44. Raadsinformatiebrief 2026-044055 2026-003845 reactie op zienswijze en besluit uitbreiding DPO terrein.pdf
Tekst van het document
Defensie begrijpt de zorg van TenneT over de risico’s voor leveringszekerheid en de wens om vitale infrastructuur buiten risicocontouren te houden. In het planMER zijn de afstanden tussen de onderzochte alternatieven en hoogspanningsverbindingen beoordeeld. De verbinding Zeyerveen–Hessenweg ligt buiten de C-zone van het explosieaandachtsgebied. Daarmee is er geen risico op warmtestraling of overdruk voor deze verbinding. Defen-
(Rijks)Raakvlakken
Extra locatie grootschalige munitieopslag
(Rijks)Raakvlakken
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 70 van 863
Definitief | 19-12-2025
154
De indiener vraagt zich af of (en onder welke voorwaarden) verbouwing van de woonboerderij, uitbreidingen, plaatsing mantelzorgwoning en andere aanpassingen nog mogelijk zijn binnen de contouren; verzoekt om creatief meebewegen (bijv. verleggen bouwblok) en financiële compensatie voor extra kosten.
155
De indiener stelt voor om een calamiteitenplan op te stellen voor o.a. kerosinelekken en andere incidenten, met bijzondere aandacht voor (grond)waterbeschermingsgebieden en intrekgebieden op de Veluwe.
156
De indiener (TenneT) vindt dat nieuwe vitale infrastructuur en installaties deze buiten de risicocontouren moet blijven. Ook vindt indiener dat munitieopslagen op het (huidige en toekomstige) hoogspanningsnet goed onderbouwd dienen te worden. Indiener blijft graag met Defensie in gesprek over de toekomstige invulling van munitieopslagen nabij ons hoogspanningsnet. De indiener betoogt dat de (plan)MER onjuistheden, omissies en onvolledige effecten bevat (veiligheid, bodem, oppervlaktes), waardoor Staphorst te positief wordt beoordeeld en verzoekt om correctie en herweging vóór besluitvorming.
157
158
De indiener geeft aan dat essentiële milieu- en natuurvragen integraal en tijdig moeten worden onderzocht (advies
sie blijft in overleg met TenneT en andere betrokken partijen om de veiligheid van vitale infrastructuur te waarborgen. In de vervolgfase wordt deze afstemming voortgezet, zodat eventuele aandachtspunten tijdig kunnen worden meegenomen. Wanneer de woonboerderij van de indiener in de C-zonering ligt, betekent niet dat er geen ontwikkelingen mogelijk zijn. Wel gelden er enkele specifieke eisen, waarover indiener in contact kan treden met de gemeente. Mocht de indiener schade ondervinden dan kan diegene daarvoor een beroep aanvraag doen op nadeelcompensatie. In het geval de indiener nu al woont in een C zone dan zal er zeer waarschijnlijk geen schade gecompenseerd worden omdat het huidig gebied hetzelfde blijft en dus het nu al niet is toegestaan. Defensie dankt indiener voor zijn suggestie en kan bevestigen dat op munitiecomplexen alleen munitie wordt opgeslagen. Specifieke waterbescherming is derhalve, anders dan in het geval van brandbare vloeistoffen, niet benodigd. Defensie deelt de opvatting dat nieuwe vitale infrastructuur en installaties buiten risicocontouren moeten blijven. Defensie blijft graag in goed overleg met TenneT over de toekomstige invulling van munitieopslagen. Het doel is om samen te zorgen voor een veilige en betrouwbare energievoorziening en een robuuste defensie-infrastructuur.
In het planMER zijn de acht mogelijk geschikte locaties in Nederland op dezelfde wijze op basis van dezelfde criteria met elkaar onderzocht en met elkaar vergeleken conform een vooraf bekend gesteld onderzoeksmethodiek. Dit leidt tot een transparante en onderbouwde locatiekeuze. De keuze wordt derhalve ook niet heroverwogen. Defensie neemt de zorg over milieu en natuur serieus. Het advies van de Commissie MER wordt zo goed mogelijk
(Rijks)Raakvlakken
Extra locatie grootschalige munitieopslag
(Rijks)Raakvlakken
Extra locatie grootschalige munitieopslag
(Rijks)Raakvlakken
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Algemene zienswijze
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Algemene zienswijze
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 71 van 863
Definitief | 19-12-2025
Commissie m.e.r.) en maakt zich zorgen over de haast, die zorgvuldigheid en rechten van inwoners kan schaden.
159
De indiener stelt voor om de 35/35-variant en ondergrondse/alternatieve vormgeving volwaardig mee te nemen, met deugdelijk kaartmateriaal en een eerlijke vergelijking, omdat baten hiervan in de MER zijn onderschat.
160
De indiener vraagt om duidelijke, correcte oppervlaktes en verzoekt om een harde limiet (max. 70–71 ha) zonder latere uitbreiding; tevens wijst men erop dat 70 ha meer grondverwerving/compensatie vergt dan 35 ha.
161
De indiener vraagt zich af wat de strategische meerwaarde van Staphorst is t.o.v. alternatieven en betwijfelt of forse natuurschade valt te legitimeren zonder overtuigende militaire argumentatie.
162
Indiener is van mening dat bij een 70 ha munitiedepot veel meer extra grond nodig is (potentieel rond 50 ha) ten opzichte van de 35 ha optie. Dit is niet in de MER-beoordeling verwerkt. De voordelen van de 35/35 optie zijn in de MER
verwerkt in het planMER-onderzoek, terug te vinden in de aanvulling op het planMER. Deze resultaten vormen de basis voor het NPRD. Defensie ziet dat snelheid niet ten koste mag gaan van zorgvuldigheid. Het proces volgt vaste stappen en wordt in overleg met regionale partners uitgevoerd. Zo blijven rechten van inwoners en kwaliteit van besluitvorming geborgd. Actie wordt ondernomen door de onderzoeken integraal te gebruiken en door de planning zo in te richten dat zorgvuldigheid vooropstaat. Het alternatief van twee depots van elk 35 hectare is afgevallen bij de eerste trechtering (november 2024), omdat uit het planMER-onderzoek blijkt dat de winst die het oplevert bij de verschillende locaties vele malen kleiner is dan de impact doordat er op twee plekken negatieve effecten optreden. Defensie begrijpt de zorg over de omvang van de extra locatie voor grootschalige munitieopslag. Het belang van een duidelijke grens wordt erkend. Het planMERonderzoek brengt de effecten van verschillende oppervlaktes in beeld. Bij het aanwijzen van de locatie Staphorst wordt vastgehouden aan het aantal hectares dat uit deze onderzoeken volgt. De mogelijke gevolgen van een groter oppervlak, zoals extra grondverwerving en compensatie, maken onderdeel uit van de verdere onderzoeken en realisatie.
In de keuze voor Staphorst zijn alle belangen onderzocht en gewogen die kwamen uit diepgaande MER-onderzoeken, bestuurlijk draagvlak en een inschatting van de maatschappelijke draagbaarheid en militair strategische afwegingen. Het alternatief van twee depots van elk 35 hectare is afgevallen bij de eerste trechtering (november 2024) omdat uit het planMER-onderzoek blijkt dat de winst die het oplevert bij de verschillende locaties vele malen
Algemene zienswijze
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Algemene zienswijze
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Algemene zienswijze
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Algemene zienswijze
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 72 van 863
Definitief | 19-12-2025
zwaar onderschat, en op het vlak van de veiligheid en op bijna alle verdere onderzochte milieueffecten zijn de voordelen aanzienlijk. Indiener verzoekt Defensie om deze optie zorgvuldig te (her)overwegen. 163
De indiener verzoekt Defensie om de optie van ‘ondergronds bouwen’ in Staphorst zorgvuldig te onderzoeken, vanwege minder effect grondgebruik, minder negatieve gevolgen voor omwonenden en natuur en minder grote veiligheidszones.
164
Bij bestudering van de uitgevoerde planMER door Antea zijn door de werkgroep een groot aantal onjuistheden en lacunes geconstateerd
165
De indiener stelt het op prijs dat impactvolle activiteiten niet binnen het mijnbouwschadegebied worden gepland.
166
Is de MER-weging van bodemkwaliteit en landgebruik tussen locaties juist?
kleiner is dan de impact doordat er op twee plekken negatieve effecten optreden. Bij de uitwerking van het munitieopslag zal in een gebiedsproces de ruimtelijke positionering nader worden ingevuld en wordt deze suggestie meegenomen. Op dit moment zijn de plannen om bovengronds te bouwen en daarop zijn alle onderzoeken gebaseerd. Mocht er in de verdere uitwerking toch mogelijkheden ontstaan voor ondergronds bouwen dan zal dat blijken uit de aanvragen die dan uitgevoerd worden. Op dit moment is het niet haalbaar vanwege zeer hoge kosten en technische risico’s. In het planMER zijn de acht mogelijk geschikte locaties in Nederland op dezelfde wijze op basis van dezelfde criteria met elkaar onderzocht en met elkaar vergeleken conform een vooraf bekend gesteld onderzoeksmethodiek. Dit leidt tot een transparante en onderbouwde locatiekeuze. De keuze wordt derhalve ook niet heroverwogen. Defensie streeft ernaar om negatieve effecten op de leefomgeving zoveel mogelijk te beperken. In dit geval is ervoor gekozen om geen impactvolle activiteiten binnen het mijnbouwschadegebied te plannen. Het is niet altijd mogelijk om gebieden volledig uit te sluiten van defensieactiviteiten. Wel wordt bij elke locatie zorgvuldig gekeken naar alternatieven en naar maatregelen die de impact beperken. Dit gebeurt in overleg met betrokken partijen en op basis van actuele inzichten uit het planMER-onderzoek.
Bij het aspect bodemkwaliteit is een lichtpositieve beoordeling (0/+) gegeven indien sprake is van agrarisch dan wel andersoortige bedrijvigheid, omdat verwacht wordt dat dan sprake is van bodemverontreiniging, die in het kader van de ontwikkeling moet worden opgeruimd. De natuurwaarden van de bodem wordt niet binnen dit aspect beoordeeld.
Algemene zienswijze
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Algemene zienswijze
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Bodem
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Bodem
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 73 van 863
Definitief | 19-12-2025
167
168
169
170
De indiener ziet kansen om de komst van Defensie te koppelen aan een integrale gebiedsaanpak, ruilverkaveling gericht op versterking van de landbouwstructuur, verbetering van bodemkwaliteit en waterhuishouding, en herstel van landschapselementen (houtwallen) door structurele samenwerking met agrariërs, terreinbeheerders en overheden. Dit kan bijdragen aan robuuste landschappen, duurzame landbouw, en herstel van biodiversiteit. De indiener vindt de locatie ongeschikt voor de opslag, of verzoekt goed in te passen op de locatie, vanwege kleinschalig coulissenlandschap, natuuren landschapswaarde en internationale verplichtingen voor het behoud van natuur, beschermde libellesoort en biodiversiteit, of vanwege doorsnijding voedselgebieden, toename verkeersdrukte, ook door betere ontsluiting industrieterrein. De indiener stelt dat over het programma, de plannen en de informatiebijeenkomst in Staphorst onvoldoende gecommuniceerd is. Dit geldt met name voor de getroffen bewoners in de C-zone. Het ontbreken van transparantie, zorgvuldige afweging van belangen en volwaardige participatie van de lokale gemeenschap rechtvaardigt heroverweging van de locatiekeuze. Indiener wil op de hoogte gehouden worden en verzoekt om een vast aanspreekpunt.
De indiener twijfelt aan noodzaak van uitbreiding van defensie, hoge kosten, oorlog over 15 jaar voorbij, opslag van snel achterhaalde technologie, terwijl omwonenden nu gedupeerd worden.
Ideeën zoals ruilverkaveling, versterking van landbouwstructuur en herstel van landschapselementen bieden kansen voor duurzame ontwikkeling. Deze zienswijze wordt meegenomen in het gebiedsproces, waarin inpassing en samenwerking met agrariers, terreinbeheerders en overheden verder worden uitgewerkt.
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
In het vergroten van de bestaande locatie neemt Defensie alle genoemde aspecten in ogenschouw om de impact op de omgeving te minimaliseren daar waar mogelijk. Na een uitgebreid vergelijk van alle locaties is gekozen voor de locatie waar de komst van een grootschalige munitieopslag het kleinst was en dat is op de huidige locatie in Staphorst.
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie vindt het vervelend dat indiener het gevoel heeft onvoldoende geïnformeerd te zijn. Over Staphorst als voorkeurslocatie voor de extra locatie voor een grootschalige munitieopslag is op diverse momenten en via diverse kanalen vanuit Defensie, de Provincie en de gemeente gecommuniceerd. Dit n.a.v. de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (december 2023), het Staphorster Bod (december 2024) en meest recent de informatieavond op 11 juni 2025. Defensie is daarom van mening dat belanghebbenden tijdig, transparant en zorgvuldig geïnformeerd konden zijn. in het gebiedsproces voor de verdere inpassing van deze behoeften, is vanuit Defensie aandacht voor het creëren van een vast aanspreekpunt en vervolgparticipatie voor de omgeving. Defensie begrijpt de zorgen over kosten, noodzaak en toekomstige ontwikkelingen. De uitbreiding is gebaseerd op de veiligheidsopgaven die door het kabinet en de Kamer zijn vastgesteld. Deze opgaven vragen om voldoende opslagcapaciteit, ook
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 74 van 863
Definitief | 19-12-2025
171
De indiener verzoekt om rekening te houden met mensen en bedrijven die niet meer kunnen blijven wonen of ondernemen op de huidige locatie, en met omwonenden die veiligheidsrisico's lopen, verzoekt om omgevingsmanagement, en inzicht in de processtappen en rollen in het gebiedsproces, en betrek de gemeente en uitvoeringsorganisaties van het Rijk hierbij.
172
De indiener verzoekt in te zetten op vredige handel met Rusland in plaats van dienstplicht.
173
De indiener stelt alternatieve locaties voor munitieopslag voor. Zo is er bij de snelweg A28 afslag 22, nabij Staphorst, een groot agrarisch gebied met weinig bewoning. ook een reeds bestaande grootschalige munitiedepot in Itterbeck (Duitsland) is een alternatief.
174
De indiener signaleert dat een meer ronde vorm aan west-, oost-, zuidkant er aan de noordkant minder impact van veiligheidszonering geeft en dat ook de mogelijkheid geeft voor vrije ruimte met bomen/natuur tussen verharde
voor moderne systemen. De strategische afwegingen zijn meegenomen in het planMER en onderbouwd in het Ontwerp-NPRD. Defensie begrijpt de wens en onderkent de noodzaak van het samen met de omgeving in uitvoering brengen van haar behoefte. Dit doet zij door zowel bestuurlijk als ambtelijk met Rijk, provincie en gemeenten als door middel van een in te richten gebiedsproces voor alle relevante belanghebbenden. Voor alle grondeigenaren en woningeigenaren die eigendom verliezen werkt Defensie samen met rentmeesters die al actief zijn in het gebied om te kijken hoe we hier afspraken over kunnen maken die recht doen aan een ingrijpend besluit. Defensie streeft ook naar duurzame vrede. Tegelijk moet Defensie zich voorbereiden op eventuele toekomstige situaties die zich voor zouden kunnen doen. Dat doet Defensie onder ander met het NPRD. De opkomstplicht is sinds 1997 opgeschort. Het herinvoeren van de opkomstplicht maakt geen onderdeel uit van het NPRD. Als basis voor het planMER is vanuit objectieve geschiktheidscriteria gezocht naar mogelijk geschikte locaties in Nederland. Hieraan is n.a.v. de inspraakperiode de locatie Staphorst bij het bestaande munitiecomplex toegevoegd. Wij kunnen onze ruimtebehoefte niet afwentelen op andere landen.
Op alle andere genoemde locaties zijn er afwegingen waarom deze niet zijn beschouwd door bijvoorbeeld kritische infrastructuur (nabijheid windturbines), aantal woningen in de A/B/Czonering of het voorstel van Groenkracht wat te klein was (62 hectare). Defensie waardeert de suggestie om de vorm van het terrein aan te passen. Het idee om aan de noordkant minder impact van veiligheidszonering te creëren en ruimte voor bomen en natuur tussen de weg en het toe-
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 75 van 863
Definitief | 19-12-2025
weg en het toekomstige terrein.
175
De indiener vraagt geïnformeerd te worden over de planning van de daadwerkelijke munitieopslag en ingaan van de veiligheidscontour.
176
De indiener wordt graag betrokken bij de compensatie, biedt netwerk en kennis aan rond het uitvoeren van bos- en natuurcompensatie, of neemt graag deel aan gebiedsproces, zodat bij compensatie bodemkundig onderzoek en geologische en geomorfologische data van historische kaarten benut worden. De indiener mist in de MER het alternatief van twéé depots van elk 35 hectare ten opzichte van één depot van 70 hectare, in kosten, veiligheid, tijdspad, minder natuurverlies dus ook minder compensatienoodzaak, meer flexibiliteit en risicospreiding, ook voor Biddinghuizen en Weerselo.
177
178
De indiener verzoekt Defensie om de optie van ‘ondergronds bouwen’ in Staphorst zorgvuldig te onderzoeken, vanwege minder effect grondgebruik, minder negatieve gevolgen voor omwonenden en natuur en minder grote veiligheidszones.
komstige terrein is interessant. Bij de aangewezen locatie is gekozen om grotendeels bestaande kavellijnen te volgen. Dit geeft duidelijkheid over het gebied, maar zegt nog niets over de inrichting. De inrichting van het terrein wordt in een gebiedsproces uitgewerkt. In die fase worden ook mogelijkheden bekeken om groen en natuur in te passen waar dat kan. In het vervolgtraject van het NPRD wordt gewerkt aan een heldere planning en tijdige communicatie over bijvoorbeeld de concrete stappen, het tijdpad en de gevolgen voor de omgeving. De huidige A/B en C-contour komen vrijwel over een met de benodigde contouren en daar houdt de gemeente Staphorst al rekening mee in zijn vergunningverlening. Defensie dankt indiener voor zijn proactieve aanbod en suggesties. Alle relevante kennis en kunde wordt toegejuicht in het eventueel optuigen van een gebiedsproces.
Het alternatief van twee depots van elk 35 hectare is afgevallen bij de eerste trechtering (november 2024) omdat uit het planMER-onderzoek blijkt dat de winst die het oplevert bij de verschillende locaties vele malen kleiner is dan de impact doordat er op twee plekken negatieve effecten optreden. Bij de uitwerking van het munitieopslag zal in een gebiedsproces de ruimtelijke positionering nader worden ingevuld en wordt deze suggestie meegenomen. Op dit moment zijn de plannen om bovengronds te bouwen en daarop zijn alle onderzoeken gebaseerd. Mocht er in de verdere uitwerking toch mogelijkheden ontstaan voor ondergronds bouwen dan zal dat blijken uit de aanvragen die dan uitgevoerd worden. Op dit moment is het niet haalbaar vanwege
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 76 van 863
Definitief | 19-12-2025
179
De indiener vindt dat de beoordeling van de locatie in de MER-omissies heeft, bijvoorbeeld de aantasting van leefgebieden van kwetsbare flora en fauna is onvoldoende meegenomen, en de ligging van alternatieven dichter bij raccordement 't Harde. Ook is uitgegaan van een onjuiste oppervlakte, omdat extra ruimte naast 70 ha nodig is, voor compensatie, en geen 76 maar 71 ha het maximum is.
180
De indiener vraagt of de locatie ook geschikt gemaakt voor de (toekomstige) opslag van nucleair materiaal, en welke gevolgen dat heeft voor de omvang van de explosie-aandachtsgebieden A, B en C.
181
De indiener vraagt om informatie over veiligheid rond bouw en verkeer, planning van werkzaamheden en effect op vervoersstromen, de openbaarheid en het toezicht op milieueffecten rond militaire terreinen is beperkt.
182
De indiener bepleit om een meer noord-zuid situering te onderzoeken, om een kwetsbare ‘flessenhals’ in het natuurnetwerk te ontzien door een ‘smallere vorm’. Dit biedt kans om de dassenburcht aan de oostzijde te behouden en beperkt de economische effecten op de omgeving.
zeer hoge kosten en technische risico’s. Als basis voor het planMER is vanuit objectieve geschiktheidscriteria gezocht naar mogelijk geschikte locaties in Nederland. Bij de vergelijking tussen de alternatieven is gebruik gemaakt van dezelfde oppervlakte. Hierop is een onderbouwde locatiekeuze gebaseerd. De exacte oppervlakte die direct en indirect nodig zal zijn, wordt duidelijk in de vervolgfase, waarbij in een gebiedsproces ontwerp, ontsluiting, landschappelijke inpassing, mitigerende maatregelen en natuurcompensatie worden uitgewerkt. Over de precieze hoeveelheid munitie en wijze waarop dit wordt opgeslagen doet Defensie geen uitspraak. Het Defensie Munitiebedrijf slaat op haar locaties, en dus ook op MMC Staphorst, geen nucleaire munitie op. In het vervolgtraject van het NPRD wordt gewerkt aan een zorgvuldige afstemming van werkzaamheden met betrokken gemeenten en provincies (aanleg én ingebruikname). Daarbij wordt onder andere gekeken naar verkeersveiligheid, bereikbaarheid en de impact op bestaande infrastructuur. Maatgevend voor de situering van de grenzen zijn de explosieaandachtsgebieden geweest. Aan de noordzijde is die zo beperkt mogelijk gehouden door de bebouwing van Staphorst. Aan de zuidzijde is de recreatieplas binnen de B-zone niet toegestaan. Dit beperkt de mogelijkheden voor een andere oriëntatie van het munitiecomplex.
Indiener Groenkracht heeft schriftelijk en mondeling diverse varianten voorgesteld, waaronder twee depots van 35 hectare en een andere positionering (noordzuid). Het alternatief van twee depots van elk 35 hectare is vorig jaar november bij de eerste trechtering afgevallen, omdat het de winst die het oplevert bij de verschillende locaties vele malen kleiner is dan de impact doordat er op
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 77 van 863
Definitief | 19-12-2025
183
De indiener signaleert dat een voorkeursrecht is gelegd op een gebied dat groter is dan de beoogde 71 hectare en waarin ook een kwetsbaar natuurgebied met vijver is opgenomen, en verzoekt om een expliciete garantie dat 70 hectare de absolute limiet vormt voor militair gebruik, inclusief eventuele brandgangen en beweegruimte.
184
De indiener verzoekt om zoveel mogelijk bomen en begroeiing te behouden zodat natuurcompensatie niet nodig is, natuurwaarden zoveel mogelijk te behouden, als dat niet kan deze te verplaatsen, en nieuwe natuurwaarden te ontwikkelen, en verzoekt in het hekwerk de doorgang van dieren mogelijk te maken. De indiener stelt voor om voor planning en uitvoer van de natuurcompensatie een multidisciplinair overlegteam samen te
185
twee plekken negatieve effecten optreden. De andere door Groenkracht aangedragen alternatieven hebben weliswaar minder impact op NNN, maar zijn afgevallen omdat ze qua omvang niet voldoen aan de gestelde behoefte van 70 hectare oppervlakte. Ook hebben de alternatieve voorstellen tot gevolg dat meer woningen in de veiligheidszoneringen komen te liggen dan in het voorkeursalternatief, waardoor deze alternatieven meer inwoners van Staphorst raken. Ten slotte hebben de alternatieve voorstellen tot gevolg dat infrastructuur aangepast moet worden. In het voorkeursalternatief is dit niet het geval. Defensie nodigt regionale en lokale belanghebbenden, waaronder Groenkracht, uit om in het gebiedsproces mee te denken over de inrichting van het munitiecomplex. Defensie begrijpt de zorg over het voorkeursrecht en de omvang van het zoekgebied. Het klopt dat het gebied iets groter is dan de 70 hectare die in het NRD als behoefte is omschreven. Op de aangewezen locatie wordt het bestaande munitie opslag vergroot tot maximaal 70 hectare. De exacte begrenzing van het militair gebruik en de inrichting worden in een gebiedsproces bepaald. In die fase wordt ook gekeken naar maatregelen om kwetsbare natuur te beschermen. Defensie blijft hierover in afstemming met medeoverheden, zodat lokale belangen en natuurwaarden goed worden meegenomen. Natuurwaarden zijn voor Defensie belangrijk.
Daar waar behoud of eventuele verplaatsing van natuur kan worden verenigd met verantwoorde bedrijfsvoering met oog voor (brand)veiligheid zal Defensie dit organiseren.
Defensie waardeert het meedenken over de organisatie van de samenwerking. In de volgende fase wordt een gebiedsproces opgestart om de
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 78 van 863
Definitief | 19-12-2025
186
187 188
stellen, bestaande uit vertegenwoordigers van Defensie, Antea, Provincie Overijssel, Staatsbosbeheer, Gemeente Staphorst, Landschap Overijssel, Natuurbescherming NBVIJS, werkgroep Groenkracht, en mogelijk andere relevante partijen. De indiener signaleert dat windpark bovenwind in de Azone komt te staan, en vraagt om communicatie over het veiligheidsrisico door afbreken van vleugel van windmolen.
De indiener verzoekt Defensie om de ingediende zienswijze nauwkeurig te beantwoorden. De indiener pleit voor meer efficiënte inrichting, waardoor minder houtkap nodig is.
189
De indiener signaleert dat Defensie gronden aankoopt in de nabijheid van het depot om agrariërs te verplaatsen, en stelt voor deze te benutten voor de uitbreiding, zodat de impact op het beschermd natuurgebied beperkt wordt.
190
De indiener verzoekt om concrete toezeggingen (ter uitvoering van de inspanningsverplichting) op de gehele realisatie van het Staphorster Bod, geborgd in bestuurlijk overleg, anders zal de gemeente Staphorst geen medewerking verlenen aan de inpassing van het munitiecomplex en/of het gebiedsproces. Navolgbaar moet zijn wat er met inbreng van bewoners over natuurwaarden is gedaan.
uitbreiding van de opslag en de realisatie van het gehele Staphorster Bod verder en concreet in te passen. Defensie zal bij dat gebiedsproces belanghebbenden en stakeholders betrekken. Defensie waardeert het meedenken van indiener om veiligheidsrisico’s te voorkomen. In het gebiedsproces worden alle relevante aspecten van de uitbreiding van de munitieopslag meegenomen, waaronder de veiligheidsrisico's. Ook is er binnen het gebiedsproces aandacht voor participatie en communicatie met betrokkenen en stakeholders. Alle ingediende zienswijzen worden nauwkeurig beoordeeld en beantwoord. Natuurwaarden zijn voor Defensie belangrijk. Daar waar behoud of eventuele verplaatsing van natuur kan worden verenigd met verantwoorde bedrijfsvoering met oog voor (brand)veiligheid zal Defensie dit organiseren. Defensie kijkt naar de mogelijkheden om gronden in de buurt van het MMC Staphorst te verwerven voor compensatie van agrariërs en mogelijk natuurcompensatie. Deze gronden kunnen niet gebruikt worden voor de uitbreiding. De uitbreiding dient direct gelegen te zijn aan het huidige complex. Defensie begrijpt het belang van duidelijke afspraken over de uitvoering van het Staphorster Bod. Het is belangrijk dat betrokken partijen weten wat zij kunnen verwachten en dat inspanningen zichtbaar en navolgbaar zijn.
Een veilige, robuuste en rechtstreekse aansluiting op het hoofdwegennet (A28) en een veilige spoorwegovergang is nodig voor de omgeving, voor het verbeteren van de omgevingsveiligheid en voor de beleving daarvan. Hierdoor kunnen de kernen van gemeente Staphorst in de toekomst meer dan nu worden ontzien van militair munitietransport en overige zwaar transport. Om dit te
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 79 van 863
Definitief | 19-12-2025
191
De indiener stelt dat, als gevolg van het later betrekken van Staphorst als mogelijke locatie voor munitiecomplex, niet in de gelegenheid geweest te zijn geweest tijdig te reageren middels een zienswijze en verzoekt met klem zijn op dit moment voorliggende zienswijze onafhankelijk van mogelijk positief sentiment inhoudelijk te beoordelen.
192
De indiener stelt voor om te compenseren indien het depot het windpark schaadt of een windmolen moet worden verwijderd en vraagt heldere communicatie.
bereiken is het Staphorster Bod het uitgangspunt voor de realisatie van de grootschalige munitieopslag. Defensie, provincie Overijssel en de gemeente Staphorst trekken hierin samen op en maken afspraken over programmatische aanpak. Defensie hoort de zorgen. Staphorst heeft zich na de publicatie van het NRD gemeld bij Defensie. Hierna zijn er informatiebijeenkomsten geweest, zowel provinciaal als regionaal, waar u uw mening kon geven. Na publicatie van het Ontwerp-NPRD zijn er informatiebijeenkomsten georganiseerd en is het mogelijk geweest zienswijzen in te dienen, zoals de indiener heeft gedaan. Op deze manier heeft u uw reactie op het Ontwerp-NPRD kunnen geven. Indien u in de toekomst schade heeft, kunt u mogelijk een beroep doen op nadeelcompensatie. Nadeelcompensatie is geregeld in titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht en afdeling 15.1 van de Omgevingswet. Er moet dan sprake zijn van schade die wordt veroorzaakt door ruimtelijke besluitvorming (een schadeveroorzakend besluit) van Defensie. Ook moet aan andere voorwaarden zijn voldaan, bijvoorbeeld dat de schade uitgaat boven het normale maatschappelijke risico of het normale bedrijfsrisico. Waar mogelijk zal Defensie rekening houden met de omstandigheden van het geval en vanuit haar verantwoordelijkheid ondersteunen indien er sprake is van een recht op nadeelcompensatie.
Defensie is daarbij gehouden aan de kaders van geldende wet- en regelgeving. Daarnaast volgt uit artikel 15.2 Omgevingswet dat immateriële schade niet voor vergoeding in aanmerking komt. Dit geldt ook voor de zogenoemde schaduwschade, namelijk eventuele schade die is ontstaan in aanloop naar het nemen van een besluit in de zin van artikel 15.1 Omgevingswet.
Defensie specifiek
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Economie en sociaal
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 80 van 863
Definitief | 19-12-2025
193
De indiener maakt zich zorgen over grondverlies/onteigening , wil niet verkopen of pleit voor vervangende gronden nabij, helderheid over termijnen, oog voor de toekomstplannen van boeren, onafhankelijke begeleiding, met oog voor kavelruil en emotionele binding.
194
De indiener vraagt om vergoeding voor opstallen, gemaakte ruilverkavelingskosten en structurele schade door verlies van GLB-subsidies en mestplaatsingsruimte.
Defensie gaat zorgvuldig per locatie na of het toepassen van onteigening een passend middel is. Voordat Defensie over gaat tot het starten van een onteigeningsprocedure, zal Defensie eerst proberen om met de grondeigenaar tot een passend bod en passende voorwaarden voor aankoop te komen, in de zogenoemde minnelijke fase. Daarbij worden ook mogelijkheden voor verplaatsing en vervangende gronden verkend. Er zal dus in goed overleg gesproken worden over de mogelijkheden om overeenstemming te bereiken alvorens wordt overgegaan tot het inzetten van onteigening. Defensie houdt zich daarbij aan de geldende weten regelgeving. De uitvoering hiervan ligt bij een rentmeester. Allereerst heeft Defensie begrip voor de zorgen. Indien u in de toekomst schade heeft, kunt u mogelijk een beroep doen op nadeelcompensatie. Na dit besluit van het kabinet is daar nog geen sprake van. Nadeelcompensatie is geregeld in titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht en afdeling 15.1 van de Omgevingswet. Er moet dan sprake zijn van schade die wordt veroorzaakt door ruimtelijke besluitvorming (een schadeveroorzakend besluit) van Defensie. Ook moet aan andere voorwaarden zijn voldaan, bijvoorbeeld dat de schade uitgaat boven het normale maatschappelijke risico of het normale bedrijfsrisico.
Waar mogelijk zal Defensie rekening houden met de omstandigheden van het geval en vanuit haar verantwoordelijkheid ondersteunen indien er sprake is van een recht op nadeelcompensatie. Defensie is daarbij gehouden aan de kaders van geldende wet- en regelgeving. Daarnaast volgt uit artikel 15.2 Omgevingswet dat immateriele schade niet voor vergoeding in aanmerking komt. Dit geldt ook voor de zogenoemde schaduwschade, namelijk eventuele schade die is ontstaan in aanloop naar
Economie en sociaal
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Economie en sociaal
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 81 van 863
Definitief | 19-12-2025
195
De indiener vraagt om respect voor de plaatselijke verordening zondagsrust en duidelijkheid over de toepassing.
196
De indiener geeft aan dat MER-inschattingen over werkgelegenheid onjuist zijn en vraagt om herbeoordeling, terwijl ook kansen voor recreatie/ondernemerschap worden gezien.
197
De indiener ziet het als onzorgvuldig dat pas ná realisatie wordt voorzien in een evaluatie van de effecten op vastgoedwaarden, en ziet dit als in strijd met de beginselen van behoorlijk bestuur. Indiener stelt dat de lasten oneerlijk neerslaan en vraagt om een objectieve, voorafgaande schade-analyse met tijdige compensatie.
het nemen van een besluit in de zin van artikel 15.1 Omgevingswet. Defensie is zich bewust van het belang van de zondagsrust voor de inwoners van de gemeente Staphorst. De defensiemedewerkers van de munitiecomplexen zijn over het algemeen niet werkzaam in het weekend behalve als dit strikt noodzakelijk is. In de verdere uitwerking zullen we hierover het gesprek voeren met de gemeente. Het thema werkgelegenheid vormde geen significant onderscheidend onderdeel tussen de alternatieven voor grootschalige munitieopslag. Bij het thema werkgelegenheid is een vergelijking gemaakt van het aantal banen per 1.000 inwoners op basis van CBS-data. Het verschil tussen Staphorst (745) en Biddinghuizen (578) was onvoldoende voor een onderscheidende beoordeling op zevenpuntsschaal. In beide gevallen is een licht positieve beoordeling van het effect gegeven. Een recht op nadeelcompensatie onder de Omgevingswet ontstaat pas wanneer is voldaan aan bepaalde wettelijke voorwaarden. Zo moet sprake zijn van een van de limitatief opgesomde besluiten in artikel 15.1 van de Omgevingswet. De schade moet daarnaast redelijkerwijs toe te rekenen zijn aan de schadeoorzaak (het schadeveroorzakende besluit). Daarbij is relevant dat uit artikel 15.2 van de Omgevingswet volgt dat immateriële schade niet voor vergoeding in aanmerking komt. Dit geldt ook voor de zogenoemde schaduwschade.
Dit is eventuele schade die is ontstaan in aanloop naar het nemen van een besluit in de zin van artikel 15.1 Omgevingswet. Waar mogelijk zal Defensie rekening houden met de omstandigheden van het geval en vanuit haar verantwoordelijkheid ondersteunen indien er sprake is van een recht op nadeelcompensatie. Defensie is daarbij gehouden aan de
Economie en sociaal
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Economie en sociaal
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Economie en sociaal
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 82 van 863
Definitief | 19-12-2025
198
De indiener vraagt zich af of het totaal aan publieke kosten is doorgerekend en vreest dat alle burgers financieel bijdragen.
199
De indiener vraagt om zekerheid dat (ver)bouw op het eigen erf/kavel en toekomstige bewoning mogelijk blijft ondanks de depotplannen, om latere verrassingen te voorkomen, of heeft zorgen over noodzakelijke aanpassing van woning.
200
De indiener maakt zich zorgen over waardevermindering, onverkoopbaarheid, verlies van inkomsten en subsidies (Gemeenschappelijk Landbouw Beleid) en gemaakte ruilverkavelingskosten, of verhoging van verzekeringspremies en verzoekt om (financiële of locatie-) compensatie van grond of opstallen, ook als verbouwplannen of gedane investeringen worden geraakt. Indiener vraagt om compensatieregeling die ingaat vanaf moment van aanwijzing van de locatie.
kaders van geldende wet- en regelgeving. De financiering van het project komt uit de defensiebegroting, die onderdeel is van de rijksbegroting en wordt bekostigd uit belastinggeld. Er is geen andere bijdrage van burgers buiten deze reguliere belastingheffing. Defensie begrijpt de wens voor zekerheid over (ver)bouw en toekomstige bewoning. Binnen het explosieaandachtsgebied gelden landelijke veiligheidsregels die beperkingen kunnen opleveren. De exacte uitwerking van deze regels en de gevolgen voor bestaande erven en woningen volgt in het gebiedsproces, in afstemming met gemeente en provincie. Wel zijn de huidige gebieden vrijwel gelijk aan de toekomstige gebieden waardoor er geen grote aanpassingen nodig zijn. Defensie heeft begrip voor de zorgen. Indien u in de toekomst schade heeft, kunt u mogelijk een beroep doen op nadeelcompensatie. Nadeelcompensatie is geregeld in titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht en afdeling 15.1 van de Omgevingswet. Er moet dan sprake zijn van schade die wordt veroorzaakt door ruimtelijke besluitvorming (een schadeveroorzakend besluit) van Defensie. Ook moet aan andere voorwaarden zijn voldaan, bijvoorbeeld dat de schade uitgaat boven het normale maatschappelijke risico of het normale bedrijfsrisico.
Waar mogelijk zal Defensie rekening houden met de omstandigheden van het geval en vanuit haar verantwoordelijkheid ondersteunen indien er sprake is van een recht op nadeelcompensatie. Defensie is daarbij gehouden aan de kaders van geldende wet- en regelgeving. Daarnaast volgt uit artikel 15.2 Omgevingswet dat immateriële schade niet voor vergoeding in aanmerking komt. Dit geldt ook voor de zogenoemde schaduwschade, namelijk eventuele schade die is ontstaan in aanloop naar het nemen van
Economie en sociaal
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Economie en sociaal
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Economie en sociaal
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 83 van 863
Definitief | 19-12-2025
201
202
203
De indiener maakt zich zorgen over verhoogde veiligheidsrisico’s door windturbines in of nabij de A-zone van het munitiedepot; wijst op eerdere standpunten van Defensie dat windturbines binnen A-zones onverantwoord zijn, noemt een turbine op ca. 400 m van de voorziene uitbreiding, vraagt of de brandweer een calamiteit wel aankan, signaleert dat uitbreiding veiligheidscontouren kan verschuiven/overlappen met het windpark, en merkt op dat een turbine volgens een defensiemedewerker zelfs afgebroken zou moeten worden. De indiener verzoekt te borgen dat de uitbreiding van het depot geen belemmering vormt voor de bedrijfsvoering van het windpark, benoemt concrete risico’s zoals amoveren van turbines, curtailment/stilstand, bereikbaarheid voor onderhoud, tijdelijke bouwwerken rond turbines en verzekeringspremies, en verwacht compensatie wanneer het munitiedepot toch negatieve effecten heeft op de exploitatie. De indiener maakt zich zorgen over het grootschalige depot als strategisch/legitiem doelwit bij oorlogsdreiging of terrorisme, met verhoogd risico voor omwonenden en bebouwde kom.
204
De indiener geeft aan dat situering in droog, brandbaar bos (heide, droog hout) en warmere, drogere zomers door klimaatverandering het risico op natuurbrand en incidenten aanzienlijk verhogen.
205
De indiener vraagt duidelijke communicatie over verschillen in zoneringskaarten/veiligheidszones, het aantal geraakte woningen en provinci-
een besluit in de zin van artikel 15.1 Omgevingswet. Defensie begrijpt de zorgen over windturbines nabij de Azone. Veiligheidsrisico’s, inclusief de aanwezigheid van turbines, zijn meegenomen in het planMER. De A-zone is wettelijk vastgelegd om risico’s te beperken. De exacte uitwerking van veiligheidsmaatregelen en de gevolgen voor bestaande turbines volgen in het vervolgproces, in afstemming met regionale partners en betrokken partijen zoals de veiligheidsregio voor de zorgen over de brandweer.
Energie
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Voor een veilige bedrijfsvoering op het munitiecomplex zijn er verschillende zoneringen voor externe activiteiten vastgesteld. Bestaande windturbines zijn meegenomen in deze analyse. De dichtstbijzijnde windturbine ligt op 425 meter van het plangebied en veroorzaakt daardoor geen veiligheidsinbreuk.
Energie
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Defensie begrijpt de zorgen voor een groot munitiecomplex in de leefomgeving tijdens een oorlogsdreiging. Het aantal woningen in de nabijheid was daarom een maatgevend criterium. De locatie Staphorst was in de totale afweging de beste locatie voor de behoefte van een grootschalige munitieopslag. Defensie herkent wat wordt aangegeven. Doordat het droger wordt, zijn de risico's op natuurbranden groter. Dit aspect wordt zorgvuldig meegenomen, waarbij de veiligheidsmaatregelen rondom een dergelijk complex zeer strikt zijn. Tegelijkertijd zal voor elk defensieterrein in afstemming met de lokale partijen een brandveiligheidsprotocol worden gemaakt. In het planMER zijn op basis van indicatieve veiligheidscontouren, gebaseerd op het bestaande munitiecomplex in Veenhuizen, de effecten in beeld gebracht voor de acht alternatieven. Dit vormt de
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 84 van 863
Definitief | 19-12-2025
ale reikwijdte van hindercirkels, en betere onderbouwing van gevolgen per zone.
206
207
208
209
De indiener wijst erop dat een basisschool (178 leerlingen) binnen de C-zone valt maar onvoldoende is meegenomen in de MER/kaartlagen en vraagt om correcte weergave en beoordeling. De indiener vraagt om inzicht en afspraken over (toenemend) munitietransport, effecten in dorpen/regio’s (o.a. Drenthe), en borging van verkeersveiligheid; ook wordt gewezen op risico’s van aan-/afvoerroutes en interbestuurlijke samenwerking.
De indiener stelt voor om verlichting te minimaliseren (geen “lichtbak”), wijst op impact op beschermde fauna en vraagt om sobere oriëntatieverlichting en zorgvuldige landschappelijke inpassing. De indiener vraagt zich af of trillingen tijdens aanleg/gebruik hinder en natuurschade veroorzaken, en bekritiseert dat deze effecten onvoldoende zijn onderzocht.
210
De indiener geeft aan dat bouw- en gebruiksfase aanzienlijke verstoringen (lawaai, logistiek) zullen veroorzaken, en verzoekt om volledige beoordeling en mitigatie.
211
De indiener wijst op negatieve effecten door boskap op luchtkwaliteit en vrijkomende CO₂, en dat deze aspecten onderbelicht zijn in de MER.
basis voor een objectieve vergelijking en locatiekeuze. Bij de uitwerking van het munitiecomplex in Staphorst, in een gebiedsproces, worden op basis van het definitieve ontwerp de exacte veiligheidszones bepaald inclusief mogelijke mitigerende en compenserende maatregelen. Deze zullen nooit groter worden als de maximale grenzen zoals nu vastgesteld door het kabinet. In het planMER is deze basisschool inderdaad niet apart benoemd. Waarschijnlijk omdat de gebouwen (die in de databestanden zitten) er net buiten vallen. Dit is aangevuld in het rapport. Defensie onderneemt op dit moment geen directe actie omdat de precieze hoeveelheid munitietransporten nog niet duidelijk is. Defensie zal in de verdere uitwerking met de medeoverheden bekijken hoe de militaire activiteiten kunnen worden ingepast zonder onevenredige belemmering van andere ruimtelijke functies. Defensie heeft aandacht voor lichtvervuiling en verminderd, waar mogelijk, onnodige verlichting. Daarbij moet wel rekening worden gehouden met veiligheid en de daarbij behorende (wettelijke) eisen. Bij het gebruik is geen sprake van trillingen en tijdens de aanleg zullen er mogelijk wel trillingen ontstaan maar deze zijn niet groter dan bij normale bouwwerkzaamheden. In het gebiedsproces en als ook bekend is hoe het terrein er uit komt te zien en meer bekend is over de bouwwijze en –fasen, zal dit nader onderzocht worden.
De exacte milieueffecten in de bouw- en gebruiksfase worden in beeld gebracht bij het verdiepend milieuonderzoek in het kader van de uitwerking van de munitieopslag op de aangewezen locatie in Staphorst. De indiener maakt zich zorgen over de negatieve impact op de leefomgeving als gevolg van het kappen van bomen. In het planMER zijn de
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 85 van 863
Definitief | 19-12-2025
212
De indiener stelt voor om alternatieven uit te werken (o.a. andere locaties, natuurcompensatie-opzet), herbeoordeelt MER-uitkomsten en vraagt om herziening van de locatiekeuze.
213
De indiener vraagt om een Prospectieve Risico-Inventarisatie (PRI) en betwist de voorkeur voor Staphorst t.o.v. centraler/veiliger geachte alternatieven (o.a. Biddinghuizen).
214
De indiener vraagt om duidelijkheid en een coulante, meewerkende houding m.b.t. een mantelzorgwoning op het erf binnen de C-zone.
milieueffecten van de ruimtebehoeften op hoofdlijnen in beeld gebracht. In de vervolgfase zal in een gebiedsproces de ruimtelijke inpassing op de opschaling worden vormgegeven in samenhang met de omgeving en gerelateerde ontwikkelingen. Defensie volgt de geldende wet- en regelgeving. Dit betekent dat er in de vervolgfase zeker aandacht is voor de door de indiener genoemde punten, waarbij boscompensatie ook een rol speelt. In het planMER zijn de acht mogelijk geschikte locaties in Nederland op dezelfde wijze op basis van dezelfde criteria met elkaar onderzocht en met elkaar vergeleken conform een vooraf bekende onderzoeksmethodiek. Dit leidt tot een transparante en onderbouwde locatiekeuze. De exacte milieueffecten in de bouw- en gebruiksfase worden in beeld gebracht bij het verdiepend milieuonderzoek in het kader van de uitwerking van de munitieopslag op de aangewezen locatie in Staphorst. Veiligheidsaspecten, inclusief risico’s en alternatieven, zijn onderzocht in het planMER. Op basis van deze analyse kwam Staphorst als meest geschikte locatie naar voren. De exacte uitwerking van veiligheidsmaatregelen en daarmee de risico’s die daar uit komen volgen in het vervolgproces, in afstemming met regionale partners. Rondom militaire munitieopslaglocaties gelden drie explosieaandachtsgebieden: A, B en C.
Een militair explosieaandachtsgebied C vormt de buitenste veiligheidszone rondom een munitieopslaglocatie. In een explosieaandachtsgebied C geldt een verbod op gebouwen waarin doorgaans een groot aantal personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig is, wanneer dit gebouw een vlies- of gordijngevel en grote glasoppervlakten heeft. Voor andere gebouwen en activiteiten gelden geen beperkingen binnen een C-
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 86 van 863
Definitief | 19-12-2025
215
De indiener maakt zich zorgen over beperkingen voor ondernemingen (events, toerisme) in C-zone en wijst op onverzekerbaarheid/waardedaling bij oorlog/aanval; verzoekt om heldere kaders en compensatie-afweging.
zone. Dit betekent dat het explosieaandachtsgebied C rondom de munitieopslag in Staphorst naar verwachting geen of zeer beperkte gevolgen zal hebben voor mantelzorgwoningen die binnen deze C-zone komen te liggen. Wel is het zo dat de huidige C-zonering vergelijkbaar is aan de maximale toekomstige C-zonering waardoor, mochten er al belemmeringen zijn, deze nu al gelden. Pas in de uitvoeringsfase van het NPRD kan echter met zekerheid worden bepaald wat in individuele gevallen de exacte gevolgen zullen zijn. Deze uitvoeringsfase omvat onder meer de verdere inpassing van de munitieopslag in de omgeving en de definitieve vaststelling van de militaire explosieaandachtsgebieden. Defensie zal dit uitwerken in nauwe afstemming met de betrokken overheden, omwonenden en andere belanghebbenden. Rondom militaire munitieopslaglocaties gelden drie explosieaandachtsgebieden: A, B en C. Een militair explosieaandachtsgebied C vormt de buitenste veiligheidszone rondom een munitieopslaglocatie. In een explosieaandachtsgebied C geldt een verbod op gebouwen waarin doorgaans een groot aantal personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig is, wanneer dit gebouw een vlies- of gordijngevel en grote glasoppervlakten heeft. Voor andere gebouwen en activiteiten gelden geen beperkingen binnen een Czone.
Dit betekent dat het explosieaandachtsgebied C naar verwachting geen of zeer beperkte gevolgen zal hebben voor ondernemingen op het gebied van evenementen en toerisme. Wel is het zo dat de huidige C-zonering vergelijkbaar is aan de maximale toekomstige C-zonering waardoor er mochten belemmeringen zouden zijn deze nu al gelden. Pas in de uitvoeringsfase van het NPRD kan echter met zekerheid worden bepaald wat in indivi-
Gezonde en veilige leefomgeving
Pagina 87 van 863
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Definitief | 19-12-2025
216
De indiener stelt voor om beschermingsvoorzieningen (zoals buurt-/schuilkelders) te realiseren en vraagt financiering/maatregelen om veiligheid van omwonenden te waarborgen.
217
De indiener geeft aan dat het gekozen bosrijke recreatiegebied grote natuur- en belevingswaarde heeft; vraagt behoud/toegankelijkheid en waarschuwt voor verlies aan kwaliteit en landschapsbeeld.
218
De indiener betwijfelt de noodzaak van grootschalige defensie-uitbreiding en bepleit alternatieven (diplomatie, handel),
duele gevallen de exacte gevolgen zullen zijn. Deze uitvoeringsfase omvat onder meer de verdere inpassing van de munitieopslag in de omgeving en de definitieve vaststelling van de militaire explosieaandachtsgebieden. Defensie zal dit uitwerken in nauwe afstemming met de betrokken overheden, omwonenden en andere belanghebbenden. Ook zal in deze fase meer duidelijkheid komen over de mogelijkheden om in aanmerking te komen voor compensatie. Hiervoor gelden de algemene regels over nadeelcompensatie in titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht en afdeling 15.1 van de Omgevingswet. Defensie begrijpt de wens voor extra beschermingsvoorzieningen en maatregelen voor omwonenden. Het realiseren van buurt- of schuilkelders valt buiten de scope van dit project en wordt niet door Defensie gefinancierd. Veiligheid wordt geborgd via wettelijke normen en aanvullende maatregelen, die in het gebiedsproces verder worden uitgewerkt in afstemming met regionale partners. Hiervoor gelden de beperkingen die gelden in de veiligheidszoneringen rondom een munitiecomplex. In het planMER zijn de milieueffecten van de ruimtebehoeften op hoofdlijnen in beeld gebracht. In de vervolgfase zal in een gebiedsproces de ruimtelijke inpassing op de opschaling worden vormgegeven in samenhang met de omgeving en gerelateerde ontwikkelingen. Defensie volgt de geldende wet- en regelgeving.
Dit betekent dat er in de vervolgfase zeker aandacht is voor de door de indiener genoemde punten, waarbij het behoud van de kwaliteit van het landschap, alsmede het behoud van recreatiemogelijkheden, aandacht zal krijgen. Defensie begrijpt de vraag over de noodzaak van uitbreiding. De keuze voor uitbreiding is gebaseerd op de
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 88 van 863
Definitief | 19-12-2025
mede gezien geopolitieke context.
219
De indiener vraagt om duidelijkheid of het depot (toekomstig) nucleair materiaal kan opslaan en welke gevolgen dat heeft voor explosie-aandachtsgebieden A/B/C.
220
De indiener stelt dat de MER onjuistheden en omissies bevat en vraagt om zorgvuldige herbeoordeling, transparantie en participatie.
221
De indiener vraagt om de (verkeers)veiligheid rondom het complex te waarborgen.
222
De indiener vindt de Gorterlaan/Achterweg een ongeschikte en onveilige route voor munitietransporten vanwege de drukte op de weg en de impact die het aanpassen van de weg zal hebben.
huidige en toekomstige veiligheidsopgaven gezien de huidige geopolitieke context. Diplomatie en handel blijven belangrijk, maar bieden geen alternatief voor de wettelijke taak van Defensie om Nederland en bondgenoten te beschermen. Deze strategische afwegingen zijn meegenomen in het NPRD. Over de precieze hoeveelheid munitie en wijze waarop dit wordt opgeslagen doet Defensie geen uitspraak. Het Defensie Munitiebedrijf slaat op haar locaties, en dus ook op MMC Staphorst, geen nucleaire munitie op. In het planMER zijn de acht mogelijk geschikte locaties in Nederland op dezelfde wijze op basis van dezelfde criteria met elkaar onderzocht en met elkaar vergeleken conform een vooraf bekende onderzoeksmethodiek. Dit leidt tot een transparante en onderbouwde locatiekeuze. Er zijn een aantal omissies hersteld in aanvulling op het planMER. Dit heeft echter niet geleid tot het aanpassen van de aangewezen locatie Staphorst. Defensie begrijpt de zorgen van de indiener omtrent de verkeersveiligheid. In de huidige situatie vinden er ook al transporten plaats van en naar het munitiecomplex. Deze moeten voldoen aan verschillende wet- en regelgeving om de veiligheid hiervan te borgen. Voor de extra bewegingen die plaatsvinden door het uitbreiden van het munitiecomplex gelden diezelfde regels.
Defensie ziet het Staphorster Bod met daarin vooral aandacht voor veiligheid voor verkeer en trein als uitgangspunt bij de verdere uitwerking van de plannen. Defensie begrijpt de zorg over de route Gorterlaan/Achterweg. Veiligheid is een randvoorwaarde en de exacte routekeuze wordt afgestemd met gemeente en provincie in het gebiedsproces. Defensie ziet het Staphorster Bod met daarin vooral aandacht voor veilig-
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 89 van 863
Definitief | 19-12-2025
223
De indiener wijst de mogelijke aanleg van een grootschalige munitieopslag ten zeerste af omwille van de grootschalige aantasting van natuur, leefomgeving en veiligheid.
224
De indiener maakt zich zorgen over de combinatie van een hoge, droge zandkop en omliggend naaldbos, waardoor het brandrisico toeneemt; zij stellen dat boskap de uitdroging verergert en dat de MER dit brandrisico minimaliseert.
225
De indiener betoogt dat de MER substantiële onjuistheden en omissies bevat, waardoor een te positief beeld van de locatie ontstaat en vraagt om correctie vóór verdere besluitvorming.
226
De indiener stelt voor om de ontwikkeling te benutten voor natuurinclusieve, water- en biodiversiteitspositieve inrichting, inclusief versterking van groenblauwe verbindingen en toepassing van Basiskwaliteit Natuur.
227
De indiener stelt dat de locatie door de hoge, droge ligging op een zandkop zeer brandgevoelig is. Een klein ongelukje of een menselijke fout op het depot kan leiden tot een grote
heid voor mobiliteit als uitgangspunt bij de verdere uitwerking van de plannen. Defensie begrijpt de zorgen over natuur, leefomgeving en veiligheid. Deze aspecten zijn uitgebreid onderzocht in het planMER. Op basis van dit onderzoek is de locatie Staphorst gekozen, omdat deze in vergelijking met andere locaties het minste negatieve effecten heeft. In het planMER zijn de mogelijk geschikte locaties op dezelfde wijze op basis van dezelfde criteria met elkaar onderzocht en met elkaar vergeleken. Bij deze vergelijking scoort het alternatief Staphorst slechter dan de andere alternatieven. Het totaal van alle beoordelingen heeft ertoe geleid dat Staphorst de aangewezen locatie is geworden. Bij de uitwerking van het munitiedepot zal het brandrisico nader worden onderzocht. In het planMER zijn de acht mogelijk geschikte locaties in Nederland op dezelfde wijze op basis van dezelfde criteria met elkaar onderzocht en met elkaar vergeleken conform een vooraf bekend gesteld onderzoeksmethodiek. Dit leidt tot een transparante en onderbouwde locatiekeuze. De keuze wordt derhalve ook niet heroverwogen. Defensie waardeert de betrokkenheid van de indiener bij de verdere ontwikkeling van het munitiecomplex in relatie tot natuur.
In de projectfase van het NPRD en specifiek het munitiecomplex zal in een gebiedsproces worden gewerkt aan de verdere concrete invulling van het terrein en de daarbij benodigde natuurcompensatie en/of integratie. Tijdens deze fase zal ook wederom ruimte zijn voor participatie en inspraak waar onder andere ruimte is om het te hebben over biodiversiteitspositieve inrichting. Defensie dankt indiener voor de zienswijze en gedeelde zorgen. De Krijgsmacht hecht groot belang aan een veilige omgang met munitie.
Gezonde en veilige leefomgeving
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Klimaatadaptatie
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Klimaatadaptatie
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Klimaatadaptatie
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Klimaatadaptatie
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 90 van 863
Definitief | 19-12-2025
bosbrand, met verstrekkende gevolgen voor recreanten
228
De indiener vraagt om zorgvuldige, gebiedsspecifieke afweging van landschappelijke effecten (verdringing van natuur/landschap, verstoring fauna) en wijst op de noodzaak om Natura 2000-doelen niet te schaden.
229
De indiener vraagt zich af of archeologische waarden juist zijn beoordeeld in de MER, stelt dat sprake is van zones met hoge archeologische trefkans, en stelt voor om een kleinere of anders gesitueerde variant (ca. 35 ha) te overwegen om onderzoekslast en schade te beperken.
230
De indiener maakt zich zorgen over onherstelbare aantasting van historisch gegroeide landschapsstructuren (zoals houtwallen) en benadrukt dat nieuw aangelegd bos de belevingswaarde en structuur van eeuwenoude bossen niet gelijkwaardig kan vervangen.
Daarom wordt bij de inrichting en exploitatie van munitieopslaglocaties strikt voldaan aan geldende weten regelgeving. Dit betreft zeker de voorschriften op het gebied van brandpreventie. Hiermee verkleinen we de kans op brand. Ook algemene brandpreventiemaatregelen zullen worden genomen om dit te helpen voorkomen. De indiener vraagt om in het vervolgproces een zorgvuldige afweging te maken van de effecten van de militaire activiteiten en vraagt de Natura 2000-doelen niet te schaden. In het planMER zijn de milieueffecten van de ruimtebehoeften op hoofdlijnen in beeld gebracht. In de vervolgfase zal in een gebiedsproces de ruimtelijke inpassing op de opschaling worden vormgegeven in samenhang met de omgeving en gerelateerde ontwikkelingen. Defensie volgt de geldende wet- en regelgeving. Dit betekent dat er in de vervolgfase zeker aandacht is voor de door de indiener genoemde punten. Het klopt dat het gehele gebied een archeologische verwachting heeft. Hiervoor zijn in het vigerende omgevingsplan (van rechtswege) beschermingszones aangewezen. In Weerselo is er vanwege de nabijheid van een rijksmonument en bekende vindplaatsen binnen het gebied een negatieve score toegekend. De beleidsadvieskaart van de gemeente Staphorst geeft geen bekende vindplaatsen en een plaatselijk hoge verwachting weer.
Dit laat onverlet dat Defensie in een vervolgprocedure volwaardig stilstaat bij de impact op mogelijk aanwezige archeologische waarden. Defensie begrijpt de zorgen. In het gebiedsproces zal Defensie een inpassing van het plan maken dierecht doet recht dat aan de aanwezige waarden. Waar het kan worden natuurwaarden ontzien. Compensatie op een andere locatie behoort ook tot de mogelijkheden.
Landschap en erfgoed
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Landschap en erfgoed
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Landschap en erfgoed
Extra locatie grootschalige munitieopslag
Pagina 91 van 863
Definitief | 19-12-2025
231