9. bijlage 1 jaarverslag 2023.pdf
Tekst van het document
jaarverslag 2023 Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
Rekenkamer
Rotterdam
Rekenkamer
Barendrecht
Rekenkamer
Krimpen aan den IJssel
Rekenkamer
Albrandswaard
Rekenkamer
Capelle aan den IJssel
Rekenkamer
Lansingerland
jaarverslag 2023 Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
voorwoord
De gemeentelijke rekenkamers hebben als kerntaak onderzoek te doen voor de gemeenteraad. Als wij ons werk goed doen, kunnen gemeenteraadsleden betere kaders stellen en beter controleren. In 2023 hebben we weer een aantal betekenisvolle onderzoeken afgerond waarmee onze gemeenteraden aan de slag konden. Zoals het rapport “Huizen in de regio” over het woonbeleid in de regio Rijnmond. Met dat rapport hebben we ook aangetoond dat het meerwaarde heeft om een rekenkamer voor meerdere gemeenten te zijn. Het onderzoek over ambtelijke integriteit startte al in 2021. We hebben daar een dubbel zo groot team opgezet en de tijd genomen voor zorgvuldige analyse. Het rapport kwam uiteindelijk precies op tijd om context te bieden voor een actuele integriteitscasus die via de media onder de aandacht werd gebracht. Vaak ontstaat in zulke situaties de zogenaamde ‘incidentregelreflex’ (zie het WRR-rapport ‘Evenwichtskunst’ uit 2011, p. 21). Dat wil zeggen het invoeren van beleid, wet- en regelgeving en organisatorische keuzes die gemotiveerd worden met verwijzing naar het specifieke incident, maar die niet noodzakelijkerwijs echte problemen aanpakken. Met ons rapport over ambtelijke integriteit kunnen gemeenteraadsleden de incidentregelreflex de pas afsnijden en ervoor zorgen dat de politieke energie juist benut wordt om noodzakelijke structurele verbeteringen een extra impuls te geven.
Ook het eerste jaarlijkse opvolgingsonderzoek verdient aandacht in dit voorwoord. Raadsbesluiten over rekenkamerrapporten zijn immers niet vrijblijvend, maar verdienen opvolging. Met een opvolgingsonderzoek wordt de raad in staat gesteld te controleren of het college de aanbevelingen ook daadwerkelijk uitvoert. In het rapport ‘Doorwerken aan daklozenopvang’ beoordeelden we hoe de eerdere aanbevelingen zijn opgevolgd, welke aspecten opnieuw aandacht behoeven en trekken we lessen die relevant zijn voor alle rekenkamerrapporten. De afgelopen tweeënhalf jaar is hard gewerkt aan een nieuw proces voor de onderzoeksprogrammering. De zogeheten stemkastsessie-aanpak nodigde uit tot politieke invloed op de onderzoeksagenda. Juist voor een onafhankelijk instituut is goed gevoede maar wel onafhankelijke onderzoeksprogrammering een basisvoorwaarde. In 2023 hebben we in Rotterdam deze nieuwe werkwijze doorlopen. Raadsleden hebben in het voorjaar uitgebreid gebruik gemaakt van de mogelijkheid onderwerpen aan te dragen via een anonieme enquête. In het najaar hebben we een verdiepend gesprek met raadsleden gehad dat ons geholpen heeft keuzes te maken. Wij zijn een rekenkamer voor meerdere gemeenten. Daarin zijn we niet uniek, maar wel bijzonder. In 2023 hebben we belangrijke en goede stappen gezet in de herijking met de regiogemeenten.
We hebben nu gedeelde uitgangspunten en verwachtingen en we delen de ambitie om de meerwaarde die besloten ligt in gezamenlijkheid ook optimaal te benutten. In 2023 zijn we begonnen met nieuwe onderzoeken die voor
3
jaarverslag 2023
meerdere gemeenten bedoeld zijn, zoals het onderzoek naar de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR). Voor de onderzoeksopzet hebben we een uitvraag gedaan bij alle verantwoordelijke wethouders en raadscommissies van al onze gemeenten. Op deze manier zijn we werkwijzen aan het ontwikkelen waarmee we zowel de gezamenlijkheid vormgeven als in verbinding blijven met de afzonderlijke gemeenteraden. Naast onze hoofdtaak, het doen van onderzoek, is in 2023 ook de nodige tijd, energie en aandacht besteed aan diverse verbetertrajecten die nodig zijn om aan de relevante wet- en regelgeving te voldoen en de bedrijfsvoering van de rekenkamer te verbeteren. Ik ben trots op de stappen die we hebben gezet om de rekenkamer door te ontwikkelen. Die doorontwikkeling is nodig om ervoor te zorgen dat de kwaliteit van onze onderzoeken blijft meegroeien met de complexiteit van de maatschappelijke uitdagingen, de doorwerking gelijke tred houdt met de essentie van de aanbevelingen en de rekenkamer zichzelf ook houdt aan de eisen van rechtmatigheid, doeltreffendheid en doelmatigheid waar we anderen aan toetsen. Ook als veranderingen verbeteringen zijn, is veranderen veeleisend. De stappen die we hebben gezet vragen veel van de medewerkers van de rekenkamer en van mijzelf en hebben impact op de organisatie.
Dus ik ben bovenal dankbaar dat het gelukt is om in 2023 samen weer zo veel werk te verzetten. Ik hoop dat u met mij vindt dat we daarmee onze opdracht weer hebben waargemaakt: onafhankelijk onderzoek voor Rotterdam en regio, met het doel bij te dragen aan het versterken van de lokale democratie en de kwaliteit van het gemeentebestuur. Daarvoor dank ik alle medewerkers van de rekenkamer en iedereen met wie we hebben samengewerkt. Marjolein van Asselt Directeur
4
jaarverslag 2023
voorwoord
3
1
terugblik onderzoek 2023
11
1-1
inleiding
11
1-2
gerealiseerde onderzoeken
11
1-3
herijking programmering regiogemeenten
12
1-4
onderzoeksprogramma 2024
13
2
structurele versterking rekenkamer
15
2-1
inleiding
15
2-2
noodzaak versterking
15
2-3
consequenties begroting rekenkamer
16
3
Rekenkamer Rotterdam
19
3-1
inleiding
19
3-2
gepubliceerd onderzoek in 2023
19
3-2-1
overzicht
19
3-2-2
Targets tellen
19
3-2-3
Huizen in de regio
20
3-2-4
Doorwerken aan daklozenopvang
21
3-2-5
Ambtelijke integriteit
22
3-3
lopend onderzoek 2023
23
4
Rekenkamer Albrandswaard
25
4-1
inleiding
25
4-2
gepubliceerd onderzoek
25
Huizen in de regio
25
4-2-1
5
Rekenkamer Barendrecht
29
5-1
inleiding
29
5-2
gepubliceerd onderzoek
29
Huizen in de regio
29
6
Rekenkamer Capelle aan den IJssel
33
6-1
inleiding
33
6-2
gepubliceerd onderzoek
33
6-2-1
Tijden van transformatie
33
6-2-2
Huizen in de regio
34
7
Rekenkamer Krimpen aan den IJssel
37
7-1
inleiding
37
7-2
gepubliceerd onderzoek
37
7-2-1
Verantwoorde afspraken
37
8
Rekenkamer Lansingerland
39
8-1
inleiding
39
8-2
gepubliceerd onderzoek
39
Huizen in de regio
39
5-2-1
8-2-1
7
jaarverslag 2023
9
overige publicaties en activiteiten
41
9-1
inleiding
41
9-2
externe optredens en andere publicaties
41
9-3
samenwerking andere rekenkamers
41
9-4
overige samenwerking
42
10
Wet versterking decentrale rekenkamers
43
10-1
inleiding
43
10-2
Rotterdam - rapportage opvolging en afdoening aanbevelingen 2023
43
11
organisatie
45
11-1
bedrijfsvoering
45
11-2
personeel
48
11-3
privacy en informatiebeveiliging
51
11-4
Wet open overheid
51
11-5
diversiteit en inclusie
52
11-6
onderzoekshandboek
52
11-7
nevenfuncties en declaraties
52
12
jaarrekening
55
12-1
inleiding
55
12-2
resultatenrekening
55
12-3
toelichting op de resultatenrekening
56
12-4
balans
59
12-5
toelichting op de balans
59
12-6
financieel arrangement regiogemeenten
60
13
begroting 2024
61
13-1
inleiding
61
13-2
begroting
61
13-3
toelichting op de begroting
61
Bijlagen
63
bijlage 1
verslag Functionaris Gegevensbescherming
65
bijlage 2
zelfevaluatietoets kwaliteitshandvest
68
8
jaarverslag 2023
1 1-1
terugblik onderzoek 2023
inleiding Dit hoofdstuk biedt een kort overzicht van de uitgebrachte publicaties in 2023 voor de rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Lansingerland en Krimpen aan den IJssel. Ook wordt ingegaan op het onderzoeksprogramma 2024 en de afspraken over de programmering van regiogemeenten. In hoofdstuk 3 tot en met 8 wordt voor iedere gemeenteraad nader toegelicht welke onderzoeken zijn gepubliceerd en welke onderzoeken in 2023 in uitvoering waren en in 2024 zullen verschijnen.
1-2
gerealiseerde onderzoeken In 2023 publiceerde de Rekenkamer Rotterdam drie onderzoeken: ‘Targets tellen’, ‘Doorwerken aan daklozenopvang’ en ‘Ambtelijke integriteit’. Daarnaast werd voor de gemeenteraden van Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel en Lansingerland nog het gezamenlijke syntheserapport ‘Huizen in de regio’ uitgebracht. Dit rapport brengt de rekenkameronderzoeken naar het woonbeleid samen, die de afgelopen jaren voor deze vijf gemeenten verschenen. De Rekenkamer Krimpen aan den IJssel publiceerde het onderzoek ‘Verantwoorde afspraken’. De Rekenkamer Capelle aan den IJssel bracht het rapport ‘Tijden van transformatie’ uit. Met de gerealiseerde publicaties heeft de rekenkamer de planning uit het onderzoeksprogramma 2023 niet volledig gerealiseerd. Voor Rotterdam was voorzien dat er zes onderzoeken zouden worden afgerond. Uiteindelijk zijn er vier daadwerkelijk in 2023 gepubliceerd. Twee onderzoeken (naar groene buitenruimte en het opvolgingsonderzoek naar algoritmes) verschijnen naar verwachting in april en mei 2024. Alle voorgenomen nieuwe onderzoeken zijn opgestart.
Het gaat om de opzet voor onderzoek naar de volgende onderwerpen: • Opvolgingsonderzoek opvang daklozen (gepubliceerd op 11 april 2023); • Verkeersveiligheid (gepubliceerd op 5 september 2023); • Toegankelijkheid in beleid en dienstverleningsprocessen (gepubliceerd op 21 september 2023); • Gemeenschappelijke regeling Jeugdhulp Rijnmond (gepubliceerd op 20 oktober 2023); • Regeling risicovolle projecten (opgestart, publicatie volgt in 2024). Voor de regiogemeenten is de volledige programmering gerealiseerd. De onderzoeken naar de woonvisie Capelle aan den IJssel, subsidieverlening in Krimpen aan den IJssel en de woonvisiesynthese zijn verschenen. Het onderzoek naar inkomensregelingen is wat later opgestart dan voorzien. De onderzoeksopzet is op 13 maart 2024 gepubliceerd. Verder is deelgenomen aan het landelijke DoeMee-onderzoek naar
11
jaarverslag 2023
klachtbehandeling. De resultaten daarvan worden in 2024 aan de deelnemende gemeenteraden aangeboden.
1-3
herijking programmering regiogemeenten In 2022 zijn gesprekken gestart met de gemeenteraden van Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland over een herijking van de programmering van de rekenkamer. Dit was nodig omdat het aantal onderzoeken op de programmering dermate was gegroeid dat dit niet meer in verhouding stond tot de financiële bijdragen, capaciteit en de werkwijze van de rekenkamer. In de programmering van 2023 zijn de volgende uitgangspunten opgenomen: • De rekenkamer heeft een onafhankelijke positie en bepaalt zelf de onderwerpen waarnaar onderzoek wordt gedaan. • Het onderzoeksportfolio sluit aan bij de competentiestructuur die de rekenkamer heeft. • Er wordt ingezet op synergie en meerwaarde van deelname van zes gemeenten. • De inzet van de capaciteit moet in verhouding zijn tot de financiële bijdrage en als fair ervaren worden door alle deelnemende gemeenteraden. • De planning moet realistisch en haalbaar zijn. De gemeenteraad van Rotterdam heeft deze uitganspunten in een raadsbesluit onderschreven. 1 In 2023 zijn gesprekken gevoerd met individuele gemeenteraden, met griffiers en met een afvaardiging van alle raden gezamenlijk.
Daarbij is uitgewisseld wat binnen de uitgangspunten mogelijkheden zijn voor het aantal en type uit te voeren onderzoeken en de wijze waarop rekening wordt gehouden met de gemeente specifieke situatie. De rekenkamer heeft naar aanleiding van de consultaties bij de regiogemeenten in de zomer van 2023 een meerjarenprogrammering opgesteld met het aantal en type onderzoeken in de komende jaren. Op basis daarvan hebben vier gemeenten aangegeven vooralsnog aangesloten te willen blijven bij de Rekenkamer Rotterdam. De gemeenteraad van Barendrecht heeft op basis van het aanbod van de rekenkamer Rotterdam het principebesluit genomen om haar rekenkamer anders te organiseren. Barendrecht zal op 1 januari 2025 uittreden bij de Rekenkamer Rotterdam. In 2024 worden de lopende onderzoeken waaraan Barendrecht deelneemt afgerond en worden geen nieuwe onderzoeken meer opgestart. Mogelijk vindt de toelichting op de nu nog onder handen onderzoeken in 2025 plaats. Op basis van de afspraken wordt in 2024 ervaring opgedaan met verschillende onderzoeken en nieuwe werkwijzen voor onderzoeken voor meerdere gemeenten tegelijk. De rekenkamer is in gesprek met de gemeenteraden over een te ontwikkelen werkwijze en selectiecriteria voor de programmering van toekomstig onderzoek. De verwachting is dat dit proces in 2024 wordt afgerond.
1 Gemeenteraad Rotterdam, Raadsbesluit ‘Uitgangspunten werkwijze Rekenkamer Rotterdam’, 23bb374, 2 februari 2023.
12
jaarverslag 2023
1-4
onderzoeksprogramma 2024 In december 2023 publiceerde de rekenkamer de onderzoeksprogrammering 2024. Gedurende het jaar is gewerkt aan de totstandkoming. In Rotterdam is het opstellen van de programmering volgens de in 2022 opgestelde werkwijze uitgevoerd. Daartoe zijn via een (anonieme) enquête onderwerpen bij raadsleden opgehaald. Ook hebben alle leden van de onderzoeksstaf van de rekenkamer onderwerpideeën gepitcht. Verder zijn de ideeën geïnventariseerd die burgers schriftelijk of digitaal hebben aangedragen. Deze groslijst is beoordeeld op basis van de door de rekenkamer vastgestelde selectiecriteria. Een interne werkgroep destilleerde vervolgens uit deze groslijst een shortlist en heeft die onderwerpen vervolgens getoetst met behulp van zogeheten selectietoetsen. Op basis van de uitkomsten van deze selectietoetsen heeft de werkgroep een voorstel gedaan voor de onderwerpen voor nieuwe onderzoeken op basis waarvan de directeur de onderzoeksprogrammering 2024 heeft vastgesteld. Voor de regiogemeenten is een pragmatische werkwijze gekozen voor het invullen van het onderzoeksprogramma 2024. Op de programmering staan (naast de lopende onderzoeken) en nieuw DoeMee-onderzoek, een onderzoek voor Capelle aan den IJssel, een onderzoek voor Lansingerland en een gezamenlijk onderzoek voor Albrandswaard en Krimpen aan den IJssel.
In overleg met de betrokken gemeenteraden worden de uit te voeren thema’s voor de nieuwe onderzoeken geselecteerd.
13
jaarverslag 2023
2 2-1
structurele versterking rekenkamer
inleiding In het jaarverslag van 2022 is aandacht besteed aan de noodzaak tot structurele versterking van zowel de onderzoeksstaf als de bedrijfsvoering. Dit hoofdstuk beschrijft kort de aanleiding en de consequenties voor de begroting. In hoofdstuk 11 zal nader worden ingegaan op de inzet die het afgelopen jaar is gepleegd ter verbetering van de bedrijfsvoering. In hoofdstuk 12 is het financiële resultaat beschreven.
2-2
noodzaak versterking onderzoeksstaf De Rekenkamer Rotterdam werkte met een ‘lean en mean’ bureau. Onderdeel van deze filosofie was dat relatief veel gebruik werd gemaakt van inhuur voor de onderzoekstaf. Dit gebeurde niet alleen voor het gebruik van incidenteel benodigde inhoudelijke expertise, maar ook voor reguliere onderzoekwerkzaamheden. In de vaste staf was de onderzoeker-projectleider ratio vrijwel 1, waardoor de teams erg kwetsbaar waren en de projectleiders ook veel onderzoekstaken op zich namen. De laatste jaren is dit steeds meer gaan knellen: • Het lage aantal onderzoekers had tot gevolg dat grote druk op de uitvoering van onderzoeksprojecten ontstond. Vertraging in een project zorgde direct voor een sneeuwbaleffect van vertragingen op andere projecten. Ook zorgde de krappe bezetting dat er te weinig capaciteit aanwezig was om onderzoeken snel na de programmering in uitvoering te kunnen nemen. Hierdoor kon lange tijd zitten tussen het moment van programmering en start van het onderzoek. • Het lage aantal onderzoekers werd deels opgevangen met externe inhuur om reguliere onderzoekwerkzaamheden op te vangen. Dit is niet alleen relatief duur, maar het leidde er ook toe dat de opgedane kennis en ervaring ook weer verdwenen na afloop van een onderzoek.
• De te krappe bezetting had tevens tot gevolg dat er bij onderzoekers en projectleiders nauwelijks tijd beschikbaar was voor investering in opleiding en kennisontwikkeling. Juist voor een onderzoeksinstituut is het van belang te investeren in een lerende organisatie en voldoende tijd te maken voor inhoudelijke reflectie. Deze tijdsinvestering is van belang om kwaliteit te blijven leveren, individueel en als organisatie. • Een andere ontwikkeling die extra capaciteit van de onderzoeksstaf en in het bijzonder van de projectleiders vraagt, is dat de rekenkamer meer investeert in de verbinding met de gemeente. Om de impact van het onderzoek en de aanbevelingen zo groot mogelijk te maken, wordt extra tijd besteed aan het voor- en natraject van het onderzoek. Dit gebeurt bijvoorbeeld door meer bestuurlijke interactie en presentaties of toelichtingen voor de ambtelijke organisatie.
15
jaarverslag 2023
In 2022 is geïnvesteerd in versterking van de onderzoeksstaf door het aannemen van nieuwe onderzoekers en door het herijken van de formatie. De ratio projectleider/onderzoeker is hiermee op de verhouding 1:2 komen te liggen. Hiermee is de benodigde basiscapaciteit aanwezig om de onderzoekprogrammering uit te kunnen voeren. De programmering is gebaseerd op het uitgangspunt dat maximaal tien onderzoeken gelijktijdig worden uitgevoerd. Ook kan met deze formatie beter worden gestuurd op doorlooptijden en is het mogelijk voldoende tijd en aandacht te kunnen besteden aan opleiding, kennisontwikkeling en de relaties met de gemeente en andere stakeholders. bedrijfsvoering Een uitgevoerde bedrijfsvoeringsscan in 2022 maakte duidelijk dat de rekenkamer een inhaalslag moet maken. De rekenkamer werkt al jaren met een klein team ondersteuning. Er wordt ook gebruik gemaakt van ondersteuning van de gemeente Rotterdam via een aantal dienstverleningsovereenkomsten. Tegelijkertijd diende het team ondersteuning zelfstandig op een veelheid aan taken kwalitatief hoogwaardige ondersteuning te bieden. Ieder van deze taken was tegelijkertijd relatief klein van omvang, waardoor deze taken gecombineerd waren belegd bij medewerkers.
Met de toenemende eisen aan communicatie, ICT en nieuwe wet- en regelgeving op het gebied van privacy en informatiehuishouding is dit steeds meer gaan knellen en zijn achterstanden ontstaan.
2-3
consequenties begroting rekenkamer Bij het opstellen van de begroting voor 2023 werd duidelijk dat de versterking van de onderzoeksstaf en de bedrijfsvoering tot een forse overschrijding zou leiden. De structurele versterking van de capaciteit leidde tot een stijging van de post personeel. De stijging heeft niet alleen te maken met de toename van het aantal fte in de onderzoeksstaf. De rekenkamer is ook overgegaan op een andere wijze van begroten van personeelskosten. Voorheen lag geen formatieplan aan de begroting ten grondslag. In 2023 is de begroting gebaseerd op het loonkostenmodel waarbij per functie met een vast bedrag voor loonkosten wordt gerekend. Met deze methode is aangesloten bij de gangbare praktijk van de gemeente Rotterdam. De rekenkamer heeft voor de voorjaarsnota van de gemeente Rotterdam een wens voor structurele versterking van de capaciteit ingediend. In totaal is € 400 k gevraagd voor versterking van de onderzoeksstaf en de bedrijfsvoering. Een deel van de versterking is gevraagd voor de tijdelijk investering in communicatie en het verbeteren van de bedrijfsvoering. Dit gaat om een bedrag van € 100 k, voor een periode van drie jaar. De wens van de rekenkamer is bij de behandeling van de voorjaarsnota gehonoreerd. Door deze versterking kan de rekenkamer de gedane investering in de onderzoeksstaf structureel maken.
Hiermee is de onderzoekcapaciteit aanwezig om de geprogrammeerde onderzoeken uit te voeren. Dit betekent dat maximaal tien onderzoeken tegelijk in uitvoering kunnen worden genomen. Bovendien wordt de kans op vertraging door tijdelijke capaciteitstekorten kleiner. Het bureau is zo minder kwetsbaar en minder afhankelijk van derden. Ook kunnen de verbetertrajecten om de bedrijfsvoering op orde te brengen en te houden, worden uitgevoerd.
16
jaarverslag 2023
3 3-1
Rekenkamer Rotterdam
inleiding De Rekenkamer Rotterdam heeft in 2023 vier rapporten gepubliceerd. In 2023 waren er ook zeven onderzoeken in uitvoering. In de volgende paragrafen worden de onderzoeken toegelicht.
3-2 3-2-1
gepubliceerd onderzoek in 2023 overzicht In de onderstaande tabel is opgenomen wanneer de vier onderzoeken zijn gepubliceerd en op welke datum de rekenkamer het onderzoek heeft toegelicht in de betreffende raadscommissie.
tabel 3-1: gepubliceerd onderzoek 2023 onderzoek
3-2-2
publicatie
toelichting in raadscommissie
Targets tellen
8 februari 2023
7 maart 2023
Huizen in de regio
29 augustus 2023
19 december 2023
Doorwerken aan daklozenopvang
19 oktober 2023
31 januari 2024
Ambtelijke integriteit
23 november 2023
1 februari 2024
Targets tellen Op 8 februari 2023 publiceerde de rekenkamer het rapport ‘Targets tellen’. Het college van burgemeester en wethouders heeft aan het begin van de collegeperiode 2022-2026 vijftien collegetargets opgesteld met daarin de doelstellingen voor deze periode. De rekenkamer heeft in het onderzoek beoordeeld of deze collegetargets bruikbaar zijn om te sturen. Er is gekeken of de collegetargets voldoen aan de normen die zijn geformuleerd door de rekenkamer en of het mogelijk is om de prestaties van het college te meten. Voor het achterhalen van de bruikbaarheid van de targets heeft de rekenkamer voor elk van de vijftien targets gekeken of de formulering van de doelen specifiek, meetbaar en tijdsgebonden is. Daarnaast is gekeken naar de nulmeting; dat wil zeggen de beginsituatie waar vanaf gerekend wordt. Zo’n nulmeting is bij de meeste targets nodig om te zien of vooruitgang wordt geboekt. Ook is de controleerbaarheid onderzocht door te kijken of er een goed registratiesysteem aanwezig
19
jaarverslag 2023
is. Tot slot zijn de toelichtingen op de inspanningen om de doelstellingen te bereiken beoordeeld. De rekenkamer heeft niet onderzocht of de targets haalbaar zijn. Volgens de rekenkamer voldeden een aantal targets nog niet aan de normen, zoals de tijdsgebondenheid of de aanwezigheid van een goede nulmeting, of zijn de toelichtingen op de maatregelen en beoogde inspanningen niet concreet genoeg. De rekenkamer heeft een viertal aanbevelingen gedaan. De eerste aanbeveling is het verbeteren van de collegetargets die in hun huidige opzet niet bruikbaar zijn. Daarnaast beveelt de rekenkamer aan de kwaliteit van de meet- en registratiesystemen die ten tijde van de beoordeling door de rekenkamer nog niet beoordeeld konden worden, alsnog te beoordelen. Een derde aanbeveling is om bij de collegetargets CO2, woon(zorg)concepten en bedrijfsruimte duidelijk te maken welke maatregelen genomen worden. Tot slot is de aanbeveling gedaan om de relatie te verduidelijken tussen de inspanningen en de doelstelling bij het collegetarget bijstand. De rekenkamer heeft het rapport op 7 maart 2023 toegelicht in de Commissie tot Onderzoek van de Rekening (COR) van de gemeenteraad van Rotterdam. De gemeenteraad heeft de behandeling van het rapport meegenomen bij de behandeling van de voorjaarsnota op 4 en 6 juli.
De gemeenteraad heeft de conclusies van de rekenkamer onderschreven en alle aanbevelingen overgenomen. 3-2-3
Huizen in de regio In 2022 en 2023 publiceerde de rekenkamer een reeks van vijf onderzoeken naar het woonbeleid van de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Lansingerland en Rotterdam. De overheid en andere actoren op de woningmarkt staan de komende jaren voor een uitdaging om de crisis op de snel veranderende woningmarkt op te lossen. De rekenkamer achtte het daarom van belang om, in aanvulling op de afzonderlijke onderzoeken, een synthese-onderzoek te doen naar het woonbeleid in de regio Rotterdam. Regionaal wordt op het gebied van wonen samengewerkt binnen het Samenwerkingsverband Wonen Regio Rotterdam. Twaalf gemeenten maken onderdeel uit van dit samenwerkingsverband, waaronder de vijf onderzochte gemeenten. De rekenkamers van de overige gemeenten hebben bij de start van het ambtelijk wederhoor een vooraankondiging van het syntheserapport gekregen en uitnodiging om nader geïnformeerd te worden over de bevindingen. Van die uitnodiging is gebruik gemaakt door vertegenwoordigers van de rekenkamers van de gemeenten Schiedam, Nissewaard en Vlaardingen. De rekenkamer onderzocht in hoeverre de vijf gemeenten verschillen en overeenkomen wat betreft woonbeleid dat gericht is op het versterken van de aansluiting tussen vraag en aanbod. Ook werd de regionale samenwerking in het woonveld onderzocht.
Het rapport ‘Huizen in de regio’ werd op 29 augustus 2023 gepubliceerd. De rekenkamer concludeerde dat alle vijf de gemeenten grotendeels met dezelfde problemen kampen. Zij hebben onvoldoende inzicht in de vraag en het aanbod van
20
jaarverslag 2023
woningen in de gemeente. Dit komt onder andere doordat een belangrijk deel van de cijfers die zij gebruiken om het woningaanbod inzichtelijk te maken onbetrouwbaar is. De rekenkamer stelde vast dat het woonbeleid van de onderzochte gemeenten op punten onvoldoende onderbouwd is en het vaak onduidelijk is of woondoelen worden bereikt. De rekenkamer concludeerde dat op regionaal niveau concrete afspraken worden gemaakt over de woningvoorraad, maar dat de doelstellingen niet altijd worden gehaald. Zo waren er op regionaal niveau ambities om de sociale voorraad te vergroten en beter te spreiden, maar deze werden te weinig omgezet in gemeentelijke actieplannen. Volgens de rekenkamer moet er daarom meer aandacht komen voor de wisselwerking tussen het lokale en regionale woonbeleid. Dat zou kunnen door een werkwijze te ontwikkelen voor het vertalen van regionale afspraken naar lokaal beleid. Daar zou bovendien de gemeenteraad actiever bij betrokken moeten worden. Ook is het volgens de rekenkamer belangrijk om tijdens het vaststellen van de regionale afspraken alvast na te denken over waar het mis zou kunnen gaan. Tegenslagen in de uitvoering kunnen zich snel opstapelen, dus is het belangrijk om die risico’s vooraf te benoemen zodat er sneller op ingespeeld kan worden. Het rapport is op 19 december 2023 toegelicht in een technische sessie van de Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte.
De raad heeft in de vergadering van 14 maart 2024 besloten de aanbevelingen van de rekenkamer over te nemen. 3-2-4
Doorwerken aan daklozenopvang Op 19 oktober 2023 heeft de rekenkamer het rapport ‘Doorwerken aan daklozenopvang’ gepubliceerd. Dit rapport bevat een opvolgingsonderzoek naar het eerder verschenen rekenkamerrapport ‘Niet thuis geven’ uit 2018. Met opvolgingsonderzoek kijkt de rekenkamer naar de mate waarin aanbevelingen uit een eerder onderzoek zijn geland in beleid en zijn uitgevoerd in de praktijk. Ook kijkt de rekenkamer naar de informatie die hierover wordt verstrekt aan de raad. De rekenkamer concludeert in ‘Doorwerken aan daklozenopvang’ dat niet alle zeven aanbevelingen uit het rapport ‘Niet thuis geven’ (volledig) zijn opgevolgd. Vooral aanbevelingen gericht op grotere veranderingen zijn beperkter opgevolgd. Het gaat hierbij om de aanbevelingen gericht op het terugdringen van uitval en de aanbeveling over het stimuleren van alternatieve vormen van opvang. Daarnaast concludeert de rekenkamer dat de raad niet goed is geïnformeerd over de opvolging van de aanbevelingen. De informatie die de gemeenteraad kreeg, was gefragmenteerd en slecht navolgbaar. Naar aanleiding van de bevindingen deed de rekenkamer drie aanbevelingen. Allereerst om te toetsen of niet opgevolgde aanbevelingen nog relevant zijn en hier indien nodig nog opvolging aan te geven.
Daarnaast om altijd een separaat plan van aanpak op te stellen waarin navolgbaar is opgenomen hoe de gemeente met de aanbevelingen aan de slag gaat. Het gaat hierbij niet om een nieuw beleidsplan, maar om een document waarin staat uitgewerkt hoe aanbevelingen worden opgevolgd. De laatste aanbeveling behelst om na elk rapport de tijd te nemen te reflecteren op de aanbevelingen en een interne vertaalslag te maken. De rekenkamer stelt voor het
21
jaarverslag 2023
proces van het opstellen van een separaat plan van aanpak en de sinds 2023 verplichte jaarlijkse monitoring opvolging rekenkameraanbevelingen hiervoor te gebruiken. Op 31 januari 2024 gaf de rekenkamer een technische toelichting over het rapport aan de commissie Zorg, Welzijn, Cultuur en Sport. Het rapport werd op 15 februari 2024 behandeld in de gemeenteraad. Daar werd besloten om alle aanbevelingen over te nemen. 3-2-5
Ambtelijke integriteit Op 23 november 2023 publiceerde de rekenkamer het onderzoek ‘Ambtelijke integriteit’. Na een aantal voorvallen heeft de gemeenteraad eind 2020 aan zowel het college van burgemeester en wethouders, als de rekenkamer gevraagd onderzoek te doen naar integriteit binnen de gemeente Rotterdam. Het onderzoek van de rekenkamer heeft betrekking op de periode 2016 tot en met april 2023. Het onderzoek gaat over het hele traject rondom integriteit van detecteren van schendingen, tot en met het oppakken, onderzoeken en afhandelen. Tot slot is er gekeken naar het leren van integriteitsschendingen. In het onderzoek stelt de rekenkamer vast dat hoewel de aandacht voor integriteit is toegenomen en er veel goed gaat, er ook nog veel ruimte voor verbetering is. De rekenkamer concludeert onder meer dat een groot deel van de vermoede integriteitsschendingen nu niet wordt gemeld. Een belangrijke oorzaak hiervan is dat de interne meldcultuur niet uitnodigt tot melden. Ook komt er uit het onderzoek naar voren dat er nu twee verschillende procedures bestaan, één voor ongewenste omgangsvormen en één voor vermoedelijke integriteitschendingen. Tot slot concludeert de rekenkamer dat het huidige leersysteem van mogelijke integriteitschendingen tekortkomingen kent.
De rekenkamer doet in het rapport meerdere aanbevelingen om verbeteringen te realiseren in het proces van het detecteren, oppakken en onderzoeken, afhandelen en leren van mogelijke integriteitsschendingen. Zo beveelt de rekenkamer de gemeente aan om de twee procedures voor integriteit en ongewenste omgangsvormen samen te voegen. Dit om onduidelijkheid te voorkomen en zodat er ook in geval van ongewenste omgangsvormen steviger ingegrepen kan worden. De andere aanbevelingen hebben betrekking op de verantwoordelijkheden van vertrouwenspersonen, de rol van leidinggevenden, effectievere communicatie, het uitvoeren van integriteitsonderzoeken en het bevorderen van leren van mogelijke integriteitsschendingen. Op 1 februari 2024 gaf de rekenkamer een technische toelichting op het rapport aan de commissie Bestuur, Organisatie, Financiën en Veiligheid (BOFV) van de gemeenteraad. Op 8 februari heeft de commissie BOFV het debat over het rapport gevoerd met de wethouder Financiën, Organisatie, Dienstverlening en Grote Projecten. Op 15 februari 2024 heeft de gemeenteraad besloten om alle conclusies en aanbevelingen van de rekenkamer over te nemen. Bij die raadsbehandeling heeft de raad daarnaast een motie aangenomen waarin de rekenkamer onder meer wordt verzocht om een vervolgonderzoek op te nemen in de onderzoeksprogrammering van 2025 met
22
jaarverslag 2023
betrekking tot dit rekenkameronderzoek. De motie vraagt om onderzoek uit te voeren naar de implementatie van de door de rekenkamer gedane aanbevelingen en te controleren of vooronderzoeken en bijbehorende dossiers vormvast en volledig zijn.
3-3
lopend onderzoek 2023 In 2023 liepen zeven onderzoeken die niet in 2023 gepubliceerd zijn. In de onderstaande tabel zijn deze opgenomen. tabel 3-2: lopend onderzoek in 2023 onderzoek collegetargets groene buitenruimte vervolgonderzoek algoritmes toegankelijkheid in beleid en dienstverleningsprocessen verkeersveiligheid GR Jeugdhulp Rijnmond Regeling risicovolle projecten
Een nadere toelichting op de lopende onderzoeken is te vinden in de onderzoeksprogrammering 2024.
23
jaarverslag 2023
4 4-1
Rekenkamer Albrandswaard
inleiding De Rekenkamer Albrandswaard heeft één onderzoek gepubliceerd in 2023. Het onderzoek ‘Huizen in de regio’ is in de volgende paragraaf toegelicht. Daarnaast loopt er een onderzoek naar de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond. Verdere informatie hierover is te vinden in de onderzoeksprogrammering 2024. Albrandswaard was ook uitgenodigd deel te nemen aan het DoeMee-onderzoek naar klachtbehandeling. De ambtelijke organisatie kon echter binnen de beschikbare periode geen informatie aanleveren aan het bureau dat het onderzoek in opdracht van de Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR) uitvoerde.
4-2 4-2-1
gepubliceerd onderzoek Huizen in de regio In 2022 en 2023 publiceerde de rekenkamer een reeks van vijf onderzoeken naar het woonbeleid van de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Lansingerland en Rotterdam. De overheid en andere actoren op de woningmarkt staan de komende jaren voor een uitdaging om de crisis op de snel veranderende woningmarkt op te lossen. De rekenkamer achtte het daarom van belang om, in aanvulling op de afzonderlijke onderzoeken, een synthese-onderzoek te doen naar het woonbeleid in de regio Rotterdam. Regionaal wordt op het gebied van wonen samengewerkt binnen het Samenwerkingsverband Wonen Regio Rotterdam. Twaalf gemeenten maken onderdeel uit van dit samenwerkingsverband, waaronder de vijf onderzochte gemeenten. De rekenkamers van de overige gemeenten hebben bij de start van het ambtelijk wederhoor een vooraankondiging van het syntheserapport gekregen en uitnodiging om nader geïnformeerd te worden over de bevindingen. Van die uitnodiging is gebruik gemaakt door vertegenwoordigers van de rekenkamers van de gemeenten Schiedam, Nissewaard en Vlaardingen. De rekenkamer onderzocht in hoeverre de vijf gemeenten verschillen en overeenkomen wat betreft woonbeleid dat gericht is op het versterken van de aansluiting tussen vraag en aanbod. Ook werd de regionale samenwerking in het woonveld onderzocht.
Het rapport ‘Huizen in de regio’ werd op 29 augustus 2023 gepubliceerd. De rekenkamer concludeerde dat alle vijf de gemeenten grotendeels met dezelfde problemen kampen. Zij hebben onvoldoende inzicht in de vraag en het aanbod van
25
jaarverslag 2023
woningen in de gemeente. Dit komt onder andere doordat een belangrijk deel van de cijfers die zij gebruiken om het woningaanbod inzichtelijk te maken onbetrouwbaar is. De rekenkamer stelde vast dat het woonbeleid van de onderzochte gemeenten op punten onvoldoende onderbouwd is en het vaak onduidelijk is of woondoelen worden bereikt. De rekenkamer concludeerde dat op regionaal niveau concrete afspraken worden gemaakt over de woningvoorraad, maar dat de doelstellingen niet altijd worden gehaald. Zo waren er op regionaal niveau ambities om de sociale voorraad te vergroten en beter te spreiden, maar deze werden te weinig omgezet in gemeentelijke actieplannen. Volgens de rekenkamer moet er daarom meer aandacht komen voor de wisselwerking tussen het lokale en regionale woonbeleid. Dat zou kunnen door een werkwijze te ontwikkelen voor het vertalen van regionale afspraken naar lokaal beleid. Daar zou bovendien de gemeenteraad actiever bij betrokken moeten worden. Ook is het volgens de rekenkamer belangrijk om tijdens het vaststellen van de regionale afspraken alvast na te denken over waar het mis zou kunnen gaan. Tegenslagen in de uitvoering kunnen zich snel opstapelen, dus is het belangrijk om die risico’s vooraf te benoemen zodat er sneller op ingespeeld kan worden. Het rapport is op 13 februari 2024 toegelicht in een vergadering van het Beraad en Advies Ruimte.
Het college heeft tijdens de raadsbehandeling toegezegd dat de uitkomsten van het onderzoek, samen met de uitkomsten van het eerder verschenen rapport ‘Bouwen voor elkaar’, worden gebruikt voor de nieuwe Woonvisie. Vanwege de nauwe verwevenheid tussen beide onderzoeken is geen apart raadsbesluit genomen.
26
jaarverslag 2023
27
jaarverslag 2023
5 5-1
Rekenkamer Barendrecht
inleiding De Rekenkamer Barendrecht heeft één onderzoek gepubliceerd in 2023. Het onderzoek ‘Huizen in de regio’ wordt in de volgende paragraaf toegelicht. Daarnaast loopt er een onderzoek naar de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond. Verdere informatie hierover is te vinden in de onderzoeksprogrammering 2024. Barendrecht was ook uitgenodigd deel te nemen aan het DoeMee-onderzoek naar klachtbehandeling. De ambtelijke organisatie kon echter binnen de beschikbare periode geen informatie aanleveren aan het bureau dat het onderzoek in opdracht van de Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR) uitvoerde.
5-2 5-2-1
gepubliceerd onderzoek Huizen in de regio In 2022 en 2023 publiceerde de rekenkamer een reeks van vijf onderzoeken naar het woonbeleid van de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Lansingerland en Rotterdam. De overheid en andere actoren op de woningmarkt staan de komende jaren voor een uitdaging om de crisis op de snel veranderende woningmarkt op te lossen. De rekenkamer achtte het daarom van belang om, in aanvulling op de afzonderlijke onderzoeken, een synthese-onderzoek te doen naar het woonbeleid in de regio Rotterdam. Regionaal wordt op het gebied van wonen samengewerkt binnen het Samenwerkingsverband Wonen Regio Rotterdam. Twaalf gemeenten maken onderdeel uit van dit samenwerkingsverband, waaronder de vijf onderzochte gemeenten. De rekenkamers van de overige gemeenten hebben bij de start van het ambtelijk wederhoor een vooraankondiging van het syntheserapport gekregen en uitnodiging om nader geïnformeerd te worden over de bevindingen. Van die uitnodiging is gebruik gemaakt door vertegenwoordigers van de rekenkamers van de gemeenten Schiedam, Nissewaard en Vlaardingen. De rekenkamer onderzocht in hoeverre de vijf gemeenten verschillen en overeenkomen wat betreft woonbeleid dat gericht is op het versterken van de aansluiting tussen vraag en aanbod. Ook werd de regionale samenwerking in het woonveld onderzocht.
Het rapport ‘Huizen in de regio’ werd op 29 augustus 2023 gepubliceerd. De rekenkamer concludeerde dat alle vijf de gemeenten grotendeels met dezelfde problemen kampen. Zij hebben onvoldoende inzicht in de vraag en het aanbod van woningen in de gemeente. Dit komt onder andere doordat een belangrijk deel van de
29
jaarverslag 2023
cijfers die zij gebruiken om het woningaanbod inzichtelijk te maken onbetrouwbaar is. De rekenkamer stelde vast dat het woonbeleid van de onderzochte gemeenten op punten onvoldoende onderbouwd is en het vaak onduidelijk is of woondoelen worden bereikt. De rekenkamer concludeerde dat op regionaal niveau concrete afspraken worden gemaakt over de woningvoorraad, maar dat de doelstellingen niet altijd worden gehaald. Zo waren er op regionaal niveau ambities om de sociale voorraad te vergroten en beter te spreiden, maar deze werden te weinig omgezet in gemeentelijke actieplannen. Volgens de rekenkamer moet er daarom meer aandacht komen voor de wisselwerking tussen het lokale en regionale woonbeleid. Dat zou kunnen door een werkwijze te ontwikkelen voor het vertalen van regionale afspraken naar lokaal beleid. Daar zou bovendien de gemeenteraad actiever bij betrokken moeten worden. Ook is het volgens de rekenkamer belangrijk om tijdens het vaststellen van de regionale afspraken alvast na te denken over waar het mis zou kunnen gaan. Tegenslagen in de uitvoering kunnen zich snel opstapelen, dus is het belangrijk om die risico’s vooraf te benoemen zodat er sneller op ingespeeld kan worden. Het rapport is op 19 september 2023 toegelicht tijdens een gecombineerde vergadering van de commissies Samenleving/Ruimte. Er is geen raadsbesluit genomen over de aanbevelingen.
30
jaarverslag 2023
31
jaarverslag 2023
6 6-1
Rekenkamer Capelle aan den IJssel
inleiding In 2023 heeft de Rekenkamer Capelle aan den IJsel twee onderzoeken gepubliceerd: ‘Tijden van transformatie’ en ‘Huizen in de regio’. In de volgende paragraaf zijn deze toegelicht. Daarnaast loopt er een onderzoek naar de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond. Verder is deelgenomen aan het landelijke DoeMee-onderzoek naar klachtbehandeling. Meer informatie over de lopende onderzoeken is te vinden in de onderzoeksprogrammering 2024. Naast de genoemde onderzoeken heeft de rekenkamer het rapport naar de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) toegelicht op een thema-avond op 31 januari 2023.
6-2
gepubliceerd onderzoek
6-2-1
Tijden van transformatie De Rekenkamer Capelle aan den IJssel publiceerde op 12 mei 2023 het rapport ‘Tijden van transformatie’. De rekenkamer onderzocht in hoeverre het woonbeleid van Capelle aan den IJssel heeft geleid tot een betere aansluiting tussen vraag naar woningen en aanbod van woningen. De rekenkamer concludeerde onder meer dat er in het Capelse woonbeleid onvoldoende consistentie, kwaliteit en volledigheid is in de manier waarop de gemeente vraag- en aanbodsegmenten definieert. Dit maakt het, ook voor de raad, moeilijk om de voortgang op beleidsdoelstellingen te monitoren. De woningvoorraadcijfers die de gemeente hanteert, zijn daarnaast onvoldoende bruikbaar om de sociale woningvoorraad (huur en koop) in kaart te brengen. Ook stelde de rekenkamer dat de gemeentelijke nieuwbouw- en transformatiemonitors niet duidelijk maken hoeveel woningen er per prijssegment zijn opgeleverd. Daarnaast heeft de gemeente haar (mogelijke) instrumentarium om te sturen op nieuwbouw en transformatie maar beperkt ingezet. De rekenkamer adviseerde het college van Burgemeester en Wethouders om bij de actualisatie van de nieuwe Woonvisie helder te definiëren welke doelgroepen en prijssegmenten van woningen de gemeente onderscheidt. Ook deed de rekenkamer de aanbeveling om in de nieuwe Woonvisie SMART-geformuleerde doelstellingen en planningen op te nemen.
Tot slot raadde de rekenkamer het college aan om de informatievoorziening van het college aan de raad over de vorming en de realisatie van het woonbeleid te verbeteren.
33
jaarverslag 2023
De rekenkamer gaf op 23 mei 2023 een toelichting aan de gemeenteraad op het rapport in de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer. De raad besloot op 5 juni 2023 om de drie aanbevelingen van de rekenkamer over te nemen. 6-2-2
Huizen in de regio In 2022 en 2023 publiceerde de rekenkamer een reeks van vijf onderzoeken naar het woonbeleid van de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Lansingerland en Rotterdam. De overheid en andere actoren op de woningmarkt staan de komende jaren voor een uitdaging om de crisis op de snel veranderende woningmarkt op te lossen. De rekenkamer achtte het daarom van belang om, in aanvulling op de afzonderlijke onderzoeken, een synthese-onderzoek te doen naar het woonbeleid in de regio Rotterdam. Regionaal wordt op het gebied van wonen samengewerkt binnen het Samenwerkingsverband Wonen Regio Rotterdam. Twaalf gemeenten maken onderdeel uit van dit samenwerkingsverband, waaronder de vijf onderzochte gemeenten. De rekenkamers van de overige gemeenten hebben bij de start van het ambtelijk wederhoor een vooraankondiging van het syntheserapport gekregen en uitnodiging om nader geïnformeerd te worden over de bevindingen. Van die uitnodiging is gebruik gemaakt door vertegenwoordigers van de rekenkamers van de gemeenten Schiedam, Nissewaard en Vlaardingen. De rekenkamer onderzocht in hoeverre de vijf gemeenten verschillen en overeenkomen wat betreft woonbeleid dat gericht is op het versterken van de aansluiting tussen vraag en aanbod. Ook werd de regionale samenwerking in het woonveld onderzocht.
Het rapport ‘Huizen in de regio’ werd op 29 augustus 2023 gepubliceerd. De rekenkamer concludeerde dat alle vijf de gemeenten grotendeels met dezelfde problemen kampen. Zij hebben onvoldoende inzicht in de vraag en het aanbod van woningen in de gemeente. Dit komt onder andere doordat een belangrijk deel van de cijfers die zij gebruiken om het woningaanbod inzichtelijk te maken onbetrouwbaar is. De rekenkamer stelde vast dat het woonbeleid van de onderzochte gemeenten op punten onvoldoende onderbouwd is en het vaak onduidelijk is of woondoelen worden bereikt. De rekenkamer concludeerde dat op regionaal niveau concrete afspraken worden gemaakt over de woningvoorraad, maar dat de doelstellingen niet altijd worden gehaald. Zo waren er op regionaal niveau ambities om de sociale voorraad te vergroten en beter te spreiden, maar deze werden te weinig omgezet in gemeentelijke actieplannen. Volgens de rekenkamer moet er daarom meer aandacht komen voor de wisselwerking tussen het lokale en regionale woonbeleid. Dat zou kunnen door een werkwijze te ontwikkelen voor het vertalen van regionale afspraken naar lokaal beleid. Daar zou bovendien de gemeenteraad actiever bij betrokken moeten worden. Ook is het volgens de rekenkamer belangrijk om tijdens het vaststellen van de regionale afspraken alvast na te denken over waar het mis zou kunnen gaan.
Tegenslagen in de uitvoering kunnen zich snel opstapelen, dus is het belangrijk om die risico’s vooraf te benoemen zodat er sneller op ingespeeld kan worden.
34
jaarverslag 2023
Het rapport is op 12 september 2023 toegelicht in de vergadering van de Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer. Tijdens de raadsbehandeling op 25 september 2023 heeft de gemeenteraad besloten om de aanbevelingen van de rekenkamer over te nemen. In navolging daarvan is op 27 november 2023 een plan van aanpak vastgesteld om uitvoering te geven aan de aanbevelingen.
35
jaarverslag 2023
7 7-1
Rekenkamer Krimpen aan den IJssel
inleiding In 2023 heeft de Rekenkamer Krimpen aan den IJsel het onderzoek ‘Verantwoorde afspraken’ gepubliceerd. In de volgende paragraaf is dit onderzoek toegelicht. Daarnaast loopt er een onderzoek naar de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond. Verder is deelgenomen aan het landelijke DoeMee-onderzoek naar klachtbehandeling. Meer informatie over de lopende onderzoeken is te vinden in de onderzoeksprogrammering 2024.
7-2
gepubliceerd onderzoek
7-2-1
Verantwoorde afspraken Op 23 mei 2023 publiceerde de rekenkamer het rapport ‘Verantwoorde afspraken’. De rekenkamer heeft onderzoek gedaan naar de kwaliteit van de prestatieafspraken met drie subsidie-ontvangende organisaties: het Streekmuseum Krimpenerwaard, Synerkri en Enver. Ook heeft de rekenkamer de door deze organisaties geleverde prestaties beoordeeld en onderzocht op welke wijze de gemeente de uitvoering bewaakt en hoe de gemeente handelt bij het eventueel niet nakomen van prestatieafspraken. Uit het onderzoek bleek onder meer dat de afspraken met de drie organisaties niet duidelijk genoeg waren uitgewerkt. Er waren in veel gevallen geen heldere afspraken over welke prestaties de organisaties precies zouden leveren en evenmin over hoe de organisaties aan het eind van het jaar verantwoording zouden afleggen. De rekenkamer raadt aan om in de toekomst heldere afspraken te maken over de prestaties die verwacht worden en welke gegevens de organisatie moet aanleveren. Een ander verbeterpunt betreft de accountantsverklaring. De gemeente eist al dat alle organisaties die € 50.000 of meer subsidie ontvangen, een accountantsverklaring bij hun jaarrekening voegen. Er bestaan echter meerdere soorten accountantsverklaringen en alleen een controleverklaring geeft zekerheid dat de gegevens uit de jaarrekening kloppen.
De laatste aanbeveling die de rekenkamer de gemeente meegeeft, gaat over het duidelijk vastleggen hoe organisaties om moeten gaan met klachten en incidenten, omdat deze van belang zijn voor de kwaliteit van de dienstverlening van dit soort organisaties. De rekenkamer heeft dit rapport toegelicht in een openbare sessie van de Beeldvormende Raadscommissie op 7 september 2023. In de raadsvergadering op 21 september 2023 besloot de raad alle aanbevelingen over te nemen.
37
jaarverslag 2023
8 8-1
Rekenkamer Lansingerland
inleiding In 2023 heeft de Rekenkamer Lansingerland het onderzoek ‘Huizen in de regio’ gepubliceerd. In de volgende paragraaf wordt het onderzoek toegelicht. Daarnaast loopt er een onderzoek naar de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond. Verder is deelgenomen aan het landelijke DoeMee-onderzoek naar klachtbehandeling. Meer informatie over de lopende onderzoeken is te vinden in de onderzoeksprogrammering 2024.
8-2 8-2-1
gepubliceerd onderzoek Huizen in de regio In 2022 en 2023 publiceerde de rekenkamer een reeks van vijf onderzoeken naar het woonbeleid van de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Lansingerland en Rotterdam. De overheid en andere actoren op de woningmarkt staan de komende jaren voor een uitdaging om de crisis op de snel veranderende woningmarkt op te lossen. De rekenkamer achtte het daarom van belang om, in aanvulling op de afzonderlijke onderzoeken, een synthese-onderzoek te doen naar het woonbeleid in de regio Rotterdam. Regionaal wordt op het gebied van wonen samengewerkt binnen het Samenwerkingsverband Wonen Regio Rotterdam. Twaalf gemeenten maken onderdeel uit van dit samenwerkingsverband, waaronder de vijf onderzochte gemeenten. De rekenkamers van de overige gemeenten hebben bij de start van het ambtelijk wederhoor een vooraankondiging van het syntheserapport gekregen en uitnodiging om nader geïnformeerd te worden over de bevindingen. Van die uitnodiging is gebruik gemaakt door vertegenwoordigers van de rekenkamers van de gemeenten Schiedam, Nissewaard en Vlaardingen. De rekenkamer onderzocht in hoeverre de vijf gemeenten verschillen en overeenkomen wat betreft woonbeleid dat gericht is op het versterken van de aansluiting tussen vraag en aanbod. Ook werd de regionale samenwerking in het woonveld onderzocht.
Het rapport ‘Huizen in de regio’ werd op 29 augustus 2023 gepubliceerd. De rekenkamer concludeerde dat alle vijf de gemeenten grotendeels met dezelfde problemen kampen. Zij hebben onvoldoende inzicht in de vraag en het aanbod van woningen in de gemeente. Dit komt onder andere doordat een belangrijk deel van de cijfers die zij gebruiken om het woningaanbod inzichtelijk te maken onbetrouwbaar is. De rekenkamer stelde vast dat het woonbeleid van de onderzochte gemeenten op
39
jaarverslag 2023
punten onvoldoende onderbouwd is en het vaak onduidelijk is of woondoelen worden bereikt. De rekenkamer concludeerde dat op regionaal niveau concrete afspraken worden gemaakt over de woningvoorraad, maar dat de doelstellingen niet altijd worden gehaald. Zo waren er op regionaal niveau ambities om de sociale voorraad te vergroten en beter te spreiden, maar deze werden te weinig omgezet in gemeentelijke actieplannen. Volgens de rekenkamer moet er daarom meer aandacht komen voor de wisselwerking tussen het lokale en regionale woonbeleid. Dat zou kunnen door een werkwijze te ontwikkelen voor het vertalen van regionale afspraken naar lokaal beleid. Daar zou bovendien de gemeenteraad actiever bij betrokken moeten worden. Ook is het volgens de rekenkamer belangrijk om tijdens het vaststellen van de regionale afspraken alvast na te denken over waar het mis zou kunnen gaan. Tegenslagen in de uitvoering kunnen zich snel opstapelen, dus is het belangrijk om die risico’s vooraf te benoemen zodat er sneller op ingespeeld kan worden. Het rapport is op 27 september 2023 toegelicht tijdens een beeldvormende avond van de Commissie Ruimte. Op 16 januari 2024 is het rapport behandeld in de Commissie Ruimte waarin is besloten dat het college wordt opgedragen uitvoering te geven aan de aanbevelingen uit het rapport.
40
jaarverslag 2023
9 9-1
overige publicaties en activiteiten
inleiding Naast de reguliere onderzoeken verricht de rekenkamer ook op incidentele basis activiteiten die in het verlengde liggen van het rekenkamerwerk of daar een ‘spin off’ van zijn. Het schrijven van artikelen is daar een voorbeeld van, evenals het geven van gastcolleges of externe presentaties.
9-2
externe optredens en andere publicaties De volgende presentaties en andere bijdragen werden door de rekenkamer in 2023 verzorgd: • gastcollege “Rol van de rekenkamer als onafhankelijk onderzoeksorgaan” voor bestuurskundestudenten Erasmus University, 14 april 2023. • artikel "Jongerenwerk en bottlenecks in jeugdhulp – Linda’s verhaal” op www.socialevraagstukken.nl, 20 april 2023. • bijdrage aan NVRR mini-symposium “Mensenwerk: gedrag in Rekenkameronderzoek, nut en noodzaak”, 22 juni 2023. • deelname paneldiscussie Audit- en evaluatorenfestival van de Algemene Rekenkamer, 14 september 2023. • cursusdeel “methoden van onderzoek” voor de Cursus Rekenkameronderzoek, Erasmus University, 1 november 2023. • werkbezoek studenten Bestuurs- en Organisatiewetenschap, Universiteit Utrecht, 19 oktober 2023. • lezing "ethiek bij data en modellen" voor het RIVM, 28 november 2023. Daarnaast is vermeldenswaardig dat de directeur van de rekenkamer op 9 juni 2023 ter gelegenheid van haar afscheid als hoogleraar risk governance aan de Universiteit Maastricht de rede “Wat is wetenschap?” heeft gehouden. Deze rede is terug te kijken op het YouTube-kanaal van de rekenkamer. Er is ook een artikel verschenen in ScienceGuide, waarin de rede grotendeels is opgenomen.
9-3
samenwerking andere rekenkamers G4 De Rekenkamer Rotterdam werkt in G4-verband samen met de rekenkamers van Amsterdam, Den Haag en Utrecht en met de Randstedelijke Rekenkamer. Naast bestuurlijk overleg vindt onderlinge kennisuitwisseling plaats. De kennisuitwisseling bestaat onder andere uit een intervisie-programma met collega’s van andere rekenkamers. De meeste onderzoekers en projectleiders nemen hieraan deel. Dit jaar heeft de rekenkamer Rotterdam bovendien naar aanleiding van haar 25-jarig bestaan een zogeheten G4-onderzoekersdag georganiseerd voor de onderzoekers, collegeleden en directeuren van deze rekenkamers (zie hieronder).
41
jaarverslag 2023
G4-onderzoekersdag Op 26 september 2023 vond de G4-onderzoekersdag plaats. Het thema van de dag was ‘doorwerking en impact’. De aanwezigen gingen over dit thema in gesprek aan de hand van lezingen van Marit Schouten (onderzoeker en docent bij het Impact Centre Erasmus) en van oud-politicus Jacques Wallage. De directeur van de Rekenkamer Rotterdam was dagvoorzitter en leidde het plenaire gesprek over impact in de praktijk van de vijf aanwezige rekenkamers. Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR) Ook in breder verband heeft de Rekenkamer Rotterdam contact met andere rekenkamers. De rekenkamer is lid van de Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR). 2 In 2023 namen medewerkers deel aan verschillende bijeenkomsten als webinars, werksessies, workshops en cursussen. Ook is het jaarcongres bezocht. De directeur neemt deel aan de algemene ledenvergadering. Daarnaast hebben de nieuwe voorzitter en de directeur van de NVRR een werkbezoek gebracht. detachering Algemene Rekenkamer De Algemene Rekenkamer (AR) is de grootste en oudste rekenkamer in Nederland, waar dus veel expertise en kennis is opgebouwd. De Rekenkamer Rotterdam vindt samenwerking met de AR daarom belangrijk. Via de NVRR wordt met de AR samengewerkt.
Daarnaast heeft de rekenkamer de optie van detachering verkend, omdat dat een goede manier is om kennis uit te wisselen en duurzame netwerken te bouwen. Met ingang van december 2023 is een senior-onderzoeker van de AR voor een jaar bij de Rekenkamer Rotterdam gedetacheerd.
9-4
overige samenwerking samenwerking binnen de gemeente Rotterdam Hoewel de rollen en de insteek van het onderzoek verschilt, raakt het type werk dat Onderzoek en Business Intelligence (OBI) en Concern Auditing (CA) doen aan het werk van de rekenkamer. In 2023 is de uitwisseling met zowel OBI als CA versterkt. Er is een kwartaaloverleg op bestuurlijk niveau. Ook is een gezamenlijke bijeenkomst georganiseerd voor de onderzoekers van CA en de rekenkamer om elkaar beter te leren kennen. Sinds oktober 2023 is een onderzoeker van OBI tijdelijk bij de rekenkamer gedetacheerd. Detachering blijkt een goede manier om uitwisseling te bevorderen en de ontwikkeling van onderzoekers te stimuleren. samenwerking met de Ombudsman De Ombudsman en de rekenkamer zijn beide instituten van de gemeenteraad, dus is het belangrijk dat daar waar relevant de Ombudsman en rekenkamer samenwerking en afstemming zoeken. Daartoe heeft net als in 2022 een bijeenkomst met alle medewerkers van beide instituten plaatsgevonden om elkaar beter te leren kennen. Een medewerker van de rekenkamer is tijdelijk gedetacheerd geweest bij de Ombudsman. In 2023 is in rekenkameronderzoeken vaker dan voorheen gebruik gemaakt van kennis en expertise van de Ombudsman.
2 Alle zes de rekenkamers zijn lid van de NVRR.
42
jaarverslag 2023
10 10-1
Wet versterking decentrale rekenkamers
inleiding Op 1 januari 2023 is de Wet versterking decentrale rekenkamers in werking getreden. Het doel van deze wet is de onafhankelijke positie van rekenkamers ter ondersteuning van de controlerende en kaderstellende rol van raden (en provinciale staten en algemene besturen van waterschappen) beter te waarborgen. De wet stelt eisen aan de inrichting van rekenkamers, vergroot de onderzoeksbevoegdheden en bevat extra waarborgen voor het proces van onderzoek en rapportage. Voor de Rekenkamer Rotterdam hebben de wijzigingen beperkte impact op de inrichting van de rekenkamer. Wel is het belangrijk te vermelden dat de rekenkamer op dit moment niet voldoet aan de verplichting uit de Gemeentewet dat indien de rekenkamer uit één lid bestaat, de raad een plaatsvervangend lid benoemt. 3 De Rekenkamer Rotterdam heeft één lid, de directeur van de Rekenkamer Rotterdam. De belangrijkste wijziging voor de rekenkamer is de uitbreiding van de bevoegdheden. De rekenkamer kan nu eerder onderzoek doen naar verbonden organisaties aan de gemeente (gesubsidieerde organisaties, inkooprelaties en organisaties waarin de gemeente een deelneming heeft). Met de invoering van de wet is het college verplicht jaarlijks te rapporteren over de opvolging en afdoening van aanbevelingen van de rekenkamer.
Het Rotterdamse college heeft de raad op 28 november 2023 geïnformeerd over de manier van rapporteren over de opvolging en afdoening van aanbevelingen van de rekenkamer. Daarmee geeft het college invulling aan de nieuwe wettelijke verplichting. Het rapportageformat is geïnspireerd op een voorstel hiertoe van de Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies. De rekenkamer heeft nog geen informatie ontvangen over hoe de colleges van de regiogemeenten invulling geven aan de rapportageverplichting.
10-2
Rotterdam - rapportage opvolging en afdoening aanbevelingen 2023 Op 27 februari 2024 heeft het Rotterdamse college de eerste rapportage aan de raad toegestuurd. Deze rapportage behandelt rapporten die na de inwerkingtreding van de wet zijn gepubliceerd en waarvan de aanbevelingen door de raad in 2023 zijn vastgesteld. Van de vier verschenen rapporten in 2023 geldt dit laatste voor één rapport: ‘Targets tellen’. Voor de andere in 2023 verschenen rapporten werd het raadsbesluit in 2024 genomen. De behandeling daarvan komt in de rapportage van volgend jaar aan de orde.
3 Art. 81c lid 3 van de gemeentewet. Dit artikel was al voor de inwerkingtreding van de Wet versterking decentrale rekenkamers van toepassing.
43
jaarverslag 2023
De opzet van de rapportage biedt vanuit het perspectief van de rekenkamer een bruikbaar format om de raad te informeren over de voortgang bij de opvolging van aanbevelingen. Het zorgt voor een compleet overzicht en biedt per aanbeveling op hoofdlijnen inzicht in de stand van zaken. Onderdeel van de werkwijze is dat de aanbevelingen in de collegerapportage blijven staan totdat deze naar het oordeel van de raad kunnen worden afgedaan. Hierdoor ontstaat naar de mening van de rekenkamer een sluitende systematiek waarmee navolgbaar wordt voor de gemeenteraad wat met rekenkameraanbevelingen is gebeurd. De rekenkamer zal de collegerapportage jaarlijks met interesse volgen. Aanvullend voert de rekenkamer ook jaarlijks een opvolgingsonderzoek uit voor verdere verdieping. De collegerapportage kan aanleiding zijn een opvolgingsonderzoek in te stellen.
44
jaarverslag 2023
11 11-1
organisatie
bedrijfsvoering stand van zaken verbetertrajecten In het najaar van 2022 bleek uit een bedrijfsvoeringscan dat de rekenkamer een inhaalslag had te maken op het gebied van bedrijfsvoering. In het eerste kwartaal van 2023 is daarom een kwartiermaker bedrijfsvoering aangesteld die verantwoordelijk is voor het leiden van verschillende verbetertrajecten. Tabel 11-1 geeft een overzicht van de trajecten en de status.
tabel 11-1: verbetertrajecten verbetertraject