Kaderbrief 2023-2024 Albrandswaard.pdf
Tekst van het document
34
Toelichting en financiële gevolgen van kaderstelling Inflatiecorrectie. In het centraal economisch plan 2023 van het CPB wordt de inflatie (geharmoniseerde consumentenprijsindex) voor 2024 gesteld op 3,2%. In het meerjarenperspectief van onze begroting 2023 is 4,3% gehanteerd. Een kanttekening die wij hierbij plaatsen is dat de actuele inflatie nog hoger ligt dan het CPB in zijn centraal economisch plan heeft geprognotiseerd. Die actuele inflatie wordt aangewakkerd door onder andere de oorlogsomstandigheden in Oekraïne. We hopen dat het huidige inflatieniveau een min of meer incidenteel karakter draagt en weer zal afvlakken. Vooralsnog houden we 3,2% uit het centraal economisch plan voor 2024 aan. Index subsidies. In de subsidieverordening is geregeld dat gesubsidieerde instelling compensatie krijgen voor de (loon)kosten verbonden aan de ontwikkelingen van de sectoriale CAO’s. Hiervoor wordt de index geharmoniseerde consumentenprijs van 3,2% gevolgd. Hierbij plaatsen we de kanttekening dat in sommige sectoren waarmee wij in onze begroting te maken hebben, zoals met name in het sociaal domein, de ontwikkelingen in de CAO’s uitstijgen boven deze 3,2%. De gevolgen hiervan willen wij eerst nog nader bestuderen. Index gemeenschappelijke regelingen.
Voor de GR’en regio Rotterdam – Rijnmond en NRIJ wordt jaarlijks een (raads)besluit genomen om de berekeningsystematiek van de financiële werkgroep van de Kring van gemeentesecretarissen te volgen. Deze komt uit op 8,4%. Het bestuur van SVHW heeft voor personele en materiële lasten 1,0% vastgesteld. Voor de kaderstelling van de MRDH wordt het Haaglandenkader gevolgd. Deze bestaat eveneens uit een percentage voor personele en materiële lasten van respectievelijk 2,8% en 2,6%. Dit zijn indicaties; indien beschikbaar, worden de cijfers vanuit (concept) kadernota’s en begrotingen van de GR’en gehanteerd. Index gemeentelijke tarieven. Voor de gemeentelijke heffingen geldt het uitgangspunt van kostendekkendheid. Voor de leges en inkomsten uit verhuur geldt een tariefstijging van 3%. De onroerende zaakbelasting (OZB) wordt toegelicht in onderdeel H van deze voorjaarsnota. Rente. Renteomslag De rentelasten worden volgens de renteomslag methodiek toegerekend naar de programma’s. Dit betekent dat onze jaarlijkse uitgaven aan rente gedekt worden uit de raadsprogramma’s waar gedane investeringen betrekking op hebben. Bij het opstellen van de programmabegroting wordt dit bekend. Rente grondexploitaties In de Meerjarenprognose grondexploitaties zijn de laatste voorschriften uit het BBV toegepast.
Op basis van berekening in de jaarrekening 2022, is in het MPO 2023 een rente toegerekend van 2% aan de grondbedrijfexploitaties. Marktrente financieringstekort De marktrente voor het te berekenen financieringstekort wordt gebaseerd op de rente per 23 maart 2023 van een 20-jarige lening met lineaire aflossing: 3,44%. Als uitgangspunt hanteren wij dan ook een rente van 3,44% (meerjarig) voor nieuw af te sluiten leningen vanaf 2023.
35
Investeringen 2023-2026. Voor de programmabegroting 2024 wordt volgens het beleid van de nota Activabeleid 2021 van de gemeente Albrandswaard een investeringslijst 2024-2027 opgesteld. Een realistische planning van deze investeringen moet leiden tot een evenwichtige spreiding over de planperiode. De kapitaallasten zijn gerekend vanaf 1 januari van het jaar ná oplevering van de investering. Reële productramingen. Bij het opstellen van de begroting 2024 worden eventuele taakstellingen vanuit het verleden beoordeeld op haalbaarheid. Ramingen voor producten en taakvelden dienen reëel te zijn gelet op de opgaves en activiteiten die bekostigd moeten worden. Financiële aspecten B. Rekenkundige en algemene kaders Ontwikkeling
Omschrijving
Inflatie 3,2 % (indicatie)
Financiele gevolgen consumentenprijsindex
Index subsidies GRJR* GGD-RR DCMR VRR* SVHW NRIJ
Structurele gevolgen
Finaciele gevolgen index subsidies Toename bijdrage inclusief indexatie obv concept begroting GRJR Meerkosten obv meerjarenbegroting inclusief indexatie. Obv 8,4% vanuit kring van Gemeentesecretarissen. Toename bijdrage obv conceptbegroting VRR 2024 Stijging deelnemersbijdrage obv concept begroting SVHW 2024 Obv 8,4% vanuit kring van Gemeentesecretarissen.
2024
2025
2026
2027
302.000
302.000
302.000
302.000
93.000
93.000
93.000
93.000
525.000
525.000
525.000
525.000
88.900
88.900
88.900
88.900
32.400
32.400
32.400
32.400
213.171
361.541
437.159
437.159
11.000
11.000
11.000
11.000
17.200
17.200
17.200
17.200
MRDH
Obv 8,4% vanuit kring van Gemeentesecretarissen.
6.600
6.600
6.600
6.600
CJG
Obv vastgestelde indexatie CJG op 7,1%
70.600
70.600
70.600
70.600
1.359.871
1.508.241
1.583.859
1.583.859
Totaal rekenkundige en algemene kaders
Bovenstaande financiële gevolgen zijn deels nog indicatief en worden richting de begroting nader verwerkt onder andere op basis van cijfers vanuit de gemeenschappelijke regelingen. VRR* De toename van de bijdrage aan de VRR is naast de vaststelling van de ontwikkelagenda met name toe te schrijven aan twee onderdelen: 1) Op niveau brengen indexatie. De methode van de indexatie loopt achter op de actuele inflatie. Nu de inflatie erg hoog is, leidt dat in 2023 en meerjarig tot een probleem. De inwonersbijdrage is gebaseerd op de indexering zoals vastgesteld door de ‘Werkgroep verbetering financiële sturing’. Deze methodiek kent een correctie van het indexcijfer over 3 voorliggende jaren, maar volgt, zoals gezegd, niet direct de actuele inflatie. Daardoor heeft de VRR een tekort, zowel in 2023 als meerjarig.
36
2) Herverdeling inwonersbijdrage. Er zijn twee onderdelen waardoor de inwonersbijdrage is gewijzigd. Ten eerste is besloten de inwonersbijdrage niet langer te verdelen op basis van het aantal inwoners van een gemeente, maar op basis van de procentuele verdeling van de bijdrage, die een gemeente krijgt vanuit het gemeentefonds voor het subcluster ‘Brandweer en crisisbeheersing’. Dat op zich leidde tot een herverdeling. Daar bovenop is binnen het gemeentefonds een herijking doorgevoerd. Dat heeft ertoe geleid, dat er een verschuiving heeft plaatsgevonden van o.a. het subcluster ‘Brandweer en crisisbeheersing’. Dat leidt tot een aanvullende bijdrage voor de gemeente Albrandswaard. GRJR* Voor de begrotingswijziging en begroting 2024 is het meest recente bestuurlijk vastgestelde document, de tweede bestuursrapportage 2022 van de GRJR, als uitgangspunt genomen. De bestuursrapportage van de GRJR wordt vormgegeven aan de hand van gegevens die door gemeenten en zorgaanbieders worden aangeleverd met betrekking tot zorglevering. In hoofdlijnen zijn er een drietal grote mutaties waar te nemen: 1) Om de begroting 2023 op het prijspeil 2023 te brengen is er daarom extra indexatie toegevoegd. In de oorspronkelijke begroting is rekening gehouden met 3,67% indexatie.
In de begrotingswijziging is het definitieve OVA-percentage (Overheidsbijdrage in de Arbeidskostenontwikkeling) van 4,16% verwerkt en een verdere verhoging voorgesteld naar 4,9% onder invloed van de prijspeil component (PPC). Voor de begroting 2024 is een OVA percentage van 4,75% verwerkt en wordt voorgesteld om deze op te hogen naar 5,49% onder invloed van de PPC. 2) Er is toename op meerdere zorgopdrachten onder meer als gevolg van aanpassing van het woonplaatsbeginsel. Dit effect was bij begrotingsopstelling door de gemeenten veel lager ingeschat dan nu het geval blijkt. Daarnaast zien we oplopende inzet van landelijk gecontracteerde aanbieders; de GRJR onderzoekt de oorzaken en beïnvloedbaarheid hiervan. 3) Een andere grote mutatie betreft zorgcontinuïteit voor de MVS gemeenten. Bij de begrotingsopstelling 2023 was het voornemen van MVS om de zorg vanaf 1-1-2023 geheel onder de eigen nieuwe contracten te laten leveren. Dat bleek niet realistisch; voor de continuïteit loopt MVS in 2023 nog mee op de oude regionale contracten.
37
D. ACTUELE EN AUTONOME ONTWIKKELINGEN. Actuele en autonome ontwikkelingen vinden plaats die hun invloed hebben op de beleidsagenda van 2024 en de financiën van Albrandswaard. Ook zijn aanpassingen nodig op het bestaande beleid. In deze paragraaf benoemen wij de onderwerpen en geven daar waar mogelijk de financiële gevolgen weer. Ontwikkelingen waarvan de uitkomsten en de financiële vertaling nog onduidelijk zijn. Financieringssystematiek.
Eind 2021 is bij het vaststellen van het nieuwe coalitieakkoord Rutte IV “Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst” besloten na 2025 een nieuwe financieringssystematiek te ontwikkelen voor de lagere overheden. Hierbij wordt een eventuele mogelijkheid voor een uitbreiding van het lokaal belastinggebied betrokken. Op dit moment is nog niet bekend hoe de nieuwe financieringssystematiek eruit gaat zien. Het voornemen van het kabinet is om voor de zomer van 2023 een uitvoeringsplan met een tijdpad naar de Kamer te sturen. De VNG zet namens de gemeenten in op voorwaarden rondom verruiming van het lokale belastinggebied. Het Rijk heeft al voorgesorteerd op de nieuwe financieringssystematiek door de algemene uitkering met ingang van 2026 te verlagen. In de septembercirculaire 2022 heeft het Rijk voor 2026 eenmalig € 1 miljard extra beschikbaar gesteld om de verlaging van de algemene uitkering gedeeltelijk te compenseren. Het accres wordt vanaf 2026 verder enkel aangepast voor de loon- en prijsontwikkelingen.
Hervormingsagenda Jeugd.
Sinds de uitspraak van de ‘Commissie van Wijzen’ over de middelen voor de jeugdzorg is de inzet van kabinet en gemeenten om te komen tot een hervormingsagenda jeugd (HVA) waarmee een antwoord moet worden gegeven op de stijgende kosten van de jeugdzorg. N.a.v. het coalitieakkoord Rutte 4 – waarin een extra besparing van € 511 mln. op de jeugdzorg werd aangekondigd – heeft de VNG de gesprekken over de HVA gestaakt. Pas nadat het kabinet had aangegeven dat deze besparing voor hun ‘rekening en risico’ zijn werden de gesprekken hervat. Tot op heden hebben die gesprekken nog geen overeenstemming opgeleverd. De discussie gaat hierbij vooral over de risicoverdeling tussen rijk en gemeenten: wie draait voor de kosten op als besparingen – ondanks inspanningen – toch niet worden gehaald? Deze discussie is vooral voor gemeenten van belang, omdat de besparingen – ook de extra € 511 mln. – al wel in het gemeentefonds zijn verwerkt. Sinds 2015 geldt voor gemeenten een opschalingskorting op het gemeentefonds. Deze korting is opgelegd, omdat gemeenten door gedwongen opschaling kosten zouden besparen. In het regeerakkoord van kabinet Rutte II stond de ambitie om door opschaling te komen tot gemeenten met meer dan 100.000 inwoners. Dit zou leiden tot besparingen op apparaatskosten, vereenvoudiging van regelgeving en minder dubbeling van taken.
De verplichte opschaling is niet doorgegaan maar de bijbehorende opschalingskorting is blijven staan. Deze opschalingskorting zou van 2015 tot en met 2025 steeds verder oplopen, tot een structureel bedrag van bijna € 1 miljard in 2025. De afgelopen jaren is de oploop van de opschalingskorting tijdelijk geschrapt. Voor 2020 kwam dit neer op € 70 miljoen en voor 2021 op € 160 miljoen die gemeenten niet hoefden af te dragen aan het Rijk. Naar aanleiding van het coalitieakkoord van het kabinet Rutte IV is de oploop van de opschalingskorting voor deze kabinetsperiode wederom geschrapt. Vanaf 2026 is de opschalingskorting wel weer in de cijfers opgenomen (een structurele korting van € 675 miljoen). De VNG is hierover in gesprek met het kabinet. Op 13 juli 2021 heeft het college de bestuursopdracht huisvestingsplan onderwijs en kinderopvang vastgesteld. Na vaststelling van de bestuursopdracht is gestart met het opstellen van het Huisvestingsplan Onderwijs en Kinderopvang (HOK). De ontwikkeling van het aantal leerlingen geeft aan dat dit met name stijgt in de kern Rhoon en dat daar binnen afzienbare tijd forse knelpunten ontstaan in de onderwijshuisvestingssituatie. De ruimte en de verkeerssituatie op de huidige schoollocaties geven beperkingen om uit te breiden.
Een breder (scenario)onderzoek is noodzakelijk om een verantwoord besluit te kunnen nemen over de onderwijshuisvesting in de periode tot 2031. De 1e belangrijkste conclusies zijn; Het lokalentekort is omvangrijker dan vooraf ingeschat; Het lokalentekort doet zich voornamelijk voor in Rhoon; Met schoolbesturen afspraken moeten worden gemaakt over de gevolgen van doorlopende leerlijn voor onderwijshuisvesting.
Opschalingskorting.
Integraal Huisvestingsplan onderwijs.
38
Stedin - lange termijn financiering.
Half maart is er een gesprek geweest met de schoolbesturen waarin zowel de knelpunten op korte- als lange termijn zijn besproken. Momenteel wordt er gewerkt aan een integraal huisvestingsplan. De financiële consequenties die voortvloeien uit het huisvestingsplan zijn nu nog niet helder inzichtelijk. Aan u als raad zal een voorstel worden voorgelegd om deze financiële consequenties nader in beeld te brengen. Om de energiedoelen te kunnen uitvoeren heeft Stedin kapitaal nodig. Door ambitieuzere klimaatdoelstellingen vanuit Brussel en Den Haag is voor de langere termijn echter veel meer kapitaal nodig. Daarom blijft Stedin in gesprek met bestaande aandeelhouders, het Rijk en potentiële (nieuwe) aandeelhouders om voor een adequate financiering binnen het gehele verzorgingsgebied zorg te kunnen dragen.
Oekraïne.
De oorlog in Oekraïne is nog steeds gaande, zo ook dat gemeenten te maken hebben met de opvang van vluchtelingen. Ook is sprake van sterk opgelopen inflatie en grondstoffentekorten. Onduidelijk is nog welke verdere effecten de oorlog teweeg gaat brengen en hoe daar vanuit het Rijk op geacteerd gaat worden.
Meerjaren onderhoud zwembad.
In 2017 is het besluit genomen om zwembad Albrandswaard 20 jaar open te houden waarna het zwembad gerenoveerd is. Nu komen we weer in een “beheersituatie” voor wat betreft het gebouw en de machinekamer waarbinnen er jaarlijks planmatige onderhoud moet worden gepleegd. Hiervoor is een Meerjaren Onderhouds Plan (MOP) opgesteld. Voor het MOP en de financiële gevolgen wordt een raadsvoorstel opgesteld.
Groenbeleidsplan.
In 2023 wordt een nieuw groenbeleidsplan opgesteld waarin de uitgangspunten en ambities met betrekking tot ons openbaar groen wordt vastgelegd. Dit zal met input van de gemeenteraad worden opgesteld en ter besluitvorming worden voorgelegd. Eventuele financiële consequenties moeten nog inzichtelijk worden gemaakt maar naar verwachting gaat het realiseren van eventuele ambities meer geld kosten dan nu binnen bestaande middelen beschikbaar is. Een concreet voorstel hiervoor volgt nog.
Mobiliteitsplan.
Er wordt in 2023 gewerkt aan het opstellen van een nieuw mobiliteitsplan. Binnen dit plan wordt aangegeven hoe we met de verschillende mobiliteitsvraagstukken die spelen omgaan en of daarvoor maatregelen getroffen moeten worden in de buitenruimte. Conform afspraak wordt dit stuk ter besluitvorming in het 1ste kwartaal 2024 voorgelegd aan de gemeenteraad. Eventuele financiële consequenties moeten nog inzichtelijk worden gemaakt maar naar verwachting gaat het realiseren van eventuele ambities meer geld kosten dan nu binnen bestaande middelen beschikbaar is. Een concreet voorstel hiervoor volgt nog. Er wordt momenteel gewerkt aan een nieuw speelbeleidsplan. De eventuele financiële gevolgen zijn nog niet inzichtelijk.
Speelbeleidsplan. Omloop.
Antes.
Onderhouds- en verduurzamingsplanne n gemeentelijk vastgoed.
Flexwoningen.
Rondom de Omloop wordt nog nagedacht over en zijn er nog ontwikkelingen op het gebied van woningbouw. Indien hier meer duidelijkheid over is, inclusief financiële consequenties, wordt u hierover geïnformeerd en wordt dit aan u als raad ter besluitvorming voorgelegd. Rondom Antes wordt nog nagedacht over en zijn er nog ontwikkelingen op het gebied van woningbouw. Indien hier meer duidelijkheid over is, inclusief financiële consequenties, wordt u hierover geïnformeerd en wordt dit aan u als raad ter besluitvorming voorgelegd. De nota maatschappelijk vastgoed is in 2022 vastgesteld. Naar aanleiding van dit besluit is onderzoek gedaan naar de bouwkundige staat en het toekomstig onderhoud van de gebouwen. Bij het opstellen van de onderhoudsplannen (MJOP’s) zijn een viertal objecten naar voren gekomen gezien de opvallende hoge onderhoudskosten de komende periode. Voor deze vier objecten volgt een verdiepingsonderzoek om te kijken of de onderhoudskosten in verhouding staan tot het maatschappelijk rendement/gebruik van het gebouw. Naast de reguliere onderhoudsplannen (MJOP’s) voor de gemeentelijke vastgoedportefeuille gaat het onderzoek uitgebreid worden om bij de natuurlijke vervangingsmomenten verduurzamingsmaatregelen toe te passen. Dit om de gemeentelijke portefeuille op termijn te laten voldoen aan het klimaatakkoord.
De uitkomsten van de onderzoeken worden aan uw raad ter besluitvorming voorgelegd. Er loopt in Albrandswaard een onderzoek naar de mogelijkheden van het realiseren van circa 100 tot 150 flexwoningen bovenop de reguliere woningvoorraad. De financiële gevolgen worden in het onderzoek inzichtelijk gemaakt en zo nodig per kansrijke locatie aan de raad voorgelegd.
39
Actuele ontwikkelingen Investering/Product
Omschrijving
Structurele gevolgen
Radar
Antidiscriminatievoorziening Extra onderhoudsbudget vanuit beheerplan Structureel fiscaal budget (blijven) voldoen aan doorontwikkeling Horizontaal Toezicht vanaf 2024 Met de komst van de Omgevingswet worden de bodemtaken gedecentraliseerd van de provincie naar de gemeenten Contunuering en uitbreiding van het jongerenwerk Aanstellen coordinator zorg en veiligheid Pilot om de rol van de wijkbrandweer te verhogen
2024 Onderhoud wegen Horizontaal toezicht belastingdienst
Omgevingswet
Jeugd Zorg en veiligheid Wijkbrandweer
2025
2026
2027
7.300
7.300
7.300
7.300
250.000
250.000
250.000
250.000
20.000
20.000
20.000
20.000
49.300
49.300
49.300
49.300
110.000
110.000
110.000
110.000
85.000
85.000
85.000
85.000
521.600
521.600
521.600
75.000 596.600
RADAR Sinds 2021 krijgen gemeenten vanuit Rijk meer geld om te besteden aan de antidiscriminatievoorziening, zodat gemeenten ook preventieactiviteiten kunnen organiseren. Het Rijk heeft dit opgehoogd van € 0,465 naar € 0,74 per inwoner. Om deze reden wordt het subsidieplafond structureel opgehoogd. Onderhoud wegen Vanuit een nieuw beheerplan wat is opgesteld de afgelopen maanden is naar voren gekomen dat we circa € 250.000,- structureel extra onhoudsbudget nodig hebben om te voorkomen dat onze wegen in kwaliteitsniveau achteruit gaan. We zien namelijk dat als gevolg van ontwikkelingen en stijgende kosten we niet meer in staat zijn om de wegen te beheren op het afgesproken niveau. We bereiken nu ook het punt dat als er niets gebeurd we verder dalen in niveau en we richting kapitaalvernietiging gaan. Hier zitten vervolgens ook aansprakelijkheden aan gekoppeld. Horizontaal toezicht belastingdienst In het eerder vastgestelde fiscale statuut, als onderdeel van het traject doorontwikkeling Horizontaal Toezicht, is opgenomen dat de gemeente fiscaal budget beschikbaar stelt. Dit is bestemd voor de inhuur van de expertise van externe fiscalisten waarmee de medewerkers van de bedrijfsvoering organisatie kunnen reflecteren/ sparren over huidige en nieuwe fiscale dossiers van de gemeente Albrandswaard.
Dit budget is nodig om fiscaal snel en adequaat te kunnen blijven handelen met Horizontaal Toezicht als kader ook vanaf 2024. Hiervoor is vanaf 2024 een structureel bedrag van € 20.000,- nodig. Tot en met 2023 wordt dit nog bekostigd uit het incidenteel beschikbaar gestelde budget voor het traject doorontwikkeling horizontaal toezicht 2021-2023. Voorgesteld wordt (dit via de gemeentelijke bijdrage) beschikbaar te stellen aan de bedrijfsvoering organisatie.
40
Omgevingswet, decentralisatie bodemtaken. Met de komst van de Omgevingswet worden de bodemtaken gedecentraliseerd van de provincie naar de gemeenten. Gemeenten zijn verplicht deze wettelijke taken neer te leggen bij de Omgevingsdienst, vanuit het BasisTakenPakket (BTP). Het gaat om de taken: Taak Bodemtaken: beschikkingen, bus-meldingen, beoordelingen en kwaliteitsbrieven Bodembeleid Databeheer Toezicht bodemsanering (deel dat overkomt naar gemeenten) Toezicht aanleg gesloten bodemenergiesystemen Totaal uren Prognose uurtarief cluster bodem 2024* Totaal budgetvraag*
AW 102 120 55 90 35 402 € 122,54 € 49.261
Vooralsnog is er geen dekking is voor de financiering van deze nieuwe taken. Dekking van de kosten moet gezocht worden binnen de gemeentelijke begroting of algemene reserve. Wanneer het Rijk in de komende gemeentecirculaires toch een vergoeding aankondigt, kan dit gelabeld worden en gebruikt worden ter dekking van de kosten. Jeugd In 2022 is een ambulant jongerenwerker gestart die laagdrempelig het contact legt met de jeugd op straat. In 2023 is de inzet van de ambulant jongerenwerker voortgezet. Om overlast door jeugd en jongeren te verminderen en preventief op te treden hiertegen is intensivering van het jongerenwerk noodzakelijk. Voor een extra ambulant jongeren-/buurtwerker (24 uur per week) is structureel een bedrag benodigd van € 55.000,-. De financiële gevolgen (€ 110.000,- voor de bestaande en een tweede jongerenwerker) van de inzet worden aan u voorgelegd in deze voorjaarsnota 2024. Zorg & Veiligheid Eind 2022 is gestart met een inventarisatie van de knelpunten en verbeterpunten op het snijvlak van het zorg- en veiligheidsdomein. De opdracht hiervoor is op 1 november 2022 vastgesteld. Met een integrale aanpak zorgen we voor passende hulp en ondersteuning voor inwoners die te maken hebben met complexe domeinoverstijgende problematiek. De integrale aanpak voorkomt dat deze inwoners tussen wal en schip vallen.
Om de integrale aanpak structureel te borgen in 2024 en verder dient een coördinator Zorg en Veiligheid aangesteld te worden. De structurele financiële gevolgen (€ 85.000,-) voor de inzet van een coördinator worden aan u voorgelegd in deze voorjaarsnota 2024. Wijkbrandweer Het aantal senioren en kwetsbare personen in de gemeente Albrandswaard is stijgende. Hierdoor is het van belang om het brandveiligheidsbewustzijn bij onze inwoners te vergroten wat leidt tot brandveiliger gedrag en daardoor tot minder branden en slachtoffers. De wijkbrandweer kan hier een belangrijke rol in spelen. De rol van de wijkbrandweer is middels educatie en voorlichting de(Brand)veiligheid in de woonomgeving verhogen. Daarnaast wordt d.m.v. een voorlichtingsprogramma, specifiek gericht op doelgroepen, het veiligheidsbewustzijn, het veiligheidsgevoel maar ook de zelfredzaamheid verbeterd. Hierbij is samenwerking met andere organisaties zoals o.a. woningcorporaties, kerken, gemeente, politie, zorginstellingen van belang en noodzakelijk om gezamenlijk de doelen te bereiken. De brandweerkazerne in Albrandswaard is de thuisbasis. Er is voor de pilot van de wijkbrandweer incidenteel een bedrag van € 75.000,- nodig. Na 10 maanden zal gestart worden met een evaluatie, waarna de evaluatie aan de raad zal worden voorgelegd voor structurele inzet.
De financiële gevolgen (€ 75.000,-) van de inzet worden aan u voorgelegd in deze voorjaarsnota 2024.
41
E. BEDRIJFSVOERING Op dit moment hebben wij geen concrete lopende bedrijfsvoeringsonderdelen benoemd die financiële bijsturing behoeven. De reguliere P&C producten van de GR BAR-organisatie worden/zijn meegenomen in onze 1e en 2e tussenrapportage 2023, terwijl voor het uitgestelde proces van opstelling van de begroting 2024 van de GR BAR-organisatie (zienswijzeproces en rib) wij deze gaan meenemen in onze gemeentebegroting 2024. Voor eventuele extra (structurele) kosten voor opbouw en ontwikkeling van de nieuwe organisatie Albrandswaard (bovenop de al geraamde kosten bij de 1 e begrotingswijziging 2023), naar aanleiding van de gedeeltelijke ontvlechting van de GR BAR-organisatie volgen separate raadsvoorstellen indien nodig. Financiële aspecten E. Bedrijfsvoering Product Omschrijving Geen bedrijfsvoeringsonderdelen op dit moment die financiële bijsturing nodig hebben. Totaal Bedrijfsvoering
2024
Eventuele extra kosten (BARbijdrage) via de P&C producten van de BAR of voor ontvlechting en opbouw via separaat raadsvoorstel.
42
p.m.
Structurele gevolgen 2025 2026
p.m.
p.m.
2027
p.m.
F. INVESTERINGEN Bij het opstellen van het meerjareninvesteringsprogramma 2024-2027 zullen de vervangingsinvesteringen en de nieuwe investeringen bepaald worden. Op dit moment hebben wij geen concrecte extra ontwikkelingen van investeringen die financiële gevolgen hebben bij het opstellen van de programmabegroting 2024 en het meerjarig perspectief. Wel zijn er toekomstige ontwikkelingen en investeringen te verwachten (zie ook de omschrijvingen in onderdeel D) voor de onderwerpen: Integraal Huisvestingsplan onderwijs. Een breder (scenario)onderzoek is noodzakelijk om een verantwoord besluit te kunnen nemen over de onderwijshuisvesting in de periode tot 2031. Hiervoor wordt momenteel gewerkt aan een integraal huisvestingsplan. De financiële consequenties die voortvloeien uit het huisvestingsplan zijn nu nog niet helder inzichtelijk. Aan u als raad zal een voorstel worden voorgelegd om deze financiële consequenties nader in beeld te brengen. Meerjaren onderhoud zwembad. In 2017 is het besluit genomen om zwembad Albrandswaard 20 jaar open te houden waarna het zwembad gerenoveerd is. Nu komen we weer in een “beheersituatie” voor wat betreft het gebouw en de machinekamer waarbinnen er jaarlijks planmatige onderhoud moet worden gepleegd. Hiervoor is een Meerjaren Onderhouds Plan (MOP) opgesteld. Voor het MOP en de financiële gevolgen wordt een raadsvoorstel opgesteld.
Groenbeleidsplan. In 2023 wordt een nieuw groenbeleidsplan opgesteld waarin de uitgangspunten en ambities met betrekking tot ons openbaar groen wordt vastgelegd. Dit zal met input van de gemeenteraad worden opgesteld en ter besluitvorming worden voorgelegd. Eventuele financiële consequenties moeten nog inzichtelijk worden gemaakt maar naar verwachting gaat het realiseren van eventuele ambities meer geld kosten dan nu binnen bestaande middelen beschikbaar is. Speelbeleidsplan. Er wordt momenteel gewerkt aan een nieuw speelbeleidsplan. De eventuele financiële gevolgen zijn nog niet inzichtelijk. Omloop en Antesterrein. Rondom de Omloop wordt nog nagedacht over en zijn er nog ontwikkelingen op het gebied van woningbouw. Indien hier meer duidelijkheid over is, inclusief financiële consequenties, wordt u hierover geïnformeerd en wordt dit aan u als raad ter besluitvorming voorgelegd. Onderhouds- en verduurzamingsplannen gemeentelijk vastgoed. De nota maatschappelijk vastgoed is in 2022 vastgesteld. Naast de reguliere onderhoudsplannen (MJOP’s) voor de gemeentelijke vastgoedportefeuille gaat het onderzoek uitgebreid worden om bij de natuurlijke vervangingsmomenten verduurzamingsmaatregelen toe te passen. Dit om de gemeentelijke portefeuille op termijn te laten voldoen aan het klimaatakkoord. De uitkomsten van de onderzoeken worden aan uw raad ter besluitvorming voorgelegd.
43
Flexwoningen. Er loopt in Albrandswaard een onderzoek naar de mogelijkheden van het realiseren van circa 100 tot 150 flexwoningen bovenop de reguliere woningvoorraad. De financiële gevolgen worden in het onderzoek inzichtelijk gemaakt en zo nodig per kansrijke locatie aan de raad voorgelegd.
Investering
Omschrijving 2024
Geen extra ontwikkelingen en investeringen op dit moment. Totaal kapitaallasten
Nieuwe ontwikkelingen via separaat raadsvoorstel.
44
p.m.
Structurele gevolgen 2025 2026 2027 p.m.
p.m.
p.m.
G. VOORGESTELDE DEKKING Om tot een materieel sluitende begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 te komen is de inzet van extra dekkingsmiddelen noodzakelijk. De eerste voorstellen hiertoe zijn hieronder opgenomen. Richting het opstellen van de programmabegroting 2024 zal bekeken worden of nog verdere aanvullende maatregelen of het inzetten van onderstaande dekkingsmiddelen daadwerkelijk nodig zijn. Product
Omschrijving
Stelpost indexering
Bij het CWP hebben we uit voorzichtigheidsprincipe een stelpost opgenomen voor de stijgende indexering en marktontwikkelingen t/m 2026.
450.000 1.070.000 2.010.000 2.010.000
Stelpost WMO
I.v.m. met mogelijke overschrijding van de “open einde regelingen” zetten we deze nu in ter dekking van de opgelopen structurele kosten.
200.000
2024
Totaal voorgestelde dekking:
Structurele gevolgen 2025 2026
300.000
400.000
2027
400.000
650.000 1.370.000 2.410.000 2.410.000
45
H. GEVOLGEN GEMEENTELIJK BELASTINGBELEID Voor 2024 kunnen nieuwe maatregelen en keuzes gemaakt worden inzake ons gemeentelijk belastingsbeleid. Voor de tariefstellingen van afvalstoffen- en rioolheffing wordt de begroting 2024 opgesteld op basis van een kostendekkend uitgangspunt. De actuele ontwikkelingen voor de belangrijkste onderdelen van ons gemeentelijk belastinggebied schetsen wij hieronder. Gevolgen gemeentelijk belastingbeleid (H) Product Omschrijving OZB inkomsten Totaal
Areaaluitbreiding en jaarlijke stijging 3%
2024 p.m.
Structurele gevolgen 2025 2026 p.m.
p.m.
2027 p.m.
1. Afvalstoffenheffing We zien gedurende 2022 de resultaten van het ingezette afvalbeleid. De scheidingsresultaten zijn positief en inwoners zijn over het algemeen tevreden over de aanpak en dienstverlening in relatie tot de afvalinzameling en verwerking van afval in onze gemeente. Naar aanleiding van verder onderzoek en de getoonde ervaringscijfers is besloten om de hoogte van het vastrecht en het variabel tarief voor huishoudens verder te differentiëren met als doel om tot een nog eerlijkere verdeling te komen, het verminderen van huishoudelijk afval verder te stimuleren en het beter en juist scheiden van afval te bevorderen. De exacte invloed van marktontwikkelingen en het nieuwe afvalbeleidsplan zal jaarlijks worden geëvalueerd en inzichtelijk worden gemaakt bij de berekening van het definitieve tarief. Het beleid is dat het tarief kostendekkend is.
2. Rioolheffing In 2024 wordt er een nieuw programma stedelijk water (PSW) opgesteld. Zowel het PSW, als eventuele effecten hieruit op tarieven, zullen aan u ter besluitvorming worden voorgelegd.
3. Onroerende zaakbelasting Het bestaande beleid is dat wij de opbrengst van de onroerende-zaakbelasting (OZB) niet laten beïnvloeden door een waardedaling of waardestijging van het onroerende goed. Dit beleid wordt al geruime tijd consequent toegepast. De opbrengst onroerende zaakbelastingen, waarmee wij in de begroting rekenen, is 3% hoger dan het jaar ervoor. Daarnaast wordt bij het opstellen van de gemeentebegroting 2024 bij de OZB-opbrengst rekening gehouden met de woningbouwplanning (areaaluitbreiding) en verminderingen op aanslagen (in verband met bezwaren) en deze voor nu nog op p.m. gezet in afwachting van de laatste, meest nauwkeurige, prognoses.
46