CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

44. 2026-025367 DCMR Zienswijze concept-begroting DCMR Milieudienst Rijnmond 2027 & jaarverslag & jaarrekeningen 2025.pdf

Gemeenteraad AW 11 mei 2026, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken21.961 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

De raad van de gemeente Albrandswaard griffie@albrandswaard.nl

<Parallelweg 1 gPostbus 843 33100 AV Schiedam T 010 – 246 80 00 F 010 – 246 82 83 E info@dcmr.nl W www.dcmr.nl

Ons kenmerk

Uw kenmerk

Datum

DCMR-276818591-894

-

14-4-2026

Contact

Afdeling

Bijlagen

info@dcmr.nl

Directie

3

Onderwerp

Zienswijze concept-begroting DCMR Milieudienst Rijnmond 2027 Geachte leden van de raad, Hierbij zend ik u de concept-begroting 2027 van DCMR Milieudienst Rijnmond. Zoals is vastgelegd in artikel 27 van de Gemeenschappelijke Regeling DCMR Milieudienst Rijnmond stel ik u in de gelegenheid bij het dagelijks bestuur van DCMR uw zienswijze kenbaar te maken. Begroting 2027 Het dagelijks bestuur van DCMR heeft op 9 april 2026 ingestemd met de concept-begroting 2027. De begroting 2027 zal ter vaststelling worden aangeboden aan het algemeen bestuur op 9 juli 2026. De begroting is gebaseerd op de financiële uitgangspunten die in het dagelijks bestuur van 26 februari 2026 zijn vastgesteld. Deze uitgangspunten, waaronder de indexering van de gemeentelijke bijdragen, zijn opgenomen in hoofdstuk 2 van de concept-begroting. Een nadere invulling vindt per gemeente plaats in het kader van de jaarlijkse werkplanafspraken over budget en taakuitvoering. Jaarrekening 2025 Tevens zend ik u conform de Wet gemeenschappelijke regelingen ter informatie het jaarverslag en de jaarrekening 2025. Het dagelijks bestuur heeft op 9 april 2026 ingestemd met het jaarverslag en de jaarrekening 2025. De controlerend accountant is voornemens een goedkeurende verklaring bij de jaarrekening te verstrekken. De jaarrekening wordt ter vaststelling aangeboden aan het algemeen bestuur op 9 juli 2026.

Na de besluitvorming in het algemeen bestuur op 9 juli zullen de vastgestelde jaarrekening 2025 en de vastgestelde begroting 2027 aan u worden toegezonden. Tevens wil ik u erop wijzen dat ook de overige stukken van de vergaderingen van het algemeen bestuur zijn in te zien op www.dcmr.nl/bestuur.

Blad 1 van 2

Ons kenmerk

DCMR-276818591-894

In de Griffierskring Rijnmond is afgesproken dat de zienswijzen op de concept-begroting van gemeenschappelijke regelingen voor 1 juli aan het dagelijks bestuur worden gestuurd. Hierbij wil ik echter aandacht vragen voor het belang van een goede en tijdige verwerking van de zienswijzen in de besluitvorming door het algemeen bestuur op 9 juli 2026. Daarom stel ik het op prijs indien al eerder - zo mogelijk voor 25 juni 2026- een eventuele zienswijze beschikbaar zou kunnen zijn. Introductie DCMR Graag sturen we u ter introductie op het werk van DCMR een kort informatieblad toe, waarin we in vogelvlucht de gemeenschappelijke regeling toelichten. Uiteraard verzorgen we graag een nadere kennismaking die aansluit op de wensen van uw raad. We stemmen hierover af met uw gemeente. Hoogachtend, Namens het dagelijks bestuur DCMR,

Mr. R.M. Thé Directeur DCMR

Blad 2 van 2

Conceptbegroting 2027

Auteur(s) Documentnummer Datum

: DCMR : DCMR-276818591-782 : 31 maart 2026

Het algemeen bestuur van DCMR Milieudienst Rijnmond, Gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur, Gelet op artikel 28 van de Gemeenschappelijke regeling DCMR Milieudienst Rijnmond BESLUIT Vast te stellen de Begroting 2027. Vastgesteld in de vergadering van het algemeen bestuur d.d. 9 juli 2026,

De voorzitter,

De secretaris,

Dhr. M. Stolk

Dhr. D Molenaar

Begroting 2027

Blad 2 van 20

Inhoud

Deel 1: Beleidsbegroting

5

1.

Beleidskader

5

2.

Financieel kader

8

2.1. Financieel kader 2.2. Uitgangspunten 3.

Milieubeheer 3.1. Wat willen wij bereiken? 3.2. Wat gaan wij daarvoor doen? 3.3. Wat mag het kosten?

4.

Bedrijfsvoering 4.1. Wat willen wij bereiken? 4.2. Wat gaan wij daarvoor doen? 4.3. Wat mag het kosten?

5.

Paragrafen 5.1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 5.2. Financiële en beleidsindicatoren 5.3. Financiering

8 8 10 10 10 11 12 12 12 13 14 14 15 16

Deel 2: Financiële begroting

17

6.

Overzicht van baten en lasten

17

7.

Ontwikkeling financiële positie

19

Inleiding Voor u ligt de begroting voor 2027 van DCMR Milieudienst Rijnmond. Deze beschrijft hoe wij in opdracht van onze participanten werken aan een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving, binnen de financiële kaders die daarvoor staan. Onze opdrachtgevers werken aan grote en uiteenlopende opgaven, zoals de energietransitie, circulaire economie en woningbouw. Bedrijven vragen van de overheid transparantie, voorspelbaarheid en een stevig uitvoeringsniveau voor het kunnen doen van duurzame investeringen. Bij elkaar vraagt dat van DCMR dat we doortastend werken aan onze taken in vergunningverlening, toezicht en handhaving en advisering. Voor 2027 staan we in ons werk voor de leefomgeving voor een flink aantal uitdagingen. Inzet zal nodig zijn op complexe thema’s zoals ZZS/PFAS, circulariteit, waterkwaliteit, energietransitie en gezondheid. De adviesvraag rond omgevingsplannen intensiveert. Wet- en regelgeving ontwikkelt in hoog tempo: nieuwe normen voor de kwaliteit van lucht, water en bodem, de herziening van Europese afvalwetgeving, de nieuwe energie‑efficiëntierichtlijnen en aangescherpte stikstofkaders vragen herziening van vergunningen en aanpassing van toezichtstrategieën. Het vraagt ook om het ontwikkelen en behouden van kennis terwijl tegelijkertijd ervaren medewerkers met pensioen gaan en bij nieuwe, jongere werknemers het verloop doorgaans hoger ligt.

Dat maakt kennisopbouw extra uitdagend en het vraagt om gerichte investeringen in een robuuste kennisinfrastructuur. Technologische ontwikkelingen zoals data gedreven werken en AI bieden nieuwe kansen om ons werk slimmer te doen. Maar automatisering brengt ook meer risico’s met zich mee op het gebied van digitale veiligheid en datakwaliteit Dit vraagt om nieuwe competenties, gerichte investeringen en duidelijke afspraken over de toepassing van technologie in besluiten. Daarnaast zien we ook extra druk op onze capaciteit door een toename van zienswijzen, beroepen, Woo-verzoeken en mediavragen. Deze ontwikkelingen maken dat 2027 een jaar wordt waarin heldere keuzes- en strategische prioritering essentieel zijn. Ook is het nodig samenwerkingen verder te intensiveren, met gemeenten, provincies en ketenpartners, met andere omgevingsdiensten, in Zuid-Holland en landelijk in Omgevingsdienst NL-verband. DCMR is dé expert in het beschermen van de leefomgeving in een van de meest dynamische regio’s van Nederland. Ook in 2027 zetten wij die expertise graag in voor een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. Daan Molenaar Directeur

Begroting 2027

Blad 4 van 20

Deel 1: Beleidsbegroting 1.

Beleidskader

Strategische koers In 2027 blijft DCMR zich richten op een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. De VTH(A)-taken, met als wettelijk kader de Omgevingswet, vormen de basis. Deze richten zich op de fysieke leefomgeving en omvat VTH en adviestaken die aansluiten bij landelijke, provinciale en gemeentelijke opgaven en regelgeving. DCMR houdt rekening met verschillende ambities zoals verwoord in coalitieakkoorden en omgevingsplannen. DCMR herijkt in 2026 zijn koers in de vorm van het Meerjarenprogramma 2027-2030. Maatschappelijke ontwikkelingen hebben invloed op de uitvoering van ons werk. Dit vraagt om een organisatie die toekomstgericht en deskundig is en samenwerkt met gemeenten, provincies, ketenpartners en andere omgevingsdiensten. Samenwerken en verbonden werken wordt belangrijker voor robuuste uitvoering, level playing field, regio/grensoverschrijdende risico’s en kansen en het algemeen beter maken van het uitvoeringsstelsel op landelijk niveau. Maatschappelijke context en opgaven Transities en ruimtedruk Een combinatie van de volgende maatschappelijke opgaven maken het werk van omgevingsdiensten complex:  Klimaatverandering, CO₂reductie en klimaatadaptatie. 

Energietransitie en toenemende netcongestie.

Circulaire economie en leveringszekerheid van kritieke grondstoffen.

Benodigde ruimte voor gezond en veilig wonen en werken

Ruimtevraag van het Rijk voor defensie, i.v.m. uitbreidingen van oefenterreinen en militaire infrastructuur.

Investeringsklimaat algemeen en de wens van bedrijven voor vermindering regeldruk.

De combinatie van opgaven en het ruimtegebrek zorgen meer dan ooit voor de noodzaak om verbonden en integraal te werken en leiden tot toenemende druk op advisering en besluitvorming. Nieuwe bedrijvigheid (waterstof, batterijen en recycling) vraagt om nieuwe expertise. Economisch en maatschappelijk klimaat Bedrijven moeten versneld verduurzamen, maar kampen met personeelstekorten en stijgende kosten. Dit leidt tot herstructurering en soms bedrijfssluitingen, met gevolgen voor toezicht, vergunningverlening en veiligheid. Inwoners verwachten transparantie, voorspelbaarheid en een stevige uitvoeringspraktijk. Tegelijkertijd is er vanuit een meer economisch belang de wens van minder bureaucratie, vermindering regeldruk en behoefte aan snelheid en duidelijkheid. Onder druk van geopolitieke spanningen, concurrentiepositie en economische belangen worden verplichtingen op

het gebied van duurzaamheid en verantwoord ondernemen – zoals bij de Corporate Sustainability Due Diligence Directive (CSDDD) – regelmatig ter discussie gesteld of afgezwakt. Dit kan leiden tot spanningen tussen ambities voor verduurzaming en de feitelijke naleving van normen. In het huidige maatschappelijke klimaat staat de weerbaarheid van inwoners en organisaties steeds vaker centraal. Veranderende wet- en regelgeving Nieuwe normen voor lucht, water en bodem, de herziening van de Kaderrichtlijn Afvalstoffen, de nieuwe EED en aanscherping van stikstofregels hebben directe impact op onze uitvoering, omdat het leidt tot herziening van vergunningen, aanpassing van toezichtstrategieën en extra adviesaanvragen en kan leiden tot weerstand bij bedrijven. Digitale veiligheid en technologische ontwikkelingen Technologische ontwikkelingen (zoals digitalisering, automatisering, robotisering en AI) bieden steeds meer kansen om het werk efficiënter te organiseren. Dit heeft impact op zowel medewerkers als de organisatie. De technologische ontwikkelingen brengen naast kansen ook risico’s met zich mee, o.a. op het vlak van cybersecurity en datakwaliteit. De grens tussen klassiek VTH-werk en digitalisering vervaagt. Dit vraagt om nieuwe competenties, investeringen en afspraken over de ruimte voor technologie in besluiten.

Inhoudelijke opgaven in 2027 DCMR werkt aan een breed pakket van inhoudelijke opgaven die voortkomen uit de maatschappelijke ontwikkelingen en wettelijke kaders. DCMR pakt een deel van de opgaven programmatisch op, omdat het gaat om omvangrijke, complexe, meerjarige vraagstukken die organisatie breed impact hebben en waarbij intensieve samenwerking binnen de organisatie noodzakelijk is. Voorbeelden hiervan zijn:  ZZS/PFAS en emissiereductie. 

Circulariteit, afvalstromen en kritieke grondstoffen.

Waterkwaliteit.

Energietransitie en industriële verduurzaming.

Gezondheid.

Andere opgaven worden belegd binnen de lijnorganisatie. In het kader van de begroting 2027 lichten we vier opgaven hieronder uit, omdat die in 2027 veel inzet en capaciteit vragen. Omgevingsplannen (deadline 2031) De adviesvraag van gemeenten neemt sterk toe door de verplichting om vóór 2031 het tijdelijke deel van de omgevingsplannen om te zetten naar definitieve plannen.

Begroting 2027

Blad 6 van 20

Dit vraagt in 2027 om aanzienlijke inzet op het gebied van ruimtelijke ordening, reguleren en toezicht. De adviesvraag is omvangrijk, door:  het Roerprogramma, waardoor landelijke regels worden geschrapt en gemeenten meer eigen keuzes moeten maken; 

nieuwe thema’s zoals grootschalige opslag van Ion-batterijen, energieopslag en veiligheid;

de complexe opgave om geluidproductieplafonds in het havengebied te verwerken;

de behoefte aan datavisualisatie (Geo) om keuzes goed te onderbouwen.

Deze strategische opgave vraagt om intensieve samenwerking binnen de organisatie én met gemeenten en regionale partners om te komen tot een integrale ruimtelijke advisering. Implementatie van nieuwe wet- en regelgeving De komende jaren verandert het juridische kader voor lucht, water, bodem, afval en energie. Deze ontwikkelingen vragen om substantiële inzet en specialistische kennis op het gebied van vergunningverlening, toezicht en advisering, onder andere in kennisontwikkeling en aanpassing van processen. Nieuwe ontwikkelingen: kernenergie en ruimte voor defensie Het Rijk verkent de bouw van nieuwe kerncentrales en kleine modulaire kernreactors (SMR). De VTH-taken liggen bij de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming, maar de omgevingsdienst heeft een rol in MER, ruimtelijke ordening, regionale advisering en kennisdeling. Dit vraagt om gerichte kennisontwikkeling en vroegtijdige betrokkenheid. Daarnaast neemt de ruimtevraag van het Rijk voor defensie toe, wat leidt tot uitbreidingen van oefenterreinen en militaire infrastructuur. Dit vraagt om tijdige kennisopbouw, procesaanpassing en bestuurlijke betrokkenheid. Technologische ontwikkelingen Medewerkers moeten steeds meer digitale vaardigheden ontwikkelen, zodat zij systemen en technologieën op de juiste wijze benutten en toepassen.

Nieuwe technologieën hebben impact op de uitvoering en organisatie van het werk. Vanaf 2027 zal zichtbaar worden hoe de invloed eruit gaat zien en welke organisatieontwikkeling nodig is. DCMR wil hierop zo snel mogelijk anticiperen, zodat er voldoende tijd is om nieuwe vaardigheden te ontwikkelen en de organisatie bij te sturen. Uit bovenstaande volgt voor 2027 de vraag om heldere keuzes, strategische inzet, bestuurlijke prioritering en blijvende samenwerking binnen de regio en daarbuiten.

2.

Financieel kader

Dit hoofdstuk geeft weer binnen welk financieel kader de beleidsinzet uit het vorige hoofdstuk wordt uitgevoerd. Financiële ontwikkelingen Evenals afgelopen jaren blijft er grote druk staan op de financiering van gemeentelijke en provinciale taken. Dit geldt eveneens voor de taken die bij samenwerkingsverbanden zijn ondergebracht. De afgelopen jaren zijn de DCMR-tarieven minder gestegen dan de gemeentelijke budgetindexering en deze lijn wordt in 2027 doorgezet.

2.1. Financieel kader In onderstaande tabel wordt inzicht gegeven in meerjarige financiële kaders van participanten: Tabel 1 – Meerjarenraming 2027 tot en met 2030 Meerjarenraming

Kader 2027

Kader 2028

Kader 2029

Kader 2030

Gemeente Albrandswaard

€

607.904

€

607.904

€

607.904

€

607.904

Gemeente Barendrecht

€

1.002.756

€

1.002.756

€

1.002.756

€

1.002.756

Gemeente Capelle a/d IJssel

€

778.306

€

778.306

€

778.306

€

778.306

Gemeente Goeree-Overflakkee

€

2.518.080

€

2.518.080

€

2.518.080

€

2.518.080

Gemeente Krimpen a/d IJssel

€

719.999

€

719.999

€

719.999

€

719.999

Gemeente Lansingerland

€

2.247.416

€

2.247.416

€

2.247.416

€

2.247.416

Gemeente Maassluis

€

664.698

€

664.698

€

664.698

€

664.698

Gemeente Nissewaard

€

1.497.606

€

1.497.606

€

1.497.606

€

1.497.606

Gemeente Ridderkerk

€

1.330.282

€

1.330.282

€

1.330.282

€

1.330.282

Gemeente Schiedam

€

1.830.443

€

1.830.443

€

1.830.443

€

1.830.443

Gemeente Vlaardingen

€

2.426.036

€

2.426.036

€

2.426.036

€

2.426.036

Gemeente Voorne aan Zee

€

2.328.880

€

2.328.880

€

2.328.880

€

2.328.880

Gemeente Rotterdam

€

26.886.154

€

26.886.154

€

26.886.154

€

26.886.154

Provincie Zuid-Holland

€

35.368.582

€

35.368.582

€

35.368.582

€

35.368.582

Provincie Zeeland

€

5.513.267

€

5.513.267

€

5.513.267

€

5.513.267

Projecten

€

13.796.473

€

13.796.473

€

13.796.473

€

13.796.473

Totaal participanten

€

99.516.883

€

99.516.883

€

99.516.883

€

99.516.883

2.2. Uitgangspunten De voorliggende begroting heeft betrekking op 2027. In de indexeringsbrief van gemeenten (zie punt 2) wordt naast de indexatie verwezen naar de financiële perspectieven. Het blijven financieel zware tijden voor gemeenten en de financiële uitdaging is breder dan alleen het ravijnjaar. Dit blijft op de radar, waarbij rekening moet worden gehouden met financiële kaders, de veranderende opgaven en het belang van financiële soliditeit van overheidsorganisaties. DCMR zal hierin samen optrekken met haar stakeholders. 1. De begroting is opgezet volgens de financiële regelgeving BBV. Een onderdeel daarvan is een meerjarenraming. De ontwikkeling van de bijdragen van participanten in de meerjarenraming kennen onzekerheden, onder andere door de algemene dynamiek in de overheidsfinanciën. Ten aanzien van de meerjarige kaders voor DCMR zijn de jaarlijkse indexering en de waarborgen binnen de Gemeenschappelijke regeling relevant. In de begroting worden voor het meerjarige

Begroting 2027

Blad 8 van 20

kader de bijdragen van het komende begrotingsjaar aangehouden gezien toekomstige indexeringen nog onbekend zijn. 2. Voor het structurele financiële kader van de gemeenten wordt rekening gehouden met een indexering van +3.41% op de werkplanbijdragen in overeenstemming met de Indexeringsbrief Gemeenten. 3. Voor het structurele financiële kader van de Provincie Zuid-Holland wordt rekening gehouden met een indexering van +3.7% op de werkplanbijdragen in overeenstemming met de aanvullende informatie van 17 maart vanuit Provincie Zuid-Holland. Deze gewogen indexering is als volgt opgebouwd: 20% materiële overheidsconsumptie (2.1%) en 80% prijs overheidsconsumptie: beloning medewerkers (4.1%). Bij het opstellen van de begroting 2027 wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met de financiële doorwerking van de versterking van de samenwerking tussen de vijf Zuid-Hollandse omgevingsdiensten en de uitwerking van het IBP VTH (de robuustheidscriteria en de financieringssystematiek). 4. DCMR hanteert als uitgangspunt voor de indexering van de Provincie Zeeland dezelfde indexering als de Gemeenten zoals beschreven in punt 2. 5. CAO-ontwikkeling in 2027. Voor een kostendekkende begroting en bedrijfsvoering is de ontwikkeling van de loonkosten relevant, vooral omdat de loonkosten het grootste deel van de DCMR-begroting vormen. IPO is verantwoordelijk voor de CAO.

De huidige CAO loopt tot 30 juni 2026. De gesprekken voor een nieuwe CAO moeten nog worden opgestart. De DCMR zal in lijn met Provincie Zuid-Holland de laatste index prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers CPB gebruiken als CAO-indexatie. Gezien de laatste indexatie voor het vaststellen van de Begroting 2027 in maart 2026 is, kan nu niet exact worden aangegeven wat de CAO-indexatie voor 2027 zal zijn. Bij het vaststellen van de tarieven voor 2027 (in het DB van 9 april 2026 en AB van 9 juli 2026) zullen de meest recente inzichten worden gebruikt, waaronder de maartramingen van het CPB. 6. DCMR streeft continu naar een zo efficiënt mogelijk ingerichte bedrijfsvoering. Enkele speerpunten zijn digitalisering en data gedreven werken, transparantie, duurzaam inkopen, beheersing van de kosten externe inhuur voor ondersteunende taken. Zo ook HR-beleid: strategisch personeelsbeleid en het streven naar een inclusieve organisatie met creëren van participatiebanen en stageplekken. 7. DCMR voorziet voortdurende noodzaak tot het uitvoeren van projecten om de bedrijfsvoering te moderniseren. In het AB van december 2019 is besloten om hiervoor jaarlijks € 1.000k in te passen in de exploitatiebegroting. In de begroting 2026 was deze dotatie verlaagd tot € 500k. Voor 2027 wordt voorgesteld deze dotatie wederom op € 500k te houden.

De begrote onttrekking en de gerealiseerde onttrekking van de projecten wordt aan het bestuur voorgelegd. 8. Net als in 2026 wordt in 2027 een innovatiebudget gevormd in lijn met het interbestuurlijk programma robuustheidscriterium, wat aangeeft dat DCMR dient te beschikken over een innovatie-agenda en een structureel innovatiebudget van 1% van de begroting. Het innovatiebudget voor 2027 zal op basis van de 1% criteria een omvang hebben van ongeveer € 950k (waarvan 15% zal worden ingezet in het kader van de Zuid-Hollandse samenwerking. Net als in 2026 zal dit budget deels worden gevormd door de dotatie aan de bestemmingsreserve modernisering bedrijfsvoering op het lagere niveau van € 500k te houden. 9. Voor 2027 wordt de DCMR-overhead definitie scherper en duidelijker verwoord. Herdefiniëring is noodzakelijk als gevolg van niet bij de huidige organisatie passende definities en een uitlijning van de DCMR-methodiek met de BBV-definities.

3.

Milieubeheer

DCMR geeft uitvoering aan haar werkzaamheden in een samenhangend programma Milieubeheer, waarin al haar primaire VTH- en advieswerkzaamheden zijn ondergebracht. In dit hoofdstuk wordt aangegeven welke werkzaamheden binnen het programma Milieubeheer centraal staan.

3.1. Wat willen wij bereiken? In hoofdstuk 2 is het DCMR-beleidskader beschreven. Hierin staat wat DCMR uiteindelijk wil bereiken. De exacte uitwerking daarvan wordt, binnen de kaders van de werkplannen, vertaald in een uitvoeringsprogramma volgens de hoofdlijnen die in de volgende paragraaf worden beschreven.

3.2. Wat gaan wij daarvoor doen? DCMR is een omgevingsdienst op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) en advies en monitoring. DCMR is te karakteriseren als een uitvoeringsorganisatie, die handelt in opdracht van en voor haar financiers (participanten en externen). DCMR heeft drie hoofdtaken: Vergunningverlening DCMR maakt producten op basis van onder andere de Omgevingswet. De omgevingsvergunningen voor bedrijven, die in opdracht van gemeenten en provincies worden opgesteld, zijn daar een voorbeeld van. In de vergunningen legt DCMR vast aan welke eisen een bedrijf moet voldoen, bijvoorbeeld het minimaliseren van de uitstoot van stoffen in de lucht, het voorkomen van geluidshinder en het waarborgen van de veiligheid. DCMR verleent vergunningen voor nieuwe activiteiten en voor activiteiten die worden veranderd. Ook voert DCMR de zogenaamde BRIKS-taken uit. Het gaat daarbij om de samenhang tussen omgevingsvergunningen voor bouw, reclame, inritten, kappen en slopen. Toezicht en handhaving DCMR houdt toezicht op de bedrijven in de Rijnmondregio en op de hoog-risicobedrijven in de provincies Zuid-Holland en Zeeland. DCMR onderzoekt overlast, brengt risico’s in kaart en voert bedrijfscontroles uit. De meldkamer van DCMR, die 24 uur per dag bereikbaar is, ontvangt meldingen van bewoners en bedrijven en bepaalt welke vervolgactie nodig is.

Inspecties organiseert DCMR zowel branche- als gebiedsgericht. DCMR onderzoekt dan de fysieke installaties en voorzieningen van bedrijven, maar ook de veiligheidscultuur en de systemen voor milieuzorg. Inspecties vinden zowel aangekondigd als onaangekondigd plaats. DCMR handhaaft bij overtredingen, zowel straf- als bestuursrechtelijk. Er worden verschillende instrumenten ingezet om naleving te realiseren. Toezicht en handhaving worden risicogestuurd en datagedreven aangepakt. Het doel van toezicht en handhaving is om maximaal bij te dragen aan een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. Dat doet DCMR door te zorgen dat bedrijven regels en vergunningen naleven, door schadelijk gedrag door bedrijven te bestraffen en gewenst gedrag te stimuleren. Om dat te bereiken, maakt DCMR steeds meer gebruik van gedragswetenschappelijke inzichten, inzicht in keteneffecten, monitoring op afstand en snelle analyse van grote hoeveelheden data. Datagedreven werken in het toezicht zorgt ervoor dat we een beter beeld hebben waar de risico’s zijn. Daardoor kan DCMR zijn interventies inzetten waar die het meest nodig zijn.

Begroting 2027

Blad 10 van 20

Advies en monitoring DCMR geeft advies aan gemeenten en provincies over beleid en ruimtelijke planprocessen. Hierin blijft de uitdaging om duurzame ontwikkeling te realiseren en de omgevingskwaliteit te verbeteren. Dit met oog voor de balans tussen milieu, ruimte en economie. In de ontwikkeling van de adviestaken van DCMR wordt nadrukkelijk aangesloten op de maatschappelijke opgaven van de opdrachtgevende gemeenten en provincies. DCMR draagt bij aan omgevingsplannen en -visies en adviseert over de transitie naar een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. Daarvoor zet ze de eigen expertise en ervaring in vanuit de (milieu)thema’s bodem, lucht, geluid, energie, omgevingsveiligheid, afval, afvalwater en lichthinder. Met behulp van metingen en monitoring van diverse milieuthema’s (onder meer via het geaccrediteerde luchtmeetnet) volgt DCMR de ontwikkelingen in de kwaliteit van de leefomgeving. Die informatie wordt onder andere gepubliceerd op de Staat van Rijnmond.

3.3. Wat mag het kosten? De financiële omvang van het programma Milieubeheer is bepaald aan de hand van het laatste jaarverslag, de meest recente gewijzigde begroting van het lopende boekjaar, voortschrijdend inzicht en het financieel kader 2027. Het programma Milieubeheer wordt enerzijds ingevuld vanuit de werkplannen en werkplanprojecten van de participanten en anderzijds door additionele projecten die door participanten en niet-participanten worden gefinancierd. Tabel 2 Programma Milieubeheer (x € 1.000)

Begroting 2027

1e wijziging Begroting 2026

Primaire Begroting 2026

Jaarverslag 2025

Taakveld: milieubeheer - Baten €

71.259 €

66.500

€

71.552 €

63.167

- Lasten €

71.259 €

66.500

€

71.552 €

63.769

-

€

-

-602

Resultaat programma Milieubeheer

€

-

€

€

De begroting is een indicatie voor de omvang van het programma. Tijdens de werkplanbesprekingen worden concrete afspraken gemaakt over de invulling en financiële omvang.

4.

Bedrijfsvoering

DCMR geeft uitvoering aan haar werkzaamheden in een samenhangend programma Milieubeheer. Het programma Bedrijfsvoering ondersteunt en is onderdeel van het primaire proces. In dit hoofdstuk wordt aangegeven welke werkzaamheden in 2027 binnen het programma Bedrijfsvoering centraal staan.

4.1

Wat willen wij bereiken?

Bedrijfsvoering is zowel ondersteunend als sturend richting de organisatie. De doelstelling van bedrijfsvoering is om efficiënt en effectief bij te dragen aan het bereiken van de organisatiedoelstellingen. In het beleidskader is een aantal nieuwe ontwikkelingen geschetst zoals het uitwerken van de gezonde, veilige en duurzame werkomgeving, implementeren van nieuwe ontwikkelingen op het gebied van ICT, data en informatievoorziening, door ontwikkelen Artificial Intelligence en implementatie IBP-producten. Onder paragraaf 4.2 wordt een aantal andere grote doelen beschreven waaraan bedrijfsvoering gaat werken. De exacte uitwerking van de plannen wordt binnen de geldende kaders opgesteld in samenspraak met het programma Milieubeheer.

4.2

Wat gaan wij ervoor doen?

Duurzaamheid in bedrijfsvoering Als omgevingsdienst hecht DCMR veel belang aan duurzaamheid in de eigen bedrijfsvoering en in de contacten met externe organisaties. DCMR vindt het belangrijk dat in inhuur en offertetrajecten de inschrijvers in hun bedrijfsvoering rekening houden met maatschappelijk verantwoord ondernemen, duurzaamheid en milieu. DCMR telt daarom bij het inkopen van producten en diensten zoveel mogelijk duurzaamheidsaspecten als onderdeel van de kwaliteit van het in te kopen product of dienst mee. Dit is een van de aspecten van het verder uitwerken van de gezonde, veilige en duurzame werkomgeving. Het doorontwikkelen en borgen van het dienstverleningsmodel In 2026 en 2027 wordt een nieuw ‘enterprise service managementsysteem’ (ESM) uitgerold voor het verbeteren en managen van de interne dienstverlening. Voor medewerkers van DCMR komt één portaal beschikbaar waarin de producten en diensten van bedrijfsvoering worden aangeboden en waar medewerkers op een centrale plek vragen kunnen stellen (één ingangsprincipe en selfserviceconcept). Met het ESM-systeem kan vervolgens gemonitord worden waar veel vraag naar is en hoe goed (volgens afspraak) we daarin voorzien. Dit is het fundament waarmee de dienstverlening steeds verder geoptimaliseerd kan worden. Artificial Intelligence In 2025 zijn twee AI-oplossingen uitgewerkt en geïmplementeerd.

In 2026 is een programma opgesteld waarin we beleid gaan ontwikkelen, 5 nieuwe casussen gaan uitwerken en een AIorganisatie ontwerp gaan ontwikkelen. In 2027 zal er steeds meer in de lijn worden belegd en minder in het programma. Nieuw financieel systeem In 2026 wordt het nieuw financieel systeem aanbesteed en in 2027 geïmplementeerd met een verwachte go-live datum van 1 januari 2028. Medewerker ontwikkeling en arbeidsmarkt In- en externe ontwikkelen zullen nog steeds zorgen voor een krapte op de arbeidsmarkt. Wellicht niet de beschikbare arbeidspopulatie in aantallen maar wel in aanbod van competenties

Begroting 2027

Blad 12 van 20

en werkervaring die wij als organisatie nodig hebben. Daar waar het werven van geschikte medewerkers lastig blijft zal doorontwikkeling van onze eigen medewerkers een aandachtspunt zijn. Mede doordat we er vaker voor kiezen om iemand met minder werkervaring aan te nemen en intern door te ontwikkelen. Door leerpaden te ontwikkelen kunnen we medewerkers in de organisatie perspectief bieden en langer aan onze organisatie verbinden DCMR streeft er verder naar om mensen met arbeidsbeperkingen en met een afstand op de arbeidsmarkt op te nemen. Het zijn van een aantrekkelijke werkgever in een organisatie waarin iedereen zichzelf kan zijn en waar ruimte is voor ontwikkeling en voor werkgeluk zijn belangrijke speerpunten voor DCMR. Hiertoe is een nieuw werkconcept ontwikkeld dat in 2026 en 2027 verder zal worden geïmplementeerd.

4.1. Wat mag het kosten? Onderstaande tabel maakt de geraamde lasten en baten voor het programma bedrijfsvoering inzichtelijk. Tabel 3: Programma Bedrijfsvoering (x € 1.000)

Begroting 2027

1e wijziging Begroting 2026

Primaire Begroting 2026

Jaarverslag 2025

Taakveld: ondersteuning organisatie - Baten €

28.258 €

29.140

€

27.051 €

30.585

- Lasten €

30.888 €

29.950

€

28.681 €

28.419

1.000

110

€

-

- Onttrekkingen en dotaties BR €

€

- Post onvoorzien - Saldo financieringsfunctie

€

-

€

-

- Overige dekkingsmiddelen € - Vennootschapsbelasting Resultaat programma Bedrijfsvoering

1.630

€

700

€

-

€

-

€

-

€

-

€

€

1.630

-

€

706

€

48

€

869

€

-

€

3.789

5.

Paragrafen

Dit hoofdstuk bevat een aantal paragrafen, dat op grond van het BBV wordt opgenomen.

5.1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen ratio geeft aan in welke mate DCMR beschikt over een financiële buffer om financiële gevolgen van risico’s op te vangen. Het algemeen bestuur heeft een bandbreedte voor deze ratio vastgesteld van 1,0 < x < 1,4. Beschikbare weerstandscapaciteit De optelling van de algemene reserve, het vrij besteedbare deel van de bestemmingsreserves en de post onvoorzien vormen samen de beschikbare weerstandscapaciteit. Tabel 4: weerstandvermogen Weerstandvermogen (x€ 1.000)

ultimo 2027

Algemene Reserve Mutatie Algemene Reserves Post onvoorzien Vrij besteedbaar deel bestemmingsreserve

€ 2.649 €0 €0 €0

Totaal

€ 2.649

Benodigde weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate DCMR beschikt over een financiële buffer om financiële gevolgen van risico’s op te vangen. DCMR heeft afgesproken om de ratio tussen 1,0 < x < 1,4 te houden. De risicomanagementcyclus is de basis voor het berekenen van het benodigde weerstandsvermogen. Alle risico’s geclassificeerd als ‘Zeer Hoog’ en ‘Hoog’ met een financieel effect worden meegenomen inclusief een opslag van 20%.

Risico ‘Informatiebeveiliging’ - € 1.6mln Het risico op een informatiebeveiligingsincident neemt continue toe door een complexer digitaal dreigingslandschap, waaronder cybercrime, statelijke dreigingen en spionage. Ook DCMR wordt dagelijks digitaal aangevallen. Tegelijkertijd groeit de afhankelijkheid van digitale systemen en cloudapplicaties en wordt het voor medewerkers lastiger om frauduleuze e-mails en verzoeken van legitieme communicatie te onderscheiden (aanleiding). Dit alles kan leiden tot het mogelijk geheel/gedeeltelijk stil komen te liggen van de dienstverlening en bedrijfsvoering. Dat kan weer leiden tot fouten in de dienstverlening en/of het vallen van vertrouwelijke informatie in verkeerde handen (impact). Hierdoor kunnen belangen van burgers en bedrijven mogelijk worden geschaad, DCMR kan data verliezen of data kan encrypted worden (gevolg). De omvang van dit risico is bepaald op basis van kans inschatting en mogelijke kosten. Hierbij kan gedacht worden aan externe onderzoeken, herstel van systeemlandschap, kosten die doorlopen zonder omzet etc. Recente ontwikkelingen laten zien dat dit risico verder is toegenomen.

Risico ‘Onvoldoende personeel op het benodigde competentieniveau’ - €0.3mln DCMR kan goed nieuwe medewerkers aan zich binden, maar het werven van specialistische en seniore functies zoals bijvoorbeeld senior vergunningverleners is moeilijk. Dit is zowel een kwalitatief als kwantitatief probleem. Dit tekort kan ook niet altijd meer opgevangen worden door externe inhuur. Daardoor is mogelijk de kwaliteit van de dienstverlening/producten lager, is er een kans op het ontstaan van kennistekort en/of een onjuist niveau van arbeidsproductiviteit. Hierdoor is DCMR mogelijk minder in staat om de noodzakelijke resultaatverplichtingen na te komen, wat langere doorlooptijden tot gevolg heeft en/of stagnatie op de benodigde ontwikkelingen om toekomstbestendig te zijn op de kerntaken. Gezien de extra HR-inspanningen op gebied van werving van vaste medewerkers en opleidingen is dit risico lager ingeschat.

Begroting 2027

Blad 14 van 20

Het benodigde weerstandsvermogen = (€ 1.6mln + € 0,3mln) * 1.2 = € 2,3mln. Ratio weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen ratio (beschikbare weerstandsvermogen/ benodigde weerstandsvermogen) is 1,2. Hierbij is al rekening gehouden met het besluit bestemmen resultaat 2025.

5.2. Financiële en beleidsindicatoren Tabel 5: financiële indicatoren Financiële kengetallen Netto schuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Jaarverslag 2025 -6,8% 49,7% 7,8%

Begroting 2026 -5,5% 26,8% 0,4%

Begroting 2027 -1,1% 16,6% 0,0%

Netto schuldquote: De netto schuldquote geeft inzicht in de schuldenlast van DCMR ten opzichte van de beschikbare middelen en inkomsten. De netto schuldquote betreft -1,1%, dit betekent dat de beschikbare middelen hoger zijn dan de uitstaande schulden en dat de schuldenpositie als robuust kan worden beschouwd. Solvabiliteitsratio: De solvabiliteitsratio geeft de verhouding weer tussen het eigen vermogen en het totaal vermogen van DCMR en biedt daarmee inzicht in de financiële weerbaarheid. In de begroting bedraagt de solvabiliteitsratio 16,6%. In het jaarverslag komt deze uit op 49,7%, wat duidt op een sterke vermogenspositie. Structurele exploitatieruimte: Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de structurele baten en lasten in evenwicht zijn. Beleidsindicatoren Tabel 6: beleidsindicatoren Beleidsindicatoren Formatie (FTE per 1.000 inwoners) Bezetting (FTE per 1.000 inwoners) Apparaatskosten per inwoner Externe inhuur Overhead

Jaarverslag 2025 0,18 0,16 € 21,82 8,9% 31,8%

Begroting 2026 0,17 0,16 € 23,50 10,2% 30,3%

Begroting 2027 0,18 0,17 € 24,64 7,4% 27,9%

In bovenstaande tabel is ter informatie de ontwikkeling van de voor gemeenten en provincies verplichte beleidsindicatoren uit het taakveld bestuur en ondersteuning opgenomen. Aangezien het werkveld van DCMR geen directe relatie heeft met de omvang van inwoneraantal van de provincie Zuid-Holland hebben deze indicatoren een beperktere toegevoegde waarde. Overhead In lijn met de BBV-definities en de recente OZHZ nota is de DCMR-overhead definitie scherper en duidelijker verwoord. Het uitgangspunt is nu dat kosten zoveel mogelijk direct worden toegerekend, indien verbonden met het primaire proces. Herdefiniëring was noodzakelijk als gevolg van niet bij de huidige organisatie passende definities en een uitlijning van de DCMR-methodiek met de BBV-definities. Deze aanpak wordt afgestemd met andere OD’s. De overhead percentages in de jaarrekening 2025 en begroting 2026 zijn nog vastgesteld volgens de oude methodiek.

Omgevingsdienst DCMR Milieudienst Rijnmond voor een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving DCMR Milieudienst Rijnmond is de gezamenlijke omgevingsdienst van de provincie Zuid-Holland en dertien gemeenten in de regio Rijnmond. Voor de provincie Zeeland werkt DCMR aan de vergunningverlening, toezicht en handhaving op risicovolle bedrijven. Missie DCMR werkt aan een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. DCMR reguleert de bedrijvigheid in het werkgebied en ziet erop toe dat bedrijven veilig werken. We monitoren de milieukwaliteit, leveren en analyseren data, en informeren en adviseren opdrachtgevers met als doel een toekomstbestendig gebruik van onze leefomgeving. Visie DCMR is de omgevingsdienst van de gemeenten in het Rijnmondgebied en van de provincie Zuid-Holland. Bij de grote risicobedrijven voert DCMR ook taken uit in Zeeland en werkt landelijk samen met andere inspectiediensten. DCMR is deskundig en realiseert ambities van de opdrachtgevers in verbinding met de omgeving. DCMR zet innovatie en technologie in om het werk optimaal uit te voeren. DCMR werkt aan de hand van een Meerjarenprogramma (MJP) waarin is vastgelegd welke opgaven en prioriteiten centraal staan in onze vergunningverlening, toezicht, handhaving en advisering. Zo geven we richting aan ons werk voor een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving.

DCMR heeft drie hoofdtaken. 750 deskundige professionals werken aan: Vergunningverlening - DCMR maakt omgevingsvergunningen voor bedrijven en legt daarin vast aan welke eisen een bedrijf moet voldoen, zoals het minimaliseren van uitstoot, het voorkomen van geluidhinder en het waarborgen van de veiligheid. Toezicht en handhaving - DCMR houdt toezicht op meer dan 30.000 bedrijven, onderzoekt (meldingen van) milieuoverlast, neemt deel in crisisbeheersing bij (milieu)incidenten en voert inspecties uit (aangekondigd en onaangekondigd). DCMR zet in op innovatie en technologische ontwikkeling (data; a.i.) om e ectief risicogestuurd toezicht te houden. Advies en monitoring - DCMR adviseert gemeenten en provincies over beleid en ruimtelijke planprocessen en let voortdurend op de milieukwaliteit, onder andere met meetpunten voor de luchtkwaliteit. Bestuur DCMR wordt bestuurd door gedeputeerden van de provincie Zuid-Holland en wethouders van dertien gemeenten in de regio Rijnmond. Het bestuur bestaat uit een algemeen en een dagelijks bestuur. Deze overheden hebben samen de ‘Gemeenschappelijke Regeling’ DCMR ingesteld, waarin staat welke taken DCMR uitvoert en welke bevoegdheden het bestuur heeft. Dagelijks bestuur Het dagelijks bestuur (DB) vergadert zes keer per jaar en bereidt de vergaderingen van het algemeen bestuur voor.

Het DB is verantwoordelijk voor de financiële bedrijfsvoering en het toezicht op DCMR. Het bespreekt de voortgang van de taken, risico’s in de bedrijfsvoering en de financiële positie van DCMR. In het DB zitten vertegenwoordigers van de provincie Zuid-Holland en de gemeente Rotterdam, en drie vertegenwoordigers van de overige aangesloten gemeenten. Algemeen bestuur Het algemeen bestuur vergadert twee keer per jaar. Deze vergaderingen zijn openbaar. Het bestuur stelt beheersmatige onderwerpen vast (zoals begroting en jaarrekening) en bepaalt samen met de participanten het Meerjarenprogramma met inhoudelijke prioriteiten, gebaseerd op de opdrachten en collegeprogramma’s van de participanten. Samenstelling: 17 leden: 12 bestuurders van de regiogemeenten, 2 van Rotterdam en 3 van PZH. Dit is in de GR bepaald, mede met het oog op de werkpakketten. Voorzitter van het AB is momenteel gedeputeerde Meindert Stolk. De invulling van taken per participant gebeurt in een jaarlijks werkplan. Over de voortgang daarvan en over actuele lokale dossiers voeren participant en DCMR-directie bestuurlijke overleggen. Meer info over DCMR op de website van DCMR: Over DCMR

Samenwerking regionaal, in Zuid- Holland en landelijk In de eigen regio werkt DCMR samen met relevante organisaties waaronder de GGD, VeiligheidsRegio Rotterdam, DeltaLinqs, Havenbedrijf Rotterdam en de waterschappen. De vijf omgevingsdiensten in Zuid-Holland werken steeds meer samen op inhoudelijke en organisatorische thema’s. Projecten richten zich onder andere op bedrijfsvoering, uitvoering van VTHA-taken, instrumentinzet, expertiseontwikkeling én gezamenlijke innovatie. Denk aan: Datalab, informatiebeveiliging, maar ook de inzet van drones en milieu in Ruimtelijke Ontwikkeling. Op landelijk niveau wordt samengewerkt in OmgevingsdienstNL, de landelijke vereniging van de 26 omgevingsdiensten in Nederland. De omgevingsdiensten ondersteunen gemeenten en provincies bij het uitvoeren van hun wettelijke taken op het gebied van milieu, leefomgeving, toezicht en handhaving. OmgevingsdienstNL zorgt voor verbinding, samenwerking en kwaliteitsverbetering binnen dit stelsel. De vereniging richt zich op het versterken van kennis, uniformiteit en professionaliteit. Dit gebeurt onder meer door het ontwikkelen van gezamenlijke werkwijzen, het verbeteren van datastandaarden en informatiesystemen en het organiseren van opleidingen en trainingen voor medewerkers van omgevingsdiensten. Daarmee draagt OmgevingsdienstNL bij aan een betrouwbare en deskundige uitvoering in het hele land.

Daarnaast werkt de vereniging intensief samen met landelijke partners, zoals VNG, IPO, Unie van Waterschappen, RIVM, GGD/GHOR Nederland, NIPV, diverse ministeries en andere organisaties binnen de leefomgevingsketen. Deze samenwerking is belangrijk om beleid, wet- en regelgeving en uitvoeringspraktijk goed op elkaar aan te laten sluiten. OmgevingsdienstNL speelt een rol bij landelijke programma’s en ontwikkelingen die gemeenten en provincies raken. Denk aan de aanpak van zeer zorgwekkende sto en en PFAS, verbetering van water- en luchtkwaliteit, energietransitie, circulaire economie, gezondheid en het toezicht op woningbouw. Door kennis uit de uitvoeringspraktijk te bundelen en te delen, helpt OmgevingsdienstNL overheden bij het maken van goed onderbouwde keuzes voor een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. OmgevingsdienstNL zorgt dat omgevingsdiensten als netwerk kunnen samenwerken, leren en vernieuwen, zodat raadsleden en andere bestuurders kunnen rekenen op een sterke en uniforme uitvoering.

Jaarstukken 2025

Auteur (s) Versie

: DCMR : 1.0

Inhoud 1

Voorwoord

4

Deel A: Jaarverslag

6

2

Samenvatting 2025

6

3

Programma milieubeheer

8

3.1

Algemeen

8

3.2

Meerjarenprogramma

10

3.2.1. Veiligheid 3.2.2. Gezondheid 3.2.3. Leefbaarheid 3.2.4. Duurzaamheid

10 12 13 15

3.3

Programma’s DCMR

16

3.4

Cijfers in beeld

18

4

Programma bedrijfsvoering

21

5

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

24

6

Financiering

25

Deel B: Jaarrekening

26

7

Balans en toelichting

26

8

Algemene waarderingsgrondslagen

34

9

Overzicht van baten en lasten en Verlies & Winst

36

9.1

Overzicht baten en lasten

36

9.2

Verlies- en winstrekening en toelichting

37

10

Rechtmatigheidsverantwoording

38

Deel C: Overige gegevens

40

2

11

Wet normering topinkomens

40

12

Bestuursleden algemeen bestuur

41

Bijlagen

42

A.

Productie

42

B.

Kwaliteitscriteria – Quick scan rapportage t.a.v. Kwaliteitscriteria 3.0

46

C.

Staat van activa

50

D.

Werkplanoverzicht per opdrachtgever

50

E.

Overzicht voorschot met specifiek bestedingsdoel per participant

51

F.

Overzicht van baten en lasten per taakveld

51

G.

Verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen

52

3 van 52

1 Voorwoord 2025 was een jaar vol ontwikkelingen, onzekerheden en stevige opgaven voor onze opdrachtgevers en voor de leefomgeving in ons werkgebied. Juist dan moeten inwoners en participanten kunnen vertrouwen op een omgevingsdienst die deskundig, zichtbaar en doortastend werkt aan een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. Daar komen de nodige uitdagingen bij kijken. Zo is voor de gehele organisatie het ontwikkelen en behouden van kennis cruciaal, ook al vanwege het complexer worden van bestaand werk en de komst van nieuwe thema’s. Tegelijkertijd gaan ervaren medewerkers met pensioen en ligt bij nieuwe, jongere werknemers het verloop doorgaans hoger. Dat maakt kennisopbouw extra uitdagend en het vroeg in 2025, en dat zal het blijven vragen, om gerichte investeringen in een robuuste kennisinfrastructuur.

Voor vergunningverlening was 2025 een jaar van verdere vernieuwing. DCMR behandelde het merendeel van de besluiten en producten op tijd, maar de ambitie is verdere verbetering van tijdigheid en ook van voorspelbaarheid en transparantie. DCMR zette daarom een pakket aan innovaties neer zoals Digi-V, de Altijd Actuele Digitale Vergunningen en we implementeerden verschillende AItoepassingen. Om vergunning-informatie begrijpelijker te maken voor de omgeving, met name inwoners, publiceerden we een eerste ‘toegankelijke vergunning’. Inhoudelijk belangrijk was het onderzoek naar hoe gezondheid beter kan meewegen in vergunningen. Bij toezicht zorgden onder meer het complexer worden van regelgeving en de komst van nieuwe bedrijfsprocessen ervoor dat onze inzet op efficiënt werken noodzakelijk bleef. Het risico gestuurd toezicht is verder verbeterd door onder meer de inzet van AI en een nieuw prioriteringsmodel voor gemeentelijk toezicht. De bredere trend van juridificering is bij DCMR zichtbaar in het toenemende aantal procedures. DCMR paste als eerste omgevingsdienst het instrument bestuurlijke boete toe, bij een Seveso-overtreding. Samenwerking werd verder geïntensiveerd tussen de Zuid-Hollandse omgevingsdiensten en landelijk in ODnl-verband. Technologische ontwikkelingen zoals data-ondersteund werken en AI helpen ons het complexe werk goed te blijven doen.

Omgekeerd vragen ze extra inzet door een toename van zienswijzen, beroepen, Woo-verzoeken en mediavragen. De inzet voor de leefomgeving was ook in 2025 niet mogelijk zonder onze medewerkers. Daarom ook hier: onze grote waardering voor hen! Met dit jaarverslag leggen we verantwoording af over de resultaten in 2025. In 2026 bouwen we met minstens zoveel inzet verder aan onze missie: een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. Meindert Stolk

Daan Molenaar

Voorzitter Bestuur DCMR

Secretaris

4 van 52

Het algemeen bestuur van DCMR Milieudienst Rijnmond,

Gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur,

Gelet op artikel 29 van de Gemeenschappelijke regeling DCMR Milieudienst Rijnmond;

BESLUIT:

vast te stellen Jaarverslag en Jaarrekening 2025

DCMR Milieudienst Rijnmond, Schiedam, 9 juli 2026

De voorzitter,

Secretaris,

Dhr. M. Stolk

Dhr. D. Molenaar

5 van 52

Deel A: Jaarverslag 2 Samenvatting 2025 2025 kenmerkt zich als een jaar vol ontwikkelingen en onzekerheden. Juist dan moeten participanten en inwoners erop kunnen vertrouwen dat wij ons als DCMR Milieudienst Rijnmond inzetten voor de kwaliteit van het milieu. Al onze inzet is gericht op onze kerndoelen: een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. We boekten goede resultaten. DCMR verleent namens gemeenten en provincies omgevingsvergunningen voor bedrijven. Daarbij beoordeelt DCMR of veiligheid, gezondheid en duurzaamheid voldoende zijn geborgd. Waar nodig worden voorwaarden aan een vergunning verbonden. Ontwikkelingen zoals financiële zekerheid en nieuwe energiedragers, waaronder waterstof en ammoniakopslag, maken vergunningstrajecten echter steeds complexer. Dat vraagt van DCMR dat het vergunningverleningsproces ook bij complexe aanvragen voorspelbaar blijft. Om dit te bereiken zet DCMR diverse initiatieven in, zoals de beleidslijn Doortastend vergunnen en de instrumenten uit het programma Altijd Actuele Digitale Vergunning. Tegelijk ziet DCMR dat de voorspelbaarheid van het proces mede afhangt van de kwaliteit van de aanvragen. Daarom ligt er ook een belangrijke rol voor bedrijven om hun vergunningaanvragen vollediger en zorgvuldiger aan te leveren. Toezichthouden gebeurt risicogericht.

In 2025 hebben we ons in het bijzonder gericht op zeer zorgwekkende stoffen (ZZS), water en gezondheid. We namen vaker monsters van afvalwater in het riool om meer zicht te krijgen op indirecte afvalwaterlozingen door bedrijven. Bij 200 mkb-bedrijven lieten we onderzoeken welke ZZS zij in huis hebben en hoe zij die hebben opgeslagen. Daarmee verhoogden we het risicobewustzijn bij deze bedrijven, wat er doorgaans toe leidt dat zij in de omgang met ZZS meer passende maatregelen nemen. Bijzondere dossiers waaronder de legale hennepkwekerij in Hellevoetsluis vroegen veel inzet. Vanwege aanhoudende geurklachten in de omgeving van het bedrijf, is door DCMR een forse last onder dwangsom opgelegd. De maatregelen die het bedrijf heeft genomen om de overlast te beperken waren onvoldoende. Het aantal overlastmeldingen bleef hoog. Daarom is ook tot inning overgegaan. Samen met ketenpartners houdt DCMR toezicht bij Seveso-bedrijven in de provincies Zuid-Holland en Zeeland. In een gezamenlijk toezichtsarrangement controleerden we met de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) op PFAS-houdend blusschuim bij bedrijven met een eigen blusinstallatie. Dit schuim moet worden vervangen door een voor mens en milieu minder schadelijke variant.

Sinds de invoering van de Omgevingswet moeten bedrijven een financiële zekerheid stellen die bedoeld is om bij een faillissement saneringskosten te kunnen bekostigen. Hierin hebben we inmiddels de nodige expertise ontwikkeld. Dit vergde tijd en capaciteit. Ook de Wet Bibob en de omgang met nieuwe energiedragers, zoals de veilige opslag van ammoniak, vroegen meer van onze dienst. In 2025 legde DCMR, namens de provincie Zuid-Holland - als eerste omgevingsdienst in Nederland een bestuurlijke boete op. We adviseerden onze opdrachtgevers over uiteenlopende onderwerpen zoals bodem, geluid, lucht, water en ruimtelijke vraagstukken. Toenemende schaarser aan ruimte in ons werkgebied leverde daarin meer spanning doordat bestemmingen elkaar vaker dicht naderen, denk aan wonen en industrie. Onze beleidsadviezen vonden vaker ook hun weg naar landelijke tafels zoals die van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Citizen science blijft een waardevol middel in het verzamelen van gegevens die we toepassen in ons werk. Denk hierbij aan luchtmetingen door bewoners en het burgermeetnet voor geluid rondom Rotterdam The Hague Airport (RTHA). Hiermee boden we bewoners ook in 2025 de mogelijkheid om

6 van 52

meer betrokken te zijn bij de kwaliteit van hun directe leefomgeving. Een ander voorbeeld hiervan is het samen optrekken met omwonenden in de strijd tegen vliegenoverlast op Heijplaat. Met de vier andere omgevingsdiensten in Zuid-Holland zijn wij in 2025 nog nauwer gaan samenwerken om taken efficiënter te kunnen doen. Landelijk streven wij met de andere omgevingsdiensten in ODNL-verband naar uniforme werkwijzen en delen wij kennis en kunde. Ook over landsgrenzen heen leren we van elkaar. Collega vergunningverleners en toezichthouders van havensteden Antwerpen en Hamburg kwamen naar Schiedam voor kennisoverdracht en het delen van ervaringen. Inwoners en organisaties dienden meer en meer beroepen en zienswijzen in. De beschikbaarheid van AI (artificial intelligence) speelt hierin een rol. De zorgvuldige behandeling conform regelgeving vroeg flinke inzet vanuit DCMR. Omgekeerd vergroten digitale ontwikkelingen zoals AI, datagedreven werken en automatisering ook onze slagkracht. De inrichting van bijvoorbeeld de digitale vergunning helpt om grip op het werk te houden en levert bovendien een grotere transparantie op. Ook hebben we de eerste stappen gezet in het benutten van AI als hulpmiddel bij de uitvoering van onze taken. Een AI-tool ter ondersteuning van de beoordeling van lozingsmeldingen (grondwater) is in 2025 in gebruik genomen.

Daarnaast is een specifieke tool ontwikkeld die inspecteurs door middel van visuele herkenning snel inzicht geeft in welke gevaarlijke stoffen de garagebedrijven, horeca en andere mkb-bedrijven in huis hebben en of deze veilig zijn opgeslagen. AI en data zijn voorbeelden van thema’s waarin we in programma-vorm werken aan onze missie. In het programma Gezondheid onderzoeken we hoe we dit onderwerp verder kunnen verankeren in ons werk samen met andere organisaties zoals de GGD en VRR. In 2025 hebben we het eerste vierjarige programma Energietransitie en Circulaire Economie succesvol afgerond. We hebben in de afgelopen periode veel kennis opgebouwd en gedeeld en versnelling gerealiseerd in deze belangrijke transities. Een belangrijke conclusie is dat de energietransitie vraagt om passende regelgeving. Enerzijds aanvullende regelgeving, om milieuimpact te verkleinen, maar - bijvoorbeeld bij circulariteit - soms om het afschaffen van regelgeving die circulaire toepassingen in de weg staat. Om door te pakken op de succesvolle rol van DCMR in verduurzaming is een nieuw vierjarig programma Energie- en grondstoffentransitie in beweging 20262029 voorbereid. Met een duurzame leefomgeving als missie willen we uiteraard ook zelf een duurzaam werkende organisatie zijn.

In 2025 hebben we allerlei acties ondernomen om onze CO2-footprint te verlagen: We produceren zo min mogelijk restafval, ons stroomverbruik daalde met 16 procent en we rijden steeds meer elektrisch. Financieel gezien is in 2025 een positief resultaat behaald van € 3,18 miljoen. Alle projecten die we doen, innovaties die we doorvoeren en keuzes die we maken, zijn bedoeld om slagvaardig te zijn in de taken en ontwikkelingen die op de omgevingsdienst afkomen. Diverse programma’s waar in 2025 aan is gewerkt, krijgen in 2026 een vervolg. Zo werkt DCMR krachtig verder aan de missie voor een schone, veilige en gezonde leefomgeving.

7 van 52

3 Programma milieubeheer De beantwoording van de vraag ‘Wat hebben we gedaan’ is beschreven in dit hoofdstuk en de vraag ‘Wat heeft het gekost’ is opgenomen in hoofdstuk 9 Overzicht van baten en lasten en verlies en winst. Dit hoofdstuk beschrijft in paragraaf 3.1 de algemene voortgang op de VTHA taken, de samenwerking tussen de OD’s en het IBP. Paragraaf 3.2 gaat specifiek in op de voortgang van het Meerjarenprogramma (MJP) 2023-2026. Het MJP is het bestuurlijk vastgestelde kader voor de uitvoering van DCMR. Het MJP bevat twaalf focuspunten en paragraaf 3.2 beschrijft per focuspunt de resultaten en uitdagingen. Paragraaf 3.3 gaat in op een aantal programma’s binnen DCMR. Paragraaf 3.4 laat de productiecijfers zien van de afgelopen drie jaar. 3.1

Algemeen

DCMR voert milieutaken uit in opdracht van de provincie Zuid-Holland en dertien gemeenten in het Rijnmondgebied. Voor provincie Zeeland doen wij dit voor de grote risicobedrijven (Seveso) in die provincie. Vergunningverlening, toezicht en handhaving en advies en monitoring zijn onze kerntaken. De DCMR-missie is een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. Vergunningverlening We maken omgevingsvergunningen voor bedrijven in opdracht van gemeenten en provincies. Tegenwoordig moeten meer aspecten worden meegewogen bij het verlenen van een vergunning. Financiële zekerheid, de Wet Bibob, nieuwe technieken zoals waterstof of de opslag van ammoniak maken het vergunningverleningstraject complexer en uitvoeriger. Dit vraagt van alle betrokken partijen eigen verantwoordelijkheid. Bedrijven kunnen zelf aan de snelheid bijdragen door nauwkeuriger en completer de informatie aan te leveren die nodig is voor het beoordelen van hun aanvraag.

DCMR streeft ernaar om het grootste deel van de ‘producten’ binnen de daarvoor overeengekomen termijnen op te leveren. Daarin is ruimte voor verbetering, vooral bij de complexe aanvragen. DCMR heeft een samenhangend pakket van initiatieven ontplooid dat de actualiteit en voorspelbaarheid van vergunnen verder verbetert. De Altijd Actuele Digitale Vergunning (AADV), waaronder de robuuste vergunning en Digi-V, hielp in de snelheid zonder afbreuk te doen aan de kwaliteit. Het bedrijf kan wijzigingen in de bedrijfsvoering zonder onnodige vertraging doorvoeren. Waar het om de voorspelbaarheid en tijdigheid van onze producten gaat, is er ook een rol weggelegd voor het bedrijfsleven om kwalitatief hoogwaardige aanvragen in te dienen. Een andere innovatie bij vergunningverlening is dat we informatie begrijpelijker voor inwoners maakten met de eerste ‘toegankelijke vergunning’.

Toezicht en handhaving Toezicht houden en handhaven doen wij met ‘onderbouwd lef’. Niet altijd is er een helder wettelijk kader. Dan kunnen we vanuit het belang voor de leefomgeving heel bewust ervoor kiezen om scherp aan de wind te varen. Wij zetten in ons werk alle kennis, kunde en innovaties in die wij tot onze beschikking hebben. We maken daarvoor gebruik van bijvoorbeeld drones, AI, de meldkamer en de meldingen vanuit de omgeving die daar binnenkomen, boa’s, data-analisten, juristen en ook van de inzichten vanuit communicatie en van gedragswetenschappers en psychologen van het Toezichtslab. In ons toezichtsprogramma stellen wij de prioriteiten vast waarop de inspecteurs extra inzetten. Die zijn de rode draad in het werk. Dit waren in 2025 zeer zorgwekkende stoffen (ZZS), water en gezondheid: onderwerpen die grote impact hebben voor de samenleving en leefomgeving. DCMR bepaalde bovendien een toezichtsaanpak voor specialistische branches zoals chemie, raffinaderijen, tankstations en energiebedrijven (stadverwarming, centrales). Het dossier Chemours (PFAS) in en om Dordrecht blijft bijzondere inzet vragen.

Met de bestuurlijke boete hebben bevoegde gezagen onder de Omgevingswet een nieuw handhavingsinstrument in handen. De bestuurlijke boete kan alleen worden ingezet bij Seveso 8 van 52

overtredingen en asbest overtredingen. In tegenstelling tot een last onder dwangsom, die bedoeld is voor herstel, is de boete een bestraffende sanctie die direct volgt op een overtreding. In 2025 legde DCMR een eerste bestuurlijke boete op voor een Seveso-overtreding. DCMR heeft voor de uitvoering van de strafrechtelijke handhavingstaak buitengewone opsporingsambtenaren (boa’s) in dienst. Ten opzichte van voorgaande jaren is het aantal strafrechtelijke onderzoeken naar milieudelicten significant toegenomen. Daarnaast participeren DCMR-boa’s op basis van specifieke expertise in grote landelijke milieuonderzoeken (Chemours, Tata Steel). In het kader van ketentoezicht worden jaarlijks door ketenrechercheurs diverse thema’s onderzocht. In 2025 is onderzoek gedaan naar verschillende ketens, zoals PFAS-houdend afvalwater, E-waste, kunststofafval en free-riders in grondverzet. Voor het gemeentelijk toezicht is het RIAN-model (Risico-Inventarisatie en Analyse) omgezet naar een prioriteringsmodel preventief toezicht. Hierin zitten koppelingen naar verschillende bronnen zoals Kamer van Koophandel en LMA. Er wordt overwogen nog meer externe bronnen te koppelen aan het model, zodat controles steeds risicogerichter kunnen worden uitgevoerd. In 2025 heeft DCMR geïnvesteerd in externe, actuele bronnen. Hierdoor kunnen we onze inspecties nog slimmer plannen.

In 2025 kwamen er veel meldingen binnen van geuroverlast door de legale wietplantage in ons werkgebied (CanAdelaar). Organisatiebreed dachten we vanuit verschillende disciplines mee over het voorkomen van de overlast. We legden een last onder dwangsom op aan het bedrijf waarop na aanhoudende overlast ook is geïnd In Lansingerland is na meldingen van inwoners over een bromtoon gezocht naar de bron. Er is uitgebreid onderzoek gedaan waarover door DCMR is gerapporteerd aan de gemeente. Er is geen eenduidige bron gevonden. Op advies van DCMR en de gemeente doet TNO een vervolgonderzoek. In 2025 controleerden we, net als voorgaande jaren, opslaglocaties voor consumentenvuurwerk. Als in 2026 daadwerkelijk het algemene vuurwerkverbod ingaat, was dit in deze vorm wellicht de laatste keer. Advies en monitoring DCMR geeft advies aan gemeenten en provincies over hun beleid en in hun ruimtelijke planprocessen. Wij zetten daarvoor de eigen kennis en ervaring in op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling en MER, veiligheid, bodem, water, lucht, licht, geluid en energie. Wij participeren bijvoorbeeld in Novex, een samenwerking tussen de verschillende bestuurslagen zoals gemeenten, provincies, ministeries en gezondheidsorganisaties over de ruimtelijke gevolgen van de transitie van het Rotterdamse havengebied.

Bij uitbreidingsplannen moeten gemeenten een brede afweging maken en kijken naar aspecten als economie, woningmarkt en leefomgeving. Door de schaarse ruimte in ons gebied komt die afweging onder spanning. Onze specialisten hebben in 2025 meerdere gemeenten van advies voorzien waar het gaat om de impact van hun uitbreidingsplannen op de leefomgeving. Onze rapportages en beleidsadviezen helpen gemeenten in hun actieplannen rond lucht en geluid. Onze expertise is ook op landelijke beleidstafels waardevol. Op gebied van milieueffecten door luchtvaart hebben we in 2025 langdurige afspraken gemaakt. Omwonenden maken meer melding van slaapverstoring en weten de juridische wegen te bewandelen om ook via die weg de overlast die ze ervaren kenbaar te maken. De luchtmeetvisie is verlengd tot 2030. DCMR verzamelt met het geaccrediteerde meetnet gegevens en gebruikt de informatie voor de producten en in adviseringen richting provincies en gemeenten. Wij zijn als omgevingsdienst breder dan alleen in ons werkgebied actief. Zo werkten wij mee aan de nieuwe landelijke PGS 12-richtlijn voor de veilige opslag van ammoniak die in 2025 van kracht werd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3843/documents/35510