CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2022.pdf

Gemeenteraad AW 8 november 2021, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 12: Programmabegroting 2022 - 2025 gemeente Albrandswaard24.279 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

BTW

53.245 162.574 131.547 43.265 46.286 27.693 464.600 Lasten

3.800 3.800 BTW

869.200 869.200 Lasten

737 469

Baten

Dekking

41.508 124.307 96.091 12.206 46.367 1.824 322.300 Baten

78% 76% 73% 28% 100% 7% 69% Dekking

355.000 355.000 Baten

41% 41% Dekking

24 7 61

141.786 101.834 4.639 1.396 16.387

3.967

24%

82

15.713

835

5%

1.400

281.800

8.400

3%

6.700

1.615.600

685.700

42%

-

2.436 645 -

2% 1% -

488 -

11% -

79

Gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid Het gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid is gebaseerd op de vastgestelde notitie Verruiming kwijtschelding van belastingen. Op basis hiervan wordt kwijtschelding verleend voor de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Burgers die voldoen aan de ABW-normen krijgen een volledige kwijtschelding. De overige gemeentelijke bijstandsregelingen kennen afwijkende normen of een afwijkende vergoedingssystematiek. In de begroting 2022 zijn de volgende bedragen voor kwijtschelding opgenomen. Kwijtschelding Afvalstoffenheffing Rioolheffing Totaal

2021 98.600 100.000 198.600

2022 98.600 100.000 198.600

2023 98.600 100.000 198.600

2024 98.600 100.000 198.600

2025 98.600 100.000 198.600

Overzicht belastingdruk Tot de woonlasten worden gerekend de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. De woonlasten vormen het grootste deel van de opbrengst uit de gemeentelijke heffingen en daarmee grotendeels de lokale lastendruk. Hierna worden de woonlasten voor burgers (woningen) en het bedrijfsleven (niet woningen/ bedrijven) inzichtelijk gemaakt.

80

Omschrijving

2020

2021

2022

Afwijking

+ = stijging en - = daling van lasten A: Eénpersoonshuishouden met een huurwoning

Absoluut

In %

Rioolgebruik

€ 202,86

€ 202,86

€ 202,86

€ 0,00

0%

Afval**

€ 215,28

€ 260,40

€ 274,92

€ 14,52

6%

Totaal

€ 418,14

€ 505,38

€ 477,78

€ 14,52

3%

B: Meerpersoonshuishouding met een huurwoning Rioolgebruik

€ 270,48

€ 270,48

€ 270,48

€ 0,00

0%

Afval**

€ 287,04

€ 347,28

€ 366,60

€ 19,32

6%

Totaal

€ 557,52

€ 617,76

€ 637,08

€ 19,32

3%

C: Eénpersoonshuishouding met een koopwoning met een WOZ-waarde van € 331.000* Rioolgebruik

€ 202,86

€ 202,86

€ 202,86

€ 0,00

0%

Afval**

€ 215,28

€ 260,40

€ 274,92

€ 14,52

6%

OZB-eigendom

€ 399,06

€ 389,69

€ 390,91

€ 1,22

0%

Totaal

€ 817,20

€ 852,95

€ 868,69

€ 15,74

2%

D: Meerpersoonshuishouding met een koopwoning met een WOZ-waarde van € 331.000* Rioolgebruik

€ 270,48

€ 270,48

€ 270,48

€ 0,00

0%

Afval**

€ 287,04

€ 347,28

€ 366,60

€ 19,32

6%

OZB-eigendom

€ 399,06

€ 389,69

€ 390,91

€ 1,22

0%

Totaal

€ 956,58

€ 1.007,45

€ 1.027,99

€ 20,54

2%

*Gemiddelde WOZ-waarde woning in 2021 volgens Coelo. ** Bovenop dit tarief komt het variabel tarief per aanbieding/lediging per zak á € 0,75 of per container á € 3,00.

Albrandswaard ten opzichte van buurgemeenten Om de absolute woonlasten te kunnen vergelijken wordt gebruik gemaakt van de woonlasten van deze gemeenten van 2021 ten opzichte van 2020. Hiermee wordt inzicht gegeven in de ontwikkeling van de woonlasten. Er is hierbij uitgegaan van de woonlasten van een gezin met een koopwoning van gemiddelde WOZ waarde. Daarnaast is een overzicht gegeven van de geldende tarieven (2021) van gemeentelijke belastingen van deze gemeenten. tarieven per gemeenten 2021 afvalstoffen- rioolheffing OZB-tarief heffing Albrandswaard Barendrecht Ridderkerk Zwijndrecht Hendrik-Ido-Ambacht

347 373 325 386 351

270 182 178 302 188

0,1247% 0,1078% 0,1092% 0,1052% 0,1053%

* Coelo-Atlas 2021

81

gem. woonlasten* woningwaarde 331.000 1.031 340.000 922 258.000 785 236.000 914 307.000 862

Ontwikkeling woonlasten 2020 - 2021

Bron: Coelo-Atlas van de lokale lasten 2019 en 2020

Benchmark woonlasten Provincie Zuid-Holland (Coelo 2021) De benchmark vergelijkt voor alle gemeenten binnen een provincie de hoogte van de woonlasten voor meerpersoonshuishoudens met een koopwoning. De woonlasten zijn de som van de gemiddeld betaalde OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing minus een eventuele heffingskorting.

82

PARAGRAAF 2 – WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Aanleiding en achtergrond De Gemeente Albrandswaard voert actief beleid op de beheersing van de risico’s die de gemeente loopt. Door een scherp inzicht in de actuele risico's wordt de organisatie in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen. Ook wordt gekeken naar de maatregelen die worden getroffen om de risico’s af te dekken. Voor de risico’s waarvoor geen maatregelen getroffen kunnen worden, bijvoorbeeld omdat het verzekeren ervan te duur zou zijn, wordt ingeschat welke buffer noodzakelijk is. Deze buffer is het weerstandsvermogen. In deze paragraaf wordt verslag gedaan van de resultaten van de meest recente herijking/inventarisatie van risico’s en maatregelen. Op basis van de geïnventariseerde risico’s en de beschikbare financiële middelen (weerstandscapaciteit) is het weerstandvermogen berekend. Risicoprofiel concern Albrandswaard Om de risico's van Gemeente Albrandswaard in kaart te brengen is in samenwerking met het regieteam Albrandswaard en de GR BAR-organisatie een risicoprofiel opgesteld. Dit risicoprofiel is tot stand gekomen met behulp van het softwareprogramma NARIS® (NAR Risicomanagement Informatie Systeem) waarmee risico's systematisch in kaart kunnen worden gebracht en beoordeeld.

Omdat binnen de GR BAR-organisatie het grootste deel van de producten en diensten wordt geleverd voor de drie gemeenten en de GR BAR-organisatie zelf geen algemene reserve kent, dient de benodigde weerstandscapaciteit middels de afgesproken verdeelsleutel opgevangen te worden door de deelnemende BAR gemeenten. In de gemeentelijke top 10 ziet u de verzameling aan BAR risico’s terug als één geconsolideerd risico met als percentage 100%. Alle risico’s worden 2 maal per jaar herijkt en er wordt continu geanticipeerd op nieuwe risico’s. Alle onzekerheden dan wel risico’s die niet in de begroting (kunnen) worden opgenomen worden vanaf het moment dat zij kwantificeerbaar zijn opgenomen in het risicoprofiel.

83

Actuele ontwikkelingen Gevolgen Corona pandemie. Met de uitbraak van de coronacrisis in het voorjaar van 2020 is er een nieuwe factor opgetreden met grote impact op het risicoprofiel. Aan de ene kant krijgen gemeenten flink minder geld binnen langs de bekende inkomstenkanalen (bijv. vermindering parkeerinkomsten, opgeschorte huren en belastingbetalingen), terwijl ze aan de andere kant bedrijfsmatig geconfronteerd worden met toenemende kans op langdurig hogere uitgaven (bijv. meer cliënten in de bijstand, toename in financiële ondersteuning aan ZZP’ers, meer verzoeken om bijzondere bijstand, schuldhulpverlening, het overeind houden van cultuur, sportclubs etc.). Het is aannemelijk dat dit, in de wetenschap dat veel gemeenten al interen op hun reserves door de tekorten op jeugdzorg en de WMO, over een langere periode gaat knellen. Het risico dat de gemeenten straks, ten koste van de burger, moeten gaan snijden in de begrotingen is reëel. Veel uitkomsten van de coronacrisis zijn onzeker en pandemie duurt inmiddels al zo lang, dat de gevolgen in alle facetten van de samenleving merkbaar en daarmee verweven zijn. ‘De gevolgen van de coronacrisis’ kunnen daarom ook niet meer los van andere ontwikkelingen gezien worden en zijn hieronder met elkaar verbonden. Daarbij hebben we ook met ontwikkelingen te maken, waarvan de gevolgen en risico’s niet direct meetbaar zijn.

Denk aan de negatieve effecten op het welzijn, in het bijzonder de generatie kinderen en jongeren, en de relatie tussen de overheid en burger. Al met al hebben we voor ons risicoprofiel voor deze crisis een aparte simulatie toegevoegd, waarbij we inzichtelijk hebben gemaakt wat de gevolgen zijn voor onze gemeenten (met en zonder Corona gevolgen). Maatschappij, decentralisaties. Het geconsolideerde risico decentralisatie sociaal domein blijft onverminderd groot en is door de coronacrisis waarschijnlijk groter geworden door een verhoogde aanspraak op budgetten, zowel op korte als lange termijn. Vrijwel alle gemeenten in Nederland kampen met niet sluitende begrotingen vaak als gevolg van overschrijdingen in het sociaal domein. Door de impact van de Corona pandemie op de gezondheid, welzijn en bestaanszekerheid wordt een toename verwacht van het aantal inwoners dat bij de gemeenten gaat aankloppen voor zorg, hulp en ondersteuning. Daarbij is het onzeker hoe lang de Rijksoverheid de extra kosten nog blijft compenseren. Bovendien is het maken van een goede verdeling daarbij zeer gecompliceerd. Naast de bestaande regelingen voor de bijstand, komt er - naast het werk met de TOZO-steunregeling voor zelfstandigen - veel instroom bij.

Het probleem is: de bijstand wordt nu verdeeld op basis van een model dat per individuele gemeente berekent hoe groot de kans is dat een huishouden daar in de bijstand komt. Dit verandert enorm door corona waardoor het model feitelijk niet langer bruikbaar is en reële inschattingen daarom lastiger zijn. GR BAR organisatie. De risico’s die in dit specifieke bedrijfsvoeringprofiel zijn opgenomen zijn schattingen die zo nauwkeurig mogelijk zijn gemaakt op basis van lokale en landelijke ontwikkelingen en actuele inzichten in mogelijke scenario’s. De dalende positieve trend die was ingezet is doorbroken door de Coronacrisis. Dit heeft tot gevolg dat er ten aanzien van het risicoprofiel van de BAR Organisatie sprake is van een licht stijgende trend in omvang en aantal risico’s. 84

ICT, informatiebeveiliging, privacybescherming. Voor de verhoogde risico’s op het gebied van informatiebeveiliging, privacybescherming en de beheersing van het ICT gerelateerde risico’s door verplicht thuiswerken, vormt de doorontwikkeling van de BAR-organisatie een belangrijke verzameling van maatregelen. Om de beveiliging van informatie en de wijze waarop er wordt omgegaan met gevoelige gegevens op professionele wijze op te pakken, zijn ook in 2021 verdere verbeterstappen gemaakt. Risico’s op sancties (bijvoorbeeld datalekken) die kunnen worden opgelegd door verwijtbaar handelen zijn toegenomen in omvang. Op het gebied van de ICT beveiliging en data protectie zijn de strenge eisen nageleefd. De risico’s op dit gebied blijven in lijn met het landelijke beeld stevig. Er blijft veel aandacht voor het algemene dreigingsbeeld, gevoed door diverse incidenten bij diverse overheidsinstellingen.

85

In onderstaand overzicht staan de 10 belangrijkste (geconsolideerde) risico's gepresenteerd die de grootste invloed hebben op de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Tabel 1: Belangrijkste financiële risico's Risico

Risico

Gevolgen

Maatregelen

Kans

Financieel gevolg

Invloed

Continue sturing op

100%

Max.€ 850.000

20,75%

Max.€ 635.000

15,45%

nr. R1401

3D risico Albrandswaard in Geld - Opgenomen GR-BAR.

R532

risico's 3D's in GR-BAR. processen.

(BAR)

Risico's taakuitvoering GR- Geld - (Tijdelijk)extra

Risicobewust handelen

100%

BAR.

binnen BAR.

(BAR)

50%

Max.€ 1.000.000

10,70%

Planning nog onduidelijk 10%

Max. € 1.000.000

8,33%

70%

Max.€ 500.000

7,46%

Sturing m.b.v. MPO-t.

30%

Max.€ 1.000.000

6,43%

Rekening houden met

50%

Max. € 500.000

5,30%

70%

Max. € 250.000

3,73%

30%

Max. € 500.000

3,19%

10%

Max. € 1.260.000

2,68%

(frictie)kosten/uren/ inhuur personeel.

R501

Algemene Uitkering

Geld - Indien

Projectstructuur en

gemeentefonds wordt

Rijksbezuinigingen niet

proces.

lopende het begrotingsjaar gehaald worden, levert

R1444

lager i.c.m. koppeling

de koppeling minder op

rijksuitgaven en

en komen er

aanvullende kortingen.

aanvullende kortingen.

Bijdrage aan het

Geld – financieel.

ondergronds brengen van

als ook de Rijksbijdrage.

hoogspanningsleidingen/ elektriciteitskabels conform Rijksregeling. R1440

R1441

Risico invoering wet

Geld - financieel,

Goede implementatie

meldplicht datalekken,

juridische

Wetgeving.

regelgeving AVG.

aansprakelijkheid.

Reserve grondbedrijf

Geld - Bijstorting uit

(MPO) is niet toereikend.

Algemene reserve door tekort in exploitatiejaar.

R1442

R1238

Oplopende kosten in

Geld.

(wegen)bouwsector door

onvoorziene extra

stijgende

kosten bij ramingen en

conjunctuur(schaarste).

offertes.

De gebundelde

Geld.

Scherpe sturing op

inkomensvoorziening

budgetten en cijfers; ook

uitkeringen (BUIG) is niet

in rapportages T-1 en 2.

toereikend. R1414

Naheffing van BTW/Rente Geld – financieel.

Goede administratie,

na controle aangiften

maar vooral

fiscus.

communicatie met GR BAR en fiscus.

R1555

REMU claim inzake

Geld – financieel.

Geen.

verkoop aandelen Eneco.

Totaal van alle risico's: €

10.330.000

86

Het overzicht toont risico’s die incidenteel schade op kunnen leveren met daarbij het maximale financiële gevolg. De onderstaande tabel geeft aan hoe groot de kans is in lengte van tijd. Kwantiteit Referentiebeelden Kans

Toelichting kansklasse

klasse 10%

< 0 of 1 keer per

1

10 jaar 30%

1 keer per 5-10

Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het onwaarschijnlijk is dat deze zich in de komende jaren voordoen.

2

Deze klasse hanteren we voor risico’s waarvan het niet waarschijnlijk is dat ze

jaar

zich in het komende jaar voordoen.

50%

1 keer per 2-5 jaar 3

Deze klasse hanteren we voor risico’s die zich in het komende jaar wel maar ook

70%

1 keer per 1-2 jaar 4

niet kunnen voordoen. Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het waarschijnlijk is dat ze zich in het komende jaar zullen voordoen. 90%

1 keer per jaar of > 5

Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het zeer waarschijnlijk is dat ze zich in het komende jaar gaan voordoen.

Op basis van de ingevoerde risico's is een risicosimulatie uitgevoerd. De risicosimulatie wordt toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag niet nodig is omdat de risico’s nooit allemaal tegelijk en in hun maximale omvang zullen optreden. Onderstaande figuur en de bijhorende tabel tonen de resultaten van de risicosimulatie.

Uit de simulatie volgt dat 90% zeker is dat alle risico’s van Albrandswaard kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 3.369.880 (benodigde weerstandscapaciteit).

87

Benodigde weerstandscapaciteit bij verschillende zekerheidspercentages Percentage 10% 25% 50% 75% 90% 95%

Bedrag € 1.414.876 € 1.800.229 € 2.290.840 € 2.836.803 € 3.369.880 € 3.705.165

Als we de meest recente Corona risico-inventarisatie meenemen en ons baseren op enerzijds de ontwikkelingen over 2020/2021 en het scenario waarin de coronacrisis tenminste tot in het vierde kwartaal van 2022 aanhoudt levert dit na simulatie een bedrag op van € 784.000 (extra benodigde weerstandscapaciteit). Risicoprofiel grondbedrijf Voor het berekenen van het risicoprofiel voor het grondbedrijf is aangesloten bij het Meerjaren Perspectief Ontwikkelprojecten (MPO) 2021 (specificaties in hoofdstuk 4). Voor het grondbedrijf wordt het risicoprofiel niet gesimuleerd, maar wordt de kans van optreden maal het effect van optreden opgenomen. Hierbij is rekening gehouden of het gewaardeerde risico binnen het resultaat van het project opgevangen kan worden. Wanneer dit niet het geval is, heeft dit een effect op het risicoprofiel.

Project

Verliesgevend Centrum Ontwikkeling Poortugaal Emmastraat Spui Polder Albrandswaard Subtotaal Winstgevend Binnenland Portland Overhoeken III Subtotaal TOTAAL

MPO 2021 MPO 2020 MPO 2021 Risico's Risico's Risico's (ongewogen (ongewogen (gewogen en en en gesaldeerd) gesaldeerd) gesaldeerd) A

MPO 2020 Risico's (gewogen en gesaldeerd) B

Verschil

C=A-B

Op te vangen in grondexploitatie D

Niet op te vangen in grondexploitatie E=D-A

0 -1.060.000 -220.000 -1.280.000

-120.000 -725.000 -57.000 -902.000

0 -358.000 -86.000 -444.000

-56.000 -279.000 -14.000 -349.000

56.000 -79.000 -72.000 -95.000

0 0 0 0

0 -358.000 -86.000 -444.000

-2.100.000 0 0 -2.100.000 -3.380.000

-1.245.000 -90.000 -205.000 -1.540.000 -2.442.000

-650.000 0 0 -650.000 -1.094.000

-546.000 -35.000 -63.000 -644.000 -993.000

-104.000 35.000 63.000 -6.000 -101.000

0 0 0 0 0

-650.000 0 0 -650.000 -1.094.000

Voor het grondbedrijf Albrandswaard kunnen op basis van bovenstaande doorrekening alle risico’s worden afgedekt met een totaalbedrag van € 1.094.000 (benodigde weerstandscapaciteit). Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van Gemeente Albrandswaard bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico's in financiële zin af te dekken. 88

Beschikbare weerstandscapaciteit per 1 januari 2022 Weerstandsonderdelen Algemene reserve Reserve MPO Reserve Sociaal domein Beschikbare weerstandscapaciteit

Huidige capaciteit € 12.327.900 € 1.343.800 € 1.610.000 € 15.281.700

Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit, kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen. Risico's:

Weerstandscapaciteit :

Bedrijfsproces Financieel Imago / politiek

Algemene reserve Reserve MPO Reserve Sociaal domein

Informatie / strategie Juridisch / Aansprakelijkheid Letsel / Veiligheid Materieel Milieu Personeel / Arbo Product

Weerstandvermogen

Beschikbare weerstandscapaciteit Ratio weerstandsvermogen =

€ 15.281.700 =

=

3,4

=

2,9

(€ 3.369.880 + € 1.094.000) = € 4.463.880

Benodigde weerstandscapaciteit

Inclusief risico's Corona Beschikbare weerstandscapaciteit Ratio weerstandsvermogen =

Benodigde weerstandscapaciteit

€ 15.281.700 = (€ 3.369.880 + € 1.094.000 +

89

€ 784.000) = € 5.247.880

De normtabel is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van het berekende ratio. Tabel 4: Weerstandsnorm Waarderingscijfer

Ratio

Betekenis

A

>2.0

uitstekend

B

1.4-2.0

ruim voldoende

C

1.0-1.4

voldoende

D

0.8-1.0

matig

E

0.6-0.8

onvoldoende

F

<0.6

ruim onvoldoende

Het ratio van Albrandswaard valt in klasse A. Dit duidt op een uitstekend weerstandsvermogen. Risicokaart Risico’s waarvan de oorzaken en gevolgen in klassen ingedeeld zijn kunnen geplaatst worden in een risicokaart. Deze kaart toont in één oogopslag de spreiding van de risico’s. Er wordt een onderscheid gemaakt in het bruto en netto risico. Het bruto risico geeft de situatie weer voordat er maatregelen zijn getroffen. Het netto risico geeft het resultaat na het nemen van maatregelen.

Bruto

Geld

3 6

x > €500.000 €250.000 < x < €500.000 €100.000 < x < €250.000 €25.000 < x < €100.000 x < €25.000

4 1

Geen geldgevolgen Kans

10%

7 1 1 30%

1

1

70%

90%

1 50%

Netto

Geld x > €500.000

1

2

€250.000 < x < €500.000

2

5

€100.000 < x < €250.000

3

1

1

€25.000 < x < €100.000

7

4

x < €25.000

1

1

Geen geldgevolgen Kans

2 1 1 3

10%

3

1

1

30%

50%

Kengetallen

90

70%

90%

In dit onderdeel kengetallen geven wij duiding aan onze financiële positie voor de onze begroting 2022 met haar meerjarenperspectief. Om een goed beeld te krijgen van de financiële positie kijken wij naar de ontwikkelingen aan de hand van een aantal belangrijke financiële kengetallen. Per kengetal geven wij de trend weer en de betekenis ervan voor onze financiële positie. Is de trend bijvoorbeeld risicovol, gunstig, of is het een directe dreiging voor de financiële gezondheid van onze gemeente? Ze hebben geen functie als normeringsinstrument in het kader van het financieel toezicht. Het reëel en structureel sluitend zijn van de begroting blijft het bepalende criterium. Omschrijving Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit

Jaarreke- Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting ning 2020 2021 2022 2023 2024 2025 41% 64% 65% 65% 62% 59% 37% 58% 59% 59% 57% 53% 33% 35% 35% 36% 36% 37% 6% 7% 1% 0% 0% 0% 0,98% -1,50% 2,11% 1,01% 1,10% 1,55% 123% 137% 136% 136% 136% 136%

De waarden van de kengetallen zijn ingedeeld in 3 categorieën die aansluiten bij de landelijk vastgestelde signaleringswaarden (2016). Categorie A is het minst risicovol en C het meest risicovol.

Signaleringstabel: Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd Solvabiliteitsratio

Categorie A

Categorie B

Categorie C

<90%

90-130%

>130%

<90%

90-130%

>130%

>50%

20-50%

<20%

>0%

0%

<0%

<20%

20-35%

>35%

<95%

95-105%

>105%

Structurele exploitatieruimte begroting Grondexploitatie

Belastingcapaciteit

Schuldquote Een belangrijke graadmeter voor de financiële positie is de omvang van onze schuldverplichtingen in relatie tot onze opbrengsten, oftewel de schuldquote. Onderstaande grafiek illustreert deze ontwikkeling.

91

Onze schulden zijn toegenomen. De gemeente heeft behoorlijk geïnvesteerd. Ondanks het economisch hoogtij wat we hebben gehad, vallen de structurele opbrengsten, onder andere vanuit het gemeentefonds, tegen. De opbrengst van de aandelen van Eneco heeft wel een positieve ontwikkeling laten zien. Keuzes omtrent de besteding van deze gelden hebben hun effect op de schuldquote. Ondanks de positieve ontwikkeling, blijven er altijd risico’s, dat rentestanden in de nabije toekomst toch sneller oplopen dan verwacht of er grotere nadelige ontwikkelingen zijn rondom het gemeentefonds. Solvabiliteit De solvabiliteit geeft aan welke gedeelte van je bezit met eigen vermogen is gefinancierd. Een woning bijvoorbeeld, deze is voor 80% gefinancierd bij de bank en 20% betaald met eigen spaargeld. In dit geval is de solvabiliteit 20%. Onderstaande grafiek illustreert de ontwikkeling van dit kengetal voor onze gemeente.

Albrandswaard heeft een stabiele vermogenspositie, die de afgelopen jaren licht af nam. Grote investeringen/nieuwe bezittingen moesten worden gefinancierd. De opbrengst van de aandelen van Eneco heeft een sterke verbetering laten zien. Keuzes omtrent de besteding van deze gelden hebben hun effect op de solvabiliteit.

92

De economie heeft een cyclisch karakter. Financiële tegenvallers zijn niet altijd goed te voorspellen. Door huidige risico’s die nog niet helemaal inzichtelijk zijn, bestaat ook minder zekerheid over de haalbaarheid van verwachte exploitatieresultaten en de groei van vermogen. Gelet op de schaalgrootte (omzet) van Albrandswaard zijn wij kwetsbaar. Als een financieel risico zich manifesteert kan dat grote impact hebben op de stand van onze algemene reserve. Het is goed de solvabiliteit te blijven volgen, zodat bij een economisch minder goede periode er tijdig onderbouwde afwegingen gemaakt kunnen worden tussen inhoud en financiën. Grondexploitaties Afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitaties een forse impact hebben op de financiële positie van een gemeente. Bij grondexploitaties volgen de inkomsten altijd pas na de uitgaven. Bijvoorbeeld voor een nieuw woningbouwproject moet de grond eerst gekocht en bouwrijp gemaakt worden voordat het weer verkocht kan worden. De financiering voor grondaankopen en bouwrijp maken leiden normaal gesproken (tijdelijk) tot hogere schulden. Onderstaande tabel geeft de ontwikkeling weer van de (financiële) waardes van onze grondposities ten opzichte van de totale opbrengsten (exclusief reservemutaties).

Daarbij geldt dat hoe lager de (boek)waardes van onze grondposities (exploitaties) zijn in vergelijking met de totale opbrengsten, des te minder financiële risico’s wij lopen. Als de waardes van de grondposities namelijk laag liggen hoeven de (grond)verkopen minder op te leveren om investeringen uit het verleden terug te verdienen.

Onze positie is sterk verbeterd de afgelopen jaren en de prognoses zijn goed, zoals eerder verwacht. De grafiek laat zien dat we onder de signaalgrens van 20% blijven. De realisatie van sociale woningbouw (in combinatie met woningbouw in de vrije marktsector) blijft een belangrijk speerpunt. Een speerpunt met impact op de financiële kengetallen. Een nieuwe exploitatie zal om financiering vragen en geeft inherente risico’s bij het terug verdienen, met mogelijk risico dat de lijn omhoog schiet.

93

Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. De signaalgrens is daarom om ook 0%. Wanneer het cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te kunnen blijven dragen. In de toekomst zullen er dan opbrengststijgingen of ombuigingen gerealiseerd moeten worden. Het kengetal laat zien dat de structurele inkomsten, de onzekerheid hieromtrent en het onstabiele karakter, zijn invloed heeft. Alsmede de opgaven die we op ons af zien komen. Hierdoor zien we het kengetal onder de signaalgrens komen. Het is nodig om kritisch te blijven kijken naar hoe structurele lasten in evenwicht kunnen blijven met structurele baten. Gemeentelijke belastingcapaciteit De gemeentelijke belastingcapaciteit geeft de gemiddelde woonlasten van een inwoner van Albrandswaard weer ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Onder woonlasten wordt hier bedoeld de rioolheffing, afvalstoffenheffing en onroerende zaakbelasting (ozb).

De inwoner van Albrandswaard betaalt hogere woonlasten dan de gemiddelde Nederlander. De hoge OZB-aanslag is te verklaren doordat de Albrandswaardse woningen een hogere gemiddelde waarde hebben dan landelijk en de tarieven hoger liggen dan gemiddeld in Nederland. Dit betekent echter niet dat wij als gemeente meer financiële ruimte hebben dan ‘de gemiddelde gemeente’. De rioolheffing en afvalstoffenheffing zijn namelijk financieel gesloten systemen. De baten uit deze heffingen mogen alleen besteed worden aan de bekostiging van de riolering en de reiniging. Deze kosten kunnen hoger liggen dan gemiddeld door bijvoorbeeld de aard van de grond. Om de lasten voor de inwoner niet onnodig te laten stijgen is het daarom van belang om bedrijfsmiddelen doelmatig in te zetten en/of innovatieve, kostenbesparende maatregelen te 94

nemen. Ook al zien we de kosten op deze gebieden sterk toenemen, wordt hierbij ook lastenverlichting afgewogen met de inhoudelijke mogelijkheden. Volgens het landelijk model staat Albrandswaard in het rood (>105%). De relatieve hoge gemeentelijke belastingen zijn, gelet op het voorzieningenniveau, veranderingen in andere inkomsten en toenemende kosten nodig om tot een sluitende begroting te kunnen komen. Conclusie over huidig risicoprofiel In de voorgaande onderdelen is een relatie gelegd tussen het risicoprofiel van de gemeente en het benodigde weerstandsvermogen. Onze organisatie valt in klasse A (waarderingscijfer); een uitstekend weerstandsvermogen. We kunnen derhalve stellen dat de organisatie er financieel goed voor staat. Toch zijn enkele kanttekeningen nodig om over de huidige positie een conclusie te trekken: Onze financiële positie staat onder druk, waardoor een sluitende meerjarenbegroting vaak niet zonder bezuinigingen en ombuigingen tot stand kan worden gebracht. Gezien de fluctuerende Algemene uitkering, de verder verlaagde dividendopbrengsten, de mogelijk toekomstige druk op de uitgaven en nieuwe herverdelingsmaatstaven is het dus zeer essentieel om ook voor de lage termijn een financieel gezonde positie te behouden. We moeten daarom de komende jaren blijven vasthouden aan een structureel sluitende begroting op basis van reële ramingen.

95

PARAGRAAF 3 – FINANCIERING In deze paragraaf beschrijven we de plannen en acties op het gebied van liquiditeitsbeheer, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s voor de jaren 2022 tot en met 2025. Naast enkele onderwerpen die verplicht onderdeel uitmaken van deze paragraaf, gaan we ook in op een aantal ontwikkelingen die van belang zijn voor een goede uitvoering van de treasuryfunctie. In deze paragraaf gaan wij achtereenvolgens in op:    

Wettelijke kaders en treasurystatuut Rentevisie en rentebeleid Renterisicobeheer Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte

Uitzettingen

  

Renteomslag Garantstelling Relatiebeheer

Wettelijke kaders en treasurystatuut De wettelijke kaders rondom de financieringsfunctie zijn vastgelegd in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido). Beheersing van de financiële risico’s speelt daarin een belangrijke rol. De uitwerking van deze kaders zijn vastgelegd in de financiële verordening 2017 en het treasurystatuut 2017. In 2017 zijn de financiële verordening en het treasurystatuut herzien en vastgesteld. Hierna zijn er geen wijzigingen meer geweest in wet- en regelgeving of in het gemeentelijk beleid. Aanpassing van de financiële verordening of het treasurystatuut is daarom op dit moment niet aan de orde. Wel heeft het college in 2021 de nota garantstellingen en leningen 2021 vastgesteld. In deze nota zijn de spelregels en beleidskaders rondom garantstellingen en leningen vastgelegd bedoeld als uitwerking van hetgeen in het treasurystatuut is opgenomen. Rentevisie en rentebeleid Rente speelt een belangrijke rol in de begroting. Het is, gezien de omvang van de bedragen, gewenst uw raad inzicht te geven in de keuzemogelijkheden en de factoren die invloed op de rente hebben. Dit alles vatten wij samen onder de term ‘rentebeleid’. We maken daarbij onderscheid tussen korte rente en lange rente. Van korte rente is sprake bij leningen tot maximaal 1 jaar en van lange rente bij termijnen van 1 jaar of langer.

Het is van belang de renteontwikkelingen op de kapitaalmarkt te volgen vanwege de mogelijke risico’s die ze voor ons inhouden. Wij volgen deze ontwikkelingen nauwlettend en maken gebruik van de (online) informatie van een aantal geldverstrekkers. De rente is al enige jaren laag en de verwachting is dat deze in de komende periode niet wijzigt. Naar aanleiding van de coronapandemie heeft de Europese Centrale Bank (ECB) een aankoopprogramma opgezet waarmee ze de kosten van leningen wil verminderen en de kredietverlening in het eurogebied wil vergroten. Deze maatregel is een aanvulling op de eerdere programma’s van de ECB. De maatregelen helpen de consumptie en de investeringen te 96

stimuleren en hebben als doel economische groei te bevorderen. De rente voor een kasgeldlening (looptijd < 1 jaar) is al geruime tijd negatief. De gemeente maakt van deze negatieve rentestand gebruik door bij liquiditeitstekorten een kasgeldlening af te sluiten en zo min mogelijk gebruik te maken van de kredietfaciliteit op de rekening courant. Vanaf 1 juli 2021 berekent de BNG negatieve rente over het positieve saldo op de lopende rekening. BNG houdt daarbij een grens aan van € 500.000. Onder dit bedrag is de creditrente 0%, daarboven 1-maands EURIBOR. Het is daarom zaak de saldi op de lopende rekening onder deze grens re houden en overschotten af te romen naar de schatkist. Rentevisie BNG De verwachting van de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) is dat het monetaire beleid van de ECB, zoals hierboven vermeld, ruim blijft.

Actueel

3 maanden interbancair Staat 10 jaar

Over een jaar forward rate prognose BNG Bank -0,54 -0,5 -0,40 -0,17 -0,1 0,10(-0,30)

Renterisicobeheer In dit onderdeel krijgt u inzicht in de renterisico’s van de gemeente. Risicobeheersing vormt één van de pijlers van de Wet Fido. Voor de bepaling van de renterisico’s die verbonden zijn aan de uitvoering van de treasuryfunctie zijn twee normen verplicht gesteld: De rente-risiconorm heeft betrekking op leningen met een looptijd vanaf 1 jaar en de kasgeldlimiet op leningen met een looptijd tot maximaal 1 jaar. Het doel van deze normen is om de budgettaire risico’s als gevolg van rentestijging te beperken. Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel de risico’s te beperken van een toekomstig stijgende kapitaalmarktrente bij herfinanciering (van aflossingen op bestaande leningen) en renteherzieningen op bestaande langlopende leningen. Door toepassing van deze norm ontstaat een goede spreiding van de langlopende leningenpositie, waardoor dit renterisico gelijkmatig over de jaren wordt verdeeld. Jaarlijks komt maximaal 20% van het begrotingstotaal in aanmerking voor herfinanciering en/of renteherziening. Van renteherziening is sprake als in de leningsovereenkomst is bepaald dat de rente gedurende de looptijd in een bepaald jaar wordt aangepast. Onder herfinanciering verstaan we het afsluiten van nieuwe leningen ter vervanging van bestaande financieringen en/of aflossingen op de bestaande leningenportefeuille.

Het onderstaande overzicht maakt duidelijk dat er ruimte is binnen de renterisiconorm om ook eventuele extra investeringen of uitgaven ten behoeve van de grondexploitatie met lang vreemd vermogen te financieren.

97

1. Netto renteherziening op vaste schuld 2. Betaalde aflossingen 3. Renterisico op vaste schuld (1 + 2)

bedragen x € 1.000 2022 2023 2024 0 0 0 4.165 4.165 4.166 4.165 4.165 4.166

Renterisiconorm 4a. Begrotingstotaal 2022 4b. Het bij het ministeriële regeling vastgestelde percentage 4. Renterisiconorm

57.671 0 11.534

Toets renterisiconorm 5a. Ruime onder renterisiconorm (4 - 3) 5b. Overschrijding renterisiconorm (4 - 3)

7.369 0

Renterisico op vaste schuld

2025 0 4.166 4.166

Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet heeft de wetgever een norm gesteld voor het maximum bedrag aan kortlopende middelen (looptijd tot maximaal een jaar) waarmee de gemeente haar activiteiten mag financieren. Het doel van deze limiet is het risico te voorkomen dat fluctuaties van de korte rente direct grote impact hebben op de rentelasten tijdens het boekjaar. Wanneer in drie opeenvolgende kwartalen de kasgeldlimiet wordt overschreden, dient dit te worden gemeld bij de toezichthouder, de Provincie, inclusief een plan om weer te voldoen aan de kasgeldlimiet. Hieronder is een prognose opgenomen van de kasgeldlimiet over 2022. Als er sprake is van een liquiditeitstekort, wegen wij af of het zinvol is om gebruik te maken van kortlopende of langlopende financiering, afhankelijk van de rentestand en de financieringsbehoefte. bedragen x € 1.000 1e kwartaal 2e kwartaal 3e kwartaal 4e kwartaal 0 0 0 0 3.000 3.000 3.000 3.000 -3.000 -3.000 -3.000 -3.000

Totaal vlottende schuld Totaal vlottende middelen Gemiddeld saldo schuld (+) of overschot (-) Kasgeldlimiet Begrotingstotaal 2022 vastgestelde percentage

4.902

4.902

4.902

4.902

7.902

7.902

7.902

7.902

57.671 8,5%

Ruimte onder kasgeldlimiet

Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte De financieringspositie wordt bepaald door diverse factoren, zoals de ontwikkeling van het investeringsniveau en –tempo, wisselende baten in de grondexploitaties en mutaties in de geldleningenportefeuille. Met een liquiditeitenplanning brengen we structuur aan in de verwachte inkomsten en uitgaven. Hierdoor krijgen we inzicht in de financieringsbehoefte.

98

Verwachte financieringspositie voor de komende jaren De verwachting is dat er in 2022 geen sprake is van een financieringsbehoefte voor de liquiditeitspositie. Leningenportefeuille Bij een structureel liquiditeitstekort sluiten we een langlopende geldlening af. We hanteren de marktrente en berekenen jaarlijks de gemiddelde rente over de bestaande langlopende leningen (per 1 januari 2022 is deze gemiddeld 1,5%), In onderstaand overzicht is het verloop van de reeds opgenomen langlopende leningen en de verwachte financieringsbehoefte voor 2022 weergegeven. Tijdelijke liquiditeitstekorten financieren we met kortlopende leningen (op dit moment is deze rente negatief), rekening houdend met de kasgeldlimiet. bedragen x € 1.000 Stand leningen Nieuwe lening Reguliere aflossingen

1-1-2021 51.983 0 -3.979

1-1-2022 48.004 0 -4.165

1-1-2023 43.839 0 -4.165

1-1-2024 39.674 0 -4.166

1-1-2025 35.508 0 -4.166

Uitzettingen Op grond van de Regeling Schatkistbankieren zijn decentrale overheden verplicht om overtollige liquide middelen aan te houden in ’s Rijks schatkist. Overtollige middelen kunnen ook tijdelijk via deposito’s bij de schatkist worden aangehouden. De hoogte van de rentevergoeding is gelijk aan de rente waartegen de Nederlandse Staat zichzelf financiert op de geld- en kapitaalmarkten (de zogenoemde ‘inleenrente’). Op dit moment is deze inleenrente negatief, waarbij in de Regeling Schatkistbankieren is opgenomen dat in dergelijke gevallen de rentevergoeding gelijk wordt gesteld aan nul. Bij overliquiditeit maken wij daarom geen gebruik van de mogelijkheid om dit op een deposito te zetten. Volgens het treasurystatuut kunnen, in het geval van tijdelijke liquiditeitstekorten en -overschotten, de GR BAR en de drie gemeenten elkaar onderling kasgeldleningen verstrekken tegen een marktconforme rente. Zolang de rente op kasgeldleningen negatief is, benutten we deze faciliteit niet. Verstrekte leningen Onderstaand overzicht geeft een beeld van de leningen die zijn verstrekt aan derden. Wanneer bij deze leningen sprake is van een variabele rente, wordt bij de renteberekening uitgegaan van het 1 maands Euribor per rentevervaldatum. Al een aantal jaren zijn de rente inkomsten bij deze lening met een variabele rente laag, als gevolg van de lage rentestand.

99

Naam geldnemer

%

Saldo uitzettingen 1 januari 2022

BAR-organisatie Carnisse Mondzorg B.V.

n.v.t. 3%

43.901 182.610

-22.530 -26.087

21.371 156.523

226.511

-48.617

177.894

Totaal verstrekte gelden

Verwachte Saldo mutaties in uitzettingen 2022 31 december 2022

Renteomslag Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat rente via de taakvelden wordt toegerekend aan de programma’s. Door gebruik te maken van een renteomslag wordt de manier van verantwoorden van de rente in de begroting geharmoniseerd. Op advies van de commissie BBV wordt voor het berekenen van de renteomslag onderstaand model gebruikt. Hiermee geven we inzicht in de rentelasten voor externe financiering, het renteresultaat en de wijze van rentetoerekening. Het BBV schrijft voor dat de gehanteerde omslagrente niet meer dan 0,5% mag afwijken van de berekende omslagrente. Conform onderstaande berekening komen we voor 2022 uit op een gemiddelde renteomslag percentage van 1,05%. Voor 2022 hanteren we een omslagpercentage van afgerond van 1,25% (afwijking betreft alleen afronding en is dus niet meer dan 0,5%). Schema rentetoerekening

Externe rentelasten financiering +/+ Externe rentebaten -/Saldo rentelasten en rentebaten Rente die doorberekend wordt aan grondexploitaties -/Rente projectfinanciering -/Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente Renteresutaat op taakveld treasury

701.000 -9.100 691.900 -18.000 -15.000 658.900 765.000 1.423.900

Toe te rekenen rente Boekwaarde per 1 januari Renteomslagpercentage

658.900 61.100.000 1,08%

Garantstelling In het verleden zijn regelmatig garantstellingen geweest voor leningen aan derden. Met het oog op de financiële risico’s die de gemeente hierbij loopt, gaan wij terughoudend om met het honoreren van deze aanvragen. Alleen als het maatschappelijk belang ermee gediend is en er voldoende zekerheden gesteld worden, wordt een garantie verleend. In 2021 heeft het college de nota garantstellingen en leningen vastgesteld. In deze nota zijn de beleidskaders beschreven en geven we handvatten voor de besluitvorming door het formuleren 100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3349/documents/26035