50. 2026-025871 Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond Reactie DB op zienswijzen Regionaal Risicoprofiel 2026-2030.pdf
Tekst van het document
Waarschijnlijkheid
Droogte kan leiden tot verzakkingen van gebouwen, vooral bij houten paalfunderingen. Ook drinkwaterwinning, natuur en landbouw komen onder druk te staan. In duingebieden kan een tekort aan bluswater ontstaan, wat de brandweer beperkt. De economische schade kan oplopen door schade aan infrastructuur en bedrijfsprocessen.
Ramppotentieel
Verzakking/instorting, verstoring drinkwatervoorziening, verstoring afhandeling verkeer en vervoer.
Cascade-effecten (kettingreacties)
Fysieke veiligheid (impact)
Droogte leidt zelden tot directe slachtoffers, maar kan indirecte risico’s veroorzaken, zoals gezondheidsklachten door hitte, stofvorming of verminderde waterkwaliteit. Indirecte schade aan gebouwen en infrastructuur kan leiden tot onveilige situaties. Ook kan er een tekort aan bluswater ontstaan.
Zeer laag
Subjectieve veiligheid Weinig zorgen
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Bekend
In stedelijke gebieden is het bewustzijn over droogte is beperkt. In agrarische gebieden, zoals Goeree, leeft de zorg meer. De beleving verschilt per regio en beroepsgroep. Droogte is een toenemend risico. Door klimaatverandering ontstaan langere drogere periodes, met gevolgen voor natuur, infrastructuur en economie. Ook verzilting en bodemdaling nemen toe. De effecten van droogte zijn bekend, maar verschillen per gebied. Inzicht in grondwaterstanden en bodemgesteldheid is niet overal volledig. Ook ruimtelijke ontwikkelingen en menselijk gedrag maken het risico complex.
Score
Toelichting
Onwaarschijnlijk
Zeer ernstig
In de regio Rotterdam-Rijnmond zijn geen recente incidenten met radioactieve stoffen gemeld. Landelijk komen slechts kleine incidenten voor. Door strenge regelgeving en toezicht is het risico laag.
Hoewel het aantal directe slachtoffers beperkt kan zijn, kan de maatschappelijke, economische en bestuurlijke impact groot zijn. Denk aan evacuaties, langdurige sanering en reputatieschade.
Paniek in menigten, openbare-ordeverstoringen, maatschappelijke onrust, explosie. 3-4 effecten
3-4 effecten
84 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
blootstelling van mensen of milieu aan straling en de moeilijkheid om een incident snel te beheersen.
Fysieke veiligheid (impact) Zeer laag
Subjectieve veiligheid Weinig zorgen/angst
Beweeglijkheid
In Nederland komen nauwelijks incidenten voor met directe fysieke schade door radioactieve stoffen. De impact op gezondheid is zeer beperkt.
Het feitelijke risico is laag, maar incidenten met straling veroorzaken vaak grote maatschappelijke onrust. Veel mensen zijn onvoldoende geïnformeerd over de werkelijke risico’s en maatregelen. De sector is sterk gereguleerd en er zijn signalen dat het risico toeneemt.
Stabiel
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
Nederland beschikt over uitgebreide kennis en meetnetwerken, zoals het Nationaal Meetnet Radioactiviteit. Incidenten worden snel opgespoord en geanalyseerd.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 85
Uitval / verstoring drinkwatervoorzieningen 5.4.29 Uitval / verstoring drinkwatervoorzieningen In Nederland is drinkwater dag en nacht beschikbaar. In de regio Rotterdam-Rijnmond leveren drie bedrijven dit water: Evides, Oasen en Dunea. Er zijn twee soorten drinkwaterincidenten. Een kwantitatief incident houdt in dat er geen of te weinig water uit de kraan komt; bij een kwalitatief incident voldoet het water niet aan de kwaliteitseisen. Een kwaliteitsprobleem kan ontstaan door werkzaamheden, verkeerde aansluitingen, een defecte terugslagklep of opzettelijke vervuiling. Als het
gaat om een microbiologische verontreiniging, wordt een kookadvies afgegeven: het water moet dan drie minuten worden doorgekookt voordat het gedronken kan worden. Duurt een kwantitatieve storing langer dan 24 uur en zijn er meer dan 1.000 aansluitingen getroffen, dan geldt een noodvoorziening van drie liter drinkwater per persoon per dag. Bij uitval van energie of telecom moeten de drinkwaterbedrijven tien dagen zelfstandig kunnen blijven leveren. Op de lange termijn komt de zekerheid van drinkwaterlevering onder druk te staan door klimaatverandering, bevolkingsgroei en beperkte waterreserves.
Scoringstabel Beoordelingscriterium
5.4.30 Dierziekten (incl. zoönose) Zoönosen zijn infectieziekten die kunnen worden overgedragen van dieren op mensen. Ze kunnen veroorzaakt worden door bacteriën, virussen, parasieten of schimmels. Bekende voorbeelden zijn salmonella, botulisme, Q-koorts, vogelgriep en in sommige gevallen ook COVID-19.
Het risico gaat niet alleen over directe besmetting van mensen, maar ook over de gevolgen voor volksgezondheid, diergezondheid en voedselveiligheid.
Scoringstabel Score
Waarschijnlijkheid Onwaarschijnlijk
Ramppotentieel Ernstig
Cascade-effecten (kettingreacties)
Toelichting
Beoordelingscriterium
Ernstige incidenten waarbij de levering in gevaar komt, zijn zeldzaam (ongeveer eens per vijf jaar). Grootschalige uitval komt bijna niet voor. Kleine verstoringen zijn normaal, maar het systeem is robuust en goed voorbereid op calamiteiten. Lokale storingen komen vaker voor dan regionale.
Waarschijnlijkheid
Bij langdurige uitval ontstaan problemen met voedselbereiding, hygiëne en zorgprocessen. Ook de riolering wordt geraakt, omdat toiletten niet meer kunnen doorspoelen. De gevolgen zijn niet catastrofaal, maar wel ernstig in stedelijke gebieden of bij uitval van vitale infrastructuur. Brandkranen en sprinklerinstallaties werken dan ook niet. Verstoring zorgcontinuïteit, maatschappelijke onrust, uitval/verstoring voedselvoorziening.
3-4 effecten
Fysieke veiligheid (impact)
Subjectieve veiligheid Geen zorgen/angst
Beweeglijkheid Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
Burgers zien drinkwater als vanzelfsprekend. Pas bij zichtbare uitval ontstaat bewustwording. Over het algemeen leeft dit risico niet sterk, al wordt drinkwater wel genoemd in noodpakketten.
Score
Toelichting
Waarschijnlijk
Ramppotentieel
Er zijn voortdurend gevallen van meldingsplichtige zoönosen, volgens het RIVM. Ziekten zoals salmonella en botulisme komen regelmatig voor, meestal in milde of individuele gevallen. De effecten zijn meestal individueel en leiden zelden tot ziekenhuisopnames. De impact is beperkt, vooral in een regio met weinig veeteelt.
Beperkt
Cascade-effecten (kettingreacties)
Infectieziekte humaan of pandemie, chronische blootstelling (incl. ZZS). 1-2 effecten
Fysieke veiligheid (impact)
De fysieke gevolgen zijn klein: weinig doden of ernstige ziektegevallen. Het dagelijks leven wordt nauwelijks verstoord. Het risico wordt groter bij nieuwe of gemuteerde ziekteverwekkers.
Laag
Er worden geen directe slachtoffers verwacht. Gezondheidsrisico’s ontstaan pas bij langdurige uitval, vooral bij kwetsbare groepen. Als vervuild drinkwater nog niet is ontdekt, kunnen klachten optreden door consumptie.
Zeer laag
86 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Dierziekten (incl. zoönose)
Subjectieve veiligheid
De meeste mensen zijn zich niet bewust van zoönosen. Alleen bij media-aandacht ontstaat tijdelijk meer bezorgdheid.
Geen zorgen
Experts verwachten een lichte toename van het risico. Klimaatverandering, verdroging en strengere kwaliteitseisen zorgen voor meer druk op het systeem. Drinkwaterbedrijven willen vóór 2030 de reserves op orde hebben.
Beweeglijkheid
De technische kennis over drinkwater is goed ontwikkeld. Bedrijven hebben inzicht in hun processen en risico’s. De onzekerheid zit vooral in de maatschappelijke gevolgen en in het gedrag van mensen bij langdurige uitval.
Kennis(on)zekerheid
Stijging
Duidelijk
De verspreiding onder wilde dieren neemt toe en virussen muteren sneller, waardoor overdracht op mensen makkelijker wordt. Er is veel kennis over bestaande zoönosen en hun risico’s. De onzekerheid ligt vooral bij nieuwe varianten en hun gedrag.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 87
Plagen
Extreme kou
5.4.31 Plagen
5.4.32 Extreme kou
Plagen zijn organismen, zoals insecten, knaagdieren of schimmels, die overlast veroorzaken of schade toebrengen aan gewassen, dieren, gebouwen of mensen.
Koudegolven komen in Nederland steeds minder vaak voor, maar vormen nog altijd een risico voor de gezondheid en het functioneren van de samenleving. Extreme kou kan leiden tot onderkoeling en bevriezing, maar ook tot schade aan infrastructuur en verstoringen van vitale processen zoals energievoorziening en transport.
Scoringstabel
Scoringstabel
Beoordelingscriterium
Score
Waarschijnlijkheid Mogelijk
Ramppotentieel
Toelichting
Beoordelingscriterium
In Nederland komen plagen regelmatig voor, maar zelden op grote schaal. Het risico is relatief laag, al kunnen internationale uitbraken gevolgen hebben voor voedselprijzen en beschikbaarheid.
Waarschijnlijkheid
De gevolgen zijn vooral economisch en ecologisch. Een verstoring van de voedselproductie kan leiden tot prijsstijgingen of schaarste, maar zelden tot een acute ramp.
Beperkt
Cascade-effecten (kettingreacties)
Score
Toelichting
Zeer onwaarschijnlijk
Extreme kou is zeldzaam geworden. In de regio Rotterdam-Rijnmond is sinds de jaren 50 geen langdurige koudegolf meer geweest. Wel komen kortdurende perioden met vorst en sneeuw voor, die lokaal voor overlast zorgen.
Ramppotentieel Ernstig
Verstoring/uitval afhandeling voedselvoorziening, verstoring zorgcontinuïteit. 1-2 effecten
Fysieke veiligheid (impact) Laag
De directe gevolgen voor mensen zijn klein. Gezondheidsrisico’s ontstaan vooral indirect, bijvoorbeeld via besmet voedsel of allergische reacties.
Weinig zorgen
Het risico leeft nauwelijks onder burgers. Alleen bij zichtbare overlast of media-aandacht ontstaat bezorgdheid.
Subjectieve veiligheid
Cascade-effecten (kettingreacties) 3–4 effecten
Fysieke veiligheid (impact) Zeer laag
Subjectieve veiligheid Beweeglijkheid
Klimaatverandering, globalisering en intensieve landbouw vergroten de kans op nieuwe plagen.
Geen zorgen/angst
Stijging
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
Er is veel kennis over bekende plagen, maar onzekerheid blijft over nieuwe soorten, mutaties en verspreidingsroutes.
Beweeglijkheid Stabiel
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
88 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Bij extreme kou kunnen verwarming en warmtepompen uitvallen, vooral bij temperaturen onder -10°C. Gladheid zorgt voor verkeersproblemen en valincidenten. Sneeuwophoping kan daken laten instorten en bij dooi kan wateroverlast ontstaan. De gevolgen zijn vooral indirect, maar lokaal ernstig. Uitval/verstoring verkeer en vervoer, uitval/verstoring elektriciteitsvoorziening, uitval/verstoring gas- en warmtevoorziening, instorting. Het aantal slachtoffers is beperkt. Er zijn risico’s op onderkoeling, valpartijen en gezondheidsproblemen bij kwetsbare groepen. Omdat langdurige kou zelden voorkomt, is de fysieke in het algemeen hoog. Het bewustzijn over kou als risico is laag, vooral bij jongere generaties. Ouderen of bewoners van slecht geïsoleerde woningen maken zich meer zorgen. Media-aandacht bij incidenten kan tijdelijk onrust veroorzaken. Het risico op extreme kou blijft stabiel. Er is geen duidelijke trend in toename of afname. Op lange termijn kan een verstoring van de Noord-Atlantische golfstroom leiden tot koudere winters. De effecten van kou zijn goed bekend. Er bestaan maatregelen zoals gladheidsbestrijding en winterprotocollen. De impact hangt vooral af van timing, locatie en samenloop met andere factoren zoals storingen in energievoorziening.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 89
5.5
Aardbeving
5.4.33 Aardbeving Aardbevingen in Nederland komen vooral voor in Groningen (door gaswinning) en Limburg (door natuurlijke oorzaken en vroegere mijnbouw). Ze kunnen schade aan gebouwen en infrastructuur veroorzaken en gevoelens van onveiligheid oproepen bij bewoners. In de regio Rotterdam-Rijnmond zijn
geen natuurlijke breuklijnen aanwezig, maar geothermie en ondergrondse CO2-opslag kunnen wel van invloed zijn op het optreden van aardbevingen.
Scoringstabel Beoordelingscriterium
Score
Toelichting
Zeer onwaarschijnlijk
Er zijn geen actieve breuklijnen in de regio. Aardbevingen zoals in Groningen of Limburg komen hier niet voor. Activiteiten zoals geothermie en CO2-opslag worden goed gecontroleerd en vormen geen significante dreiging.
Waarschijnlijkheid
Ramppotentieel Aanzienlijk
Cascade-effecten (kettingreacties)
Mocht er toch een beving optreden, dan kan dat leiden tot scheuren of schade aan gebouwen. De impact blijft lokaal en beperkt, maar kan relevant zijn voor vitale infrastructuur of industriële installaties. Er zijn geen realistische kettingreacties voor de regio.
Geen effecten
Fysieke veiligheid (impact)
Er zijn geen historische voorbeelden van aardbevingen met slachtoffers in Rotterdam-Rijnmond. Het risico op letsel is verwaarloosbaar.
Zeer laag
Subjectieve veiligheid
Het risico leeft nauwelijks onder de bevolking. In landelijke peilingen wordt aardbeving zelden genoemd als zorgpunt. In de regio is er weinig tot geen bewustzijn over dit risico.
Geen zorgen
Beweeglijkheid
Er is geen toename in seismische activiteit. Het risico verandert niet door klimaat of ruimtelijke ontwikkeling. Stabiel
Kennis(on)zekerheid Duidelijk
Er is voldoende kennis over aardbevingen. De invloed van geothermie en CO2-opslag wordt goed gemonitord. Er is geen sprake van verhoogde onzekerheid.
Bijlage 5 – Niet uitgewerkte risicothema’s (incl. toelichting)
Sommige risico’s zijn tijdens de analyse herkend, maar niet verder uitgewerkt in dit Regionaal Risicoprofiel. Dit komt omdat ze geen directe invloed hebben op de fysieke veiligheid, of omdat ze al binnen andere domeinen worden opgepakt. Hieronder volgt per thema een korte toelichting.
5.5.1 Ondermijning Tijdens de expertsessie is op advies van politie en andere partners besloten om ondermijning niet op te nemen in het risicoprofiel van de VRR. Dit thema heeft geen directe invloed op de fysieke veiligheid. Het onderwerp wordt verder uitgewerkt in het risicoprofiel van de politie. 5.5.2 Problematische fauna Dieren vormen feitelijk geen risico, maar in dit RPP wordt wel meerdere keren verwezen naar problematische fauna. Dieren kunnen immers risico’s veroorzaken voor volksgezondheid, veiligheid, economie en leefomgeving, bijvoorbeeld door hun gedrag, verspreiding of aanwezigheid. Dit kan gaan om invasieve soorten, overlast of economische schade, maar ook om complicaties bij rampen waarbij dieren betrokken zijn. Fauna is vooral een impactonderdeel bij andere risico’s: dieren kunnen slachtoffer zijn van veel gebeurtenissen die in dit risicoprofiel zijn beschreven. Toch wordt er in dit document meerdere keren naar problematische fauna verwezen, omdat dieren, anders dan bij plagen, soms ook zelf een risico kunnen vormen.
5.5.5 Liftopsluiting Bij een liftopsluiting raken mensen opgesloten in een lift door bijvoorbeeld een stroomstoring, mechanisch defect of technische fout. Dit kan zorgen voor stress en paniek, en kan gevaarlijk worden als hulpverlening lang op zich laat wachten. Omdat het risico laag is en de gevolgen meestal beperkt blijven, is besloten dit thema niet verder uit te werken. Hoewel het incident vaak voorkomt, is de fysieke impact verwaarloosbaar. 5.5.6 Windturbines Windturbines zetten wind om in elektriciteit met behulp van grote wieken, een generator en een mast. Ondanks hun bijdrage aan duurzame energie brengen ze risico’s met zich mee zoals mechanische storingen, blikseminslag of afbrekende onderdelen. De meeste windturbines in de regio staan in het havengebied, op plekken met weinig omwonenden. Hierdoor is het risico op schade of letsel zeer klein. Het thema is daarom niet verder uitgewerkt in dit risicoprofiel. 5.5.7 Mist Mist is aanleidende factor bij andere risico’s, zoals verkeersongevallen. Mist veroorzaakt dus wel risico’s, maar is op zichzelf geen risico. Daarom is dit thema niet als afzonderlijk risico opgenomen.
5.5.3 Vallen Vallen betekent dat iemand onbedoeld naar beneden valt of struikelt, wat kan leiden tot (ernstig) letsel. Dit gebeurt in allerlei situaties: thuis, op het werk of in de openbare ruimte.
5.5.8 Waterlekkage Waterlekkage is het ongecontroleerd ontsnappen van water uit leidingen, installaties of opslagvoorzieningen, in gebouwen of infrastructuur. Dit kan worden veroorzaakt door defecten, slijtage, vorst of beschadiging. Het kan leiden tot schade aan gebouwen, installaties of milieu.
Hoewel er als gevolg van vallen jaarlijks veel dodelijke slachtoffers zijn in de regio Rotterdam-Rijnmond, heeft dit risico geen directe invloed op vitale processen of maatschappelijke continuïteit. De regio kan dit risico binnen de reguliere zorg- en hulpdiensten goed opvangen. Daarom is het niet verder uitgewerkt volgens de methodiek van dit risicoprofiel.
Waterlekkage is vaak een aanleiding voor andere risico’s, zoals uitval van elektriciteit, verstoring van transport of problemen met drinkwatervoorziening. Het is dus een oorzaak van risico’s, maar geen zelfstandig risicothema.
5.5.4 Hartstilstand Een hartstilstand is een plotselinge medische noodsituatie waarbij het hart stopt met pompen. Hierdoor valt de bloedsomloop uit. Snelle reanimatie en defibrillatie zijn dan noodzakelijk om overlevingskansen te vergroten. Hoewel hartstilstanden regelmatig voorkomen en leiden tot veel dodelijke slachtoffers, hebben ze geen
90 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
directe invloed op vitale processen of bedrijfsvoering. De hulpdiensten in de regio kunnen dit risico binnen de reguliere zorgprocessen goed opvangen.
5.5.9 Polarisatie Polarisatie verwijst naar toenemende spanningen tussen groepen in de samenleving. Wanneer verschillen uitgroeien tot tegenstellingen, kan dit leiden tot radicalisering of maatschappelijke onrust. Polarisatie is geen fysiek veiligheidsrisico. Het kan dat worden wanneer spanningen escaleren, maar dan valt het onder het thema maatschappelijke onrust.
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 91
5.6
Bijlage 6 – Website
Naast de gegevens in dit risicoprofiel heeft het team Inzicht in Risico’s aanvullend onderzoek gedaan naar diverse thema’s. Voor meer achtergrondinformatie en verdiepende analyses is binnenkort een link naar de thematische uitwerkingen beschikbaar. Op de website van Rijnmondveilig wordt een webpagina aangemaakt waar u het risicoprofiel en aanvullende informatie kunt vinden.
92 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
REGIONAAL RISICOPROFIEL 2026-2029
/ 93
94 / VEILIGHEIDSREGIO ROTTERDAM-RIJNMOND
Regionaal Risicoprofiel 2026 -2027
Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Postbus 9154 3007 AD Rotterdam Wilhelminakade 947 3072 AP Rotterdam 088-877 90 00 vr-rr.nl rijnmondveilig.nl