20260616 RKA - Aanbiedingsbrief rekenkamerrapport - Woonbeleid
Tekst van het document
Resultaten We gaan hieronder in op de mate waarin het beleid en de instrumenten die de gemeente heeft ingezet, hebben bijgedragen aan de gestelde doelen. We behandelen hieronder de belangrijkste resultaten.
Doel 1: zorgen dat (oudere) inwoners een fijne woonomgeving krijgen/behouden, in nabijheid van anderen en met voorzieningen binnen bereik Almelo streeft ernaar dat ouderen en mensen met een zorg- of ondersteuningsvraag zo lang mogelijk zelfstandig, veilig en betaalbaar kunnen blijven wonen in hun eigen wijk of buurt. Dit betekent dat zij niet alleen een prettige woning hebben, maar ook kunnen rekenen op een leefomgeving met voldoende voorzieningen en een sociaal netwerk om zich heen. De gemeente stimuleert dat inwoners, waar mogelijk, zelf hun woning aanpassen en elkaar ondersteunen. Waar nodig biedt de gemeente hulp, bijvoorbeeld via de toekomstbestendig wonen lening. Tegelijkertijd wordt ingezet op het vergroten van het aanbod van geschikte en betaalbare woningen, zodat mensen niet onnodig lang in een ongeschikte woning hoeven te blijven wonen. Doorstroming naar een meer passende woning wordt bevorderd. Daarnaast werkt de gemeente
67
68
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
samen met woningcorporaties om zowel goedkope als dure scheefheid terug te dringen en te zorgen dat iedereen in een woning woont passend bij diens situatie.
Uitvoeringsactie
Relevant?
1 Om woningeigenaren te ondersteunen in hun verantwoordelijkheid om tijdig aanpassingen te doen in hun woning, introduceren wij in 2020 de blijverslening.
Ja
2 De voorraad geschikte woningen moet met circa 320 woningen worden uitgebreid. Dit kunnen we realiseren door nieuwbouw en (deels) door de bestaande woningvoorraad aan te passen.
Nee
3 De vraag naar geschikte woningen voor inwoners met dementie stijgt. Waar er nu nog voldoende plekken zijn, is dit al snel niet meer het geval. We realiseren de benodigde plekken bij voorkeur gespreid over de gemeente.
Ja
4 We stimuleren doorstroming door de diversiteit van het woningaanbod te vergroten.
Ja
5 Samen met corporaties en ontwikkelende partijen verkennen we hoe we de doelgroep doorstromers op weg kunnen helpen. Dit begint met een analyse van belemmeringen die een verhuizing in de weg staan. Vervolgens kijken we wat we kunnen doen om de belemmeringen weg te nemen.
Ja
6 We faciliteren en stimuleren (nieuwe) woonvormen, die tussen zelfstandig thuis en verpleeghuis in zitten.
Ja
7 We rollen een communicatiecampagne uit om alle mogelijkheden rondom doorstroming breed onder de aandacht te brengen.
Ja
8 We verbeteren de kwaliteit van de leefomgeving, in de vorm van een wijkgerichte aanpak, afgestemd op de behoefte van de inwoners.
Ja
9 We stimuleren wijkinitiatieven om buurten veiliger te maken, samen met de corporaties, ondernemers, politie en brandweer.
Ja
10 We houden toezicht op de naleving van bouw-, milieu- en bestemmingsplanregels.
Ja
11 We versterken het gemeentelijk toezicht en de handhaving in wijken en buurten; snel handelen, samen met de politie.
Ja
Uitvoeringsactie 1: Om woningeigenaren te ondersteunen in hun verantwoordelijkheid om tijdig aanpassingen te doen in hun woning, introduceren wij in 2020 de blijverslening. Met de blijverslening kunnen woningeigenaren gewenste aanpassingen in de woning aanbrengen, zodat zij er langer kunnen blijven woningen. denk hierbij aan deuropeningen verbreden, drempels wegnemen, een badkamer en/of slaapvertrek op de begane grond realiseren, et cetera.
Resultaat: langer thuis in de bestaande voorraad In het kader van langer zelfstandig thuis wonen wordt uitvoering gegeven aan het Wmoconvenant. Tot in ieder geval 2024 werd geconstateerd dat dit resulteerde in relatief veel verhuizingen en daardoor aanleiding gaf voor een versnelde evaluatie. Of deze heeft plaatsgevonden, is niet duidelijk. De vele verhuizingen die hebben plaatsgevonden brengt doorstroming op gang. Langer zelfstandig thuis wonen wordt mogelijk gemaakt door nieuwbouwwoningen levensloopgeschikt op te leveren, woningaanpassing bij renovatie of door
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
middel van een Wmo-aanvraag te faciliteren en de gezamenlijke match tussen vraag- en aanbodvormen van wonen en zorg te verbeteren. Ook de blijverslening draagt bij aan langer zelfstandig thuis wonen. Niet altijd zijn woningen aanpasbaar. In veel oudere appartementencomplexen is woningaanpassing niet mogelijk vanwege technische beperkingen. Ouderen die eigenaar-bewoner zijn, weten vaak niet wat de mogelijkheden zijn. Dat leidt ertoe dat zij pas laat hun woning aanpassen. Dat verhoogt de Wmo-kosten. Er liggen dus kansen in de informatievoorziening. Daarnaast wonen veel ouderen in theoretisch ongeschikte woneingen, maar vinden de stap naar verhuizing moeilijk.
Resultaat: prettig wonen In 2020 is de blijverslening geïntroduceerd (lening toekomstbestendig wonen). De gemeente heeft voor ogen dat woningeigenaren met deze lening tijdig aanpassingen doen in hun woning. Zo kunnen zij op een prettige manier langer zelfstandig thuis blijven wonen. Uit navraag blijkt dat de gemeente slechts twee van deze leningen heeft verstrekt. Ouderen zijn vaak terughoudend voor leningen, waardoor de effectiviteit ervan in de praktijk beperkt is. Bij een fijne en prettige woonomgeving voor ouderen, moet ook gedacht worden aan scootmobielstallingen. In het Wmoconvenant zijn ook afspraken opgenomen over scootmobielen. Uit de prestatieafspraken komt naar voren dat de komende jaren corporaties nadrukkelijk gaan kijken naar plekken voor scootmobielen. Uitvoering van het toevoegen van scootmobielstallingen vindt plaats in 2025 en 2026. Wel wordt er geconstateerd dat de gemeente het realiseren van stallingsplaatsen een uitdaging ondervinden. In de bestaande voorraad zijn technische mogelijkheden beperkt. Vaak is er geen ruimte, of geen mogelijkheid tot het maken van ruimte, voor bijvoorbeeld een scootmobielstalling. Voor ontmoetingsruimten geldt hetzelfde. Renovatie aan de bestaande voorraad levert beperkte voordelen op. Vooral toekomstbestendige nieuwbouw draagt daarom bij aan een leefomgeving waarin ouderen zich vitaal en verbonden kunnen blijven voelen.
Uitvoeringsactie 3 & 6: 3. De vraag naar geschikte woningen voor inwoners met dementie stijgt. Waar er nu nog voldoende plekken zijn, is dit al snel niet meer het geval. We realiseren de benodigde plekken bij voorkeur gespreid over de gemeente. 6. We faciliteren en stimuleren (nieuwe) woonvormen, die tussen zelfstandig thuis en verpleeghuis in zitten. De vergrijzing zorgt voor een toenemende vraag naar geschikte woonvormen voor ouderen, met name voor inwoners met dementie en voor ouderen die niet langer volledig zelfstandig kunnen wonen maar geen 24‑uurszorg nodig hebben. De Woonzorgvisie laat zien dat de behoefte aan passende plekken richting 2040 sterk toeneemt en dat er vanaf 2025 al tekorten ontstaan, vooral in geclusterde PG‑woonvormen. Daarom stimuleert de gemeente nieuwe woonconcepten tussen zelfstandig wonen en intramurale zorg, bij voorkeur gespreid over de stad en in wijken met voldoende voorzieningen.
Resultaat: realisatie van voldoende en passende woonzorgplekken De woonzorganalyse (2025) heeft het actuele woon(zorg)aanbod voor ouderen in Almelo uiteengezet. Volgens de analyse zijn er ruim 2.150 geclusterde woningen en 876 zorggeschikte plekken. Het aantal geclusterde woonvormen ligt nu al lager dan de vraag. De krapte bij dit type woonvormen is vooral groot in de vrije sectorhuur en koop. Het huidige aanbod zorggeschikte woningen is voor nu voldoende voor de vraag. Wel neemt de vraag de komende jaren sterk toe. Daarnaast blijkt dat de grootste groep 65-plussers in een niet-aanpasbare woning woont, wat de toekomstige druk op de vraag naar zorgwoningen verder vergroot. In Almelo worden PGwoonvormen bij voorkeur kleinschalig en verspreid over de stad gerealiseerd. Uit evaluaties van de prestatieafspraken 2023 en 2024 blijkt dat de resultaten die horen bij dit uitvoeringsactiepunt tot dan toe zijn behaald. Om de druk op de vrije sectorhuur en koop te verlagen, is de gemeente in 2024 met een project gestart gericht op geclusterde
69
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
seniorenhuisvesting middenhuur en vrije sector. In het Actieprogramma 2025 is opgenomen dat Almelo uitvoering geeft aan het afsprakenkader ouderenhuisvesting Twente. Daarbij wordt uitgegaan van realisatie van 75% van het basisscenario uit het afsprakenkader. Voor de periode tot en met 2030 Dat houdt in: • 65-130 zorggeschikte woningen, • 70-135 geclusterde woningen, • 180-340 nultredenwoningen. Uitvoering hiervan wordt passend binnen de stadsbrede afspraken uitgevoerd. Binnen de zorggeschikte woningen wordt echter geen uitsplitsing gemaakt tussen psychogeriatrisch en somatisch. Om te voldoen aan het uitvoeringsactiepunt, dat zich vooral richt op PG-geclusterde woonvormen, is het van belang om dit onderscheid te maken. Voor 2025 leveren corporaties concreet bij: • Sint Joseph: 17 nultredenwoningen (Juffers aan de Heetveldsweg en Thuis in Rumerslanden) • Beter Wonen: 94 nultredenwoningen (Gerard Doustraat en Bornebroeksestraat) Terugkijkend naar de periode 2022 t/m 2024 zijn er verschillende typen zorgwoningen gerealiseerd. Zie hiervoor tabel 6. De zorggeschikte woningen zijn op twee verschillende locaties binnen de gemeente gerealiseerd, wat aansluit op het oogpunt van zoveel mogelijk spreiding. De huidige planlijst categoriseert 0% als zorggeschikt en geclusterd. 28% staat gepland als nultreden. De gemeente dient de onderverdeling naar zorgwoningen inzichtelijk te maken.
Tabel 7: Gerealiseerde zorgwoningen uitgesplitst naar type en aantal in Almelo, periode 2022 t/m 2024 Type
Aantal
Zorggeschikt (geclusterd en nultreden)
28 woningen (Markgrave en Thuisgenoten)
Geclusterd (ook nultreden)
154 woningen (Voormalig Stadhuis, transformatie bestaande voorraad)
Nultreden
Minimaal 253 van de 366 gerealiseerde appartementen.
Bron: Gemeente Almelo, 2025
Resultaat: nieuwe woonvormen Het stimuleren van nieuwe woonvormen is in de evaluaties van de prestatieafspraken 2023 en 2024 als behaalde opgave aangemerkt. Sinds 2022 lopen verkenningen naar innovatieve woonvormen. Vanuit het actieprogramma voor 2025 blijkt dat de huurdersorganisaties groot voorstander zijn van vernieuwende woonvormen waarbij samen wordt gewoond. Beter Wonen heeft onderzocht of een multigenerationele woonvorm (jong en oud onder één dak) haalbaar is. Dit blijkt op dit moment onvoldoende kansrijk in Almelo, waardoor verdere uitwerking geen prioriteit heeft. Sint Joseph zet wel stappen in vernieuwende woonconcepten: • Onderzoek naar benutting van plinten in seniorencomplexen voor jongerenhuisvesting; • Het combineren van bewoners met een zorgvraag met bewoners met draagkracht, om ontmoeting, wederkerigheid en zelfredzaamheid te bevorderen; • Deze aanpak gebeurt in nauwe samenwerking met zorgaanbieders.
70
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
Uitvoeringsactie 4 & 5: 4. We stimuleren doorstroming door de diversiteit van het woningaanbod te vergroten. 5. Samen met corporaties en ontwikkelende partijen verkennen we hoe we de doelgroep doorstromers op weg kunnen helpen. Dit begint met een analyse van belemmeringen die een verhuizing in de weg staan. Vervolgens kijken we wat we kunnen doen om de belemmeringen weg te nemen. Een toekomstbestendige woonomgeving voor ouderen vraagt niet alleen om geschikte woningen, maar ook om voldoende mogelijkheden om tijdig te kunnen doorstromen naar een passend woonaanbod. De gemeente wil daarom de diversiteit van het woningaanbod vergroten en samen met corporaties en ontwikkelende partijen belemmeringen in beeld brengen die een verhuizing tegenhouden. Door deze drempels weg te nemen, kunnen ouderen makkelijker een passende stap in hun wooncarrière zetten, waardoor zowel hun wooncomfort toeneemt als de doorstroming in de totale woningmarkt wordt verbeterd.
Resultaat: inzetten op doorstroming Volgens de Monitor Woonvisie 2025 moet de voorraad levensloopgeschikte woningen met zo’n 240 tot 480 woningen worden uitgebreid tot en met 2030. Dit is nodig omdat het aandeel 65plussers in Almelo met 36% zal stijgen in de periode tot 2035, volgens de Monitor Woonvisie 2022. Recente prognoses tonen bovendien een grote behoefte aan nultredenwoningen in deze periode. Om de bestaande woningvoorraad optimaal te benutten, en om scheefwonen te voorkomen, is doorstroming cruciaal. De gemeente wil dit bevorderen door het woningaanbod diverser te maken en een communicatiecampagne te starten. In het actieprogramma 2022 van de prestatieafspraken 2022-2026 is hiervoor de bewustwordingscampagne ‘Tijd gaat snel’ opgenomen. Deze campagne moet zich richten op senioren. Tot nu toe is deze campagne echter beperkt uitgevoerd. Er bestaat wel een gemeentelijke webpagina met informatie en doorverwijzingen, maar er is geen fysieke of persoonlijke ondersteuning zoals een doorstroom- of woonadviseur. Voor corporatiehuurders zijn wooncoaches beschikbaar vanuit de corporatie. Een doorverwijzing vanuit de website van de gemeente Almelo ontbreekt.
Resultaat: diversiteit woningvoorraad De diversiteit van de woningvoorraad in Almelo is in de afgelopen tien jaar nauwelijks veranderd. Figuur 13 laat zien dat de spreiding tussen woningtypen de afgelopen jaren vrijwel gelijk is gebleven. De lijn in de grafiek geeft de standaarddeviatie per jaar weer. Deze waarde ligt laag: tussen 0,093 en 0,096. Dat houdt in dat de aandelen van verschillende woningtypen vrijwel gelijk zijn gebleven en dat er geen duidelijke verschuiving is naar een meer gevarieerde of juist minder gevarieerde voorraad. Met andere woorden: de woningvoorraad is stabiel, maar niet diverser geworden. Als de gemeente wil sturen op doorstroming door middel van het diversifiëren van de woningvoorraad, heeft ze hierin nog een slag te slaan.
71
72
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
Figuur 15: Ontwikkeling spreiding* tussen woningtypen in de periode 2014-2024 0,100 0,099 0,098 0,097 0,096 0,095 0,094 0,093 0,092 0,091 0,090 2014
2015
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Bron: Woonmonitor gemeente Almelo, bewerking Stec Groep (2025).*Standaarddeviatie. <0,5: nauwelijks verschil. <1: meetbaar verschil. >1: extreem verschil.
De Woonmonitor Almelo geeft inzicht in de woningvoorraad, maar maakt geen uitsplitsing naar levensloopgeschikte woningen. Dit bemoeilijkt gerichte sturing op uitbreiding en doorstroming. Wel blijkt dat 27% van de voorraad in 2024 uit appartementen bestaat, wat kan wijzen op een relatief hoog aandeel nultredenwoningen. Het vergroten van het levensloopbestendige aanbod hoeft niet uitsluitend via nieuwbouw. Ook het aanpassen van bestaande woningen biedt kansen. Doorstroming helpt niet alleen ouderen, maar ook gezinnen, die kunnen verhuizen naar vrijkomende grondgebonden woningen. Voorwaarde is wel dat er voldoende nultredenwoningen worden gerealiseerd. Uitvoeringsactie 8,9,10 & 11: 8. We verbeteren de kwaliteit van de leefomgeving, in de vorm van een wijkgerichte aanpak, afgestemd op de behoefte van de inwoners. 9. We stimuleren wijkinitiatieven om buurten veiliger te maken, samen met de corporaties, ondernemers, politie en brandweer. 10. We houden toezicht op de naleving van bouw-, milieu- en bestemmingsplanregels. 11. We versterken het gemeentelijk toezicht en de handhaving in wijken en buurten; snel handelen, samen met de politie. Een fijne en veilige woonomgeving voor (oudere) inwoners vraagt om een sterke wijkgerichte aanpak.
De gemeente zet daarom in op het verbeteren van de leefomgeving door nauw samen te werken met corporaties, bewoners, ondernemers en veiligheidspartners zoals politie en brandweer. Door wijkinitiatieven te stimuleren, toezicht te houden op naleving van regels en het gemeentelijk toezicht en de handhaving te versterken, wil Almelo zorgen voor buurten waar bewoners zich prettig, veilig en verbonden voelen. Deze inzet vormt een belangrijke basis voor het langer zelfstandig kunnen wonen in de eigen wijk.
Resultaat: leefbaarheid Woningcorporaties en gemeente investeren samen in schone, hele en veilige buurten om zo de leefbaarheid van de woonomgeving te verbeteren. In de afgelopen jaren hebben zij dit succesvol gedaan. Onder andere door de inzet van wijkteams die actief zijn in wijkkantoren. Voor 2025 geldt dat zij hun investeringen doorzetten. Daaronder valt ook het participeren in het project buurtbemiddeling en het ondersteunen van bewonersinitiatieven die als doel hebben de leefbaarheid te verbeteren. Het veiliger maken gebeurt mede door de aanpak van woonoverlast, waarbij samenwerking tussen derde partijen plaatsvindt. Hier wordt in het volgende resultaatpunt verder op ingegaan. De samenwerking wordt daarnaast opgezocht in de, sinds 2024, nieuwe overlegstructuur ambtelijk en bestuurlijk overleg wonen en wijken (AOWW en BOWW). De
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
gemeente hanteert een wijkgerichte aanpak wat betreft leefbaarheid. Er zijn wijk- en dorpsopgaven opgesteld, waarbij leefbaarheid een belangrijk onderdeel van uitmaakt. Er ligt een basis voor gezamenlijkheid die moet doorgroeien naar het daadwerkelijk samen oppakken. Hier ligt een uitdaging, maar ook een kans, voor de gemeente en corporatie. Er zijn verschillende plannen opgesteld voor het vernieuwen van wijken en/of stadsdelen. Het rapport ‘leefbare wijken en dorpen’ gaat nader in op leefbaarheid in de gemeente. Hierin worden echter niet de groene longen benoemd, terwijl de gemeente in de Woonvisie beschrijft hier juist focus op te willen houden. Ook wordt de Vorb opgesteld. Daarin wordt leefbaarheid in de binnenstad behandeld. Eén van de principes in de conceptversie is ‘groen als voorwaarde voor een vitale binnenstad’. Voorzieningen vormen een belangrijk onderdeel van de leefbaarheid van een wijk. Met name voor kwetsbare doelgroepen, zoals ouderen, is dit belangrijk. De nabijheid van voorzieningen is een randvoorwaarde voor leefbaarheid, zoals het in de Woonvisie staat. De gemeente koppelt voorzieningen aan wijkopgaven. Zo wordt de aanwezigheid van voorzieningen meegenomen bij wijkvernieuwing.
De Kerngroep Wijkontwikkeling (een samenwerkingsverband tussen de gemeente en corporaties) geeft sturing aan de integrale vernieuwingsaanpak waarbij voorzieningen dus worden meegenomen.
Resultaat: gemeentelijk toezicht Gemeentelijk toezicht is geen onderdeel van de prestatieafspraken of andere evaluaties. Het toezicht is wel versterkt via de Omgevingswet-verordening. In 2024 is de Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht gemeente Almelo vastgesteld. Deze volgt de voormalige Verordening uit 2017 op. Er zijn een aantal verschillen hierin te onderscheiden, welke laten zien dat de gemeente haar gemeentelijke toezicht en handhaving versterkt. Deze zijn hieronder uiteengezet. • De nieuwe verordening richt zich breder op uitvoering en handhaving van alle taken onder de Omgevingswet, in plaats van veiligheid, toezicht en handhavingstaken vanuit de Wabo. • De raad ziet toe op meerjarige kwaliteitsstrategie, jaarlijkse rapportage en horizontaal toezicht als strategisch kader. De raad krijgt dus een rol in het monitoren van kwaliteit over de jaren heen. • De nieuwe verordening maakt, in tegenstelling tot de voormalige verordening, duidelijker dat kwaliteitscriteria geactualiseerd kunnen worden. De prestatieafspraken raken indirect aan het thema gemeentelijk. Zo blijkt dat in 2024 de gemeente een meld- en informatiepunt heeft ingericht. Hier kunnen verzoeken tot handhaving worden gedaan en/of doorverwijzing naar andere bevoegde instanties. Vervolgens is er gezamenlijk onderzoek gedaan of dit meldpunt breder ingezet kan worden voor meldingen van woonoverlast.
Dat onderzoek loopt nog, of de resultaten zijn nog niet openbaar gemaakt. Tevens vindt er onderzoek plaats naar de mogelijkheid van instrumenten om stapeling van problematiek in bepaalde wijken te voorkomen. De gemeente en corporaties delen persoonsgegevens van (toekomstige) huurders om woonoverlast aan te pakken. Er vindt een periodiek overleg plaats over de uitwisseling van de gegevens. Waar nodig wordt de politie, OM en andere (zorg)partijen betrokken.
Tussenconclusie: eerste stappen zijn gezet op weg naar passende woonvormen •
•
Almelo zet belangrijke stappen om ouderen langer zelfstandig thuis te laten wonen, maar veel bestaande woningen zijn technisch beperkt aanpasbaar. Nieuwbouw blijft nog steeds de grootste bijdrage leveren aan toekomstbestendige huisvesting. De toekomstbestendig wonen lening draagt in theorie bij aan langer zelfstandig wonen, maar de toepassing blijft achter. Ouderen zijn terughoudend met financiële constructies.
73
74
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
•
•
• •
• • • •
De druk op woonplekken voor inwoners met dementie neemt sneller toe dan de huidige bouwopgave kan opvangen. Plannen voor nieuwe (zorg)geschikte woningen liggen er op basis van de prestatieafspraken. Inzichten vanuit de planlijst ontbreken. Het onderscheid tussen psychogeriatrische en somatische zorgwoningen ontbreekt in de monitoring. Dit belemmert gerichte sturing, terwijl het uitvoeringsactiepunt specifiek vraagt om PG-geclusterde woonvormen. Dit is een noodzakelijke verbetering Nieuwe woonzorgconcepten ontwikkelingen verlopen positief, maar uitvoering is beperkt. Doorstroming is essentieel voor het vrijmaken van geschikte woningen voor verschillende doelgroepen. De woningvoorraad is de afgelopen jaren echter weinig gediversifieerd en campagnes om ouderen te activeren worden nog onvoldoende breed uitgevoerd. De leefbaarheid in wijken wordt versterkt door gezamenlijke inzet van gemeente en corporaties, maar structurele doorontwikkeling is nodig. Nabijheid van voorzieningen is een belangrijke randvoorwaarde voor leefbaarheid, maar komt op dit moment onvoldoende terug in beleidsuitwerking. De aanpak van woonoverlast is verbeterd via gegevensdeling en het meldpunt. Effectiviteit is nog niet meetbaar. De vernieuwde verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht regelt dat de raad een rol krijgt in het monitoren van kwaliteit van de verordening over de jaren heen.
Doel 2: bestaande en nieuwe woningen levensloopgeschikt maken De gemeente Almelo wil dat inwoners, ongeacht hun leeftijd of levensfase, langer zelfstandig en comfortabel kunnen wonen. Daarom zet Almelo in op het levensloopgeschikt maken van zowel bestaande als nieuwe woningen. Dit betekent dat woningen toegankelijk, drempelvrij en praktisch ingericht zijn, zodat ze geschikt zijn voor ouderen, mensen met een beperking én andere doelgroepen. Bij nieuwbouw wordt levensloopgeschiktheid als uitgangspunt genomen. Voor bestaande woningen stimuleert de gemeente aanpassingen, bijvoorbeeld via de blijverslening, en werkt samen met woningcorporaties en andere partners om woningen geschikt te maken voor verschillende levensfasen. De Verordening Toekomstbestendig Wonen Almelo bestaat sinds 2021 en is bedoeld om woningeigenaren in Almelo te stimuleren om hun woning levensloop- en toekomstbestendig te maken. Ook de woonomgeving krijgt aandacht: Almelo investeert in toegankelijke en veilige openbare ruimte en ondersteunt buurtinitiatieven die de leefbaarheid en samenredzaamheid vergroten. Met deze aanpak zorgt Almelo ervoor dat inwoners langer zelfstandig kunnen blijven wonen, wordt de woningvoorraad toekomstbestendig en wordt de doorstroming op de woningmarkt bevorderd. Zo blijft Almelo een inclusieve en leefbare stad voor iedereen.
Uitvoeringsactie
Relevant?
1 We streven ernaar dat alle niet-grondgebonden nieuwbouw levensloop geschikt is.
Ja
2 We stimuleren buurtinitiatieven die de leefbaarheid en samenredzaamheid vergroten in de wijken van Almelo en in de dorpen Aadorp en Bornerbroek. Ook kijken we of de directe omgeving van wooncomplexen fysiek
Ja
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
toegankelijk en veilig is voor de (oudere) doelgroep. Zo nodig passen we de openbare ruimte hierop aan. Uitvoeringsactie 1: We streven ernaar dat alle niet-grondgebonden nieuwbouw levensloop geschikt is. Het levensloopgeschikt opleveren van alle niet-grondgebonden nieuwbouw betekent dat deze woningen toegankelijk zijn voor een brede doelgroep. Ze voldoen aan eisen als drempelloosheid (nultreden), bereikbaarheid van essentiële ruimtes en flexibiliteit in gebruik. Zo wordt voorkomen dat bewoners op termijn een beroep moeten doen op de Wmo voor aanpassingen, en kunnen zij langer zelfstandig blijven wonen. Bovendien leidt het toevoegen van meer nultredenwoningen tot verhuisbewegingen van ouderen, wat doorstroming op gang kan brengen.
Resultaat: oplevering levensloopgeschikte woningen Bij het opleveren van levensloopgeschikte woningen kijken corporaties kritisch naar de juiste mix. Als er woningen verdwijnen, wordt beoordeeld welke doelgroep er juist behoefte aan heeft en wat daarvoor moet worden toegevoegd. Zo zijn er recent ook middenhuurwoningen gerealiseerd die nodig zijn voor de woningmix, maar niet levensloopgeschikt opgeleverd. Het uitgangspunt is om het aanbod zo gevarieerd mogelijk te maken. Het liefst wordt daarbij gestreefd om nieuwbouw voor meerdere doelgroepen geschikt te maken. Voor ouderenhuisvesting volgt Almelo het Afsprakenkader ouderenhuisvesting Twente. Daarin levert Almelo 75% van de opgave op in de periode tot en met 2030, namelijk 180 tot 340 nultredenwoningen. Daarbij wordt er passend binnen de stadsbrede afspraken opgeleverd. In de periode 2020 tot en met 2025 werden er gemiddeld per jaar 68 niet-grondgebonden woningen (appartementen) gerealiseerd. Het is daarbij niet inzichtelijk hoeveel van deze woningen als nultredenwoning zijn opgeleverd. In het volkshuisvestingsprogramma wordt op basis van de woonzorganalyse geconcludeerd dat er (nog) voldoende geclusterde sociale huurwoningen aanwezig zijn. Over de mate waarin het woningbouwprogramma daadwerkelijk voorziet in voldoende nultredenwoningen, biedt het volkshuisvestingsprogramma geen expliciete onderbouwing.
Het toevoegen van geschikte woningen voor ouderen draagt bij aan het op gang brengen van doorstroming. Door voldoende nultredenwoningen te realiseren worden ouderen die nog in een eengezinswoning gestimuleerd om de verhuisstap te zetten naar een meer passende woning. Uitvoeringsactie 2: We stimuleren buurtinitiatieven die de leefbaarheid en samenredzaamheid vergroten in de wijken van Almelo en in de dorpen Aadorp en Bornerbroek. Ook kijken we of de directe omgeving van wooncomplexen fysiek toegankelijk en veilig is voor de (oudere) doelgroep. Zo nodig passen we de openbare ruimte hierop aan. Een fijne woonomgeving voor (oudere) inwoners ontstaat niet alleen door passende woningen, maar ook door sterke sociale structuren in wijken en dorpen. Daarom stimuleert de gemeente buurtinitiatieven die samenredzaamheid, ontmoeting en leefbaarheid versterken in Almelo, Aadorp en Bornerbroek. Daarbij wordt ook gekeken naar de kwaliteit en toegankelijkheid van de directe woonomgeving van ouderen.
Resultaat: inrichting openbare ruimte De prestatieafspraken bevestigen het belang van een toegankelijke en veilige omgeving. Daarin staat dat gemeente en corporaties wijkinitiatieven ondersteunen die als doel hebben de leefbaarheid te verbeteren. De gemeente doet investeringen in de openbare ruimte. De gemeente houdt bij de (her)inrichting van de openbare ruimte rekening met de toegankelijkheid ervan. Daarnaast is afgesproken dat corporaties bij renovaties en nieuwbouw nadrukkelijk aandacht besteden aan toegankelijkheid en gebruiksveiligheid. Dat sluit aan op de behoeften van ouderen en andere minder mobiele doelgroepen. Daarnaast verplichten de afspraken partijen tot samenwerking in wijkgerichte structuren, zoals het AOWW/BOWW, waar inrichting van de openbare ruimte een terugkerend thema is. De inzet van wooncoaches vanuit de corporatie
75
76
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
helpen huurders binnen de eigen woningvoorraad. Dit wordt als positief ervaren. Er zijn spreekuren in de wijk waar bewoners heen kunnen gaan.
Tussenconclusie: aanbod nultredenwoningen vergroten •
• • •
•
•
Het is noodzakelijk om het aanbod aan levensloopgeschikte woningen in Almelo aanzienlijk te vergroten en doorstroming actief te stimuleren. Zo worden zowel ouderen als gezinnen beter bediend. Het is belangrijk om in de toekomst de categorie levensloopbestendig toe te voegen aan de monitor. Eventuele inspanningen om het aanbod te verbreden zijn nog niet zichtbaar in monitoring. Voorzieningen, ontmoeting en toegankelijke openbare ruimte zijn essentieel voor ouderen; gemeente en corporaties investeren hierin, maar in bestaande wijken vormen technische en ruimtelijke beperkingen soms belemmeringen. Wijkgerichte samenwerking (AOWW/BOWW) versterkt de gezamenlijke aanpak van leefbaarheid, maar de mate ervan verschilt nog per wijk en vraagt verdere doorontwikkeling om ouderen daadwerkelijk een veilige, toegankelijke woonomgeving te bieden. De inzet van wooncoaches is een succes.
Doel 3: een betaalbare en duurzame energievoorziening bereikbaar maken voor iedereen en bestaande woningen voor 2050 aardgasvrij maken. De huidige voorraad moet in 2050 aardgasvrij zijn. Dit wil de gemeente aanpakken, samen met bewoners, professionals en partners. Hierbij hanteren zij een wijkgerichte aanpak met haalbare en duurzame alternatieven. Nieuwbouw wordt meteen aardgasvrij en klimaatbestendig gebouwd. Landelijke normen volgt de gemeente, en zij zetten daarbij een stapje extra waar mogelijk.
Uitvoeringsactie
Relevant?
1 In onze Warmtevisie staan de uitgangspunten voor de warmtetransitie, inclusief de volgorde waarin we gebieden aardgasvrij willen maken.
Ja
2 Onze nieuwbouw realiseren we duurzaam en aardgasvrij.
Nee, nieuwbouw heeft al wettelijke eisen
3 Alle bestaande woningen zijn uiterlijk in 2050 aardgasvrij. We zetten hier vóór 2030 de eerste stappen voor, door middel van wijkuitvoeringsplannen.
Ja
4 In het kader van de herstructureringsopgave en aankomende krimp, moeten we hierbij steeds afwegen of het eindresultaat in de toekomst kan concurreren met het overige aanbod. Hier stemmen we verduurzamingsinvesteringen op af, samen met de vastgoedeigenaren.
Nee
5 We vragen de corporaties te beginnen met het verduurzamen van de goedkope sociale huurwoningvoorraad, zodat deze huurders hiervan
Ja
77
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
profiteren. Eventuele kosten of huurverhogingen moeten gecompenseerd worden door lagere energielasten. 6 We vragen de corporaties verdere versnippering van hun bezit te voorkomen, door geen individuele woningen te verkopen in woningblokken die nog helemaal in hun bezit zijn. Dit vergemakkelijkt de verduurzaming.
Ja
7 In afwachting van de overstap naar een duurzame warmtebron vragen we woningeigenaren te investeren in de verduurzaming van hun woning. Hierbij is het zaak spijtinvesteringen te voorkomen.
Ja
Uitvoeringsactie 1 & 3: 1. In onze Warmtevisie staan de uitgangspunten voor de warmtetransitie, inclusief de volgorde waarin we gebieden aardgasvrij willen maken. 3. Alle bestaande woningen zijn uiterlijk in 2050 aardgasvrij. We zetten hier vóór 2030 de eerste stappen voor, door middel van wijkuitvoeringsplannen. De warmtetransitie heeft grote invloed op de manier waarop inwoners in Almelo wonen, nu en in de toekomst. In de Warmtevisie is vastgelegd in welke volgorde wijken van het aardgas af gaan en welke keuzes daarbij richtinggevend zijn. Met de wijkuitvoeringsplannen zet de gemeente vóór 2030 de eerste concrete stappen richting een aardgasvrije gebouwde omgeving, waarbij alle woningen uiterlijk in 2050 moeten zijn omgeschakeld. Deze aanpak moet niet alleen zorgen voor verduurzaming, maar ook voor een toekomstbestendige, comfortabele en betaalbare woonomgeving, passend bij de behoeften van (oudere) inwoners.
Resultaat: warmtetransitie en aardgasvrij Gemeente Almelo hanteert de Warmtevisie als leidraad in de energietransitie. 34.000 woningen en 6.000 andere gebouwen moeten in de komende 25 jaar overstappen op een alternatief voor aardgas. Dit is een complex en langdurig proces. Hierbij verloopt de samenwerking tussen gemeente, corporaties en netbeheerders nog niet altijd even soepel. Zo had de warmtevisie geactualiseerd moeten worden, maar dit heeft vertraging opgelopen. Door het achterblijven van een geactualiseerde Warmtevisie missen corporaties een kader om strategische keuzes in hun bezit te maken. De gemeente heeft de afgelopen jaren onvoldoende regie gepakt op de warmtetransitie. Wel is in de zomer van 2025 het ontwerp Programma Warmte vastgesteld, in samenwerking met de corporaties. Het plan biedt een routekaart voor de overstap naar duurzame warmtebronnen in alle wijken, dorpen en buurten van Almelo. De gemeente kiest voor een aanpak op maat. In de periode 2026-2030 worden de eerste buurten aangepakt.
Resultaat: rekenkameronderzoek duurzaamheid In 2024 heeft er een rekenkameronderzoek plaatsgevonden naar duurzaamheid. Daaruit is geconcludeerd dat het beleid van Almelo voor de energietransitie duidelijke ambities bevat. Deze zijn nog niet altijd concreet en meetbaar uitgewerkt. Vooral doelen rond energiebesparing en het aardgasvrij maken van woningen zijn lastig te volgen. De uitvoering en samenwerking verlopen redelijk, maar de monitoring en informatievoorziening aan de raad schieten tekort. Hierdoor kan de raad onvoldoende sturen en controleren. Almelo is op de goede weg, maar moet haar doelen en rapportage verder verbeteren. De raad heeft kennisgenomen van deze aanbevelingen, maar er zijn geen concrete aanbevelingen overgenomen en/of vastgesteld. Wel is afgesproken dat het college door middel van politieke beraden in gesprek gaat over verschillende zaken rondom de energietransitie (voortgang, participatie in projecten, gegevens over energiebesparing, woonlastenneutraliteit). Eind 2024 heeft er een bijeenkomst met de raad plaatsgevonden waarin de raad is geïnformeerd over hoe participatie in de energietransitie wordt uitgevoerd. Ook in de zomer van 2025 zijn er twee raadzaken geweest, over het Programma Warmte en over circulariteit. Uit de politieke beraden zouden zaken concreter afgesproken kunnen worden. Vooralsnog blijft het vooral bij informeren.
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
Uitvoeringsactie 5, 6 & 7: 5. We vragen de corporaties te beginnen met het verduurzamen van de goedkope sociale huurwoningvoorraad, zodat deze huurders hiervan profiteren. Eventuele kosten of huurverhogingen moeten gecompenseerd worden door lagere energielasten. 6. We vragen de corporaties verdere versnippering van hun bezit te voorkomen, door geen individuele woningen te verkopen in woningblokken die nog helemaal in hun bezit zijn. Dit vergemakkelijkt de verduurzaming. 7. In afwachting van de overstap naar een duurzame warmtebron vragen we woningeigenaren te investeren in de verduurzaming van hun woning. Hierbij is het zaak spijtinvesteringen te voorkomen. De verduurzaming van de woningvoorraad is een belangrijke randvoorwaarde voor een toekomstbestendige en betaalbare woonomgeving. Almelo vraagt corporaties om hierbij het voortouw te nemen door als eerste de goedkoopste sociale huurwoningen te verduurzamen, zodat juist de meest kwetsbare huurders profiteren van lagere energielasten. Tegelijk wil de gemeente verdere versnippering van corporatiebezit voorkomen, omdat dit gezamenlijke renovatie- en verduurzamingsprojecten belemmert. Voor woningeigenaren geldt dat zij worden gestimuleerd om wél stappen te zetten, maar daarbij spijtinvesteringen moeten vermijden. Deze integrale aanpak moet zorgen voor een betaalbare energietransitie waarin niemand achterblijft.
Resultaat: verduurzaming woningen Binnen de bestaande voorraad dienen zowel koop- als huurwoningen verduurzaamd te worden. De gemeente en corporaties hebben hierover afspraken gemaakt. Zo hebben ze afgesproken dat de planning van verduurzamingsinvesteringen zoveel mogelijk op elkaar aan worden gesloten. Deze planning moet vervolgens weer aansluiten op de (toekomstige) WUP’s. De woningcorporaties verduurzamen de voorraad op basis van hun eigen duurzaamheids- en portefeuillestrategie. De volgende lijnen zijn opgesteld: • Corporaties renoveren en isoleren woningen met voorbereiding op aardgasloos; • Ventilatiemogelijkheden optimaliseren om schimmel- en vochtproblematiek tegen te gaan; • No-regret investeringen: investeren in bewezen effectieve methodes zoals schil-, dak- en vloerisolatie en waar mogelijk het aanbrengen van zonnepanelen; • Doelstelling Beter Wonen: gemiddeld energielabel A (in 2024 had slechts 53% label A). • Doelstelling Sint Joseph: minimaal label B in 2026 (in 2024 heeft 45% nog label C of hoger). Gelet op de prestaties van deze twee woningcorporaties in 2024, en de prognose naar 2029, worden deze doelstellingen niet gehaald. Doelstellingen moeten worden aangescherpt of inspanningen moeten worden verhoogd. Wel beschrijft de gemeente dat in 2024 en 2025 in totaal 239 woningen van deze twee corporaties aardgasvrij worden, of zijn, gemaakt.
De snelle besluitvorming door de corporaties wordt door de gemeente gewaardeerd. Verdere verduurzamingsmaatregelen aan corporatiewoningen staan gepland in 2025. Ook zijn er punten gegeven die de verduurzaming moeten versnellen. Dit zijn het uitwerken van de nationale prestatieafspraken, het concretiseren van het verduurzamen per wijk en het in gesprek gaan met partners om koppelkansen op te zoeken. Het is echter niet haalbaar om deze punten op korte termijn uit te voeren en daardoor versnelling te bewerkstelligen. De doelstellingen zoals hierboven beschreven worden daardoor naar verwachting niet binnen de passende termijn behaald. In de evaluatie van de prestatieafspraken in 2024 wordt gesteld dat de verduurzaming door corporaties conform planning loopt. Dit strookt niet met bovenstaande. Ook wordt niet duidelijk of corporaties zijn gestart met het verduurzamen van de goedkope sociale huurwoningvoorraad. Wel is afgesproken dat de kosten van verduurzaming en energietransitie niet mogen resulteren in hogere woonlasten voor huurders bij gelijk verbruik of gelijke energie/gasprijzen. In 2025 zal de gemeente uitvoering geven aan het plan van aanpak ‘inclusieve energietransitie Almelo’, waarbij huishoudens met een laag inkomen tegemoet gekomen kunnen worden in duurzaamheidsmaatregelen.
78
79
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
Resultaat: communicatiestrategie Voor een huishouden wonend in een sociale huurwoning gebruikt de gemeente een andere communicatiestrategie dan voor eigenaar-bewoners. Terwijl voor huurders van corporaties veel informatie via de corporaties zelf wordt gecommuniceerd, is de groep eigenaar‑bewoners lang niet altijd goed bereikt. Deze doelgroep heeft vaak onvoldoende zicht op subsidiemogelijkheden en de risico’s van spijtinvesteringen. Hierdoor worden verduurzamingskeuzes uitgesteld of worden keuzes gemaakt die later niet aansluiten op de warmtestrategie in hun wijk. Daarom zet de gemeente in op een doelgroepgerichte communicatiestrategie. Voor sociale huurders verloopt communicatie voornamelijk via de corporaties, die bewoners informeren over verduurzamingsprojecten, planning en de impact op woonlasten. Voor eigenaar‑bewoners zijn andere instrumenten nodig. Zij kunnen gebruikmaken van een bouwadviseur, energiecoach of fixbrigade, die gratis advies geven over verduurzamingsmaatregelen en het voorkomen van spijtinvesteringen. Ook kunnen woningeigenaren aanspraak maken op diverse subsidies. In tabel 8 is te zien hoe vaak er gebruik is gemaakt van deze mogelijkheden. In wijken met meer kwetsbare doelgroepen is er behoefte aan persoonlijke, laagdrempelige communicatie, bijvoorbeeld via wijkbijeenkomsten, huis-aan-huisbezoeken of samenwerking met sociaalmaatschappelijke instellingen.
Tabel 8: Aantal aanvragen per ontzorgingsmiddel in de gemeente Almelo, januari 2026 Ontzorgingsmiddel
Aantal keer aangevraagd
Isolatiesubsidie grondgebonden woningen
2.168
Isolatiesubsidie vve’s
7 vve’s, variërend in grootte tussen 14 en 36 woningen per vve
Bouwadviseur
835
Energiecoach
1.864
Fixbrigade
1.864
Bron: gemeente Almelo, januari 2026
Resultaat: prestaties woningcorporaties Via de monitor Prestaties Woningcorporaties in Kaart (PWiK) van de Rijksoverheid is af te lezen wat de woningcorporaties in Almelo in de afgelopen jaren gemiddeld hebben uitgegeven aan woningverbetering. Dit, samen met de prognose voor de periode tot 2030 is terug te zien in tabel 9. Gemiddeld is er in de periode 2019 tot en met 2023 € 1.880 per corporatiewoning uitgegeven aan woningverbetering. Dit is hoger dan het Nederlands gemiddelde. Ook de verwachting naar 2029 toe, ligt hoger dan het nationaal gemiddelde. De corporaties in de gemeente lopen dus voor op de verduurzaming van de bestaande voorraad.
Tabel 9: Verbeteruitgaven per corporatiewoning* – realisatie en prognose, Almelo** en Nederlands gemiddelde Corporatie
Realisatie 2019-2023 (€)
Prognose 2025-2029
Almelose Woningstichting Beter Wonen
2.490
1.980
St. Joseph
1.800
3.275
Welbions
1.940
3.105
80
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
Reggewoon
2.040
4.245
Woonzorg Nederland
2.035
1.510
De Woonplaats
990
3.245
Gemiddelde Almelo
1.880
2.895
Gemiddelde Nederland
1.385
2.665
Bron: PWiK (2025). *Het gaat hier om corporatiewoningen tot de DAEB-huurgrens. **Het betreft het totale bezit van de werkzame corporaties in Almelo. Dit kan gemeenteoverstijgend zijn indien de corporatie bezit heeft in een gemeente anders dan Almelo.
Uit de gegevens van PWiK blijkt dat corporaties in 2024 al goed op weg waren met het verduurzamen van hun woningvoorraad. Meer dan 50% van de woningen heeft inmiddels energielabel A of B, waarbij Reggewoon met 74% vooroploopt. De verwachting is dat in 2029 alle corporaties 70% of meer woningen met energielabel A of B zullen hebben. Toch blijft er bij de Beter Wonen naar verwachting nog 4% van de woningen met een E-, F- of G-label over. Dit is in strijd met de landelijke norm die stelt dat vanaf 1 januari 2029 geen woningen met deze labels verhuurd mogen worden. Omdat deze prognose nu al bekend is, biedt dit de kans om samen tijdig in te grijpen.
Tussenconclusie: Almelo goed op weg naar een duurzame woningvoorraad • • • • • •
Het Programma Warmte geeft een routekaart voor de warmtetransitie. Samenwerking bestaat, maar is wisselend effectief. Er wordt gebruikgemaakt van ontzorgingsmiddelen en -instrumenten. De verduurzaming van de corporatievoorraad gaat trager dan nodig. Corporaties behalden hun eigen labeldoelen richting 2026 niet. Naar 2050 liggen er kansen. Corporaties actief in Almelo lopen voor op het Nederlands gemiddelde als het gaat om verbeteruitgaven per corporatiewoning. De gemeente moet samen met Beter Wonen tijdig maatregelen nemen om te voorkomen dat er na 1 januari 2029 nog woningen met energielabel E, F of G worden verhuurd.
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
Bijlage 1 Begrippenlijst Aandachtsgroepen Groepen mensen die extra hulp nodig hebben bij het vinden van een woning. Aandachtsgroepen zijn wettelijk vastgesteld en bestaan uit de volgende groepen.
Tabel 10: Overzicht aandachtsgroepen Aandachtsgroep
Subgroep
1. Ouderen
Personen 65+
2. Mantelzorg
Mantelzorgers Mantelzorgontvangers
3. Langdurige zorg
Mensen met lichamelijke, verstandelijke, zintuigelijke of psychische beperking en ernstig chronisch zieken
4. Uitstromers opvang
Daklozen Huiselijk geweld (vrouwenopvang) Slachtoffers mensenhandel
5. Uitstromers beschermd wonen 6. Uitstromers klinische geestelijke gezondheidszorg 7. Uitstromers jeugdzorg
Inclusief pleeggezinnen
8. Uitstromers (jeugd)detentie en forensische zorg
Jaarlijkse uitstroom na minimaal 3 maanden detentie Jaarlijkse uitstroom na minimaal 3 maanden jeugddetentie. Jaarlijkse uitstroom na Forensische zorg
9. Stoppende sekswerkers
Die gebruik maken van een uitstapregeling
10. Arbeidsmigranten 11. Studenten
Uitwonende studenten
12. Woonwagenbewoners 13. Statushouders
Wettelijke taakstelling
Bron: Stec Groep, 2026
ABF (raming) Een voorspelling van hoeveel huishoudens of woningen er in de toekomst nodig zijn, gemaakt door onderzoeksbureau ABF. Betaalbare woning Een woning die valt in de sociale huur, middenhuur of betaalbare koop (tot € 420.000; prijspeil 2026).
81
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
Doorstromers Huishoudens die een andere woning betrekken en daarbij hun huidige woning vrijmaken. Directe bemiddeling Het toewijzen van woningen aan specifieke doelgroepen (zoals vergunninghouders) zonder dat zij via de normale wachttijd een woning krijgen. Flexwoningen Een tijdelijke woningen, die voor een bepaalde tijd (veelal maximaal 10 jaar) op een locatie mogen worden gebouwd en / óf die getoetst zijn aan tijdelijke woningen zoals gedefinieerd in het bouwbesluit. Geclusterde woonvorm Geclusterde woonvormen zijn onder andere hofjeswoningen, serviceflats en seniorenflats. Geclusterde woonvormen beslaan huur- en koopwoningen die voldoen aan de uitgangspunten voor nultredenwoningen. Daarnaast zijn deze woonvormen ingericht op het bevorderen van sociaal contact en gemeenschapsgevoel, waardoor eenzaamheid wordt tegengegaan. In ons onderzoek is het niet mogelijk geweest om bij de woonwens van ouderen rekening te houden met het vereiste van een ontmoetingsruimte. Grondgebonden woningen Een grondgebonden woning is een woning die rechtstreeks toegankelijk is op het straatniveau waarvan 1 van de woonlagen aansluit op het maaiveld. Grondgebonden woningen hebben meestal een op de grond gelegen tuin en/of erf. Huishoudensprognose Een inschatting van hoeveel huishoudens er in de toekomst in een gemeente wonen.
Inbreidingslocatie Een inbreidingslocatie is een locatie binnen bestaande bebouwing. Het tegenovergestelde is uitbreiding, die plaatsvindt aan de grenzen van bestaande bebouwing. Kwetsbare groepen Mensen die extra ondersteuning nodig hebben bij wonen, zoals mensen met een laag inkomen, zorgvraag of urgente huisvestingsvraag. Leefbaarheid De mate waarin een wijk prettig en veilig is om in te wonen, met goede voorzieningen en een fijne sociale omgeving. Middenhuur Een middenhuur woning heeft in 2026 een aanvangshuur van minimaal € 932,93 en maximaal € 1.228,07 (liberalisatiegrens) per maand. Nultredenwoning Nultredenwoningen zijn reguliere huur- en koopwoningen die zowel intern als extern toegankelijk zijn. Dit houdt in dat je de woningen kan bereiken zonder trap te lopen (extern toegankelijk) en dat keuken, badkamer, toilet en minimaal één slaapkamer zonder trappen te bereiken zijn (intern toegankelijk) (Bron: BZK, 2023). Passende woonomgeving Een woonplek die goed aansluit bij de behoeften van bewoners, bijvoorbeeld qua woningtype, voorzieningen, zorg en leefomgeving.
82
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
Plancapaciteit Het totaal aantal woningen dat in plannen is opgenomen (zowel harde als zachte plannen). Programmering (woningbouw) De plannen van de gemeente over hoeveel woningen er worden gebouwd en voor wie (bijvoorbeeld naar type, prijs en doelgroep). Sociale huur Een huurwoning als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, onder d van het Besluit ruimtelijke ordening. Binnen de sociale huur gelden vier huurprijsgrenzen: de kwaliteitskortingsgrens (huurprijs tot € 498,20), de eerste aftoppingsgrens (huurprijs van € 498,20 tot € 713,02), tweede aftoppingsgrens (huurprijs van € 713,02 tot € 764,14) en de DAEB-huurgrens (huurprijs van t/m € 932,93). Dit zijn de geldende grenzen in 2024. Senioren Huishoudens met één of meer personen in de AOW-leeftijd. Spreiding Het verdelen van woningen en doelgroepen over verschillende wijken, zodat er geen sterke concentraties ontstaan. Starters Huishoudens die een woning betrekken en daarvoor niet zelfstandig woonden. Vrijesectorhuurwoning Of geliberaliseerde huurwoning. Huurwoning met een huurprijs boven de liberalisatiegrens van € 1.228,07 per maand (prijspeil 2026). Woningbouwopgave Het aantal woningen dat gebouwd moet worden om aan de vraag te voldoen.
83
Met goede (be)sturing naar gewenst resultaat
Colofon Datum: 12 juni 2026 Projectnummer: 25.141 Opdrachtgever: Rekenkamer Almelo Opdrachtnemer: Stec Groep Adviseurs: Maartje Lucassen en Isabel van Veen Stec Groep Onderzoek en advies over wonen, werken en leefomgeving Postbus 217, 6800 AE Arnhem Willemsplein 5, 6811 KA Arnhem 026 - 751 41 00 info@stec.nl www.stec.nl
84