6. Raadsinformatiebrief 2024 766829 reactie bestuur op zienswijze raad Albrandswaard op de vastgestelde Begroting 2025 DBP en toezending 2e tussenrapportage 2024 DBP .pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
De gemeenteraad van Albrandswaard Uw brief van:
Ons kenmerk: 766829
Uw kenmerk:
Contact: R.P. van der Stoel
Bijlage(n): 6
Doorkiesnummer: E-mailadres: r.v.d.stoel@bar-organisatie.nl Datum: 24 september 2024
Betreft: Toezending reactie bestuur De BedrijfsvoeringsPartner (DBP) op ingediende zienswijze vastgestelde begroting 2025 en toezending 2e tr 2024.
Geachte raadsleden, INLEIDING In de bijlagen treft u ter informatie de reactie van het bestuur op uw ingediende zienswijze op de vastgestelde Begroting 2025 van DBP toe. KERNBOODSCHAP
Ondanks de tegenstem van Albrandswaard, op basis van uw ingediende zienswijze, is de begroting 2025 met meerderheid van stemmen vastgesteld. Het college van Albrandswaard zal de in de zienswijze vermelde onderdelen van deze begroting ter discussie blijven stellen in het bestuur. VERVOLG Afgesproken is dat onze raad te allen tijde adequaat geïnformeerd wordt over de beleidsvoortgang en financiële situatie van DBP. Wij hopen u hiermede dan ook voldoende te hebben geïnformeerd, Met vriendelijke groet, het college van de gemeente Albrandswaard, de secretaris, de burgemeester,
mr. drs. Florus van der Linden
drs. Jolanda de Witte
Stationsstraat 4 – 3161 KP Rhoon - Postbus 1000 - 3160 GA Rhoon - T (010) 506 11 11 - E info@albrandswaard.nl
DE BEDRIJFSVOERINGS PARTNER
Aan de Colleges van Burgemeester en Wethouders van Albrandswaard, Barendrecht en Ridderkerk
Uw brief van: Uw kenmerk:
Kenmerk: Contactpersoon :
Bijlage(n): 1 Onderwerp:
2'; tussenrapportage 2024 De BedrijfsvoeringsPartner
Afdeling: Doorkiesnummer: Datum :
2024-062799 R. van Ee Financiën 088 8485458 11 september 2024
Geachte collegeleden, Hierbij bieden wij u aan de 2' tussenrapportage 2024 van De BedrijfsvoeringsPartner (DBP) en verzoeken u deze ter kennisgeving door te geleiden naar uw gemeenteraad. Deze tussenrapportage hebben wij op 11 september 2024 vastgesteld. ZierISwijzeprocedure Voor deze tussenrapportage is geen zienswijzeprocedure gevolgd Alle financiële mutaties in deze 2e tussenrapportage 2024 van DBP zijn ook opgenomen in de gemeentelijke 2e tussenrapportages 2024 van Albrandswaard en Ridderkerk. De gemeente Barendrecht heeft een deel van de mutaties opgenomen in de tussenrapportage 2024 en zal de overige mutaties verwerken in de eigen P&C-documenten. Hiermee is de vereiste politieke besluitvorming aan beide kanten geregeld en is een zienswijzeprocedure niet nodig
Hoogachtend, het bestuur van De BedrijfsvoeringsPartner, Secretariq
Voorzitter
/
H.T
Bochove
Bijlage:
2' tussenrapportage2024 DBP
M. Bianchi
2e Tussenrapportage 2024
De BedrijfsvoeringsPartner Albrandswaard, Barendrecht en Ridderkerk
Bestuur 11 september 2024
Inhoud Inleiding ....................................................................................................................................... 3 1. Financiële afwijkingen 2e tussenrapportage 2024 ...................................................................... 6 2. Prestatiegegevens .................................................................................................................... 9 3. Voortgang investeringsschema 2024 ....................................................................................... 10
2
Inleiding Ieder begrotingsjaar worden er door DBP twee tussenrapportages opgesteld. Het doel van de tussenrapportages is het bestuur in staat te stellen om gedurende het jaar de begroting beleidsmatig en financieel bij te stellen. In de loop van een jaar doen zich namelijk ontwikkelingen voor die aanleiding kunnen zijn tot het bijstellen van de begroting. De financiële mutaties in deze tussenrapportage zijn onderverdeeld in drie categorieën: + = bijramingen / - = aframingen
I.
Soort mutatie
2024
2025
2026
2027
Mutaties waar afspraken over zijn dat hiervoor de
60.500
62.900
62.900
62.900
-
-
-
8.000
0
0
0
Mutaties op basis van gemaakte afspraken
433.000
45.900
45.900
45.900
Totaal
501.500
108.800
108.800
108.800
gemeentelijke bijdragen mogen worden verhoogd - hiervoor vraagt DBP de gemeenten om geld, deze uitgaven zijn niet beïnvloedbaar
II.
Mutaties waar gemeentelijke besluitvorming van is of waarvoor het initiatief vanuit de gemeenten komt
III.
Hieronder volgt een overzicht van de mutaties, voorzien van een toelichting. De mutaties worden verrekend met de gemeentelijke bijdragen aan DBP. I.
Mutaties waarvoor bestaande afspraken zijn dat hiervoor de gemeentelijke bijdragen mogen worden verhoogd
+ = bijramingen / - = aframingen
Nr. Omschrijving
Bedrag
I/S
Albrandswaard
Barendrecht
Ridderkerk
60.500
S
12.900
24.000
23.600
Financiële consequenties cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO) 2024 - 2025 1
Studiekosten 1,5% van de loonsom (incidenteel in 2024 € 29.500 en vanaf 2025 structureel € 31.900), internet- en thuiswerkvergoeding, werkgeversbijdrage AOV
3
II.
Mutaties waar gemeentelijke besluitvorming van is of waarvoor het initiatief vanuit de gemeenten komt
+ = bijramingen / - = aframingen
Nr. Omschrijving
2
Signing gemeentehuis Ridderkerk
III.
Bedrag
I/S
8.000
I
Albrandswaard
Barendrecht
Ridderkerk
8.000
Overige mutaties op basis van gemaakte afspraken
+ = bijramingen / - = aframingen
Nr. Omschrijving 3
Bedrag
I/S
Albrandswaard
Barendrecht
Ridderkerk
387.100
I
78.500
151.000
157.600
* Albrandswaard
1.200
S
1.200
* Barendrecht
11.700
S
* Ridderkerk
33.000
S
Langdurig zieke medewerkers - kosten tweede halfjaar 2024
4
I&A maatwerk:
11.700 33.000
Gemeentelijke bijdragen Per saldo leiden bovenstaande mutaties in 2024 tot hogere gemeentelijke bijdragen van onze drie gemeenten van: + = bijramingen / - = aframingen
Omschrijving
Gemeentelijke bijdragen
4
Albrandswaard
Barendrecht
Ridderkerk
92.600
186.700
222.200
Verdeelsleutel collectieve dienstverlening Voor het verrekenen van de werkzaamheden in het kader van de collectieve dienstverlening is een verdeelsleutel afgesproken op basis van inwoneraantallen. Dit percentage wordt jaarlijks opnieuw berekend op basis van de actuele inwoneraantallen per 1 januari van de drie gemeenten. Voor het jaar 2024 is deze verdeelsleutel: Albrandswaard: 21,51% Barendrecht: 39,64% Ridderkerk: 38,85%
Afronden De bedragen in deze tussenrapportage zijn afgerond op € 100.
Barendrecht van twee naar één tussenrapportage Met ingang van 2024 is de gemeente Barendrecht van twee naar één tussenrapportage gegaan. Tot en met 2023 liep de tijdsplanning van de tussenrapportages van de GR BAR en de gemeenten gelijk op. De 1e Tussenrapportages werden bij alle vier de organisaties voor de zomervakantie vastgesteld en daarna kon met de uitvoering worden begonnen. Met ingang van 2024 heeft de gemeente Barendrecht nog maar één tussenrapportage per jaar. Hierdoor loopt de P&C-cyclus van Barendrecht niet meer gelijk met die van DBP en de andere twee gemeenten. De tussenrapportage van Barendrecht was dit jaar eerder in het jaar dan de 2e tussenrapportage van DBP. Ambtelijk is aan Barendrecht verzocht de DBP-mutaties, die niet zijn verwerkt in de eigen tussenrapportage, te verwerken in de eigen P&C-cyclus.
Zienswijzeprocedure Voor deze tussenrapportage wordt geen zienswijzeprocedure gevolgd. De financiële mutaties in deze tussenrapportage zijn ook in de 2e tussenrapportages 2024 van Albrandswaard en Ridderkerk opgenomen. Hiermee is de vereiste bestuurlijke besluitvorming aan de kant van DBP en aan de kant van de gemeenten geregeld en is een zienswijzeprocedure niet nodig. Barendrecht zal de mutaties verwerken in de eigen P&C-documenten.
5
1. Financiële afwijkingen 2e tussenrapportage 2024 + = voordeel, - = nadeel L = lasten / B = baten Nr. Toelichting
L/B
2024
2025
2026
2027
2028
I.
MUTATIES WAAR AFSPRAKEN OVER ZIJN DAT HIERVOOR DE GEMEENTELIJKE BIJDRAGEN MOGEN WORDEN VERHOOGD
1
Financiële consequenties cao SGO 2024-2025
L
-60.500
-62.900
-62.900
-62.900
-62.900
Verhoging bijdrage Albrandswaard
B
12.900
13.400
13.400
13.400
13.400
Verhoging bijdrage Barendrecht
B
24.000
24.900
24.900
24.900
24.900
Verhoging bijdrage Ridderkerk
B
23.600
24.600
24.600
24.600
24.600
II.
MUTATIES WAAR GEMEENTELIJKE BESLUITVORMING VAN IS OF WAARVOOR HET INITIATIEF VANUIT DE GEMEENTEN KOMT
2
Signing gemeentehuis Ridderkerk
L
-8.000
Verhoging bijdrage Ridderkerk
B
8.000
III. MUTATIES OP BASIS VAN GEMAAKTE AFSPRAKEN
3
Langdurig zieke medewerkers - kosten 2e halfjaar* Verhoging bijdrage Albrandswaard (20,29%)
L
-387.100
B
78.500
Verhoging bijdrage Barendrecht (39,01%)
B
151.000
Verhoging bijdrage Ridderkerk (40,70%)
B
157.600
* De kosten voor langdurig zieke medewerkers in het 2e half jaar van 2024 worden verdeeld volgens de verdeelsleutel 2023. 4
I&A-maatwerk Albrandswaard
L
-1.200
-1.200
-1.200
-1.200
-1.200
I&A-maatwerk Barendrecht
L
-11.700
-11.700
-11.700
-11.700
-11.700
I&A-maatwerk Ridderkerk
L
-33.000
-33.000
-33.000
-33.000
-33.000
Verhoging bijdrage Albrandswaard
B
1.200
1.200
1.200
1.200
1.200
Verhoging bijdrage Barendrecht
B
11.700
11.700
11.700
11.700
11.700
Verhoging bijdrage Ridderkerk
B
33.000
33.000
33.000
33.000
33.000
6
Toelichting bij de financiële afwijkingen 2e tussenrapportage 2024 1. Financiële consequenties cao SGO 2024-2025 Stijging opleidingsbudget Volgens afspraak is het jaarlijkse opleidingsbudget sinds 2021 gefixeerd op 1,5% van de loonkosten. Voor de werknemers van DBP geldt de cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO). Conform de cao is in 2024 twee keer een salarisverhoging doorgevoerd. Het opleidingsbudget was nog niet verhoogd. Met deze mutatie komt het opleidingsbudget op 1,5% van de loonsom. Hiervoor worden - volgens afspraak - de gemeentelijke bijdragen verhoogd. Verhoging internetvergoeding In de nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst, die op 1 januari 2024 van kracht is geworden, is een nieuwe regeling voor de thuiswerkvergoeding opgenomen. Deze vergoeding bedraagt € 3,00 per thuiswerkdag. Dit bedrag is gesplitst in een thuiswerkvergoeding van € 2,25 per dag en een internetvergoeding van € 0,85 per dag. Deze € 0,85 per thuiswerkdag was in de eerste tussenrapportage nog niet nauwkeurig door te rekenen en is daarom in deze tussenrapportage opgenomen. Hiervoor worden - volgens afspraak - de gemeentelijke bijdragen verhoogd. Verhoging thuiswerkvergoeding In de nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst, die op 1 januari 2024 van kracht is geworden, is een nieuwe regeling voor de thuiswerkvergoeding opgenomen. Deze vergoeding bedraagt € 3,00 per thuiswerkdag.
Dit bedrag is gesplitst in een thuiswerkvergoeding van € 2,25 per dag en een internetvergoeding van € 0,85 per dag. De met € 0,15 verhoogde vergoeding per thuiswerkdag was in de eerste tussenrapportage nog niet nauwkeurig door te rekenen en is deze tussenrapportage verwerkt. Hiervoor worden - volgens afspraak - de gemeentelijke bijdragen verhoogd. Werkgeversbijdrage AOV In de nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst (CAO), die op 1 januari 2024 van kracht is gegaan, is een nieuwe regeling opgenomen waarbij medewerkers een tegemoetkoming in de kosten van € 10 per maand ontvangen als zij een arbeidsongeschiktheidsverzekering hebben. In de eerste tussenrapportage waren deze kosten nog niet nauwkeurig door te rekenen, en zullen deze in de tweede tussenrapportage worden doorberekend. Hiervoor worden - volgens afspraak - de gemeentelijke bijdragen verhoogd.
7
2. Signing gemeentehuis Ridderkerk Als gevolg van de ontvlechting en daarmee gepaard gaande nieuwe inrichting van het gemeentehuis Ridderkerk is de signing aangepast aan de nieuwe huisstijl. In het gemeentehuis zijn in het A-gebouw en een deel van het B-gebouw aanpassingen gedaan, waarvoor een incidenteel budget van € 8.000 benodigd is. Voor deze incidentele kosten is geen regulier budget. Voor de kosten van de werkzaamheden wordt de bijdrage van Ridderkerk aan DBP in 2024 incidenteel verhoogd.
3. Langdurig zieke medewerkers - kosten 2e halfjaar 2024 Dit betreft de kosten van langdurig zieke medewerkers die op grond van een gemaakte afspraak bij de ontvlechting van de BAR-organisatie in de begroting van DBP worden opgenomen. Deze kosten worden betaald door de drie gemeenten op basis van de voor 2023 geldende verdeelsleutel voor het standaardwerk. Eind juli is een prognose opgesteld voor de kosten voor het tweede halfjaar van 2024. Na verrekening van de ontvangen en geraamde UWV-inkomsten en de uitstroom welke heeft plaatsgevonden, resteert nog een geprognotiseerde kostenpost van € 387.100 voor de tweede jaarhelft. De verdeling hiervan is conform de verdeelsleutel 2023 als volgt: Verdeelsleutel 2023
Kosten .
Bijdrage Albrandswaard (20,29%)
78.500
Bijdrage Barendrecht (39,01%)
151.000
Bijdrage Ridderkerk (40,70%)
157.600
Totaal geraamde kosten 2e half jaar 2024
387.100
4. I&A-maatwerk Albrandswaard, Barendrecht en Ridderkerk DBP verzorgt de software voor diverse gemeentelijke processen. In de projectfase is in beeld gebracht welke bedragen hiermee gemoeid zijn. Vervolgens zijn over de aanschaf afspraken gemaakt door de gemeenten met DBP. Deze software wordt ingezet binnen de primaire processen bij de gemeenten en niet binnen de bedrijfsvoering. Dit speelt bij het sociaal domein, het ruimtelijk domein en de dienstverlening. De aanschaf en uitvoering wordt verzorgd door DBP. Om DBP in staat te stellen de uitvoering te kunnen verzorgen dienen er middelen vanuit de gemeenten beschikbaar te worden gesteld aan DBP. Hiervoor worden de gemeentelijke bijdragen verhoogd.
8
2. Prestatiegegevens In de tussenrapportage t/m 2023 (van destijds de GR BAR) waren bij dit onderdeel prestatieafspraken en indicatoren opgenomen waarin de hoofddoelstellingen van de voormalige GR BAR werden uitgewerkt. Op dit moment worden voor DBP de nieuwe prestatieafspraken en indicatoren nog nader uitgewerkt. Deze nieuwe set prestatie-indicatoren wordt - zodra deze is vastgesteld en geoperationaliseerd - opgenomen in de toekomstige P&C-documenten van DBP.
9
3. Voortgang investeringsschema 2024 Investeringen
Begroting 2024
Mutaties 1e Mutaties 2e tussentussenrapportage rapportage 2024 2024
Werkelijke uitgaven 2024 eind augustus
Prognose investeringen restant 2024
Prognose door te schuiven naar 2025
Diverse software
595.300
183.400
411.900
0
Diverse hardware
400.000
22.300
377.700
0
Totaal Informatie en Automatisering
995.300
205.700
789.600
0
Audiovisuele middelen
80.100
13.000
67.100
0
Doorontwikkeling kantoorinrichting (gezonde omg.) Inrichting bedrijfsrestaurants en HUB's
41.100
20.000
21.100
0
67.100
0
67.100
0
Vervanging kantoormeubilair en werkplekken Totaal Facilitair
70.000
48.400
21.600
0
Totaal
0
0
258.300
0
0
81.400
176.900
0
1.253.600
0
0
287.100
966.500
0
Toelichting bij het investeringsschema Er zijn geen mutaties in het investeringsschema voor 2024, de geraamde bedragen blijven ongewijzigd. Per 22 augustus 2024 is 23% van de begrote investeringen uitgegeven. Totaal zijn er investeringen geraamd voor een bedrag van € 1.253.600 en hiervan is € 287.100 uitgegeven. Dit percentage is vergelijkbaar met de realisatie in augustus in voorgaande jaren (van de GR BAR). Het beeld in de 2e tussenrapportages van de afgelopen jaren zag er namelijk als volgt uit: - 2e tussenrapportage 2020: 32% e - 2 tussenrapportage 2021: 28% - 2e tussenrapportage 2022: 27% - 2e tussenrapportage 2023: 42% De jaarrekeningen lieten vervolgens de volgende realisatiepercentages zien: - rekening 2020: 79% - rekening 2021: 75% - rekening 2022: 76% - rekening 2023: 89% De uitvoering van de investeringen heeft de aandacht, waarbij de budgethouders ernaar streven om alle geraamde investeringen uit te voeren. Voor 2024 wordt uitgegaan van volledige realisatie van de beschikbare software- en hardware kredieten van in totaal € 995.300. Dit totaalbudget is inclusief
10
een restantbudget voor software- investeringen van € 95.300, dat is doorgeschoven vanuit 2023 naar 2024.
Vanuit het hardware-budget zullen naar verwachting nog investeringen worden gedaan in coreswitches en switches voor de DBP-cloud voor een bedrag van ongeveer € 270.000. De resterende budgetruimte zal naar verwachting ook worden ingezet, waarbij nog een afweging plaatsvindt aan welke investeringen prioriteit zal worden gegeven. Voor de investeringen in facilitaire voorzieningen zijn dit jaar vier investeringskredieten beschikbaar, met een totaalbudget van € 258.300. Dit bedrag is inclusief drie doorgeschoven investeringsbudgetten vanuit 2023 voor een totaalbedrag van € 133.300. De verwachting is dat de budgetten in 2024 volledig zullen worden benut.
11
GR De BedrijfsvoeringsPartner (DBP) Albrandswaard, Barendrecht en Ridderkerk werken samen op het gebied van de bedrijfsvoeringstaken op basis van de kernwaarden
dichtbij, aandacht, ontwikkeling en zakelijk
Begroting 2025
Bestuur 11 september 2024
1
Inhoudsopgave INLEIDING ................................................................................................................................................... 3 BELEIDSBEGROTING ...................................................................................................................................... 5 1.
Programmaplan ............................................................................................................. 6
1.1
Doelstellingen ...................................................................................................................... 6
1.2
Prestatieafspraken en indicatoren ...................................................................................... 8
1.3
Financiën ........................................................................................................................... 10
1.4
Financiële en overige ontwikkelingen ............................................................................... 10
2.
Paragrafen .................................................................................................................. 13
2.1
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing ...................................................... 13
2.2
Paragraaf Financiering ....................................................................................................... 17
2.3
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen ........................................................................... 20
2.4
Paragraaf Bedrijfsvoering .................................................................................................. 22
2.5
Openbaarheidsparagraaf................................................................................................... 22
FINANCIËLE BEGROTING .............................................................................................................................. 24 3.
Overzicht van baten en lasten en toelichting ................................................................ 25
3.1
Cijfers begroting ................................................................................................................ 25
3.2
Gronden waarop de ramingen zijn gebaseerd .................................................................. 30
3.3
Overzicht incidentele baten en lasten............................................................................... 33
3.4
Beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves ................................. 34
3.5
Geprognosticeerde meerjarenbalans................................................................................ 34
3.6
EMU-saldo ......................................................................................................................... 35
BIJLAGEN .................................................................................................................................................. 37 Bijlage Investeringen ............................................................................................................. 38 Bijlage Taakvelden ................................................................................................................. 39 Bijlage Overzicht Overhead .................................................................................................... 40
2
Inleiding Voor u ligt de begroting voor het jaar 2025 van de gemeenschappelijke regeling De BedrijfsvoeringsPartner. De BedrijfsvoeringsPartner (hierna DBP) is het samenwerkingsverband van de gemeenten Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk op het gebied van de bedrijfsvoeringstaken. Het doel van deze samenwerking is het leveren van goede, integraal afgestemde producten en diensten in de gehele keten van de bedrijfsvoering tegen acceptabele kosten met een efficiënt ingerichte en kostenbewuste organisatie. Om op één A-4tje inzicht te krijgen in de cijfers van deze begroting wordt verwezen naar bladzijde 29, het Overzicht van baten en lasten 2025. Samenwerking en Partnerschap De aard van de relatie tussen de drie gemeenten en DBP is partnerschap. Vanuit gezamenlijkheid wordt gewerkt aan goede ondersteuning ten behoeve van de maatschappelijke opgaven bij de drie gemeenten. Daarmee is de bedrijfsvoering een integraal onderdeel van de gemeentelijke processen. Niet een op afstand geplaatste organisatie maar een partner die dichtbij is. Collega’s die samen werken aan opgaven. Elk vanuit een eigen rol en verantwoordelijkheid maar wel altijd met het gezamenlijke doel voorop. In 2024, het eerste jaar na de ontvlechting is veel geïnvesteerd in de samenwerking. Samenwerking binnen de bedrijfsvoering zelf om dienstverlening in samenhang te kunnen bieden.
En samenwerking met de collega’s bij de gemeenten. In 2025 krijgt deze samenwerking een verdere impuls. Met als doel een toekomstbestendige gemeentelijke bedrijfsvoering als onderdeel van de gemeentelijke opgaven. Het tweede jaar van DBP Het begrotingsjaar 2025 is het tweede jaar van de gezamenlijke bedrijfsvoeringsorganisatie. 2024 staat in het teken van het opbouwen van de nieuwe organisatie en het ondersteunen vanuit de bedrijfsvoering bij de opbouw van de drie gemeentelijke organisaties. Het gehele jaar 2024 wordt nog gewerkt aan activiteiten op het gebied van de ontvlechting. De aandacht gaat vooral naar het op orde brengen van de basis in de vier nieuwe organisaties. In 2025 verschuift de focus langzamerhand naar de verdere ontwikkeling van de bedrijfsvoering voor de drie gemeenten. En tegelijkertijd zal 2025 ook nog steeds in het teken staan van de basis op orde brengen. Een aantal ontvlechtingsactiviteiten loopt ook nog in 2025 door. Vertrekpunt voor de nieuwe begroting 2025 De begroting 2025 is gebaseerd op de begroting van 2024. Waarmee zoals afgesproken bij de ontvlechting de basisdienstverlening kan worden geleverd. Van belang daarbij is dat om de basisdienstverlening te kunnen blijven garanderen een aantal onvermijdelijke budgetaanpassingen is gedaan. Als gevolg van de ontvlechting heeft zich een aantal structurele financiële effecten voorgedaan.
Met name op het gebied van ICT en dataveiligheid zijn de kosten gestegen. Deze effecten zijn verwerkt in deze begroting. Een andere relevante mutatie is de raming van de nog af te sluiten cao voor het jaar 2025. Op advies van de provincie is de nog af te sluiten cao 2025 al geraamd in deze begroting op basis van de voorgeschreven index. Dit is een wijziging ten opzichte van voorgaande jaren toen de cao altijd achteraf werd verwerkt in de begroting na het verbindend worden van de cao.
3
Relatie begroting met het dienstverleningspakket aan de gemeenten De begroting heeft een relatie met de afgesloten dienstverleningsovereenkomsten (DVO) tussen DBP en de drie gemeenten. Uitgangspunt is dat op basis van de begroting de dienstverlening aan de gemeenten zoals afgesproken in de DVO’s kan worden geleverd. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen twee soorten dienstverlening: - generieke dienstverlening die noodzakelijk én voor iedere gemeente hetzelfde is; dit ten behoeve van schaalgrootte- en efficiëntievoordelen, - dienstverlening waarbij onderscheid per gemeente mogelijk is; dit ten behoeve van flexibiliteit en keuzemogelijkheid voor onze gemeenten. Werken voor drie afzonderlijke gemeentelijke organisaties In het begrotingsjaar 2024 wordt ervaring opgedaan met de nieuwe werkelijkheid - ontstaan na de ontvlechting per 1 januari 2024 - van het ondersteunen van drie afzonderlijke gemeentelijke organisaties. In 2025 wordt dat verder ontwikkeld. Waarbij aan de ene kant wordt gewerkt aan zo efficiënt mogelijk ingerichte processen met behoud van kwaliteit en het verminderen van kwetsbaarheid. En aan de andere kant aan het zo goed mogelijk bedienen van de drie afzonderlijke organisaties. Geen nieuwe ambities in begroting 2025 De begroting 2025 betreft bestaand beleid voor de bedrijfsvoeringstaken.
Gelet op het gemeentelijke financiële perspectief zijn er geen nieuwe ambities opgenomen. Er is zeer terughoudend omgegaan met het opnemen van financiële mutaties in de begroting. De enige mutaties die zijn opgenomen betreffen noodzakelijke budgetverhogingen om de basisdienstverlening te kunnen blijven garanderen. Deze zijn onvermijdelijk en grotendeels het gevolg van autonome prijsontwikkelingen en de ontvlechting. Begrotingsjaar 2026 en in beeld brengen van mogelijke ombuigingen Het is van belang een realistische begroting op te stellen. En zoals hierboven al is gesteld heeft DBP begrip en gevoel voor de financiële situatie bij de gemeenten. Zoals het er nu uitziet is het onvermijdelijk dat DBP in 2026 een bijdrage gaat leveren aan de gemeentelijke financiële opgaven. DPB wil hier graag samen met de gemeenten in optrekken en vanuit de gedeelde verantwoordelijkheid komen tot verantwoorde keuzes. Daarbij is het goed om op te merken dat het (gemeentelijke) financiële perspectief met een aantal onzekerheden is omgeven die betrokken moeten worden bij het maken van verantwoorde keuzes. Onder andere de landelijke trend dat de kosten op het gebied van Informatie en Automatisering de komende jaren blijven stijgen als gevolg van de toenemende digitalisering.
Wij hebben de organisatie de opdracht gegeven om in aanloop naar de begroting 2026 scenario’s in beeld te brengen voor mogelijke ombuigingen ter hoogte van 5% van de begroting. Deze voorstellen worden afgewogen en daarna betrokken bij de besluitvorming over de begroting 2026. Dit geeft de organisatie de mogelijkheid een grondige analyse van de taken en begroting te maken. Zodat in het geval dat er keuzes moeten worden gemaakt, dat keuzes zijn die passen bij een toekomstbestendige gemeentelijke bedrijfsvoering. En passen bij de opgaven van de gemeenten.
4
Beleidsbegroting
5
1. Programmaplan 1.1
Doelstellingen
De BedrijfsvoeringsPartner (DBP) DBP is het samenwerkingsverband van de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht en Ridderkerk op het gebied van de bedrijfsvoeringstaken. Bedrijfsvoering betreft de afdelingen die ondersteunend zijn aan de afdelingen die werkzaam zijn in het primaire proces. Voor DBP gaat het om: Control, Facilitair, Financiën, HRM (human resource management), Informatie & Automatisering inclusief Informatieveiligheid en Privacy, Inkoop, Juridische Zaken en de administratie van het Sociaal Domein. Twee hoofddoelen DBP is een organisatie met twee hoofddoelen: 1. Het ontzorgen van onze drie gemeenten, nu en in de toekomst, op het gebied van de gehele keten van bedrijfsvoering. 2. Een fijne en goede werkgever zijn voor haar medewerkers. Een werkgever met een eigen ‘gezicht’ en eigen identiteit. Een organisatie die er mag zijn. Visie Wij geven veel ruimte voor ontwikkeling. Ontwikkeling van onze medewerkers, de vakgebieden waarop we werkzaam zijn, onze eigen organisatie en de ontwikkelopgaven van onze gemeenten. We werken met elkaar op basis van wederzijds vertrouwen. Dat doen we door veel aandacht te geven aan samenwerking en dichtbij de gemeenten te staan. We leveren maatwerk en werken efficiënt en kostenbewust. Wij werken op basis van realistische, zakelijke afspraken. Wij zijn een organisatie waar het fijn werken is. Onze medewerkers staan centraal.
Iedereen wordt gezien en gestimuleerd het beste uit zichzelf te halen. We zijn trots op onze organisatie, op onze collega’s en op wat we doen voor onze drie gemeenten.
6
Besturingsmodel Onderstaand besturingsmodel is opgenomen in het goedgekeurde Organisatie & Formatie plan. Parallel aan het opstellen van de begroting vindt nog overleg plaats over de exacte invulling van de governance, dat kan nog leiden tot een aanpassing van het besturingsmodel op topniveau.
Hoofdstructuur
Missie Wij leveren met aandacht en plezier hoogwaardige diensten in de gehele bedrijfsvoeringsketen. Daarbij richten we ons op de behoeften van elke afzonderlijke gemeente. Wij zijn een professionele partner met kennis van de drie gemeenten, de bestuurders en de medewerkers. Dat maakt ons uniek. De gemeenten kunnen zich zo focussen op hun inwoners en de maatschappelijke en bestuurlijke vraagstukken. Onze centrale leidraad hierbij is: onze collega’s en bestuurders voelen zich door mij goed geholpen. Organisatie Onze organisatie: - is er voor onze drie gemeenten - ontzorgt het primaire proces vanuit de bedrijfsvoering
7
-
onderscheidt zich door samenwerking, nabijheid en kennis van onze drie gemeenten levert goede producten en diensten tegen acceptabele kosten realiseert schaalvoordelen waarbij maatwerk mogelijk blijft behoudt steeds het goede en verandert mee met de werkelijkheid van de drie gemeentelijke organisaties heeft blijvende aandacht voor de medewerkers
Kernwaarden dichtbij aandacht ontwikkeling zakelijk Doelstellingen Onze doelstellingen voor de aankomende periode zijn: - 1e fase: 2025: Afronding op orde komen. Daar waar in 2024 nog geen tijd en ruimte is geweest om op orde te komen, zorgen we er voor dat dit in 2025 wordt afgerond. onze drie gemeenten helpen om op orde te komen dienstverlening aan onze drie gemeenten optimaliseren aandacht voor onze medewerkers onze organisatie op orde brengen een organisatie die er mag zijn
1.2
2e fase: 2025 en verder: Ontwikkeling hoogwaardig partnerschap naar onze gemeenten continue ontwikkeling van de eigen organisatie aandacht voor medewerkers efficiënte dienstverlening tegen acceptabele kosten de gemeenten ondersteunen vanuit de bedrijfsvoering bij hun maatschappelijke opgaven en ontwikkelingen
Prestatieafspraken en indicatoren
In vorige begrotingen waren bij dit onderdeel prestatieafspraken en indicatoren opgenomen waarin de hoofddoelstellingen van de voormalige GR BAR werden uitgewerkt. Dit is niet meer opgenomen. Voor DBP worden in 2024 nieuwe prestatieafspraken en indicatoren ontwikkeld. Een aantal van deze indicatoren komt zodra deze zijn vastgesteld terug in de verslaglegging van DBP. Vanuit de visie en missie geven we DBP vorm en onderscheiden we drie thema’s: 1. Partner in standaard producten en diensten We bieden kosteneffectief hoge kwaliteit standaard producten, diensten en advies die onze gemeenten in staat stellen om zich te richten op de maatschappelijke opgaven en politieke ambities die volgen uit de collegeprogramma’s. Wij ontzorgen op beleidsarme terreinen. We bieden kostenefficiënte kwaliteit. 2. Partner in opgaven DBP combineert bedrijfsvoeringsexpertise met een diepgaande kennis van onze drie gemeenten en is daardoor de beste adviseur voor Albrandswaard, Barendrecht en Ridderkerk. Daarmee zorgen we, op een krappe arbeidsmarkt, voor bundeling van kennis en expertise. Van HRM tot juridisch tot ICT en systeem. We verminderen kwetsbaarheid en zijn in staat om vanuit de gehele keten van bedrijfsvoering te ondersteunen bij de opgaven van
8
de gemeenten. 3. Partner in ontwikkeling We gaan uit van langdurige samenwerking en onderlinge afhankelijkheid. Om goede producten en diensten te kunnen blijven bieden zullen we ‘bij moeten blijven’. Onze vakgebieden ontwikkelen snel: wet- en regelgeving komt op ons af, de arbeidsmarkt verandert, de eisen aan rechtmatig werken worden steeds dwingender en digitalisering is niet meer weg te denken uit onze primaire processen. Goede dienstverlening betekent ook het ‘eigen huis op orde’ hebben en bijblijven. We ontwikkelen DBP om ook in de toekomst optimale diensten te kunnen bieden aan onze klanten en om onze eigen medewerkers te blijven binden en boeien. Deze drie thema’s vormen de basis voor onze organisatie. De basis om onze drie gemeenten toekomstvast te kunnen voorzien van goede adviezen en standaard producten en diensten.
De prestatieafspraken van de DBP met de gemeenten zijn vastgelegd in Dienstverleningsovereenkomsten en op basis van deze afspraken worden in 2024 de sturingsprocessen ingericht en operationeel. Beleidsindicatoren bedrijfsvoering In het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV, de gemeentelijke boekhoudvoorschriften) zijn 39 beleidsindicatoren verplicht voorgeschreven. Vijf van deze beleidsindicatoren hebben betrekking op de bedrijfsvoering en zijn daarom in de DBP-begroting opgenomen, zie het hierna volgende overzicht. De bedoeling van deze indicatoren is de begroting en het jaarverslag beleidsmatiger te maken, zodat het bestuur zich een beeld kan vormen over behaalde en te behalen beleidsresultaten en ook om een onderlinge vergelijking tussen gemeenten mogelijk te maken. Nr. Indicator Omschrijving Jaar Uitkomst Bron fte per 1000 inwoners 2025 2,18 Eigen begroting 1 Formatie 267,47 fte
2
Bezetting 252,64 fte
fte per 1000 inwoners
2025
2,06 Eigen begroting
3
Apparaatskosten € 34.544.800
kosten per inwoner
2025
€ 281 Eigen begroting
4
Externe inhuur € 271.800
2025
1,1% Eigen begroting
5
Overhead € 30.438.600
percentage van de totale loonsom (€ 23.563.000) + het totaal van de externe inhuur (€ 271.800) = € 23.834.800 percentage van de totale lasten € 35.099.900
2025
86,7% Eigen begroting
9
Toelichting: 1. Dit betreft de toegestane formatie (formatieplan). 2. Dit betreft het werkelijk aantal fte dat werkzaam is bij DBP (per 1 januari 2024). 3. Apparaatskosten, ook wel organisatiekosten, zijn alle personele en materiële kosten die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie. In het geval van DBP gaat het om het totaal van de begroting (netto). 4. Externe inhuur betreft de werkzaamheden uitgevoerd door externen in opdracht van DBP, waarbij personele capaciteit en deskundigheid wordt ingezet zonder arbeidsovereenkomst of aanstelling. 5. Overhead betreft alle kosten die samenhangen met de sturing van de organisatie en de ondersteuning van het primaire proces. (de uitkomst van deze indicator is indicatief, de berekening is bewust globaal en eenvoudig gehouden) - fte = full-time equivalent, oftewel voltijdsequivalent: het equivalent van een 36-urige werkweek. - inwoners = 122.858, is het totaal aantal inwoners van de drie gemeenten per 1 januari 2024, bron: landelijke database Gemeentelijke Basis Administratie (GBA-V), januari 2024.
1.3
Financiën
Wat gaat het kosten? In onderstaande tabel is weergegeven wat de totale netto lasten van DBP zijn. De DBP heeft, in tegenstelling tot de gemeenten, slechts één programma, namelijk bedrijfsvoering. De programmabudgetten van de gemeenten zijn opgenomen in de begrotingen van de gemeenten zelf. De in de tabel genoemde bedragen zijn gesaldeerde bedragen van de baten en de lasten (exclusief de bijdragen van de gemeenten)
Omschrijving Salariskosten (incl. inhuurkosten) Overige bedrijfsvoerings lasten
Begroting 2025 Bestaand beleid 21.602.800 10.240.900
Noodzakelijke budgetwijzigingen 2.036.600 664.500
31.843.700
2.701.100
TOTAAL SALDO (excl. bijdragen gemeenten)
Begroting 2025 23.639.400 10.905.400 34.544.800
Voor een verdere specificatie van deze cijfers wordt verwezen naar het onderdeel Overzicht van baten en lasten 2025 in de financiële begroting op bladzijde 29. DBP heeft als belangrijkste inkomstenpost de bijdragen van de drie gemeenten. Er is geen apart bedrag voor onvoorzien geraamd. Eventuele tegenvallers worden of binnen de eigen begroting van DBP opgevangen of doorbelast aan de gemeenten, bijvoorbeeld als het nieuwe taken of meerwerk betreft.
1.4
Financiële en overige ontwikkelingen
Cao Samenwerkende gemeentelijke organisaties Voor de werknemers van DBP is de cao Samenwerkende gemeentelijke organisaties (SGO) van toepassing. Afgesproken is dat voor de financiële gevolgen van een cao de gemeentelijke bijdragen mogen worden verhoogd. Tot en met de begroting 2024 was het de gedragsregel dat zodra de financiële consequenties van een nieuwe cao bekend waren die werden verwerkt in de P&C-documenten van DBP. Dat was dan de eerstvolgende tussenrapportage of begroting na het verbindend worden van de cao. Maar dit uitgangspunt wijzigt in deze begroting. Op advies van de Provincie wordt een schatting opgenomen van de cao die gaat gelden voor het eerste begrotingsjaar, in dit geval 2025. Als er dan vervolgens actuelere informatie beschikbaar komt in de vorm van een nieuw afgesloten cao kan de raming / schatting uit de begroting in de P&C-documenten worden geactualiseerd. De schatting wordt gebaseerd op het cijfer “Loonvoet sector overheid”. Dat deed DBP tot dusver niet.
10
Dat betekent dat er in deze begroting éénmalig 2 cao’s verwerkt zitten. De structurele gevolgen van de huidige cao die een looptijd heeft van 1 januari 2024 tot en met 31 maart 2025. En een schatting voor de cao 2025 die gaat gelden vanaf 1 april 2025. Prijsstijgingen De te hanteren prijsstijging voor de inflatiegevoelige posten in de begroting wordt ieder jaar gebaseerd op de prognose in het jaarlijks verschijnende Centraal Economisch Plan (CEP) van het Centraal Plan Bureau (CPB). In het CEP 2024 van 22 februari 2024 gaat het CPB uit van een inflatie voor 2025 van 2,5%. Dit gaat om een bedrag van € 203.600. Afgesproken is dat DBP door de gemeenten wordt gecompenseerd voor de inflatie. In de praktijk zien we dat indexatie van lopende contracten regelmatig hoger is dan het gemiddelde wat door het CPB is bepaald. Voor de meerjarenraming van DBP (2026 - 2028) worden constante prijzen gehanteerd. Doorloop ontvlechtingswerkzaamheden In de inleiding is aangegeven dat een aantal ontvlechtingswerkzaamheden nog doorloopt in 2025. Dat betreft de ontvlechting van de ICT-applicaties, het transitiebureau en de begeleiding en reintegratie van de langdurig zieken. Conform de bestuurlijke afspraken worden de kosten van de ontvlechting van de ICT en het transitiebureau in rekening gebracht bij Barendrecht en Ridderkerk.
De kosten van langdurig zieke medewerkers worden door de drie gemeenten betaald en verrekend via de Tussenrapportages. Effecten van de ontvlechting Ook staat in de inleiding beschreven dat een aantal noodzakelijke financiële mutaties is opgenomen die voor een deel het gevolg zijn van de ontvlechting. Deze mutaties zijn onvermijdelijk om de basisdienstverlening te kunnen blijven garanderen. In 2025 zijn we nog aan het (op)bouwen en ontwikkelen binnen DBP zelf en ondersteunend aan de verdere ontwikkeling van de drie gemeentelijke organisaties. Wij verwachten dat we de komende jaren volop in beweging zijn en evalueren onze relatie met de gemeenten, onze prestaties op de opgaven en de relatie tot de begroting regelmatig. En maken daar waar nodig aanvullende afspraken over het gewenste niveau van dienstverlening. Hiermee zijn wij in staat om onze interactie en dienstverlening te laten aansluiten bij de voortdurend veranderende omstandigheden. Geleidelijk groeien we toe naar de ideale organisatie die in de gehele keten aan onze drie gemeenten duurzaam goede bedrijfsvoering biedt tegen acceptabele kosten.
Groeiende digitalisering - de ICT budgetten maken een steeds groter onderdeel uit van de begroting Dit is een algemene, landelijke ontwikkeling (bron: trendrapport-ict-benchmark-gemeenten-2023) en deze trend zal zich de komen jaren voortzetten: - de digitalisering neemt toe, de absolute kosten en daaruit volgend het percentage van de begroting, - er is sprake van een verschuiving van kosten richting ICT bijvoorbeeld door het automatiseren van processen verschuiven kosten van personele kosten naar ICT-kosten, - de ontvlechting van de BAR-organisatie leidt structureel tot hogere ICT-kosten voor de bestaande contractuele ICT-verplichtingen.
11
Hierbij zijn de volgende ontwikkelingen te zien: de steeds verdergaande digitalisering vertaalt zich bij gemeenten onder meer in digitale dienstverlening ten behoeve van de inwoners en daarmee tot nieuwe ict-investeringen. op het gebied van wet- en regelgeving krijgen we de komende jaren te maken met de “digital decade”. Dit is een set van in eerste instantie 13 wetten die in 2026 geïmplementeerd moeten zijn wat kosten geeft. Het leveringsmodel van de softwareleveranciers verandert van ‘verkopen van software’ naar het ‘aanbieden van diensten’ (bekend als Cloud- of SaaS-diensten). Op termijn verschuiven hiermee de kosten van personeel (technisch beheer) naar ICT (diensten van leveranciers). het hybride werken (thuis en op kantoor) en het digitaal vergaderen via MS-teams leidt tot meer ICT-kosten voor tools zoals MS-teams. meer digitalisering betekent (helaas) ook meer cybercriminaliteit. Bescherming daartegen vereist middelen voor zowel technische als menselijke capaciteit. een groeiende behoefte, een tekort aan technisch personeel en een competitieve arbeidsmarkt leiden tot hogere personeels- en/of inhuurkosten. de grote maatschappelijke opgaven en uitdagingen zoals de energietransitie, klimaatadaptatie, het versnellen de woningbouw, ondermijning, et cetera vragen om ICTmiddelen.
Hogere ICT-lasten (hardware en software) door de ontvlechting van de BAR-organisatie De ontvlechting leidt tot hogere kosten van softwarecontracten zeker in het geval van Cloud- en SaaS-oplossingen. Dit volgt uit het moeten splitsen van software door privacyregels waardoor leveranciers meerdere omgevingen moeten beheren. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat er ook op het gebied van software en applicaties verschillen gaan ontstaan in de behoeften per gemeente wat leidt tot kostenstijgingen. Hoge inflatie op ICT contracten De afgelopen jaren zien we een hoge indexatie als gevolg van de inflatie op onze ICT contracten. Deze indexatie is veelal hoger dan de gebruikelijke generieke index in onze begroting. In 2025 voorzien we dat deze trend zich voortzet. Met stevig onderhandelen zijn we er tot nu toe in geslaagd de opgelegde prijsstijgingen deels naar beneden bij te stellen. Desondanks zijn de prijsverhogingen substantieel. We vangen deze prijsverhogingen in de begroting 2025 op door zoveel als mogelijk gebruik te maken van bestaande dekking. Maar het is belangrijk om deze trend wel te noemen omdat het de ICT budgetten sterk onder druk zet. Nieuwe Europese wetgeving op het gebied van Informatieveiligheid (NIS2) Er is een grote, nieuwe Europese wetgevingsoperatie in aantocht op het gebied van informatieveiligheid. Dit gaat extra taken en werkzaamheden met zich meebrengen.
DBP is vertegenwoordigd in een werkgroep van de VNG waarin dit verder wordt uitgewerkt. De financiële gevolgen zijn op dit moment nog niet te kwantificeren en zijn daarom niet meegenomen in de begroting 2025. Maar het is wel belangrijk hier kennis van te nemen. Want dit zal onmiskenbaar financiële / formatieve consequenties hebben. Zowel binnen de bedrijfsvoering als binnen het primaire proces bij de gemeenten. Nieuwe digitale wetgeving ‘Digital Decade’ De komende jaren komen er veel wetten en regels vanuit Europa op ons af. Bekend als 'de Digital Decade'. Dit zal forse kosten met zich meebrengen. De VNG werkt aan een impactanalyse en we volgen de ontwikkeling van de algemene uitkering. Waarbij in de gaten wordt gehouden of er middelen aan de gemeenten beschikbaar worden gesteld om deze nieuwe wetgeving te kunnen implementeren en uit te voeren.
12
Ontwikkeling formatie en beheersing van de werkdruk Deze begroting betreft bestaand beleid. Dat betekent dat er geen nieuwe ambities zijn opgenomen. En op dat punt zijn er ook geen formatieclaims opgenomen. Wel zien we op diverse plekken in de organisatie effecten op de formatie en de werkdruk om de dienstverlening op het huidige niveau te kunnen houden. Bijvoorbeeld bij Informatieveiligheid en Privacy, HRM en Inkoop. Dit is echter niet vertaald in een gewenste budgetverhoging. Met de gemeentelijke opdrachtgevers wordt hierover het gesprek gevoerd en wordt besproken wat de gewenste dienstverlening is en welke keuzes dat vraagt.
2. Paragrafen 2.1
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
DBP voert de ondersteunende bedrijfsvoeringsfuncties uit voor en namens de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht en Ridderkerk. Voor deze gemeenten wordt actief beleid gevoerd op de beheersing van de risico’s die gezamenlijk worden gelopen. Door zicht te behouden op de actuele risico’s en de mogelijke maatregelen, worden organisatie en bestuur in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen. Alle risico’s worden tenminste twee keer per jaar herijkt en er wordt continu geanticipeerd op nieuwe risico’s. Alle geïdentificeerde onzekerheden of risico’s die niet in de begroting (kunnen) worden opgenomen, worden vanaf het moment dat zij kwantificeerbaar zijn opgenomen in het risicoprofiel. Per 1 januari 2024 is de GR BAR niet langer de uitvoeringsorganisatie voor en namens de gemeenten waar het de uitvoering van taken op het gebied van beleid en uitvoering betreft. Hiermee ontwikkelt zich richting 2025 een nieuw risicoprofiel passend bij de nieuwe situatie. In de loop van 2024 zal het risicoprofiel scherper aan gaan sluiten op de specifieke bedrijfsvoeringstaken en een afgebakende set aan primaire taken van DBP. Het risicoprofiel en de benodigde weerstandscapaciteit van DBP zal, voor de dekking ervan, onderdeel uitmaken van de risicoprofielen van de gemeenten.
Weerstandvermogen, weerstandscapaciteit en risico’s Het weerstandsvermogen is het saldo van de weerstandscapaciteit en de risico’s, oftewel: weerstandscapaciteit - risico’s = weerstandsvermogen. De weerstandscapaciteit kan bestaan uit de algemene reserve, de onbenutte belastingcapaciteit, het bedrag voor onvoorzien en stille reserves. Geen van deze componenten is aanwezig binnen de DBP zodat deze zelf geen weerstandscapaciteit heeft. In deze paragraaf wordt de benodigde weerstandscapaciteit van DBP geïnventariseerd om als geconsolideerd risico ondergebracht te kunnen worden in de gemeentelijke risicoprofielen conform de vastgestelde verdeelsleutel. Top 10 belangrijkste risico’s Deze verzameling van de belangrijkste risico’s vormt het risicoprofiel van DBP. Deze inventarisatie is gericht op de situatie op 31 januari 2024 maar zal richting 2025 volledig worden herijkt passend bij de nieuwe realiteit. De belangrijkste risico’s behorend bij de primaire processen van de gemeenten staan in de risicoprofielen van de gemeentelijke bestuursrapportages. Het totaal aan risico’s van DBP bedraagt € 2.795.000 en wordt afgedekt door de deelnemende gemeenten. Deze top tien vertegenwoordigt 92,8% van het totaal aan geïdentificeerde risico’s zoals ingeschat tot en met 31 januari 2024.
13
Maximaal
Invloed
risico
(%)
Positie
Risicogebeurtenis
Gevolgen
Maatregelen / info
1
Cluster ICT risico’s gerelateerd aan software, hardware, communicatietechniek en informatiebeveiliging
Financieel, imago, continuïteit gemeentelijke dienstverlening
Kwaliteitsontwikkeling, organisatieontwikkeling, Jaarlijkse IT audit, opzet en doorontwikkeling informatieveiligheid en privacy
€ 1.275.000
2
Achterblijvende ontwikkeling bedrijfsprocessen / -structuur
Financieel, tijd- uitstel doelstelling, imago
Consolidatie en rationalisatie, procesmanagement, organisatieontwikkeling, Good governance
€ 500.000
3
Moeilijke werving door schaarste op arbeidsmarkt, Invullen competenties die onvoldoende ontwikkeld / aanwezig zijn kost meer dan geraamd.
Financieel, kwaliteit dienstverlening, imago
Business Continuity management, HRM, begeleiding en ontwikkeling,
€ 400.000
4
Niet (kunnen) voldoen aan actuele wet- en regelgeving (Compliance)
Financieel, imago
Procesmanagement, organisatieontwikkeling, ontwikkelen Governance, Risk en Compliance competenties
5
Cluster risico’s Fraude en Integriteit
Financieel- extra kosten en boetes, imagoschade
6
Bedreiging business continuïteit door / tijdens crisissituatie(s)
Financieel- extra kosten en boetes, imagoschade
Business Continuïteit management, Risicomanagement, beveiliging
€ 200.000
7
Aansprakelijkheid door fouten / onwetendheid / niet handelen van personeel
Financieel, imago
HRM, begeleiding en ontwikkeling
€ 200.000
8
Brand- en gevolgschade + glasschade
Lagere verzekeringskosten door eigen risico
Acceptatie van deel van kosten door schade i.p.v. duurdere verzekeringen
€ 250.000
9
Onvoldoende inzicht in en kennis van contracten
Financieel, schade voor de gemeente
Contractbeheer / -management, procesmanagement, organisatieontwikkeling
€ 250.000
10
Onvoorziene kosten doorontwikkeling DBP
Financieel
Monitoring, organisatieontwikkeling, procesmanagement
€ 100.000
Procesmanagement, organisatieontwikkeling, verbeteren compliance functie
€ 525.000
€ 755.000
36,6
15,5
9,1
8,8
7,0
4,6
3,8
2,9
2,4
2,1
92,8 %
Ontwikkeling risicoprofiel DBP Het actuele risicoprofiel is sterk beïnvloed door de ontvlechting en de lopende ontwikkeling van de nieuwe organisatie in 2024. In de fase waarin de jonge organisatie zich momenteel bevindt wordt gekeken hoe de risico’s zich ontwikkelen in de nieuwe situatie waarin de primaire taken zijn ondergebracht bij de gemeenten. Voor verschillende onderwerpen worden scenario’s geschetst waarover in goed overleg keuzes en afspraken (moeten) worden gemaakt. Op het gebied van bijvoorbeeld ICT / data, personeel, processen, producten en diensten is hard gewerkt aan de best mogelijke oplossingen waarmee de interne klanten en de burger op de juiste dienstverlening kunnen
14
blijven rekenen. In 2024 wordt er gefaseerd een nieuw risicoprofiel van DBP opgesteld dat aansluit bij de nieuwe samenwerking met de gemeenten en de nieuwe omstandigheden die hierbij van toepassing zijn. Bij de realisatie van dit alles wordt pas afstand genomen van het oude profiel als er volledige herijking plaats heeft kunnen vinden. Top 10 risico’s met korte toelichting en opsomming belangrijke trends en ontwikkelingen 1. Cluster ICT risico’s gerelateerd aan software, hardware, communicatietechniek en informatiebeveiliging Door de ontwikkeling van nieuwe technologieën en digitalisering is digitaal werken en het belang van veiligheid online essentieel. Stilstaan is achteruitgang, maar aanhaken vraagt veel van organisaties qua ontwikkeling en inzet van middelen. Er worden continu meer eisen gesteld aan een goedwerkende en veilige digitale werkomgeving. Zeker nu hybride werken als de nieuwe norm geldt. De ontvlechting vraagt deels om een nieuwe opzet en inrichting. Om in de nieuwe situatie in 2024 dezelfde dienstverlening te kunnen waarborgen worden er naast de lopende bedrijfsvoering veel wijzigingen doorgevoerd om de gemeenten ook straks optimaal te kunnen ondersteunen. Trends en ontwikkelingen: continu aandacht voor het mentaal welbevinden: medewerkers die door stress, drukte en vermoeidheid minder scherp zijn bij het in acht nemen van de beveiligingsrichtlijnen.
door het hybride werken is er een grotere kans op problemen met of inbraak in de ICTsystemen, de veiligheid bij online samenwerken staat onder druk (verdere digitalisering samenleving en aantal diensten). digitale transformatie van overheidsdienstverlening neemt verder toe in omvang en complexiteit. er ontstaat een generatie collega’s die niet optimaal kan functioneren en taken niet / moeizamer kan uitvoeren door onvoldoende digitale vaardigheden. niet of beperkt in (kunnen) vullen van de technische bedrijfsfuncties behorend bij de noodzakelijke technologie en het expertiseniveau (schaarste arbeidsmarkt). cyberaanval / hackacties waardoor bedrijfsvoering (deels) stil komt te liggen. 2. Achterblijvende ontwikkeling bedrijfsprocessen / -structuur DBP investeert doorlopend in het actualiseren en optimaliseren van de processen. Een gemeentelijke organisatie telt ruim 1.300 processen die actueel en werkend moeten worden gehouden. Bijvoorbeeld het ondersteunen van een goedwerkende en veilige geautomatiseerde ondersteuning, actuele processen, stuurinformatie, toepassing van actuele wet- en regelgeving, doorontwikkelen van competenties en het op juiste wijze beleggen van rollen, taken en verantwoordelijkheden. Trends en ontwikkelingen: hogere werkdruk en stress door hoger verloop en verzuim, andere prioriteiten (invloed op welbevinden).
Uitval van personeel door ziekte speelt vooralsnog een belangrijke rol. procesoptimalisatie wordt mogelijk vertraagd door de opbouw van de nieuwe organisatie. 3. Moeilijke werving door schaarste op arbeidsmarkt. Invullen competenties die onvoldoende ontwikkeld / aanwezig zijn kost meer dan geraamd. De arbeidsmarkt wordt al een langere periode gekenmerkt door schaarste. Het werven van personeel met de juiste competenties is hierdoor moeilijk. De kans dat er op specifieke competenties moet worden ingehuurd blijft groot. Trends en ontwikkelingen: het is momenteel moeilijker om personeel te werven. toename in eisen aan kennis, ervaring en specifieke vaardigheden (competenties).
15
4. Niet (kunnen) voldoen aan actuele wet- en regelgeving (Compliance) De verantwoordelijkheid voor het compliant zijn is verdeeld over verschillende rollen en staat onder druk door de invoering en wijzigingen van wetgeving en daarmee de uitbreiding van gemeentelijke taken en plichten. Compliance-management en juridische control zijn sterk in ontwikkeling. Trends en ontwikkelingen: beheersen van nieuwe en complexe regelgeving vereist continue doorontwikkeling. uitvoering geven aan wet- en regelgeving met betrekking tot informatiebeveiliging en privacybescherming vereisen en leggen een toenemend beslag op specifieke competenties. veerkracht / weerbaarheid van lokale overheid staat onder druk door veel veranderingen en uitbreiding van taken. 5. Clusterrisico’s Fraude en Integriteit Door onvoldoende capaciteit toe te kennen aan een uitgebreide frauderisicoanalyse worden bestuur en management onvoldoende in positie gebracht om kritisch toezicht te houden op de uitvoering van het beleid. Trends en ontwikkelingen: risicoanalyse fraude en integriteit wordt geborgd in het geactualiseerde beleid. verdere digitalisering van samenleving en aantal diensten. eerder in aanraking komen met criminaliserende omstandigheden / factoren. 6.
Bedreiging business continuïteit door / tijdens crisissituatie(s) Op de belangrijkste / kritieke processen wordt Business continuïteit-management gevoerd om bij een onverhoopte crisissituatie operationeel te kunnen blijven. Dit vereist onderhoud en actualisatie van maatregelen die alleen worden toegepast onder bijzondere omstandigheden. Trends en ontwikkelingen: tijdens de opbouw van de nieuwe organisatie is er mogelijk minder aandacht voor de continuïteit (kritieke processen) bij eventuele calamiteiten. nieuwe samenwerkingsvorm kan kwetsbaarheid opleveren tijdens periode van verandering. de crisisorganisatie op niveau en bemenst houden is een uitdaging gelet op het feit dat ook de crisisorganisaties zijn opgesplitst. 7. Aansprakelijkheid door fouten / onwetendheid / niet handelen van personeel De praktijk toont aan dat het personeel een veerkrachtig geheel vormt en onder moeilijke omstandigheden in staat is te schakelen en met beperkte mogelijkheden te blijven presteren. De kans dat er iets misgaat onder de huidige omstandigheden is wel hoger. De taken op lokaal niveau nemen toe en worden steeds ingewikkelder. De blijvende toename van het aantal taken en vereiste kennis door diverse nieuwe wetten of aanpassingen in wetten komen hier extra bij. Trends en ontwikkelingen: afname mentaal welbevinden door stress, drukte, vermoeidheid.
hogere werkbelasting door toename belasting van lokale overheid en invoering van nieuwe regelgeving. nieuwe en gewijzigde wetten en regels vragen ook ontwikkeling van bijkomende competenties. Het niet of onvolledig invullen van competenties vormt een aanzienlijk risico. uitval en vertrek personeel door ziekteverzuim en / of hoge werkdruk, hoger ziekteverzuim.
16
8. Brand- en gevolgschade + glasschade Het is in bepaalde situaties beter om risico’s te accepteren en indien van toepassing af te dekken vanuit de eigen middelen dan te kiezen voor vaak kostbare verzekeringen. Het betreft hier geaccepteerde risico’s waarvoor het verkeringsmanagement is belegd bij DBP. 9. Onvoldoende inzicht in en kennis van contracten De toenemende kwaliteit bij inkoop- en contractmanagement beperkt dit risico. Het omgevingsbeeld waarbinnen wordt geacteerd verandert echter sterk en zorgt voor vele uitdagingen. De opbouw van de organisatie vraagt om gerichte aandacht voor het te voeren contractmanagement. Ook het gegeven dat na de ontvlechting contracten vanuit vier organisaties doorgegeven dienen te worden aan contractbeheer vraagt meer aandacht vanuit de gemeenten en DBP om (de sturing op) contractmanagement goed vorm te geven. Trends en ontwikkelingen: proceseigenaarschap is opnieuw verdeeld en vereist nieuwe borging. verdere digitalisering van samenleving en aantal diensten. toenemende eisen discipline en communicatie van alle verschillende verantwoordelijken in een keten- / netwerkorganisatie waarin de product- en dienstverlening plaatsvindt. 10.
Onvoorziene kosten ontwikkeling DBP Ondanks een zorgvuldige aanpak kunnen er zich onvoorziene situaties voordoen die de ontwikkeling van specifieke ondersteuning in de nieuwe situatie kan verstoren en er incidenteel (nood)oplossingen moeten worden toegepast. Trends en ontwikkelingen: de ontvlechting van beleid en uitvoering heeft gevolgen voor het takenpakket van DBP. Er ontstaat een situatie waarbij niet één maar drie gemeentelijke organisaties ondersteund moeten worden met dezelfde capaciteit. veranderde inrichting gemeenten vraagt om nieuwe invulling van rollen, vaardigheden, middelen en aanpassingstijd.
2.2
Paragraaf Financiering
Kaders De wettelijke kaders voor de financieringsfunctie zijn vastgelegd in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido). Beheersing van de financiële risico’s speelt daarin een belangrijke rol. In het treasurystatuut BAR-organisatie (De BedrijfsvoeringsPartner) 2024 zijn deze wettelijke kaders verder uitgewerkt. Het statuut schetst de context waarbinnen het treasurybeleid van de DBP is vorm gegeven en beschrijft de bevoegdheden en verantwoordelijkheden binnen de treasuryfunctie. Afdekken reguliere exploitatiekosten en totaalfinanciering Om de treasuryfunctie adequaat te kunnen invullen is juiste, tijdige en volledige financiële informatie - zoals een betrouwbare liquiditeitsplanning - van essentieel belang. De periodieke bevoorschotting van DBP door de deelnemende gemeenten is zoveel mogelijk afgestemd op de financieringsbehoefte en dekken de uitgaande kasstroom van de reguliere exploitatie af. Hierdoor hoeft DBP over het algemeen geen geldleningen af te sluiten. Op grond van de Regeling Schatkistbankieren zijn decentrale overheden verplicht om overtollige liquide middelen die boven een bepaald drempelbedrag uitkomen aan te houden in ’s Rijksschatkist. Overtollige middelen kunnen ook tijdelijk via deposito’s bij de schatkist worden aangehouden.
De hoogte van de rentevergoeding is gelijk aan de rente waartegen de Nederlandse Staat de eigen uitgaven financiert op de geld- en kapitaalmarkten: de zogenoemde ‘inleenrente’. De verwachting is
17
dat er in 2025 geen sprake zal zijn van langdurige overliquiditeit en daarom minimaal gebruik zal worden gemaakt van deze mogelijkheid. Renterisicobeheer In dit onderdeel wordt inzicht gegeven in de renterisico’s van DBP. Risicobeheersing vormt één van de pijlers van de Wet Fido. Voor de bepaling van de renterisico’s die verbonden zijn aan de uitvoering van de treasuryfunctie zijn twee normen verplicht gesteld: de kasgeldlimiet, heeft betrekking op leningen met een looptijd tot maximaal één jaar, de renterisiconorm, heeft betrekking op leningen met een looptijd vanaf één jaar. Deze twee normen hebben als doel de budgettaire risico’s als gevolg van rentestijgingen te beperken. Kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet heeft de wetgever een norm gesteld voor het maximumbedrag aan kortlopende middelen (looptijd tot maximaal een jaar) waarmee de decentrale overheid haar activiteiten mag financieren. Het doel van deze limiet is het risico te voorkomen dat fluctuaties van de korte rente direct grote impact hebben op de rentelasten tijdens het begrotingsjaar. Bij overschrijding van de kasgeldlimiet gedurende drie achtereenvolgende kwartalen dienen deze rapportages te worden toegezonden aan onze financiële toezichthouder de provincie, met daarbij een plan om weer te gaan voldoen aan de kasgeldlimiet. Hieronder volgt een prognose van de kasgeldlimiet over 2025.