CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Uitvoeringsprogramma VTH 2026

Gemeenteraad 18 juni 2026, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Voorstel tot afdoening lijst van ingekomen stukken15.654 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In het kader van de inspanningsverplichting, welke inhoudt dat de gemeente dient na te gaan of de initiatiefnemer andere toestemmingen nodig heeft, wordt bijvoorbeeld beoordeeld of de initiatiefnemer mogelijk een Natura 2000-activiteit en/of een Flora- en fauna-activiteit dient aan te vragen. Het gaat dan om stikstofdepositie en beschermde soorten en gebieden. De aanvrager wordt altijd (schriftelijk) geïnformeerd over het resultaat van de volledigheidsontvankelijkheidstoets. Over het algemeen zijn de resultaten als volgt. Als de aanvraag volledig is, wordt deze verder in behandeling genomen. Het kan ook zijn dat wordt geoordeeld dat de aanvraag onvolledig is. In dat geval krijgt de initiatiefnemer de gelegenheid om de ontbrekende gegevens binnen een bepaalde termijn aan te leveren. Het resultaat kan ook zijn dat de aanvraag erg weinig kans maakt op een positief eindoordeel. In een dergelijk geval wordt de initiatiefnemer geadviseerd om de aanvraag in te trekken en in overleg te treden met de gemeente. Aan het behandelen van de aangevraagde omgevingsvergunning zijn leges verbonden. In de vigerende Legesverordening is de hoogte van de leges opgenomen. Inhoudelijke beoordeling Is de aanvraag compleet, dan wordt deze inhoudelijk beoordeeld.

De behandeltijd is onder andere afhankelijk van welke procedure wordt gevolgd (de reguliere of uitgebreide) en hangt ook af van de complexiteit van de aanvraag. Voor de inhoudelijke beoordeling zet de zaakbeheerder via het zaaksysteem bij de diverse interne en externe adviseurs een deelzaak uit om advies te vragen. Afhankelijk van de aanvraag wordt er een deelzaak uitgezet voor het onderdeel bouwen, milieu, omgevingsplan, omgevingskwaliteit, brandveiligheid, bodem, archeologie en monumenten. De VRNHN adviseert de gemeente Alkmaar op het gebied van brandveiligheid en de ODNHN adviseert de gemeente op het gebied van bodem. Door ODNHN worden ook de aanvragen in het kader van de Natura 2000-activiteit, Flora en Fauna-activiteit en meldingen in het kader van milieubelastende activiteiten behandeld. Beoordelingscriteria De aangevraagde vergunning of ingediende melding wordt getoetst aan de van toepassing zijnde wet- en regelgeving. Soms zijn de beoordelingscriteria ook vastgelegd in beleid. Getoetst wordt of er

30

redenen zijn waarom de vergunning niet verleend kan worden. In onderstaande tabel is aangegeven aan welke criteria wordt getoetst bij de omgevingsvergunningen en meldingen. Type activiteit

De volgende regels

Beoordelingscriteria

kunnen van toepassing zijn

Binnenplanse en

Algemene Plaatselijke

De beoordelingscriteria zijn te

buitenplanse

Verordening;

vinden in artikel 8.0a van het Bkl

Omgevingsplanactiviteit: Aanleggen; Bouwen; Gebruik; Kappen houtopstand;

Archeologische Beleidskaart van de gemeente Alkmaar, geactualiseerde versie 2013; Beeldkwaliteitsplan

opgesomd. Criteria zijn onder andere (externe) veiligheid, gebruik, gezondheid, omgevingskwaliteit en water.

Buitengebied; Beleidsregel tijdelijk wonen

Monumenten;

in recreatieve eenheden;

Reclame;

Beleidsregel verruiming

Uitweg maken;

en de regels die hiernaast zijn

regelingen bewoning binnen de bedrijfs- en

Werk of werkzaamheden

verblijfsrecreatieve

uitvoeren.

bestemmingen; Beleidsregels zendmasten voor antenne-installaties op Alkmaar; Besluit activiteiten leefomgeving; Besluit kwaliteit leefomgeving; Bodemkwaliteitskaart en bodemfunctieklassenkaart gemeente Alkmaar; Bomenlijst; Erfgoedverordening Alkmaar 2018; Erfgoedwet;

31

Monumentenverordening Alkmaar; Omgevingsbesluit; Omgevingsregeling; Omgevingswet; Omgevingsplan gemeente Alkmaar; Participatiebeleid; Strandnota Alkmaar 2019; Toeristisch toekomstplan Alkmaar 2021; Verordening naamgeving en nummering gemeente Alkmaar 2019; Welstandsnota.

Bouwactiviteit (technisch)

Besluit bouwwerken

Voor een overzicht wordt

leefomgeving

verwezen naar artikel 8.3b van het Bkl. Er wordt getoetst aan H4 en afdeling 7 van het Bbl en de regels van het omgevingsplan. Voor verbouw gelden de regels van H5. Voor gebruik gelden de regels van H6. Voor bouw- en sloopwerkzaamheden geldt H7.

Melding mobiel breken

Besluit bouwwerken

De beoordelingsregels zijn te

van bouw- en sloopafval

leefomgeving

vinden in afdeling 7.2 van het Bbl.

Melding brandveilig

Besluit bouwwerken

Voor het brandveilig gebruik

gebruik

leefomgeving

wordt getoetst aan afdeling 6.2, paragraaf 6.5.1 en de specifieke zorgplicht van het Bbl. De regels over de meldingsplicht voor het

32

gebruiken van een bouwwerk zijn te vinden in paragraf 6.1.1 en 6.1.2 van het Bbl.

Milieubelastende

Besluit activiteiten

Bij aanvragen om

activiteit (MBA)

leefomgeving;

omgevingsvergunningen wordt

Omgevingsplan gemeente Alkmaar

getoetst of sprake is van MBA’s op grond van het Bal en/of op grond van het Omgevingsplan. Hieruit volgt of de initiatiefnemer bijvoorbeeld een informatieplicht heeft, of er een meldingsplicht geldt of dat er algemene regels gelden. Soms kan er ook een vergunningplicht gelden voor een MBA.

Lozingsactiviteit

Besluit activiteiten

De beoordelingsregels zijn te

leefomgeving;

vinden in artikel 8.88 van het Bkl.

Besluit kwaliteit leefomgeving; Omgevingswet; Omgevingsplan gemeente Alkmaar Tabel 5: Beoordelingscriteria vergunningverlening en meldingen Stelsel van kwaliteitsborging voor het bouwen Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is ook het stelsel van kwaliteitsborging voor het bouwen op 1 januari 2024 ingegaan voor nieuwe bouwwerken in gevolgklasse 1. Onder dit stelsel is een onderscheid gemaakt tussen bouwwerken in drie gevolgklassen: 1, 2 en 3. Kort samengevat geldt dat voor bouwwerken in gevolgklasse 1 de bouwtechnische toetsing en ook het toezicht wordt uitgevoerd door een kwaliteitsborger. Voor bouwwerken in gevolgklasse 1 geldt geen vergunningplicht meer, maar een meldingsplicht. De gemeente toetst de melding op volledigheid. Na gereedkomen van het bouwwerk dient de initiatiefnemer een gereedmelding bij de gemeente in. De gemeente heeft twee weken de tijd om de gereedmelding te beoordelen. Indien de gemeente niet akkoord gaat met de gereedmelding mag het bouwwerk niet in gebruik worden genomen. Voor de bouwwerken in gevolgklasse 2 en 3 geldt dat een aanvraag door de gemeente wordt behandeld. Ook het toezicht op deze bouwwerken vindt door de gemeente plaats.

33

In verband met de knip die is gezet tussen de ruimtelijke vergunning (de omgevingsplanactiviteit) en de bouwtechnische vergunning, kan de initiatiefnemer ervoor kiezen om deze vergunningen los van elkaar aan te vragen. De omgevingsplanactiviteit wordt getoetst aan de regels van het omgevingsplan. De bouwtechnische activiteit wordt getoetst aan het Bbl. Verderop in dit hoofdstuk wordt de handhavingsstrategie voor het stelsel van kwaliteitsborging voor het bouwen nader beschreven. Opstellen van het besluit De zaakbeheerder verzamelt de adviezen en stelt op basis hiervan een besluit op. Afhankelijk van het resultaat kan dit het besluit zijn om de omgevingsvergunning te verlenen of te weigeren. Het besluit wordt altijd gemotiveerd. Er wordt gestreefd om de besluiten zo helder en begrijpelijk mogelijk op te stellen. Waar nodig wordt nog een persoonlijke terugkoppeling gegeven aan de aanvrager. Bekendmaking en publicatie Overigens zal in geval van de reguliere procedure het besluit conform de wettelijke eisen worden bekendgemaakt. Indien de uitgebreide procedure wordt gevolgd dan wordt het ontwerpbesluit eerst ter inzage gelegd. Ingekomen zienswijzen worden beoordeeld. Dit kan leiden tot aanpassing van het besluit. De gemeente publiceert de beschikking op de vergunning op overheid.nl en als extra service in een huis-aan-huisblad en/of de website.

Belanghebbenden, bijvoorbeeld omwonenden, hebben dan nog maximaal 6 weken de tijd om bezwaar in te dienen.

4.2 Preventiestrategie Het doel van een preventiestrategie is het voorkomen van overtredingen van wet- en regelgeving door inwoners, bezoekers en bedrijven. Door gebruik te maken van instrumenten die het gedrag van mensen beïnvloeden wordt naleving van de wet- en regelgeving op een positieve manier bevorderd. We zetten daarom steeds meer in op: •

Voorlichting

•

Informeren en adviseren

•

Er samen uitkomen

4.3 Toezichtstrategie We maken onderscheid tussen vier toezichtvormen: Toezicht op de verleende omgevingsvergunningen: Wij houden integraal toezicht op verleende omgevingsvergunningen en ingediende meldingen over vergunningen. Hierbij proberen we de bewoners en ondernemers te ondersteunen in het correct uitvoeren van de vergunning. Indien er sprake is van overtredingen is het opheffen hiervan het uitgangspunt. Dit doen wij door in gesprek te gaan met de bewoners en ondernemers, uit te leggen wat gewenst is en te wijzen op hun eigen verantwoordelijkheid. Indien dit niet toereikend blijkt te zijn kan er een handhavingstraject worden gestart. Hieronder valt ook het toezicht op gebruiksmeldingen in verband met brandveiligheid en toezicht op monumenten. Toezicht naar aanleiding van klachten en meldingen: Meldingen komen zowel telefonisch, digitaal als persoonlijk binnen. Ze worden ingeboekt in het zaaksysteem Mozard. Er kan ook anoniem worden gemeld. Dat gebeurt via Meld Misdaad Anoniem

34

(MMA), waar de gemeente inzage in heeft. Het overgrote deel van de klachten heeft betrekking op strijdig gebruik in de onmiddellijke omgeving van de melder. Veelal is de klacht/melding terug te brengen tot de vraag of er wel een vergunning is afgegeven voor de activiteiten die daar plaatsvinden of hebben plaatsgevonden. De toezichthouders nemen contact op met de melder en beoordelen de situatie ter plaatse. Indien er sprake is van een overtreding wordt hiertegen opgetreden. In sommige gevallen kan dit via overleg worden opgelost. Indien overleg niet toereikend blijkt te zijn, wordt er een handhavingstraject gestart. In veel gevallen blijkt dat er sprake is van andere (vaak langlopende) conflicten tussen de omwonenden. In deze gevallen wordt indien mogelijk, als beide partijen het willen, buurtbemiddeling ingezet. Themagericht toezicht: Themagericht toezicht betreft het toezicht naar aanleiding van projecten die voortkomen uit actuele landelijke/provinciale thema’s of uit bestuurlijke prioriteiten. Enkele voorbeelden hiervan zijn de uitgevoerde controles naar aanleiding van diverse inspectiesignalen van het Rijk en themaonderzoeken van de provincie: •

Roest Vast Staal (RVS) constructie in zwembaden

•

Brandveiligheid in zorginstellingen

•

Platte daken

•

Gevelbeplating

De provincie vraagt een aantal gemeenten om mee te werken aan een themaonderzoek. Aanbevelingen die uit deze onderzoeken komen, moeten door alle gemeenten worden meegenomen in het toezicht en handhaving. Gebiedstoezicht: Alkmaar heeft veel natuurgebieden en landelijke gebieden. Hier is weinig zicht op, met name in de afgesloten natuurgebieden. Daarom is het wenselijk dat er geregeld toezicht gehouden wordt in deze gebieden. Daarnaast vindt gebiedstoezicht plaats op de dorpskernen en havens. Dit vindt met name plaats in het zomerseizoen. Constateringen zoals kapotte wegen of verkeersmeubilair worden direct (per mail) naar andere afdelingen doorgezet. Buiten dit seizoen nemen de toezichthouders de buitengebieden vaak mee tijdens andere werkzaamheden als ze door een gebied rijden. Toezicht in de natuurgebieden gebeurt ook door de terreinbeheerders (Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten).

4.4 Sanctiestrategie Indien in de toezichtsfase een overtreding is geconstateerd, dan kan handhavend worden opgetreden. Primair is het de aanname dat de meeste overtredingen worden begaan door “goedwillende en onbewuste overtreders” en “onverschillig, moet kunnen overtreders”. In de meeste gevallen kunnen de toezichthouders dit in het veld oplossen zonder dat er enige vorm van handhaving nodig is. Indien toezicht niet leidt tot beëindiging van de overtreding is de gemeente in beginsel verplicht om hiertegen op te treden. Handhaving kan zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk. Strafrechtelijk optreden moet in samenwerking met externe partners als de politie of het Openbaar Ministerie plaatsvinden.

35

In onderstaande tabel zijn de verschillende typen overtreders weergegeven. In de rechter kolom is aangegeven hoe deze overtreders worden benaderd en welke instrumenten worden ingezet. Doelgroep

Toelichting type

Benadering en inzet instrumenten

overtreder

Spontane en

Zij kennen de regels en

We zullen deze mensen zoveel mogelijk op

bewust

leven die ook spontaan of

een positieve manier benaderen en

nalevers

bewust na ongeacht wel

informeren over (nieuwe) regels, waarbij de

of geen inzet van toezicht

focus ligt op argumenten en feiten en hen

en handhaving.

begeleiden in regelgeving (makkelijker maken bij de uitvoering van de geldende regels).

Goedwillende

Overtreedt per ongeluk de

Aanspreken/informeren en motiveren.

en onbewuste

regels en is in de basis

Motiveren om de regels op te volgen,

overtreder

goedwillend, proactief en

waarbij de focus ligt op gewenst gedrag en

geneigd om de regels te

bewustwording van eigen gedrag

volgen.

(voorlichting). Bekendmaken met de geldende regels (informeren). Inzet van positieve handhaving acties zoals belonen bij goed gedrag. Adviseren en gesprek met toezichthouder als lichte vorm van controle. Zichtbaar aanwezig zijn in de wijk door de

Onverschillig

Kent de regels. Heeft vaak

Bekendmaken met het nut van geldende

moet kunnen

een ‘moet kunnen’ en een

regels (infomeren). Zichtbaar aanwezig zijn

overtreder

onverschillige houding en

in de wijken door de boa’s. Controleren en

neemt het niet zo nauw

zo nodig bekeuren en/of vergroten van de

met het algemeen belang.

voordelen bij gewenst naleefgedrag zoals minder controles (gesprek met toezichthouder).

Calculerende

Leeft de regels na, omdat

Informeren over de pakkans en

overtreder

hij afgeschrikt wordt door

sanctiedreiging en benadrukken van

controles en sancties.

nadelen van niet-naleving. Zichtbaar

Neemt bewust risico.

aanwezig in de wijken door de BOA’s. Intensief controleren en zo nodig bekeuren/ inzet bestuursrechtelijke handhaving.

36

Bewuste

Iemand die willens en

Inzetten van handhavingsinstrumenten

(structurele)

wetens overtreedt en

zoals Bibob-onderzoek, sluiten van

overtreder

daarbij bewust het risico

woningen, winkels en bedrijven die

neemt om gepakt te

dekmantel zijn voor criminele activiteiten.

worden. Is moeilijk tot

Optreden met politie en justitie. Bekeuren

gewenst gedrag te

en/of inzet bestuursrechtelijk handhaving.

bewegen. Maakt soms deel uit van een criminele organisatie, houdt zich bezig met fraude, oplichting of witwassen. Tabel 6: Typen overtreders, benadering en inzet instrumenten In dit beleidsplan wordt uitgegaan van bestuursrechtelijke handhaving. Hieronder verstaan we het afdwingen van het naleven van (wettelijke) regels door de inzet van juridische/ bestuursrechtelijke maatregelen. Dit zijn: •

Een last onder dwangsom

•

Bestuursdwang

•

Het intrekken van de vergunning

•

De bestuurlijke boete en de bestuurlijke strafbeschikking

We kunnen niet overal toezicht op houden en handhaven. Er moeten keuzes worden gemaakt. Deze keuzes worden gemaakt op basis van prioritering. De Landelijke Handhavingsstrategie (LHS) wordt onderschreven en gevolgd door de gemeente Alkmaar. Afhankelijk van de situatie kan op basis van de LHS weloverwogen gekozen worden welk instrument ingezet wordt. Om de strategie van sanctie-instrumenten te bepalen wordt in de LHS enerzijds naar het gedrag van de overtreder gekeken en anderzijds naar de ernst van de overtreding. Bewust gemaakte overtredingen met ernstige gevolgen worden zwaarder aangepakt, bijvoorbeeld met een mix van bestuursrechtelijke en strafrechtelijke middelen. Bij de inzet van strafrechtelijke middelen is nauwe samenwerking met politie en Openbaar Ministerie vereist. Beleidsregels juridische handhaving De sanctiestrategie is verder uitgewerkt in de Beleidsregels juridische handhaving gemeente Alkmaar 2022-2026. Hierbij is aandacht gegeven aan de volgende onderwerpen: •

•

Altijd keuze voor het meest effectieve handhavingsinstrument: o

•

Wanneer bestuursdwang? o

•

Wanneer dwangsom ineens?

37

o

•

Wanneer dwangsom per tijdseenheid? o

•

Wanneer dwangsom per overtreding? •

•

Prioriteitstelling ook als sprake is van een handhavingsverzoek; •

•

Doorwerking van de landelijke handhavingsstrategie (LHS). •

•

Communicatie over handhaving. Prioritering Ten aanzien van de prioritering het volgende. Als de gemeente in de toezichtsfase een overtreding constateert moet er gehandhaafd worden, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden zoals concreet zicht op legalisatie of onevenredigheid van optreden (bijvoorbeeld het afbreken van een schuur die een paar centimeter te hoog is). Deze beginselplicht tot handhaving is in de jurisprudentie ontwikkeld ten aanzien van de bestuurlijke herstelsancties (dwangsom en bestuursdwang). De komst van de Omgevingswet verandert daar niets aan. In hoofdstuk 3 is de risicoanalyse weergegeven. Hieruit zijn de risico’s naar voren gekomen en aan de hand daarvan is geprioriteerd waar de capaciteit het beste ingezet kan worden. Op basis hiervan zijn vervolgens de doelen en activiteiten bepaald. Keerzijde is echter dat het ook wenselijk is dat de geconstateerde overtredingen van de toezicht prioriteiten zo spoedig mogelijk worden aangepakt, ongeacht de zwaarte van de overtreding. De capaciteit om deze overtredingen door middel van juridische handhaving aan te pakken kent grenzen. De gemeente Alkmaar gebruikt in de Beleidsregels juridische handhaving gemeente Alkmaar 2023 een afwegingskaderkader voor welke zaken door juridische handhaving als eerste worden opgepakt. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen prioriteit 0, 1, 2, 3 en 4.

Prioriteit 4 heeft de hoogste prioriteit. In het jaarlijkse uitvoeringsprogramma uitvoering en handhaving wordt aan de hand van het afwegingskader aangegeven welke prioriteiten worden opgepakt. Meldingen en handhavingsverzoeken Elk schriftelijk handhavingsverzoek wordt aangemerkt als een aanvraag in de zin van de Awb. Dit betekent dat zo’n verzoek alleen kan worden gedaan door een belanghebbende. Handhavingsverzoeken kunnen om die reden nooit anoniem worden gedaan. Ook moeten verzoekers de bereidheid hebben om met hun verzoek naar buiten te treden. Zij worden hierop gewezen in de ontvangstbevestiging. Een ontvankelijk handhavingsverzoek wordt getoetst aan de prioriteitstelling zoals hierboven genoemd en wordt als zodanig in behandeling genomen. De prioriteitstelling die voortkomt uit de LHSO is daarbij leidend. Bij afwijzing van een handhavingsverzoek zal bijzondere aandacht worden

38

gegeven aan de motivering van dat besluit, en dan met name de belangenafweging die daaraan ten grondslag ligt. Het benoemen daarvan is wezenlijk. Binnen acht weken nadat het verzoek is gedaan ontvangt de aanvrager bericht of 1) en zo ja, wanneer de overtreding wordt aangepakt en daarop een besluit wordt genomen 2). Te zijner tijd krijgt de aanvrager als derde-belanghebbende een kopie van het (voor)genomen besluit toegestuurd. Alle meldingen die niet als handhavingsverzoek zijn aangemerkt, krijgen dezelfde status als een signalering zoals ook een toezichthouder die kan doen. Zij worden afgehandeld in de volgorde die door de prioriteitenstelling wordt bepaald. De melder krijgt een kennisgeving waarin wordt aangegeven dat betrokkene niet als belanghebbende wordt aangemerkt en dat dus geen sprake kan zijn van een handhavingsverzoek. Deze meldingen kunnen ook via het zaaksysteem door gemeentelijke medewerkers van andere teams worden gedaan. Er zal uiteraard ook niet worden opgetreden als bijvoorbeeld geen sprake is van een overtreding of deze gelegaliseerd kan worden. De Awb stelt dat binnen de wettelijke termijn of bij het ontbreken daarvan een redelijke termijn een besluit (dus niet slechts een voorgenomen besluit) wordt genomen. Hier gaat het om een redelijke termijn en die is maximaal 8 weken.

Als die termijn onvoldoende is dan moet worden aangegeven binnen welke termijn wel een besluit kan worden genomen. Zie artikelen 4:13 en 4:14 Awb. Van belang is dit goed te hanteren met het oog op mogelijke ingebrekestellingen.

4.5 Handhavingsstrategie bouwen onder kwaliteitsborging Het toezicht op bouwwerken gevolgklasse 1 vindt door private kwaliteitsborgers plaats. Wel blijft de gemeente verantwoordelijk voor het toezicht op bestaande bouw, de bouw- en sloopveiligheid. Dit vergt een andere aanpak dan voor de overige bouwwerken waarbij de primaire toezichtstaak is belegd bij de gemeente. Onder het stelsel van kwaliteitsborging heeft de gemeente een zekere mate van beleids- en uitvoeringsvrijheid om de toezicht en handhavingstaak in te richten. Het is echter niet de bedoeling dat de gemeente het werk van de kwaliteitsborger opnieuw uitvoert. De gemeente zal zich richten op de met de stelselwijziging beoogde verandering en verantwoordelijkheid van de private partijen. Er kunnen zich situaties voordoen waarbij wel een inhoudelijke beoordeling door de gemeente noodzakelijk is. Dit kan zich bijvoorbeeld voordoen als de gemeente in een vroeg stadium van de bouw al weet dat bepaalde keuzes gevolgen hebben voor het al dan niet kunnen afgeven van een verklaring door de kwaliteitsborger bij de gereedmelding. In de volgende gevallen kan de gemeente als bevoegd gezag de kwaliteitsborger of de initiatiefnemer aanspreken op de gebreken en kan, indien noodzakelijk, ook handhavend worden opgetreden: •

A.

Geen of een onvolledige bouwmelding; •

B.

Als door een verkregen signaal of melding blijkt dat in afwijking van de bouwregels uit het Bbl wordt gebouwd; •

C.

39

Als de bouwtoezichthouder tussentijds constateert dat in afwijking van de bouwregels uit het Bbl wordt gebouwd; •

D.

Geen of een onvolledige gereedmelding. Werkwijze handhavingsstrategie Ad. A.Geen/onvolledige bouwmelding en start bouwwerkzaamheden Een bouwmelding moet uiterlijk vier weken voor aanvang van de bouwwerkzaamheden worden ingediend bij het bevoegd gezag, echter niet eerder dan één jaar voor de geplande startdatum. Als de bouw van een bouwwerk uit gevolgklasse 1 start zonder een correcte melding, dan is het noodzakelijk om direct te gaan handhaven wegens het ontbreken van de melding. In dat geval ontbreken de waarborgen voor de juiste werking van het stelsel. Het gevolg is dat er bij de gereedmelding geen verklaring van de kwaliteitsborger kan worden afgegeven waaruit blijkt dat het bouwwerk naar zijn oordeel voldoet aan de bouwtechnische voorschriften. De geldigheidsduur van een bouwmelding is één jaar. Als de bouw start en de melding is langer dan een jaar geleden ingediend, moet er een nieuwe melding worden gedaan. De initiatiefnemer moet hierbij ook rekening houden met gewijzigde omstandigheden en mogelijke wijzigingen in de wetgeving. Bij grootschalige woningbouwprojecten worden woningen vaak gefaseerd opgeleverd. Het kan een flinke tijd duren tussen de oplevering van de eerste en de laatste woningen. Er zijn verschillende opties om hiermee om te gaan, zoals: •

1.

Indien er geen signalen van de kwaliteitsborger of derden zijn en geen eigen waarnemingen dat er mogelijk iets niet klopt, de formele gereedmelding afwachten en in de tussentijd niet handhaven op ingebruikname. •

2.

Uitgaan van de onder punt 1 genoemde optie en indien daar reden toe is op basis van artikel 2.20 van het Bbl aanvullende informatie opvragen over een specifiek onderdeel bij de oplevering van iedere fase (deelleveringen). Als het bouwproject is opgedeeld in fases, dan dient de initiatiefnemer voor elke fase een bouwmelding in te dienen. •

3.

Richting opdrachtgever van tevoren aangeven dat het uitgangspunt is dat twee weken voor iedere fase een volledige gereedmelding wordt gedaan. In dat geval moet dan eerder ook per fase een bouwmelding zijn gedaan. Gemeente Alkmaar kiest hier voor optie 3. Hiermee wordt voorkomen dat bij grote bouwprojecten al een groot aantal woningen in gebruik is genomen zonder geldige gereedmelding. Twee dagen voor het begin van de bouw moet de gemeente hierover geïnformeerd worden. Als de bouw is gestart zonder deze melding, dan zal de initiatiefnemer alsnog verzocht worden om de gemeente te informeren over de start.

40

Ad. B en C.Handhaving tijdens de bouw Het college is het bevoegd gezag voor handhaving. De gemeente kan tijdens de bouw in specifieke situaties toezicht houden en waar nodig handhavend optreden. Vooral in situaties waarbij de veiligheid en andere belangen van omwonenden in het geding komt. Aanleiding kan zijn een melding (vanuit de kwaliteitsborger, omwonenden of overige belanghebbenden) of uit eigen waarnemingen van de gemeentelijke toezichthouders. In deze gevallen moet het duidelijk zijn of de bouwregels uit het Bbl worden nageleefd. De gemeente voert een onderzoek uit, bestaande uit het opvragen van informatie bij de initiatiefnemer en afhankelijk daarvan het uitvoeren van een nader onderzoek. Het onderzoek gaat niet zover dat aannemelijk moet worden gemaakt dat overtredingen onder alle omstandigheden zijn uitgesloten. Afhankelijk van de ernst van de overtreding wordt een bouwstop opgelegd of wordt de initiatiefnemer erop gewezen het gebrek op te lossen vóór gereedmelding van het bouwwerk. Als de kwaliteitsborger tijdens de bouw vaststelt dat er strijdigheden zijn met de voorschriften uit het Bbl, dan informeert de kwaliteitsborger de aannemer en de initiatiefnemer. Ontstaan er problemen die niet worden opgelost, dan moet de kwaliteitsborger de gemeente informeren.

Naar aanleiding van de melding van de kwaliteitsborger, kan de gemeente extra informatie opvragen en zo nodig handhavend optreden. Wanneer de kwaliteitsborger tijdens de bouw ontdekt dat het bouwwerk niet (meer) voldoet aan gevolgklasse 1, dan moet hij de initiatiefnemer hierover informeren. De bouw mag niet worden voortgezet tot er een omgevingsvergunning voor de bouwtechnische activiteit is verkregen of dat de werkzaamheden aan gevolgklasse 1 zijn aangepast. Ad. D.Geen/onvolledige gereedmelding Na het afronden van de bouwwerkzaamheden dient de initiatiefnemer het bouwwerk gereed te melden. De melding dient uiterlijk twee weken voor ingebruikname van het bouwwerk ingediend te worden. Binnen deze termijn heeft de gemeente de mogelijkheid om te beoordelen of voldaan is aan de regels die aan de gereedmelding en daarbij te verstrekken gegevens en bescheiden zijn gesteld. Indien de gemeente van oordeel is dat dat niet het geval is, dan moet het de initiatiefnemer duidelijk maken dat het bouwwerk niet in gebruik genomen mag worden. Doet de gemeente dat niet dan mag het bouwwerk twee weken na de gereedmelding in gebruik worden genomen. Bij de gereedmelding dient er een verklaring van de kwaliteitsborger te zijn gevoegd waaruit blijkt dat het bouwwerk voldoet aan de daarvoor geldende regels. Er kunnen zich hier twee situatie voordoen, namelijk: a.

Kleine afwijkingen Het kan voorkomen dat er bij een gereedmelding een verklaring ontbreekt, omdat het gaat om kleine, niet herstelbare afwijkingen waarbij handhaving op het verbod op ingebruikname disproportioneel kan zijn. Er is in dat geval sprake van een onvolledige gereedmelding. Het gaat om uitzonderingssituaties waarin handhaving niet evenredig of proportioneel zou zijn. In dergelijke gevallen kan de gemeente op verzoek van de initiatiefnemer een ingebruiknamebesluit nemen om op die manier goedkeuring te verlenen. b. Geen gerechtvaardigd vertrouwen

41

Als de verklaring van de kwaliteitsborger ontbreekt, omdat er geen gerechtvaardigd vertrouwen is, dan moet onderzocht worden of de kwaliteitsborger tijdens de bouw de gemeente hierover heeft geïnformeerd. Als dit niet is gebeurd, dan wordt deze constatering gedeeld met de toezichthoudende instantie (instrumentaanbieder en Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw) en zal de gemeente aanvullende informatie opvragen over het ontbreken van de verklaring. Als een groot woningbouwproject dat in fases wordt uitgevoerd, dan moet de opdrachtgever elke fase afzonderlijk gereed melden.

4.6 Gedoogstrategie In principe bestaat geen ruimte voor het gedogen van overtredingen. Toch kan in een aantal gevallen een redelijke afweging van belangen leiden tot de slotsom dat optreden op dat moment niet redelijk is en dat voor een bepaalde periode de overtreding kan worden gedoogd. In de volgende gevallen kan een gedoogbesluit worden overwogen: •

1.

Als de overtreding op het moment van constateren weliswaar in strijd is met de regelgeving, maar er concreet zicht is op mogelijke legalisering. Dat wil zeggen dat er al regelgeving wordt voorbereid waarmee de strijdigheid wordt opgeheven of een vergunning is aangevraagd waarmee de overtreding kan worden opgeheven en deze vergunning naar alle waarschijnlijkheid kan worden verleend; •

2.

Als er sprake is van overmacht, dat wil zeggen dat omstandigheden die buiten de invloedssfeer van de overtreder liggen ertoe leiden dat de overtreding niet met goed fatsoen kan worden beëindigd; •

3.

Als nader onderzoek nodig is naar de oplossing van overtredingen, kan in afwachting van de uitkomsten van dat onderzoek worden gedoogd. Gedogen gebeurt niet passief (stilzwijgend), maar altijd actief: de gedoogbeschikking wordt gepubliceerd. Indien nodig wordt een afschrift verzonden aan het Openbaar Ministerie. In de gedoogbeschikking worden zo nodig voorschriften opgenomen om eventuele gevolgen van de gedoogsituatie zo beperkt mogelijk te laten zijn. Wordt afwijking van de regels geconstateerd waarvan de gevolgen slechts de overtreder zelf raken, dan geldt als uitgangspunt dat daarop vooralsnog niet wordt gehandhaafd. In dergelijke gevallen zal worden volstaan met het sturen van een kennisgeving aan de overtreder over de consequenties en risico’s daarvan. De gedoogstrategie is ook opgenomen in de Beleidsregels juridische handhaving gemeente Alkmaar 2023.

5. Uitvoeringsorganisatie In dit hoofdstuk worden de organisatorische uitgangs- en aandachtspunten uiteengezet. Hieronder wordt eerst een omschrijving gegeven van de afdeling Beleid & Vergunningen. Deze afdeling bestaat uit clusters. Vervolgens wordt ingegaan op de personele en financiële capaciteit, functiescheiding, samenwerkingsafspraken met externe partijen, handhaving van de eigen dienst, piketregeling, het voorkomen van vaste handhavingsrelaties en kwaliteitsborging.

42

5.1 Organisatie gemeente Alkmaar en afdeling Beleid & Vergunningen In onderstaande figuur is het organogram van de gemeente Alkmaar weergegeven. De gemeenteraad is het hoofd van de gemeente. De gemeenteraad heeft een kaderstellende rol en controleert het college van burgemeester en wethouders. De gemeentesecretaris staat aan het hoofd van de ambtelijke organisatie. De gemeente Alkmaar kent (naast leer- en werkbedrijf De Bolder) vier afdelingen. Elke afdeling heeft een manager en een of meerdere teamleiders. De VTH-taken zijn ondergebracht in verschillende clusters bij de afdeling Beleid & Vergunningen. Dit betreft het cluster Vergunningen, het cluster APV & Bijzondere wetten en het cluster Toezicht & Handhaving (Toezicht en Handhaving zijn aparte subclusters).

Tabel 7: Organogram gemeente Alkmaar

5.2 Personele en financiële middelen Voor de uitvoering van dit beleidsplan zijn personele en financiële en middelen benodigd. In onderstaande tabellen zijn de benodigde en beschikbare personele en financiële middelen opgenomen voor het bereiken van de doelen van dit beleidsplan. In de meerjarenbegrotingen worden jaarlijks budgetten geraamd. Hiermee zijn we in staat om onze reguliere activiteiten uit te voeren en de in deze nota beschreven doelen te realiseren. Ook kunnen er jaarlijks (thematische) activiteiten of projecten worden gepland, die gefinancierd worden met extra middelen (flexibele schil). In de begroting wordt dit geborgd. In het jaarlijks vast te stellen uitvoeringsprogramma worden de activiteiten en hiervoor benodigde uren die nodig zijn om de geplande werkzaamheden te realiseren, opgenomen. Wanneer blijkt dat er onvoldoende financiële en personele middelen beschikbaar zijn, worden aanvullende middelen gevraagd of wordt het VTH-uitvoeringsprogramma aangepast. Personele middelen In onderstaande tabel is aangegeven wat de benodigde en beschikbare personele middelen zijn om de doelen uit dit beleidsplan en de activiteiten uit te voeren.

43

Omgevingsvergunningen

Benodigd

Beschikbaar

verschil

1.00 fte

1.00 fte

-

1.00 fte

1.00 fte

-

1.00 fte

1.00 fte

-

1.69 fte

1.61 fte

-

3.89 fte

3.89 fte

-

1.00 fte

1.00 fte

-

0.35 fte

-

0.35 fte detachering via

Omgevingswet

Algemeen juridische medewerker (Adviseur III)

Adviseur (medewerker beleidsuitvoering I)

Adviseur (medewerker beleidsuitvoering II)

Zaakbeheerder (medewerker beleidsuitvoering III)

Administratieve ondersteuning (medewerker beleidsuitvoering IV)

Toezicht brandveilig gebruik

VRNHN

Accounthouder ODNHN

0.08 fte

-

0.08 fte detachering via Den Helder

Milieutechnische toets bij

Flexibel

-

vergunningverlening

Bouwplantoetsing bij vergunningverlening

Wordt ingehuurd via bureau

Flexibel

-

Wordt ingehuurd via bureau

44

Constructieve controles

Flexibel

-

Wordt ingehuurd via externe controle

Toezicht en handhaving

Juridische handhavers

2.00 fte

2.00 fte

-

1.11 fte

1.11 fte

-

2.00 fte

2.00 fte

-

0.25 fte

-

0.25 fte wordt ingehuurd,

(medewerker beleidsuitvoering I)

Toezichthouders Bouw (medewerker handhaving I)

Toezichthouder RO/Evenementen (medewerker handhaving II)

Toezicht monumenten

detachering via Monumentenwacht

Toezichthouder Brandveilig

0.32 fte

-

0.32 fte wordt ingehuurd

gebruik Tabel 8: benodigde en beschikbare personele middelen Financiële middelen In onderstaande tabel is per taakgebied aangegeven wat de benodigde en beschikbare financiële middelen zijn. Benodigd

Beschikbaar

Omgevingsvergunningen Wabo en APV en bijzondere wetten

45

Inhuur personeel omgevingsvergunningen

€165.000

€165.000

Werkzaamheden derden (ODNHN en overige VTH taken)

€677.183

€677.183

Werkzaamheden derden

€18.046

€18.046

Abonnementen vergunningen

€6.503

€6.503

Toezicht drank en horeca: inhuur personeel dienstverlening

€20.000

€20.000

Toezicht drank en horeca: advieskosten derden

€6.864

€6.864

Abonnementen toezicht

€500

€500

Inhuur personeel dienstverlening

€527.040

€527.040

Overige materialen

€60.924

€60.924

Bijdrage aan derden

€502

€502

€71.332

€71.332

Toezicht en handhaving

Handhaving

Flexibele schil VTH

Inhuur personeel dienstverlening Tabel 9: benodigde en beschikbare financiële middelen

46

5.3 Functiescheiding vergunningverlening, toezicht en handhaving Zoals in paragraaf 5.1 is toegelicht, zijn de VTH-taken ondergebracht in verschillende clusters bij de Afdeling Vergunningen & Beleid. Vergunningverlening, toezicht en handhaving zijn binnen de gemeente Alkmaar dus gescheiden. Toezicht en handhaving zitten weliswaar binnen hetzelfde cluster, maar deze onderdelen zijn opgesplitst in twee subclusters: toezicht en handhaving. Het toezicht op de Omgevingswet en bouwen woningtoezicht (en evenementen) wordt uitgevoerd door het subcluster Toezicht. In zaken waar de toezichthouders de overtredingen na goed overleg met overtreders niet ongedaan gemaakt krijgen, worden opgepakt door het subcluster Handhaving. Handhavingsverzoeken worden direct opgepakt door het subcluster Handhaving. Enkele toezichttaken zijn extern belegd. De toezichthouder Brandveilig gebruik wordt gedetacheerd vanuit de Veiligheidsregio Noord-Holland Noord en de toezichthouder Monumenten wordt gedetacheerd vanuit de Monumentenwacht. Er geldt een wettelijke verplichting de bevoegdheden, taken en verantwoordelijkheden op schrift vast te leggen. De toezichthouders zijn als zodanig door het college van B&W aangewezen. Bij deze aanwijzing zijn ook de taken en bevoegdheden vastgelegd. De aanwijzing vindt plaats op functieniveau.

In de gemeentelijke mandaatregeling is verder geregeld welke zaken door het college van B&W zijn gemandateerd. In het college van 2022-2026 zijn de taken ook gescheiden. Een wethouder heeft vergunningen in de portefeuille, toezicht en handhaving zit in de portefeuille van de burgemeester. Uiteraard uitgezonderd de specifieke bevoegdheden van de burgemeester, dan vallen vergunningverlening, en toezicht en handhaving in de portefeuille van de burgemeester.

5.4 Samenwerkingsafspraken externe partijen Om haar taken goed uit te kunnen voeren is de gemeente ook afhankelijk van externe partners. Waar afspraken zijn gemaakt met deze partners over de wijze waarop wordt samengewerkt, wordt dit hieronder verder uitgewerkt. Voor de andere ketenpartners gelden geen speciale afspraken. Samenwerking met externe partners voor gemeentelijke taken Uitgangspunt moet zijn dat de gemeente te allen tijde de kwaliteit van de uitvoering van de VTH-taken kan garanderen. Het college is van opvatting dat de volgende taken bij voorkeur in eigen beheer plaatsvinden: •

•

Alle taken die fysiek op het eiland moeten worden uitgevoerd; •

•

Alle taken waar een direct klantcontact de dienstverlening versterkt; •

•

Alle taken die een gezamenlijke afweging vragen van verschillende onderdelen van de werkorganisatie; •

•

Alle taken waarbij besluitvorming direct afhankelijk is van politiek-bestuurlijke opvattingen.

47

Waar nodig moet de eigen organisatie daarvoor worden versterkt om aan de gestelde VTHkwaliteitscriteria te kunnen voldoen. Om kwetsbaarheden in de organisatie te tackelen zal worden bezien waar effectief en efficiënt structureel kan worden samengewerkt met andere overheden. Ook zal hier bij toenemende werklast de flexibele schil kunnen worden ingezet. Op een aantal bijzondere specialismen kan het inefficiënt zijn om deze deskundigheid zelf in huis te ontwikkelen en te behouden. Dit zal het geval zijn als de werklast te klein is, waardoor kennis en ervaring onvoldoende wordt opgebouwd en onderhouden. Voor een groot deel van de taken geldt de eis dat zij binnen de overheid moeten worden belegd. Als de eigen organisatie daartoe niet (of niet volledig) in staat is, wordt in voorkomende gevallen extern advies gevraagd. In dat geval is of wordt bij voorkeur samenwerking in een gemeenschappelijke regeling of dienstverleningsovereenkomst met een publiekrechtelijke organisatie geregeld. Voorbeelden van taken waar dit nu al op onderdelen gebeurt: Voor deze specifieke deskundigheden heeft het college een voorkeur voor het uitbesteden middels een dienstverleningsovereenkomst of via een gemeenschappelijke regeling. Dit laatste omdat dit de meest integrale en efficiënte oplossing is.

Als de eigen organisatie niet of niet volledig in staat is specialistische taken zelf uit te voeren (bijvoorbeeld bouwfysica, geluidmetingen en milieu advisering) is voor deze taken ook uitvoering door een marktpartij mogelijk. Uiteraard zal in dat geval worden gekozen voor de bedrijfseconomisch meest verantwoorde variant. Wel zal van de partij waaraan wordt uitbesteed worden geëist dat zij kan aantonen te voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen omtrent kritische massa, opleiding en ervaring. De keuze voor een partij volgt uit een aanbestedingstraject conform de het Inkoop- en aanbestedingsbeleid gemeente Alkmaar 2022. Jaarlijks zal in het uitvoeringsprogramma uiteengezet welke externe partijen welke taken in de VTH-taken uitvoeren. Omgevingsdienst Noord-Holland Noord (ODNHN) Milieu gerelateerde VTH-taken worden uitgevoerd door ODNHN. De gemeente is als bevoegd gezag verantwoordelijk voor de uit te voeren taken en stuurt op basis van een dienstverleningsovereenkomst (DVO) als opdrachtgever op de uitvoering van taken. Uitvoeringsbeleid dat door ODNHN in overleg met de gemeente wordt opgesteld, moet door het college van Alkmaar worden vastgesteld en ter kennisname gestuurd naar de raad. Het opdrachtgeverschap van ODNHN wordt mede vormgegeven in de regionale regievoerders en accounthouders overleggen. Voor het accounthouderschap is aansluiting gevonden bij de gemeente Den Helder.

Alkmaar huurt de accounthouder van Den Helder in voor 3 uur per week om de accounthouderstaken vorm te geven. Veiligheidsregio Noord-Holland Noord (VRNHN) VRNHN heeft een adviesrol op het gebied van brandpreventie en fysieke veiligheid. Alkmaar heeft echter voldoende expertise in huis om de advisering van de reguliere zaken zelf te doen. Daarom wordt slechts bij zeer complexe gevallen VRNHN om advies gevraagd. VRNHN toetst alleen die aanvragen waartoe zij verplicht zijn. Dit zijn aanvragen waar een niet standaard gelijkwaardige oplossing wordt toegepast en bij aanvragen op het gebied van externe

48

veiligheid. Indien gewenst wordt ook advies ingewonnen bij meer complexe aanvragen (zorginstellingen, kinderdagverblijven en of gebouwen waar minder zelfredzame mensen aanwezig zijn). Er zijn werkafspraken gemaakt met VRNHN. De gemeente Alkmaar maakt gebruik van de deskundigheid van VRNHN op het gebied van externe veiligheid, brandbeveiligingsinstallaties en bluswatervoorziening en bereikbaarheid. Bij complexe aanvragen voor omgevingsvergunningen met de activiteit bouwen of brandveilig gebruik kan een beroep worden gedaan op de deskundigheid van VRNHN. VRNHN heeft een adviserende rol bij het opstellen van bestemmingsplannen en omgevingsplannen. Voor de controles brandveiligheid wordt capaciteit ingehuurd. Politie/Openbaar Ministerie Met de politie en het OM wordt zowel op operationeel als tactisch niveau nauw samengewerkt. Operationeel gaat het in ieder geval om samenwerking op de volgende thema’s: openbare ruimte, jeugdoverlast en ondermijning. Hoewel dit niet in hoofdzaak VTH taken zijn, hebben de toezichthouders bij de uitvoering van hun werkzaamheden wel een signaleringsfunctie naar andere taakvelden. Overige partijen Naast de samenwerking met andere afdelingen, wordt met enige regelmaat samengewerkt met onderstaande partijen. Hier zijn geen concrete afspraken voor gemaakt. de samenwerking vindt op casuïstisch niveau plaats met: •

Provincie Noord-Holland

•

Hoogheemraadschap Hollands-Noorderkwartier (HHNK)

•

Landschap Noord-Holland

•

Veiligheidshuis Noord-Holland Noord

•

Inspectie Sociale zaken en werkgelegenheid

•

Liander

•

Belastingdienst

5.5 Handhaving eigen dienst Als vanuit het toezicht overtredingen worden geconstateerd wordt hieraan vervolg gegeven. De wijze waarop dat gebeurt is afhankelijk van de aard van de overtreding, historie en de omstandigheden waarin de overtreding is begaan. In de sanctiestrategie is vastgelegd op welke wijze hiermee in Alkmaar wordt omgegaan. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in overtredingen die door burgers en bedrijven worden begaan en overtredingen die door de gemeente zelf worden begaan. Er doen zich situaties voor waarbij de gemeentelijke organisatie zelf zowel het uitvoerende als toezichthoudende orgaan is. Ook komt het voor dat een collega-overheid de vergunninghouder is. Aangezien de gemeente Alkmaar een voorbeeldfunctie heeft naar haar inwoners en bedrijven toe, wordt er extra kritisch naar eventuele overtredingen gekeken. Daarbij speelt ook dat een bestuursorgaan niet snel geneigd is om bestuurlijke maatregelen tegen zichzelf te nemen. Ook heeft de toezichthouder intern een hiërarchisch ondergeschikte positie, waardoor er geen zekerheid bestaat dat aan zijn constateringen aandacht en opvolging wordt gegeven.

49

Als er een overtreding bij de eigen organisatie of andere overheden wordt geconstateerd, wordt er allereerst een waarschuwingsbrief met hersteltermijn aan de afdeling gestuurd onder wiens verantwoordelijkheid de betreffende overtreding dan wel activiteit plaatsvindt en de eventuele beheerder van de locatie. In de brief wordt gerefereerd aan de voorbeeldfunctie. Een afschrift van de brief wordt aan de verantwoordelijke portefeuillehouder gegeven. Eventueel kan er aanvullend op deze waarschuwingsbrief een overleg met de wethouder, team- of afdelingsmanagers en de toezichthouder volgen. Als de overtredingen na het verstrijken van de hersteltermijnen uit de waarschuwingsbrief niet ongedaan zijn gemaakt, wordt de casus direct voorgelegd aan het management, de directie en/of het bestuur. Het management, de directie en/of het bestuur zorgen ervoor dat passende maatregelen worden genomen om de overtreding te beëindigen, deze in de toekomst te voorkomen en zo nodig de schade te herstellen.

5.6 Piketregeling Ten aanzien van milieu is ODNHN 24/7 bereikbaar en beschikbaar in geval van milieu-incidenten, klachten en meldingen. Met betrekking tot overige Wabo-taken geldt voor spoedeisende zaken een zachte piketregeling. Toezichthouders en handhavers van de gemeente kunnen bij calamiteiten worden gebeld. Er wordt gewerkt met een lijst van vrije instroom. Klachten en/of meldingen die niet spoedeisend zijn worden naar de betreffende afdeling en/of het (sub)cluster doorgezet met het verzoek deze af te handelen. Er wordt binnen 24 uur contact opgenomen met de melder. De behandelingstijd voor klachten of meldingen is niet genormeerd. De benodigde tijd hangt namelijk af van de aard van de klacht/melding. Er is wel een piketregeling voor het managementteam en medewerkers van openbare orde en veiligheid. Via deze lijn kunnen meldingen binnenkomen en worden doorgezet naar de medewerkers van de afdeling Beleid & Vergunningen.

5.7 Voorkomen van vaste handhavingsrelaties De gemeente Alkmaar heeft twee toezichthouders RO en één toezichthouder Bouw. De toezichthouders RO doen geregeld gezamenlijk controles en voeren in één handhavingszaak onafhankelijk van elkaar diverse nacontroles uit. Uiteraard vindt er wel afstemming plaats. Er is één toezichthouder Bouw, hierdoor is er geen roulatiesysteem mogelijk. Op grond van artikel 13.9 tweede lid van het Omgevingsbesluit is dat ook niet noodzakelijk, omdat dat artikel toeziet op het toezicht bij milieubelastende activiteiten en niet bouwen.

5.8 Kwaliteitsborging Om VTH-taken op een professionele wijze uit te voeren, heeft het Rijk kwaliteitscriteria ontwikkeld. Deze criteria richten zich op de kwaliteit van de medewerkers en op het borgen van de organisatorische processen. In de Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht gemeente Alkmaar 2023 is bepaald dat op de uitvoering en handhaving van de betrokken wetten door of in opdracht van (dus bijvoorbeeld ook ODNHN) het college van burgemeester en wethouders de actuele kwaliteitscriteria van toepassing zijn die in landelijke samenwerking tussen bevoegde gezagen ontwikkeld en beschikbaar gesteld zijn inzake de beschikbaarheid en de deskundigheid van organisaties die met de kwaliteit van de uitvoering en handhaving van de betrokken wetten zijn belast.

50

Dit betreft de VTH-kwaliteitscriteria 2.3 (2022). Over de naleving van de kwaliteitscriteria doet het college van burgemeester en wethouders jaarlijks mededeling aan de raad. Ten aanzien van kwaliteitsborging zijn in dit beleidsplan doelen gesteld. Voor een overzicht wordt verwezen naar paragraaf 3.4. De komende jaren worden diverse activiteiten uitgevoerd om de kwaliteit van de dienstverlening nog verder te verbeteren. Ondertekening Vastgesteld in de vergadering van 18 juni 2024 Burgemeester & wethouders van Alkmaar, De secretaris, De burgemeester, E. Wolfkamp M. Pol

Bijlage 1 – Risicoanalyse en prioritering Prioriteit

Toezicht

Toezicht

Omgevingswetvergunnin

bestaande bouw

Toezicht omgeving

gen

Hoog

Verblijfsaccommodaties

camping-recreatie

(illegale) slopen

agrarische

(illegale) vestiging

gebouwen

recreatie-

>1.000.000 bouwsom

Monumenten

/kampeerterreinen

melding brandveilig

bedrijfsgebouwen

gebruik

uitbreiding areaal recreatiewoningen/bedd en

Gezondheidsfunctie met

horeca

illegaal kamperen

bedgebied

kampeerterreinen in Natura 2000 gebieden

51

Gemidde

Verblijfsaccommodaties

ld

>€100.000 bouwsom

B&B en logies

(illegale) recreatieve bewoning burgerwoningen

overig complex >

wijziging

1.000.000 bouwsom

monument (rijks-

illegale evenementen

en gemeentelijk)

tijdelijk seizoensgebonden

excessen welstand

bouwwerken

werken geen bouwwerken

bouwen in Natura 2000-

zijnde

gebied

Kappen

verkrotting archeologische/aardkun dige waarde

reclame

Illegale verwijdering van tuinwallen

Wonen >€1.000.000

Vernietigen

bouwsom (GK 2-3)

archeologische/aardkun dige waarden

Gezondheidsfunctie

ligplaatsen haven

zonder bedgebied

Laag

overige kleine bouw (flits)

woonzorgcomple

(illegale) bewoning

(GK 2-3)

xen

recreatiewoningen

52

verbouw

commerciële

recreatiewoningen (GK 2-

kinderopvang

(illegale) gebruik wonen

3)

wonen < €100.000 bouwsom (eenvoudige)

onderwijslocaties

(illegale) gebruik bedrijven

(GK 2-3)

wonen < €100.000

(illegale) gebruik

bouwsom (complex) (GK

agrarische bedrijven

2-3)

overig eenvoudig

(illegale) reclame-

<€100.000 bouwsom

uitingen

overig complex <€100.000

(illegale ) bouw, kleine

bouwsom

bouwwerken

tijdelijke bouwwerken

(illegale) bouw, grote bouwwerken

sloopmelding

illegale kap

uitweg

registratieplicht toeristisch verhuur woningen

53

54

55

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17032777/1