CConstaterende datAlkmaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Nota beantwoording zienswijzen

Gemeenteraad 22 januari 2026, gemeente AlkmaarBij agendapunt: Raadsvoorstel Bestemmingsplan Geluidzonering bedrijventerrein Overdie9.415 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

2.25

Ontwerpbesluit Maatwerkvoorschriften in relatie tot alle overige voorschriften Activiteitenbesluit Reclamant vraagt zich af hoe sedert 1 januari 2024 alle overige voorschriften uit het Activiteitenbesluit van kracht blijven. Gemeentelijke beantwoording Deze voorschriften blijven onverkort van kracht via de bruidsschat (voorheen landelijk geldende regels die van rechtswege onderdeel zijn geworden van het Omgevingsplan Alkmaar). Daarnaast wordt de procedure voor de vaststelling van dit bestemmingsplan krachtens de Invoeringswet Omgevingswet volgens het oude recht worden afgerond.

2.26

Ontwerpbesluit Maatwerkvoorschriften in relatie tot notitie Peutz Nergens blijkt dat de notitie van Peutz aan dit ontwerpbesluit Maatwerkvoorschriften ten grondslag ligt, de notitie is niet op waarde is te schatten omdat alle reken- en invoergegevens ontbreken, de rapporten waarnaar in de notitie wordt verwezen zijn niet ter inzage gelegd, de conclusies van Peutz zonder onderliggende (invoer)gegevens zijn niet op juistheid te controleren en het is onduidelijk hoe de contouren in de figuren bij deze notitie tot stand zijn gekomen. Volgens reclamant is onduidelijk of de maatwerkvoorschriften recht doen aan zijn vergunde situatie . Gemeentelijke beantwoording De ontwerp maatwerkvoorschriften die ter inzage zijn gelegd zijn niet voor reclamant bedoeld. De maatwerkvoorschriften van reclamant wijzigen niet.

2.27

Ontwerpbesluit Maatwerkvoorschriften, uitbreidingsmogelijkheid Volgens reclamant lijkt in het geheel geen rekening te zijn gehouden met uitbreidingsmogelijkheden. Gemeentelijke beantwoording In de beantwoording onder 2.16 is ingegaan op de keuze om de vergunde situatie vast te leggen en geen rekening te houden met thans nog niet bekende uitbreidingsmogelijkheden.

18

2.28

Indirecte hinder Op een gezoneerd industrieterrein wordt geluidsemissie van verkeersbewegingen op een openbare weg, zowel op als buiten het industrieterrein, van en naar een inrichting buiten beschouwing gelaten. Hetzelfde geldt voor de geluidsemissie van vanwege verkeersbewegingen van scheepvaart op een vaarweg van en naar een inrichting op een gezoneerd industrieterrein. Opheffing van de zone heeft dus directe gevolgen voor de geluidsemissie van verkeer van en naar de inrichting. Deze gevolgen zijn volgens reclamant niet in ogenschouw genomen en ook in zoverre is het ontwerpplan ondeugdelijk, zo concludeert reclamant. Gemeentelijke beantwoording Het inrichtingsgebonden verkeer (het verkeer op de openbare weg), van en naar de inrichting, wordt beoordeeld volgens de ‘Circulaire inzake geluidhinder veroorzaakt door het wegverkeer van en naar de inrichting; beoordeling in het kader van de Wet milieubeheer van 29 februari 1996’. In de situatie dat sprake was van een gezoneerd industrieterrein kon die beoordeling achterwege blijven. Volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State hoeft het inrichtingsgebonden verkeer van en naar de inrichting gelegen op een gezoneerd industrieterrein niet getoetst te worden aan de voormelde circulaire (zaaknummer E03.96.0906; AB 1998, 29).

Vanwege de dezonering kan inrichtingsgebonden verkeer relevant zijn voor de (bedrijfs)woningen uit tabel 4.1. Van relevantie is slechts sprake als het verkeer van en naar de inrichting (van derden) ter plaatse van de (bedrijfs)woningen akoestisch herkenbaar is ten opzichte van het overige verkeer. Daarom wordt aangesloten bij de systematiek conform de ‘Circulaire inzake geluidhinder veroorzaakt door het wegverkeer van en naar de inrichting; beoordeling in het kader van de Wet milieubeheer d.d. 29 februari 1996’. Vanwege de vestiging op een bedrijventerrein wordt verkeer van en naar de bedrijven direct opgenomen in het verkeersbeeld en is akoestisch niet herkenbaar. Beoordeling kan derhalve achterwege blijven. Gemeentelijke beantwoording Het inrichtingsgebonden verkeer (het verkeer op de openbare weg), van en naar de inrichting, wordt beoordeeld volgens de ‘Circulaire inzake geluidhinder veroorzaakt door het wegverkeer van en naar de inrichting; beoordeling in het kader van de Wet milieubeheer d.d. 29 februari 1996’. In de situatie dat sprake was van een gezoneerd industrieterrein kon die beoordeling achterwege blijven.

Volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State hoeft inrichtingsgebonden verkeer van en naar de inrichting gelegen op een gezoneerd industrieterrein niet getoetst te worden aan de voormelde circulaire (zaaknummer E03.96.0906; AB 1998, 29). Vanwege dezonering kan inrichtingsgebonden verkeer relevant zijn voor de (bedrijfs)woningen uit de tabel 4.1. Van relevantie is slechts sprake als het verkeer van en naar de inrichting (van derden) ter plaatse van de (bedrijfs)woningen akoestisch herkenbaar is ten opzichte van het overige verkeer. Daarom wordt aangesloten bij de systematiek conform de ‘Circulaire inzake geluidhinder veroorzaakt door het wegverkeer van en naar de inrichting; beoordeling in het kader van de Wet milieubeheer d.d. 29 februari 1996’. Vanwege de vestiging op een bedrijventerrein wordt verkeer van en naar de bedrijven direct opgenomen in het verkeersbeeld en is akoestisch niet herkenbaar. Beoordeling kan derhalve achterwege blijven.

19

2.29

Overgangsrecht De zienswijze waarin reclamant onder meer stelt dat hij ernstig in zijn gevestigde rechten en belangen wordt geschaad lijkt de kern van alle voorgaande punten die reclamant heeft ingebracht. Reclamant voegt hier aan toe dat volgens hem er geen aanleiding is hem onder het overgangsrecht te brengen. Gemeentelijke beantwoording Kortheidshalve wordt hierbij verwezen naar de beantwoording van alle voorgaande zienswijzen. Ten aanzien van overgangsrecht is de gemeente het eens met reclamant: voor zover bekend is in de huidige situatie van reclamant geen sprake van strijd met het huidige planologische regime en ook niet met het vast te stellen bestemmingsplan.

Conclusie Naar aanleiding van de zienswijze worden de Toelichting en het Bijlagenboek aangepast. Voor het overige leidt de zienswijze niet tot wijziging van het bestemmingsplan.

Bijlagen Zienswijze R01 Zienswijze R02

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16187856/1