4 Notulen raadsvergadering 15 december 2020 (getekend).pdf
Tekst van het document
In de definitie van de verordening staat wel degelijk dat het hele jaar in rekening wordt gebracht. Zo lees ik het. Wellicht dat ik het verkeerd lees of niet goed begrijpt. Hoe loopt de verrekening bij de notaris? Kan de wethouder dit uitleggen? Ik was altijd in de veronderstelling dat dit pro rato ging. De heer TIJHOF (PVV): Voorzitter! Als ik de wethouder goed heb begrepen, gaan de belastingen omhoog als de prijzen en Ionen omhooggaan. Maar zoals het er nu waarschijnlijk naar uit gaat zien, gaan de Ionen niet ophoog. We kunnen dit pas weer behandelen bij het perspectief van 2022. Hoe komen we dan bij 2021 ?
R 2106460
15
De heer TRIENEN (CDA): Voorzitter! Ik heb in mijn bijdrage expliciet namens mijn fractie gezegd dat met de huidige differentiatie het maximum is bereikt. Ik hoor graag een toelichting. We hebben een onderscheid gemaakt tussen eenpersoons- en tweepersoonstariefheffingen van € 42. Er is ook nog OZB. We hebben alle tarieven met de index verhoogd. We moeten heel goed kijken naar de totale woonlasten. Die worden voor bepaalde groepen extra verhoogd. Daarom zeggen we dat we het zo prima vinden, maar dat we geen gekke dingen moeten doen. De wethouder zegt dat de toekomst het zal Ieren, maar we moeten ook kijken naar de woonlasten nu. We staan in Twente bijna aan de kop met de tariefheffingen. We moeten dus goed opletten. De heer LANGZUS (wethouder): Voorzitter! Ik heb de vraag van mevrouw Pol verkeerd begrepen. Groenafval wordt inderdaad bij hoge flats niet apart ingezameld. Dit valt buiten het bereik van dit raadsvoorstel, die gaat over de verordening en niet over de inzameling. Bij hoge flats is er vaak geen faciliteit voor en dan rest deze mensen niet anders dan om het groen bij het grijsafval aan te bieden. Mevrouw Pol vraagt een toelichting op de verevening. Misschien is het dienstig, ook voor de orde van deze avond, dat wij mevrouw Pol daarvan separaat op de hoogte brengen.
Dat kan mondeling, dan Iaat ik even contact leggen, dan wel schriftelijk om uit te leggen hoe op dit punt de verordening werkt en in de praktijk doorwerkt. Dat de Ionen in 2021 niet omhoog zouden gaan, zoals de heer Tijhof heeft gezegd, is een verwachting. Het tarief voor 2021 wordt gebaseerd op de kostenniveaus die we nu kennen. Dus een relatie met wat er precies in 2021 plaatsvindt, is daarmee niet rechtstreeks te leggen. Het zijn de huidige kostenniveaus die zich uiteindelijk vertalen in de tarieven. Die rechtvaardigen naar ons stellige oordeel om in die gesloten stelsels deze tarieven toe te passen. We moeten voldoende inkomsten hebben om onze kosten te betalen. Mocht het zo zijn dat er volgend jaar sprake is van een neerwaartse spiraal of een nul voor alle kostenontwikkelingen, ziet men daarvan de doorvertaling pas in 2022. Mocht de heer Tijhof daarmee vanavond geen genoegen nemen —het gaat uiteindelijk om het vaststellen van de Verordeningen 2021 —dan rest niets anders dan dat de PVV-fractie op dit punt een amendement indient en daarover een uitspraak van de raad vraagt. Ik neem kennis van het betoog van de heer Trienen over het naar zijn oordeel maximum van de differentiatie, mede gelet op de woonlasten die voor diverse groepen daarmee annex zijn. Dank daarvoor. De VOORZITTER: U hebt de heer Tijhof nogal aangesproken.
Ik vraag hem of hij er behoefte aan heeft om te schorsen om zich te beraden op het indienen van een amendement, of dat hij de beantwoording accepteert en we over kunnen gaan tot besluitvorming. De heer TIJHOF (PVV): Ik vraag drie minuten schorsing. Daarop schorst de VOORZITTER de vergadering. Na heropening van de vergadering verleent de VOORZITER het woord aan de heer Tijhof. De heer TIJHOF (PVV): Voorzitter! Wij kunnen het betoog over de kostendekkendheid van de tarieven goed volgen en zullen geen amendement indienen. We doen aannames, maar het vooruitzicht is wel donker. Omdat het koffiedikkijken is, verplaatsen wij deze discussie graag naar het perspectief van 2022 om deze discussie te vervolgen. De VOORZITTER: Dan gaan we nu over tot besluitvorming. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! Moet u niet vragen of het voor mij voldoende was? De VOORZITTER: Voor de helderheid, de tweede termijn is achter de rug. Ik heb alleen de heer Tijhof de gelegenheid gegeven, omdat juist hij door de wethouder werd aangesproken op het indienen van een amendement. Als hij dat amendement had ingediend, had ik u voorgesteld of gevraagd of u een derde termijn had gewild. Maar we hebben nu twee termijnen met elkaar gesproken. De PVV-fractie zegt dat zij het hierbij Iaat. Dit betekent dat er geen aanleiding is voor R 2106460
16
een derde termijn. Ik geef u graag de gelegenheid om een stemverklaring af te leggen, maar nieuwe inzichten kunnen niet meer ingebracht worden. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): De wethouder vroeg mij of ik een schriftelijke of mondelinge reactie wil, dus hij sprak mij wel degelijk aan. En hij zei iets waarop ik wil reageren. Ik weet niet hoe dit precies werkt, maar ik vind het merkwaardig. De VOORZITTER: Ik wil u best ruimte geven in een stemverklaring, maar u had moeten interrumperen als u wilde reageren. De tweede termijn van het college is vaak de slotronde en dan houdt het op. Ik zal u wat ruimte geven voor een stemverklaring, als u daar prijs op stelt. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Ik had het fatsoen om even te wachten tot de wethouder was uitgesproken om daarna te reageren. Ik vind het een beetje merkwaardig, maar ik zal het hierbij laten. De VOORZITTER: Het is niet anders. Hierna wordt digitaal gestemd over het raadsvoorstel, waarna de voorzitter constateert dat het met algemene (32) stemmen is aangenomen 12. Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2021-2024 (R 2006312►. De heer TEEUW (Christenunie): Voorzitter! Een huisvestingsplan is over het algemeen een uitvoering van een visie, maar in Almelo kan het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs minstens zo veel impact hebben als de scholenvisie.
Op drie terreinen wordt een grote stap gezet, te beginnen in het voortgezet onderwijs. Ten eerste, in goed overleg met de schoolbesturen wordt er een vmbo-campus aan de Catharine van Renneslaan gerealiseerd. De schoolbesturen schrijven hierover: "Het belang van de realisering van de vmbo-campus willen wij vanuit onze verantwoordelijkheid voor het vmboonderwijs hier onderstrepen. Wij willen onze grote steun uitspreken aan de plannen van het college." De drie besturen van het Erasmus, CGS Het Noordfik en Pius X gaan samen. Voor de leerlingen is er één school met één uitstraling waarin ruimte wordt geboden aan verschillende levensbeschouwelijke opvattingen en verschillende onderwijs- en leerroutes. Om te komen tot een duurzaam vmbo in Almelo is dit een grote stap Ten tweede het speciaal onderwijs. Het Mozaïek en de Dr. Herderscheeschool verhuizen gezamenlijk naar een vervangende nieuwbouw. Daarmee komt een einde aan de met name voor de Dr. Herderscheeschool door sommigen getypeerde erbarmelijke huisvesting voor een gecompliceerde onderwijsvorm. De Stichting speciaal onderwijs Twente en Oost Gelderland schrijft in dit kader: "Bijzondere waardering voor het vizier op onze kwetsbare doelgroep" en spreekt vervolgens zijn bijzondere waardering uit voor ambtenaren en wethouder. Ook hier wordt een toekomstbestendige stap gezet. Ten derde het basisonderwijs.
In de periode 1967-1986 zijn in Almelo in nog geen 20 jaar tijd maar liefst 25 nieuwe scholen gebouwd, waarvan 21 basisscholen. Daarna zijn nog eens vier basisscholen gebouwd. Nog geen 20 jaar geleden zaten klassen van bijvoorbeeld De Mare in de Windmolenbroek op de gang. Hoe anders is het nu. Lokalen staan leeg. De schoolbesturen weten al jaren dat ze moeten herstructureren met als doel om in diverse wijken integrale kindcentra te vormen. Het lijkt erop dat vooral de onderlinge verhoudingen dit in de weg staan. De casus De Zegge is daar zeer illustratief voor. De gemeente wil het gebouw in de Johanna van Burenlaan terug, maar waar moet De Zegge dan heen? Iedereen weet wat de oplossing is. In het gebouw van basisschool de Wereldboom staan zoveel lokalen leeg dat de hele De Zegge erin kan. Of beter nog, de dislocatie van de Weier wil hier graag naartoe en dan kan de Zegge naar hun gebouw. Zo nodig kan zelfs de Montessorischool naar de Wereldboom en komt er een gebouw vrij. Maar het bestuur van Varietas, dat over het gebouw van de Wereldboom gaat, wil dit niet. Oud zeer uit het verleden? Een pressiemiddel om oplossingen in andere wijken af te dwingen? Of gewoon hopen dat De Zegge vertrekt en de leerlingen naar hun school toekomen? In arren moede schrijven de adviseurs maar op dat De Zegge wel naar Eniver kan.
Iets dat je alleen achter een bureau kunt bedenken en gelukkig van de baan is. R 2106460
17
Maar nu het positieve. De hele discussie rond gebouwen heeft ertoe geleid dat de scholen zelf een mediator hebben aangesteld om in alle wijken tot een oplossing te komen. En dat zal op korte termijn, binnen enkele maanden, moeten gebeuren. Immers, de wethouder heeft in het politiek beraad toegezegd dat er voor De Zegge een oplossing in het Noorderkwartier komt, en hij zelf gaat en kan ingrijpen als de schoolbesturen er niet uitkomen. Maar we vertrouwen erop dat dit wel gebeurt en -spreken hierbij de schoolbesturen van OPGA, Varietas en PCO Noord Twente, over het hoofd van de wethouder heen, aan op hun verantwoordelijkheid en het belang van de stad. Dan wordt ook hier, dankzij het IHP, een slepende kwestie opgelost. Een grote stap. Een hele grote stap. De fractie van de Christenunie complimenteert de wethouder en nomineert dit voorstel voor de Raadmeter. Mevrouw VAN SAANE (D66): Voorzitter! Gehoord hebbend wat de heer Teeuw zei, toch een paar opmerkingen. Ik lees in de stukken en het raadsvoorstel dat er op 6 oktober jl. een politiek beraad is geweest. Dat klopt, ik was daar ook, en op 8 oktober jl. een onderwijstafel. In het raadsvoorstel staat dat de schoolbesturen instemmen met het IHP. "Er is draagvlak", staat er. Vervolgens lees ik krantenartikelen die het tegenovergestelde beweren en recent ontvingen wij nog een brief. Die staat in iBabs onder dit agendapunt.
Daarin staan nog steeds heel veel vragen en wordt tegengas gegeven. In de argumenten uit het raadsvoorstel staat een mooie quote: "Men weet waar men aan toe is." De D66-fractie vraagt zich af en betwijfelt of iedereen weet waar hij aan toe is. Volgens mij schort het daar nog wat aan. Ik lees ook dat de gemeente Almelo oplossingen in de wijk voorstaat. Dat is een mooie uitspraak, maar hoe dan? Ik heb begrepen dat er een mediator is ingeschakeld. Dat zal wel ergens toe leiden, maar dat is op dit moment nog niet concreet. Ook is op 6 oktober jl. de kreet "onderwijsvisie" gevallen en die viel toen af met "we hebben een visie op het jonge kind en dat is voldoende." Dat vindt mijn fractie niet. Ik vraag om die onderwijsvisie en om de losse eindjes die ik zojuist heb genoemd nog wat te verduidelijken. De heer ZIELMAN (Democraten.Nu): Voorzitter! Voor het enige punt waarop ik vanavond inspreek, is het treffend om in een klaslokaal te gaan zitten. Vandaar mijn achtergrond. Wij zijn, evenals de heer Teeuw, voorstander van het volgen van het advies van de drie voortgezet onderwijsstichtingen in Almelo om een vmbo-campus op te zetten. Volgens mij leidt het tot betere verhoudingen binnen het vmbo als alles geclusterd is in één mooi, groot gebouw. Dat zal de leerlingen heel veel opleveren, daarom juichen we dit enorm toe. In het speciaal onderwijs gaan Het Mozaïek en de Dr.
Herderscheeschool samen in een nieuw gebouw, dat overigens ook een mogelijkheid biedt voor De Zegge in de toekomst, want ook Het Mozaïek ligt in de wijk Noorderkwartier, aan een zijstraat van de Meulenbeldlaan. Dit zou in de toekomst tot een oplossing kunnen leiden voor de problematiek die daar is ontstaan rondom de school, omdat raad en college hebben besloten dat ze zoveel mogelijk van het gemeentelijk vastgoed af willen, en daartoe de schoollocatie van De Zegge aan de Johanna van Burenlaan gerekend moet worden. Dat is het uitgangspunt. De gemeente wil graag dat De Zegge verhuist. Dat is een ander uitgangspunt dan wanneer de school krimpt, kleiner wordt en bijna geen bestaansrecht meer heeft, waarom die naar een andere huisvesting moet. Gelukkig hebben we de wethouder hierover vorige week gehoord, zoals de heer Teeuw refereerde, en is hij doordrongen van de noodzaak om De Zegge te behouden in het Noorderkwartier in de wijk Haghoek. We zullen ons daarvoor met elkaar, en de wethouder in het bijzonder, sterk voor maken. Dat doet ons zeer goed. Maar dit ontslaat onzes inziens de besturen niet van hun verantwoordelijkheid om zelf tot een oplossing te komen. Ook daarin moet ik de heer Teeuw volgen. Hij heeft gezegd dat er twee schoolbesturen zijn die hier erg hun best voor doen, OPGA en PCO Noord Twente. Ik noem de namen en rugnummers maar.
Het is inderdaad Varietas die de boot een beetje afhoudt, om het netjes te stellen. Daarover heb ik vorige week gezegd dat we de school niet in de kou moeten laten staan die juist de oplossing nodig heeft en zeer constructief is in de onderhandelingen om te proberen tot een oplossing te komen, als een derde partij zegt: ik wil dat niet en ik zal dat niet. Ik hoop dat de wethouder de regierol zal pakken en erop zal wijzen dat er in deze wijk talloze oplossingen te bedenken zijn —zoals hij vorige week zei — om huisvesting van De Zegge op de Haghoek te bewerkstelligen. R 2106460
18
We zullen dit nauwgezet volgen. Voor de rest kunnen we instemmen met het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs en zijn we enorm benieuwd naar de uitwerking ervan. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Ik sluit mij aan bij de verbazing van mevrouw Saane; die heb ik ook. Hoe kunnen we lezen dat er overeenstemming is, en tegelijkertijd brieven ontvangen waarin grote verontwaardiging en verontrusting worden geuit? Als iets geregeld is, hoort dat geregeld te zijn. En als er overeenstemming is, hoort er overeenstemming te zijn. Maar er lijkt geen overeenstemming te zijn. Kan de wethouder tekst en uitleg geven hoe er zo'n grote discrepantie is ontstaan tussen de werkelijkheid en de tekst die we voorgeschoteld hebben gekregen? Mevrouw WIND (CDA): Voorzitter! Voor ons ligt het integraal huisvestingsplan voor het onderwijs in Almelo. Ik sluit me aan bij de vorige sprekers de heren Zielman en Teeuw als het gaat om het voortgezet onderwijs. Daar zijn wij ook warm voorstander van. De gemeente, het college bij de persoon Langlus, is de regiehouder over de stenen. Toch is het belangrijk dat wij de kwaliteit van het onderwijs in acht nemen. Wij kunnen natuurlijk niet anders dan het eens zijn met het huisvestingsplan. Wij hebben afgelopen vrijdagavond nog een bijeenkomst gehad met de directeur van De Zegge.
Het was heel prettig dat hij exact hetzelfde vertelde als de heer Langlus in het politiek beraad. Dat betekent dat de besturen op de goede weg zijn. Wij hebben onze zorgen geuit over de regierol van de wethouder. Dat is voor ons de sleutelpositie binnen de samenwerking tussen de besturen onderling, maar ook tussen de besturen en de gemeente. Daarom zijn we heel blij te horen dat de gesprekken met die besturen op dit moment goed verlopen. Dat is wat ook de heer Overweg heeft gezegd. Hij vertelde blij te zijn met de procesbegeleider die daarvoor wordt ingezet. Nogmaals, we hebben alleen bevestiging gehoord vanuit het bestuur, De Zegge. Dat vinden wij heel prettig. We hopen dat de samenwerking op deze manier soepel blijft verlopen en dat er snel een oplossing komt. Dat mag voor de CDA-fractie niet al te lang meer duren. Mevrouw VAN DOORN (Lokaal Almelo Samen►: Voorzitter! Ik ben het op alle fronten eens met wat de heer Teeuw heeft gezegd. Dat hoef ik allemaal niet te herhalen. Wij zijn alleen zeer verbaasd over het bestuur van PCONT, want dat ging aanvankelijk akkoord met het integraal huisvestingsplan en nu hebben we een brief ontvangen -dit is al gememoreerd -zowel ondertekend door de voorzitter van het bestuur als de directeur van De Zegge, waarin een ander geluid klinkt vanuit het bestuur.
Van de directeur van De Zegge wisten we al dat hij bezig is zijn school voor het Noorderkwartier te behouden, wat zeer bewonderenswaardig is. Het is voor een directeur goed dat hij dit zo doet. Niet dat we daarmee meteen akkoord moeten gaan, want van het gemeentebestuur moesten ze met zijn drieën onderhandelen, omdat daarvoor ruimte genoeg is - de heer Teeuw heeft dit ook al gezegd -nadat de gemeente zich heel veel inspanning heeft getroost om het IHP aan de besturen voor te leggen voor akkoord en ze daarin wijzigingen hebben aangebracht. Met een beetje driehoeksruil moet het goed kunnen komen. Dat is niet gelukt. Ik vind dat zeer teleurstellend. Omdat de gebouwen van de gemeente zijn kan er door de gemeente met harde hand worden opgetreden. Ik neem aan dat die regierol zal worden gepakt door het college en de driehoeksruil doorgang zal vinden, omdat er nu een impasse blijkt te zijn. De heer Teeuw heeft ons het gras voor de voeten weggemaaid, want wij willen dit raadsvoorstel ook nomineren voor de Raadmeter. Bij dezen doe ik dat. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo►: Wij zijn niet zo'n voorstander van grootschaligheid. Er zitten in het IHP een aantal samenvoegingen en het is mogelijk dat dit beter is. Wij zijn vooral voorstander van goede spreiding van de onderwijsvoorzieningen over de hele stad.
Ik probeer het kort te houden, want ik kan me bij alle vorige sprekers aansluiten, weliswaar niet bij alles wat ze gezegd hebben, maar de plussen en de minnen zou ik ook allemaal kunnen vertellen. Ik maak van de gelegenheid gebruik om de complimenten over de voorbereiding uit te spreken. Het is mij heel goed bevallen hoe we in het politiek beraad ook al in gesprek zijn geweest. Ik ben daarom licht verrast over de lange bijdragen van de fracties. Ik kan me in het voorstel vinden, ook omdat is gezegd dat er goed gekeken zal worden wat er verder moet gebeuren.
R 2106460
19
De heer TIJHOF (PVV): Voorzitter! Wij hebben het over de aanpassing van het huisvestingsbeleid voor het onderwijs. Vorige week hebben we enkele vragen gesteld. We willen graag weten of de problemen inmiddels zijn opgelost, of de verhuizing een gevolg is van de wijziging, of er nog andere scholen zijn en of er al rekening wordt gehouden met de behoeften van de leerlingen. De PVV-fractie wil het bij dit onderwerp het liefst alleen maar hebben over het huisvestingsplan en niet over de relaties met ouders en kinderen en ook niet over de inhoud van het onderwijs. Maar we ontkomen er niet aan om de relatie tussen het huisvestingsplan en de kwaliteit van het onderwijs te erkennen. De wethouder heeft gezegd dat de directies van de scholen de problemen moeten oplossen. Hier zijn wij het niet helemaal mee eens. De problemen worden veroorzaakt door de wijzigingen in het huisvestingsplan en wij zijn van mening dat de wethouder ze moet oplossen als hij deze problemen op die manier veroorzaakt. De vraag is dan hoe we tot aanpassingen komen die zorgen voor een passende oplossing voor De Zegge en eventueel andere scholen. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Voorzitter! Een vmbo-campus met een hoog leerlingenaantal spreekt ons in eerste instantie niet zo aan.
Wij denken dat het persoonlijke contact met de leerling minder wordt, de communicatielijnen trager verlopen, de juiste persoon vinden lastig kan zijn en de leerling makkelijker kan opgaan in de massa, waardoor het schoolbestuur aan overzicht inlevert en niet ieder kind wordt gezien. Er zijn ook voordelen aan een grote campus. Er is een grote diversiteit aan mensen, er kunnen meer activiteiten worden georganiseerd en voor de leraren kunnen er ook allerlei voordelen ontstaan, zoals het opvangen van elkaars functie als het nodig is. Zo kun je twee rijtjes maken van de voordelen en nadelen. Voor ons wegen de voordelen niet op tegen de nadelen. De GroenLinks-fractie ziet graag kleinschaliger onderwijsinstellingen. Wij denken dat met dit model aan kwaliteit wordt ingeleverd, maar het is niet anders. Dit overstijgt het IHP, we gaan er niet over, maar we vinden het belangrijk om dit gezegd te hebben. Het samenwerken van de schoolbesturen inzake De Zegge en dat zij er zelf uit moeten komen, klinkt goed, maar als de constatering is dat dit niet helemaal soepel verloopt, vinden wij dat de wethouder daarin een dominantere rol mag spelen. Er is gezegd dat het uitgangspunt is dat de bestuurders er zelf uit moeten komen, maar voor ons is het uitgangspunt dat er voor de kinderen een goede oplossing moet komen.
Dit kan betekenen dat het zelfoplossend vermogen van de besturen daarin onderdeel is, maar dat staat niet centraal in dezen. De kinderen staan centraal en alle andere elementen, zoals besturen, leraren en huisvesting, zien wij als tools om tot goed onderwijs te komen. Alle andere elementen zijn bepalend voor goed onderwijs en verdienen alle aandacht, maar het kind staat centraal. Als de wethouder daar goed naar blijft kijken en stuurt waar er gestuurd kan en moet worden, graag. De uitdrukkelijke wens van de gemeente om tot een oplossing te komen in de wijk, geeft ons wat rust. We kunnen instemmen met het IHP. De heer LANGZUS (wethouder): Voorzitter! Bedankt voor de insprekers en de over het algemeen positieve toonzetting waarmee ze het IHP hebben benaderd en beoordeeld. Dank ook voor de voordracht voor de Raadmeter. Er staan inderdaad heel veel positieve dingen in het integraal huisvestingsplan. De vmbocampus is meer dan locaties bij elkaar brengen en in de zin van gebouwen het nodige doen. Er zit een visie achter van de samenwerkende schoolbesturen. Is dat allemaal geen winst? Aan de heer Ekizkuyu doe ik nogmaals de suggestie om het gesprek aan te gaan. Dan zal hij waarschijnlijk de warmte merken die ik in de stuurgroep rondom de nieuwe campus voor het vmbo de laatste anderhalf jaar heb opgedaan. Dank ook voor de woorden over het speciaal onderwijs.
Ik denk dat het IHP een goede ontwikkeling is, waarin de samenwerkende partijen in deugdelijke en goede huisvesting in staat zijn om de meest kwetsbare kinderen dat te bieden wat nodig is. Dan het primair onderwijs. Het afgelopen jaar is aan niets zo veel tijd en aandacht besteed als aan het primair onderwijs. Dat is een continuïteit die ik gaande wil houden met het oog op de kinderen in deze stad en hun ouders, die er belang bij hebben dat er voldoende spreiding is van kwalitatief goed onderwijs in deze stad. Helaas hebben we ook te maken met een tegengestelde beweging. De demografische ontwikkelingen die — de heer Teeuw schetste dit zo mooi — na jarenlange uitbreidingen en nieuwbouw ons ertoe nopen na te denken over hoe we de krimp slim aanpakken en hoe we ervoor zorgen dat er een voldoende en goed aanbod van primair onderwijs R 2106460
20
in deze stad is, met behoud van kwaliteit, spreiding en keuzemogelijkheden voor ouders. Dat vraagt van alle partijen, ook van deze wethouder, om over schaduwen heen te stappen en keer op keer met elkaar en in dialoog te zorgen dat we verstandige besluiten nemen. In Almelo betekent dit een stadsbrede, ingewikkelde puzzel. Het gaat niet alleen over het Noorderkwartier, het gaat niet alleen over een onderdeel van De Zegge aan de Johanna van Burenlaan, het gaat over een complexe, ingewikkelde puzzel in meerdere wijken in deze stad. Die puzzel moet worden gelegd. Ik ben de vele contactmomenten in het afgelopen jaar in het kader van de IHP nagegaan, zowel lijfelijk, als via digitale vergaderingen. als via mail. Opgeteld zijn dit er handenvol geweest, waarbij de schoolbesturen er keer op keer op zijn geattendeerd dat we in een proces zitten waarin ze stappen moeten zetten, waarin ze pogingen hebben gedaan om die stappen te zetten en er tot op heden nog uitgekristalliseerd uitgekomen zijn. Daarbij zijn boodschappen over tafel gegaan. Wat mevrouw Wind zegt, is terecht, dat de schoolbesturen van het primair onderwijs bevestigd hebben dat het IHP zoals het er nu ligt ook door hen wordt gedragen.
Ik deel de verbazing met uw raad dat deze week door PCO Noord Twente een soort urgentie appel wordt gedaan aan de raad en er een separate brief is binnengekomen, die is toegevoegd aan de stukken, die daarin verwarring sticht. Er kan maar met één mond worden gesproken. We hebben op 8 oktober jl. een OGO gehad, een op overeenstemming gericht overleg. Er zijn nog aanpassingen gedaan in de teksten, we hebben de bevestiging gekregen dat dit is zoals men het graag ziet, en de erkenning dat er door de schoolbesturen de komende weken en maanden nog werk is te verzetten om die ingewikkelde puzzel stadsbreed te leggen. Die puzzel bestaat niet uit één stukje dat vanavond snel even kan worden gelegd door een gebouw aan te wijzen voor de dislocatie van De Zegge in het Noorderkwartier. Was het maar zo gemakkelijk. Er is veel meer te doen. Uw raad weet hoe het werkt, als we vanavond dat stukje zouden leggen door een gebouw aan te wijzen of door te zeggen "blijft u maar zitten" dan zijn er twee andere besturen en is er een ingewikkelde problematiek in de rest van de stad waaraan dan voorbij wordt gegaan. Ik zou de kans willen uitnutten om de komende tweeënhalve maand de rust te bewaren en eind eerste kwartaal de balans op te maken. Mocht er dan geen witte rook zijn, zijn we toe aan het pakken van die regierol en meer sturend in het Noorderkwartier een beslissing te forceren.
Ik denk niet dat het zo ver gaat komen. Er is voldoende draagvlak, er is voldoende, keer op keer, bevestigd dat men het eens is met het stemmingsbeeld in het IHP, de noodzaak dat we met elkaar de maatschappelijke verantwoordelijkheid dragen en delen, en de wetenschap bij de bestuurders dat men onder mediation tot oplossingen moet komen. Ik ben hoopvol gestemd dat die zullen komen. In dat licht zie ik de brief die door PCO is gestuurd, als het onder de aandacht van uw raad en mij brengen dat het urgent is om tot een oplossing te komen. Ik snap dat en ik honoreer dat, want die boodschap is ook een vertaling van de boodschap die ouders via de mail aan mij adresseren. Daaraan wil ik zeker niet voorbijgaan. Daarvoor moeten wij oog hebben. Daarmee is gezegd dat we hier gezamenlijk de schouders onder moeten zetten. Hiermee heb ik het totale vraagstuk behandeld, in het vertrouwen dat wij op zeer korte termijn witte rook krijgen voor een netjes gelegde puzzel voor deze stad, ook voor het primair onderwijs. De heer ZIELMAN (GBl~ Democraten.Nu): Voorzitter! Ik hoor de wethouder zeggen dat hij hoopt niet sturend of dwingend op te hoeven treden. Dat hoop ik met hem. Ik vind eind Q1 echter een beetje Iaat. Ik kan me voorstellen dat de ouders daarvan enigszins zenuwachtig worden, omdat begin april het schooljaar bijna voorbij is. Er moeten keuzen gemaakt worden.
Die wil je natuurlijk op tijd maken. Is die tijd lang genoeg en níet te krap, als we daarna nog actie moeten ondernemen? Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Ik val met name over het punt dat wij een brief hebben gekregen waarin staat dat het in orde is, terwijl het niet in orde is. Ik wil op de informatie in dat soort brieven van het college kunnen vertrouwen. Het stoort me dat er discrepantie over is. Daar had ik graag duidelijkheid over gewild. Maar Iaat ik het hierbij laten, omdat dit de laatste vergadering is en we een lange agenda hebben. De volgende keer zal ik er strikter op zijn. Ik vind het heel slordig.
R 2106460
21
Mevrouw WIND (CDA): Ik sluit mij aan bij de woorden van de heer Zielman. Mevrouw VAN DOORN (Lokaal Almelo Samen): Voorzitter! Ik vraag de toezegging van de wethouder dat hij ons op de hoogte stelt, als het allemaal voor elkaar is. De heer LANGZUS (wethouder): Voorzitter! Natuurlijk zullen we de raad meteen op de hoogte stellen als er nadere informatie is hoe de puzzel in Almelo gelegd gaat worden. De heer Zielman brengt het tijdselement in het geding; een terechte opmerking. Ik ga ervan uit dat dit zeker niet te lang mag duren. Ik heb eind Q1 genoemd; dan moet het zichtbaar zijn. Het verhuizen van een school zullen we daarop afstemmen. Als dit in het slechtste geval betekent dat de Johanna van Burenlaan nog een paar maanden langer of het gehele schooljaar beschikbaar moet worden gesteld, doen we dat gewoon. Ouders en kinderen zullen er niet de directe gevolgen van moeten ondervinden dat ze halverwege het leerjaar met de hele zaak moeten verhuizen. Volgens mij komt dit in orde. Tegen mevrouw Pol merk ik op en herhaal ik dat de brief van PCO Noord Twente zoals naar uw raad is gezonden, mij ook verbaast, omdat ik telefoongesprekken met diezelfde besturen heb gevoerd en de bevestiging heb gekregen, die de afgelopen week ook aan de CDA-fractie is gedaan, dat we het eens zijn over het integraal huisvestingsplan.
Ik lees die brief niet anders dan nog een keer onder de aandacht van uw raad brengen dat er zeker een urgentiegevoel is. Als dat het is, versta ik dat signaal en kan ik dat billijken. De VOORZITTER: Daarmee sluiten we de beraadslagingen of en gaan we over tot besluitvorming. Ik deel u mee dat mevrouw Bijenhof te kennen heeft gegeven zich van stemming te onthouden, gelet op haar nevenfunctie als voorzitter van de Raad van Toezicht van PCO. Er kunnen dus 31 stemmen worden uitgebracht. Hierna wordt digitaal gestemd over het raadsvoorstel, waarna de voorzitter constateert dat het met algemene (32) stemmen is aangenomen. De VOORZITER schorst daarop de vergadering. Na heropening van de vergadering stelt de VOORZITTER aan de orde: 14. Bedrijveninvesteringszone Ondernemers Binnenstad Almelo (R 2006290) De heer DE OLDE (PVA): Voorzitter, ten opzichte van de huidige reclamebelasting zien wij een aantal duidelijke voordelen aan de BIZ: de ondernemers zelf aan het stuur. In tegenstelling tot de reclamebelasting bepalen ondernemers zelf welke middelen zij gezamenlijk op willen halen en onder welke voorwaarden. Dit in tegenstelling tot de reclamebelasting, waarvan de voorwaarden en hoogte door de gemeenteraad worden bepaald. De Partij Vrij Almelo heeft er dus veel vertrouwen in dat we samen met de ondernemers werken aan een aantrekkelijke binnenstad.
We vragen wel om eigenaren in een dergelijk gebied bij investeringen te betrekken en de eigenaren van leegstaande panden van de heffing uit te sluiten. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Voorzitter! De GroenLinks-fractie is voor de BIZ, maar we hebben wel een aantekening bij de vergoeding die de centrummanager ontvangt, € 55.000 voor 16 uur in de week. Hij verdient meer dan onze burgemeester, dan de wethouders, evenveel als ministers van ons land en komt in de buurt van de minister-president. Je krijgt het idee dat er iets misgaat met de waardering van functies en wat de vrije markt ervoor over heeft, als je kijkt naar de verantwoordelijkheden die deze functionarissen dragen. Voor mij is dit de bevestiging dat het kapitalisme compleet is doorgeslagen. Na wat gesprekken met collega's merkte ik wat onjuistheden in mijn verhaal hierover in het politiek beraad. Ik kreeg opmerkingen als: de centrummanager mag vragen wat hij wil. Zo werkt het en wij gaan niet over zijn salaris et cetera. Dat klopt, de centrummanager kan vragen wat hij wil. Ik zeg niet dat wij zijn salaris moeten bepalen. In het politiek beraad heb ik gezegd dat wij de kans hebben om te bepalen wat er met gemeenschapsgeld gebeurt. En we hadden voorwaarden kunnen stellen, bijvoorbeeld dat wij niet mee willen betalen aan deze in onze ogen hoge vergoeding.
Simpel gezegd, wij vinden het, gezien zijn taken, een te hoge vergoeding. Dit heb ik R 2106460
22
proberen te vertellen tijdens het politiek beraad. Meneer kan gewoon hetzelfde blijven vragen en ik heb het niet over iets wettelijk vastleggen, maar over waar wij ons geld aan uitgeven. De reden dat we toch voorstemmen, is omdat we ons er inhoudelijk in kunnen vinden en het idee hebben dat het werk van de centrummanager zo bepalend zal zijn dat mensen in economisch opzicht er beter van zullen worden, het centrum zal opbloeien en mensen een beetje gelukkiger worden van een mooie binnenstad, dus dat de investering in deze meneer zich zal uitbetalen. Dat houd ik mij voor. We stemmen dus voor deze regeling. Het is jammer dat de Vastgoed BIZ niet tegelijkertijd met de Ondernemers BIZ loopt. Dat is een gemiste kans, maar het is niet anders. We hopen dat dit initiatief voor een mooi centrum zal zorgen. We wensen de heren en dames die hierover gaan veel succes en plezier. Ik hoop dat er genoeg draagvlak voor is. De heer KAMPMAN (Lokaal Almelo Samen): Voorzitter! Ik zal het proberen kort te houden. Vanavond wordt een voorbereidingsbesluit genomen om een BIZ-zone in Almelo in te voeren. Vanuit het Centrum Almelo Actief (CAA) is het verzoek gekomen om de reclamebelasting voor collectieve activiteiten in de binnenstad te vervangen door een BIZ-zone, een bedrijfsinvesteringszone.
Hiervoor is nodig dat de gemeenteraad vanavond een verordening vaststelt, waarna er een draagvlakonderzoek plaats kan vinden onder de ondernemers. De Lokaal Almelo Samen-fractie wenst de ondernemers heel veel wijsheid toe en is zeer benieuwd naar de uitkomsten van de draagvlakmeting. Ons verzoek aan de wethouder is dan ook, zo spoedig mogelijk aan de gemeenteraad terug te koppelen als de uitkomsten van dit onderzoek bekend zijn. De heer VAN REES (wethouder): Voorzitter! Dank voor de vragen. Ik constateer dat de heren De Olde, Ekizkuyu en Kampman alle drie hun steun uitspreken voor de BIZ. Daar ben ik zeer blij mee. Ik hoop dat de hele raad dat zal doen. De heer De Olde heeft gevraagd of de eigenaar ook moet betalen voor leegstaande panden. Dat is niet het geval. Op het moment dat het pand leegstaat, wordt het uitgesloten van de BIZheffing. De heer Ekizkuyu heeft vragen gesteld over de vergoeding van de centrummanager. Daar gaan inderdaad de ondernemers over. Ik adviseer hem om te kijken naar alle zzp'ers in Nederland en welke vergoedingen zij per uur vragen. Dan zal hij zien dat deze vergoeding daar niet veel van afwijkt en die vergoedingen nodig zijn, omdat zzp'ers veel andere kosten hebben die een reguliere werknemer niet heeft.
Vanzelfsprekend zullen wij de uitkomsten zo snel mogelijk, nadat we ze eerst aan de ondernemers bekend hebben gemaakt, terugkoppelen naar de raad, want het is een regeling voor de ondernemers. Ik hoop van harte dat de ondernemers voor zullen stemmen, want de coronacrisis zal bij veel ondernemers hard binnenkomen. Na deze crisis, als de zaken hopelijk weer open kunnen, zal de samenwerking tussen de ondernemers extra belangrijk zijn en zullen we met ons allen ons stinkende best moeten doen om alle mensen weer terug te krijgen naar het centrum van Almelo. Ik hoop daarom van harte dat alle ondernemers ja gaan zeggen, en de raadsleden als ze met ondernemers spreken ambassadeur willen zijn voor de invoering van deze BIZ-belasting. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): De heer Van Rees maakt een vergelijking met andere zzp'ers, maar dat is voor mij niet de benchmark. Mijn benchmark is met de burgemeester, onze wethouders en dat soort functies. Daar vergelijk ik het mee. Het is mogelijk dat andere zzp'ers veel meer geld vragen, maar in vergelijking met andere functies vind ik het een extreem hoog bedrag, een extreem hoog uurloon. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Mijnheer de voorzitter! Door de opmerking van de wethouder over het uitsluiten van eigenaren van leegstaande panden, wat al duidelijk was, heb ik de volgende vraag.
Zou het juist niet mogelijk zijn om de leegstaande panden dubbel te belasten, zodat we misschien wat tegen de leegstand kunnen doen? De heer VAN REES (wethouder): Mijnheer de voorzitter! De BIZ-regeling Iaat het niet toe om leegstaande panden te belasten. We hebben voor de leegstand de leegstandsverordening
R 2106460
23
ingevoerd. We werken daar hard mee en we zullen uw raad begin volgend jaar rapporteren over wat we daarmee doen en wat de resultaten zijn. Hierna wordt digitaal gestemd over het raadsvoorstel, waarna de voorzitter constateert dat het met algemene (32) stemmen is aangenomen. 21. Aanpak (her verdeling prullenbakken (R 2006140). Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! Het gaat bij dit voorstel om een motie van de fractie van Forum van Rechts, dus ik ben er uitermate blij mee dat daaraan uitvoering wordt gegeven. In eerste instantie dacht oké, dit is het, maar verder lezend zag ik dat ze wel degelijk goed is uitgewerkt. Ik ben daar content mee. Ik ben er bijzonder content mee dat er eerst in overleg wordt getreden met omwonenden indien prullenbakken zouden worden verwijderd, om hun de mogelijkheid te bieden om die prullenbakken te adopteren, met andere woorden, in beheer te nemen. Dat lijkt mij een heel mooi uitgangspunt om als vangnet te bieden. Ik steun dit voorstel. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Mijnheer de voorzitter! Ik vind dit een grappig onderwerp, want ik kan me niet onttrekken aan de gedachte dat er al het een en ander gebeurt. Ik krijg signalen van mensen die in de binnenstad of het centrum wonen -daar ontstaat voor mij ook wat onduidelijkheid over -dat al heel veel prullenbakken lijken te zijn verdwenen.
Ik heb niet het idee dat dit raadsvoorstel zegt dat er van alles gedaan is, maar juist dat er van alles gepland wordt en gedaan zal worden. Ik ben benieuwd hoe dit in elkaar steekt. Ik hoop dat we niet zo onhandig zijn prullenbakken te verwijderen die niet elke dag vol zitten, want als die worden verwijderd, zal daar juist zwerfafval ontstaan. Ik heb liever te veel prullenbakken dan te weinig. Ik heb niet het idee dat dat voldoende duidelijk wordt. En ik zou het mooi vinden als het ons zou lukken om het onderhoudsniveau naar basis te krijgen. Ik heb geen idee welke investering dit met zich meebrengt, maar ik denk dat dit uiteindelijk tot een nog schonere stad zou kunnen leiden. Mevrouw VAN DOORN (Lokaal Almelo Samen): Voorzitter! Ik vind dat de motie op een goede manier wordt uitgevoerd. Er zijn alleen wat strubbelingen over prullenbakken in bepaalde wijken. Ik noem als voorbeeld Nijrees Noord, waar absoluut geen prullenbak aanwezig is, Ik hoop dat er ook wordt gekeken naar wijken waar niet alleen prullenbakken weg moeten, maar ook naar wijken waar prullenbakken bij moeten, om ervoor te zorgen dat bijvoorbeeld mensen die hun hond uitlaten die ontlasting oprapen, maar vervolgens het zakje niet kwijt kunnen en het toch maar weer op de grond gooien. Daar streven we natuurlijk niet naar. Ik wandel heel veel in het Nijreesbos.
Daar staan plenty prullenbakken, maar die zijn regelmatig tot aan de nok toe vol. Ik vraag me af wat het beleid is tot het legen van de prullenbakken, dus niet alleen het weghalen. De VOORZITTER: Dat is op het randje van wat aan de orde van behandeling is. Maar dit Iaat ik even toe. De heer STOTELER (PVV): Voorzitter! Ik wil van de wethouder weten wat de toegevoegde waarde is van dit raadsvoorstel over prullenbakken. Er is een motie aangenomen over de herverdeling van prullenbakken. Helemaal prima; dit lijkt me een goede opdracht aan het college. De verdere uitvoering daarvan lijkt mij specifiek iets voor het college en niet iets waar de raad zich zo gedetailleerd inhoudelijk mee zou moeten bemoeien. Kan de wethouder hier wat over zeggen? De heer ZIELMAN (£~~ Democraten.Nu): Voorzitter! Ik ben het in dezen geheel eens met de heer Styteler. De heer VAN REES (wethouder): Voorzitter! Dank u wel voor de vragen. Ik begin met de laatste opmerking. In de motie wordt gevraagd om de raad te informeren hoe we het verdelen van prullenbakken gaan aanpakken. Dat doen we bij dezen. We laten aan de raad zien op welke
R 2106460
24
manier wij invulling gaan geven aan de motie. Dit had misschien in eigen beheer van het college gekund, maar gelet op de motie leek ons dit een goede weg. In punt 2.d van het raadsbesluit kan men lezen dat we omwonenden er zo veel mogelijk bij betrekken als wij prullenbakken neerzetten, maar ook als we ze weghalen. We halen niet alleen maar prullenbakken weg, maar plaatsen ook prullenbakken bij, omdat dit een middel is om zwerfafval te verminderen. Op plekken waar veel zwerfafval ligt, zullen we prullenbakken plaatsen. Dit kan ook op verzoek van de inwoners worden gedaan. De binnenstad is een apart verhaal, daar is het geen middel, maar een instrument om ervoor te zorgen dat de binnenstad netjes blijft. Prullenbakken vormen een voorziening voor de passanten. Daar wordt heel nadrukkelijk bekeken hoe we met het plaatsen en herplaatsen ervan in kunnen spelen op een nette binnenstad, want de binnenstad moet het visitekaartje van de gemeente Almelo zijn. Tegen mevrouw Van Doorn herhaal ik dat we niet alleen prullenbakken weghalen, maar ook prullenbakken bijplaatsen, omdat dit een middel is om zwerfafval te voorkomen. Het Nijreesbos is hierin een apart traject. Misschien moet ik dat precies navragen, maar naar mijn weten is het Nijreesbos van de graaf, evenals de prullenbakken die daar staan. Hij is dan ook verantwoordelijk voor het legen.
Als ze op onze grond staan, zijn wij verantwoordelijk voor het legen. Ze worden elke week geleegd, dus ik ga ervan uit dat dit voor onze eigen prullenbakken regelmatig en secuur gebeurt. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Ik denk dat de wethouder mij niet heeft begrepen. Ik heb in het raadsvoorstel gelezen dat de omwonenden erbij worden betrokken en het is een compliment dat de omwonenden een herkansing krijgen als de gemeente ze wil weghalen, door ze zelf in beheer te nemen. In die zin was míjn opmerking positief bedoeld. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Ik heb niet het idee dat mijn opmerking een reactie heeft gekregen. Ik vroeg me af of het geluid was uitgevallen toen ik sprak of de wethouder sprak. Ik hoop dat er alsnog een reactie komt. Als het nodig is, herhaal ik mijn opmerking. Mevrouw VAN DOORN (Lokaal Almelo Samen): Het antwoord van de wethouder vind ik niet helemaal bevredigend, dat de graaf die prullenbakken moet legen als de grond van hem is. Kan de wethouder contact opnemen met de graaf of dit een keer kan gebeuren? Ik wil dit zelf ook wel doen. Het is wel Almelo en er komen heel veel mensen die er vertier zoeken. Ik vind het een aanfluiting om daar vieze volle prullenbakken en nog veel meer dingen aan te treffen.
De heer ST~TELER (PVV): Een opmerking naar aanleiding van het antwoord van de wethouder op mijn vraag waarom een raadsbrief niet voldoende zou zijn geweest in plaats van een raadsvoorstel. Dit verzoek zat in de motie en was voor de PVV-fractie reden om vorig jaar tegen de motie te stemmen, omdat de raad een rol wordt toebedeeld om zich zo gedetailleerd met die zaak te bemoeien. Nogmaals, had het gewoon bij een raadsbrief gelaten. Dat had net zo goed gekund. Het raadsvoorstel voegt niets toe. We vinden het goed dat het college kijkt naar het herverdelen van prullenbakken, dat die oproep er was en dat er serieus en goed naar wordt gekeken; ga daarmee door. Maar wij zijn tegen dit raadsvoorstel. De VOORZITTER: Daar neem ik met spijt kennis van, maar dat is om andere redenen. De heer CETE (Lijst Cete): Misschien om de voorzitter te helpen. De heer St~teler is het eens met wat er moet gebeuren. Een raadsvoorstel is inderdaad een zwaar middel bij een motie, maar er zijn genoeg momenten in het verleden geweest dat we zeiden dat het college niet serieus genoeg omgaat met onze moties. Misschien ligt het aan de indiener, ik verwijt de heer Stóteler niets, maar het zou heel chique zijn om op de laatste avond de besluiten unaniem aan te nemen om het college te bedanken voor zijn goede inzet bij het uitvoeren van een motie.
Soms verwijten hij en ik het college dat het niet goed omgaat met een motie. Als de heer Stóteler het eens is met ons, wat is dan zijn probleem? De heer STOTELER (PVV): Voorzitter! Bij het bepalen of we voor of tegen een motie stemmen heeft nog nooit de persoon van de indiener een rol gespeeld, of dit de heer Cete, de heer Hummels of mevrouw Pol is. Ik kan me herinneren dat we bij de laatste R 2106460
25
begrotingsbehandeling voor een motie van mevrouw Pol hebben gestemd. Dus dit Iaat ik me niet aanmeten. Het gaat ons puur en alleen om de detaillistische rol die de raad zich hier meent toe te moeten eigenen. Wij vinden dat dit puur aan het college is en willen geen precedent scheppen voor de toekomst, dat we ons met dit soort details gaan bemoeien. De raad heeft een kaderstellende rol. Die kaderstelling kunnen we doen door het college op te roepen goed te kijken naar de herverdeling van de prullenbakken en daar inwoners bij te betrekken et cetera. Maar om nu als raad je te bemoeien met in welke straat hoeveel prullenbakken er moeten staan, gaat mijn fractie veel te ver. De heer CETE (Lijst Cete): Ik herinner de heer St~teler eraan dat bij de begroting heeft gestemd over een toezegging over de statushouders. Dit zijn politieke kwesties. Ik Iaat het hierbij. De heer VAN REES (wethouder): Mijnheer de voorzitter! Naar aanleiding van de laatste discussie: dit raadsvoorstel schetst een proces dat we doorlopen om tot een herplaatsing te komen en schetst niet in detail waar de prullenbakken komen te staan, maar hoe we dat gaan doen, hoe we dat analyseren en welke afwegingen we maken bij het plaatsen of weghalen van een prullenbak. In die zin informeert het voorstel de raad op hoofdlijnen en Iaat het de details bij de afdelingen.
Dit kan misschien helpen om toch nog voor het voorstel te kunnen stemmen. Ik ben blij dat mevrouw Pol een compliment heeft gemaakt. Ik had het inderdaad verkeerd begrepen. Ik weet niet of bij de heer Hummels de microfoon was uitgevallen, maar ik heb gezegd dat wij de prullenbakken in de binnenstad zien als een voorziening om te zorgen dat de binnenstad schoon blijft. Als er op dit moment prullenbakken worden weggehaald of bijgezet, gebeurt dat vaak in overleg met de ondernemers. Ik zal er nog eens naar vragen. Dit is een lopend proces, zeker voor de binnenstad. Als de prullenbakken vol zitten, worden ze naar mijn beste weten geleegd. Het is mogelijk dat een leegronde een paar dagen is nadat de prullenbakken al vol zitten. We zullen er zeker naar kijken om dit op te lossen, als dit in de binnenstad tot problemen leidt. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Mijnheer de voorzitter! Ik weet niet of de andere opmerkingen die ik heb gemaakt nog aan de orde komen. Ik heb netjes geprobeerd te vragen of er niet al het een en ander in gang is gezet, terwijl in het voorstel staat wat er gaat gebeuren. Ik krijg niet van winkeliers, maar van bewoners van de binnenstad en het centrum te horen dat ze nergens meer een prullenbak kunnen vinden. Ik weet dat dit overdreven is, want als ik goed zoek, kan ik er een paar vinden.
Maar met name in de woongebieden in de binnenstad lijkt het tegen te vallen en schijnen er nogal wat verdwenen te zijn. Mijn andere opmerking was welk effect, financieel en verder, het heeft als we het onderhoudsniveau voor alle gebieden naar basis brengen. De heer VAN REES (wethouder): Mijnheer de voorzitter! Het is niet zo dat de prullenbakken nu geen aandacht krijgen van de dienst. Er wordt wel degelijk naar gekeken. Het is niet zo dat het proces dat we nu schetsen vanaf januari start, want er wordt constant gekeken naar prullenbakken. Men is er de hele tijd mee bezig. Als dit vragen oproept op een bepaalde plek, reageren we daarop. Maar het proces zoals we het hier hebben beschreven, start in het eerste kwartaal. Het brengen naar het niveau basis voor het onderhoud, is een discussie die op een ander niveau speelt. Die gaat over IBOR, daarover hebben we recentelijk nog in de raad gesproken. En ja, het heeft veel financiële consequenties als we het onderhoudsniveau voor de hele stad gaan verhogen naar basis. Volgens mij heb ik nu wel alle vragen beantwoord. De VOORZITTER: Geen meldingen meer? Dan ronden we daarmee de beraadslagingen af en ga ik met u naar besluitvorming. Mevrouw Van Doorn steekt haar handje nog op, maar ik heb net de beraadslagingen gesloten. Anders voert het echt te ver. De wethouder heeft geantwoord. Daar moet u het echt even mee doen.
Mevrouw VAN DOORN (Lokaal Almelo Samen): Dan bel ik de wethouder nog wel een keer op. R 2106460
26
De VOORZITTER: Dat lijkt me heel verstandig, dan kunt u op details het gesprek nog een keer voorzetten. Hierna wordt digitaal gestemd over het raadsvoorstel, waarna de voorzitter constateert dat het is aangenomen met 29 tegen 3 stemmen. Voor het raadsvoorstel hebben gestemd de aanwezige leden van de fracties van CDA. Christenunie, Forum voor Rechts, Fractie Weinreder, GroenLinks, Lokaal Almelo Samen, Leefbaar Almelo, Lijst Cete, PVA, PvdA, SP en VVD, alsmede één lid van de fractie van Democraten.Nu. Tegen het raadsvoorstel hebben gestemd de leden van de PVV-fractie, alsmede één lid van de fractie van Democraten.Nu. 22. Motie vreemd aan de agenda. De VOORZITTER: Dames en heren! Door de heer Teunis is, namens de fracties van SP, Leefbaar Almelo, PvdA en GroenLinks, de volgende motie ingediend. "Motie. Een volwaardige kerstuitkering voor gedupeerde ouders Toeslagenaffaire.
De raad van de gemeente Almelo bijeen op 15 december 2020, constaterende dat • een voorstel van de SP in de Tweede Kamer is aangenomen om de vele ouders die getroffen zijn door de toeslagenaffaire en nog niet zijn geholpen, €750 uit te keren in de komende weken, overwegende dat • gemeenten geregeld ervoor kiezen om ten aanzien van de bijstandsuitkering bepaalde inkomsten of tegemoetkomingen met elkaar te verrekenen; • er in Almelo tenminste 64 gezinnen zijn die zich als gedupeerden hebben gemeld bij de Belastingdienst; • de ouders al maandenlang wachten op enige vorm van compensatie voor de schade die ze is aangedaan door de Belastingdienst ten aanzien van de toeslagenaffaire; • de gemeente een positieve rol kan innemen in het herstel van het vertrouwen in de overheid van deze ouders en kinderen en het hiervoor belangrijk is dat er niet wordt getornd aan het bedrag van € 750 op enige manier; • gemeenten altijd een keuze hebben in het niet te hoeven verrekenen van bepaalde kosten en posten, verzoekt het college, • de € 750 uitkering die de getroffenen van de toeslagenaffaire dit jaar krijgen, op geen enkele manier te verrekenen met de bijstandsuitkering en of andere gemeentelijke uitkeringen, en gaat over tot de orde van de dag." De motie is ondertekend door de fracties van SP, Leefbaar Almelo, PvdA en GroenLinks.
Ik geef de heer Teunis de gelegenheid om deze motie te introduceren, maar ik zie dat mevrouw Ten Seldam een punt van orde wil maken. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Voorzitter! Bij het vaststellen van de agenda hebt u navraag gedaan of het hier gaat om een motie die behandeld gaat worden en waarover besluitvorming zal plaatsvinden. De heer Teunis heeft gezegd dat de indieners een reactie van het college willen en afhankelijk daarvan bezien of de motie in stemming wordt gebracht. Ik heb begrepen dat hierover al overleg is geweest met de betreffende wethouder en dat deze geadviseerd heeft om deze motie niet in te dienen. Ik begrijp dat de heer Teunis dit een belangrijk onderwerp vindt, maar als we hier alleen de motie gaan behandelen en het gesprek voeren omdat we erover willen praten, dan vind ik dat een verkeerde manier om ons allen hiermee bezig te houden. Moties worden ingediend om een besluit van de raad te vragen over een bepaald onderwerp en niet om iets bespreekbaar te maken. Ik vind dat er besluitvorming moet volgen, als wij de motie behandelen, los van wat het college ervan vindt, want de motie is gericht aan de raad. R 2106460
27
De VOORZITTER: Dat is een uitgebreid punt van orde. Ik geef de heer Teunis de gelegenheid om daarop te reageren. De heer TEUNIS (SP): Voorzitter! De motie kent een aantal indieners, namelijk ook de fracties van D66, PVV en Forum voor Rechts. De VOORZITTER: Ik ga niet alle indieners het woord geven. U bent de initiatiefnemer, dus u introduceert de motie en adresseert de bijdrage van mevrouw Ten Seldam. De heer TEUNIS (SP): Voorzitter! Ik betreur de spijt die geuit is door zowel de voorzitter als mevrouw Ten Seldam over het in stand houden van deze motie. Toen de motie door ons werd ingediend, was de overtuiging dat het mogelijk was om deze compensatie te verrekenen met de uitkering, andere toeslagen of schulden. Gezien de aard van de motie was het voor ons niet meer mogelijk om deze in een politiek beraad te bespreken. Daarnaast komt het vaker voor dat moties na beraadslaging niet in stemming worden gebracht. Wat ten slotte nog meespeelt, is dat dezelfde motie ook in andere gemeenten is ingediend, dat daarover beraadslaging en stemming heeft plaatsgevonden en zelfs is aangenomen. Dat het is gegaan zoals het is gegaan, is met de beste intenties geweest, juist om aan iedereen recht te kunnen doen. De VOORZITTER. Meneer Teunis, de intenties worden door niemand ter discussie gesteld, dan moet u dat ook niet van uw kant doen, want dat is niet aan de orde.
Uit uw bijdrage destilleer ik dat u de motie gestand gaat doen en dus indient en wij haar gaan bespreken. De heer TEUNIS (SP): Ja, omdat er een kanttekening in zit. De VOORZITTER: Dan geef ik u de gelegenheid om nog nadere woorden te wijden aan de motie, tenzij ze hiermee voldoende aanhangig is gemaakt. De heer TEUNIS (SP): Ik heb een inleiding, maar ik heb eerst op de reacties gereageerd. De motie roept op om de compensatie van € 750 voor de gedupeerden van de toeslagenaffaire bij de Belastingdienst op geen enkele manier te verrekenen met de bijstandsuitkering of andere gemeentelijke uitkeringen of schulden. Inmiddels blijkt uit een gesprek met de wethouder, dat het bij wet voor de gemeente niet mogelijk is om deze toeslag te verrekenen. Dat komt omdat recentelijk door het Rijk is verboden dit te doen. Daarmee is de motie door de tijd ingehaald en kan worden gezegd dat ze overbodig is. We hebben er toch voor gekozen om haar te agenderen, om het mogelijk te maken deze toelichting te geven en aan elke fractie de mogelijkheid te bieden hier nog over te spreken. Temeer daar de motie een groot aantal mede-indieners kent. Zowel de compensatieregeling als deze motie heeft een bepaalde geest. Daarom vraag ik de wethouder om een toezegging. Die volstaat voor ons. Dit is de toezegging dat de kerstuitkering op geen enkele manier wordt verrekend en die intentie er ook niet is.
Dat is voor ons voldoende. Volgens ons vragen we daarmee niet veel. Met als voorwaarde dat de wethouder dit toezegt, zal de motie niet in stemming worden gebracht. Het is namelijk onnodig om een motie in stemming te brengen die oproept iets te doen of te laten wat bij de wet al verboden is. De VOORZITTER: Ik ga hier nu de discussie niet over aan, maar ik zal er op een ander moment tijdens onze huishoudelijke momenten op terugkomen, want dit is niet het agendapunt waar dit soort statements gemaakt kunnen worden. U geeft zelf al aan dat het de bedoeling niet is om de motie tot besluitvorming te brengen. Nogmaals, ik ga de discussie nu niet aan, we gaan er straks over praten en dan is het aan de raad. U hebt gehoord dat een verrekening niet kan, maar u wilt er gewoon een meningsuitwisseling over hebben. Daar zijn moties vreemd niet voor bedoeld. Er zijn andere momenten om daarover met elkaar het gesprek te hebben. Dat het dicht tegen de kerst aan is dat u hoort wat er wel en niet kan, is een heel spijtige omstandigheid.
R 2106460
28
Nogmaals, we gaan er nu niet op in, want ik wil u nu niet de mogelijkheid ontnemen om het pad te gaan dat u wilt gaan met de gemeenteraad. Maar ik kom hierop terug in de huishoudelijke bijeenkomsten van het seniorenconvent en het presidium. De heer ZIELMAN (GB-,4 Democraten.Nu): Voorzitter! Ik heb twee vragen en een opmerking vooraf. Ik ben het eens met de heer Teunis dat het vaker voorkomt dat een motie wordt ingediend en uiteindelijk niet tot besluitvorming komt, maar dan is dat vaak de uitkomst van de discussie die daaraan vooraf is gegaan. Maar om vooraf te zeggen dat je een discussie wilt maar geen besluitvorming, daar ben ik in principe niet van, net zoals mevrouw Ten Seldam. Maar we gaan de motie behandelen. Ik heb een vraag voor de heer Teunis. Kan hij mij zeggen in hoeveel gevallen in Almelo dit probleem voorkomt? Zijn er mensen door de toeslagenaffaire gedupeerd die in de bijstand zitten en in aanmerking komen voor de toeslag die niet verrekend zou kunnen worden? En is het niet zo dat hij eigenlijk geen toezegging kan vragen van de wethouder om iets te doen waarvan hij vooraf al zegt dat dit niet mag van de wet? Mevrouw BIJENHOF (VVD): Voorzitter! Ik sluit mij aan bij de vragen van de heer Zielman.
Ik zie sowieso wat tegenstrijdigheden in de motie zitten waar gesproken wordt over 64 gedupeerden, terwijl het volgens de gegevens die we kunnen opvragen gaat om 26 gezinnen en één acuut geval. Ik vind de hele motie geen peil hebben. Dit is een motie voor de buhne. Ik vind het schandalig dat dit zo wordt gespeeld en mensen hoop wordt gegeven waar hun verteld wordt dat de gemeente iets voor ze gaat doen, terwijl dit eigenlijk al geregeld is. De heer Teunis zegt zelf dat de motie overbodig is. Ik snap niet zo goed waarom we de motie bespreken. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Voorzitter! Er wordt gezegd dat deze motie voor de buhne is. Maar ik heb in het verleden moties zien langskomen die ook al geregeld waren in de wet, die toch werden gesteund als een soort symboolpolitiek of een steuntje in de rug van bepaalde besluiten. Sterker nog, we hebben een verordening ingevoerd die wettelijk al vaststond: dat is het wietverbod. Dat is al wettelijk vastgelegd, en toch hebben we ervoor gekozen om een verordening in te stellen. De logica van mevrouw Bijenhof en de heer Zielman klopt niet, ze zijn niet consequent. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! Ik heb met verbijstering geluisterd naar de vorige spreekster. Die durft het woord "schandalig" in de mond te nemen over gedupeerden die schandalig zijn behandeld, onder andere door het falende beleid van haar grote leider.
Ik word er boos om dat zij het woord "schandalig" in de mond durft te nemen. Ik vind het stuitend. Ik vind het stuitend hoe er hier wordt gereageerd op deze motie. De motie is een signaal hoe erg deze mensen bejegend zijn en dat ze nu beschermd moeten worden. Als dit symboolpolitiek is, dan is dat maar zo. Dat is het enige wat schandalig is geweest. En de verontwaardiging die ik bij bepaalde fracties hoor over grof falend overheidsbeleid... Dat vind ik schandalig. Dat er hier een fractie zit die het signaal wil afgeven dat deze mensen heel erg beschermd moeten worden nadat de overheid gigantisch heeft gefaald en dat er zo afwijkend, afwerend op deze motie wordt gereageerd, omdat het symboolpolitiek is en er ineens strikte regels worden toegepast over de duidelijk goede intentie van de heer Teunis, dat vind ik schandalig. Ik begrijp er niks van. Ik heb hier vanavond een aantal dingen gehoord van de voorzitter die ik niet begrijp, van de vorige spreekster die ik niet begrijp... Ik stop nu maar, want ik vind de heleboel schandalig. De heer CETE (Lijst Cete): Voorzitter! Ik distantieer me verre van de woorden van mevrouw Bijenhof. Als er iets schandalig is, dan is het —zoals mevrouw Pol zegt —dat een regering, een rijksoverheid zo schandalig discriminerend — de heer Maathuis moet zijn lach iets inhouden, ik zie het veel te goed ...
De VOORZITTER: Meneer Cete, dit gaan we niet doen. We gaan op elkaars woorden af en gaan niet naar elkaars gezichten kijken. Het gaat nu over de inhoud, want dit is precies de lading die we niet in dit gesprek moeten hebben. U beperkt zich tot wat voorligt.
R 2106460
29
De heer CETE (Lijst Cete): De interruptie bij het ordedebat heb ik niet begrepen, maar uw voorstel om dit later in een ander gremium te bespreken, lijkt mij heel goed. Ik heb uit de woorden van de heer Teunis begrepen dat er onderling is gesproken, maar ik wist daar niets van. We leven in coronatijd, er ligt een motie. Juist deze wethouder heeft in het verleden gezegd bij onderzoek naar andere zaken dat hij een nauwe samenwerking heeft met de Belastingdienst. Dus misschien hebben wij als lokale overheid door onze samenwerking met de Belastingdienst fouten gemaakt die daarnaartoe zijn gegaan. Dit is niet voor vandaag, gaat niet over de motie. De motie gaat vooral over nu, de coronatijd. Ik denk dat er in de afgelopen tientallen jaren nooit zo'n discriminerend beleid in Nederland is geweest als bij de toeslagenaffaire. We moeten alle mogelijke middelen inzetten om dit recht te zetten. En ja, ook als lokale overheid. Het maakt mij niet uit of het over 26 of 64 mensen gaat, als er één ding is wat schandalig is, is dat wij in onze mooie democratie die al honderden jaren bestaat —zoals de voorzitter de vorige keer zei —discriminerend omgaan met onze burgers. Ik Iaat het hierbij. Ik ben enorm benieuwd naar de woorden van de wethouder, vooral ook over de samenwerking met de Belastingdienst, zoals hij eerder heeft gezegd.