CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

31. 2025-037206 Raadsvoorstel Zienswijze begrotingswijziging  2025 en begroting 2026 GRJR.pdf

Gemeenteraad AW 2 juni 2025, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 5: Ingekomen stukken37.303 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Voorstel Onderwerp: Zienswijze begrotingswijziging 2025 en begroting 2026 GRJR Portefeuillehouder

College van burgemeester en wethouders 13 mei 2025

Zaaknummer 2025-037206

Openbaar

Opsteller: Francke Lexi

Geadviseerd besluit 1. 1. De zienswijze op de begrotingswijzing 2025 en de ontwerpbegroting 2026 van de GRJR vast te stellen en te versturen, met als opmerkingen: 1.1. De gemeenteraad ziet in de voorlopige cijfers aanwijzingen voor een mogelijke stabilisatie van de uitgavenontwikkeling. Hoewel nog niet met zekerheid te zeggen is of deze ontwikkeling zich structureel zal doorzetten, spreekt de raad de hoop uit dat deze lijn in de komende jaren wordt voortgezet. 1.2 Tegelijkertijd spreekt de raad zorgen uit over de financiële situatie vanaf 2026, met name in verband met het ravijnjaar en de structureel stijgende complexiteit van de jeugdzorg; 1.3 De raad verzoekt de GRJR de gemeenten actief te informeren over relevante ontwikkelingen en bijzonderheden. 2. 2.1. Akkoord te gaan met het begrotingsadvies van de GRJR ten aanzien van de subsidiekosten, uitvoeringskosten en zorgkosten, zoals opgenomen in de begrotingswijziging 2025. 2.2.De financiële consequenties van de begrotingswijziging 2025 waarin een inleg voor Albrandswaard is begroot van €892.000 te verwerken bij de eerste tussenrapportage 2025. 2.3. De financiële consequenties van het advies van de GRJR over de zorgkosten 2025 voor de gemeente Albrandswaard van €3.198.680 te verwerken bij de eerste tussenrapportage 2025. 3. 3.1.

Akkoord te gaan met het begrotingsadvies van de GRJR over de ontwerpbegroting 2026 ten aanzien van de subsidiekosten, uitvoeringskosten en zorgkosten die voortvloeien uit gemeentelijke besluiten. 3.2. De financiële consequenties van de ontwerpbegroting 2026, waarin een inleg voor Albrandswaard is begroot van € 944.584 te verwerken bij de voorjaarsnota 2026. 3.3. De financiële consequenties van het advies van de GRJR over de zorgkosten 2026 voor de gemeente Albrandswaard van €3.648.476 te verwerken bij de voorjaarsnota 2026.

Raadsvoorstel Inleiding De gemeente Albrandswaard is als deelnemer van de GRJR medeverantwoordelijk voor de beschikbaarheid van specialistische jeugdhulp in de regio. Conform de Wet gemeenschappelijke regelingen worden de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld een zienswijze te geven op de begrotingswijziging 2025 en de ontwerpbegroting 2026 van de GRJR. Tot en met 2023 omvatte de GRJR-begroting drie typen uitgaven: • Zorgkosten: de uitgaven voor regionaal en landelijk ingekochte specialistische jeugdhulp die gemeenten inzetten; • Subsidiekosten: subsidies voor jeugdbescherming, jeugdreclassering en Veilig Thuis; • Uitvoeringskosten: kosten van de GRJR-organisatie. Op basis van het Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV) is begin 2024 vastgesteld dat de zorgkosten voortaan door de individuele gemeenten in hun eigen begroting moeten worden opgenomen. Deze kosten volgen immers uit lokale besluiten over inzet van hulp. De GRJR heeft hierbij geen eigen beleidsmatige of financiële verantwoordelijkheid, maar treedt op als adviseur, contractbeheerder en uitvoerder in mandaat. Als gevolg hiervan bevat de GRJR-begroting vanaf 2025 alleen nog de subsidie- en uitvoeringskosten. De GRJR verstrekt daarnaast per gemeente een afzonderlijk begrotingsadvies voor de zorgkosten, dat gemeenten desgewenst kunnen gebruiken bij hun eigen begrotingsopstelling.

Dit advies is informatief van aard en maakt geen onderdeel uit van de formele GRJR-begroting. Voor 2025 is in de gemeentebegroting een totaalbedrag van € 4.880.887 opgenomen voor de GRJR, inclusief zowel de zorgkosten als de subsidie- en uitvoeringskosten. In de ontwerpbegrotingswijziging 2025 van de GRJR wordt uitgegaan van een bijdrage van € 892.000 voor de GRJR-kosten en een afzonderlijk begrotingsadvies van € 3.198.680 voor de gemeentelijke zorgkosten. Dit leidt tot een aangepaste totale raming van € 4.090.680. Het verschil van € 790.207 ten opzichte van de oorspronkelijke begroting wordt verwerkt in de eerste tussenrapportage 2025. De ontwerpbegroting 2026 van de GRJR, waar de zienswijze op is gericht, is opgesteld op basis van de Kadernota 2026, de voorlopige realisatiecijfers 2024 en uitgangspunten uit de Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing (RBOK). Voor Albrandswaard is in de ontwerpbegroting 2026 een bijdrage opgenomen van € 944.584 (subsidie- en uitvoeringskosten). Het bijbehorende begrotingsadvies van de GRJR voor de gemeentelijke zorgkosten (opdrachten A t/m E en I) bedraagt € 3.648.476. Met dit voorstel wordt de zienswijze van de gemeenteraad van Albrandswaard op de begrotingswijziging 2025 en op de ontwerpbegroting 2026 voorgelegd aan het dagelijks bestuur van de GRJR.

Beoogd effect Met dit voorstel wordt invulling gegeven aan de wettelijke mogelijkheid om een zienswijze te geven op de begrotingsstukken van de GRJR. De gemeenten werken binnen deze gemeenschappelijke regeling samen aan voldoende, passende en beschikbare specialistische jeugdhulp. Het baseren van de begroting op realisatiecijfers en trendmatige ontwikkelingen draagt bij aan een meer realistische raming. De hervormingsagenda en het RBOK maatregelenpakket beogen bij te dragen aan het toekomstbestendig houden van de jeugdhulp, zowel qua kwaliteit als betaalbaarheid. Argumenten 1. De raad wordt op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen in de gelegenheid gesteld een zienswijze over de begrotingswijziging 2025 en de ontwerpbegroting 2026 te geven. Op 11 april 2025 heeft de GRJR de voorlopige jaarstukken 2024 (ter kennisname), de begrotingswijziging 2025 en de ontwerpbegroting 2026 aan de raden toegezonden. Na ontvangst en

2/7

verwerking van de zienswijzen van de deelnemende gemeenten zal de definitieve vaststelling door het algemeen bestuur van de GRJR vindt plaats op 12 september 2025. 1.1 Realistisch begroten versterkt de voorspelbaarheid van de begroting. In eerdere jaren (2023-2024) werd onvoldoende rekening gehouden met trendmatige groei, wat leidde tot aanzienlijke bijstellingen. Met de huidige begrotingssystematiek is een stap gezet richting realistischer begroten: de begrotingsadviezen voor 2025 en 2026 zijn gebaseerd op recente realisatiecijfers en een meerjarige trend. Dit sluit aan bij de uitgangspunten van de Kadernota 2026 en vergroot de voorspelbaarheid van de financiële inzet op jeugdhulp. 1.2 De doorgaande kostenontwikkeling leidt tot grote druk op gemeentefinanciën. Hoewel de voorlopige cijfers over 2024 voorzichtige stabilisatie laten zien, blijft de combinatie van de toenemende complexiteit van jeugdhulp en de verwachte terugval in rijksmiddelen vanaf 2026 financieel kwetsbaar. Door het indienen van een zienswijze ondersteunt de raad het belang van een gezamenlijke inzet richting het Rijk voor structurele compensatie. 1.3 De Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing (RBOK) biedt aanknopingspunten, maar vraagt om actieve voortgangsbewaking. In 2025 is het maatregelenpakket binnen de RBOK aangescherpt tot 22 maatregelen.

Deze maatregelen moeten op termijn bijdragen aan beheersing van de uitgaven, maar de effecten zijn naar verwachting pas vanaf 2026 substantieel merkbaar. De raad verwacht dat het bestuur van de GRJR de voortgang zorgvuldig monitort en gemeenten tijdig informeert over zowel financiële als inhoudelijke impact. De uitvoering is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeenten, GRJR en aanbieders. 2&3: Door aan te sluiten bij het begrotingsadvies van de GRJR wordt invulling gegeven aan het provinciale advies om zo realistisch mogelijk te begroten en de GRJR-begroting als uitgangspunt te nemen. De GRJR onderbouwt haar advies met recente realisatiecijfers en trendmatige ontwikkelingen. Deze werkwijze sluit aan bij de lijn die ook door de provincie Zuid-Holland wordt uitgedragen in het kader van toezicht op gemeentelijke begrotingen. Overleg gevoerd met - Portefeuillehouder - Manager sociaal domein - Strategisch adviseur - Financieel adviseur Kanttekeningen 1.2 Als de hervormingsagenda en het maatregelenpakket niet voldoende opleveren om de kosten voor jeugdhulp te beperken, en het rijk geen extra middelen beschikbaar stelt zal de druk op de gemeentefinanciën vanuit jeugdhulp toenemen. Gezien de stijgingen van de afgelopen jaren is dat door de gemeenten niet op te brengen. 1.3 De maatregelen kunnen ook onverwachte gevolgen hebben.

Bijvoorbeeld voor de kwaliteit van de jeugdzorg, langere wachtlijsten etc. Door de GRJR te vragen uw raad op de hoogte te houden van de voortgang kunt u eventueel als deelnemer van de GRJR bijsturen. 2&3: De verwachting is dat het realiteitsgehalte van de begrotingsstukken hiermee wordt bevorderd. Het risico op forsere uitgavengroei kan helaas niet worden uitgesloten. Procedurele kanttekening De eerste raadsvergadering waarin de zienswijze inhoudelijk kan worden behandeld, vindt plaats op 7 juli 2025, terwijl de door de GRJR gestelde deadline voor indiening is vastgesteld op 4 juli 2025. De begrotingswijziging 2025 en de ontwerpbegroting 2026 van de GRJR kunnen daarom niet eerder dan 7 juli formeel door de gemeenteraad worden vastgesteld. Een officiële zienswijze kan pas na die datum worden verzonden. Conform de gemaakte afspraken ontvangt de GRJR op 10 juni 2025 na

3/7

behandeling in Beraad en Advies een conceptversie van de zienswijze. De definitieve zienswijze volgt direct na de raadsvergadering. Uitvoering/vervolgstappen Voor de begroting 2025 van de GRJR is het proces als volgt: • Op 11 april 2025 heeft het algemeen bestuur (AB) van de GRJR de ontwerpbegroting 2026 en de ontwerp-begrotingswijziging 2025 behandeld. Het dagelijks bestuur (DB) heeft deze stukken vervolgens toegezonden aan de raden van de deelnemende gemeenten, met het verzoek om binnen twaalf weken een zienswijze uit te brengen. • Gemeenten kunnen hun zienswijze uiterlijk op 4 juli 2025 aanleveren. De GRJR verzoekt om de conceptzienswijzen eerder te delen, zodat deze tijdig kunnen worden meegenomen in het bestuurlijke traject. • Binnen de gemeente Albrandswaard wordt de conceptzienswijze besproken in het ambtelijk beraad en bestuurlijk overleg op 10 juni 2025. In de gemeenteraadsvergadering van 7 juli 2025 wordt de zienswijze vastgesteld. • Wijzigingen naar aanleiding van de ontvangen zienswijzen, de definitieve jaarrekeningcijfers 2024 en eventueel structurele effecten uit de eerste bestuursrapportage 2025 worden verwerkt, mits zij meer dan 5% afwijken van de voorliggende begrotingsramingen. • Het algemeen bestuur van de GRJR stelt de begroting definitief vast op 12 september 2025.

• Vervolgens wordt de definitieve begroting toegezonden aan de raden van de deelnemende gemeenten en uiterlijk op 15 september 2025 door het dagelijks bestuur aan gedeputeerde staten aangeboden. Financiën • Voorlopige jaarstukken 2024: Voor het jaar 2024 was voor Albrandswaard een totaalbedrag van € 4.403.000. De werkelijke uitgaven bleven daar onder en bedroegen € 3.700.000. Dit resulteert in een onderschrijding van € 702.000 ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. Deze afwijking is deels verwerkt in de tweede tussenrapportage 2025 van de gemeente Albrandswaard, de rest wordt verwerkt bij de jaarrekening 2024. • Met betrekking tot het begrotingsjaar 2025 was in de oorspronkelijke gemeentebegroting een totaal van € 4.880.887 opgenomen. Dit bedrag omvatte zowel zorgkosten als GRJR-kosten. In het voorjaar van 2025 is, mede naar aanleiding van de gewijzigde begrotingssystematiek (waarbij de zorgkosten niet langer deel uitmaken van de GRJR-begroting), een aanvullende wijziging doorgevoerd. In de herziene begrotingsopstelling is voor Albrandswaard een bedrag van € 892.000 opgenomen voor de GRJR-kosten en € 3.198.680 als gemeentelijke zorgkosten (conform het begrotingsadvies van de GRJR). In totaal komt dit uit op € 4.090.680. Deze bijstelling betekent een daling van € 790.207 ten opzichte van de eerder geraamde begrotingsomvang.

De gewijzigde bedragen zijn verwerkt in de eerste tussenrapportage 2025. • Voor het begrotingsjaar 2026 is in de ontwerpbegroting van de GRJR een bijdrage voor Albrandswaard opgenomen van € 944.584, zijnde het aandeel in de subsidie- en uitvoeringskosten. Daarnaast adviseert de GRJR om voor de gemeentelijke zorgkosten (opdrachten A t/m E en I) een bedrag van € 3.648.476 op te nemen. De totale begrotingsrelevantie voor Albrandswaard komt daarmee op € 4.593.060. Dit bedrag wordt verwerkt in de voorjaarsnota/begroting 2026. Inclusiviteitstoets De GRJR biedt jeugdhulp aan alle jeugd Communicatie/participatie na besluitvorming Conform de gemaakte afspraken wordt op 10 juni 2025 een conceptversie van de zienswijze gedeeld met het dagelijks bestuur van de GRJR. De definitieve zienswijze wordt, na besluitvorming in de raadsvergadering van 7 juli 2025, formeel toegezonden.

Bijlagen

4/7

1. 2. 3. 4. 5. 6.

Zienswijze begrotingswijziging 2025 en begroting 2026 GRJR.doc 2026-GRJR-Kadernota-2026.pdf Aanbiedingsbrief raden PC stukken GRJR.pdf Ontwerp Begr. Wijziging 2025.pdf Ontwerp Begroting 2026.pdf Voorlopige jaarstukken 2024.pdf

5/7

CONCEPT RAADSBESLUIT Onderwerp: Zienswijze begrotingswijziging 2025 en begroting 2026 GRJR

Zaaknummer:

De raad van de gemeente Albrandswaard, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders op 13 mei 2025, gelet op - Wet gemeenschappelijke regelingen - Gemeentewet - Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten - Jeugdwet;

BESLUIT: 1. 1. De zienswijze op de begrotingswijzing 2025 en de ontwerpbegroting 2026 van de GRJR vast te stellen en te versturen, met als opmerkingen: 1.1. De gemeenteraad ziet in de voorlopige cijfers aanwijzingen voor een mogelijke stabilisatie van de uitgavenontwikkeling. Hoewel nog niet met zekerheid te zeggen is of deze ontwikkeling zich structureel zal doorzetten, spreekt de raad de hoop uit dat deze lijn in de komende jaren wordt voortgezet. 1.2 Tegelijkertijd spreekt de raad zorgen uit over de financiële situatie vanaf 2026, met name in verband met het ravijnjaar en de structureel stijgende complexiteit van de jeugdzorg; 1.3 De raad verzoekt de GRJR de gemeenten actief te informeren over relevante ontwikkelingen en bijzonderheden.

2. 2.1. Akkoord te gaan met het begrotingsadvies van de GRJR ten aanzien van de subsidiekosten, uitvoeringskosten en zorgkosten, zoals opgenomen in de begrotingswijziging 2025. 2.2.De financiële consequenties van de begrotingswijziging 2025 waarin een inleg voor Albrandswaard is begroot van €892.000 te verwerken bij de eerste tussenrapportage 2025. 2.3. De financiële consequenties van het advies van de GRJR over de zorgkosten 2025 voor de gemeente Albrandswaard van €3.198.680 te verwerken bij de eerste tussenrapportage 2025.

3. 3.1. Akkoord te gaan met het begrotingsadvies van de GRJR over de ontwerpbegroting 2026 ten aanzien van de subsidiekosten, uitvoeringskosten en zorgkosten die voortvloeien uit gemeentelijke besluiten. 3.2. De financiële consequenties van de ontwerpbegroting 2026, waarin een inleg voor Albrandswaard is begroot van € 944.584 te verwerken bij de voorjaarsnota 2026. 3.3. De financiële consequenties van het advies van de GRJR over de zorgkosten 2026 voor de gemeente Albrandswaard van €3.648.476 te verwerken bij de voorjaarsnota 2026.

6/7

7/7

Aan: Van: Datum:

De raden van de deelnemende gemeenten van de GRJR Dagelijks Bestuur GRJR 11 april 2025

Onderwerp:

Aanbieding P&C stukken GRJR en gelegenheid voor zienswijze

Bijlagen:

1. Ontwerp-Begroting 2026 2. Ontwerp-Begrotingswijziging 2025 3. Voorlopige Jaarstukken 2024

Geachte raad, Voor u liggen de Ontwerp-Begroting 2026, de eerste Ontwerp-Begrotingswijziging 2025 en de Voorlopige Jaarstukken 2024 van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR). In deze aanbiedingsbrief geven wij een beeld van de belangrijkste ontwikkelingen in de GRJR die in deze stukken zijn uitgewerkt. Context: de rol van de GRJR in relatie tot de deelnemende gemeenten De gemeenten in de regio Rijnmond willen tijdig passende hulp bieden aan jeugdigen die dat nodig hebben om gezond en veilig op te groeien naar zelfstandigheid. Voor dit belangrijke maatschappelijke doel werken de gemeenten samen in de GRJR om te zorgen voor voldoende beschikbaar aanbod van specialistische jeugdhulp. Dit aanbod moet aansluiten op de vraag (de noodzaak om hulp in te zetten) en op de ‘lokale infrastructuur’ waarmee uw gemeente zorgdraagt voor gezinnen en jeugdigen1. Het aanbod waar de GRJR voor zorgt bestaat uit specialistische jeugdhulp (regionaal ingekochte pleeghulp, behandeling met verblijf, langdurige opname, daghulp, ambulante hulp, gesloten jeugdhulp en forensische jeugdhulp en daarnaast landelijk ingekochte hoogspecialistische hulp). In 2024 maakten zo’n 10.000 jeugdigen in Rijnmond gebruik van deze hulp. Verder heeft de GRJR een rol in het borgen van de veiligheid van kinderen door te zorgen dat er jeugdbescherming en Veilig Thuis is.

De GRJR zorgt voor passend aanbod door jeugdhulp en jeugdzorg in te kopen en subsidiëren, opgevolgd met contract- en accountmanagement. De beschikbare hulp wordt vervolgens door deelnemende gemeenten, vaak op aangeven van wettelijke verwijzers, ingezet naargelang de gemeente dat voor haar jeugdigen nodig acht. De kosten die voorvloeien uit deze gemeentelijke toewijzingen van hulp dient u op grond van het Besluit Begroten en Verantwoorden Gemeenten en Provincies (BBV) zelf te begroten en verantwoorden. Daarom staan uw zorgkosten op

1 Zie voor “lokale infrastructuur” de door uw raad vastgestelde Regiovisie op de jeugdhulp ‘Nabij en Passend’. Hierin

worden bouwstenen van de lokale infrastructuur benoemd: opvoedklimaat en preventie, vraagverheldering, casusregie, lokale hulp, afstemming jeugdhulp/onderwijs, ondersteuning huisartsen, brede benadering van veiligheid, betrokkenheid jongeren en gezinnen.

Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond p/a Gemeente Rotterdam Jeugd en Onderwijs Postbus 70014 3000 KS Rotterdam www.jeugdhulprijnmond.nl

1

regionale jeugdhulpcontracten niet (meer) in de GRJR-begroting en -jaarrekening. De GRJRbegroting en -jaarstukken gaan over uitgaven van de GRJR zelf in het kader van de subsidietaken en uitvoeringstaken. Ter ondersteuning van de gemeenten is in een aparte bijlage bij de GRJR-begroting wel een begrotingsadvies voor de deelnemende gemeenten opgenomen voor de zorgkosten die de gemeente maakt door gebruikmaking van regionale en landelijke jeugdhulpcontracten. Bij de GRJR-jaarstukken is een aparte bijlage met verantwoordingsinformatie voor de deelnemende gemeenten opgenomen. De jeugdhulpsector is sterk in ontwikkeling met de landelijke Hervormingsagenda Jeugd en het landelijke Toekomstscenario Jeugd- en Gezinsbescherming. Deze ontwikkelingen zijn van grote invloed op het werk van de GRJR. Meer hierover is te lezen in onze Kadernota 2026 die u rond de jaarwisseling ontving. De financiële druk op gemeenten mede door de jeugdhulpkosten is momenteel onderwerp van landelijke gesprekken over het deskundigencommissierapport van de Commissie Van Ark. Wellicht zal dat meer helderheid brengen over rijksmiddelen. Ondertussen blijft de noodzaak en wens tot kostenombuiging in de specialistische jeugdhulp en daar blijven we dus ook hard aan werken. GRJR-kosten De colleges van de deelnemende gemeenten verzochten de GRJR om mogelijkheden te bezien om de uitgaven te beperken.

De GRJR geeft hier op meerdere manieren vervolg aan: • De inzet om de gemeentelijke jeugdhulpkostenstijgingen af te remmen (Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing) gaat onverminderd door, met als ambitie dat er over enkele jaren geen trendmatige stijging meer zal zijn. Het effect hiervan komt overigens niet in de GRJR begroting en jaarstukken. • De GRJR zit strak op de eigen uitvoeringskosten. In de jaarstukken leidt dat tot een overschot hierop. In de begrotingsstukken zijn de budgetten dusdanig aangescherpt dat het effect van indexatie volledig wordt opgevangen binnen de begroting. • De GRJR houdt druk op de gesubsidieerde instellingen voor jeugdbescherming/ jeugdreclassering en Veilig Thuis. Hierbij houden we uiteraard rekening met wat er van deze organisaties gevraagd wordt en wat zij daarvoor nodig hebben. We investeren in afspraken met deze instellingen over verbeterplannen met de ambitie om de organisaties aan de wettelijke prestatienormen te laten voldoen, zo mogelijk zonder structurele uitgavenstijgingen. Net als vorig jaar voor de jeugdbescherming verstrekken wij dit jaar aan Veilig Thuis eenmalig extra subsidie voor uitvoering van een verbeterplan. In de begrotingsposten voor jeugdbescherming en Veilig Thuis houden we nog geen rekening met eventuele sterke groei van de taken.

Het beperken van de inzet van deze organisaties vereist wel beleidsmatige afwegingen, bijvoorbeeld over het voldoen aan normtijden en andere kwaliteitseisen. En dit vereist samenwerkingsafspraken tussen gemeenten en instellingen over taak en werklast verdeling in het borgen van veiligheid. De GRJR en gemeenten zijn hierover in gesprek met de organisaties. Een strakke begroting en tegelijkertijd hoge prestatienormen betekenen dan ook dat de risicoparagraaf is aangevuld met een risico op overschrijdingen op deze budgetten. • Verder wikkelt de GRJR de afrekeningen en het betalingsverkeer met gecontracteerde zorgaanbieders strak af. Betalingsverplichtingen over eerdere jaren die in afwachting van te

2

ontvangen declaraties opstonden zijn na afstemming met de betreffende aanbieders komen te vervallen. Ook daarop is een voordeel gerealiseerd. Gemeentelijke kosten van uitgaven op regionale jeugdhulpcontracten Bij de inzet van specialistische jeugdhulp zien we, net als in het hele land, een doorgaande kostenstijging. De voorlopige jaarcijfers 2024 zijn echter ook een signaal dat de stijging minder hard gaat dan verwacht. Dat werkt door in de verwachtingen voor 2025 en verder. De ontwikkelingen zijn per gemeente verschillend en naarmate er meer in detail wordt gekeken moet daar ook meer rekening mee worden gehouden. Gemeenten begroten en verantwoorden zelf deze kosten. Als GRJR faciliteren we daarbij door een begrotingsadvies: • Neem regionale kostenramingen per opdracht (soort jeugdhulpcontract) als vertrekpunt. Deze ramingen zijn gebaseerd op grote hoeveelheden data en een trendmatige analyse, die tot een gunstiger (regionaal) meerjarenperspectief leidt dan we nog bij onze Kadernota 2026 zagen; • Overweeg de potentiële opbrengsten van de Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing. Deze zijn in het begrotingsadvies financieel gemaakt op regionaal niveau met potentiële effecten per gemeente, maar deze kunnen alleen in de lokale begrotingscontext worden afgewogen; • Betrek ook lokale informatie en maatregelen bij de gemeentelijke begrotingsbepaling.

Gemeenten kunnen nadrukkelijk goede redenen hebben waarmee zij onderbouwd afwijken van regionale ramingen. De regionale inzet op de kostenbeheersing gaat onverminderd door met de ambitie om de groei af te remmen. Hierin werkt de GRJR nauw samen met de gemeenten en de partijen in het veld. Als kanttekening hierbij merken wij op dat de beperking van het specialistische jeugdhulpgebruik sterk afhangt van andere beleidsterreinen waarop uw raad en niet het GRJR-bestuur bevoegd is. Ook zijn we afhankelijk van de ontwikkeling van wet- en regelgeving in het kader van de Hervormingsagenda Jeugd en het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming. Afrekeningen Gemeenten krijgen dit jaar naar verwachting voor het eerst geld terug van de GRJR. Helaas zijn er enkele gemeenten die juist moeten bijbetalen. De kosten worden namelijk zoveel mogelijk naar rato van gebruik verdeeld, en dat gebruik ontwikkelt zich per gemeente verschillend. De jaarcijfers worden pas na ontvangst van definitieve subsidie- en productieverantwoordingen definitief. Tot slot Conform de Wet gemeenschappelijke regelingen stellen wij u nu twaalf weken in de gelegenheid om uw zienswijze te geven op deze begrotingsstukken. Let op: de zienswijzeprocedure betreft de ontwerpbegrotingswijziging 2025 en -begroting 2026 van de GRJR, niet de bijlagen met begrotingsadviezen gemeentelijke zorgkosten.

Ook heeft de zienswijzeprocedure geen betrekking op de ter kennisname bijgevoegde voorlopige jaarstukken 2024. Graag ontvangen wij uw zienswijzen uiterlijk 4 juli 2025. Indien gewenst komen onze secretaris/directeur en controller graag een toelichting geven op de stukken. Wij zullen op 12 september 2025 de begroting 2026 en begrotingswijziging 2025 definitief vaststellen, rekening houdend met uw inbreng.

3

Uw zienswijze kunt u per mail indienen via: Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond Postbus 70014 3000 KS Rotterdam info@jeugdhulprijnmond.nl

Wij nemen aan u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, namens het Dagelijks Bestuur van de GRJR,

Mr. S. Hammer Secretaris

R. Buijt Voorzitter

4

KADERNOTA 2026 Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond Versie AB 13 december 2024

Inhoud Voorwoord ...................................................................................................................................... 1 Terugblik kadernota’s GRJR van 2020 tot nu ..................................................................................... 3 1. Wat willen we bereiken ................................................................................................................ 4 1.1 Inleiding ................................................................................................................................ 4 1.2 Onze visie: nabije en passende jeugdhulp en jeugdbescherming ....................................... 4 1.2.1 Regiovisie op jeugdhulp ........................................................................................... 4 1.2.2 Sterke lokale infrastructuur ...................................................................................... 4 1.2.3 (Aan)sluitende regionale infrastructuur .................................................................... 4 1.3 Onze visie: betaalbare jeugdhulp en jeugdbescherming ..................................................... 5 1.3.1 In control ..................................................................................................................

5 1.3.2 Datakwaliteit ............................................................................................................. 5 1.3.3 Zo realistisch mogelijk begroten .............................................................................. 6 1.3.4 Tijdige signalering en rapportage ............................................................................ 6 1.3.5 Rechtmatigheidswaarborgen ................................................................................... 6 1.3.6 Sturing op doelmatigheid ......................................................................................... 7 1.3.7 Kostendekkendheid ................................................................................................. 7 1.3.8 Rekenkameronderzoek ............................................................................................ 7 2. Wat doen we daarvoor ................................................................................................................. 9 2.1 Inleiding ................................................................................................................................ 9 2.2 Regionale jeugdhulp en landelijke Hervormingsagenda Jeugd ........................................... 9 2.2.1 Regionaal ingekochte jeugdhulp ..............................................................................

9 2.2.2 Inzet en bekostiging van regionaal ingekochte jeugdhulp ....................................... 9 2.2.3 Ontwikkelopgaven systeem- en prestatieaanbieders ............................................ 10 2.2.4 Transformatie residentiële jeugdhulp ..................................................................... 11 2.2.5 Landelijk ingekochte jeugdhulp (LTA) .................................................................... 12 2.2.6 Buitenregionale hulp .............................................................................................. 12 2.2.7 Regionaal contractmanagement ............................................................................ 12 2.2.8 Landelijke Hervormingsagenda en kostenbeheersing Jeugd ................................ 13 2.3 Jeugdbescherming en Veilig Thuis en Toekomstscenario ................................................ 15 2.3.1 Jeugdbeschermingsketen ...................................................................................... 15 2.3.2 Jeugdbescherming/jeugdreclassering ................................................................... 15 2.3.3 Veilig Thuis............................................................................................................. 15 2.3.4 Toekomstscenario en kostenbeheersing Kind- en Gezinsbescherming ............... 15 3.

Taakverdeling en samenwerking ................................................................................................. 18 3.1 Inleiding .............................................................................................................................. 18

3.2 Taakverdeling en samenwerking ....................................................................................... 18 3.2.1 Taakverdeling GRJR en gemeenten ..................................................................... 18 3.2.2 Rolverdeling bij sturing op drie niveaus ................................................................. 18 3.2.3 Verantwoordelijkheid voor Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing ......... 19 3.3 Taakverdeling GRJR en gemeenten bij planning & control processen conform BBV ....... 19 3.3.1 Begrotingsproces ................................................................................................... 19 3.3.2 Monitoringsproces .................................................................................................. 20 3.3.3 Begrotingswijzigingsproces .................................................................................... 21 3.3.4 Betaalproces .......................................................................................................... 21 3.3.5 Verantwoordingsproces ......................................................................................... 22 3.3.6 Afrekeningsproces .................................................................................................

24 3.4 Uitvoeringskosten GRJR .................................................................................................... 25 4. Wat gaat het kosten: begrotingsuitgangspunten ......................................................................... 26 4.1 Inleiding .............................................................................................................................. 26 4.2 Kostenontwikkeling in de afgelopen jaren ......................................................................... 26 4.3 Kostenontwikkelingen in de komende jaren ...................................................................... 27 4.3.1 Indexatie................................................................................................................. 27 4.3.2 Trendmatige groei en krimp ................................................................................... 28 4.3.3 Beleidswijzigingen .................................................................................................. 30 4.4 Financieel meerjarenperspectief ........................................................................................ 30 Bijlage meerjarenperspectief per gemeente .................................................................................... 33

Proces • Ambtelijke bespreking 11 en 12 november 2024 Controllersoverleg en AOJ • Behandeling DB 27 november 2024 • Vaststelling AB 13 december 2024 • Ter kennisname verzending aan raden • Start begrotingsvoorbereiding dec 2024 • Ontwerpbegroting 2026 en evt. Ontwerpbegrotingswijziging 2025 AB april 2025 • Gelegenheid raden voor geven zienswijzen (door wijziging Wgr minimaal 13 weken) • Definitieve begrotingsvaststelling AB uiterlijk 15 september 2025 • Verzending begroting (en evt. begrotingswijziging) aan de provincie

2

Voorwoord In 2023 ontvingen rond de 13.000 jeugdigen in Rijnmond specialistische jeugdhulp. De Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) zorgde dat het zorgaanbod hiervoor beschikbaar was. Verwijzers, zorgaanbieders en gemeenten zorgden dat de hulp bij de jeugdigen en gezinnen terechtkwam. Het jaarlijkse aantal jeugdigen dat jeugdhulp ontvangt is regionaal gezien min of meer constant, al zijn er wel verschillen tussen gemeenten. Tegelijk blijven de kosten stijgen, van € 278,3 mln. (2021) via € 310,1 mln. (2022) naar € 321,3 mln. (2023). Ook hierbij zijn er verschillen tussen gemeenten. De regionale trendmatige stijging was reden om de begrotingen 2024 en 2025 op te trekken naar € 372,9 mln. (2024) resp. € 413,3 mln. (2025). Dit geld wordt voor 77% onder directe verantwoordelijkheid van de deelnemende gemeenten besteed aan inzet van regionaal en landelijk ingekochte jeugdhulp. De rest wordt door het GRJR-bestuur als subsidies verstrekt voor de wettelijk verplichte inzet vanuit de Jeugdwet: 21% gaat naar jeugdbescherming, jeugdreclassering en Veilig Thuis en de laatste 2% zijn GRJR-uitvoeringskosten. Kostenbeheersing De omvang en voortdurende stijging van de jeugdhulpkosten zijn voor gemeenten financieel onhoudbaar. Overbruggen van het veelbesproken ‘ravijnjaar’ is voor alle gemeenten een enorme opgave.

Daarom is er volle inzet om samen met gemeenten en aanbieders deze stijgingen om te buigen. Tegelijkertijd is ook druk op de rijksoverheid nodig omdat het onmogelijk en onverantwoord is om hulp te beperken puur vanwege de budgettaire krapte. De jeugdregio Rijnmond doet in nauw samenspel tussen GRJR en gemeenten al het mogelijke om enerzijds de kosten te beheersen en de effecten daarvan te bepalen en verwerken, en anderzijds de rijksoverheid te doen bewegen om de gemeenten tegemoet te komen. Aangescherpte verantwoordelijkheidsverdeling GRJR en gemeenten (conform BBV) De taken van de GRJR volgen uit het doel van dit samenwerkingsverband: zorg voor uitvoering van de Jeugdwet door te zorgen voor hulpaanbod en subsidiëring van jeugdbescherming, jeugdreclassering en Veilig Thuis. Daarbij hoort het maken van afspraken met de partijen en het sturen op die afspraken. De GRJR heeft daarvoor een eigen begroting. In 2024 werd duidelijk dat het begroten en verantwoorden van zorgkosten voorvloeiend uit gemeentelijke toekenningsbesluiten hier niet bij horen. De Commissie BBV sprak uit dat dit bij de gemeenten zelf ligt, omdat de gemeentelijke toegang bepalend is voor deze kosten, ook al wordt de hulp regionaal ingekocht. De zorgkosten worden door de gemeenten zelf begroot en verantwoord en daarbij heeft de GRJR een adviesen informatiefunctie.

De betalingen vinden wel door de GRJR plaats op basis van voorschotafspraken met gemeenten. De hieruit voortvloeiende aanpassingen in de planning & control processen worden in deze Kadernota uiteengezet. Majeure inhoudelijke opgaven Inhoudelijk is er veel aan de hand in het jeugddomein. Er zijn twee majeure opgaven: • De jeugdhulp passend(er)en nabij(er), maar ook betaalbaarder organiseren. Daarvoor wordt gewerkt aan transformatie van zorgaanbod, hervorming van het zorgstelsel (landelijke Hervormingsagenda Jeugd) en uitvoering van de Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing;

1

•

Verbetering van de veiligheidsketen volgens het landelijk Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming. Ook hierbij gaat het om een stelselwijziging die doelmatiger en doeltreffender inzet van maatregelen en hulp moet bevorderen. Deze complexe opgaven spelen op landelijk, bovenregionaal, regionaal, subregionaal en lokaal niveau. Op alle niveaus is en wordt intensieve samenwerking gevraagd tussen veel partijen. De hoofdopgaven worden in deze Kadernota toegelicht. Leeswijzer Eerst volgt een korte terugblik op de achtereenvolgende kadernota’s van de GRJR. Vervolgens schetst hoofdstuk 1 doel en visie voor de jeugdhulp en inzet van de GRJR. Hoofdstuk 2 werkt de hoofdopgaven uit waaraan de GRJR in samenspel met gemeenten, zorgleveranciers, jeugdbeschermers en Veilig Thuis werkt. Hoofdstuk 3 gaat dieper in op de taakverdeling GRJR/gemeenten en de planning & control processen. Het laatste hoofdstuk bevat financieeltechnische uitgangspunten voor de begroting 2026 en eventuele begrotingswijziging 2025.

2

Terugblik kadernota’s GRJR van 2020 tot nu Kadernota 2021 – Verbeterplan GRJR De eerste Kadernota van de GRJR stamt uit begin 2020. Deze nota was de opmaat voor onder meer verdere ontwikkeling van de planning en control en de informatievoorziening. De nota bevatte geen inhoudelijke beleidslijn en financiële doorkijk. Kadernota 2022 – Transformatie en taakstellingen De volgende Kadernota, eind 2020, richtte zich op de begroting 2022. Centraal stonden de transformatie-ambities en de wens om uitgaven voor specialistische jeugdhulp om te buigen. De ombuigingsmaatregelen betroffen voornamelijk pilotprojecten bij gemeenten. In de financiële doorkijk werd gekozen voor het vooraf inboeken van gewenste besparingen. Kadernota 2023 – Regiovisie, wachttijden, realistisch begroten, meer comfort gemeenten Bij de volgende Kadernota lag er de Regiovisie Nabij en Passend, waarin gemeenten de transformatie-ambities verder hebben uitgewerkt. De Kadernota haakte daarop in met de inkoopstrategie voor specialistische hulp vanaf 2023. Ook kregen in de Kadernota verbetering van de jeugdbeschermingsketen en de problematiek van de wachttijden aandacht. Het uitgangspunt werd dat realistisch moet worden begroot om wachttijden terug te dringen en te voorkomen. De nota ging over de uitgavenontwikkeling en een landelijke hervormingsagenda jeugd.

Belangrijk tenslotte was de beweging, om bij het begroten meer aan te sluiten op keuzes en maatregelen van individuele gemeenten, zodat gemeenten daarvan direct het effect gaan zien. De gemeenten kregen meer comfort door afschaffing vlaktaks, individuele ramingscorrecties per gemeente, sturing op volledigheid van financiële informatie. Kadernota 2024 – Hervormingsagenda en aanpak jeugdbescherming De beleidsontwikkelingen zijn in de Kadernota 2024 verder centraal komen te staan. Zowel de landelijke hervormingsagenda als de aanpak jeugdbeschermingsketen zijn leidend voor de GRJR-begroting; het basisprincipe daarbij is om realistisch te begroten, om daarmee te waarborgen dat voldoende passend aanbod van jeugdhulp beschikbaar is om te voldoen aan de vraag die per gemeente verwacht wordt.

Kadernota 2025 - Ombuigingen De Kadernota 2025 laat zien dat eerdere ombuigingspogingen nog niet slagen en er rekening moet worden gehouden met een doorgaande kostenstijging. De betaalbaarheid van de jeugdhulp staat centraal in deze nota. De Kadernota blijft uitgaan van zo realistisch mogelijk begroten dus rekening houden met trendmatige groei, maar geeft een eerste richting voor forse interventies om de uitgavenstijging te beheersen. Kadernota 2026 – Verheldering van de verantwoordelijkheidsverdeling Bij het sturen op de zorgkosten ligt een sleutel bij de toegang tot de hulp. De financiële verantwoordelijkheid voor de zorgkosten ligt volgens landelijke regelgeving (BBV) bij de individuele gemeenten en kan niet worden gedelegeerd aan een GR. Naast de inhoudelijke hoofdopgaven in het werkveld van de jeugdhulp staat de Kadernota 2026 in het teken van het verhelderen van de verantwoordelijkheidsverdeling tussen gemeenten en de GRJR. Hierbij heeft de GRJR voor de zorgkosten in de eerste plaats een advies- en informatiefunctie waarbij wordt gerapporteerd op gemeenteniveau en afstemming plaatsvindt over de wijze en plek waarop lokale keuzes worden meegenomen in de informatie.

3

1. Wat willen we bereiken 1.1 Inleiding De GRJR is een samenwerkingsverband van de dertien gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Goeree-Overflakkee, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Nissewaard, Ridderkerk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Voorne aan Zee. Deze gemeenten startten in 2014 deze samenwerking om gemeenschappelijk te zorgen voor de beschikbaarheid van specialistische jeugdhulp en jeugdbescherming, jeugdreclassering en Veilig Thuis. De inkoop- en subsidiëringstaken zijn gedelegeerd aan de GRJR. Kerntaak van de GRJR is dan ook het contract- en accountmanagement richting de zorgaanbieders en gesubsidieerde partijen. Doel is een dekkend zorglandschap met nabije en passende hulp, zoals uitgewerkt in de Regiovisie Nabij en Passend.

1.2 Onze visie: nabije en passende jeugdhulp en jeugdbescherming 1.2.1

Regiovisie op jeugdhulp1

De GRJR voert met inkoop en subsidiëring het beleid van de deelnemende gemeenten uit. Gemeenten, jeugdhulpaanbieders en jeugdbescherming in onze regio hebben dat beleid vastgelegd in een regiovisie. De ambitie is om jeugdhulp ‘nabij en passend’ te organiseren. Jeugdhulp moet passen bij het gewone leven en eenvoudig en toegankelijk zijn. Zo dicht mogelijk bij gezin, school en leefomgeving van een kind. Kinderen horen op te groeien in een gezinssituatie die hun ontwikkeling stimuleert. Als dat niet kan moet er een oplossing zijn die het dichtst in de buurt komt van een ‘gewoon’ gezin, zoals een pleeggezin of gezinshuis. Tenzij meer ingrijpende hulp het beste is voor kind en gezin, bijvoorbeeld als de veiligheid in geding is. ➔

In het kader van de landelijke Hervormingsagenda Jeugd stelt de rijksoverheid eisen aan de regionale samenwerking in “robuuste regio’s”. In de regiovisie moet een aantal zaken zijn uitgewerkt. Deze eisen maken dat de Regiovisie uit 2020 moet worden geactualiseerd.

1.2.2

Sterke lokale infrastructuur

Vertrekpunt in de Regiovisie is een sterke lokale infrastructuur. De gemeenten proberen om dicht bij de leefomgeving van gezinnen (in)formele ondersteuning en basishulp te leveren, en om aan te sluiten op Wmo, Participatie, passend onderwijs, (jeugd)gezondheidszorg en veiligheid. Kernpunt is versterking van de casusregie vanuit lokale teams c.q. wijkteams. ➔

Stevige lokale teams zijn ook speerpunt in de landelijke Hervormingsagenda Jeugd en het landelijke Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming.

1.2.3

(Aan)sluitende regionale infrastructuur

In de Regiovisie streven de gemeenten naar een regionale infrastructuur die (aan)sluit op deze lokale infrastructuren. Om dat goed te laten werken zijn nodig: • Regionaal aangestuurde adequate zorgbemiddeling; • Flexibele, dat wil zeggen gemakkelijk op- en af te schalen, ambulante hulp; • In plaats van residentiële zorg zo mogelijk inzet van een pleeggezin of gezinshuis; • Afbouw en flexibeler gebruik van residentiële zorgcapaciteit (bedden); • Integrale crisiszorg.

1 https://www.jeugdhulprijnmond.nl/wp-content/uploads/2021/05/Nabij-en-Passend-30-november-2020.pdf

4

Deze elementen vormen de transformatieopgaven van de jeugdhulp in de regio Rijnmond. Vanaf 2023 is jeugdhulp ingekocht in lijn hiermee. Bepaalde hulpvormen zijn vanaf dan lokaal geregeld zodat gemakkelijker in de lokale teams kan worden geschakeld. De nieuwe regionale contracten bevatten ontwikkelopdrachten op de genoemde opgaven. Binnen de regio wordt overigens gewerkt met twee inkoopmodellen: taakgerichte bekostiging voor MVS en resultaatgerichte bekostiging voor de overige gemeenten. Door de Hervormingsagenda moeten we hiermee opnieuw aan de slag de komende tijd. ➔

In het kader van de landelijke Hervormingsagenda Jeugd komen er nieuwe eisen aan de regionale inkoop waar we ons in 2025 en verder op moeten voorbereiden: o

Eén inkoopsysteem voor de hele regio;

o

Een lijst met zorgvormen die tenminste regionaal moeten worden ingekocht;

o

Regionale administratieve afhandeling van contracten.

1.3 Onze visie: betaalbare jeugdhulp en jeugdbescherming Door middel van contracten en subsidies van de GRJR zorgen de gemeenten dat jeugdhulp en jeugdbescherming voldoende beschikbaar zijn om daadwerkelijk te worden ingezet (dus ook zodanig dat de wachttijden binnen de zogenaamde Treeknorm blijven). De GRJR garandeert de benodigde capaciteit door noodzakelijke budgetten te ramen en daarvoor gemeentelijke gelden te innen. Budgetramingen moeten zo realistisch mogelijk zijn om enerzijds het aanbod beschikbaar te krijgen, en anderzijds de financiële consequenties voor gemeenten tijdig te kunnen ondervangen. Hiermee wordt gezorgd dat de jeugdhulp en jeugdbescherming betaalbaar is: niet meer uitgaven dan nodig, maar ook genoeg geld voor uitgaven die nodig zijn. 1.3.1

In control

De GRJR wil dat de kosten voor jeugdhulp flink dalen. Tegelijkertijd is en blijft de GRJR bereid om de indexatie zoals landelijk afgesproken door de VNG door te berekenen in de tarieven, om aanbieders reële tarieven te betalen. ‘Betaalbare jeugdhulp en jeugdbescherming’ is in de visie van de GRJR en de deelnemende gemeenten dus niet hetzelfde als dat de kosten niet mogen stijgen, maar wel dat we ‘in control zijn over de jeugdhulp’. Dat wil zeggen: 1. Budgetraming op basis van betrouwbare, juiste en volledige informatie, datakwaliteit; 2. Tijdige beschikbaarheid van middelen door zo realistisch mogelijk te begroten, in samenspel met de gemeenten; 3. Tijdige signalering en rapportage van ontwikkelingen in zorggebruik en -kosten, zodat waar mogelijk wordt bijgestuurd en bijgesteld, zowel op gemeente- als contract/opdrachtniveau; 4. Rechtmatigheid is gewaarborgd zodat geen onterechte uitgaven plaatsvinden; 5. Doelmatigheid wordt beoordeeld en er wordt op gestuurd, zodat geen verspilling plaatsvindt; 6. Kostendekkendheid is een standaardvoorwaarde; de uitgaven voor jeugdhulp moeten aansluiten op de inkomsten die gemeenten ontvangen. De focus voor de komende jaren op deze aspecten wordt in de volgende paragrafen uitgewerkt. 1.3.2

Datakwaliteit

De GRJR verzorgt uitgebreide informatievoorziening voor het eigen zorglandschaps-, contracten accountmanagement en ter ondersteuning van de gemeentelijke budgetcycli. Deze informatievoorziening stoelt primair op toewijzings- en declaratiegegevens van gemeenten. Om grip op de informatiestromen te vergroten is in 2024 onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van centralisatie van backofficetaken. Voorlopige uitkomst is dat de GRJR vanaf 2026 direct 5

inzage krijgt in de gegevensuitwisseling tussen gemeenten en aanbieders en daardoor beter en eerder zicht krijgt op de datastromen en de ‘kosten in de pijplijn’. Gemeenten vinden dat de GRJR niet de gemeentelijke administraties op detailniveau moet inzien of beheren. Verschillen tussen administraties van gemeenten en aanbieders moeten dus door hen onderling en/of tijdig worden gesignaleerd en opgelost. ➔

In de landelijke Hervormingsagenda is standaardisering een belangrijke implementatielijn die in de administratieve keten moet worden doorgevoerd om de administratieve lasten voor aanbieders te beperken. De keuzes over de backofficetaken zijn gemaakt onder voorbehoud van aankomende landelijke besluitvorming;

➔

De investeringen in verbeterde gegevensuitwisseling zijn gespecificeerd in een projectplan en worden in de GRJRbegroting 2025 en verder verwerkt.

1.3.3

Zo realistisch mogelijk begroten

De afgelopen jaren zette de GRJR met gemeenten grote stappen om tot een realistischer begroting te komen. We zien hierdoor vanaf 2024 dat raming en realisatie op regionaal niveau dichter bij elkaar komen te liggen. Op gemeenteniveau zien we nog forse afwijkingen. Op basis van harde informatie en onderbouwde aannames over de uitgaventrends worden zorgkostenramingen voor de regio als geheel en per gemeente opgesteld. Daarbij moet opgemerkt wordt dat de schattingsonzekerheid groter wordt naarmate de omvang van een gemeente kleiner is en er veel schommelingen zijn in de historische realisatie. Een klein aantal dure arrangementen kan voor een kleine gemeente tot relatief grote afwijkingen leiden. ➔

Vanaf 2024 geeft de GRJR zorgkostenramingen als begrotingsadvies aan de deelnemende gemeenten ten behoeve van de gemeentelijke begrotingen. De budgetten worden niet meer in de GRJR-begroting opgenomen. De gemeente kan het begrotingsadvies ongewijzigd overnemen of ervan afwijken met eigen onderbouwing (bijvoorbeeld doorgevoerde besparingsmaatregelen). Deze werkwijze sluit conform BBV aan op de begrotingsverantwoordelijkheid van gemeenten voor de zorgkosten. Subsidies en uitvoeringskosten GRJR blijven wel onderdeel van de GRJR-begroting. Zie verder hoofdstuk 3.

1.3.4

Tijdige signalering en rapportage

De GRJR stelt twee keer per jaar een bestuursrapportage op. Tussen de bestuursrapportages door ontvangt het bestuur in het kader van de Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing periodiek ook nog ‘vinger aan de pols’-rapportages. Actuele informatie is ook doorlopend beschikbaar in GRJR-dashboards. Deze dashboards lopen door de huidige administratieve werkwijze nog geruime tijd achter, dit moet beter worden door aanpassingen in de backofficeprocessen (Zie 1.3.2). Met deze informatie monitoren gemeenten en de contractmanagers van de GRJR de kosten en het gebruik van jeugdhulp. 1.3.5

Rechtmatigheidswaarborgen

De rechtmatigheidsverantwoording van zorgkosten ligt bij de gemeenten. In de eerste plaats moet toewijzing van hulp rechtmatig plaatsvinden. De controle hierop en verantwoording ervan schuift conform BBV naar de gemeenten. Zie verder hoofdstuk 3. In de tweede plaats moet betaling van declaraties terecht zijn; er moet een levering tegenover staan en het resultaat moet gerealiseerd worden. Beoordeling van declaraties ligt bij de gemeentelijke casusregisseurs en/of backoffices. De GRJR laat achteraf accountantscontroles op werkelijke levering uitvoeren en rekent met aanbieders af op basis van productieverantwoordingen. ➔

De verschuiving van de verantwoordingsplicht conform BBV betekent ook dat de accountantskosten GRJR lager begroot kunnen worden. Dit is de huidige stand van inzichten. Er is nog overleg over de toekomstige verdeling van de controlewerkzaamheden beoogd waardoor hierin nog verandering kan komen.

6

➔

Aanvullend op de productieverantwoordingen achteraf introduceert de GRJR tussentijdse audits bij aanbieders in het kader van de Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing.

Voor subsidie- en uitvoeringkosten blijft de GRJR verantwoordelijk, met bijbehorende interne beheersing, rechtmatigheidsverantwoording en accountantscontrole bij de GRJR-jaarstukken. 1.3.6

Sturing op doelmatigheid

Voor sturing op doelmatigheid zijn in de regiovisie en de inkoop 2023 vele aangrijpingspunten gecreëerd waar de komende jaren inzet op nodig is, zoals: • Kostenbewuste zorgbemiddeling, bijvoorbeeld door extra toetsing op zorgarrangementen die meer dan €4.000 per week kosten; • Strakke casusregie, kort cyclische sturing op inzet (en verlenging) van zorgarrangementen; • In het samenspel tussen verwijzers, zorgleveranciers en gemeenten betere inkadering wanneer hulp goed genoeg is; • Toezien op relevante inkoopeisen zoals inzet van bewezen interventies; • De gecontracteerde ontwikkelopgave over kosteneffectiviteit; • Gecontracteerde ontwikkelopgaven over passend aanbod zoals meer pleeghulp en gezinshuizen in plaats van duurdere residentiële hulp, en voorrang voor lichte hulp lokaal; • Tenminste budgetneutrale transformatie van gesloten jeugdhulp en ontwikkeling van alternatieven voor dure, minder effectieve 1-op-1 residentiële hulp. Deze opgaven liggen deels bij de gemeentelijke beleidsontwikkeling en casusregie en deels bij het contract- en accountmanagement van de GRJR. Hoofdstuk 2 vertelt hoe de GRJR dit invult. Naar aanleiding van de 2e Bestuursrapportage 2023 gaf het GRJR-bestuur begin 2024 een Regionale Bestuursopdracht Kostenbeheersing aan de secretaris/directeur GRJR en directeuren sociaal domein van de deelnemende gemeenten.

De opdracht is om actiegericht, daadkrachtig en realistisch kostenbeheersingsmaatregelen uit te werken en uit te voeren. Zie hoofdstuk 2. 1.3.7

Kostendekkendheid

Een sluitende begroting is zowel voor gemeenten als voor de GRJR als samenwerkingsverband van gemeenten een standaardvoorwaarde. Gezien de financiële positie van gemeenten moet de leidraad zijn om de uitgaven voor jeugdhulp te laten aansluiten bij wat gemeenten voor de uitvoering van de Jeugdwet ontvangen aan rijksmiddelen. Kostenstijgingen zijn dan ook alleen acceptabel als er extra geld van het rijk tegenover staat. Vanuit deze leidraad hebben alle partijen in de jeugdhulpketen een taak en geeft ook de GRJR invulling aan de eigen taken. 1.3.8

Rekenkameronderzoek

De rekenkamers van de gemeenten Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland zijn eind 2023 een rekenkameronderzoek gestart naar de GRJR. De Rekenkamer Rotterdam, die dit onderzoek uitvoert, wil nagaan of de manier waarop de inkoop van specialistische jeugdhulp en het financieren van jeugdreclassering, jeugdbescherming en Veilig Thuis regionaal zijn vormgegeven in de GRJR voldoen aan de verwachtingen van regionaal samenwerken. De regionale samenwerking zou moeten leiden tot een optimalisering (of zo optimaal mogelijke situatie) van de bovenlokale jeugdhulp. Samenwerking en afstemming tussen gemeenten onderling en met de GRJR is hierbij essentieel, omdat de vormgeving van de lokale infrastructuur voor het organiseren van jeugdhulp sterk samenhangt met de benodigde inzet op regionaal niveau.

7

De GRJR werkt graag mee aan dit onderzoek en ziet kansen om uit dit onderzoek samen met de deelnemende gemeenten te leren hoe de regionale samenwerking rond specialistische jeugdhulp kan worden geoptimaliseerd. Het rekenkamerrapport wordt in 2025 verwacht en is dus nog niet betrokken bij de opstelling van deze Kadernota.

8

2. Wat doen we daarvoor 2.1 Inleiding De gemeenten in Rijnmond hebben gezamenlijk specialistische jeugdhulp ingekocht en subsidierelaties ingericht voor jeugdbescherming/jeugdreclassering en Veilig Thuis. Dit hoofdstuk schetst in hoofdlijnen hoe dit is geregeld en wat de ontwikkelingen zijn.

2.2 Regionale jeugdhulp en landelijke Hervormingsagenda Jeugd 2.2.1

Regionaal ingekochte jeugdhulp

Per 1 januari 2023 zijn nieuwe regionale contracten gesloten met als centrale doelstelling om jeugdigen beter en meer in de eigen leefomgeving hulp te bieden. Belangrijkste punten zijn: • Regionale hulp is samenhangend en de continuïteit van plaats en behandelaar is maximaal. Om dat te bevorderen zijn zogenaamde systeemaanbieders gecontracteerd. Zij moeten alle vormen van hulp kunnen leveren (behalve forensische en gesloten jeugdhulp) en als strategische transformatie-partner fungeren. De opdrachtenstructuur bestaat uit de opdrachten pleeghulp (A), ambulante hulp (E), daghulp (D), opname (B), langdurig verblijf (C) en crisishulp (F). • Inkoop van daghulp (D) en ambulante hulp (E) gebeurt primair op lokaal niveau, tenzij die hulp past bij verblijf of als het regionale niveau noodzakelijk is voor behoud van expertise.2 • Daarnaast zijn contracten afgesloten met specialisten in aanbod van forensische hulp (‘prestatieaanbieders’) en met ‘flexaanbieders’. De laatste om waar nodig extra volume te leveren. Ook Jeugdhulp Plus (JH+, voorheen gesloten jeugdhulp) is apart ingekocht in nauwe bovenregionale samenwerking met de andere jeugdregio’s in Zuid-Holland. • Er wordt in jeugdregio Rijnmond met twee inkoopmodellen gewerkt. De gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam (MVS) werken met taakgerichte inkoop in één integrale opdracht met populatiebekostiging.

De GRJR-inkoop voor de tien andere gemeenten is outputgericht met behulp van een resultaatgericht arrangementenmodel. ➔

Naast de aanbestedingsstructuur vanaf 2023 zijn er nog maatwerkcontracten en een subsidie voor buitenregionale plaatsingen. Onderzocht wordt hoe deze afwijkende vormen onder de aanbestedingsstructuur kunnen worden gebracht.

➔

In het kader van de Hervormingsagenda komt er een lijst van zorgvormen die ten minste regionaal moeten worden ingekocht. Hierop moeten de contracten voor de eerstvolgende verlenging worden aangepast.

➔

In het kader van de Hervormingsagenda moeten jeugdregio’s robuust zijn. Dit betekent dat weer naar één inkoopmodel voor de hele regio toegewerkt moet worden.

2.2.2

Inzet en bekostiging van regionaal ingekochte jeugdhulp

De GRJR heeft de zorgcontracten afgesloten als opdrachtgever namens de gemeenten. Maar de inzet en bekostiging van de werkelijke hulp is een samenspel van meerdere partijen. Een gezin komt met een hulpvraag bij het gemeentelijke wijkteam, de huisarts, jeugdarts, medisch

2 Vanaf 2023 niet meer regionaal maar lokaal ingekocht:

• •

Daghulp in de vorm van Schoolvervangende dagbehandelingen, dagbehandelingen gericht op werk (16+); alle extramurale vormen van hulp voor Jeugd met een Beperking. Ambulante hulp bij Laagcomplexe problematiek en zorgaanbod, eenduidige vormen van behandeling of begeleiding, waarbij het beloop redelijk voorspelbaar is en medicatiecontrole.

9

specialist, rechter, jeugdbeschermer of jeugdreclasseerder. Deze partijen zijn wettelijk aangewezen als verwijzers naar jeugdhulp: zij mogen een jeugdige en het gezin verwijzen naar een jeugdhulpaanbieder. De jeugdhulpaanbieder stelt (in overleg met de gemeente) een hulparrangement samen. Hierbij is het resultaatgerichte arrangementenmodel van de GRJR van toepassing en bepalend voor de arrangementsprijs (weektarief). De gemeente geeft formeel goedkeuring (toewijzing). De gemeente kan daarbij de verwijzing van een wettelijk verwijzer niet tegenhouden. De aanbieder levert de zorg en declareert de kosten bij de gemeente, De gemeente beoordeelt de declaratie en stuurt deze naar de GRJR. De GRJR betaalt de declaratie en rekent na afloop van een boekjaar definitief met aanbieders af op basis van productieverantwoordingen. De sturing op jeugdhulp is door deze situatie een samenspel van alle genoemde partijen. De informatievoorziening ten behoeve van deze sturing wordt verzorgd door de GRJR. ➔

In het kader van de Hervormingsagenda moet de administratieve afhandeling van de contracten regionaal worden georganiseerd. Dit om de administratieve lasten voor aanbieders te beperken. Hiervoor wordt in samenhang met verbetering van de datakwaliteit een project voorbereid.

➔

Voor de volgende inkoopronde moet de bekostigingssystematiek worden herzien omdat de huidige systematiek sturing op aanbod en kosten bemoeilijkt.

2.2.3

Ontwikkelopgaven systeem- en prestatieaanbieders

Centrale doelstelling van de GRJR is dat het zorglandschap passend is. De contracten bevatten hiervoor allerlei eisen over hoe om te gaan met inzet van hulp als er een hulpvraag is, zoals het tijdig aanvragen van indicaties (toewijzingen), het leveren van hulp conform afgegeven indicaties (toewijzingen) en het tijdig declareren van geleverde hulp. De passendheid van het zorglandschap gaat over de beschikbaarheid van het juiste zorgaanbod. Dat vereist een voortdurende ontwikkeling van het zorgaanbod. Leren en ontwikkelen zijn daarom belangrijke pijlers in de contracten. Met systeemaanbieders en aanbieders van forensische hulp (prestatieaanbieders) zijn ontwikkelopgaven afgesproken. Deze opgaven moeten tot meetbare veranderingen in het zorglandschap leiden, zodat de hulp meer nabij en passend (en daarmee naar verwachting minder duur) wordt. Voor het kunnen volgen van en sturen op de voortgang van de ontwikkelopgaven is de afgelopen jaren een dashboard opgebouwd met kpi’s per ontwikkelopgave. De ontwikkelopgaven voor de systeemaanbieders zijn: 1. Hulp aan de jeugdige moet nabij en passend zijn Nabij: de hulp wordt binnen het sociale netwerk van de jeugdige geboden (ambulante hulp), het sociale netwerk wordt betrokken en ingeschakeld, zodat duurzame oplossingen ontstaan. Passend: de hulp is kort en bondig, zodat geen onnodige afhankelijkheidssituatie ontstaat.

Hierbij wordt ingezet op interventies, methodieken, richtlijnen en aanpakken die passen bij de ondersteuningsbehoefte en bewezen effectief zijn, tegen zo laag mogelijke kosten.

2. Regionaal sluit aan op lokaal De regionale jeugdhulpdienstverlening sluit naadloos aan op lokaal aangeboden zorg in het kader van de jeugdhulp en op het lokale netwerk. Aanbieders en maatschappelijke partners vinden en ondersteunen elkaar op kennis, vaardigheden en expertise en vormen een geheel met elkaar, zodat de jeugdige een vloeiend verlopende behandeling heeft richting goed functioneren, passend in de samenleving.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3811/documents/33919