CConstaterende datAlmelo
Koppel je AI →
Document · PDF

3.3 Notulen raadsvergadering 22 juni 2021 (getekend).pdf

Raad 14 september 2021, gemeente AlmeloBij agendapunt: Vaststellen notulen55.975 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 6

De raad mag ervan uitgaan dat we wat in de opdracht staat —mevrouw Van Doorn spreekt liever van verzoek —zeer gewetensvol tot uitvoering gaan brengen. Mevrouw VAN DOORN (Lokaal Almelo Samen): Voorzitter! Als dat zo is, kunnen we het amendement natuurlijk amenderen. De heer GERRITSEN (burgemeester): Laten we elkaar niet over de kling jagen met teksten. Het is uiteraard beleefd in de omgang van beide bestuursorganen om elkaar te verzoeken, maar het college kent zijn plek ten opzichte van de raad. Een verzoek van de raad wordt door het college uiteraard beoordeeld als een opdracht. De VOORZITTER: Ik inventariseer de sprekers voor de tweede termijn. Mevrouw VAN DOORN (Lokaal Almelo Samen): Mij is gevraagd of het amendement blijft staan. Ja, ik zal het in stemming laten brengen. De heer DE OLDE (PVA): Voorzitter! Naar aanleiding van vragen aan de rekenkamercommissie heb ik gehoord dat veel problemen van ondernemers en burgers kunnen worden opgelost met meer mediation. De heer ST~TELER (PVV): Voorzitter! Ik geef een algemene toelichting op de motie voor de raad naar aanleiding van de reactie van de burgemeester. Het raadsvoorstel vraagt om een nota juridische kwaliteitszorg en om daarvoor evaluatiemomenten in te bouwen.

Ik voel niets voor elk jaar een nieuw soort verantwoordings- en begrotingscyclus over waar we nu staan, hoe we het hebben gedaan in het afgelopen jaar en hoe we dat de komende jaren gaan doen. Wat mij betreft past dit onderwerp heel goed bij de gewone begroting en verantwoording. Ik heb in mijn mondelinge toelichting gezegd dat dit niet in het document hoeft te staan, maar ook met een addendum of tegelijkertijd in een rapportje erbij aangeleverd mag worden. Dat maakt mij niet uit. Ik stel voor om het in die cyclus te doen, anders komen we elke keer met nieuwe overleggen en een nieuw BOB-proces en denken we elke keer in die verantwoordingscycli. Daar voel ik weinig voor. De heer BETE (Lijst fete): Voorzitter! Ik denk dat er geen bestuurder in de gemeente Almelo is die zou wensen dat wij als stadsbestuur en burgers met elkaar in een geschil terechtkomen. Iedereen wenst dat wij door één deur gaan. Het is vanzelfsprekend dat het college alles op alles zet om tot mediation over te gaan en te schikken. Dat siert ons, want we moeten tot een oplossing komen. Dat is onze uiteindelijke wens. De burgemeester had het zojuist over belangenbehartiging. Ikben benieuwd onder welke wet- en regelgeving het valt als ik een Almeloër wil helpen en dit onder belangenbehartiging valt. Eris een Gemeentewet en er is strafrecht.

Zolang niet bewezen kan worden dat ik belangen behartig door als volksvertegenwoordiger in te staan voor een Almeloër ... 17 R 2106815

De heer WIERTZ (D66): Voorzitter! Volgens mij is deze discussie zojuist gevoerd. De heer CETE (Lijst fete): Klopt. De heer WIERTZ (D66): Ik zou zeggen, meneer fete, begin hierop een ander moment over, maar niet nu. Dit hoort helemaal niet bij dit onderwerp. Stop hier nu mee. De heer BETE (Lijst fete): Dank u wel. Ik neem de handreiking van de heer Wiertz aan. Een paar collega's hebben die belangenbehartiging in het verleden ook gedaan. Het lijkt mij handig dat ik een politiek beraad aanvraag waarin wij ook de juridische kosten meenemen van de zorg- en bijstandsfraude en dit soort belangen, en wat de functie is van de gemeenteraad en het college om ons wel of niet toe te staan om bepaalde dingen te doen. Ik beloof hierbij dat ik samen met een paar collega's een politiek beraad zal aanvragen. Het is aan de burgemeester, gehoord de opmerking van collega Wiertz, of hij hier antwoord op wil of kan geven. De VOORZITTER: Het presidium ziet uw verzoek halsreikend tegemoet. Weet dat de avonden al redelijk vol zitten, dus dit wordt op zijn vroegst na de zomer, maar dat zal voorde heer Cete geen enkel probleem zijn. Hiermee zijn we aan het eind gekomen van de tweede termijn van de raad. De heer GERRITSEN (burgemeester): Ikken inmiddels de tekst van de motie, die kende ik in eerste termijn nog niet. De motie is te steunen door het college als het gaat om de jaarverantwoording.

Op begrotingsbasis is heel moeilijk aan te geven wat we gaan doen aan juridische kwaliteitszorg. In de verantwoording kunnen we het aantal malen melden dat er beschikkingen zijn genomen en dat er bezwaar op beroep is geweest, en verantwoording afleggen hoe de organisatie daarmee is omgegaan. Tegen die achtergrond neem ik haar graag over, ook omdat we daarmee — ik zeg het eerlijk —voorkomen dat we een soort nota juridische kwaliteitszorg krijgen die ergens gaat zweven. Ik vind de gedachte goed om dit als hoofdstuk mee te nemen in de jaarverantwoording. Dus we nemen haar over, als we de motie zo mogen duiden dat we erin de begroting niets anders over kunnen zeggen dan dat we de bedragen ramen, en dat we in de jaarverantwoording ook verantwoording afleggen over het beleid. De heer STOTELER (PVV): Voorzitter! Kort ter aanvulling hierop. Je komt op een punt dat er een aantal cycli is geweest en de tendens zichtbaar is in de juridische procedures, op welke rechtsgebieden de meeste juridische procedures zijn en op welke rechtsgebieden inhoud en kennis moet worden vergaard en ingehuurd. Dat kan wel degelijk bij een begrotingsdebat worden meegenomen. Maar dat is allemaal voor latere zorg. De bedoeling is inderdaad dit mee te nemen in de verantwoording en bij de begroting de bedragen op te nemen enzovoorts.

De heer GERRITSEN (burgemeester): Dat staat-er-niet,-maar misschien_kan_de_heer Stbteler een formele kleine doorhaling maken. Het college wil die motie uitvoeren, voor zover het gaat om de verantwoordingsmomenten in de P&C-cyclus. Ik begrijp dat de indiener van de motie, de motie ook in dier voege aanpast. De VOORZITTER: We kunnen uitgebreid wisselen hoe de portefeuillehouder interpreteert en hoe de indiener dat doet. Maar uiteindelijk zal de tekst op termijn leidend zijn. Indien u het eens bent, is het wellicht handig de motie te laten amenderen of het besluit te herschrijven. Dat mag uiteraard handmatig De heer GERRITSEN (burgemeester): Tot slot, ik kan de raad lippendienst bewijzen door er niet op in te gaan, maar het doel van een juridische functie is niet om een redelijke uitkomst te vinden. Natuurlijk in een aantal gevallen wel. Maar het doel van een juridische functie is ook rechtte doen, niet alleen aan degene die een overtreding begaat, maar ook aan de omgeving die bescherming wil van de overheid, op grond van de bestemmingsplannen bijvoorbeeld die de raad heeft vastgesteld. Soms moet het gewoon kraken, soms moeten wij tot een beslissing komen en gaat er iemand ongelukkig de rechtszaal uit. Dat is nou eenmaal zoals het werkt, anders kunnen wij ons werk niet doen. 18 R 2106815

Dat zeg ik ook tegen de heer De Olde. Ik weet niet waar hij de rekenkamercommissie gesproken heeft, maar ik baseer mij op het rapport dat ze heeft uitgebracht. Onze gemeente is meer dan bereid om mediation toe te passen, maar daar maken wij een afweging in, want mediation betekent datje bereid bent om in het midden uitte komen. Niet altijd is het dienstig, ook om rechtspraak te vinden, om in het midden uit te komen. Wij moeten soms tot het gaatje gaan om onze regels voor waar en voor recht te houden. Het punt, tot slot, dat de heer fete heeft gemaakt, heeft niets te maken —heb ik ook in de brief aan de gemeenteraad destijds geschreven —met formele gemeente-wettelijke posities, maar met de manier waarop belangenbehartiging plaatsvindt en het effect dat dit kan hebben op de manier waarop een iemand zijn belangen behartigd krijgt en de manier waarop een ander dat krijgt. Daar hoort bij dat op het moment dat het gaat om raadsleden, men geen raadslid is, maar het toch weer wel is. Dat is de crux waar het om gaat en de reden waarom de organisatie gebruikmaakt van haar eigen bevoegdheid om die gesprekken op een bepaalde manier in te richten.

Ik begrijp dat er een situatie gaat komen dat we daarover met elkaar gaan spreken, alhoewel ik dit zelf eerder een zaak vind voorde beslotenheid van het seniorenoverleg, dan de politieke, publieke omgeving van het politiek beraad, maar dat is niet aan mij. De heer BETE (Lijst fete): Voorzitter! Ik ben uit een vorige periode gewend dat we elke week een seniorenoverleg hadden. Dat vonden wij niet goed, maar het afgelopen jaar is het, ook vanwege de pandemie, zo dat er eens in de acht weken een seniorenoverleg is. Dan kan zo'n instrument niet al te goed gebruikt worden. Ik neem de handreiking aan, als er zo spoedig mogelijk een seniorenoverleg komt, want ik doe niet voor niets mijn werk. Het past bij onze bestuursvorm om dit eerst met elkaar te bespreken. Zo niet, lijkt het me heel handig om hier publiekelijk over te debatteren. De VOORZITTER: Ik reageer als voorzitter van dit deel van de vergadering en als voorzitter van het presidium. U hebt toegezegd een verzoek tot een politiek beraad hierover in te dienen inde beeldvormende sfeer. Die aanvraag zien wij gaarne tegemoet. Het seniorenconvent is bedoeld voor huishoudelijke zaken en volgens mij valt dit onderdeel niet onder huishoudelijke zaken. Als u het publiekelijk wilt, is een politiek beraad het podium. Aan u de keuze welk podium u kiest. Ik sluit de beraadslaging. In de tussentijd kan de heer Stbteler zijn motie aanpassen.

Aan de orde is de stemming over amendement 1 (Technische aanpassingen dictum aanbevelingen RKA-rapport). Over amendement 1 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat het is aangenomen met 25 tegen 8 stemmen. Voor het amendement hebben gestemd de leden van de fracties Christenunie, D66, Democraten.Nu, GroenLinks, Lokaal Almelo Samen, Leefbaar Almelo, Lijst fete, PVA, VVD en PvdA, alsmede één lid van de CDA-fractie. Tegen het amendement hebben gestemd de leden van de fracties van Forum voor Rechts, SP en PVV, alsmede 3 leden van de CDA-fractie. Aan de orde is de stemming over het geamendeerde raadsvoorstel. Over het geamendeerde raadsvoorstel wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat het met algemene (33) stemmen is aangenomen. Aan de orde is de stemming over de aangepaste motie 2 (Hoofdstuk Juridisch in begrotingen en verantwoordingen). De heer STOTELER (PVV): Voorzitter! De motie ligt met de aanpassing bij de griffie en kan elk moment in iBabs komen. De motie luidt als volgt. "Motie 2, aangepaste versie. 19 R 2106815

Hoofdstuk Juridisch in begrotingen en verantwoordingen. De raad van de gemeente Almelo, in vergadering bijeen d.d. 22 juni 2021, gehoord de beraadslaging, constaterende dat - de rekenkamercommissie Almelo in 2020/2021 onderzoek heeft laten doen naar de formele kant van juridische procedures van de gemeente Almelo; - uit het onderzoeksrapport blijkt dat de gemeente Almelo niet "in control" was op het gebied van juridische procedures, overwegende dat - zowel gemeenteraad als college de onderzoeksresultaten en aanbevelingen hebben onderschreven en overgenomen; - grip op juridische kosten lastig is omdat in een rechtsstaat niemand de mogelijkheid kan worden ontnomen het overheidshandelen aan de rechter voor te leggen; - zicht op juridische kosten, de omvang in aantallen, rechtsgebied en specialismen, externe inhuur en alle andere daaraan gerelateerde zaken wél mogelijk is; - op een deel van die componenten wel degelijk sturing (doelstelling) mogelijk is zonder daarmee meteen taakstellend te moeten zijn, verzoekt het college, - met ingang van de Verantwoording 2021 een hoofdstuk Juridisch verantwoordingen op te nemen waarin alle wezenlijke/belangrijke gegevens zoals aantallen per rechtsgebied, interne capaciteit als ook externe inhuur en sturingsmogelijkheden worden weergegeven, en gaat over tot de orde van de dag." De VOORZITTER: Dames en heren! Ik begrijp dat de wijziging

marginaal is. De motie kan instemming worden gebracht. De heer TEEUW (Christenunie): Ikvind dat de conclusies van de rekenkamercommissie voor zich spreken. Met wat de burgemeester heeft toegevoegd, vind ik de motie volstrekt overbodig. Mevrouw VAN DOORN (Lokaal Almelo Samen): Ik sluit me helemaal aan bij de heer Teeuw. Wij vinden de motie ook overbodig. De heer WIERTZ (D66): Wij stemmen voorde motie en vinden haar niet overbodig. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): De fractie van Forum voor Rechts stemt ook voor. De motie heeft een mooie toegevoegde waarde. De VOORZITTER: Er is een technisch probleem en ik-wil het graag zuiver houden._De gecorrigeerde motie is niet zichtbaar voorde raadsleden. Dus wij weten niet hoe de exacte tekst eruitziet. Daarop schorst de VOORZITTER de vergadering. Na heropening van de vergadering wordt de stemprocedure vervolgd. Over de gewijzigde motie 2 wordt digitaal gestemd, waarna de voorzitter constateert dat de motie is aangenomen met 22 tegen 11 stemmen. Voorde motie hebben gestemd de leden van de fracties van D66, Demcraten.Nu, Forum voor Rechts, Leefbaar Almelo, Lijst fete, PVA, PvdA, PVV, GroenLinks, SP en VVD. Tegen de motie hebben gestemd de aanwezige leden van de fracties van CDA, Christenunie en Lokaal Almelo Samen. (Hierna draagt mevrouw Ten Seldam het voorzitterschap van de vergadering overaap burgemeester Gerritsen.) 20 R 2106815

75. Intrekken verordening Almelo doet mee (R 2106605). Mevrouw GEERDINK (PvdA): Voorzitter! In het politiek beraad van vorige week was de vraag of het voorstel "Intrekken verordening Almelo doet mee" als een hamerstuk kan worden afgedaan. Nee, de verordening Almelo doet mee wordt dan wel ingetrokken, maar ik vind dat er politiek gezien een reactie op gegeven mag worden, want de uitvoering van deze verordening is tot nu toe een verantwoordelijkheid geweest van het college. In al die jaren dat Almelo doet mee bestaat, hebben de vrijwilligers uitvoering gegeven aan de verordening, vrijwilligers waarvan een aantal zelf tot de groep behoort met een erg laag inkomen. Het zijn de vrijwilligers geweest die van Almelo doet mee een succes hebben gemaakt, niet het college. De PvdA-fractie was en is van mening dat medewerkers die uitvoering geven aan beleid onder directe verantwoordelijkheid van het college, betaald dienen te worden en minimaal een vrijwilligersvergoeding moeten ontvangen. Maar daartegen heeft het college nee gezegd, want, zo werd in de beantwoording van onze schriftelijke vragen gezegd: bij een beloning van activiteiten zou het kunnen betekenen dater mensen worden aangetrokken die aan de slag gaan voor het geld en minder vanuit betrokkenheid met de doelgroep.

Nu de verordening wordt ingetrokken en Almelo doet mee overgaat naar Almelo Sociaal, krijgen de vrijwilligers wel een vergoeding, een vergoeding als waardering voor alle vrijwillige inzet door mensen die deels zelf tot de doelgroep behoren. Eindelijk. Ik heb begrepen dat de medewerkers van Almelo doet mee blij zijn met de overgang naar Almelo Sociaal. We kunnen daarom instemmen met het raadsvoorstel om de verordening in te trekken. We wensen de medewerkers heel veel succes bij de overgang en hopen dat ze via de samenwerking met Almelo Sociaal nog veel meer mensen kunnen bereiken. Aan het college vraag ik om de medewerkers van Almelo doet mee passend te belonen voor het werk dat ze al die jaren voor het college hebben uitgevoerd. Gewoon een blijk van waardering vooral die jaren trouwe dienst. We horen graag of het college hiertoe bereid is en wat het hierin kan toezeggen. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Mijnheerde voorzitter! Veranderingen zijn soms ingewikkeld. Ik hoop dat het intrekken van de verordening een verbetering is, dan schieten we er nog iets mee op. Het voorstel is verbeterd, want er stond een foute datum in, als ik me niet vergis. Ik sluit me aan bij de woorden van de PvdA-fractie en vindt het mooi de vrijwilligers die zich tijden hebben ingezet bijzonder te belonen.

Van mij mogen ze met terugwerkende kracht de vergoeding krijgen die ze al eerder hadden moeten krijgen. Ik zou dat zeer op prijs stellen. Ik hoop dat het succes dat Almelo doet mee had, niet verder beperkt wordt door "mooie" ideeën van het college. Volgens mij is dit juist bedoeld om mensen te helpen en niet om ze dwars te zitten. De heer WIERTZ (D66): Voorzitter! Mevrouw Geerdink zei al dat het bij Almelo doet mee om de uitvoering van een taak van de gemeente gaat, zij het dat dit door vrijwilligers is gebeurd. Wij denken dat Almelo Sociaal dat heel goed kan. De vraag is hoe het uitvoeren van taken van de gemeente zich verhoudt tot het uitvoeren van andere taken van Almelo Sociaal. Almelo Sociaal is een onafhankelijk cliëntenondersteuner en belangenbehartiger. Hoe zit het met die onafhankelijkheid als Almelo Sociaal ook taken van de gemeente uit gaat voeren? Wij hebben daarbij enige vraagtekens. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Voorzitter! Almelo doet mee gaat op in Almelo Sociaal. Mijn fractie denkt dat dit niet onverstandig is. Deze twee stichtingen lijken op elkaar, de overheadkosten gaan omlaag, de vrijwilligers staan er positief tegenover en de Adviesraad Sociaal Domein staat er volledig achter. De GroenLinks-fractie staat er positief in, maar heeft wel twee opmerkingen.

In het voorstel staat de volgende zin: "Wie structureel actief deelneemt aan een sportieve of sociaal-culturele activiteit in georganiseerd verband..." Op de website staat dat dit toegespitst is op in groepsverband sporten. Ik dacht datje ook als individu die wil fitnessen een voucher kon ophalen en niet perse in georganiseerd verband hoefde te sporten. Ik wil hierover 21 R 2106815

graag opheldering. Is de voucher alleen voor groepslessen bedoeld, of kun je ook individueel naar de fitness om sociale contacten op te doen en actief te worden? Ik kreeg signalen datje ideeën en documenten over je inkomen moet meenemen als je een voucher ophaalt en een formulier invullen. Maar er is een groep mensen die zijn administratie niet altijd even goed op orde heeft en begeleiding nodig heeft. En er is een groep mensen die de taal niet altijd even machtig is. Ik heb begrepen dat een groep mensen wordt teruggestuurd om de juiste documenten op te halen, maar dat gedoe vinden en daarom afhaken. De mensen die de taal niet machtig zijn, kunnen het formulier niet invullen en krijgen daarbij niet de juiste hulp. Daarvan valt ook weer een gedeelte af. In Arnhem hebben ze hiervoor een oplossing bedacht door met een pasjessysteem te werken voor mensen met een bepaald inkomen. Als deze mensen voor diensten naar de gemeente moeten, hoeven ze alleen hun pasje te laten zien. Daarmee voorkom je het bureaucratische gedoe, of papierwerk. Dat werkt iets efficiënter. Heeft het college daarnaar gekeken? Is dit misschien een oplossing? De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Voorzitter! Ik was wat vergeten. Hopelijk vergeet het college niet te evalueren. De heer BETE (Lijst Cete): Voorzitter! Ik heb er heel goed over nagedacht. Het systeem was niet zo heel erg goed.

Ik denk dat ik in 2012 tegen Almelo doet mee was, omdat ik het toen zag als een bezuinigingsoperatie. Er werd gekort op de middelen. Waarom trekken we de verordening Almelo doet mee in en wat is betekent het huidige raadsvoorstel? Ik herinner me dat we een paar jaar terug Almelo Sociaal helemaal leeg wilden bezuinigen. Het nut van Almelo Sociaal werd sterk ter discussie gesteld. Er werden voorstellen gedaan om Almelo Sociaal bijna helemaal uit te kleden, maar het is de meerderheid van de raad gelukt om Almelo Sociaal op de een of andere manier in de benen te houden. Er was toen een minderheidscoalitie. Nu besteden we taken van de gemeente uit aan Almelo Sociaal. In principe lijkt me dat goed. Wie zou het beter kunnen doen? Dat weet ik niet. Maar ik zie overal een addertje onder het gras, zoals de heer Pauwels mij verwijt. Is dit een opgave voorde toekomst om er een totaalbudget voor Almelo Sociaal van te maken met verplichtingen en ieder jaar weer het budget te verlagen? Ik heb het gevoel, met nadruk op gevoel, dat we met dezelfde middelen minder dingen kunnen doen. De heer Ekizkuyu heeft net gevraagd of individuele activiteiten kunnen worden voortgezet. Daarover heb ik ook vraagtekens. Voor alle duidelijkheid, ik zal voor het voorstel stemmen, want ik wil het niet te ingewikkeld maken. Dit zijn mijn bedenkingen en ik ben benieuwd hoe de wethouder hierop reageert.

De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! De waardering die mevrouw Geerdink uitspreekt voorde vrijwilligers, spreekt het college nogmaals, ook op deze plek, uit. We staan er meerdere keren- per jaar bij stil en ja, we zullen op een passende manier afscheid nemen. Dat zullen we markeren, ook ik als wethouder, maar ik zal er niet te veel over zeggen, want dan is de verrassing eraf. De heer Wiertz heeft gevraagd hoe Almelo Sociaal zich verhoudt tot een onafhankelijke cliëntondersteuning. Almelo Sociaal is een koepel, dat weet u. Er zijn meerdere organisaties in vertegenwoordigd. Almelo doet mee wordt een aparte poot met een gescheiden administratie, maar maakt gebruik van het bestuur dat erboven hangt. In dat opzicht hoeft uw raad geen zorgen te hebben over de onafhankelijke cliëntondersteuning. Sterker nog, we denken dat de organisaties elkaar kunnen versterken, omdat ze in het kader van de onafhankelijke cliëntondersteuning veel mensen zien en kunnen wijzen op de regeling Almelo doet mee. We zijn blij met die beweging. De heer fete refereerde aan 2011. Toen is de beweging om deze regeling buiten de deur te zetten al bedacht. Het is niet zo dat dit college dit heeft bedacht. In 2011 bij de oprichting van Almelo doet mee, is gezegd dat die uiterlijk 2013 op eigen poten zou staan. We zijn nu zeven à acht jaar verder en dit is om moverende redenen niet doorgegaan.

Mede naar aanleiding van de vraag van de PvdA-fractie heb ik als wethouder en collegelid goed bekeken of we op deze manier willen doorzetten of effectueren wat ooit is afgesproken. We hebben gekozen voor het laatste. 22 R 2106815

De heer Ekizkuyu heeft gevraagd naar het sporten in georganiseerd en groepsverband. Ik heb daarover in het politiek beraad al het nodige gezegd, namelijk hoe die regeling aanvankelijk bedoeld was en uiteindelijk is uitgedijd aan bestedingsmogelijkheden, en hoe het college, in samenspraak met de raad in het kader van het minimabeleid en de taakstelling daarop een aantal zaken terugbrengt. Gelijktijdig heeft uw raad enorm geïntensiveerd op de jeugd. Vergeleken de nota over de besteding van de minimamiddelen heeft er een enorme stijging plaatsgevonden van de minimamiddelen in geldelijke zin. We hebben Almelo doet mee nu teruggebracht, omdat we vinden dat juist die participatie, die maatschappelijke deelname, voorop moet staan en niet het individualistische en consumptieve gedrag. Dat moet de heer Ekizkuyu aanspreken, dit zijn voor hem prachtige woorden. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Voorzitter! Dit komt bij mij over als een soort bezuiniging. Er zijn veel meer mensen die veel sneller de stap zetten individueel naar een sportschool te gaan. De heer MAATHUIS (wethouder): Dat kan, die fitnesslessen kan men gewoon volgen, maar wel in groepsverband, om ervoor te zorgen dat mensen sociaal onder elkaar komen en met elkaar interacteren. Ze kunnen wel degelijk naar de sportschool gaan.

Ze kunnen ook naar een individuele sport, zoals atletiek, maar ze zijn dan onderdeel van die vereniging. Dat is het doel, namelijk in de verenigingen, in het maatschappelijk veld komen, nieuwe mensen ontmoeten en proberen via die netwerken en die maatschappelijke deelname de kans op sociale stijging te verhogen. Dat willen we bewerkstelligen. Het college heef ook geoordeeld in het kader van maatregelenpakket 3 dat bijvoorbeeld de bioscoopbonnen daar niet toe behoren. Daarom hebben we daarin een schifting gemaakt. De raad kan daar wat van vinden, maar dat is nu niet aan de orde. Nu is aan de orde de verzelfstandiging van Almelo doet mee, conform de afspraken uit 2011. De heer Ekizkuyu heeft gewezen op de mogelijkheid om pasjes te gebruiken. Wij gaan daar niet meer over, dat is inherent aan deze beweging, zoals dit ook geldt bij het jeugdfonds, maar zullen deze tip doorgeven aan het bestuur van Almelo Sociaal. De heer Hummels hoorde ík geen vragen stellen. Hij heeft gewezen op de evaluatie. In onze reguliere voortgangsgesprekken over Almelo Sociaal zal die evaluatie aan de orde komen en volgens mij hebben we afgesproken dat we ieder kwartaal aan tafel gaan om ook in het kader van de budgettaire ontwikkeling van deze regeling te bespreken hoe zaken zich ontwikkelen en hoe het gaat. We houden continu de vinger aan de pols. Tot slot.

De heer fete heeft het gevoel dat er met dit geld minder wordt gedaan. Ik denk dat niet. Het college denkt zelfs dat er meer mogelijk is, omdat Almelo doet mee niet meer onderdeel is van de gemeente en ook niet van een intern gemeentelijk budget. Dit betekent, net zoals voor het jeugdfonds, dat deze stichting meer aanspraak kan maken op externe gelden of zaken die beschikbaar gesteld worden, en misschien niet het doel van de subsidiëring raakt. Dat doel bestaat uit onderwijs, cultuur en sport in actief gezamenlijk verband. Als er een keertje iets te verdelen is, kan dat mooi via dit vehikel. De gemeente subsidieert daar niet voor. Ik denk dat er mogelijkheden ontstaan inde particuliere charitas. De heer BETE (Lijst Cete~: Voorzitter! Ik heb ook gezegd dat we een paar jaar terug Almelo Sociaal helemaal wilden uitkleden. Nu vergroten we Almelo Sociaal. Is het niet een bekende truc dat als we een organisatie niet helemaal kunnen uitkleden, we die groter maken en beetje bij beetje kleiner maken? Kan de wethouder me garanderen dat het aparte budget dat Almelo Sociaal nu krijgt voor Almelo doet mee, voorde komende periode doorgaat? De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Dat is aan uw raad, die heeft het budgetrecht en heeft kaders gesteld voor het minimabeleid, al in de vorige raadsperiode. Die sluiten op € 4,8 miljoen. Eris een aantal knoppen om aan te draaien.

Dat heeft het college in de afgelopen periode, hoe moeilijk ook, moeten doen. Het college deelt de analyse van de heer fete niet dat Almelo Sociaal is uitgekleed. Wat anders is georganiseerd en waarop een enorme besparing is gerealiseerd in de eerste raadsperiode waarin we gezamenlijk in de raad hebben gezeten, was dat de onafhankelijke cliëntondersteuning van MEE Twente is overgedragen aan Almelo Sociaal. Almelo Sociaal gaf aan dit voor €100.000 te kunnen doen. Dat bleek uiteindelijk 23 R 2106815

niet uitte komen. Toen heeft volgens mij ambtsvoorganger wethouder Timmer er € 100.000 bovenop gezet, in samenspraak met uw raad. Omdat er geld overbleef, is dat bedrag afgeroomd en is het structureel naar beneden bijgesteld, maar niet in die mate. We houden de vinger aan de pols bij de subsidieontwikkelingen, want het geld moet niet dood op de plank liggen, maar goed gebruikt worden. Zo werkt de subsidiesystematiek die uw raad heeft vastgesteld. Tot zover mijn eerste termijn. Mevrouw GEERDINK (PvdA): Ik ben heel blij met de grote verrassing die de vrijwilligers gaan krijgen van het college. Ik ben benieuwd. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Mijnheerde voorzitter! De wethouder hoorde geen vragen van mij. Die ga ik nu stellen als hij dat fijner vindt. Als dit alleen maar een vraagen antwoordspel is, wordt dit een heel rare vergadering en blijft dit een heel rare vergadering. Ik probeerde aan te geven dat het de bedoeling van dit soort maatregelen is, mensen te helpen. We hebben al een tijdje gemerkt dater nogal wat beperkingen worden doorgevoerd. Inderdaad lijken dit meer bezuinigingen dan doelgerichte, inhoudelijke maatregelen te zijn.

Ik zal daarover nu verder geen discussie voeren, maar mijn vraag is: is de wethouder werkelijk van mening dat het beperkte aanbod nog steeds mensen voldoende helpt? De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Voorzitter! Ik herhaal mijn vraag, want het antwoord was mij niet duidelijk. Ik weet nog steeds niet of iemand naar Almelo doet mee kan gaan om een voucher op te halen, naar de fitnessschool te rijden en zich in te schrijven voor fitness en niet perse voor een groepsles. De heer MAATHUIS (wethouder): Groepsles. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Dus alleen groepsles. De heer MAATHUIS (wethouder): De vraag van de heer Hummels hangt samen met het punt dat de heer Ekizkuyu maakt. Er wordt nu een beeld geschetst alsof het aanbod is ingeperkt. Feitelijk is dit juist, maar waarom is dit gebeurd? Omdat die regeling, toen die werd afgesproken, voorzag in maatschappelijke participatie langs de lijnen cultuur, educatie en sport. De bedoeling van de regeling zoals die ooit is opgezet in 2011, was dat mensen onder de mensen kwamen en met elkaar interacteerden. Gaande de jaren is de regeling uitgebreid met allerlei bestedingsmogelijkheden. Daar heeft het college ook in het kader van het taakstellend minimabeleid iets van gevonden. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Ik heb me eigenlijk aan deze discussie willen onttrekken.

Maar als ik de wethouder-.hoor-.zeggen dat_een van de_dingen_sport_was en datje moet participeren ... Ik denk bij participeren aan meedoen in de samenleving, maar dit is misschien mijn subjectieve beeld of dat van de fractie van Forum voor Rechts. Het ontgaat mij even. Als ik in de sportschool loop, train ik daar, participeer ik in de samenleving, doe ik mee aan sporten voel ik mij onderdeel van de maatschappij. Ik vind het nogal bizar, en volgens mij stoort mijn collega zich daaraan, dat de inwoners dit wordt ontnomen. Ze mogen wel in een groepslesje huppelen voor vrouwen, maar heel veel mannen zien dit niet zitten en zijn hierdoor feitelijk uitgesloten. Ik loop echt al ZO jaar op een sportschool. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Mijn vraag komt op hetzelfde neer. Ik vraag me af of de wethouder denkt dat je in een isoleercel zit en niemand ziet als je individuele lessen volgt. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Voorzitter! Ik kom uit de sporten loop dus veel op sportscholen en bij sportverenigingen rond. De groepslessen zijn zeer beperkt; daar komt maar een beperkt aantal mensen op af. De aantallen mensen die gedurende de hele dag ineen sportschool lopen, zijn vele malen groter. Iemand die individueel naar een sportschool gaat, maakt een praatje met mensen die er werken, met andere sporters et cetera.

Het argument van de wethouder dat sporten in groepsverband moet gebeuren, omdat daarmee pas het 24 R 2106815

participeren in de samenleving wordt bevorderd, is niet valide vanuit mijn ervaring en van wat ik heb gezien in mijn werk. De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Daarin verschilt het college van mening. Wij zagen met de besteding van de fitnessvoucher dat ze wel werden aangevraagd en uitgegeven, maar vervolgens inde praktijk niet werden gebruikt. We willen graag dat mensen met elkaar deelnemen aan sport in een stimulerende omgeving, die oproept om regelmatig te komen. Uw raad weet hoe het gaat met de motivatie. Hierover is nagedacht en het is niet zo dat dit een of ander pesterijtje is. We hebben echt gezien dat het individuele gebruik van fitness in de praktijk uiteindelijk niet goed uit de verf komt. Daarom hebben we daarop een aanscherping aangebracht. Dat neemt niet weg dat er voldoende mogelijkheden zijn om te participeren langs de lijnen van sport, cultuur en onderwijs. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Wederom vind ik de opmerkingen en bevindingen van de wethouder heel vreemd. Ik loop rond op een sportschool waarvan gebruikt werd gemaakt en heb gezien hoeveel plezier bepaalde sporters hadden die dit met een voucher konden bekostigen. Dat waren ook gewoon de fitnesstrainingen.

Juist het hebben van vrijheid om te gaan op een sportmoment datje uitkomt, overrulet dat ik om 18:00 uur moet gaan huppelen op een aerobicles, waar ik op dat moment even te moe voor ben, terwijl ik om 19:00 uur wel energie heb. Ik begrijp dit niet en ik begrijp de keuzes niet. Ik vind dit best wel ontstellend. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Mijnheerde voorzitter! Ik vind het lastig dat de wethouder met voor mij nieuwe informatie komt dat de vouchers niet werden gebruikt. Of ik heb de stukken niet goed gelezen, of ik heb iets van de wethouder gemist. Volgens mij komt hij plotseling met die informatie. Dat vind ik vervelend, want daardoor krijg ik een ander beeld. Ik vraag me af of dit is terug te vinden in de stukken. De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Er wordt nu een discussie ingebracht over de besteding van de vouchers in de verzelfstandigingsdiscussie. Die keuze is eerder gemaakt. Volgens mij is uw raad op een eerder moment geïnformeerd door het college dat er aanscherpingen op die regeling hebben plaatsgevonden langs bepaalde lijnen. Dat is niets nieuws en is onderdeel geweest van het maatregelenpakket. Dat wordt nu in deze discussie gebracht als nieuwe informatie. Hier is puurde vraag aan de orde of uw raad het ermee eens is dat die verordening wordt ingetrokken omdat Almelo doet mee zelfstandig wordt, conform eerdere afspraken.

Over de keuzes kunnen we op een ander moment discussiëren. Ik heb daarover namens het college gezegd wat ik erover wilde zeggen. De heer EKIZKUYU (GroenLinks): Voorzitter! De wethouder zei dat er niet veel gebruik werd gemaakt van de individuele fitnessvoucher. Als dat het geval is, vind ik het prima om toe te spitsen op groepsparticipatie, groepslessen et cetera. Maar voor degenen die aangeven dat ze individueel willen fitnessen, moet dat individueel mogelijk zijn. De heer MAATHUIS (wethouder): Voorzitter! Ik heb daar net al antwoord op gegeven. Aan de orde is de stemming over het raadsvoorstel. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Ik vind het wat ingewikkeld hoe dit gesprek verloopt, maar ik heb wel het idee dat de uiteindelijke oplossing acceptabel is. Hierna wordt digitaal gestemd over het raadsvoorstel, waarna de voorzitter constateert dat het met algemene (33) stemmen is aangenomen. Daarop schorst de VOORZITTER de vergadering. Na heropening van de vergadering stelt de VOORZITTER aan de orde: 25 R 2106815

16. Oprichting NUO (R 21066761. De VOORZITTER: Dames en heren! Aan de orde is agendapunt 16, de vraag van het college om wensen of bedenkingen mee te geven bij het oprichten van de stichting NUO. Ik wijs de gemeenteraad erop dat op 16 juni 2020 is gesproken over de opheffing van de gemeenschappelijke regeling Soweco, dat op 2 maart, 9 maart en 23 maart 2021 beeldvormend, oordeelsvormend en besluitvormend is gesproken, onder andere over de oprichting van de NUO, dat op erop 25 mei 2021 een uitgebreid interpellatiedebat heeft plaatsgevonden met het college over de NUO en dat erop 15 juni een oordeelsvormend politiek beraad heeft plaatsgevonden over de NUO. U voelt het al aankomen. Het voorstel behelst het leveren van wensen of bedenkingen bij de oprichting van de NUO en gaat niet over de oprichting van de NUO, want de NUO wordt opgericht, dat besluit wordt door het college genomen. Dit betekent dat ik u ga beperken in een al te principiële discussie over de NUO, want dat is niet aan de orde. Daarmee gaan we terug inde geschiedenis en dat moeten we niet doen. Uiteraard, u bent van mij gewend dat ik u enige ruimte geef, maar het principevraagstuk staat niet meer ter discussie. De heer CETE (Lijst Cete): Voorzitter! U doet alsof vanaf dag 1 de voorstellen steeds hetzelfde waren. Het is juist zo dat we vanavond hier zitten, omdat er continu sprake van veranderingen is geweest.

Er vinden continu veranderingen plaats in de loop van tijd. Vooral voor mij als eenmansfractie komt er continu nieuwe informatie, soms goede informatie, maar ook informatie die mij zorgen baart. Ik snap dat we niet in herhaling moeten vervallen, maar als u ons te snel afkapt, doet u geen recht aan het voorstel. We zitten hier vanavond, maar als Twenterand medeoprichter was geweest, zaten we hier vanavond niet. Ik hoop dat u niet te kort door de bocht gaat. De VOORZITTER: Nee, maar ik blijf u wel bepalen tot wat u is voorgesteld en waarover u in het politiek oordeelsvormend beraad met elkaar hebt gesproken en heeft doorgeleid naar de raad, het voorstel om aan het college al dan niet wensen of bedenkingen mee te geven, want het voorstel is ook om dat niet te doen. Als u wel wensen en bedenkingen hebt, brengt u die te berde en hebben we het daar met elkaar over. Maarde principiële discussie heeft plaatsgevonden. Ik begrijp uw sentimenten en u bent van mij gewend dat ik geen karige voorzitter ben. Maar u mag van mij ook verwachten dat ik u na alle beraadslagingen die hebben plaatsgevonden ook naar de uitgang van de discussie ga begeleiden. Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Voorzitter! Op het gevaar af dat u mij gaat inperken, doe ik toch een poging mijn betoog te houden. Ik werk uiteindelijk naar het besluit toe.

Het is de CDA-fractie een doorn in het oog dat een van de meest kwetsbare groepen inwoners in onze gemeente het zo voor zijn kiezen krijgt. Onduidelijkheid over je werkplek is _ _ . voor iedereen erg, en al helemaalvoor mensen -met een afstand_tot de ar_beidsmarkt._ Er wordt steeds gesproken over het opheffen van Soweco. Het gaat echter niet om het opheffen van de onderneming Soweco, maar het stoppen van een gemeenschappelijke regeling, een knellende regeling die te veel geld zou gaan kosten. De wijze waarop het proces van het opheffen van de gemeenschappelijke regeling is verlopen, verdient niet bepaald de schoonheidsprijs. De wethouder is zeer voortvarend te werk gegaan, te voortvarend. De oude schoenen werden afgeschreven. De raad kreeg het verzoek om toestemming te verlenen voor het opheffen van de GR. Dat lijkt een open vraag, maarde raad kan alleen toestemming onthouden, dus weigeren, wegens het in strijd zijn met het recht of het algemeen belang. Als dat niet kan worden aangetoond door de raad, moet hij toestemming verlenen. Oftewel, ja zeggen omdat nee zeggen wettelijk niet kan. Wij wisten waar wij als raad afscheid van moesten nemen, en de wethouder wist hoe de nieuwe schoenen eruit zouden zien en hoe ze zouden lopen. Volgens de contourennota zouden vier gemeenten samen de stichting gaan vormen van de nieuwe uitvoeringsorganisatie.

Bij het vaststellen van de statuten van de stichting NUO waren het nog maar twee van de vier gemeenten die de stichting NUO zouden gaan vormen. De statuten waren niet helemaal wat wij ervan hadden voorgesteld, dus moesten ze worden geamendeerd. De inkt van het besluit in Almelo was amper opgedroogd toen bleek dat de andere deelnemende gemeente ervoor koos 26 R 2106815

toch niet deel te nemen aan de oprichting van de stichting NUO. Het raadsbesluit van Almelo kon de papierversnipperaar in, oftewel, die was niet meer van toepassing. In hoog tempo werd een nieuw raadsbesluit voorbereid. Almelo richt alleen de nieuwe stichting op. Dat kan toch niet het beeld van de wethouder zijn geweest toen hij de oude, knellende schoenen afschreef en dacht te weten hoe de nieuwe schoenen eruit zouden zien en hoe ze zouden lopen. De wethouder heeft zijn best gedaan om vragen te beantwoorden en zorgen weg te nemen; dat waarderen wij. Echter, de snelheid van het hele proces breekt hem, of beter gezegd, breekt ons steeds weer op. Dit is een route met vele valkuilen die het hoofd moeten worden geboden. Ook nu weer voelén wij ons genoodzaakt om het raadsbesluit te amenderen. De NUO heeft geen eigen werknemers in dienst, maar deze worden gedetacheerd vanuit de vier gemeenten die een DVO aangaan met de NUO. Hierdoor zijn er geen frictiekosten ten gevolge van het opheffen van de GR. Het risico is echter aanwezig dat een of meerdere gemeenten na vier jaar de DVO niet verlengt. Dat besluit wordt dus over vier jaar genomen; dit als inleiding op mijn volgende punt. In politiek beraad van 15 juni jl.

kwam aan de orde dat er een mogelijk risico bestaat dat indien men het voornemen heeft de DVO na vijf jaar niet te verlengen, men vroegtijdig minder medewerkers levert dan bij aanvang van de DVO is afgesproken, bijvoorbeeld door de detachering in te trekken of vacatureruimte niet op te vullen. Dit risico kan worden voorkomen door dit expliciet in de DVO op te nemen, of door een aanvullende overeenkomst met de gemeenten te sluiten waarin geregeld wordt dat elke gemeente garant staat voor haar medewerkersaandeel in de NUO voorde volledige duur van de DVO. Dit is in het belang van de deelnemers, zowel de gemeenten, maar ook al diegenen die de begeleiding zo vreselijk hard nodig hebben. "Amendement 3. reO richting NUO. De raad van de gemeente Almelo, in vergadering bijeen d.d. 22 juni 2021 besluit, het voorgestelde besluit "De raad geeft het college geen wensen of bedenkingen mee bij haar besluit tot het oprichten van de stichting NUO" te schrappen en te vervangen door: De raad geeft het college de volgende wensen en bedenkingen mee bij haar besluit tot het oprichten van de stichting NUO. - Neem expliciet in de DVO op of sluit een aanvullende overeenkomst met de vier gemeenten waarin wordt geregeld dat elke gemeente garant staat voor haar medewerkersaandeel in de NUO voorde volledige duur van de DVO.

Toelichting: In het belang van de doelgroep is het belangrijk dat alle functies door kwalitatief hoogwaardige medewerkers wordt ingevuld. Dit is een verantwoordelijkheid van alle gemeenten die een DVO sluiten met de NUO. In het politiek beraad van 15 juni kwam aan de orde dat er een mogelijk risico bestaat dat indien men het voornemen heeft om de DVO na vijf jaar niet te verlengen, men vroegtijdig minder medewerkers levert dan bij aanvang van de DVO is afgesproken. Bijvoorbeeld door de detachering in te trekken of vacatureruimte niet in te vullen. Dit risico kan worden voorkomen door dit expliciet in de DVO op te nemen of door een aanvullende overeenkomst met de gemeenten te sluiten waarin geregeld wordt dat elke gemeente garant staat voor haar medewerkersaandeel in de NUO voorde volledige duur van de DVO." Het amendement is ondertekend door de fracties van CDA, VVD, Lokaal Almelo Samen, Christenunie en PvdA. Bij punt 1.6 in het raadsvoorstel en de aanvullende memo van wethouder Maathuis van gisteren wordt de indruk gewekt dat er een soort mondeling advies is uitgebracht door de Adviesraad Sociaal Domein. De vraag is echter of hier de waarheid geen geweld wordt aangedaan. Wantin de raadsbrief van 15 juni 2021 over de Adviesraad Sociaal Domein staat dat die geen advies uitbrengt. Dit dispuut, als ik dit zo mag noemen, looptal een paar maanden.

Dus de vraag is: is er een advies uitgebracht, dus een officieel, formeel advies, of is 27 R 2106815

dit de interpretatie van een gesprek dat wellicht heeft plaatsgevonden en verwoord is in het raadsvoorstel, zijnde de interpretatie van de wethouder? Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Laat ik beginnen met de opmerking dat mevrouw Ten Seldam mooi heeft gesproken; wat fijn dat ze kritiek uit. Ik heb daar wat langer op zitten te wachten, maar beter Iaat dan nooit. Wat ze zei over het amendement, kan ik positief omarmen. Maar ik vraag me af wie zegt dat die gemeenten hiermee instemmen, als Almelo dit eenzijdig bepaalt. Ik kan mij voorstellen dat zij zich juist erg comfortabel voelen bij het feit dat zij na twee, drie jaar kunnen zeggen: we nemen minder diensten af. Ze moeten betalen naar rato van de diensten die ze afnemen. Als ze minder diensten afnemen, hoeven ze minder te betalen en minder personeel te leveren. Ze voelen zich er natuurlijk helemaal niet happy mee als ze gedwongen worden personeel in dienst te houden. Hoe kijkt mevrouw Ten Seldam hiertegen aan? De VOORZITTER: Ik verzoek u uw interrupties wat puntig te houden. Iedereen heeft zijn eigen termijn. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Ik moet het toch uitleggen? Mevrouw TEN BELDAM (CDA): Voorzitter! Kritiek is geen doel op zich. Kritisch kijken naar hoe een proces is gelopen, doe je om ervan te Ieren. Dit als reactie op de eerste opmerking van mevrouw Pol.

De tweede is dat in de bijlage van de heer Maathuis van gisteren staat dat hij er al bestuurlijk op geacteerd heeft; dit had mevrouw Pol kunnen lezen. Alleen, er is nog geen zienswijze en ik wil dit goed verankerd hebben. In de beantwoording zal blijken dat wat de wethouder ons allemaal al per brief heeft medegedeeld, ook werkelijkheid zal worden. Daarmee is het amendement niet in strijd met en wenselijk voor de andere gemeenten. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Ik heb gedacht: zal ik uberhaupt wat gaan zeggen. Ik heb gedacht: zal ik heel veel gaan zeggen. Ik heb er moeite mee, ik heb moeite met dit voorstel. Ik dit heb meerdere keren aangedragen. Er wordt gedaan alsof het gaat om maar wat huurkosten, maar als ik de stukken goed begrijpt, gaat het om jaarlijks € 5 miljoen. Er wordt € 5 miljoen door die stichting gepompt, waar Almelo verantwoordelijk voor is. Almelo staat voor € 5 miljoen, waarvan het grootste deel loonkosten is. Dit wordt eigenlijk een beetje ontkend. Ik heb geen goed gevoel bij dit raadsvoorstel. Ik had het niet, ik heb het niet. Ik heb geen goed gevoel bij deze wethouder. Ik ga het niet mooier maken dan het is. Ik probeer het zo kort mogelijk te houden. Wellicht heb ik op termijn nog vragen. Mevrouw BIJENHOF (VVD): Voorzitter! Ik heb er moeite mee dat dit op personen wordt betrokken.

Laten we naar de inhoud kijken en -het alsjeblieft een -beetje zakelijk-houden en ons niet op de persoon richten. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! Mevrouw Bijenhof moet beseffen dat het niet om haar gaat, maar om mij en wat ik hier moet stemmen en dat ik hier vertel wat ik wil vertellen. Ze mag rustig uitdragen dat ze er moeite mee heeft. Ik zou bijna zeggen: ik kan het plaatje weer afdraaien, want dit zegt ze elke keer inhoudsloos. Dat heeft voor mij geen enkele toegevoegde waarde, maar het staat haar vrij. De VOORZITTER: Mevrouw Pol, u wilt graag dat anderen zwijgen als u interrumpeert en nu krijgt u een interruptie. Die is aan mevrouw Bijenhof. Mevrouw BIJENHOF (VVD): Voorzitter! Ik begin er zo langzamerhand een beetje moeite mee te krijgen dat mevrouw Pol meent dat ze alles mag zeggen en wij niet. Ik ga over mijn eigen woorden, zij gaat over haar woorden. Laten we het zakelijk bekijken. Mevrouw Pol mag moeite hebben met de inhoud, maar laten we het niet over personen hebben; dat is mijn mening. 28 R 2106815

Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! De opmerking van mevrouw Bijenhof staat genoteerd. Ik heb er geen enkele boodschap aan. De VOORZITTER: Vervolgt u uw betoog. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Deze discussie hadden we kunnen vermijden, want we hadden kunnen verwachten dat die op deze manier zou gaan. De VOORZITTER: Dan komt u in mijn vaarwater. Ik vind dat je het hoffelijk hoort op te vangen, als je elkaar interrumpeert en dat later niet moet diskwalificeren met: ik had wel gedacht dat iemand dit en dat zou zeggen. Dat zeg ik niet alleen tegen u, dat zeg ik tegen iedereen. Interrupties behoren ruimte te krijgen. Die krijgt u als u interrumpeert en die hoort een ander ook te krijgen. En die moeten niet als die interruptie voorbij is met een opmerking op hun plek worden gezet. Dat is niet fair naar degene die die interruptie heeft geplaatst. Dat moeten we elkaar niet aandoen. Gaat u verder met uw betoog. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! Ik zou nog weer kunnen reageren, maar laten we het er maar bij laten. Mevrouw Ten Seldam heeft over het hele traject gezegd dat het niet de schoonheidsprijs verdient. Dat is een understatement, ik noem het een schande. Ik vind het een génante vertoning. In elk geval voelt dit voor de fractie van Forum voor Rechts niet goed en met volle overtuiging zal ik tegen stemmen.

Wellicht dat er ik in het verdere vervolg van deze discussie meer over zal zeggen. Maarde bagatellisering dat het enkel om wat huurkosten gaat, is bizar. Het gaat om immens veel geld waar Almelo deels boven staat, al dan niet in een stichting gestopt. Almelo neemt hier een immense verantwoordelijkheid op zich en voor mij is het ontoelaatbaar om dit de inwoners van Almelo aan te doen. De VOORZITTER: Voor de goede orde, dit zeg ik ook tegen de andere sprekers, wantik hoor mensen zeggen: dan ben ik tegen. Maar dan bent u dus tegen het voorstel om geen wensen en bedenkingen mee te geven. Met andere woorden, u bent er dus voor om wel wensen en bedenkingen mee te geven. Daar gaat het vanavond om. Het gaat er niet om of je voor of tegen de NUO bent, maar of je wensen en bedenkingen hebt. Als de raad die heeft — er is een amendement ingediend door de CDA-fractie om de raad wel een wens c.q. bedenking te laten uitspreken — is dat waarover het gaat. Ik snap de redeneertrant, ik begrijp ook dat er bij een aantal leden van de raad weerstand is tegen de NUO, dat kan. Maar u moet zich beperken tot wat aan de orde is en dat is de vraag of u wensen of bedenkingen daartegen hebt. Die moet u dan formuleren. Om het even helder te stellen waar we het over hebben met elkaar. Mevrouw POL (Forum voor Rechts): Voorzitter! Dan zal ik het als volgt formuleren.

Ik vind het ontoelaatbaar dat we uberhaupt in deze stichting ... Dat zijn de wensen en bedenkingen die ik uitspreek: ik wil deze stichting niet, ik wil er niet in participeren. Ik wil niet dat Almelo hierin participeert. Wellicht dat dit voldoende duidelijk is voor u. De VOORZITTER: Dat is voor mij voldoende duidelijk, maar dat is vandaag niet aan de orde. Ik probeer het formeel te houden. De heer TEEUW (Christenunie): Voorzitter! U hebt het al gezegd, we hebben al uitgebreid gesproken over de oprichting van de NUO en daarin hebben we onze positie ingenomen. De situatie is veranderd in die zin dat Twenterand niet mede opricht. Het is duidelijk dat dit minder commitment betekent, maar het belangrijkste is dat Twenterand wel een dienstverleningsovereenkomst aangaat. Daarmee is dit voor ons in zekere zin een technische kwestie. In het politiek beraad is uitvoerig aan de orde gekomen dat de risico's beheersbaar zijn en waar er nog een gaatje zit in die risico's, wordt dit met een amendement gedicht. Ik wil hierover nog twee dingen zeggen. De eerste is waarom dit ook een technische kwestie is. Stel je voor dat Twenterand nu wel medeoprichter was van de NUO en stel je voor dat de 29 R 2106815

raad van Twenterand over vier jaar zegt: wij willen er uitstappen en sluiten geen DVO meer. Dat kan die gemeente dan net zo goed doen als nu. Of vindt deze raad dat we Twenterand dan moeten frustreren en in de tang houden, zoals we zelf, zoals wij Twents zien, in de tang worden gehouden? Ik denk dat iedere raad over zijn eigen beleid gaat. Wij gaan niet over het beleid van Twenterand. Het is jammer dat ze niet medeoprichter is, maar of we nu met een, twee, drie of vier gemeenten oprichten is in zekere zin een technisch verhaal. De heer BETE (Lijst Cete): Voorzitter! Ik vind dit te kort door de bocht. De heer Teeuw onderschat de procedure waarmee we zijn doorgegaan. Als we gezamenlijk met een voorstel een gemeenschappelijke regeling oprichten, zoals de zes gemeenten hebben gedaan, worden daarvoor afspraken gemaakt. De heer Teeuw doet alsof we dankbaar moeten zijn, of ze wel of niet meedoen, maar wel met de DVO meedoen. Nee, de wethouder heeft hierin de raad gezegd dat als een gemeente haar verplichtingen niet nakomt met op zijn minst de eerste vijf jaar DVO, dit ook bij hen de nodige aansprakelijkheidsdiscussies zal oproepen. De heer Teeuw zegt nu dat we dankbaar moeten zijn, en respect moeten hebben voorde collega's van Twenterand. Wij gaan niet over andere steden, maar andere steden gaan ook niet over ons.

De huidige wethouder heeft ons continu, mede om de andere gemeenten bij elkaar te houden, gepusht, gepusht, gepusht, gepusht. Is de heer Teeuw het met mij eens dat het niet zo makkelijk was om tegen Twenterand of andere gemeenten te zeggen: oké, we hebben jarenlang samengewerkt en met afspraken een GR opgeheven, maar nu doen we niet mee met de DVO's. Dat zou toch consequenties voor hen moeten hebben? Ze doen dit niet zomaar. De heer TEEUW (Christenunie): Ikhoor wat de heer Cete zegt, maar hij stelt het iets anders voor dan het is. Hij heeft het over de gemeenschappelijke regeling. Daar wilden we juist van af, dus die is er niet meer. Het gaat nu om het oprichten van een stichting, een publiekrechtelijke stichting die taken uitvoert. De heer BETE (Lijst fete): Ik raad de heer Teeuw aan het raadsbesluit uit 2020 terug te lezen. Daarin staat onder welke voorwaarden wij de GR opzeggen en wat de toezeggingen toen van de wethouder en het bestuur waren bij de voortzetting. Daarmee steun ik van harte de woorden van mevrouw Ten Seldam, maar dat zal ik in mijn eigen termijn doen. Ik adviseer de heer Teeuw om het raadsbesluit van toen te lezen. Het was niet zo makkelijk voor Twenterand om te zeggen dat ze helemaal niet meedoet, want wethouder Maathuis heeft gezegd dat er dan consequenties zouden moeten zijn, als ze niet mee was gegaan met de DVO.

Dat heeft de wethouder hierin de raadzaal gezegd. Het oprichtingsverhaal is als spookhuis gebouwd, daar snapt niemand meer iets van. Ik absoluut niet. Dus de heer Teeuw gaat te kort door de bocht. De heer TEEUW (Christenunie): Ik snap wat de heer fete bedoelt. We hebben misschien langs elkaar heen gepraat. Ik ben het met hem eens dat het proces niet de schoonheidsprijs verdient. Maar het punt dat ik heb gemaakt, is-dat het commitment-lager is-als-je niet- __ deelneemt, maar dat dit in de praktijk niet veel uitmaakt. Het punt dat ik ook maak, is dat ik vind dat wij als gemeenten in Twente elkaar niet in de tang moeten houden. Het tweede punt heeft te maken met wat in het raadsvoorstel staat onder 1.7. Daar staat dat het in zekere zin voordelen heeft, ik zeg dit in mijn eigen woorden, datje alleen oprichter bent, omdat je dan meer aan de knoppen zit. Want in 1,7 wordt gesproken van een verlengstuk van de gemeente. Dat benadruk ik. In 1.9 wordt tegelijkertijd iets gezegd over de slagkracht op de markt en dat dit destijds de reden was om een stichting op te richten enzovoorts. Daarover heb ik vragen gesteld in het politiek beraad. Toen heeft de wethouder uitgelegd hoe dit moet worden geïnterpreteerd, namelijk dat wij ons beperken tot het gebied van Soweco.

Ik benadruk dat we het daar zeer mee eens zijn, want het kan niet zo zijn dat wij van de NUO een soort commercieel bedrijf maken dat allerlei dienstverleningsovereenkomsten met anderen aangaat. Want als we dat doen, zien we het al gebeuren. Dan komt er een directeur enzovoorts. Dan hadden we moeten zeggen dat we dat wilden met de NV Soweco, die zijn eigen broek moest ophouden, maar waar uiteindelijk noch commerciële bedrijven noch gemeenten in wilden stappen. In die zin is de koers om nu te zeggen dat de NUO dicht tegen de gemeente aan moet zitten, als een verlengde van de gemeente, helemaal juist. Mocht er zich een gelegenheid voordoen dat er toch iemand in wil stappen, dan delegeren we dat niet naar het college, maar 30 R 2106815

komt het college maar terug naar de raad en kijken we er situationeel naar. De heer STOTELER (PVV): Voorzitter! Beperken tot de oude Soweco-regio volg ik, maar we hebben hier een regionaal bedrijventerrein tyaarheel veel mensen uit Hengelo en Enschede werken. Stel dat wij straks al onze Wsw-mensen, participatiemensen en iedereen die via de NUO aan het werk moet, geplaatst hebben, er capaciteit is en de gemeenten Hengelo en Enschede nog een aantal Wsw'ers hebben en vragen of ze met de NUO een DVO kunnen sluiten, daarbij begeleiding meesturen en wij ze dan op het regionale bedrijventerrein plaatsen —dat is ons territorium —zou de heer Teeuw dat dan op voorhand willen afschieten? Moeten we daar nu niet over zeggen dat we er dan over moeten nadenken? We kunnen er al op vooruitlopen wat er dan moet gebeuren. De heer TEEUW (Christenunie): Wat de heer Stbteler schetst, is een andere vraag. Het gebeurt nu al dat bedrijven op het bedrijventerrein naar de werkvoorziening in Enschede gaan om mensen met busjes heen en weer te brengen. Daarvoor hoeven ze niet perse hun eigen sociale werkvoorziening op te heffen en een DVO met de NUO aan te gaan. Dat kunnen ze nu ook al. Je kunt er wat van vinden, maar het gaat hierom een partij die toetreedt tot de NUO.

Daarvan zeggen wij: als iemand dat wil, als Enschede dat wil, prima, maar wat de ChristenUniefractie betreft, komt dit eerst langs de raad. Onze conclusie is dat we geen reden hebben om ons standpunt te veranderen en we geen bedenkingen hebben en geen zienswijze inbrengen. Mevrouw VAN SAANE (D66): Voorzitter! U vraagt om wensen en bedenkingen. Die spreek ik hier graag uit. De D66-fractie heeft hoofdpijn. Dit is met recht een hoofdpijndossier. Ondanks alle door de voorzitter net opgesomde gesprekken, vragen, informatiebijeenkomsten, besluiten, politieke beraden, interpellatiedebat, brieven en nog veel meer, blijven er alleen maar vraagtekens. Dat op zich is merkwaardig. Het zou toch eindelijk duidelijk moeten zijn? Ligt dit aan de informatie, of ligt dit aan ons? Wij vragen ons serieus af of dit dossier niet een maatje te groot is. Waarom zijn er zo veel goede adviezen in de wind geslagen? Waarom is het oorspronkelijke tijdpad niet gehaald? Waarom loopt het zoals het nu loopt? Het gaat om wensen en bedenkingen. Ik kan overal een vraagteken achter zetten. Heb ik de wethouder bijvoorbeeld vorige week horen zeggen dater met de liquidatie van Soweco wordt begonnen als de NUO kan worden opgericht? Dat is me niet duidelijk.

Of heb ik dat verkeerd verstaan? En waarom zei de wethouder afgelopen politiek beraad dat hij en de OR het al helemaal eens waren, terwijl de OR van Soweco nog een advies moest afgeven? De wethouder legt in bedoeld politiek beraad na een vraag uit dat een DVO een dienstverleningsovereenkomst is voor vijf jaar en dat na vier jaar wordt geëvalueerd. Prachtig. Maar dat is toch geen garantie? DVO's zijn niet hard en worden jaarlijks afhankelijk van middelen en kwaliteitskeuzes gevuld. Het is toch ook zo dat Twenterand, ik noem het maar even, met een DVO op zak een andere afspraak kan maken met, laten we iets noemen, Larcom of zo? En heb ik tijdens het politiek beraad van vorige week goed begrepen dat de nodige materialen en machinerieën worden opgehangen aan DVO's? Allemaal bedenkingen. In een project dat nu eenmaal door moet, zijn deze DVO's verworden tot hardheidclausules.

De komende jaren heeft de SW toch een krimpscenario? Is dat overigens niet een redelijk eenvoudig uit te rekenen risico? En is het dan niet vreemd datje een uitvoeringsstichting optuigt, maar geen mensen in dienst neemt? De mensen staan of komen op de loonlijst van gemeenten, SW'ers staan op de loonlijst van gemeenten; dan heb je toch geen stichting nodig? Hoorden wij vorige week zeggen dat we de niet-regelinggebonden medewerkers niet langer kunnen laten bungelen en dat we op moeten schieten met de NUO? Het sociaal plan. Zíjn er niet al mensen uit deze hoek weggelopen bij Soweco en is het wellicht zo dat die stichting nodig is om het sociaal plan te herbergen? Is de stichting mogelijk alleen nodig voorde afwenteling van verantwoordelijkheden en risico's? Dat zijn onze bedenkingen. De fractie van D66 hoopt van harte dat alle vragen, ongerustheid, vage vermoedens en nog veel meer waar wij wakker van liggen, onterecht zijn en dat de mensen, de SW'ers of het 31 R 2106815

niet-regelinggebonden personeel goed, terechtkomen op de korte termijn en de komende jaren. We hebben heel veel garanties gehoord, maar daar zijn wij niet gerust op. Wij stonden erbij en keken ernaar. De heer HUMMELS (Leefbaar Almelo): Mijn wens is dat het beter gaat, mijn bedenking is dat ik daar nogal wat twijfels bij heb. Mijn wens is dat dat wat de wethouder beweert, klopt, mijn bedenking is dat ik daar nogal wat twijfels bij heb. Mijn wens is dat we de beste medewerkers weten te behouden, mijn bedenking is dat dat maarde vraag is. Mijn wens is dat dit echt een beleidsinhoudelijk afgewogen stuk is, mijn bedenking is dat ikvrees —sorry dat ik het zo zeg —dat dit een poging is tot een succesverhaal van het college is. Mijn wens is dat we hier inderdaad de mensen om wie het gaat voldoende werk weten te bieden als ze dat willen en niet alleen maar een werkplek zonder werk. Mijn bedenking is dat het maarde vraag is wat de mogelijke DVO's inhouden. En zo zou ik uren door kunnen gaan. Dat doe ik niet. Mevrouw Van Saane heeft een mooi verhaal gehouden. Daar zit veel in wat ik ook zou kunnen vertellen. Ik ben benieuwd naar de reactie. De heer BETE (Lijst fete): Voorzitter! Ik begin even met uw opmerking. Misschien kan de wethouder dit uitleggen. U hebt in het begin gezegd: als u ja zegt, is het ja en als u nee zegt, zegt u ook ja.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Almelo&id=6085dda2-5b97-4875-8e5d-9fe7f5c3bb83