7. 494642 Raadsvoorstel Zienswijze begroting 2023 DCMR.pdf
Tekst van het document
Begroting 2023
Blad 22 van 29
binnen de bandbreedte van de benodigde weerstandscapaciteit, maar is wel door het verlies van uit 2021 lager. Structurele exploitatieruimte: Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de structurele baten en lasten in evenwicht zijn. De verwachting voor 2023 is dat er de structurele baten en lasten in evenwicht zijn en er geen incidenteel resultaat zal zijn, waardoor ratio nul is. 1
Tabel 8 : beleidsindicatoren Beleidsindicatoren Formatie (FTE per 1.000 inwoners) Bezetting (FTE per 1.000 inwoners) Apparaatskosten per inwoner Externe inhuur Overhead
Jaarverslag Begroting Begroting 2023 2021 2022 0,16 0,16 0,16 0,15 0,14 0,15 € 17,84 € 18,19 € 19,13 14,4% 14,7% 14,1% 31,9% 31,9% 33,4%
In bovenstaande tabel is ter informatie de ontwikkeling van de voor gemeenten en provincies verplichte beleidsindicatoren uit het taakveld bestuur en ondersteuning opgenomen. Aangezien het werkveld van de DCMR geen directe relatie heeft met de omvang van inwoneraantal van de provincie Zuid Holland hebben deze indicatoren een beperktere toegevoegde waarden dan bij gemeenten. De stijging van overhead kosten heeft vooral te maken met gestegen ICT kosten gezien grote systemen zijn vervangen en deze duurder in onderhoud zijn en de hogere afschrijvingslasten. Bijvoorbeeld VTH systeem Rudis vervangen door Mozard. Externe inhuur De beheersing van de omvang van de externe inhuur is ook in 2023 een nadrukkelijk punt van aandacht. De verwachting is dat deze indicator wat lager zal zijn dan de begroting 2022 omdat naar verwachting veel vacatures bij de afdeling Bedrijfsvoering gedurende 2022 zullen worden ingevuld, waardoor er minder behoefte aan (duurdere) inhuur zal zijn. Toch zal dit mogelijk anders uitpakken gezien de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. De afgelopen jaren is veel tijdelijke dure expertise ingehuurd om de basis voor de datagedreven organisatie in te richten. De DCMR is in 2022 zo ver dat de volgende fasen met steeds meer eigen personeel kan worden ingevuld. 6.5
Onderhoud kapitaalgoederen
Kapitaalgoederen zijn duurzame productiemiddelen die de DCMR nodig heeft om de diensten en goederen te produceren die aan participanten en niet-participanten geleverd worden. Deze paragraaf moet op grond van het BBV ten minste de kapitaalgoederen wegen, riolering, groen en gebouwen bevatten. 6.6
Financiering
De financieringsparagraaf vloeit voort uit de Wet financiering decentrale overheden (Wet FIDO). Voor de DCMR is deze regelgeving vertaald in het door het Algemeen Bestuur vastgestelde treasurystatuut. Deze financieringsparagraaf is in samenhang met het treasurystatuut een belangrijk instrument voor het transparant maken en daarmee sturen, beheersen en controleren van de treasury functie van de DCMR. De treasury functie omvat het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Aandachtspunten vanuit de treasury zijn:
1
Het aantal inwoners dat gehanteerd is, betreft het aantal inwoners voor de gehele provincie Zuid Holland en is gebaseerd op CBS gegevens. Begroting 2023
blad 23 van 29
-
Facturering van de bijdragen van de participanten vindt vier keer per jaar plaats; de bijdragen van de participanten moeten uiterlijk halverwege het lopende kwartaal zijn ontvangen. De DCMR leent geen gelden uit aan derden. De DCMR maakt binnen de regelgeving voor decentrale overheden alleen gebruik van goed bekendstaande banken. Voor de financiering van tekorten op de rekening-courant wordt gebruik gemaakt van kasgeldleningen via goed bekendstaande banken.
In onderlinge samenhang worden het treasurystatuut, de financiële verordening en de controle verordening jaarlijks beoordeeld op hun actualiteit en indien nodig opnieuw vastgesteld door het algemeen bestuur. De laatste vaststelling vond plaats in het Algemeen Bestuur van 6 december 2017. 6.7
Verbonden partijen
In verband met bestuurlijke, beleidsmatige en/of financiële belangen en mogelijk daarmee verband houdende risico’s moet in de begroting en in de jaarstukken een paragraaf worden opgenomen waarin aandacht wordt besteed aan de verbonden partijen. Verbonden partijen zijn die partijen waarin de DCMR een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Dat kunnen zijn gemeenschappelijke regelingen, samenwerkingsverbanden, vennootschappen, stichtingen en verenigingen. Een bestuurlijk belang is zeggenschap, hetzij door vertegenwoordiging in het bestuur van de verbonden partij, hetzij door stemrecht. Van een financieel belang is sprake als de DCMR aan de verbonden partij een bedrag beschikbaar heeft gesteld dat niet verhaalbaar is als de partij failliet gaat of als de DCMR aansprakelijk is voor een bepaald bedrag als de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Bij een verbonden partij is dus sprake van een financieel en een bestuurlijk belang. Het is dus niet de bedoeling te rapporteren over alle partijen waarmee de DCMR op enigerlei wijze in bijvoorbeeld projectverband (zie het programma “Jaarverslag Projecten”) verbonden is. Hoewel de DCMR participeert in vele vormen van samenwerking op projectbasis is er in het primaire proces geen sprake van een verbonden partij. 6.8
Grondbeleid
Grondbeleid is niet van toepassing op DCMR.
Begroting 2023
Blad 24 van 29
Deel 2: Financiële begroting 7
Overzicht van Baten en Lasten
In onderstaande tabel is een gespecificeerd inzicht gegeven in de ontwikkeling van de baten en lasten van de DCMR. Tabel 9: Lasten en Baten
2023
2024
2025
2026
Brutosalarissen
€
34.703.610 €
34.703.610 €
34.703.610 €
34.703.610
IKB
€
7.745.848 €
7.745.848 €
7.745.848 €
7.745.848
Sociale lasten
€
5.331.217 €
5.331.217 €
5.331.217 €
5.331.217
Pensioenlasten
€
7.194.165 €
7.194.165 €
7.194.165 €
7.194.165
Functiekosten
€
54.974.839 €
54.974.839 €
54.974.839 €
54.974.839
Toelagen
€
721.000 €
721.000 €
721.000 €
721.000
Opleidingen
€
1.209.446 €
1.209.446 €
1.209.446 €
1.209.446
Overige personele lasten
€
1.530.000 €
1.530.000 €
1.530.000 €
1.530.000
Bijkomende kosten personeel
€
3.460.446 €
3.460.446 €
3.460.446 €
3.460.446
Inhuur personeel buiten formatie
€
2.058.060 €
1.937.592 €
1.562.592 €
1.362.592
Diensten door derden
€
2.243.000 €
2.243.000 €
1.870.282 €
1.653.195
Inhuur personeel / diensten derden
€
4.301.060 €
4.180.592 €
3.432.874 €
3.015.787
Afschrijvingen
€
914.518 €
1.034.986 €
1.266.703 €
1.399.791
Huisvesting
€
3.762.000 €
3.762.000 €
3.762.000 €
3.762.000
ICT
€
4.493.000 €
4.493.000 €
4.493.000 €
4.493.000
Documentatie
€
320.500 €
320.500 €
320.500 €
320.500
Overig materieel
€
447.000 €
447.000 €
447.000 €
447.000
Totale materiele kosten
€
9.937.018 €
10.057.486 €
10.289.203 €
10.422.291
Totale directe kosten
€
72.673.363 €
72.673.363 €
72.157.363 €
71.873.363
Dekking declarabele uren
€
71.873.363 €
71.873.363 €
71.873.363 €
71.873.363
Resultaat op declarabele uren
€
-800.000 €
-800.000 €
-284.000 €
-0
Overige opbrengsten
€
-
Totale kosten werkplannen en projecten
€
76.223.947 €
76.223.947 €
76.223.947 €
76.223.947
Totale opbrengsten werkplannen en projecten
€
76.223.947 €
76.223.947 €
76.223.947 €
76.223.947
Resultaat op werkplannen en projecten
€
-
€
-
€
-
€
-
Incidenteel resultaat
€
-
€
-
€
-
€
-
Resultaat voor onttrekkingen en dotaties
€
-800.000 €
-800.000 €
-284.000 €
-0
Modernisering bedrijfsvoering
€
1.000.000 €
1.000.000 €
1.000.000 €
1.000.000
Maatschappelijke Duurzaamheidsopgaven
€
800.000 €
800.000 €
284.000 €
Modernisering bedrijfsvoering
€
1.000.000 €
1.000.000 €
1.000.000 €
1.000.000
Resultaat voor bestemming
€
0 €
0 €
0 €
-0
€
-
€
-
€
-
Onttrekkingen bestemmingsreserves
-
Dotatie bestemmingsreserves:
Begroting 2023
blad 25 van 29
In onderstaande tabel 10 is inzicht gegeven in de baten en lasten per participant: Tabel 10: Omschrijving
Lasten 2023
Baten 2023 Resultaat 2023
Gemeente Albrandswaard
€
385.773 €
385.773 €
-
Gemeente Barendrecht
€
735.361 €
735.361 €
-
Gemeente Capelle a/d IJssel
€
576.884 €
576.884 €
-
Gemeente Goeree-Overflakkee
€
1.680.112 € 1.680.112 €
-
Gemeente Krimpen a/d IJssel
€
Gemeente Lansingerland
€
Gemeente Maassluis
€
Gemeente Nissewaard
546.122 €
546.122 €
-
1.642.367 € 1.642.367 €
-
491.689 €
491.689 €
-
€
1.166.322 € 1.166.322 €
-
Gemeente Ridderkerk
€
1.013.184 € 1.013.184 €
-
Gemeente Schiedam
€
1.649.196 € 1.649.196 €
-
Gemeente Vlaardingen
€
1.869.719 € 1.869.719 €
-
Gemeente Voorne aan Zee
€
1.818.515 € 1.818.515 €
-
Gemeente Rotterdam
€
21.539.589 € 21.539.589 €
-
Provincie Zuid-Holland
€
29.137.110 € 29.137.110 €
-
Provincie Zeeland
€
3.333.777 € 3.333.777 €
-
Projecten
€
8.638.228 € 8.638.228 €
-
Totaal participanten
€
76.223.947 € 76.223.947 €
-
Op de werkplannen van de participanten worden geen financiële resultaten begroot.
Begroting 2023
Blad 26 van 29
8
Ontwikkeling werkplanbijdragen
In onderstaande tabel is het verloop van de bijdragen van de participanten over de jaren zichtbaar gemaakt. Tabel 11: Raming baten 2021
Omschrijving
Realisatie baten 2021
Primaire raming Begroting 2022
Raming baten 2022 na 1e begrotingswijziging
Raming baten 2023
Gemeente Albrandswaard
€
392.864 €
354.610 €
368.104 €
383.220 €
385.773
Gemeente Barendrecht
€
644.159 €
686.360 €
657.831 €
701.680 €
735.361
Gemeente Capelle a/d IJssel
€
537.173 €
493.722 €
550.462 €
550.462 €
576.884
Gemeente Goeree-Overflakkee €
1.474.400 €
1.492.829 €
1.504.311 €
1.603.372 €
1.680.112
Gemeente Krimpen a/d IJssel
€
510.111 €
515.331 €
521.109 €
521.109 €
546.122
Gemeente Lansingerland
€
1.556.028 €
1.636.375 €
1.567.144 €
1.587.110 €
1.642.367
Gemeente Maassluis
€
439.833 €
438.477 €
439.480 €
479.394 €
491.689
Gemeente Nissewaard
€
1.087.897 €
1.123.514 €
1.112.903 €
1.112.903 €
1.166.322
Gemeente Ridderkerk
€
994.170 €
887.978 €
966.779 €
966.779 €
1.013.184
Gemeente Schiedam
€
1.378.303 €
1.193.319 €
1.408.107 €
1.573.970 €
1.649.196
Gemeente Vlaardingen
€
1.742.515 €
1.611.333 €
1.779.120 €
1.784.321 €
1.869.719
Gemeente Voorne aan Zee
€
1.698.449 €
1.725.516 €
1.696.669 €
1.735.224 €
1.818.515
Gemeente Rotterdam
€
20.196.214 €
20.376.785 €
20.354.525 €
20.562.572 €
21.539.589
Provincie Zuid-Holland
€
29.493.186 €
28.775.428 €
28.792.209 €
29.400.737 €
29.137.110
Provincie Zeeland
€
3.236.975 €
3.486.055 €
3.236.975 €
3.491.869 €
3.333.777
Projecten
€
7.500.000 €
7.176.594 €
7.575.000 €
7.075.000 €
8.638.228
Totaal participanten
€
72.882.277 €
71.974.227 €
72.530.728 €
73.529.722 €
76.223.947
Begroting 2023
blad 27 van 29
9
Ontwikkeling financiële positie
In onderstaande tabel is de geprognosticeerde balans opgenomen. Tabel 12 Per 31-122023
Per 31-122024
Per 31-122025
Per 31-122026
Materiële vaste activa
3.345
5.261
4.419
4.484
Voorraden
1.250
1.250
1.250
1.250
Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
10.995
8.279
8.837
8.772
60
60
60
60
1.250
1.250
1.250
1.250
16.900
16.100
15.816
15.816
Per 31-122023
Per 31-122024
Per 31-122025
Per 31-122026
2.900
2.100
1.816
1.816
Voorzieningen
0
0
0
0
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
0
0
0
0
Netto vlottende schulden met een rente typische kooptijd korter dan één jaar
5.500
5.500
5.500
5.500
Overlopende passiva
8.500
8.500
8.500
8.500
16.900
16.100
15.816
15.816
( € x € 1.000)
ACTIVA
Liquide middelen Overlopende activa Totaal generaal
PASSIVA Eigen vermogen
Totaal generaal
Toelichting mutaties: In onderstaande tabel wordt het verloop van de activa inzichtelijk gemaakt. Tabel 13 Investeringen (x € 1.000)
2021
Technische installaties en apparatuur in € gebouwen Kantoormeubilair en (veiligheids)voorzieningen € in gebouwen
2022
-
2023
2024
2025
€
2026
€
775 €
575 €
-
15 €
750 €
250 €
150 €
250 €
250
-
€
-
Automatisering en telefonie
€
433 €
575 €
175 €
2.800 €
175 €
1.215
TOTAAL
€
448 €
2.100 €
1.000 €
2.950 €
425 €
1.465
Begroting 2023
Blad 28 van 29
Afschrijvingen (x € 1.000)
2021
Technische installaties en apparatuur in € gebouwen Kantoormeubilair en (veiligheids)voorzieningen € in gebouwen Automatisering en telefonie € €
TOTAAL
Boekwaarde ultimo (x € 1.000)
2022
2023
2024
2025
2026
1 €
51 €
114 €
143 €
143 €
143
64
€
79 €
130 €
125 €
110 €
110
593
€
597 €
671 €
658 €
727 €
915 €
2021
2022
2023
767 € 1.014 € 1.147 1.035 €
2024
1.267 €
2025
1.400
2026
Kantoormeubilair en (veiligheids)voorz. gebouwen Machines, apparaten en installaties Automatisering en telefonie
€
331
€ 1.055 € 1.516 € 1.374 € 1.231 € 1.089
€ €
1.556
€ 671 € 791 € 816 € 956 € 1.096 € 1.534 € 1.038 € 3.071 € 2.232 € 2.300
TOTAAL
€
1.887
€
3.260 €
3.345 €
5.261 €
4.419 €
4.484
De investeringen zijn veelal het resultaat van een project, waardoor het investeringsmoment soms lastig is in te schatten. Om deze reden is een verschuiving van het investeringsmoment met 2 jaar acceptabel. Aangezien het een inschatting betreft is een verschuiving binnen de verschillende categorieën acceptabel Eigen vermogen Algemene reserve Naar verwachting zal geen mutatie van de Algemene reserve plaatsvinden, maar verdere daling van de Algemene Reserves is niet gewenst in verband met de benodigde weerstandscapaciteit. Bestemmingsreserves: Modernisering bedrijfsvoering - In het AB van december 2019 is besloten vanaf 2020 € 1mln in te passen in de exploitatiebegroting, in de vorm van een jaarlijkse dotatie. De begrote onttrekking en gerealiseerde onttrekking worden toegelicht in het bestuur. Maatschappelijke Duurzaamheidsopgaven – In het AB van december 2021 is besloten tot de vorming van deze nieuwe reserve ten behoeve van circulaire economie en energie transitie. De DCMR heeft voorgesteld deze reserve voor een periode van minimaal vier jaar te vormen vanuit het financieel resultaat 2020. De begrote onttrekking en gerealiseerde onttrekking worden toegelicht in het bestuur en vooraf afgestemd met DCMR financiers. Tabel 14: Omschrijving
Algemene reserve
Saldo 1-1-2023 €
Toevoeging €
Onttrekking €
Bestemming resultaat €
Dotatie €
816 816
0 0
0 0
0 0
Bestemmingsreserves Modernisering bedrijfsvoering Maatschappelijke Duurzaamheidsopgaven Subtotaal bestemmingsreserves
1.000 1.884 2.884
0
1.000
0
-1.000 -800 -1.800
Totaal
3.700
0
-1.800
Begroting 2023
Saldo 31-12-2023 €
0 0
816 816
1.000
0
1.000 1.084 2.084
1.000
0
2.900
blad 29 van 29
Jaarverslag en Jaarrekening 2021
Jaarverslag en Jaarrekening 2021
Auteur (s) Documentnummer Versie: Datum
: DCMR o.l.v. concerncontroller : 22328068 : Versie DB : 28 maart 2022
Inhoud 1
Inleiding
5
1.1
7
Leeswijzer
Deel 1: Jaarverslag
8
2
Milieubeheer
9
2.1 2.2 2.3
9 10 30
3
4
5
Wat waren we van plan? Wat hebben we gedaan? Wat heeft het gekost?
Bedrijfsvoering
31
3.1 3.2 3.3
31 31 36
Wat waren we van plan? Wat hebben we gedaan? Wat heeft het gekost?
Productie
37
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6
37 37 38 39 39 40
Algemeen Productie toezicht Productie handhaving Productie reguleren Productie bodem Productie overige gebiedsgerichte producten
Financiële resultaten
41
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5
Verlies- en winstrekening Risicomanagement en weerstandsvermogen Risicomanagement Financiële en beleidsindicatoren Financiering
41 43 43 47 48
Deel 2: Rapportage Meerjarenprogramma 2021–2024
49
6
Meerjarenprogramma
50
6.1 6.2 6.3 6.4 6.5
Algemeen Veiligheid Gezondheid Leefbaarheid Duurzaamheid
50 50 54 60 69
Deel 3: Jaarrekening 2021
77
7
8
9
10
11
Balans
78
7.1 7.2 7.3 7.4 7.5
78 79 82 85 85
Balans Toelichting Activa Toelichting Passiva Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen Gebeurtenissen na balansdatum
Algemene waarderingsgrondslagen
86
8.1 8.2 8.3 8.4
86 86 86 87
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Materiële vaste activa met economisch nut Vlottende activa Passiva
Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening
88
9.1 9.2 9.3
88 88 89
Overzicht baten en lasten Begrotingsafwijkingen Algemene dekkingsmiddelen
Overige gegevens
90
10.1 Wet normering topinkomens 10.2 Bestuursleden algemeen bestuur
90 91
Bijlagen
92
11.1 Staat van activa 11.2 Werkplanoverzicht per opdrachtgever 11.3 Overzicht voorschot met specifiek bestedingsdoel per participant 11.4 Overzicht van baten en lasten per taakveld 11.5 Sisa-verantwoording proefontgassingsproject RA21171 11.6 Nadere verklaring producten hoofdstuk 4 11.7 Controleverklaring
93 94 95 96 97 98 100
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
4 / 100
1 Inleiding DCMR heeft zich in 2021 weer met hart en ziel ingezet voor een schone, gezonde en veilige leefomgeving in het Rijnmondgebied en voor goed toezicht op de bedrijven in Zuid-Holland en Zeeland die onder het Besluit risico’s zware ongevallen (Brzo) vallen. Ondanks de beperkingen van de coronamaatregelen is het gelukt de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving en advies over ruimtelijke plannen en duurzaamheid nagenoeg volledig volgens plan uit te voeren. Initiatieven als de nieuwe organisatiestructuur en beheerssystemen werpen hun vruchten af. Nieuwe werkwijzen zoals toezicht op afstand, videoinspecties en de inzet van drones zijn met succes versneld ingevoerd. Wel is merkbaar dat dit tweede coronajaar een wissel trok op medewerkers. Werd in 2020 nog veel minder dan gemiddeld verlof opgenomen, in 2021 was dit juist aanzienlijk meer dan gemiddeld. Het ziektepercentage steeg. Hierdoor daalde het aantal declarabele uren, wat zich doorvertaalde in het rendement. Over 2021 ontstond daardoor een negatief financieel resultaat van €0,95mln. Een afwijking van 1,4% ten opzichte van de begroting. Met de afsluiting van het jaar bereikten we een bijzondere mijlpaal. Op 20 december 2021 was het precies vijftig jaar geleden dat provincie en gemeenten hun handtekening zetten onder de akte van oprichting van DCMR. Komend jaar is dus een jubileumjaar.
De activiteiten rond dit jubileum staan in het teken van de toekomst. Daarin zullen circulariteit en energietransitie belangrijke thema’s zijn. De Rijnmondgemeenten en de provincie Zuid-Holland hebben immers de gezamenlijke ambitie om te komen tot een circulaire en klimaatneutrale economie in 2050. DCMR kan hieraan op het gebied van vergunningverlening, toezicht, handhaving en advisering bijdragen. Met de kennis en ervaring die met deze kerntaken is opgebouwd gaan we de nieuwe opgaven graag samen aan.
Meindert Stolk
Rosita Thé
Voorzitter dagelijks bestuur DCMR
Secretaris
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
5 / 100
Het algemeen bestuur van DCMR Milieudienst Rijnmond,
Gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur,
Gelet op artikel 29 van de Gemeenschappelijke regeling DCMR Milieudienst Rijnmond;
BESLUIT:
vast te stellen Jaarverslag en Jaarrekening 2021.
DCMR Milieudienst Rijnmond, Schiedam, 30 juni 2022
De voorzitter,
De secretaris,
Dhr. M. Stolk
Mevr. R. M. Thé
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
6 / 100
1.1
Leeswijzer
De jaarrapportage over 2021 bestaat uit drie delen: 1. Het jaarverslag. Hierin leest u waaraan DCMR in 2021 heeft gewerkt. Het bestaat uit de volgende onderdelen: - Milieubeheer - Bedrijfsvoering - Productie - Financieel jaarresultaat. 2. De rapportage over het Meerjarenprogramma 2021–2024. Hierin leest u wat het effect is van ons werk op de thema’s veiligheid, lucht en geur, geluid, energie en afvalwater. 3. De jaarrekening. In dit gedeelte leest u hoe de financiële situatie van DCMR in 2021 was. De jaarrekening bestaat uit de volgende onderdelen: - Balans - Overzicht baten en lasten - Toelichting.
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
7 / 100
Deel 1: Jaarverslag
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
8 / 100
2 Milieubeheer 2.1
Wat waren we van plan?
DCMR geeft uitvoering aan de werkzaamheden in een samenhangend programma Milieubeheer, waarin alle primaire VTH- en advieswerkzaamheden zijn ondergebracht. DCMR werkt langs drie sporen aan de in het beleidskader van de beleidsbegroting 2021 beschreven doelen. Vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) Dit zijn reguleren, inspecteren en handhaven op basis van wetgeving zoals de Wabo, het Activiteitenbesluit, Bodemwet- en regelgeving, Luchtvaartwet- en regelgeving, de Provinciale milieuverordening en de Ontgrondingenwet. De doelen uit het vastgestelde beleidskader worden binnen dit spoor gerealiseerd op de wijze zoals afgesproken in het VTH-uitvoeringsplan. Afspraken daaruit zijn: - Toezicht wordt informatie- en risicogestuurd uitgevoerd. - Instrumentarium voor het toezicht wordt effectgericht ingezet, waar mogelijk met gebruik van gedragswetenschappelijke inzichten. - Bij bedrijven wordt onverkort intensief toezicht gehouden op de uitvoering van veiligheidssystemen, de technische installaties en op de veiligheidscultuur. - De sanctiestrategie wordt consequent toegepast. - Eigen verantwoordelijkheid van bedrijven, branches en ketens op het gebied van milieu en veiligheid wordt versterkt. - Kwaliteit van uitvoering wordt versterkt door samenwerking tussen inspectiediensten en omgevingsdiensten. - Transparantie over resultaten van inspecties en opgelegde sancties.
Toetsing van en advisering voor ruimtelijke plannen en beleidsontwikkeling Dit betreft de bevoegd gezagtaken voor de milieueffectrapportage (m.e.r.), advisering over de m.e.r. en de advisering op en toetsing van ruimtelijke plannen, waaronder omgevingsplannen. DCMR ondersteunt op verzoek bij het ontwikkelen van leefomgevingsbeleid door de participanten. Bij advisering ten behoeve van ruimtelijke planvorming is de uitdaging om duurzame ontwikkeling te realiseren en de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren. Dit in een gezonde balans tussen milieu, economie en ruimte. De aanpak is voornamelijk gebiedsgericht en heeft betrekking op de met de participant afgesproken werkzaamheden zoals ruimtelijke planvorming of de aanpak van een specifiek milieuthema. Databeheer, meten en monitoring Door het verzamelen van data, het monitoren van trends en het ontwikkelen van een transparante informatievoorziening wordt de kwaliteit van de leefomgeving in kaart gebracht. Deze informatie vormt de basis voor planontwikkeling, interventies of nieuw beleid. Daarnaast is deze informatievoorziening de basis voor vergunningverlening en toezicht en voor ruimtelijke advisering.
In 2021 stonden de volgende speerpunten centraal: Vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH): Uitvoering VTH-taken op hoog niveau Meldkamer Informatie en data-analyse voor toezicht Doorontwikkeling instrumentarium voor regulering Uniforme aanpak voor Brzo-bedrijven
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
9 / 100
-
Transparante en zichtbare overheid.
Toetsing van en advisering voor ruimtelijke plannen en beleidsontwikkeling: - Integrale benadering bij ruimtelijke ontwikkeling - Bodem en ondergrond - Grond- en hemelwater - Omgevingsveiligheid - Programma actualisatie geluidsmanagement haven- en industriecomplex. Databeheer, meten en monitoring: - Databeheer - Citizen science - Meetprogramma luchtkwaliteit informatie.
2.2
Wat hebben we gedaan?
Spoor 1 Vergunningverlening, toezicht en handhaving 2.2.1
Toezicht in de coronaperiode
Toezicht in tijden van corona 2021 was het tweede jaar dat DCMR te maken had met maatregelen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Nagenoeg het hele jaar moesten bijna alle collega’s, behalve de meldkamer, vanuit huis hun werk doen. Tot twee keer toe – voorjaar en najaar - werd veel energie gestoken in het opschalen van fysieke controles en het vervolgens weer afschalen als coronamaatregelen weer werden verscherpt. Nieuwe werkwijzen die onder invloed van corona in 2020 werden ontwikkeld, zijn in 2021 structureel ingezet. Een complicerende factor was het grote aantal wisselingen in de niveaus van de coronamaatregelen. Toch is het gelukt het programma voor 2021 bijna helemaal volgens plan uit te voeren en de kwaliteit van het werk te handhaven. Een niet geringe prestatie van de betrokkenen zowel bij DCMR als bij de bedrijven. In de evenementen- en horecasector werd een aanzienlijk kleiner aantal overtredingen vastgesteld, maar die sector was dan ook een groot deel van het jaar gesloten. De geluidmeetrondes werden voorjaar 2021 gestart. Vervolgens werd het werk weer onderbroken door een nieuwe golf coronamaatregelen. Medewerkers van het piket gingen tijdens de lockdowns ’s nachts wel op pad voor niet-horeca incidenten als dat nodig was, voorzien van de juiste papieren. In 2021 waren er bij veel medewerkers coronagevallen in de familie.
Werk werd dan uitgevoerd terwijl het huishouden in quarantaine zat. Ook hebben medewerkers zelf corona gekregen. Een aantal medewerkers is daarvoor in het ziekenhuis opgenomen. Door de grote vraag naar milieudeskundigheid op de arbeidsmarkt was het niet altijd mogelijk snel vervanging in te huren. Dit legde extra druk op de wel aanwezige medewerkers. Terwijl in 2020 veel minder dan gemiddeld verlof werd opgenomen, was dit in 2021 juist aanzienlijk meer dan gemiddeld. Het ziektepercentage steeg. Dit kunnen aanwijzingen zijn dat medewerkers extra belasting hebben ervaren door het thuiswerken. DCMR inventariseert momenteel de consequenties van deze situatie voor de langere termijn. Het blijvend uitvoeren van een aantal taken op afstand en het toepassen van nieuwe methodieken zoals datagedreven toezicht en inspecties met drones bieden kansen.
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
10 / 100
Invloed corona en gevolgen voor toezicht en handhaving per sector Meldkamer en piket Op de meldkamer werd gewerkt met een minimale bezetting en een maximaal veiligheidsprotocol. Collega’s die deelnemen aan het milieupiket en eropuit gaan bij overlastmeldingen of een incident werkten vanuit huis. Zo waren ze nog steeds 24 uur per dag bereikbaar en inzetbaar. Dit leverde wel extra werk op bij het omwisselen van inspectievoertuigen en apparatuur volgens een coronaprotocol. Er hebben zich geen voorvallen voorgedaan waarbij deze werkwijze aantoonbaar een negatieve invloed had op de kwaliteit van het werk. Inspectie Het programma voor inspecties en voorvalonderzoeken is bijna geheel uitgevoerd zoals gepland. DCMR controleerde ook in 2021 voor een groot deel op afstand. Waar dat niet anders kan, voerden medewerkers het werk fysiek op locatie uit. In enkele sectoren was het aantal fysieke controles daardoor lager. Dit kan een factor zijn in het lagere aantal overtredingen dat is vastgesteld. Ondanks de beperkingen door de coronamaatregelen is er op de korte termijn geen negatieve invloed op de kwaliteit van het werk vastgesteld. Dit sluit niet uit dat met de aangepaste werkwijzen mogelijk kleinere overtredingen over het hoofd zijn gezien. Het streven is dan ook dat zodra dit is toegestaan het aantal fysieke inspecties weer op te voeren.
Ervaren inspecteurs zien, horen en ruiken bij wijze van spreken mogelijke overtredingen als ze aanwezig zijn op locatie. Horeca en evenementen Een aantal werkzaamheden is in 2021 op minder grote schaal uitgevoerd vanwege de coronamaatregelen en lockdowns. Voorbeelden zijn het toezicht op evenementen, dat grotendeels stillag, en de horecageluidmeetrondes. Op dit moment bekijkt DCMR hoe het toezicht op een effectieve manier weer kan worden opgebouwd als de maatregelen voorbij zijn. Aandachtspunt is dat de financiële positie van veel ondernemers is verslechterd, vooral in de horeca, waardoor handhaving naar verwachting extra inzet zal vergen. Bijzonder was de deelname van DCMR aan het grootste coronafieldlab-experiment van Nederland, namelijk het Eurovisie Songfestival. DCMR had een rol bij het toetsen of het geluidsniveau, bijvoorbeeld van apparatuur buiten het gebouw, binnen de vergunning viel. Daarnaast zag DCMR erop toe dat de ontbranding van vuurwerk bij de shows veilig en verantwoord plaatsvond. Er werd ook nagedacht over een aanpak bij milieu-incidenten als die de omgeving van Ahoy beïnvloedden. Structurele innovaties en vernieuwingen als gevolg van de coronamaatregelen De periode van de coronamaatregelen heeft DCMR gebruikt om op een aantal gebieden innovaties te versnellen of alternatieve wijzen van toezichthouden en handhaven toe te passen.
Met toezicht op afstand blijkt meer mogelijk dan gedacht. Er zijn in 2021 voorbereidingen getroffen om als de coronamaatregelen zijn afgeschaald, hybride te blijven werken, zoals het werken aan een nieuw inrichtingsconcept voor het gebouw. Nieuwe manieren van toezicht houden die in 2021 structureel werden ingezet: -
-
-
Videobellen. Bijvoorbeeld bij het bespreken van opgestuurde rapportages en video-inspecties om de aanwezigheid van noodzakelijke veiligheidsvoorzieningen te kunnen vaststellen. Dit is bij mkb-bedrijven al heel gebruikelijk. Voor het project Informatieplicht energiebesparing bijvoorbeeld gingen controles al grotendeels op afstand. Administratief oppakken van controles en nacontroles. Hierbij stuurt het bedrijf logboeken, bonnetjes of andere stukken uit de administratie naar DCMR via de mail, zodat de beoordeling op afstand kan plaatsvinden. Inzet van drones. Met drones zijn bijvoorbeeld volumes van aanwezige afvalstoffen digitaal ingemeten. DCMR gebruikt ze nu ook bij de inspectie van grote fabrieksterreinen.
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
11 / 100
-
2.2.2
Investeren in datakwaliteit. Betrouwbare omgevings- en bedrijvendata zijn steeds belangrijker. Niet alleen voor DCMR maar ook voor burgers, bedrijven en de participanten in het werkgebied. Goede data faciliteert toezicht op afstand. Uitvoering VTH-taken op hoog niveau
VTH-uitvoeringsplan Om het hoge niveau van uitvoering uit het VTH-uitvoeringsplan te kunnen realiseren zet DCMR in op twee speerpunten: het beheren en ontwikkelen van kennis en het programmatisch organiseren van de VTH-taken. - Kennis ontwikkelen. Kwalitatief hoogwaardige kennis is de basis voor een goede uitvoering. DCMR zorgt dat milieukennis bij de medewerkers op peil blijft en zich verder ontwikkelt. Om de kwaliteit van uitvoerbaarheid van nieuwe wet- en regelgeving te toetsen en te borgen denkt DCMR mee vanuit de uitvoeringspraktijk door inbreng in landelijke en internationale kennisinfrastructuurprojecten, waaronder die van Zuid-Holland, Omgevingsdienst NL en het Europese netwerk van toezichthouders Impel. DCMR is ook actief deelnemer aan Brzo+, waarin onder meer de opleiding van de toezichthouders in een gezamenlijke academie plaatsvindt. Ook op diverse inhoudelijke thema’s als veroudering van installaties (ageing) wordt gezamenlijk kennis opgebouwd met collegadiensten. - Programmatisch organiseren. De planning van VTH-werkzaamheden doet DCMR programmatisch. Uitvoeringsprogramma’s die op nationaal niveau zijn geformuleerd, vormen de leidraad. Dit naast de kaders van de Brzo-samenwerking en het beleid van de participanten. In de inspectiecyclus komt de programmatische werkwijze tot uiting in meerjarige uitvoeringsplannen per branche.
Bij reguleren gebeurt dat programmatisch door het ontwikkelen van branchevisies waarin is aangegeven aan welke eisen bedrijven op de langere termijn moeten voldoen. Deze eisen worden doorvertaald naar vergunningen. Daarnaast is er jaarlijks een actualisatieprogramma vergunningen. Meerjarenprogramma 2021–2024: aandacht voor nieuwe thema’s zoals waterstof Vanaf 2021 is er een nieuw meerjarenprogramma (MJP) dat door het algemeen bestuur is vastgesteld. Hier gaat het om nieuwe onderwerpen (growing concerns). Naast de VTH-taken hebben ook actuele ontwikkelingsthema’s op het gebied van (ruimtelijk) adviseren en duurzaamheid een plek gekregen. Het MJP heeft een aantal bekende focuspunten die belangrijk blijven, bijvoorbeeld op het gebied van veiligheid en het voorkomen van hinder. Maar ook nieuwe ontwikkelingen zoals circulaire economie, energietransitie en ondermijning zijn focuspunt in het nieuwe MJP. In 2021 is gewerkt aan de inhoudelijke doelstellingen die in het MJP zijn vastgesteld, bijvoorbeeld door het ontwikkelen van programma’s voor energietransitie en circulariteit. Daarnaast is geïnvesteerd in het realiseren van een dashboard voor de monitoring. Voor de VTH-taken is het MJP input voor het actualisatieprogramma van vergunningverlening en de brancheplannen bij toezicht en handhaving. Verder is DCMR continu bezig de planning-en-controlcyclus te verbeteren.
Hoofddoel is het verder versterken van de sturing op inhoud en doelstellingen. Omgevingswet Ondanks de coronaperikelen is in 2021 een start gemaakt met het opleiden van toezichthouders voor het functioneren binnen de nieuwe Omgevingswet. Hieraan is een aanzienlijk aantal uren en energie besteed. Vervolgens bleek dat de invoering van deze wet opnieuw is uitgesteld. Energiecontroles Inspecteurs van DCMR ontwikkelden zich in 2021 verder op het gebied van advies over duurzaamheid. Dit is in de meeste gevallen niet vrijblijvend: bedrijven en instellingen zijn verplicht zuinig met energie om te gaan en verspilling te voorkomen. DCMR toetst of bedrijven voldoen aan wet- en regelgeving. Door corona werden veel inspectiegesprekken hierover via een videoverbinding gevoerd. Als tijdelijke oplossing bleek dit goed te werken. Persoonlijk contact met ondernemers blijft de voorkeur hebben.
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
12 / 100
Toezichtslab In 2021 heeft het Toezichtslab gewerkt aan 61 gedragsprojecten. De focus lag op grote onderwerpen, zoals het meldingenproject voor ongewone voorvallen Brzo, de aanpak van plastic korrels en de meting veiligheidsperceptie. Bij de branches was veel behoefte aan de inzet van instrumenten op afstand. Zo ontwikkelde het Toezichtslab verschillende informatiemiddelen, bijvoorbeeld over terrasregels voor de horeca en inspectievormen op afstand, zoals de zelfcontrole van propaantanks aan de hand van een digitale vragenlijst. Dossiers met speciale aandacht In 2021 waren er weer flink wat bedrijven die extra aandacht van DCMR vergden. Dit vanwege achterblijvende prestaties op het gebied van veiligheid en milieu, overlast bij omwonenden, of incidenten. Hieronder wordt voor een deel van die bedrijven hierop nader ingegaan. Ook op sommige andere dossiers waren intensieve contacten met participanten. BP Eind november 2020 vond bij BP een lekkage plaats van giftig en corrosief zuur. Dit heeft ertoe geleid dat het bedrijf in 2021 onder verscherpt toezicht is gesteld. Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland hebben een last onder dwangsom opgelegd om verbetering af te dwingen. De betrokken installatie mag pas weer worden opgestart nadat DCMR toestemming heeft verleend. Deze toestemming wordt gegeven als uit onderzoeksrapportages blijkt dat de installatie weer veilig is.
Het verscherpt toezicht heeft tot veel extra inspecties geleid, onder andere van de staat van de koelen blusinstallaties. Deze bleken in orde. Verder is er een gedragssurvey uitgevoerd. De resultaten worden begin 2022 bekend. Dow Benelux In mei 2021 heeft een incident bij Dow plaatsgevonden waarbij veertig ton ethyleen is vrijgekomen. De lekkage is ontstaan aan twee afgescheurde drains aan twee veiligheidskleppen. Uit onderzoek bleek dat een veiligheidsklep te laat is opengegaan. Dow heeft maatregelen getroffen om dit te voorkomen en geïnventariseerd waar deze kleppen nog meer zijn geïnstalleerd. In juni heeft DCMR toestemming verleend om deze installatie weer op te starten. Begin december is door Dow melding gemaakt van een storing in de stoomvoorziening. Als gevolg hiervan zijn veel installaties op het terrein down gegaan, met veel fakkelactiviteiten als gevolg. Hierover kwamen veel klachten van omwonenden. Chemours/Dupont/Dow Dordrecht Bij de bedrijven Chemours, DuPont en Dow in Dordrecht is veel aandacht besteed aan het opstellen van revisievergunningen. In 2021 is voor DuPont en Dow de nieuwe revisievergunning in werking getreden. Verwacht wordt dat dit in de loop van 2022 ook voor de revisievergunning van Chemours het geval is. Vanaf dat moment hebben alle drie bedrijven een eigen actuele vergunning die is afgestemd op de laatste milieuregelgeving.
Discussies over de toepassing van de milieuregelgeving leidt bij deze drie bedrijven tot procedures bij de rechtbank. Ook in 2021 hebben Chemours en DuPont net als voorgaande jaren extra aandacht gekregen vanuit toezicht. ICL-IP ICL-IP Terneuzen is een chemisch productiebedrijf dat zich in hoofdzaak bezighoudt met de productie van organische en anorganische broomverbindingen. Er is al lange tijd sprake van overtredingen op het gebied van Brzo, Wabo en arbowetgeving. Op 30 september 2021 is de vierde voortgangsrapportage over het overkoepelende plan van aanpak voor verbetering ontvangen. Hierbij is geconstateerd dat bij zestien van de 29 projecten sprake is van een achterstand door ICL-IP. Het einddoel om in december 2023 het gehele overkoepelende plan van aanpak te hebben uitgevoerd staat daardoor onder druk. Op 25 november 2021 hebben DCMR, de drie andere toezichtorganisaties en andere betrokken instanties hun zorgen geuit bij de directie van ICL-IP. Verder is een nieuw gesprek op directieniveau en met de voorzitter van de raad van commissarissen aangekondigd waar het functioneren van de fabriek op de agenda staat.
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
13 / 100
EMO/EECV Voor de gemeente Rotterdam heeft DCMR intensief toezicht gehouden op de stofoverlast in Hoek van Holland door kolen- en ertsoverslagbedrijven EMO en EECV. Dat hield onder meer in wekelijks of zelfs vaker onaangekondigd inspecteren. Er moest een aantal keren handhavend worden opgetreden, waarbij lasten onder dwangsom zijn opgelegd. Er kwamen in 2021 bij de meldkamer een kleine zeventig stofklachten binnen. In vergelijking met voorgaande jaren is dat een aanzienlijke afname. Bewoners, bedrijven en de wethouder spraken met elkaar af te streven naar nul overlast door kolenstof in Hoek van Holland. Om dat te bereiken zijn diverse vergunningprocedures gestart. In deze vergunningen zijn scherpere eisen opgenomen. Deze maken het tegengaan van stofoverlast beter afdwingbaar. Tegen de ambtshalve wijzigingen waardoor de bedrijven hun activiteiten deels moeten staken bij harde zuidwestenwind, is door beide bedrijven een zienswijze ingediend. Het vervolg daarop is te verwachten in 2022. Ondanks de coronamaatregelen is onder leiding van wethouder Arno Bonte van de gemeente Rotterdam door de gebiedscommissie en stadsontwikkeling een aantal bijeenkomsten georganiseerd met bewoners van Hoek van Holland. Dit gebeurde fysiek als dat mogelijk was en anders online. DCMR nam daaraan steeds deel.
ProRail Naleving van de vergunningvoorschriften op de havenemplacementen door ProRail laat te wensen over. Er is de afgelopen jaren een groot aantal lasten onder dwangsom opgelegd. Het bedrijf wordt sindsdien intensief gecontroleerd. Het betreft dan overtredingen als openstaande hekken, het niet kort houden van de begroeiing (tegen brandrisico), maar ook het niet op orde hebben van de blusvoorzieningen. Om de blusvoorzieningen op orde te krijgen, werken het bevoegd gezag Rotterdam en de Veiligheidsregio intensief samen vanuit een taskforce en bestuurlijke kopgroep, waarin ook Havenbedrijf, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en natuurlijk ProRail zijn vertegenwoordigd. Het programma waarmee ProRail alle gebreken nu aanpakt is onder een beheerconcessie van het ministerie gebracht. Het bedrijf wordt aangezet de omgevingsveiligheidscultuur sterk te verbeteren. Momenteel lopen voor alle vijf havenemplacementen vergunningprocedures. Op 31 december 2022 moeten deze emplacementen aan alle eisen voldoen. In de tussentijd ziet de overheid erop toe dat de veiligheid geborgd blijft door tijdelijke maatregelen te eisen, zoals het geheel of gedeeltelijk stilleggen van emplacementen en het inzetten van tijdelijke middelen als een blustrein. PreZero (Suez) Ondanks de maatregelen die afvalverwerkingsbedrijf PreZero (voorheen Suez) heeft genomen, is er nog steeds vliegenoverlast.
DCMR heeft eind 2020 het initiatief genomen tot het opstellen van een plan van aanpak om deze overlast terug te dringen. Hierin wordt samengewerkt met de gemeente Rotterdam, het Kennis- en adviescentrum Dierplagen (KAD) en de provincie Zuid-Holland. Met het Vliegenteam, onderdeel van de bewonersvereniging WIJplaat en PreZero vindt op regelmatige basis overleg plaats. In 2022 wordt deze aanpak voortgezet. PreZero is zowel tegen de last onder dwangsom voor vliegenoverlast als tegen de ambtshalve wijziging van de vergunning in beroep gegaan. Daarnaast zijn geurklachten uit Heijplaat voor DCMR aanleiding geweest tot het opleggen van een last onder dwangsom aan PreZero. Het bedrijf heeft vanaf 2017/2018 diverse technische en organisatorische maatregelen getroffen om de geuremissie te verminderen. Deze hebben geleid tot afname van het aantal geurklachten. In juli 2021 heeft de provincie na een verzoek van PreZero besloten de dwangsom op geuroverlast in te trekken, aangezien er meer dan een jaar geen overtredingen waren geconstateerd. Tegengaan ondermijnende criminaliteit Het aanpakken van ondermijnende criminaliteit (de vermenging van boven- en onderwereld) staat hoog op de agenda in het werkgebied van de dienst. Het is dan ook een van de focuspunten in het meerjarenprogramma 2021–2024 van DCMR.
In 2021 is de aanpak van gezamenlijke acties en de ondersteuning aan de gemeenten verder geprofessionaliseerd. Samen met gemeenten, politie en andere handhavingspartners zijn in totaal 75 acties uitgevoerd. Een andere manier om ondermijning te signaleren is slim omgaan met bestaande gegevens. Er is een campagne gestart om bij de gemeenten onder aandacht te brengen wat DCMR te bieden heeft aan
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
14 / 100
data en data-analyse. Zo kan bijvoorbeeld een hoog energieverbruik wijzen op een illegale cannabisplantage. Een garage die bijna geen omzet heeft en geen afvalstoffen afvoert is misschien voor een ander, illegaal, doel in gebruik, zoals het ombouwen van gestolen auto’s. Ook werkt DCMR samen met verschillende ketenpartners op landelijk, provinciaal en gemeentelijk niveau om de aanpak van milieucriminaliteit te versterken en hiervoor beschikbare data beter te benutten. Om detailinformatie over ongebruikelijke activiteiten uit verschillende bronnen bij elkaar te brengen en te analyseren werkt DCMR samen met deze partners. Via Omgevingsdienst NL en andere platforms draagt DCMR dit actief uit en maakt zich sterk voor informatie-uitwisseling. Geluidklachten Vlaardingen In Vlaardingen melden inwoners al langer dat ze last hebben van geluidsoverlast. Er is een project gestart om deze klachten beter in kaart te brengen. Door analyses uit te voeren op deze geluidklachten wordt geprobeerd de bronnen te achterhalen. Als een bron wordt gevonden, kan er een meting worden uitgevoerd. Er zijn normen (de zogeheten grenswaarden) vastgelegd voor de geluidbelasting door bedrijven in decibels. Ook als het geluidniveau onder of op de norm ligt, kan het geluid hoorbaar en hinderlijk zijn.
Geluidsoverlast Rozenburg, gemeente Rotterdam Rozenburg wordt omringd door de industrie van het Botlekgebied en de Europoort. Deze bedrijvigheid zorgt helaas voor milieuoverlast bij omwonenden. De laatste twee jaar is dat voornamelijk geluidsoverlast. Het gaat dan om geluid van bedrijven en verkeer. Inwoners geven aan vooral geluidsoverlast te ervaren van het bedrijf C.RO Ports in Rozenburg. C.RO Ports valt onder het bevoegd gezag van de gemeente Rotterdam. Het bedrijf heeft, hoewel het de regels niet aantoonbaar overtreedt, vrijwillig geluidreducerende maatregelen genomen. Ook in 2021 zijn er geluidmetingen gedaan naar aanleiding van overlast. Het blijft moeilijk de bron eenduidig vast te stellen. Innovatie toezicht tankterminals In het meerjarenprogramma staat veiligheid bij de opslag van risicovolle stoffen hoog genoteerd. DCMR voert in dat kader al inspectievluchten met drones uit bij bedrijven. Een drone kan snel en veilig op meer plekken komen dan een toezichthouder of inspecteur. In 2021 zijn de eerste stappen gezet met dronetoezicht bij op- en overslagbedrijven (tankterminals). DCMR wil bij de uitvoering van dronetoezicht samenwerken met de bedrijven. Beide partijen kunnen profiteren van de informatie uit de dronevluchten.
Voorbeelden van het door DCMR in 2022 geplande dronetoezicht zijn het in beeld brengen van emissies naar de lucht uit opslagtanks en het opsporen van corrosie onder isolatie bij chemische installaties. Toezicht kwaliteit afvalwater In 2021 zijn 221 controles op afvalwater uitgevoerd, om indirecte lozingen te achterhalen. Daarbij zijn in veel gevallen bemonsteringen gedaan. Een groot aantal van de controles is gezamenlijk met het waterschap uitgevoerd in het kader van de samenwerking van DCMR en het waterschap. Bij de controles zijn vijftig overtredingen geconstateerd. De bezochte bedrijven behoren tot de (sub)branches chemie, (tank)op- en overslag, voedingsmiddelen, autowasinrichtingen, ziekenhuizen en veehouderijen. Bijzonderheden in 2021 waren een bedrijf dat niet-gereguleerde stoffen loosde waardoor de rioolwaterzuiveringsinstallatie van het waterschap ontregeld raakte, een instelling die vaste afvalstoffen via het afvalwater loosde en een bedrijf dat bedrijfsafvalwater vermengde met schoon water om te voldoen aan de lozingseisen. EMK-terrein DCMR houdt toezicht op de uitvoering, melding van klachten, de indirecte lozing van de waterzuivering en op de IBC-maatregelen (isoleren, beheersen en controleren) bij de bodemsanering van het EMK-terrein. Alle rapportages van de lozingen op het riool vanaf de waterzuivering op het EMK-terrein zijn alsnog bekeken.
Dit gebeurde na een Wob-verzoek van de klankbordgroep EMK. Na januari 2020 zijn geen overschrijdingen meer vastgesteld. Dit na een optimalisatie van de waterzuivering. In de
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
15 / 100
toekomst zal de beoordeling van monitoringsrapportages steeds plaatsvinden. In 2021 is een verbeterproject gestart en een projectleider aangesteld. Waar nodig treedt DCMR handhavend op. Project asfaltcentrales In de zomer van 2021 vond de eerste fase van een landelijke inventarisatie (initiatief van Omgevingsdienst NL) van de milieusituatie bij asfaltcentrales plaats. Doel was een beeld te krijgen van de heersende problematiek bij asfaltcentrales. Er zijn veel vragen vanuit de maatschappij over de impact van deze verwerkingsbedrijven op de leefomgeving. Het gaat dan vooral om de uitstoot van gevaarlijke stoffen zoals benzeen en PAK’s. In het werkgebied van DCMR zijn twee van deze bedrijven gevestigd. Deze bleken bij de eerste controleronde aan de eisen te voldoen. De landelijke projectgroep gaat in 2022 verder met fase 2. In deze fase worden, op basis van de resultaten uit de eerste fase, oplossingsrichtingen over hoe om te gaan met de asfaltcentrales voor omgevingsdiensten uitgewerkt. Staalslakken Bedrijven leven de eisen die verbonden zijn aan het toepassen van staalslakken niet altijd goed na. In 2021 werd weer een aantal overtredingen vastgesteld. Staalslak is een bijproduct van de productie van staal. Als gevolg van dit productieproces bevatten staalslakken vrije kalk. Het toepassen zonder goede voorzieningen is een overtreding van de Wet bodembescherming.
Voorzieningen achteraf aanbrengen is veel duurder dan vooraf. Nog los van de kosten van dwangsommen die DCMR oplegt. Project overlast Kanaalzone Sluiskil In opdracht van de provincie Zeeland meet DCMR de luchtkwaliteit in Sluiskil. Aanleiding hiervoor is dat inwoners van de Kanaalzone en in het bijzonder van Sluiskil afgelopen jaren regelmatig klachten melden over stof- en geuroverlast. Met het meetpunt wordt onderzoek gedaan naar de lokale luchtkwaliteit en mogelijke oorzaken van deze klachten. Samenwerking waterschap Hollandse Delta DCMR zoekt actief de samenwerking met andere toezichthouders. Controles bij bedrijven in het werkgebied van het waterschap Hollandse Delta die op het oppervlaktewater lozen, voert DCMR bijvoorbeeld samen met inspecteurs van het waterschap uit. Dit is eind 2021 geformaliseerd in een samenwerkingsovereenkomst. Publiek-privaat project tegengaan plastic korrels Een brede samenwerking bij nieuwe thema’s verhoogt de kans op resultaat. Voorbeeld is Clean Sweep, een publiek-privaat project om verspreiding van plastic korrels in de haven tegen te gaan. Bedrijven gebruiken plastic korrels om producten te maken of te verwerken in kunststofproducten. Helaas gaan daarbij jaarlijks veel korrels verloren, onder meer door morsen tijdens transport. Partijen in de haven willen dat samen oplossen.
In 2021 is daartoe de samenwerking met bedrijven uit de kunststofsector, Havenbedrijf Rotterdam, Ducor Petrochemicals, PlasticsEurope Nederland en Rijkswaterstaat in een volgend stadium gekomen met de Taskforce Clean Sweep Rotterdam. 2.2.3
Bijzonderheden per branche
Toezicht en handhaving bij DCMR werkt branchegewijs. Na de kwaliteitsacties in 2020 lag de nadruk in 2021 weer meer op preventieve en repressieve controles. Hieronder de meest opvallende resultaten van een aantal branches. Het aantal asbestsaneringen neemt toe door de groei van bouw- en verbouwactiviteiten bij particulieren, woningbouwverenigingen en aannemers. Om prioritering in het toezicht op deze saneringen te kunnen aanbrengen heeft DCMR een asbesttool ontwikkeld die inmiddels ook bij andere omgevingsdiensten in gebruik is.
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
16 / 100
In de bodemsanering vroeg onder andere het EMK-terrein bijzondere aandacht. Hier is een verbeterprogramma gestart na geconstateerde administratieve gebreken in de verwerking van gegevens. De branche chemie kenmerkt zich door de diversiteit aan installaties en processen met een grote variatie aan gebruikte stoffen. Voor de periode 2018-2022 heeft de provincie Zuid-Holland extra budget beschikbaar gesteld om het toezicht op de (petro)chemische sector en de tank op- en overslagterminals structureel verder te versterken. Extra aandacht was er voor chemische bedrijven in Zeeland. In 2021 werden ondanks corona weer meer inspecties op locatie uitgevoerd. De branche droge bulk stond in 2021 weer sterk in de belangstelling, met name door de stofoverlast in Hoek van Holland. Dat heeft geleid tot een grote inzet van capaciteit op controles, vergunningverlening en het uitoefenen van invloed op het gedrag van bedrijven via overleggen en communicatie. Het aantal klachten daalde. De regio kent een aantal grote energieproducenten. Belangrijk in deze branche is de controle op de naleving van emissie-eisen. Bij verschillende bedrijven zijn ook in 2021 overtredingen geconstateerd. Nadat ze werden aangesproken hebben de bedrijven de overtredingen ongedaan gemaakt. Met ongeveer 4.000 actieve locaties is de horecabranche omvangrijk qua aantal.
In 2021 kreeg deze branche opnieuw te maken met langdurige sluitingen en beperkingen door coronamaatregelen. Het aantal klachten bleef daardoor op een laag niveau. In 2021 is bij een aantal Rotterdamse jachthavens gecontroleerd op de inname van afvalstoffen waarbij specifiek is gelet op bilgewater. De jachthavens bleken niet goed op de hoogte van hun verplichtingen met betrekking tot de inname van bilgewater. Vier jachthavens zijn aangeschreven en hebben maatregelen getroffen. De jachthavens zijn ook een aandachtsbranche bij de samenwerking met het waterschap Hollandse Delta. In 2021 is in de branche motorvoertuigen en -herstel de aanpak met vooraf aangekondigde controles voortgezet. Doel van deze aanpak is het naleefgedrag preventief te bevorderen. De controles zijn gedurende de coronaperiode deels op afstand uitgevoerd met video en het uitlezen van digitale systemen zoals het SCIOS-portaal (Stichting certificering inspectie en onderhoud van stookinstallaties) en het landelijk Meldpunt Afvalstoffen. In de branche op- en overslag van gevaarlijke stoffen zijn door corona in 2021 minder fysieke controles uitgevoerd dan gepland. Het naleefgedrag in deze sector is voor verbetering vatbaar en krijgt daarom de komende jaren extra aandacht. Op- en overslag (afvalstoffen) & puinbrekers laat een behoorlijke toename van milieumeldingen zien.
Deze toename is met name veroorzaakt door een grote brand bij een afvaloverslagbedrijf in Vlaardingen en in mindere mate door de vliegenoverlast op Heijplaat. Bij een inzamelaar van batterijen en accu’s was intensief toezicht en handhaving nodig om de veiligheid te waarborgen. Raffinaderijen hebben veel verschillende installaties met een grote diversiteit aan emissies en emissiepunten. Er is onder andere gecontroleerd op het meet- en registratiesysteem van emissies. Bij BP heeft er verscherpt toezicht plaatsgevonden na ernstige overtredingen eind 2020. De branche spoorweginrichtingen blijft aandacht vragen. Er is een verbeterplan voor de veiligheid op emplacementen opgesteld, maar de voortgang hiervan verloopt traag. Het aantal klachten in de branche scheepswerven, vooral over geluid, bleef in 2021 hoog. Vaak speelt hierbij het zogenaamde nestgeluid van motoren en generatoren van schepen die aan de wal liggen
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
17 / 100
een rol. Er is verbetering zichtbaar door toezichtsinterventies. De bedrijven nemen zelf ook maatregelen zoals het plaatsen van walstroominstallaties. In Vlaardingen-haven is in 2021 een aantal initiatieven gestart om de overlast te verminderen in samenwerking met het Toezichtslab. Bij de branche tankopslag was in 2021 het aantal overtredingen van de tankintegriteit en de integriteit en het gebruik van installaties nog steeds aanzienlijk. Hetzelfde geldt voor het aantal overlastmeldingen van bewoners. Het ging vooral om geluidsoverlast. Om emissies naar de lucht te voorkomen en in kaart te brengen is onder meer gecontroleerd op emissiemeet- en registratiesystemen en het vrijkomen van risicovolle stoffen. 2.2.4
Meldkamer
In 2021 heeft de meldkamer van DCMR weer minder klachten ontvangen dan in het jaar ervoor. Factoren in de afname waren: - Minder klachten bij DCMR over stofoverlast in Hoek van Holland. Die leverde in 2019 nog honderden klachten op. In 2021 waren dat er maar enkele tientallen. - Over horecalawaai werd in 2021 weinig geklaagd. Dat is verklaarbaar: net als in 2020 was de horeca voor een groot deel van het jaar gesloten of beperkt open. - Door het thuiswerken en de lockdowns was er veel minder verkeer. Dat leidde tot een veel lager aantal verkeers- en vervoersklachten. Cijfers van jaar op jaar zeggen niet alles over de situatie op langere termijn en ook niet altijd over de werkelijke situatie. Bij dat laatste kan zogenaamde klachtenmoeheid een rol spelen. Klachten (excl. vliegverkeer)
2021
2020
2019
13.579
16.360
17.572
257
402
325
Bedrijfsmeldingen
5.546
5.625
6.066
Klachten andere omgevingsdiensten
2.380
2.975
4.601
140
49
126
Soort klacht (excl. vliegverkeer)
2021
2020
2019
Lawaai
8.448
8.715
10.831
Stank
4.193
5.012
5.218
Stof
273
843
243
Overig
765
1.790
1.280
Totaal
13.579
16.360
17.572
Klachten DCMR-gebied CIN-meldingen DCMR-gebied
Bedrijfsmeldingen andere omgevingsdiensten Tabel: Milieuklachten van bewoners.
De registratie van luchtvaartklachten vindt plaats via een speciaal digitaal meldingsformulier. Deze klachten komen niet binnen bij de meldkamer, maar gaan rechtsreeks naar het team dat zich bezighoudt met vliegverkeer. Na een forse daling van het aantal klachten over vliegverkeer in 2020 nemen in 2021 de klachten weer toe. De strenge coronamaatregelen in 2020 zijn de belangrijkste oorzaak voor de scherpe daling van het aantal vliegtuigklachten in dat jaar. In 2021 waren er weliswaar nog steeds coronamaatregelen, maar deze waren minder streng in vergelijking met 2020. Hierdoor waren er weer meer vliegbewegingen, wat heeft geleid tot meer klachten. Klachten vliegverkeer (via webformulier)
2021
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
2020
2019
18 / 100
Vliegverkeer
55.129
32.192*
66.018
*In het jaarverslag van 2020 stond een lager aantal klachten in 2020. Het totale aantal klachten was toen nog niet bekend en het bijschrift daarover is per ongeluk weggevallen.
De bedrijfsmeldingen gaan over incidenten of voorgenomen risicovolle activiteiten. De toezichthouders (veelal het milieupiket) van DCMR onderzochten het merendeel van deze meldingen. Grotere bedrijven zijn verplicht om incidenten die effecten (bijvoorbeeld geur- of geluidoverlast) kunnen hebben in de omgeving via het Centrale Incidenten Nummer (CIN) te melden. Hulpdiensten kunnen op basis van een dergelijke melding snel reageren en het incident zo snel mogelijk behandelen. In 2021 is er sprake van een lichte afname van het aantal CIN-meldingen. Mogelijk heeft dit te maken met een verbeterde veiligheidscultuur. Tabel: Aantal bedrijfs- en incidentenmeldingen.
Product
2021
2020
2019
Bedrijfsmeldingen onvoorzien
2.540
2.643
2.375
CIN-melding brand
133
219
150
CIN-melding groot incident
23
37
29
CIN-melding klein incident
101
146
146
In 2021 is DCMR begonnen met meldingstrainingen bij de bedrijven in Zuid-Holland die niet CINplichtig zijn. Doel is dat deze bedrijven meldingen gaan doen in overeenstemming met de CINmethode. De bedrijven in Zeeland zijn als eerste opgeleid. De meldkamer verricht ook taken voor het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM). Voor de SodM heeft de meldkamer van DCMR in 2021 in totaal 180 meldingen ontvangen. De meeste van deze meldingen betreffen incidenten en ongevallen op boor- en werkeilanden en een enkele maal een melding over een pijpleiding. Deze zijn niet in bovenstaande tabellen opgenomen. 2.2.5
Informatie en data-analyse voor toezicht
Er is stevig ingezet op het versterken van de mogelijkheden voor het doen van risicogerichte inspecties. Hiervoor is een aantal informatieproducten op maat ontwikkeld, onder andere de eMJV-beoordelingstool voor elektronische milieujaarverslagen, de bodemtool, de (vernieuwde) asbesttool, de branchetool, het risicoanalysemodel RIAN 2.0, het klachtendashboard en het energieverslag. In deze producten worden datasciencekennis en kennis van het primaire proces bij elkaar gebracht met het doel inspecteurs te helpen hun inspecties zo effectief mogelijk te plannen. 2.2.6
Doorontwikkeling instrumentarium voor regulering
Doortastend vergunning verlenen De afgelopen jaren heeft DCMR met ‘continu verbeteren’ succesvol aandacht gegeven aan de tijdigheid van procedures. Ook in 2021 heeft DCMR hieraan aandacht besteed. De doorlooptijd van een procedure wordt niet alleen bepaald door de factoren waarop intern wordt gestuurd. Ook het maken van ‘SMART’-afspraken over wat bedrijven en (wettelijke) adviseurs dienen aan te leveren bepaalt mede de doorlooptijd van een procedure. Intern is een memo opgesteld over doortastend vergunnen en doortastend adviseren. In het doortastend vergunnen zijn de wettelijke middelen samengebracht om de doorlooptijden terug te dringen. Ook wordt het belang van goed vooroverleg extra benadrukt. Bij een slechte aanvraag daarentegen of een aanvraag zonder vooroverleg zal de proceduretermijn van de ingediende aanvraag direct worden verlengd. Ook worden adviezen binnen korte termijn beoordeeld op volledigheid, waardoor het verzoek om aanvulling snel verstuurd kan worden waarmee de proceduretermijn wordt opgeschort. In het verzoek om aanvulling worden alleen
Jaarverslag en jaarrekening DCMR Milieudienst Rijnmond 2021
19 / 100
de tekortkomingen op hoofdlijnen aangegeven. Als na het verstrijken van de termijn uit het verzoek om aanvulling geen of onvoldoende gegevens zijn ontvangen, wordt de aanvraag buiten behandeling gesteld. Deze voortvarendheid moet eraan bijdragen dat de kwaliteit van aanvragen op termijn verhoogt en de tijdigheid van afhandelen verder verbetert. Altijd actuele digitale vergunning (AADV) Het programma AADV van de provincie Zuid-Holland en DCMR heeft als doel de Wabo-vergunningverlening efficiënter en effectiever te maken. Hiertoe is een applicatie ontwikkeld, de DIGI-V, waarbij per Brzo-bedrijf inzicht wordt gegeven in de vigerende voorschriften. De applicatie DIGI-V is in 2021 opgeleverd en wordt verder doorontwikkeld. De eerste Brzo-bedrijven staan inmiddels met geconsolideerde voorschriften in de applicatie. Binnen het programma AADV is daarnaast ook gewerkt aan het optimaliseren van het proces van de vergunningaanvraag, met een handboek en de opzet voor een wijzigingsregister. Dit project wordt uitgevoerd met het bedrijfsleven. Een ander belangrijk project in 2021 was de robuuste vergunning. Dit project moest de vergunningverlening meer in lijn brengen met de uitgangspunten van de Omgevingswet en flexibeler maken om efficiënter in te spelen op veranderingen binnen een bedrijf. 2.2.7
Uniforme aanpak van Brzo-bedrijven
Landelijke coördinatie Brzo-omgevingsdiensten Bij DCMR is het landelijk coördinatiepunt voor de Brzo-omgevingsdiensten gevestigd. Het gaat hierbij om de coördinatie van de programma’s meerjarenagenda Brzo van de provincies en de meerjarenagenda Versterken omgevingsveiligheid cluster 1 (voorheen IOV1). Het landelijk coördinatiepunt zorgt voor afstemming tussen de zes Brzo-omgevingsdiensten in Nederland, met de provincies, met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en met de andere ketenpartners op het gebied van Brzotoezicht. In maart 2020 heeft een bestuurlijke adviescommissie van IPO de nieuwe meerjarenagenda Brzo 2021–2024 vastgesteld. Doel van de meerjarenagenda is excellente uitvoering van de VTHtaken bij Brzo-bedrijven. Meerjarenagenda Brzo 2021 In 2021 zijn in het kader van de meerjarenagenda Brzo onder meer de volgende werkzaamheden verricht: - Altijd Actuele Digitale Vergunningen-onderzoek naar de toepassing en gevolgen voor de andere vijf Brzo-omgevingsdiensten naast DCMR. - Er is een bijdrage geleverd aan het opleidingsprogramma zodat VTH-medewerkers die werken aan Brzo- en RIE4-bedrijven (Richtlijn industriële emissies) kunnen voldoen aan de opleidingsvereisten volgens de PuMA 2.1 (Programma uitvoering met ambitie) vastgestelde aanvullende eisen. - Op gebied van communicatie is een positioneringsfilm voor Brzo ontwikkeld en een Brzo-app.