260224 Raadsinformatiebrief Grüne Woche 2026 en Agrarische Agenda 2025 - bijlage 3
Tekst van het document
De distributie zorgt voor transport van de land- en tuinbouwproducten zelf naar verwerkers en van verwerkte producten naar vervolgschakels in de keten met distributiecentra en groothandel als tussenstation en retail en foodservicebedrijven als eindstation. Het agrocluster wordt in de rapportages van Wageningen Social & Economic Research onderverdeeld in zes deelclusters, die zijn opgebouwd uit de volgende primaire en verwerkende sectoren: 1.
Akkerbouwcluster: primaire akkerbouwsector en de verwerkende bedrijven van akkerbouwproducten: aardappelen, suikerbieten, granen, cacao, koffie, thee, plantaardige vetten en oliën
2.
Opengrondstuinbouwcluster: primaire sectoren (groenten in opengrond, bloembollen, fruit, boomkwekerij) en groente- en fruitverwerkende industrie
3.
Glastuinbouwcluster: primaire sectoren (glasgroenten, snijbloemen, planten, champignons) en de
4.
Grondgebonden veehouderijcluster: primaire sectoren (rundveehouderij, schapen- en geitenhouderij) en
groente- en fruitverwerkende industrie de verwerkende bedrijven (zuivelindustrie, slachterijen) 5.
Intensieve veehouderijcluster: primaire sectoren (vleeskalveren-, vleeskuikens, leghennen en varkenshouderij) en de slachterijen
6.
Visserijcluster: primaire visserijsector en de visverwerkende industrie.
De directe bijdrage van deze afzonderlijke clusters aan de toegevoegde waarde en de werkgelegenheid van de nationale economie en de economie van een provincie is eenvoudig te bepalen door het optellen van de beschikbare informatie in databronnen bij het CBS, Stichting LISA en Wageningen Social & Economic Research. Veel lastiger is het om te bepalen hoeveel toegevoegde waarde en werkgelegenheid er indirect wordt gecreëerd bij toeleverende bedrijven. Hiervoor biedt de input-outputanalyse die bij Wageningen Social & Economic Research gebruikt wordt een oplossing. De betekenis van het agrocluster kan op twee manieren worden weergegeven. Bij Wageningen Social & Economic Research worden de zogenoemde ‘ruime’ definitie en de ‘enge’ definitie gebruikt. De enge definitie houdt voor de afbakening van de voedings- en genotmiddelenindustrie alleen rekening met de verwerking van in de betreffende provincie geproduceerde agrarische producten terwijl de ruime definitie de gehele voedings- en genotmiddelenindustrie meeneemt ongeacht de herkomst van de agrarische grondstoffen. Dit betekent dat de in een bepaalde provincie gevestigde fruitverwerkende industrie voor 100% wordt meegenomen, ook al komt misschien een deel van het fruit uit andere provincies of zelfs uit het buitenland. In deze studie gaan wij uit van de ruime definitie.
38 | Wageningen Social & Economic Research Rapport 2025-075
Het totale agrocluster bestaat uit de volgende twee onderdelen: het agrocluster gebaseerd op binnenlandse agrarische grondstoffen en het agrocluster gebaseerd op buitenlandse agrarische grondstoffen. Het gaat er dus om waar de agrarische grondstoffen die door de verwerkende industrie worden gebruikt vandaan worden gehaald. Voor inzicht in de omvang van het agrocluster gebaseerd op binnenlandse grondstoffen, wordt een onderverdeling gemaakt naar toegevoegde waarde en werkgelegenheid voor de primaire productiesector, de verwerkingsindustrie, de toeleveringsindustrie en de distributie. Het deel van het agrocomplex gebaseerd op buitenlandse grondstoffen heeft alleen betrekking op de verwerkingsindustrie: waar haalt die zijn grondstoffen vandaan. Inzicht wordt dus alleen gegeven in toegevoegde waarde en werkgelegenheid die door de verwerkingsindustrie (zelf en bij toeleveranciers en distributeurs) gerealiseerd worden met verwerking van buitenlandse agrarische grondstoffen, zoals bijvoorbeeld koffie, thee, cacao, oliën en vetten.
Wageningen Social & Economic Research Rapport 2025-075
| 39
Bijlage 3
Gehanteerde definitie KPI’s melkveehouderij
KPI
Samenvatting definitie
Rekenwijze
Stikstof-bodemoverschot (kg/ha)
Het verschil tussen aanvoer uit meststoffen, weidemest (melkveehouderij), depositie, biologische binding en veenmineralisatie en afvoer van het gewas en ammoniakemissie, uitgedrukt in kg per ha bedrijfsareaal.
Kringloopwijzer 23.12
Fosfaatoverschot (kg/ha)
Het verschil tussen aanvoer uit meststoffen en afvoer van het gewas, uitgedrukt in kg P2O5 per ha bedrijfsareaal.
Kringloopwijzer 23.12
Ammoniakemissie (kg/ha)
Totale ammoniakemissie uit stallen, mestopslagen, toegediende meststoffen, excretie in de weide (melkveehouderij), en gewasresten, uitgedrukt in kg per ha bedrijfsareaal.
Kringloopwijzer 23.12
Eiwit eigen land (%)
Percentage van het eiwitverbruik door de veestapel dat niet is aangekocht: Verbruik eiwit door de veestapel minus het aangekocht verbruikt eiwit door de veestapel gedeeld door verbruikt eiwit door de veestapel
Kringloopwijzer 23.12
Aandeel blijvend grasland (%)
Areaal blijvend grasland gedeeld door het totale productieve areaal
Kringloopwijzer 23.12
Broeikasgassen per kg (gram CO2-eq per kg meetmelk)
Alle emissies op het landbouwbedrijf en de aanvoerketen, na toepassing van allocatie naar melk, uitgedrukt per kg meetmelk. CO2 uit de bodem is hierin nog niet meegenomen.
Kringloopwijzer 23.12
Milieubelastingspunten (punten/ha)
Milieueffect van door gewasbeschermingsmiddelen op bodemleven, waterleven en grondwater, uitgedrukt in aantal punten per hectare
Milieumeetlat
40 | Wageningen Social & Economic Research Rapport 2025-075
Bijlage 4
Gehanteerde definitie KPI’s akkerbouw
KPI
Samenvatting definitie
Rekenwijze
Stikstof-bodemoverschot (kg/ha)
Het verschil tussen aanvoer uit meststoffen, depositie, biologische binding en veenmineralisatie en afvoer van het gewas en ammoniakemissie, uitgedrukt in kg per ha bedrijfsareaal.
Nutriëntenbalans akkerbouw bedrijfsniveau
Fosfaatoverschot (kg/ha)
Het verschil tussen aanvoer uit meststoffen en afvoer van het gewas, uitgedrukt in kg P2O5 per ha bedrijfsareaal.
Nutriëntenbalans akkerbouw bedrijfsniveau
Ammoniakemissie (kg/ha)
Totale ammoniakemissie uit toegediende meststoffen en gewasresten, uitgedrukt in kg per ha bedrijfsareaal.
Nutriëntenbalans akkerbouw bedrijfsniveau
Broeikasgassen per kg (gram CO2-eq/ha)
Alle emissies op het landbouwbedrijf en de aanvoerketen, uitgedrukt per hectare.
Nutriëntenbalans akkerbouw bedrijfsniveau
Milieubelastingspunten (punten/ha)
Milieueffect van door gewasbeschermingsmiddelen op bodemleven, waterleven en grondwater, uitgedrukt in aantal punten per hectare
Milieumeetlat
Bodembedekking
Percentage van het jaar dat de bodem bedekt is met rustgewassen en groenbemesters
KPI dashboard
Gewasdiversiteit - Hill-Shannon Index
Index die berekend wordt op basis van het aantal hoofdgewassen (gewastypen) die in één groeiseizoen het bouwplan uitmaken op een akkerbouwbedrijf, gewogen op basis van de teeltoppervlakte dat die gewassen innemen.
KPI dashboard
Gewasdiversiteit – randdichtheid Meter/ha
Gewogen gemiddelde van het aantal meters perceelrand ten opzichte van het totale bouwplan in hectares (m perceelrand/hectare) en is dus een maat voor de ruimtelijke verdeling (%) van de percelen op het bedrijf.
KPI dashboard
Wageningen Social & Economic Research Rapport 2025-075
| 41
Bijlage 5 Definities enkele kengetallen
Standaardopbrengsten (SO): De Standaardopbrengst (in euro per bedrijf), de totale bedrijfsomvang van een bedrijf, wordt berekend als sommatie van de totale SO van alle gewassen en dieren. In die totale bedrijfsomvang is dus geen rekening gehouden met opbrengsten uit bijvoorbeeld subsidies, bedrijfstoeslagen en multifunctionele activiteiten. Inkomen uit bedrijf: Het inkomen uit normale bedrijfsvoering vermeerdert met de buitengewone baten en lasten. Het geeft weer welk brutobedrag op jaarbasis resteert voor de inzet van de onbetaalde arbeidskrachten vanuit de bedrijfsactiviteiten. Solvabilteit: Het eigen vermogen gedeeld door het totale vermogen. Hierbij is gecorrigeerd voor belastinglatentie. Moderniteit: De verhouding tussen de boekwaarde en nieuwwaarde. Hoe ouder de activa hoe meer er is afgeschreven, hoe lager de moderniteit. Kasstroom: De Kasstroom geeft inzicht in de liquiditeitsontwikkeling van een bedrijf tijdens een kalenderjaar. Deze wordt bepaald door de ontvangsten te verminderen met de uitgaven inclusief aflossingen. Gve: Een grootvee-eenheid is een standaardmaat die wordt gebruikt om verschillende soorten vee met elkaar te vergelijken op basis van hun productie van mest en/of voedingsbehoefte. Het doel van deze maat is om een uniforme eenheid te creëren waarmee je dieren zoals koeien, varkens, schapen, en kippen kunt omrekenen naar een gemeenschappelijke schaal.
42 | Wageningen Social & Economic Research Rapport 2025-075
Bijlage 6
Tabellen en figuren agrocluster gemeente Alkmaar (2022)
De omvang van het totale agrocluster in de gemeente Alkmaar wordt weergegeven in de ook in het rapport weergegeven tabellen B6.1 en B6.2, en de figuren B6.1 tot en met B6.3. In figuur B6.4 en B6.5 wordt ingegaan op de deelclusters. De toegevoegde waarde en werkgelegenheid per deelcomplex, zie tabellen B6.3 tot en met B6.8.
Tabel B6.1 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid Totaal Agrocluster Alkmaar (2022) a) Toegevoegde waarde (mln. euro)
Werkgelegenheid (arbeidsjaren)
Agrocluster, totaal
83,0
991,2
Aandeel in totale economie van Alkmaar
1,3%
1,9%
Agrocluster, buitenlandse grondstoffen
39,7
515,6
Agrocluster, binnenlandse grondstoffen
43,4
475,6
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,7%
0,9%
• Primaire productie
20,3
275,9
• Verwerking
1,4
9,7
• Toelevering
18,4
150,0
• Distributie
3,2
40,1
Aandeel agrocluster Alkmaar in agrocluster NL
0,1%
0,2%
a) Het agrocluster buitenlandse grondstoffen heeft alleen betrekking op de verwerkingsindustrie in het cluster (zover die de grondstoffen uit het buitenland haalt), inclusief de toelevering en distributie hiervan. Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
Tabel B6.2 Procentuele verdeling toegevoegde waarde (en onderdelen toegevoegde waarde) over de zes deelcomplexen in Alkmaar (2022) a) Verdeling toegevoegde waarde over deelcomplexen Akkerbouw
Opengrondstuinbouw
glastuinbouw
grondgebonden veehouderij
intensieve veehouderij
visserij
totaal
Agrocluster, totaal
53,0
12,9
1,9
27,6
4,4
0,2
100,0
Agrocluster, buitenlandse grondstoffen
94,6
4,4
0,9
0,0
0,0
0,1
100,0
Agrocluster, binnenlandse grondstoffen
15,0
20,7
2,8
52,9
8,4
0,3
100,0
• Primaire productie
19,1
25,0
3,1
49,0
3,4
0,5
100,0
• Verwerking
7,7
8,8
4,7
39,1
39,8
0,0
100,0
• Toelevering
10,4
16,8
1,7
60,5
10,4
0,1
100,0
• Distributie
18,9
20,5
5,9
40,1
14,3
0,3
100,0
a) Het agrocluster buitenlandse grondstoffen heeft alleen betrekking op de verwerkingsindustrie in het cluster (zover die de grondstoffen uit het buitenland haalt), inclusief de toelevering en distributie hiervan. In het akkerbouwcluster worden veel grondstoffen uit het buitenland gehaald, zoals margarine-, oliën- en vettenindustrie en koffie-/theeproducenten. Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
Wageningen Social & Economic Research Rapport 2025-075
| 43
Figuur B6.1 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid van totaal agrocluster Alkmaar verdeeld naar binnenlandse en buitenlandse grondstoffen (2022) Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
Figuur B6.2 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid van het totaal agrocluster Alkmaar (binnenlandse en buitenlandse grondstoffen) verdeeld naar de 6 deelcomplexen (2022) Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
44 | Wageningen Social & Economic Research Rapport 2025-075
Figuur B6.3 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid agrocluster Alkmaar (gebaseerd op alleen binnenlandse grondstoffen), verdeeld naar onderscheiden onderdelen van het cluster (2022) Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
Figuur B6.4 Verdeling werkgelegenheid per agrarisch deelcluster (op basis van binnenlandse grondstoffen) naar primaire productie, verwerking, toelevering en distributie (2022) Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
Wageningen Social & Economic Research Rapport 2025-075
| 45
Toegevoegde waarde en werkgelegenheid in de 6 deelclusters in Alkmaar (2022) Tabel B6.3 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid deelcluster akkerbouw in Alkmaar (2022) Toegevoegde waarde (mln. euro)
Werkgelegenheid (arbeidsjaren)
Agrocluster, totaal
44,0
554,8
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,7%
1,1%
Agrocluster, buitenlandse grondstoffen
37,5
493,4
Agrocluster, binnenlandse grondstoffen
6,5
61,4
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,1%
0,1%
• Primaire productie
3,9
37,9
• Verwerking
0,1
1,0
• Toelevering
1,9
15,5
• Distributie
0,6
6,9
Aandeel agrocluster Alkmaar in agrocluster NL
0,1%
0,2%
Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
Tabel B6.4 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid deelcluster opengrondtuinbouw Alkmaar (2022) Toegevoegde waarde (mln. euro)
Werkgelegenheid (arbeidsjaren)
Agrocluster, totaal
10,7
107,4
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,2%
0,2%
Agrocluster, buitenlandse grondstoffen
1,7
17,9
Agrocluster, binnenlandse grondstoffen
9,0
89,5
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,1%
0,2%
• Primaire productie
5,1
54,9
• Verwerking
0,1
1,2
• Toelevering
3,1
24,5
• Distributie
0,7
8,9
Aandeel agrocluster Alkmaar in agrocluster NL
0,2%
0,2%
Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
Tabel B6.5 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid deelcluster glastuinbouw in Alkmaar (2022) Toegevoegde waarde (mln. euro)
Werkgelegenheid (arbeidsjaren)
Agrocluster, totaal
1,6
17,0
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,0%
0,0%
Agrocluster, buitenlandse grondstoffen
0,4
4,0
Agrocluster, binnenlandse grondstoffen
1,2
13,0
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,0%
0,0%
• Primaire productie
0,6
7,1
• Verwerking
0,1
0,6
• Toelevering
0,3
2,9
• Distributie
0,2
2,4
Aandeel agrocluster Alkmaar in agrocluster Nederland
0,0%
0,0%
Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
46 | Wageningen Social & Economic Research Rapport 2025-075
Tabel B6.6 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid deelcluster grondgebonden veehouderij in Alkmaar (2022) Toegevoegde waarde (mln. euro)
Werkgelegenheid (arbeidsjaren)
Agrocluster, totaal
22,9
291,1
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,4%
0,6%
Agrocluster, buitenlandse grondstoffen
0,0
0,0
Agrocluster, binnenlandse grondstoffen
22,9
291,1
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,4%
0,6%
• Primaire productie
9,9
171,9
• Verwerking
0,6
3,8
• Toelevering
11,1
97,2
• Distributie
1,3
18,2
Aandeel agrocluster Alkmaar in agrocluster Nederland
0,2%
0,2%
Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
Tabel B6.7 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid deelcluster intensieve veehouderij in Alkmaar (2022) Toegevoegde waarde (mln. euro)
Werkgelegenheid (arbeidsjaren)
Agrocluster, totaal
3,6
19,3
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,1%
0,0%
Agrocluster, buitenlandse grondstoffen
0,0
0,0
Agrocluster, binnenlandse grondstoffen
3,6
19,3
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,1%
0,0%
• Primaire productie
0,7
3,0
• Verwerking
0,6
3,1
• Toelevering
1,9
9,7
• Distributie
0,5
3,6
Aandeel agrocluster Alkmaar in agrocluster Nederland
0,0%
0,0%
Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
Tabel B6.8 Toegevoegde waarde en werkgelegenheid deelcluster intensieve visserij in Alkmaar (2022) Toegevoegde waarde (mln. euro)
Werkgelegenheid (arbeidsjaren)
Agrocluster, totaal
0,2
1,6
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,0%
0,0%
Agrocluster, buitenlandse grondstoffen
0,0
0,3
Agrocluster, binnenlandse grondstoffen
0,1
1,3
Aandeel in totale economie van Alkmaar
0,0%
0,0%
• Primaire productie
0,1
1,0
• Verwerking
0,0
0,0
• Toelevering
0,0
0,2
• Distributie
0,0
0,1
Aandeel agrocluster Alkmaar in agrocluster Nederland
0,0%
0,0%
Bron: LISA en Wageningen Social & Economic Research (input-outputberekeningen).
Wageningen Social & Economic Research Rapport 2025-075
| 47
Wageningen Social & Economic Research
De missie van Wageningen University & Research is ‘To explore the potential of
Postbus 88
nature to improve the quality of life’. Binnen Wageningen University & Research
6700 AB Wageningen
bundelen Wageningen University en gespecialiseerde onderzoeksinstituten van
T 0317 48 48 88
Stichting Wageningen Research hun krachten om bij te dragen aan de oplossing
E info.wser@wur.nl
van belangrijke vragen in het domein van gezonde voeding en leefomgeving. Met
wur.nl/social-and-economic-research
ongeveer 30 vestigingen, 7.700 medewerkers (7.000 fte), 2.500 PhD- en EngD-kandidaten, 13.100 studenten en ruim 150.000 Leven Lang Leren-
RAPPORT 2025-075
deelnemers behoort Wageningen University & Research wereldwijd tot de aansprekende kennisinstellingen binnen haar domein. De integrale benadering van de vraagstukken en de samenwerking tussen verschillende disciplines vormen het hart van de unieke Wageningen aanpak.
Wageningen Social & Economic Research
De missie van Wageningen University & Research is ‘To explore the potential of
Postbus 88
nature to improve the quality of life’. Binnen Wageningen University & Research
6700 AB Wageningen
bundelen Wageningen University en gespecialiseerde onderzoeksinstituten
T 0317 48 48 88
van Stichting Wageningen Research hun krachten om bij te dragen aan de
E info.wser@wur.nl
oplossing van belangrijke vragen in het domein van gezonde voeding en
wur.nl/social-and-economic-research
leefomgeving. Met ongeveer 30 vestigingen, 7.700 medewerkers (7.000 fte), 2.500 PhD- en EngD-kandidaten, 13.100 studenten en ruim 150.000 Leven Lang
Rapport 2025-075
Leren-deelnemers behoort Wageningen University & Research wereldwijd tot de aansprekende kennisinstellingen binnen haar domein. De integrale benadering van de vraagstukken en de samenwerking tussen verschillende disciplines vormen het hart van de unieke Wageningen aanpak.