CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2- Technische vragen Quickscan ecologie - Recreatieschap Geestmerambacht

Gezamenlijke commissievergadering 19 juni 2025, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Vaststelling agenda16.178 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Quickscan ecologie In het kader van de Omgevingswet Ontwikkelingen recreatiegebied Geestmerambacht Recreatieschap Geestmerambacht 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

Contactpersoon JASPER OSTERTHUN

Arcadis Nederland B.V. Postbus 1018 5200 BA 'sHertogenbosch Nederland

2

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

Inhoudsopgave 1

2

3

4

5

3

Inleiding

5

1.1

Aanleiding en doel

5

1.2

Leeswijzer

5

Recreatiegebied Geestmerambacht en ontwikkeling

6

2.1

Ligging

6

2.2

Huidige situatie

7

2.3

Voorgenomen ontwikkeling

8

Natuurnetwerk Nederland

10

3.1

Methodiek

10

3.2

Ligging en locatie

10

3.3

Effectenanalyse

10

3.4

Toetsing en vervolgstappen

10

Beschermde soorten

12

4.1

Methodiek

12

4.2

Aanwezigheid

12

4.3

Effectenanalyse

19

4.4

Toetsing

23

4.4.1

Beschermingscategorieën relevante soorten

23

4.4.2

Overtreding verbodsbepalingen

25

4.5

Vervolgstappen

26

4.5.1

Mitigerende maatregelen

26

4.5.2

Aanvullend soortgericht onderzoek

30

4.5.3

Leefgebied optimaliseren

31

Conclusie

33

5.1

NNN

33

5.2

Beschermde soorten

33

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

6

5.2.1

Recreatie in deelgebieden

33

5.2.2

Windpark

34

5.2.3

Cumulatie

34

5.3

Aandachtspunten quickscan

34

Bronnen

Colofon

4

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

36

51

QUICKSCAN ECOLOGIE

1

Inleiding

1.1

Aanleiding en doel

Het Recreatieschap Geestmerambacht heeft het voornemen om het bestaande recreatiegebied tussen de stedelijke gebieden van Heerhugowaard, Alkmaar en Langedijk te versterken. Voor de recreatie-ontwikkeling heeft het Recreatieschap Geestmerambacht een Visie Recreatiegebieden Geestmerambacht 2030 (20 januari 2021) en Uitvoeringsplan visie 2030 (27 juni 2022) opgesteld. De visie geeft diverse ontwikkelambities van het gehele recreatiegebied en vormt de basis voor de verdere ontwikkeling van de deelgebieden. Het Recreatieschap Geestmerambacht wil vroegtijdig inzicht hebben of voorgenomen plannen (uit de visie en het uitvoeringsplan) binnen het Recreatiegebied Geestmerambacht kunnen leiden tot cumulatieve effecten op natuur. Omdat voor de recreatieve ontwikkelingen aparte vergunningen- en/of planologische procedures doorlopen gaan worden, is het belangrijk de samenhang tussen ontwikkelingen te beschouwen. Cumulatieve effecten kunnen optreden op de onderzoeksthema’s verkeer, ecologie en stikstofdepositie. Recreatieschap Geestmerambacht heeft Arcadis gevraagd om onderzoek te doen naar deze onderwerpen. Voorliggende rapportage is een quickscan ecologie waarbij een eerste inzicht wordt gegeven in de risico’s met betrekking tot beschermde soorten en gebieden (NNN en Natura 2000) en de vervolgstappen die getroffen dienen te worden om conflict met de Omgevingswet (Ow) te voorkomen.

Gelet op de afstand van ruim 2 kilometer tot het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied zijn negatieve effecten als gevolg van ruimtebeslag en verstoring door licht, geluid en trillingen en vervuiling via oppervlaktewater uitgesloten. Separaat aan de quickscan wordt een Aerius-berekening uitgevoerd waarbij gekeken wordt of sprake is van een toename van stikstofdepositie op overbelaste Natura 2000gebieden. In voorliggende rapportage wordt verder niet ingegaan op mogelijke effecten op Natura 2000-gebieden.

1.2

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 wordt het recreatiegebied Geestmerambacht en de voorgenomen ontwikkeling behandeld. Hoofdstuk 3 gaat in op het Natuurnetwerk Nederland waarbij de ligging ten opzichte van het recreatiegebied en de mogelijke effecten worden behandeld. Hoofdstuk 4 gaat vervolgens in op beschermde soorten waarbij op basis van de bevindingen ingegaan wordt op effecten, toetsing en vervolgstappen conform Ow. In hoofdstuk 5 is de conclusie opgenomen. Hoofdstuk 6 behandelt de geraadpleegde bronnen. In bijlage A is het wettelijk kader van de Ow beschreven. In bijlage B is de foto-impressie van het recreatiegebied Geestmerambacht opgenomen.

5

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

2

Recreatiegebied Geestmerambacht en ontwikkeling

2.1

Ligging

Het recreatiegebied Geestmerambacht is gelegen ten noorden van Alkmaar, zie figuur 1. Dit recreatiegebied is onderdeel van een aantal reactiegebieden tussen Alkmaar, Heerhugowaard en Langedijk (Groene loper en Park van Luna).

Figuur 1. Het recreatiegebied Geestmerambacht vormt onderdeel van een drietal recreatieve gebieden tussen Alkmaar, Heerhugewaard en Langedijk. 6

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

2.2

Huidige situatie

Gelet op de verschillende functies binnen recreatiegebied Geestmerambacht zijn 22 deelgebieden aangewezen, zie figuur 2. In tabel 1 is per deelgebied een beschrijving opgenomen. In bijlage B is een foto-impressie van de deelgebieden opgenomen.

Figuur 2. Het recreatiegebied is verdeeld in 22 deelgebieden, zie ook tabel 2. Tabel 1. Deelgebieden binnen het recreatiegebied Geestmerambacht en beschrijving van de huidige situatie.

# 1

Functie huidige situatie 18 tiny houses staan met een tijdelijke vergunning van 10 jaar tot 2030

2

Baggerdepot

3

Evenemententerrein met tijdelijke vergunningen.

4

Overloopgebied evenemententerrein. Parkeerterrein voor evenementen in weiland. Campingterrein en fietsenstalling bij grote evenementen

5

7

Beschrijving huidige situatie Binnen dit deelgebied zijn tiny houses aanwezig met aangrenzend relatief groene tuinen. Aan de randzones zijn voornamelijk struike en bomen aanwezig. Op het moment van het veldbezoek waren binnen dit terrein graafwerkzaamheden in uitvoering. Het terrein was grotendeels vergraven. Binnen de onvergraven delen is voornamelijk grasland aanwezig. Door dit deelgebied loopt een verharde weg. Door het gebied lopen semi-verharde wandelpaden. Het noordelijk deel bestaat voornamelijk uit grasvelden en struweel. Het zuidelijk deel bestaat grotendeels uit grasland en plas met in de oever opslag van riet. Dit deelgebied bestaat voornamelijk uit grasland.

Dit deelgebied bestaat voornamelijk uit grasland.

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

# 6

Functie huidige situatie Manege Beukers

7

Parkeerterrein voor evenementen in weiland Agrarische grond

8 9 10

11 12 13

Tijdelijke parkeerterrein voor evenementen Vaste parkeermogelijkheid van 100 plaatsen Speelpark De Swaen Bestaand recreatiepark - Europarcs Molengroet Natuur

14

Beheerkantoor, parkeerplaats, café/restaurant

15

Bestaande recreatieplas

16

Bestaand natuurgebied Kleimeer

17

Horeca

18

Natuurbegraafplaats Geestmerloo

19

Agrarisch gebruik met wonen

20

Agrarisch gebruik met wonen

21 22

Agrarisch gebruik Agrarisch gebruik bij Camping Kolibrie

2.3

Beschrijving huidige situatie Dit deelgebied bestaat uit een woonerf waar graslanden, woningen en schuren te vinden zijn. Dit deelgebied bestaat voornamelijk uit grasland. Het deelgebied bestaat grotendeels uit grasland. Binnen dit deelgebied is tevens een woonerf aanwezig. Dit deelgebied bestaat voornamelijk uit grasland. Binnen dit deelgebied zijn parkeerplaatsen aanwezig. De parkeerplaatsen zijn voor een groot deel omgeven door een wal met ruigte en struweel. Dit deelgebied betreft een woonerf met een speelpark. Dit deelgebied bestaat voornamelijk uit recreatiewoningen, verharding en struiken en bomen. Binnen dit deelgebied is bos aanwezig. Hier lopen verschillende recreatieve voorzieningen doorheen zoals wandelpaden en mountainbike routes. Dit deelgebied bestaat uit het noordelijke deel van het recreatiegebied van Geestmerambacht waar onder andere parkeerplaatsen, gebouwen, graslanden, bosschages en stranden te vinden zijn. Dit deelgebied betreft grotendeels open water van een recreatieplas. Dit deelgebied betreft het natuurgebied Kleimeer bestaande uit verschillende watergangen met relatief veel rietmoeras. Dit deelgebied bestaat uit het zuidelijk deel van het recreatiegebied van Geestmerambacht waar onder andere parkeerplaatsen, gebouwen, graslanden, bosschages en stranden te vinden zijn. Dit deelgebied bestaat voornamelijk uit grasland met jong opschot.

Binnen dit terrein valt één woonerf. Dit deelgebied bestaat voornamelijk grasland. Binnen dit terrein valt één woonerf. Dit deelgebied bestaat voornamelijk weiland waar paarden grazen. Binnen dit terrein valt één woonerf. Dit deelgebied bestaat voornamelijk uit grasland. Dit deelgebied bestaat voornamelijk uit grasland.

Voorgenomen ontwikkeling

In de visie Recreatiegebieden Geestmerambacht 2030 zijn binnen het recreatiegebied Geestmerambacht verschillende ontwikkelingen gepland. In tabel 2 is per deelgebied (zie figuur 2) een beschrijving van de activiteit/beoogde ontwikkeling opgenomen. De ruimtelijk ontwikkelingen moeten nog in detail uitgewerkt worden. Binnen een aantal deelgebieden vinden geen activiteiten en/of nieuwe ontwikkelingen plaats. De quickscan is daarom niet van toepassing op deze deelgebieden. De quickscan is gefocust op de deelgebieden waar activiteiten plaatsvinden en/of nieuwe voornemens gepland zijn: 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 18, 19, 20, 21 en 22. Naast de toekomstige ontwikkelingen heeft Recreatieschap Geestmerambacht expliciet gevraagd om ook inzicht te verschaffen in de ecologische risico’s met betrekking tot het realiseren van een windpark in deelgebied 22.

8

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

Tabel 2. Deelgebieden binnen het recreatieschap Geestmerambacht en een beschrijving van het toekomstig voornemen, indien hier sprake van is.

1 2 3 4 5 6 7 8 9

9

Huidige situatie 18 tiny houses staan er al met een tijdelijke vergunning van 10 jaar tot 2030 Baggerdepot Evenemententerrein bestaand d.m.v. tijdelijke vergunningen. Overloopgebied. Parkeerterrein evenementen weiland bestaand Campingterrein en fietsenstalling bij grote evenementen (iquisity) Manege (beukers) bestaand

10

Parkeerterrein evenementen weiland bestaand. Agrarische grond Wordt gebruikt als tijdelijke parkeerterrein voor evenementen Vaste parkeermogelijkheid 100 plaatsen

11 12 13 14 15 16 17 18

Speelpark De Swaen Bestaand recreatiepark - Europarcs Molengroet Natuur Beheerkantoor, parkeerplaats, café/restaurant Bestaande recreatieplas Bestaand natuurgebied Kleimeer Horeca Natuurbegraafplaats Geestmerloo

19

Agrarisch met wonen

20 21 22

Agrarisch met wonen Agrarisch gebruik Agrarisch gebruik bij Camping kolibrie

Toekomstige situatie/voornemen Na 2030 andere invulling, nog niet bekend wat. Hier meegenomen als ‘geen toekomstige ontwikkeling’. 2a Baggerdepot: wordt 6 hectare. 2b Ontwikkelen Bike Experience van 5 hectare Wielerbaan en Evenemententerrein, als dubbelgebruik. Wijzigt niet. Wijzigt niet. Manege Beukers en toevoegen functie: parkeerterrein evenementen weiland Uitbreiding Manege Beukers (6) met paardenbak. Zorgboerderij 2 groepsaccommodaties. Vast 100 parkeerplaatsen. Overloopgebied (Tijdelijk) parkeerterrein voor maximaal 650 parkeerplaatsen. Wijzigt niet. Wijzigt niet. Wijzigt niet. Wijzigt niet. Wijzigt niet. Wijzigt niet. Wijzigt niet. Uitbreiding natuurbegraafplaats Geestmerloo met 1140 graven Uitbreidingslocatie natuurbegraafplaats (na uitbreiding op 18) Geitenboerderij/kinderboerderij Tijdelijk parkeren 2.000 auto's Tijdelijk parkeren circa 500 auto's en realisatie windpark

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

3

Natuurnetwerk Nederland

3.1

Methodiek

Dit onderzoek bestaat uit een bureaustudie waarbij de interactieve kaart van provincie Noord-Holland (noordholland.nl) is geraadpleegd. Met deze kaart is de ligging van de relevante deelgebieden ten opzichte van het NNN bepaald. Op basis van deze bevindingen, de eigenschappen van de werkzaamheden en het beleid van de provincie Noord-Holland, is geconcludeerd of negatieve effecten als gevolg van de werkzaamheden mogelijk plaatsvinden of uitgesloten zijn. Indien negatieve effecten niet op voorhand uitgesloten kunnen worden, wordt ingegaan op de vervolgstappen die getroffen dienen te worden om conflict met de Ow te voorkomen. Wat betreft negatieve effecten worden binnen de provincie Noord-Holland directe effecten, als gevolg van ruimtebeslag en verstoring door licht, geluid en trillingen, getoetst. Externe werking wordt niet getoetst.

3.2

Ligging en locatie

Het recreatieschap Geestmerambacht bestaat voor een groot deel uit het NNN-gebied, zie figuur 3. Het gaat om de deelgebieden 13 t/m 17. De oppervlakte van het NNN-gebied Kleimeer en Geestmerambacht bedraagt 247 hectare. De samenhang binnen het gebied komt met name tot uiting door het parkachtige landschap van afwisselend bos met open grasvelden en moeraszones rondom de plas Zomerdel. Het naastliggende Kleimeer wordt gekenmerkt door aaneengesloten natte natuur (https://noord-holland.tercera-ro.nl/).

Figuur 3. Kaarten met ligging Natuurnetwerk Nederland ten opzichte van het recreatieschap Geestmerambacht.

3.3

Effectenanalyse

Binnen de deelgebieden die met NNN-gebied overlappen (deelgebieden 13 t/m 17) vinden geen activiteiten en/of ontwikkelingen plaats. Negatieve effecten als gevolg van ruimtebeslag en directe negatieve effecten als gevolg van verstoring door licht, geluid en trillingen zijn uitgesloten. Verstoring door geluid en licht kunnen uitstralen richting het nabijgelegen NNN-gebied. Hierdoor kan het leefgebied van voorkomende soorten negatief beïnvloed worden.

3.4

Toetsing en vervolgstappen

De deelgebieden waarbinnen activiteiten en/of werkzaamheden plaatsvinden maken geen onderdeel uit van NNNgebied. Een toetsing is daarom niet aan de orde. NNN-gebied ligt echter wel in de directe omgeving waardoor alsnog geadviseerd wordt om negatieve effecten, bijvoorbeeld als gevolg van uitstraling van geluid en licht, zo goed als mogelijk te voorkomen. Hierbij kan gedacht worden aan aanpassingen van licht waardoor groenstructuren en watergangen in de omgeving niet beschenen worden. Geluidsbronnen kunnen mogelijk lager geplaatst worden zodat 10

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

uitstraling naar de omgeving minder is dan wanneer geluidsbronnen relatief hoog geplaatst worden. In figuur 4 is weergegeven om welke randzones van NNN-gebied het gaat.

Figuur 4. Kaarten met ligging Natuurnetwerk Nederland ten opzichte van het recreatieschap Geestmerambacht. Om effecten op voorkomende soorten te minimaliseren moet uitstraling van effecten op de randzones (rode stippellijn) zo goed mogelijk voorkomen worden.

11

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

4

Beschermde soorten

4.1

Methodiek

Voor deze quickscan zijn een bureauonderzoek en een veldbezoek uitgevoerd. Bureauonderzoek <PM>Voor actuele waarnemingen van beschermde soorten is gebruik gemaakt van de verspreidingsgegevens van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) van de afgelopen vijf jaar (april 2019 – april 2024). In straal van een kilometer is rondom het recreatiegebied Geestmerambacht onderzocht welke soorten zijn waargenomen. Waarnemingen geven een eerste inzicht in het voorkomen van (beschermde) soorten. Vervolgens is door middel van www.verspreidingsatlas.nl onderzocht of het recreatiegebied Geestmerambacht binnen het verspreidingsgebied van beschermde soorten ligt. Tevens zijn actuele onderzoeksgegevens (<3 jaar) geraadpleegd (Arcadis, 2022). De bevindingen van het bureauonderzoek geven inzicht in de soorten die mogelijk voorkomen, waar tijdens het veldbezoek op gelet moet worden. Veldbezoek Het veldbezoek is uitgevoerd op 29 maart 2024 door een ecoloog van Arcadis. De weersomstandigheden waren 14°C, licht bewolkt en een windkracht van 2-3 Bft. Tijdens de veldbezoeken is een habitatgeschiktheidsbeoordeling uitgevoerd. Hierbij is op basis van de uitkomsten van het bureauonderzoek en de fysieke kenmerken van het recreatiegebied Geestmerambacht een indicatie gegeven van het mogelijk voorkomen van beschermde plant- en diersoorten.

Hierbij is onderzocht of mogelijke standplaatsen, verblijfplaatsen, voortplantingsplaatsen of leefgebieden binnen of in de directe omgeving van het ingreepgebied (kunnen) worden aangetast. Bij (mogelijke) aanwezigheid van een beschermde soort is vervolgens bepaald of negatieve effecten als gevolg van de werkzaamheden aan de orde zijn. Indien negatieve effecten uitgesloten zijn, zijn verdere vervolgstappen niet nodig. Indien mogelijk wel sprake is van een negatief effect is getoetst of en zo ja, of mogelijk sprake is van een vergunningsplicht vanuit de Omgevingswet en de (mogelijke) vervolgstappen. Beschermde soorten Voor de toetsing binnen deze quickscan is het niet relevant om in te gaan op alle niet-beschermde soorten, omdat hoewel altijd een zorgplicht geldt, deze soorten voor de planvorming niet bepalend zijn. Daarom zijn alleen beschermde soorten conform Ow meegenomen.

4.2

Aanwezigheid

In tabel 4 is op basis van het bureauonderzoek en een veldbezoek per soortgroep beschreven welke soorten (mogelijk) voor kunnen komen. In tabel is een globaal overzicht weergegeven met het (mogelijk) voorkomen van soortgroepen per relevant deelgebied, zie H 2.3. Tabel 3 Per relevante soortgroep is het voorkomen en functie leefgebied van soorten binnen het recreatiegebied Geestmerambacht beschreven. Soortgroep Aanwezigheid beschermde soorten/ geschiktheid habitat Conclusie Flora

12

Binnen het recreatiegebied Geestmerambacht zijn waarnemingen bekend van Beschermde planten zijn akkerdoornzaad en wilde ridderspoor (NDFF). Deze soorten zijn aangetroffen uitgesloten. binnen de natuurbegraafplaats, deelgebied 18. Het recreatiegebied Geestmerambacht en de omgeving ligt niet binnen het verspreidingsgebied van andere beschermde plantensoorten (verspreidingsatlas.nl). Volgens de verspreidingsgegevens gaat het bij akkerdoornzaad en wilde ridderspoor om een niet-wilde variant (verspreidingsatlas.nl. Het recreatiegebied Geestmerambacht ligt niet binnen het verspreidingsgebied van akkerdoornzaad en wilde ridderspoor (verspreidingsatlas.nl). Deze niet wilde-varianten zijn niet beschermd en worden verder niet behandeld in deze quickscan.

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

Soortgroep

Aanwezigheid beschermde soorten/ geschiktheid habitat

Broedvogels (nest jaarrond beschermd)

Bureauonderzoek Binnen en/of in de omgeving het recreatiegebied Geestmerambacht zijn waarnemingen bekend van buizerd, havik, sperwer, huismus, gierzwaluw, boomvalk, steenuil, ransuil en ooievaar (NDFF). Functies voor deze vogels kunnen gescheiden in de ruimte zijn: dus op enige afstand van het nest wordt gefoerageerd. Gelet op het vlieggedrag van de meeste broedvogels is geen sprake van een barrière tussen leefgebieden waardoor in principe alle voorgenoemde broedvogels met een jaarrond beschermd nest binnen het recreatiegebied kunnen voorkomen.

Broedvogels (beschermd gedurende broedperiode)

Bureauonderzoek Binnen en in de omgeving het recreatiegebied zijn waarnemingen bekend van broedvogels zoals aalscholver, baardman, bergeend, blauwborst, merel, roodborst en zwarte kraai (NDFF). Gelet op het vlieggedrag van de meeste broedvogels is geen sprake van een barrière (bijvoorbeeld wegen en bebouwing) tussen leefgebieden waardoor in principe bijna alle broedvogels binnen het recreatiegeebied kunnen voorkomen. Daarnaast bestaat deze soortgroep uit relatief veel soorten. Er is daarom voor gekozen om in de beschrijving enkele soorten als voorbeeld te nemen.

Binnen het recreatiegebied komen (mogelijk) broedvogels voor zoals buizerd, havik, sperwer, huismus, gierzwaluw, boomvalk, steenuil, ransuil en ooievaar. Nestplaatsen van huismus, steenuil, Veldbezoek kerkuil en ooievaar zijn Tijdens het veldbezoek is één buizerd overvliegend waargenomen. Binnen de mogelijk binnen relevante deelgebieden zijn geen (potentiële) jaarrond beschermde nestplaatsen (agrarische) erven en/of aangetroffen. In de directe omgeving (<100) van de relevante deelgebieden zijn directe omgeving geen (potentiële) nestplaatsen in bomen aangetroffen. Op basis van het aanwezig. Erven en/of veldbezoek is het volgende vastgesteld: graslanden (met • Binnen de relevante deelgebieden zijn (agrarische) erven aanwezig waar opgaande huismus, steenuil en kerkuil in woningen en/of schuren kunnen nestelen. • De huismus kan naast de erven, waar mogelijk in gebouwen verblijft wordt, ook groenstructuren) binnen de relevante foerageren op de erven en in de ruigte en struiken waar zaden en insecten deelgebieden vormen gevonden kunnen worden. • De steenuil kan naast de agrarische erven, waar mogelijk in gebouwen verblijft voor deze broedvogels wordt, ook gebruik maken van graslanden en opgaande groenstructuren waar potentieel gefoerageerd kan worden op muisachtigen en insecten. foerageergebied. • De kerkuil is een specialist en foerageert voornamelijk in graslanden.

De Binnen de relevante graslanden binnen het recreatiegebied vormen potentieel foerageergebied waar deelgebieden zijn geen voornamelijk muisachtigen gevonden kunnen worden. • Broedvogels zoals buizerd, sperwer, havik, boomvalk en ransuil kunnen in het potentiële nestplaatsen recreatiegebied en de omgeving foerageren naar bijvoorbeeld muisachtigen van buizerd, sperwer, en/of relatief kleine vogelsoorten zoals spreeuwen en huismussen. Zowel de havik, boomvalk, ransuil graslanden als de bossen vormen potentieel foerageergebied. vastgesteld. Wel vormt • De ooievaar broedt op kunstnesten, op gebouwen, of in masten. Nestplaatsen grasland en/of opgaand zijn niet aangetroffen maar aanwezigheid is op basis van de quickscan niet groen binnen de uitgesloten. Het gaat hierbij om een nestplaats op een erf, of in de directe relevante deelgebieden omgeving. De graslanden binnen het recreatiegebied vormen potentieel potentieel foerageergebied waar gefoerageerd kan worden amfibieën en muisachtigen. • De gierzwaluw nestelt in het stedelijke gebied in kolonies. Aanwezigheid van foerageergebied. nestplaatsen binnen het recreatiegebied is daarom uitgesloten. Wel kan binnen het recreatiegebied en de omgeving gefoerageerd worden. Deze broedvogel foerageert voornamelijk hoog in het luchtruim en is niet gebonden aan een bepaalde locatie.

De relevante deelgebieden vormen daarom geen essentieel foerageergebied van gierzwaluw. • Broedvogels zoals gierzwaluw en ooievaar migreren tussen de locatie waar gebroed wordt en waar overwinterd wordt. Het plangebied kan gebruikt worden als migratieroute.

Veldbezoek Tijdens het veldbezoek zijn broedvogels waargenomen zoals houtduif, ekster, zwarte kraai, groene specht, roodborst, grutto, bergeend en zwartkop waargenomen. Verspreid over het recreatiegebied Geestmerambacht zijn nesten aangetroffen die in gebruik zijn door ekster. Op basis van het veldbezoek is het volgende vastgesteld: 13

Conclusie

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

Broedvogels van deze groep zijn aanwezig binnen het recreatiegebied Geestmerambacht. In opgaande groenstructuren kan/wordt gebroed door broedvogels zoals ekster, houtduif en zwartkop. Het grasland kan door broedvogels zoals kievit en grutto gebruikt worden als nestplaats.

QUICKSCAN ECOLOGIE

Soortgroep

Aanwezigheid beschermde soorten/ geschiktheid habitat • • • •

•

De struweel en bosschages vormen een (potentiële) nestplaats van broedvogels zoals houtduif, ekster en zwartkop, zie figuur 5. Het open grasland vormt een potentiële nestplaats van weidevogels zoals kievit, grutto en grutto, zie figuur 6. Binnen de bebouwing op de erven kan gebroed worden door gebouwbewonende vogelsoorten zoals spreeuw, kauw en boerenzwaluw. Het recreatiegebied Geestmerambacht functioneert naar verwachting als foerageergebied van broedvogels. Binnen de opgaande groenstructuren kunnen zaden en insecten gevonden kunnen worden. Dit foerageergebied is interessant voor broedvogels zoals zwartkop en roodborst. Binnen de graslanden kan gefoerageerd worden naar insecten zoals emelten. Dit foerageergebied is interessant voor broedvogels zoals kievit, spreeuw en grutto. Broedvogels zoals grutto en kievit migreren tussen de locatie waar gebroed wordt en waar overwinterd wordt. Het plangebied kan gebruikt worden als migratieroute.

Conclusie Het recreatiegebied Geestmerambacht functioneert naar verwachting als foerageergebied van broedvogels zoals zwartkop, roodborst, kievit en grutto.

Figuur 5. Houtsingel binnen deelgebied 3 vormt een potentiële nestplaats van broedvogels zoals zwartkop en houtduif.

Figuur 6. Grasland binnen deelgebied 4 kan functioneren als nestplaats van broedvogels zoals kievit en grutto. Grondgebonden Bureauonderzoek zoogdieren Binnen en/of in de omgeving het recreatiegebied Geestmerambacht zijn waarnemingen bekend van bosmuis, dwergmuis, egel, haas, hermelijn, huisspitsmuis, konijn, rosse woelmuis, veldmuis en vos (NDFF). Het

14

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

Binnen het recreatiegebied Geestmerambacht kan verblijft en gefoerageerd

QUICKSCAN ECOLOGIE

Soortgroep

Aanwezigheid beschermde soorten/ geschiktheid habitat

Conclusie

recreatiegebied ligt ook binnen het verspreidingsgebied van boommarter, huismuis, worden door de mol, steenmarter, wezel en woelrat (verspreidingsatlas.nl). grondgebonden zoogdieren zoals boommarter, bosmuis, dwergmuis, egel, haas, Veldbezoek hermelijn, huisspitsmuis, Tijdens het veldbezoek zijn enkele hazen in grasland waargenomen. In de oever konijn, steenmarter, van de sloten zijn enkele holen aangetroffen, vermoedelijk van bruine rat of rosse woelmuis, woelrat, zie figuur 7. Op basis van het veldbezoek is het volgende vastgesteld: veldmuis, vos en wezel. • Het recreatiegebied is een relatief groen gebied waar bossen, ruigtestruweel (zie figuur 8), houtsingels, graslanden, erven en watergangen met begroeide oevers te vinden zijn. Gelet op de rust en de ruimte kan aanwezigheid van de grondgebonden zoogdieren, conform bureaustudie, niet uitgesloten worden. • Relatief grote verblijfplaatsen van vos, konijn, boommarter en steenmarter zijn niet binnen de relevante deelgebieden aangetroffen. Het is niet uitgesloten dat deze in de opgaande groenstructuren aanwezig zijn. Ook kunnen verblijfplaatsen van marterachtigen en muisachtigen in en rondom erven aanwezig zijn (bijvoorbeeld in schuren). • Relatief kleine verblijfplaatsen van muisachtigen zijn niet aangetroffen maar aanwezigheid kan op basis van het veldbezoek niet worden uitgesloten.

• Molshopen zijn niet aangetroffen maar aanwezigheid is op basis van het veldbezoek niet uitgesloten. • Holen van bruine rat of woelrat zijn aangetroffen; aanwezigheid wordt daarom verwacht. Ook zijn • Wezel en hermelijn gebruikt allerlei wegkruipruimtes als verblijfplaats. Relatief kleine holen van bijvoorbeeld muisachtigen kunnen door wezel gebruikt worden als verblijfplaats. Molshopen kunnen door hermelijn en wezel gebruikt worden als verblijfplaats. Ook de aangetroffen holen van bruine rat of woelrat vormen een potentiële verblijfplaats. Zowel grasland als opgaande groenstructuren binnen de relevante deelgebieden kunnen gebruikt worden als foerageergebied waar voornamelijk muisachtigen gevonden kunnen worden. • Egel kan in dichte groenstructuren verblijven. Zowel binnen het grasland als opgaande groenstructuren kan gefoerageerd worden naar onder andere wormen en andere ongewervelden. • Haas verblijft doorgaans in relatief hoog gras of ruigte. Dit is vooral aanwezig langs de randen van de percelen. • Voor muisachtigen, konijn en haas vormen graslanden en/of opgaande groenstructuren potentieel foerageergebied waar grassen en kruiden gevonden kunnen worden.

• Prooidieren van wezel, hermelijn, steenmarter, boommarter en vos zoals muisachtigen en gevogelte worden binnen het recreatiegebied Geestmerambacht verwacht waardoor aangenomen wordt dat het recreatiegebied Geestmerambacht geschikt foerageergebied vormt. • Gelet op de (groen)structuren (bijvoorbeeld watergangen en bosschages) binnen de relevante deelgebieden zijn verschillende potentiële verbindingen waarlangs grondgebonden zoogdieren door het gebied kunnen bewegen. Door de groene ruimte binnen het recreatiegebied zullen graslanden ook gebruikt worden als verbinding tussen leefgebieden.

15

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

Soortgroep

Aanwezigheid beschermde soorten/ geschiktheid habitat

Conclusie

Figuur 7. Oever met een holte (rood omkaderd), vermoedelijk van bruine rat of woelrat.

Figuur 8. Ruigtestruweel binnen deelgebied 4 vormt een potentiële verblijfplaats van grondgebonden zoogdieren zoals hermelijn, wezel en muisachtigen. Vleermuizen

Bureauonderzoek Binnen en/of in de omgeving het recreatiegebied zijn waarnemingen bekend van gewone dwergvleermuis, laatvlieger, meervleermuis, rosse vleermuis, ruige dwergvleermuis en watervleermuis (NDFF). Het recreatiegebied ligt ook binnen het verspreidingsgebied van gewone grootoorvleermuis en tweekleurige vleermuis (verspreidingsatlas.nl). Veldbezoek Tijdens het veldbezoek zijn geen sporen van vleermuizen aangetroffen. Op basis van het veldbezoek is het volgende vastgesteld: • De woningen binnen het recreatiegebied functioneren mogelijk als verblijfplaats van gebouwbewonende vleermuissoorten, bijvoorbeeld gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger. • Tijdens het veldbezoek zijn geen bomen met holte (potentiële verblijfplaats vleermuizen) aangetroffen. Bomen op de erven en aan de rand van de deelgebieden (bijvoorbeeld houtsingels) zijn niet gecontroleerd op aanwezigheid van holten. Aanwezigheid van verblijfplaatsen in bomen is daarom niet uitgesloten. Indien een holte aanwezig is, kan hier verbeven worden door boombewonende vleermuissoorten, bijvoorbeeld rosse vleermuis, watervleermuis en ruige dwergvleermuis.

16

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

Binnen de relevante deelgebieden kan door vleermuizen verbleven worden in gebouwen en bomen, zie bureauonderzoek voor de mogelijk voorkomende vleermuissoorten. Lijnvormige elementen kunnen gebruikt worden als vliegroute. Verspreid over het recreatiegebied kan gefoerageerd worden; bosranden, houtsingel en watergangen vormen daarbij de meest interessante plekken.

QUICKSCAN ECOLOGIE

Soortgroep

Aanwezigheid beschermde soorten/ geschiktheid habitat

•

Conclusie

Lijnvormige structuren zoals bosranden, houtsingels en watergangen (zie figuur 9) functioneren mogelijk als verbinding tussen leefgebieden. Hier zijn ook vaak luwe plekken aanwezig waar insecten gevonden kunnen worden. Dit vormen daarom interessante foerageerplekken. Echter kan verspreid over het recreatiegebied Geestmerambacht gefoerageerd worden. Het gaat om alle soorten conform bureaustudie.

Figuur 9. De bosrand van een bosschage ten noorden van deelgebied vormt een potentiële vliegroute van vleermuizen en is door de luwe plekken rondom opgaand groen en het oppervlaktewater ook interessant als foerageergebied. Reptielen

Binnen en/of in de omgeving het recreatiegebied Geestmerambacht zijn geen Reptielen komen niet waarnemingen van reptielen bekend (NDFF). Het recreatiegebied ligt ook niet voor. binnen het verspreidingsgebied van reptielen (verspreidingsatlas.nl). Aanwezigheid van reptielen is op basis van het bureauonderzoek uitgesloten.

Amfibieën

Bureauonderzoek Binnen en in de omgeving het recreatiegebied Geestmerambacht zijn waarnemingen bekend van bastaardkikker, bruine kikker, gewone pad, kleine watersalamander, meerkikker en rugstreeppad (NDFF). Het recreatiegebied Geestmerambacht ligt niet binnen het verspreidingsgebied van andere amfibieënsoorten (verspreidingsatlas.nl).

17

Algemeen voorkomende amfibieën komen naar verwachting binnen de relevante deelgebieden voor. De wateren vormen potentieel Veldbezoek voortplantingswater en Tijdens het veldbezoek is ter hoogte van de recreatieplas vermoedelijk een binnen opgaande bastaardkikker waargenomen. Er zijn geen eitjes of andere sporen waargenomen. groenstructuren kan Op basis van het veldbezoek is het volgende vastgesteld: mogelijk verblijft worden • Algemeen voorkomende amfibieënsoorten zoals bastaardkikker, bruine kikker, in holen en onder gewone pad, kleine watersalamander, meerkikker worden verwacht in alle takkenhopen. aanwezige watergangen zoals plassen en sloten. Binnen de relevante De rugstreeppad kan deelgebieden kan op het land verblijft worden in bijvoorbeeld muizenholen en onder takkenhopen. Op het land en in het water kan gefoerageerd worden naar incidenteel binnen de relevante deelgebieden onder andere insecten. • De rugstreeppad is een pioniersoort en is voor de voortplanting gebonden aan voorkomen. Geschikt ondiepe wateren zoals poelen en plassen (door regenval). Ter hoogte van de voortplantingswater is recreatieplas, buiten de relevante deelgebieden, zijn drassige en ondiepe niet aangetroffen maar poelen aanwezig die mogelijk geschikt zijn. Op het land en in het water kan door regenval ontstaat dit gefoerageerd worden naar onder andere insecten. De sloten en de wel.

recreatieplas zijn relatief diep (figuur 10) en vormen daarom geen geschikt voortplantingswater. De rugstreeppad kan binnen de relevante deelgebieden verblijven in muizenholen en onder takkenhopen. Gelet op de aanwezige relatief diepe watergangen (natuurlijke barrières) tussen de potentiële voortplantingswateren en de relevante deelgebieden, zal het gaan om incidenteel voorkomen. Bij regenval kunnen plassen ontstaan waar voortplanting kan plaatsvinden.

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

Soortgroep

Aanwezigheid beschermde soorten/ geschiktheid habitat

Conclusie

Figuur 10. De watergangen grenzend aan deelgebied 3 heeft een steile oever en relatief diep waardoor dit ongeschikt voortplantingswater van de rugstreeppad vormt. Algemeen voorkomende amfibieën zoals bruine kikker en kleine watersalamander kunnen hier wel voorkomen en voortplanten. Vissen

Bureauonderzoek Binnen en in de omgeving het recreatiegebied Geestmerambacht zijn waarnemingen bekend van algemeen voorkomende vissoorten zoals karper, snoek en baars. Het recreatiegebied Geestmerambacht ligt niet binnen het verspreidingsgebied van beschermde vissoorten (verspreidingsatlas.nl). Veldbezoek Binnen en aangrenzend aan de relevante deelgebieden zijn waterhoudende watergangen aanwezig waar algemeen voorkomende vissoorten zoals karper, snoek en baars voor kunnen komen.

Ongewervelden

18

Bureauonderzoek Binnen en/of in de omgeving het recreatiegebied Geestmerambacht zijn waarnemingen bekend van grote vos (NDFF). Het recreatiegebied ligt ook binnen het verspreidingsgebied van platte schijfhoren (verspreidingsgebied).

Het recreatiegebied Geestmerambacht ligt niet binnen het verspreidingsgebied van beschermde vissoorten, aanwezigheid is uitgesloten.

Binnen deelgebied 4 staan wilgensoorten die mogelijk als waardplant functioneren van grote vos. De Grote vos is gebonden aan vochtige, open bossen, bosranden, boomgaarden en oppervlaktewateren andere plekken met grote vrijstaande bomen. binnen de relevante deelgebieden vormen Platte schijfhoren is gebonden aan zoete, heldere en schone wateren met een rijke mogelijk het leefgebied begroeiing. van platte schijfhoren. Essentieel leefgebied van Veldbezoek andere beschermde Tijdens het veldbezoek zijn geen beschermde ongewervelden waargenomen. Op ongewervelden is basis van het veldbezoek is het volgende vastgesteld. uitgesloten. • Gelet op het leefgebied vormt de relatief natte omgeving van de recreatieplas potentieel leefgebied van grote vos. Binnen de relevante deelgebieden zijn geen vochtige bossen aanwezig. De waardplant is iep, zoete kers en een aantal wilgensoorten. Binnen deelgebied 4 zijn wilgensoorten aanwezig. Andere mogelijk waardplanten zijn niet aangetroffen. De aanwezige graslanden hebben een voedselrijk en monotoon karakter. Kruidenrijke graslanden ontbreken. Hierop gelet is aanwezigheid van essentieel leefgebied van grote vos uitgesloten. • Binnen de oppervlaktewateren zijn weinig tot geen waterplanten aangetroffen. Door het troebele water wordt vermoed dat de wateren een voedselrijk karakter hebben. Geschikt leefgebied van platte schijfhoren wordt niet verwacht.

Het veldbezoek is echter in het voorjaar uitgevoerd waardoor de meeste

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

Soortgroep

Aanwezigheid beschermde soorten/ geschiktheid habitat

Conclusie

waterplanten slecht of niet ontwikkeld zijn. Op basis van het veldbezoek kan geschikt leefgebied van platte schijfhoren daarom niet worden uitgesloten.

Tabel 4. Overzicht van (mogelijk) voorkomende soortgroepen per relevant deelgebied, zie conclusie tabel 3 voor de relevante soorten. X = (Mogelijk) aanwezig en essentieel. - = (Mogelijk) aanwezig en niet essentieel. n = Niet aanwezig Mogelijk aanwezigheid essentieel Relevante deelgebieden: 2 3 4 5 6 7 8 9 10 18 19 20 21 leefgebied beschermde soorten Mogelijke aanwezigheid van een essentiële functie binnen relevant deelgebied Soortgroepen of in de directe omgeving: Planten Niet aanwezig n n n n n n n n n n n n n Broedvogels (nest alleen Nestplaats x x x x x x x x x beschermd gedurende Foerageergebied x x x x x x x x x broedperiode) Broedvogels (nest jaarrond Nestplaats - - - - x - x - beschermd) Foerageergebied x x x x x x x x x Grondgebonden zoogdieren Verblijfplaats x x x x x x x x x x x x x Foerageergebied x x x x x x x x x x x x x Verbinding x x x x x x x x x x x x x Vleermuizen Verblijfplaats - - - - x - x - Foerageergebied x x x x x x x x x x x x x Vliegroute x x x - - - - - x x x x Reptielen Niet aanwezig n n n n n n n n n n n n n Amfibieën Voortplantingswater x x x x x x x x x x x x x Landhabitat x x x x x x x x x x x x x Migratieroute x x x x x x x x x x x x x Vissen Voortplantingswater/ x x x x x x x x x x x x x foerageergebied Ongewervelden Voortplantingswater/ x x x x x x x x x x x x x Foerageergebied

4.3

22

n x x x x x n x x x x x

Effectenanalyse

In tabel 5 is per soortgroep voor de (mogelijk) aanwezige soorten, op basis van de conclusie in de vorige paragraaf, een beschrijving van mogelijke effecten als gevolg van de activiteit en/of het voornemen zoals beschreven in hoofdstuk 2.2. Van ruimtelijke ontwikkelingen is het ontwerp onbekend. Voor mogelijk effecten op beschermde soorten wordt daarom algemene beschrijving van de effecten gegeven waarbij rekening gehouden wordt met dat alles ontwikkeld kan worden. Tabel 5 Mogelijke effecten per soortgroep als gevolg van werkzaamheden. Soortgroep

Effecten op mogelijk voorkomende soorten

Van Toetsing toepassing vereist? op:

Broedvogels (nest beschermd gedurende broedperiode)

Nesten: • Werkzaamheden die leiden tot het aantasten bomen en struiken gedurende de broedperiode leiden mogelijk tot directe aantasting en verstoring van de nestplaats en verwonding en/of sterfte van het broedsel van broedvogels, bijvoorbeeld ekster, houtduif en zwartkop. • Activiteiten binnen de graslanden leiden mogelijk tot directe aantasting en verstoring van de nestplaats en verwonding en/of sterfte van het broedsel van broedvogels, bijvoorbeeld kievit en grutto. Maar ook opgaand groen kan door en activiteit verstoord worden waardoor een nestplaats verlaten wordt en het broedsel komt te overleiden. Hierbij kan gedacht worden aan nestplaatsen van zwartkop en roodborst.

4

19

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

Ja

QUICKSCAN ECOLOGIE

Soortgroep

Effecten op mogelijk voorkomende soorten

• •

•

•

• •

Van Toetsing toepassing vereist? op:

Uitstraling van effecten, bijvoorbeeld geluid en licht afkomstig van het evenement, leiden gedurende broedperiode mogelijk tot verstoring van nestplaatsen in de omgeving. Indien opgaand groen buiten de broedperiode verwijderd wordt zal dit mogelijk leiden tot een afname van nestmogelijkheden. Het bos in de omgeving van de recreatieplas en het natuurgebied Kleimeer blijft behouden waardoor te alle tijden verschillende nestmogelijkheden binnen het recreatiegebied Geestmerambacht aanwezig blijven. Wanneer opgaand groen door een ontwikkeling of activiteit (bijvoorbeeld door een evenement) omsloten wordt leidt dit naar verwachting tot verstoring van een mogelijk aanwezige nestplaats waardoor deze verlaten kan worden en het broedsel komt te overleiden. Door het intensief gebruiken van de graslanden, bijvoorbeeld als parkeerplaats, vindt mogelijk een (tijdelijke) afname en aantasting plaats van het aantal nestmogelijkheden van weidevogels zoals kievit en grutto. Gelet op de activiteiten en ontwikkelingen binnen de verschillende leefgebieden kan sprake zijn van een cumulatief effect waardoor populatie moeten uitwijken naar de omgeving. Hierdoor kan een populatie gevoeliger worden voor verstoring en/of predatie. Door een wiek of de luchtverplaatsing van een windmolen kunnen broedvogels (bijvoorbeeld grutto en kievit) tijdens de vlucht geraakt worden en verwond en/of gedood worden.

Het geluid en de bewegingen van de wieken kunnen ook tot verstoring leiden. Wanneer door een verstoring of aantasting van nestplaatsen uitgeweken moet worden naar de omgeving vergroot dit de kans op verstoring en/of predatie.

Foerageergebied: • Als gevolg van een activiteit (bijvoorbeeld een evenement) kunnen foerageermogelijkheden binnen de graslanden tijdelijk verstoord worden waardoor soorten zoals kievit en grutto uit moet wijken naar de omgeving. Hierdoor kan een populatie gevoeliger worden voor verstoring en/of predatie. Rekening dient gehouden te worden met een cumulatief effecten op het foerageergebied. • In de omgeving van de terreinen waar activiteiten plaatsvinden (bijvoorbeeld ter hoogte van het evenemententerrein) zijn verschillende bosschages aanwezig die ongemoeid blijven. Voor broedvogels zoals zwartkop en roodborst blijven daarom te allen tijde verschillende foerageermogelijkheden in de omgeving behouden. Negatieve effecten op foerageergebied van deze broedvogels is daarom te verwaarlozen. • Door een wiek van een windmolen kunnen vogels (bijvoorbeeld ooievaar en zilvermeeuw) tijdens het foerageren geraakt worden en verwond en/of gedood worden. Het geluid en de bewegingen van de wieken kunnen ook tot verstoring leiden. • Wanneer door een verstoring of aantasting van het foerageergebied uitgeweken moet worden naar de omgeving vergroot dit de kans op verstoring en/of predatie en/of aanrijding. Migratieroutes: • Door de wiek van een windmolen kunnen broedvogels (bijvoorbeeld grutto en kievit) tijdens de vogeltrek verstoord en indien geraakt verwond en/of gedood worden.

Broedvogels (nest jaarrond beschermd)

20

Nesten: • Binnen het recreatiegebied Geestmerambacht zijn potentiële jaarrond beschermde nestplaatsen alleen te verwachten op en rond de agrarische erven. Indien een voornemen leidt tot sloop of aanpassing van een gebouw/schuur kunnen nestplaatsen van huismus, kerkuil en steenuil aangetast worden waarbij aanwezige individuen verstoord worden. Binnen de broedperiode kan de ontwikkeling ook nog leiden tot verstoring, verwonen en/of doden van broedsel. • In de omgeving van het terreinen (<100 meter), waar activiteiten plaatsvinden (bijvoorbeeld het evenemententerrein), zijn geen potentieel jaarrond beschermde nesten in bomen aanwezig. Negatieve effecten als gevolg van uitstraling van

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

Ja

QUICKSCAN ECOLOGIE

Soortgroep

Effecten op mogelijk voorkomende soorten

•

effecten door licht en geluid worden daarom niet verwacht. Geluid en licht kan echter relatief ver reiken en kan uitstraling van effecten niet volledig uitgesloten worden. Binnen en in de omgeving van deelgebied 22 zijn geen potentieel jaarrond beschermde nesten aangetroffen. Daarom wordt niet verwacht dat broedvogels in de lucht (bijvoorbeeld buizerd en sperwer) in aanraking komen met een wiek of luchtverplaatsing van een windmolen. Dit kan echter niet uitgesloten worden.

Foerageergebied: • Tijdelijke activiteiten, bijvoorbeeld de parkeerplaatsen leiden naar verwachting tot een tijdelijke afname van foerageermogelijkheden binnen het recreatiegebied Geestmerambacht. De meeste broedvogels, bijvoorbeeld buizerd, sperwer en havik, hebben een relatief groot foerageergebied en zijn wat betreft het voedsel generalisten. Bij verstoring en een tijdelijke afname van foerageergebied kan door deze broedvogels uitgeweken worden naar de omgeving zoals de recreatieplas en het natuurgebied Kleimeer. - Kerkuil is mogelijk aanwezig en wat betreft voedselmogelijkheden een specialist. De kerkuil jaagt voornamelijk op muisachtigen in grasland. Wanneer graslanden tijdelijk ongeschikt zijn als foerageergebied omdat deze gebruikt worden, bijvoorbeeld als parkeerplaats, zijn negatieve effecten op een lokale populatie niet uitgesloten. Indien uitgeweken moet worden naar de omgeving is mogelijk sprake van verstoring. • Wat betreft windturbines kunnen broedvogels (bijvoorbeeld buizerd en gierzwaluw) tijdens het foerageren door een wiek geraakt worden en verwond en/of gedood worden. Het geluid en de bewegingen van de wieken kunnen ook tot verstoring leiden. • Wanneer door een verstoring of aantasting van het foerageergebied uitgeweken moet worden naar de omgeving vergroot dit de kans op verstoring en/of predatie.

Migratieroutes: • Door een wiek van een windmolen kunnen broedvogels (bijvoorbeeld ooievaar en gierzwaluw) tijdens de vogeltrek verstoord worden in indien geraakt door een wiek verwond en/of gedood worden. Grondgebonden Verblijfplaatsen: • Aantasting van gebouwen/schuren en omgeving kunnen verblijfplaatsen van zoogdieren marterachtigen aangetast worden en aanwezige individuen kunnen verstoord, verwond en/of gedood worden. • Als gevolg van activiteiten, bijvoorbeeld een evenement, kunnen grondgebonden zoogdieren tijdelijk verstoord worden. Hierbij kunnen verblijfplaatsen binnen de invloedsfeer van de activiteit verlaten worden. • Bij grondroerende werkzaamheden kunnen verblijfplaatsen van muisachtigen, wezel en hermelijn aangetast worden waarbij aanwezig dieren mogelijk verwond en/of gedood worden. • Bij het verwijderen van opgaande groenstructuren, zoals struweel en bosschages, kunnen verblijfplaatsen van muisachtigen, wezel, steenmarter, boommarter, egel, haas, hermelijn, konijn en vos aangetast worden waarbij aanwezige dieren verwond en/of gedood worden. • Wanneer door een verstoring uitgeweken moet worden naar de omgeving vergroot dit de kans op verstoring en/of predatie en/of aanrijding.

Foerageergebied: • Als gevolg van activiteiten, bijvoorbeeld een evenement, kunnen grondgebonden zoogdieren tijdelijke verstoord worden binnen het foerageergebied waardoor uitgeweken moet worden naar de omgeving. • Wanneer een activiteit in één deelgebied plaatsvindt zijn in de omgeving verschillende alternatieve foerageermogelijkheden waarnaar uitgeweken kan worden. Relatief grote grondgebonden zoogdieren zoals boommarter, steenmarter en vos hebben een relatief groot leefgebied en zijn hierin flexibeler

21

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

Van Toetsing toepassing vereist? op:

QUICKSCAN ECOLOGIE

Soortgroep

Effecten op mogelijk voorkomende soorten

•

•

•

dan relatief kleinere grondgebonden zoogdieren zoals muisachtigen en wezel. Voor relatief grote grondgebonden zoogdieren zijn negatieve effecten op foerageergebied dan ook verwaarloosbaar. Voor relatief kleine grondgebonden zoogdieren zoals wezel en hermelijn zijn negatieve effecten op het foerageergebied niet uitgesloten. Wanneer activiteiten in verschillende deelgebieden tegelijk plaatsvinden, of activiteiten in verschillende deelgebieden, qua moment, op elkaar aansluiten, is mogelijk sprake van een cumulatief effect op het foerageergebied waarbij soorten continu naar de omgeving aan het uitwijken zijn. Naar verwachting leidt dit tot stress. Gelet op de voornemens is dit van toepassing op de open terreinen, zoals gras- en akkerlanden, waar voornamelijk grondgebonden zoogdieren zoals wezel, hermelijn, steenmarter, muisachtigen, konijn, haas en vos voorkomen. Relatief grote grondgebonden zoogdieren zoals boommarter, steenmarter en vos hebben een relatief groot leefgebied en zijn voornamelijk ’s nachts actief en flexibel wat betreft foerageren in bijvoorbeeld graslanden en bosschages. Hierop gelet zijn cumulatieve effecten op het foerageergebied van de soorten verwaarloosbar. Relatief kleine grondgebonden zoogdieren zoals wezel en hermelijn zijn voornamelijk overdag actief, hebben een relatief klein leefgebied en kunnen gebonden zijn aan graslanden.

Een cumulatief effect op het foerageergebied van wezel en hermelijn is niet uitgesloten. Bij het verwijderen van opgaande groenstructuren, zoals struweel en bosschages, kunnen foerageergebieden van muisachtigen, wezel, steenmarter, boommarter, egel, haas, hermelijn, konijn en vos aangetast worden waardoor uitgeweken moet worden naar de omgeving. Wanneer door een verstoring of aantasting van het foerageergebied uitgeweken moet worden naar de omgeving vergroot dit de kans op verstoring en/of predatie en/of aanrijding.

Verbinding: • Binnen het gehele recreatieschap kunnen dieren zich verplaatsen tussen leefgebieden. Er zijn geen lijnvormige elementen of andere structuren die hierbij in het bijzonder een rol spelen. • Activiteiten, bijvoorbeeld een evenement, kunnen ervoor zorgen dat leefgebieden tijdelijk minder goed bereikbaar zijn. Het gaat hierbij vooral om verstoring aangezien terreinen toegankelijk blijven. Vleermuizen

Verblijfplaatsen • Als gevolg van aantasting van gebouwen en bomen kunnen verblijfplaatsen mogelijk aangetast worden, waarbij aanwezige individuen verstoord, verwond en/of gedood worden. Deze effecten kunnen jaarrond plaatsvinden. • Wanneer door een verstoring uitgeweken moet worden naar de omgeving vergroot dit de kans op verstoring en/of predatie. Foerageergebied en vliegroutes: • Als gevolg van activiteiten, bijvoorbeeld een evenement, kunnen vleermuizen tijdelijke verstoord worden binnen het foerageergebied en tijdens verplaatsingen tussen leefgebieden, waardoor uitgeweken moet worden naar de omgeving. • Gelet op de voornemens blijven interessante foerageerplekken zoals de recreatieplas met opgaand groenstructuren behouden. Wel kan uitstraling van kunstlicht leiden tot negatieve effecten. Wanneer bijvoorbeeld oppervlaktewater of bosranden beschenen wordt kan dit een foerageergebied tijdelijk verstoren waardoor uitgeweken moet worden naar de omgeving. • Er zijn geen lijnvormige elementen of andere structuren die wat betreft vliegroute mogelijk in het bijzonder een rol spelen. Negatieve effecten op vliegroutes zijn te verwaarlozen. • Door een wiek of luchtverplaatsing van een windmolen kunnen vleermuizen, conform bureauonderzoek, die door hun leefgebied bewegen en foerageren geraakt worden en verwond en/of gedood worden.

Het geluid en de bewegingen van de wieken kunnen ook tot verstoring leiden.

22

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

Van Toetsing toepassing vereist? op:

QUICKSCAN ECOLOGIE

Soortgroep

Effecten op mogelijk voorkomende soorten

•

Van Toetsing toepassing vereist? op:

Wanneer door een verstoring uitgeweken moet worden naar de omgeving vergroot dit de kans op verstoring en/of predatie.

Migratieroute • Door een wiek of luchtverplaatsing van een windmolen kunnen migrerende vleermuizen (rosse vleermuis, tweekleurige vleermuis en ruige dwergvleermuis) geraakt worden en verwond en/of gedood worden. Amfibieën

Voortplantingswater: • Bij het dempen of aanpassen van watergangen leiden deze werkzaamheden mogelijk tot aantasting van voortplantingswater waarbij aanwezige individuen en legsel verstoord, verwond en/of gedood worden. Het gaat hierbij om bastaardkikker, bruine kikker, gewone pad, kleine watersalamander en meerkikker. • Na regenval kan plasvorming ontstaan waardoor voortplantingsmogelijkheden van rugstreeppad kunnen ontstaan. Bij kolonisatie leiden activiteiten, bijvoorbeeld een evenement, mogelijk tot aantasting van voortplantingswater en verwonden en/of doden van individuen en eitjes. Verblijfplaatsen: • Grondroerende werkzaamheden leiden mogelijk tot aantasting van verblijfplaatsen waarbij aanwezige individuen verstoord, verwond en/of gedood worden. • Bij het verwijderen van opgaande groenstructuren worden mogelijk verblijfplaatsen aangetast waarbij aanwezige individuen verstoord, verwond en/of gedood worden. • Wanneer door een verstoring of aantasting uitgeweken moet worden naar de omgeving vergroot dit de kans op verstoring en/of predatie en/of aanrijding. Verbinding: • Activiteiten waarbij voertuigen gebruikt worden leiden naar verwachting tot verwonden en/of doden van migrerende individuen. • Alle deelgebieden blijven toegankelijk waardoor verbindingen tussen leefgebieden behouden blijven.

Ongewervelden Voortplantingswater/foerageergebied: • Bij het verwijderen of kappen van wilggen worden mogelijk eitjes van grote vos aangetast. • Werkzaamheden binnen de watergangen leiden mogelijk tot aantasting van leefgebied van platte schijfhoren en verstoring, verwonden en/of doden van individuen.

4.4

Toetsing

Op basis van de effectanalyse is geconcludeerd dat negatieve effecten op broedvogels, grondgebonden zoogdieren, vleermuizen en amfibieën niet uitgesloten zijn. De toetsing gaat daarom verder in op deze soortgroepen.

4.4.1

Beschermingscategorieën relevante soorten

In

23

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

Tabel 6 is per soort/soortgroep opgenomen tot welke beschermingscategorie deze behoort. Binnen de provincie Noord-Holland geldt een vrijstelling voor de binnen het plangebied algemeen voorkomende soorten zoals haas, konijn, egel vos woelrat en muisachtigen, bastaardkikker, bruine kikker, gewone pad, kleine watersalamander, zie Bijlage A. Voor deze soorten geldt de zorgplicht, zie verder in H 4.5.1.

24

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

Tabel 6 Beschermingscategorie van de relevante soorten Beschermingscategorie Vogelrichtlijnsoorten

Soort/ soortgroep Broedvogels (nest beschermd gedurende broedperiode): O.a. zwarte kraai, ekster, grutto, houtduif. Broedvogels (nest jaarrond beschermd): Buizerd, sperwer, havik, boomvalk, ransuil ooievaar, gierzwaluw en kerkuil. Vleermuizen: Gewone dwergvleermuis, laatvlieger, meervleermuis, rosse vleermuis, ruige dwergvleermuis en watervleermuis, gewone grootoorvleermuis en tweekleurige vleermuis. Amfibieën: Rugstreeppad. Ongewervelden: Platte schijfhoren Grondgebonden zoogdieren: Boommarter, bunzing, hermelijn, steenmarter en wezel. Grondgebonden zoogdieren: Haas, konijn, egel, vos, muisachtigen, woelrat en mol. Amfibieën: Bastaardkikker, bruine kikker, gewone pad en kleine watersalamander. Ongewervelden: Grote vos.

Habitatrichtlijnsoorten

Andere soorten (niet vrijgesteld) Andere soorten (vrijgesteld)

4.4.2

Overtreding verbodsbepalingen

In de onderstaande tabellen is per soort(groep) op basis van de effectbeschrijving in de vorige paragraaf aangegeven op basis van welke effecten een vergunningsplicht geldt in de Ow. Daarbij is geen rekening gehouden met eventueel mogelijke mitigerende maatregelen. Op basis van de uitkomst van deze toetsing is bepaald of en zo ja, welke mitigerende maatregelen nodig zijn. Deze zijn beschreven in de volgende paragraaf. Tabel 7 Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een flora- en fauna-activiteit te verrichten (art. 5.1, lid 2, onderdeel 9, Omgevingswet). Het verbod geldt voor Vogelrichtlijnsoorten voor de handelingen die in deze tabel zijn aangegeven en die mogelijk wel het gevolg zijn van het initiatief. Soort(groep) a b c d Als gevolg van Broedvogels (nest beschermd gedurende X X Verwijderen van opgaand groen en activiteiten broedperiode) zoals zwarte kraai, ekster, (bijvoorbeeld parkeerplaatsen) op graslanden binnen kievit, grutto en houtduif broedperiode (maart-augustus, kan door weersveranderingen en/of andere factoren verschuiven). Broedvogels (nest jaarrond beschermd) Kerkuil Broedvogels (nest jaarrond beschermd) Buizerd, sperwer, havik, boomvalk, ransuil ooievaar en gierzwaluw

X X

(Tijdelijk) aantasting van grasland, bijvoorbeeld parkeerplaatsen. Windturbines

Het verbod geldt voor Vogelrichtlijnsoorten voor (art. 11.37, lid 1 Besluit activiteiten leefomgeving): a: te doden of te vangen; b: opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen; c: eieren te rapen en deze onder zich te hebben; d: opzettelijk te verstoren; verstoring toegestaan indien niet van wezenlijke invloed op de staat van instandhouding. Lid c is niet van toepassing omdat de werkzaamheden niet gericht zijn op het rapen van eieren. Lid d is niet van toepassing op broedvogels waarvan het nest gedurende broedperiode beschermd is omdat dit algemeen voorkomende soorten betreffen. Effecten op één of enkele nestplaatsen van een algemeen voorkomende soort hebben geen effect op de gunstige staat van instandhouding van de soort.

Tabel 8 Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een flora- en fauna-activiteit te verrichten (art. 5.1, lid 2, onderdeel 9, Omgevingswet). Het verbod geldt voor Habitatrichtlijnsoorten voor de handelingen die in deze tabel zijn aangegeven en die mogelijk wel het gevolg zijn van het initiatief.

Soort(groep) Vleermuizen Gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, laatvlieger, rosse vleermuis, watervleermuis, gewone

25

a

b X

X X

X X

c

d X

X

e

Als gevolg van Gebruik van kunstlicht gedurende de gebruiks- en realisatiefase ter hoogte van potentiële verblijfplaats/vliegroute. Windturbines Bij het verwijderen van bomen en gebouwen.

Onze referentie: 5CN7PDCFPVZ4-808734289-264:1 - Datum: 13 mei 2024 - Confidential

QUICKSCAN ECOLOGIE

grootoorvleermuis en franjestaart Amfibieën Rugstreeppad Ongewervelden Platte schijfhoren

X

X

X

X

X

X

X

Activiteiten waardoor ondiepe wateren (regenplassen) aangetast worden. Verwijderen van opgaande groenstructuren indien kolonisatie heeft plaatsgevonden. Werkzaamheden in watergangen.

Het verbod geldt voor (art. 11.46, lid 1, Besluit activiteiten leefomgeving): a: het opzettelijk doden of opzettelijk vangen; b: het opzettelijk verstoren; c: het in de natuur opzettelijk vernielen of rapen van eieren; d: het beschadigen of vernielen van de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen; e: het opzettelijk plukken en verzamelen, afsnijden, ontwortelen of vernielen van beschermde planten. Lid c is niet van toepassing omdat vleermuizen, waar deze toetsing op van toepassing is, zich levendbarend voortplanten.

Tabel 9 Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een flora- en fauna-activiteit te verrichten (art. 5.1, lid 2, onderdeel 9, Omgevingswet). Het verbod geldt voor Andere soorten voor de handelingen die in deze tabel zijn aangegeven en die mogelijk wel het gevolg zijn van het initiatief. Soort(groep) a b c Als gevolg van Grondgebonden X X Activiteiten binnen graslanden zoals evenementen en zoogdieren grondroerende werkzaamheden. Hermelijn en wezel Ontwikkelingen die leiden tot aantasting van opgaande groenstructuren zoals bosschages. Grondgebonden X X Ontwikkelingen die leiden tot aantasting van opgaande zoogdieren groenstructuren zoals bosschages. Boommarter, bunzing, hermelijn, steenmarter en wezel Ongewervelden X X Verwijderen of aantasten van wilgen. Grote vos Het verbod geldt voor (art. 11.54, lid 1, Besluit activiteiten leefomgeving): a: het opzettelijk doden of vangen van in het wild levende individuen; b: het opzettelijk beschadigen of vernielen van de vaste voortplantingsplaatsen, rustplaatsen of eieren of rustplaatsen; c: het opzettelijk in hun natuurlijke verspreidingsgebied plukken en verzamelen, afsnijden, ontwortelen of vernielen van Andere soorten (planten). Lid c is niet van toepassing op grondgebonden zoogdieren aangezien deze verbodsbepaling van toepassing is op planten.

4.5

Vervolgstappen

4.5.1

Mitigerende maatregelen

In navolgende tabellen zijn per relevante (soort)groep mitigerende maatregelen weergegeven. Tabel 10. Overzicht van de relevante verbodsbepalingen en de te treffen mitigerende maatregelen en conclusie per soort(groep) van de Vogelrichtlijn. Soort(groep)

a

b

Broedvogel s (nest beschermd gedurende broedperiod e) bijvoorbeeld zwarte kraai, zwartkop, ekster en houtduif

X

X

26

c

d

Mitigerende maatregelen en/of conclusie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15697632/1