CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

70. Raadsinformatiebrief 2022 455501 evaluatie minimabeleid en schuldhulpverlening Albrandswaard 2021.pdf

Gemeenteraad AW 3 oktober 2022, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 8: Ingekomen stukken17.898 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeenteraad van Albrandswaard p/a de griffie

Uw brief van: Uw kenmerk: Bijlage(n);

Ons kenmerk: Contact: 4

455501 Mw. S. Zock Mw. A. van der Plaat Doorkiesnummer: +31180451569 E-mailadres: a.v.d.plaat@bar-organisatie.nl Datum: 13 september 2022

Betreft: Evaluatie minimabeleid en schuldhulpverlening 2021 Geachte raadsleden, INLEIDING Hierbij ontvangt u de Evaluatie Minimabeleid en Schuldhulpverlening 2021. Deze evaluatie geeft weer wat er bereikt is in 2021 op deze onderwerpen. Via deze brief willen wij u hierover informeren. KERNBOODSCHAP

In de bijgevoegde rapporten kunt u de resultaten en bijzonderheden van het jaar 2021 lezen op het gebied van minimabeleid en schuldhulpverlening. Het aantal hulpvragen bleef uit, het aantal hulpvragen over problematische schulden bleef nagenoeg gelijk. Toelichting Het jaar 2021 is net als 2020 een bijzonder jaar geweest waarin de gevolgen van corona een belangrijk rol spelen. Naast het uitvoeren van diverse tijdelijke regelingen voor zelfstandigen (Tozo) en voor de vaste lasten (Tonk), was het goed merkbaar dat sociale activiteiten zeer beperkt waren. De tijdelijke regelingen die veel ondernemers hebben gesteund waren blijkbaar toereikend. Winkels waren soms dicht, sportclubs en scholen waren tijdelijk dicht en zwemlessen werden uitgesteld. De gevolgen zijn zichtbaar in de regeling Meedoen, het gebruik was zeer laag. Het contact met de inwoners moest veel digitaal of telefonisch plaatsvinden. De verwachting dat het aantal hulpvragen zou stijgen, is uitgebleven. Desondanks was 2021 een onrustig jaar waarbij de gevolgen van de kinderopvangtoeslagaffaire in volle omvang zichtbaar waren. De minimaregelingen zijn coulant toegepast daar waar het nodig was. Vanuit schuldhulpverlening hebben we voor de gedupeerden schulden gesaneerd waarna regelingen worden afgesloten.

CONSEQUENTIES Ook al was 2021 een jaar met lage uitgaven op het minimabeleid en geen substantiële toename van problematische schulden, de verwachting blijft dat er een groep inwoners met problemen gaat komen als alle steunmaatregelingen stoppen en achterstallige vorderingen weer geïnd gaan worden. Ook verwachten we door alle prijsstijgingen, dat een steeds grotere groep in de financiële problemen gaan komen.

Stationsstraat 4 - 3161KP te Rhoon - Postbus 1000 - 3160 GA Rhoon - T (010) 506 11 11 - E info@albrandswaard.nl

VERVOLG In bijgaande rapporten kunt u informatie lezen over het bereik van de verschillende onderdelen van het minimabeleid en informatie over de uitvoering van de gemeentelijke schuldhulpverlening. BIJLAGEN - RESULTAAT SCHULDHULPVERLENING 2021 - INKOMENSEFFECTRAPPORTAGE 2022 - DUIDINGSRAPPORT DASHBOARD ARMOEDEMONITOR - EVALUATIE MINIMABELEID 2021

Met vriendelijke groet, het college van de gemeente Albrandswaard, de locosecretaris, de burgemeester,

Dick Mol

drs. Jolanda de Witte

Resultaat schuldhulpverlening 2021 Inleiding Voor u ligt het resultaat schuldhulpverlening over het jaar 2021. We gaan in op preventie, vroegsignalering en de curatieve schuldhulpverlening. De taken aannemen en behandelen van aanmeldingen, het voeren van screeninggesprekken, het doorverwijzen naar partners, waaronder PLANgroep voor het vervolgtraject, worden in eigen beheer uitgevoerd. PLANgroep voert de toeleiding naar het minnelijke en wettelijke schuldhulpverleningstraject uit en staat onder curatieve schuldhulpverlening. Het jaarverslag van Plangroep maakt dan ook deel uit van dit document en is hierin volledig geïntegreerd, zie vanaf ‘factsheet’. Dit omdat de uitvoering voor rekening en onder verantwoording van de gemeente valt. In 2020 kregen we door de Coronacrisis te maken met een andere werkelijkheid. Het bedrijfsleven kwam in het begin stil te liggen door de lockdown en sommige inwoners kregen te maken met een andere financiële werkelijkheid door minder inkomen of verlies van werk. Anderen profiteerden juist weer van de nieuw ontstane werkgelegenheid. In juli 2020 heeft de NVVK een brief gestuurd naar de Gemeenteraad en het College van Burgemeester en wethouders en daarin de verwachting uitgesproken dat gemeenten te maken konden krijgen met een stijging van 30% op het gebied van de vroegsignalering en curatieve schuldhulpverlening.

Deze verwachting is niet uitgekomen. In 2021 zijn we geconfronteerd met hogere olie- en gasprijzen. We verwachten dat steeds meer inwoners in de problemen raken met het betalen van de vaste lasten door deze stijgingen. Hierdoor is te verwachten dat meer inwoners een beroep gaan doen op de schuldhulpverlening.

Preventie In 2021 hebben wij de volgende preventie-activiteiten uitgevoerd: Collectieve zorgverzekering (zorgpolis minima) Inwoners met een inkomen tot 130% van de bijstandsnorm kunnen gebruik maken van de collectieve zorgverzekering. Hiermee kunnen zij voorkomen, dat zij door (hoge) zorgkosten in financiële problemen zullen komen. Het gebruik is gelijk gebleven, namelijk 32%. Samenwerken met partners We werken veel samen met partners op het gebied van schulddienstverlening. De financieel maatjes van Vraagwijzer bieden ondersteuning bij het structureren en organiseren van de financiële situatie van de inwoner.

Vroegsignalering Melding Als een inwoner een betalingsachterstand heeft van ten minste twee maanden, ontvangt de gemeente een melding. Hiertoe zijn afspraken gemaakt met derden zoals de woningcorporatie, de energieleverancier, het waterbedrijf en ziektekostenverzekeraar. Deze melding is op te vatten als vroegsignalering. De inwoner ontvangt van het betreffende bedrijf een brief over de mogelijkheden van schuldhulpverlening door de gemeente, terwijl de gemeente zelf ook schriftelijk contact opneemt met de inwoner. 1 Resultaat schuldhulpverlening 2021 Albrandswaard

In 2021 hebben we geïnvesteerd in de vroegsignalering, dat 1e kwartaal 2022 wordt geïmplementeerd. Meldingen Door woningcorporatie Door energieleverancier Door waterleverancier Door zorgverzekeraar Totaal

2021 1 76 2 13 92

2020 5 103 0 22 130

2019 13 165 14 32 224

2018 7 123 14 28 172

2017 19 106 0 34 159

2016 31 93 76 0 200

Curatieve schuldhulpverlening Aanmelding Inwoners krijgen toegang tot de schulddienstverlening door zich aan te melden bij de gemeente. Bij deze aanmelding wordt de inwoner geïnformeerd over het verdere proces en wordt hem meegedeeld welke zaken hij op orde moet hebben voor de screening. Het aantal aanmeldingen is van 54 licht gedaald naar 52 in 2021. Binnen 4 weken na de aanmelding volgt een screening. In deze screening wordt de hulpvraag en de mogelijke dienstverlening in kaart gebracht. Dit kan betekenen dat de inwoner een advies krijgt hoe hij het probleem zelf kan oplossen of wordt hij doorverwezen naar een maatschappelijke partner. Hiermee is de inwoner niet toegelaten tot de schulddienstverlening in de zin van de Wgs, maar hij krijgt wel alle hulp en ondersteuning die hem in het kader van het gemeentelijke beleid kan worden geboden. Wanneer de inwoner niet zelf in staat is om zijn problemen op te lossen, volgt een doorgeleiding naar de schuldregeling. Er volgt dan een intakegesprek met de uitvoerder, PLANgroep. Op basis van dit intakegesprek wordt de inwoner wel of niet toegelaten tot de schulddienstverlening in de zin van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs). Deze toelating vindt plaats binnen 8 weken na vaststelling van de hulpvraag conform de Verordening beslistermijn schuldhulpverlening gemeente Albrandswaard 2021.

Ondernemers en schulden Wij hebben een overeenkomst gesloten met gemeente Rotterdam over de dienstverlening aan ondernemers die ondersteuning nodig hebben op het gebied van hun financiële situatie. Gemeente Rotterdam maakt daarbij gebruik van Zuidweg & Partners, een specialist op het gebied van schuldhulpverlening aan ondernemers.

2 Resultaat schuldhulpverlening 2021 Albrandswaard

Factsheet 2021

3 Resultaat schuldhulpverlening 2021 Albrandswaard

Afgeronde dienstverlening Dossiers op 1-1-2021 Dossiers op 31-12-2022 Aanmelding Crisisinterventie, waarvan geslaagd Eenmalig advies Moratorium, waarvan toegekend Intake Stabilisatie* 100% regeling Schuldbemiddeling, waarvan geslaagd Heronderzoeken Dwangakkoord, waarvan toegekend WSNP, waarvan toegekend Nazorg Nieuwe dossiers Budgetbeheer Klachten

70 71 26 6 (5 geslaagd) 0 2 (2 toegekend) 25 13 0 14 (10 geslaagd) 33 1 (1 toegekend) 2 (1 toegekend, 1 ingetrokken) 9 11 2

Beschikkingen en doorlooptijden Wgs Met het van kracht worden van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening ontvangt iedere cliënt een beschikking waarin staat of ze wel of niet worden toegelaten tot schuldhulpverlening inclusief de aangeboden dienstverlening. In totaal zijn er 25 toelatingsbeschikkingen afgegeven. Beschikkingen instroom in 2021 Toelatingsbeschikking Afwijzingsbeschikking Totaal

25 0 25

Daarnaast zijn 17 inwoners met een beschikking uit het proces gekomen. Het gaat om 15 positieve beëindigingsbeschikkingen en 2 negatieve beëindigingsbeschikkingen. Beschikkingen uitstroom 2021 Positieve beëindigingsbeschikking Negatieve beëindigingsbeschikking Totaal

15 2 17

De dienstverlening die wij voor uw gemeente hebben uitgevoerd heeft plaatsgevonden binnen de wettelijk gestelde termijnen vanuit de Wet Gemeentelijke schuldhulpverlening (WGS).

4 Resultaat schuldhulpverlening 2021 Albrandswaard

Aanmelding De aanmelding verloopt via de klantmanager schuldhulpverlening. Van de 52 inwoners die zich hebben gemeld bij de gemeente, zijn er 26 doorverwezen naar PLANgroep. Crisisinterventie Bij een crisis zoals huisuitzetting of afsluiting van gas en/of elektriciteit, bieden wij de cliënt binnen 24 uur crisisinterventie aan. PLANgroep gaat dan meteen aan de slag om de acute crisis op te lossen. Met het wettelijke moratorium kunnen we een huisuitzetting of afsluiting van water, gas en elektriciteit voorkomen. Ook maken wij gebruik van landelijke convenanten om een crisis af te wenden. Project specifieke afspraken met plaatselijke bedrijven zijn daarnaast van groot belang. Na de interventie starten we zo snel mogelijk met een stabilisatietraject en/of schuldsanering. Aanvraag moratorium Met het moratorium kunnen schuldhulpverleners woningbouwcorporaties, energiemaatschappijen en zorgverzekeraars dwingen om hun invorderingsmaatregelen een half jaar op te schorten. Doel is dat de schuldhulpverlener de tijd krijgt om daadwerkelijk de schulden te regelen. Het moratorium wordt alleen gegeven indien er sprake is van een dreigende situatie. Het moratorium is gericht op het bereiken van een soort adempauze. De schuldhulpverlener krijgt zo voldoende tijd om een minnelijk traject op te zetten of te vervolgen zónder dat hij hierbij gehinderd wordt door schuldeisers.

Eenmalig advies We kunnen de hulpvraag van de cliënt oplossen met één of enkele adviesgesprekken. De hulpvraag en ons advies leggen we vast in een korte rapportage. Intake In deze fase verhelderen wij de hulpvraag en beoordelen we welke producten we moeten inzetten. Na aanmelding houdt de schuldhulpverlener een intakegesprek met de cliënt. We verzamelen alle financiële gegevens (inkomsten, uitgaven en schulden) en berekenen het vrij te laten bedrag (VTLB) voor de cliënt en de aflossingscapaciteit. Het VTLB is het volgens de NVVK-norm berekende bedrag dat de schuldenaar minimaal nodig heeft voor levensonderhoud en vaste lasten. De aflossingscapaciteit is al het inkomen boven het VTLB. Vervolgens bepalen we of er sprake is van een problematische schuldsituatie. Daarna stellen we een plan van aanpak op. Dit plan bespreken we samen met de cliënt(en). Stabilisatie Het doel van stabilisatie is het in evenwicht brengen en houden van inkomsten en uitgaven van de klant. Daarnaast willen we rust te creëren voor de klant, zodat ingezet kan worden op gedragsverandering. Het is van belang dat de klant in deze fase “schuldregelingsrijp’’ wordt gemaakt en dat belemmerende factoren voor een minnelijke schuldregeling zijn weggenomen. Inkomensreparatie De schuldhulpverlener checkt samen met de klant of hij gebruikmaakt van alle overige voorliggende voorzieningen.

Met deze extra middelen heeft de klant meer afloscapaciteit bij een schuldregeling, waardoor de slagingskans toeneemt. Het treffen van een betalingsregeling Indien de klant nog niet saneringsrijp is, treft PLANgroep indien nodig een betalingsregeling met één of meerdere schuldeisers eventueel in combinatie met budgetbeheer. 5 Resultaat schuldhulpverlening 2021 Albrandswaard

100% betalingsregeling Indien schuldenaren voldoende draagkracht hebben om de volledige schuld binnen 5 jaar terug te betalen, treffen we voor de schuldenaar een 100% betalingsregeling met de schuldeisers. PLANgroep ziet er tijdens de looptijd op toe dat de schuldenaar zijn verplichtingen nakomt binnen de gestelde termijn. Schuldregeling We starten alleen met een schuldregeling als er sprake is van een problematische schuldsituatie. Zodra alle schulden bekend zijn, proberen we een minnelijke regeling tot stand te brengen. Hiervoor leggen we eerst schriftelijke contacten met de schuldeisers. Daarin verzoeken we schuldeisers om verdere invorderingsmaatregelen en renteberekening te stoppen. Daarnaast vragen we ze de hoogte van het saldo schriftelijk aan PLANgroep door te geven. Vervolgens doet de schuldhulpverlener een betalingsvoorstel aan alle schuldeisers voor terugbetaling van een deel van de schuld. Een minnelijke schuldregeling lukt alleen als alle schuldeisers akkoord gaan met het betalingsvoorstel. Als dat gebeurt dan komt de minnelijke schuldregeling tot stand. Aanvraag dwangakkoord Het dwangakkoord geeft de schuldhulpverlener de mogelijkheid om weigerachtige schuldeisers te dwingen om mee te werken aan een minnelijke regeling. Dit gebeurt tijdens een kort geding.

Met een dwangakkoord voorkom je dat schuldenaren in de WSNP terechtkomen omdat een of meerdere weigerachtige schuldeisers niet willen instemmen met een minnelijke regeling. (Budget)begeleiding en budgetbeheer De cliënt heeft vaak advies nodig en begeleiding bij het voeren van een financieel gezond huishouden. Een belangrijk hulpmiddel daarbij is budgetbeheer. Cliënten machtigen in dit geval PLANgroep om hun inkomen te ontvangen. Vervolgens voldoet PLANgroep alle betalingen die zijn opgenomen in het budgetplan. PLANgroep opent hiervoor een speciale rekening op naam van de cliënt. Het belangrijkste doel van (budget)begeleiding is bevordering van de zelfredzaamheid van de klant. (Budget)begeleiding en budgetbeheer worden steeds belangrijker tijdens een schuldregeling. Door deze producten in te zetten, stabiliseren we de situatie van de cliënt en creëren we rust en orde. Daarnaast geven budgetbegeleiding en budgetbeheer de schuldeisers meer zekerheid om het meest haalbare bedrag daadwerkelijk te ontvangen. Dit alles vergroot de slagingskans van een minnelijke regeling. Bijkomend en doelmatig effect is dat het de kans op het maken van nieuwe schulden minimaliseert. Deelname naar budgetbeheerpakket Aantal 2021 Pakket 1 0 Pakket 2 4 Pakket 3 23 Pakket financieel 18 beheer Totaal 45

Aantal 2020 0 9 34 15

Aantal 2019 0 9 35 15

58

59

1) Pakket 1 is de lichtste vorm en omvat het doorbetalen van de vaste lasten. Het restant van het inkomen wordt in zijn geheel overgemaakt naar de inwoner. 2) Bij pakket 2 worden ook andere rekeningen betaald en er wordt een reserve aangelegd, waarna het restant in zijn geheel naar de inwoner wordt overgemaakt. 3) Bij pakket 3 verlopen praktisch alle financiële handelingen via het budgetbeheer. De inwoner krijgt wekelijks leefgeld uitgekeerd. 6 Resultaat schuldhulpverlening 2021 Albrandswaard

4) Financieel beheer is een uiterst lichte vorm van beheer en is vooral bedoeld om te worden ingezet in combinatie met een minnelijke schuldregeling. Heronderzoek Dit houdt in dat de minnelijke regeling is geslaagd en de cliënt elk jaar een oproep ontvangt voor een hercontrolegesprek. Daarna ontvangen de schuldeisers de uitbetaling. De heronderzoeken vinden plaats aan het einde van het eerste, tweede en derde jaar. Vanuit de begeleidingstaak roepen we deze cliënten vaker op. Tijdens een heronderzoek maken we een herberekening van het VTLB. Tevens controleren we of de cliënt zich aan de schuldregeling heeft gehouden. Wanneer een schuldregeling na het derde jaar positief is afgesloten, krijgt de schuldenaar kwijtschelding van het restant van de vordering. Aanvragen voorlopige voorziening De voorlopige voorziening is bedoeld om tijdens de behandeling van de aanvraag WSNP een crisis te voorkomen. Dit geldt bijvoorbeeld voor een acuut dreigende huisuitzetting, afsluiting van nutsvoorzieningen, openbare verkoop van de inventaris of faillissement. Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) WSNP staat voor ‘Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen’. Een beroep op de WSNP kan als blijkt dat het minnelijke traject niet mogelijk is. Via deze weg wordt er toch nog een oplossing gevonden voor de schuldenproblematiek van de cliënt. Het wettelijke traject is echter wel een zwaar traject.

Om deze reden kiezen we er steeds vaker voor om het budgetbeheer tijdelijk door te laten lopen en een vinger aan de pols te houden. Duurzame financiële dienstverlening Het doel van Duurzame Financiële Dienstverlening (DFD) is het in evenwicht brengen en houden van inkomsten en uitgaven van de schuldenaar, waarbij is vastgesteld dat het bestaande schuldprobleem nog niet duurzaam opgelost kan worden. DFD is erop gericht om de maatschappelijke positie van de schuldenaar niet te laten verslechteren. De schuldhulpverlener draagt hieraan bij door voor een financiële basis te zorgen. Nazorg Na afronding van het zware curatieve traject is het belangrijk om recidive te voorkomen. De cliënt krijgt in veel gevallen weer het beheer van zijn eigen financiën. Daarnaast is het aannemelijk dat er meer financiële ruimte is in zijn budget. Om te zorgen dat de klant na schuldsanering zelfstandig zijn financiën op orde kan houden, toetsen we tijdens een of meerdere gesprekken of de gedragsverandering ook blijvend is.

De gesprekken (maximaal vier) bevatten onder andere de volgende onderwerpen: • Hoe is de regeling verlopen? • Hoe gaat het na de regeling met het budget? • Zijn er nieuwe schulden ontstaan? • Is het gedrag veranderd? • Is er meer inzicht verkregen in het budget? • Zijn er veranderende omstandigheden binnen het gezin? • Is ondersteuning nodig bij bijvoorbeeld het opnieuw aanvragen van toeslagen etc.? • Hoe verloopt het contact met de WSNP bewindvoerder?

7 Resultaat schuldhulpverlening 2021 Albrandswaard

EVALUATIE MINIMABELEID GEMEENTE ALBRANDSWAARD

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Inkomens Effect Rapportage gemeente Albrandswaard 2022 Een onderzoek naar de effecten van het armoedebeleid op de inkomenspositie van minimahuishoudens

Cofon Colofon Opdrachtgever Gemeente Gemeentenaam Opdrachtgever Datum Gemeente Albrandswaard November 2021 Datum Auteurs April 2022 Michelle Ellens AuteursVonk Reimer Michelle Ellens Grafische ondersteuning Jitske van der Wijk Sophie Trip Senne de Groot KWIZ Stavangerweg 23 - 5 9723 JC Groningen 050 - 5252473 contact@kwiz.nl Uitgave Deze publicatie is een uitgave van KWIZ.B.V.. Het overnemen Het overnemen van cijfers van cijfers en/ ofen/ teksten of teksten is is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld. Niets uit deze publicatie mag worden verveelvoudigd en/ of openbaar gemaakt worden in welke vorm dan ook zonder voorafgaande toestemming van KWIZ B.V.. 1

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Inhoudsopgave Inleiding ......................................................................................................................................... 2 1. Onderzoeksmethodiek .............................................................................................................. 3 1.1. Huishoudens en inkomensgrenzen .................................................................................... 3 1.2. Inkomsten landelijk regelingen ........................................................................................... 3 1.3. Gemeentelijke minimaregelingen ....................................................................................... 4 1.4. Uitgaven .............................................................................................................................. 4 1.5. Vrije bestedingen ................................................................................................................ 5 1.6. Aannames ........................................................................................................................... 5 1.7. Tegemoetkoming in de energiekosten ............................................................................... 6 2. De inkomenseffecten................................................................................................................. 7 2.1.

Het effect van het landelijk beleid is groter dan het gemeentelijk beleid ............................ 7 2.2. Opbouw maandelijkse gemeentelijke bijdrage per huishoudtype ...................................... 8 2.3. Het maandelijks vrij te besteden budget verschilt per huishoudtype ................................ 11 2.4. Meer werken vanuit de bijstand loont niet altijd voor ieder huishoudtype ........................ 15 3. Bevindingen ............................................................................................................................. 20 Bijlage 1. Overzicht minimaregelingen ........................................................................................ 22 Bijlage 2. Opbouw totaal inkomen 100 tot 140% Wsm ............................................................... 23 Bijlage 3. Financieel maandoverzicht .......................................................................................... 25

1

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Inleiding De gemeente Albrandswaard heeft een breed pakket aan gemeentelijke minimaregelingen en is benieuwd naar het effect van deze regelingen op de inkomens van minimahuishoudens. Tevens is de gemeente ook geïnteresseerd in de effecten van de gemeentelijke en de landelijke regelingen tezamen op de inkomens. Dit vanuit de visie dat werken moet lonen. Het minimabeleid is voor gemeenten voortdurend een relevant beleidsthema. Gezien de hoge vaste lasten en met name de hoge energieprijzen is het thema zeer actueel. De centrale onderzoeksvraag luidt: wat zijn de effecten van het landelijke en lokale beleid op de inkomens van de minima en in welke situatie(s) treedt er een armoedeval op? De Inkomenseffect Rapportage biedt inzicht in de actuele financiële positie van minimahuishoudens en in de mate waarin het huidige (lokale) beleid een bijdrage daaraan levert. De resultaten geven de gemeente daarnaast de mogelijkheid om te anticiperen.

De centrale onderzoeksvraag valt uiteen in de volgende deelvragen:  Hoe hoog is de maximale bijdrage van de gemeente en van het Rijk voor minimahuishoudens?  Hoeveel geld houden minimahuishoudens per maand over (of komen zij tekort) voor het doen van vrije bestedingen?  Wat is het financiële effect van inkomensverhoging door vanuit de bijstand aan het werk te gaan: is er sprake van een armoedeval? Opzet van het onderzoek We berekenen voor zes verschillende huishoudtypen met vijf verschillende inkomensniveaus ten opzichte van het Wettelijk sociaal minimum de effecten van het wegvallen van gemeentelijke regelingen en dalen van landelijke toeslagen bij een stijgend inkomen, oftewel de inkomenseffecten. Daarvoor is per huishoudtype een overzicht van de inkomsten en uitgaven per maand. Met behulp van landelijke inkomensnormen, landelijke toeslagen en informatie over gemeentelijke regelingen is per huishoudtype de inkomsten bepaald. De gemeentelijke regelingen worden hiervoor omgezet in een maandbedrag. Voor de vaste uitgaven gaan wij uit van cijfers en normen van het Nibud1 Voor de andere uitgaven is waar mogelijk gebruikgemaakt van lokale tarieven (zoals huur en waterschapsbelasting). Beleidswijzigingen ten opzichte van 2021 De sterk stijgende energieprijzen hebben het Rijk doen besluiten om een eenmalige energietoeslag uit te keren.

In de gemeente Albrandswaard is deze toeslag aan te vragen door inwoners met een inkomen tot en met 120 procent Wsm. Het gaat om een bedrag van € 800 per huishouden. Leeswijzer In hoofdstuk 1 wordt de onderzoeksmethodiek nader toegelicht. Vervolgens worden in hoofdstuk 2 de inkomenseffecten van zowel de landelijke als de lokale inkomensondersteunende regelingen beschreven. In hoofdstuk 3 benoemen we de belangrijkste bevindingen. In bijlage 1 staat een overzicht met de minimaregelingen in de gemeente Albrandswaard en de daar bijbehorende voorwaarden en bedragen. In bijlage 2 staat per huishoudtype de opbouw van het totale inkomen bij een inkomensniveau tussen de 100 en 140 procent Wsm. In de laatste bijlage, bijlage 3, staat het financieel maandoverzicht per huishoudtype weergegeven.

1 Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) is een onafhankelijke stichting die informeert en

adviseert over financiën van huishoudens.

2

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

1. Onderzoeksmethodiek In dit hoofdstuk geven we een overzicht van de verschillende inkomsten en uitgaven die worden onderscheiden voor de Inkomens Effectrapportage.

1.1. Huishoudens en inkomensgrenzen We berekenen de inkomenseffecten van het lokale en landelijke beleid in 2022 voor de volgende 6 huishoudtypen: Niet AOW-gerechtigden:  alleenstaande;  paar zonder kinderen;  alleenstaande ouder met twee kinderen (8 en 13 jaar)  paar (twee volwassenen) met twee kinderen (8 en 13 jaar). AOW-gerechtigden:  alleenstaande;  paar (twee volwassenen. We brengen de inkomenseffecten in beeld voor huishoudens met inkomens van 100, 110, 120, 130 en 140 procent Wsm. Daarnaast berekenen we de inkomenseffecten voor huishoudens die al langer dan drie jaar een inkomen van 100 procent Wsm hebben (langdurige minima).

1.2. Inkomsten landelijk regelingen Het inkomen van is opgebouwd uit het netto-inkomen en diverse toeslagen van het Rijk. Specifiek gaat het om de volgende categorieën:  

netto-inkomen inclusief vakantietoeslag; bijdrage Rijk: o huurtoeslag; o zorgtoeslag o kinderbijslag; o kindgebonden budget; o combinatiekorting; gemeentelijke minimaregelingen.

3

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

1.3. Gemeentelijke minimaregelingen In de onderstaande tabel volgt een overzicht van de gemeentelijke minimaregelingen in 2022. Tabel 1.3.1 Gemeentelijke minimaregelingen in Gemeentenaam Regeling Inkomensgrens Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Tot 100% Wsm Collectieve zorgverzekering Tot 130% Wsm Individuele inkomenstoeslag Minimaal 3 jaar tot 120% Wsm Meedoen: volwassenen Tot 120% Wsm Meedoen: Kindpakket Tot 120% Wsm Meedoen: Schoolkosten Tot 120% Wsm Gratis openbaar vervoer voor AOW-gerechtigden Tot 120% Wsm Tegemoetkoming Eigen Risico Zorgkosten Tot 120% Wsm Tegemoetkoming Energiekosten Tot 120% Wsm Niet meegenomen in de berekening Bijzondere bijstand Tot 120% Wsm Individuele Studietoeslag Alleen WSF Bijzondere bijstand is, met uitzondering van de (gedeeltelijke) vergoeding van het eigen risico, niet meegenomen in de berekeningen, omdat deze vorm van bijstand wordt verstrekt voor noodzakelijke onvermijdbare individuele uitgaven en dit niet maandelijks bij iedereen voorkomt. Het is dus geen structureel maandelijks inkomen. Daarnaast wordt ook de studietoeslag buiten beschouwing gelaten. Deze regeling kent een specifieke doelgroep; namelijk studenten met een lichamelijke of psychische beperking, waarbij het niet mogelijk is dat zij naast hun studie werken. In deze inkomens effectrapportage is geen huishouden opgenomen waarbij deze regeling van toepassing is.

1.4. Uitgaven De uitgaven zijn gecategoriseerd naar:  vaste lasten. Dit zijn uitgaven die regelmatig terugkomen. Voorbeelden zijn huur, energiekosten2 en verzekeringen;  reserveringsuitgaven. Dit zijn uitgaven die niet regelmatig voorkomen en waarvan de hoogte vooraf niet bekend is. Er moet in principe een bedrag voor gereserveerd worden. Voorbeelden zijn kosten voor inventaris, kleding en het eigen risico voor de zorgverzekering;  huishoudelijke uitgaven. Dit zijn terugkerende uitgaven aan voeding, persoonlijke verzorging en dergelijke;  werkgelerateerde uitgaven. Dit zijn uitgaven die gemaakt worden als een persoon werkt. Voorbeelden zijn de kosten van woon-werkverkeer en werkkleding. Voor de uitgaven is waar mogelijk uitgegaan van lokale tarieven. Voorbeelden hiervan zijn de huur en lokale heffingen. De andere bedragen zijn gebaseerd op landelijke berekeningen van het Nibud. De normbedragen staan per huishoudtype in het financieel maandoverzicht in bijlage 3. We benadrukken dat het bij alle posten gaat om de basale uitgaven en dat de normbedragen gemiddelden betreffen. Het is mogelijk dat een huishouden maandelijks minder uitgeeft dan de normbedragen waarmee in deze rapportage wordt gerekend, bijvoorbeeld omdat het huishouden minder geld per maand reserveert voor onregelmatige uitgaven.

2 De kosten voor water zijn gebaseerd op de tarieven van Evides. Gegevens over het gemiddelde gebruik

per huishoudtype zijn afkomstig van het Nibud (water). Voor verbruik en tarief van gas en elektriciteit verwijzen wij u naar paragraaf 1.7 op de volgende pagina.

4

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

1.5. Vrije bestedingen Het budget dat overblijft is vrij besteedbaar en kan worden uitgegeven aan sociale en recreatieve activiteiten. Dit zijn bijvoorbeeld kosten voor een bezoekje aan het zwembad, op bezoek gaan bij vrienden/familie of familie en vrienden ontvangen. Maar ook op vakantie gaan valt hieronder. Voor deze vrije bestedingen hanteert het Nibud per huishoudtype eveneens een normbedrag, dat is terug te vinden in de begrotingen in bijlage 3.

1.6. Aannames Voor de inkomsten en uitgaven doen we de volgende aannames:  de huishoudens maken van alle regelingen gebruik en ontvangen daarvoor het maximale bedrag;  het vermogen van de huishoudens ligt binnen de grenzen van de Participatiewet. Daarom gaan we er ook vanuit dat iedereen in een huurwoning woont en niet in een koopwoning omdat een koopwoning tot een te hoog vermogen zou kunnen leiden om gebruik te mogen maken van de voorzieningen vanuit de Participatiewet. We gaan uit van € 588 kale huur per maand voor een alleenstaande en € 630 kale huur per maand voor een meerpersoonshuishouden. Deze bedragen zijn gebaseerd op huurtoeslaggegevens van de Rijksoverheid over de gemeente Albrandswaard3;  alleenstaande ouders met een inkomen gelijk aan de bijstandsnorm werken niet of zitten in een traject waarbij de kinderopvang wordt vergoed. Alleenstaande ouders met een inkomen boven de bijstandsnorm hebben voor hun jongste kind te minste 40 uur buitenschoolse opvang per maand nodig tegen een tarief van € 8,62 (gemiddelde uurprijs in 2022);  bij een paar met twee kinderen en een inkomen hoger dan 100 procent Wsm werkt slechts één van beide partners. Anders is het huishoudinkomen hoger. Daarom gaan we er vanuit dat deze huishoudens geen kinderopvang nodig hebben omdat één van beide partners thuis is voor de kinderen.

Dit is eveneens waarom een paar met kinderen geen combinatiekorting krijgt bij werkaanvaarding;  de gemeente Albrandswaard biedt twee collectieve zorgverzekeringen aan: CZ en DSW. De meeste mensen sluiten een collectieve zorgverzekering af via CZ met een aanvullende verzekering. Deze premie (Zorg-op-maatpolis met aanvullende verzekering ‘Gemeenten Extra’) wordt daarom doorgerekend in deze rapportage 4;  de gemeente Albrandswaard biedt een tegemoetkoming voor het eigen risico aan van maximaal € 200 per jaar. De aanname gedaan dat minima (minstens) € 200 aan zorgkosten maken die uit hun eigen risico betaald moeten worden – deze krijgen ze dan vergoed van de gemeente. Zorgkosten zijn sterk afhankelijk van de individuele situatie en behoefte; we gaan uit van dit bedrag om de effecten van de regeling door te kunnen rekenen.  huishoudens die (op basis van hun inkomen) geen gebruik kunnen maken van de collectieve zorgverzekering van de gemeente, maken een eigen keuze uit verschillende zorgverzekeraars. Op basis van de meest gekozen pakketten5 bij zes grote zorgverzekeraars is daarvoor een gemiddelde prijs berekend van € 153 per polis;  vanaf januari 2022 is de afvalstoffenheffing gewijzigd; inwoners betalen nu een vast deel (afhankelijk van de omvang van het huishouden) en een variabel deel (afhankelijk van de hoeveelheid afval die zij aanbieden.

Kosten voor het variabele deel (maximaal €

3 Ten opzichte van 2021 is de gemiddelde huurprijs van sociale huurwoningen met 0,3 procent gestegen.

Bron: CBS. 4 Daarbij wordt geen extra aanvullend pakket gekozen voor AOW’ers hoewel zij mogelijk extra zorgkosten hebben. AOW-gerechtigden blijken namelijk ook vooral voor de Zorg-op-maatpolis met Gemeenten Extra als aanvullende verzekering te kiezen. 5 Een basisverzekering met een aanvullende verzekering waarbij 9 fysiotherapie behandelingen worden verzekerd en een tandartsverzekering. Het eigen risico wordt hierbij niet vergoed.

5

Gemeente Albrandswaard

 

Versie 0.1

78 per huishouden per jaar6) worden meegenomen in de berekeningen. Huishoudens die minder afval produceren, krijgen bij hun aanslag een deel van het bedrag terug7; huishoudens in de bijstand werken niet, en hebben daarom geen werkgerelateerde kosten. Bij een inkomen vanaf 110 procent Wsm werkt één persoon in het huishouden, en is er wel sprake van deze kosten. het Nibud hanteert voor een alleenstaande AOW-gerechtigde een normbedrag van € 15 (100 procent Wsm) en € 58 (hoger dan 100 procent Wsm) voor vervoer. Deze kosten worden met de regeling voor gratis vervoer voor AOW-gerechtigden kwijtgescholden. Voor een paar wat AOW-gerechtigd is hanteert het Nibud € 31 (voor 100 procent Wsm) en € 73 (hoger dan 100 procent Wsm).

1.7. Tegemoetkoming in de energiekosten Wegens sterk stijgende energiekosten heeft het Rijk in 2022 een eenmalige energietoeslag geïntroduceerd. Hiervoor is een bedrag van € 800 per huishoudens gereserveerd waarbij de gemeente de precieze beleidskaders zelf mag vaststellen. De gemeente Albrandswaard heeft besloten de energietoeslag toe te kennen aan inwoners die in 2022: 1) een uitkering vanuit de Participatiewet, Iowa, Ioaz of Bbz2004 krijgen; 2) een toekenning voor Meedoen of bijzondere bijstand ontvangen; 3) een AIO-uitkering krijgen via de Sociale Verzekeringsbank. De regelingen Meedoen en Bijzondere bijstand worden verstrekt op 120 procent Wsm; daarom wordt de energietoeslag in dit rapport doorgerekend voor alle huishoudtypen tot 120 procent Wsm. Het is belangrijk om hierbij te realiseren dat deze toeslag van eenmalige aard is. In de figuren (zie Hoofdstuk 2) is te zien dat de invloed van de energietoeslag relatief groot is (€ 67 per maand), maar alsnog niet opweegt tegen de toename van de kosten. Op het moment dat de energietoeslag wegvalt, kan dat beduidende resultaten hebben voor de inkomenssituatie van de huishoudens. De meegenomen kosten van gas en elektriciteit zijn gebaseerd op tarieven van Budget Energie (variabel contract, prijspeil van 4 maart 2022). Heffingskortingen zijn in de maandprijs verrekend.

Gegevens over het gemiddelde gebruik per huishoudtype zijn afkomstig van het Nibud (elektriciteit) en Essent (gas). Gezien het hoge prijspeil van dit moment is het van invloed hoe de huidige situatie van de huishoudens eruitziet; huishoudens met een lopend vast contract, zijn hierbij in het voordeel. Huishoudens die recent een vast energiecontract hebben afgesloten bij een andere, duurdere, aanbieder of in een slecht geïsoleerd huis wonen zijn juist in het nadeel. Dit maakt dat de situatie per huishouden sterk kan verschillen en bovendien snel kan veranderen (bij een wijziging van de energieprijzen).

6 In eerste instantie wordt, in deze rapportage, het maximale variabele bedrag als kostenpost

doorgerekend omdat dat ook de werkwijze van de gemeente is. Mochten huishoudens een deel van het bedrag terugkrijgen, ontvangen zij dat pas bij de aanslag voor de afvalstoffenheffing voor 2023. 7 Van deze teruggave is geen gemiddelde in te schatten en wordt daarom niet meegerekend in deze rapportage. Mochten huishoudens een teruggave krijgen, kan dit gezien worden als een kleine meevaller voor het huishouden.

6

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

2. De inkomenseffecten In dit hoofdstuk staan de inkomenseffecten.

2.1. Het effect van het landelijk beleid is groter dan het gemeentelijk beleid Minima met een inkomen op bijstandsniveau maken aanspraak op landelijke toeslagen en gemeentelijke regelingen. Het totale bedrag uit de landelijke toeslagen (zoals huurtoeslag en zorgtoeslag) is veel groter dan het totale bedrag uit de gemeentelijke regelingen. In onderstaande figuren wordt de opbouw van het maandelijks totaal inkomen bij een inkomen van 100 procent Wsm per huishoudtype weergegeven. Daarin is ook duidelijk te zien dat gezinnen met kinderen een flink hoger bedrag aan landelijke toeslagen kunnen ontvangen dan huishoudens zonder kinderen. Het grote verschil in de hoogte van de landelijke toeslagen wordt voornamelijk bepaald door de specifieke regelingen die beschikbaar zijn voor huishoudens met kinderen, zoals kindgebonden budget. De grote verschillen in de toeslagen van het Rijk tussen alleenstaanden en paren, wordt bepaald door de hoogte van de huurtoeslag en zorgtoeslag. Zie bijlage 3 voor de precieze aantallen van de toeslagen. Het verschil in gemeentelijke toeslagen is minder groot. Als voorbeeld: een alleenstaande ontvangt maandelijks € 1.092 als uitkering (inclusief vakantietoeslag). Als hij gebruikmaakt van alle landelijke toeslagen, ontvangt hij daar maandelijks € 378 voor.

Daarnaast kan hij maximaal € 183 aan gemeentelijke regelingen ontvangen als hij gebruikmaakt van de kwijtschelding, de collectieve zorgverzekering, Meedoenregeling voor volwassenen, tegemoetkoming eigen risico zorgkosten en tegemoetkoming energiekosten.

Figuur 2.1.1. Maandelijks inkomen op 100% Wsm, minima niet AOW-gerechtigd zonder kinderen Uitkering

Toeslagen Rijk

€ 1.092

Alleenstaande

Bijdrage gemeente

€ 378 € 183

€ 1.560

Paar zonder kinderen €0

€ 500

€ 539

€ 1.000

€ 1.500

€ 230

€ 2.000

€ 2.500

€ 3.000

Figuur 2.1.2. Maandelijks inkomen op 100% Wsm, minima niet AOW-gerechtigd met 2 kinderen

Uitkering Alleenstaande ouder met twee kinderen

Toeslagen Rijk

€ 1.092

Paar met twee kinderen

Bijdrage gemeente € 1.129

€ 1.560 €0

€ 500

€ 297

€ 956

€ 1.000

7

€ 1.500

€ 2.000

€ 355 € 2.500

€ 3.000

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Figuur 2.1.3. Maandelijks inkomen op 100% Wsm, minima AOW-gerechtigd Uitkering Alleenstaande AOWleeftijd

Toeslagen Rijk

€ 1.213

Bijdrage gemeente

€ 380 € 198

€ 1.643

Paar AOW-leeftijd €0

€ 500

€ 542

€ 1.000

€ 1.500

€ 2.000

€ 261 € 2.500

€ 3.000

2.2. Opbouw maandelijkse gemeentelijke bijdrage per huishoudtype Uit de vorige paragraaf blijkt dat de (maximale) maandelijkse gemeentelijke bijdrage verschilt per huishoudtype. Hieronder geven we per huishoudtype de opbouw van het totale bedrag aan gemeentelijke regelingen weer – eerst voor minima met een inkomen van 100 procent Wsm, daarna voor minima met een inkomen van 120 procent Wsm. Daarin geven we ook het bedrag van de individuele inkomenstoeslag weer. In de rest van het rapport wordt deze regeling buiten beschouwing gelaten omdat alleen minima die drie jaar of langer een minimuminkomen hebben recht op deze regeling hebben.

2.2.1. Opbouw maximale gemeentelijke bijdrage per maand op 100 procent Wsm Als voorbeeld: een alleenstaande ontvangt maandelijks (maximaal) € 59 voor de kwijtschelding, € 28 voor de collectieve zorgverzekering, € 13 voor de Meedoenregeling voor volwassenen, € 17 voor tegemoetkoming eigen risico zorgkosten en € 67 voor tegemoetkoming energiekosten vanuit de gemeente. In totaal ontvangt hij dan € 184 per maand vanuit de gemeentelijke regelingen. Als hij al drie jaar of langer een inkomen op bijstandsniveau heeft, krijgt hij daar bovenop nog € 34 voor de Individuele inkomenstoeslag. In totaal ontvangt hij dan maandelijks € 218 vanuit de gemeente.

Figuur 2.2.1. Maandelijks bedrag per regeling op 100% Wsm, minima niet AOW-gerechtigd zonder kinderen Kwijtschelding

Collectieve Zorgverzekering

Meedoen volwassen

Tegemoetkoming Eigen Risico Zorgkosten

Tegemoetkoming Energiekosten

Individuele inkomenstoeslag € 13

Alleenstaande

€ 59

€ 28

€ 17 € 67

€ 34

Paar zonder kinderen

€ 48

€ 57

€ 25 € 33

€ 67

€ 52

€ 200

€ 250

€0

€ 50

€ 100

€ 150

8

€ 300

€ 350

€ 400

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Figuur 2.2.2. Maandelijks bedrag per regeling op 100% Wsm, minima niet AOW-gerechtigd met 2 kinderen Kwijtschelding Meedoen volwassen Meedoen schoolkosten Tegemoetkoming Energiekosten

Collectieve Zorgverzekering Meedoen kindpakket Tegemoetkoming Eigen Risico Zorgkosten Individuele inkomenstoeslag € 13

Alleenstaande ouder met kinderen

€ 85

Paar met kinderen

€ 85

€0

€ 21

€ 28

€ 67

€ 57

€ 50

€ 100

€ 17

€ 67

€ 44

€ 67

€ 25

€ 67

€ 21 € 33

€ 150

€ 200

€ 250

€ 300

€ 52

€ 350

€ 400

€ 450

Figuur 2.2.3. Maandelijks bedrag per regeling op 100% Wsm, minima AOW-gerechtigd Kwijtschelding Meedoen volwassen Tegemoetkoming Eigen Risico Zorgkosten

Collectieve Zorgverzekering Gratis ov ouderen Tegemoetkoming Energiekosten

€ 13 € 15 Alleenstaande AOWleeftijd

€ 59

€ 28

Paar AOW-leeftijd

€ 48

€ 57 € 25 € 31 € 33

€0

€ 50

€ 17

€ 100

€ 67

€ 150

9

€ 67

€ 200

€ 250

€ 300

€ 350

€ 400

€ 450

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

2.2.2. Opbouw maximale gemeentelijke bijdrage per maand op 120 procent Wsm Bij een inkomen hoger dan 100 procent Wsm vervalt het recht op de kwijtschelding. Bij een inkomen hoger dan 120 procent Wsm vervalt het recht op alle andere gemeentelijke regelingen met uitzondering van de collectieve zorgverzekering. In onderstaande grafieken wordt de opbouw van de (maximale) gemeentelijke bijdrage bij een inkomen van 120 procent Wsm per huishouden beschreven. Als voorbeeld: een paar met kinderen met een inkomen van 120 procent Wsm ontvangt maandelijks (maximaal) € 270 uit de gemeentelijke regelingen. Dit bedrag bestaat uit € 57 voor de collectieve zorgverzekering, € 25 voor de Meedoenregeling voor volwassenen, € 67 voor de Meedoenregeling Kindpakket, € 21 voor de Meedoenregeling Schoolkosten, €33 Tegemoetkoming Eigen Risico Zorgkosten en €67 voor Tegemoetkoming Energiekosten. Dit is in totaal € 85 minder dan wanneer een paar met kinderen een inkomen op bijstandsniveau heeft (zie figuur 2.2.2). Dit verschil komt doordat het recht op kwijtschelding vervalt bij een inkomen hoger dan 100% Wsm.

Figuur 2.2.4. Maandelijks bedrag per regeling op 120% Wsm, minima niet AOW-gerechtigd zonder kinderen Collectieve Zorgverzekering

Meedoen volwassen

Tegemoetkoming Eigen Risico Zorgkosten

Tegemoetkoming Energiekosten

€ 57

Paar zonder kinderen

Alleenstaande

€ 25

€ 28 € 13 € 17

€0

€ 50

€ 33

€ 67

€ 67

€ 100

10

€ 150

€ 200

€ 250

€ 300

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Figuur 2.2.5. Maandelijks bedrag per regeling op 120% Wsm, minima niet AOW-gerechtigd met 2 kinderen Collectieve Zorgverzekering

Meedoen volwassen

Meedoen kindpakket

Meedoen schoolkosten

Tegemoetkoming Eigen Risico Zorgkosten

Tegemoetkoming Energiekosten

Paar met kinderen

€ 57

€ 25

€ 67

Alleenstaande ouder met kinderen

€ 28 € 13

€ 67

€ 21€ 17

€0

€ 50

€ 100

€ 21 € 33

€ 150

€ 67

€ 67

€ 200

€ 250

€ 300

Figuur 2.2.6. Maandelijks bedrag per regeling op 120% Wsm, minima AOW-gerechtigd Collectieve Zorgverzekering Gratis ov ouderen Tegemoetkoming Energiekosten

Meedoen volwassen Tegemoetkoming Eigen Risico Zorgkosten

Paar AOW-leeftijd

€ 57

€ 25

Alleenstaande AOWleeftijd

€ 28 € 13

€ 58

€0

€ 50

€ 73

€ 17

€ 100

€ 33

€ 67

€ 67

€ 150

€ 200

€ 250

€ 300

2.3. Het maandelijks vrij te besteden budget verschilt per huishoudtype Alle minimahuishoudens houden door de gemeentelijke regelingen (meer) geld over voor het doen van vrije bestedingen (bedoeld voor sociale participatie). Dit is het geld dat maandelijks overblijft na aftrek van alle vaste lasten, huishoudelijke uitgaven en reserveringsuitgaven. Per huishoudtype en inkomen verschilt het bedrag dat overblijft voor vrije bestedingen aanzienlijk. Het budget dat huishoudens nodig hebben voor, of zullen uitgeven aan vrije bestedingen verschilt ook per huishoudtype. Een paar met kinderen zal daar meer aan (willen) uitgeven dan een alleenstaande. In bijlage 3 staat per huishoudtype het normbudget voor vrije bestedingen. Uiteraard zal iemand die nauwelijks geld meer over heeft, dat niet per se daaraan besteden. Dit normbedrag is afkomstig van het Nibud. In onderstaande figuren staat per huishoudtype het budget dat zij overhouden voor vrije besteding weergeven. Dit is opgesplitst in wat zij zonder de gemeentelijke regelingen zouden overhouden en wat de gemeentelijke regelingen toevoegen aan het vrij besteedbaar budget.

11

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

In de onderstaande figuren en bijlage 3 is zichtbaar dat bijna alle huishoudtypen, met uitzondering van een alleenstaande ouder, tot een inkomen van 110 procent Wsm weinig tot geen vrij besteedbaar inkomen hebben zonder hulp van de gemeentelijke regelingen. In sommige gevallen komen huishoudens al geld tekort voordat ze vrije bestedingen kunnen gaan doen. Deze huishoudens zijn voor hun vrije bestedingen volledig afhankelijk van de gemeente. In 2021 hadden alle huishoudens zonder gebruik te maken van de gemeentelijke regelingen, budget voor het doen van vrije bestedingen. Deze afhankelijkheid in 2022 wordt veroorzaakt door het vervallen van het recht op de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen als het inkomen hoger is dan 100 procent Wsm. Daarnaast zijn de kosten voor levensonderhoud en de energiekosten (aanzienlijk) gestegen ten opzichte van 2021. Hierdoor hebben een aantal huishoudtypes zonder de gemeentelijke regelingen geen budget over om vrij te besteden. Het effect van de gemeentelijke regelingen is daarom belangrijker en groter dan in 2021. Vanaf 120 procent Wsm is er vrijwel voor alle huishoudens ruimte voor vrije bestedingen, zonder dat hulp van de gemeente noodzakelijk is. De gemeentelijke regelingen geven de huishoudens meer mogelijkheden voor vrije bestedingen.

Deze groep werkt tegen een loon van 120 procent Wsm en heeft recht op alle gemeentelijke regelingen met uitzondering met het recht op kwijtschelding. Echter is het aannemelijk dat het budget voor vrije bestedingen niet altijd wordt besteed aan doeleinden waarvoor het initieel is bedoeld, maar om bijvoorbeeld om de vaste lasten te kunnen betalen. Huishoudens met inkomensgrens van 130 procent Wsm hebben minder vrije bestedingen tot hun beschikking, dat komt voornamelijk door het wegvallen van de gemeentelijke bijdragen met uitzondering van de korting op de collectieve zorgverzekering. Het wegvallen van de sommige regelingen heeft een groot effect. De vaste lasten blijven hoog, maar er blijft minder geld over per maand.

Duiding vrij besteedbaar budget Het vrij besteedbaar budget is bedoeld voor sociale participatie (een krant, abonnement, dagje uit, op bezoek gaan enzovoort. Dat huishoudens in de plus staan betekent niet meteen dat huishoudens ook voldoende kunnen participeren. Een alleenstaande heeft volgens het Nibud € 100 nodig voor minimale sociale participatie. In figuur 2.3.1 is te zien dat daar in de begroting voldoende ruimte voor is op bijstandsniveau (€ -32 + € 163 = € 131) áls hij gebruikmaakt van alle gemeentelijke regelingen. Bij paren met oudere kinderen is dit plaatje volledig anders: zij hebben € 281 nodig voor minimale sociale participatie, maar hebben ‘slechts’ (€ - 136 + € 357 =) € 221 beschikbaar op bijstandsniveau. In dat geval is er budget voor vrije besteding, maar dat is niet voldoende om minimaal sociaal te participeren als gezin. Zie bijlage 3 voor een overzicht.

Minima zonder kinderen Bij de huishoudens zonder kinderen met een inkomen op bijstandsniveau of 110 procent Wsm zijn de gemeentelijke bijdragen noodzakelijk om budget te hebben voor vrije bestedingen. Dit is veranderd ten opzichte van 2021; toen had een alleenstaande op bijstandsniveau zowel zonder (€ 61) als met gemeentelijke bijdragen (€ 168) vrij besteedbaar budget. Zowel alleenstaanden als paren zonder kinderen hebben te maken met een teruggang in vrij besteedbaar inkomen als zij vanuit de bijstandssituatie gaan werken tegen een inkomen van 110 procent Wsm. Deze teruggang treedt bij alleenstaanden op tussen 100 en 110 procent Wsm en wordt veroorzaakt doordat het recht op kwijtschelding vervalt. Tevens krijgen huishoudens te maken met werkgerelateerde uitgaven vanaf een inkomen gelijk aan 110 procent Wsm. Bij 120 procent Wsm is geld beschikbaar voor vrije bestedingen zonder dat de huishoudens volledig afhankelijk zijn van de gemeentelijke regelingen. Paren zonder kinderen hebben zoal hierboven genoemd ook te maken met een teruggang in hun vrij besteedbaar budget tussen een inkomensniveau van 100 en 110 procent Wsm. Dit heeft ook bij hen te maken met het wegvallen van het recht op kwijtschelding gemeentelijke 12

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

belastingen en daarnaast hebben zij te maken met een daling van de landelijke toeslagen. Deze afname wordt niet gecompenseerd door de inkomensstijging. Tussen 120 en 130 procent Wsm is opnieuw een kleine teruggang zichtbaar, omdat dan de meeste gemeentelijke regelingen vervallen. Vanaf 140 procent Wsm wordt dit gecompenseerd door de stijging van het inkomen. Van de huishoudens zonder kinderen hebben paren zonder kinderen een groter budget voor vrije bestedingen dan alleenstaanden. Echter is het budget bij een inkomen gelijk aan 140 procent nagenoeg gelijk. Figuur 2.3.1. Maandelijks vrij besteedbaar budget huishoudens zonder kinderen, niet-AOW

Alleenstaande

Zonder gemeentelijke bijdrage 100% Wsm

€ -89

110% Wsm

€ -46

€ 183 € 125 € 63

120% Wsm

€ 125

€ 142

130% Wsm € -78

€ 182 € 87

120% Wsm

€ 182

€ 141

130% Wsm

€0

€ 230

€5

110% Wsm

€ 57 € 246

140% Wsm -€ 200

€ 28 € 243

140% Wsm 100% Wsm

Paar zonder kinderen

Met alle gemeentelijke bijdragen

-€ 100

€0

€ 100

€0 € 200

€ 300

€ 400

Minima met kinderen Bij beide minimahuishoudens met kinderen treedt een vergelijkbaar patroon op: tussen 100 en 110 procent Wsm en tussen 120 en 130 procent Wsm ervaren huishoudens een teruggang in hun vrij besteedbaar budget. Ook hier is dat deels te verklaren door de stijging van de energiekosten en het deels wegvallen van gemeentelijke regelingen. Een alleenstaande ouder heeft zonder gebruik te maken van de gemeentelijke regelingen een (klein) vrij besteedbaar budget. Dit is een budget van € 44, in 2021 was dit een budget van € 190. Paren met kinderen hebben zonder de gemeentelijke bijdragen tot 110 procent Wsm geen vrij besteedbaar budget. Zij komen zelfs geld tekort en kunnen dus geen vrije bestedingen doen. Bij een inkomen gelijk aan 120 procent is het vrij besteedbaar budget zonder de gemeentelijke bijdragen minimaal (€ 16). Paren met kinderen hebben vergeleken met vorig jaar minder vrij besteedbaar budget. Op 130 en 140 procent Wsm is dit verschil het grootst. Dit heeft te maken met het wegvallen van de gemeentelijke bijdragen en afname van de toeslagen van het Rijk. In 2021 had een paar met kinderen in totaal € 322 te besteden bij een inkomen gelijk aan 130 procent Wsm, dit jaar € 127. Beide minimahuishoudens met kinderen zijn volledig afhankelijk van de gemeentelijke bijdragen om te beschikken over een vrij besteedbaar budget.

Wanneer zij geen gebruikmaken van de gemeentelijke bijdragen kampen zij met een tekort aan vrij besteedbaar budget Het is zeer aannemelijk dat deze huishoudens de tekorten in hun budget oplossen met de gemeentelijk bijdragen. Mogelijk worden de bijdragen van de gemeenten dus niet voor sociale participatiedoeleinden worden gebruikt

13

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Figuur 2.3.2. Maandelijks vrij besteedbaar budget huishoudens met kinderen, niet-AOW

Paar met twee kinderen

Alleenstaande ouder met twee kinderen

Zonder gemeentelijke bijdrage

Met alle gemeentelijke bijdragen

100% Wsm

€ 44

110% Wsm

€ 60

€ 297 € 213 € 174

120% Wsm

€ 213 € 288

130% Wsm

€ 28 € 432

140% Wsm 100% Wsm

€ -150

€ 355

€ -66

110% Wsm

€ 270

€ 16

120% Wsm

€ 270

€ 70

130% Wsm

€ 57 € 174

140% Wsm -€ 200

-€ 100

€0

€0

€0

€ 100

€ 200

€ 300

€ 400

AOW’ers Ook de AOW-gerechtigden zijn op 100 procent Wsm afhankelijk van de gemeentelijke bijdragen. In 2021 hadden zowel alleenstaanden als paren met de AOW gerechtigde leeftijd zonder de gemeentelijke bijdragen een vrij besteedbaar budget. Daarnaast werd in 2021, zoals bij veel andere huishoudtypen, het vrij besteedbaar budget steeds groter naarmate het inkomen toenam. Dit is voor het dit jaar (2022) niet het geval. Door het wegvallen van het recht op de meeste gemeentelijke bijdragen is er een teruggang in het vrij besteedbaar budget bij een inkomen tussen 120 en 130 procent Wsm. Bij een paar met AOW-gerechtigde leeftijd is er ook nog een teruggang tussen 130 en 140 procent Wsm. Figuur 2.3.3. Maandelijks vrij besteedbaar budget per huishoudtype, AOW-gerechtigd

Alleenstaande

Zonder gemeentelijke bijdrage € -0

100% Wsm

€ 198 € 78

110% Wsm

€ 183 € 198

120% Wsm

€ 28

€ 345

140% Wsm € -30

€0

€ 261 € 75

110% Wsm

€ 255 € 164

120% Wsm

€ 205

130% Wsm

€ 255 € 57

€ 239

140% Wsm -€ 200

€ 183

€ 274

130% Wsm 100% Wsm

Paar

Met alle gemeentelijke bijdragen

-€ 100

€0

€ 100

14

€0 € 200

€ 300

€ 400

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

2.4. Meer werken vanuit de bijstand loont niet altijd voor ieder huishoudtype Een hoger inkomen leidt voor veel huishoudtypen in de gemeente Albrandswaard tot een hoger totaal inkomen dan in de bijstand. Echter, voor de meeste huishoudens nemen de bijdragen van het Rijk en de gemeente af wanneer het inkomen stijgt. Dit zorgt ervoor dat het totaal inkomen van een huishouden niet altijd evenveel stijgt als de stijging van het loon. Hieronder geven we de inkomensvooruitgang bij werkaanvaarding vanuit de bijstand tot een inkomen van maximaal 140 procent Wsm weer per huishoudtype. Daarna leggen we de inkomensvooruitgang per inkomensniveau uit aan de hand van twee casussen. In bijlage 2 worden al deze inkomens per huishoudtype uitgesplitst naar inkomenssoort waarmee visueel wordt weergegeven waarom het totaal inkomen stijgt of daalt. Huishoudens zonder kinderen profiteren het meeste van een inkomen van 120 procent Wsm Alleenstaanden gaan er bij iedere inkomensstijging telkens meer op vooruit ten opzichte van de bijstand. Echter is het totaal inkomen bij een loon gelijk aan 130 procent Wsm lager dan bij een inkomen gelijk aan 120 procent Wsm. Bij paren is het totaal inkomen op ieder inkomensniveau hoger dan in de bijstandssituatie, maar de procentuele groei verschilt per inkomensniveau.

Paren profiteren het meest van een inkomensgrens 120 procent, de procentuele inkomensstijging is 8 procent. Bij de andere inkomens is de inkomensstijging 4 of 5 procent ten opzichte van de bijstandssituatie. Daarnaast is de inkomensstijging ten opzichte van de bijstandssituatie bij een inkomen van 140 procent Wsm lager dan bij een inkomen gelijk aan 130 procent Wsm. Figuur 2.4.1. Inkomensvooruitgang t.o.v. 100% Wsm bij werkaanvaarding, huishoudens zonder kinderen 110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

140% Wsm

3% 10%

Alleenstaande

9% 11% 4% 8%

Paar zonder kinderen

5% 4%

15

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Tabel 2.4.1 Inkomensvooruitgang bij werkaanvaarding, huishoudens zonder kinderen Huishoudtype Alleenstaande 100% Wsm 110% Wsm 120% Wsm 130% Wsm 140% Wsm Paar zonder kinderen 100% Wsm 110% Wsm 120% Wsm 130% Wsm 140% Wsm

Verschil t.o.v. 100% Wsm (€)

Verschil t.o.v. 100% Wsm (%)

1.653 1.704 1.813 1.795 1.838

+51 +160 +142 +185

+3% +10% +9% +11%

2.329 2.431 2.513 2.439 2.430

+102 +184 +111 +102

+4% +8% +5% +4%

Nettoinkomen incl. VT

Bijdrage Rijk

Bijdrage gemeente

Totaal inkomen

1.092 1.201 1.310 1.419 1.528

378 378 378 348 310

183 125 125 28 0

1.560 1.716 1.871 2.027 2.183

539 533 459 357 247

230 182 182 55 0

Alleenstaande ouders gaan er op achteruit bij een inkomen van 130 procent Wsm Alleenstaande ouders hebben bij ieder hoger loon ook telkens een hoger totaal inkomen dan in de bijstand. Voor alleenstaande ouders neemt de bijdrage vanuit het Rijk niet af bij een hoger loon, maar neemt zelfs toe vanwege de combinatiekorting. Alleenstaande ouders merken het effect van het grotendeels wegvallen van de gemeentelijke regelingen tussen 120 en 130 procent Wsm. Op dat moment vallen zowel de Meedoen-regelingen, als de kindregelingen, als de energietoeslag en de tegemoetkoming voor het eigen risico weg. Dat resulteert in een terugval van de procentuele groei het totale inkomen (zie ook figuur 2.4.2). Vanaf 130 procent is een toename van het totale inkomen zichtbaar; vanaf dan compenseert de inkomensstijging het wegvallen van gemeentelijke regelingen en landelijke toeslagen. Het totaal inkomen bij 120 procent Wsm is ongeveer gelijk aan het inkomen bij 140 procent Wsm. Dit wordt veroorzaakt door het wegvallen van het recht op gemeentelijke bijdragen. Paren met kinderen krijgen te maken met een terugval in totaal inkomen Bij paren met kinderen dalen de toeslagen van het Rijk als het huishoudinkomen stijgt. In combinatie met het vervallen van het recht op gemeentelijke regelingen is het totaal inkomen bij een loon van 130 en 140 procent Wsm lager dan bij een loon van 100 procent Wsm.

De toename in loon kan de afname aan toeslagen en regelingen niet volledig compenseren. Er is sprake voor deze inkomens van een terugval. Bij deze inkomens loont werken niet. Wel is het totaal inkomen bij een loon van 110 en 120 procent Wsm altijd nog hoger dan bij een loon van 100 procent Wsm.

16

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Figuur 2.4.2. Inkomensvooruitgang t.o.v. 100% Wsm bij werkaanvaarding, huishoudens met kinderen8 110% Wsm

120% Wsm

130% Wsm

140% Wsm

2% 7%

Alleenstaande ouder

4% 8% 2%

Paar met kinderen

5% 0% -1%

Tabel 2.4.2 Inkomensvooruitgang na werkaanvaarding, huishoudens met kinderen Huishoudtype

Nettoinkomen incl. VT

Bijdrage Rijk

Verschil t.o.v. 100% Wsm (€)

Verschil t.o.v. 100% Wsm (%)

2.518 2.580 2.695 2.624 2.710

+62 +176 +106 +192

+2% +7% +4% +8%

2.871 2.936 3.018 2.857 2.848

+65 +147 -14 -23

+2% +5% 0% -1%

Bijdrage gemeente

Totaal inkomen

297 213 213 28 0 355 270 270 55 0

Alleenstaande ouder met twee kinderen 100% Wsm 1.092 1129 110% Wsm 1.201 1166 120% Wsm 1.310 1172 130% Wsm 1.419 1177 140% Wsm 1.528 1182 Paar met twee kinderen 100% Wsm 1.560 956 110% Wsm 1.716 950 120% Wsm 1.871 876 130% Wsm 2.027 774 140% Wsm 2.183 664

8 In de figuren wordt gebruikt gemaakt van de afgeronde cijfers. Zie de tabellen voor de precieze cijfers.

17

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Voorbeeldcasussen inkomensvooruitgang bij werkaanvaarding Voorbeeldcasus tabel 2.4.1.: alleenstaande Guido is alleenstaand en krijgt een bijstandsuitkering, wat neerkomt op een netto-inkomen van € 1.092 per maand (dit is inclusief vakantietoeslag). Hij heeft maandelijks recht op € 378 aan toeslagen van het Rijk. Voor Guido bestaat dit uit huurtoeslag en zorgtoeslag. Tot slot kan Guido rekenen op een financiële bijdrage vanuit de gemeente van € 183 per maand. Dit bestaat uit de kwijtschelding voor gemeentelijke belastingen, de korting op de collectieve zorgverzekering, Meedoen: Volwassenen, Tegemoetkoming Eigen Risico Zorgkosten en Tegemoetkoming Energiekosten. In totaal heeft Guido een inkomen van €1.653 per maand. Als Guido werk krijgt tegen een inkomen van 110 procent Wsm, dan stijgt zijn nettoinkomen naar € 1.201 per maand. Hij houdt recht op huurtoeslag en zorgtoeslag en deze bedragen blijven onveranderd, dus € 378 per maand. Het recht op minimaregelingen komt deels te vervallen. Guido heeft nog recht op de korting op de collectieve zorgverzekering, Meedoen: Volwassenen, Tegemoetkoming Eigen Risico Zorgkosten en Tegemoetkoming Energiekosten. De gemeentelijke bijdragen zijn nu € 125 per maand. Hij kan geen kwijtschelding meer aanvragen. Bij een inkomen van 110 procent Wsm is het totaal inkomen van Guido € 1.704.

Dit is een stijging van € 51 (3 procent) ten opzichte van zijn totaal inkomen bij een bijstandsuitkering. Wanneer Guido tegen een inkomen van 120 procent Wsm gaat werken, stijgt zijn nettoinkomen naar € 1.310 per maand. De bijdrage van het Rijk blijft € 378. Hij houdt recht op huurtoeslag en zorgtoeslag en deze bedragen blijven onveranderd. Daarnaast behoudt Guido het recht op de minimaregelingen. Dit is ook onveranderd. De gemeentelijke bijdragen zijn € 125 per maand. Hij kan geen kwijtschelding meer aanvragen. Bij een inkomen van 120 procent Wsm is het totaal inkomen van Guido € 1.813. Dit is een stijging van € 160 (10 procent) ten opzichte van zijn totaal inkomen bij een bijstandsuitkering. Als Guido gaat werken tegen een inkomen van 130 procent Wsm dan stijgt zijn netto-inkomen naar € 1.419 per maand. De bijdragen van het Rijk zijn gedaald naar € 348 per maand. Guido ontvangt minder huurtoeslag, zijn zorgtoeslag blijft gelijk. Het recht op minimaregelingen komt deels te vervallen. Guido heeft alleen nog recht op korting op de collectieve zorgverzekering (€ 28). Het totale inkomen van Guido is nu € 1.795 per maand, dit is € 142 (9 procent) meer dan toen hij een bijstandsuitkering had. Tot slot wanneer Guido gaat werken tegen een inkomen van 140 procent Wsm dan stijgt zijn netto-inkomen naar € 1.528 per maand. De bedragen van het Rijk zijn gedaald naar € 310 per maand.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3421/documents/28003