CConstaterende datAlmelo
Koppel je AI →
Document · PDF

12.2 Vaststelling bestemmingsplan Dethmershoek - Bijlage 2 - Bestemmingsplan Dethmershoek.pdf

Raad 21 februari 2023, gemeente AlmeloBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Dethmershoek27.184 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Bestemmingsplan Dethmershoek NL.IMRO.0141.00124

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Toelichting

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

1

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging van het plangebied 1.3 De bij het plan behorende stukken 1.4 Huidige planologische situatie 1.5 Leeswijzer

4 4 4 5 6 8

Hoofdstuk 2 Uitgangspunten en planbeschrijving 2.1 Bestaande situatie 2.2 Planbeschrijving nieuwe situatie

9 9 9

Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Gemeentelijkbeleid

11 11 13 18

Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten 4.1 Vormvrije mer- beroordeling 4.2 Verkeer en parkeren 4.3 Stikstof depositie 4.4 Bedrijven en andere activiteiten 4.5 Flora en Fauna 4.6 Fysieke Veiligheid 4.7 Externe veiligheid 4.8 Luchtkwaliteit 4.9 Geluid 29 4.10 Bodemkwaliteit 4.11 Archeologie en cultuurhistorie

21 21 21 22 22 23 24 27 28

Hoofdstuk 5 Waterparagraaf 5.1 Vigerend beleid 5.1.1 Waterbeleid gemeente 5.1.2 Beleid Waterschap Vechtstromen 5.1.3 Provinciaal beleid 5.1.4 Rijksbeleid 5.1.5 Europees beleid 5.2 Waterbeheer en watertoets 5.3 Watertoets Dethmershoek 5.4 Conclusie

33 33 33 34 35 35 35 35 35 36

Hoofdstuk 6 Juridisch bestuurlijke aspecten 6.1 Inleiding 38 6.2 Juridische systematiek

38

Hoofdstuk 7 Economische uitvoerbaarheid

42

Hoofdstuk 8 Participatie, Vooroverleg en Zienswijze 8.1 Participatie

43 43

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

30 31

38

2

NL.IMRO.0141.00124-BP31

8.2 Vooroverleg 8.3 Zienswijze

43 43

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

3

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding

Door projectontwikkelaar Roelofs en Haase is een plan ontwikkeld in de wijk Sluitersveld, deel Rumerslanden. Het plan voorziet in de bouw van 32 grondgebonden woningen en de herinrichting van de openbare ruimte, met wegen, parkeerplaatsen en groen. Het te ontwikkelen gebied is gelegen tussen de Chiel Dethmersstraat, Abraham Steenhagenstraat, de beek de Markgraven en de Henk Hoftenstraat, afbeelding 1.1. Het voorliggende inbreidingsplan voorziet in de herontwikkeling van het gebied en sluit aan bij de reeds ingezette herontwikkeling van het Sluiterveld.

Afbeelding 1.1: Weergave herontwikkelingsgebied Dethmershoek.

Het doel van het voorliggende inbreidingsplan bestemmingsplan "Dethmershoek” is om te voorzien in een planologisch toetsingskader voor de voorgenomen woningbouw en bij behorende voorzieningen en de herinrichting van het gebied mogelijk te maken.

1.2 Ligging van het plangebied

De locatie Dethmershoek is gelegen in de wijk Sluitersveld, deel Rumerslanden. De wijk ligt in het noordoosten van de stad Almelo en is grotendeels ingesloten door stedelijk gebied. Het plangebied is gelegen tussen de Chiel Dethmerstraat, Abraham Steenhagenstraat, de beek de Markgraven en de Henk Hoftenstraat.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

4

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Afbeelding1.2: Ligging plangebied.

1.3 De bij het plan behorende stukken

Het bestemmingsplan "Dethmershoek" bestaat uit de volgende stukken: 1. regels; 2. verbeelding; 3. bijlagen bij de toelichting; 4. bijlagen bij de regels. 1.3.1 Overzicht uitgevoerde onderzoeken Ter voorbereiding van het bestemmingsplan Dethmershoek zijn diverse onderzoeken verricht en adviezen gegeven. Daarnaast is er informatie gebruikt uit onderzoeken en adviezen die in het kader van andere procedures zijn uitgevoerd. De conclusies uit de onderzoeken en adviezen zijn verwerkt in hoofdstuk 4 en 5 van de toelichting. Voor het bestemmingsplan zijn de volgende onderzoeken en adviezen gebruikt: 1. Aanmeldnotitie- Vormvrije m.e.r.-beoordeling Chiel Dethmerstraat Almelo, NL21-648800269-7020, Sweco; 2. Verkeerskundigonderzoek- inbreidingsplan Chiel Detmerstraat te Almelo, onderdeel Verkeer, nr. 378910 BP Chiel Dethmerstraat Almelo, Sweco bestaande uit twee delen een tekstdeel (a) en een gegevensdeel (b); 3. AERIUS-berekening bestemmingsplan Chiel Dethmerstraat, NL21-648800269-7173, Sweco; 4. Memo flora & fauna bestemmingsplan ‘Chiel Dethmerstraat, Almelo’,P02273; 5. Rapportage aanvullend soortenonderzoek Wet natuurbescherming, P02273 6. VTA en verplantbaarheidsonderzoek Klaas Tabakstraat Almelo 7. Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai,NL21-648800269-6884,Sweco 8. Waterhuishoudkundig plan, bestaande uit twee delen een tekstdeel (a) en een kaartdeel (b);

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

5

NL.IMRO.0141.00124-BP31

9.

Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 en NEN 5707 Chiel Dethmersstraat in Almelo, Ortageo Noordoost B.V, 215185/R01;

10. Beoordeling van bodemonderzoek, Z2021-ODT-022632; 11. Archeologie, Archeologisch rapport, 2006/ 13, Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek, Oranjewoud; 12. Beoordeling archeologisch onderzoek. 13. Zienswijze reactienota

1.4 Huidige planologische situatie

Ter plaatse van het plangebied gelden, tot het van rechtskracht worden van het onderhavige bestemmingsplan, de volgende bestemmingsplannen: Sluitrrsveld Parapluherziening Parkeren Parapluherziening Wonen Parapluherziening algemene afwijkingen

vastgesteld 26 maart 2013 vastgesteld 5 juli 2018 vastgesteld 23 maart 2020 vastgesteld 20 december 2022

Op basis van het bestemmingsplan Sluitersveld gelden ter plaatse van het herontwikkelingsgebied de volgende bestemmingen: Maatschappelijk- 3 Groen Verkeer

1.3 UItsnede bestemmingsplan Sluitersveld

Op basis van de geldende bestemmingen in het herontwikkelgebied kunnen de gewenste 32 woningen niet gerealiseerd worden. De bestemming Maatschappelijk- 3 is bedoeld voor onderwijs, horeca van categorie 7, kinderopvang ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk – kinderopvang, verkeersvoorzieningen ten behoeve van het bestemmingsverkeer, voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, waaronder begrepen voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en afvoeren van water met de daarbij behorende gebouwen, bouwwerken, geen gebouwen zijnde, verhardingen en groenvoorzieningen. De bestemming Groen is bedoeld voor groenvoorzieningen, tuinen, fiets- en/of voetpaden, waterhuishoudkundige doeleinden, waterberging en waterlopen, sportvoorzieningen, speelvoorzieningen en hierbij passende openbare verblijfsvoorzieningen, mobiele verkooppunten, nutsvoorzieningen, geluidwerende voorzieningen, bouwwerken ten behoeve van voorzieningen van openbaar nut, een evenemententerrein op de vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

6

NL.IMRO.0141.00124-BP31

percelen welke voorzien zijn van de aanduiding 'evenemententerrein', verkeersvoorzieningen ten behoeve van het bestemmingsverkeer met uitzondering van parkeren, voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, waaronder begrepen voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en afvoeren van water eveneens met de daarbij behorende gebouwen, bouwwerken, geen gebouwen zijnde, verhardingen. De bestemming Verkeer is bedoeld voor het bestemmingsverkeer en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding. Aanpassing van deze bestemmingen is noodzakelijk. De geldende bestemming Verkeer zal grotendeels intact blijven echter doordat de grenzen van de bebouwing en het groen anders komen te liggen is ook de nieuwe ontwikkeling niet passend binnen de geldende bestemming Verkeer. Ook de huidige bestemming Groen maakt wonen niet mogelijk. Het bestemmingsplan Sluitersveld voorziet niet in een wijzigings- of uitwerkingsmogelijkheid voor dit gebied. Om voorgenomen ontwikkeling mogelijk te maken is daarom een bestemmingsplanherziening noodzakelijk. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de gewenste juridisch planologische kader om het voornemen mogelijk te kunnen maken.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

7

NL.IMRO.0141.00124-BP31

1.5 Leeswijzer

De plantoelichting geeft een toelichting op het bestemmingsplan, maar maakt geen deel uit van het bestemmingsplan. De plantoelichting bevat 8 hoofdstukken. In Hoofdstuk 1 Inleiding wordt ingegaan op de onderdelen waaruit dit bestemmingsplan bestaat, de ligging en begrenzing van het plangebied en de huidige bestemmingsplannen die nu gelden. Hieruit blijkt het kader waarbinnen dit bestemmingsplan is opgesteld. Hoofdstuk 2 Uitgangspunten en planbeschrijving geeft de huidige situatie van het gebied beschreven (functionele, stedenbouwkundige en verkeerstructuur) en de uitgangspunten van de nieuwe ontwikkeling. Dit wordt aangevuld met het in Hoofdstuk 3 Beleidskader. Hierin wordt het beleid dat van toepassing is voor de ontwikkeling beschreven. In Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten wordt de milieusituatie zoals geluid en omgevingsaspecten zoals fysieke veiligheid, besproken. Hoofdstuk 5 Waterparagraaf Hoofdstuk 6 Juridisch bestuurlijke aspecten is een toelichting op de regels en verbeelding gegeven. Hoofdstuk 7 Economische uitvoerbaarheid gaat in op de financiële verantwoording van het plan en Hoofdstuk 8 Participatie, Vooroverleg en Zienswijze geeft de wijze van en resultaten omtrent de participatie, inspraak en zienswijzen weer.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

8

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Hoofdstuk 2 Uitgangspunten en planbeschrijving 2.1 Bestaande situatie

Het plangebied is gelegen binnen een stedelijk gebied dat geleidelijk is gegroeid vanaf het begin van de jaren ‘30 van de 20e eeuw. Vanaf die periode zijn ook de eerste planmatig aangelegde arbeiderswijken ontstaan en rond de jaren ’70 is het plangebied grotendeels dichtbebouwd. Het plangebied ligt in een woonbuurt met rijenwoningen uit de jaren vijftig en een woonbuurt uit de jaren tachtig met twee-onder-een-kap woningen. Aan de oostkant van het plangebied stroomt de beek met de Markgraven met beekbegeleidend groen. De Ootmarsumsestraat, net buiten het plangebied aan de noordwestzijde, is een oude invalsweg van Almelo met karakteristieke lintbebouwing en winkels. De functie wonen is binnen de wijk het meest voorkomende gebruik. Vanwege de ouderdom en kwaliteit van de woningen binnen de wijk is een groot deel van de wijk geherstructureerd. De herontwikkelde locaties zijn bebouwd met zowel grondgebonden als gestapelde woningen. Daarnaast is de Ootmarsumsestraat opnieuw ingericht, heeft de basisschool een nieuw onderkomen gekregen en ook het winkelcentrum is volledig vernieuwd. Hiermee heeft de wijk veel voorzieningen waar de bewoners gebruik van kunnen maken. Het plangebied is gelegen tussen de Chiel Dethmerstraat, Abraham Steenhagenstraat, de beek de Markgraven en de Henk Hoftenstraat. Het gebied ligt braak en is deels begroeid met spontaan opgekomen groen.

In het verleden was het terrein een plantsoen met een grasveld en de voormalige locatie van een basisschool, een gymzaal en een Armeense kerk. Deze gebouwen zijn allen inmiddels gesloopt en het terrein ligt er nu wat ontheemd bij. Het plantsoen met de drie monumentale eiken maken onderdeel uit van het plangebied Zowel voor de beleving van het gebied als voor de infiltratie van water en als onderdeel van de groene structuur binnen de wijk. Op dit moment wordt een deel van het oude schoolplein aan Henk Hoftenstraat gebruikt voor parkeren. Dit terrein is daar niet voor ingericht en bedoeld. Wel geeft het parkeren op de plek een behoefte aan van de buurt. Deze behoefte wordt meegenomen in de nieuwe situatie.

2.2 Planbeschrijving nieuwe situatie 2.2.1 Algemeen De herontwikkeling van dit gebied kent een lange looptijd. Al in 2007 zijn plannen gemaakt voor het ontwikkelen van dit terrein ter versterking van de wijk en voor het zorgen van een gevarieerd woonmilieu. Hiervoor is zelfs in 2007 een ruimtelijke procedure doorlopen echter het plan is niet ten uitvoer gebracht en sindsdien ligt het terrein braak. Na ruim 12 jaar is de herontwikkeling weer opnieuw opgepakt en is voorliggend plan ontwikkeld. Het plan Dethmershoek voorziet in de ontwikkeling van 32 grondgebonden woningen en de herinrichting van de openbare ruimte, met wegen, parkeerplaatsen en groen. De woningen zijn voorzien van een ruime voortuin en eigen parkeerplek. Bezoekers parkeren wordt gerealiseerd in de openbare ruimte. Het stedenbouwkundigplan bestaat uit een bouwblok welke de Chiel Dethmerstraat, Derk Smoeslaan/Abraham Steenhagen volgt en verlengt. De woningen zijn met de voorzijde georiënteerd op de weg. De voorgevelrooilijn van de woningen volgen de weg. Aan de achterzijde liggen de tuinen tegen elkaar. Dethmershoek grenst aan een stuk groen dat deel uitmaakt van de groenstructuur van het Sluitersveld /Rumerslanden. De drie monumentale eiken blijven behouden en de groene ruimte rondom de bomen wordt opnieuw ingericht.

Het gebied zal een parkachtige uitstraling krijgen, waar de ligging aan de beek voelbaar zal zijn. Het gebied krijgt een functie voor spelen, verblijven en wandelen. Daarnaast zal het groen een functie gaan vervullen in de waterretentie van de hemelwaterafvoer van de wijk.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

9

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Afbeelding 2.1: Globale opzet Dethemershoek 2.2.2 Architectuur In de ruimtelijk opzet van de bebouwing is er veel ruimte, groen en variatie te vinden. De woningen hebben een robuuste architectuur; de onderlinge variatie in gevelindelingen, kleur, kapvorm geven de woningen een eigentijds karakter. De woningen zijn energiezuinig en beschikken over een ruime tuin. Door de ruime opzet en het vele groen, landt het plan zacht en sfeervol in zijn directe omgeving. 2.2.3 Inrichting openbare ruimte Bij de realisatie van het bouwplan wordt het spontaan opgekomen groen in het plangebied verwijderd. Tevens wordt een 8- tal bomen gekapt die behoren tot de monumentale en bijzondere bomenlijst (5 elzen) en de structurele houtopstand (2 berken en 1 eik). Voor de te kappen bomen geldt een herplantplicht van 8 bomen (4 lindes, 2 iepen (resistent tegen iepenziekte) en 2 elzen in de maat 20-25). Deze worden in het plangebied teruggeplaatst. De monumentale eiken blijven in het plangebied staan en worden niet gekapt. Rondom de bomen wordt het groen opnieuw ingericht en de bestaande wadi- verruimd. Verder wordt het plangebied ingericht met groenblijvende beplanting geschikt voor de huismus, zoals de meidoorn, berberis, hulst, vuurdoorn, vlierbes of lijsterbes. In het plangebied is behoefte aan een speelmogelijkheid.

Speelaanleidingen zijn inrichtingselementen die op een eenvoudige manier de mogelijkheid bieden een straat, wijk, schoolplein of speelplek helpen inrichten en aankleden. Speelaanleidingen zijn geen grote bouwwerken, maar juist de kleinere elementen die een speelveld net dat beetje extra geven. Denk bijvoorbeeld aan natuurlijke rotsblokken, of een grote boomstam. Binnen het plangebied wordt gekeken op welke wijze een speelaanleiding kan worden toegevoegd. 2.2.4 Verkeer en parkeren De ontwikkeling van de dertig twee-onder-een-kap woningen en twee vrijstaande woningen is een herontwikkeling van bestaand stedelijk gebied. De Dethmershoek wordt ontsloten vanaf de Ootmarsumsestraat via de Bevrijdingslaan en de Henk Hoftenstraat of de Chiel Dethmerstraat waarbij de Chiel Dethmerstraat ter hoogte van de nummers 8 tot en met 48 doodlopend blijft. Bij alle woningen wordt het mogelijk om op eigen terrein te parkeren. Bij 21 woningen is voorzien in 2 parkeerplaatsen op eigen terrein en bij 11 woningen wordt uitgegaan van 1 parkeerplek per woning. In de woonstraten wordt bezoekers parkeren en overig parkeren gerealiseerd ( 38 parkeerplaatsen) voornamelijk via langsparkeren.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

10

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Hoofdstuk 3 Beleidskader

Dit hoofdstuk beschrijft, voor zover van belang, het rijks-, provinciaal- en gemeentelijk beleid. Naast de belangrijkste algemene uitgangspunten worden de specifieke voor dit plangebied geldende uitgangspunten weergegeven.

3.1 Rijksbeleid 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De Nationale Omgevingsvisie, kortweg NOVI, loopt vooruit op de inwerkingtreding van de Omgevingswet en vervangt op rijksniveau de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Zo kunnen in gebieden betere, meer geïntegreerde keuzes worden gemaakt. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie van het Rijk in beeld. In wat voor Nederland willen we graag leven in 2050 Als alle wensen naast elkaar worden gelegd, ontstaat het volgende beeld. Het kabinet wil een land: <0000> dat gezond en klimaatbestendig is, met schone lucht, schoon water en een schone bodem en veel ruimte voor groen en water; <0000> met een uitstekend functionerende economie, die duurzaam en circulair is. Nauw verbonden met onze buurlanden en de rest van de wereld, als onderdeel van de internationale gemeenschap; <0000> waar het goed wonen en werken is.

Met aangename en vitale steden en dorpen, en een productief en aantrekkelijk platteland; <0000> met uitstekende bereikbaarheid, waar iedereen snel en gemakkelijk van A naar B komt, met zo min mogelijk schadelijke uitstoot en overlast; <0000> waar we voldoende ruimte hebben om te kunnen bewegen, ontspannen en tot onszelf te komen; zowel in de stad als daarbuiten. <0000> dat veilig is en ons beschermt tegen overstromingen en andere gevaren; <0000> waar een goede balans is tussen gebouwde omgeving en open landschap, tussen natuur en cultuur, tussen land en water; <0000> dat openstaat voor verandering, en waar de kracht van zijn traditie, cultuur en identiteit wordt weerspiegeld in de inrichting van de leefomgeving. Nationale belangen Gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk zijn samen verantwoordelijk voor de fysieke leefomgeving. Sommige belangen en opgaven overstijgen het lokale, regionale en provinciale niveau en vragen om nationale aandacht. Dit zijn de 'nationale belangen'. Het Rijk heeft voor alle nationale belangen een zogenaamde systeem-verantwoordelijkheid. Voor een aantal belangen is het Rijk zelf eindverantwoordelijk. Maar voor een groot aantal nationale belangen zijn dat de medeoverheden. De NOVI richt zich op die ontwikkelingen waarin meerdere nationale belangen bij elkaar komen, en keuzes in samenhang moeten worden gemaakt tussen die nationale belangen.

Keuzes De belangrijkste keuzes zijn: <0000> Duurzame energie inpassen met oog voor omgevingskwaliteit <0000> Ruimte voor overgang naar een circulaire economie <0000> Woningbouw in een stedelijk netwerk van gezonde en groene steden <0000> Landgebruik meer in balans met natuurlijke systemen 3.1.1.1 Toetsing van initiatief aan de NOVI De NOVI laat zich niet specifiek uit over kleinschalige ontwikkelingen. Volorliggend plan betreft een ontwikkeling waarbij geen nationale belangen in het geding zijn en er is geen sprake van enige belemmering met betrekking tot de prioriteiten zoals verwoord in de NOVI. Geconcludeerd wordt dat de NOVI geen belemmering vormt voor de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

11

NL.IMRO.0141.00124-BP31

3.1.2 Barro Voor de doorwerking van de rijksbelangen in plannen van andere overheden, is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) opgesteld. Het Barro is op 30 december 2011 in werking getreden en bevat alle ruimtelijke rijksbelangen die juridisch doorwerken op het niveau van bestemmingsplannen. In het gebied gelden geen rechtstreeks doorwerkende belangen. 3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking 3.1.3.1 Algemeen Zorgvuldig ruimtegebruik is het uitgangspunt van de (rijks)overheid. Om dit principe te borgen is de Ladder voor duurzame verstedelijking opgenomen in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6). Hieruit volgt dat alle ruimtelijke besluiten die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maken, aandacht moeten besteden aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. Voor binnenstedelijke projecten moet de behoefte in de relevante regio worden beschreven. Voor stedelijke ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied moet ook worden gemotiveerd waarom deze niet binnen bestaand stedelijk gebied kan worden gerealiseerd. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving.

Uit de handreiking ladder voor duurzame verstedelijking (bron: Infomil) en jurisprudentie blijkt dat een ontwikkeling van minder dan 12 woningen of kleiner dan 500 m2 bvo niet wordt gezien als stedelijke ontwikkeling. Om een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen 'bestaand stedelijk gebied' en 'stedelijke ontwikkeling'. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: "Bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'. stedelijke ontwikkeling: "ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen." Wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, moet de toelichting van het bestemmingsplan een beschrijving van de behoefte aan de woningen die mogelijk worden gemaakt bevatten. De behoefte moet worden bepaald binnen het ruimtelijk verzorgingsgebied van de woningbouwontwikkeling. De aard en omvang van de ontwikkeling zijn leidend voor het schaalniveau waarop de ruimtebehoefte moet worden afgewogen.

Ligt een plangebied in bestaand stedelijk gebied en voorziet de stedelijke ontwikkeling in een behoefte dan wordt voldaan aan de Ladder. Uit Afdelingsjurisprudentie blijkt dat de vraag wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in grote mate casuïstisch wordt beantwoord. Zo heeft de Afdeling uitgemaakt dat de bouw van 11 woningen niet als stedelijke ontwikkeling wordt gezien. 3.1.3.2 Toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking Het voorliggende bestemmingsplan voorziet per saldo in het toevoegen van 32 grondgebonden woningen. Gelet op het vorenstaande wordt gesteld dat er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling en toetsing aan de 'Ladder voor duurzame verstedelijking' is vereist. De woningen worden gerealiseerd binnen een bestaand stedelijk gebied en voorzien in de behoefte aan woningen voor gezinnen binnen Almelo. Door de herontwikkeling van bestaand stedelijke gebied is sprake van zorgvuldig gebruik van de ruimte. Het vezorgingsgebied voor de te bouwen woningen ligt in Almelo. Tevens zorgen de woningen voor een kwaliteitslag in de wijk en bieden de woningen de mogelijkheid voor een wooncarriere voor mensen in de wijk die nu binnen de bestaande woningvoorraad in de wijk "scheefwonen"

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

12

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Behoefte Uit de laatste behoefteprognose van de gemeente Almelo blijkt dat er tot 2035 een woningbehoefte van 1.600 woningen is (zie pargraaf 3.3.3). Met de ontwikkeling wordt een bijdrage geleverd aan de woningbehoefte in de gemeente Almelo. Bovendien sluit de herstructuering van het plangebied aan op deop de uitgangspunten van de Woonvisie Almelo 2020-2030, omdat hiermee wordt bijgedragen aan een vitale en aantrekkelijke (binnen)stad, het vebreden en vernieuwen van het bestaande woonaanbod en de vraag naar (grondgebonden) eengezinswoningen. Tevens dragen de woningen bij aan een evenwichtig en gevarieerde woningvoorraad binnen de wijk. Geconcludeerd wordt dat de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met de 'Ladder voor duurzame verstedelijking'.

3.2 Provinciaal beleid

Het provinciaal beleid is verwoord in tal van plannen. Het belangrijkste plan betreft de Omgevingsvisie Overijssel, welke is verankerd in de Omgevingsverordening. 3.2.1 Omgevingsvisie Overijssel De Omgevingsvisie Overijssel is dé provinciale visie voor de fysieke leefomgeving van Overijssel. In 2017 is de Omgevingsvisie en –verordening vastgesteld, deze zijn beide in 2018 geactualiseerd. Duurzaamheid, ruimtelijke kwaliteit en sociale kwaliteit zijn de leidende principes of 'rode draden' bij alle initiatieven in de fysieke leefomgeving van de provincie Overijssel. 3.2.2 Omgevingsverordening Overijssel Eén van de instrumenten om het beleid uit de Omgevingsvisie te laten doorwerken is de Omgevingsverordening Overijssel. De Omgevingsverordening is het provinciaal juridisch instrument dat wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch geborgd is. Op basis van de verordening zijn de onderdelen vastgelegd in titel 2.1, Sturen op ruimtelijke kwaliteit Sturen op ruimtelijke kwaliteit, duurzaamheid en sociale kwaliteit en titel 2.2 Woningbouw voor dit gebied van toepassing. Waarbij voor dit plan met name artikel Artikel 2.1.2: Principe van concentratie, 2.1.3 Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik, artikel 2.1.5 Ruimtelijke kwaliteit en, artikel 2.2.2 Realisatie nieuwe woningen van belang zijn.

Artikel 2.1.2: Principe van concentratie Bestemmingsplannen voorzien uitsluitend in woningbouw, aanleg van bedrijventerreinen voor lokaal gewortelde bedrijvigheid en het realiseren van stedelijke voorzieningen, met bijbehorende infrastructuur en groenvoorzieningen om te voldoen aan de lokale behoefte en de behoefte van bijzondere doelgroepen. In afwijking van het voorafgaande kunnen bestemmingsplannen ook voorzien in een bovenregionale behoefte voor zover deze bestemmingsplannen gebieden betreffen die onderdeel uitmaken van stedelijke netwerken. Toetsing van het initiatief aan artikel 2.1.2 van de Omgevingsverordening Overijssel: In voorliggend geval gaat het om het bouwen van woningen voor de lokale behoefte. De woningen maken onderdeel uit van de totale kwaliteitsverbetering van de wijk Sluitersveld. Groot deel van deze herstructuering heeft al plaatsgevonden. Artikel 2.1.3: Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik Om met name het onderscheid tussen de bebouwde stads- en dorpsomgeving en de onbebouwde Groene Omgeving scherp te houden, wordt sterker gestuurd op het principe ‘inbreiding gaat voor uitbreiding'.

Door middel van de principes van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik wordt de verplichting opgelegd om voor stedelijke functies eerst de mogelijkheden te benutten binnen gebieden die al een stedelijke functie hebben, voordat een claim mag worden gelegd op gebieden die nu nog een groene functie hebben. Voor de Groene Omgeving geldt een variant op de principes van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik die erop gericht is om eerst zoveel mogelijk bestaande erven en bebouwing te gebruiken voordat meegewerkt mag worden aan nieuw ruimtebeslag op de Groene Omgeving.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

13

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Met de principes van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik geeft Overijssel een nadere invulling van de Ladder voor duurzame verstedelijking zoals door het Rijk is opgenomen in artikel 3.1.6 lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening. De tweede trede van de Ladder voor duurzame verstedelijking houdt in dat gemotiveerd moet worden of voor een stedelijke ontwikkeling die voorziet in een actuele regionale behoefte al dan niet ruimte gevonden kan worden binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio door benutting van beschikbare gronden door herstructurering, transformatie of anderszins. Waar het Rijk in de Ladder voor duurzame verstedelijking de vereiste onderbouwing beperkt tot stedelijke functies die voorzien in een actuele regionale behoefte, dient op grond van de principes voor zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik voor elk claim die gelegd wordt op de Groene Omgeving nagegaan te worden of daarvoor niet het bestaand bebouwd gebied c.q. bestaande erven en bebouwing in de Groene Omgeving benut kan worden. Toetsing van het initiatief aan artikel 2.1.3 van de Omgevingsverordening Overijssel: Dit bestemmingsplan voorziet in de herstructurering van een binnenstedelijk gebied. Een voormalige scholen locatie, met gymzaal wordt getransformeerd naar 32 grondgebonden woningen.

Met deze inbreiding wordt voldaan aan zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik van gronden in het bestaande stedelijke gebieden. Dit bestemmingsplan is in overeenstemming met artikel 2.1.3. Artikel 2.1.5: Ruimtelijke kwaliteit In de toelichting op bestemmingsplannen wordt onderbouwd dat de nieuwe ontwikkelingen die het bestemmingsplan mogelijk maakt, bijdragen aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit conform de geldende gebiedskenmerken. Hierbij moet inzichtelijk gemaakt worden op welke wijze toepassing is gegeven aan het Uitvoeringsmodel (OF-, WAAR- en HOE-benadering) die in de Omgevingsvisie Overijssel is neergelegd. Ook dient gemotiveerd te worden dat de nieuwe ontwikkeling past binnen het ontwikkelingsperspectief die in de Omgevingsvisie Overijssel voor het gebied is neergelegd. Toetsing van het initiatief aan artikel 2.1.5 van de Omgevingsverordening Overijssel: Met voorgenomen ontwikkeling wordt bijgedragen aan de ruimtelijke kwaliteit van het binnenstedelijk gebied van de gemeente Almelo. De geruime tijd braak liggende binnenstedelijk locatie, wordt bebouwd met grondgebonden woningen. Deze woningen worden zorgvuldig worden ingepast zodat het in overeenstemming is met de kenmerken van de directe omgeving, zie hiervoor paragraaf 2.2.

In de onderstaande subparagrafen is nader toegelicht op welke wijze toepassing is gegeven aan de vierlagenbenadering en het ontwikkelingsperspectief uit de Omgevingsvisie Overijssel. Hier wordt geconcludeerd dat voorgenomen ontwikkeling bijdraagt aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit conform de geldende gebiedskenmerken. Artikel 2.1.9: Sociale kwaliteit In de toelichting op bestemmingsplannen die voorzien in nieuwe ontwikkelingen waarbij provinciale belangen in geding zijn, wordt aangegeven op welke wijze bewoners en gebruikers betrokken zijn bij de ontwikkeling van de plannen. Toetsing van het initiatief aan artikel 2.1.9 van de Omgevingsverordening Overijssel: Bewoners en gebruikers worden regelmatig geïnformeerd door de ontwikkelaar. Daarnaast zal het ontwerp bestemmingsplan gedurende 6 weken ter inzage worden gelegd. Een ieder wordt dan in de gelegenheid gesteld om het plan te lezen en eventueel ook een zienswijze in te dienen. Artikel 2.2: Woningbouw Bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 onder c van de Wabo, voorzien uitsluitend in de mogelijkheid tot het realiseren van nieuwe woningen als de behoefte daaraan is aangetoond door middel van actueel onderzoek woningbouw. Hierbij wordt in maximaal 80% van de behoefte aan nieuwe woningen zoals vastgesteld in het kader van actueel onderzoek woningbouw, voorzien.

In bestemmingsplannen van gemeenten waarvoor woonafspraken van toepassing zijn, mag in een hoger percentage dan 80% worden voorzien, met een maximum van 100% van de behoefte zoals vastgesteld in het kader van de woonafspraken.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

14

NL.IMRO.0141.00124-BP31

De behoefte aan nieuwe woningen wordt in ieder geval geacht te zijn aangetoond als realisatie daarvan past binnen de geldende woonafspraken zoals die zijn gemaakt tussen gemeente en provincie op basis van regionale afstemming. Wanneer de realisatie van nieuwe woningen niet past binnen geldende woonafspraken of wanneer er voor de gemeente geen woonafspraken gelden, dan moet de behoefte aan nieuwe woningen aangetoond worden door middel van actueel onderzoek woningbouw waarop de instemming is verkregen van zowel de gemeenten in de regio als Gedeputeerde Staten. Het onderzoek wordt eens in de 2 jaar geactualiseerd. Momenteel is deze actualisatie nog gaande. Toetsing van het initiatief aan artikel 2.2 van de Omgevingsverordening Overijssel: Het bestemmingsplan voorziet met name in de realisatie van woningen. De in dit bestemmingsplan voorziene woonprogramma is opgenomen binnen de programmering. 3.2.3 Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel Om de opgaven, kansen, beleidsambities en ruimtelijke kwaliteitsambities van de provincie waar te maken bevat de Omgevingsvisie een uitvoeringsmodel. Dit model is gebaseerd op drie verschillende niveaus (zie onderstaande afbeelding). Aan de hand van deze drie niveaus kan worden bepaald of er een ruimtelijke ontwikkeling mogelijk is en er behoefte aan is.

De volgende niveaus komen aan de orde: <0000> Generieke beleidskeuzes --> of; <0000> Ontwikkelingsperspectieven--> waar; <0000> Gebiedskenmerken --> hoe Deze begrippen worden hieronder nader toegelicht.

Figuur 3.1 Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel (bron: Omgevingsvisie Overijssel 2017) 3.2.3.1 Of- generieke beleidskeuzes Het gaat hier om algemene keuzes die bepalen of ontwikkelingen nodig, dan wel mogelijk zijn. Voor onder andere voorzieningen in het stedelijk gebied hanteert de provincie de SER-ladder. Dit betekent dat voor ontwikkelingen eerst bestaande bebouwing of herstructurering wordt benut, voordat er uitbreiding plaatsvindt. Als uit de beoordeling in het kader van de generieke beleidskeuzes blijkt dat de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling aanvaardbaar is, vindt een toets plaats aan de ontwikkelingsperspectieven

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

15

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Voor dit perceel geldt dat sprake is van een herontwikkeling van binnenstedelijkhgebied. De herontwikkeling richt zicht op het toevoegen van toekomsbestendige woningen. Waarbij de woningen een ander soort woning is dan reeds in de wijk aanwezig, waardoor een meer gedifferentieerd woning aanbod in dewijk ontstaat. 3.2.3.2 Waar - ontwikkelingsperspectieven De opgaven, kansen, beleidsambities en ruimtelijke kwaliteitsambities voor de provincie zijn geschetst in ontwikkelingsperspectieven voor de groene en stedelijke omgeving. Met deze perspectieven wordt de ruimtelijke ontwikkelingsvisie van de provincie vormgegeven. van de Omgevingsverordening. In dit artikel is bepaald dat gemotiveerd moet worden dat een voorziene ontwikkeling past binnen de vastgestelde ontwikkelingsperspectieven. Voor het perceel geldt het ontwikkelingsperspectief 'Woon- en werklocaties binnen de stedelijke netwerken' wat zich richt op herstructurering en transformatie om het gebied vitaal en aantrekkelijk te houden en de diversiteit aan milieus te versterken.

3.2.3.3 Hoe - gebiedskenmerken De provincie wil ruimtelijke kwaliteit realiseren door, naast bescherming, vooral in te zetten op het verbinden van bestaande kwaliteiten en nieuwe ontwikkelingen. Hierbij zijn de gebiedskenmerken van provinciaal belang het uitgangspunt. Hierna wordt een korte samenvatting gegeven van de in het plangebied voorkomende gebiedskenmerken volgens de lagenbenadering: Natuurlijke laag (Dekzandvlakte en ruggen) Het plangebied is gelegen in de natuurlijke laag 'Dekzandvlakte en ruggen'. De ambitie bij ontwikkelingen is om de hoogteverschillen en het watersysteem beter zichtbaar en beleefbaar te maken. De (strekkings-)richting van het landschap is hierbij uitgangspunt. Stedelijke laag (Woonwijken 1955 - nu) De stedelijke laag wordt gekenmerkt als “woonwijk 1955- nu”, planmatig opgezette uitbreidingswijken op basis van een collectief idee en grotere bouwstromen. De wederopbouwwijken worden bijvoorbeeld vaak gekenmerkt door een repeterende stempelstructuur in de bouwblokken, de ruime opzet van de groene ruimte en aandacht voor details zoals deuromlijstingen pergola’s boven de entrees, siermetselwerk e.d. De kwaliteit van de oorspronkelijke woningen voldoen vaak niet meer aan hedendaagse kwaliteitseisen. Herstructurering van de naoorlogse wijken is daarom een belangrijke opgave voor vitale steden.

De wijken van na de oorlog behouden hierbij hun eigen karakter. Ook al neemt bij herstructurering het bebouwd oppervlak in de wijken door meer grondgebonden woningen toe, er blijft collectieve ruimte tussen de bouwblokken. Markante gebouwen zoals leegkomende kerken en winkelstrips worden waar mogelijk behouden door ze een nieuwe functie te geven. In de wijken van de jaren ’70 en ’80 (woonerven) vereisen de kwaliteit van de buitenruimte en de parkeeroplossingen bijzondere aandacht. Als herstructurering, inbreiding en toevoeging van bebouwing plaatsvinden in de naoorlogse woonwijken, dan moet de nieuwe bebouwing zich voegen in de aard, maat en het karakter van het

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

16

NL.IMRO.0141.00124-BP31

grotere geheel (patroon van o.a. wooneenheden en parken), maar is als onderdeel wel zelfstandig herkenbaar. De groenstructuur moet onderdeel uit maken van het wijkontwerp. 3.2.4 Toetsing van het initiatief aan uitgangspunten visie en verordening Indien het concrete initiatief wordt getoetst aan het Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel ontstaat globaal het volgende beeld: De beoogde plannen zijn in overeenstemming met de regels uit de verordening. Het plan wordt gerealiseerd binnen bestaand stedelijk gebied op de plek van een voormalig schoolgebouw. Het stedenbouwkundig ontwerp is afgestemd op de bestaande omgeving en ook het groen in de openbare ruimte wordt mee ontworpen. De herontwikkeling zal zich gaan voegen in de stempel van de wijk. Voor de ladderonderbouwing wordt verwezen naar paragraaf 3.1.3.2 Geconcludeerd wordt dat voorliggende ruimtelijke ontwikkeling in overeenstemming is met het in de Omgevingsvisie Overijssel verwoorde en in de Omgevingsverordening verankerde provinciaal ruimtelijk beleid. 3.2.5 Regionaal beleid Regionale Woonvisie Twente 2015 - 2025 De regionale woonvisie geeft de gezamenlijke uitgangspunten van provincie, gemeenten en corporaties weer: woonafspraken en woonkeuzes op lokaal niveau zijn hiermee in lijn.

In 2015 is deze visie vertaald in concrete Woonafspraken tussen provincie en gemeenten, op het niveau van functionerende woningmarkten.De provincie Overijssel heeft met gemeenten nieuwe afspraken vastgelegd over wonen voor de periode 2016-2020 (hierna: woonafspraken). De woonafspraken helpen om te zorgen voor gerichte en wederzijdse inzet van provincie en gemeenten ten aanzien van de woningmarkt. De overeenkomst zijn op 29 januari 2016 door de provincie en gemeenten in Twente ondertekend. De kern van de visie bestaat uit de verwachting dat Twente vanaf circa 2015 niet verder zal groeien qua inwoners, en vanaf circa 2035 ook niet meer qua huishoudens. Dus 'wonen' gebeurt in de toekomst vooral in de woningen, steden, dorpen en buitengebieden die er nu al zijn. Daarom richt de visie zich op het bestaande bebouwde gebied. Naast sloop en vervangende nieuwbouw vindt renovatie plaats om bestaand vastgoed weer toekomstgeschikt te maken. De netto uitbreidingsopgave in Twente is dus een fractie van de kwalitatieve opgave in de bestaande woningvoorraad. Dit leidt tot de volgende speerpunten van beleid. <0000> <0000> <0000>

<0000>

Voldoende en gevarieerd aanbod: gemeenten bouwen voor lokale behoefte conform de natuurlijke huishoudensgroei; Kwaliteit boven kwantiteit: leefbare, duurzame en toekomstbestendige wijken met goede voorzieningen op het gebied van wonen, welzijn en zorg; Vernieuwing en inbreiding boven uitbreiding: nieuwe uitbreidingslocaties zijn nauwelijks meer aan de orde. Nieuwbouw vindt conform de Ladder zoveel mogelijk plaats op transformatie- en inbreidingslocaties om onaantrekkelijke woongebieden een kwaliteitsimpuls te geven, te investeren in transformatie en kwalitatieve woningtekorten terug te dringen. Regionale samenwerking: de regionale woonvisie geeft richting aan het gezamenlijke woonbeleid van gemeente en corporaties in de komende jaren. De provincie voelt zich gecommitteerd aan de inhoud van de visie en is op onderdelen partner in de aanpak.

In het Regionaal Woning Programmering Twente (geactualiseerde versie april 2017) zijn afspraken vastgelegd waarin gemeenten in Twente zich moeten houden. Zo zijn vraag en aanbod voor de regio in kaart gebracht op basis van dezelfde uitgangspunten en afspraken gemaakt over programmering en afstemming van woonplannen. Afgesproken is dat gemeenten woningbouwplannen binnen stedelijk gebied waarbij tenminste 25 woningen worden gerealiseerd, afstemmen met gemeenten in de regio. Er is sprake van regionale afstemming indien de gemeenten de mogelijkheid geboden is om mee te denken over het woonplan. Bij het vastleggen van de woonafspraken is geconstateerd dat de woningmarkten in Twente overwegend lokaal zijn.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

17

NL.IMRO.0141.00124-BP31

In de gemeente Almelo is sprake van een kwantitatieve actuele behoefte van 1.765 - 2.090 woningen voor de periode 2017 t/m 2026. Hiertoe is, door de vraag op basis van actuele huishoudensprognose te confronteren met het aanbod in harde plannen (directe bouwtitels, uitwerkingsplichten en wijzigingsbevoegdheden), sprake van het onderstaande: <0000> <0000> <0000> <0000> <0000>

Woningvraag voor gemeente Almelo bedraagt 1.765 - 2.090 woningen. Aanbod in harde plannen goed voor 1.775 woningen. De resterende actuele behoefte die hieruit volgt is 315 woningen. afbeelding "i_NL.IMRO.0141.00104-BP31_0010.png" Afbeelding 4.4: Woningvraag- en aanbod gemeente Almelo (Bron: Stec Groep)

3.2.5.1 Toetsing aan woonbeleid Het plan voorziet in het toevoegen van 32 woningen. Deze woningen waren reeds enige jaren al geprogrammeerd voor deze binnenstedelijke (her)ontwikkelinglocatie. Daarmee wordt voorzien in een deel van de vraag naar nieuwe woningen in Almelo.

3.3 Gemeentelijkbeleid 3.3.1 Omgevingsvisie Mijn Almelo Onze Omgeving De 'Omgevingsvisie Mijn Almelo Onze Omgeving' is op 29 september 2020 door de gemeenteraad van de gemeente Almelo vastgesteld. In de Omgevingsvisie staat hoe de omgeving binnen de gemeente Almelo zich tot nu toe heeft gevormd en wat de visie is voor de toekomst. Voor de Omgevingsvisie is de gemeente Almelo verdeeld in vier gebieden: het buitengebied, de bedrijventerreinen, de wijken & dorpen en de binnenstad. Daarnaast zijn er onderwerpen die voor alle gebieden hetzelfde zijn, die los van de gebiedsindeling, in algemeenheid zijn beschreven. Het plangebied ligt binnen een wooonwijk van Almelo, waardoor de visie voor het de wijken en dorpen het meest relevant is. Almelo wil een sterke centrumgemeente zijn en blijven, met een regionale functie voor Noordwest-Twente. Om dat op woongebied te realiseren, heeft de gemeente drie grote ambities geformuleerd. We streven naar een woningvoorraad die: Flexibel, Evenwichtig & gevarieerd en Toekomstbestendig & duurzaam is. De gemeente wil wijken creëren met gemengde woonmilieus waar genoeg aanbod is voor elke doelgroep. De bestaande woonvoorraad heeft releatief veel sociale woningbouw en koopwoningen in het hoge(re) segment. Dit wordt meer in balans gebracht door bij herstructurering op woningen in het middensegment in te zetten.

Verder wil de gemeente de bestaande woningvoorraad zo slim mogelijk benutten en daarmee aansluiten op de ontwikkeling van de bevolking. Dat betekent onder meer: de benodigde verscheidenheid aanbrengen door herstructureren van panden en gebieden; de (minimale hoeveelheid) nieuwbouw ontwikkelen in bestaande wijken (inbreiding, geen uitbreiding). De voorgenomen ontwikkeling resulteert in een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit en is passend binnen de functionele structuur van de omgeving. Dit vertaalt zich in het herontwikkelen van een terrein waar in het verleden een schoolgebouw en een gymzaal stonden en het herontwikkelen van de groene omgeving. 3.3.2 beoordeling aan visie De beoogde woningen worden een aanvulling op het bestaande woningen aanbod passend binnen de wijk. De doelgroepen die bediend kunnen worden zijn bijvoorbeeld doorstromers, gezinnen en senioren. De voorgenomen ontwikkeling zal zeker bijdragen aan het maken van een wooncarriere binnen de wijk, waardoor bestaande starterswoningen vrijkomen. 3.3.3 Woonvisie De woonvisie Almelo 2020- 2030 gaat over wonen in Almelo en de vele onderwerpen die daarmee samenhangen, zoals demografische ontwikkelingen, de bevolkingssamenstelling, de zorgvraag omtrent wonen, de kwaliteit van de woningvoorraad en verduurzaming. Met de visie wordt 15 jaar vooruit gekeken.

Op basis van de prognose, historische en huidige woonsituatie zijn de belangrijkse

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

18

NL.IMRO.0141.00124-BP31

ambities bepaald. Almelo wil een sterke centrumgemeente zijn en blijven, met een regiofunctie voor Noordwest-Twente. Om dat op woongebied te realiseren zijn drie grote ambities geformuleerd. De gemeente streeft naar: 1. Een flexibele woningvoorraad waarbij: 1.1. de verwachte groei van de gemeente mogelijk wordt gemaakt en we alvast voorbereid zijn op de (op termijn) te verwachten krimp. 1.2. onderscheidende nieuwbouw wordt gerealiseerd en we een aantrekkelijke vestigingsplaats zijn voor jongeren en jonge gezinnen. 1.3. we inbreiding verkiezen boven uitbreiding. 1.4. we een vitale, aantrekkelijke binnenstad creëren. 1.5. de kernen Aadorp en Bornerbroek de ruimte krijgen om aan de vraag naar nieuwbouw tegemoet te komen. 2. Een evenwichtige en gevarieerde woningvoorraad zodat: 2.1. Het aandeel koop- en huurwoningen meer in evenwicht is, en de sociale woningbouw beter over onze (en omliggende) gemeente(n) verdelen. 2.2. De woonvoorzieningen voor kwetsbare groepen beter over onze (en omliggende) gemeenten wordt verdeeld. 3. Een toekomstbestendige en duurzame woningvoorraad waardoor: 3.1. (oudere) inwoners een fijne woonomgeving krijgen/behouden, in nabijheid van anderen en met voorzieningen binnen bereik. 3.2. bestaande en nieuwe woningen levensloopgeschikt maken. 3.3.

betaalbare en duurzame energievoorziening bereikbaar worden voor iedereen en bestaande woningen voor 2050 aardgasvrij worden gemaakt. De woningvoorraad kan tot 2035 nog met ruim 1.600 woningen groeien en die groei zal vooral bestaan uit koopwoningen (figuur 3.1). In dit segment is er meer vraag naar eengezinswoningen dan naar meergezinswoningen (nietgrondgebonden/appartementen).In de huursector is het de opgave om meergezinswoningen toe te voegen. Per saldo neemt het sociale huursegment in omvang af.

Tabel 3. 1: ontwikkeling Woning behoefte ALmelo naar eigendom en Woningtype ( woonvisie 2020-2030)

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

19

NL.IMRO.0141.00124-BP31

3.3.3.1 Conclusie De gemeente Almelo richt zich op een flexibele, evenwichtige, gevarieerde, toekomstbestendige en duurzame woningvoorraad. De beoogde ontwikkeling sluit aan op deze beleidslijnen uit de woonvisie. Met de ontwikkeling is sprake van transformatie op een binnenstedelijke locatie. Dat past bij de keuze voor inbreiding boven uitbreiding. Verder voorziet de ontwikkeling in de realisatie van een verbreding van het woning aanbod in de wijk, waardoor binnen de wijk voor zien kan worden in een de gediferentieerde woonbehoefte.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

20

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten 4.1 Vormvrije mer- beroordeling Dit bestemmingsplan maakt de realisatie van de woonwijk mogelijk en valt onder de omschrijving van stedelijk ontwikkelingsproject in categorie D 11.2 van de bijlage bij het Besluit m.e.r..De ontwikkeling blijft onder de drempelwaarden van het Besluit m.e.r.. Om die reden is een vormvrije m.e.r.-beoordeling uitgevoerd, Aanmeldnotitie- Vormvrije m.e.r.-beoordeling Chiel Dethmersstraat Almelo, NL21-648800269-7020, Sweco, bijlage 1. In deze vormvrije m.e.r.-beoordeling zijn de milieueffecten als gevolg van het woningbouwproject Chiel Dethmersstraat beschreven. Gelet op het inzicht in de potentiële effecten en de mate en omvang waarin deze zich voordoen, zijn er geen significante nadelige gevolgen voor het milieu te verwachten. Op grond van deze uitkomsten heeft bevoegd gezag besloten om in het kader van de besluitvorming over het bestemmingsplan te besluiten dat geen m.e.r.- procedure zal worden doorlopen.

4.2 Verkeer en parkeren 4.2.1 Autobewegingen Ten behoeve van het plan is een verkeerskundigonderzoek uitgevoerd ( verkeerskundigonderzoekinbreidingsplan Chiel Detmerstraat te Almelo, onderdeel Verkeer, nr. 378910 BP Chiel Dethmerstraat Almelo, Sweco), bijlage 2a en 2b. In dit onderzoek is het verkeerskundige effect van de herontwikkeling van bestaand stedelijk gebied, door realisatie van 30 twee-onder-een-kap woningen en 2 vrijstaande woningen beoordeeld. Gemiddeld genereert een twee-onder-een-kap koopwoning, afhankelijk van de mate van verstedelijking en bereikbaarheid van de voorzieningen en de aantrekkelijkheid van het gebruik van OV en fiets, 7,4 tot 8,2 autoritten per werkdag (bron: CROW Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie, 2018). Voor vrijstaande woningen varieert dit tussen 7,8 en 8,6 autoritten per werkdag. Daar we uitgaan van de maximale parkeerkencijfers horen daar om de maximale waarden van de verkeersgeneratie bij zijnde 8,2 autoritten per werkdag voor een twee-onder-één-kapwoning en 8,6 autoritten per werkdag voor een vrijstaande woning. Voor het plan is uitgegaan van en gerekend met de maximale waarden, zodat de worst-case situatie in beeld wordt gebracht. De invulling van het plangebied leidt hierdoor in totaal tot circa 275 autobewegingen (afgerond op 25-tallen).

Dit extra verkeer verdeelt zich over de Ootmarsumsestraat in zowel zuidelijke als noordelijke richting, waardoor het verkeer hier per saldo met 2 tot 3% toeneemt. Deze verschillen zijn klein en worden nagenoeg onmerkbaar binnen het huidige verkeerssysteem geabsorbeerd. Voor de bestaande woonstraten (30 km/h-straten) waarlangs het plangebied is gelegen, te weten: Chiel Dethmersstraat, Abraham Steenhagenstraat en Derk Smoeslaan. De meeste toename wordt verwacht op het weggedeelte van de Chiel Dethmerstraat tussen de Oostmarsumsestraat en Abraham Steenhagenstraat, is sprake van een extra belasting, namelijk van circa 300mvt/etm naar circa 500 mvt/etm. Gelet op de inrichting van de weg is een intensiteit van circa 500 mvt/etm voor deze woonstraat een acceptabele intensiteit, zowel ten aanzien van de verkeersveiligheid als de leefbaarheid. Op de overige omliggende woonstraten worden intensiteiten verwacht van 300 mvt/etm of lager. Het extra autoverkeer van de invulling van het plangebied kan op de bestaande infrastructuur veilig en vlot worden afgewikkeld. 4.2.2 Parkeren Almelo is een matig stedelijk gebied als het gaat om parkeren. De ontwikkeling gaat uit van 2,5 parkeerplaats voor een twee-onder-één-kapwoning en 2,6 parkeerplaats voor een vrijstaande woning. In het totaal bedraagt de parkeerbehoefte 81 parkeerplaatsen.

Op basis daarvan heeft iedere woning in ieder geval een parkeerplaats op eigen terrein. De 2 vrijstaande woningen en 20 twee- ondereen kap woningen hebben een brede oprit met garage op eigen terrein. Deze ruimte telt in de parkeerbalans meetelt als 1,8 parkeerplaatsen. De overige 10

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

21

NL.IMRO.0141.00124-BP31

twee- ondereen kap woningen zijn voorzien van een lange oprit met garage op eigen terrein. Deze ruimte telt in de parkeerbalans mee als 1,3 parkeerplaatsen. In het totaal is er parkeergelegenheid voor 52 auto’s op eigen terrein. Ten behoeve van bezoekers- en overig parkeren worden 31 parkeerplaatsen aangelegd in het openbaar gebied. Door de aanleg van parkeervoorzieningen op eigen terrein en in het nieuw her in te richten openbaargebied voldoet het plan aan de parkeerbehoefte 4.2.3 Conclusie De inbreiding van 32 woningen op de locatie Chiel Dethmerstraat levert voor de verkeerssituatie geen knelpunten op. Er is voldoende ruimte binnen het huidige wegsysteem om het extra verkeer op te vangen zonder nadelige effecten op de verkeersveiligheid en -afwikkeling. Daarnaast is de locatie gunstig gelegen ten opzichte van voorzieningen (winkel, school, etc.) en de bereikbaarheid per OV. Dit biedt kansen voor optimaal gebruik van duurzame modaliteiten als fiets en OV. Tevens wordt in he plan voorzien in voldoende parkeerplaatsen.

4.3 Stikstof depositie Voor het bestemmingsplan Chiel Dethmerstraat zijn de effecten op de stikstofdepositie in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden berekend. In bijlage 3 is de volledige AERIUS-berekening bestemmingsplan Chiel Dethmerstraat, NL21-648800269-7173, Sweco opgenomen. Voor wegverkeer rekent AERIUS Calculator tot maximaal 5 km van de bron. Er ligt geen Natura 2000-gebieden binnen 5 km van het plangebied, dus AERIUS Calculator geeft in deze situatie per definitie geen resultaten boven de 0,00 mol/ha/jaar bij een berekening op natuurgebieden. Om te checken of er daadwerkelijk geen depositietoename optreedt, is een berekening met eigen rekenpunten uitgevoerd conform de handreiking van BIJ124. Voor de berekeningen is gebruik gemaakt van AERIUS Calculator 2020. Het resultaatbestand van AERIUS Calculator is opgenomen in de bijlage van de AERIUS-berekening bestemmingsplan Chiel Dethmerstraat, NL21-648800269-7173. In Tabel 4-1 zijn de resultaten van de berekeningen samengevat.

4.3.1 Conclusie Aan de hand van de berekening worden de volgende conclusies getrokken: <0000> De eventuele stikstofdepositie veroorzaakt in de bouwfase van de woningen was bij de terinzagelegging van het ontwerpplan door de tijdelijkheid niet vergunningplichtig en is daarom niet opgenomen. Gelet op de afstand tot het Wierdendeveld worden geen significante gevolgen verwacht. <0000> De nieuwe gebruiksfase van de 32 woningen hebben een niet significante stikstofdepositie van 0,00 mol/ha/jaar tot gevolg. <0000> Een vergunning Wet natuurbescherming, onderdeel stikstof is niet aan de orde voor de bouw en het gebruik van de acht woningen.

4.4 Bedrijven en andere activiteiten Vanuit milieuhygiënisch oogpunt vergt de bedrijvigheid in het plangebied een goede afstemming met de andere, in de omgeving aanwezige functies. Ten behoeve van dit bestemmingsplan is in het plangebied een inventarisatie geweest van de aanwezige bedrijven en nagedacht over de bedrijfsactiviteiten die toelaatbaar zijn in het plangebied. 4.4.1 Aanwezige bedrijven in de directe omgeving In de beoogde situatie worden maximaal 32 woningen gerealiseerd. Hiermee worden milieugevoelige functies opgericht en moet worden getoetst aan de richtafstanden zoals vermeld in de VNG-brochure. Het plangebied is gelegen in een woonwijk, grenzend aan gemengd gebied. Direct grenzend aan het plangebied staan voornamelijk woningen, en groen.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

22

NL.IMRO.0141.00124-BP31

Op korte afstand is een ontsluitingsweg met daaraan een mix van woningen, detailhandels bedrijven en overige bedrijven gelegen. De bedrijven in dit gemengde gebied zijn voornamelijk milieucategorie 1 en 2 bedrijven. De grootste afstand die hiervoor geldt is 30 m. Hieraan wordt voldaan mede omdat tussen de nieuwe ontwikkeling en het gemengde gebied nog een rij bestaande woningen staan, waar de bedrijven rekenning mee moeten houden. De nieuwe woningen hebben daardoor geen effect op de bestaande bedrijvigheid. Conclusie Geconcludeerd wordt dat ter plaatse van het plangebied sprake zal zijn van een aanvaardbaar woonen leefklimaat en dat in de omgeving geen bedrijven of instellingen aanwezig zijn die door de (her)onwikkeling in hun bedrijfsvoering worden beperkt.

4.5 Flora en Fauna In het kader van soortenbescherming is in mei 2021 een veldbezoek aan het plangebied verricht. De opzet van dit veldbezoek is in de bijlage van deze memo opgenomen ( bijlage 4. Naar aanleiding van dit veldbezoek aan de Chiel Dethmersstraat te Almelo kon niet worden uitgesloten dat de volgende beschermde soorten voorkomen in het plangebied: <0000> huismus; <0000> kleine marterachtigen en egel; <0000> steenmarter. Bij een ruimtelijke ingreep, zoals de hier voorgenomen realisatie van 32 grondgebonden woningen is aanvullend soortenonderzoek naar deze soorten verplicht. Nader ondezoek In het aanvullende onderzoek, bijlage 5, zijn sporen aangetroffen van kleine marterachtigen in de sporenbuizen. Het betreft de wezel. De aanwezigheid van rust- en/of nestplaatsen binnen het projectgebied is daardoor aannemelijk. De huidige voorgenomen ontwikkeling resulteert in een verlies van leef-, foerageergebied en mogelijk ook rust- en/of nestplaatsen. Er is sprake van een negatief effect op de aanwezige kleine marterachtigen. 4.5.1 Passende maatregel Het projectgebied is (onderdeel van) een leefgebied voor diverse zangvogels. Het is aannemelijk dat zangvogels de bosschages in het projectgebied als broedlocatie gebruiken. Een nader onderzoek is niet noodzakelijk, onder voorwaarde dat er buiten het broedseizoen om wordt gewerkt.

Of onder voorwaarde dat eventuele nesten in de bosschages tijdens het broedseizoen niet worden verstoord. Het broedseizoen loopt globaal van 15 maart tot 15 juli, afhankelijk van de weersomstandigheden. Eerdere en latere broedgevallen zijn ook beschermd conform de Wet natuurbescherming. Mocht er binnen het broedseizoen werkzaamheden gepland staan dan moet het gebied maximaal drie dagen vóór aanvang van de werkzaamheden door een ecoloog worden vrijgegeven middels een broedvogelinspectie. Tijdens de werkzaamheden wordt aangeraden mitigerende maatregelen te treffen om het gebied broedvrij te houden. Een ontheffing op de Wet natuurbescherming is voor uitvoering van de werkzaamheden benodigd voor steen-marter, egel en wezel. Gelet op de waarnemingen wordt in overleg worden getreden met de Omgevingsdienst Twente om te bepalen of en, zo ja, welke passende maatregelen genomen kunnen worden om de betreffende soort te beschermen. Verder wordt in de regels van de bestemming Wonen een voorwaardelijke verplichting opgenomen dat, voordat tot bouw van de woningen over kan worden gedaan is het nodig dat de onderzoeken zijn afgerond en uitsluitend conform de voorwaarden van de ontheffing gebouwd mag worden. In verband met de bouw van de woningen zijn een aantal bomen gekapt.

Voorafgaande aan de kap heeft een onderzoek naar verplantbaarheid en de kwaliteit van de bomen plaatsgevonden ( bijlage 6). Op basis daarvan is geadviseerd over de te kappen bomen.

vastgesteld Bestemmingsplan Dethmershoek

23

NL.IMRO.0141.00124-BP31

4.5.1.1 Conclusie Vanuit het oogpunt van natuurbescherming is de ontwikkeling realiseerbaar aangezien de soorten (zoals uit het veldbezoek mogelijk aanwezig blijken te zijn) middels mitigerende maatregelen en een eventuele ontheffing met activiteitenplan voldoende beschermd kunnen worden. Tevens zal in de verdere planuitwerking aandacht gegeven worden aan natuurinclusief ontwerpen zodat er nieuw waardevol leefgebied ontstaat waarbij de ontwikkeling geen negatief effect heeft op de aanwezige soorten. Aangezien het eventueel aantreffen van beschermde soorten ‘oplosbaar’ is door middel van toepassing van mitigerende maatregelen en natuurinclusief ontwerp in de planvormingsfase, zijn er vanuit ecologisch oogpunt geen belemmeringen voor de haalbaarheid van het bestemmingsplan. Geconcludeerd wordt dat het aspect flora en fauna de uitvoerbaarheid van het plan niet in de weg staat.

4.6 Fysieke Veiligheid 4.6.1 Algemeen Het aspect fysieke veiligheid beoogt het beschermen van mens, dier en milieu tegen (de gevolgen van) ongevallen en rampen. Om de effecten van een incident zoveel mogelijk te beperken, is het belangrijk dat hulpverleningsdiensten op kunnen treden en dat burgers zich in veiligheid kunnen brengen. Het bestemmingsplan is op fysieke veiligheidsaspecten getoetst aan landelijke, regionale en gemeentelijke richtlijnen en/of regelgeving. Dit betreft de onderdelen: <0000> bereikbaarheid; <0000> opkomsttijd; <0000> bluswatervoorziening; <0000> zelfredzaamheid; <0000> sirenedekking; <0000> samenhang veiligheidsketen. De hoofdtaken van de brandweer zijn onderverdeeld in schakels uit de veiligheidsketen. De schakels zijn: Pro-actie; de schakel pro-actie gaat onder andere over de bluswatervoorziening, de bereikbaarheid en de sirenedekking. Preventie; voor het aspect preventie geldt dat rekening moet worden gehouden met de bestaande wet- en regelgeving. Preparatie; voor hulpdienstrelevante objecten is het wenselijk om deze op te nemen in de planvorming van de brandweer, zoals een bereikbaarheidskaart of een aanvalsplan. Repressie; vanuit de repressieve dienst wordt ter plaatse bepaald hoe er wordt ingezet. Nazorg; de taak nazorg heeft geen consequenties voor de ruimtelijke ordening.

Ondanks de gerealiseerde veiligheidsmaatregelen en -voorzieningen blijft er een restrisico waarbinnen incidenten plaats kunnen vinden. 4.6.2 Bereikbaarheid Het plan is getoetst aan de handreiking “bluswatervoorzieningen en bereikbaarheid”, een uitgave door Brandweer Nederland. Deze handreiking sluit aan bij het programma “Duurzaam Veilig” en het vervolgprogramma “Door met duurzaam veilig” (SWOV 1992 en 2005). Hierbij wordt beoordeeld of: <0000> de weg voldoet aan de specifieke afmetingen van brandweervoertuigen; <0000> een willekeurig adres binnen een verblijfsgebied in principe via een tweede onafhankelijke route bereikbaar is; <0000> of de verkeersaders aan de brandweervoertuigen een onbelemmerde doorgang bieden. 4.6.2.1 Bereikbaarheid plangebied

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Almelo&id=e97cf7db-85bf-4e42-b57b-831c190d5e5f