bijlage 1 bij RB 7 - Lokaal programma Uitvoering en Handhaving 2026
Tekst van het document
Dit is een set afspraken, die bevoegde gezagen en hun adviseurs in staat stellen op de juiste wijze advies te vragen en de ontvangen. Centraal staat de Samenwerkingsfunctionaliteit van het Digitaal Stelsel Omgevingswet: een uitwisselingsplatform voor adviesverzoeken aan ketenpartners. In gevallen waarin overleg gewenst is tussen adviseur en behandelaar van een aanvraag staan uiteraard de telefoon, mail of Teams-vergadering ter beschikking. De communicatie tussen aanvrager en behandelaar vindt vooral plaats via mail, al dan niet met een telefonische toelichting. Hiermee worden korte lijnen onderhouden, hetgeen voor de klant plezierig is. Verbeteren informatievoorziening: Verbeterpunt is de informatievoorziening. Dit is een meerjarig traject. Door verbetering kunnen VTH-prestaties beter worden gemonitord en kan de inzet waar nodig worden bijgestuurd. In 2026 worden hiervoor werkzaamheden uitgevoerd. Met het uitrollen van procesmanagement binnen Vergunningverlening en Naleving wordt ook extra aandacht gevraagd voor het correct vastleggen van gegevens in ons zaaksysteem PowerBrowser. Eenduidige registratie van zaakkenmerken en – resultaten van vergunning- en meldingszaken leidt tot verbetering van rapportages en mogelijkheid tot bijsturen.
▪ Bijdrage aan het behalen van beleidsdoelen Bouwwerken die niet voldoen aan regelgeving kunnen onveilig en ongezond zijn voor de gebruiker, of bijvoorbeeld niet energiezuinig. Voorafgaand aan het verlenen van de vergunning of het accepteren van een melding wordt gecontroleerd of voldaan wordt aan de te stellen eisen. Wanneer dat niet het geval is, wordt om aanvulling gevraagd. Blijkt dat de gegevens onvoldoende zijn, dan wordt de aanvraag niet verder behandeld. Zijn er voldoende gegevens, maar kan het bouwwerk niet voldoen aan de gestelde eisen, dan moet deze worden geweigerd. Voordat hiertoe wordt overgegaan, vindt er intensief contact plaats met de initiatiefnemer. In de praktijk blijft het aantal niet volledige aanvragen dan wel geweigerde vergunningen beperkt.
Pagina 22 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
5.
Naleving
Naleving van regelgeving is in onze maatschappij geen vanzelfsprekendheid. Samen met ketenpartners houden wij actief toezicht op veiligheid en leefbaarheid. Waar toezicht en het aanspreken van overtreders niet leidt tot normconform gedrag, wordt opgetreden op basis van het VTH beleid en het juridisch instrumentarium dat ons ter beschikking staat.
5.1 Bouwen en ruimtelijke ordening Gezien de risico’s van bepaalde activiteiten in de fysieke leefomgeving en vanwege overlastsituaties is het toezicht op naleving van regels cruciaal. Het doel van toezicht op bouwen en ruimtelijke ordening is dat het naleven van de gestelde regels leidt tot een kleinere kans op het ontstaan van risico’s. Toezicht vindt op verschillende momenten, op verschillende aspecten door verschillende toezichthouders plaats, al dan niet gezamenlijk in het kader van een integrale aanpak. Daarbij worden verschillende fasen onderscheiden: De realisatiefase richt zich voornamelijk op de activiteiten aanleggen, bouwen en inrichten. Het vergunningsgerichte toezicht vormt de hoofdmoot: er wordt toezicht gehouden vanwege bijvoorbeeld een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen. -
Bij het toezicht in de gebruiksfase gaat het om objectcontroles, zoals het gebruik op basis van de bestemming (toezicht ruimtelijke ordening) en de controle op brandveilig gebruik.
-
Bij toezicht in de sloopfase wordt toezicht gehouden op het slopen van bouwwerken, al dan niet in combinatie met de verwijdering van asbest.
Ook hanteren wij verschillende vormen van toezicht, die naast elkaar kunnen worden gebruikt. Veel gebruikte vormen van toezicht zijn: -
-
-
Gebiedsgericht toezicht: Dit is toezicht in het vrije veld. Deze vorm van toezicht is gericht op het preventief aanwezig zijn in een stadsdeel, op een bedrijventerrein of in het buitengebied. Bij deze vorm van toezicht wordt rekening gehouden met de kans dat niet-naleving van regels zich zal voordoen en activiteiten plaatsvinden die niet bij ons bekend zijn, terwijl men dit wel had moeten melden, of activiteiten die onwenselijk zijn. Zo kan zicht worden verkregen op illegale activiteiten of overlast. Dit vergroot de leefbaarheid in onze stad. Vanwege de Omgevingswet wordt versterkt ingezet op gebiedstoezicht. Thematisch toezicht: Deze vorm van toezicht richt zich op een bepaald thema uit de regelgeving. Zo wordt in korte tijd inzicht gekregen in de omvang van de problematiek of het naleefgedrag voor dat thema. Een voorbeeld is het toezicht op energielabel C bij kantoren. Toezicht vanwege klachten, incidenten en (lopende) handhavingsprocedures. Reden voor deze controle is een binnengekomen klacht of melding van een incident of calamiteit, of mogelijk illegale situatie. Ook is het mogelijk dat vanwege de hiervoor genoemde toezichtvormen een handhavingsprocedure wordt gestart om overtredingen op te heffen. Tijdens deze procedure is het nodig een vinger aan de pols te houden of de illegale situatie al dan niet is opgeheven en/of er sancties nodig zijn.
Toezicht bouwen en ruimtelijke ordening Dit toezicht heeft betrekking op de uitvoering van omgevingsvergunningen voor de activiteit bouwen. Op voorhand is de werkvoorraad niet exact te bepalen.
Pagina 23 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
Evenals bij vergunningverlening is bij het bouwtoezicht sprake van een krimpende werkvoorraad op basis van de Wabo. De grote stroom van bouwaanvragen die het laatste kwartaal 2023 is ingediend, kwamen in 2024, en hoofdzakelijk 2025 tot uitvoering. De werkvoorraad op basis van de Wabo is dermate geslonken, dat deze niet significant bijdraagt aan de totale werkvoorraad voor 2026. Het vergunningsgerichte bouwtoezicht is afgestemd op de bouwprognose. Voor de lichtste categorie bouwwerken beperkt de controle zich tot een eindcontrole. Deze prioritering is opgenomen in ons VTH-beleid. Bij het technische bouwtoezicht wordt uitgegaan van de indeling in gevolgklassen op basis van de Wkb. Op dit moment valt alleen nieuwbouwprojecten gevolgklasse 1 onder de Wkb. Verbouwprojecten in gevolgklasse 1 volgen op een later moment. Van de gevolgklassen 2 en 3 is niet bekend of en wanneer deze in werking treden. Het toezicht op bouwwerken in gevolgklasse 1 is naar verwachting in 2026 beperkt. Om ervaring op te doen met de werkwijze van kwaliteitsborgers zijn in 2026 steekproeven voorzien. Op basis van de resultaten van de steekproeven wordt in 2026 bepaald, of er meer steekproeven nodig zijn. Het bouwtechnisch toezicht wordt immers primair uitgevoerd door de kwaliteitsborger op basis van het kwaliteitsborgingsinstrument.
Het toezicht op basis van gevolgklasse 1 (onderdeel verbouw) en gevolgklasse 2/3 vallen (nog) niet onder het stelsel van private kwaliteitsborging. Dit bouwtoezicht wordt uitgevoerd door gemeentelijke bouwinspecteurs. Toezicht bouwtechnische activiteiten Omgevingswet
Aantal
Ureninzet
Bouwactiviteit technisch (Gevolgklasse 2/3; bouwsom < €100.000)
55
129
Bouwactiviteit technisch (Gevolgklasse 2/3; bouwsom (€100k - €1.000k)
48
248
Bouwactiviteit technisch (Gevolgklasse 2/3; bouwsom (> €1.000.000)
10
138
Bouwactiviteit melding (gevolgklasse 1 bouwwerk Wkb)
177
89
Toezicht slopen (excl. asbest)
62
372
Informatieplicht start en einde bouw
177
35
Gereedmelding Wkb
150
225,0
Totaal
1236
Naast toezicht op bouwtechnische activiteiten wordt toezicht op de ruimtelijke regels uitgevoerd. Dit toezicht richt zich op met name op naleving van de vergunning voor de omgevingsplanactiviteit. Categorie toezicht omgevingsplanactiviteiten Omgevingswet
Aantal
Ureninzet
Bouwactiviteit (ruimtelijk) < € 50K
102
204,0
Bouwactiviteit (ruimtelijk) € 50K – € 100K
48
240,0
Bouwactiviteit (ruimtelijk) € 100K – € 250K
66
660,0
Bouwactiviteit (ruimtelijk) € 250K – € 500K
52
728,0
Bouwactiviteit (ruimtelijk) € 500K – € 1mln
9
243,0
Bouwactiviteit (ruimtelijk) € 1 mln – € 5 mln
11
429,0
Bouwactiviteit (ruimtelijk) € 5 mln – € 10 mln
1
52,0
Bouwactiviteit (ruimtelijk) > € 10 mln
1
65,0
Totaal
2621,0
Pagina 24 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
Naast het bouwtoezicht vindt er ook toezicht plaats op andere thema’s die betrekking hebben op het Omgevingsplan. Toezicht overige activiteiten Omgevingswet
Aantal
Ureninzet
Toezicht aanleg
1
3
Toezicht (gemeentelijk of rijks-) monument
4
24
Totaal
27
Gebiedsgericht toezicht Bij deze vorm van toezicht wordt rekening gehouden met de kans dat niet-naleving van regels zich zal voordoen bij activiteiten die niet bij ons bekend zijn, terwijl dit gemeld had moeten worden. Het kan ook gaan om activiteiten die onwenselijk zijn. Zo kan zicht worden verkregen op illegale activiteiten of overlast. Gebiedstoezicht
Ureninzet
Vrije veld toezicht
250
Toezicht (illegale) bouw vanuit constateringen BAG
100
Controle bedrijventerreinen
300
Totaal
650
Themagericht toezicht Er wordt toezicht gehouden op een bepaald thema uit regelgeving. Zo wordt inzicht gekregen in de omvang van de problematiek of het naleefgedrag voor dat thema. Themagericht toezicht
Ureninzet
Controle Gustos
50
Controle kwaliteitsimpuls groene omgeving / Rood voor Rood
130
Totaal
180
Toezicht vanwege vragen, meldingen en handhavingsverzoeken Dit betreft Omgevingswet-gerelateerd toezicht vanwege vragen, meldingen en handhavingsverzoeken. Toezicht vragen, meldingen en handhavingsverzoeken
Ureninzet
Behandelen klachten over bouwen en RO
400
Behandelen klantvragen bouwen
120
Controle handhavingsverzoeken en bezwaar
350
Handhaving brandveilig gebruik bouwinspecteur
100
Totaal
970
Pagina 25 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
Werkvoorraad en capaciteit Het geplande toezicht op basis van de Omgevingswet en de Wabo bedraagt 4,53 fte. Vanuit vaste formatie is 3,00 fte beschikbaar. Hierdoor is sprake van een rekeningkundig tekort van 0,53 fte. Werkvoorraad versus capaciteit - Vergunningen en meldingen Werkvoorraad totaal ( 6.454 uur)
4,61 fte
Beschikbare capaciteit bouwinspecteurs en toezichthouders gebied & gebruik (6.230 uur)
4,45 fte
De ervaring leert dat niet alle bouwwerken binnen een jaar na vergunningverlening worden gerealiseerd. De start bouw ligt voor een aantal bouwwerken in 2026 of later. Daarnaast wordt in 2026 verder gegaan met het projectmatig intrekken van omgevingsvergunningen voor de activiteit bouwen waar geen uitvoering aan is gegeven. Een toelichting hierop is opgenomen in hoofdstuk 8. Dit verkleint het benodigde aantal uren bouwtoezicht, waardoor het rekenkundig verschil kleiner wordt. Daarom kan op voorhand niet met zekerheid worden gesteld dat sprake is van een tekort in bouwtoezicht. Vooralsnog wordt uitgegaan van voldoende capaciteit voor uitvoering in 2026. De uitvoering wordt gedurende het jaar gemonitord. Indien nodig worden na bestuurlijke afstemming opnieuw prioriteiten gesteld of tijdelijk formatie ingehuurd.
5.2 Constructieve veiligheid In het programma 2026 is voorzien in voldoende capaciteit voor de beoordeling van constructies door constructeurs. Deze zijn met name gepland voor grotere bouwwerken met veel impact qua bezwijking/instorting. Daarnaast worden constructeurs ingezet bij de beoordeling van constructieve vraagstukken bij toezicht en handhaving. Het eerste deel is planbare inzet; het tweede deel is zeer vraaggestuurd. Werkvoorraad versus capaciteit - Constructieve veiligheid Werkvoorraad totaal ( 1.022 uur)
0,73 fte
Beschikbare capaciteit constructeurs (2.604 uur)
1,86 fte
Er is voldoende capaciteit voor de geplande werkvoorraad. In de formatie zit nog vacatureruimte, die kan worden ingezet voor extra inhuur in geval van veel vraaggestuurd werk.
5.3 Brandveiligheid In het Beleidsplan VRT 2026-2029, het Regionaal kader evenementenveiligheid VRT en het Risico Afwegingsmodel Toezicht Brandveiligheid is door middel van een risicoprofiel de prioriteit voor de werkzaamheden bepaald. De doelen reflecteren deze prioriteit. Reguliere werkzaamheden Voor 2026 is door Brandweer Twente een toezichtlijst opgesteld. Het toezicht op brandveilig gebruik richt zich op objecten in onderstaande sectoren.
Pagina 26 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
Thema toezicht brandveiligheid Publieke gebouwen Zorg Kinderdagverblijven Kamerverhuur Opvanglocatie/logies Logies Onderwijsgebouwen Totaal
Aantal controles 55 30 19 6 2 2 2 116
Extra taken, aandachtspunten en projecten: Vakbekwaamheidsprogramma: Een belangrijk onderdeel van het ‘Meerjarenbeleidsplan 2026-2029 van de sector Brandveiligheid’ is het vakbekwaam zijn en blijven van medewerkers. In 2026 maakt de brandweer inzichtelijk waar zij staan ten opzichte van de landelijke kwalificatiedossiers en de kwaliteitscriteria: hoe robuust is de brandweer deskundigheid, vlieguren, opleidingen, competenties etcetera en op welke onderdelen er een verbeterslag nodig is (comply or explain). Toezichtsprotocol brandveiligheid: In 2026 zullen de eerste stappen worden gezet in het herzien van het Toezichtsprotocol Brandveiligheid. Bij deze herziening wordt rekening gehouden met het vastgestelde Beleidsplan VRT 2026-2029 en het bijbehorende Risicoprofiel. Grote brandcompartimenten: De brandweer voert in 2026 specifiek toezicht uit op gebouwen waarbij NEN 6060 en NEN 6079 zijn toegepast als een gelijkwaardige oplossing om grotere brandcompartimenten mogelijk te maken dan in bouwregelgeving is toegestaan. Dit is noodzakelijk omdat de gelijkwaardigheid is gebonden aan specifieke voorwaarden en een zorgvuldige afweging, zoals de mate van vuurbelasting, de vrije afstand tot de omgeving, de brandwerendheid van de compartimentscheidingen en de aanwezige brandbeveiligingsinstallaties.
Door innovatie in de industrie kunnen er binnen bedrijven onbedoeld veranderingen zijn doorgevoerd die impact hebben op het brandveiligheidsconcept. (Tijdelijke) Opvanglocaties: Alle opvanglocaties moeten voldoen aan wet- en regelgeving, waaronder het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL). Veel locaties zijn echter tijdelijk gedoogd om snel opvang te kunnen bieden, terwijl ze vaak niet zijn ontworpen voor bewoning of nachtverblijf. Hierdoor ontbreken essentiële brandveiligheidsvoorzieningen. Nu de gebruiksduur wordt verlengd en locaties een meer permanent karakter krijgen, is structurele borging van brandveiligheid noodzakelijk. Brandweer Twente zal daarom in 2026 controles uitvoeren op de minimale eisen vanuit het BBL en waar nodig adviseren over aanvullende maatregelen, waaronder het vastleggen van voorzieningen via een omgevingsvergunning. 5.4 APV en Bijzondere Wetten Door het houden van toezicht op de APV en aanverwante wetgeving wordt bijdragen aan het verhogen van de veiligheid en leefbaarheid.
Gemeentelijke boa’s, die zijn aangewezen als toezichthouder, controleren op naleving van regelgeving op het gebied van onder meer: - Evenementen (vergunningsvoorschriften, op- en afbouw) - Horecabedrijven (exploitatie- en alcoholvergunningen, leeftijdsgrenzen, sluitingstijden) - Straatartiesten en betogingen (meldplicht, voorwaarden) - Seksinrichtingen (legale exploitatie, sluitingstijden, hygiëne , uitbuiting) - Slijtersbedrijven en tapontheffingen - Speelautomaten (aanwezigheidsvergunning) Daarnaast participeren boa’s in integrale controles en ondermijningscontroles die onder regie van de gemeente gezamenlijk met andere overheidsdiensten worden uitgevoerd (denk hierbij aan controles op illegaal gokken, digitaal opkoopregister / digitaal opkopersloket, garageboxen, autogarages). Ook dragen boa’s Pagina 27 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
zorg voor de sluiting van panden op last van de burgemeester onder andere in verband met drugshandel, illegaal gokken en illegale prostitutie. 5.5 Werken aan kwaliteitsdoelen Op basis van Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht gemeente Almelo 2024 richten de kwaliteitsdoelen zich op de onderdelen dienstverlening, uitvoeringskwaliteit en financiën. De bijdrage vanuit dit programma wordt onderstaand toegelicht. Ook wordt toegelicht hoe met het uitvoeren van de activiteiten wordt bijgedragen aan het behalen van onze VTH-beleidsdoelen. ▪ Dienstverlening Toezichthouders hebben een adviserende en controlerende taak. Zij komen in beeld als situaties in strijd zijn met de vastgestelde voorschriften. Maar zij werken ook preventief en spreken initiatiefnemers aan op naleefgedrag. Door naleving te bevorderen en daar waar nodig handhavend op te treden, leveren toezichthouders een belangrijke bijdrage aan de veiligheid, gezondheid en leefbaarheid van de leefomgeving. Daarmee spelen zij in op vragen uit de omgeving en kunnen waar mogelijk een bemiddelde rol aannemen. Het toezicht vanwege vragen, meldingen en handhavingsverzoeken zorgt voor een toegankelijke dienstverlening. Klachten, meldingen en handhavingsverzoeken worden opgevolgd. ▪ Uitvoeringskwaliteit In toenemende mate wordt er bij toezicht samengewerkt tussen de gemeente Almelo en Omgevingsdienst Twente.
Voorbeelden zijn het integrale horecatoezicht op het Prinses Amaliaplein en gezamenlijk toezicht in het kader van ruimtelijke regelgeving (gemeente) en milieuregelgeving (ODT). Toezicht en handhaving op brandveiligheid gebeurt in samenwerking met Brandweer Twente. Integraal, omgevingsgericht toezicht verhoogt de uitvoeringskwaliteit. De gemeente Almelo zet hier op in. Verbeteren informatievoorziening: Verbeterpunt is de informatievoorziening. Dit is een meerjarig traject. Door verbetering kunnen VTH-prestaties beter worden gemonitord en kan de inzet waar nodig worden bijgestuurd. In 2026 worden hiervoor werkzaamheden uitgevoerd. Met het uitrollen van procesmanagement binnen Vergunningverlening en Naleving wordt ook extra aandacht gevraagd voor het correct vastleggen van gegevens in ons zaaksysteem PowerBrowser. Eenduidige registratie van zaakkenmerken en – resultaten leidt tot verbetering van rapportages en mogelijkheid tot bijsturen. ▪ Bijdrage aan het behalen van beleidsdoelen Bouwwerken die niet voldoen aan regelgeving kunnen onveilig en ongezond zijn voor de gebruiker, of bijvoorbeeld niet energiezuinig. Met het uitvoeren van toezicht wordt gecontroleerd of voldaan wordt aan de voorschriften. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het toezichtprotocol uit ons VTH-beleid. De hoogste prioriteit gaat uit naar veiligheidsaspecten.
De inzet vindt plaats op bouwwerken van gevolgklasse 2 en 3 Wkb en op basis van ons VTH-beleid. Bij afwijkingen wordt handhavend opgetreden.
Pagina 28 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
6.
Juridische advisering
Het omgevingsrecht is dynamisch, omvangrijk en complex. In het samenspel tussen verschillende disciplines versterken wij onze juridische advisering en dragen bij aan het verbeteren van de onderlinge samenwerking.
6.1 Ontwikkelingen Het juridische werkveld blijft voortdurend in beweging. Hieronder worden de belangrijkste ontwikkelingen toegelicht, die naar verwachting impact hebben op de inzet en verdeling van onze beschikbare juridische capaciteit. - De invoering van de Omgevingswet heeft in de praktijk geleid tot veel juridische vraagstukken en interpretatiekwesties. Ook in 2026 blijft aanvullende juridische ondersteuning noodzakelijk om deze complexe wetgeving correct toe te passen. - De inwerkingtreding van de Wkb vraagt om juridische advisering over de nieuwe wet- en regelgeving en een gewijzigde uitvoerings- en handhavingsstrategie voor de activiteit bouwen. Ook kan door de nieuwe werkwijze onder de Wkb het aantal handhavingstrajecten toenemen. In 2026 zullen naar verwachting meer gereedmeldingen worden gedaan dan in 2025. Daarnaast zijn er gevallen waarin een gereedmelding niet kan worden ingediend, omdat er strijdigheden met het Bbl zijn. In dat geval zal er een verzoek worden gedaan om een ingebruiknamebesluit te nemen. Omdat hiermee nog geen ervaring is opgedaan en het juridische kader hieromtrent zeer complex is, zal dit naar verwachting een beslag leggen op de juridische capaciteit. - Per 1 november 2024 is de Huisvestingsverordening met opkoopbescherming in werking getreden.
Deze verordening vergroot de mogelijkheden om betaalbare woningen te beschermen tegen opkoop door beleggers. De nieuwe regels kunnen leiden tot extra juridische procedures, omdat besluiten op grond van deze verordening vatbaar zijn voor bezwaar en beroep. Daarnaast vraagt de handhaving van deze regelgeving om inzet van juridische capaciteit, bijvoorbeeld bij overtredingen of geschillen over de toepassing van opkoopbescherming. - Er wordt ingezet op een sterkere verbinding tussen beleid, regelgeving en uitvoering. Dit vraagt om nauwe samenwerking en vroegtijdige betrokkenheid van VTH-juristen. Zij adviseren in het voorstadium van nieuwe beleids- of regelgevingsinitiatieven over juridische kwaliteit, doelmatigheid en uitvoerbaarheid. Daarnaast leveren zij op basis van praktijkervaringen waardevolle feedback aan beleidsmakers om verbeteringen door te voeren. In 2025 zijn juristen bij diverse projecten aangehaakt; meerdere daarvan lopen door in 2026, zoals het Wkb-project en de actualisatie van de Uitvoerings- en Handhavingsstrategie. - Samen met Omgevingsdienst Twente wordt uitvoering gegeven aan milieuhandhaving. Kortheidshalve wordt verwezen naar het programma Uitvoering en Handhaving Twente 2026. - Door maatschappelijke ontwikkelingen en nieuwe wet- en regelgeving is het noodzakelijk om de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) actueel te houden.
Daarom voeren wij jaarlijks een evaluatie uit, zodat de verordening blijft aansluiten bij veranderende omstandigheden. Met deze jaarlijkse evaluatie van de APV wordt voorzien in noodzakelijk onderhoud van deze belangrijke gemeentelijke verordening. - Met de vaststelling van onze uitvoerings- en handhavingsstrategie sluiten we aan bij de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). In 2026 werken we deze aansluiting verder uit door het opstellen van een lokaal prioriteringskader. Dit kader vertaalt de landelijke interventiematrix naar onze gemeentelijke context, zodat we handhavingsinzet risicogericht en proportioneel kunnen toepassen. - Er is nieuw Bibob-beleid in ontwikkeling, waarbij extra risicocategorieën worden toegevoegd. Dit vergroot het toepassingsbereik van de Bibob-toets. Het gevolg is een verzwaring van de juridische werklast, omdat meer aanvragen onder de toetsingsplicht gaan vallen.
Pagina 29 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
6.2 Prognose juridische advisering en capaciteitsplanning team Vergunningverlening en Naleving Door het brede juridische takenpakket van het team Vergunningverlening en Naleving, gecombineerd met een groot werkaanbod, is sprake van een aanzienlijke hoeveelheid onderhanden werk. Het juridisch cluster werkt in de reguliere lijnproductie voornamelijk reactief: de werkvoorraad ontstaat door ingediende aanvragen, bezwaren, klachten en verzoeken om handhavend op te treden. Intensivering van toezicht kan leiden tot meer geconstateerde overtredingen, wat extra handhavingsacties vereist. Ook een stijging in het aantal afgehandelde omgevingsvergunningen kan resulteren in meer bezwaren. Door de Omgevingswet worden activiteiten die voorheen via een uitgebreide procedure verliepen nu vaak via een reguliere procedure behandeld, waarbij eveneens bezwaar mogelijk is. Tegelijkertijd kunnen activiteiten die onder de Wabo vergunningplichtig waren, onder de Omgevingswet en Wkb met een melding worden afgedaan. Dit kan juist leiden tot een toename van handhavingszaken. Uitgangspunt blijft dat de werkzaamheden binnen de bestaande formatie worden uitgevoerd, waarbij prioritering en risicogerichte inzet noodzakelijk zijn. Categorie
Aantal
Ureninzet
Bezwaar
50
2.000
10
350
3
90
4
160
Handhavingsverzoek
25
750
Handhavingstraject
40
1.000
Ten uitvoer leggen last onder dwangsom / bestuursdwang
20
600
Juridische advisering algemeen
-
750
Juridische advisering vergunningverlening
-
500
Juridische advisering toezicht en handhaving
-
500
Juridische kwaliteitszorg
-
750
- vergunningen (35) - handhaving (15) Beroep - vergunningen (7) - handhaving (3) Hoger beroep - vergunningen (2) - handhaving (1) Voorlopige voorziening - vergunningen (2) - handhaving (2)
- bouw en gebruik (18) - brandveiligheid (5) - milieu (12) - overig (APV, Winkeltijdenwet, etc.) (5)
- jaarlijkse advisering APV - advisering ruimtelijke ordening - advisering overig
- prioriteringskader handhaving
Pagina 30 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
- werkprocessen verbeteren - kwaliteit producten verbeteren Advisering Bibob
120
360
Behandeling Woo-verzoeken
6
210
Intrekken omgevingsvergunningen
11
16,5
Behandelen raadsvragen
6
120
Onderhanden werk
1.250 9.406,5
Totaal
Werkvoorraad en capaciteit De verwachte werkvoorraad is een inschatting op basis van de bestaande werkvoorraad en de aantallen van het voorgaande jaar. Op voorhand is de werkvoorraad niet exact te bepalen. Werkvoorraad versus capaciteit - Vergunningen en meldingen Werkvoorraad totaal ( 10836 uur)
7,74 fte
Beschikbare capaciteit (8246 uur)
5,89 fte
Op basis van de vaste bezetting is er voor deze werkvoorraad onvoldoende capaciteit beschikbaar. Binnen de begroting voor V&N is een budget voor inhuur (flexibele schil). Wanneer de werkvoorraad te groot is, kan daaruit extra capaciteit worden bekostigd.
6.3 Prognose juridische advisering en capaciteitsplanning team Veiligheid De juridische werkzaamheden ten aanzien van APV/Bijzondere Wetten is opgenomen in onderstaande tabel.
Juridische werkzaamheden APV / Bijzondere Wetten Bezwaar (APV) Voorlopige voorziening (APV) Beroep en hogere beroep (APV) Bezwaar (Bijzondere Wetten) Voorlopige voorziening (Bijzondere Wetten) Beroep en hogere beroep (Bijzondere Wetten) Totaal
werkvoorraad (aantal) 4 0 4 10 4 3 25
Inzet (uren) 100 0 120 250 120 90 680
Binnen team Veiligheid is voldoende juridische capaciteit aanwezig om deze werkzaamheden uit te voeren. 6.4 Werken aan kwaliteitsdoelen Onze kwaliteitsdoelen zijn vastgelegd in de Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht en richten zich op drie pijlers: dienstverlening, uitvoeringskwaliteit en financiën. Deze doelen vormen de basis voor een professionele en betrouwbare uitvoering van onze VTH-taken en dragen bij aan het realiseren van een veilige, gezonde leefomgeving. ▪ Dienstverlening Juridische kwaliteitszorg: Van een professionele overheidsorganisatie mag worden verwacht dat de correspondentie en besluiten van goede kwaliteit zijn. De inwoner moet hierop kunnen vertrouwen. Zowel binnen het team Vergunningverlening en Naleving, als breed binnen het Klantcontactcentrum, is doorlopende (juridische) kwaliteitszorg een belangrijk aandachtspunt. Als lerende organisatie werken wij constant aan Pagina 31 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
verbetering van onze performance. Het zorgdragen voor juridische professionalisering van gemeentelijke (eind)producten is essentieel. In 2026 wordt ingezet op het verder versterken van de juridische kwaliteitszorg door uitwerking in beleid, processen, formats en checklists. ▪ Uitvoeringskwaliteit Prioriteringskader handhaving: Handhaving is een essentieel instrument voor de geloofwaardigheid van onze gemeente. De beginselplicht tot handhaven vraagt om actie bij overtredingen, maar onze capaciteit is niet onbeperkt. Daarom ontwikkelen we in 2026 een prioriteringskader voor juridische handhaving. Dit kader zorgt ervoor dat we onze inzet richten op overtredingen met de grootste impact op veiligheid, gezondheid en leefbaarheid. Het prioriteringskader sluit aan bij de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) en vertaalt deze naar onze lokale context. Daarmee maken we duidelijk hoe we proportioneel en consistent optreden, afgestemd op risico’s en maatschappelijke effecten. Dit draagt bij aan een doelmatige inzet van het juridisch instrumentarium en versterkt de samenhang tussen beleid, toezicht en handhaving. ▪ Financiën Naast kwaliteit en dienstverlening is ook financiële beheersing een belangrijk aandachtspunt. We werken kostendekkend waar mogelijk en monitoren onze inzet op basis van kengetallen en prognoses.
Zo zorgen we voor een transparante verantwoording en een efficiënte inzet van middelen.
Pagina 32 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
7. Pandbrigade De pandbrigade is een afzonderlijk cluster van het team Vergunningverlening & Naleving, dat specifiek is belast met toezicht en handhaving van strijdig gebruik (illegale) kamerbewoning, Wet goed verhuurderschap en uitvoering van de opkoopbescherming conform de Huisvestingsverordening Opkoopbescherming gemeente Almelo.
In Almelo komen verschillende vormen van woonoverlast voor. Door het tekort aan woningen ontstaan er situaties die niet wenselijk zijn, zoals illegale kamerbewoning, spookbewoning, niet-vergunde bouwkundige splitsingen, illegale bouw en woekerhuren. Deze problemen raken niet alleen de mensen die gehuisvest worden, maar hebben ook negatieve gevolgen voor de directe leefomgeving. Om deze overlast tegen te gaan, is in 2023 de Pandbrigade opgericht. Nadien zijn verdere stappen gezet om de aanpak te versterken. Naast de inzet op overlastmeldingen rondom (illegale) kamerbewoning zijn er ook randvoorwaardelijke zaken gerealiseerd: - Pandeigenaren worden doeltreffender gestimuleerd om overtredingen te beëindigen door wijzigen hoogte en verbeurwijze dwangsom; - Er worden kortere, meer doelgerichte handhavingsbrieven gebruikt; - Er is onderzoek gedaan naar aanpassing van de handhavingsprocedure door onder meer de handhavingswaarschuwing af te schaffen in geval van recidive; - Er is een draaiboek voor de pandbrigade ontwikkeld; - Bij het legalisatieonderzoek in geval van kamerbewoning in relatie tot het omgevingsplan wordt de intaketafel ingezet. - Er zijn duidelijke uitgangspunten voor het toepassen van bestuursdwang en de hoogte van de dwangsommen voor overtreders die in herhaling vallen.
Ook zijn in 2025 de eerste ervaringen opgedaan met de nieuwe mogelijkheden uit de Wet goed verhuurderschap en de Huisvestingsverordening Opkoopbescherming gemeente Almelo (hierna: huisvestingsverordening Opkoopbescherming). In potentie biedt dit de gemeente Almelo de mogelijkheid effectiever op te treden. Met de mogelijkheden van deze wetgeving, de APV en de ruimtelijke regels zijn instrument voorhanden om overlast en aanverwante misstanden aan te pakken. De Huisvestingsverordening Opkoopbescherming biedt bovendien middelen om het opkopen van woningen door vastgoedinvesteerders, met het oog op directe (kamer)verhuur, te reguleren. De Pandbrigade wordt in 2026 verder doorontwikkeld, zodat er sprake is van een integrale aanpak. Hierbij worden ook de nieuwe taken meegenomen die voortkomen uit de Wet goed verhuurderschap en de Wet opkoopbescherming. Een van de belangrijkste taken is het houden van toezicht en, waar nodig, handhavend optreden als er sprake is van kamerbewoning in strijd met het omgevingsplan of de vergunningsvoorwaarden. De integratie met vergunningverlening krijgt meer inhoud om actiever elkaar op te zoeken en organisch in een cluster te werken, namelijk het cluster de pandbrigade.
Om meer zicht te krijgen op de vastgoedtransacties wordt maandelijks een overzicht verkregen van het Kadaster zodat bekeken kan worden of de transacties voldoen aan de Huisvestingsverordening opkoopbescherming.
Pagina 33 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
7.1 Hoofdopgaven pandbrigade 2026 Voor 2026 zijn er drie hoofdopgaven geformuleerd, die betrekking hebben op illegale kamerbewoning. Daarnaast zijn er enkele ontwikkelopgaven, waarmee de inzet en slagvaardigheid van de pandbrigade kan worden verbeterd. In de eerste plaats is de pandbrigade aan zet om toezicht te houden op kamerbewoning en – in geval van illegale kamerbewoning en/of overlast – de verhuurders aan te spreken. Leidt dit niet tot de gewenste gedragsverandering of is er (tevens) sprake van recidive, dan wordt handhavend opgetreden. Het doel is de leefbaarheid van de stad te bevorderen door illegale situaties en overlast tegen te gaan. Ten tweede brengt de Wet goed verhuurderschap een aantal opgaven met zich mee, die geheel of gedeeltelijk door de pandbrigade zullen worden opgepakt. Dit geldt in ieder geval voor het meldpunt Wet goed verhuurderschap, dat per 1 januari 2024 operationeel is en dat bemenst wordt door medewerkers van de pandbrigade. Via het meldpunt worden door de pandbrigade meldingen in behandeling genomen die zien op de verschillende pijlers van de wet, waaronder intimidatie en discriminatie van huurders door verhuurders. Naar aanleiding van de meldingen regelt de Pandbrigade de nodige follow-up (onderzoek, toezicht en handhaving) en terugkoppeling aan de melder. Op de derde plaats wordt de pandbrigade in 2026 doorontwikkeld.
Verdere professionalisering van de aanpak kan onder meer door aansluiting te zoeken bij de Landelijke handhavingsstrategie omgevingsrecht (LHSO). Om de effectiviteit van de handhaving beter vorm te geven wordt verder onderzocht of bestuurlijke boetes en/of preventieve dwangsommen verbetering van het naleefgedrag oplevert. Een evaluatie en verduidelijking van het beleid ten behoeve van illegale kamerbewoning is nadrukkelijk gewenst in 2026. In 2025 heeft actualisatie van het beleid al aandacht gekregen en er is de ambitie om de beschikbare informatie geografisch te presenteren ten behoeve van de leefbaarheid in de wijken. Voor intern gebruik is geografische weergave beschikbaar van de kamerbewoning, zowel de overgangssituaties als de vergunde locaties. 7.2 Toezicht en handhaving Kamerbewoning (of kamergewijze verhuur van woonruimte) is in Almelo gebonden aan de beleidsregels kamerbewoning. Hiermee wordt beoogd om de legale kamerbewoning te verspreiden over de stad, onder andere door ervoor te zorgen dat binnen 75 meter van een pand met kamerverhuur geen tweede pand een vergunning kan krijgen. Ook wordt bij vergunningverlening gekeken naar de wijze waarop de initiatiefnemer omgaat met negatieve effecten van kamerbewoning, zoals parkeeroverlast door de mogelijke toevoeging van extra auto’s van bewoners. Ons parkeerbeleid is daarbij leidend.
Het toezicht richt zich op zowel illegale kamerverhuur (zonder vergunning) als overlast door het niet naleven van de voorschriften uit de vergunning. Bij constatering van illegale kamerbewoning of het niet naleven van de vergunningsvoorschriften wordt handhavend opgetreden. Voorafgaand aan de start van een handhavingstraject illegale kamerbewoning vindt eerst een legalisatietoets plaats: als er vergunning zou worden aangevraagd, zou die dan worden verleend? Is het antwoord bevestigend, dan is er volgens vaste jurisprudentie feitelijk geen grond om handhavend op te treden, wel dient een vergunning voor kamerbewoning dan binnen een vastgestelde termijn officieel te worden aangevraagd. Gebeurt dat niet, dan wordt het handhavingstraject alsnog hervat.
Pagina 34 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
Het toezicht wordt in 2026 als volgt ingezet: Toezicht gebruik Meldingen overlast kamerbewoning Meldingen Wet goed verhuurderschap Handhavingstraject Opkoopbescherming Ten uitvoer leggen last onder dwangsom / bestuursdwang Bezwaar Beroep Voorlopige voorziening Toezicht verleende vergunningen kamerbewoning (toezicht bopa) Handhavingstraject kamerbewoning (strijdig gebruik) Actualisatie beleid kamerbewoning Beleidsregels opstellen Wet goed verhuurderschap Advisering Bibob LHS deel 2 operationele uitvoering Totaal
Aantal 150 20 10 10 12 4 2 15 80
Ureninzet 750,0 100,0 80,0 360,0 336,0 112,0 44,0 180,0 3440,0 100,0 100,0 360,0 40,0 5982,0
7.3 Vergunningverlening Een initiatiefnemer die op legale wijze kamers wil gaan verhuren in de gemeente Almelo heeft daarvoor een vergunning nodig voor het handelen in strijd met de ruimtelijke regels. Het gaat om een afwijking van het omgevingsplan. De aanvraag moet op grond van de wet voldoende gegevens bevatten voor een zorgvuldige beoordeling en voorbereiding van de beschikking. Praktisch gezien betekent dat, dat uit de aanvraag moet blijken op welke locatie de kamergewijze verhuur plaats gaat vinden. Ook is een planschade-overeenkomst nodig, alsmede een document waarin de huisregels zijn weergegeven, die deel uitmaken van de huurovereenkomst. Tot slot moet de aanvrager inzichtelijk maken, dat er geen sprake is van toename van de parkeerdruk. In afwachting van de locaties geschikt voor grootschalige huisvesting worden de vergunningen verleend voor een periode van 3 jaar verleend. In 2026 lopen de eerste verleende vergunningen af. Verwacht wordt dat voor deze locaties, inschatting 38 vergunde locaties, een nieuwe aanvraag wordt ingediend. Gemiddeld wordt in een kalanderjaar 12 aanvragen ingediend voor kamerbewoning, zodat de werkvoorraad 50 aanvragen om vergunning bedraagt in 2026. Vergunningverlening Verhuurvergunning opkoopbescherming (APV) Vergunningaanvragen kamerbewoning (kleine bopa) Totaal
Aantal 10 50
Ureninzet 80 50 130
7.4 Ontwikkelopgave 2026 De omgang met kamergewijze verhuur van woningen is in 2025 verder vormgegeven. Zo zullen de vergunningsvoorwaarden meer op het individuele geval worden toegespitst en is de wens om een meer effectief sanctiebeleid ontwikkeld. Te denken valt aan het actief intrekken van een vergunning, wanneer de voorwaarden niet worden nageleefd. Een uitdaging die in 2026 meer vorm en inhoud moet krijgen. De eerste ervaringen met de Wet goed verhuurderschap leert dat het aantal meldingen die binnen de werkingssfeer van deze wet vallen in 2025 beperkt zijn geweest. In potentie is de werking van deze wetgeving breed, mogelijk dat in het komende jaar het aantal meldingen toeneemt. Ook bij de huisvesting van arbeidsmigranten vraagt deze wet aandacht. Wel is helder dat de situaties waarin een beroep wordt gedaan op deze wetgeving de behandeling tijdrovend en ingewikkeld is.
Pagina 35 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
In 2026 zal de Huisvestingsverordening Opkoopbescherming aandacht krijgen om op de verleende verhuurvergunningen toezicht uit te oefenen en actief toezicht worden uitgeoefend conform de huisvestingsverordening opkoopbescherming.. Steekproefsgewijs zal een aantal van de verleende verhuurvergunningen gecontroleerd worden op juiste naleving. Werkvoorraad en capaciteit Werkvoorraad versus capaciteit - Pandbrigade Beschikbare capaciteit Juridisch medewerker handhaving
2,0 fte
Beschikbare capaciteit sr. medewerker klantcontact
0,89 fte
Beschikbare capaciteit Toezichthouder pandbrigade
1,0 fte
Werkvoorraad totaal (6512 uur)
4.65 fte
Beschikbare capaciteit (5446 uur)
3,89 fte
Er is onvoldoende capaciteit om deze taak uit te voeren. Dit betreft toezichtcapaciteit inclusief juridische inzet, waarbij personele tekort vooral ligt bij de juridische medewerkers en administratieve ondersteuning. Betekent dat actief het werkaanbod gedurende het jaar gevolgd moet worden en daar waar nodig actief wordt bijgestuurd. Indien nodig kan gebruik worden gemaakt van de flexibele schil.
Pagina 36 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
8. Projecten Specifieke opdrachten worden binnen uitvoering en handhaving in de vorm van een project uitgevoerd. Waar mogelijk en logisch worden projecten gecombineerd die voor zowel vergunningverlening, toezicht en handhaving van belang zijn. Onderstaande projecten worden uitgevoerd in 2026: ▪ Implementatie Kwaliteitscriteria 3.0 Op basis van de Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht wordt jaarlijks verantwoord hoe de kwaliteitscriteria binnen onze organisatie worden toegepast. Voor 2026 is de opgave de meest actuele set kwaliteitscriteria (de Kwaliteitscriteria 3.0)vast te stellen. De uitvoering van dit project wordt afgestemd op organisatorische ontwikkelingen rondom het team Vergunningverlening en Naleving en de eenheid Stedelijke Ontwikkeling. Inzet: 20 uur. Beleid: 20 uur. ▪ Project toetsing Kwaliteitscriteria 3.0 Voor wat betreft de individuele medewerkers gaan we in 2026 toetsen in hoeverre we voldoen aan de procesen robuustheidscriteria. Daarvoor wordt in een zelfevaluatie gedaan (VNG) of er wordt extern deskundigheid ingeschakeld. Offertes hiervoor zijn in november 2025 opgevraagd. In december 2025 wordt een keuze gemaakt. Voor de planning betekent dit, dat het project start in Q1-2026. De resultaten per medewerker worden medio Q2 opgeleverd.
In Q3 is dan een rapportage voorhanden, waaruit blijkt in hoeverre medewerkers al voldoen aan KC 3.0 en wat er nodig is aan individuele opleiding en training. De uitvoering van de trajecten wordt ingepast in het reguliere opleidingsprogramma van het team. Inzet: 100 uur. Management en coördinatie: 80 uur; Beleid: 20 uur.
▪ Opstellen nadere uitwerking van de Uitvoerings- en handhavingsstrategie. Het eerste deel van deze strategie wordt afgerond in 2025. In 2026 wordt de Uitvoerings- en handhavingsstrategie voorzien van een tweede deel, in de vorm van een ‘nadere uitwerking’ met hierin operationele uitvoeringskaders voor vergunningverlening en naleving. Dit versterkt de kwaliteit van uitvoering en dienstverlening. Onderwerpen die onder meer aan bod komen: Uitwerken werkwijze gebiedstoezicht De veranderende regelgeving op het gebied van de fysieke leefomgeving vraagt om wijzigingen in de inzet van toezicht. Met de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging mag er meer vergunningsvrij, maar dat is niet regelvrij. Voldoende inzet op naleefcontrole tijdens de uitvoering en gebruik is nodig. Hiervoor wordt gebiedstoezicht ingezet. De werkwijze voor gebiedstoezicht wordt uitgewerkt en vastgelegd. a)
Inzet: 100 uur. Toezicht: 20 uur; Beleid: 80 uur.
Pagina 37 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
Prioritering werkzaamheden De Uitvoerings- en Handhavingsstrategie bevat straks ook een prioriteringssystematiek voor de afhandeling van klachten, incidentmeldingen en handhavingsverzoeken. Hiermee kan op operationeel niveau grip worden gehouden op de inzet van uitvoerings- en handhavingscapaciteit volgens de door het gemeentebestuur vastgestelde prioriteiten binnen de beschikbare financiële middelen. b)
• Toezicht energielabel C voor kantoren Toepassing geven aan toezichtkader energielabel C voor kantoren. Toelichting: Per 1 januari 2023 moeten alle kantoorpanden met een gebruiksoppervlakte van 100 m 2 of meer een geldig energielabel C of beter hebben. De toezichtstaak ligt bij ons college, op basis van de regelgeving in het Bbl. Eind 2022 is begonnen met het aanschrijven van eigenaren van kantoorpanden. In 2024 is dit opnieuw gebeurd en in het toezicht geïntensiveerd. In 2026 wordt opnieuw gecontroleerd. Inzet: 80 uur. Toezicht: 50 uur; Juridisch: 30 uur. • Controle bedrijventerreinen Projectmatig controleren van gebruiksbepalingen Omgevingsplan en zonodig legaliseren of handhaven bij afwijkend gebruik. Inzet: 330 uur. Toezicht: 300 Juridisch: 30 • Controle kwaliteitsimpuls groene omgeving / Rood voor Rood Projectmatig controleren van gebruiksbepalingen Omgevingsplan voor wat betreft landschappelijke inpasbaarheid en juiste invulling Rood voor Rood-regeling. Zonodig legaliseren of handhaven bij afwijkend gebruik. Inzet: 160 uur. Toezicht 130 uur; juridisch 30 uur. • Intrekken omgevingsvergunningen Op basis van de ‘Beleidsregels intrekken omgevingsvergunning’ bestaat de bevoegdheid tot het intrekken van omgevingsvergunningen. Hiervan wordt in Almelo pas gebruik gemaakt als er 52 weken geen handelingen met betrekking tot de vergunning zijn verricht.
Dit geeft vergunninghouder een meer dan redelijke termijn om te starten met het uitvoeren van de werkzaamheden. Het is onwenselijk dat alsnog uitvoering wordt gegeven aan verouderde bouwplannen. Voorkomen moet worden dat alsnog bouwplannen worden gerealiseerd die niet voldoen aan de hedendaagse technische eisen op het gebied van brandveiligheid, energiezuinigheid en constructieve veiligheid. Om deze reden wordt in projectmatige vorm inzichtelijk gemaakt hoeveel omgevingsvergunningen conform beleid kunnen worden ingetrokken. Er zal ook een start worden gemaakt met het intrekken van de eerste omgevingsvergunningen. Inzet: 55 uur. Toezicht: 12 uur; juridisch 16,5 en administratieve ondersteuning 16,5 uur.
Pagina 38 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
• Werken met het omgevingsplan Vanuit Stedelijke Ontwikkeling/Ruimtelijke advisering wordt hard gewerkt aan de ontwikkeling van het Omgevingsplan voor de gemeente Almelo. Vanuit V&N werd tot nu toe op ad hoc-basis input geleverd aan het proces. Nu de systematiek van het Omgevingsplan vaste vorm begint te krijgen, is het nodig dat medewerkers van V&N structureel mee gaan werken aan de doorontwikkeling. Voor 2026 is voorzien in capaciteit om deze inzet mogelijk te maken. Er zijn uren geprogrammeerd voor regisseurs Vergunningen (120), toezichthouders (40) en juridisch medewerkers (100).
Pagina 39 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
Bijlage 1. Beschrijving van de uitvoeringsorganisatie Deze bijlage bevat de beschrijving van de inrichting van onze organisatie voor de uitvoering van de VTH-taken op basis van de Omgevingswet en aanverwante regelgeving. Het Omgevingsbesluit stelt hiervoor procescriteria.
▪ Betrokken organisatieonderdelen en externe partijen De uitvoering van VTH-taken Omgevingswet is in hoofdzaak ondergebracht bij het team Vergunningverlening en Naleving. Ook heeft het team Vergunningverlening en Naleving de regie over bouwgerelateerde klantvragen. Het takenpakket APV/Bijzondere Wetten is verdeeld over de teams Vergunningverlening en Naleving en Veiligheid. Tot het team Veiligheid behoren ook de BOA’s domein I en II, die toezicht houden op naleving van de APV en Bijzondere Wetten. Advisering over ruimtelijke ontwikkeling gebeurt vanuit de eenheid Stedelijke Ontwikkeling. De gemeente Almelo werkt nauw samen met Omgevingsdienst Twente. Dit gebeurt vanuit verschillende organisatieonderdelen. Het opdrachtgeverschap van het standaardpakket (het milieubrede takenpakket) is ondergebracht bij het team Vergunningverlening en Naleving. Het opdrachtgeverschap voor het pluspakket milieu (bestaande uit de milieuspecialistische taken) is ondergebracht bij het team Regie van de eenheid Uitvoering Fysiek. Deze onderdelen werken inhoudelijk samen en stemmen periodiek af met Omgevingsdienst Twente via het maandelijkse accountoverleg. De samenwerking met Omgevingsdienst Twente is vastgelegd in een dienstverleningsovereenkomst. Op basis hiervan wordt de jaaropdracht voorbereid.
De jaaropdracht voor de standaardtaken is met tekstuele toelichting opgenomen in het programma Uitvoering en Handhaving Twente – Almelo 2026. De plustaken worden opgenomen in een apart milieuprogramma 2026. De programma’s voor de milieutaken gelden naast dit uitvoeringsprogramma. Bij uitvoering van de Omgevingswet-taken wordt ook samengewerkt met Brandweer Twente op het onderdeel brandveiligheid. Daarnaast heeft Het Oversticht een adviestaak voor ruimtelijke kwaliteit en monumentenzorg.
▪ Formatie Omgevingswet Voor de uitvoering van het takenpakket Omgevingswet is momenteel de volgende vaste en flexibele formatie aanwezig2: Personeelsformatie Omgevingswet (vast)
Formatie (fte)
Vergunningverlening Senior regisseur vergunningen
2,00
Regisseur vergunningen
2,61
4,61
Toezicht Inspecteur bouw- en woningtoezicht
2,00
Toezichthouder bouw en fysieke leefomgeving
1,00
2
4,00
Peildatum 22 november 2024
Pagina 40 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
Toezichthouder pandbrigade
1,00
Juridische advisering Senior juridisch medewerker
2,00
Juridisch medewerker
4,39
6,39
VTH-ondersteuning Manager Vergunningverlening en Naleving (wnd.)
1,00
Coördinator Vergunningverlening en Naleving
1,00
Omgevingsmanager
1,00
Beleidsadviseur VTH / accounthouder ODT
1,00
Kwaliteitsmedewerker
0,89
Sr. medewerker klantcontact
4,17
9,06
Totaal
22,95
Personeelsformatie Omgevingswet (flexibel) Bouwplantoetsing Senior regisseur vergunningen
4,0
Junior regisseur vergunningen
1,0
Constructeur
2,0
7,0
Bouwtoezicht Inspecteur bouw- en woningtoezicht
1,45
1,45
2,84
2,84
Juridische advisering juridisch medewerker handhaving Totaal
11,29
Naar verwachting moet in 2026 eveneens een deel van de formatie worden ingehuurd. Annex aan de arbeidsmarkt voor vast personeel staat de markt voor inhuur onder druk. Gestart wordt met een adequate personele bezetting. Op dit moment is er geen zekerheid dat in heel 2026 geschikt tijdelijk personeel kan worden geworven; zowel kwantitatief als kwalitatief. Deze capaciteit is, op basis van de prioritering, voldoende voor het uitvoeren van het uitvoeringsprogramma. De prioriteitsstelling is opgenomen in ons VTH-beleid en in dit VTH-programma. Bij aanbod gestuurde dienstverlening (onderdeel vergunningverlening) is voorzien in mogelijkheden voor inhuur. ▪ Begroting In de begroting is capaciteit gereserveerd voor de uitvoering en handhaving van de Omgevingswet. ▪ (Beleids-)doelen en monitoring Doelen in dit programma zijn doorvertaald naar activiteiten. Door middel van monitoring wordt de voortgang van de uitvoering bewaakt en waar nodig bijgestuurd. Voor een goede monitoring kan nog niet alle informatie worden uitgelezen. In 2026 worden hiervoor verbeteringen aangebracht. Van de monitoring van vastgestelde (beleids-)doelen wordt verslag gedaan in het VTH-verslag 2025 dat in het voorjaar van 2026 wordt opgesteld. Onderdeel van het jaarverslag is de verantwoording over de toepassing van de Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht.
Hiervan wordt mededeling gedaan aan de gemeenteraad.
Pagina 41 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026
▪ Functiescheiding Er bestaat een scheiding tussen vergunningverlening en toezicht & handhaving op persoonsniveau voor de generieke deskundigheden en op objectniveau voor de specialistische en juridische deskundigheden. De functiescheiding tussen vergunningverlening en toezicht & handhaving draagt bij aan de objectiviteit van vergunningverlening en toezicht & handhaving. Op deze manier hoeft niet eenzelfde persoon, die een rol heeft gespeeld bij het verlenen van een bepaalde vergunning, nogmaals een oordeel te geven over de niet-naleving van (een deel van) de vergunning. Daarnaast zijn vergunningverlening en toezicht en handhaving aparte deskundigheidsgebieden, die elk specifieke eisen stellen aan de kwaliteit van de medewerkers die zich hier mee bezig houden. Na vergunningverlening wordt door betreffende medewerker het dossier afgesloten. Het dossier wordt daarna geopend door een medewerker van toezicht en handhaving. Voor de afstemming tussen beide vakgebieden vindt overleg plaats. ▪ Bereikbaarheidsregeling Voor het optreden bij calamiteiten en incidenten buiten reguliere bedrijfstijden is een bereikbaarheidsregeling ingesteld, zodat bij bouwgerelateerde calamiteiten en incidenten alert en doeltreffend kan worden gereageerd. Deze regeling is afgestemd met de bereikbaarheidsregeling van de Omgevingsdienst Twente.
▪ Bevoegdheden, taken en verantwoordelijkheden Er geldt een wettelijke verplichting om de bevoegdheden, taken en verantwoordelijkheden van een toezichthouder of opsporingsambtenaar op schrift vast te leggen. De toezichthouders zijn als zodanig door het college van B&W aangewezen. Bij deze aanwijzing zijn ook de taken en bevoegdheden vastgelegd. De aanwijzing vindt plaats op functieniveau. ▪ Mandaat De bevoegdheden tot het verlenen dan wel weigeren van aanvragen om omgevingsvergunning en het handhavend optreden tegen overtredingen komen toe aan bestuursorganen. Deze bevoegdheden mogen worden gemandateerd aan de ambtelijke organisatie. Onze gemeente beschikt over een mandaatregeling. ▪ Handhaving overtredingen door overheden of eigen overheid Handhaving van voorschriften van een andere overheid of een onderdeel van de eigen overheid is niet anders dan handhaving van voorschriften bij derden. Hier gelden, meer nog dan bij particulieren en bedrijven, nalevingsdoelen in de sfeer van algemeen normbesef en geloofwaardigheid van de normerende overheid. Op overtredingen van overheden volgt inhoudelijk dezelfde reactie als op overtredingen van burgers en bedrijven. In de procedure wordt transparant en openbaar gehandeld.
Natuurlijk kunnen er praktische of juridische complicaties optreden, in het bijzonder bij het strafrechtelijk vervolgen van de overheid of bij het bestuurlijk optreden tegen de eigen overheid. Democratische controle is in die gevallen uiteindelijk het meest krachtige instrument om de naleving van regelgeving te bewerkstelligen.
Pagina 42 van 42 programma uitvoering en handhaving 2026