43. 2026-024778 GR Jeugdhulp Rijnmond Aanbieding Planing & Control stukken GRJR.pdf
Tekst van het document
45
Liquiditeitsborgen en subsidievorderingen Dit bedrag is eind 2025 € 0. Vooruitbetaalde bedragen Dit bedrag is eind 2025 € 0. Liquide middelen De liquide middelen bestaan voor de GRJR uit het eindsaldo 2025 van de bankrekening. Deze wordt namens de GRJR beheert door de Gemeente Rotterdam. Het saldo van € 5,1 mln. blijft over na het afromen in kader van de wet Fido/ schatkistbankieren.
Toelichting op de balans passiva per 31 december 2025 VASTE PASSIVA
31-12-2025
31-12-2024
0 0
0 0
645.000
6.303.000
Nog te betalen bedragen aan zorginstellingen Proeftuin kind- en gezinsbescherming Inzet Regionaal Expertiseteam (RET)
52.528.000 632.000 19.000
59.300.000 238.000 0
TOTAAL
53.824.000
65.841.000
EIGEN VERMOGEN Algemene reserve Gerealiseerd resultaat
VLOTTENDE PASSIVA NETTO VLOTTENDE SCHULDEN MET RENTE TYPISCHE LOOPTIJD KORTER DAN ÉÉN JAAR Overige schulden
OVERLOPEND PASSIVA
Eigen vermogen en continuïteit Aan de GRJR nemen op dit moment dertien gemeenten deel. Zij delen gezamenlijk in de lasten voor het uitvoeren van deze gemeenschappelijke regeling. Drie gemeenten hebben besloten om hun vanaf 2023 een deel van de jeugdhulp zelf in te kopen, en tegelijkertijd wel te blijven participeren in de GRJR. Algemene Reserve De GRJR heeft ultimo 2024 geen algemene reserve. Dit komt omdat GRJR Jeugdhulp namens 13 gemeenten in de regio Rijnmond uitvoert en de lasten verdeelt over de 13 gemeenten. GRJR beoogt geen positief resultaat te hebben. Eventuele tekorten of positieve resultaten worden over de 13 gemeenten verdeeld. Overige schulden Ultimo 2025 staat er voor € 0,6 mln. open aan overige schulden. Dit bestaat voornamelijk uit bijdrage die deelnemende gemeenten terugontvangen.
46
Te betalen bedragen aan zorginstellingen Hieronder een specificatie van te betalen bedragen aan zorginstellingen ad € 52,5 mln. Specificatie verplichtingen op zorginstellingen
Bedrag
Verplichtingen 2025
€ 52.326.000
Verplichtingen 2024
€ 174.000
Totaal
€ 52.500.000
Verplichtingen 2025 Dit bedrag van € 52,3 mln. betreft het nog te betalen bedrag aan zorgprestaties en subsidies aan zorginstellingen in 2025 op basis van de voorlopige productie in de voorlopige jaarrekening 2025. Verplichtingen 2024 De openstaande verplichtingen betreffen nog door aanbieders te declareren kosten. In 2025 is veel aandacht gegaan naar de eindafrekening 2022, 2023 en 2024 met betrekking tot regionale en LTA-aanbieders. Subsidies RET en Proeftuin Voor subsidies die vóór 2025 zijn ontvangen vanuit het rijk voor RET en proeftuin kind- en gezinsbescherming is het verloopoverzicht van de balansposities als volgt: Het subsidiebedrag voor de proeftuin kind- en gezinsbescherming van € 0,6 mln. was ontvangen in 2021. Het project kent een oorspronkelijke einddatum van 31 december 2022, maar aangezien er in de loop van 2022 een koerswijziging heeft plaatsgevonden, heeft het project vertraging opgelopen en is het verlengd. Conform de BBV-voorschriften is het resterende bedrag opgenomen onder de overlopende passiva. Het valt onder de categorie “de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren”.
47
4.6 Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen Met ingang van 2013 is de Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) van kracht. Hieruit volgt de verplichting om in de jaarrekening 2025 melding te maken van: 1. Alle (gewezen) topfunctionarissen en hun bezoldiging 2. Overige medewerkers in dienst van de gemeente welke de norm overschrijden 3. Uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband van alle topfunctionarissen en van alle andere medewerkers indien deze uitkering de norm overschrijdt. De maximale bezoldiging mag voor een topfunctionaris zonder dienstverband vanaf het tweede jaar niet meer bedragen dan € 246.000 per kalenderjaar (2025) op fulltime basis. In dit bedrag is inbegrepen de beloning, belastbare kostenvergoedingen, voorzieningen voor beloning op termijn (m.n. pensioenpremie). Toetsing aan de norm vindt plaats naar rato van omvang fte en duur dienstverband in het jaar. Voor het toezichthoudend orgaan gelden de volgende maxima: 10% van het maximale bezoldigingsbedrag (= € 24.600) voor de voorzitter en 15% van het maximale bezoldigingsbedrag (= € 36.9000) voor de leden. Voor de GRJR is de functie lid van het algemeen bestuur als topfunctionaris aangemerkt binnen de WNT. De leden van het algemeen bestuur zijn genoemd in onderstaande tabel en hebben vanuit de GRJR geen bezoldiging ontvangen.
Persoon en functie (na Voorzieningen gemeenteraadsverkiezingen, benoemingen vanaf Vaste en t.b.v. Gemeente 22-06-2022) Beloning variabele beloningen AB= Algemeen Bestuur vergoeding betaalbaar op DB = Dagelijks Bestuur termijn Albrandswaard Mevrouw M. van Ginkel (AB en DB) tot (27-10-2025) €0 €0 €0 Albrandswaard De heer M. Bianchi vanaf (18-11-2025) (AB) €0 €0 €0 Barendrecht Mevrouw M. de Hoop (AB) €0 €0 €0 Barendrecht De heer R. Bol (AB) €0 €0 €0 Capelle aan den Ijssel De heer E.Faassen (AB) €0 €0 €0 Goeree-Overflakkee De heer B.J. Bruggeman (AB) €0 €0 €0 Krimpen aan den Ijssel De heer H. van der Wal (AB en DB) €0 €0 €0 Langsingerland De heer L.Hoek (AB) €0 €0 €0 Maassluis Mevrouw C.Bronsveld (AB) €0 €0 €0 Maassluis De heer M. Kroonen (AB) €0 €0 €0 Nissewaard Mevrouw H. Stengs (AB en DB) €0 €0 €0 Ridderkerk De heer E.Piena (AB) €0 €0 €0 Ridderkerk De heer E. Piena (AB) en (DB) vanaf (19-12-2025) €0 €0 €0 Rotterdam De heer R.Buijt (AB en DB) €0 €0 €0 Rotterdam Mevrouw S. Hammer (secretaris-directeur AB en DB) €0 €0 €0 Schiedam De heer D.Ergin (AB) €0 €0 €0 Schiedam De heer C.Kahramanoglu (AB) €0 €0 €0 Vlaardingen Mevrouw J.Silos (AB en DB) €0 €0 €0 Voorne aan Zee De heer A.Spoon (AB) €0 €0 €0
4.7 Gebeurtenissen na balansdatum In het tijdspad van opstellen en vaststellen van de rekening moeten gunstige en ongunstige gebeurtenissen, die nadere informatie geven over de feitelijke situatie per balansdatum, altijd in de jaarrekening worden verwerkt als deze onontbeerlijk zijn voor het inzicht van de gemeenteraad/gebruiker van de jaarrekening bij de vaststelling van de programmarekening. Het gaat dan om gebeurtenissen met materiële bedragen ten opzichte van het totaal van baten en/of lasten. Binnen GRJR is zijn er geen gebeurtenissen na balansdatum waarop dit van toepassing is.
48
4.8 Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid dagelijks bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het DB en AB toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door de raad vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur in december 2025 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving van toepassing. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door de algemeen bestuur bepaald en bedraagt 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 2.963.330.
De grondslag voor deze verantwoording is het besluit van het algemeen bestuur van december 2025 conform BBV. Bevinding Het dagelijks bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen bedrag € 0 bedraagt. Dit is lager/hoger dan de daarvoor gestelde grens van € 2.963.330. De geconstateerde afwijkingen betreffen: Begrotingscriterium Fouten 1A. Overschrijding lasten programma’s 1B. Overschrijding investeringsbudgetten 2. Ongeautoriseerde reservemutaties 3. Overschrijdingen die niet tijdig hebben geleid tot begrotingswijziging of te laat aan het bestuur zijn gemeld Totaal begrotingsonrechtmatigheden 4. Totaal aan begrotingsonrechtmatigheden dat past binnen het beleid. Begrotingswijziging met 12 weken zienswijzentermijn is uiterlijk in september. Overschrijdingen daarna worden gemeld in de 2e bestuursrapportage en/of bij de jaarstukken, waarbij de definitieve bijdrage wordt vastgesteld zodanig dat het saldo nihil is. 5. Resterend saldo aan begrotingsonrechtmatigheden Voorwaardencriterium
Onduidelijkheden
€0 €0 €0 €0
€0 €0
€0 Aan GRJR gedelegeerde taken: kosten voorvloeiend uit GRbesluiten m.b.t. subsidies en uitvoeringstaken
49
Bevinding
Fouten
Totaal voorwaarden criterium €0 M&O-Criterium Er zijn geen bevindingen boven de rapportagegrens
Onduidelijkheden €0
In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met de algemeen bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het dagelijks bestuur ook beschreven welke actie hij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
50
Hoofdstuk 5 VASTSTELLINGSBESLUIT
51
5. Vaststellingsbesluit Vastgesteld door het algemeen bestuur van Openbaar Lichaam Jeugdhulp Rijnmond. Rotterdam, 10 april 2026.
Mr. S. Hammer Secretaris-directeur
R. Buijt Voorzitter
52
Bijlage A. Sisa verantwoording 2025
53
1e ONTWERPBEGROTINGSWIJZIGING 2026 Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond AB 10 april 2026
Inleiding Voor u ligt de (eerste) begrotingswijziging 2026 van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR). Het algemeen bestuur van de GRJR heeft de begroting 2026 in september 2025 vastgesteld op basis van uitgangspunten in de Kadernota 2026 die al december 2024 is vastgesteld. Het zo vroegtijdig moeten opmaken van de begroting heeft onvermijdelijk als consequentie dat moet worden gewerkt met soms globale aannames. Ontwikkelingen die zich na begrotingsvaststelling voordoen leiden tot de noodzaak om de begroting bij te stellen. Er zijn drie noemenswaardige ontwikkelingen in de GRbegroting 2026. Ten eerste kost de crisishulp minder, doordat deze hulp niet langer dan 28 dagen wordt ingezet en daar strakker de hand aan wordt gehouden. Jeugdigen stromen sneller uit crisishulp door naar benodigde specialistische jeugdhulp. Deze mutatie is in feite een verschuiving van € 2 mln., zit ook in de voorstellen voor de gewijzigde bevoorschotting 2026 en is daarom voor gemeenten saldoneutraal. Ten tweede heeft de stijging van het aantal Veilig Thuis meldingen ons genoodzaakt om de Veilig Thuis organisatie meer subsidie te verlenen. Dat is nodig om het onverantwoord laten oplopen van de wachttijden te voorkomen. Er loopt een onderzoek naar oorzaken van de stijging van het aantal meldingen. En de GRJR stuurt samen de centrumgemeenten op verbeteringen bij Veilig Thuis.
De hogere inzet van middelen is echter onontkoombaar. Ten derde hield de begroting rekening met € 1,5 mln. rentebaten. Deze ontstaan grotendeels doordat de GRJR gemeentelijke zorgkosten uitbetaalt aan de zorgaanbieders. De gemeenten betalen hiervoor voorschotten aan de GRJR en dat levert rente op. Deze rente hoort eigenlijk niet thuis in de GRbegroting maar in de afwikkeling van de bevoorschotting van de gemeentelijke zorgkosten op regionale en landelijke jeugdhulpcontracten. Deze mutatie is dus een verschuiving van € 1,5 mln., zit in de voorstellen voor de gewijzigde bevoorschotting 2026 en is voor gemeenten saldoneutraal. Per saldo stijgt de GR-begroting van € 104,8 mln. met ruim € 3,2 mln. naar € 107,9 mln., voornamelijk vanwege de ontwikkeling in het aantal meldingen van mogelijke situaties van huiselijk geweld en/of kindermishandeling bij Veilig Thuis. De gemeenten krijgen niet meer via deze begroting maar via de bevoorschotting van zorgkosten € 1,5 mln. rente terug. De deelnemersbijdrage stijgt daardoor met € 3,1 + € 1,5 = € 4,6 mln. Deze begrotingswijziging is als volgt opgebouwd: 1. Wijziging begrote lasten en baten 2026 2. Wijziging gemeentelijke bijdragen 2026 3. Wijziging risicoparagraaf 2026 4. Vaststellingsbesluit 2
1. Wijziging begrote lasten en baten 2026 In de periode tot maart 2026 heeft de GRJR te maken met diverse ontwikkelingen die het realiteitsgehalte en evenwicht in de vastgestelde begroting 2026 beïnvloeden. In onderstaande tabel zijn de mutaties uit deze begrotingswijziging opgenomen.
Mutatieoverzicht bij ontwerpbegrotingswijziging 2026 Baten 1. 2.
Lasten 3. 4. 5. 6. 7.
Begroting 2026 (sept. 2025) Wijzigingen Bijdragen gemeenten Incidentele baten naar gemeentelijke baten Gewijzigde begroting 2026 (baten)
Begroting 104.776.977 4.616.881 -1.500.000 107.893.858
Begroting 2026 (sept. 2025) 104.776.977 Wijzigingen Crisis naar opdracht B (gemeentelijke lasten) -2.000.000 GI's aanpassen aan subsidie 2026 (AB besluit okt 2025) 890.062 VTRR's aanpassen aan subsidie 2026 (AB dec. 2025 besluit) 4.204.465 Acute Diest aanpassen aan subsidie 2026 (AB april 2026besluit) 22.406 Onvoorzien op € 1.000 -52 Gewijzigde begroting 2026 (lasten) 107.893.858
Resultaat
0
Hieronder worden de verschillende mutaties uit de tabel toegelicht. 1.
Wijziging bijdragen gemeenten
Dit is het saldo van de wijzigingen. 2. Incidentele baten naar gemeentelijke besluiten In de begroting is rekening gehouden met de rentopbrengst van schatkistbankieren. Aangezien deze opbrengsten vooral gerealiseerd worden door de voorschotten voor de gemeentelijke zorgkosten worden deze kosten toegerekend aan de gemeentelijke voorschotten en vallen daarmee buiten deze begroting. 3. Crisishulp De crisishulp geldt voor de eerste 4 weken dat een jongere is opgenomen. In de praktijk komt het voor dat opvang langer duurt dan deze periode. Deze periode wordt strakker gehanteerd. Indien een jongere langer zorg nodig heeft, komen deze kosten meestal ten laste van het budget van opdracht B. 3
Dit betreft dus een verschuiving van kosten van de GR-begroting naar de kostenraming voor gemeentelijke zorgkosten. 4.
Gecertificeerde Instellingen (GI’s)
Het AB heeft in oktober besloten de subsidie voor de GI’s voor 2026 te verhogen in verband met specifieke extra inzet ten opzichte van de landelijke standaardtarieven. 5.
Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (VTRR)
In 2025 is vastgesteld dat het aantal meldingen bij VTRR is toegenomen waardoor de wachttijden onverantwoord oplopen. Op basis hiervan heeft het AB in december besloten de subsidie voor VTRR voor 2026 te verhogen. 6.
Acute Dienst
In april 2026 heeft het AB besloten de subsidie voor Acute Dienst voor 2026 te verhogen in verband met volume-ontwikkelingen. 7.
Onvoorzien
Het bedrag onvoorzien is vastgesteld op € 1.000. In de oorspronkelijke begroting was dit bedrag geïndexeerd. Dat is nu hersteld. De beschreven mutaties leiden tot de volgende gewijzigde begroting.
4
Bijdrage gemeenten
Originele Begroting 2026 (sept '25) 103.276.977
Ontwerp Begrotingswijz. 2026 Mutatie (april '26) 4.616.881 107.893.858
Incidentele baten Totale baten
1.500.000 104.776.977
-1.500.000 3.116.881
0 107.893.858
F G H I.4 I.5 J J.2 J.3 J.4
Crisis GI's Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (VTRR) 4. Acute dienst GGZ 5. Transformatiefonds/Innovatie
9.668.495 56.273.750 29.952.920 807.594 1.611.701 1.052 5.337.013 220.255 170.932
-2.000.000 890.062 4.204.465 22.406
7.668.495 57.163.812 34.157.385 830.000 1.611.701 1.000 5.337.013 220.255 170.932
J.5 J.6 K
5) Werk en Onderzoek 6) Projectbudget Inkoop en Implementatie Incidentele Lasten
Baten
Lasten
1)Bedrag onvoorzien (Risico's Jeugdhulp) 2) Organisatiekosten GR 3 )Specifieke ICT-kosten 4) Accountants- en bankkosten
Totale lasten
-52
443.266 290.000
443.266 290.000
104.776.977
3.116.881
107.893.858
0
0
0
Resultaat
Overzicht van de begrotingswijziging per gemeente Er zijn naast de genoemde budgetmutaties ook wijzigingen van de verwachte verdeling van de lasten over gemeenten. Dit is aangepast op basis van het feitelijk gebruik per gemeente.
5
Albrandswaard Begroting 2026 (sept. 2025) Opdracht Baten Bijdrage gemeenten Rentebaten schatkistbankieren
Barendrecht Ontwerp Begrotingswijzig Begroting 2026 ing 2026 (april (sept. 2025) 2026)
Mutatie
Capelle aan den IJssel
Ontwerp Begrotingswijzig Begroting 2026 ing 2026 (april (sept. 2025) 2026)
Mutatie
Ontwerp Begrotingswijzig ing 2026 (april 2026)
Mutatie
985.485 15.391 1.000.876
62.539 -15.391 47.148
1.048.024 0 1.048.024
2.262.937 38.206 2.301.143
-37.591 -38.206 -75.797
2.225.346 0 2.225.346
5.250.082 72.306 5.322.388
-139.941 -72.306 -212.247
5.110.141 0 5.110.141
22.841 464.402 388.311 15.383 30.699 11 67.649 2.268 1.760 4.565 2.986
71.317 7.345 -31.282 427 0 1 -2.754 410 318 825 540
94.157 471.747 357.030 15.810 30.699 12 64.895 2.678 2.078 5.390 3.526
182.067 1.026.844 800.207 36.976 73.792 27 152.468 5.634 4.372 11.339 7.418
49.760 16.241 -141.575 1.026 0 1 -3.808 501 389 1.008 660
231.827 1.043.085 658.632 38.002 73.792 28 148.659 6.135 4.761 12.347 8.078
697.493 2.670.516 1.501.530 46.306 92.413 51 259.743 10.643 8.260 21.419 14.013
-299.122 42.239 43.263 1.285 0 -2 -247 66 51 133 87
398.371 2.712.754 1.544.793 47.591 92.413 49 259.497 10.709 8.311 21.552 14.100
1.000.876
47.148
1.048.024
2.301.143
-75.797
2.225.346
5.322.388
-212.247
5.110.141
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Verdeling naar taakvelden 6.762 – Jeugdhulp met verblijf regionaal 22.841 6.821 - Jeugdbescherming 579.609 6.822 - Jeugdreclassering 78.948 6.812 - Maatschappelijke - en vrouwenopvang (Wmo)194.156 6.752 – Jeugdhulp ambulant regionaal 46.082 6.92 Coördinatie en beleid Jeugd 79.240 Totale lasten 1.000.876
71.317 -9.544 1.249 -15.641 427 -660 47.148
94.157 570.065 80.197 178.515 46.509 78.580 1.048.024
182.067 1.252.384 174.563 400.103 110.768 181.258 2.301.143
49.760 -57.307 2.761 -70.788 1.026 -1.250 -75.797
231.827 1.195.076 177.324 329.316 111.794 180.008 2.225.346
697.493 2.967.293 453.988 750.765 138.719 314.130 5.322.388
-299.122 56.689 7.181 21.631 1.285 89 -212.247
398.371 3.023.983 461.168 772.396 140.004 314.218 5.110.141
Lasten F Crisis G Gecertificeerde Instellingen H Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (VTRR) I.4 4. Acute dienst GGZ I.5 5. Transformatiefonds/Innovatie J 1)Bedrag onvoorzien (Risico's Jeugdhulp) J.2 2) Organisatiekosten GR J.3 3 )Specifieke ICT-kosten J.4 4) Accountants- en bankkosten J.5 5) Werk en Onderzoek J.6 6) Projectbudget Inkoop en Implementatie K Incidentele lasten
Resultaat
Goeree-Overflakkee
Begroting 2026 (sept. 2025) Opdracht Baten Bijdrage gemeenten Rentebaten schatkistbankieren
Krimpen aan den Ijssel
Ontwerp Begrotingswijzig Begroting 2026 ing 2026 (april (sept. 2025) 2026)
Mutatie
Lansingerland
Ontwerp Begrotingswijzig Begroting 2026 ing 2026 (april (sept. 2025) 2026)
Mutatie
Ontwerp Begrotingswijzig ing 2026 (april 2026)
Mutatie
2.460.624 28.997 2.489.622
-181.115 -28.997 -210.112
2.279.510 0 2.279.510
1.669.892 25.679 1.695.571
80.969 -25.679 55.290
1.750.861 0 1.750.861
2.381.065 54.233 2.435.297
-233.564 -54.233 -287.797
2.147.501 0 2.147.501
196.965 1.315.145 729.910 33.661 67.177 20 124.936 4.271 3.315 8.596 5.624
-49.481 20.801 -181.194 934 0 2 -4.700 691 536 1.390 909
147.484 1.335.947 548.716 34.595 67.177 23 120.236 4.962 3.851 9.986 6.533
97.250 896.168 549.411 11.309 22.569 18 99.527 3.784 2.937 7.616 4.982
58.564 14.174 -17.328 314 0 0 -1.722 252 196 508 332
155.814 910.343 532.083 11.623 22.569 18 97.805 4.036 3.132 8.123 5.314
381.939 808.817 863.666 38.873 77.578 38 223.589 7.991 6.202 16.083 10.522
-76.250 12.793 -223.066 1.079 0 2 -7.156 941 730 1.893 1.238
305.689 821.610 640.600 39.951 77.578 41 216.433 8.932 6.932 17.976 11.760
2.489.622
-210.112
2.279.510
1.695.571
55.290
1.750.861
2.435.297
-287.797
2.147.501
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Verdeling naar taakvelden 6.762 – Jeugdhulp met verblijf regionaal 196.965 6.821 - Jeugdbescherming 1.456.526 6.822 - Jeugdreclassering 223.575 6.812 - Maatschappelijke - en vrouwenopvang (Wmo)364.955 6.752 – Jeugdhulp ambulant regionaal 100.839 6.92 Coördinatie en beleid Jeugd 146.762 Totale lasten 2.489.622
-49.481 -73.332 3.536 -90.597 934 -1.172 -210.112
147.484 1.383.194 227.111 274.358 101.773 145.591 2.279.510
97.250 1.018.525 152.349 274.705 33.878 118.864 1.695.571
58.564 3.101 2.410 -8.664 314 -434 55.290
155.814 1.021.626 154.758 266.042 34.192 118.430 1.750.861
381.939 1.103.151 137.499 431.833 116.450 264.426 2.435.297
-76.250 -100.915 2.175 -111.533 1.079 -2.352 -287.797
305.689 1.002.236 139.674 320.300 117.529 262.073 2.147.501
Lasten F Crisis G Gecertificeerde Instellingen H Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (VTRR) I.4 4. Acute dienst GGZ I.5 5. Transformatiefonds/Innovatie J 1)Bedrag onvoorzien (Risico's Jeugdhulp) J.2 2) Organisatiekosten GR J.3 3 )Specifieke ICT-kosten J.4 4) Accountants- en bankkosten J.5 5) Werk en Onderzoek J.6 6) Projectbudget Inkoop en Implementatie K Incidentele lasten
Resultaat
6
Maassluis
Nissewaard
Begroting 2026 (sept. 2025) Opdracht Baten Bijdrage gemeenten Rentebaten schatkistbankieren
Ridderkerk
Ontwerp Begrotingswijzig Begroting 2026 ing 2026 (april (sept. 2025) 2026)
Mutatie
Ontwerp Begrotingswijzig Begroting 2026 ing 2026 (april (sept. 2025) 2026)
Mutatie
Ontwerp Begrotingswijzig ing 2026 (april 2026)
Mutatie
1.640.614 10.702 1.651.316
137.075 -10.702 126.373
1.777.689 0 1.777.689
7.713.157 125.597 7.838.754
-21.221 -125.597 -146.818
7.691.936 0 7.691.936
3.103.840 42.846 3.146.686
-69.762 -42.846 -112.608
3.034.078 0 3.034.078
0 926.095 655.438 0 0 8 61.751 1.572 1.220 3.164 2.070
0 14.648 112.350 0 0 3 -4.636 785 609 1.580 1.034
0 940.742 767.788 0 0 11 57.115 2.357 1.829 4.744 3.103
626.435 4.396.226 2.176.446 40.109 80.046 88 425.178 18.457 14.323 37.144 24.301
11.920 69.534 -230.772 1.113 0 -8 4.989 -704 -546 -1.417 -927
638.356 4.465.760 1.945.674 41.222 80.046 81 430.166 17.753 13.777 35.727 23.374
352.658 1.676.508 882.269 14.270 28.478 30 160.319 6.298 4.888 12.675 8.292
-129.644 26.517 -9.867 396 0 0 -1.348 262 204 528 346
223.014 1.703.025 872.401 14.666 28.478 30 158.971 6.561 5.091 13.203 8.638
1.651.316
126.373
1.777.689
7.838.754
-146.818
7.691.936
3.146.686
-112.608
3.034.078
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Verdeling naar taakvelden 6.762 – Jeugdhulp met verblijf regionaal 0 6.821 - Jeugdbescherming 1.096.377 6.822 - Jeugdreclassering 157.436 6.812 - Maatschappelijke - en vrouwenopvang (Wmo)327.719 6.752 – Jeugdhulp ambulant regionaal 0 6.92 Coördinatie en beleid Jeugd 69.784 Totale lasten 1.651.316
0 68.333 2.490 56.175 0 -625 126.373
0 1.164.710 159.926 383.894 0 69.159 1.777.689
626.435 4.737.091 747.358 1.088.223 120.155 519.491 7.838.754
11.920 -57.673 11.821 -115.386 1.113 1.388 -146.818
638.356 4.679.418 759.179 972.837 121.268 520.878 7.691.936
352.658 1.832.636 285.006 441.134 42.748 192.503 3.146.686
-129.644 17.075 4.508 -4.934 396 -9 -112.608
223.014 1.849.711 289.514 436.201 43.143 192.494 3.034.078
Lasten F Crisis G Gecertificeerde Instellingen H Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (VTRR) I.4 4. Acute dienst GGZ I.5 5. Transformatiefonds/Innovatie J 1)Bedrag onvoorzien (Risico's Jeugdhulp) J.2 2) Organisatiekosten GR J.3 3 )Specifieke ICT-kosten J.4 4) Accountants- en bankkosten J.5 5) Werk en Onderzoek J.6 6) Projectbudget Inkoop en Implementatie K Incidentele lasten
Resultaat
Schiedam
Vlaardingen
Begroting 2026 (sept. 2025) Opdracht Baten Bijdrage gemeenten Rentebaten schatkistbankieren
Voorne aan Zee
Ontwerp Begrotingswijzig Begroting 2026 ing 2026 (april (sept. 2025) 2026)
Mutatie
Ontwerp Begrotingswijzig Begroting 2026 ing 2026 (april (sept. 2025) 2026)
Mutatie
Ontwerp Begrotingswijzig ing 2026 (april 2026)
Mutatie
4.716.331 22.538 4.738.869
155.647 -22.538 133.109
4.871.978 0 4.871.978
4.856.487 25.149 4.881.636
452.809 -25.149 427.661
5.309.297 0 5.309.297
4.994.341 67.429 5.061.770
-595.788 -67.429 -663.217
4.398.553 0 4.398.553
0 2.875.170 1.714.583 0 0 16 132.169 3.316 2.574 6.674 4.367
0 45.476 89.976 0 0 7 -10.957 1.686 1.308 3.393 2.220
0 2.920.646 1.804.559 0 0 23 121.212 5.002 3.882 10.067 6.586
0 3.096.033 1.629.537 0 0 18 137.179 3.696 2.869 7.439 4.867
0 48.969 381.019 0 0 6 -10.214 1.544 1.198 3.106 2.032
0 3.145.002 2.010.556 0 0 24 126.965 5.240 4.066 10.545 6.899
714.672 2.335.745 1.600.482 37.992 75.820 47 246.457 9.902 7.685 19.929 13.038
-388.606 36.944 -312.308 1.054 0 -1 -1.380 212 164 426 279
326.066 2.372.689 1.288.174 39.046 75.820 46 245.077 10.114 7.849 20.355 13.317
4.738.869
133.109
4.871.978
4.881.636
427.661
5.309.297
5.061.770
-663.217
4.398.553
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Verdeling naar taakvelden 6.762 – Jeugdhulp met verblijf regionaal 0 6.821 - Jeugdbescherming 3.243.683 6.822 - Jeugdreclassering 488.779 6.812 - Maatschappelijke - en vrouwenopvang (Wmo)857.291 6.752 – Jeugdhulp ambulant regionaal 0 6.92 Coördinatie en beleid Jeugd 149.116 Totale lasten 4.738.869
0 82.733 7.731 44.988 0 -2.343 133.109
0 3.326.416 496.510 902.279 0 146.773 4.871.978
0 3.384.475 526.326 814.768 0 156.067 4.881.636
0 231.154 8.325 190.510 0 -2.327 427.661
0 3.615.629 534.650 1.005.278 0 153.739 5.309.297
714.672 2.738.909 397.077 800.241 113.812 297.059 5.061.770
-388.606 -125.491 6.280 -156.154 1.054 -301 -663.217
326.066 2.613.419 403.357 644.087 114.866 296.758 4.398.553
Lasten F Crisis G Gecertificeerde Instellingen H Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (VTRR) I.4 4. Acute dienst GGZ I.5 5. Transformatiefonds/Innovatie J 1)Bedrag onvoorzien (Risico's Jeugdhulp) J.2 2) Organisatiekosten GR J.3 3 )Specifieke ICT-kosten J.4 4) Accountants- en bankkosten J.5 5) Werk en Onderzoek J.6 6) Projectbudget Inkoop en Implementatie K Incidentele lasten
Resultaat
7
Rotterdam
Totaal
Begroting 2026 (sept. 2025) Opdracht Baten Bijdrage gemeenten Rentebaten schatkistbankieren
Ontwerp Begrotingswijzig Begroting 2026 ing 2026 (april (sept. 2025) 2026)
Mutatie
Ontwerp Begrotingswijzig ing 2026 (april 2026)
Mutatie
61.242.122 970.927 62.213.048
5.006.824 -970.927 4.035.897
66.248.946 0 66.248.946
103.276.977 1.500.000 104.776.977
4.616.881 -1.500.000 3.116.881
107.893.858 0 107.893.858
6.396.175 33.786.081 16.461.131 532.714 1.063.129 680 3.246.049 142.421 110.528 286.623 187.519
-1.248.458 534.383 4.725.249 14.780 0 -64 43.934 -6.645 -5.157 -13.374 -8.750
5.147.717 34.320.463 21.186.380 547.494 1.063.129 616 3.289.982 135.775 105.370 273.249 178.769
62.213.048
4.035.897
66.248.946
9.668.495 56.273.750 29.952.920 807.594 1.611.701 1.052 5.337.013 220.255 170.932 443.266 290.000 0 104.776.977
-2.000.000 890.062 4.204.465 22.406 0 -52 0 0 0 0 0 0 3.116.881
7.668.495 57.163.812 34.157.385 830.000 1.611.701 1.000 5.337.013 220.255 170.932 443.266 290.000 0 107.893.858
0
0
0
0
0
0
Verdeling naar taakvelden 6.762 – Jeugdhulp met verblijf regionaal 6.396.175 6.821 - Jeugdbescherming 36.273.012 6.822 - Jeugdreclassering 5.743.634 6.812 - Maatschappelijke - en vrouwenopvang (Wmo) 8.230.565 6.752 – Jeugdhulp ambulant regionaal 1.595.843 6.92 Coördinatie en beleid Jeugd 3.973.819 Totale lasten 62.213.048
-1.248.458 2.806.162 90.845 2.362.624 14.780 9.944 4.035.897
5.147.717 39.079.174 5.834.479 10.593.190 1.610.623 3.983.763 66.248.946
9.668.495 61.683.673 9.566.538 14.976.460 2.419.294 6.462.517 104.776.977
-2.000.000 2.840.984 151.311 2.102.232 22.406 -52 3.116.881
7.668.495 64.524.657 9.717.848 17.078.693 2.441.701 6.462.465 107.893.858
Lasten F Crisis G Gecertificeerde Instellingen H Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (VTRR) I.4 4. Acute dienst GGZ I.5 5. Transformatiefonds/Innovatie J 1)Bedrag onvoorzien (Risico's Jeugdhulp) J.2 2) Organisatiekosten GR J.3 3 )Specifieke ICT-kosten J.4 4) Accountants- en bankkosten J.5 5) Werk en Onderzoek J.6 6) Projectbudget Inkoop en Implementatie K Incidentele lasten
Resultaat
8
2. Wijziging gemeentelijke bijdragen 2026 Hieronder een overzicht van de inleg op basis van de in de oorspronkelijke begroting 2026, de bijdrage per kwartaal (van de oorspronkelijke begroting) en de aanpassing van de inleg als effect van deze begrotingswijziging. Tenslotte de nieuwe bijdrage per gemeente. Naast de oorspronkelijke bijdragen Q1 tot en met Q4 wordt na definitieve vaststelling van deze begrotingswijziging een (credit)nota naar de gemeenten verzonden. Bijdrage aan GRJR 2026
Albrandswaard Barendrecht Capelle aan den IJssel Goeree-Overflakkee Krimpen aan den Ijssel Lansingerland Maassluis Nissewaard Ridderkerk Schiedam Vlaardingen Voorne aan Zee Rotterdam Totaal
Begroting 2026 (sept. 2025)
Q1
Q2
Q3
Q4
985.485 394.194 295.646 197.097 98.549 2.262.937 905.175 678.881 452.587 226.294 5.250.082 2.100.033 1.575.025 1.050.016 525.008 2.460.624 984.250 738.187 492.125 246.062 1.669.892 667.957 500.968 333.978 166.989 2.381.065 952.426 714.319 476.213 238.106 1.640.614 656.246 492.184 328.123 164.061 7.713.157 3.085.263 2.313.947 1.542.631 771.316 3.103.840 1.241.536 931.152 620.768 310.384 4.716.331 1.886.532 1.414.899 943.266 471.633 4.856.487 1.942.595 1.456.946 971.297 485.649 4.994.341 1.997.736 1.498.302 998.868 499.434 61.242.122 24.496.849 18.372.637 12.248.424 6.124.212 103.276.977 41.310.791 30.983.093 20.655.395 10.327.698
Mutatie Ontwerp Bijdrage na ontwerp Begrotingswijziging begrotingswijziging 2026 2026 62.539 -37.591 -139.941 -181.115 80.969 -233.564 137.075 -21.221 -69.762 155.647 452.809 -595.788 5.006.824 4.616.881
1.048.024 2.225.346 5.110.141 2.279.510 1.750.861 2.147.501 1.777.689 7.691.936 3.034.078 4.871.978 5.309.297 4.398.553 66.248.946 107.893.858
3. Wijziging risicoparagraaf In de begroting 2026 zijn onderstaande risico’s opgenomen. Op basis van de huidige inzichten zijn de risico’s en beheersmaatregelen als volgt geactualiseerd.
1
2
Risico Uitgangspunt realisatieniveau 2024 Hogere kosten dan begroot doordat de begroting het productieniveau 2024 als uitgangspunt neemt, terwijl dit uitgangspunt is bepaald op basis van nog geen definitieve data over 2024.
Omvang PM
Trendmatige ontwikkeling Hogere kosten door onderschatting van • Trendmatige stijging en/of • Inzet van lokaal aanbod
PM
Beheersingsmaatregel De budgetten zijn aangepast in verband met de ontwikkelingen van productievolumes naar niveau 2025. Daarmee is dit risico verkleind. Daarbij is de kanttekening dat in 2025 onvoldoende kostendekkendheid en capaciteitsproblemen leidden tot ondercapaciteit, onderproductie op oplopen van wachttijden. In 2026 wordt het verbeterplan VTRR uitgevoerd en door de GRJR en centrumgemeenten strak gemonitord. Verbetering op deze knelpunten kan tot een hoger realisatieniveau van de productie en kosten leiden. Bij Veilig Thuis is het risico op tegenvallers door trendmatige instroomgroei tegengegaan door met een trendmatige groei van het aantal meldingen in 2026 rekening te houden. Daarmee wordt voorkomen dat er weer achterstanden ontstaan. De werkelijke ontwikkeling wordt strak gemonitord omdat de mate
9
3
Effecten Hervormingsagenda De landelijke ontwikkeling van de hervormingsagenda gaat uit van nog te effectueren maatregelen. De hoogte van deze opbrengst is onzeker, mede doordat veel maatregelen in Rijnmond al zijn toegepast.
PM
4
Continuïteit aanbod Faillissement(dreiging) aanbieders in het bijzonder aanbieders van gesloten jeugdhulp in verband met de ambitie tot vergaande beperking van het aanbod. Ook de noodzakelijke ontwikkeling van alternatieven kan tot continuïteitsknelpunten leiden.
PM
van instroomgroei kan tegenvallen. Ondertussen wordt onderzocht wat de oorzaken van deze groei zijn. Met name de ontwikkeling van het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming en de vorming van Regionale Veiligheidsteam zijn ontwikkelingen die de komende jaren nog veel verandering kunnen brengen ook in de financiële posities en het takenpakket van de GRJR. Dergelijke effecten worden nog niet voor begrotingsjaar 2026 voorzien en zijn onder meer onderwerp van de trajecten Regiovisie/Uitvoeringsplan en Evaluatie GRJR. Dit is in het bijzonder aan de orde bij JBRR en VTRR. Beide organisaties leveren nagenoeg alleen aan de Jeugdregio Rijnmond diensten. De instandhouding van een Veilig Thuis organisatie is een wettelijke taak. De verhoging van budgetten en sturing op verbetering is dus ook gericht op het moeten opvangen van tekorten die Veilig Thuis niet kan oplossen en de continuïteit in gevaar brengen. Daarnaast blijft de GRJR blijft verantwoordelijk voor het garanderen van de continuïteit van cruciale hulp en is de GRJR voor sommige aanbieders de accounthoudende regio namens alle gemeenten. Daarom volgt de GRJR de bedrijfsvoering van de betreffende aanbieders nauwlettend. Waar nodig onderhoudt de GRJR hierbij contact met de rijksoverheid voor aanvullende middelen.
10
4. Vaststellingsbesluit Vastgesteld door het algemeen bestuur van Openbaar Lichaam Jeugdhulp Rijnmond. Rotterdam, 10 april 2026,
Mr. S. Hammer Secretaris
R. Buijt Voorzitter
11
ONTWERPBEGROTING 2027 Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond
Pagina
0
AB 10 april 2026
INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................... 1 1. AANBIEDING ......................................................................................................................... 2 2. PROGRAMMAPLAN ............................................................................................................ 5 2.1 Achtergrond en algemene kaders GRJR ................................................................. 5 2.2 Kaders voor de Jeugdregiobegroting....................................................................... 6 2.3 Doelen en inzet................................................................................................................. 8 2.4 Uitvoering ........................................................................................................................13 3.PARAGRAFEN .....................................................................................................................
18 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ........................................................18 3.2 Bedrijfsvoering...............................................................................................................19 3.4 Rechtmatigheid ..............................................................................................................20 3.4 Financiering ....................................................................................................................21 4. FINANCIËLE BEGROTING .............................................................................................. 23 4.1 Overzicht baten en lasten ..........................................................................................23 4.2 Financieel perspectief .................................................................................................26 4.3 Overige toelichtingen en overzichten ...................................................................28 5. VASTSTELLINGSBESLUIT .............................................................................................. 31 BIJLAGE 1. MEERJARENRAMING PER GEMEENTE ..................................................... 32
1
1. Aanbieding De gemeenten in Rijnmond werken sinds 2014 in de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulp Rijnmond (verder: Jeugdregio) samen om te zorgen voor voldoende aanbod van jeugdhulp, jeugdbescherming/jeugdreclassering en Veilig Thuis. Gemeenten moeten beschikken over deze voorzieningen om hun jeugdigen en gezinnen noodzakelijke zorg en bescherming te kunnen geven. Die noodzaak wordt bepaald door de gemeente zelf en hangt onder meer ook af van het gemeentelijk beleid op aanpalende terreinen. Rol, transparantie en focus van de Jeugdregio De rol van de Jeugdregio is om in het zorglandschap te zorgen voor voldoende, passend en betaalbaar aanbod. De bijbehorende taak en bevoegdheid is om contract- en subsidierelaties aan te gaan en te sturen op de gecontracteerde en gesubsidieerde partners. Doeltreffend en doelmatig of kosteneffectief. En met oog voor de positie van de gemeenten die immers zelf het beleid bepalen en op casusniveau over inzet van regionaal gecontracteerde hulp beslissen. Voor gemeenten en Jeugdregio is van belang transparant invulling te geven aan de daar belegde taken. De verwevenheid met gemeentelijk beleid en uitvoering is groot en sterk bepalend voor de effectiviteit. Dit blijkt ook uit het onlangs uitgevoerde rekenkameronderzoek en Evaluatie GRJR.
Effectieve taakverdeling en samenwerking is des te belangrijker vanwege de onbeheerst stijgende kosten en administratieve lasten. Om dat tegen te gaan gelden, als vervolg op de Hervormingsagenda Jeugd, steeds meer landelijke kaders en standaarden voor de taken van de Jeugdregio. De Jeugdregio wil vanuit die kaders werken aan transparante eigen dienstverlening die aansluit op de behoeften van de deelnemende gemeenten. Voorliggende begroting is hierop gericht. Kortweg ligt de focus van de Jeugdregio bij deze vijf hoofdopgaven: 1. Toekomstscenario Jeugd- en Gezinsbescherming; 2. Sturing op contracten en subsidies; 3. Bestuurlijk proces; 4. Ketenadministratie en informatie; 5. Voorbereiding nieuwe inkoop 2029. Beleidskader en bestuurswisseling De inzet van de Jeugdregio krijgt vorm tegen de achtergrond van de Hervormingsagenda Jeugd, het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming, kostenbeheersingsambitie, rekenkameronderzoek en evaluatie GRJR en Regiovisie/Uitvoeringsplan. De Jeugdregio streeft ernaar bij te dragen aan de opgaven van de gemeenten in het sociaal domein en daarbinnen het jeugdzorglandschap. Deze opgaven zijn begin 2026 beleidsmatig door de raden aangescherpt in de Regiovisie. In 2026 krijgt dit verder uitwerking in een gezamenlijk uitvoeringsplan van de dertien colleges en het Jeugdregiobestuur.
Op deze manier zorgen de zittende bestuurders ook gelijk voor een mooie startperiode voor het nieuwe bestuur na de gemeenteraadsverkiezingen. En hiermee heeft de Jeugdregio ook houvast voor de nu al voorliggende ontwerpbegroting 2027. Scope van deze begroting In de Kadernota 2027 is uitgebreid toegelicht wat de doelen en werkzaamheden van de Jeugdregio zijn. De begroting geeft daar invulling aan door middel van subsidiëring en eigen uitvoeringstaken. Zoals bekend moeten de kosten van de gemeentelijke inzet van regionaal en landelijk gecontracteerde jeugdhulp door de gemeenten zelf worden begroot en verantwoord. De Jeugdregio verzorgt daarbij het contractmanagement inclusief de financiële contractafwikkeling zoals het
betalingsverkeer met aanbieders. Daarnaast vervult de Jeugdregio een informatie- en adviesfunctie voor gemeenten. De bevoorschotting en een begrotingsadvies over de gemeentelijke zorgkosten worden in een afzonderlijk document vastgesteld. Inhoudelijke hoofdlijn van deze begroting In de Kadernota is als uitgangspunt bepaald dat de begroting conform richtlijnen wordt geïndexeerd en verder een nullijn volgt ten opzichte van de begroting 2026. Ten opzichte van de gewijzigde begroting 2026 bedragen de mutaties in totaal € 5,4 mln. Dit betreft het indiceren van de zorgkosten en de organisatiekosten. Het hanteren van een nullijn voor jeugdbescherming/jeugdreclassering en Veilig Thuis brengt begrotingsrisico’s met zich mee, omdat de afgelopen jaren een groeiende behoefte aan deze dienstverlening is gebleken. Er is beleidsmatige sturing nodig om verdere groei te beperken. De risicoparagraaf gaat hier nader op in. Leeswijzer Volgens het Besluit Begroten en Verantwoorden provincies en gemeenten (BBV) bestaat de begroting uit twee hoofddelen: de beleidsbegroting en de financiële begroting. De beleidsbegroting wordt gevormd door hoofdstuk 2 (het programmaplan) en hoofdstuk 3 (de paragrafen). Hoofdstuk 2 bevat het programma voor 2027 en beschrijft de inhoudelijke kaders voor de financiële begroting. In dit hoofdstuk wordt teruggegrepen op de eind 2025 vastgestelde Kadernota 2027.
Hoofdstuk 3 gaat met verschillende verplichte paragrafen in op bedrijfsmatige aspecten zoals risico’s, bedrijfsvoering en rechtmatigheid. Hoofdstuk 4 is de financiële begroting. Begrotingsproces volgens Wet gemeenschappelijke regelingen Artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) geeft de procedure aan waarmee raden van deelnemende gemeenten worden betrokken bij de totstandkoming van de begroting. Geconcretiseerd voor de begroting 2027 is het proces als volgt: • Op 10 april 2026 behandelt het algemeen bestuur (AB) de ontwerp-begroting; • Het dagelijks bestuur (DB) zendt de ontwerp-begroting voor zienswijze toe aan de raden van de deelnemende gemeenten, waarbij deze twaalf weken in de gelegenheid worden gesteld hun zienswijze naar voren te brengen; • Binnen twaalf weken, uiterlijk 3 juli 2026, brengen de raden van de deelnemende gemeenten bij het DB hun zienswijze over de ontwerp-begroting naar voren. Het verzoek aan gemeenten is om de conceptzienswijzen al eerder te delen met de GRJR. • Wijzigingen naar aanleiding van de zienswijzen en de definitieve jaarrekeningcijfers 2025 en eventueel structurele effecten uit de 1e Burap 2026 worden verwerkt. • Uiterlijk 4 september 2026 biedt het DB de ontwerp-begroting met zienswijzen aan het AB aan. • Het AB besluit op 11 september 2026 definitief over de begroting.
• Nadat deze is vastgesteld, zendt AB de begroting aan de raden van de deelnemende gemeenten. • Het DB zendt de begroting binnen twee weken na de vaststelling, maar in ieder geval vóór 15 september 2026 aan gedeputeerde staten.
3
Hoofdstuk 2 PROGRAMMAPLAN
4
2. Programmaplan 2.1 Achtergrond en algemene kaders GRJR 2.1.1 Samen werken aan de jeugdhulp in Rijnmond De gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Goeree-Overflakkee, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Nissewaard, Ridderkerk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Voorne aan Zee werken samen om te zorgen voor voldoende aanbod van specialistische jeugdhulp en voldoende inzet in de jeugdbeschermingsketen. De gemeenten besloten in 2014 om in het openbaar lichaam GRJR gemeenschappelijk de specialistische jeugdhulp in te kopen en jeugdbescherming en -veiligheid te bieden. Vanaf 1 januari 2026 is in de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg de samenwerking in zogenaamde Jeugdregio’s verplicht gesteld. Als ‘roepnaam’ zal de GRJR zich in het vervolg “Jeugdregio Rijnmond” noemen. 2.1.2 Ambitie in de samenwerking De gemeenten hebben een gezamenlijke visie op de jeugdhulp: de Regiovisie Nabij en Passend. Deze visie is begin 2026 geactualiseerd. “In de Regiovisie Jeugdhulp Rijnmond voor 2026-2030 wordt de gezamenlijke ambitie voor de komende periode uiteengezet. Met dit document ligt er een gezamenlijk kompas in een tijd waarin de uitdagingen binnen de jeugdhulp toenemen: de vraag naar jeugdhulp blijft stijgen, de kosten nemen toe en er is een tekort aan professionals.
Veel gezinnen ervaren een groeiende maatschappelijke druk door de combinatie van economische onzekerheid en sociale veranderingen. Tegelijkertijd geldt dat jeugdhulp geen vanzelfsprekend antwoord op (maatschappelijke) problemen mag zijn. Het is onwenselijk dat steeds meer jeugdigen en jongeren afhankelijk worden van professionele hulp. Een sterke pedagogische basis in het gezin, de buurt en op school zijn cruciaal voor een gezonde ontwikkeling. Deze regiovisie benadrukt daarom dat jeugdigen in Rijnmond zo thuis mogelijk opgroeien – veilig, gezond en met toekomstperspectief. De Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp (GRJR) zorgt ervoor dat er regionale specialistische zorg beschikbaar is als deze pijlers in het geding komen. Preventie, lokale jeugdhulp en het lokale team, bestaanszekerheid, maatschappelijke ondersteuning, en het versterken van de basisvoorzieningen zijn hierbij randvoorwaarden waar elke gemeente een eigen verantwoordelijkheid voor draagt. Specialistische jeugdhulp wordt alleen ingezet waar dat echt noodzakelijk is en wordt altijd zo nabij en passend mogelijk georganiseerd. Door hulp te beperken tot situaties waarin het écht nodig is, wordt een groter beroep gedaan op de zelfredzaamheid van gezinnen en jongeren en hun veerkracht.
Zelfredzaamheid betekent dat ouders en jeugdigen, binnen de mogelijkheden van hun situatie, hun eigen oplossingen creëren – waar nodig ondersteund door mensen en organisaties in hun omgeving. De opgave vraagt om een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Gemeenten, jeugdhulpaanbieders, onderwijs en maatschappelijke partners hebben ieder een cruciale rol. Alleen door domeinoverstijgend samen te werken kan het aantal jeugdigen en ouders dat afhankelijk is van specialistische hulp daadwerkelijk afnemen.”
Vanuit deze Regiovisie is de Jeugdregio-ambitie om het regionaal jeugdhulplandschap te overzien en zo in te richten dat voor gezinnen en jeugdigen tijdige, nabije en betaalbare passende hulp beschikbaar is. De Jeugdregio stuurt op het niveau van jeugdhulpaanbieders en het zorglandschap. De sturing op en coördinatie van daadwerkelijke inzet van jeugdhulp zijn taken van individuele gemeenten. Zo vindt toewijzing van jeugdhulp plaats door lokale teams en andere (wettelijke) verwijzers en vindt validatie van declaraties plaats door lokale teams, evenals het begroten en verantwoorden van de daaruit voortvloeiende kosten. Ook de sturing op aanpalende terreinen van
5
waaruit en waarheen jeugdigen in en uit de jeugdhulp stromen behoort tot de taken van de gemeenten. 2.1.3 Taken Jeugdregio De Jeugdregio is verantwoordelijk voor het uitvoeren van de bovenlokale taken door middel van: • Contracteren of subsidiëren van aanbieders van jeugdhulp in het kader van de Jeugdwet; • Contracteren of subsidiëren van uitvoerders jeugdreclassering en jeugdbescherming in het kader van de Jeugdwet en het organiseren van een advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling (Veilig Thuis); • Bevorderen van gezamenlijk overleg van de gemeenten over de uitvoering van de jeugdhulptaken. Hieronder valt ook het met informatievoorziening faciliteren van gemeenten in het leren van elkaar en het behartigen van gemeentelijke belangen. De uitvoering moet gebeuren binnen afspraken op bovenregionaal en landelijk niveau. In lijn met het rekenkameronderzoek pakt de Jeugdregio de verantwoordelijkheid op het gebied van sturingsinformatie, contractmanagement en regionaal toezicht. De Jeugdregio organiseert het zorglandschap binnen de regio. Voor de meest complexe casuïstiek is afstemming op landelijk en bovenregionaal niveau (Zuid-Holland) nodig, zoals voor JeugdhulpPlus (gesloten jeugdhulp). De vijf jeugdhulpregio’s binnen het landsdeel Zuid-Holland leggen samen de visie vast op de af- en ombouw van gesloten jeugdhulp.
Ook werken we samen in het bovenregionale expertisenetwerk (BREN) om passende zorg te bieden voor doelgroepen met de meest complexe hulpvraag. In het rekenkameronderzoek en de evaluatie van de GRJR is naar voren gekomen dat duidelijke omschrijving en afbakening van deze taken nodig is. Dat wordt in 2026 gedaan, rekening houdend met de geactualiseerde Regiovisie en de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg.
2.2 Kaders voor de Jeugdregiobegroting 2.2.1 Wetgeving Een gemeente heeft op grond van de Jeugdwet de verplichting om een jeugdige: a. Gezond en veilig op te laten groeien; b. In staat te stellen te groeien naar zelfstandigheid; c. In staat te stellen voldoende zelfredzaam te zijn en mee te doen in de maatschappij; d. En hiertoe een verordening op te stellen die het aanbod aan individuele en overige voorzieningen jeugdhulp op een voor de Jeugdige onderscheidende wijze beschrijft. De nieuwe Jeugdwetgeving en landelijke afspraken verplichten de gemeenten en de Jeugdregio te werken met uniforme inkoop- en contractafspraken in uniforme administratieve processen. Het doel is om de administratieve lasten in de jeugdketen te verminderen voor gemeenten en instellingen zodat er meer geld naar de zorg kan. De Jeugdregio moet ook voldoen aan generieke wetgeving zoals de Wet gemeenschappelijke regelingen en het Besluit Begroten en Verantwoorden provincies en gemeenten. 2.2.3 Kadernota GRJR 2027 Op grond van artikel 34b van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) stuurt de Jeugdregio jaarlijks de algemene financiële en beleidsmatige kaders aan de raden van de deelnemende gemeenten. Het bestuur van de Jeugdregio heeft al in een vroeg stadium, bij besluit van 19 december 2025, de kaders voor de begroting 2027 aangegeven in de Kadernota GRJR 2027.
6
De Kadernota 2027 gaat uitgebreid in op de ontwikkelingen in het werkveld van de Jeugdregio. De in de kadernota vastgelegde begrotingsuitgangspunten zijn hieronder samengevat: 1. Indexatie: de bedragen worden als volgt geïndexeerd naar prijspeil 2027: a. 90% verondersteld loondeel met OVA-loonindex voorgaand jaar b. 10% verondersteld prijsdeel met PPC -prijsindex voorgaand jaar. Dit past de Jeugdregio toe in de eigen begroting voor de subsidies. De Jeugdregio volgt sinds de nieuwe jeugdhulpcontracten de landelijke contractstandaarden met de indexatiemethode die de VNG ook adviseert. Daarbij wordt de voorlopige index voor 2027 gebruikt. Dat percentage is echter pas rond de zomer bekend. In de ontwerpbegroting wordt nog met het meest recente percentage 2026 (5,13%) gerekend, in de definitieve begroting met het dan bekende percentage 2027. Voor indexering van uitvoeringskosten geldt de richtlijn die aan het begin van het voorafgaande jaar wordt afgegeven namens colleges van de deelnemende gemeenten. Op verzoek van gemeenten wordt in het meerjarenperspectief geen rekening gehouden met indexatie, zodat beter wordt aangesloten bij de systematiek in gemeenten. 2. Trendmatige groei en krimp: voor de begrote uitgaven (crisishulp, jeugdbescherming, jeugdreclassering, Veilig Thuis en uitvoeringskosten) wordt een nullijn gehanteerd ten opzichte van de begroting 2026. 3.
Gevolgen van beleidswijzigingen: voor crisishulp, jeugdbescherming, jeugdreclassering, Veilig Thuis gaan we uit van ongewijzigd beleid. De gevolgen van het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming en van onderzoek naar de oorzaken van de afgelopen jaren opgelopen aantallen Veilig Thuis meldingen zijn nog niet te overzien. Beleidsindicatoren In principe behoort de Jeugdregio volgens het Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV) beleidsindicatoren op te nemen. Echter voorzien de deelnemende gemeenten hier al in hun eigen begroting in.
7
2.3 Doelen en inzet 2.3.1 Passend, nabij en betaalbaar zorglandschap Wat willen we bereiken? Doel van de Jeugdregio is een regionaal jeugdhulplandschap dat door middel van jeugdhulpcontracten zodanig is ingericht dat gezinnen en jeugdigen tijdig en nabij voor passende hulp terecht kunnen. Gemeenten en wettelijke verwijzers kunnen hoog-specialistische zorgvoorzieningen inzetten waarvan het aanbod landelijk is georganiseerd. Wat gaan we daarvoor doen? Inkoop en contractmanagement, controle en toezicht Per 2023 zijn contracten gesloten met einddatum 31-12-2028. In 2025 zijn tussentijdse aanbestedingen gedaan voor jeugdhulpplus (gesloten jeugdhulp) en flexibele schil (flexaanbieders) waarmee het portfolio tot 31-12-2028 op orde is. Er worden voor 2027 geen nieuwe aanbestedingen voorzien. Wel is nu al en ook in 2027 volop de voorbereiding gaande voor de aanbesteding per 1-12029. Vaststelling in het AB van een inkoopstrategie is in 2027 voorzien. Ondertussen vindt op de lopende contracten intensief contractmanagement plaats. Kernactiviteiten zijn: doorlopende analyse van de inzet van en afspraaknakoming door aanbieders, beoordeling van risico’s en jaarstukken, periodieke monitoring- en sturingsgesprekken, oppikken van signalen uit de uitvoering, inzet op verbeterplannen, stimuleren van samenwerking en doelmatige inzet.
Doel is dat de aanbieders doelmatig (dus passend en betaalbare) zorg leveren en daarvoor rechtmatig betaald worden. De inzet is om verdiepende controle-instrumenten te hanteren (materiële controles) en regionaal stevig samen te werken in het toezicht en de bestrijding van oneigenlijk gebruik, misbruik en fraude. Ontwikkelopgaven Binnen de huidige contracten werken we, naast levering van benodigde hulp, aan ontwikkeling van het aanbod en de samenwerking in het zorglandschap. De Jeugdregio heeft met de systeemaanbieders contractuele afspraken gemaakt over ontwikkeling van het aanbod in lijn met de Regiovisie. De regio heeft samen met de zeven systeemaanbieders kpi’s ontwikkeld waarmee de voortgang op de ontwikkeldoelen kan worden gevolgd in het GRJR-dashboard. De aanbieders werken samen aan de opdrachten en de voortgang van de opdrachten is een vast onderwerp in de contractgesprekken. Ontwikkelopgaven Doel 1: Hulp aan Hulp wordt binnen het sociale netwerk van de jeugdige geboden (ambulante hulp), dat netwerk de jeugdige is wordt betrokken, zodat duurzame oplossingen ontstaan. De hulp is kort en bondig zodat geen nabij en passend onnodige afhankelijkheidssituatie ontstaat. De ingezette methoden passen bij de ondersteuningsbehoefte en zijn bewezen effectief, tegen zo laag mogelijke kosten.
Doel 2: Regionaal De regionale jeugdhulpdienstverlening sluit naadloos aan op lokaal aangeboden zorg en het lokale sluit aan op lokaal netwerk; aanbieders en maatschappelijke partners vinden en ondersteunen elkaar op kennis, vaardigheden en expertise. Ze zorgen samen dat de jeugdige een vloeiend verlopende behandeling heeft richting goed functioneren, passend in de samenleving. Doel 3: jeugdigen Jeugdigen die niet langer thuis kunnen wonen groeien zoveel mogelijk op binnen een groeien zoveel pleeggezin/gezinshuis. mogelijk op binnen een (pleeg)gezin Doel 4: Minimale Hulp met verblijf is zo kort mogelijk en gericht op behandeling in samenwerking met gezin en inzet van bedden school. Beschikbare bedden zijn flexibel inzetbaar, zodat ook voor jeugdigen in de residentiele zorg opvoeden en opgroeien normaliseert en waar mogelijk het sociale netwerk ingezet wordt. Doel 5: In de aanbesteding 2023 is ook een ontwikkelopdracht afgesproken behorende bij monitoring en Kosteneffectiviteit sturing, die gaat over inzicht in kosteneffectiviteit.
8
De zeven systeemaanbieders ontvangen conform contract elk een jaarlijkse bijdrage van ca. €150.000 om hier capaciteit voor in te zetten en de gewenste ontwikkelresultaten te leveren. De besteding wordt apart verantwoord. In totaal bedragen de kosten € 1,1 mln. ten laste van het budget transformatie/innovatie. Zorgbemiddeling en regionaal expertise netwerk Bij een zorgvraag van een jeugdige die niet simpel valt toe te wijzen aan één aanbieder, is zorgbemiddeling nodig. Deze taak wordt met subsidie van de Jeugdregio uitgevoerd door Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond. Zorgbemiddeling bundelt kennis vanuit in ieder geval jeugdhulp, GGZ, LvB (licht verstandelijke beperking), sociaal domein en veiligheid. De zorgbemiddelingstafels fungeren vanaf 2025 ook als onafhankelijk regionaal expertiseteam Rijnmond (RER). Daarmee is niet alleen adequate en kostenbewuste bemiddeling versterkt, maar ook monitoring en signalering van knelpunten in de samenwerking en lacunes in het zorgaanbod. Lacunes in het zorglandschap Naast de ontwikkelopgaven monitoren we of de zorgbemiddeling wordt gehinderd door lacunes in het aanbod. Een belangrijke ontwikkeling is de transformatie van gesloten jeugdhulp en van residentiële hulp in het algemeen. Onder coördinatie van de Jeugdregio is met aanbieders in 2024 een proces gestart om via businesscases voor alternatieven tot meer doelmatige oplossingen te komen.
Programmateam De gemeenten werken samen in een regionaal Programmateam Jeugd aan de beleidsopgaven in het jeugddomein. Ook de gezamenlijke lobby bij landelijke instanties wordt vanuit het programmateam verzorgd. Gemeenten investeren hierin zelf tijd en leveren via het Jeugdregiobudget Innovatie/Transformatie ook een financiële bijdrage aan het programmateam. Het programmateam wordt hiermee deels direct door de gemeenten bekostigd en/of bemensd en daarnaast voor € 0,4 mln. bekostigd door de Jeugdregio vanuit het budget transformatie/innovatie. Wat mag het kosten? In deze paragraaf gaat het om de taken van de Jeugdregio die de inzet van regionaal en landelijk gecontracteerde hulp door gemeenten mogelijk maken. Deze taken van de Jeugdregio zelf brengen kosten met zich mee op de begrotingspost Transformatie/innovatie. (N.B. De kosten van de daadwerkelijke inzet van regionaal en landelijk gecontracteerde hulp ontstaan als een gemeente beslist om hulp toe te wijzen, en staan daarom in de begroting van de gemeente.)
9
2.3.2 Crisiszorg: Crisishulp, Crisis Interventie Team en Acute dienst GGZ Wat willen we bereiken? Crisishulp is altijd beschikbaar. Er is één toegang tot crisishulp. Crisishulp wordt tot een minimum beperkt door tijdige beschikbaarheid van reguliere hulp. Wat gaan we daarvoor doen? Crisishulp en acute dienst GGZ De toegang tot crisishulp wordt gevormd door het Crisis Interventie Team (CIT). Voor deze taak wordt Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond gesubsidieerd. Het team werkt samen met de acute diensten van GGZ-aanbieders en Veilig Thuis, beide ook gesubsidieerd door de Jeugdregio. Het CIT kan rechtstreeks benaderd worden door politie, ziekenhuizen, huisartsen, scholen, hulpverleners en ook ouders en kinderen. De systeemaanbieders organiseren hiervoor een gezamenlijk coördinatiepunt met een plaatsingscoördinator. Crisishulpverlening kan bestaan uit ambulante crisishulp, crisispleegzorg of crisisopname in een instelling. Crisishulp via opdracht F is per definitie kortdurend en alleen voor nieuwe cliënten. Alleen als een crisismelding een jeugdige betreft die nog niet eerder in crisis verkeerde, wordt na de beoordeling door het CIT direct crisishulp ingezet (vanuit opdracht F). Als een jeugdige al wel onder behandeling is bij een aanbieder, gebeurt de inzet van crisishulp namelijk vanuit deze aanbieder (en dus vanuit een andere opdracht).
Integrale crisisdienst Vanaf februari 2024 werken de CIT/JBRR en VTRR in opdracht van de Jeugdregio aan de ontwikkeling van een integraal crisisteam 0-100. In de tweede helft van 2025 is in de ‘proeftuin ontwikkeling integrale crisisdienst Rotterdam Rijnmond’ een gezamenlijke triage-aanpak beproefd. Na triage verrichtten beide betrokken partners waar wenselijk gezamenlijk de crisisinterventie. De proeftuin geeft de inhoudelijke motivatie voor verdere stappen naar daadwerkelijke gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het ontwikkelen van een integrale crisisdienst. De uitwerking hiervan zal in 2027 mogelijk tot organisatorische en financiële herschikkingen leiden. Wat mag het kosten? De inperking tot nieuwe cliënten, strakke afspraken met de aanbieders en sturing op de korte verblijfsduur in de crisishulp leidt inmiddels tot lagere kosten voor crisishulp dan in eerdere jaren. Een kort verblijf in de crisishulp wordt bereikt door al direct naar vervolghulp te kijken. Minder crisishulp (uit Jeugdregiobudget) gaat daarom wel gepaard met meer vervolghulp (uit gemeentelijk budget). Begroting op budget Crisishulp (F)
10
Begroting op budget Acute dienst GGZ (I4)
2.3.3 Jeugdbescherming en jeugdreclassering Wat willen we bereiken? Kinderen hebben het recht om veilig op te groeien en ouders zijn hiervoor eerstverantwoordelijk. Als zij hun pedagogische verantwoordelijkheid niet (kunnen) nemen of waarmaken, kan de veiligheid en ontwikkeling van het kind ernstig bedreigd worden. Op advies van de Raad voor de Kinderbescherming en op last van een rechter en moet dan jeugdbescherming plaatsvinden. Dit is verplichte hulp bij de opvoeding. De wettelijke taken jeugdbescherming en jeugdreclassering (JB/JR) worden uitgevoerd door gecertificeerde instellingen (GI’s). Deze instellingen voldoen aan een landelijk normenkader dat de instellingen stimuleert en ondersteunt om continu de kwaliteit van de eigen organisatie te verbeteren en te borgen. Het normenkader heeft ook als doel om rechtsgelijkheid en rechtszekerheid voor jeugdigen en het gezin te waarborgen. Wat gaan we daarvoor doen? Subsidiëring wettelijke taken en accountmanagement GI’s Jeugdregio Rijnmond subsidieert drie GI’s. Het grootste deel van de maatregelen JB/JR wordt uitgevoerd door de GI Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond (JBRR). Daarnaast leveren William Schrikker en Leger des Heils jeugdbescherming en jeugdreclassering in onze regio. Als subsidieverlener stuurt de Jeugdregio met actief accountmanagement op de te leveren prestaties en waar nodig op verbeteringen.