CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

53. 2025-029216 GGD Rotterdam Rijnmond Kaderbrief begroting 2026 - jaarrapportage 2024 GGD-RR.pdf

Gemeenteraad AW 22 april 2025, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 5: Ingekomen stukken27.387 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Voor 2025 wordt verwacht dat kinkhoest verder stabiliseert naar aantallen vergelijkbaar met die van voor de COVID-19 pandemie.

Figuur 2: Alle kinkhoestmeldingen per jaar vanaf 2018

Bof Over heel 2024 zijn er 56 bofmeldingen binnengekomen, dit is veel meer dan voorgaande jaren (inclusief de COVID-19 pandemie jaren). Ook zijn er in 2024 vier uitbraken geweest van bof, dit ten opzichte van twee in 2023. Wat ook opvalt is een stijging van bof bij kinderen van 4 tot 12 jaar. Een daling in de vaccinatiegraad van het RVP, zowel landelijk als regionaal, kan een rol spelen bij de toename van het aantal bofbesmettingen (zie ook onderwerp vaccinatiegraad hierboven).

Figuur 3: Alle bofmeldingen per jaar vanaf 2018 Pagina 8 van 49

Mpox In 2024 zijn er 23 mpox meldingen bij de GGD gedaan. Momenteel is er veel (media)aandacht rondom het mpox-virus. Dit komt mede omdat de WHO op 14 augustus 2024 de huidige mpoxuitbraak in de Democratische Republiek Congo heeft aangemerkt als internationale noodtoestand. Het gaat hierbij echter om een ander type mpox (groep 1) dan het type dat al gedurende twee jaar internationaal rondgaat en ook in Nederland voorkomt (groep 2). Mpoxvirus groep 1 is op dit moment nog niet actief in Nederland. De GDD monitort en houdt nauwlettend de ontwikkelingen rondom mpox en de nieuwe variant in de gaten. Omdat het virus met name wordt overgebracht door intiem contact, werkt de GGD hierin nauw samen met het Centrum Seksuele Gezondheid van de GGD en de unit klinische virologie (afdeling Viroscience) van het Erasmus MC. Invasieve groep A-streptokokkeninfecties (iGAS) Er is nog steeds een verheffing gaande (een hoger aantal meldingen dan gebruikelijk) van het aantal patiënten met een invasieve groep A-streptokokkeninfectie (iGAS-infectie). In 2024 heeft de GGD 97 meldingen van een invasieve groep A-streptokokkeninfectie binnengekregen. Patiënten met een iGAS-infectie zijn vaak ernstig ziek. Gezinscontacten krijgen uit voorzorg antibiotica verstrekt door de GGD.

Meldingen van uitbraken Gedurende 2024 zijn in de GGD-regio Rotterdam-Rijnmond 574 uitbraken van infectieziekten in instellingen geregistreerd. Dit betreft meldingsplichtige infectieziekten op grond van artikel 26 van de Wet Publieke Gezondheid. Het aantal meldingen is fors gestegen ten opzichte van 2023. Toen werden 467 uitbraken gemeld. De stijging is vooral toe te schrijven aan een ruime verdubbeling van het aantal uitbraken van verwekkers die huiduitslag (exantheem) veroorzaken. Hierbij maakt de GGD een onderscheid tussen schurft (scabiës), dat een laagdrempeliger meldcriterium heeft, en andere verwekkers. Ook moet worden benadrukt dat het aantal uitbraken met huiduitslag veroorzaakt door andere verwekkers dan schurft in 2023 relatief laag was in vergelijking met voorgaande jaren. Daarnaast werden er aanzienlijk meer uitbraken van maag-darmklachten (gastro-enteritis) gemeld dan in de voorgaande jaren, deels door twee grootschalige uitbraken op GoereeOverflakkee en in Lansingerland in de eerste helft van 2024.

Pagina 9 van 49

Tenslotte is er de afgelopen jaren landelijk ook een stijging van het aantal uitbraakmeldingen van Bijzonder Resistente Micro-organismen (BRMO) te zien. BRMO zijn resistent tegen bepaalde antibiotica. Deze toename betekent dat de keuze voor een antibioticum dat goed werkt steeds moeilijker wordt. Dit heeft als gevolg dat vaker moet worden uitgeweken naar laatste red- of reservemiddelen. Maar steeds meer bacteriën blijken hier ook resistent tegen. Gezonde mensen kunnen een BRMO zonder dat ze het weten bij zich dragen, maar zij hebben mogelijk wel een groter risico op complicaties door een BRMO als zij ziek worden en/of geopereerd moeten worden. Een voorbeeld van BRMO is MRSA, een bacterie die lastig te behandelen is door resistentie tegen veelgebruikte antibiotica. Op de volgende pagina worden enkele trends en specifieke uitbraken verder toegelicht.

Figuur 4: Aantallen uitbraken en clusters van infectieziekten in de periode 2019 – 2024.2

Hepatitis A In het najaar van 2024 ontving de GGD meldingen over twee verschillende kinderen met een hepatitis A-infectie. Uit bron- en contactonderzoek bleek dat beide kinderen leerlingen waren van dezelfde basisschool in Rotterdam-West. Hepatitis A komt weinig voor in Nederland en is te voorkomen met een vaccinatie. Deze vaccinatie zit niet in het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). De GGD heeft uitgebreid bron- en contactonderzoek gedaan. In samenwerking met de basisschool zijn er informatiebrieven naar de ouders gestuurd en zijn vaccinaties geadviseerd en aangeboden op de school aan leerlingen en het personeel. Ook organiseerde de GGD een informatiebijeenkomst op de basisschool waar informatie is gegeven over hepatitis A en de vaccinaties. Schurft (Scabiës)

2

COVID-19 voor 2020 t/m 2022 is hier niet in meegenomen, omdat over deze cijfers destijds niet gerapporteerd werd. De categorie Anders bevat uitbraken van o.a. bof en hepatitis A.

Pagina 10 van 49

De laatste jaren is er een stijgende trend te zien van mensen die schurft oplopen. In de regio Rotterdam-Rijnmond is dit het afgelopen jaar vooral terug te zien in diverse zorginstellingen en een ziekenhuis, waar hardnekkige uitbraken plaatsvonden door scabiës crustosa, de meest besmettelijke vorm van schurft. In zorginstellingen en ziekenhuizen kan het aantal risicocontacten hoog oplopen, omdat zorgmedewerkers verschillende bewoners en/of patiënten verzorgen en daardoor veel nauwe, huid-op-huid contacten hebben. Uitbraken in deze instellingen vergen een gecoördineerde aanpak met een strikte naleving van alle maatregelen om de verspreiding te stoppen, waarbij de GGD vaak een zeer actieve en coördinerende rol heeft. Bij scabiës crustosa is er een groot risico dat een uitbraak zich snel uitbreidt, waardoor deze uitgebreidere maatregelen vereisen die meer impact hebben op alle betrokkenen. In 2024 werden drie uitbraken van scabiës crustosa gemeld, waaronder een grootschalige uitbraak in een ziekenhuis die oversloeg naar andere zorginstellingen. Dit vroeg wekenlange inzet van artsen, verpleegkundigen, deskundigen infectiepreventie en epidemiologen van het GGD-team Infectieziektebestrijding.

Figuur 5: Aantallen uitbraken van schurft in de periode 2019-2024.

Maag-darmklachten (gastro-enteritis, norovirus) In 2024 vonden er drie grote gastro-enteritis uitbraken plaats in de gemeenten Lansingerland, Goeree-Overflakkee en Rotterdam. Tijdens deze uitbraken was er veel maatschappelijke onrust die voornamelijk op (social) media en via Whatsapp werd geuit. Tijdens een evaluatie hebben de GGD en twee van de desbetreffende gemeenten gezamenlijk teruggekeken en mogelijke verbeterpunten besproken. Verder lichtte de GGD toe welke indicatoren gebruikt worden om een uitbraak vast te stellen. De GGD en de gemeenten hebben inzicht gekregen in elkaars werkwijze wat leidde tot wederzijds begrip. Het handelen van de gemeente is in een dergelijke situatie vooral gericht op het beheersen dan wel wegnemen van maatschappelijke onrust. Zichtbaarheid van de overheid is daarin belangrijk samen met duidelijke communicatie over het proces en handelingsperspectief.

Pagina 11 van 49

Voor toekomstige uitbraken is het belangrijk om eerder, in afstemming met de gemeente, te communiceren dat de GGD op de hoogte is van de uitbraak en welke stappen of onderzoeken worden ondernomen in de bestrijding van een uitbraak. Het is daarnaast belangrijk dat de GGD laagdrempelig bereikbaar is voor de gemeente, zeker in de beginfase waarin gerichte vragen en zorgen ontstaan. Sociale media spelen tegenwoordig een grote rol in de perceptie van uitbraken en moeten worden meegenomen in de aanpak en communicatie. Adviezen aan inwoners en professionals Naast het verwerken van de meldingsplichtige infectieziekten, beantwoordt de GGD veel vragen van inwoners of professionals over infectieziekten. Van januari tot en met december 2024 zijn er 1.409 vragen geregistreerd waarbij over schurft, kinkhoest en hepatitis A de meeste vragen werden gesteld.

Figuur 6: Totaal geregistreerde telefonische vragen infectieziekten 2024 per maand. Donkergroen is het aandeel vragen over schurft, kinkhoest en hepatitis, lichtgroen zijn overige vragen.

Risico op hondsdolheid na dierenbeet De GGD geeft advies en draagt ook zorg voor de vaccinaties die nodig zijn na een bijtincident om hondsdolheid te voorkomen. Iemand die gebeten is door een dier loopt een risico op hondsdolheid, vooral wanneer dit heeft plaatsgevonden in landen waar deze ziekte nog veel voorkomt. In 2024 hebben in totaal 174 personen contact opgenomen met de GGD, omdat zij risico hebben gelopen na een dierenbeet. Een groot deel hiervan is door de GGD gevaccineerd vanwege een risico op hondsdolheid (rabiës). In 2024 was er een toename in dit aantal meldingen, zowel in vergelijking met voorgaande jaren als met de periode vóór de coronapandemie. Preventietaken Een belangrijke taak van infectieziektebestrijding is het uitvoeren van preventieve taken, zoals het verstrekken van hygiëneadviezen, (vaccinatie)adviezen met betrekking tot COVID-19 en algemene vaccinatieadviezen. Daarnaast geeft de GGD reisadvies met bijbehorende vaccinaties, om de import van infectieziekten uit het buitenland te verminderen. Zie voor meer toelichting het hoofdstuk ‘Reizigerszorg’ in deel 2. Tot slot Om de publieke gezondheid te waarborgen, moeten keuzes gemaakt worden en werkzaamheden geprioriteerd worden. In 2023 betekende dit met name investeren in de basis. In 2024 zijn de werkzaamheden verder uitgebreid. Er is flink geïnvesteerd in netwerkversterking.

In 2024 zijn er 73 netwerkbezoeken bij verschillende organisaties zoals laboratoria en zorginstellingen geweest. Dit zorgt ervoor dat organisaties op de hoogte zijn van

Pagina 12 van 49

de wettelijke vereisten (zoals het verplicht melden van ziekten bij de GGD) en de GGD beter in staat is om (grote) uitbraken te voorkomen, eerder signalen op te vangen en uitbraken in te dammen in samenwerking met de ketenpartners. Zonder de extra bijdrage die in de begroting van 2024 beschikbaar is gesteld om de wettelijke taken te kunnen blijven uitvoeren op het wettelijk minimumniveau, was dit niet mogelijk geweest.

2. Tuberculosebestrijding De 25 GGD’en in Nederland werken samen vanuit vier regionale expertisecentra (REC’s) bij het bestrijden van tuberculose (TBC). Voor GGD Rotterdam-Rijnmond vindt de uitvoering van TBCbestrijding plaats vanuit het REC-TBC Zuid-Holland (ZH). Het REC-TBC ZH is een samenwerkingsverband tussen de vier GGD’en binnen de ZuidHollandse regio: GGD Rotterdam-Rijnmond, GGD Zuid-Holland Zuid, GGD Haaglanden en GGD Hollands-Midden. Het REC-TBC ZH biedt TBC-diensten voor een veilige, toegankelijke en kwalitatief goede TBC-zorg voor alle burgers van de vier GGD’en in Zuid-Holland. Behaalde resultaten in 2024 Indicator Aantal (nieuwe) gediagnosticeerde TBC3patiënten Cliënten met een TBC-infectie (TBI)4 Aantallen verrichtingen (foto’s, Mantoux-screeningen5, BCGscreeningen, IGRA-screeningen6, inclusief sociaal/medische consulten) Totaal aantal cliëntcontacten

Realisatie 2024 79 109 9920

8896

Figuur 7: Resultaten TBC 2024

Toelichting van de resultaten TBC/TBI-cijfers De cijfers voor het aantal nieuwe TBC-patiënten (79) en TBI-patiënten (109) over heel 2024 zijn stabiel gebleven en conform de verwachte marges zoals opgenomen in de regiobegroting. Verrichtingen Het aantal verrichtingen (9.920) en totale cliëntcontacten (8.896) zijn licht toegenomen. Dit toont aan dat de toegankelijkheid en het bereik van de TBC-zorg consistent zijn gebleven. BCG-vaccinatie Voor heel 2024 zijn 2.729 kinderen (> 2 maanden) opgeroepen voor een BCG-vaccinatie. Hiervan is ongeveer 43% (998 kinderen) succesvol gevaccineerd. In aansluiting op de lagere landelijke algemene vaccinatiegraad kan worden geconcludeerd dat de BCG-vaccinatiegraad in

3

Het definitieve percentage van TBC-patiënten dat behandeling voltooit en het percentage TBI-personen dat preventieve behandeling voltooit is pas in de loop van het nieuwe jaar bekend. 4 Bij een tuberculose-infectie is iemand wel besmet maar is de bacterie niet actief. Het is een slapende bacterie. Je bent niet ziek en je bent niet besmettelijk voor anderen. 5 De mantouxtest is een test die infectie met tuberkelbacteriën kan aantonen. 6 Interferon Gamma Release Assay is een bloedtest waarmee een besmetting met tuberculose kan worden vastgesteld. Pagina 13 van 49

de regio Rotterdam-Rijnmond grotendeels in lijn ligt met het landelijk gemiddelde BCGvaccinatiepercentage (tussen 38% en 50%). Conclusies behaalde resultaten Hoewel het aantal nieuwe TBC- en TBI-meldingen stabiel is gebleven in vergelijking met 2023, is er een geleidelijke toename in het aantal verrichtingen en cliëntcontacten. Het totaal aantal verrichtingen, inclusief consulten, is voor het tweede jaar op rij gestegen van 8305 in 2023 naar 9920 in 2024 (een toename van 16%). Dit weerspiegelt een intensivering van de screening en preventie. Ook het totaal aantal cliëntcontacten vertoont een stijgende lijn, van 8763 in 2023 naar 8896 in 2024 (een toename van 1,5%), passend binnen een stijgende trend sinds de afronding van de COVID-19-pandemie. De instroom van migranten en asielzoekers is genormaliseerd, zonder sprake van uitgestelde zorg. In 2024 zijn 2729 kinderen, van wie een van de ouders uit een land komt met een hoge tuberculoseprevalentie, opgeroepen voor een BCG-vaccinatie. Ongeveer 43% van deze groep kinderen (998) is gevaccineerd, een lichte daling van 5% ten opzichte van 2023. De stijging in het aantal opgeroepen kinderen en de schommelingen in het vaccinatiepercentage benadrukken de noodzaak van voortdurende inspanningen om de vaccinatiegraad te verhogen en TBC-preventie te verbeteren.

De gegevens tonen aan dat, ondanks variaties, de algehele tbcvaccinatie-inspanningen aansluiten bij de landelijke trends. TBC-bijzonderheden voor de regio • • •

De instroom van asielzoekers en migranten blijft een variabele factor die extra aandacht vereist voor een effectief en laagdrempelig TBC-screeningsaanbod. Kwetsbare groepen lopen een verhoogd risico bij een hoge incidentie van TBC, wat een voortdurend aanbod van preventieve maatregelen en laagdrempelige TBC-zorg noodzakelijk maakt. Enkele bron- en contactonderzoekacties in combinatie met intensievere TBCscreeningsactiviteiten (bij grotere groepen) vragen doorgaans meer middelen en personeel dan regulier, wat tot extra druk leidt op de reguliere TBC-taken.

Lopende verbetermaatregelen In de afgelopen twaalf maanden zijn alle geplande basistaken regulier uitgevoerd zonder significante beperkingen. De focus lag op het behouden van een stabiele TBCbasisinfrastructuur en het reageren op potentiële uitbraken en meldingen. Door verbreding van de regionale samenwerking binnen het REC-TBC ZH is de deskundigheid en kwaliteit van de TBC-uitvoering verbeterd. Daarnaast is actief ingezet op het verbeteren van de toegankelijkheid van de TBC-zorg door een verdere uitbreiding van de (online) dienstverlening, een verbeterde bereikbaarheid en een efficiëntere planning van spreekuren.

3. SOA en seksuele gezondheid Context van het werk Centrum Seksuele Gezondheid Op grond van de Wet publieke gezondheid (Wpg) zijn de GGD’en verantwoordelijk voor de preventie van seksueel overdraagbare aandoeningen (soa zoals hiv, chlamydia en gonorroe) in de samenleving. De taak van het Centrum Seksuele Gezondheid (CSGez) van de GGD is het voorkomen en opsporen van soa en het bevorderen van seksueel gezond gedrag. Voorkomen, opsporen en behandelen van soa’s Mensen met een verhoogd risico op (een) soa kunnen bij het CSGez een afspraak maken voor een soa-test. Dit zijn personen jonger dan 25 jaar, mannen of personen met een penis die seks hebben met mannen (MSM), personen afkomstig uit een land waar meer soa voorkomt, sekswerkers, personen die klachten hebben die wijzen op een soa en/of die een Pagina 14 van 49

partnernotificatie voor een soa hebben ontvangen en personen die te maken hebben gehad met seksueel geweld. Een afspraak kan binnen twee weken worden ingepland, vindt plaats in één van de spreekkamers van de GGD en is geheel gratis. De laagdrempelige en gratis toegang wordt bekostigd vanuit de regeling Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASG) met een Specifieke Uitkering (SPUK) vanuit het Rijk. Dit wordt verder toegelicht in deel 2 van deze jaarrapportage: ‘Overige werkzaamheden buiten de regiobegroting’. Mpox In 2024 zijn er 23 mpox-meldingen bij de GGD Rotterdam-Rijnmond gedaan. Een piek was te zien in augustus 2024 in vergelijking met de maanden daarvoor. Het CSGez heeft daarop per eind augustus de werkinstructie mpox voor medewerkers geüpdatet en is toen gestart met voorbereidingen voor een eventuele doorzetting van de stijging. Het CSGez werkt nauw samen met de afdeling Infectieziektebestrijding (IZB) van de GGD om de ontwikkelingen rondom mpox in de gaten te houden. Meer informatie over de huidige stand van zaken leest u daarom terug in de rapportage van IZB onder 'Individuele meldingen van infectieziekten' (pagina 45). Atypische toename hiv-infecties Het CSGez heeft begin 2024 een atypische toename van het aantal hiv-infecties waargenomen in de regio Rotterdam-Rijnmond.

Het CSGez ontving eind vorig jaar voor het eerst signalen van medewerkers dat zij een lichte stijging meenden te ervaren van het aantal nieuwe hiv-infecties. In de periode november 2023 tot en met februari 2024 waren 12 nieuwe besmettingen vastgesteld. Ter vergelijking: in heel 2022 waren het 16 nieuwe hiv-infecties en in heel 2023 waren het 14 nieuwe hiv-infecties. Het CSGez heeft een signaal hierover afgegeven aan het RIVM. Uiteindelijk hebben meerdere GGD-regio’s een atypische verheffing waargenomen en heeft het RIVM daarop een afstemmingsoverleg geïnitieerd. Op regionaal en -bovenregionaal niveau worden verscheidene acties ondernomen waar het CSGez nauw bij betrokken is, zoals de extra surveillance met de landelijke werkgroep WASS en het opnieuw inrichten van de werkgroep Fast Track Cities. Op lokaal niveau blijft het CSGez monitoren en onderzoeken. In 2024 heeft het CSGez in totaal 21 nieuwe hiv-infecties vastgesteld. Test&Go In 2024 is het CSGez gestart met de uitgifte van soa-zelftestpakketten, hierna genoemd Test&Go, voor jongeren onder 25 jaar zonder klachten. De capaciteit voor consulten op het CSGez is vrijwel altijd volledig bezet waardoor er niet altijd genoeg plek is om voor iedereen een consult te boeken.

Test&Go maakt het mogelijk om sneller en anoniemer te testen, waarmee de toegankelijkheid van onze seksuele gezondheidszorg wordt verhoogd en de druk op consulten wordt verlaagd. De jongere maakt via de website van de GGD een afspraak voor een zelftestpakket, haalt deze bij de GGD op, voert de zelftest uit op het toilet en deponeert deze in de daarvoor bestemde bak. Binnen twee weken ontvangt de betreffende persoon per sms de uitslag. Met dit initiatief wil het CSGez niet alleen de toegankelijkheid vergroten, maar ook meer bewustwording creëren rondom seksuele gezondheid. De zelftest biedt jongeren een laagdrempelige en efficiënte manier om regelmatig controles te doen en eventuele soa vroegtijdig op te sporen. In 2024 zijn ruim 500 zelftesten afgegeven met een vindpercentage van ongeveer 12%. Dit is het percentage waarin één of meer soa gevonden werd. Het vindpercentage ligt bij Test&Go lager dan het vindpercentage tijdens consulten (19,5%). Chlamydia testbeleid Nieuwe wetenschappelijke inzichten tonen aan dat chlamydia in de meeste gevallen vanzelf door het lichaam wordt opgeruimd zonder schadelijke gevolgen voor de gezondheid te veroorzaken en dat chlamydia slechts een vrijwel nihil of verwaarloosbaar risico op verminderde vruchtbaarheid met zich meebrengt. Alle GGD-en passen daarop het testbeleid voor chlamydia Pagina 15 van 49

aan per 1 januari 2025: de GGD gaat niet meer standaard op chlamydia testen bij mensen zonder klachten. Dat voorkomt overbehandeling en gaat antibiotica-resistentie tegen. Onder studenten in de regio Rotterdam – Rijnmond ontstond verwarring en onrust in de zomer 2024 naar aanleiding van nieuwsberichten met de aangekondigde verandering in het testbeleid voor chlamydia. Echter, mensen mét klachten worden nog wel getest. Het CSGez is sinds het najaar van 2024 met verschillende studentenverenigingen in gesprek om een samenwerking te realiseren gericht op een voorlichtings- en bewustwordingscampagne voor het veranderde testbeleid voor chlamydia en de Test&Go pakketten. Bevorderen van seksueel gezond gedrag Bij voorlichtingsactiviteiten richt het CSGez zich op groepen met een verhoogd risico op soa. Daartoe hebben outreachactiviteiten plaatsgevonden op evenementen zoals festivals en de start van het academisch jaar in Rotterdam (de Eurekaweek). De informatiemarkten hebben in de zomerperiode plaatsgevonden. Bij deze evenementen zijn 3067 personen bereikt. In 2024 is de samenwerking met Queer Gym Rotterdam om transgender personen en genderdiverse personen te benaderen verder uitgebreid. Bij bezoeken aan de Queer Gym Rotterdam zijn 37 personen bereikt. Sinds maart 2024 is het CSGez gestart met een pilot outreachproject in jongerenhub Hefhouse op Rotterdam-Zuid.

Op woensdagmiddagen (13.00 – 16.00 uur) draait het CSGez daar inloopspreekuren voor jongeren tot 25 jaar. Zij kunnen hier zonder afspraak terecht voor een consult over soa en seksualiteit, een soa-test of een zwangerschapstest. Vanaf maart 2024 hebben 123 jongeren een consult gehad op het Hefhouse, waarvan 104 jongeren ook zijn getest op soa. Ook zijn er twee voorlichtingsbijeenkomsten georganiseerd met in totaal 60 deelnemers. Vanuit het CSGez wordt deze pilot als succesvol beschouwd. Het CSGez is met de organisatie van Hefhouse overeengekomen dat het inloopspreekuur in 2025 wordt gecontinueerd. Begin 2024 ontving het CSGez de landelijke en regionale resultaten van het grootschalige onderzoek Seks Onder Je 25e (SO25). Het onderzoek, uitgevoerd door Soa Aids Nederland en Rutgers in samenwerking met de GGD’en, het RIVM en CBS, wordt eens in de vijf jaar uitgevoerd. De analyse van de Rotterdam-Rijnmond data voor het landelijk onderzoek en van de regionale ophoging is gedaan door de GGD Rotterdam-Rijnmond. De GGD werkt zo veel als mogelijk datagedreven en heeft zich daarom gecommitteerd aan dit onderzoek. Het CSGez heeft de eigen data verwerkt en in juni een aanvullend rapport gepubliceerd waarin specifiek wordt ingegaan op de seksuele gezondheid van jongeren in de regio Rotterdam – Rijnmond.

Bevindingen en aanbevelingen uit het rapport zijn gedeeld met beleidsmedewerkers van de betreffende gemeenten in het ambtelijk overleg. Ten slotte wordt actief bijgedragen aan het bevorderen van seksuele gezondheid door het geven van gastlessen aan personen in een kwetsbare situatie. Het CSGez heeft 11 voorlichtingen gegeven in kleine groepen aan 145 deelnemers. Deskundigheidsbevordering Het CSGez heeft ten slotte de taak om de professionaliteit en kwaliteit van professionals in de regio op het vakgebied soa en seksualiteit te bevorderen. Per jaar zijn er 6 trainingen ten behoeve van de deskundigheidsbevordering in de begroting opgenomen. In 2024 zijn 3 trainingen georganiseerd voor huisartsen in de regio. Dit is in samenwerking geweest met het STAR-lab over soa-hulpverlening en de preventieve hiv-medicatie Pre-Expositie Profylaxe (PrEP). Het aantal is in 2024 lager uitgevallen dan geraamd vanwege een capaciteitsuitdaging. Voor het eerste kwartaal van 2025 staan inhaalgesprekken gepland.

Pagina 16 van 49

4. Technische Hygiënezorg Deskundigen infectiepreventie van de GGD houden zich vooral bezig met de preventieve en reactieve taken op het terrein van hygiëne zorg en infectieziektebestrijding. Ook geven deskundigen van de GGD hygiëneadviezen aan particulieren, professionals, instellingen en bedrijven om infectieziekten te voorkomen. De werkzaamheden worden onderverdeeld in: • Basistaken die worden gefinancierd door de gemeenten. Voorbeelden hiervan zijn het geven van adviezen aan- en uitvoeren van inspecties bij seksinrichtingen, evenementen en locaties in de maatschappelijke opvang en het adviseren in legionellapreventie; • Markttaken die buiten de begroting worden gefinancierd vanuit andere financieringsstromen, zoals het uitvoeren van inspecties bij tattooshops, permanente make-up locaties en piercingstudio’s naar aanleiding van een aanvraag van een vergunning/vrijstelling en voorlichting over infectiepreventie op aanvraag. Er zijn in totaal 135 adviezen gegeven en 195 inspecties uitgevoerd. Het aantal adviezen is lager dan begroot. Door wijziging in registratie wordt een deel van deze adviezen van hygiëne zorg voortaan bij infectieziektebestrijding geteld omdat dit een logischer plek is.

Locaties waar preventief inspecties worden gedaan als onderdeel van infectiepreventie of voor het verlenen/behoud van een vergunning zijn inspecties bij: Seksinrichtingen Er zijn in Rotterdam momenteel 31 seksinrichtingen/locaties met een vergunning. Iedere locatie wordt jaarlijks geïnspecteerd. De locaties moeten voldoen aan de Hygienerichtlijn voor seksbedrijven en sekswerkers (RIVM) en de Algemene Plaatselijke Verordening. In 2024 zijn 29 locaties geïnspecteerd. De twee locaties die niet geïnspecteerd zijn, waren gesloten op het moment van het bezoek. Er is één herinspectie uitgevoerd. Bij een herinspectie worden cruciale punten die tijdens de eerste inspectie niet voldeden nogmaals gecontroleerd. Ook zijn er twee klachten met betrekking tot hygiëne binnengekomen bij de GGD. Deze klachten zijn meegenomen tijdens de reguliere controles. Van drie escortbureaus zijn de bedrijfsplannen beoordeeld. Evenementen Jaarlijks worden circa 15 evenementen bezocht om te bepalen of evenementen voldoen aan de landelijke hygiënerichtlijnen van het RIVM. Samen met het team Evenementen van de GHOR(Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond ) is bepaald welke evenementen er in 2024 zouden worden bezocht. In 2024 zijn 16 evenementen bezocht. De GGD heeft een actieve rol gespeeld in de evaluatie van de bezochte evenementen. Jaarlijks varieert de focus waar aandacht voor is tijdens de bezoeken.

Dit jaar is extra aandacht besteed aan evenementen waarbij voedsel en consumpties worden verstrekt. Daarbij is nauw samengewerkt met de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (hierna: NVWA). De NVWA is toezichthouder op de voedselveiligheid bij een evenement. Door de voedselveiligheid mee te nemen tijdens de bezoeken wordt signaaltoezicht richting de NVWA een belangrijk aspect van de inspectie. Vanwege de onder het hoofdstuk Infectieziektebestrijding (IZB) genoemde uitbraken van het norovirus, waarvan één bij een evenement, is ook veel contact geweest met de NVWA. Hieruit bleek hoe belangrijk een goede samenwerking tussen de GGD en de NVWA is.

Pagina 17 van 49

Bevindingen en geconstateerde knelpunten zijn gedeeld met de organisatoren en vergunningverleners. Tevens zijn de ervaringen ingebracht in landelijke gremia en het RIVM voor het bepalen van overkoepelend beleid. Naast de jaarlijkse bezoeken worden ook in de voorbereidingsfase van evenementen adviezen gegeven naar aanleiding van vragen van de veiligheidsregio Rotterdam (VRR). Deze vragen komen voort uit evenementaanvragen. Zo zijn er vooraf bij diverse evenementen adviezen gegeven aan de VRR en soms ook direct aan de exploitanten van de evenementen. Maatschappelijke opvang (MO) Onder maatschappelijke opvang vallen de locaties zoals dak- en thuislozenopvang, het Leger des Heils en centra voor dienstverlening. Omdat op deze locaties kwetsbare mensen worden opgevangen is infectiepreventie een belangrijk item. De afspraak is dat iedere locatie eens per twee jaar wordt bezocht door THZ, waarbij de locatie wordt beoordeeld op de landelijke hygiënerichtlijnen. Per bezoek wordt een rapport gemaakt met adviezen. In 2024 zijn 24 locaties bezocht. Ook is een inventarisatie gedaan zodat de lijst van MO opvanglocaties die bezocht moeten worden weer volledig actueel is en alle locaties die bezocht moeten worden weer in beeld zijn. Opvanglocaties voor asielzoekers en ontheemden In 2024 zijn alle opvanglocaties voor asielzoekers en ontheemden één of meerdere keren bezocht.

In totaal zijn in de regio Rotterdam-Rijnmond 22 COA noodopvanglocaties en 14 opvanglocaties voor Oekraïners één of meerdere keren bezocht. Op drie locaties heeft het team Hygiëne op verzoek van het COA voorlichting gegeven over infectiepreventie en persoonlijke en collectieve hygiëne. Met de gemeente Rotterdam zijn tegen een extra vergoeding afspraken gemaakt om de opvanglocaties voor Oekraïners in 2024 te bezoeken. Tattooshops en piercingstudio’s In 2024 zijn 111 inspecties voor het verkrijgen van een vergunning voor tatoeëren/permanente make-up of piercen uitgevoerd. Daarnaast zijn er 11 vrijstellingen van de vergunningsplicht voor tattoo- en/of piercingevenementen uitgegeven. Een vrijstelling wordt gegeven bij een korte duur van het uitvoeren van een tattoo/permanente make-up- of piercing activiteit, bijvoorbeeld bij een evenement. Deze inspecties en vrijstellingen vallen buiten de begroting, omdat de aanvrager betaalt voor het verkrijgen van deze vergunning/vrijstelling. Binnen de begroting worden er adviezen gegeven aan startende ondernemers en burgers over de hygiëneaspecten en preventieve maatregelen bij de tattooshops, permanente make-upstudio’s en piercingstudio’s. Voorlichting Dit jaar heeft THZ drie voorlichtingen gegeven naar aanleiding van een infectieziekte uitbraak en drie voorlichtingen op een vluchtelingenopvang.

Daarnaast is bij een instelling voor gehandicaptenzorg handhygiëne voorlichting gegeven. Adviezen over legionella Legionellose, ook wel veteranenziekte genoemd, is een zeldzame ernstige longontsteking die veroorzaakt wordt door de legionellabacterie. Deze bacterie zit in water en kan bij de juiste omstandigheden uitgroeien. Besmetting vindt plaats door inademen van kleine waterdruppeltjes (nevel) waar legionella in zit. Bij een legionellosemelding doet THZ onderzoek om mogelijke legionellabronnen in beeld te brengen. THZ geeft tevens technische adviezen om groei van legionella in het water te voorkomen en daarmee nieuwe besmettingen te voorkomen. In 2024 zijn er 37 meldingen van legionellose binnengekomen. Bij deze meldingen heeft THZ beoordeeld of bemonstering door het RIVM nodig is. Daarnaast is er een risico inschatting gemaakt voor het publiek rondom de mogelijke bronnen. Bij locaties met mogelijke bronnen heeft THZ het legionellabeheer nagevraagd en zo nodig adviezen hierover gegeven. Bij drie van Pagina 18 van 49

deze meldingen heeft THZ een bezoek gebracht aan locaties waar bemonsterd werd door het landelijke bemonsterteam (BEL). Vanwege een patiënt met legionellose woonachtig in het werkgebied van een andere GGD heeft THZ een bemonstering bijgewoond bij een sauna met jacuzzi in het werkgebied van de GGD Rotterdam-Rijnmond omdat dit de vermoedelijke bron van de infectie was. Bij THZ komen ook meldingen van legionella in water (leidingwater, proceswater, zwemwater) binnen. In totaal zijn er 715 meldingen binnengekomen. Op deze manier kan THZ goed monitoren waar mensen eventueel risico lopen op besmetting. Ook kan THZ deze gegevens gebruiken bij legionellose meldingen. Verder komen bij THZ soms ook vragen binnen over legionella en de maatregelen om de groei van de bacterie te voorkomen. In het eerste half jaar van 2024 zijn er vier vragen over legionella beantwoord.

Scheepsinspecties Ieder internationaal varend schip moet in het bezit zijn van een Ship Sanitation Certificate; dit is een hygiënecertificaat met een geldigheid van zes maanden. De GGD Rotterdam-Rijnmond geeft deze certificaten in de Rotterdamse haven af op verzoek van de kapitein van het schip en na een inspectie aan boord. Deze inspecties worden uitgevoerd volgens de kwaliteitscriteria van de WHO, die in de Nederlandse wetgeving zijn opgenomen in de Wet publieke gezondheid. De GGD Rotterdam Rijnmond inspecteert jaarlijks tussen de 1.600 en 1.700 schepen. De scheepsinspecties worden uitgevoerd in het kader van internationale regelgeving en worden bekostigd door rederijen zelf. Dit is dus geen basistaak maar wordt wel uitgevoerd door deskundigen op het terrein van hygiëne van de GGD Rotterdam-Rijnmond. In 2024 zijn 1.604 schepen geïnspecteerd. Dit is conform de verwachting.

Pagina 19 van 49

5. Medische Milieukunde en Collectieve advisering gezonde leefomgeving Om de gezamenlijke inzet te laten zien, zijn er kengetallen voor adviezen en meldingen geformuleerd ten aanzien van medische milieukunde en collectieve advisering gezonde leefomgeving. Dit zijn nadrukkelijk geen prestatie-indicatoren. De GGD behandelt alle meldingen en adviesvragen die binnenkomen. Het gaat hierbij om vragen/meldingen van inwoners over bijvoorbeeld schimmel in huis en wat dat betekent voor hun gezondheid. Maar het betreft ook adviesvragen van gemeenten over bijvoorbeeld PFAS: wat betekent dit voor de gezondheid van inwoners, hoe kan hierover op een goede manier gecommuniceerd worden etc. Het aantal meldingen en/of adviezen fluctueert per jaar. Het team van medisch mileukundigen houdt deze fluctuatie wel goed in de gaten om te kijken naar eventuele trends. Zo was er de afgelopen jaren een dalende trend in het aantal meldingen te zien. Deze trend heeft zich in 2024 niet voortgezet. In 2024 zijn er 261 meldingen behandeld, 21 meer dan in 2023. Dit aantal ligt in lijn met het geschatte aantal van 250 meldingen. Ook wat betreft advisering lagen de aantallen in de lijn der verwachting: in 2024 zijn er in totaal 214 adviezen medische milieukunde gegeven (geschatte aantal: 200). Het product collectieve advisering gezonde leefomgeving verloopt naar tevredenheid.

Voor dit product worden drie indicatoren bijgehouden, te weten 3 gemeentegrensoverstijgende adviestrajecten, 100 bijgewoonde overleggen en 3 kennisberichten. In 2024 is er inzet gepleegd op drie gemeentegrens overstijgende adviestrajecten: 1) Geluid haven en omgeving, 2) Luchthaven Rotterdam The Haque Airport en 3) Novex Rotterdamse Haven. De drie toegezegde kennisberichten zijn uitgegaan. Het team heeft 120 overleggen ten behoeve van het collectief belang bijgewoond.

Pagina 20 van 49

Voorbeelden inzet PFAS Risico’s van per- en polyfluoralkylstoffen (PFAS) staan de laatste tijd volop in de belangstelling. Ook in onze regio worden PFAS in wisselende gehalten gevonden in bodem, grondwater en oppervlaktewater. De GGD Rotterdam-Rijnmond wordt hierover benaderd als het gaat om het beoordelen van de gezondheidsrisico’s. Er is momenteel geen sprake van een acuut gezondheidsrisico door PFAS, maar wel kunnen mensen in sommige situaties meer PFAS binnen krijgen dan gezondheidskundig wenselijk is. De GGD geeft in die gevallen de gezondheidskundige duiding en zo nodig gebruiksadviezen. Hiernaast denkt de GGD mee over de communicatie aan de betrokkenen. Deze communicatie gaat altijd in afstemming met de andere betrokken partijen. Ook is de GGD rechtstreeks bereikbaar voor burgers die vragen hebben over PFAS en gezondheid. In 2024 is de GGD, naast het beantwoorden van veel relatief kleine vragen van gemeenten, betrokken bij een aantal grotere projecten/incidenten: •

•

• •

•

•

• •

De GGD heeft het risico beoordeeld voor de toekomstige gebruikers van de Plas van Heenvliet (gemeente Brielle) n.a.v. de gemeten PFAS in de bodem en in het grondwater. Daarnaast is de GGD aanwezig geweest bij de raadsinformatiebijeenkomst die hierop volgde. Naar aanleiding van de aanwezige PFAS in de Plas Vrijenburgbos heeft het Waterschap Hollandse Delta onderzoek uitgevoerd in het oppervlaktewater in de omgeving om de herkomst van de PFAS verontreiniging op te sporen. Hierbij is zowel het oppervlaktewater in de gemeente Rotterdam als in de gemeente Barendrecht onderzocht. De GGD heeft advies gegeven over mogelijke gezondheidsrisico’s voor de gebruikers van dit water, inclusief bijbehorende communicatieboodschap. Het waren twee afzonderlijke adviezen. De GGD is aanwezig geweest en heeft een presentatie gegeven voor raadsleden en bewoners van de gemeente Barendrecht. Naar aanleiding van de PFAS verontreiniging in het natuurbad van het Kralingse Zwembad heeft op verzoek van de gemeente Rotterdam onderzoek plaatsgevonden in de omgeving met als doel de bron op te sporen. Dit onderzoek is uitgevoerd in het omringende volkstuincomplex, op de parkeerplaats van het zwembad en in de wijk Leonidas. De GGD heeft een gezondheidskundige risicobeoordeling uitgevoerd.

In juli is er een informatiebijeenkomst geweest voor de gebruikers van het volkstuincomplex en voor bewoners van de wijk Leonidas om de resultaten en het vervolg te bespreken. Op verzoek van de gemeente Rotterdam zijn er monsters genomen in meerdere tuinen in de wijk Leonidas. De GGD heeft de eventuele gezondheidsrisico’s beoordeeld voor bewoners. In navolging hierop is er een tweede informatiebijeenkomst geweest voor bewoners van de wijk. Voor de gemeente Schiedam heeft de GGD geadviseerd bij PFAS bevindingen rondom het Schreupermeerbos. Ook is de GGD voor de gemeente Schiedam betrokken geweest bij de PFAS verontreiniging in het water nabij de stortplaats Definitieve Opslagplaats Noord-oost Abtspolder (DOP-NOAP). De GGD is betrokken bij overleggen van de Alliantie Waterkracht waar o.a. gemeenten, waterschappen, drinkwaterbedrijven en de GGD samenkomen hoe om te gaan met PFAS metingen. De GGD heeft meerdere presentaties gegeven over PFAS: o Veiligheidsdirectie van de VRR over PFAS o Algemeen Bestuur GGD Rotterdam-Rijnmond o Technische sessie gemeente Rotterdam

Pagina 21 van 49

Novex (Nationale OmgevingsVisie EXtra) Rotterdamse Haven De Rijksoverheid heeft 16 gebieden aangewezen waar de ruimtelijke opgaven van overheden zo groot en gestapeld zijn, dat ze vragen om gezamenlijke regie van het Rijk en de regio. Deze gebieden worden de NOVEX-gebieden genoemd. De Rotterdamse haven is zo'n gebied. Uitgangspunt is dat de Rotterdamse haven in 2050 het meest duurzame Haven Industrieel Complex ter wereld wil zijn én dat de regio aantrekkelijk wil blijven om te wonen, werken en recreëren. Er zijn vier programmalijnen en GGD sluit aan bij lijn 3 (synergie haven en omgeving). In 2023 waren er voorbereidende overleggen over de invulling van de rol van de GGD in NOVEX haven en zijn er twee belangrijke punten benadrukt: 1. In dit project wordt de gezonde leefomgeving als ambitie benoemd; 2. Effecten op de gezondheid in bestuurlijke besluiten over ruimtelijke ontwikkelingen worden nadrukkelijke en transparant afgewogen. In 2024 werd de rol van de GGD in NOVEX haven en het programma HGO (Havengeluid en omgeving, qua inhoud rakend aan NOVEX) nader ingevuld. Directie en management van de GGD is vertegenwoordigd in het bestuurlijk en directie overleg. In het DO-HGO is het proces om te komen tot een verdeling van geluidruimte voor de haven te komen besproken. Uiteindelijk wordt de geluidruimte vastgelegd in een omgevingsplan en geluidproductieplafonds in 2032.

Medewerkers van het team G&M hebben in 2024 deelgenomen aan 13 NOVEX-bijeenkomsten en 12 HGO-bijeenkomsten Kennisberichten 2024 Team Gezondheid en Milieu publiceert driemaal per jaar een kennisbericht, specifiek gericht op (collega-)ambtenaren van regiogemeenten (gezondheid, milieu, ruimtelijke ordening), de Omgevingsdienst, de Veiligheidsregio, de Provincie Zuid-Holland en andere GGDcollega’s. In 2024 zijn kennisberichten uitgebracht in april, juli en november. Hierin zijn diverse relevante thema’s behandeld, zoals het opstellen van een lokaal hitteplan, de kwaliteit van speel- en zwemwater, de relatie tussen tijdelijke woningen en gezondheid, de impact van houtstook en de implementatie van de nieuwe EU-richtlijn voor luchtkwaliteitsnormen. Het kennisbericht heeft inmiddels 116 abonnees. Gemiddeld klikken per uitgave 100 lezers door om meer informatie over specifieke onderwerpen te verkrijgen. Tot nu toe is er alleen positieve feedback gekomen op de nut en relevantie van het kennisbericht Gezonde Leefomgeving.

Pagina 22 van 49

Gemeentelijke advisering gezonde leefomgeving Naast de basistaken Medische Milieukunde (MMK) en collectieve advisering gezonde leefomgeving kunnen individuele gemeenten de plustaak gemeentelijke advisering gezonde leefomgeving afnemen. Met uitzondering van Maassluis en Schiedam namen in 2024 alle gemeenten het plusproduct af.

6. Toezicht kinderopvang Kinderopvang inspecties Toezicht Kinderopvang (TKO) voert verschillende type onderzoeken uit en hanteert de nodige afkortingen. Zie hieronder een korte leeswijzer waarin de belangrijkste termen zijn opgenomen: JO NO IO OVR ONR BSO KDV GO GOB

Jaarlijks onderzoek Nader onderzoek, op verzoek van gemeente o.b.v. handhavingsbesluit n.a.v. het JO Incidenteel onderzoek, o.b.v. zorgsignalen van derden na afstemming met en in opdracht van gemeente Onderzoek voor registratie (in het Landelijk Register Kinderopvang/ LRK) Onderzoek na registratie Buitenschoolse opvang Kinderdagverblijf Gastouder Gastouderbureau

Op 31 december 2024 is 100% van de kinderopvang voorzieningen bezocht die in het landelijk systeem 'Gemeenschappelijke Inspectieruimte’ (GIR) geregistreerd zijn. Aan het einde van het jaar is ook 95% van alle inspecties volledig afgesloten. Ruim voor 1 maart 2025 zullen alle inspecties volledig afgerond zijn. GGD Rotterdam-Rijnmond heeft hiermee de productiviteitsdoelstellingen ten aanzien van de inspecties behaald. De eerste twee maanden van 2024 was er relatief veel capaciteit nodig voor het afronden van de inspecties van 2023. Dit was een trend van de afgelopen jaren. In 2024 is het doel gesteld om meer inzicht te krijgen in de variabelen die hierop van invloed zijn om zodoende gerichte acties uit te zetten. Eén van die variabelen, zoals vorig jaar al is geconstateerd en is gedeeld met de gemeenten, is een toename van de inspectietijd bij verschillende typen inspecties. Ook het aantal nadere onderzoeken (NO) is significant hoger ten opzichte van vorig jaar. Dit wordt hieronder verder toegelicht onder kopje ‘Verantwoording ten opzichte van de inkoop’. In de loop van het jaar heeft de GGD hier opnieuw aandacht voor gevraagd in de overleggen met de regiogemeenten en landelijk met andere GGD’en en GGD GHOR Nederland.

Op verzoek van de wethouders met de portefeuillehouder financiën en kinderopvang, heeft naar aanleiding van de halfjaarrapportage een gesprek plaatsgevonden en is een notitie geschreven waar deze inzichten gedeeld zijn en

Pagina 23 van 49

toegelicht tijdens een overleg met de wethouders. Dit onderwerp krijgt in 2025 een vervolg. Gastouder inspecties De GGD moet jaarlijks 50% van alle gastouders (GO) inspecteren. Van dit aandeel zijn in 2024 nagenoeg alle gastouders bezocht. Dit aantal is in lijn met de verwachting. Gedurende het jaar is een aantal afwijkingen ontstaan door budgetoverschrijding. Dit is afgestemd met de betreffende gemeenten. In goed overleg zijn hier nadere afspraken over gemaakt. Verantwoording ten opzichte van de inkoop Gemeenten hebben dit jaar bij de inkoop rekening gehouden met de invoering van een nieuwe systematiek. Vanaf 2024 wordt gerekend met een standaard 5% ‘verzekeringspremie’ bovenop de inschatting van het totaal aantal benodigde inspecties. Deze verzekeringspremie is bedoeld om ruimte te bieden voor complexere onvoorziene situaties waar meer tijd voor nodig is. Dit jaar is het eerste jaar waarin er in overleg met de gemeenten uren geschreven kunnen worden op het budget verzekeringspremie. De kaders hiervoor zijn beschreven en afgestemd met de gemeenten. In het ambtelijk regio-overleg van 28 november 2024 is afgesproken dat de inkoopsystematiek, inclusief de 5% verzekeringspremie, in 2025 geëvalueerd wordt.

Zoals zichtbaar in onderstaande tabel is er in 2024 per type inspectie gemiddeld 6% meer tijd nodig voor de uitvoering dan de normuren die GGD GHOR Nederland stelt voor de jaarlijkse onderzoeken(JO) en de gemeenten regionaal gesteld hebben voor de overige type onderzoeken. Opvallend is dat met name de incidentele onderzoeken (51%) en nadere onderzoeken (15%) meer tijd vergen. Landelijk zien ook andere GGD’en afgelopen jaren dat er meer tijd nodig is voor JO's. Dit wordt nader onderzocht en is onderwerp van gesprek met alle GGD’en en het Landelijk Centrum Toezicht Kinderopvang van GGD GHOR NL. De gemeenten in regio Rotterdam-Rijnmond worden op ambtelijk niveau op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen. Naast het feit dat de inspectietijd voor de IO's en NO's hoger is dan ingekocht, is het opmerkelijk dat ook het aantal NO's is toegenomen, namelijk 30% meer. In 2023 zijn er totaal 169 NO's uitgevoerd. Dit jaar zijn het er 220. Opvallend is het zwaartepunt van de NO's in de eerste helft van 2024 (toen waren er al 174 NO's uitgevoerd). Het aantal IO’s is dit jaar nagenoeg gelijk aan vorig jaar (resp. 106 in 2024 en 101 in 2023). Tijdens de inkoop is rekening gehouden met 80. Dat wil zeggen dat er 26 onderzoeken extra zijn uitgevoerd bovenop de inkoop.

Type onderzoek

Algemeen

BSO

KDV

GO

GOB

Aantal

Ratio

7

Aantal

Ratio

Aantal

Ratio

Aantal

Ratio

Aantal

Ratio

Totaal

2240

1,06

698

1,04

907

1,08

623

1,05

12

1,04

IO

106

1,51

45

1,27

54

1,65

7

2,37

-

-

JO

1558

1,04

472

1,02

640

1,05

438

1,04

8

1,05

NO

220

1,15

69

1,08

127

1,18

22

1,27

2

1,00

ONR

99

1,06

53

1,05

45

1,07

nvt

nvt

1

1,10

OVR

257

1,06

59

1,07

41

1,08

156

1,03

1

1,00

Figuur 8: Aantal inspecties kinderopvang toezicht 2024

7

De ratio is een weergave van de bestede tijd ten opzichte van de ingekochte tijd per type onderzoek. Een ratio van 1,00 wil zeggen dat de gemiddeld bestede tijd gelijk is aan de inkoop. Een ratio van bijvoorbeeld 1,06 betekent dat er 6% meer tijd besteed is dan ingekocht. Pagina 24 van 49

De trend met betrekking tot het gemiddeld aantal uur voor IO's en NO’s als ook het aantal NO's is besproken en toegelicht op de regio-overleggen in 2024. Vervolgens zijn de gemeenten individueel geadviseerd ten aanzien van de inkoop voor 2025. Ook de door het Rijk incidenteel beschikbaar gestelde middelen zijn besproken. De GGD heeft hier een aanvullende adviesnotitie op geschreven. De meeste gemeenten hebben deze middelen meegenomen in de inkoop voor 2025. Enkele gemeenten hebben hiervan afgezien.

7. Ondersteuning bestuur gemeenschappelijke regeling Door de extra middelen die vanaf 2024 aan de begroting zijn toegevoegd voor het onderdeel bestuursondersteuning, kon het traject voor de aanpassing van de gemeenschappelijke regeling worden opgepakt en is een start gemaakt met de bestuurlijke processen die volgen uit de archiefwet en de Wet open overheid. (Woo). Regulier wordt vanuit dit product de ondersteuning van het bestuur vormgegeven (daaronder wordt de ondersteuning van de voorzitter, het bestuur en de directeur verstaan) en worden de vergaderingen van het algemeen bestuur (AB) en dagelijks bestuur (DB) voorbereid. Daarnaast worden in GGD GHOR NL-verband de overleggen voor de Bestuurlijke Adviescommissie Publieke Gezondheid en de Algemene Ledenvergadering van DPG‘en voorbereid. Ambtelijk worden de overleggen van ‘Voor elkaar in Rijnmond’ en het kernteam van de ambtenaren volksgezondheid van alle deelnemende gemeenten gecoördineerd. Gedurende dit jaar zijn alle wethouders twee maal bezocht. Door een goede voorbereiding zijn er vruchtbare gesprekken gevoerd met de wethouders over actualiteiten, de financiële situatie van zowel de GGD als de gemeenten en de rol van preventie in relatie tot publieke gezondheid. Ook de zorgen om de dalende vaccinatiegraad kwam in veel gesprekken aan de orde. Begin 2024 is de tevredenheidsmeting uitgevoerd.

De ervaringen van de tevredenheidsenquête zijn gedeeld met het algemeen bestuur. Als rapportcijfer wordt een 7,6 aan de GGD gegeven. Op basis van de resultaten van de enquête en verdiepende gesprekken met een aantal beleidsambtenaren en wethouders uit de regio, zijn aandachtspunten geformuleerd. Zo zal de communicatie richting de gemeenten nog meer vanuit het perspectief van de regio worden ingestoken en wordt er gewerkt aan een meer proactieve benadering met betrekking tot het delen van kennis en informatie over publieke gezondheid en het adviseren over gezondheidsbevordering en preventie. Het algemeen bestuur heeft de begroting voor 2025 vastgesteld en heeft kennisgenomen van het jaarverslag 2023. In het najaar is gewerkt aan de voorbereiding van de nieuwe begroting van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) voor 2026. Dit naar aanleiding van een raadsbrief die door een groot aantal gemeenten was ingediend met het verzoek om als GR scenario’s voor bezuinigingen aan te dragen. In het algemeen bestuur van de GGD is hierop besloten om voor 2026 de begroting eenmalig aan te passen aan de lagere overheadkosten van de gemeente Rotterdam en zo een besparing van 0,42 miljoen euro te realiseren voor het jaar 2026.

De begroting 2026 zal in de eerste vergadering van het AB van 2025 definitief worden voorgelegd waarin deze besparing, de verwerking van de indexatie en nieuwe inwoneraantallen worden meegenomen. Ook is in 2024 de nieuwe tekst van de GR vastgesteld in het AB na een consultatie van alle gemeenteraden. De tekst van de GR was toe aan een actualisatie vanwege technische wijzigingen, maar voornamelijk ook door de aanpassing van de wet op de Gemeenschappelijke Regelingen.

Pagina 25 van 49

Andere activiteiten die veel aandacht vergden van alle betrokkenen zijn de bestuurlijke en ambtelijke overleggen over het Integraal Zorgakkoord ( IZA) en Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Binnen de mogelijkheden en capaciteit van de kennisfunctie ondersteunt en adviseert de GGD de gemeenten voor deze overleggen. In het tweede deel van de rapportage wordt uitgebreider ingegaan op GALA en IZA. De vergaderingen van het dagelijks bestuur, die in 2024 van start zijn gegaan, worden als waardevol ervaren. Het zorgt voor een betere voorbereiding van besluiten en voor een vergrote betrokkenheid van de deelnemende gemeenten bij de uitvoering van de taken van de GGD. Het werken met een portefeuilleverdeling8 in het DB is erg effectief gebleken en vergroot de betrokkenheid van de bestuurders bij de GGD.

8

De portefeuilles zijn gekoppeld aan de volgende thema’s: gezonde leefomgeving, gezonde leefstijl, ontwikkelagenda, toezicht, meerjarenbegroting, eigenaarschap en bedrijfsvoering. Pagina 26 van 49

8. Informatieverstrekking en website Het product informatieverstrekking richt zich op het delen van kennis over gezondheid, gezond gedrag en zorg en het vergroten van de kennis van inwoners en organisaties over deze thema’s. Hiervoor wordt gebruikgemaakt van sociale media, de website en voorlichting. Het aantal bezoekers van de website laat over heel het jaar 2024 een afname zien. De daling komt doordat Corona niet meer urgent en actueel is. De laatste oproep tot de mogelijkheid om een gratis HPV-prik te halen, deed in april het websitebezoek stijgen en maakt dat de webpagina over HPV in de top 5 (op de 5e plaats) staat qua bezoekersaantallen op de website. In oktober 2024 steeg het aantal bezoekers aan de website wederom door het starten van de najaarscampagne coronaprik. De homepage van de website is de meest bezochte. Daarop volgt de pagina voor afspraak soatest en de pagina over Seksueel Overdraagbare Aandoeningen (SOA) en seksualiteit. Het aantal unieke bezoekers was 272.910. Het totaal aantal bezoeken aan de website was 333.415. Op maandag 9 december 2024 ging de nieuwe website van de GGD live. Hieraan voorafgaand zijn (gebruikers)testen uitgevoerd onder doelgroepen om te zorgen voor een meer doelgroepgerichte website. Op de nieuwe website is er een snellere doorgeleiding naar de gezochte informatie en in het geheel is de website nu klantvriendelijker ingericht.

In april 2024 is de werving voor campagne Gezondheidsmonitor jongvolwassenen gestart. Om de campagne gerichter aan te pakken, is samengewerkt met de communicatieafdelingen van de regiogemeenten. In het najaar van 2024 is de GGD verhuisd naar haar nieuwe onderkomen. Met een online campagne via social media en advertenties in de buitenruimte en lokale media is hier veel aandacht voor gevraagd, zowel voor als na de verhuizing.

9. GGD Rampen Opvang Plan (GROP) en crisis Het jaar 2024 is benut om de nieuw ontwikkelde getrapte GGD-opschalingssystematiek te introduceren en door te voeren in de procesplannen. Dit als resultaat van de “geleerde lessen” uit de corona periode. Het GGD Rampen Opvang Plan (GROP/code rood - het hoogste opschalingsniveau) en het Outbreak Management Team (OMT/ code oranje – opschaling in verband met ernstige crisis) hoefden in 2024 niet geactiveerd te worden. Wel zijn er 3 grotere uitbraken (Gastro-enteritis in Lansingerland, Goeree Overflakkee en Rotterdam) en een aantal kleinere uitbraken (Mazelen, Hepatitis, Mpox) opgeschaald naar code geel (Uitbraak Overleg) waarbij verschillende ondersteunende disciplines en communicatie van de GGD geassisteerd hebben bij het bestrijden van de uitbraken. In het kader van het GROP zijn in totaal 22 nieuwe crisisfunctionarissen opgeleid in een cyclus van 3 basistrainingen. Er zijn 6 trainingen georganiseerd voor deskundigheidsbevordering. Er zijn 3 oefeningen GGD-crisisopschaling georganiseerd.

10. Integrale gezondheidsmonitor Rijnmond Gezondheidsmonitor Jeugd Als onderdeel van de integrale gezondheidsmonitor is in 2023 de Gezondheidsmonitor Jeugd afgenomen. De Gezondheidsmonitor Jeugd is een vragenlijstonderzoek naar gezondheid, welzijn en leefstijl van jongeren uit klas 2 en 4 van het regulier voortgezet onderwijs. Dit Pagina 27 van 49

onderzoek vindt één keer in de vier jaar plaats. De dataverzameling op scholen vond plaats in het najaar van 2023 en de resultaten en analyses zijn in 2024 beschikbaar gekomen op gemeentelijk en regioniveau. Aan het onderzoek deden 7.530 jongeren mee die in regio Rotterdam-Rijnmond wonen; 2.331 in Rotterdam en 5.199 in de overige gemeenten. Dit betekent dat 26% van de doelgroep is bereikt.9 De resultaten van de Gezondheidsmonitor Jeugd 2023 zijn in het tweede kwartaal 2024 gepubliceerd. Voor elke gemeente is een rapport gemaakt en een tabellenboek. Daarnaast zijn de cijfers opgenomen in de databank op de website Gezondheid in kaart. Ook ontvingen 41 scholen hun schoolrapportage en zijn er met vijf scholen gesprekken gevoerd over de uitkomsten. In 2026 zal deze meting voor deze doelgroep opnieuw plaatsvinden. Dit is een jaar eerder dan in de huidige cyclus van gezondheidsmonitoren.10 Jongeren zijn minder vaak positief over hun eigen gezondheid dan tijdens voorgaande jaren. Dat geldt voor jongens en in een nog sterkere mate voor meisjes. Ook hun mentale gezondheid laat na de COVID-19 pandemie nog geen herstel zien. Daarnaast is een toename van ongezond gedrag te zien, zoals vapen en problematisch gebruik van social media.

9

In 2019 was het bereik 42%. In dat jaar deden 61 scholen mee. In 2021 (extra monitor tijdens de coronaperiode) was het bereik 27%. In dat jaar deden 52 scholen mee. In 2019 was de bereidheid van scholen voor deelname aan de monitor hoog. Extra context: het CJG deed in 2021 en 2023 ook een onderzoek (Jij en je gezondheid) in klas 2 en 4 van het VO, waarbij klas 4 in dezelfde periode als de Gezondheidsmonitor Jeugd wordt afgenomen. In de voorgaande periode had het CJG individuele contactmomenten in klas 1 en 3. 10 Door de planning aan te passen is er een betere balans in de verdeling van de onderzoekswerkzaamheden voor Gezondheidsmonitor Jeugd en Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen, die in de huidige planning vlak na elkaar komen en voor een overlap zorgen. Ook zorgt de nieuwe planning ervoor dat er geen concurrentie is met het Trimbos-instituut, dat eveneens onderzoek doet op scholen, wat betreft de werving van scholen voor het onderzoek. Verder is het voor verzorgers en kinderen zo ook duidelijker aan welk onderzoek er wordt deelgenomen. Pagina 28 van 49

De GGD ziet al langer dat de ervaren gezondheid van jongeren afneemt. In 2015 gaf nog bijna 9 op de 10 jongeren (89%) aan hun gezondheid als (zeer) goed te ervaren. Bij de laatste meting in 2023 is dit gedaald naar 8 op de 10 (80%). Deze afname in ervaren gezondheid is zichtbaar in bijna alle GGD-regio’s.

Figuur 9: Percentage jongens en meisjes van 13 t/m 16 jaar met een (zeer) goede gezondheid in regio RotterdamRijnmond.

Mogelijk brengen deze uitkomsten met zich mee dat er een groter beroep op de zorg wordt gedaan voor mentale gezondheid. Dat vraagt om meer preventieve inzet van de overheid. Ook scholen kunnen hier een rol in spelen door bijvoorbeeld met de Gezonde School-aanpak te werken. De beweging van zorg naar gezondheid en daarmee preventie en het bevorderen van gezondheidsvaardigheden, is een ontwikkeling waar de GGD een rol van betekenis in heeft. Meer over de activiteiten en ontwikkelingen op dit vlak, komen aan bod in het tweede deel van deze rapportage. Het percentage wekelijkse rokers was in 2023 voor vierdeklassers vergelijkbaar met de voorgaande meting. Het aandeel tweedeklassers dat rookt nam licht toe. Ten opzichte van 2019 is het vapen sterk toegenomen.

Figuur 10: Percentage jongeren dat wekelijks of vaker sigaretten rookt in regio Rotterdam-Rijnmond

Figuur 11: Percentage jongeren uit klas 2 en klas 4 dat wekelijks of vaker vapet in regio Rotterdam-Rijnmond

Pagina 29 van 49

De volgende feitenkaarten met gegevens van de Gezondheidsmonitor Jeugd 2023 zijn in 2024 geactualiseerd of nieuw verschenen: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Gehoorschade Zongedrag Alcohol Roken Jonge mantelzorger Stress en prestatiedruk Ervaren gezondheid

De resultaten en feitenkaarten zijn online terug te vinden op gezondheidinkaart.nl Gezondheidsmonitoren Jongvolwassenen en Volwassenen & Ouderen In 2024 heeft de dataverzameling plaatsgevonden voor de volgende monitoren: ▪

▪

Jongvolwassenen: deze monitor is een extra monitor in het kader van het ZonMw COVID-19 programma. De vragenlijst was in te vullen via een open link. Jongeren van 16 t/m 25 jaar zijn geworven via een online sociale mediacampagne. In totaal hebben 7.359 jongvolwassenen uit de regio Rotterdam-Rijnmond de vragenlijst ingevuld. In januari 2025 zijn de gemeenterapporten en het tabellenboek gepubliceerd op bovengenoemde website. Volwassenen en Ouderen: in de regio hebben bijna 30.000 mensen deelgenomen aan het onderzoek. De resultaten worden in het tweede kwartaal 2025 gepubliceerd.

11. Coördinatie Psychosociale hulp bij ingrijpende gebeurtenissen (PSHi) In 2024 zijn er in het totaal 28 PSHi-inzetten geweest in 7 verschillende gemeenten. In Rotterdam hebben er 21 inzetten plaatsgevonden, in Maassluis 2 inzetten, in Barendrecht, Goeree Overflakkee, Krimpen a/d IJssel, Vlaardingen en Voorne a/Zee elk 1 inzet. Dit zijn er in totaal aanzienlijk meer dan in 2023 (13 inzetten) maar vergelijkbaar met het aantal inzetten in de jaren ervoor: 2022 (22 inzetten), 2021 (28 inzetten), 2020 (24 inzetten), 2019 (33 inzetten). De aard van de inzetten verschilt per incident. In de meeste gevallen wordt de PSHhulpverlening gecoördineerd en met behulp van de ketenpartners uitgevoerd. In sommige gevallen is door de PSHi-coördinatoren geassisteerd bij het organiseren van een bewonersbijeenkomst. In een enkel geval was het geven van advies aan de betreffende hulpvrager voldoende. De toename van het aantal zedenzaken en incidenten met grensoverschrijdend gedrag zijn opmerkelijk (11 incidenten) maar ook het aantal PSHi-inzetten na (extreem) geweld in het openbaar: 6 explosies en 5 incidenten met openbaar geweld. Een andere bijzondere inzet in 2024 was het assisteren en adviseren bij de organisatie van de herdenkingsbijeenkomsten van de (schiet)incident in Delfshaven en Katendrecht naar aanleiding van de incidenten in september 2023.

Zoals ieder jaar vindt een bovengemiddeld aantal PSHi inzetten plaats in de gemeente Rotterdam. Dit is hoofdzakelijk te verklaren aan de hand van het hoge inwoneraantal maar ook door de hoge frequentie van incidenten in Rotterdam. Bijkomend aspect daarbij is de grote bekendheid van het PSHi proces bij de hulpdiensten waardoor sneller wordt overgegaan tot de inzet van PSHi.

Pagina 30 van 49

In oktober 2024 is, naar aanleiding van de adviezen uit het NIPV-onderzoek naar de hulpverlening tijdens en na de schietincidenten in Delfshaven en Erasmus MC, door de GGD/GHOR directie besloten de 2 nu nog aparte processen PSHi en PSHOR onder te brengen in 1 proces PSH, gecoördineerd door de GGD, georganiseerd volgens landelijk model. Naar verwachting kan deze samenvoeging plaatvinden zonder extra druk op de begroting. De PSHi (Psychosociale Hulpverlening bij Ingrijpende gebeurtenissen) wordt door de GGD georganiseerd, en de PSHOR (Psychosociale Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen) wordt, anders dan in de rest van Nederland, in Rotterdam-Rijnmond door de GHOR georganiseerd. Voor deze samenvoeging (naar landelijk model) wordt uitgebreid onderzoek gedaan naar de wensen van getroffenen, opdrachtgevers en ketenpartners, en advies ingewonnen bij naburige GGD’en en landelijke expertisecentra zoals NIPV en ARQ Impact. In de loop van 2025 zal het nieuwe samengevoegde proces PSH beschreven en vastgesteld worden, en zo snel mogelijk daarna worden ingevoerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3738/documents/33696