3.5 Notulen raadsvergadering 1 juli 2021 (voortzetting van de raadsvergadering van 29 juni 2021) (getekend).pdf
Tekst van het document
Ik heb inde Woonvisie gelezen dat het er gemiddeld 26 per jaar zijn. Dat zijn er maar 4 minder, maar het is toch minder dan nu gezegd wordt. Desondanks is er geen wachtlijst voor een sociale huurwoning. Eigenlijk kunnen we stellen dat alles in Almelo in balans is. Hoe verklaart de wethouder dit? De heer MAATHUIS (wethouder): Het is maar net hoe je die cijfers interpreteert. Daar wordt van alles in meegenomen. Als ik in een sociale huurwoning woon en naar een beter plekje in de stad wil, moet ik misschien wel 10 of 15 jaar wachten. Dat telt allemaal in het gemiddelde mee. Op het moment waarop hier urgente nood is, staan er altijd woningen leeg die betrokken kunnen worden. Collega Van Rees zal nog iets zeggen over de Woonvisie en de spreiding van sociale huur in deze stad en over de regio. We spreken vanuit het college altijd met één mond. Dit beleidsthema hangt sterk samen met de fysieke agenda. De inzet van regionale arbeidsmarktcoaches is positief geweest. De extra inzet wordt middel door van ESF-subsidie gerealiseerd. Hierdoor kan er met een verminderde caseload gewerkt worden. In de afgelopen jaren en ook in 2020 zijn erin onze subregio 91 plaatsingen naar betaald werk door die inzet gerealiseerd en zijn 19 werkervaringsplaatsen ingevuld. De onderschrijding van het participatiebudget in 2020 was incidenteel en niet structureel.
De oorzaak was gelegen in het feit dat minder activiteiten ten behoeve van re-integratie zijn uitgevoerd, een en ander als gevolg van contactbeperkende maatregelen en minder vacatures _ ____ tijdens de-eerste-en tweede-lockdown. _- _ Er zijn opmerkingen gemaakt over de uitvoering van de motie Groen en blauw, en dan in het bijzonder het bevaarbaar maken van het Kanaal Almelo-Nordhorn. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Dank voorde reactie op de opmerkingen vanuit de raad. Ik ben benieuwd wat er gebeurt met die middelen. Waarschijnlijk heb ik dat gelezen, maar ik ben het nu vergeten. De onderschrijding geeft aan dat er geld overblijft. Ik neem aan dat dat gereserveerd blijft en niet naar de Algemene Middelen gaat. Daar heeft het college blijkbaar nogal een handje van. Die middelen zouden juist, als de wethouder aangeeft dat er nog een zwaardere tijd aankomt, heel hard nodig kunnen zijn, en misschien zelfs wel meer dan dat. De heer MAATHUIS (wethouder): Die onderschrijding is in het resultaat gezakt. Volgens mij heeft de raad daar zelf toe besloten bij de behandeling van de Jaarrekening. Ik deel dat de intensivering nauw samenhangt met het aanvullend sociaal pakket dat door minister Koolmees over de arbeidsmarktregio's in het land, en daarmee ook de arbeidsmarktregio Twente, is uitgestort. Die middelen zijn er zeker.
Er zijn enorm ,veel middelen beschikbaar in het onderwijs, schrikbarend. Je ziet door de bomen het bos niet meer. Dat hangt allemaal samen met de Twentse belofte en de overgang van VSO/Pro-scholen naar werk en de begeleiding na die tijd. 16
Ik had het over het Kanaal Almelo-Nordhorn. In het politiek beraad heb ik al gezegd dat deze financiële vertaling, net zoals alle andere financiële vertalingen van de Kwalitatieve Investeringsagenda, voortvloeit uit de afspraak zoals die verwoord staat in de begroting 2021. Deze investeringen zouden namelijk op geld gezet gaan worden. Over de effecten is al in een eerder stadium met de raad een sociaaleconomische impactanalyse gedeeld, die met deze specifieke investering samenhangt. Een investering in het bevaarbaar maken van het kanaal is meer dan het toelaten van boten. De aantrekkelijkheid van de stad op het vlak van wonen, werken, recreëren en toerisme wordt enorm verhoogd. Ook de binnenstad zal er qua beleving en aantrekkelijkheid baat bij hebben. Ook dit is niet nieuw. Een oplettend raadslid, zittend op de eerste ring, deelde al met mij de Kanalenvisie, die in 2005, onder begeleiding van wijlen burgemeester Helmer Koetje, tot stand kwam. In Nordhorn wordt momenteel geïnvesteerd in het bevaarbaar maken van het kanaal. Ook Dinkelland zet stappen. Water is van toegevoegde waarde en verdient een betere benutting. De investering in groen en blauw in de wijken dient nog nader uitgewerkt te worden. Wij zullen de raad informeren over de wijze waarop wij die gaan invullen. Wethouder Van Mierlo en ik trekken daar samen in op.
Er is gevraagd of de samenleving daarbij wordt betrokken en het antwoord is "ja". Wij zullen dat parallel doen op dezelfde manier als wij de betrokkenheid bij sport en openbare ruimte inde samenleving hebben georganiseerd. De heer BETE (Lijst fete): Kan de wethouder mij uitleggen hoe dit in zijn portefeuille is beland? Ik zie de aansluiting niet. Ik had dit meer bij stadsontwikkeling bij de heer Van Rees gezien. Ik snap niet hoe het bij wethouder Maathuis is beland, anders dan dat het idee van zijn partij komt. De heer MAATHUIS (wethouder): Collegiaal bestuur. Staatsrechtelijk stelt een wethouder niet veel voor als bestuursorgaan. Een burgemeester daarentegen is een zelfstandig bestuursorgaan en heeft wel bevoegdheden. Dat is de wet. Wij opereren alleen maar in het verband van het college van burgemeester en wethouders als bestuursorgaan. Ik ben portefeuillehouder namens het college voor de portefeuille Recreatie en toerisme. De heer CETE (Lijst fete): Ik en heel veel collega-raadsleden hebben het vraagstuk ter discussie gesteld, omdat het via een motie in de Perspectiefnota terecht is gekomen. Daar heeft de wethouder geen opmerking over gemaakt.
Is hij het met mij eens dat het te simpel is om een dermate belangrijke ontwikkeling met een motie in een Perspectiefnota te schuiven? Zou het toch niet beteren machtiger voorde stad zijn als we het buiten de Perspectiefnota goed met elkaar bespreken, zoals bij het zwembad en alle andere grote projecten, en het dan realiseren? De heer MAATHUIS (wethouder): Het college is het daar niet mee eens. In de begroting was er nog geen zicht op een investeringsagenda en toen hebben we dat kwalitatief gemaakt. Het college dacht aan een aantal onderwerpen op basis van de inbreng van de raad in de afgelopen periode. Die vertaalslag is nu bij de Perspectiefnota gemaakt. Er zijn ook fracties in de raad die de opmerking hebben gemaakt dat het eigenlijk drie jaar geleden al had gemoeten. Toen kon het niet. Nu zijn we zo ver dat we vooruit kunnen kijken. Dan de Vloedbeltverbinding, het laatste thema voordat ik de moties en amendementen behandel. De heer DE VRIES (PvdA): De wethouder triggert mij met de opmerking dat sommige fracties vinden dat het drie jaar geleden al had gemoeten. Ik ben benieuwd wie dat waren. De tweede vraag is: hoe is het proces gegaan? Het is als een hazewindhond tot stand gekomen. Dat siert de wethouder, want hij is ambitieus. De heer Pauwels heeft er ook een handje van om te zeggen dat dit kan rekenen op een breed draagvlak.
Ik zie het draagvlak hier en bij een aantal monopolisten in de horeca. Ik gun het ze allemaal, maar waar is het brede draagvlak in de stad op gestoeld om deze investering nu te doen? De heer MAATHUIS (wethouder): Op de eerste vraag kan ik zeggen dat ik dat volgens mij niet zo heb uitgesproken. Ik probeerde het vergelijk te trekken met wat mevrouw Ten Seldam in 17
haar eerste termijn heeft ingebracht, namelijk dat er behoefte is aan een investeringsagenda en dat dat eigenlijk al drie jaar geleden had gemoeten. We waren daar financieel toen niet toe in staat. In de begroting 2021 hebben we in kwalitatieve zin benoemd waar we aan gaan werken en dat we, als er ruimte zou ontstaan, dat op geld gaan zetten. Dat staat gewoon in de begroting. Dat is wat we gedaan hebben en de raad heeft daar vandaag een ultiem oordeel over. Met betrekking tot het draagvlak is er een Waterdag georganiseerd met allerlei maatschappelijke partners. Het college is echter geen referendumcollege dat voor elke beslissing teruggaat naar de samenleving om te toetsen hoe de samenleving daarover denkt. Dat is bij het zwembad ook niet gebeurd. Wij vonden het noodzakelijk dat dat er moest komen. Hier is dat hetzelfde en het ligt aan de raad voor om daar vandaag een oordeel over te vellen. De heer DE VRIES (PvdA): De wethouder heeft gelijk op dat laatste punt, maar het zwembad heeft wel als een apart onderwerp een zorgvuldig beloop gehad. We hebben dat in een aantal sessies goed met elkaar doorgeakkerd. Dit wordt er gewoon ingefietst. De heer MAATHUIS (wethouder): De heer De Vries doet nu alsof het traject over deze investering afgerond is, maar dat is het niet.
Er wordt een financieel perspectief geschetst, mogelijk gemaakt, maar er ligt nog een nadrukkelijke opdracht om op zoek te gaan naar cofinanciering. Dat is een kip-ei-discussie, want alsje bij provincie, EUREGIO en Europa terechtkomt, zullen ze eerst altijd vragen welke ruimte je zelf hebt en of je zelf wel gecommit bent. Daar moet je een verhaal tegenoverstellen. Dit komt vanzelf bij de raad terug via een investeringskrediet, net als het zwembad. Het zwembad heeft ook altijd jarenlang in de begroting gestaan, weliswaar p.m. omdat we dachten dat wegeen uitname van € 200.000 structureel nodig hadden. We volgen dus exact dezelfde systematiek. De VOORZITTER: Ik hoor u zeggen dat na deze Perspectiefnota niet meteen de schop in de grond gaat. Helder. De heer AKSE (SP): Ik heb in mijn bijdrage al aangetoond dat ik gek ben op Almelo Waterstad. Ik hoor de wethouder zeggen dat Nordhorn en Dinkelland ook bezig zijn met het bevaarbaar maken van het Kanaal Almelo-Nordhorn. Op zich is dat een mooi initiatief, maar ik vraag mij af of het niet slim is om met die steden na te denken over wat we gezamenlijk met dat kanaal gaan doen. Stel dat zij denken dat ze het bevaarbaar maken voor kano's en wij willen het laatste stukje voor sloepen bevaarbaar maken, dan is dat niet op elkaar afgestemd.
Ik kan me voorstellen dat het heel mooi zou zijn als je vanuit Nordhorn deze kant uit kunt kanoën en in onze stad lekker gaat lunchen en geld uitgeven en vervolgens weer terug roeit. Dat zou prachtig zijn. De heer MAATHUIS (wethouder): We gaan die contacten-leggen._Ik_ben_al met Dinkelland in overleg. Hier is wel degelijk iets anders aan de orde. Het gaat primair om het bevaarbaar maken en het rondje om de stad ten behoeve van onze eigen inwoners en aantrekkelijkheid op het vlak van recreatie en toerisme. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): In de Perspectiefnota wordt de indruk gewekt dat het een plan is in een vergevorderd stadium, ook gezien de uitwerking. Onze fractie heeft het meer geïnterpreteerd als: hier wordt een doorkijkje gegeven van de uitdagingen die we tegenkomen en hoe we die kunnen tackelen. Net werd de suggestie gedaan om te kijken naar het bevaarbaar maken van het Kanaal Almelo-Nordhorn tot en met Nordhorn. Daar is de raad al in 2004 op bezoek geweest om te kunnen kijken hoe dat in gezamenlijkheid kon worden gedaan. Almelo was toen groot voorstander. Ik zou zeggen: schaf die oude plannen af. Ik heb er nog wel een paar. Die samenwerking biedt perspectief. Kijk ook eerst wat jezelf kunt doen en wat je die ander te bieden hebt. Zo interpreteren wij het voorstel dat nu in de Perspectiefnota staat. Deelt de wethouder dat met mij? De heer MAATHUIS (wethouder): Eens. 18
De heer KAMPMAN (Lokaal Almelo Samen): Wij willen de woorden van het CDA graag ondersteunen. Ik vroeg mij nog iets af. We hebben ongeveer een jaar geleden de motie Groen en blauw gehad en toen heeft bijna de gehele raad voorgestemd. Alleen de SP en de PVV hebben toen tegengestemd. Vervolgens is de ambtelijke organisatie ermee aan de slag gegaan. Nu zie je vanavond heel veel moties en amendementen die het plan om zeep proberen te helpen. De financiering wordt onderuitgehaald. De PvdA wil zelfs de gelden inzetten voor extra plancapaciteit, extra capaciteit voorde ambtelijke organisatie. Is de wethouder het met mij eens dat, als je een jaar geleden een besluit neemt om dit plan uitte werken en de ambtelijke organisatie vervolgens daarmee een jaar lang aan de slag gaat met heel veel energie en inzet, het dodelijk is voor de capaciteit van de organisatie als je vervolgens dat hele plan weer onderuit schoffelt? De heer MAATHUIS (wethouder): Ja. De capaciteit die we hierop hebben ingezet, is mede mogelijk gemaakt via het Stadsarrangement binnenstad dat de provincie aan de stad heeft aangeboden. Daar is de raad via raadsbrieven over geïnformeerd. De VOORZITTER: Ik wil dit punt gaan afronden en doorverwijzen naar de tweede termijn, want anders blijft het een uitwisseling. Ik heb de heer fete nog op mijn lijstje staan, maar ga de heer Buitenweg echt verwijzen naar de tweede termijn.
De heer BETE (Lijst fete): Op het betoog van de heer Kampman kom ik in tweede termijn terug met andere voorbeelden. De wethouder vergelijkt het zwembad met de motie. Er waren twee partijen die het zwembad niet in hun verkiezingsprogramma hadden. Voor het zwembad was er een heel grote politieke meerderheid. Voor het bevaarbaar maken van het kanaal refereert de wethouder aan de investeringsagenda van drie jaar geleden. Dat staat in het coalitieakkoord. Ik lees daaruit dat er een investeringsagenda moet komen en dat er nu € 10 miljoen zou moeten zijn. Dat is er niet. Hij parkeert de motie daarbij. Heb ik het begrepen of niet? Hij heeft het over een investeringsmogelijkheid van drie jaar geleden en parkeert het bevaarbaar maken van het kanaal daarin. Waar refereert hij aan? De heer MAATHUIS (wethouder): De heer fete maakt het allemaal heel onnodig en mistig. De raad heeft een motie aangenomen. Die geeft richting aan het handelen van het college. Als wij daar geen uitvoering aan hadden gegeven, had u daarover via een raadsbrief bericht gekregen. Dat hebben we niet gedaan. We hebben de motie uitgewerkt. Het heeft een plek gekregen in de begroting 2021 en we houden ons aan de afspraak die we met de raad hebben gemaakt over de uitwerking van begroting naar Perspectiefnota. De VOORZITTER: U heeft ongetwijfeld nog andere onderwerpen die u wilt bespreken.
De heer MAATHUIS (wethouder): Inderdaad. De heer BUITENWEG (GroenLinks): Ik maak toch even bezwaar. Er zijn mensen die constant aan het woord zijn en heel veel uitweiden. Ik heb niet veel tijd gevraagd en wordt meteen afgekapt. De VOORZITTER: U wordt niet meteen afgekapt. Ik geef u de gelegenheid niet voor deze interruptie. We hebben nu lang genoeg over dit onderwerp gesproken en gaan nu verder met een ander onderwerp. De heer MAATHUIS (wethouder): Ik heb nog één onderwerp met de raad te behandelen, de Vloedbeltverbinding. Wij danken de raad voorde bijdrage in eerste termijn. Op 6 juli 2021 praten wij hier verder over, maar ik kan de raad alvast het volgende melden. Het kan niet de bedoeling zijn dat Borne een langgekoesterde wens wil invullen en daarmee de gemeente Almelo opzadelt met een landschappelijk en verkeerskundig, en daarmee financieel, probleem en daarmee zelf de dans ontspringt. Wij denken graag mee over het verminderen van het verkeer in Zenderen, maar dan moet de gekozen oplossing, alsje hier uberhaupt al voor kiest, daadwerkelijk effect hebben. Wij informeren de raad volgende week nader. Dan kan het even 19
bezinken tijdens het reces. Na het reces zullen we er met elkaar oordeelsvormend over spreken voordat het college een definitief standpunt inneemt. De heer KAMPMAN (Lokaal Almelo Samen): Wij hebben ergens in 2020 er ook uitgebreid over gesproken. Er is zelfs gevraagd waarde voorkeur van de raad naar uitging, bij de Gespreksnotitie reikwijdte detailniveau Vloedbeltverbinding. Toen heeft de raad gezegd dat de voorkeur uitging naar de spoorverbinding. Ik zou graag willen weten naar welk tracé de voorkeur van het college uitgaat. De heer MAATHUIS (wethouder): Daar komen we in een later stadium in het proces op. Bij de notitie over reikwijdte en detailniveau heeft de raad verzocht om het doorrekenen van de spoorvariant in te brengen. Dat is ook gebeurd. Dat ziet u volgende week terug in de stukken. Wat het college van Almelo verbaast - en dan druk ik me mild uit - is dat in Borne en bij de provincie al op voorhand heel snel de stelling is betrokken voorde voorkeursvariant. Ik vraag me af of dat gaat matchen met de Almelose voorkeur. Daar maak ik me zorgen over. Ons college heeft het college van Borne en het college van GS daarop gewezen. We maken ons daar druk om. Dan de moties en de amendementen. In het licht van de hele discussie adviseert het college negatief over het amendement 1 over het on hold zetten van het Kanaal AlmeloNordhorn.
Het amendement "Meer Almeloërs aan het werk" krijgt ook een negatief advies. Ik heb daar gisteren nog telefonisch contact over gehad met raadslid Geerdink. Een aantal punten is ongelukkig geformuleerd en op een aantal punten lijkt het me goed om een keer de verdieping met de raad te zoeken. Het college kan niet positief adviseren op het voorstel om een aantal zaken nu vast te leggen zoals die hier zijn geformuleerd. Dan de motie "Gehandicaptenparkeerplaatsen". Die krijgt een positief advies. We gaan die oppakken. De motie "Matchingsplatform werkzoekenden" is eerder aanhangig gemaakt in deze raad en ook weer teruggetrokken door de PVA. Ik heb al eerder gezegd dat we dit al doen. Wij hebben een Twenteportaal waar werkzoekenden in kunnen. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Ik wil even verwarring voorkomen. De wethouder spreekt over de motie "Gehandicaptenparkeerplaatsen". Er zijn twee moties die dat woord in de titel hebben. Hij keek mij aan. Is dat de motie die door CDA en Lokaal Almelo Samen is ingediend? En niet de motie "Gehandicaptenparkeerkaart grates"? De VOORZITTER: De laatste motie valt onder mijn portefeuille. Het gaat nu over de parkeerplaats en niet over de parkeerkaart. De heer MAATHUIS (wethouder): Het is motie 10, de motie van CDA en Lokaal Almelo _ __ Samen. Zowel collega-Van Rees als ik vinden die positief.-- - - - __ Dan motie 26, de 30 km-zone.
Die krijgt een negatief advies. Die discussie is landelijk gaande, maar heeft heel veel implicaties. Nu wordt via een motie gevraagd een open discussie met de stad in gang te zetten op basis van subjectieve oordelen over verkeersveiligheid en met suggesties te komen. De Hanzelaan wordt al genoemd, omdat de heer Te Haan een uitstekende lobby richting deze raad heeft gehouden. Daar heb ik soms wel bewondering voor, maar dat kent ook zijn grenzen. Ik heb het gesprek met hem daar weleens over. Rondom schoolzones willen we weleens wat doen, ook op basis van verkeersanalyses, maar het kan niet zo zijn dat we deze hele stad gaan omtoveren tot een 30 km-walhalla. Daar leent onze weginrichting zich niet voor. De motie kan in dat opzicht gezien worden als een soort salamitactiek om op weg te gaan naar die 30 km-zones. De VOORZITTER: Dat is een wat prikkelende beoordeling. Ik geef graag de heer Buitenweg gelegenheid om te reageren. De heer MAATHUIS (wethouder): Ik neem die woorden terug. De heer BUITENWEG (GroenLinks): In de motie wordt niet gevraagd om de hele stad 30 20
km te maken, alleen op plekken waar dat nodig is en waar er al vaker om gevraagd is. De motie die nu in de Tweede Kamer is vastgesteld, geeft de ruimte om dat meer toe te passen. Hier was altijd het adagium dat op verbindingswegen, zoals de Hanzelaan, en wegen waar bussen rijden, je die 30 km-zone niet mag invoeren. Die mogelijkheid is er nu wel. Daarom moetje er opnieuw naar kijken. Wij vragen om een plan waar er mogelijkheden zijn om de veiligheid te verhogen. De heer MAATHUIS (wethouder): Daar zit het ingewikkelde, want daarmee ga je een traject in waarvan je de uitkomst op voorhand niet weet. Ook als het gaat om de inrichting van die wegen vraagt de motie om op zoek te gaan naar creatieve mogelijkheden. Dat is niet simpelweg zo te doen. Dat is niet uitvoerbaar. Als je een 50 km-weg wilt omtoveren naar een 30 km-zone, moet je daarin grote infrastructurele aanpassingen doen, nog even los van hoe hulpdiensten zoals brandweer, politie en ambulances daarover denken. Een aantal straten in deze stad zijn ontsluitingswegen en die horen 50 km te zijn. Als er zich situaties voordoen waarin blijkt dat de verkeersveiligheid enorm in het geding is, zijn we altijd bereid te kijken welke maatregelen je in het belang van de verkeersveiligheid kunt nemen. Daar hoort dit onderdeel ook bij. De VOORZITTER schorst hierop de vergadering.
Na hervatting van de vergadering geeft de VOORZITTER het woord aan wethouder Van Mierlo. De heer VAN MIERLO (wethouder): Voorzitter! Ik heb goed geluisterd en goed gelezen. Ik cluster mijn reacties op de eerste termijn van de raad ineen achttal thema's. Het eerste thema is eenzaamheid. De aanpak van eenzaamheid is zeer belangrijk. Ik heb dat tijdens de lockdown ook persoonlijk kracht bijgezet door een paar honderd kaarten te schrijven bij de lichtjesactie vanuit de coalitie KomErbij. Niets is zo erg als het gevoel dat je alleen op de wereld staat. Daarom ben ik ontzettend content met de coalitie KomErbij die we in Almelo hebben. Dat is een geweldig platform, dat steeds groter wordt, waar ook steeds meer partners zich bij aansluiten, ook bedrijven. Vanuit de gemeente hebben we daar hele goede verbindingen mee. Ook hier geldt dat ik die verbinding ook persoonlijk heb. De behoefte die de coalitie heeft uitgesproken is: help ons met het realiseren van een signaalpunt waar mensen situaties van eenzaamheid kunnen melden. Het college heeft daarvoor middelen beschikbaar gesteld. Daar is een raadsbrief over verschenen. Verder is er bij de coalitie nog voldoende budget om extra activiteiten te financieren. Dan het thema zorgfraude. De oproep is gedaan om niet te belanden in een soort berusting. Het tegendeel is waar, het thema staat vol op ons netvlies.
Onze medewerkers zijn daar nadrukkelijk mee bezig, ook preventief, juist om de kwaliteit van zorg beter te laten worden, over te brengen wat wij onder adequate zorg verstaan en in beeld te krijgen wat de feitelijke situatie bij zorgaanbieders is, ook pgb-aanbieders. Een soort schouw, want dat is preventief heel waardevol. In regionaal verband werken we met veertien gemeenten onder bestuurlijke regie van mijn collega-wethouder uit Oldenzaal en mijzelf aan herdefiniëring van inkoopeisen aan de voorkant. De heer CETE (Lijst fete): Ik heb in mijn eerste termijn gevraagd of de wethouder een balans kan maken. Het siert de heer Van Mierlo dat hij fraude bestrijdt en dat moet hij ook absoluut blijven doen. Maar kan hij mij voorbeelden geven van wat het ons het afgelopen jaar heeft gekost en wat het heeft opgeleverd? We lezen grote bedragen in de kranten. Partij X moet een miljoen euro betalen, partij Y moet € 700.000 betalen. Hoeveel hebben we daarvan teruggekregen? En is dat in balans? Aanvullend op een punt dat het college in de nota heeft geschreven: er staat dater nu alleen grote partijen overblijven, die een monopolypositie creëren. Lees ik het dan goed dat hij alleen de kleintjes heeft aangepakt de afgelopen jaren? De heer VAN MIERLO (wethouder): Om met de eerste vraag te beginnen, dat is natuurlijk een soort strikvraag.
Hoeveel geld is teruggehaald? Het Nederlands recht zit zodanig in elkaar datje procedure op procedure kunt starten. Daar gaan jaren overheen. Dus het antwoord dat ik namens het college geef, is dat we tot op heden nagenoeg alle rechtszaken hebben gewonnen. 21
Daarbij gaat de kost voorde baat uit. De aanpak aan de voorkant ondervindt veel steun. Daarom blijven we op de preventie inzetten. Hier geldt soms ook het spreekwoord datje van een kale kip niet kunt plukken. We hebben structureel capaciteit hierop uitgebreid, maar op dit moment stellen hoe die balans in elkaar steekt, is net iets te gemakkelijk, omdat je dat niet op jaarschijven tegen elkaar kan wegstrepen. De vraag rondom die grote aanbieders ligt voornamelijk op het domein van mijn collega van jeugdzorg. Waar het om gaat, is dat wij zien dat er een beweging op gang komt, waarbij grote spelers in beeld zijn om bepaalde specifieke producten en diensten in het zorgdomein te leveren. Dat betekent niet dat daarmee het speelveld voor kleine organisaties kleiner of minder is geworden. Integendeel, dat is precies de portee van de beleidslijn die wij in Almelo volgen. Op het moment datje voldoet aan onze eisen, of je nu klein of groot bent, zijn we partners van elkaar. Dan kun je hier met de gemeente Almelo zakendoen. De heer ST~TELER (PVV): Betekent de regionale herziening van de inkoopvoorwaarden waar deze wethouder, samen met de wethouder van Oldenzaal, voor aan het werk is, dat wij weer Samen14 worden ingerommeld als het gaat om Wmo en jeugd? De heer VAN MIERLO (wethouder): Die woorden herhaal ik niet.
Het is van belang dat we met elkaar, met z'n veertienen, zo veel als mogelijk - er zijn veertien collegevoorstellen voor langs de colleges gegaan om daar commitment voor op te halen -een gemeenschappelijke set aan inkoopeisen definiëren. Maarde wijze waarop vervolgens een aanbesteding in gang wordt gezet - of dat met 2, 3, 5, 10 of 14 is - is een vervolgvraag. Dat gaat voorbij aan het met elkaar die set definiëren. De heer TEUNIS (SP): Ik had dezelfde vraag als de heer Styteler, dus die is beantwoord. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Ik snap dat we samenwerken met Samen14, want dat kan een voordeel opleveren. Maar aan de andere kant, zit daar niet ook het nadeel aan dat je eindeloos probeert om het de veertien naar de zin te maken door veertien compromissen te sluiten? Dus boet de heer Van Mierlo niet in op autonomie en kwaliteit? De heer VAN MIERLO (wethouder): Dat is working on the job. We zijn net met dat traject begonnen. Wat ik mooi vind, is dat erin debatten in de gemeenteraden in andere gemeenten wordt gekeken naar hoe Almelo het met de keuzes aan het einde van de vorige collegeperiode heeft gedaan. En we hebben het echt nog niet zo gek gedaan. Er zit een gedachtegang achter, die ook in andere raden wordt ondersteund. Je ziet dat dat aanleiding is voor collegawethouders om te kijken hoe we dat met elkaar gezamenlijk kunnén doen en juist ook aan die voorkant.
Daar merk ik een positieve beweging om juist aan de voorkant de winst met elkaar te pakken. We gaan het zien, wat mij betreft leidt dat niet tot compromissen en daarmee een lager kwaliteitsniveau voor deinkoop,-integendeel_----____ ___ . ____ - _ __ _ _Dan kom ik bij het thema ouderen. De constatering dat het aantal ouderen de komende jaren fors toeneemt, is juist. We constateren tegelijkertijd dat het aantal levensjaren dat in goede gezondheid wordt doorgebracht ook toeneemt. Eerder deze week is de Gezondheidsmonitor Ouderen van de GGD Twente uitgekomen. Daarin wordt aangegeven dat 68% van de ouderen van 65 jaar en ouder, de gezondheid als goed of zeer goed ervaart. We gaan weliswaar uit van een lichte toename van het beroep op Wmo-voorzieningen, maarde toename zal minder zijn dan de groei van het aantal ouderen in de komende jaren. Uitgangspunt van ons beleid is en blijft dat we het voorzieningenniveau voor inwoners die ondersteuning nodig hebben, waaronder ook ouderen met beperkingen, kwalitatief hoogwaardig op peil willen houden. Dat kan door sommige voorzieningen anders te organiseren. Dan kom ik met de voorbeelden van dagstructurering in plaats van dagbesteding. En de Wasdienst in plaats van Wassen &Strijken binnen de huishoudelijke ondersteuning.
En het concept van Powerful Aging, waar we nog aan gaan werken en waar we ook in het Maatregelenplan 3 al een doorkijkje naar hebben gegeven. Ook proberen we via verschillende initiatieven onze ouderen eerder te bereiken. Denk bijvoorbeeld aan dat signaalpunt voor
22
eenzaamheid, dat ik zojuist genoemd heb. Of het project Sociale Basis op Orde, waar ik nu naar overga. Er is door enkele fracties gevraagd naar het verhaal over die Sociale Basis op Orde -hoe zit dat nu in elkaar? Door te investeren in preventie en zelfredzaamheid van inwoners wordt er een koers ingezet om inwoners een betere kwaliteit van leven te geven, de afhankelijkheid van allerlei instanties daarbij te verlagen en de trend van stijgende zorgkosten om te buigen. Dat resulteert ín een focus op het ondersteunen van de inwoner voor wat daar nodig is. Er wordt gestuurd op aanpakken die inwoners kunnen ondersteunen onder andere via onze sociale wijkteams, maar ook via wijkregie. Voorde wijze waarop we dat uitbreiden en versterken, hebben we momenteel een pilotproject lopen in twee wijken, De Riet-Nieuwland en De Kerkelanden, Daar wordt met een wetenschappelijk blik over de schouders van de gemeente meegekeken. Dat project staat landelijk op de kaart. Dan het thema mensenhandel. Enkele fracties hebben wederom aandacht gevraagd voor dit thema en direct hieraan gekoppeld ook de toverboy-problematiek, sexting, et cetera. Dit is heel belangrijk. Zoals u weet maakt dit ook onderdeel uit van het deelprogramma Zorg en Veiligheid. We zetten daar zeker op in. Er zijn al eerder middelen vrijgemaakt.
Inmiddels hebben we daar ook een projectleider voor, een topper die enerzijds zorgt voorde verbinding met de zorgstructuur, zodat mensen die willen uitstappen, ook daadwerkelijk worden opgevangen en geholpen. Dat vraagt iets van onze organisatie. Anderzijds zorgt hij ook voor aansluiting op programma's die kunnen worden ingezet in het kader van bewustwording, bijvoorbeeld op scholen. Dat is heel belangrijken daar is veel aandacht op. Dan kom ik bij het thema afval. Enkele fracties hebben gevraagd naar de ontwikkelingen omtrent nascheiding. Waarom zelf doen als machines het beter kunnen? Daarover zijn ook schriftelijke vragen gesteld. Als alles volgens planning verloopt, stelt het college volgende week dinsdag de beantwoording vast. Dus ik zou willen zeggen, wacht daar even op. Want het onderzoek, dat ook in die brief wordt genoemd, naar verschillende scenario's rondom PMD bespreken we graag met de raad na het zomerreces. Dat onderzoek is uitgezet bij een aantal bureaus. Maar vanwege een overvolle orderportefeuille hebben die bureaus in eerste instantie bedankt en moesten we opnieuw dat onderzoek uitschrijven. Daardoor hebben we wat tijd verloren. Maar korten goed, we komen daar met de raad over te spreken na het zomerreces. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Ik neem aan dat de heer Van Mierlo dit betrekt bij het reeds geplande, maar uitgestelde, politiek beraad.
Dan kan dat nog fatsoenlijker inhoud krijgen. De heer VAN MIERLO (wethouder): Als dat tijd-technisch allemaal synchroon loopt, kunnen we dat zeker doen. Ik weet niet wanneer dat beraad is ingepland. Maar als het zo mogelijk past, gaan we dat zeker doen. De VOORZITTER: Dat is het politieke beraad dat de heer Hummels had aangevraagd, maar dat door het presidium vanwege agendadruk na de zomer is geplaatst. Daar gaan we ook in het presidium naar kijken. De heer KAMPMAN (Lokaal Almelo Samen): We waren een van de partijen die daarom hebben gevraagd. Als dat binnenkort wordt besproken, wordt dan ook de situatie rondom Twence daarbij betrokken? De heer VAN MIERLO (wethouder): De discussie rond Twence en de wijze van verwerking van ons afval zijn nauw met elkaar verweven. Dat sluit ook aan op de opmerking van de heer Hummels rondom het politieke beraad. Ja, als die mogelijkheid er is, moetje dat integraal bekijken. Dat zou ook betekenen -wellicht ben ik daar een andere vraag mee voor -dat op het moment dat we een aanbestedingstraject voor een volgende periode aangaan, we goed moeten kijken welke scenario's daar een plek in krijgen. Dat heeft direct een relatie met onze situatie binnen de context van Twence. De heer GERRITSEN (Democraten.Nu): De vragen die onder andere ook door onze fractie en door de VVD zijn gesteld, worden beantwoord. In het licht van dat onderzoeken de 23
beantwoording van de vragen, kunnen wij gezamenlijk als raad nog een conclusie trekken voor de begroting 2022, ook naar gelang hoe we omgaan met die aanbesteding? Kan de heer Van Mierlo aangeven wanneer die aanbesteding start? Zijn wij vrij om dit alleen bij Twence te doen of ook bij een ander? Kan hij ons daar meer in meenemen? Ik wil graag van hem horen wat voor mogelijkheden er zijn en of wij bij de begroting 2022 een keuze kunnen maken. De heer VAN MIERLO (wethouder): Ik hoop dat we er echt eerder over kunnen spreken, juist vanwege díe vervlechting met het dossier Twence. We hebben daar uitgesproken opvattingen over en die gaan we met elkaar concreet maken binnen een kort tijdsbestek. Dat moet ook wel, want wil je een aanbesteding gaan draaien en daar wellicht een ander inzamelscenario bij toepassen, dan heb je daar ook echt wel tijd voor nodig. Natuurlijk moeten we vanwege onze aandeelhouderspositie en de ingewikkeldheid om daaruit te komen nadrukkelijk kijken of we in zo'n aanbestedingstraject met disclaimers kunnen werken. Als we straks tot het scenario komen dat we op wat voor manier dan ook toch nog aan elkaar vervlochten blijven, kan het niet zo zijn dat we dan tot hele ingewikkelde situaties op beide dossiers komen. De heer GERRITSEN (Democraten.Nu): Een aanvullende opmerking. Ik heb een paar vragen gesteld. 1.
Hebben we het voorde begroting en kunnen we daar keuzes over maken? 2. Wanneer start die aanbesteding? Je zult uiteindelijk een traject in moeten gaan. De heer VAN MIERLO (wethouder): Ik zeg al dat zo'n aanbestedingstraject tijd kost. Wij gaan op korte termijn met elkaar al die stappen, ook rondom het dossier Twence, in een tijdlijn uitzetten om ervoor te zorgen dat we tijdig alles ingeregeld krijgen. Daarvoor moeten we echt ook met de raad in gesprek, omdat het nogal uitmaakt welk inzamelscenario wordt opgenomen in die aanbesteding. Dus we hebben een heel krap tijdsbestek en daarom hecht ik er waarde aan om zo snel mogelijk dat rapport te krijgen en met u te kunnen bespreken. De VOORZITTER: Dat lijkt me afdoende. De heer BUITENWEG (GroenLinks): Ik heb niet helemaal helder of de heer Van Mierlo zei dat het onderzoek naar de afvalverwerking is gestart of dat het nog gaat starten. Ik heb een keer een onderzoek toegestuurd van Deventer en Berkelland, dat zou hij hierbij misschien kunnen betrekken. Dat is een gedegen onderzoek met een aantal conclusies. De heer VAN MIERLO (wethouder): Ja, dat begrijp ik. Het college en onze medewerkers hebben kennisgenomen van die onderzoeken. We hebben de raad ook geïnformeerd over welke scenario's wij bewust hebben uitgevraagd bij die bureaus. Het is goed om daar ook de Almelose situatie een plek in te geven.
Dat zit ook vervlochten in dat onderzoek. De heer PAUWELS (VVD): Ik hoor de woorden van de wethouder over de aanbesteding. Volgens mij is het zo in het publieke domein dat, wanneer wij als aandeelhouder bij Twence actief zijn, we kunnen spreken over inbesteding. Wat is de doelstelling van de wethouder van de aanbesteding? Is dat de route naar buiten, buiten Twence om? Is dat het specifieke doel? Kan hij daar iets meer over zeggen, want het is mij niet helemaal duidelijk. De heer VAN MIERLO (wethouder): Op het gevaar af dat ik nu te veel inde portefeuille van collega Langlus ga roepen. Het is juist de bedoeling om naar buiten te kijken en gaan kijken wat er aan ontwikkelingen breder op de markt te vinden is als het gaat om de wijze waarop we ons afval laten verwerken. Dus dat is correct. De heer TEUNIS (SP): Ik zit weer achter iemand die dezelfde vraag had als ik. Ik heb toch nog een stukje. Het staat toch nog helemaal niet vast dat wij gaan aanbesteden? Zoals de heer Pauwels al aangeeft, als we bij Twence blijven, is het een inbestedingstraject. Daar ligt een intentieverklaring. Het college heeft daar een oordeel over verplichte winkelnering. We zitten al
24
zes jaar aan dat aandeelhouderschap vast. Daarmee is het toch nog helemaal niet zeker dat we gaan aanbesteden? De heer VAN MIERLO (wethouder): De raad kent onze opvatting rondom het dossier Twence. In onze opvatting is het absoluut niet rechtmatig dat we verplicht aan inbesteding vastzitten. Dat betekent dat je, op het moment dat je je blikveld verbreedt, gaat kijken om zo'n aanbestedingstraject in de markt te zetten. Daar zit een tijdsplanning aan vast. Natuurlijk moeten we dat met de nodige zorgvuldigheid doen en daarin ook nadenken over een manier van een bepaalde disclaimer om geen onnodige risico's te lopen. We kunnen gewoon niet op de lauweren blijven rusten om maarte hopen op een bepaalde goede afloop. Dan lopen we ook nog eens het risico dat we daarmee in zo'n traject uberhaupt niet kunnen nadenken over een scenario van nascheiding. Dat is op dit moment nicht im Frage. We hebben niet voor niets het onderzoek lopen om te kijken wat, gelet op de Almelose situatie, de scenario's zijn en daar de plussen en minnen van. Daar spreekt de raad met ons over op het moment dat het onderzoek gereed is. Maar in de tussentijd moeten we niet onze kansen verspelen door uit de tijd te lopen en daarmee bepaalde stappen niet te kunnen voorbereiden.
De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Op het gevaar af dat ik de wethouder lastigval, durf ik wel tot de burgemeester te zeggen dat ik me afvraag of deze wethouder ook in staat is om te beoordelen waar we beter mee af zíjn. Eris niet voor niets een politiek beraad aangevraagd. Er wordt verderop de markt gezocht. Maar het is mijn ervaring dat de meeste markresultaten niet echt bevorderlijk zijn voorde gemiddelde inwoner van de stad. Ik ben benieuwd hoe de wethouder daarover denkt. De heer VAN MIERLO (wethouder): De raad weet dat innovaties op dit vlak ontzettend gaan. Dat wordt ook beschouwd. Daar moeten we met elkaar het gesprek over aangaan. hard Vervolgens weegt de raad af welk scenario gekozen wordt. Zo simpel is het. Het is niet verstandig om daar nu uitspraken over te doen terwijl het onderzoek nog wordt ingewacht. Op de motie van mevrouw Pol kom ik zo meteen terug bij de behandeling van de moties. Die gaat ook over afval. Dan kom ik bij de energietransitie. Ook bij dit onderwerp probeer ik om niet het hele debat van vorige week over te doen. Dan zouden we de band van vorige week even aan kunnen zetten. Dat heeft geen zin, dan vallen we echt in herhaling, ook qua beantwoording van de zijde van het college. Ik zal kort een aantal zaken belichten voorde helderheid. Als het gaat om zon op dak, hebben we onze ambitie en onze opgave voor 2030 al gehaald.
Vanwege die schaarse netcapaciteit zetten we juist nu in op het verder uitbreiden van zon op de wat kleinere daken, omdat die nog wel kunnen worden aangesloten. Het college is het eens met enkele fracties die expliciet hebben gesteld dat we moeten vasthouden aan het realiseren van onze eigen lokale doelstellingen. Buurgemeenten moeten dat ook doen. De heer ZIELMAN (Democraten.Nu): Toch heb ik nog de vraag, want dat is me nog steeds niet duidelijk, ook na het debat van vorige week niet. Hoe kan het zijn dat er bij Aadorp en Aadijk 2 wel ruimte is voor teruglevering, maar dat wij signalen krijgen van ondernemers uit onze stad dat zij niet die teruglevering kunnen doen, hoewel zij dat wel toegezegd hebben gekregen bij het plaatsen van de zonnecellen op de daken? De heer VAN MIERLO (wethouder): Wie dat heeft toegezegd, Iaat ik even in het midden. Het kan het college niet zijn. De netbeheerder speelt hier een belangrijke rol. Ja, we zijn in het kader van de Regionale Energie Transitie natuurlijk nadrukkelijk in gesprek geweest met de netbeheerders. Er wordt geanticipeerd op de plannen die gemeenten in het kader van die RES hebben gedaan. Dus daar moet die restcapaciteit op worden geschikt gemaakt, toekomst-proof gemaakt. Die netbeheerders werken met het principe "first come, first serve".
Daar hebben wij geen invloed op, dat heb ik ook vorige week in het debat gezegd Op het moment datje je meldt met een concreet plan, kom je daarop een lijst te staan. Die lijst is voor gemeenten vanwege
25
privacyregelgeving niet inzichtelijk. Dat betekent dat er in die volgorde wordt aangesloten. Daar kunnen wij helaas weinig aan doen. Zo zit de Elektriciteitswet in elkaar. De heer ZIELMAN (Democraten.Nu): Daar zit toch een discrepantie tussen. De zonneparken die nu aangelegd worden, worden later aangelegd dan de reeds aangevraagde subsidies en het plaatsen van zonnepanelen op daken die er nu al zijn. Dan zouden zij die "first come" zijn en dan zouden die zonneparken daar nu niet meerde ruimte voor hebben. Daarnaast vind ik het ook gek, want uiteindelijk is het TenneT die de ruimte beschikbaar stelt. Zij zijn uiteindelijk de beheerder van het hele netwerk. De heer VAN MIERLO (wethouder): Ik corrigeer de heer Zielman. TenneT is de beheerder van het hoogspanningsnet, maar we hebben hier ook in ons werkgebied/in ons verzorgingsgebied te maken met Coteq en Enexis. Die partners zitten ook op dat netwerk. Vervolgens zien we nu, gelet op die netschaarste, dat TenneT aan zet is om het hoogspanningsnet van een ruimere capaciteit te voorzien. Daar gaat tijd overheen. De Elektriciteitswet knelt op dat vlak. Daar hebben wij als lokale overheid geen sturing op. Het aanvragen van een subsidie betekent niet dat ze zich melden bij de netbeheerder. De heer DE VRIES (PvdA): Almelo wordt gevoed door de hoogspanningsstations Almelo Mosterdpot en Almelo Urenco.
Wij gaan over een aantal dingen niet, maar bij Mosterdpot staat er een verzwaring op het programma. In hoeverre kunnen wij wel die lobby een boost geven? In hoeverre is het college daarmee bezig? De heer VAN MIERLO (wethouder): De raad mag op het college rekenen als het gaat om die lobby. Het is heel belangrijk dat we juist die ruimte krijgen om nog meer zon op daken gerealiseerd te krijgen. Dat willen we allemaal. Ook in regionaal verband in het kader van de RES -maar ook nu de RES de besluitvorming in alle gemeenten heeft doorgemaakt en we al de opmaat naar de verdere verfijning en de RES 2.0 als gemeenten aan het opstarten zijn - is het nadrukkelijk zaak om met die netbeheerders in contact te staan. Dat blijven wij doen. Je kunt een paard niet lopende beslaan. Het heeft gewoon tijd nodig. Zeker met de uitbreiding van zo'n hoogspanningsnet gaat echt veel tijd heen. Dan spreek ik niet over één of twee jaar, dat kan wel het dubbele of nog langer zijn. Dat is heel vervelend. Maarde noodzaak en de lobby om dat te doen, hebben we heel nadrukkelijk op ons netvlies staan. De VOORZITTER: Dat was uiteindelijk ook de vraag. Die heeft u twee keer beantwoord, aan het begin en aan het einde van een heel lang antwoord.
De heer DE OLDE (PVA): Hoe zit het met de daken op het XL-Park? Worden die allemaal nog vol gelegd? De heer VAN MIERLO (wethouder): Daar hebben we al meerdere malen met elkaar over gesproken, ook vorig jaar bij de begrotingsbehandeling. Ikheb dat nu even niet paraat, maar er is een heel lijstje met ook de daken op het XL Business Park, die van panelen zijn voorzien en nog gaan worden voorzien. Sommige kunnen nog worden voorzien op korte termijn gelet op die netschaarste. Daar gaat zeker nog het een en ander gebeuren. De heer DE OLDE (PVA): Nog één vraagje, mogen die mensen het zelf weten of ze het doen of krijgen ze hier een verplichting bij? De heer VAN MIERLO (wethouder): Ik hoop niet dat ik wat geprikkeld overkom, maar dit debat hebben we natuurlijk vorige week ook gevoerd. Op dit moment is er nog geen wettelijk kader om af te dwingen dat zonnepanelen op daken komen. Dat hebben ik herhaaldelijk in deze raadzaal gesteld. We hopen dat daar straks wel mogelijkheden toe komen, maar op dit moment kan dat nog niet. Dus het is vooral verleiden. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Even aanvullend. De wethouder zegt dater nog geen wetgeving is om dat af te dwingen. Maar volgens mij is er toch wel wat ruimte met betrekking
tot ruimtelijke ordening. Want daar kan het wel, zoals je ook aangeeft hoeveel parkeerplaatsen en dergelijke. Het is vaak de constructie van het gebouw die het al dan niet toelaat. Toelaten is iets duurder, maar geeft wel meer energie. Kunnen we het ruimtelijk ordenend niet veel meer afdwingen dan thans het geval is? De heer VAN MIERLO (wethouder): Mevrouw Ten Seldam heeft daar wel een punt. Ik herinner me nog de discussie over het Hornbach dossier en daar heeft mevrouw Ten Seldam met haar fractie gepleit om de grote daken vol te leggen en dat in het ruimtelijke circuit een plekte geven. Maar als sec de vraag is: heeft de gemeente wettelijk instrumentarium waarmee het vanzelfsprekend is dat de wet verlangt dat initiatiefnemers, bedrijven, organisaties, zonnepanelen op het dak leggen, is het antwoord nu nog "nee". Mevrouw TEN BELDAM (CDA): De vraag is niet of het wettelijk kan, maar om datgene wat werkelijk gebruikt kan worden door de wethouder en de gemeente optimaal toe te passen. Wat je niet hebt, kun je niet gebruiken. Maar wat je wel hebt, moetje beter gebruiken. De heer VAN MIERLO (wethouder): Eens. Dan de betaalbaarheid in de warmtetransitie. Ook het college vindt - en dat is niet nieuw dat de rijksoverheid over de brug moet komen met financiële middelen om die warmtetransitie woonlastenneutraal voor onze inwoners te kunnen laten slagen.
Wordt dat een gemakkelijk vraagstuk? Nee. Gaan we daarom achteroverleunen? Nee. We kijken wat er kan. Dat gebeurt nu in de wijkuitvoeringsplannen. Het is aan de raad om daar uiteindelijk, kijkend naar de business case, een besluit over te nemen. Dat zal naar alle waarschijnlijkheid deze gemeenteraad niet meer gaan doen. De Partij Vrij Almelo zegt expliciet dat er 160 zonuren per jaar nodig zijn. Ik kan het niet laten om daar een kleine opmerking over te plaatsen. Zoals u weet, hebben wij de zonnegod niet onder de knop. De klimaatadaptatie, het laatste onderwerp van de acht. Diverse fracties spreken over klimaatadaptatie. Nu heeft de raad daar vorige week dinsdagavond tijdens de raadsvergadering een strategie voor vastgesteld. Staat u mij ook hier toe om niet met dezelfde antwoorden te komen, want dat is een herhaling van zetten. Het is duidelijk dat erop korte termijn een stimuleringsregeling moet worden uitgewerkt, bijvoorbeeld om regenwater makkelijker af te koppelen, mensen te stimuleren/verleiden om stenen uit de tuin te halen, regentonnen, enzovoort. Stimuleren door te verleiden en inzicht te geven in de effecten, heb ik in een bijdrage zien staan. Exact, dat pakken we op. Sterker nog, overleggen met onze medewerkers staan al gepland. Deze vinden op korte termijn plaats om daar handen en voeten aan te geven.
Eris nog een vraag gesteld over het weghalen van tegels bij schoolpleinen Daarvoor geldt dat diverse scholen ons benaderen. We gaan dat vanuit een positieve houding bekijken en waar mogelijk werken we daar ook aan mee. Neem als voorbeeld de Heemde, daar is een prachtig schoolplein ontstaan. Dat heeft in veel kranten gestaan. Maar ook de Vrije School, de Windhoek, de Fakkel, de Zegge, de Welle en Step. In de vraagstelling vanuit de raad lijkt het alsof er nog niets is gebeurd, maar het tegendeel is waar. Dan de moties. Motie 6 van Forum voor Rechts "Verruiming openstelling afvalbrengpunt". Een verzoek tot verruiming van de zaterdagopenstelling van het afvalbrengpunt aan de Turfkade horen wij vaker. Daarover zijn we al eens met Twente Milieu in gesprek geweest. Het gaat niet lukken om een verruimde zaterdagopenstelling te krijgen zonder dat het de gemeente meer geld kost. Een dergelijke verruiming kost tussen de € 30.000 € 50.000 op jaarbasis. Als de raad deze motie aanneemt, dan wordt dat bedrag meegenomen c.q. doorvertaald in de hoogte van de afvalstoffenheffing vanaf 2022. Of de raad zich hierin kan vinden, Iaat ik aan de raad. De heer ZIELMAN (Democraten.Nu): De wethouder zegt dat het tussen de € 30.000 € 50.000 kosten. Heeft hij ook in beeld wat het ons opbrengt als dat een reductie van zwerfafval tot gevolg heeft?
27
De heer VAN MIERLO (wethouder): Van zwerfafval? De heer ZIELMAN (Democraten.Nu): Ik hoef hem niette zeggen dat er nu bankstellen worden geplaatst bij milieuparken, die daar eigenlijk niet horen. Die blijven er staan. De bewoners, die ze daar neer hebben gezet, halen ze niet weg. Dus uiteindelijk is de gemeente toch verantwoordelijk om deze te verwijderen. Daar zijn ook kosten mee gemoeid. Heeft de wethouder in beeld wat het aan die kant zou kunnen opleveren, als dat niet meer nodig zou zijn? De heer VAN MIERLO (wethouder): Nee, dat is een ingewikkelde vraag. Gelukkig zien we dat steeds minder gebeuren. Dat heeft ook te maken met de nadrukkelijke aandacht voor zwerfafval en het voorkomen daarvan vanuit dit college. Ook cameratoezicht speelt in die discussie een rol. Dus nee, dat hebben we op die manier niet financieel inzichtelijk. Oorspronkelijk ging het afvalbrengpunt - ik kom terug bij het dictum van de motie - om 13.00 uur open, toen stonden er rijen. Vervolgens is het om 11.00 uur opengegaan, toen stonden er rijen. Mensen willen gewoon hun afval kwijt. Dat begrijpen we. Maar er is een kostenplaatje aan verbonden. Ik spreek daarmee niet een positief of negatief oordeel over deze motie uit. Het is echt aan de raad. Het kost gewoon een x-bedrag. Heeft de raad dat daarvoor over, prima, maar dan verrekenen wij dat in de afvalstoffenheffing.
Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Ik zat te denken: als het nu € 50.000 extra kost, is dat omdat er twee uur extra personeel moet zijn. De hele organisatie moet twee uur langer aan het werk zijn. Het probleem is in dit geval dat die piek juist op een zaterdag ontstaat omdat mensen dan hun afval willen wegbrengen. Ik kan me voorstellen dat wanneer u met de medewerkers in gesprek gaat, er misschien op maandagochtend of ergens aan het einde van de dag doordeweeks, twee momenten zijn dat die piek wat lager is. Waarom gaan we niet een uitruil doen? Doordeweeks zijn ze van 09.00 — 16.00 uur open. Dan is het over het algemeen vrij rustig. Ik kan zelf mijn eigen tijden kiezen, dus ik kies rustige momenten. Maar dat geldt voor een heleboel inwoners van Almelo niet. Daarom sluit ik me aan bij de heer Zielman, dat dit waarschijnlijk ook het resultaat zal hebben dat het elders gedumpt wordt. De tweede vraag, naast dat kostenplaatje, is: is het wettelijk wel toelaatbaar dat deze chaos ontstaat? Laatst is er een instorting geweest door iets verkeerds te hebben aangereden bij het afvalbrengpunt. Als op dat moment de spoedhulp moet komen staat alles vol. Mensen gaan om defile heen om aan de voorkant batterijen weg te brengen. Dus dan staat het daar vol.
Hoe kijkt de wethouder daar tegenaan? De VOORZITTER: Dus een verschuiving van uren om tegemoet te komen aan de zaterdagopenstelling en de bereikbaarheid bij drukte. De heer VAN. MIERLO (wethouder): In antwoord op de eerste vraag: daar moet ik even op kauwen. Ik kan niet het effect daarvan inschatten. Ik ken niet exact de piektijden over de week en wat dan eventueel geschoven zou kunnen worden. Staat u mij toe dat we dat in de tweede termijn verfijnen. Wat betreft de bereikbaarheid: ik kom er zelf ook wel eens, ik zie ook die rijen staan. Op de plaats is een beperkt aantal voertuigen toegestaan, vanwege de coronamaatregelen. Dat heeft effect op de lengte van de rijen. Als mensen eromheen rijden, kan dat tot verkeersonveilige situaties leiden. Maarde vraag is natuurlijk of die twee uurtjes extra op zaterdag ervoor gaan zorgen dat er dan geen sprake meer is van rijen en daarmee ook geen onveilige situaties. Alsje om 13.00 uur opengaat, staat erom 13.00 uur een rij. Ga je om 11.00 uur open, dan staat erom 11.00 uur al een rij. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Ik heb dit briljante voorstel niet zelf bedacht. Ik was laatst bij de vuilstort en werd aangesproken door medewerkers, die aangaven dat zij heel sterk deze behoefte hebben om deze reden. Dus ik vermoed dat hun inschatting is dat dit het probleem wel zal verhelpen.
Ik ben echt bereid om praktisch te denken en een andere verdeling te doen door de dagen heen. 28
De VOORZITTER: Zullen we gebruik maken van het aanbod van de wethouder om het college voorde tweede termijn hierover te laten nadenken? Mevrouw TEN BELDAM (CDA): De wethouder tipte het net al even aan. Hij zei dat ten gevolge van corona minder mensen op de plaats zelf mogen komen. Dat geeft mevrouw Pol ook aan in de motie met betrekking tot de veiligheid. In de Perspectiefnota staat dat naar de gemeentewerf gekeken wordt en naar de huisvesting daarvan. Nu kunnen we hier een interventie op doen op dit probleem. Maar ik denk ten eerste dat de coronacrisis op z'n retour is, dus er kunnen straks weer meer mensen worden toegelaten. En ten tweede, betrek het vooral bij de nieuwe werf. En de derde oplossing -dan hoor ik graag in tweede termijn van de wethouder of dat wat is - is om het hele tijdsblok te verschuiven, dus niet uitte breiden. Uiteindelijk willen mensen graag vroegtijdig het afval brengen zodat zij de rest van de zaterdag voor zichzelf hebben. De heer VAN MIERLO (wethouder): Daar kom ik graag op terug in tweede termijn. Ik gaf al aan dat weal eerder met Twente Milieu hebben gesproken over dit vraagstuk. Ik ga in de organisatie in gesprek om te kijken of er iets over die piektijden te vinden is, zodat er wellicht sprake kan zijn van schuiven. Het is geheel correct wat mevrouw Ten Beldam zegt over de situatie van de werf en de Turfkade-ontwikkelingen.
Daarmee zou zo'n oplossing vooral kortetermijndenken zijn. Het is haar suggestie om dit breder mee te nemen en dat zullen we zeker doen. Dan motie 17 over de houtstook. We ontraden deze motie. De invloed van de gemeente is beperkt op dat onderwerp. Subsidie en slooppremies verstrekken om bestaande kachels om te bouwen, dat gaan we niet doen. Dan motie 20 "Niet van het aardgas af". Ook die motie ontraden wij, omdat dit haaks staat op de gemaakte afspraken in het Klimaatakkoord. Bovendien hebben we in de Warmtevisie een back-up dat het allemaal haalbaar en betaalbaar moet zijn. De heer DE OLDE (PVA): Is het zo dat we de bewoners niet kunnen dwingen om van het aardgas af te gaan? De heer VAN MIERLO (wethouder): Uiteindelijk is daarop dit moment het wettelijk instrumentarium nog niet voor. Je ziet dat het landelijk, ook in de proeftuinen rondom aardgasvrije wijken, soms voorkomt dat een hele aansluiting voor een of enkele huishoudens moet blijven. Maar ook daar zie je dat de Warmtewet aan verandering onderhevig is. Hij wordt gewijzigd. Dat zal nog zo'n twee jaar duren. We zitten met elkaar in deze transitie, conform de afspraken die in het Klimaatakkoord zijn gemaakt. We kunnen niet in de toekomst kijken. De heer DE OLDE (PVA): Volgens mij is het niet haalbaar en betaalbaar.
De heer STOTELER (PVV): Wat is haalbaar en betaalbaar? Kan de wethouder daar een definitie van geven? Per vandaag gaan de energierekeningen voorde meeste huishoudens alweer omhoog met € 160 - € 400 per jaar. Alsje recente enquétes bekijkt, is het merendeel van de Nederlanders bereid om € 25 per maand uit te geven aan klimaatmaatregelen, niet meer. De heer VAN MIERLO (wethouder): Daar hebben we in onze Warmtevisie het een en ander over opgeschreven. Daar staan termen als "woonlastenneutraal" ook bij opgetekend. In die context moet de heer St~teler het zoeken. Daar wil ik toch elke keer maar even aan vasthouden, want we gaan elke keer wel heel snel. We zijn juist die business case in zo'n wijkuitvoeringsplan aan het uitwerken voor die drie wijken c.q. delen van wijken, die de raad zelf in de Warmtevisie heeft gedefinieerd als potentieel geschikt om van het aardgas af te gaan voor 2030. Dat moeten we goed met elkaar bekijken. Op dit moment wordt er hard aan gewerkt. Kosten rondom elektriciteit hebben wij ook niet in de hand. Dat maakt het allemaal erg complex. Het is op dit moment nog niet aan de orde. Er wordt hard aan gewerkt. Wanneer het beschikbaar is, spreken we daar met de raad over. Het is de raad die de wijkuitvoeringsplannen vaststelt. 29
De VOORZITTER: Dank u wel, wethouder Van Mierlo. Dan gaan we thans luisteren naar wethouder Van Rees. De heer VAN REES (wethouder): Voorzitter! Ik ga in totaal vijf thema's behandelen. Dus misschien kan ik nog sneller zijn dan mijn collega hiervoor, die acht thema's had. Ik begin met de binnenstad. Er zijn veel positieve woorden over de binnenstad gesproken. We zien in de stad dat mensen blij zijn met de ontwikkelingen. De mooie haven met het plein roept veel positieve reacties op bij de mensen. Het afgelopen jaar hebben zich, ondanks corona, toch zeventien nieuwe winkels in het centrum gevestigd. Dat zijn allemaal goede ontwikkelingen voorde gemeente Almelo. Zoals bekend ontwikkelen we de binnenstad aan de hand van het Koersdocument, dat door zowel door de raad als de ondernemers is vastgesteld als leidend document om de stad verder te ontwikkelen. De ambities die we daarbij hebben, zijn onverminderd hoog. Momenteel wordt hard gewerkt aan een gebiedsvisie voorde Grotestraat Noord en aan een visie op de Stadskade. Over de Stadskade hoop ik aan het einde van het jaar met de raad in gesprek te kunnen gaan. In de haven ligt een podium. Dat hebben we nog niet gebruikt. Het is waarschijnlijk ook bij een aantal mensen nog niet bekend. Het is een podium dat, afhankelijk van het gebruik, gesitueerd kan worden. Het kan hoger en lager in het water worden gelegd.
Ik hoop dat we in de toekomst dat podium daar heel vaak gaan zien liggen, omdat er dan mooie optredens op zijn. Dat hangt natuurlijk ook samen met de fonteinen die in het water liggen. De ondernemers hebben het afgelopen jaar met kerst daar fonteinen neergelegd. Dat is heel positief ontvangen door de inwoners. We zijn met de ondernemers in gesprek om te kijken hoe ze daarmee verder willen. Ook andere gebruiksmogelijkheden van de haven spelen een rol. Het is een verrijking om met elkaar te proberen zoiets positiefs op te pakken. Dan komen we bij de BIZ. De BIZ zou vorig jaar in stemming gaan. Dat is niet gebeurd. Hij zou begin dit jaar in stemming gaan. Dat is niet gebeurd vanwege de corona. De BIZ gaat nu in november 2021 instemming. Wij maken ons daar zorgen over. Ondanks corona en de moeilijkheden voorde ondernemers, hoop ik dat de ondernemers voorde BIZ gaan stemmen. De BIZ is voor hen een heel belangrijk instrument. In het businessplan van de BIZ, wat vorig jaar in de raad is geweest, geven ze het geld uit aan activiteiten in de binnenstad, aan evenementen. Ze willen meer gaan doen aan de sfeer in de binnenstad en ze willen meer gaan doen aan promotie van de binnenstad. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): De wethouder gaf aan dat het besluit gaat vallen in november.
Is dat dan op basis van de enquête die al eerder is gehouden of gaat de enquéte eerst in november van start? De heer VAN REES (wethouder): Ze gaan in november de stemming houden. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Als je de stemming houdt, is er dus al een enquête. Op basis van die enquéte wordt geïnventariseerd wat men van plan is. Vervolgens komt er zo'n getrapt besluit, zoals het allemaal in de verordening staat, waarover wordt gestemd. Is dat dan het definitieve besluit in november. Weten we dan of er een BIZ komt of niet? De heer VAN REES (wethouder): Juist. De heer PAUWELS (VVD): De BIZ is een veelbesproken onderwerp, ook in het licht van het gratis parkeren, een van de aandachtspunten voorde ondernemers om de gewenste € 300.000 op tafel te leggen. Kan de wethouder aangeven of er al eerste signalen zijn hoe die BIZ mogelijk gaat landen? Ten tweede, tegenwoordig hebben we een centrummanager in de binnenstad rondlopen, die ziet enkel toe op de binnenstad. De BIZ gaat wat verder. Is er niet meer aan de hand dan men vermoedt en moet er niet meer gebeuren dan enkel inzetten op de BIZ? Heeft de wethouder hier een beeld bij en kan de gemeente daarbij wellicht faciliteren? De heer VAN REES (wethouder): De BIZ is een ding van de ondernemers zelf. Ik heb begrepen dat zij met vijftien ambassadeurs de ondernemers langs gaan om de ondernemers te 30
motiveren om vooral voorde BIZ te stemmen. De centrummanager gaat zich vooral richten op de grotere ketens in de binnenstad, om op die manier draagvlakte verkrijgen. Alsje kijkt naar de hele organisatie van de binnenstad, met alle respect voor de mensen die daarin actief zijn, ontbreken daarin veel actieve ondernemers uit de binnenstad zelf. Wij maken ons daar druk over als gemeentebestuur. Wij denken dat een gedragen BIZ het beste tot z'n volle recht kan komen als daar ondernemers aan het roer staan, die met de voeten in de klei staan en hun geld moeten verdienen in de binnenstad. Dat is een ding waar wij ons als gemeentebestuur hard voor gaan maken. In het centrum is een erfgoedcommissie actief. Dat noem ik, omdat we daar een Erfgoednota voor hebben vastgesteld. De erfgoedcommissie bemoeit zich met de historische panden in de binnenstad. U heeft waarschijnlijk allemaal de voorstellen gezien, die ontwikkeld zijn om de oude stadspoorten terug te brengen. Zo wordt ook vanuit de erfgoedcommissie gewerkt om de oude gangen van de gemeente Almelo opnieuw leven in te blazen. Ook daar is het de bedoeling dat er boogjes komen met klimop, zodat het een groene structuur krijgt met mooie lampen erbij. Daar wordt op dit moment hard aan gewerkt.