CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. Motivering op aanvraag (25 april 2025)

Gemeenteraad 26 juni 2025, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Raadsvoorstel Advies Bopa nieuwe trainingslocatie politie Loodpolderweg 2-418.549 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

RAPPORT Motivering bij aanvraag omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa) Nieuwe politie trainingslocatie ‘t Lood Klant:

Politie Alkmaar

Referentie:

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

Status:

Definitief/2

Datum:

25 april 2025

Projectgerelateerd

HASKONINGDHV NEDERLAND B.V. Contactweg 47 1014 AN Amsterdam Netherlands Mobility & Infrastructure

Trade register number: 56515154 Telefoon: +31 88 348 95 00 Email: info@rhdhv.com Website: royalhaskoningdhv.com

Titel document: Ondertitel: Referentie: Uw kenmerk Status: Datum: Projectnaam: Projectnummer: Auteur(s):

Motivering bij aanvraag omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa) Nieuwe politie trainingslocatie ‘t Lood BJ7951-RHD-RP002-F1.0 Click or tap here to enter text. Definitief/2 25 april 2025 Project BJ7951 JW

Opgesteld door:

JW ; TB

Gecontroleerd door:

HK

Datum:

25 april 2025

Goedgekeurd door:

SG

Datum:

25 april 2025

Classificatie:

Projectgerelateerd

Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever. Let op: dit document bevat mogelijk persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V.. Voordat publicatie plaatsvindt (of anderszins openbaarmaking), dient dit document te worden geanonimiseerd of dient toestemming te worden verkregen om dit document met persoonsgegevens te publiceren. Dit hoeft niet als wet- of regelgeving anonimiseren niet toestaat. 25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

1

Projectgerelateerd

Inhoud 1

Inleiding

5

1.1

Voorgenomen ontwikkeling

5

1.2

Omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit

5

1.3

Leeswijzer

6

2

Huidige situatie

7

3

Toekomstige situatie

8

3.1

Ambitie op hoofdlijnen

8

3.2

Beschrijving van het initiatief

8

3.3

Ruimtelijke inpassing

12

4

Toets aan het omgevingsplan

15

4.1

Toets aan het planologisch kader in het omgevingsplan

15

4.2

Conclusie ten aanzien van de toets aan het omgevingsplan

16

5

Toets aan het beleid

17

5.1

Rijksbeleid

17

5.2

Provinciaal beleid

17

5.3

Gemeentelijk beleid

17

6

Toets aan aspecten ten aanzien van de fysieke leefomgeving

18

6.1

Archeologie

18

6.1.1 6.1.2

Beleid en regelgeving Effecten

18 18

6.2

Behoeden staat en werking infrastructuur en voorzieningen

20

6.2.1 6.2.2

Beleid en regelgeving Effecten

20 20

6.3

Bodemkwaliteit

20

6.3.1 6.3.2

Beleid en regelgeving Effecten

20 21

6.4

Cultureel erfgoed en werelderfgoed

21

6.4.1 6.4.2

Beleid en regelgeving Effecten

21 21

6.5

Duurzaamheid en klimaatadaptatie

22

6.5.1 6.5.2

Beleid en regelgeving Effecten

22 24

6.6

Geluid

26

6.6.1 6.6.2

Beleid en regelgeving Effecten

26 27

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

2

Projectgerelateerd

6.7

Geur

28

6.7.1 6.7.2

Beleid en regelgeving Effecten

28 28

6.8

Gezondheid

28

6.8.1 6.8.2

Beleid en regelgeving Effecten

28 28

6.9

Ladder voor duurzame verstedelijking

29

6.9.1 6.9.2

Beleid en regelgeving Effecten

29 30

6.10

Landschap en ruimtelijke kwaliteit

30

6.10.1 6.10.2

Beleid en regelgeving Effecten

30 31

6.11

Luchtkwaliteit

31

6.11.1 6.11.2

Beleid en regelgeving Effecten

31 32

6.12

Natuur

33

6.12.1

Beleid en regelgeving

33

6.12.1.1 Gebiedsbescherming

33

6.12.1.2 Soortenbescherming

34

6.12.1.3 Houtopstanden

34

6.12.2 Effecten 6.12.2.1 Gebiedsbescherming 6.12.2.2 Soortenbescherming 6.12.2.3 Houtopstanden

35 36 36 39

6.13

Omgevingsveiligheid

40

6.13.1 6.13.2

Beleid en regelgeving Effecten

40 41

6.14

Ruimte voor toekomstige functies

42

6.14.1 6.14.2

Beleid en regelgeving Effecten

42 43

6.15

Verkeer en parkeren

43

6.15.1 6.15.2

Beleid en regelgeving Effecten

43 43

6.16

Water

45

6.16.1 6.16.2

Beleid en regelgeving Effecten

45 47

6.16.2.1 Waterkwantiteit

47

6.16.2.2 Waterkwaliteit

49

6.16.2.3 Waterveiligheid

49

6.16.2.4 Grondwater

50

6.17

Welstand

50

6.17.1

Beleid en regelgeving

50

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

3

Projectgerelateerd

6.17.2

Effecten

51

7

Mer-beoordeling

54

8

Participatie

56

8.1

De wijze waarop participatie heeft plaatsgevonden

56

8.2

De uitkomsten van de participatie

56

9

Advies en instemming

57

9.1

Bindend adviesrecht gemeenteraad

57

9.2

Advies en instemming ander bestuursorgaan

57

10

Financiële haalbaarheid

58

11

Conclusie

59

11.1

Conclusie dat sprake is van evenwichtige toedeling van functies aan locaties

59

A1 Ontwerpboek OBT Alkmaar (19-03-2025) A2 Bodemonderzoek A3 Geluidsonderzoek december 2024 A3a Nadere toelichting geluidsonderzoek 19 maart 2025 A4 Laddertoets A5 Onderzoek Luchtkwaliteit december 2024 A6 Quickscan Natuur A6a Tussentijdse resultaten nader ecologisch onderzoek A7 Onderzoek stikstofdepositie februari 2025 A7a - 1 t/m 16 AERIUS rekenbestanden A7b- Brief beantwoording vragen Omgevingsdienst van 8 april 2025 A8 Externe veiligheid November 2024 A9 Verkeersonderzoek November 2024 A10 Weging van het waterbelang februari 2025 A11 MER beoordeling

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

4

Projectgerelateerd

1

Inleiding

1.1

Voorgenomen ontwikkeling

De politie is voornemens een nieuwe trainingslocatie te realiseren op voormalig sportpark ‘t Lood aan de Loodpolderweg 2-4 te Alkmaar (Figuur 1). Op de voorziene locatie worden trainingsactiviteiten gecentraliseerd die momenteel op verschillende andere locaties gevestigd zijn, waaronder Alkmaar, Zaandijk, Haarlem en Hoofddorp. De afdeling Operationele Begeleiding en Training (OBT) zal op de beoogde locatie interne Integrale Beroepsvaardigheidstraining (IBT) faciliteren. Het gaat dan bijvoorbeeld om het oefenen van aanhoudingssituaties, schietvaardigheid (buiten alleen met oefenwapens), algemene fysieke trainingen, en theorielessen. Daarnaast wordt het kantoor van de Dienst Regionale Operationele Samenwerking op ’t Lood gevestigd.

Figuur 1 Besluitgebied (rode lijn) nieuwe trainingslocatie op sportpark ’t Lood te Alkmaar

1.2

Omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit

De voorgenomen ontwikkeling past niet (zie hoofdstuk 4 voor een uitgebreide beschrijving over de strijdigheid met het omgevingsplan) binnen de regels van het omgevingsplan van de gemeente Alkmaar. Om de ontwikkeling juridisch-planologisch mogelijk te maken wordt afgeweken van het omgevingsplan door middel van een omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA), als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, sub a Omgevingswet (Ow). Onderhavig document betreft de motivering behorende bij de aanvraag omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactitviteit.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

5

Projectgerelateerd

Voor de beoordeling van de aanvraag omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit gelden de beoordelingsregels uit hoofdstuk 8 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Op grond van artikel 8.0a Bkl wordt de omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit verleend: 1. als de activiteit niet in strijd is met de regels die in het omgevingsplan zijn gesteld over het verlenen van de omgevingsvergunning. 2. met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Op grond van artikel 8.0b Bkl wordt de omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit geweigerd als: 1. de omgevingsplanactiviteit zou leiden tot een situatie die niet is toegelaten op grond instructieregels en instructies over omgevingsplannen van zowel de provincie als het Rijk. 2. de omgevingsplanactiviteit betrekking heeft op een voorbeschermingsregel in het omgevingsplan; of, 3. de omgevingsplanactiviteit het uitvoeren van een project waarvoor een projectbesluit is vastgesteld door een bestuursorgaan van de provincie of het rijk belemmert.

1.3

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 en 3 worden respectievelijk de huidige en beoogde toekomstige invulling van het besluitgebied beschreven. In hoofdstuk 4 wordt de voorziene ontwikkeling getoetst aan het omgevingsplan van de gemeente Alkmaar. In hoofdstuk 5 wordt de ontwikkeling getoetst aan het vigerende beleid. In hoofdstuk 6 worden de effecten van de ontwikkeling getoetst op de aspecten van de fysieke leefomgeving. In hoofdstuk 7 wordt de mer-procedure beschreven. In hoofdstuk 8 staat beschreven op welke wijze participatie heeft plaatsgevonden in het kader van het project, en wat de resultaten hiervan zijn. Hoofdstuk 9 beschrijft of het advies- en instemmingsrecht van de gemeenteraad en andere bestuursorganen van toepassing is en indien van toepassing, wat hier de uitkomsten van zijn. Hoofdstuk 10 beschrijft de financiële haalbaarheid van het project. In hoofdstuk 11 wordt beschreven of met de aangevraagde activiteit kan worden voldaan aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en aan de relevante beoordelingsregels uit hoofdstuk 8 van het Besluit kwaliteit leefomgeving.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

6

Projectgerelateerd

2

Huidige situatie

Het besluitgebied (Figuur 1) is gelegen op een sportterrein. Op het sportterrein is al decennialang sportvereniging De Flamingo’s 64 gevestigd. De club heeft de accommodatie lange tijd gedeeld met voetbalclub AZ, die ’t Lood als trainingscomplex gebruikte. AZ heeft ’t Lood nog tot ingebruikname van het nieuwe trainingscomplex in Wijdewormer gebruikt. De verwachting was dat sportvereniging De Flamingo’s 64 daarna zou groeien, maar dat werd juist een krimp. De voetbalclub had in 2023-2024 nog maar één team, en heeft na zestig jaar het laatste seizoen gespeeld. De voetbalclub heeft nu ruimte gemaakt voor de nieuwe trainingslocatie van de politie. Voor het besluitgebied gelden momenteel vanuit planologisch perspectief de bouw- en gebruiksregels voor ‘groen’ en ‘sportieve recreatie’ op grond van het omgevingsplan van rechtswege van de gemeente Alkmaar. Het sportterrein wordt aan de noordzijde begrensd door de N242. Aan de west-, oost- en zuidzijde van het sportterrein is industrieterrein Boekelermeer gelegen. Aan de noordzijde van de Loodpolderweg zijn de parkeerplaatsen van het sportterrein gelegen. Rondom het projectgebied zijn secundaire watergangen gelegen. Het besluitgebied is gelegen aan de stadsring van Alkmaar en is daarmee goed bereikbaar. Het gebied kent een hoge mate van privacy door de omzomende bomenring.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

7

Projectgerelateerd

3

Toekomstige situatie

3.1

Ambitie op hoofdlijnen

Het Strategisch huisvestingsplan 2013-2025 korps Nationale Politie is ontwikkeld als taakstellend kader voor de realisatie van een passende huisvestingsportefeuille. In dit document zijn de visie en strategie van de korpsleiding op het gebied van huisvesting vastgelegd. De ambitie voor het korps Nationale Politie op het gebied van huisvesting is het realiseren van een compacte portefeuille die bijdraagt aan efficiënte werkprocessen, kostenbesparing, het dienstverleningsconcept en de bestuurlijke samenwerking. De vastgoedportefeuille ondersteunt de maatschappelijke functie van de politie en de eisen die daaraan door veranderingen in het primaire proces en maatschappelijke ontwikkelingen worden gesteld. In lijn met de ambities uit het strategisch huisvestingsplan kiest de politie ervoor om verschillende trainingslocaties in Noord-Holland te clusteren op ’t Lood in Alkmaar.

3.2

Beschrijving van het initiatief

Op het terrein ‘t Lood zijn drie gebouwen beoogd: een gebouw voor de afdeling Operationele Begeleiding en Training (OBT), een inpandige XL-schietbaan behorende bij de afdeling OBT, en een gebouw voor de afdeling Dienst Regionale Operationele Samenwerking (DROS). In Figuur 2 is een projectie van het ruimtebeslag van de gebouwen weergegeven. Dit figuur is afkomstig uit het concept stedenbouwkundig plan (Gemeente Alkmaar, Politie, De Twee Snoeken, Buro Lubbers; maart 2025). Het concept stedenbouwkundig plan is opgenomen in bijlage A1). Ook is met de gemeente Alkmaar afgestemd dat het plan zich moet houden aan een verplichte voorgevellijn. Zie Figuur 3. Operationele Begeleiding en Training (OBT), inclusief inpandige schietbaan Vanuit de OBT-afdeling wordt een professionaliseringstraject aangeboden waarbinnen politieagenten meerdere malen per jaar trainingen doorlopen. De aard van de trainingen is divers van aard en omvat onder andere het volgende: het trainen van de fysieke (oefencircuit) en mentale weerbaarheid (via een toets), het oefenen en toetsen van het handelingen repertoire en het oefenen van de schietvaardigheid. De schietvaardigheid wordt beoefend in een inpandige schietbaan. Verder vinden er kantoorwerkzaamheden plaats en vinden er buiten op de projectlocatie simulaties met politievoertuigen plaats.

Hierbij worden geen overlast gevende zaken gebruikt (zoals sirenes en zwaailichten). Het OBT-gebouw wordt maximaal 18 meter hoog.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

8

Projectgerelateerd

Figuur 2 Projectie van het ruimtebeslag voor de gebouwen voor de trainingslocatie op sportpark ’t Lood. De gebouwen zijn beoogd binnen de donkergroene vlakken. Van links naar rechts betreft het de inpandige schietbaan (XL), het OBT-gebouw en het DROSgebouw. Bron: Concept stedenbouwkundig ontwerp (Gemeente Alkmaar, Politie, De Twee Snoeken, Buro Lubbers; december 2024)

Figuur 3: Ligging voorgevellijn, aangegeven met een bolletjeslijn.

Dienst Regionale Operationele Samenwerking (DROS) De Dienst Regionale Operationele Samenwerking bestaat uit ondersteunende afdelingen, waaronder de afdelingen Regionale Conflict- en Crisisbeheersing (RCCB), Infrastructuur, Regionale Coördinatietaken, en het Regionaal Service Centrum (RSC). De afdelingen worden gevestigd in het meest oostelijk gelegen gebouw (Figuur 2). Dit gebouw wordt maximaal 22 meter hoog. In Figuur 4 is de fasering van de politie trainingslocatie weergegeven. De faseringsplanning is nog niet definitief, mogelijk dat bijvoorbeeld fase 3 eerder wordt gerealiseerd dan fase 2.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

9

Projectgerelateerd

Figuur 4 Fasering van de trainingslocatie. Concept stedenbouwkundig ontwerp (Gemeente Alkmaar, Politie, De Twee Snoeken, Buro Lubbers; maart 2025)

Hieronder staat het beoogde programma in vierkante meters bruto vloeroppervlak (bvo). Tabel 1 Globale invulling van beoogde bebouwing behorende bij nieuwe trainingslocatie *verschilt 94 m2 met het functioneel nuttig oppervlak (FNO) in bijlage A1 ontwerpboek. Getal in tabel 1 is het leidend uitgangspunt voor de onderzoeken voor de vergunningsaanvraag. ** verschilt 1191 m2 met het bvo in bijlage A1. Getal in tabel 1 is het leidend uitgangspunt voor de onderzoeken in de vergunningsaanvraag. Programma onderdeel

Nadere omschrijving

Fase 1 m2 bvo

Training- en oefenruimtes

Sporten. Klassikale lessen1 Oefenruimtes voor praktijksituaties

3.050

Schietbaan

Binnen schietbaan voor trainen schietvaardigheid. Wordt mogelijk apart van fase 1 gebouwd

Kantoren en vergaderruimtes

Kantoren en vergaderruimtes voor personeel van OBT/DROS. Inclusief techniekruimtes

970

4.688

5.658

Algemene ruimtes

1.200

1.550

2.750

2.500

2.500

Entree + restaurant + kantoren + omkleden Voertuigenstalling

25 april 2025

5.220*

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

Fase 3 m2 bvo

Totaal per functie 3.050

2.751

Stalling voor ca. 90 voertuigen en opslag

Totaal per fase

Fase 2 m2 bvo

8.738

2.751

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

2.751

13.659

10

Projectgerelateerd

1

De lessen die worden gegeven op de beoogde trainingslocatie is geen klassieke vorm van onderwijs, waardoor dit gebouw niet gezien

wordt als een gebouw met een onderwijsfunctie. Er is dan ook geen sprake van geur- of geluidsgevoelig gebouw.

Parkeren en ontsluiting De trainingslocatie is voorzien van parkeerplaatsen. Medewerkers, cursisten en bezoekers kunnen hier terecht voor de stalling van auto’s, motoren en fietsen. Ook poolvoertuigen staan hier. Naast het stallen van voertuigen ten behoeve van het vervoer van cursisten, medewerkers en bezoekers, zijn toegewijde stallingen aanwezig in het opleidingsgebied voor het stallen van les- en oefenvoertuigen. Een mogelijke indeling van de parkeerplaatsen staat in Figuur 5. Dit is niet persé de gewenste indeling maar is slechts een oefening om te bepalen hoeveel parkeerplaatsen er op het terrein gerealiseerd kunnen worden. Dit zijn er circa 390.

Figuur 5 Mogelijke Indeling van de parkeerplaatsen en de ontsluiting van het terrein. Bron: Concept stedenbouwkundig ontwerp (Gemeente Alkmaar, Politie, De Twee Snoeken, Buro Lubbers; maart 2025)

Het terrein wordt hoofdzakelijk ontsloten via de Loodpolderweg, zie Figuur 5. De hoofdontsluiting is weergegeven met een rode pijl. Ook zijn er secundaire calamiteitendoorgangen voorzien, zie de oranje pijlen. Daarnaast staat er ook een mogelijke locatie voor een Calamiteitendoorgang (CADO) richting de provinciale weg. De noodzaak voor de CADO moet nog worden bepaald en dan indien nodig verder worden uitgewerkt. De CADO maakt daarom geen onderdeel uit van de BOPA-vergunningsaanvraag.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

11

Projectgerelateerd

Figuur 6 Ontsluiting van de trainingslocatie. Disclaimer: de CADO-uitrukroute moet nog worden uitgewerkt en maakt geen onderdeel uit van voorliggende aanvraag. Bron: Concept stedenbouwkundig ontwerp (Gemeente Alkmaar, Politie, De Twee Snoeken, Buro Lubbers; maart 2025)

3.3

Ruimtelijke inpassing

De beoogde ontwikkeling wordt zorgvuldig ingepast in de omgeving (Figuur 7). De projectlocatie ’t Lood biedt in de huidige situatie al veel privacy door de hechte bomenkraag die om het terrein gelegen is. Deze kraag wordt voltooid bij de realisatie van de beoogde ontwikkeling (Figuur 8). De ruimte tussen de gebouwen wordt gevuld met beplanting, bijvoorbeeld platanen (Figuur 9). Daarmee ontstaat er een bladerdek tussen de gebouwen. Op de parkeerplaatsen wordt ook groen voorzien. Elke 5e parkeerplaats wordt voorzien van beplanting. In zijn totaliteit ontstaat er met het groen wat gelegen is op het terrein een integrale verbinding met de bomen die rondom het terrein gelegen zijn.

Figuur 7 Ruimtelijke inpassing trainingslocatie (Gemeente Alkmaar, Politie, De Twee Snoeken, Buro Lubbers; maart 2025)

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

12

Projectgerelateerd

Figuur 9 Referentiebeeld met platanen, voorbeeld van de Torenallee van 'Strijp S' in Eindhoven (Gemeente Alkmaar, Politie, De Twee Snoeken, Buro Lubbers; december 2024)

Het politieterrein wordt afgesloten met een hek. Om het terrein niet een te defensief karakter te geven worden hekken ruim achter de (voor)gevel geplaatst (Figuur 10).

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

13

Projectgerelateerd

Figuur 10 Het politieterrein wordt voorzien van hekken, welke achter de (voor)gevel worden geplaatst (Gemeente Alkmaar, Politie, De Twee Snoeken, Buro Lubbers; maart 2025)

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

14

Projectgerelateerd

4

Toets aan het omgevingsplan

Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet (1 januari 2024) heeft iedere gemeente een omgevingsplan van rechtswege. Het omgevingsplan van rechtswege wordt ook wel het tijdelijk omgevingsplan genoemd. Dit omgevingsplan bestaat uit: • Bestemmingsplannen, uitwerkingsplannen, wijzigingsplannen & exploitatieplannen; • Lokale verordeningen in het tijdelijk deel van het omgevingsplan zoals de erfgoedverordening,); • Algemene regels op rijksniveau die in de overgangsfase tot 2032 in hoofdstuk 22 van elk omgevingsplan zijn opgenomen (de regels uit de voorgaande zogenoemde ‘bruidsschat’). Gemeenten hebben tot eind 2031 de tijd om het tijdelijk deel van het omgevingsplan om te vormen tot een nieuw omgevingsplan voor de gehele gemeente. Het nieuwe deel van het omgevingsplan is eerst nog leeg. De regels in het nieuwe deel komen deels tot stand door bestaande regels uit het tijdelijk deel van het omgevingsplan om te zetten naar het nieuwe deel. Daarnaast neemt de gemeente in het nieuwe deel nieuwe regels op voor ruimtelijke ontwikkelingen en beleid. Omdat de gemeente Alkmaar alleen nog beschikt over het omgevingsplan van rechtswege, wordt het initiatief getoetst aan dit omgevingsplan.

4.1

Toets aan het planologisch kader in het omgevingsplan

De regels uit onderstaande plannen maken onderdeel uit van het omgevingsplan van rechtswege. Regels uit bestemmingsplan ‘Bedrijventerrein Boekelermeer’ (28-06-1990, onherroepelijk) Voor het overgrote deel van het besluitgebied gelden de regels uit het bestemmingsplan ‘Bedrijventerrein Boekelermeer’ (Figuur 11). Op basis daarvan gelden de bouw- en gebruiksregels gericht op recreatieve doeleinden, op basis van de bestemming ‘sportieve recreatie’. Op grond van dit planologisch kader zijn op de gronden van het besluitgebied uitsluitend sportvoorzieningen toegestaan. Van de gronden mag maximaal 2.000m2 worden bebouwd waarbij de hoogte van de op te richten bebouwing niet meer mag bedragen dan 8 meter. De maximumhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde is 12 meter

Figuur 11 Enkelbestemmingen ter plaatse van het besluitgebied. Er zijn geen dubbelbestemmingen gelegen in het besluitgebied

De beoogde ontwikkeling van de politie betreft geen sportvoorziening en is daarmee in strijd met het toegelaten gebruik van sportieve recreatie/ sportvoorzieningen in het omgevingsplan. Ook zijn er gebouwen

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

15

Projectgerelateerd

voorzien met een hoogte van maximaal 22 meter. Daarmee is de beoogde bebouwing niet in overeenstemming met de maximale bouwhoogte van 8 meter. Regels uit bestemmingsplan ‘Boekelermeer Noord’ (vastgesteld 04-04-2013, geheel onherroepelijk in werking) Op de westelijke punt van het besluitgebied zijn op grond van het bestemmingsplan ‘Boekelermeer Noord’ de regels uit de bestemming ‘groen’ van toepassing (Figuur 10). Op basis hiervan is op de betreffende gronden van de projectlocatie het volgende gebruik toegestaan: groenvoorzieningen, waterlopen en waterpartijen, speelvoorzieningen, beeldende kunst, geluidwerende voorzieningen, kunstwerken, (ondergrondse) afvalcontainers en een evenement van categorie 1. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt dat de hoogte niet meer mag bedragen dan 6 meter. In de westelijke punt van het besluitgebied is alleen groen en een waterberging voorzien. Deze ontwikkelingen passen binnen het omgevingsplan. Regels uit bestemmingsplan ‘Parapluplan Parkeren 2018’ (vastgesteld 13-04-2018, geheel onherroepelijk in werking) Op grond van de regels uit dit bestemmingsplan geldt dat bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen /of een omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik moet worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid voor motorvoertuigen.

Dit dient plaats te vinden op eigen terrein dat bij dat bouwwerk of terrein waarvoor de vergunning wordt verleend hoort. In het plan zijn regels opgenomen waaruit is af te leiden hoeveel parkeervoorzieningen gerealiseerd moeten worden om te voorzien in ‘voldoende parkeergelegenheid’.

4.2

Conclusie ten aanzien van de toets aan het omgevingsplan

De voorgenomen ontwikkeling is in strijd met de bouw- en gebruiksmogelijkheden uit het omgevingsplan van de gemeente Alkmaar. De beoogde trainingslocatie van de politie past niet binnen het toegelaten gebruik voor sportvoorzieningen. Daarnaast wordt hogere bebouwing beoogd dan op grond van de regels voor het bouwen zijn toegestaan. Om de ontwikkeling juridisch-planologisch mogelijk te maken wordt door middel van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit afgeweken van het omgevingsplan.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

16

Projectgerelateerd

5

Toets aan het beleid

In dit hoofdstuk wordt de beoogde ontwikkeling getoetst aan relevant beleid op rijks, provinciaal en gemeentelijk niveau.

5.1

Rijksbeleid

In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zijn nationale belangen en opgaven opgenomen. Een van deze belangen en opgaven betreft: 9. ‘Zorg dragen voor nationale veiligheid en ruimte bieden voor militaire activiteiten.’ De politie heeft een belangrijke taak in het handhaven van de nationale veiligheid. Vanuit de Politiewet is de taak van de politie als volgt beschreven: ‘De politie heeft tot taak in ondergeschiktheid aan het bevoegd gezag en in overeenstemming met de geldende rechtsregels te zorgen voor de daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde en het verlenen van hulp aan hen die deze behoeven.’ Om haar operationele taken uit te kunnen voeren, heeft de politie voldoende gebruiksruimte nodig om te oefenen en op te leiden. De voorgenomen ontwikkeling draagt hieraan bij. Conclusie: de voorgenomen ontwikkeling is in lijn met het beleid van het Rijk.

5.2

Provinciaal beleid

Een belangrijk aspect in de omgevingsvisie Noord-Holland 2050 is leefbaarheid. Leefbaarheid wordt vertaald als gezonde en (verkeers)veilige fysieke leefomgeving. De politie speelt een belangrijke rol in het handhaven van de veiligheid. Een hoogwaardige trainingslocatie leidt ertoe dat de politie deze taak ook in de toekomst goed kan uitvoeren. Conclusie: de voorgenomen ontwikkeling is in lijn met het beleid van de provincie Noord-Holland.

5.3

Gemeentelijk beleid

In de Omgevingsvisie Alkmaar 2040 wordt belang gehecht aan verkeersveiligheid en sociale veiligheid. Een veilige fysieke leefomgeving leidt tot een hoge omgevingskwaliteit. De politie speelt een belangrijke rol in het handhaven van de veiligheid. Een hoogwaardige trainingslocatie leidt ertoe dat de politie deze taak ook in de toekomst goed kan uitvoeren. Bedrijventerreinen, zoals Boekelermeer waar het besluitgebied is gelegen, worden gezien als aantrekkelijk gebied in de context van de metropoolregio Amsterdam. Alkmaar biedt voor de metropoolregio Amsterdam een interessante stedelijke woon- en werkomgeving op de schaal van de aantrekkelijke middelgrote stad. Door middel van het intercitynetwerk en rijksweg A9 is de gemeente direct met de Metropoolregio Amsterdam verbonden en liggen Amsterdam en Schiphol binnen handbereik van Alkmaar. Conclusie: de voorgenomen ontwikkeling is in lijn met het beleid van de gemeente Alkmaar.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

17

Projectgerelateerd

6

Toets aan aspecten ten aanzien van de fysieke leefomgeving

6.1

Archeologie

6.1.1

Beleid en regelgeving

De gemeente moet bij het vaststellen van het omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor de BOPA rekening houden met het belang van het behoud van cultureel erfgoed. Hieronder vallen ook bekende of aantoonbaar te verwachten archeologische monumenten (artikel 5.130, eerste lid Bkl). De gemeente Alkmaar heeft hier invulling aangegeven door in bijlage 1 van de beleidsnota Erfgoedbeleid Alkmaar 2016-2026 een archeologische verwachtingskaart op te nemen. De archeologische waardenkaart laat zien waar en onder welke voorwaarden archeologisch onderzoek nodig is. Het doel van de waardenkaart is om de aanwezige en te verwachten archeologische waarden binnen een gebied zo goed mogelijk te beschermen. In het tijdelijk omgevingsplan komt over het algemeen het archeologisch waardevolgebied overeen met gebieden met een archeologische verwachting zoals aangegeven op deze kaart. Voor gebieden waar dit nog niet het geval is wordt dit, zoals aangegeven in de beleidsnota, alsnog aangepast bij het omzetten van het tijdelijk omgevingsplan in het volwaardig omgevingsplan. Naast de archeologische verwachtingskaart wordt de Archeologische Monumentenkaart van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed gebruikt om te bepalen of er in het besluitgebied archeologische waarden of resten aanwezig zijn.

Deze kaart betreft een combinatie van de Archeologische Monumentenkaart (AMK) en de Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW). Hierop zijn bekende behoudenswaardige archeologische terreinen verzameld, gecombineerd met de trefkans (hoog, middelhoog, laag) op archeologische resten.

6.1.2

Effecten

Het besluitgebied ligt in de zone ‘Waarde D (500 m2)’ van de archeologische verwachtingskaart van de gemeente Alkmaar (Figuur 12). Archeologie Waarde D zijn terreinen waarvoor een archeologische onderzoeksplicht geldt voor bodemroerende werkzaamheden met een oppervlakte groter dan 500 m2 en dieper dan 40 centimeter onder maaiveld. De gebieden die met deze waarde zijn aangewezen beslaan onder andere de flanken van de strandwallen, het overige intacte veengebied en zeer oude landschappelijke structuren die lichte verhogingen in het landschap hebben gevormd. Deze verhogingen hebben in buurtgemeenten archeologische resten opgeleverd en er is dus in de gemeente Alkmaar een paleolandschappelijk en archeologisch onderbouwde kans op het aantreffen van archeologische resten. Het gebouw zal een groter vloeroppervlakte hebben dan 500m2, daarom wordt er archeologisch onderzoek uitgevoerd voor de aanvraag van de technische bouwactiviteit om uit te sluiten dat de beoogde ontwikkeling een verstorend effect heeft op de archeologische waarden in het gebied.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

18

Projectgerelateerd

Figuur 12 Archeologische verwachtingskaart 2024 van de gemeente Alkmaar. De rode pijl wijst naar het besluitgebied

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

19

Projectgerelateerd

6.2

Behoeden staat en werking infrastructuur en voorzieningen

6.2.1

Beleid en regelgeving

Op grond van de instructieregels uit paragraaf 5.1.7 van het Bkl mogen geen activiteiten in het omgevingsplan of door middel van een omgevingsvergunning voor de BOPA worden toegelaten, die de staat en werking belemmeren van: • • • • • • • •

Militaire terreinen en objecten; Oefen- en schietgebieden; Militaire zend- en ontvangstinstallaties; Laagvliegroutes voor jacht- en transportvliegtuigen; Elektriciteitsvoorzieningen; Rijksvaarwegen; Communicatie-, navigatie- en radarapparatuur voor de burgerluchtvaart; en, Landelijke fiets- en wandelroutes.

6.2.2

Effecten

De beoogde ontwikkeling heeft geen raakvlak met bovengenoemde infrastructuur en voorzieningen, en leidt daarmee niet tot nadelige gevolgen hiervoor.

6.3

Bodemkwaliteit

6.3.1

Beleid en regelgeving

In het kader van gezondheid en milieu stelt de overheid regels over de kwaliteit van de bodem. De regels zijn gericht op het toelaten van een bodemgevoelig gebouw. Daarmee wordt onder ander bedoeld: ‘een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat de bodem raakt, voor zover aannemelijk is dat personen meer dan twee uur per dag aaneengesloten aanwezig zullen zijn’ (artikel 5.89g). De bodem van het besluitgebied wordt getoetst aan de waarden voor de toelaatbare kwaliteit van de bodem (artikel 5.89k Bkl). De gemeente Alkmaar hanteert in haar tijdelijk omgevingsplan de regels ten aanzien van bodemkwaliteit zoals opgenomen in de bruidsschat. Daarin wordt verwezen naar de interventiewaarde bodem zoals opgenomen in bijlage IIA van het Bal als toelaatbare kwaliteit zijnde. Bij een overschrijding van de toelaatbare kwaliteit kan het bodemgevoelige gebouw alleen toegelaten worden als sanerende of andere beschermende maatregelen worden getroffen. Milieubelastende activiteit binnenschietbaan Een binnenschietbaan is aangewezen als een milieubelastende activiteit (artikel 3.311 Bal). Bij het verrichten van deze activiteit moet worden voldaan aan de regels in paragraaf 4.59 van het Bal. Deze regels omvatten onder andere dat bodembeschermende voorzieningen getroffen moeten worden en dat een eindonderzoek bodem uitgevoerd moet worden als de activiteit wordt beëindigd.

Bij een binnenschietbaan kan de bodem verontreinigd worden door kogelresten, kruit en patroonhulzen die het gevolg zijn van het schieten. Door deze activiteiten uit te voeren boven een aaneengesloten bodemvoorziening, kan een bodemverontreiniging voorkomen worden. Door het toepassen van een kogelvanger wordt ook voorkomen dat kogels in de bodem terecht kunnen komen. Een kogelvanger moet opgesteld zijn boven een aaneengesloten bodemvoorziening. Regels voor het bijhouden van keuringen, controles en onderhoud aan deze bodembeschermende voorzieningen en het bewaren van gegevens staan in de module bodembeschermende voorzieningen (paragraaf 5.4.2 Bal).

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

20

Projectgerelateerd

Het eindonderzoek betreft een verplichting om na het beëindigen van de binnenschietbaan een bodemonderzoek te verrichten om de kwaliteit van de bodem vast te stellen. Immers kan de balans pas worden opgemaakt na het beëindigen van de milieubelastende activiteit, als alle processen zijn gestopt waardoor verontreiniging in de bodem kan ontstaan. Met het onderzoek na de activiteit wordt vastgesteld welke verontreinigde stoffen in de bodem te vinden zijn op de locatie waar de activiteit plaatsvond.

6.3.2

Effecten

Met het project worden bodemgevoelige gebouwen mogelijk gemaakt, namelijk het OBT- en DROSgebouw. Het zijn namelijk gebouwen die de bodem raken en waar personen meer dan twee uur per dag aaneengesloten aanwezig zullen zijn. Daarom is onderzoek verricht naar de kwaliteit van de bodem. Uit het onderzoek blijkt dat wordt voldaan aan de interventiewaarden bodemkwaliteit, bedoeld in bijlage IIA van het Bal. De bodem is van voldoende kwaliteit voor de realisatie van het project (zie ook het bodemonderzoek in bijlage A2). Binnen het besluitgebied wordt een binnenschietbaan mogelijk gemaakt. Deze wordt uitgerust met bodembeschermende voorzieningen. Na het beëindigen van de activiteit zal een eindonderzoek bodem worden verricht.

6.4

Cultureel erfgoed en werelderfgoed

6.4.1

Beleid en regelgeving

Gemeenteraden moeten in een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor de BOPA rekening houden met het belang van het behoud van cultureel erfgoed (artikel 5.130, eerste lid Bkl). Het gaat hierbij om monumenten zoals (bouw)werken, tuinen en parken, archeologische monumenten, stads- en dorpsgezichten en (delen van) cultuurlandschappen. Daarnaast wordt in een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor de BOPA rekening gehouden met het belang van het behoud van de uitzonderlijke universele waarde van werelderfgoed. De gemeente Alkmaar hanteert de beleidsnota Erfgoedbeleid Alkmaar 2016-2026 als document waarin de vigerende wet- en regelgeving is gebundeld, tezamen met de gemeentelijke ambitie ten aanzien van erfgoed. De ambitie van het gemeentebestuur is om de hoge kwaliteit van het Alkmaarse erfgoed te behouden en deze waar mogelijk te versterken. In de provinciale omgevingsverordening NH2022 van de provincie Noord-Holland is een werkingsgebied ‘Cultureel Erfgoed – provinciale monumenten’ (artikel 6.72, NH2022) en ‘Cultureel Erfgoed – provinciaal beschermde structuur’ (artikel 6.73, NH2022) opgenomen. In deze gebieden gelden regels ter bescherming van het erfgoed. De Leidraad Landschap en Cultuurhistorie beschrijft de provinciale belangen ten aanzien van landschappelijke en cultuurhistorische waarden.

Deze leidraad heeft betrekking op nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in het landelijk gebied.

6.4.2

Effecten

In of nabij het besluitgebied zijn niet gelegen: • •

1

Monumenten (op basis van monumentenregister 1 gemeente Alkmaar); Werelderfgoed.

https://datalab.alkmaar.nl/atlas/Monumenten (geraadpleegd op 06/12/2024)

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

21

Projectgerelateerd

Het besluitgebied is niet gelegen in: •

• •

Het provinciale werkingsgebied: o ‘Cultureel Erfgoed – provinciale monumenten’; o ‘Cultureel Erfgoed – provinciaal beschermde structuur’; Landelijk gebied zoals opgenomen in de provinciale omgevingsverordening. De Leidraad landschap en Cultuurhistorie is niet relevant. Een vanuit het tijdelijk omgevingsplan bepaald cultuurhistorisch waardevol gebied.

De beoogde ontwikkeling heeft geen negatieve gevolgen voor cultureel erfgoed.

6.5

Duurzaamheid en klimaatadaptatie

6.5.1

Beleid en regelgeving

Omgevingsvisie Alkmaar 2040 In de Omgevingsvisie Alkmaar 2040 is het streven van een energieneutrale regio Noord-Holland Noord opgenomen. Agenda Ruimtelijke kwaliteit politiegebouwen (2023) Vanuit de “Agenda ruimtelijke kwaliteit politiegebouwen” wordt getracht om duurzaamheid integraler onderdeel te laten zijn van het vastgoed wat de politie in beheer heeft. De nadruk wordt gelegd op circulair bouwen, klimaatadaptatie operationeel maken en biodiversiteit ondersteunen. Routekaart Verduurzaming Politie De politie baseert haar beleid voor de verduurzaming van gebouwen, diensten, materieel en uitrusting op een zestal doelen die zijn uitgewerkt in de “Routekaart Verduurzaming”: • • • • •

Terugdringen van energieverbruik en opwekken van hernieuwbare energie; Reduceren van CO2-uitstoot (reductie tot 60 procent in 2030 en 100 procent in 2050 ten opzichte van het niveau in 1990); Bevorderen van circulariteit en hergebruik van middelen (60 procent van de materialen zijn hergebruikt of biobased in 2030); Stimuleren van een gezond gedrag en reduceren van automobiliteit (zo mogelijk goed ontsloten voor openbaar Vervoer en langzaam verkeer); Treffen van maatregelen voor klimaatadaptatie (voorkomen van hittestress en realisatie van waterberging) en ondersteunen van biodiversiteit in terreinen en bij gebouwen (meer groen realiseren dan er door de bouw wordt weggenomen).

Provinciale omgevingsverordening NH2022 Op grond van de instructieregels in de omgevingsverordening NH2022, moet bij het mogelijk maken van een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling de motivering van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor de BOPA een beschrijving bevatten van de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met de risico’s van klimaatverandering (artikel 6.75, omgevingsverordening NH2022). In de beschrijving wordt in ieder geval betrokken het risico op: • Wateroverlast; • Overstroming; • Hitte; • Waterbeschikbaarheid; • Verzilting. 25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

22

Projectgerelateerd

In de omschrijving wordt aangegeven welke maatregelen en voorzieningen worden getroffen om de omschreven risico’s te voorkomen of te beperken. De beschrijving dient te worden opgesteld in overleg met het waterschap. Beleidsplan Klimaatadaptatie Alkmaar 2024-2028 Het beleidsplan Klimaatadaptatie Alkmaar 2024-2028 van de gemeente Alkmaar heeft tot doel om te komen tot een klimaatadaptieve gemeente in 2050. Daarvoor zijn normen en richtlijnen in dit beleidsplan opgenomen die kunnen worden gebruikt om te borgen dat nieuwe ontwikkelingen klimaatadaptief worden uitgevoerd. De normen en richtlijnen hebben zowel betrekking op de inrichting van het openbaar gebied als op nieuwe ontwikkelingen. De normen en richtlijnen hebben betrekking op de thema’s waarvoor de gemeente ook verantwoordelijk is, en die dus ook door gemeentebeleid kunnen worden beïnvloed. Het voorkomen van overstromingen (dijkdoorbraak) is een verantwoordelijkheid van het hoogheemraadschap, de provincie en het rijk. De gemeente is wel verantwoordelijk voor de gevolgbeperking. De gemeente stelt eisen aan klimaatbestendigheid in plannen en projecten voor nieuwbouw. Deze eisen dragen ertoe bij dat de kans op droogte, wateroverlast en hittestress wordt verminderd. De hele fysieke leefomgeving moet klimaatadaptief worden ingericht om de omgeving leefbaar te houden ten opzichte van het veranderend klimaat.

De thema’s die in het gemeentelijke stedelijk gebied een rol spelen zijn wateroverlast, droogte, hittestress, biodiversiteit en natuurinclusiviteit. Klimaatadaptieve inrichting is erop gericht dat het stedelijk gebied wordt ingericht als een spons. Hemelwater wordt zoveel mogelijk vastgehouden door groen, bodem of andere voorzieningen, waardoor wateroverlast vermindert en droogte zoveel mogelijk wordt voorkomen. Door het aanplanten van groen en rekening te houden met schaduw en windrichting, wordt hittestress tegengegaan. Het combineren van functies als groen, wateropname en biodiversiteit zorgt voor een gezonde leefomgeving. Per thema is hieronder aangegeven hoe de leefomgeving volgens de richtlijnen van de gemeente ten aanzien van klimaatadaptatie moet worden ingericht. Wateroverlast • Bij nieuwbouw, herstructurering en renovatie is het lokaal verwerken van hemelwater de standaard; • Hemelwater wordt op een zo natuurlijk mogelijke manier verwerkt om te voorkomen dat complexe systemen problemen opleveren. Voor openbaar terrein gelden de volgende normen: • Een bui van 70 mm/uur zorgt niet voor schade aan gebouwen, infrastructuur en voorzieningen; • Een bui van 100 mm/uur zorgt voor zo weinig mogelijk schade. De inrichting wordt hier zoveel mogelijk op afgestemd; • Bij een waterdiepte van 20 cm op straat mag geen schade optreden aan gebouwen en elektrische installaties.

Voor particulier terrein gelden de volgende normen: • 70 mm water moet op het perceel zelf worden verwerkt. Dit kan door infiltratie in de bodem, opvang in voorzieningen en vertraagde afvoer of hergebruik op het perceel of in het gebouw. De voorziening moet na 60 uur weer beschikbaar zijn; • Advies voor particulier terrein is om door te rekenen wat er gebeurt bij een bui van 100 mm/uur. Hiermee kan het terrein zo worden ingericht dat er zo weinig mogelijk schade optreedt. Hitte

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

23

Projectgerelateerd

Tijdens hitte biedt de gebouwde omgeving een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving. Hiervoor gelden de volgende richtlijnen: Ten minste 40% schaduw voor langzaamverkeerroutes en verblijfsplekken tijdens de hoogste zonnestand in de zomer; • Koele plekken (minimaal 200 m2) zijn op loopafstand (300 m) aanwezig; • Ten minste 50% van alle horizontale en verticale oppervlakken worden warmtewerend of verkoelend ingericht/gebouwd; • Groene maatregelen die de biodiversiteit bevorderen (bomen en schaduwrijk groen) hebben een voorkeur boven technische maatregelen (airconditioning en gebouwde oplossingen). En de volgende norm: • Vitale en kwetsbare functies blijven beschikbaar bij hitte. •

Droogte Droogte leidt niet tot structurele schade aan bebouwing, funderingen, wegen, groen, water en vitale of kwetsbare functies. Hiervoor gelden de volgende normen: • Bij langdurige droogte wordt schade aan bebouwing, wegen, groen en vitale en kwetsbare functies voorkomen. • Grondwaterstanden en zoetwaterbeschikbaarheid zijn sturend voor de inrichting van het besluitgebied. • Vitale en kwetsbare functies moeten bestand zijn tegen langdurige droogte. Natuurinclusiviteit en biodiversiteit Ecologische oplossingen hebben altijd de voorkeur boven technische oplossingen. Hier is de volgende richtlijn aan verbonden: • Horizontale en verticale oppervlakken worden in samenhang met de natuurlijke structuren en processen van het omliggende gebied ingericht (minimaal 30% groen op buurtniveau). • Er wordt een doelsoort aangewezen voor het natuurtype dat relevant is voor het planvoornemen. En de volgende normen: • Oplossingen gebaseerd op de natuurlijke processen van het gebied hebben de voorkeur boven technische oplossingen, ook bij gelijke maatschappelijke prestaties en kosten; • Een hoogwaardige habitat voor één of meer soortencategorieën wordt gecreëerd.

6.5.2

Effecten

In het ontwerp is rekening gehouden met de klimaatadaptieve inrichting op verschillende thema’s. Zo zijn op vijf locaties waterbergingen opgenomen in het ontwerp (Figuur 13). Hiermee wordt regenwater uit de omgeving opgevangen. Daarnaast worden de parkeerplaatsen en het oefenterrein aangelegd met halfverhard oppervlak (Figuur 14). Hier kan het water infiltreren in de bodem, waardoor er minder snel wateroverlast ontstaat.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

24

Projectgerelateerd

Figuur 13 De voorziene waterbergingen in het ontwerp zijn aangegeven met de nummers 1 tot en met 5 (Gemeente Alkmaar, Politie, De Twee Snoeken, Buro Lubbers; maart 2025)

Figuur 14 Het oefenterrein (beige) en de parkeerplaatsen (groen) in het ontwerp (Gemeente Alkmaar, Politie, De Twee Snoeken, Buro Lubbers; maart 2025)

De beoogde ontwikkeling wordt zorgvuldig ingepast in de natuurlijke omgeving (zie paragraaf 3.3 over de ruimtelijke inpassing). De projectlocatie biedt in de huidige situatie al veel groen door de hechte bomenkraag die om het terrein gelegen is. Deze kraag wordt voltooid bij de realisatie van de beoogde ontwikkeling. Er wordt op deze manier rekening gehouden met bestaande natuurlijke structuren. De ruimte tussen de gebouwen wordt gevuld met beplanting, bijvoorbeeld platanen. Daarmee ontstaat er een bladerdek tussen de gebouwen. Op de parkeerplaatsen wordt ook groen voorzien. Elke 5e parkeerplaats wordt voorzien van beplanting. In zijn totaliteit ontstaat er met het groen dat gelegen is op het terrein een integrale verbinding met de bomen die rondom het terrein gelegen zijn. Door het groen ontstaat er veel schaduw, waarmee koele plekken worden gecreëerd. Ook de looproutes ten zuiden en te midden van de bebouwing worden in het planvoornemen omringd door bomen met een aanzienlijke boomkroon. Hierdoor worden de wandelpaden op het terrein ook bij hoge zon in de zomer voorzien van voldoende schaduw. Het planvoornemen houdt middels het aanplanten van nieuwe bomen en het behouden van bestaande bomen ten zuiden van de bebouwing rekening met de TO-juli eis. Op deze manieren wordt hitte stress in de gebouwen en op het terrein beperkt. 25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

25

Projectgerelateerd

Daarnaast zal rekening worden gehouden met het type beplanting dat aangeplant zal worden. Hierin gaat de voorkeur uit naar planten die droogtebestendig zijn, waardoor deze in de hete maanden minimaal bewaterd moeten worden met (schaars) zoetwater, of oppervlaktewater. Natuurinclusiviteit De hierboven genoemde groene maatregelen bevorderen ook de biodiversiteit. In het huidige planvoornemen worden bestaande bomen behouden en extra bomen aangeplant om de bomenkraag te sluiten. Het planvoornemen sluit dan ook het best aan bij het natuurdoeltype ‘bomen en bosschages’ van de gemeente Alkmaar. In het plangebied zijn alle doelsoorten voor dit natuurtype gewenst. Dit betekent dat er gekozen kan worden voor de zanglijster (ambassadeur van aanplanten van extra bomen) en de Grote bonte specht (ambassadeur van het behouden van (oude) bomen). Het planvoornemen voorziet in niet alleen in solitaire bomen, maar ook groeperingen van bomen met een dicht bladerdak. Dit vormt een geschikt leefgebied voor beide gewenste doelsoorten. Daarom is de verwachting dat het planvoornemen voldoet aan het minimaal aantal punten voor natuurinclusief bouwen. Voorafgaand de bouw van fase 1 van het plan zal definitief bepaald worden welke aanvullende maatregelen getroffen kunnen worden om het planvoornemen nog meer natuurinclusief te maken.

De juridische borging voor deze nadere uitwerking is de omgevingsvergunning voor de technische bouwactiviteit (bouwvergunning).

6.6

Geluid

6.6.1

Beleid en regelgeving

Op grond van het omgevingsplan van de gemeente Alkmaar zijn de geluidsniveaus vanwege de activiteiten die op de trainingslocatie plaatsvinden aan grenswaarden gebonden. Er worden afzonderlijke eisen gesteld aan enerzijds schietactiviteiten (op het trainingsveld zullen schietoefeningen plaatsvinden met oefenpatronen) en anderzijds de overige activiteiten. De geluidsbelasting op geluidsgevoelige gebouwen vanwege schietactiviteiten mag niet hoger zijn dan 50 dB(A) (artikel 5.76, tweede lid, Bkl). Voor de binnenschietbaan die ook onderdeel uitmaakt van het planvoornemen geen afzonderlijke grenswaarden voor geluid geregeld in het bkl1. De ten hoogste toelaatbare geluidsniveaus vanwege de overige activiteiten zijn weergegeven in Tabel 2. Tabel 2 Ten hoogste toelaatbare geluidsniveaus vanwege de activiteiten van de Politie (anders dan schietactiviteiten) op de gevel van geluidsgevoelige gebouwen (artikel 22.63, eerste lid, omgevingsplan gemeente Alkmaar) 07:00–19:00 uur

19:00–23:00 uur

23:00–07:00 uur

langtijdgemiddeld beoordelingsniveau

50 dB(A)

45 dB(A)

40 dB(A)

maximaal geluidsniveau

70 dB(A)

65 dB(A)

60 dB(A)

1 De les-sessies die worden gegeven op de beoogde trainingslocatie zijn geen klassieke vorm van onderwijs, waardoor dit gebouw niet gezien wordt als een gebouw met een onderwijsfunctie. Om deze reden wordt het niet gezien als een geluidsgevoelig gebouw. De lessen worden gegeven door, en aan werknemers van de politie, en het geluid is hoofdzakelijk afkomstig van eigen terrein.

Indirect geluid De aan de activiteiten gerelateerde verkeersbewegingen op de openbare weg kunnen aanleiding geven tot geluidhinder (‘indirecte hinder’), met name indien deze bewegingen als zodanig herkenbaar zijn ten opzichte van het overige verkeer. Degene die een activiteit verricht, dient de nadelige gevolgen van deze verkeersbewegingen te voorkomen dan wel beperken voor zover dat redelijkerwijs haalbaar is.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

26

Projectgerelateerd

Van indirecte hinder is in dit geval geen sprake, aangezien de voertuigen die op de trainingslocatie komen niet akoestisch herkenbaar zijn ter plaatse van geluidsgevoelige gebouwen. De dichtstbijzijnde woningen bevinden zich hemelsbreed op een afstand van ruim 90 m van de locatie, aan de overzijde van de N242.

6.6.2

Effecten

Geluidproducerende activiteiten In het OBT- en DROS-gebouw worden opleidingen verzorgd en kantoorwerkzaamheden verricht. De luchtbehandeling van zowel deze gebouwen als de schietbaan gebeurt volledig mechanisch met behulp van installaties die op het dak worden geplaatst. De schietbaan wordt ook buiten openingstijden continu op onderdruk en ontwerptemperatuur gehouden. Daarom zullen in de representatieve bedrijfssituatie de installaties op alle gebouwen continu in werking zijn. Wel zal er bij de schietbaan sprake zijn van een lager ventilatiedebiet wanneer deze niet in gebruik is. We gaan ervan uit dat op alle gebouwen twee luchtbehandelingskasten worden geplaatst. Voor het geluidsvermogen daarvan is een waarde van 86 dB(A) per stuk aangehouden. Bij de schietbaan is hierop 5 dB(A) in mindering gebracht in de avond- en nachtperiode. Op de binnenschietbaan wordt geschoten met semiautomatische pistolen (Walther P99Q-NL) en 9mmmunitie. Er worden maximaal 1,5 miljoen schoten per jaar gelost, uitsluitend in de dagperiode. Deze activiteiten leiden ter plaatse van de dichtstbijzijnde woningen niet tot relevante geluidsniveaus. Tussen 08:00 en 19:00 uur vinden op het trainingsveld diverse oefeningen plaats, waarbij gebruik kan worden gemaakt van oefenmunitie en apparatuur zoals megafoons en de geluidsinstallatie in de oefenvoertuigen.

Verder gaan de oefeningen gepaard met fluitsignalen en geschreeuw. Op jaarbasis worden er 70.100 schoten gelost. Dit gebeurt niet op zon- en feestdagen. Verspreid over de dag zal per bronsoort maximaal 3 uur het geluid van megafoons, politiefluiten en geschreeuw te horen zijn. Het geluidsvermogen van de megafoons is 102 dB(A). Voor zowel het fluiten als het schreeuwen is een bronsterkte van 105 dB(A) aangehouden. Het gebruik van de geluidsinstallatie in de oefenvoertuigen is beperkt tot in totaal een kwartier per dag. Deze installaties hebben een geluidsvermogen van 103 dB(A). De oefenvoertuigen zelf zijn reguliere politieauto’s. Rijbewegingen met deze voertuigen zijn voor de optredende geluidsniveaus niet van belang. Personeel en bezoekers die met de auto naar de locatie komen, zorgen voor circa 1.370 rijbewegingen per etmaal. Hiervan zal circa 75% en 25% plaatsvinden in respectievelijk de dag- en avondperiode. Het aantal rijbewegingen in de nachtperiode is zeer beperkt en akoestisch te verwaarlozen. Daarnaast komen er op het terrein dagelijks circa 20 bestelbussen en 20 voertuigen die akoestisch kunnen worden getypeerd als lichte vrachtwagens. Activiteiten die leiden tot piekgeluiden zijn het sluiten van portieren en, in de dagperiode, fluiten en schreeuwen op het trainingsveld. De bronsterkte van deze geluiden is respectievelijk 98, 118 en 115 dB(A).

In de dagperiode zijn de optredende maximale geluidsniveaus vanwege het fluiten maatgevend, dus we beperken ons in dit rapport tot die specifieke geluiden. Effecten De geluidsniveaus die worden veroorzaakt door de overige activiteiten die plaatsvinden op de trainingslocatie voldoen aan de waarden uit het omgevingsplan van de gemeente Alkmaar. De geluidsniveaus die worden veroorzaakt door de schietactiviteiten voldoen aan de waarde van 50 db(A) uit het Bkl. Daarmee zijn de aangevraagde activiteiten vanuit akoestisch oogpunt zonder meer toelaatbaar. 25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

27

Projectgerelateerd

Meer informatie over de toets aan de geluidswaarden is te vinden in bijlage A3, het geluidsonderzoek.

6.7

Geur

6.7.1

Beleid en regelgeving

Geur kan de gezondheid negatief beïnvloeden en leiden tot hinder. Daarom zijn er regels opgesteld over de geur die activiteiten kunnen veroorzaken. In het Bkl zijn regels opgenomen ten aanzien een activiteit die geur veroorzaakt op een geurgevoelig gebouw (artikel 5.90 van het Bkl). Een geurgevoelig gebouw is in ieder geval een gebouw of een gedeelte daarvan met (artikel 5.91, eerste lid): • • • •

een woonfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan; onderwijsfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan*; gezondheidszorgfunctie met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan; of, bijeenkomstfunctie voor kinderopvang met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan.

In een omgevingsplan (of een omgevingsvergunning voor de BOPA) wordt rekening gehouden met de aanvaardbaarheid van geur door een activiteit op geurgevoelige gebouwen. * De les-sessies die worden gegeven op de beoogde trainingslocatie zijn geen klassieke vorm van onderwijs, waardoor dit gebouw niet gezien wordt als een gebouw met een onderwijsfunctie. De sessies worden gegeven door, en aan werknemers van de politie. Om deze reden wordt het niet gezien als een geurgevoelig gebouw.

6.7.2

Effecten

De beoogde ontwikkeling betreft geen activiteit die geur veroorzaakt. De ontwikkeling betreft ook geen geurgevoelig gebouw. Het aspect geur is niet relevant.

6.8

Gezondheid

6.8.1

Beleid en regelgeving

Gezondheid is onderdeel van de maatschappelijke doelen van de Omgevingswet. De Omgevingswet is onder andere gericht op het “bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit, ook vanwege de intrinsieke waarde van de natuur” (artikel 1.3, onder a, Ow). Paragraaf 5.1.4 van het Bkl gaat over het beschermen van de gezondheid en het milieu. Deze paragraaf heeft betrekking op onder andere de volgende thema’s: • • • •

Bodemkwaliteit; Geluid door activiteiten; Geur; Luchtkwaliteit.

6.8.2

Effecten

De wettelijke kaders en effecten van bovengenoemde thema’s zijn behandeld in de gelijknamige paragrafen in dit hoofdstuk. Onderstaand wordt een samenvatting gegeven. Bodemkwaliteit 25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

28

Projectgerelateerd

Met het project worden bodemgevoelige gebouwen mogelijk gemaakt, namelijk het OBT- en DROSgebouw. Uit het bodemonderzoek blijkt dat wordt voldaan aan de interventiewaarden bodemkwaliteit, bedoeld in bijlage IIA van het Bal. De bodem is van voldoende kwaliteit voor de realisatie van het project. Geluid door activiteiten De geluidsniveaus die worden veroorzaakt door de activiteiten voldoen aan de normwaarden. Daarmee zijn de aangevraagde activiteiten vanuit akoestisch oogpunt zonder meer toelaatbaar. Geur De beoogde ontwikkeling betreft geen activiteit die geur veroorzaakt. De ontwikkeling betreft ook geen geurgevoelig gebouw. Het aspect geur is niet relevant. Luchtkwaliteit Ten aanzien van luchtkwaliteit (zie ook paragraaf 6.11) wordt voldaan aan artikel 5.51 van het Bkl, waarmee het project voldoet aan de wet- en regelgeving voor luchtkwaliteit. Ook wordt er voldaan aan de nieuwe Europese richtlijn (2024/2881) voor luchtkwaliteit die vanaf 2030 gaat gelden. De beoogde ontwikkeling leidt niet tot een onverantwoorde situatie in het kader van de volksgezondheid.

6.9

Ladder voor duurzame verstedelijking

6.9.1

Beleid en regelgeving

Voor zover een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor de BOPA voorziet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling, dan moet met het oog op het belang van zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand rekening worden gehouden met de behoefte aan die stedelijke ontwikkeling (artikel 5.129g, tweede lid, onder a, Besluit kwaliteit leefomgeving). Bij het planologisch mogelijk maken van de ontwikkeling moet getoetst worden: 1. Of er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling; 2. Of er binnen het verzorgingsgebied behoefte bestaat aan de nieuwe stedelijke ontwikkeling; 3. Of de stedelijke ontwikkeling is gelegen binnen stedelijk gebied? Deze algehele toets wordt ook wel de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ genoemd. Een ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’ betreft onder andere een ontwikkeling die bestaat uit de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, kantoren of een andere stedelijke voorziening die voldoende substantieel is (artikel 5.129g, eerste lid, Besluit kwaliteit leefomgeving).

Als de stedelijke ontwikkeling is voorzien buiten het stedelijk gebied of buiten het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied, dan moet worden beoordeeld of mogelijkheden bestaan om binnen dat stedelijk gebied of binnen dat stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied in die behoefte te voorzien (artikel 5.129g, tweede lid, onder b, Bkl). Stedelijk gebied is volgens het bijlage I van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) gedefinieerd als: “op grond van een omgevingsplan of omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit toegelaten stedenbouwkundig samenstel van bebouwing voor wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel en horeca, en de daarbij behorende openbare of sociaal-culturele voorzieningen en infrastructuur, met uitzondering van stedelijk groen aan de rand van die bebouwing en lintbebouwing langs wegen, waterwegen of waterkeringen”.

25 april 2025

CLICK HERE TO ENTER A DATE.

BJ7951-RHD-RP002-F1.0

29

Projectgerelateerd

Ter aanvulling op het Bkl is in de provinciale omgevingsverordening (artikel 6.13, eerste lid) geregeld dat een omgevingsplan of omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit “uitsluitend kan voorzien in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als de ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio daarover gemaakte schriftelijke afspraken”. Met regionale afstemming wordt bedoeld dat de gemeenten in de regio het gezamenlijk eens moeten zijn over de nieuwe stedelijke ontwikkeling. Onder de regio wordt verstaan het ‘marktgebied’ of ‘verzorgingsgebied’ van de betreffende nieuwe stedelijke ontwikkeling. Als er geen binnenstedelijke mogelijkheden zijn in de marktregio of het verzorgingsgebied dan kan buiten bestaand stedelijk gebied naar een locatie worden gezocht. Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties moet er in het kader van de BOPA aanvraag worden voldaan aan de instructieregels vanuit het Rijk (artikel 5.129g Bkl) en provincie (artikel 6.13) met betrekking tot de Ladder.

6.9.2

Effecten

De beoogde trainingslocatie van de politie is een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Binnen het verzorgingsgebied (politieregio Noord-Holland zonder Amsterdam) bestaat er een behoefte aan een trainingslocatie waarin de huidige, decentraal gelegen trainingsactiviteiten kunnen worden ondergebracht. Met de clustering is een efficiëntere en effectievere uitvoering van werkprocessen beoogd. Met onderhavige Ladder is aangetoond dat de nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt gerealiseerd binnen bestaand stedelijk gebied en dat de behoefte bestaat. Ook in het door de ‘Regio Alkmaar’ gedragen stuk ‘Omgevingsbeeld’ wordt verdichting en het mengen van functies benoemd als middel om stedelijk gebied sterker en completer te maken, en dat inbreiden gaat voor uitbreiden. De beoogde ontwikkeling is in lijn met deze visie. In bijlage A4 is de volledige toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking beschreven.

6.10

Landschap en ruimtelijke kwaliteit

6.10.1 Beleid en regelgeving De Rijksoverheid heeft voor landschappelijke kwaliteit van de fysieke leefomgeving een beperkt aantal instructieregels opgesteld. Naast deze regels heeft de gemeente, maar ook de provincie de vrijheid om het aspect landschappelijke kwaliteit zelf in te vullen. Provinciale omgevingsvisie NH2050 en omgevingsverordening NH2022 In de provinciale omgevingsvisie NH 2050 is opgenomen dat de provincie zoveel mogelijk natuurinclusief ontwikkelt, en met het behoud van (karakteristieke) landschappen. Daarbij worden ontwikkelingen zoveel mogelijk geclusterd rond infrastructuur en wordt rekening gehouden met de ondergrond. In de omgevingsverordening NH2022 is in artikel 6.57 het werkingsgebied Beschermd Landschap (hierna: BL) opgenomen. In artikel 6.58 van de omgevingsverordening NH2022 zijn de kernkwaliteit van het BL opgenomen. Het BL is een beschermingsregime om de meest waardevolle landschappen in Noord-Holland te beschermen. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen kunnen mogelijk gemaakt worden, mits deze ontwikkeling de kernkwaliteiten van het BL niet aantast (artikel 6.59, derde lid). Omgevingsvisie Alkmaar 2040 In de omgevingsvisie van de gemeente Alkmaar is als een van de ambities opgenomen het ‘behoud van het landschap en haar karakteristieken’. Op basis van deze bepaling moet in het landelijk gebied rekening

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15544834/1