CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

64. 504364 SVHW Aanbieding 1e begrotingswijziging 2022 en Begroting 2023.pdf

Gemeenteraad AW 9 mei 2022, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 5: Ingekomen stukken32.905 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 30 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027

4.6.2

Samenhangende objecten registratie (SOR)

SVHW heeft in 2021 al geanticipeerd op de ontwikkeling van de SOR door het in gebruik nemen van een nieuwe BAG applicatie, iObjecten. Met iObjecten is SVHW in staat om geheel geïntegreerd het beheer uit te voeren van objectgegevens zowel voor de BAG als WOZ. Dit verhoogt de kwaliteit en efficiency. Daarnaast is de applicatie voorbereid voor de doorontwikkeling naar de Samenhangende Objecten Registratie (SOR), bijvoorbeeld voor het werken in ketens en de koppeling met BGT-gegevens. SVHW heeft ook de applicatie Way-2-Go geïmplementeerd als management tool voor het objectbeheerproces. Way2Go kan gebruikt worden als ‘communicatiemiddel’ tussen het SVHW en de deelnemer. Het uploaden van bouw- en sloopvergunningen, huisnummerbesluiten, het doen van (terug) meldingen et cetera. Eind 2021 hebben de 6 gemeentelijke deelnemers, die de BAG niet hebben ondergebracht bij SVHW, de beschikking gekregen over deze tool. In 2022 volgen de andere gemeentelijke deelnemers. Het platform ondersteunt ook het verbeteren en behouden van de uniformiteit van WOZ- en BAGgegevens. Deze gegevens zijn na afronding van het WOZ conversieproject van inhoud naar oppervlakte geharmoniseerd. De eventuele efficiencywinst is in hoge mate afhankelijk in hoeverre deze uniformiteit kan worden behouden.

In die gevallen waarin de gemeenten zelf hun BAG beheren is het niet ondenkbaar dat werkwijzen en efficiencywinst gaan verschillen, omdat er qua kwaliteit verschillen tussen de diverse gemeenten zijn. SVHW he eft met de niet BAG-deelnemers in 2021/2022 procesafspraken gemaakt voor een adequate afhandeling van de terugmeldingen die SVHW doet. SVHW zal vanwege het belang van de uniformiteit strak sturen op deze afspraken. Naast de ingebruikname van het platform zal SVHW in 2022 met de deelnemers in samenhang met de voortgang van het landelijke SOR project inventariseren op welke wijze de samenwerking het beste vorm gegeven kan worden. Het is hierbij denkbaar dat er meerdere varianten ontstaan. In 2023 kunnen de deelnemers en SVHW dan verdere concrete stappen nemen in de richting van de eventuele ingebruikname van de SOR eind 2025. De effecten van deze stappen zijn niet opgenomen in deze begroting

4.6.3

Rijksprogramma Regie op Gegevens

Het programma ‘Inwoners en bedrijven in regie op hun gegevens’ is geïnitieerd door de Regieraad Dienstverlening in opdracht van het Ministerie van BZK en het Ministerie van Economische Zaken. De impact op SVHW is vooralsnog beperkt maar wanneer een afsprakenstelsel is ontwikkeld waarin persoonlijk datamanagement wordt ingevoerd, dan zal dit van invloed worden op de dienstverlening (zie ook paragraaf 4.5.2). Deze zou bijvoorbeeld vormgegeven kunnen worden in een meer interactieve ‘MijnOverheid’. Wanneer inwoners en bedrijven laagdrempelig wijzigingen kunnen doorgeven en actief (vooraf) kunnen instemmen met getoonde gegevens, zou dit helpen om de overheidsinformatie op dit vlak eenvoudiger en goedkoper op orde te houden. Tevens ontstaat er op deze wijze betrokkenheid door (mede)regie op de eigen gegevens. Voor SVHW betekent dit, dat in de toekomst (nog) meer ingespeeld moeten worden op deze ontwikkeling en er steeds meer belang gehecht wordt aan de wijze waarop met (persoonlijke)gegevens wordt omgegaan. Zelfservice mogelijkheden via “Mijn SVHW”, WOZ-voormeldingen of het permanent ‘openzetten’ van objectgegevens ter controle en datacontrole/analyse door SVHW nemen hierdoor in belang toe.

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 31 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027

4.7

Ontwikkelingen Heffingen

4.7.1

Diftar

In 2022 hebben drie gemeentelijke deelnemers bij de afvalstoffenheffing DifTar ingevoerd en in 2023 volgen er nog twee gemeentelijke deelnemer. Diftar is een maatregel om het recyclen of het cyclisch maken van de afvalstroom te stimuleren. Bij DifTar betalen de inwoners veelal een jaarlijks vastrecht en een tarief per lediging of storting. Ofschoon de ledigings- en stortingsgegevens in hoge mate geautomatiseerd kunnen worden verwerkt neemt de hoeveelheid werk, die gemoeid is met controle en het verhelpen van uitval, toe. Dit betekent dat SVHW ondanks verdere proces optimalisaties voor de afhandeling van de DifTar in 2023 formatieve uitbreiding nodig heeft.

4.7.2

Aanpassing waterschapbelastingen

De waterschappen hebben op 11 december 2020 een definitief voorstel voor de aanpassing van hun belastingstelsel vastgesteld. Het voorstel lost een aantal urgente knelpunten op, te weten: 

knelpunt zuiverings- en verontreinigingsheffing: het gebruik van mens en milieubelastende stoffen;

knelpunten watersysteemheffing: de weeffout en een niet-gelijkmatige tariefontwikkeling ten gevolge van WOZ-waardestijging.

Het voorstel is aangeboden aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat met het verzoek om een voortvarend wetgevingstraject in te zetten en om vervolgstappen te nemen om de bekostiging van het waterbeheer nog toekomstbestendiger te maken. Aangezien er een wetgevingstraject (wellicht met uitzondering van het beperken van de tariefdifferentiatie wegen tot 100 procent) noodzakelijk is en dit opgepakt moet worden door het nieuwe kabinet, verwacht SVHW geen effecten in 2023.

4.7.3

Aanpassing gemeentelijke belastingen

Om een stabielere financiering voor de gemeenten te realiseren en hun autonomie te vergroten, gaat het nieuwe kabinet in de komende periode een nieuwe financieringssystematiek voor de periode na 2025 uitwerken, waarbij de mogelijkheid voor een groter eigen belastinggebied wordt betrokken. Daarbij worden ook alternatieven voor de OZB in de beschouwing betrokken. In de huidige kabinetsperiode zal de financiering van de gemeenten grotendeels worden vormgegeven via de accres systematiek. SVHW verwacht daarom geen effecten in 2023. Een recente ontwikkeling is, dat de Minister van BZK het rapport “Naar nieuwe vormen van decentraal bestuur” van prof. mr. dr. D.J. (Douwe Jan) Elzinga, hoogleraar Staatsrecht RUG, op 18 februari 2022 heeft aangeboden aan de Tweede Kamer. In het rapport beschrijft Elzinga aanbevelingen voor verbeterde interbestuurlijke betrekkingen en voor een effectief beleidskader voor het decentrale bestuur. Eén van de aanbevelingen is het invoeren van een ingezetenenheffing voor zowel de gemeenten als het waterschap, naast een verlaagde of een in de ingezetenenheffing geïntegreerde OZB, opcenten en andere belastingen. Hierbij worden directe relaties worden gelegd tussen de heffing en de besteding van de opbrengsten. Dit kan volgens Elzinga een belangrijke bijdrage leveren aan de vergroting van de lokale autonomie.

Burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties kunnen namelijk worden betrokken bij de vaststelling van de bestedingsdoelen van deze ingezetenenheffing. Aangezien het rapport nog een parlementaire behandeling moet krijgen verwacht SVHW geen effecten in 2023.

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 32 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027

4.7.4

Verduurzaming belastingstelsel

De noodzaak voor de overheid om de duurzaamheid te bevorderen neemt toe. De lokale belastingen kunnen een rol spelen om duurzaam gedrag te beïnvloeden en investeringen in duurzaamheid te stimuleren. Binnen de huidige wetgeving zijn de mogelijkheden echter beperkt en dienen de effectiviteit van deze zogenaamde “duurzaamheidsbepalingen” en bijbehorende risico’s in relatie tot de rechtsgelijkheid, extra inspanningen en uitvoeringskosten goed overwogen te worden. De Minister van BZK heeft bijvoorbeeld in haar kamerbrief d.d. 18 januari 2021 (Kamerstukken II 2020-2021, 32813 nr. 658) gesteld dat een WOZ-waarderingsuitzondering of OZB-vrijstelling op diverse problemen stuit en dat een facultatieve algemene groene heffingskorting of een specifieke subsidieregeling voor verduurzaming van de eigen woning een kansrijker alternatief vormt. Denkend in mogelijkheden om door middel van het gemeentelijke belastingstelsel verduurzaming te stimuleren heeft SVHW in december 2021 een rapport aan de deelnemers aangeboden. In dit rapport wordt de retributie beschreven als een alternatief om verduurzaming te stimuleren. Eventuele wettelijke “verduurzamingswijzigingen” zullen naar verwachting worden gecombineerd met een algehele aanpassing van de gemeentelijke belastingen. SVHW houdt daarom in de Begroting 2023 geen rekening met eventuele extra inspanningen.

Indien de deelnemers op individuele basis behoefte hebben aan aanvullende dienstverlening, dan zal SVHW de kosten doorbelasten aan de betreffende deelnemer(s). Het is belangrijk dat hiertoe op voorhand overleg plaats vindt om de juridische en operationele haalbaarheid te bepalen (uitvoeringstoets).

4.8 4.8.1

Ontwikkelingen Invordering Inleiding

Met ingang van 2021 is een aantal grote wijzigingen ingetreden, waarvan de eerste effecten in 2022 zichtbaar gaan worden en doorwerken in 2023. Daarnaast staat er nog een aantal ontwikkelingen in de steiger. De rode draad is dat het invorderingsdomein meer en meer te maken gaat krijgen met het maatschappelijk verantwoord invorderen en daarmee beperkingen en een zorgvuldiger gebruik van het instrumentarium. Daarnaast neemt ook de afstemming en de informatie-uitwisseling met andere overheden en schuldeisers toe. Dit betekent, dat het invorderen veel meer data gestuurd en digitaal zal gaan plaatsvinden.

4.8.2

Wijzigingen 2021

Wijziging beslag- executierecht. Door een wijziging van het beslag- en executierecht per 1 april 2021 resteren er minder mogelijkheden tot het leggen van beslag. Bij het bankbeslag dient een beslagvrije voet te worden gehanteerd. Bij roerende goederen geldt een uitgebreider beslagverbod. Dat wil zeggen dat het beslag niet meer als ‘pressiemiddel’ (om belastingschuldigen tot betaling te bewegen) mag worden gebruikt en zaken alleen in beslag mogen worden genomen indien deze ‘bovenmatig’ zijn. Het administratief beslag op kentekens is daarentegen verruimd. SVHW mag nu beslag op voertuigen leggen zonder dat de deurwaarder het voertuig hoeft aan te treffen. Door de wijzingen verwacht SVHW een hoger bedrag oninbaar te gaan lijden bij gebrek aan beslagmaatregelen. Daarnaast is de effectiviteit van de bankbeslagen aanzienlijk verminderd. Door deze ontwikkelingen legt SVHW meer beslag op onroerende zaken. Wet stroomlijning keten voor derdenbeslag Met de Wet stroomlijning keten voor derdenbeslag wordt de toegang tot het beslagregister verbreed.

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 33 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 De verbeterde gegevensuitwisseling draagt er – in aanvulling op de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet – aan bij, dat het bestaansminimum van mensen die kampen met schulden beter kan worden geborgd in gevallen van samenloop van derdenbeslagen en verrekeningen. De internetconsultatie van de algemene maatregel van bestuur voor de gegevensuitwisseling is in december 2021 afgerond. Aangezien deze maatregel nog vastgesteld moet worden en het verbrede beslagregister nog gebouwd moet worden is het onduidelijk wanneer de invoering plaats vindt. Daarnaast moet de praktijk uitwijzen in hoeverre de administratieve druk voor SVHW toeneemt. SVHW verwacht in 2023 nog geen consequenties. Wet vereenvoudiging beslagvrije voet De wet vereenvoudiging beslagvrije voet (Wvbvv) is per 1 januari 2021 ingegaan. SVHW moet onder deze wet extra inspanningen verrichten om de juiste beslagvrije voet (bvv) vast te stellen door onder andere: het contact opnemen met belastingschuldige, het raadplegen van openbare bronnen, het onderling uitwisselen van informatie tussen beslagleggers en het raadplegen van UWV gegevens. Als de beslaglegger dit niet doet, dan moet hij het normbedrag van de bvv hoger vaststellen, waardoor er vrijwel geen afdracht van de werkgever/uitkeringsinstantie te verwachten valt. SVHW verwacht de volgende effecten ten gevolge van de Wvbvv: 

minder effectieve loonbeslagen;

een toenemende doorlooptijd van loonbeslagen in verband met een hogere bvv;

meer bezwaren tegen de vastgestelde bvv;

SVHW kan zelf geen bvv meer vaststellen en dient deze op te vragen;

een toename van hernieuwde dwangbevelen;

een veranderende rol van de deurwaarder (socialer, beperking in beslagrecht);

mogelijkerwijs meer betalingsregelingen en minnelijke schuldbemiddelingen en – saneringen.

Vanwege vertraging bij de invoering en aanhoudende technische problemen heeft SVHW in 2021 slechts beperkt ervaringen kunnen opdoen. Hierdoor is het niet geheel duidelijk in hoeverre er sprake is van meer uitvoeringswerkzaamheden dan wel hogere kosten vanwege het opvragen van de bvv gegevens bij externe instanties

4.8.3

Maatschappelijk verantwoord invorderen

SVHW volgt de trend met betrekking tot het meer maatschappelijk invorderen. Het beleid van SVHW is om zoveel mogelijk te voorkomen dat er problematische schulden of een opeenstapeling van schulden ontstaat. SVHW heeft hiervoor al de volgende maatregelen getroffen: 

het hanteren van een betalingstermijn van 3 maanden in plaats van de wettelijke 6 weken;

de mogelijkheid om met een automatische incasso in 10 maandelijkse termijnen te betalen;

de mogelijkheid om tijdens het dwanginvorderingstraject binnen twee weken na ontvangst van een aanmaning alsnog een automatische incasso af te geven;

het op verzoek opsturen van een betaallink via email of sms;

het treffen van individuele betalingsregelingen waarbij er naar mogelijkheden wordt gekeken.

Verder overweegt SVHW de volgende maatregelen: 

de deurwaarders van SVHW gaan samen met de belastingschuldige meer en meer naar oplossingen kijken. Het maken van betalingsafspraken, het bij de deurwaarder

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 34 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 (gedeeltelijk)betalen en het samen met de deurwaarder invullen van een kwijtscheldingsformulier zijn hiervan voorbeelden; 

het uitwerken van nadere richtlijnen uitwerken voor het alsnog treffen van betalingsregelingen nadat de dwangbevelen zijn betekend;

het simuleren van het gebruik van de automatische incasso door het proactief opsturen van machtigingsformulieren;

het uitvoeren van een onderzoek naar de wenselijkheid van flexibele incassotermijnen.

De bovenstaande maatregelen kunnen eventueel leiden tot een verminderde opbrengst van de invorderingskosten. In deze begroting wordt dit als risico benoemd.

4.8.4

Vroegsignalering

Op invorderingsgebied blijft SVHW de gemeentelijke initiatieven op het gebied van vroegsignalering ondersteunen. Ofschoon de gemeentelijke heffingen wettelijk gezien geen onderdeel mogen zijn van de vroegsignalering stelt SVHW binnen de kaders van de AVG op verzoek individuele gegevens ter beschikking van de sociale wijkteams en schuldhulpverlening. Op 1 januari 2022 starten 10 gemeenten met het experiment gemeentebelastingen, dat 4 jaar zal duren. Tijdens dit experiment wordt onderzocht of met behulp van de signalen over betalingsachterstanden op gemeentebelastingen mensen met financiële problemen in beeld komen die nog eerder niet bekend waren bij vroegsignalering en schuldhulpverlening. De verwachting is dat gemeenten meer inwoners met schulden beter en eerder bereiken. Deze tijdelijke regeling raakt alleen de inwoners van gemeenten die meedoen met het experiment. Met het experiment wordt gebruik gemaakt van de experimenteerruimte die de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (art 10, Wgs) geeft om betere indicatoren te ontwikkelen voor vroegsignalering.

4.8.5

Wijziging beroepsprocedure kwijtschelding (artikel 25 Invorderingswet)

Momenteel geldt dat bij elk verzoek om kwijtschelding of verzoek om uitstel van betaling, de mogelijkheid bestaat voor een belanghebbende om, in het geval van afwijzing, een administratief beroep in te dienen. Bij het ongegrond verklaren van een administratief beroep is er verder geen mogelijkheid meer voor een verdere rechtsgang. Door deze wijziging kan er in plaats van een administratief beroep, een bezwaarschrift worden ingediend. Bij een ongegrond verklaring van een bezwaarschrift, krijgt de belanghebbende de mogelijkheid van een rechtsgang naar beroep, hoger beroep en beroep in cassatie. De wijziging in de invorderingswet brengt naast een wettelijke behandeltermijn (artikel 236 lid 2 Gemeentewet) van 6 weken, mogelijk extra kosten en inspanning voor SVHW met zich mee. Zodra er meer inzicht is in de mogelijke hoogte van de extra kosten en de personele inzet, dan zal SVHW dit kenbaar maken. Het was de bedoeling dat wijziging per 1 januari 2022 zou ingaan, maar de Rijksbelastingdienst heeft aangegeven dat dit in verband met de afhandeling van KOTA niet haalbaar is. Het is hiermee ook onzeker of de wijziging per 1 januari 2023 ingaat.

4.8.6

Kwijtschelding 3.0

In 2023 staat Kwijtschelding 3.0 in de planning vanuit het Inlichtingbureau. De bedoeling van KWS 3.0 is dat de burger zelf de regie gaat voeren over zijn eigen gegevens. Het idee is dat de burger zijn eigen gegevens ophaalt bij de verschillende instanties (Belastingdienst, UWV, RDW), deze verifieert en vervolgens meestuurt met het betreffende kwijtscheldingsverzoek. Hiertoe wordt een platform Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 35 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 aangeboden waarmee men zijn informatie eenvoudig kan verzamelen, controleren en bundelen. Met name de digitale toegankelijkheid van systemen voor inwoners zal hierbij een belangrijke rol gaan spelen, maar ook de mogelijkheden die inwoners in betreffende systemen tot hun beschikking dienen te krijgen. Dit zou kunnen inhouden dat er (automatiserings)aanpassingen in het proces dienen plaats te vinden. SVHW volgt deze ontwikkeling.

4.9

Deelnemers

Op het moment van het schrijven van deze begroting loopt bij één gemeente een intern onderzoek naar de toekomst van de belastingtaak. Continuïteit, onwikkeling, kwaliteit en kosten zijn hierbij belangrijke overwegingen. In de basis liggen er twee mogelijke opties: zelf blijven uitvoeren of geheel uitbesteden. Voor deze laatste optie heeft SVHW in december 2021 een kostenindicatie afgegeven. De kostenindicatie geeft aan, dat de gemeente een substantieel structureel kostenvoordeel kan boeken door toe te treden tot SVHW. Daarnaast zijn continuïteit en ontwikkeling bij SVHW gelet op de schaalgrootte beter geborgd. Het is uiteraard de overweging van het College en de Gemeenteraad om bij het Algemeen Bestuur van SVHW een verzoek in te dienen om toe te mogen treden. Een eventuele toetreding is voorzien per 1 januari 2023. De effecten van deze eventuele toetreding zijn niet verwerkt in deze begroting

4.10 Dienstverlening 4.10.1

Dienstverlening inwoners en ondernemers

In 2023 ontwikkelt SVHW zijn (digitale) dienstverlening door in lijn met de ontwikkelingen van MijnOverheid, de digitale overheid, de toenemende regie op eigen gegevens door inwoners en de ontwikkelingen binnen het WOZ-domein. Daarnaast voert SVHW wederom het tweejaarlijkse klanttevredenheidsonderzoek uit. Naast al het digitale ‘geweld’ zal SVHW aandacht moeten blijven houden voor mensen die minder digitaal vaardig zijn. De andere communicatiekanalen (telefoon en schriftelijke correspondentie) blijven daarom onderdeel van de dienstverlening van SVHW en worden ook doorontwikkeld. Op invorderingsgebied blijft SVHW de gemeentelijke initiatieven op het gebied van vroegsignalering ondersteunen en is er blijvende aandacht voor het maatschappelijk verantwoord invorderen. De focus van de invordering ligt op het voorkomen van problematische schulden of een opeenstapeling van schulden. Invordering zal meer en meer digitaal en data gestuurd gaan worden. Daarnaast zal de afhandeling van de Kinderopvangtoeslagenaffaire in 2023 nog doorlopen

4.10.2

Dienstverlening deelnemers

In 2021 is het door de operationele drukte en de aanhoudende Coronasituatie niet mogelijk gebleken om weer een klanttevredenheidsonderzoek onder de deelnemers te houden als opvolging op het onderzoek uit 2019. SVHW gaat nu in de tweede helft van 2022 het onderzoek uitvoeren en zal eventuele verbeterpunten aansluitend implementeren. Naar verwachting loopt de implementatie door tot in 2023. In 2023 zal er ook verder inhoud moeten worden gegeven aan de ketensamenwerking tussen de deelnemers en SVHW op het gebied van het bijhouden van de objectgegevens. Het geïmplementeerde samenwerkingsplatform Way-2-Go biedt hier de basis voor. Ofschoon het onzeker is of de SOR Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 36 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 daadwerkelijk in 2025 in gebruik genomen gaat worden, zal hierop voor zover mogelijk geanticipeerd moeten worden. Eventuele consequenties (formatie/financiën) zijn niet meegenomen in deze begroting. Hangende de implementatie van de SOR is het belangrijk dat de gegevens in de WOZ en BAG uniform blijven. Voor de niet BAG-deelnemers ligt deze verantwoordelijk bij de deelnemers zelf. SVHW heeft met hen in 2021/2022 procesafspraken gemaakt voor een adequate afhandeling van de terugmeldingen die SVHW doet. SVHW zal vanwege het belang van de uniformiteit strak sturen op deze afspraken.

4.10.3

Samenwerking met collega belastingkantoren

De in 2015 ingezette lijn, om samen met collega belastingkantoren ontwikkelingen in dienstverlening en ondersteunende ICT systemen te realiseren, wordt in 2023 gecontinueerd. Op deze manier gaat SVHW kostenefficiënt om met publieke middelen. Bovendien kunnen de kantoren hierdoor in de richting van strategische leveranciers en overheidsorganisaties hun belangen bij ontwikkelingen beter vertegenwoordigen. Aangezien SVHW niet het enige belastingkantoor is, dat te maken heeft met de toenemende complexiteit van wet- en regelgeving en de daarvoor benodigde extra inspanningen, heeft SVHW eind 2021 verkennende gespreken met twee andere belastingkantoren geïnitieerd om te inventariseren of er mogelijkheden zijn om op het gebied van de ondersteunende processen en ICT meer samen te werken. De bedoeling is hierbij om te inventariseren of door samenwerking de kwetsbaarheid kan worden verminderd en kosten kunnen worden bespaard. In deze begroting zijn eventuele effecten niet verwerkt.

4.10.4

Organisatie / ISAE-3402

Organisatie In 2021 zijn de operationele afdelingen van SVHW (Vastgoedinformatie, Heffingen en Invordering) van een traditionele lijnorganisatie omgevormd naar een proces georiënteerde organisatie waarbij procesteams (zelforganiserende teams) onder regie van een proceseigenaar verantwoordelijk zijn voor de uitvoering en de verbetering van processen. De operationele processen zijn gegroepeerd in twee domeinen: Productie en Dienstverlening met aan het hoofd een domeinmanager, die verantwoordelijk is voor het binnen MT-verband stellen van kaders voor de procesuitvoering en het faciliteren van de procesteams. In 2022 volgen de ondersteunende functies, die worden gegroepeerd in het domein Ondersteuning met aan het hoofd een derde domeinmanager. Hiermee is de overgang de overgang naar een procesgerichte organisatie met zelforganiserende teams afgerond. Een organisatie, die zoveel mogelijk geautomatiseerd/gedigitaliseerd is en goed kan inspelen op de snel veranderende externe omstandigheden. 2023 staat in het teken van de consolidatie van de doorgevoerde wijzigingen en verdere optimalisaties van processen en de organisatie. ISAE-3402 In 2021 is SVHW er niet in geslaagd om fase één van de ISAE-3402 certificering geheel afgerond te hebben.

SVHW heeft prioriteit gegeven aan de uitbouw van de verbijzonderde interne controle en het treffen van aanvullende maatregelen op het gebied van privacy en informatiebeveiliging. Daarnaast hebben de eerder genoemde operationele druk, de organisatie ontwikkeling en de Coronasituatie er Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 37 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 toe geleid, dat er geen capaciteit meer beschikbaar was voor het afronden van fase één van de ISAE3402 certificering. De afronding van fase één wordt nu direct na de aanslagoplegging in 2022 opgepakt en SVHW streeft er naar om fase twee van ISAE-3402 certificering nog in 2022 of zo vroeg mogelijk in 2023 gerealiseerd te hebben. In 2023 treedt dan aansluitend de beheerfase in, waarbij eventuele verbeteringen en aanpassingen in het ISAE-3402 framework, de interne controle functie en de processen worden doorgevoerd. ISAE-3402 is een internationale standaard, die zekerheid geeft over de kwaliteit en betrouwbaarheid van de interne beheersing van de primaire processen van de financiële rapportages. Een certificaat geeft aan dat SVHW als serviceorganisatie voor haar deelnemers in control is.

4.10.5

Personeel

De diverse ontwikkelingen en de aangescherpte vakbekwaamheidseisen doen een beroep op het kennisniveau en andere competenties van de medewerkers. Digitalisering en slimme software gaat steeds meer het uitvoerend werk overnemen. Er ontstaat een toenemende behoefte aan data-analyse en procesontwerp. De inhoud van de functies zal dus veranderen en nieuwe functies zullen ontstaan. In lijn met de ontwikkeling van de organisatie wordt van de SVHW medewerkers gevraagd om flexibel en proactief te zijn en goed in het snel oppakken van nieuwe zaken. Ze komen samen met de deelnemers tot oplossingen en kijken hierbij over de grenzen van eigen afdeling en SVHW heen. De competenties zijn onder andere: communicatief vermogen, adviesvaardigheid, procesgericht werken en analytisch vermogen. Een zogenaamde ‘Belasting Ambtenaar van de toekomst’. Met grote regelmaat geeft SVHW zowel mondeling (personeelsbijeenkomsten, afdelingsoverleg, individueel overleg) als via Intranet al aandacht aan het thema duurzame inzetbaarheid. Dit om het bewustzijn te creëren bij de medewerkers, dat zij in eerste instantie zelf verantwoordelijk zijn voor hun eigen loopbaan en hun toekomstige inzetbaarheid bij SVHW. Om te kunnen voldoen aan het competentieprofiel ‘Belasting Ambtenaar van toekomst’ zullen medewerkers zich moeten blijven ontwikkelen.

Opleidingen zijn hierbij essentieel en het volgen daarvan wordt steeds minder vrijblijvend. SVHW biedt als generieke voorziening online trainingen aan de medewerkers aan en stimuleert de medewerkers tot het volgen van opleidingen. Het management van SVHW speelt een belangrijke rol in deze ontwikkeling en moet erop toegerust zijn om de nieuwe competenties tot zijn recht te laten komen en te stimuleren. Het sturen op de kwaliteit van het personeelsbestand blijft hiermee de komende jaren een belangrijk aandachtspunt. De overblijvende taken vragen een ander en vaak hoger werk- en denkniveau. SVHW verwacht dat hierdoor aanvullend zal moeten worden ingezet voor scholing, uitstroom en -gelet op de krapte op de arbeidsmarkt voor gekwalificeerd personeel- de vaak lastig te realiseren instroom.

4.11 Doelstellingen 2022 De belangrijkste doelstellingen voor 2022 zijn: 

Schaalgrootte: o

Binden en interesseren van de huidige deelnemers;

o

Meer dienstverlening realiseren voor bestaande deelnemers;

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 38 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 o

Volgen van ontwikkelingen bij gemeenten en waterschappen, die hun belastingtaak nog zelfstandig uitvoeren en indien mogelijk aantrekken nieuwe deelnemers;

o

Onderzoek naar samengaan/samenwerken met een ander belastingkantoor;

o

Onderzoek naar samenwerken met andere overheden.

Dienstverlening: o

Uitvoeren van de dienstverlening conform DVO;

o

Verdere ontwikkeling van het digitale kanaal in lijn met de digitalisering van de samenleving met aandacht voor inclusie;

o

Verdere ontwikkeling van de dienstverlening in lijn met de Wet digitale overheid en de Wet open overheid;

o

Implementatie verbeterpunten/aanbevelingen KTO 2022;

o

Maatschappelijk verantwoord invorderen/vroegsignalering;

o

Zo veel mogelijk behoud van efficiency en flexibiliteit door inzetten van API’s en robotisering in primaire systemen in samenhang met een eventuele standaardisering van de dienstverlening;

o

Samen met deelnemers inhoud geven aan samenwerking in het kader van de Samenhangende Objecten Registratie (SOR).

Basis op orde: o

Compleetheid en juistheid van administraties en registraties;

o

Invoering van data gestuurd werken / Machine Learning / Artificial Intelligence;

o

Volgen ontwikkelingen en waar nodig doorvoeren van systeemaanpassingen i.v.m. Common Ground, Cloud technologie en landelijk stelsel basisregistraties;

o

Implementatie wettelijke eisen en waar nodig doorvoeren van proces- en systeemaanpassingen (digitale overheid, Regie op gegevens, keten voor derdenbeslag, etc.);

o

Volgen ontwikkelingen strategie document Waarderingskamer 2020-2025 en implementatie verantwoordingsdocument en taxatieverslag nieuwe stijl.

Samenwerking: o

Continueren samenwerking collega belastingkantoren;

o

Beïnvloeden ontwikkelagenda leveranciers in samenwerking met belastingkantoren.

Organisatie o

Consolidatie van organisatie ontwikkeling en verdere optimalisatie van processen en de organisatie;

o

Beheerfase ISAE-3402 met implementatie van eventuele verbeteringen en aanpassingen in het ISAE-3402 framework, de interne controle functie en de processen.

Personeel: o

Aanpassing aard en omvang personeelsbestand in lijn met ontwikkeling SVHW organisatie;

o

Continue ontwikkeling van medewerkers.

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 39 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027

Beleidsbegroting 5.1

Uitgangspunten

Hieronder staan de uitganspunten voor de (meerjaren)begroting opgesomd:

5.1.1

Vertrekpunt

Het vertrekpunt is de gewijzigde Begroting 2022 en de realisatie 2021.

5.1.2

Indexering

Materiele kosten De door het CBS gepubliceerde CPI over het jaar 2021 is 2,7 procent. Hiervoor heeft in de 1e Wijziging van de begroting 2022 een aanvullende indexering plaats gevonden. Voor de Begroting 2023 gaat SVHW dan ook uit van een indexering met 1 procent. Personele kosten In lijn met het besluit van het Algemeen Bestuur van 1 februari 2017 volgt SVHW voor het indexeren van de personeelskosten de afspraken die zijn vastgelegd in de cao Werken voor waterschappen. In het geval van het ontbreken van een cao gaat SVHW uit van een loonstijging van 1 procent. Indien de daadwerkelijke prijsontwikkeling hoger is dan de gehanteerde indexcijfers in de Begroting 2023, dan zal er uiterlijk 15 april 2023 een begrotingswijziging 2023 worden ingediend. Eén en ander in lijn met het gestelde in de “Financiële Verordening SVHW 2021”.

5.1.3

Ontwikkelingen/nieuw beleid

SVHW streeft er naar om de kosten voor het volgen van (wettelijke) ontwikkelingen en nieuw beleid zoveel mogelijk met besparingen op te vangen binnen de exploitatie, waardoor er geen aanvullende budgetten vanuit de deelnemers nodig zijn. SVHW realiseert dit onder andere door de samenwerking met andere belastingkantoren, proces- en systeemoptimalisaties en een actief inkoopbeleid. In de periode van 2016 tot en met 2022 bedraagt het binnen de begroting opgevangen bedrag in totaal 1.093.000 euro . Daarnaast heeft SVHW in de periode 2016 tot en met 2021 ten gevolge van gerealiseerde positieve resultaten 1.242.000 euro gerestitueerd aan de deelnemers. De onderstaande tabel geeft het overzicht. Jaar

Toename bedrijfskosten t.g.v. indexering Opgevangen Netto toename Resultaat Dotatie aan Restitutie kosten bedrijfskosten Jaarrekening reserves deelnemers indexering Nieuw Beleid / Totaal binnen (P+M) Externe exploitatie ontwikkelingen 2016 239.000 239.000 -139.000 100.000 227.000 227.000 2017 110.000 185.000 295.000 -160.000 135.000 583.000 228.000 355.000 2018 90.000 45.000 135.000 -321.000 -186.000 589.000 43.000 546.000 2019 150.000 105.000 255.000 -105.000 150.000 479.000 238.000 241.000 2020 310.000 (1) 310.000 -15.000 295.000 -102.000 -102.000 0 2021 (3) 456.000 315.000 (1) 771.000 -353.000 418.000 228.000 128.000 100.000 2022 (2) (3) 428.000 643.000 1.071.000 0 1.071.000 pm pm pm Totaal 1.783.000 978.000 3.076.000 -1.093.000 1.983.000 2.004.000 762.000 1.242.000 (1) De incidentele kosten voor de organisatie ontwikkeling worden in 2021+2022 ad 195.000 euro ten laste gebracht van de reserve organisatie (2) Betreft 1e Wijziging Begroting 2022 (3) De netto stijging van de bedrijfskosten is in 2021 en 2022 in belangrijke mate veroorzaakt door kosten i.v.m. Corona en NCNP-gerelateerde kosten

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 40 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 Mede door deze handelswijze liggen de uitvoeringskosten van SVHW al jarenlang substantieel onder het landelijke gemiddelde. Uit het in april 2021 uitgevoerde benchmarkonderzoek van de Waarderingskamer blijkt, dat de WOZ- uitvoeringskosten per object van SVHW ver beneden het landelijk gemiddelde liggen: 27,8 procent. De WOZ uitvoeringskosten van SVHW bedragen 12,85 euro per object en het landelijk gemiddelde is 17,81 euro per object. Dit beeld wordt bevestigd door een onderzoek van de gemeente Ridderkerk naar de toekomst van de belastingtaak in het laatste kwartaal van 2021/ begin 2022. Hieruit bleek dat het onderbrengen van de belastingtaak bij SVHW zou leiden tot significante besparingen. Gelet op het bovenstaande heeft SVHW geen verdere ruimte heeft om de extra kosten in 2023 op te vangen zonder dat dit impact heeft op de kwaliteit van de dienstverlening.

5.1.4

Deelnemers

In 2023 zou er sprake kunnen zijn van een nieuwe deelnemer. Hiermee is in de Begroting 2023 geen rekening gehouden. Een eventuele toetreding van een nieuwe deelnemer wordt verwerkt in een begrotingswijziging.

5.1.5

Formatie

De formatie van SVHW bedraagt in 2023 83,5 FTE.

5.1.6

Nadere uitwerking Kadernota 2023

In de Kadernota 2023 is een aantal ontwikkelingen beschreven, die nog verder uitgewerkt moesten worden en waarvan de financiële consequenties bij het opstellen van de Kadernota 2023 nog niet bekend waren. Dit betreft: 1.

Formatie uitbreiding: o

De formatie voor het heffen in verband met de toename van het aantal deelnemers dat voor de afvalstoffenheffing Diftar hanteert;

o

De formatie voor de WOZ-uitvoering in verband met het toenemende aantal WOZobjecten;

o 2.

Het aantrekken/ontwikkelen van capaciteit op het gebied van data-analyse;

De invoering van een zaaksysteem vanwege de Wet open overheid en de “Regie op eigen gegevens” door inwoners.

Formatie uitbreiding

Diftar Een toenemend aantal gemeentelijke deelnemers voert bij de afvalstoffenheffing de Diftar in als maatregel om het recyclen of het cyclisch maken van de afvalstroom te stimuleren. Tot het jaar 2020 verzorgde SVHW voor een drietal gemeenten de Diftar (Altena, Krimpenerwaard en Hoeksche Waard). Het aantal gemeenten dat de Diftar hanteert is aanzienlijk toegenomen: in 2020, 2021 en 2022 zijn vier gemeenten overgegaan op de Diftar (Nieuwkoop, Albrandswaard, Barendrecht en GoereeOverflakkee). en in 2023 wordt dit verder uitgebreid met nog twee gemeenten (Lansingerland en Hardinxveld-Giessendam). Hierdoor komt het aantal ‘Diftar gemeenten’ in 2023 uit op negen. De aanslagoplegging op basis van de Diftar is voor een groot deel geautomatiseerd, echter de hoeveelheid werk die gemoeid is met de controle, het oplossen van uitval neemt toe. Door de sterke toename van drie gemeenten naar negen gemeenten is in 2023 een formatie uitbreiding nodig van 2 FTE binnen het domein Dienstverlening. Hierbij wordt opgemerkt dat SVHW in 2022 haar formatie niet Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 41 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 heeft uitgebreid waardoor een deel van deze formatie uitbreiding feitelijk een jaar na het ontstaan van de behoefte wordt geëffectueerd.

WOZ-uitvoering Door een stijging van het aantal WOZ-objecten en een toename van de kwaliteitseisen vanuit de Waarderingskamer is het noodzakelijk om de formatie uit te breiden met 1 FTE.

Data-analyse Door ontwikkelingen zoals de digitale overheid, het Rijksprogramma Regie op Gegevens, de toename van open data en de ontwikkeling van Artificial Intelligence en Machine Learning, wordt het data gestuurd werken meer en meer een onderdeel van de operatie van SVHW. Voor SVHW is deze ontwikkeling in alle processen voelbaar: bij het waarderen, bij het verrijken van gegevens met open data voor het heffen, bij de klantcontacten en bij de (dwang)invordering. SVHW moet hiertoe de vaardigheden van het bestaande personeel vergroten maar zal ook specifieke expertise moeten aantrekken in de vorm van data-analyse (1FTE).

Financiële consequenties In de voorliggende Begroting 2023 is door bovenstaande ontwikkelingen 4 FTE formatie uitbreiding opgenomen voor een bedrag van totaal 299.000 euro. De dekking van deze formatie uitbreiding wordt (deels) gehaald uit de volume toename (aantal WOZ-objecten en het aantal gewogen aanslagregels in 2021 en 2022). Zie ook paragraaf 5.1.7. Implementatie zaaksysteem SVHW neemt een zaaksysteem in gebruik. Vanwege gerealiseerde voordelen in de ICT-kosten kan SVHW dit binnen de exploitatie bewerkstelligen.

5.1.7

Verdere aanpassingen in Begroting 2023

Organisatie ontwikkeling 2023 staat in het teken van de consolidatie van de organisatie ontwikkeling en de verdere optimalisaties van processen en de organisatie. SVHW is 2023 omgevormd van een lijnorganisatie met vier afdelingen in een proces georiënteerde organisatie waarbij procesteams (zelforganiserende teams) onder regie van een proceseigenaar verantwoordelijk zijn voor de uitvoering en de verbetering van processen. De processen zijn gegroepeerd in drie domeinen: Productie, Dienstverlening en Ondersteuning met aan het hoofd een domeinmanager. In lijn met deze herschikking heeft er in de Begroting 2023 een her-rubricering van een aantal kosten plaatsgevonden, waarbij deze zijn toegewezen aan de juiste programma’s. Hierdoor is het tevens mogelijk is om de Begroting 2023 te gebruiken voor interne budgetverantwoording. Tegelijkertijd worden de salariskosten, die voorheen vanuit Algemeen Beheer (nu Ondersteuning) doorbelast werden aan de programma’s op basis van de urenregistratie, nu op basis van de formatie in plaats van de historische urenregistratie direct doorbelast aan de programma’s. Ook de automatiseringskosten worden verbijzonderd aan de hand van de FTE’s. Hierdoor verhogen de directe programmakosten maar verlagen tegelijkertijd de doorbelaste indirecte kosten vanuit het programma Ondersteuning (voorheen: Algemeen Beheer).

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 42 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 De organisatie ontwikkeling heeft tot een wijziging van de namen van de programma’s geleid. De onderstaande tabel geeft het overzicht.

Toename aanslagregels In deze begroting 2023 zijn de aantallen uit de jaarrekening 2021 geactualiseerd naar het volume voor 2023 door de WOZ objecten en het aantal aanslagregels voor 2022 met 1% te indexeren en vervolgens met 1% voor 2023. De historische ontwikkeling van het aantal objecten en aanslagregels ligt hieraan ten grondslag. Hiernaast is de verwachte toename van de Diftar regels in 2023 meegenomen. Hierdoor wordt voorkomen dat er achteraf op nacalculatiebasis een grote toename van het aantal objecten en aanslagregels wordt gedeclareerd bij de deelnemers. Door de bovengenoemde aanpassingen ontstaat er in de Begroting 2023 een zuiverder beeld van de toerekening van de kosten.

5.2

Financiële impact

5.2.1

Kosten

Indexering Materiële kosten De door het CBS gepubliceerde CPI over het jaar 2021 is 2,7 procent. Hiervoor heeft in de begroting 2022 een aanvullende indexering plaats gevonden. Voor de begroting van 2023 gaat SVHW uit van een indexering met 1 procent. Berekening materiële kosten Totaal lasten primaire begroting 2022 Lasten 1e begrotingswijziging 2022

13.287.000 684.000

Totaal kosten Af: Incidentele kosten begroting 2022 Salarissen, sociale lasten en toelagen Kapitaallasten Onvoorzien Vergoedingen niet onderhevig aan indexering (thuiswerkvergoeding, woon-werk en overige reiskosten)

13.971.000 -15.000 -5.682.000 -330.000 -50.000 -170.000 -6.247.000

Te indexeren bedrijfskosten begroting 2022

7.724.000

Indexering 2023

1,00%

Indexering bedrijfskosten begroting 2023

€

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 43 van 83

77.240

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027

In de Kadernota 2023 is voor de indexering van de materiele kosten een bedrag van 75.100 euro opgenomen. De begroting 2023 is met het bedrag uit de kadernota opgesteld. Personele kosten Voor 2023 is er nog geen cao afgesloten, waardoor er 1 procent gehanteerd wordt voor de indexering van de personele kosten. Berekening personele kosten Salarissen, sociale lasten en toelagen begroting 2022 Lasten nog te verwerken in 1e begrotingswijziging 2022

€ €

5.495.000 187.000

Te indexeren personele kosten 2022

€

5.682.000

Indexering 2023

1,00%

Indexering personele kosten 2023

€

56.820

Voor het uitbreken van de oorlog in de Oekraïne was er al sprake van rente- en prijsstijging (o.a. energie). De oorlog in de Oekraïne en de opgelegde sancties versterken deze ontwikkeling en leiden hoogstwaarschijnlijk tot een aanzienlijke verdere toename van de materiële kosten en ook tot loonstijgingen. Aangezien het onmogelijk is om hier momenteel voorspellingen over te doen, blijft SVHW bij de in de Financiële Verordening SVHW 2021 beschreven gedragslijn met betrekking tot de indexering, te weten 1% voor de materiële kosten en 1% voor personele kosten vanwege de afwezigheid van een nieuwe cao. Naar alle waarschijnlijkheid zal er echter sprake zijn van een substantieel hogere indexering. SVHW zal hiervoor in 2023 een begrotingswijziging voorleggen. Ontwikkelingen inbegrepen in de Begroting 2023 De onderstaande tabel geeft de impact weer van de diverse ontwikkelingen op de begroting. Er wordt hierbij aangegeven of er sprake is van een mutatie in de exploitatie, of de ontwikkelingen kunnen worden opgevangen binnen de exploitatie of dat de kosten voor de ontwikkelingen vooralsnog moeten worden opgenomen in de risicoparagraaf.

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 44 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 Par.

Omschrijving

Mutatie exploitatie

Realisatie Opnemen in Opmerkingen binnen risico exploitatie paragraaf

Ontwikkelingen extern 4.2.1

Generieke Digitale Infrastructuur (GDI)

4.2.2

MijnOverheid

4.2.3

Landelijk stelsel van basisregistraties

PM ja

Betreft een risico voor de deelnemers indien het huidige financieringsmodel via het gemeentefonds verandert. SVHW gaat meer documenten via Mijn Overheid ontsluiten

LV-WOZ / WOZ waardeloket

Deze ontwikkelingen staan in relatie tot elkaar; gezamenlijk een riscico voor 2023 van 150K nieuw informatiemodel, basisregistraties beter op elkaar afstemmen

Basisregistratie Kadaster (BKR)

invoering BKR levering 2.0, werkprocessen anders opzetten

Samenhangende Objecten Registratie (SOR)

150.000

4.2.6

Cloud technologie

4.2.7

Informatiebeveiliging en privacy

ja

gevolgen voor werkprocessen, functie omschrijvingen en informatie uitwisseling aanpassing belastingapplicatie incl implementatie, inhuur en opleiding Medewerkers moeten zich meer bekwamen in verwerken van data , aanvullende expertise op gebied van data-analyse. Ontwikkeling API's, ontsluiten data, robotisering SaaS software bevat standaard geen slimme maatwerkoplossingen, interne koppelingen naar andere SVHW systemen digitale weerbaarheid

4.3.1

Digitalisering van de samenleving

ja

website toegankelijk voor mensen met beperking

4.3.2

Kindertoeslagenaffaire

ja

4.4.1

Wijziging besluit proceskosten bestuursrecht

4.4.2

Wet digitale overheid

ja

veilig en betrouwbaar inloggen bij de overheid

4.4.3

Wet open overheid

ja

4.4.4

inperken BTW koepelvrijstelling

ja

aanschaf en implementatie zaaksysteem tbv actief openbaar en toegankelijk maken overheidsinformatie extra administratieve werkzaamheden

4.5.1

breder gebruik WOZ waarden

4.5.2

Rijksprogramma Regie op Gegevens

ja

4.5.3

Nieuwe taxatiemodellen

ja

belanghebbenden communiceren via MijnOverheid over actueel houden gegevens doorontwikkelen waarderingsapplicatie Ortax

4.5.4

ja

opstellen integraal document

4.5.5

Verantwoordingsdocument / vernieuwd taxatierapport Toename areaal

4.5.6

Wet verbetering rechtsbescherming

4.7.1

Diftar

4.7.4

Verduurzaming belastingstelsel

4.2.4

Common Ground

4.2.5

Artificial Intelligence / Machine learning 100.000 100.000

in 2022

50.000

in samenhang met ontwikkeling systemen

74.000

50.000

150.000

4.8.3

Wijziging beslag- executierecht / Wet stroomlijning keten voor derdenbeslag / Wet vereenvoudiging belastingvrije voet Maatschappelijk verantwoord invorderen

belanghebbenden met tegengestelde belangen

PM

werkdruk SVHW neemt toe door meer gemeenten met Diftar

4.8.5

Wijziging beroepsprocedure kwijtschelding

4.8.6

Kwijtschelding 3.0

ja

ja

30.000 20.000 PM

4.10.3 Samenwerking met collega belastingkantoren

bezetting SVHW niet toereikend om werkzaamheden goed af te doen

PM

PM 4.8.2

arbeidsintensieve NCNP WOZ-bezwarenstroom

Betreft een risico voor de deelnemers indien verduurzaming willen stimuleren. De extra uitvoeringskosten worden doorberekend aanbetreffende deelnemer(s) hoger bedrag oninbaar bij gebrek aan beslagmaatregelen, meer uitvoeringswerkzaamheden, toename hernieuwde dwangbevelen, toename administratieve lasten Voorkomen problematische schulden kan leiden tot verminderde opbrengst invorderingskosten Mogelijkerwijs nieuwe “NCNP-markt” ivm bezwaar a niet toekennen kwijtscheldingsverzoek. Toename proceskostenvergoeding Burger haalt digitaal eigen gegevens op bij verschillende instanties

ja

4.10.5 Ambtenaar van de toekomst

75.000

Totaal Mutatie exploitatie 2023

€ 299.000

ja

inzetten op scholing + uit- en instroom € 500.000 exclusief PM posten

Bij het opstellen van de Begroting 2023 heeft SVHW getracht de PM posten zoveel mogelijk te kwantificeren en afhankelijk van de hoogte proberen op te vangen binnen de exploitatie en anders op te nemen in een toename van de begroting (nieuw beleid/ontwikkelingen). Deze gedragslijn is beschreven in paragraaf 5.1.3. Mochten de niet kwantificeerbare PM posten zich voordoen en meer dan 500.000 euro bedragen dan zal SVHW een begrotingswijziging indienen. Nieuw beleid Het nieuw beleid, dat SVHW naast alle activiteiten ten gevolge van externe ontwikkelingen uitvoert, bestaat voornamelijk uit de verdere ontwikkeling van de dienstverlening in de richting van particulieren, ondernemers en deelnemers. Daarnaast neemt SVHW een zaaksysteem in gebruik. Dit wordt binnen de exploitatie gerealiseerd. Aanvullend hierop is in de Begroting 2023 een data-analist toegevoegd aan de formatie (1 FTE). Hiermee geeft SVHW invulling aan een toenemende behoefte aan data-analyse en procesontwerp.

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 45 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 Resumé Bij het opstellen van de Begroting 2023 houdt SVHW rekening met de volgende gegevens: Kosten begroting 2023 (*1000 € )

Deelnemersbijdrage 2023 (*1000 €)

Kosten begroting 2022 Af: Kosten organisatieontwikkeling (gedekt via bestemmingsreserve)

13.994 Kosten begroting 2023 -23 Opbrengst invorderingskosten

14.387 -2.550

Overige opbrengsten 13.971 Onttrekking reserve

Sub-totaal Indexering (1% indexering) Formatie uitbreiding Incidentele kosten 2022 Sub-totaal toename kosten 2023

Totaal kosten 2023

132 299 -15

-10 0

Deelnemersbijdrage 2023

11.827

416 Mutatie deelnemersbijdrage 2023

416

14.387 Deelnemersbijdrage 2022

11.411

Procentuele ontwikkeling deelnemersbijdrage 2023 Procentuele toename 2023 - 2022 3,65% Volume groei 2023-2022 1,97% Indexering 2023 (inclusief incidenteel) 1,03% Nieuw beleid 2023 0,65%

5.2.2

Opbrengsten

Er zijn ten opzicht van 2022 geen mutaties voorzien in de opbrengst invorderingskosten en overige opbrengsten. Door de volumegroei (objecten een aanslagregels) ten opzichte van de gewijzigde begroting 2022 stijgt de deelnemers bijdrage in 2023 naar 11.827.000 euro.

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 46 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027

5.2.3

Totaalbeeld begroting 2023

Programmaoverzicht (bedragen x 1.000 euro) P rogra mma

Be groting

G e wij zigd e

J a a rre ke ning

2023

b e groting 2 0 2 2

2021

Ondersteuning

3.451

3.283

3.427

Gegevensbeheer algemeen

2.094

2.087

1.958

327

327

262

WOZ Administratie

3.242

3.123

3.113

Dienstverlening

5.273

5.172

4.624

Totaal Lasten

14.387

13.994

13.384

Opbrengst invord.kosten

2.550

2.550

2.622

10

10

386

Opbrengst deelnemers

11.827

11.411

10.533

Totaal Baten

14.387

13.971

13.540

Gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten

0

-23

156

Mutaties vanuit reserves

0

23

72

R e sulta a t

0

0

228

Gegevensbeheer BAG

Overige opbrengsten

Opmerking: Zoals in paragraaf 5.1.7 beschreven heeft er een her-rubricering plaatsgevonden op het juist toewijzen van kosten aan programma’s. In bovenstaand overzicht zijn in de vergelijkende cijfers van het boekjaar 2022 en 2021 de gevolgen van deze her-rubricering verwerkt zodat een goed vergelijk mogelijk is.

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 47 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 Beleidsbegroting De onderstaande tabel geeft de beleidsbegroting 2023 weer. (bedragen x 1.000 euro) nr.

Omschrij ving

Be groting

G e wij zigd e

J a a rre ke ning

2023

b e groting 2 0 2 2

2021

LAST E N 410

Personeelskosten

6.487

6.129

5.776

420

Huisvestingskosten

265

261

187

430

Kantoorkosten

234

243

209

440

Automatiseringskosten

2.137

2.115

1.710

450

Overige diensten

1.062

1.074

1.485

460

Kapitaallasten

330

339

265

471

Kosten verwerven data

716

709

683

472

WOZ kosten derden

1.142

1.131

1.118

481

Kosten Klantcontact

157

155

129

482

Kosten Heffen

585

578

593

483

Kosten Invordering

496

490

462

483

Proceskosten

726

719

767

400

Onvoorzien

50

50

0

14.387

13.994

13.384

Totaal lasten

BAT E N

800

Bijdragen deelnemers

11.827

11.411

10.533

810

Opbrengst invorderingskosten

2.550

2.550

2.622

811

Overige opbrengsten

10

10

386

14.387

13.971

13.540

Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten

-

-23

156

Mutatie bestemmingsreserve organisatie ontwikkeling

-

23

72

0

0

228

Totaal baten

710

G e re a lise e rd e re sulta a t

Opmerking: Zoals in paragraaf 5.1.7 beschreven heeft er een her-rubricering plaatsgevonden op het juist toewijzen van kosten aan programma’s. In bovenstaand overzicht zijn in de vergelijkende cijfers van het boekjaar 2022 en 2021 de gevolgen van deze her-rubricering verwerkt zodat een goed vergelijk mogelijk is.

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 48 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027

Tarieven SVHW 2023 6.1

Overzicht

Voor het bepalen van de deelnemersbijdrage worden per programma de volgende tarieven gehanteerd. T a rie fomschrij ving

Koste n

Gegevensbeheer algemeen - tarief per object (gemeenten en waterschap)

€

3,577 per belastbaar object

BAG administratie - tarief per BAG object (BAG deelnemers)

€

1,737 per WOZ object

BAG administratie - tarief bijdrage efficiencykorting per WOZ object (alle gemeenten)

€

0,922 per WOZ object

WOZ-administratie - tarief per object (gemeenten)

€

10,754 per WOZ object

Dienstverlening - tarief per gewogen aanslagregel (gemeenten en waterschap)

€

WOZ-kosten factuur Ministerie BZK (waterschap)

€

6.2

E e nhe id

1,184 per aanslagregel 1.142.000

Toelichting tarieven 2023

De tarieven zijn vastgesteld door de programmakosten per programma te delen door het totaal aantal eenheden binnen het programma. Hierbij is rekening gehouden met de opbrengsten vanuit de dwanginvordering en de vergoeding door het waterschap voor de factuur vanuit het Ministerie van BZK. Het BAG tarief bestaat uit twee componenten: 

Een tarief per BAG object voor de BAG-deelnemers, hiermee wordt 50% van de aan de BAG toe te rekenen kosten gedekt;

Een tarief per WOZ-object voor alle gemeentelijke deelnemers, aangezien alle gemeentelijke deelnemers profiteren van het synergie-effect van de gecombineerde BAG-WOZ uitvoering bij SVHW. Hiermee wordt de andere 50% gedekt.

Het gecombineerde tarief voor de programma’s Heffingen en Invordering is gebaseerd op het totaal aantal gewogen aanslagregels. Afhankelijk van de bewerkelijkheid van de belastingsoort wordt een weging gegeven aan de aanslagregel. Op deze wijze wordt een relatie gelegd tussen de inspanning en de kosten voor de belastingsoort. SVHW hanteert de volgende wegingsfactoren: 

Wegingsfactor 1: Het proces is nagenoeg geautomatiseerd en invoer is eenmalig en eenvoudig (veelal naar aanleiding van basisregistraties);

Wegingsfactor 2: Jaarlijks optredende mutaties; het analyseren en verhelpen van de uitval is noodzakelijk en de invoer van de mutaties is redelijk eenvoudig;

Wegingsfactor 3: Het invoeren van jaarlijkse mutaties is complex en aanvullende controlewerkzaamheden voor de volledigheid van de belastingheffing zijn nodig.

We gingsfa ctor 1

We gingsfa ctor 2

We gingsfa ctor 3

OZB Ondernemersfonds Rioolheffing eigenaar Rioolheffing gebruiker Afvalstoffenheffing DifTar vastrecht / voorschot Reinigingsrechten Watersysteemheffing Wegenheffing Zuiveringsheffing woningen Verontreinigingsheffing woningen

DifTar eindafrekening Grafrechten Precariobelasting BIZ Baatbelasting Zuiveringsheffing niet-woningen Verontreinigingsheffing niet-woningen

RZB Hondenbelasting Forensenbelasting (Dag)toeristenbelasting Watertoeristenbelasting Reclamebelasting Vermakelijkheidsretributie

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 49 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 Verloop tarieven In onderstaand overzicht is het verloop van de tarieven ten opzichte van 2022 weergegeven. Door de volumegroei is bij de meeste tarieven een dalend effect zichtbaar. De tariefstijging bij het programma WOZ-administratie wordt veroorzaakt door het her-rubriceren van kosten. Tarieven

begro ting

begro ting 2022

2023

stijging 2023 t.o .v 2022

gewijzigd

no minaal

percentage

Gegevensbeheer algemeen - tarief per object (gemeenten en waterschap)

€

3,577 €

3,649 €

-0,072

-1,98%

Bag administratie - tarief per BAG object (BAG deelnemers)

€

1,737 €

1,978 €

-0,241

-12,19%

Bag administratie - tarief bijdrage efficiencykorting per WOZ object (alle gemeenten) €

0,922 €

1,051 €

-0,129

-12,32%

WOZ-administratie - tarief per object (gemeenten)

€

10,754 €

9,763 €

0,991

10,15%

Dienstverlening - tarief per gewogen aanslagregel (gemeenten en waterschap)

€

1,184 €

1,242 €

-0,058

-4,67%

WOZ-kosten factuur Ministerie BZK (waterschap)

€ 1.142.000 €

1.115.000 € 27.000,000

2,42%

De hogere kosten WOZ-kosten factuur Ministerie BZK betreft een verwachte indexering van de factuur. Deze kosten worden doorbelast aan het waterschap Hollandse Delta en gaan kostenneutraal door de Begroting 2023. Ontwikkeling deelnemersbijdrage 2023 In de Begroting 2023 is de tariefstructuur verwerkt die het Algemeen Bestuur SVHW in zijn vergadering op 12 april 2017 heeft vastgesteld. Door deze nieuwe tariefstructuur ontstaat een transparante relatie tussen de deelnemersbijdrage en de afgenomen diensten. In 2021 is de organisatiestructuur van SVHW aangepast. Hoewel de benaming van de processen is aangepast, is de toerekening van de kosten aan de organisatie onderdelen en daarmee ook de opbouw van de tarieven grotendeels ongewijzigd. Het voorschot dat een deelnemer betaalt in de Begroting 2023 is gebaseerd op de realisatie in het laatste afgesloten boekjaar (2021) geïndexeerd met 1% volumegroei voor 2022 en 1% volumegroei voor 2023. Tevens is het aantal aanslagregels voor een drietal gemeenten die zijn overgegaan op Diftar in de begroting 2023 verwerkt. De tarieven in de Begroting 2023 zijn berekend op basis van deze realisaties. Bij het opstellen van de jaarrekening 2023 zal op basis van de daadwerkelijke realisatie een eindafrekening per deelnemer worden opgesteld.

De deelnemers betalen door actualisatie van de volumes een hoger voorschot maar de te verrekenen deelnemersbijdrage bij het opstellen van de jaarrekening 2023 zal hierdoor lager uitvallen. De onderstaande tabel geeft de ontwikkeling van de deelnemersbijdrage. De deelnemersbijdrage 2023 is berekend op basis van de uitgangspunten zoals vermeld in paragraaf 5.1.

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 50 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027 (bedragen x 1.000 euro) Ove rzicht ontwikke ling b ij d ra ge d e e lne me rs 2 0 2 3 te n op zichte va n b e groting 2 0 2 2 b e groting 2 0 2 3

G e wij zigd e

re ke ning 2 0 2 1

b e groting 2 0 2 2

stij ging 2 0 2 3 t.o.v 2 0 2 2 nomina a l

p e rce nta ge

Alblasserdam

231

222

205

8

3,72%

Albrandswaard

272

233

216

39

16,89%

Altena

686

646

634

40

6,16%

Barendrecht

530

459

424

72

15,60%

Brielle

221

214

198

8

3,54%

Goeree-Overflakkee

772

693

641

79

11,44%

Hardinxveld-Giessendam

183

174

160

8

4,84%

Hellevoetsluis

512

493

455

19

3,85%

Hoeksche Waard

1.152

1.099

998

53

4,85%

Krimpenerwaard

718

694

635

24

3,47%

Lansingerland

622

583

547

39

6,76%

Nieuwkoop

380

333

337

47

14,19%

Westvoorne

178

171

156

7

4,07%

Hollandse Delta

5.369

5.397

4.928

-27

-0,51%

Totaal

11.827

11.411

10.533

417

3,64%

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 51 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027

Ondersteuning (oude naam: Algemeen Beheer) 7.1

Omschrijving

Doel Een aantal kosten heeft betrekking op alle programma’s. Dit betreffen vooral de personeelskosten. Deze worden in eerste instantie verantwoord op deze kostenplaats en aan het einde van het jaar toegerekend aan de programma’s. De toerekening aan de programma’s vindt plaats op basis van de urenregistratie. Lasten De personeelskosten zijn gebaseerd op een bezetting van 83,48 fte. Baten De totale kosten van het algemeen beheer worden aan de producten toegerekend op basis van de geschatte tijdsbesteding van de medewerkers.

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 52 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027

7.2

Begroting 2023

(bedragen x 1.000 euro) Ca t.

Oms chr ij ving

B e gr oting

G e wij z igd e

J a a r r e k e ning

2023

b e gr oting 2 0 2 2

2021

LAST E N 410

Lonen en salarissen MT

390

386

425

410

Lonen en salarissen Ondersteuning

888

740

708

410

Toelagen MT en Ondersteuning

24

24

15

411

Sociale lasten en premies

390

346

353

410

Thuiswerkvergoeding

46

46

57

410

Overige vergoedingen

45

45

85

412

Vergoeding gebruik eigen auto

59

59

13

412

Voorziening vacatures

20

20

51

412

Overige personeelskosten

0

0

10

413

Geschenken personeel < € 25

27

26

28

413

Intermediaire kosten en kosten OR

2

2

3

414

Personeelskosten welke onde WKR vallen

26

25

12

415

Arbovoorzieningen en EHBO cursussen

16

16

13

415

Consumpties op de werkvloer

6

6

4

416

Woon werk verkeer onbelast

74

74

35

416

Opleidingskosten

192

190

145

412

Overige vrijgestelde personeelskosten

1

1

0

416

Inrichting thuiswerkplek

0

14

2.206

2.005

1.972

Totaal personele kosten 420

Onderhoud gebouw

182

180

122

421

Nutsvoorzieningen

67

66

55

422

Belastingen

16

15

10

430

Kantoorartikelen

70

69

67

430

Abonnementen

4

4

4

431

Interne faciliteiten

20

33

14

432

Verzekeringen

16

15

14

433

Kosten salarisverwerking

19

19

17

434

Telefoonkosten

42

41

40

434

Portikosten algemeen

28

27

19

450

Diensten van derden

73

72

79

451

Ingeleend personeel

259

257

610

452

Organisatie ontwikkeling

23

72

453

Accountantskosten

460

Kapitaallasten Onvoorzien Totaal lasten

Ca t.

69

68

67

330

339

265

50

50

0

3.451

Oms chr ij ving

3.283

3.427

B e gr oting

G e wij z igd e

J a a r r e k e ning

2023

b e gr oting 2 0 2 2

2021

BATEN 811 811 811

Vergoeding kosten door deelnemers

54

Forfaitaire vergoeding KOTA

315

Overige opbrengsten

10

10

17

10

10

386

3.441

3.273

3.041

Gegevensbeheer algemeen

597

581

515

Gegevensbeheer BAG

181

176

156

Productie WOZ

480

442

414

Productie PMA en Herwaarderen

384

348

331

Dienstverlening Klantcontact

607

591

524

Dienstverlening Heffen

595

529

514

Dienstverlening Invordering

598

583

516

3.441

3.250

2.969

3.451 3.451 0

3.260 3.283 -23

3.355 3.427 -72

Vrijval Bestemmingsreserve organisatie ontwikkeling

0

23

72

Totaal

0

0

0

Sub-totaal Toerekening naar programma's:

Totaal allocatie Totaal baten Totaal lasten Resultaat

710

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 53 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027

Programma 1: Gegevensbeheer algemeen (oude naam: Vastgoedinformatie) 8.1

Omschrijving

Doel Dit programma heeft betrekking op het verzamelen, registreren en bewerken van de basisgegevens van alle deelnemers van SVHW. Hiervoor verwerkt SVHW kadastrale informatie, bevolkingsmutaties, bouwvergunningen en informatie van de deelnemers. Lasten De kosten voor het verwerven van data (gegevens, fotomateriaal) en de ICT kosten drukken op dit programma. De toegerekende kosten algemeen beheer worden op basis van een urenregistratie aan de diverse programma’s toegerekend. Baten De bijdrage van de deelnemers is gebaseerd op een bedrag van 3,577 euro per belastbaar object, zoals aangegeven in de onderstaande tabel. Kwa ntita tie ve ge ge ve ns

2023

Aantal belastbare objecten

737.435

Aantal kadastrale percelen

630.906

Versie 0.7 14 april 2022

Pagina 54 van 83

Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024 - 2027

8.2

Programmabegroting 2023

(bedragen x 1.000 euro) Ca t.

Omschrij ving

Be groting

G e wij zigd e

J a a rre ke ning

2023

b e groting 2 0 2 2

2021

LAST E N 410

Lonen en salarissen Gegevensbeheer ALG

410

Toelagen Gegevensbeheer ALG

577

572

5

5

411

3

Sociale lasten en premies

175

173

164

Totaal personele kosten

758

750

720

440

Automatiseringskosten

371

378

306

451

Ingeleend personeel

250

250

250

471

Beeldmateriaal

530

525

508

471

Kosten kadaster

186

184

175

2.094

2.087

1.958

597

581

515

2.691

2.670

2.473

Bijdragen deelnemers

2.691

2.670

2.807

Totaal baten

2.691

2.670

2.807

Totaal baten

2.691

2.670

2.807

Totaal lasten

2.691

2.670

2.473

0

0

333

Subtotaal programmakosten

Toerekening kosten Ondersteuning Totaal lasten

552

BAT E N

Resultaat

Versie 0.7 14 april 2022

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3408/documents/27196