CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Onderbouwing van de effecten op de fysieke leefomgeving

Gemeenteraad 20 november 2025, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Raadsvoorstel Omgevingsvergunning woningbouwontwikkeling Kalkovensweg 1, Alkmaar14.653 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Kalkovensweg, Alkmaar

Goede onderbouwing van de effecten op de Fysieke leefomgeving (GoFlo)

Opdrachtgever

Pro6 Vastgoed

Gemeente Versie Datum Opsteller Projectnummer

Alkmaar Versie 5 9 mei 2025 M. Schmeink 1533

DNS Planvorming BV | Klaprozenweg 75 C | 1033 NN Amsterdam | info@dnsplanvorming.nl

Inhoudsopgave 1 1.1 1.2 1.3 1.4

Inleiding ......................................................................................................................... 4 Aanleiding en doel ........................................................................................................ 4 Ligging plangebied ........................................................................................................ 4 Tijdelijk Omgevingsplan ................................................................................................ 5 Leeswijzer ..................................................................................................................... 6

2 2.1 2.2 2.3

Planbeschrijving ............................................................................................................ 7 Inleiding ......................................................................................................................... 7 Huidige situatie ............................................................................................................. 7 Voorgenomen initiatief .................................................................................................. 8

3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Beleid .......................................................................................................................... 10 Inleiding ....................................................................................................................... 10 Rijksbeleid ................................................................................................................... 10 Provinciaal en regionaal beleid ................................................................................... 13 Gemeentelijk beleid .................................................................................................... 16 Conclusie beleidskader ............................................................................................... 18

4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13 4.14 4.15 4.16 4.17 4.18 4.19

Aspecten fysieke leefomgeving .................................................................................. 19 Inleiding ....................................................................................................................... 19 Cultureel erfgoed, landschap en stedenbouw ............................................................ 19 Welstand ..................................................................................................................... 20 Bedrijven en milieuzonering ........................................................................................ 20 Milieubelastende activiteiten ....................................................................................... 21 M.e.r.-beoordeling ....................................................................................................... 21 Gezondheid ................................................................................................................. 23 Geluid .......................................................................................................................... 23 Trillingen...................................................................................................................... 24 Luchtkwaliteit...............................................................................................................

24 Bodem ......................................................................................................................... 26 Water / klimaatadaptatie ............................................................................................. 27 Duurzaamheid / Energietransitie ................................................................................ 29 Natuur ......................................................................................................................... 29 Stikstofdepositie .......................................................................................................... 31 Externe veiligheid ........................................................................................................ 32 Mobiliteit ...................................................................................................................... 33 Nutsvoorzieningen ...................................................................................................... 33 Conclusie aspecten fysieke leefomgeving .................................................................. 34

5 5.1 5.2

Maatschappelijke en financiële uitvoerbaarheid ......................................................... 35 Maatschappelijke uitvoerbaarheid .............................................................................. 35 Financiële uitvoerbaarheid .......................................................................................... 35

Bijlagen Bijlage 1: Stedenbouwkundig plan / Beeldkwaliteitplan Bijlage 2: Archeologisch onderzoek Bijlage 3: Akoestisch onderzoek Bijlage 4: Trillingsonderzoek Bijlage 5: Verkennend bodemonderzoek Bijlage 6: Natuurtoets Bijlage 7: Ecologisch vervolgonderzoek soortenbescherming Bijlage 8: Stikstofberekening Bijlage 9: Parkeerbalans Bijlage 10: Participatieverslag

GoFlo – Kalkovensweg Alkmaar

2/29

Inleiding

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

3/29

1

Inleiding

1.1

Aanleiding en doel

Pro6 Vastgoed heeft het voornemen om op de locatie van de Kalkovensweg 1 te Alkmaar een bouwplan te realiseren met in totaal 24 woningen in een gemêleerd woonprogramma. De locatie is nu nog in gebruik door Hoveniersbedrijf Veeken als kantoor en voor de kweek en opslag van bomen en planten. In het Omgevingsplan gemeente Alkmaar (voorheen het bestemmingsplan Alkmaar Zuid-West) is de locatie bestemd als ‘Bedrijf’ en ‘Groen’. Het voorgenomen bouwplan past niet binnen deze bestemmingen. De ontwikkeling wordt planologisch mogelijk gemaakt met een ‘buitenplanse omgevingsplanactiviteit’ (bopa). Voorliggend rapport vormt de onderbouwing voor deze aanvraag waarbij wordt ingegaan op de effecten op de fysieke leefomgeving.

1.2

Ligging plangebied

Het plangebied ligt aan de zuidkant van Alkmaar en wordt als volgt begrensd: Ten noorden: woonpercelen aan en achter de Westerweg / Overkrocht Ten westen: Spoorlijn Amsterdam / Den Helder Ten oosten: Westerweg Ten zuiden: Kalkovensweg

Afbeelding 1.1: luchtfoto met ligging plangebied (rood omkadert)

GoFlo – Kalkovensweg Alkmaar

4/29

Inleiding

1.3

Tijdelijk Omgevingsplan

Voor het plangebied gelden de regels van het bestemmingsplan Alkmaar Zuid-West, vastgesteld op 16 mei 2013 en het parapluplan Parkeren 2018, vastgesteld op 13 april 2018. De gronden van het plangebied hebben de bestemming ‘Bedrijf’ en ‘Groen’. De voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijven en/of het uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten van categorie A en B die staan vermeld in bijlage 1, Staat van Bedrijfsactiviteiten - functiemenging; b. een brandweerkazerne, ter plaatse van de aanduiding 'brandweerkazerne'; c. een kas, ter plaatse van de aanduiding 'kas'; d. bedrijfsgebonden kantoren, tot maximaal 50% van het brutovloeroppervlak per bedrijfsvestiging met een maximum van 2.000 m² bruto vloeroppervlak; e. detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit, waarbij de functie gemaximaliseerd is tot 20% van het totale brutovloeroppervlak, met een maximale winkelvloeroppervlak van 100 m²; f. een bedrijfswoning, ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning'; g. woningen, ter plaatse van de aanduiding 'wonen', al dan niet in combinatie met de uitoefening van een aan-huis-verbonden beroep / bedrijf; h. een onderdoorgang, ter plaatse van de aanduiding 'onderdoorgang'; i. perifere detailhandel, ter plaatse van de aanduiding 'detailhandel perifeer'; met de daarbijbehorende: j. erven; k. (ondergrondse) parkeervoorzieningen; l. nutsvoorzieningen; m.

ontsluitingswegen; n. voet- en rijwielpaden; o. waterlopen en waterpartijen; p. groenvoorzieningen; q. bouwwerken. Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. gebouwen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. de eerste bouwlaag van een hoofdgebouw mag niet worden gebouwd ter plaatse van de aanduiding 'onderdoorgang'. Ter plaatse van deze onderdoorgang mogen geen bouwwerken ter belemmering van de doorgang worden gebouwd; c. het bouwperceel voor zover gelegen binnen het bouwvlak mag niet meer worden bebouwd dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)' is aangegeven; d. de goot- en bouwhoogte van een gebouw mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' is aangegeven; e. de bouwhoogte van een gebouw mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale bouwhoogte (m)' is aangegeven; f. het bouwvlak mag uitsluitend worden bebouwd met kassen, ter plaatse van de aanduiding 'kas'. De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen; b. voet- en rijwielpaden; c. in- en uitritten ten behoeve van aangrenzende bebouwing; d. geluidwerende voorzieningen; e. speelvoorzieningen; f. nutsvoorzieningen; g. kunstwerken; h. (ondergrondse) afvalcontainers; i. waterlopen en waterpartijen; j. beeldende kunst; k. evenement van categorie 1; l.

evenement van categorie 2 , ter plaatse van de aanduiding 'evenemententerrein';

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

5/29

Inleiding

m. een standplaats voor detailhandel, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - standplaats'; n. dagrecreatieve voorzieningen, waaronder een openluchttheater, sanitair en opslagruimte ten behoeve van dagrecreatie, ter plaatse van de aanduiding 'cultuur en ontspanning'.

afbeelding 1.2: uitsnede uit bestemmingsplan Alkmaar Zuid-West. Projectlocatie binnen de rode lijn (bron: ruimtelijkeplannen)

1.3.1 Toets Het bouwvoornemen is binnen de vigerende bestemmingen niet mogelijk vanwege de functie wonen die niet is toegestaan binnen de bestemmingen ‘Bedrijf’ en ‘Groen’. Daarnaast wordt met het voorgenomen bouwplan de maximale bouwhoogte overschreden en wordt deels gebouwd buiten het bouwvlak. Het Parapluplan Parkeren heeft betrekking op het voorzien in voldoende parkeerruimte. Hier wordt in het plan rekening mee gehouden.

1.4

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 van deze GoFlo wordt een beschrijving van de huidige en toekomstige situatie van het plangebied gegeven. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 ingegaan op het vigerende beleid, waarbij het beleid op verschillende bestuursniveaus aan bod komt. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de verschillende milieu- en omgevingsaspecten, waarna in hoofdstuk 5 wordt ingegaan op de maatschappelijke en financiële uitvoerbaarheid.

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

6/29

Planbeschrijving

2

Planbeschrijving

2.1

Inleiding

In dit hoofdstuk is de bestaande situatie van het plangebied beschreven. Er wordt ingegaan op de ruimtelijke en functionele structuur van het plangebied en omgeving, in de bestaande en toekomstige situatie.

2.2

Huidige situatie

De beoogde ontwikkeling betreft de locatie gelegen aan de Kalkovensweg 1 te Alkmaar. Op het perceel is thans een bedrijfsgebouw aanwezig dat in combinatie met het terrein in gebruik is bij Veeken Tuinprojecten. Het terrein is opgedeeld in 2 kadastrale percelen: 6548, sectie C (2.500 m2) en perceel 6547, sectie C (1.220 m2). De totale oppervlakte bedraagt derhalve 3.720 m2. Het bedrijfsgebouw met een hoogte van circa 7 meter heeft een footprint van circa 250 m2 en in gebruik als kantoor en opslaglocatie. De percelen worden ontsloten vanaf de Kalkovensweg via een inritconstructie voerend over perceel 5953, sectie E (2.626 m2) dat in eigendom is bij de gemeente Alkmaar.

Afbeelding 2.1: Huidige situatie projectlocatie

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

7/29

Planbeschrijving

2.3

Voorgenomen initiatief

Het bouwplan bestaat uit een gemêleerd ensemble van verschillende categorieën en typologieën woningen. 12 sociale koop appartementen, 5 betaalbare rijwoningen, 4 twee-onder-éénkapwoningen en 3 vrijstaande woningen. Tussen de woningen ontstaan twee gezamenlijke erven voor groen en ontmoeting. En het plan wordt omringd door bestaand en nieuw groen.

2.3.1 Stedenbouwkundige inpassing De woonbuurt kenmerkt zich door een erf-achtige ontsluiting. De grondgebonden woningen staan rondom het gezamenlijke erf terwijl de appartementen en de betaalbare rijwoningen door een nieuwe groene ruimte met elkaar worden verbonden. Op deze plek ontstaat een ontmoetingsruimte met een plek waar kinderen kunnen spelen. Er wordt een goed doorwaadbare padenstructuur geïntroduceerd die niet ophoudt binnen de grenzen van de wijk maar juist voor verbinding zorgt met de bestaande (groene) omgeving. De rijwoningen die centraal in het plan gesitueerd zijn worden uitgevoerd als één laags woningen met kap en worden alzijdig vormgegeven. Doordat de bergingen aan de kop van het blok worden geplaatst wordt een duidelijke voor- en achterkant voorkomen. De overgang van erf naar privé wordt vormgeven in halfhoge groene hagen. Dit gebeurt ook bij de vrijstaande woningen waarvan de privétuin grenst aan het erf of de groene ruimte. Alleen de tweekappers hebben een duidelijke voor- achterkant oriëntatie. Het appartementenblok telt 3 lagen en anticipeert qua oriëntatie op het geluid vanaf de spoorlijn. De galerij wordt gesitueerd aan de spoorwegzijde en de privéterrassen, de woonkamers en de slaapkamers, worden gesitueerd aan de (geluidsluwe) groene ruimte.

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

8/29

Planbeschrijving

Ten behoeve van de ontwikkeling is een stedenbouwkundig plan / Beeldkwaliteitplan1 opgesteld.

2.3.2 Programma Er is ingezet op een betaalbaar woonprogramma met een grote variatie aan woningtypen en categorieën. Het woonprogramma in de ontwikkeling is als volgt samengesteld:

1

Stedenbouw & Beeldkwaliteitplan Kalkovensweg, PRO6, 3 oktober 2024

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

9/29

Beleid

3

Beleid

3.1

Inleiding

Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de inhoud van het ruimtelijk relevante beleid op provinciaal, regionaal en gemeentelijk schaalniveau. Dit beleid vormt het kader waarbinnen de nieuwe ontwikkeling plaats dienen te vinden.

3.2

Rijksbeleid

3.2.1 Nationale omgevingsvisie Met de Nationale omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Om dit te kunnen bewerkstelligen laat het Rijk de inrichting van de fysieke leefomgeving meer over aan de decentrale overheden en komt de gebruiker centraal te staan. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: 1. ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie, 2. duurzaam economisch groeipotentieel, 3. sterke en gezonde steden en regio’s en 4. toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Om alle belangen af te wegen, gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: in het verleden is scheiding van functies te vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI zoeken we naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; 3.

Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat onze samenleving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van toekomstige generaties. Betekenis voor het project Voorliggende ontwikkeling sluit aan op het thema 'sterke en gezonde steden en regio's' uit de NOVI. Met het plan wordt invulling gegeven aan de aanwezige woningbehoefte. De gebouwen worden ingepast in het bestaande stedelijk weefsel en de woningen zullen voldoen aan de huidige duurzaamheids-eisen. 2.2.2 Instructieregels De Omgevingswet werkt door in vier algemene maatregelen van bestuur (afgekort AMvB’s). Dit zijn het Omgevingsbesluit, het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). In deze AMvB’s staan regels voor het uitvoeren van de Omgevingswet. Het Bkl bepaalt dat instructieregels het beoordelingskader vormen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. De omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit wordt geweigerd als: a. de activiteit zou leiden tot een situatie die niet is toegelaten op grond van instructie(regel)s;

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

10/29

Beleid

b. de omgevingsplanactiviteit betrekking heeft op een voorbeschermingsregel in het omgevingsplan (opvolger van het voorbereidingsbesluit); c. de omgevingsplanactiviteit het uitvoeren van een project waarvoor een projectbesluit is vastgesteld door provincie of Rijk, belemmert. Instructieregels gelden onder andere voor de volgende onderwerpen: • waarborgen van veiligheid (paragraaf 5.1.2 Bkl) • beschermen van waterbelangen (paragraaf 5.1.3 Bkl) • beschermen van gezondheid en milieu (paragraaf 5.1.4 Bkl), waaronder instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht, trillingen, geluid en geur en bodemkwaliteit; • beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed (paragraaf 5.1.5 Bkl), waaronder de ladder voor duurzame verstedelijking (zie paragraaf hierna); • het behoud van ruimte voor toekomstige functies (paragraaf 5.1.6 Bkl) voor autowegen, buisleidingen, natuur- en recreatiegebieden; • het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten (paragraaf 5.1.7 Bkl), waaronder landsverdediging en nationale veiligheid, elektriciteitsvoorziening, Rijksvaarwegen en luchtvaart, fiets- en wandelroutes, aanwijzing van woningbouwcategorieën; • het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen (paragraaf 5.1.8 Bkl); • het voorkomen van belemmeringen van gebruik en

beheer van spoorwegen en Rijkswegen (afdeling 5.2 Bkl). Betekenis voor het project De onderhavige ontwikkeling bestaat uit een binnenstedelijke transformatieopgave. De instructieregels, voor zover van toepassing, worden in acht genomen. 2.2.3 Ladder voor duurzame verstedelijking De ladder voor duurzame verstedelijking is een instructieregel voor zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand. De instructieregel staat in artikel 5.129g van het Bkl en regelt dat bij een wijziging van het omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de ladder is vereist. Artikel 8.0b van het Bkl regelt dat deze instructieregel ook geldt voor een omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit. De ladder is ingevoerd met als doel om de beschikbare ruimte in Nederland zorgvuldig te gebruiken en leegstand tegen te gaan. Voor projecten gelegen binnen bestaand stedelijk gebied geldt dat de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte moet worden aangetoond. Betekenis voor het project Met de voorgenomen ontwikkeling worden maximaal 24 woningen mogelijk gemaakt. Er is sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Kwantitatieve behoefte De realisatie van maximaal 24 woningen geeft invulling aan de aanwezige kwantitatieve woningbehoefte binnen het verzorgingsgebied. • Tot 2030 neemt het aantal inwoners en huishoudens in het de gemeente Alkmaar en regio Alkmaar sterk toe.

Dit vraagt om een groei van de woningvoorraad. Op basis van provinciale cijfers is er in de gemeente Alkmaar in de periode 2021-2030 een woningbehoefte van 5.450 woningen en in de regio Alkmaar een behoefte van 13.500 woningen (inclusief inhaalvraag van 1.000 woningen). • Op dit moment is er onvoldoende harde plancapaciteit in de gemeente Alkmaar om in deze woningbehoefte te voorzien. Na aftrek van de harde plancapaciteit is er nog planologische ruimte voor circa 2.249 woningen. In de regio Alkmaar is na aftrek van de harde plancapaciteit nog ruimte voor circa 6.000 woningen. • Om in de woningbehoefte tot 2030 te voorzien is het van belang dat zachte plannen omgezet worden in harde plannen.

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

11/29

Beleid

Kwalitatieve behoefte Het initiatief aan de Kalkovensweg voorziet met de ontwikkeling van 24 koop- woningen en appartementen in een kwalitatieve behoefte binnen het verzorgingsgebied. Het woonprogramma bestaat uit 12 appartementen in de categorie sociale koop, 5 rijwoningen in de categorie betaalbare koop en 7 twee-onder-een-kap / vrijstaand in de vrije sector koop. • Door de demografische ontwikkeling (vergrijzende bevolking en meer jongeren) is in de regio Alkmaar en gemeente Alkmaar een nadrukkelijke behoefte aan woningen die geschikt zijn voor ouderen, jongeren en gezinnen. Daarbij wordt gedacht aan onderscheidende woonmilieus met een grote diversiteit aan vormen van wonen voor alle doelgroepen. Betaalbaar en toekomstbestendig. • Deze vraag naar stedelijke woonvormen past goed in de ambities van Alkmaar om vrijkomende ruimte in de stad te herontwikkelen als (hoog)stedelijke woonmilieus. Kansen worden daarbij gezien om bedrijventerreinen te transformeren tot gemengde woonmilieus zoals appartementengebouwen. Het initiatief geeft hier invulling aan met de ontwikkeling van 24 woningen op een vrijkomend bedrijfsperceel. • Daarnaast is er de behoefte om doorstroming te stimuleren. Zowel de gemeente Alkmaar als de regio Alkmaar zien een behoefte aan het uitbreiden van de voorraad appartementen en levensloopbestendige woningen.

• De gemeente Alkmaar heeft onvoldoende harde woningbouwplannen om te voorzien in de behoefte aan sociale huurwoningen, woningen in de vrije huursector en goedkope en betaalbare koopwoningen (zowel grondgebonden als appartementen). Ook op regionaal niveau is behoefte om een kwalitatief woonprogramma te ontwikkelen met sociale huur en koop. Met de realisatie van appartementen en eengezinswoningen in diverse prijsklassen, voorziet het initiatief in deze kwalitatieve behoefte. • De ontwikkeling vangt deels de vraag op van de verhoogde instroom vanuit de MRA. • Tot slot is de bereikbaarheid met woonlocaties dichtbij OV-knooppunten een belangrijk thema. De regio Alkmaar en specifiek de gemeente Alkmaar zijn onderdeel van het Daily Urban System van Metropool Regio Amsterdam. Hoofdzakelijk heeft het Daily Urban System als doel om de bereikbaarheid te verbeteren en de aantrekkelijkheid en leefbaarheid in de verschillende kernen te vergroten. Het regionale kader, om woonmilieus een impuls te geven aan sterke steden, krachtige kernen en een gemengde regio, sluit hierop aan. Van belang daarbij is dat nieuwbouw ingevuld wordt in bestaand stedelijk gebied en circa 10 minuten fietsen van het OV.

Doordat de beoogde locatie ligt in bestaand stedelijk gebied en 8 minuten fietsen is van het OV (centraal station Alkmaar) draagt het bij aan de bereikbaarheid en daarmee aan de aantrekkelijkheid van de gemeente Alkmaar. Dit geeft tevens een impuls aan de gemeente Alkmaar om zichzelf als sterke stad te profileren.

3.2.2

Waterbeleid

3.2.2.1 Europees beleid Omdat water zich weinig aantrekt van landsgrenzen, zijn internationale afspraken nodig. Sinds eind 2000 is daarom de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) van kracht. Deze moet ervoor zorgen dat de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater in Europa in 2027 op orde is. Om dit te bereiken moeten de landen van de Europese Unie een groot aantal maatregelen nemen. Enerzijds om de kwaliteit van de 'eigen' wateren op peil te brengen, anderzijds om ervoor te zorgen dat andere landen geen last meer hebben van de verontreinigingen die hun buurlanden veroorzaken. Daarnaast geldt sinds 2006 de Grondwater Richtlijn (GWR). Deze richtlijn beschermt het grondwater tegen verontreiniging. Waterprogramma’s spelen een belangrijke rol bij het behalen van doelstellingen uit de KRW en GWR. In de Omgevingswet zijn voor zowel het Rijk, de provincies als de waterschappen verplichtingen opgenomen tot het vaststellen van waterbeheerprogramma’s waarin maatregelen zijn opgenomen. Voor het Rijk is dat een nationaal waterprogramma, voor de provincie een regionaal waterprogramma en voor waterschappen een waterbeheerprogramma. De daarin op te nemen maatregelen staan in het Besluit kwaliteit leefomgeving.

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

12/29

Beleid

3.2.2.2 Omgevingswet De Omgevingswet regelt de taken en bevoegdheden ten aanzien van water. De regels van de Waterwet zijn grotendeels opgegaan in de Omgevingswet. Alleen de regels over het Deltaprogramma, deltacommissaris en deltafonds staan nog in de Waterwet. Vanuit het Deltaprogramma worden voorstellen gedaan voor de waterveiligheid, ruimtelijke adaptatie en de zoetwatervoorziening in Nederland. Op grond van artikel 2.19 van de Omgevingswet is het rijk belast met het beheer van rijkswateren. In het Omgevingsbesluit in Bijlage II zijn de oppervlaktewateren en vaarwegen die in beheer zijn bij het Rijk aangewezen. 3.2.2.3 Nationaal Waterprogramma 2022 - 2027 Het Nationaal Waterprogramma 2022 - 2027 (NWP) bevat de hoofdlijnen van het nationaal waterbeleid, de uitvoering ervan in de rijkswateren en de daartoe behorende aspecten van het omgevingsbeleid. Het NWP 2022 - 2027 geeft uitvoering aan de EU richtlijnen,is de opvolger van het NWP 2016 -2021 en vervangt dat plan. Het NWP is de doorwerking van de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) en een verplicht programma op grond van de Omgevingswet. Het NWP is zelfbindend voor het Rijk. Belangrijke onderdelen van het NWP zijn de stroomgebiedbeheerplannen, het overstromingsrisicobeheerplan en het Programma Noordzee.

3.2.2.4 Instructieregels Besluit kwaliteit leefomgeving Artikel 5.37 van het Besluit kwaliteit leefomgeving schrijft voor dat in een omgevingsplan rekening wordt gehouden met de gevolgen voor het beheer van watersystemen. Daarbij worden, voor een duiding van die gevolgen, de opvattingen van het bestuursorgaan dat is belast met het beheer van die watersystemen betrokken. Op grond van dit artikel dient afstemming plaats te vinden met de waterbeheerder (Rijk, provincie, waterschap of gemeente). De verplichte weging van waterbelangen in afstemming met de waterbeheerder wordt ook ‘watertoets’ genoemd. 3.2.2.5 Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier De Waterschapsverordening bevat de regels die het Hoogheemraadschap hanteert om zijn watergangen, waterkeringen en wegen te beschermen. Rond deze sloten, dijken en wegen zijn verschillende zones gedefinieerd en voor elke zone gelden weer andere regels. De Waterschapsverordening berust op artikel 2.5 van de Omgevingswet en vervangt de Keur HHNK 2016, de Algemene regels bij de Keur HHNK 2016 en de Wegenverordening HHNK 2016. De Waterschapsverordening Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier is op 1 januari 2024 in werking getreden. Betekenis voor het project Onderdeel van de ruimtelijke onderbouwing is de watertoets.

In de watertoets is aangegeven wat de gevolgen van het plan zijn voor de waterhuishouding en op welke wijze water (regen-, afval- en oppervlaktewater) wordt ingepast in het plan. In paragraaf 4.12 wordt hier nader op ingegaan.

3.3

Provinciaal en regionaal beleid

3.3.1 Omgevingsvisie Noord-Holland Op 19 november 2018 hebben de Provinciale Staten van Noord-Holland de Omgevingsvisie NH2050 vastgesteld. Hierin staat de visie op de fysieke leefomgeving beschreven. Klimaatverandering, energietransitie, veranderende economieën, grote woningbehoeftes, bodemdaling, verminderde biodiversiteit. Het is een greep uit de vele grote onderwerpen waar opgaven in schuil gaan. De Omgevingsvisie geeft koers hoe de provincie Noord-Holland met deze onderwerpen moeten omgaan richting de toekomst. Daarin hanteert de Omgevingsvisie het uitgangspunt om in samenhang te kijken naar de opties. In de Omgevingsvisie wordt de ambitie geschetst een relatief hoog welvaarts- en welzijnsniveau vast te houden. Daarvoor moet een goede balans gezocht worden tussen economische groei en leefbaarheid. Zodanig dat bij veranderingen in het gebruik van de fysieke leefomgeving de doelen voor een gezonde en veilige leefomgeving overeind blijven.

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

13/29

Beleid

3.3.2 Omgevingsverordening Noord-Holland Artikel 2.6 van de Omgevingswet bepaalt, dat Provinciale Staten één omgevingsverordening vaststellen waarin de provinciale regels over de fysieke leefomgeving zijn opgenomen. De provincie Noord-Holland wil met de Omgevingsverordening NH2022 ontwikkelingen, zoals woningbouw en de energietransitie, mogelijk maken en zet in op het beschermen van mooie en bijzondere gebieden in Noord-Holland. Gezocht wordt naar een evenwichtige balans tussen economische groei en leefbaarheid. De belangrijkste belangrijke ambities voor Noord-Holland, zoals omschreven in de Omgevingsvisie, zijn vertaald naar regels die verankerd zijn in de Omgevingsverordening Noord-Holland. De Omgevingsverordening geeft de weerslag van de afweging tussen ruimte voor ontwikkelingen en bescherming van bijvoorbeeld het landelijk gebied. De regels geven de kaders waarbinnen deze ruimte voor afweging en maatwerk mogelijk is en zijn in overeenstemming met de ontwikkelprincipes en ambities zoals verwoord in de omgevingsvisie. Deze regels zijn er onder andere op gericht om zoveel mogelijk binnenstedelijk te verdichten en het landschap te behouden en beschermen. Dat wil niet zeggen dat er niets mogelijk is in het landelijk gebied, maar het vraagt wel om een goede onderbouwing en landschappelijke inpassing.

Voor gebieden met grotere landschappelijke, ecologische, aardkundige en cultuurhistorische waarde, de bijzondere provinciale landschappen, is deze bewijslast logischerwijs zwaarder. De Omgevingsverordening bevat instructieregels die van belang zijn om het provinciale beleid of het provinciale belang te laten doorwerken in de uitoefening van taken of bevoegdheden door andere bestuursorganen dan provinciale staten, zoals gemeenten. Afdeling 6.2 bevat de instructieregels voor gemeentelijke omgevingsplannen. Deze instructieregels gelden ook als beoordelingsregels voor de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Er zijn onder andere instructieregels opgenomen voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen, woningbouw, detailhandel, duurzame energie, beschermd landelijk gebied en cultureel erfgoed. Betekenis voor het project Hieronder zijn de artikelen uit de Omgevingsverordening NH2022 toegelicht die voor het onderhavige ontwikkeling relevant zijn. Artikel 6.13: Nieuwe stedelijke ontwikkelingen In artikel 6.13 is bepaald dat een ruimtelijk plan uitsluitend kan voorzien in een nieuwe stedelijke ontwikkeling als de ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio gemaakte schriftelijke afspraken.

Met het Regionaal Actie Programma (RAP) uit 2017 heeft de regio Alkmaar een eerste stap gezet om te komen tot een regionale afspraak volgens de provinciale uitvoeringsregeling. Het RAP heeft in 2019 een vervolg gekregen met het rapport Woningbouwafspraken en Programmering. De gemeenten in de regio Alkmaar hebben daarna ook een regionale woningprogrammering opgesteld. Deze wordt enkele malen per jaar geactualiseerd. Artikel 6.75: Klimaatadaptatie Op grond van artikel 6.75 dient de toelichting van een ruimtelijk plan dat een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling mogelijk maakt, een beschrijving te bevatten van de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met de risico’s van klimaatverandering. Deze beschrijving dient in te gaan op het risico op wateroverlast, overstroming, hitte en droogte en de maatregelen en voorzieningen die worden getroffen om deze risico’s te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt. Ten behoeve van de beschrijving is overleg met in ieder geval het waterschap in wiens beheergebied de ontwikkeling plaatsvindt noodzakelijk. Er vindt overleg plaats met het Hoogheemraadschap Holland Noorderkwartier (HHNK). In paragraaf 4.12 is nader ingegaan op klimaatadaptatieve maatregelen. Het onderhavige bouwplan is passend binnen de regels zoals deze zijn opgenomen in de Omgevingsverordening NH2022.

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

14/29

Beleid

3.3.2 Coalitieakkoord 2023-2027 In het provinciaal Coalitieakkoord 2023-2027 wordt ingezet op voldoende passende woningen die goed bereikbaar zijn en in een mooie en gezonde omgeving staan. De uitdaging is om tot en met 2030 184.000 woningen in de provincie te realiseren. Dit betekent een verdubbeling van de bouwproductie ten opzichte van afgelopen jaren. Het grootste deel van de benodigde 184.000 woningen kan binnenstedelijk worden gebouwd. De coalitie hecht groot belang aan de beschikbaarheid van woningen voor specifieke doelgroepen, zoals starters, ouderen en spoed-zoekers. Door de grote druk op de woningmarkt en in het bijzonder het tekort aan sociale huurwoningen, lukt het grote groepen mensen niet om een woning te vinden, terwijl dat in veel gevallen wel heel hard nodig is. Het doel is dat iedereen in Noord-Holland een passende woning kan vinden. Betekenis voor het project Met het plan wordt een bijdrage geleverd aan de vraag naar woningen voor verschillende doelgroepen, waarbij de nadruk ligt op het betaalbare segment. In paragraaf 3.3.4 is nader ingegaan op de het regionaal Woonakkoord. 3.3.4 Woonakkoord regio Alkmaar In de Woonagenda 2020-2025 van de provincie Noord-Holland is bepaald dat de regio’s samen met de provincie Woonakkoorden opstellen. Hierin zijn afspraken over woningbouw, nieuwbouw en een overzicht van woningbouwplannen in het landelijk gebied opgenomen.

Het Woonakkoord is de opvolger van het Regionaal Actieprogramma (RAP). De regio Alkmaar ziet het Woonakkoord als een goede basis om de woningbouw versneld te realiseren. Het akkoord biedt een actuele en krachtige impuls en inspiratie voor lokale woonvisies en prestatieafspraken, maar heeft zelf niet die status. Het Woonakkoord Regio Alkmaar is vastgesteld in juli 2021 en zet in op het toevoegen van minimaal 2.000 woningen per jaar binnen de regio tot 2030. De regio Alkmaar zet in op binnenstedelijk bouwen. Er wordt prioriteit gegeven aan de ontwikkeling van woningen op inbreidingslocaties, nabij OV-knooppunten en in de nabijheid van andere voorzieningen. In de Regio Alkmaar is ruimte om een deel van de benodigde nieuwbouwopgave van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) op te vangen door aanvullende woonmilieus en productmarktcombinaties te realiseren. De regio bouwt niet meer woningen dan nodig is voor de woningbehoefte, maar zoekt wel naar flexibiliteit waar dat leidt tot een grotere vraaggerichtheid van de nieuwbouw. Betekenis voor het project De voorgenomen ontwikkeling voorziet in de herontwikkeling van een voormalig bedrijfsperceel naar woningen binnen bestaand stedelijk gebied.

Het plan sluit aan bij de afspraken die in het Woonakkoord zijn gemaakt met betrekking tot het geven van prioriteit aan de realisatie van een divers woningaanbod waaronder levensloopbestendige woningen. Op grond van de actuele behoefteprognose en de aanwezige plancapaciteit, wordt geconcludeerd dat er voldoende kwantitatieve behoefte is. Tevens wordt invulling gegeven aan de kwalitatieve behoefte gelet op de differentiatie in het woningaanbod. De voorgenomen ontwikkeling voorziet grotendeels in betaalbare koopwoningen. De voorgenomen ontwikkeling is in overeenstemming met het regionale woonakkoord, voorziet in zowel de lokale als de regionale behoefte en bevordert de doorstroming op de woningmarkt. 3.3.5 Woondeal 2.0 Regio Noord-Holland Noord De regio Alkmaar heeft samen met het Rijk de Woondeal NHN 2.0 (2023) afgesloten. Het doel van de Woondeals is om snel meer (betaalbare) woningen te bouwen in deze regio’s. Er moeten tot en met 2030 ongeveer 220.000 woningen bij komen. De Woondeal NHN richt zich op de bouw van voldoende betaalbare woningen in de regio, in samenwerking met marktpartijen en corporaties. In de Woondeal staat de inzet voor 30% sociale huur en 36,67% middensegment (huur of koop) (ofwel 2/3 betaalbaar). Betekenis voor het project Met de voorgenomen ontwikkeling wordt bijgedragen aan de bouw van betaalbare woningen conform de woondeal.

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

15/29

Beleid

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1 Omgevingsvisie Alkmaar 2040 De gemeenteraad van Alkmaar heeft op 5 oktober 2017 de Omgevingsvisie Alkmaar 2040 vastgesteld. De Omgevingsvisie Alkmaar 2040 is een strategisch beleidsdocument dat betrekking heeft op de fysieke leefomgeving van Alkmaar. De visie biedt een handvat om op hoofdlijnen sturing te geven aan de ontwikkeling van stad en land tot 2040. Sturing vindt plaats op omgevingskwaliteit, een begrip dat naast ruimtelijke kwaliteit ook de mate van leefbaarheid van een gebied en zaken als concurrentiekracht en milieukwaliteit meeneemt. In de visie wordt een algemene ambitie en drie verhalende ambities uiteengezet. De algemene ambities hebben een algemeen karakter en zijn altijd van toepassing. Doel van deze ambities is Alkmaar goed te laten fungeren als een gemeente met een complete stad met gezonde stadsvoorzieningen, een innovatief en toekomstbestendig buitengebied, een brede werkgelegenheid, een aantrekkelijk aanbod voor bezoekers en een prettig leefmilieu voor bewoners, inclusief een gezond sport- en recreatieklimaat. De drie verhalende ambities komen voort uit maatschappelijke trends en bestaande Alkmaarse kwaliteiten. Ze fungeren als ontwikkelingsdoelen voor de toekomst. De eerste ambitie betreft het Noordhollandsch kanaal, die van een industrieel transportkanaal verandert in een uitnodigende stadsrivier.

Hier vinden ontwikkelingen plaats van voorbeeldprojecten op het gebied van duurzaamheid en klimaatadaptatie en ontstaan representatieve bedrijven. De tweede ambitie is dat Alkmaar zichzelf ziet als compacte stad. Ze kiest daarom niet voor uitbreiding, maar voor verdichting die bijdraagt aan de kwaliteit van de stad. De compacte stad Alkmaar is een duurzame en klimaatbestendige stad, waarin iedereen gezond kan leven. De derde ambitie is een toekomstbestendig en innovatief landelijk gebied binnen de gemeentegrenzen. Alkmaar streeft naar behoud van het landschap en haar karakteristieken en faciliteert tegelijkertijd veranderingen in de landbouw, zoals schaalvergroting. Betekenis voor het project Met het plan wordt bijgedragen aan een compacte stad en behoud van het landschap. 3.4.2 Criteria bij realisatie van nieuwe woningen, gemeente Alkmaar De gemeente Alkmaar heeft criteria vastgesteld die gelden bij de realisatie van nieuwe woningen. Hierin is bepaald dat in particuliere woningbouwprojecten minimaal 30% sociaal dient te worden gerealiseerd, waarvan minstens de helft als sociale huurwoning. Daarnaast wordt uitgegaan van minimaal 35% middensegment. Betekenis voor het project Gelet op de beperkte schaal van het project is het niet aantrekkelijk voor woningcorporaties en andere professionele partijen om het voorgeschreven deel sociale huurwoningen in beheer te nemen.

Om deze reden is voor een mix van koopwoningen gekozen met een verdeling van sociale koopwoningen (50%), betaalbare koop (21%) en vrije sector koop (29%). Met betrekking tot het realiseren van sociale huurwoningen zijn afspraken gemaakt tussen gemeente en ontwikkelaar waarbij het voorgeschreven aandeel sociale huurwoningen voor het project Kalkovensweg wordt gerealiseerd in een andere project (Planontwikkeling Edisonweg 9 Bak Reizen). 3.4.3 Groenbeleidsplan Alkmaar 2017 – 2027 Het groenbeleidsplan Alkmaar 2017-2027 is op 15 december 2016 vastgesteld door de gemeenteraad. Het plan beschrijft de visie en ambitie van de gemeente op het (openbare) groen in de gemeente Alkmaar, voor de periode 2017 - 2027. De nadruk ligt hierbij op het gemeentelijke groen; de parken, het groen in de wijken en dorpen en de bomen. De gemeente wil met het Groenbeleidsplan het belang van groen onderstrepen. Groen is essentieel voor de leefkwaliteit in Alkmaar. Het Groenbeleidsplan is kaderstellend. Het geeft richting aan groenbewust handelen bij ruimtelijke ontwikkelingen en is uitgangspunt voor het gemeentelijk groenbeheer. In het Groenbeleidsplan wordt op hoofdlijnen ingezet op: 1. Behouden van aanwezig groen en verder versterken van de waarde(n) ervan; 2. Vergroenen van de buitenruimte, onder meer voor een klimaatbestendige gemeente; 3. Groen dat moet verdwijnen wordt gecompenseerd;

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

16/29

Beleid

4. Behouden van de (beheer-)kwaliteit van het groen; 5. Vergroten groenbewustzijn en participatie vanuit de samenleving. Betekenis voor het project In de huidige situatie is het terrein vrijwel volledig verhard. In de nieuwe situatie is het gebied slecht 50% verhard. Hiermee wordt een grote bijdrage geleverd aan het vergroten van klimaatbuffers, biodiversiteit en de woon- en verblijfskwaliteit. In binnentuinen en de tuinstraat wordt een waterrijke omgeving gecreëerd waar een groene tuin en waterelementen in de vorm van een wadi met elkaar worden gecombineerd. De beplanting is gericht op het bevorderen van biodiversiteit. Er wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van inheemse soorten. Verder dienen de planten interessant te zijn in alle jaargetijden; bloei, vruchtdracht, herfstkleur en winterbeeld zijn hierbij belangrijke selectiecriteria. De beplanting van de tuinen is geschikt voor het bergen van regenwater. Er worden planten geselecteerd voor een standplaats met sterk wisselende omstandigheden; bij heftige regenval zullen ze tijdelijk onder water moeten kunnen staan, gedurende de zomer moeten ze juist tegen periodes van droogte kunnen. De beplantingstypologie is afhankelijk van de positie in het binnenpark ten opzichte van de gebouwen. Daarnaast worden er een groot aantal (volwassen) bomen geplant die in de zomer ook voor verkoeling zorgen.

Naast de binnentuin en tuinstraat zal in de uitwerking ook worden gekeken naar een balans tussen pv-panelen en de aanleg van groene daken. De groene daken hebben een substraatlaag waarop vegetatie groeit. Deze groene daken werken als een spons zodat het water vertraagd wordt afgevoerd. Gekozen wordt voor groene daken die bestaan uit mossen, vetplanten en grassen die weinig tot geen onderhoud behoeven (extensief groen dak). Deze mossen en grassen houden ongeveer 40% van de jaarlijkse neerslag vast en staan dit af via verdamping. Naast de grote groene voorziening op maaiveld, zal bij het parkeerhuis ook worden gekeken naar de mogelijkheden voor het creëren van een groene gevel. 3.4.4 Agenda Duurzaam Alkmaar Alkmaar Duurzaam komt voort uit Agenda Duurzaam Alkmaar (ADA). Deze ‘agenda’ biedt een kader waar alle programma’s en projecten in geplaatst kunnen worden, zodat er op strategisch niveau prioritering kan worden aangebracht. Op die manier krijgt de gemeente regie, en kan de uitvoering gecoördineerd verlopen. De agenda is ingericht langs vier thema’s: energietransitie, circulaire economie, klimaatadaptatie en mobiliteit. Betekenis voor het project In paragraaf 4.12 is toegelicht op welke wijze het aspect duurzaamheid wordt toegepast in het project. Er wordt met het project aangesloten op de Agenda Duurzaam Alkmaar.

3.4.5 Beleid hogere waarden Wet geluidhinder De gemeente Alkmaar heeft in het ‘Beleid hogere waarden Wet geluidhinder gemeente Alkmaar 2016’ uitgangspunten omtrent het verlenen van hogere waarden vastgesteld. De door de omgevingswet en het Bkl aan gemeentebesturen gelaten ruimte met betrekking tot het verlenen van hogere waarden wordt in dit beleid door middel van uitgangspunten ingevuld. Betekenis voor het project Uit het uitgevoerde akoestisch onderzoek (zie paragraaf 4.8) komt naar voren dat voor een deel van de woningen de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden. Er zijn hogere waarden nodig waarbij wordt voldaan aan het ‘Beleid hogere waarden gemeente Alkmaar 2016’. 3.4.6 Welstandsnota Alkmaar 2016 Ten behoeve van het behoud van de beeldkwaliteit (het uiterlijk van de bebouwde omgeving), voert de gemeente een welstandsbeleid (Welstandsnota Alkmaar 2016). Voor veranderingen aan het uiterlijk van de bestaande bebouwing gelden welstandscriteria. Nieuwe bouwwerken en ingrepen moeten passen bij de beeldbepalende kenmerken van de bebouwing in de buurt. Ook wordt gelet op de “passendheid” in de omgeving. Er zijn ook gebieden waar bijzonder op de omgeving wordt gelet en waar de gemeente zorgvuldig omgaat met beeldkwaliteit.

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

17/29

Beleid

Betekenis voor het project De criteria uit de Welstandsnota zien voor deze locatie niet op herontwikkeling. Om die reden is er voor deze locatie een stedenbouwkundig plan / beeldkwaliteitplan 2 opgesteld. 3.4.7 Parkeernormennota Alkmaar 2020 – 2027 De Parkeernormennota 2020 – 2027 van de gemeente Alkmaar is een leidraad voor het beoordelen van de parkeeropgave van stedenbouwkundige visies en plannen voor (her-)ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Daarnaast vormt de nota het kader dat invulling geeft aan het begrip “voldoende parkeer- of stallingsruimte” in bestaande en op ontwikkeling gerichte nieuwe bestemmingsplannen. Ten slotte is de nota ook het beoordelingskader voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen en/of wijzigen van de functie. De parkeeropgave wordt in al deze gevallen op basis van de Parkeernormennota bepaald. Betekenis voor het project In paragraaf 4.15 wordt ingegaan op het aspect parkeren en wordt aangegeven hoe dit plan zich verhoudt tot de Parkeernormennota 2020 – 2027.

3.5

Conclusie beleidskader

Op basis van voorgaande paragrafen wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling passend is binnen de beleidskaders op rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau.

2

Stedenbouw & Beeldkwaliteitplan Kalkovensweg, PRO6, 3 oktober 2024

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

18/29

4

Aspecten fysieke leefomgeving

4.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt het gewenste initiatief waar nodig getoetst aan verschillende aspecten van de fysieke leefomgeving. De genoemde aspecten sluiten aan op de onderdelen zoals genoemd in artikel 1.2 Omgevingswet.

4.2

Cultureel erfgoed, landschap en stedenbouw

4.2.1 Kader Volgens de Invoeringswet Omgevingswet wordt onder cultuurhistorie verstaan: ‘monumenten, archeologische monumenten, stads- en dorpsgezichten, cultuurlandschappen en, voor zover dat voorwerp is of kan zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in het omgevingsplan, ander cultureel erfgoed als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet.’ Het gaat hierbij om uit het verleden geërfde materiele en immateriële bronnen. De Erfgoedwet bevat de wet- en regelgeving voor beheer en behoud van het cultureel erfgoed. Voor de bescherming van het landschap geldt voor Nederland het Europees landschapsverdrag. Dit verdrag erkent dat landschappen een onderdeel zijn van de fysieke leefomgeving. In artikel 1.2 lid 1 sub g Omgevingswet worden ‘landschappen’ als onderdeel van de fysieke leefomgeving aangemerkt. Het landschapsbeleid kan door Rijk, provincie of gemeente in een omgevingsvisie zijn vastgelegd. Deels zijn landschapswaarden in instructieregels van het Bkl verankerd. Artikel 5.129 Bkl bevat bijvoorbeeld een instructieregel over het behoud van uitzicht op de vrije horizon van de zee. Een ander voorbeeld is de instructieregel over het cultureel erfgoed over onder andere bescherming van cultuurlandschappen. Bij het beschermen van cultureel erfgoed in het omgevingsplan moet de gemeente rekening houden met bepaalde uitgangspunten.

In artikel 5.130 lid 2 Bkl staan de instructieregels gesteld door het Rijk. Deze gaan over: • ontsiering, beschadiging of sloop van beschermde monumenten of archeologische monumenten; • verplaatsing van beschermde monumenten; • gebruik en wijziging van monumenten; • aantasting van de omgeving van een beschermend monument; • aantasting van beschermde stads- en dorpsgezichten en beschermde cultuurlandschappen; • conserveren en in stand houden van archeologische monumenten. 4.2.2 Betekenis voor het project en conclusie Er zijn binnen het plangebied geen cultuurhistorische waarden aanwezig. Door Hollandia Archeologen is archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd 3. Gezien de (middel)hoge verwachting op het aantreffen van archeologische waarden uit het laat-neolithicum tot en met de nieuwe tijd is geadviseerd om een inventariserend veldonderzoek door middel van verkennende boringen (IVO-O) uit te voeren binnen het plangebied. Met behulp van een dergelijk booronderzoek kunnen de bodemopbouw en eventuele (sub)recente vergravingen binnen het plangebied in kaart worden gebracht en kan worden bepaald of de nieuwbouw mogelijk archeologische waarden zal gaan verstoren. Het inventariserend veldonderzoek wordt uitgevoerd op de gronden die als gevolg van de ontwikkeling worden geroerd.

3

Archeologisch bureauonderzoek, Hollandia, 19 december 2024

GoFlo – Kalkovensweg Alkmaar

19/29

Aspecten fysieke leefomgeving

4.3

Welstand

4.3.1 Kader De gemeente Alkmaar heeft de redelijke eisen van welstand uitgewerkt in de Welstandsnota Alkmaar 2016 en heeft daarmee beleidsregels voor de beoordeling van bouwwerken. De welstandsnota bevat geen welstandscriteria voor grotere (her)ontwikkelingsprojecten, die de bestaande ruimtelijke structuur en karakteristiek doorbreken. Dergelijke welstandscriteria kunnen namelijk niet vantevoren worden opgesteld, maar maken onderdeel uit van een planningsproces. Voor ontwikkelingslocaties werkt de gemeente veelal met beeldkwaliteitplannen, waarin welstandscriteria zijn opgenomen. In beeldkwaliteitplannen staat de ambitie voor de gewenste kwaliteit van het te ontwikkelen gebied beschreven. Deze richtlijnen worden per locatie bepaald. 4.3.2 Betekenis voor het project Er is voor de locatie een beeldkwaliteitplan opgesteld waarin de welstandscriteria voor de bouwplannen zijn vastgelegd.

4.4

Bedrijven en milieuzonering

4.4.1 Algemeen kader voor toelating van milieubelastende en milieugevoelige activiteiten Een kernbegrip van de Omgevingswet is ‘milieubelastende activiteit’. Dat is (gelet op bijlage 1 bij de Omgevingswet) een activiteit die nadelige gevolgen voor het milieu kan veroorzaken (anders dan lozen op een oppervlaktewaterlichaam of op een zuiveringtechnisch werk of wateronttrekking). Een evenwichtige toedeling van functies aan locaties houdt onder meer in dat: • milieuhinder voor gevoelige activiteiten wordt voorkomen of zo veel mogelijk beperkt (‘beschermen’); en • er voldoende ruimte wordt geboden voor milieubelastende activiteiten (‘benutten’). Gelet hierop dient bij het toelaten van nieuwe milieubelastende activiteiten beoordeeld te worden of milieubelasting van die nieuwe activiteiten aanvaardbaar is voor toegelaten (bestaande en mogelijk toekomstige) woningen (‘aanvaardbaar woon- en leefklimaat’) en voor andere milieugevoelige activiteiten. Ook dient getoetst te worden of een nieuwe milieubelastende activiteit qua benodigde milieuruimte passend is op de locatie, waarbij beoordeeld wordt of de betreffende locatie geschikt is voor het vestigen van die activiteit en of de ruimte gereserveerd is voor lichtere of zwaardere functies qua milieugebruik? Betekenis voor het project In voorliggend plan worden gevoelige functies gerealiseerd, namelijk woningen.

In de nabije omgeving liggen diverse niet-woonfuncties. Het gebied rondom de planlocatie betreft een gemengd gebied. Een 'gemengd gebied' is een gebied met een matige tot sterke functiemenging (direct naast woningen komen ook functies als kantoor, bedrijvigheid of horeca voor) of een gebied dat gelegen is nabij hoofdinfrastructuur. Het plangebied is gelegen in een gebied met verscheidene functies, waaronder bedrijvigheid en wonen. Daarnaast zijn in de directe nabijheid de spoorlijn Amsterdam - Den Helder aanwezig. Kenmerkend voor het omgevingstype 'gemengd gebied' is dat sprake is van een zekere verstoring en dus van een relevant andere omgevingskwaliteit dan in een rustig woongebied. Gelet op de aanwezige functies en infrastructuur is ter plaatse van de voorliggende locatie sprake van het omgevingstype 'gemengd gebied', waardoor de richtafstand op basis van de VNG-brochure terug kan worden gebracht met één afstandsstap ten opzichte van de (basis) richtafstanden (die gelden voor functies ten opzichte van een rustige woonwijk).

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

20/29

Aspecten fysieke leefomgeving

Uit een inventarisatie blijkt dat er in de nabijheid van het plangebied diverse niet-woonfuncties gevestigd zijn. Er zijn geen niet-woonfuncties in de nabijheid van de projectlocatie die zorgen voor een zekere verstoring. Bij het bepalen of een nieuwe functie toelaatbaar is op een locatie dient uitgegaan te worden van maximale planologische invulling. De percelen met bestemming ‘maatschappelijk’ en ‘gemengd’ worden momenteel gebruikt door een architectenbureau en een tandarts. Echter zouden zich hier in de toekomst ook andere bedrijven kunnen vestigen. Omdat de afstand tot deze percelen groot genoeg is, het bestemmingsplan alleen functies toestaat die zich goed verhouden tot wonen en er in de huidige situatie al bestaande woningen op korte afstand van de nietwoonfuncties aanwezig zijn, vormen de gemengde- en maatschappelijke bestemmingen geen belemmering voor het toevoegen van de nieuwe woningen. Betekenis voor het project Alle rondom het plangebied gelegen niet-woonfuncties liggen op voldoende afstand om enerzijds niet in hun bedrijfsvoering te worden belemmerd en anderzijds om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te realiseren.

4.5

Milieubelastende activiteiten

Op grond van artikel 5.59, eerste lid van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is het verplicht om rekening te houden met het geluid van activiteiten, anders dan wonen, op geluidgevoelige gebouwen. Deze verplichting is aan de orde zowel bij het toelaten van geluidveroorzakende activiteiten (met uitzondering van de hierboven genoemde bronnen) als bij het toelaten van geluidgevoelige gebouwen. Een geluidgevoelig gebouw is: een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat is toegelaten op grond van dit omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit met een: a. woonfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan; b. onderwijsfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan; c. gezondheidszorgfunctie met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan; d. bijeenkomstfunctie voor kinderopvang met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan. Concreet betekent deze verplichting dat bij het toelaten van geluidgevoelige of geluid veroorzakende activiteiten gemotiveerd moet worden: - dat er sprake is van een aanvaardbare geluidsituatie; en - wat de gevolgen zijn voor de ‘geluidruimte’ van activiteiten. Betekenis voor het project Het project heeft betrekking op het realiseren van woningen. Er is geen sprake van milieubelastende activiteiten.

4.6

M.e.r.-beoordeling

Onderdeel van de beoordeling of een aanvraag om een Bopa volledig is, is een toets aan de

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

21/29

Aspecten fysieke leefomgeving

regels over een milieueffectrapportage. Dit gebeurt overeenkomstig paragraaf 16.4.2 van de Omgevingswet en afdeling 11.2 van het Omgevingsbesluit. a. Project-mer-plichtig of mer-beoordelingsplichtig Of een besluit over een project-mer-plichtig of mer-beoordelingsplichtig is, kan worden afgeleid uit bijlage V bij het Omgevingsbesluit, in samenhang met de artikelen 11.6 en 11.8 van het Omgevingsbesluit. Bijlage V heeft als ingang (eerste kolom) de omschrijving van het project van de initiatiefnemer. In kolom 4 staan de besluiten genoemd waarvoor dan de mer-verplichtingen gelden. Het gaat dan om besluiten waarmee de toestemming voor het project wordt verleend. In dit geval is dat de omgevingsvergunning. Het betreft dan altijd een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit (of een ontgrondingenactiviteit, wateractiviteit, enzovoort). Daarnaast kunnen de mer-verplichtingen nog gelden voor enkele bijzondere besluiten uit andere wetten, zoals de vergunning op basis van de Kernenergiewet. Of er voor het besluit een mer-plicht of een mer-beoordelingsplicht geldt, volgt uit de tweede en derde kolom. Als het project voldoet aan de voorwaarden van kolom 2, geldt een mer-plicht. Anders geldt een mer-beoordelingsplicht, tenzij ook in kolom 3 nog voorwaarden staan.

Er wordt onder de Omgevingswet geen onderscheid meer gemaakt tussen een formele en vormvrije mer-beoordeling op grond van aangewezen drempelwaarden. Er is nog maar één mer-beoordelingsprocedure. b. Project-mer-beoordeling • Artikel Omgevingswet: 16.43 en 16.88 (eerste lid, onder h). • Artikel Omgevingsbesluit: 11.11. Nadere regels project- -mer-beoordeling. Het bevoegd gezag neemt het resultaat van de beoordeling of sprake is van aanzienlijke milieueffecten, bedoeld in artikel 16.43, tweede lid, van de wet, met de bijbehorende motivering op in het besluit en, voor zover hier sprake van is, in het ontwerp van het besluit (artikel 11.11, lid 2 Omgevingsbesluit). c. Motivering van de beslissing (artikel 11.11 lid 3 Omgevingsbesluit) In de motivering van de beslissing wordt in ieder geval verwezen naar: a. de relevante criteria van bijlage III bij de mer-richtlijn; en b. als is beslist dat geen milieueffectrapport moet worden gemaakt: 1. de kenmerken en maatregelen, bedoeld in artikel 11.10, derde lid, als degene die voornemens is het project uit te voeren deze heeft voorgesteld; en 2. het moment waarop die maatregelen moeten zijn gerealiseerd. Kenmerken en maatregelen als bedoeld in artikel 11.10, lid 3 Ob. Bij een mededeling als bedoeld in artikel 16.45, eerste lid, van de wet, verstrekt degene die voornemens is het project uit te voeren in ieder geval een beschrijving van: a.

het project, met in ieder geval een beschrijving van: 1. de fysieke kenmerken van het gehele project en, als dat van toepassing is, van sloopactiviteiten; 2. de locatie van het project, met bijzondere aandacht voor de kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop het project van invloed kan zijn; b. de mogelijk aanzienlijke milieueffecten van het project; en c. voor zover er informatie over deze effecten beschikbaar is: de mogelijk aanzienlijke milieueffecten van het project ten gevolge van: 1. de verwachte residuen en emissies en de productie van afvalstoffen; en 2. het gebruik van natuurlijke bronnen, waaronder bodem, land, water en biodiversiteit. Betekenis voor het project Uit de beschrijving van de ‘aspecten van de fysieke leefomgeving’ volgt dat de kenmerken van de activiteit en de mogelijke gevolgen voor het milieu geen aanleiding geven voor het opstellen van een milieueffectrapportage.

GoFlo Kalkovensweg Alkmaar

22/29

Aspecten fysieke leefomgeving

4.7

Gezondheid

4.7.1 Kader Conform artikel 1.3 sub a Omgevingswet is het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit een belangrijk maatschappelijk doel van de Omgevingswet. De aspecten veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit hangen nauw met elkaar samen. Betekenis voor het project De gemeente Alkmaar heeft nog geen specifiek beleid vastgesteld met betrekking tot gezondheid. Gelet op de conclusies met betrekking tot de in dit hoofdstuk benoemde aspecten omtrent de effecten of de fysieke leefomgeving, kan met betrekking tot gezondheid worden geconcludeerd dat er als gevolg van het project geen sprake is van negatieve effecten.

4.8

Geluid

4.8.1 Geluid vanwege wegen, spoorwegen en industrieterreinen Bij het toelaten van een activiteit, (spoor)weg, industrieterrein of geluidgevoelig gebouw moet het geluid op de geluidgevoelige gebouwen beoordeeld worden. Hiertoe zijn in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) instructieregels opgenomen. De instructieregels hebben tot doel de gezondheid en het milieu te beschermen tegen te veel geluid. Hiervoor zijn in het Besluit kwaliteit leefomgeving eisen gesteld aan het geluid op geluidgevoelige gebouwen. Een geluidgevoelig gebouw is volgens de begripsbepalingen in bijlage 1, Bkl, een (deel van een) gebouw met een woonfunctie, een gebouw met een onderwijsfunctie, een gebouw voor kinderopvang met bedden, een gebouw voor gezondheidszorg met bedden. Ook ligplaatsen voor woonschepen en standplaatsen voor woonwagens zijn aangewezen als geluidgevoelig. Een geluidaandachtsgebied is een gebied langs een (spoor)weg of rond een industrieterrein waarbinnen het geluid vanwege de betreffende bron hoger kan zijn dan de standaardwaarde. De grootte van het gebied is afhankelijk van de bron. De standaardwaarde is in het algemeen een aanvaardbaar geluidniveau. In het omgevingsplan kan op basis van het type gebied een hogere of lagere standaardwaarde worden vastgesteld. Het omgevingsplan voorziet in een aanvaardbaar geluidsniveau van verkeer en industrie op een geluidgevoelig gebouw.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16018028/1