatbeeld en is onderdeel van Zie ook bijlage C een architectonische eenheid. Het erkent en reageert op reeds ontwikkelde bouw(plannen). • De woningplattegrond sluit aan op het stedenbouwkundige en architectonische concept. Materiaal en kleurstelling • Verfijnde en hoogwaardige baksteenuitstraling. • Toepassing van warme aardekleuren. • Lichte accenten, lichtgekleurde kozijnen.
Architectuur • De architectuur reageert, net als de hoofdvorm, op de stedenbouwkundige setting door middel van dakvormen, hoogtes van gevels en verbijzonderingen op hoeken en in zichtlijnen. • Horizontaliteit en verticaliteit, waarbij de horizontaliteit dominant is.
Gevel • De raampartijen dragen bij aan het ritme van de gevels. • Toepassing van subtiele roedeverdeling. • De gevelindeling versterkt het spel van lijnen en vlakken. • Het basismetselwerk benadrukt de horizontaliteit of, indien van toepassing, de pandgewijsheid. • Afwijkende metselwerkverbanden of kleuraccenten onderbreken de horizontaliteit. • Functionele elementen als ornamenten.
Bergingen en garages • De bergingen, grenzend aan de buitenzijde van het bouwblok of aan een binnenterrein, zijn onderdeel van het architectonisch concept van het hoofdgebouw en daarmee representatief vormgegeven. • Toegangen tot stegen, grenzend aan de buitenzijde van een bouwblok of aan een binnenterrein zijn mee-ontworpen. • De bergingen op hoeken vormen een visueel onderdeel van de massa. 89
Balkons en veranda’s • Erkers zijn mee-ontworpen en dragen bij aan de herkenbaarheid van de individuele woning. • Balkons onderdeel van de massa, bijvoorbeeld als frans balkon, loggia, in combinatie met erker of op een dakvlak. 88 84
85
Begingen visueel onderdeel massa.
Toegangen tot stegen meeontworpen.
Balkons onderdeel van de massa. Bergingen aan buitenzijde blok.
Zie ook bijlage E Daken • Platte daken. • Kwalitatieve dakrand die horizontaliteit van blok benadrukt. Bijvoorbeeld met overstek. • Platte daken zijn ingericht als natuurdaken. • Zonnepanelen worden gecombineerd met natuurdaken. • Zonnepanelen op platte daken zijn niet zichtbaar vanaf het maaiveld. 86
Bergingen aan binnenterrein.
Zie ook bijlage G Erfafscheidingen • De voortuinen hebben een gemetseld muurtje. • Erfafscheidingen van achtertuinen op de hoeken van de Omloop zijn mee-ontworpen met de woning. • Erfafscheidingen grenzend aan de parkeerhoven en busbaan bestaan uit een combinatie van metselwerk met haag of klimop.
87 90
Platte daken. Een overstek versterkt horizontaliteit.
Bergingen aan buitenzijde blok, langs busbaan.
Natuurdak i.c.m. zonnepanelen.
91
92
Metselwerk vormt de basis. Muurtjes in de voortuinen. Meeontwerpen van erfafscheidingen bij de hoekwoningen.
Indicatief kleurenpalet
24
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
25
Groene lopers Zaldeldaken Verticaal accent
Buitenzijde onderdeel van de Omloop
• Woningen in de binnenwereld aan de straatjes hebben op de begane grond een naar binnen geschoven vlak, t.b.v. een bredere Delftse stoep en de versterking van de individuele afleesbaarheid van de woning.
Groene lopers
Veranda’s
Straatjes
Intieme straatjes
96
97
Veranda’s aan de groene lopers.
Naar binnen geschoven gevelvlak aan de straatjes.
Indicatief kleurenpalet van de bebouwing past bij de omliggende bebouwing.
Verticale onderbrekingen
95
Naar binnen geschoven vlak Contrasterende accenten in bijvoorbeeld wit.
Delftse stoep
de Binnenwereld Groene lopers Straatjes
Locatie binnen de buurt.
Omlijst door de omloop liggen de woningen in de Binnenwereld aan intieme straten en weelderige groene lopers. De woningen zijn vriendelijk en kleinschaliger van opzet.
Hoofdvorm • Een bouwblok bestaat uit een asymetrische compositie van volumes. • De blokken aan de groene lopers hebben een kubisch hoekaccent en volgen vandaaruit een krachtige horizontale beweging. • De massa’s kenmerken zich door een opbouw van volumes met plastische rijkdom. • Geleding en ritmiek begeleidt het gevelbeeld horizontaal vanaf de hoek. • Ieder blok ten minste één afwijkend, verticaal element. 93
Kubisch hoekaccent met vandaaruit sterke lijnen.
26
94
In straatjes simpele massa’s met verticale onderbrekingen.
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Architectuur • De Binnenwereld kenmerkt zich door eenduidigheid. De blokken zijn opgedeeld in architectonische families. • Het dak(landschap) speelt een prominente rol. • De gevel heeft een duidelijk lijnenspel; horizontaal en verticaal, horizontaliteit dominant. • Ieder blok heeft ten minste één verticaal architectonisch element. • Verschillende gevelementen vormen samen een herkenbaar patroon. Deze ritmiek en repetitie zijn beeldbepalend maar nooit monotoon. Het draagt bij aan de individuele afleesbaarheid van de woningen. • De vormgeving van de woningen draagt bij aan een herkenbaar straatbeeld en is onderdeel van Zie ook bijlage C een architectonische eenheid. Het erkent en reageert op reeds ontwikkelde bouw(plannen). • De woningplattegrond sluit aan op het stedenbouwkundige en architectonische concept. Materiaal en kleurstelling • Verfijnde en hoogwaardige baksteenuitstraling. • Daken zijn rood of zwart. Zie ‘daken’. • Toepassing van keramische dakpannen. • Aan de groene lopers warme, donkere aardekleuren: genuanceerd rood, bruin. Aan de straatjes een lichter palet. • Lijnvormige accenten hebben een sterke contrastkleur, bijvoorbeeld (gebroken) wit. • Kozijnen aan de lopers zijn lichtgekleurd, aan de straatjes lichtgekleurd of passend bij gevel.
Gevel • De raampartijen dragen bij aan het ritme van de gevels. • Toepassing van subtiele roedeverdeling. • De gevelindeling versterkt het spel van lijnen en vlakken. • Het basismetselwerk benadrukt de horizontaliteit of, indien van toepassing, de pandgewijsheid. • Afwijkende metselwerkverbanden of kleuraccenten onderbreken de horizontaliteit. • Eventuele nestkasten vormgeven als ornament. Balkons en veranda’s • Woningen aan de groene lopers hebben (verplicht) een veranda. • De veranda omvat de gehele voortuin, met uitzondering van een eventuele haag of meeontworpen plantenbak. • De veranda’s zijn aaneengeschakeld. • De veranda is mee-ontworpen en heeft een architectonische betekenis binnen de gevelopzet. Er ligt een nadruk op horizontale lijnen en de individuele herkenbaarheid van de woning. • Heldere vormgeving met brede balken en stevige kolommen die de veranda een robuuste, draagkrachtige uitstraling geven. • Dichte of halfopen overkapping door middel van een halve kap (doorlopend vanaf het dak) of een open lattenstructuur die deels schaduw geeft. • De veranda faciliteert opgaand groen. • Erkers zijn mee-ontworpen en dragen bij aan de herkenbaarheid van de individuele woning.
Zie ook bijlage E Daken • Daken hebben een zadelkap. • Daken aan de groene lopers zijn rood. Aan de straatjes rood of zwart. • Het daklandschap is een in-het-oog springend, dominant element. • De daken hangen over en hebben een goot / overstek als sterke horizontale lijn. • De hoogte en positionering van de kappen is een reactie op de stedenbouwkundige setting. • De kap van een deel van de woningen loopt door tot goothoogte van de begane grond. • Zonnepanelen op kappen zijn bij voorkeur geïntegreerd. • Niet-geïntegreerde zonnepanelen op kappen hebben een duidelijke indeling en passen in kleurstelling bij de vormgeving van het dak.
98
99
Landschap van rode daken.
Zonnepanelen geïntegreerd en/of in juiste kleurstelling.
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
27
Bergingen en garages • De bergingen, grenzend aan de buitenzijde van het bouwblok of aan een binnenterrein, zie pagina 25, zijn onderdeel van het architec tonisch concept van het hoofdgebouw en daarmee representatief vormgegeven. • Toegangen tot stegen, grenzend aan de buitenzijde van het bouwblok of aan een binnenterrein zijn mee-ontworpen. Zie ook bijlage G Erfafscheidingen • Woningen aan de groene lopers, hebben de voortuinen geen erfafscheiding maar een veranda (met uitzondering de kubische hoeken). • Woningen aan de straatjes hebben een Delftse stoep. De gevel op de begane grond ligt iets naar binnen. • Erfafscheidingen van achtertuinen met kubische hoeken zijn mee-ontworpen (zie ook ‘erfafscheidingen’ bij ‘de omloop’).’ • Erfafscheidingen grenzend aan de parkeerpockets bestaan uit een combinatie van metselwerk met een haag of klimop. (zie ook ‘erfafscheidingen’ bij ‘de omloop’).
Sfeerimpressie van een groene loper in de Binnenwereld.
28
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
29
Architectuurbeeld ‘de Binnenwereld’
Architectuurbeeld ‘erven en hoven’ 100
107
Hoekaccenten en horizontale bewegingen
Reactie op stedenbouwkundige setting
Samenspel met groen
Gevelindeling
101
Accenten in volume en dakvorm
109
102
108
110
Geleding en ritmiek Verticale accenten
Reactie dak op stedenbouwkundige setting
103
Fris kleurenpalet
104
Binnen en buitenwereld
111
112
Kleurenpalet Daklandschap
Mee-ontworpen veranda’s
105
Groene veranda’s, connectie met buitenruimte
30
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Grotere eenheden en kleine korrel
106
Zadeldaken
113
Ritme en lijnen
Pandsgewijsheid
114
Totaalontwerp
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
31
Samenspel kleinere korrel en grotere eenheden Kwalitatief binnenterrein
Zadelkap
Reactie op stedenbouwkundige positionering
Geleding en ritmiek
• Zonnepanelen op kappen zijn bij voorkeur geïntegreerd. • Niet-geïntegreerde zonnepanelen op kappen hebben een duidelijke indeling en passen in kleurstelling bij de vormgeving van het dak. 118
Baksteenuitstraling of licht pleisterwerk
Totaalontwerp Bergingen en erfafscheidingen mee-ontworpen
Uniforme erfafscheiding
Erven en hoven Een palet aan eigenzinnige buurtjes. Elk erfje en hofje vormt een samenhangend ensemble, geïnspireerd op de meer klassieke architectuur van Dudok. Locatie binnen de buurt.
Hoofdvorm • De woonblokken zijn een samenspel van kleinere korrel en grotere eenheden. • De ensembles hebben een meer symetrische opzet. • Geleding in de gevel versterkt de horizontale geleding of verticale ritmiek. • De massa reageert op de stedenbouwkundige setting, bijvoorbeeld bij hoeken van het ensemble, poorten en middendelen.
115
Grotere eenheden
32
116
Kleinere korrel
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Architectuur • Elk ensemble vormt één architectonische familie. • Het ensemble is een gesamtkunstwerk met een sterk architectonisch concept. Samenhang tussen onder meer bebouwing, tuinen, afscheidingen en eventuele gemeenschappelijke ruimtes. • Contrast tussen horizontaliteit en verticaliteit • Contrast tussen eenduidigheid en individualiteit. • De woningplattegrond sluit aan op het stedenbouwkundige en architectonische concept. Materiaal en kleurstelling • Verfijnde en hoogwaardige baksteenuitstraling of pleisterwerk. • Pleisterwerk betreft maximaal 80% van het geveloppervlak, of aantal woningen binnen een ensemble. • Elk ensemble (erf of hof) heeft een eenduidig kleuren- en materiaalconcept. • Het kleurenpalet is in de basis licht en fris. • Witte kleurstelling betreft maximaal 90% van het geveloppervlak of aantal woningen binnen een ensemble. • Toepassing van keramische dakpannen.
119
Frisse kleurstelling, indicatie kleurenpalet
Gevel • De raampartijen dragen bij aan het ritme van de gevels. • Toepassing van subtiele roedeverdeling. • De gevelindeling versterkt het spel van lijnen en vlakken. • Het basismetselwerk benadrukt de horizontaliteit of de pandgewijsheid. • Afwijkende metselwerkverbanden of kleuraccenten onderbreken de horizontaliteit. 117
Pandsgewijsheid
Eenduidigheid
Bergingen en garages • De bergingen, grenzend aan de buitenzijde van het bouwblok of aan een binnenterrein, zie pagina 25, zijn onderdeel van het architec tonisch concept van het hoofdgebouw en daarmee representatief vormgegeven. • De bergingen op hoeken vormen een visueel onderdeel van de massa. • Toegangen tot stegen, grenzend aan de buitenzijde van een bouwblok of aan een binnenterrein zijn mee-ontworpen. 120
Lijnen of structuur
121
Gevelindeling
Balkons en veranda’s • Eventuele erkers zijn mee-ontworpen en dragen bij aan de herkenbaarheid van de individuele woning. • Balkons onderdeel van de massa, bijvoorbeeld als frans balkon, loggia, in combinatie met erker of op een dakvlak.
Bergingen en erfafscheiding als onderdeel van het architectonische concept
Bergingen / erfafscheidingen op hoeken visueel onderdeel massa
Zie ook bijlage E Daken • De daken hebben een zadelkap. Afwijken alleen onderbouwd en in relatie tot sterk architectonisch concept. • De daken zijn een architectonisch onderdeel van de bebouwing en hebben een duidelijk ontwerpprincipe. • De kleur van de daken past bij het architectonisch concept.
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
33
Zie ook bijlage G Erfafscheidingen • De erfafscheidingen van alle woningen binnen een ensemble zijn consistent vormgegeven. • Type erfafscheiding sluit aan op architectonisch concept en locatie. • Consistente erfafscheiding loopt ook door rondom gezamenlijke buitenruimtes, binnenplaatsen en parkeerterreinen. • Indien er in achtertuinen wordt geparkeerd, worden de parkeerplaatsen integraal met de erfafscheiding mee-ontworpen. Bijvoorbeeld door het aanleggen van uniforme erfafscheidingen rondom de parkeerplek. 122
123
Zie ook bijlage H Poorten • Poorten bieden toegang tot een hof, erf of (deels) omsloten binnenterrein. • Poorten vormen de overgang tussen de publieke en meer besloten ruimte. • De locatie van de poort reageert op de stedenbouwkundige setting van het ensemble. • De poort is overbouwd en ruim vormgegeven met een hoogte van minimaal 1,5 verdieping. • De massa reageert op de poort. Bijvoorbeeld met een hogere gevel of verspringing van de gevellijn. • De poorten vormen een accent binnen een eenduidig gevelbeeld • De poorten hebben een geabstraheerde vorm, maar zijn tegelijkertijd verhalend vormgegeven en hebben een karaktervolle rollaag of omlijsting. 124
Consistentie.
125
Rondom gemeenschappelijke buitenruimtes.
Kwalitatieve en uniforme vormgeving van parkeren op eigen terrein
Ruime, overbouwde poort. Massa reageert op poort.
Verhalende poort in poortgebouw. Spel van open en besloten ruimtes.
Sfeerimpressie van een deel van de Erven en Hoven, met op de achtergrond een deel van de Omloop zichtbaar.
34
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
35
06 de Regenerven Stedenbouwkundige en landschappelijke opzet van de Regenerven
Wonen in een regenlandschap: de Regenerven bestaat uit een vijftal unieke woonerven in een extensief, natuurlijk landschap. Als gecultiveerde eilanden, omgeven door extensieve regentuinen, heeft elke woning een binding met het landschap waar het water zich een weg door baant van wolk tot gracht. Elk erf heeft een eigen identiteit en is een herkenbaar thuis voor de bewoners, met ruimte voor gemeenschapszin en ontmoeting.
Heliumweg als royale laan
Sfeerbeeld van de Regenerven
Aan de buitenzijde vormen de woningen een krachtig, aaneengeschakeld ‘bastion’. De architectuur is zorgvuldig afgestemd, met een verfijnde korrelgrootte en een sterke samenhang. Gebouwen, openbare ruimte en tuininrichting zijn ontworpen als één geheel, waardoor een harmonisch ‘gesamtkunstwerk’ ontstaat. De bebouwing bestaat voornamelijk uit rijwoningen, met een enkel appartementengebouw en een cluster twee-onder-een-kapwoningen. De tweekappers vallen onder de sfeer ‘losse korrel’, terwijl het appartementengebouw Zie ook bijlage B behoort tot de ‘blikvangers’. Binnen het gebied staat één bestaand gebouw: de Baitul Afiyat Moskee. Deze wordt omgeven door een levendige ontmoetingsplek voor de buurt, speels geïntegreerd in het landschap. Architectonisch maakt de moskee geen deel uit van de buurt.
Bebouwing als bastion
De Regenerven wordt aan de zuidzijde begrenst door de Heliumweg. Als één van de belangrijkste toegangswegen binnen de wijk ontsluit het alle drie de buurten. De weg vormt een royale laan met aan weerszijden een doorlopende boomstructuur en langsparkeren. Hier ervaart men zowel het karakter van de Regenerven als het parklandschap van Onder de Linden.
Stedenbouwkundige opzet benoemen erven en De woningbouw ligt ingeklemd hoven tussen de gracht en de Heliumweg en volgt de stedenbouwkundige typologie van erven en hoven. Zie ook bijlage B De gebouwen zijn gegroepeerd en vormen als het ware een erf, soms rondom een intieme groene binnenplaats. Hier komen bewoners thuis, ontmoeten de buren en parkeren de auto. Er is ruimte voor een hechte gemeenschap. Deze erven liggen als ‘eilanden’ in het landschap, omringd door regentuinen. Alle woningen richten zich op dit landschap maar zijn net zo goed onderdeel van het erf en de binnenplaats.
Extensief regenlandschap
Landschappelijk raamwerk De woonerven worden omgeven door een landschap van extensieve regentuinen, waar het water op een zichtbare manier wordt afgevoerd. Met elk seizoen en elke bui wisselt het landschap van gedaante, en is het regenwater zichtbaar is gemaakt via gootjes, hoogtes en laagtes. De kleuren van grassen, bomen en planten verkleuren met elk jaargetijde. Aan de noordzijde grenst de bebouwing aan de natuurlijke oever van de gracht. Aan de oost-, zuid- en westzijde wordt het omzoomd door gecultiveerde beplanting als overgang naar het natuurlijke landschap. De toegangen tot de woningen en de erven worden ervaren als een overbrugging over of door de regentuinen. Elk erf, met uitzondering van de tweekappers, heeft een ontmoetingsplaats aan de oever.
N Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
37
Geen of natuurlijke erfafscheiding Het erf: parkeren, thuiskomen en ontmoeten
Lijnen en vlakken
Zichtbare bergingen mee-ontworpen
Plat dak met overstek
Architectuurbeeld 129
Regenlandschap
Karaktervolle poorten Uniforme, gemetselde erfafscheiding
Verbijzonderde entree binnenplaats
Kubische vormgeving: massa’s, gevelvlakken en lijnen
Architectonische familie
Bastion vanaf Heliumweg
Parkeren langs Heliumweg
131
De architectuur van de woningen kan worden gedefinieerd als romantisch-kubisch. Het is een eigentijdse benadering van de kubische gebouwen van Dudok, waar het spel van volumes, gevelvlakken en overstekken bepalend zijn voor het beeld. De woningen worden geclusterd in ensembles met een sterke samenhang in architectuur en openbare ruimte
Materiaal en kleurstelling • Verfijnde en hoogwaardige baksteenuitstraling. • Metselwerk versterkt horizontaliteit. • Frisse, lichte kleurstelling. • Kleurenpalet gevel is beige, wit, genuanceerd geel. • Kleur van de kozijnen is licht, of in lijn met kleurenpalet van de gevel.
Hoofdvorm • De bebouwing vormt als het ware een bastion. • Plasticiteit en ritmiek verkleinen de massa en korrel. Bijvoorbeeld door setbacks en verspringingen in de gevellijn. • Hoeken worden gemarkeerd door accenten. • Ten minste één hoekaccent vormt een duidelijke blikvanger vanaf de Heliumweg. Architectuur • Elk erf of hof vormt één architectonische familie. • Hoekaccenten hebben een kubische vormgeving hebben van over elkaar heen schuivende massa’s en gevelvlakken. Van hieruit ontstaan ritmiek en horizontale lijnen die in de naastgelegen woningen dominant zijn. • Horizontaliteit en ritmiek wordt bereikt door gevelvlakken, dieptewerking, raampartijen en dakranden. • Vorm volgt massa: gevelarchitectuur en openingen reageren en versterken de horizontale of verticale bewegingen in de gevel. • Appartementengebouw representatief vormgegeven, blikvanger bij de entree van de wijk. • De woningplattegrond sluit aan op het stedenbouwkundige concept. Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
132
Horizontale lijn vanuit hoekaccent Hoekaccenten
Plasticiteit en ritmiek verkleinen korrel
133
38
130
Indicatief kleurenpalet
134
Erfafscheidingen onderdeel van ontwerp Verkleinen korrel; setbacks, metselwerk, raampartijen
Gevel • Horizontaliteit wordt bereikt door gevelvlakken, dieptewerking, raampartijen en dakranden. • Vorm volgt massa: gevelarchitectuur en openingen reageren en versterken de bewegingen in de gevel. • Toepassing van subtiele roedeverdeling. • Metselwerk versterkt horizontaliteit. • Functionele elementen, zoals nestkasten, deuren of raampartijen, als ornamenten. 126
Nestkasten
127
128
135
Markering entree tot binnenplaats
136
137
Karaktervolle poort
Lichte kleurstelling
Horizontaliteit in metselwerk
Gelaagdheid in openbare ruimtes
Plat dak, overstek
Plasticiteit
Metselwerk volgt massa
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
39
Zie ook bijlage E Daken • Platte daken. • Kwalitatieve dakrand, met overstek ter versterking van horizontaliteit. • Platte daken zijn ingericht als natuurdaken. • Zonnepanelen worden gecombineerd met natuurdaken. • Zonnepanelen op platte daken zijn niet zichtbaar vanaf het maaiveld. 138
Platte daken. Een overstek versterkt horizontaliteit.
139
Natuurdak i.c.m. zonnepanelen.
Bergingen en garages • De bergingen, grenzend aan de buitenzijde van het bouwblok of aan een binnenterrein, zie pagina 25, zijn onderdeel van het architec tonisch concept van het hoofdgebouw en daarmee representatief vormgegeven. 140
Zie ook bijlage H Poorten • Aan de west-, zuid- en oostzijde wordt de toegang tot het binnenterrein gemarkeerd door een poort of verbijzonderde entree. • Poorten vormen de overgang tussen de publieke en meer besloten ruimte. • De poorten zijn een in het oog springend architectonisch accent. • De massa van de bebouwing reageert op de poort. Bijvoorbeeld met een verlaging of verhoging van de bouwmassa, een architectonische markering of verspringing van de gevellijn. • De poort is overbouwd en ruim vormgegeven met een hoogte van minimaal 1,5 verdieping. • De verbijzonderde entree, Zie ook bijlage H , vormt een duidelijk gemarkeerde toegang voor autoverkeer en is een open ruimte in de gevelwand van het ensemble. • De entree is verbijzonderd met abstracte architectonische elementen die ook terugkomen in de architectuur van het ensemble.
142
143
Hoven en erven • De bebouwing is georganiseerd in vijf woonerven. • Enkele woonerven beschikken over een binnenplaats. • Deze binnenplaatsen bieden ruimte voor ontmoeting tussen buren en stimuleren het ontstaan van een hechte gemeenschap. • Op de binnenplaats komen bewoners thuis; hier kunnen zij zowel parkeren als elkaar ontmoeten. • De binnenplaatsen krijgen een groene, uitnodigende inrichting waar parkeren en ontmoeten op een natuurlijke manier worden gecombineerd. 148
149
Groene inrichting, faciliteren van ontmoeting.
Parkeren is op een natuurlijke manier ingepast.
150
151
Grachtwoningen • De twee-onder-één-kappers aan de gracht vallen binnen de sfeer van ‘losse korrel’. • De woningen worden gebouwd op het talud. • De woningen hebben de uitstraling van patiowoningen: de erfafscheidingen welke zichtbaar zijn vanaf de Heliumweg zijn meeontworpen alszijnde een visueel onderdeel van het gebouw. De erfafscheidingen hebben dezelfde kleurstelling en materialisering als het hoofdgebouw. • Aan de waterzijde heeft de woning een buitenruimte. • De kapvorm voor de grachtwoningen staat vrij. 152
Bouwen op het talud 153
154
141
Verbijzonderde entree met herkenbare architectonische elementen.
Verhalende poort in poortgebouw. Spel van open en besloten ruimtes.
Groene, uitnodigende inrichting.
Parkeren op grasstenen.
Vormgeven als patiowoning
Relatie met het water
Zie ook bijlagen B, E en G 144
Berging mee-ontworpen of niet zichtbaar achter muur.
Bergingen architectonische familie
Zie ook bijlage G Erfafscheidingen • Erfafscheidingen zijn een onderdeel van de opzet als bastion. • Erfafscheidingen van voortuinen bestaan bij de oost-, zuid- en westzijde uit een tuinmuur passend bij de architectuur van de woning. • Aan de noordzijde langs de watergang bevindt zich geen, of een groene, erfafscheiding. • De tuinen, erfafscheidingen en openbare ruimte vormen een gesamtkunwstwerk met de bebouwing. • Erfafscheidingen van achtertuinen aan de noordzijde bestaan uit een haag of klimop en in het binnenterrein i.c.m. een muurtje.
40
145
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
Appartementengebouw: blikvanger • Het appartementengebouw in de zuidelijke punt van de Regenerven behoort tot de sfeer ‘blikvangers’. Hier gelden de randvoorwaarden zoals beschreven bij de ‘Blikvangers’ in de Tuinen van Poort, vanaf pagina 20. Zie ook bijlagen A, B en G
Mee-ontworpen erfafafscheidingen in de vorm van gemetselde muren. 146
Muurtje in combinatie met een haag.
147
Groene voortuin aan grachtzijde.
155
156
Omlijsting van natuurlijk, kruidenrijk landschap met hoogtes en dieptes: opvang en afvoer
Water als identiteit De weg die het water aflegt, van wolk tot gracht, is de basis voor de identiteit van de regenerven. Het watersysteem van opvangen en afvoeren wordt zichtbaar gemaakt in de openbare ruimte, de gezamenlijke terreinen en in de vormgeving van de woningen. 157
158
159
Zichtbaar maken van waterafvoer in bebouwing en bestrating
Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
41
07 Onder de Linden
Verkavelingsplankaart van Onder de Linden
In het overweldigende parklandschap van het Cascadepark bevinden zich drie kleinschalige buurtjes: Onder de Linden. Omgeven door het groene carré is het park altijd aanwezig. Geborgen en vertrouwd, vormen de kleinschalige buurtjes als het ware tuinen verscholen in het park. Landschappelijk raamwerk De drie buurtjes bevinden zich in de oostelijke uitloper van het Cascadepark: het centrale park van Almere Poort dat dwars door het stadsdeel heen slingert. Fiets- en wandelroutes verbinden de verschillende wijken, buurten en voorzieningen met elkaar. In het oostelijke deel van dit landschap bevinden zich vier ‘tuinkamers’. In de meest noordelijke bevindt zich een basisschool. In de overige drie kamers worden ‘woontuinen’ ontwikkeld: drie eigenzinnige buurtjes die enigszins verdiept liggen ten opzichte van het verhoogde omliggende groene carré. Het landschap begeleidt de bewoners van de wijk naar hun buurt, straat, tuin, tot in de woning. Het carré met de strakke bomenstructuur definieert de vorm van het park en scheidt de woonwijken en buurten van elkaar. Grote bomen in formele rijen flankeren de straten en zijn een contrast met het weelderige landschap van kruidenrijke graslanden, extensieve beplanting en slingerende paden. Elk seizoen verandert het park van gedaante. Het parklandschap ligt op een verhoogd grondlichaam en omsluit de tuinkamers.
Door middel van een unieke constructie met begroeide stapelzoden loopt het verhoogde park door tot aan de straat. Incisies in de grondlichamen verbinden de kamers met de omliggende paden en straten en zorgen dat het water kan worden afgevoerd.
Stedenbouwkundige opzet De drie buurtjes hebben de stedenbouwkundige Zie ook bijlage B en typologie van losse korrel worden opgezet als ‘woontuinen’: groene, gecultiveerde open ruimtes binnen het weelderige park met voornamelijk vrijstaande woningen en tweekappers. Ze zijn kleinschalig van opzet en hebben een intiem, geborgen en vertrouwd karakter. Net als een tuin heeft het een georganiseerd karakter, maar biedt het tegelijkertijd ruimte voor architectonische verscheidenheid en individualiteit per woonkorrel. De meeste vrijstaande woningen worden ontwikkeld in particulier opdrachtgeverschap (PO), terwijl de twee-onder-een-kapwoningen en rijwoningen projectmatig worden gerealiseerd. Door het gebruik van enkele consistente elementen wordt vrijheid geboden maar vormen de buurten tegelijkertijd een herkenbare eenheid. De woontuinen zijn opgezet met een ringweg en een enkele cul-de-sac die de woningen ontsluit. De woningen zijn naar de straten toe georiënteerd, waardoor vanuit bijna elke woning, en vanuit elke straat, het park te ervaren is. De openbare ruimte binnen de buurt is beperkt: het leven van de bewoners speelt zich af op de eigen kavel en in het omringende parklandschap.
Extensief parklandschap
Stapelzoden
Woonstraat
Sfeerbeeld van Onder de Linden
Stapelzoden
N Europakwartier-Noord | Tuinstad in Harmonie
43
Asymmetrische massa
Hoge nokken, steile kappen
Verticaal accent
Daklandschap
Architectuurbeeld
Grotendeels parkeren op eigen terrein
160
Schoorsteen als omhooggaand element
Groen carré
Asymmetrische opzet
Zwart dak Hoogteverschil met stapelzoden
Mee-ontworpen garages en bergingen Hagen in voortuin en langs de straat
De woningen in Onder de Linden hebben een romantische en warme uitstraling. Ingebed in het groen wordt het beeld bepaald door de asymmetrische volumes met een daklandschap van hoge nokken, steile kappen en overstekken. Verticale elementen, geïnspireerd op Dudok, springen in het oog. De buurtjes kennen een variätie aan verschillende woningen, maar vormen als buurt een eenheid door consequente toepassing van enkele specifieke ontwerpelementen.