26. 766829 Raadsvoorstel zienswijze op jaarstukken 2022 en planning begroting 2024 BAR-organisatie.pdf
Tekst van het document
20
Concerncontrol heeft geconstateerd dat het borgen van interne controle en rollen, taken en verantwoordelijkheden binnen de processen een terugkerend aandachtspunt is. Het inrichten van interne processen in de lijn is een blijvend aandachtspunt wat is geborgd door de regie en coördinatie binnen Concerncontrol te beleggen. Bij de uitgevoerde VIC zijn geen financiële fouten geconstateerd. Er zijn wel bevindingen gedaan waaruit blijkt dat de uitvoering van diverse processen nog niet volledig in control is. Daartegenover staat dat er binnen belangrijke processen zichtbaar stappen zijn gemaakt. Oorlog in Oekraïne Op 24 februari 2022 begon de grootschalige aanval van Rusland op Oekraïne. Deze oorlog heeft grote impact op de wereldeconomie. De huidige economische ontwikkelingen, zoals de schaarste in grondstoffen en menskracht, hebben een prijsopdrijvend effect waardoor de inflatie naar recordhoogte is gestegen. Dit heeft direct effect op de positie van onze inwoners door met name fors gestegen energiekosten. De oorlog heeft geleid tot grote vluchtelingenstromen, zowel in Oekraïne als naar de buurlanden toe. Een deel van de gevluchte Oekraïners is naar Nederland gekomen. Nederland heeft de Oekraïners ruimhartig opgevangen met vele initiatieven waarbij gemeenten een belangrijke rol hebben vervuld. Vanuit onze GR BAR werd direct het project Oekraïne-vluchtelingenopvang opgestart.
Hiervoor is een projectstructuur ingericht voor de beleids- en uitvoerende taken. De hiermee samenhangende kosten van ruim € 534.200 voor de inzet van BAR-personeel is volledig gecompenseerd door het Rijk. Onze GR BAR loopt verder geen financiële risico’s en onderhoudt geen relaties met Rusland en/of Oekraïne. Coronapandemie De uitbraak van het COVID-19 (corona) virus sinds het voorjaar van 2020 heeft een enorme impact gehad. De coronacrisis en de bijbehorende beperkende maatregelen hebben gezorgd voor directe en ingrijpende veranderingen in onze manier van werken. Plotseling moest iedereen thuiswerken. Dat bracht naast praktische uitdagingen ook bij velen een toename van stress en een vermenging van werk en privé met zich mee. Het gebruik van digitale middelen en het online samenwerken nam sterk toe. Hierdoor is de kwaliteit en veiligheid van de ICT-infrastructuur van extra belang geworden. Net als de digitale vaardigheden van de medewerkers en het risico op internetcriminaliteit. Ook veranderde het gebruik van onder meer de gemeentelijke dienstverlening, de buitenruimte en kantoorruimte sterk met alle gevolgen van dien. In de loop van 2022 is gebleken dat de beperkende maatregelen door een succesvolle vaccinatiecampagne en het milder worden van het virus konden worden opgeheven en er weer een situatie ‘na de pandemie’ is ontstaan.
Ook in het najaar van 2022 zijn de effecten van corona beperkt gebleven en hebben deze nauwelijks effect gehad op de bedrijfsvoering. De uitkomsten van de ontwikkelingen op de middel- en lange termijn zijn echter onzeker. De richting en intensiteit van de ontwikkelingen zijn vrijwel niet te voorspellen en te kwantificeren. Het lijkt erop dat de effecten van de oorlog in Oekraïne, de effecten van COVID-19 - ook op de langere termijn - zullen overschaduwen.
21
2. Paragrafen 2.1 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onze GR BAR is de uitvoeringsorganisatie namens de gemeenten Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk. Voor deze gemeenten voert de GR BAR actief beleid op de beheersing van de risico’s die gezamenlijk gelopen worden. Door inzicht in de actuele risico’s en de mogelijke maatregelen worden organisatie en bestuur in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen. Alle risico’s worden tenminste twee keer per jaar herijkt en er wordt continu geanticipeerd op nieuwe risico’s. Alle geïdentificeerde onzekerheden of risico’s die niet in de begroting (kunnen) worden opgenomen, worden vanaf het moment dat zij kwantificeerbaar zijn opgenomen in het risicoprofiel. Dit risicoprofiel komt tot stand met behulp van het risicomanagementsoftware-programma NARIS. Weerstandvermogen, weerstandscapaciteit en risico’s Het weerstandsvermogen is het saldo van de weerstandscapaciteit en de risico’s, oftewel: weerstandscapaciteit - risico’s = weerstandsvermogen. De weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve, de onbenutte belastingcapaciteit, het bedrag voor onvoorzien en stille reserves. Geen van deze componenten is aanwezig binnen onze GR BAR wat maakt dat de GR BAR geen weerstandscapaciteit heeft.
De in deze paragraaf geïnventariseerde risico’s van onze GR BAR zijn ondergebracht bij de gemeenten waar ze in de gemeentelijke risicoprofielen in de begrotingen zijn opgenomen. Top tien belangrijkste risico’s GR BAR Onze GR BAR gaat over gezamenlijk werkgeverschap en inkoop waardoor het risicoprofiel puur gericht is op bedrijfsvoering en daarmee de top tien bedrijfsvoeringsrisico’s met de grootste (financiële) impact toont welke zich voor kunnen doen. Onder bedrijfsvoering valt alles wat de BAR-organisatie inzet om de burgers, bedrijven en instellingen van de deelnemende gemeenten goed te bedienen. De bedrijfsvoering omvat tevens alle activiteiten die binnen de organisatie worden uitgevoerd, met uitzondering van het verlenen van diensten en het produceren van producten, oftewel het primaire uitvoeringsproces. Bedrijfsvoering betreft dus wel de ondersteuning van alle primaire processen, de technische inrichting ervan, de sturing en beheersing van de organisatie en de ervaring en deskundigheid van het personeel.
Het totaal aan risico’s van onze GR BAR, per 25 januari 2023, bedraagt ongeveer € 3.300.000 en wordt afgedekt door de deelnemende gemeenten. Deze top tien vertegenwoordigt 87,5 % van het totaal aan bedrijfsvoeringsrisico’s. Positie Nu / oud
Risicogebeurtenis
Gevolgen
Maatregelen / info
Gemiddeld risico*
Invloed (%)
1/1
Cluster ICT risico’s gerelateerd aan software, hardware, communicatie techniek en informatiebeveiliging.
Financieel, imago
Kwaliteitsontwikkeling, organisatieontwikkeling, Jaarlijkse IT audit
€ 638.000
29,17%
2/ 5
Achterblijvende ontwikkeling bedrijfsprocessen/-structuur
Financieel, tijd- uitstel doelstelling, imago
Consolidatie- en rationalisatieprogramma, procesmanagement, organisatieontwikkeling, Good governance
€ 498.000
12,32%
3/2
Aansprakelijkheid door fouten/onwetendheid/niet handelen van personeel
Financieel, imago
HRM, begeleiding en ontwikkeling
€ 399.000
11,03%
22
Positie Nu / oud
Risicogebeurtenis
Gevolgen
Maatregelen / info
Gemiddeld risico*
4/4
Moeilijke werving door schaarste op arbeidsmarkt. Invullen competenties die onvoldoende ontwikkeld/ aanwezig zijn kost meer dan geraamd.
Financieel, kwaliteit dienstverlening, imago
Business continuity management, HRM, begeleiding en ontwikkeling
€ 200.000
5/3
Niet (kunnen) voldoen aan actuele wet- en regelgeving (Compliance)
Financieel, imago
Procesmanagement, organisatieontwikkeling, ontwikkelen Governance, Risk en Compliance competenties
6/6
Risico’s Assetmanagement Vastgoed/ beheer/ onderhouden eigendommen
Financieel
Business Continuïteit management, accommodatiebeheersproces, procesmanagement, organisatieontwikkeling
7/9
Clusterrisico’s Fraude en Integriteit
Financieelextra kosten en boetes, imagoschade
8/-
Bedreiging business continuïteit door/tijdens crisissituatie(s)
Financieelextra kosten en boetes, imagoschade
Business Continuïteit management Risicomanagement, beveiliging
€ 201.000
9 / 10
Onvoorziene kosten doorontwikkeling
Financieel
monitoring, organisatieontwikkeling, procesmanagement
€ 250.000
10 / 7
Onvoldoende inzicht in en kennis van contracten
Financieel, schade voor de gemeente
Contractbeheer-/management, procesmanagement, organisatieontwikkeling
€ 261.000
Procesmanagement, organisatieontwikkeling, verbeteren compliance functie
€ 266.000
€ 210.000
€ 380.000
Invloed (%)
7,26%
6,97%
6,36%
5,55%
3,68%
3,21%
1,93%
87,48 %
* In de top 10 wordt de gemiddelde financiële schade getoond na simulatie en de invloed op de benodigde weerstandscapaciteit. Bedragen afgerond op € 1.000.
De bedragen die in de tabel zijn opgenomen zijn gemiddelde mogelijke schadebedragen uit de risicosimulatie. Deze simulatie laat alle bedrijfsvoeringsrisico’s, van minimaal tot maximaal, veelvuldig optreden om te bepalen hoeveel financiële reserves hiervoor tenminste aanwezig moeten zijn. Ontwikkeling risicoprofiel GR BAR 2022 Oorlog in Oekraïne Het actuele risicoprofiel toont onder invloed van de impact van de oorlog in Oekraïne over bijna de hele breedte van het risicoprofiel een lichte toename in kans en gevolg. We worden sinds de inval van Rusland in Oekraïne dagelijks geconfronteerd met de directe en indirecte gevolgen. Waar deze gevolgen merkbaar zijn in oplopende prijzen bij bijna alle grond-, brand- en voedingstoffen zijn er ook zorgen over het beschikbaar hebben en houden hiervan op de (middel)lange termijn. Het is onvermijdelijk dat de aanhoudende grote stroom oorlogsvluchtelingen vanuit dit gebied van invloed is en zal blijven op de weerstandscapaciteit van de gemeenten. Ambtenaren moeten hun beschikbare tijd vaker verdelen over meer dan hun reguliere rol. Project nieuwe organisaties 2024 In 2022 is duidelijk geworden dat de BAR-organisatie in een andere vorm invulling zal gaan geven aan 23
de ondersteuning van de uitvoering van de gemeentelijke primaire processen. Hiermee zal met name de uitvoeringsfase, waarin de ambtenaar actief invulling en uitvoering geeft aan de product- en dienstverlening richting de klant, als verantwoordelijkheid van de gemeente plaats gaan vinden. Dit geldt ook voor het te onderhouden en uit te voeren beleid. In 2022 is ook duidelijk geworden dat dit van grote invloed zal zijn op de wijze waarop de organisatie nu is ingericht en invulling geeft aan de ondersteuning en dienstverlening. Voor de circa 1.100 mensen die voor de BAR-organisatie werken is er een onzekere periode ingegaan. De risicoscenario’s die aan deze reorganisatie komen te hangen zijn nog niet te kwantificeren en worden in het eerste halfjaar van 2023 onderdeel van dit risicoprofiel gekoppeld aan het project nieuwe organisaties 2024. Top 10 risico’s met korte toelichting en opsomming belangrijke trends en ontwikkelingen 1. Cluster ICT risico’s gerelateerd aan software, hardware, communicatietechniek en informatiebeveiliging De digitalisering van onze wereld en het continu optimaliseren van de beveiliging van kwetsbare gegevens kan niet worden afgeremd. We ontkomen niet aan de toenemende eisen die er worden gesteld aan een goed werkende en veilige digitale werkomgeving en de noodzakelijke doorontwikkeling en uitbreiding er van.
De verantwoordelijkheid om op de best mogelijke wijze met de gevoelige gegevensverzamelingen om te gaan dwingt gemeenten aan te haken bij de landelijke gemiddelden qua investering per inwoner. Trends/ontwikkelingen: een afname van het mentaal welbevinden: medewerkers die door stress, drukte of vermoeidheid minder scherp zijn bij het in achtnemen van de beveiligingsrichtlijnen. door het grotendeels thuiswerken is er meer kans op problemen / inbraak bij de ICTsystemen en staat de veiligheid van het online samenwerken onder druk (bij de verdere digitalisering van de samenleving en een aantal diensten). een aanhoudend oplopende vraag naar een digitale transformatie van de dienstverlening van de overheid. medewerkers die niet optimaal kunnen functioneren en taken niet kunnen uitvoeren door onvoldoende digitale vaardigheden. niet of beperkt kunnen invullen van de bedrijfsfuncties conform de gemeentelijke modelarchitectuur. cyberaanvallen waardoor de bedrijfsvoering (deels) stil komt te liggen. arbeidsmarkt (ICT/informatisering) vormt een probleem als het om de concurrentiepositie van de gemeente gaat ten opzichte van de markt. 2. Achterblijvende ontwikkeling bedrijfsprocessen / -structuur Onze GR BAR investeert continu in het actualiseren en optimaliseren van de processen.
De actuele omstandigheden zetten de doorontwikkeling van processen echter in de wacht omdat er een nieuwe structuur wordt neergezet waarin ontwikkeling van beleid en de hieruit te borgen uitvoering van diverse primaire processen bij de gemeenten komen te liggen. Trends en ontwikkelingen: opknippen / kopiëren van competenties en productiekracht naar meer uitvoeringslocaties en / of gelijksoortige teams vraagt om meer mensen op dezelfde wettelijke taken. De arbeidsmarkt voorziet hier momenteel niet / beperkt in. afwijken van de gewenste eenduidige uitvoering van wetten en regels conform Gemeentelijke model architectuur en proceslandschap zorgt voor toenemende onzekerheid over uitvoerbaarheid kerntaken van gemeenten. opknippen gemeentelijke bedrijfsfuncties ondersteuning en uitvoering over verschillende
24
eigenaren zorgt voor een periode van teruglopende resultaten. de burgerparticipatie komt in het gedrang. uitval van personeel door ziekteverzuim.
3. Aansprakelijkheid door fouten / onwetendheid / niet handelen van personeel Het personeel van de GR BAR toont veerkracht onder moeilijke omstandigheden en is in staat gebleken te schakelen en met beperkte mogelijkheden te blijven presteren. De kans dat er iets mis gaat is onder de huidige omstandigheden wel hoger. Het gemiddeld ziekteverzuim is hoog. De aanhoudende toename van het aantal taken en de vereiste kennis voor diverse nieuwe of aangepaste wetten en regels komen hier extra bij. De onzekerheid die in 2022 is ontstaan over de reorganisatie van de BAR-organisatie is van invloed op het werkplezier, de werkdruk en het aanpassingsvermogen van de medewerkers. Trends en ontwikkelingen: een afname van het mentaal welbevinden: medewerkers die door stress, drukte of vermoeidheid minder scherp zijn. een hogere werkbelasting van het personeel door een toename van de belasting van de lokale overheid en de invoering van nieuwe regelingen en/of maatregelen (zoals diverse steunmaatregelen en crisis-gerelateerde activiteiten). nieuwe en gewijzigde wetten en regels vragen om bijkomende competenties. Een onvolledige of uitblijvende invulling van die competenties vormt inmiddels een aanzienlijk risico. uitval personeel door (een hoger) ziekteverzuim. inwerken van nieuwe medewerkers staat steeds meer onder druk. 4. Moeilijke werving door schaarste op arbeidsmarkt.
Invullen competenties die onvoldoende ontwikkeld / aanwezig zijn kost meer dan geraamd. Onze GR BAR geeft invulling aan de taken van de deelnemende gemeenten. Om invulling te geven aan de vereiste gemeentelijke architectuur moet voortdurend een breed scala aan bedrijfsfuncties worden ingevuld. Dit is en blijft een grote uitdaging omdat het hier gaat over mensen en het invullen van competenties. Trends en ontwikkelingen: het inwerken / binden van nieuwe medewerkers is steeds moeilijker binnen taakgebieden waar het verloop hoog is. werven personeel met specifieke kennis, ervaring en specifieke vaardigheden (competenties) is lastig voor gemeenten door beperkte beschikbaarheid geschikt personeel en/of de concurrentiepositie ten opzichte van de markt. 5. Niet (kunnen) voldoen aan actuele wet- en regelgeving (Compliance) De verantwoordelijkheid voor het compliant zijn is verdeeld over verschillende rollen en staat onder druk door de invoering en wijzigingen van wetgeving en daarmee de uitbreiding van de gemeentelijke taken en plichten. Trends en ontwikkelingen: nieuwe en complexe regelgeving ontstaan als gevolg van crisis-gerelateerde taken die bij de gemeenten worden belegd. de uitvoering van wetten en taken in het sociaal domein (Wmo, Participatie, Jeugdzorg) komt door een stijgende vraag in het gedrang.
de uitvoering van de energietransitie komt in het gedrang: kunnen de gemeenten de
25
wettelijke taken nakomen? nieuwe / aangepaste wetgeving vereist bij implementatie synchroon stappen in organisatievolwassenheid.
6. Risico’s met betrekking tot assetmanagement / beheer en onderhouden eigendommen Het geplande onderhoud aan gemeentelijke eigendommen vindt plaats aan de hand van een meerjarig onderhoudsprogramma. De crisis in Oekraïne heeft invloed op de prijzen van grond-, bouw- en brandstoffen, maar ook op de beschikbaarheid van deskundige aannemers / partijen. Dit geldt eveneens voor de veranderingen die op stapel staan in de BAR-organisatie. Trends en ontwikkelingen: onderhoud valt duurder uit of moet worden uitgesteld. geen gebruik van de accommodaties en derhalve geen huurinkomsten. uitval van personeel door ziekteverzuim. 7. Clusterrisico’s Fraude en Integriteit Door voldoende capaciteit toe te kennen aan het ten uitvoer leggen van een uitgebreide frauderisicoanalyse wordt de toezichthouder in positie gebracht om kritisch toezicht te houden op de uitvoering van het beleid. In 2022 is invulling gegeven aan de actualisatie van het risicobeleid. Trends en ontwikkelingen: risicoanalyse fraude en integriteit kan als onderdeel van een concernbreed risicoprofiel de aandacht verliezen. verregaande digitalisering van de samenleving en diensten & producten. eerder in aanraking komen met criminaliserende omstandigheden / factoren. 8.
Bedreiging business continuïteit door / tijdens crisissituatie(s) Business continuity management (BCM) is het proces dat potentiële bedreigingen voor een organisatie identificeert en bepaalt wat de uitwerking op de organisatie is als deze bedreigingen daadwerkelijk optreden. BCM biedt een kader om tegen deze bedreigingen weerstand te bieden en in staat te zijn effectief te reageren. Met als doel bescherming en continuïteit te bieden door: - de belangrijkste belanghebbenden van de organisatie te blijven bedienen, - de meest cruciale processen in de lucht te houden en - in staat te zijn te allen tijde de belangrijkste diensten en producten te kunnen blijven leveren. Trends en ontwikkelingen: het beschermen van de organisatie vraagt om specialistische doorontwikkeling op hoog en veelal kostbaar niveau. bedreiging (digitaal) van buitenaf neemt toe. continuïteit kent een sterke afhankelijkheid in het beschikbaar hebben en houden van capaciteit en passende competenties. Dit laatste komt steeds meer onder stuk te staan. continuïteit van cruciale processen zal met regelmaat ge-audit / getest / geactualiseerd gaan worden om de werking vast te kunnen stellen. 9. Onvoorziene kosten (door)ontwikkeling BAR Veel van de risico’s in dit profiel zijn van invloed op de continue ontwikkeling van de BAR-organisatie.
De in gang gezette veranderingen van de bedrijfsveringorganisatie naar een slankere inrichting die niet langer zelf invulling geeft aan de uitvoering van de primaire processen leveren een grote uitdaging op waarvan de risico’s pas later kunnen worden gekwantificeerd.
26
Trends en ontwikkelingen: gemeentelijke bedrijfsfuncties kunnen niet altijd (volledig) worden ingevuld. veranderde omstandigheden vragen om nieuwe vaardigheden, middelen en aanpassingstijd. het streven om de doorontwikkeling door te zetten en stabiel te blijven acteren als organisatie in crisistijd. beleid, uitvoering en beheer opsplitsen van een groot aantal gemeentelijke processen levert een zeer omvangrijk project op met stevige risico’s. afwijken van de gemeentelijke modelarchitectuur levert onnodige risico’s op in de uitvoerbaarheid van wettelijke taken gemeenten. 10. Onvoldoende inzicht in en kennis van contracten De toenemende kwaliteit bij het contractmanagement binnen onze GR BAR hebben dit risico doen afnemen. Het omgevingsbeeld waarbinnen wordt geacteerd verandert echter sterk en zorgt voor veel uitdagingen. Trends en ontwikkelingen: een verdere digitalisering van de samenleving en een aantal diensten. discipline en communicatie van alle verschillende verantwoordelijken in een ketennetwerkorganisatie waarin de product- en dienstverlening plaatsvindt. Financiële kengetallen In het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is een aantal financiële kengetallen verplicht voorgeschreven. De volgende zijn in beginsel relevant voor onze GR BAR. 1.
Netto schuldquote Dit kengetal geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van het totaal van de baten. Het geeft een indicatie van het beslag dat de financieringslasten op de exploitatie leggen en daarmee op de vrije ruimte in de exploitatiebegroting. Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. In het algemeen geldt dat een laag percentage beter is dan een hoog. Berekening: Het totaal van de langlopende geldleningen, de korte schulden en de overlopende passiva gedeeld door 1% van de baten in de jaarrekening: 12.739.300 = 13,59% 1% van 93.720.900 2. Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte geldleningen Dit kengetal is hetzelfde als 1 maar hier wordt ook rekening gehouden met de aan de activakant van de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd korter dan een jaar, het saldo van de liquide middelen en de overlopende activa. 4.453.800 = 4,75% 1% van 93.720.900 3. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin een gemeente / GR in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het geeft de verhouding weer tussen het eigen vermogen (reserves) en de totale balansomvang. De solvabiliteit ligt tussen 0 en 100. Hoe hoger dit percentage is, des te gunstiger voor de financiële weerbaarheid. Berekening: Eigen vermogen gedeeld door het totaal van de passiva.
Onze GR BAR heeft geen eigen vermogen (= reserves), de helft van de formule is dus 0. Een berekening van dit kengetal zou een vreemde uitkomst geven en is daarom niet gemaakt. Voor de kengetallen 1 en 2 geldt een percentage onder de 90% als goed. Bij een percentage tussen de 90 en 130% is waakzaamheid geboden bij het aangaan van nieuwe geldleningen. Een percentage 27
boven de 130% wordt te hoog bevonden, dan is de schuldenlast eigenlijk te zwaar. Dit maakt dat de uitkomsten hierboven als goed zijn te kwalificeren. Dat komt mede omdat de financieringsbehoefte van onze GR BAR niet zo groot is.
2.2 Paragraaf Financiering In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in en verantwoording afgelegd over de uitvoering van de financieringsfunctie (treasury). Kaders De wettelijke kaders voor de financieringsfunctie zijn vastgelegd in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido). De beheersing van financiële risico’s speelt een belangrijke rol in die wet. In het treasurystatuut van de GR BAR zijn deze wettelijke kaders verder uitgewerkt. Het statuut schetst de context waarbinnen het treasurybeleid wordt vormgegeven en beschrijft de bevoegdheden en verantwoordelijkheden binnen de treasuryfunctie. In 2022 zijn de kaders, zoals vastgelegd in Fido en treasurystatuut, gehanteerd. Afdekken reguliere exploitatiekosten en totaalfinanciering Om de treasuryfunctie adequaat in te kunnen vullen is het beschikbaar hebben van juiste, tijdige en volledige financiële informatie - zoals een betrouwbare liquiditeitsplanning - van essentieel belang. De periodieke bevoorschotting van de deelnemende gemeenten is zoveel mogelijk afgestemd op de financieringsbehoefte en dekken de uitgaande kasstroom van de reguliere exploitatie af. Hierdoor hoeft onze GR BAR over het algemeen geen geldleningen af te sluiten.
In 2022 zijn drie kortlopende leningen afgesloten en afgelost: - Eind januari € 3.000.000, looptijd 40 dagen, rente -0,1%, - Eind maart € 5.000.000, looptijd 107 dagen, rente -0,1%, - Half juli € 5.000.000, looptijd 67 dagen, rente 0,0%. De negatieve rente van de eerste twee leningen heeft een negatieve rentelast (= een bate) van € 1.800 opgeleverd. Renterisicobeheer Algemeen Risicobeheersing is één van de pijlers van de Wet Fido. Voor het beperken van de renterisico’s bij de treasuryfunctie zijn twee normen verplicht gesteld: •
De kasgeldlimiet, heeft betrekking op leningen met een looptijd tot maximaal één jaar; • De renterisiconorm, heeft betrekking op leningen met een looptijd vanaf één jaar. Het doel van deze twee normen is het beperken van de budgettaire risico’s bij rentestijgingen. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft een norm voor het maximum bedrag aan kortlopende middelen (looptijd tot maximaal een jaar) waarmee de decentrale overheid haar activiteiten mag financieren, te weten 8,2% van het begrotingstotaal. Het doel van deze limiet is het voorkomen van het risico dat fluctuaties bij de korte rente meteen een grote impact hebben op de rentelasten tijdens het boekjaar. Als de kasgeldlimiet gedurende drie achtereenvolgende kwartalen wordt overschreden moeten deze rapportages aan de provincie worden toegezonden, met daarbij een plan om weer te gaan voldoen aan de kasgeldlimiet. 28
Uit onderstaand schema is af te lezen dat onze GR BAR in 2022 in alle kwartalen onder de gestelde kasgeldlimiet gebleven is.
Renterisiconorm De renterisiconorm bepaalt dat jaarlijks maximaal 20% van het begrotingstotaal in aanmerking komt voor herfinanciering en/of renteherziening. Deze norm heeft als doel de risico’s te beperken van een toekomstige stijging van de kapitaalmarktrente bij herfinanciering (van aflossingen op bestaande leningen) en renteherzieningen op bestaande langlopende leningen. Door het toepassen van deze norm ontstaat een goede spreiding van de langlopende leningen, waardoor dit renterisico gelijkmatig over de jaren wordt verdeeld. Uit onderstaand overzicht blijkt dat onze GR BAR in 2022 onder de renterisiconorm gebleven is. RENTERISICONORM EN RENTERISICO'S VAN DE VASTE SCHULD bedragen x € 1.000 Renterisico op vaste schuld 2022 1a. Renteherziening op vaste schuld o/g 0 1b. Renteherziening op vaste schuld u/g 0 1. Netto renteherziening op vaste schuld (1a - 1b) 0 2. Betaalde aflossingen 2022 (leningen aan BAR) 43 3. Renterisico op vaste schuld (1+ 2) 43 Renterisiconorm 4a. Begrotingstotaal 2022 4b. Het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage 4. Renterisiconorm
74.792 20,0% 14.958
Toets Renterisiconorm 5a Ruimte onder renterisiconorm (4 - 3) 5b Overschrijding renterisiconorm (4 - 3)
14.915 n.v.t.
29
Financiering In het treasurystatuut is bepaald dat onze GR BAR financiering met externe middelen zoveel mogelijk beperkt door gebruik te maken van de beschikbare interne financieringsmiddelen. Hiermee worden de renterisico’s beperkt en wordt het renteresultaat geoptimaliseerd. Bij de oprichting van onze GR BAR in 2014 zijn de materiële vaste activa van de bedrijfsvoering door de gemeenten overgedragen aan de GR BAR. Per gemeente is destijds een lening verstrekt ter financiering van deze overname. In 2022 zijn er geen nieuwe langlopende leningen aangetrokken. Langlopende leningen Leningen 2022
bedragen x € 1000 hoofdsom 1-1-2022
Barendrecht Albrandswaard Ridderkerk Totaal
31 44 9 84
aflossing
restant hoofdsom 31-12-2022
rentelasten 12 22 9 43
1 2 0 3
19 22 0 41
Renteschema Om inzicht te geven in de rentelasten uit de externe financiering, het renteresultaat en de wijze van rentetoerekening is onderstaand (verplicht voorgeschreven) schema opgenomen: Externe rentelasten over de lange financiering Externe rentelasten over de korte financiering Externe rentebaten Totaal aan de begroting toe te rekenen externe rente Werkelijk aan de begroting toegerekende rente (rente-omslag) Renteresultaat
3.100 -/- 1.800 0 1.300 1.300 0
2.3 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Huisvesting Onze GR BAR maakt gebruik van gemeentelijke huisvesting (gemeentehuizen en -werven). Ten aanzien van de huisvesting is een aantal jaren geleden besloten de eigendomsverhouding van de gebouwen ongemoeid te laten. De GR BAR heeft de gebouwen om niet in gebruik van de gemeenten. Het gemeentehuis van Barendrecht en de gemeentewerf Londen zijn eigendom van de gemeente Barendrecht. Het (gemeente-)Huis van Albrandswaard is eigendom van de gemeente Albrandswaard. De gemeente Albrandswaard heeft de gemeentewerf Nijverheidsweg in eigendom en verhuurt die aan de NV BAR-Afvalbeheer. De gemeente Ridderkerk heeft het gemeentehuis van Ridderkerk in eigendom. Voertuigen Na een langdurige aanbestedingsprocedure in 2018 werd in februari 2019 een raamovereenkomst getekend door onze GR BAR en Volkswagen Pon Financial Services. Met dit contract kon de GR BAR efficiënt en effectief inspelen op de vervanging en verduurzaming van het wagenpark. De transitie van eigen beheer naar lease zou in 5 jaar plaatsvinden.
30
In 2022 zijn er in de lease 9 stuks voertuigen en 8 stuks ondersteunend materieel geleverd. Inmiddels zijn er totaal 88 stuks voertuigen en ondersteunend materieel vervangen waarvan 54 voertuigen, 18 strooimachines, 3 schuiven/ploegen en 13 landbouwwerktuigen. Eind 2022 staan nog 8 stuks voertuigen en 4 landbouwwerktuigen in bestelling. Alles wordt in 2023 (1e en 2e kwartaal) geleverd. De eerder ontstane vertraging in de overgang naar lease is daarmee nagenoeg ingelopen. I&A-investeringen (Informatie en Automatisering) Robotic Process Automation Robotic Process Automation (RPA) betreft het automatiseren van repetitieve handmatige activiteiten. Het betreft ‘domme softwarerobots’ die worden ingezet om te besparen mét ICT. De besparing zit in het vervangen van handmatig werk door een software robot. Voorbeelden zijn het invoeren van grote aantallen aanvragen zoals bij de Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers (Tozo), de Tonk-maatregel (Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten) en de Energietoeslag. Ook bij het interne administratieve proces van inhuur van medewerkers is RPA ingezet om te besparen op handmatige invoer. Centric Per 1 januari 2022 is een vernieuwd onderhoudscontract met onze grootste softwareleverancier Centric afgesloten. Dit heeft, conform verwachting, in 2022 geleid tot lagere vaste onderhoudskosten en hogere investeringskosten.
Dit omdat nieuwe versies van bestaande software in dit nieuwe contract tot aanschafkosten leidt. Common Ground Common Ground is de belangrijkste ICT-gerelateerde ontwikkeling vanuit de VNG. Het doel is een open, transparante en digitaal veilige overheid die haar dienstverlening flexibeler kan inrichten en verbeteren. In 2022 is de aanbesteding voor een nieuw ‘CMS’ (content management systeem, websites) afgerond. De winnende oplossing is een moderne, op Common Ground principes gebaseerde oplossing. In 2022 zijn de eerste stappen gezet op weg naar een ontwikkelpad richting Common Ground. Common Ground is nog niet zover dat er in 2022 voor ons bruikbare standaardoplossingen beschikbaar zijn gekomen. Gegevensbeheer openbare ruimte Conform planning is de applicatie voor gegevensbeheer openbare ruimte (GBI) in 2022 vervangen. Zaaksysteem In 2022 is gewerkt aan de implementatie van de nieuwe versie van ons zaaksysteem. Door capaciteitsproblemen bij de leverancier heeft dit project (minimaal) vijf maanden vertraging opgelopen. Daarmee zijn ook de beoogde investeringen gerelateerd aan dit project achtergebleven. I&A-beleid Het I&A-beleid is ook in 2022 een belangrijk kader geweest voor onze ontwikkelingen. Voor wat betreft de 5 in het I&A-beleid benoemde deelgebieden is te melden: 1.
Klant & dienstverlening In samenhang met het Programma Dienstverlening is in 2022 ingezet op het verder aanbieden van (eenvoudiger) digitale toegang tot onze producten en diensten. Zo is onder meer een nieuwe oplossing voor Meldingen Openbare Ruimte in gebruik genomen die inwoners in staat stelt om eenvoudiger meldingen te maken. Ook zijn de E-diensten Burgerzaken geïmplementeerd die het voor inwoners makkelijker maken om online een uittreksel of afschrift aan te vragen. Uiteraard wordt bij het uitbreiden van onze online dienstverlening rekening gehouden met digitale toegankelijkheid zodat ook inwoners met een beperking gebruik kunnen maken van onze online diensten. 31
2. Data & Informatiegedreven werken Conform verwachting is in 2022 veel geïnvesteerd in management- en stuurinformatie, onder andere gericht op het Sociaal Domein. 3. Medewerker & Processen Een oplossing voor het anonimiseren van stukken is geïmplementeerd, Robotic Process Automation (RPA)-toepassingen en infrastructuur zijn uitgebreid. Ontwikkelingen op het gebied van de ‘digitale handtekening’ zijn door capaciteitsproblemen tijdelijk stop gezet. 4. Technologie & Leveringsmodellen Het tempo van de ‘verSaaSing’ (het vervangen van softwareapplicaties in-huis door softwarediensten uit de Cloud) is in 2022 minder snel gegaan dan verwacht. De oorzaken liggen deels bij de leveranciers die hun oplossing minder snel ‘verSaaSen’ dan eerder aangekondigd. Daarnaast zorgt de vertraging in de vervanging van het zaaksysteem ook breder tot vertraging in de verSaaSing, dit als gevolg van de afhankelijkheden en koppelingen tussen software pakketten. (SaaS: Software as a service) 5. Wetgeving & Ontwikkelingen a. Voor de Wet open overheid zijn (beperkte) investeringen gedaan in de daarvoor benodigde technologie.
Dit gaat minder snel dan verwacht omdat landelijk geen voortgang is geboekt op gebied van zowel PLOOI (het Platform Open OverheidsInformatie waarop gepubliceerd moet worden) als op het gebied van de planning, er is nog altijd geen wettelijk vastgestelde datum waarop actief gepubliceerd moet worden. b. Voor de Omgevingswet is nieuwe software voor onder meer Vergunning, Toezicht & Handhaving (VTH), Plansoftware en Toepasbare regels aangeschaft. Samenvattend hadden de financieel grootste investeringen in 2022 betrekking op: - Projecten en uitbreiding My-Lex. Dit is de software die wordt gebruikt voor: a. het zoeken en vinden van informatie, b. het conform de Archiefwet uitfaseren van oude software zoals Verseon en Kedo waarbij de informatie via My-Lex beschikbaar blijft, c. het toegankelijk maken van gedigitaliseerde bouwdossiers en persoonskaarten. - Centric: nieuwe versies van software, nieuwe koppelingen voor automatische berichtenafhandeling en nieuwe E-Diensten. - Eljakim (Carel), Stratech en Inforing: nieuwe software voor leerlingenvervoer en schuldhulpverlening (sociaal domein). - Uitbreidingen Pepperflow (begrotingsapplicatie). - Uitbreiding Robotic Process Automation (RPA) infrastructuur ten behoeve van ‘besparen mét ICT’. - Aanbesteding Content Management Systeem (CMS, websites). - Aanbesteding softwarebroker. - Update zaaksysteem (ondanks vertraging).
2.4 Paragraaf Bedrijfsvoering Dit is een verplicht voorgeschreven paragraaf (in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV)). In de paragraaf in de begroting moet ten minste inzicht worden gegeven in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. En in het jaarverslag moet hierover verantwoording worden afgelegd. Maar omdat onze GR BAR alleen bedrijfsvoering betreft is dit al opgenomen in de programmaverantwoording van deze jaarstukken en is een 32
paragraaf Bedrijfsvoering niet nodig. Hieronder volgt nog wel een toelichtende tekst in het kader van de nieuwe opzet van de rechtmatigheidsverantwoording door het dagelijks bestuur. Toelichting bij de Rechtmatigheidsverantwoording door het dagelijks bestuur Met ingang van het boekjaar 2023 wijzigt de rechtmatigheidsverantwoording. Tot nu toe geeft de accountant een verklaring over de rechtmatigheid af in zijn accountantsverklaring bij de jaarrekening. In de nieuwe situatie legt het dagelijks bestuur verantwoording af over de rechtmatigheid in de jaarrekening. Om goed voorbereid te zijn op de nieuwe wettelijke verplichting vanaf 2023 heeft het bestuur besloten om de jaarrekeningen 2021 en 2022 te gebruiken als proef. In deze jaarrekening treft u dus zowel een rechtmatigheidsverantwoording van het dagelijks bestuur aan volgens het nieuwe wettelijke format, zie pagina 69, als de huidige rechtmatigheidsverklaring van de accountant, zie pagina 84. Rechtmatigheid is een juridische term en houdt in dat overeenkomstig de geldende regels en besluiten is gehandeld. Voor deze rechtmatigheidsverantwoording van het dagelijks bestuur geldt echter een minder omvattend begrip. Het blijft beperkt tot de financiële rechtmatigheid. De financiële rechtmatigheid betreft de rechtmatige totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties.
Het gaat om het financiële beheer en de financiële beheershandelingen. Hierbij zijn de volgende drie specifieke rechtmatigheidscriteria van belang: 1. Begrotingscriterium. De financiële handelingen passen binnen het kader van de laatste geautoriseerde begroting (inclusief goedgekeurde begrotingswijzigingen). 2. Voorwaardencriterium. De voorwaarden in wet- en regelgeving worden nageleefd, zoals landelijke wetten of door het algemeen bestuur vastgesteld beleid. 3. Misbruik & Oneigenlijk gebruik (M&O) - criterium. Er vindt een toetsing plaats op de juistheid en volledigheid van de gegevens die door derden zijn verstrekt met het oog op het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van regelingen door klanten of ambtenaren. Conclusie rechtmatigheid De accountant en het dagelijks bestuur komen beide tot hetzelfde oordeel: er zijn geen rechtmatigheidsfouten geconstateerd die moeten meewegen in het oordeel of onrechtmatig is gehandeld. 1. Op het gebied van de begrotingsrechtmatigheid is sprake van een overschrijding van de lasten, maar die overschrijding past binnen het bestaande beleid. 2. Bij het voorwaardencriterium (inclusief de Wet financiering decentrale overheden en bijbehorende regelingen) zijn geen afwijkingen geconstateerd. 3. Bij het Misbruik & Oneigenlijk gebruik (M&O) - criterium zijn geen afwijkingen geconstateerd.
Evaluatie proefjaar rechtmatigheidsverantwoording In deze jaarrekening (het tweede proefjaar) is verdere ervaring opgedaan met de nieuwe wet en de nieuwe systematiek. De interne controle is zodanig aangepast en uitgebreid dat goed voldaan kan worden aan de nieuwe wet. De methodiek uit de huidige wet die wordt toegepast door de accountant wijkt echter aanzienlijk af van de methodiek in de nieuwe wet die wordt toegepast door het dagelijks bestuur. In de oude 33
wetgeving keek de accountant naar afwijkingen van de begroting en rapporteerde alleen afwijkingen die na onderzoek in strijd met de afspraken met het algemeen bestuur of de gemeenteraad (= dus onrechtmatig) bleken te zijn. In de nieuwe wetgeving is dit anders. Alle afwijkingen boven de rapportagegrens zijn onrechtmatig en dienen gerapporteerd en verklaard te worden. Hierdoor ontstaat een verschillend beeld bij de rechtmatigheidsverantwoording zoals het dagelijks bestuur die aflegt en de controleverklaring rechtmatigheid van de accountant. Het verschil wordt dit jaar vooral verklaard door de volgende begrotingsoverschrijdingen: - de eenmalige uitkering die de medewerkers in december 2022 hebben ontvangen vooruitlopend op de nieuwe cao, - de verplichte toevoeging aan de voorziening Regeling Vervroegd Uittreden, - de verplichte toevoeging aan de nieuwe voorziening Verlofsparen, - de extra uren die besteed zijn ten behoeve van Oekraïne (en waarvoor een vergoeding van het Rijk is ontvangen). In de huidige (tot en met 2022 geldende) systematiek worden deze afwijkingen door de accountant gekwalificeerd als afwijkingen die niet hoeven mee te wegen bij zijn oordeel over de rechtmatigheid. Maar in de nieuwe systematiek van de rechtmatigheidsverantwoording door het dagelijks bestuur worden ze wel als formeel onrechtmatig opgenomen.
Vervolgens wordt daarna toegelicht dat in formele zin de begroting is overschreden, maar dat de afwijkingen wel passen binnen het bestaande beleid van en afspraken met het algemeen bestuur en de gemeenteraden. Daarmee is het risico aanwezig dat de nieuwe wet (helaas) tot extra ambtelijke en bestuurlijke inspanningen leidt, die de wet juist beoogde te verminderen.
2.5 Openbaarheidsparagraaf De Wet Open Overheid (Woo) is ingegaan op 1 mei 2022 en legt aan bestuursorganen een aantal verplichtingen op. Eén van deze verplichtingen betreft het geven van een impuls aan openbaarheid. De wet vereist dat in de begroting en de jaarrekening wordt aangegeven hoe rekening wordt gehouden met de bepalingen uit de Woo. In de begroting 2023 werd voor het eerst een openbaarheidsparagraaf opgenomen. Deze jaarrekening 2022 is de eerste jaarrekening met een openbaarheidsparagraaf. De Wet Open Overheid kent een viertal belangrijke aspecten: 1. De verplichting voor ieder bestuursorgaan om een Woo contactfunctionaris aan te wijzen. 2. Verplichtingen gericht op passieve openbaarmaking. 3. Verplichtingen gericht op actieve openbaarmaking. 4. Het op orde brengen van de (digitale) informatiehuishouding. Woo contactfunctionaris Per 1 mei 2022 is deze rol ingevuld door middel van externe inhuur. Op deze wijze wordt voldaan aan de wettelijke verplichting. Bovendien is gedurende 2022 de rol en positie binnen de organisatie vorm gegeven en is in deze periode gezocht naar een definitieve oplossing. In november 2022 is het sollicitatieproces voor een definitieve invulling van deze rol succesvol afgerond. Passieve openbaarmaking De Wet Open Overheid is de opvolger van de Wet Openbaarheid van Bestuur (Wob).
De Woo kent op dit gebied de nodige veranderingen ten opzichte van de Wob. Onder meer de toegestane doorlooptijd voor het beantwoorden van Woo-verzoeken is aangepast. Deze aanpassingen zijn in 2022 doorgevoerd in onze processen.
34
Actieve openbaarmaking De Woo stelt de verplichting om elf benoemde informatiecategorieën actief te publiceren. Deze verplichting is in 2022 nog niet ingegaan. De wet zegt hierover dat voor het publiceren een landelijk platform gebruikt dient te worden: het Platform Open Overheids Informatie - PLOOI. Het adviescollege ICT-toetsing (AcICT) heeft een advies uitgebracht over het PLOOI. Het AcICT adviseert om de huidige ontwikkeling van het Platform stop te zetten en een simpeler variant te maken die sneller te realiseren is. Op 23 december 2022 heeft minister Bruins Slot (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) een brief gestuurd aan de Tweede Kamer waarin zij aangeeft dit advies over te nemen. Ongewijzigd is dat overheidsorganisaties wordt aangeraden om door te gaan met de voorbereidingen en zelf te publiceren via de eigen website. Dit betekent dat een datum waarop actief publiceren verplicht wordt nog altijd niet bekend is. Wel is duidelijk dat deze verplichting niet voor alle elf categorieën tegelijk zal gelden. De eerste vier categorieën zijn wel benoemd: Raadsstukken, Organisatiegegevens, Convenanten en Wooverzoeken. Vanuit het BAR-organisatie programma “Openbaar” is in 2022 gewerkt aan de implementatie van actieve openbaarmaking. In 2022 is het publiceren van raadsstukken en organisatiegegevens geïmplementeerd via de gemeentelijke websites.
Op convenanten en Woo-verzoeken hebben we ons in 2022 inhoudelijk en technisch vergaand voorbereid. Categorie Organisatiegegevens Raadsstukken Convenanten Woo-verzoeken Wet- en regelgeving Bestuurstukken Onderzoeken Beschikkingen Klachten Jaarplannen en verslagen Adviezen van adviescolleges
Status Worden gepubliceerd via websites. Worden gepubliceerd via websites. Voorbereiding vergevorderd. Voorbereiding vergevorderd. Vooronderzoek gereed. Vooronderzoek gereed. Vooronderzoek gereed. Vooronderzoek gereed. Vooronderzoek gereed. Vooronderzoek gereed. Vooronderzoek gereed.
Informatiehuishouding op orde De Woo verplicht dat overheidsorganisaties hun digitale informatiehuishouding binnen acht jaar (vanaf 1 mei 2022) op orde brengen. In 2022 is het actieplan “Houdbaar” opgesteld; een concreet actieplan gericht op dit lange termijn doel. In december 2022 is het sollicitatieproces voor een informatiebeheerder Wet open overheid succesvol afgerond. Zowel de ‘informatie contactpersoon’ als de ‘informatiebeheerder Wet open overheid’ worden betaald uit het meerjarig Woo-budget dat door onze gemeenten beschikbaar is gesteld volgend op de meicirculaire 2021.
35
B.
Jaarrekening 2022 gemeenschappelijke regeling BAR
36
3.1 Balans ACTIVA Nr.
Omschrijving
31-12-2022
1.
Vaste activa Materiële vaste activa - Investeringen met economisch nut - Investeringen in openbare ruimte met maatschappelijk nut
5.791.200
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar - Vorderingen op openbare lichamen - Uitzettingen in 's Rijks schatkist met rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige vorderingen Liquide middelen - Bank- en girosaldi
5.462.700 5.462.700
5.791.200 -
Totaal vaste activa 2.
31-12-2021
0 5.791.200
5.462.700
4.374.900
4.879.800
1.465.000 2.825.400
257.300 4.497.400
84.500
125.100 254.500
254.500
Overlopende activa - De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel uitgesplitst naar de nog te onvangen bedragen van: Europese overheidslichamen - overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
254.600 254.600
3.656.100
2.469.000
1.173.500
882.400
2.482.600
1.586.600
Totaal vlottende activa
8.285.500
7.603.400
Totaal-generaal
14.076.700
13.066.100
37
PASSIVA Nr.
Omschrijving
31-12-2022
3.
Vaste passiva Voorzieningen - Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Vaste schulden, met een rentetypische looptijd van één jaar of langer - Onderhandse leningen van: Openbare lichamen Totaal vaste passiva
4.
Vlottende passiva Netto vlottende schulden, met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige schulden Overlopende passiva - Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichten van vergelijkbaar volume - Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
31-12-2021
1.337.400 1.337.400
319.300 319.300
40.800 40.800
83.900 83.900
1.378.200
403.200
11.104.800
9.391.300
11.104.800
9.391.300 1.593.700
1.593.700
3.271.600 3.271.600
-
0
Totaal vlottende passiva
12.698.500
12.662.900
Totaal-generaal
14.076.700
13.066.100
38
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgesteld conform de voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (het BBV, de gemeentelijke boekhoudvoorschriften) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin de uitgangspunten en regels voor het financiële beleid, het financiële beheer en de inrichting van de financiële organisatie staan. Algemene grondslagen De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Gunstige en ongunstige gebeurtenissen, die bekend worden na het opmaken van de jaarrekening en die nadere, voor het inzicht van het algemeen bestuur onontbeerlijke, informatie geven over de feitelijke situatie per balansdatum, worden in de jaarrekening verwerkt tot aan het moment van vaststelling van de jaarrekening. Het gaat dan om gebeurtenissen waarmee materiële bedragen gemoeid zijn ten opzichte van het totaal van baten en/of lasten. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben.
Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Daarbij moet bijvoorbeeld worden gedacht aan de ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende verlofaanspraken. Voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten, bijvoorbeeld door reorganisaties, dient wel een verplichting opgenomen te worden. Balans Investeringen (activa) worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht en in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven gedurende de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven.
Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. (Met ingang van het boekjaar 2017 worden investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut - net als investeringen met een economisch nut - geactiveerd en over de verwachte toekomstige gebruiksduur wordt afgeschreven.) De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen en overlopende posten worden tegen nominale waarde opgenomen. Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting, c.q. het voorzienbare verlies. Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente-typische looptijd van één jaar of langer. De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. 39
Onze GR BAR heeft een Nota activabeleid 2021 die op 12 oktober 2021 is vastgesteld. Er wordt gestart met afschrijven in het boekjaar volgend op het jaar waarin het kapitaalgoed gereed komt, verworden wordt, of in gebruik wordt genomen. In de Nota zijn de volgende afschrijvingstermijnen opgenomen: Omschrijving activa
IMMATARIËLE VASTE ACTIVA Onderzoek en ontwikkeling
Afschrijvingstermijn
5
MATERIËLE VASTE ACTIVA Vervoermiddelen Bedrijfswagens, vrachtwagens, et cetera Onderhoudsmaterieel Machines, apparaten en installaties Automatisering, apparatuur en programmatuur Audiovisuele middelen Communicatiemiddelen, telefooncentrale (exclusief mobiele telefoons) Borstelmachines, sneeuwschuivers, sneeuwblazers en overige machines Vuilniswagen, veegwagen Opzetstrooiers Trekker, heftruck Overige materiële vaste activa Gereedschappen, instrumenten, materialen en dergelijke
8 5
4-5 4 5 10 8 10 15
5 - 10
40
3.2 Toelichting op de balans ACTIVA 1. Vaste activa Materiële vaste activa Boekwaarde Omschrijving
Boekwaarde Investeringen
Desinvesteringen
Afschrijvingen
Bijdragen van derden
Afwaardering
31-12-2021
31-12-2022
Materiële vaste activa met economisch nut Gebouwen
727.000
-
-
75.700
-
-
651.300
2.325.000
737.600
-
858.100
-
-
2.204.400
240.800
-
-
53.700
-
-
187.100
Overige materiële activa
2.169.900
1.200.300
-
621.800
-
-
2.748.400
TOTAAL
5.462.700
1.937.900
-
1.609.300
-
-
5.791.200
Machines, apparaten, installaties Vervoermiddelen
2. Vlottende activa Uitzettingen met rente-typische looptijd korter dan één jaar Deze uitzettingen zijn onderverdeeld in drie categorieën, namelijk vorderingen op openbare lichamen, uitzettingen in ’s Rijks schatkist en overige vorderingen. In onderstaande tabel is een specificatie weergegeven met daaronder een toelichting. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
saldo 31-12-2021
mutaties
saldo 31-12-2022
Vorderingen op openbare lichamen: -
Verrekening met gemeenten
183.700
1.259.700
1.443.400
-
Overige semi overheid
73.600
-52.000
21.600
257.300
1.207.700
1.465.000
4.497.400
-1.672.000
2.825.400
125.100
-40.600
84.500
4.879.800
-504.900
4.374.900
Vorderingen op openbare lichamen
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen
Totaal
Vorderingen op openbare lichamen Deze vorderingen hebben betrekking op vorderingen op openbare lichamen. Eind 2022 bedraagt deze post € 1.465.000. Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rente-typische looptijd korter dan één jaar Op 31 december 2022 is een bedrag van € 2.825.400 gestald in ’s Rijks schatkist. Overige vorderingen De overige vorderingen betreffen privaatrechtelijke debiteuren. Eind 2022 is het saldo € 84.500. Schatkistbankieren Op grond van de Regeling Schatkistbankieren zijn decentrale overheden verplicht om overtollige liquide middelen aan te houden in ’s Rijks schatkist. Gerekend over een heel kwartaal mag het op dagbasis buiten ’s Rijks schatkist aangehouden bedrag gemiddeld niet hoger zijn dan het 41
drempelbedrag. Hieronder volgt een overzicht waaruit het totaal aan middelen is opgenomen dat per kwartaal buiten de schatkist is aangehouden. Het drempelbedrag is daarbij in geen enkel kwartaal overschreden. Drempelbedrag schatkistbankieren Begrotingstotaal 2022
74.791.600
Het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage
2,00%
Drempelbedrag
1.495.832
Afwijking t.o.v. drempelbedrag *) 1e kwartaal
-1.266.937
2e kwartaal
-1.253.896
3e kwartaal
-1.217.909
4e kwartaal
-1.224.398
*) Een positief bedrag betekent dat het gemiddelde saldo op de rekening courant hoger was dan het drempelbedrag. Bij een negatief bedrag is onder het drempelbedrag gebleven. Dat laatste is voor alle kwartalen het geval geweest.
Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de banksaldi die als volgt zijn opgebouwd: Liquide middelen
saldo 31-12-2021
Rabobank BAR-Organisatie
250.000
-
250.000
4.600
-100
4.500
254.600
-100
254.500
Rabobank BAR-Organisatie Ideal Totaal
saldo 31-12-2022
mutatie
Overlopende activa Overlopende activa A. de van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotsbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkering met een specifiek doel.
saldo 31-122021
mutatie
saldo 31-122022
882.400
291.100
1.173.500
B. overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen -
Nog te ontvangen bedragen
1.075.200
681.700
1.756.900
-
Vooruitbetaalde bedragen
480.900
235.100
716.000
-
VPB betaalrekening
30.500
-20.800
9.700
2.469.000
1.187.100
3.656.100
Totaal
ad. A.
saldo 31-12-2021
toevoegingen
ontvangen bedragen
saldo 31-12-2022
EU: Europees Sociaal fonds met betrekking op re-integratie
882.400
291.100
-
1.173.500
Totaal
882.400
291.100
-
1.173.500
42
PASSIVA 3. Vaste passiva Eigen vermogen Onze GR BAR heeft per 31 december 2022 geen reserves. Voorzieningen Voorzieningen
saldo 31-12-2021
toevoegingen
t.g.v. rekening
saldo 31-12-2022
aanwending
Voorzieningen voor afvloeiing personeelsbestand
133.800
328.300
-66.300
-67.500
328.300
Voorziening voor de regeling vervroegd uittreden
185.500
357.800
-300
-66.400
476.600
-
532.500
-
-
532.500
319.300
1.218.600
-66.600
-133.900
1.337.400
Voorziening voor verlofsparen Totaal
Er zijn drie voorzieningen: 1. Voorziening afvloeiing personeelsbestand Deze voorziening is gevormd voor de verwerking van de financiële gevolgen van gemaakte afspraken met medewerkers over begeleide uitdiensttreding. 2. Voorziening Regeling Vervroegd Uittreden Deze voorziening is gevormd voor de per 1 januari 2021 in werking getreden wet “Bedrag ineens, RVU en verlofsparen”. Gedurende de jaren 2021 tot en met 2025 kan de werkgever aan werknemers, die zich onvoldoende hebben kunnen voorbereiden op de verhoging van de AOW-leeftijd en die niet in staat zijn gezond werkend de AOW-leeftijd te bereiken, de mogelijkheid bieden eerder te stoppen met werken. 3. Voorziening Verlofsparen Deze voorziening is gevormd voor de in de cao gemeenten 2021-2022 geboden mogelijkheid aan de medewerkers om vanaf 1 januari 2022 bovenwettelijke vakantie-uren te sparen. Met dit “verlofsparen” kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke vakantie-uren inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens- en carrièreplanning en het gemeentelijke vitaliteitsbeeld. Een medewerker mag maximaal 3.600 uren verlof hebben staan bij een voltijdsdienstverband. Deze vakantie-uren verjaren niet. De financiële gevolgen van nieuwe, toekomstige verplichtingen in het kader van deze drie voorzieningen moeten in één keer ten laste van de exploitatie aan de voorziening worden toegevoegd.
Als de uitgaven worden gemaakt wordt over de voorziening beschikt. Als uit nieuwe informatie blijkt dat de verplichtingen te hoog zijn ingeschat of komen te vervallen wordt de voorziening verlaagd en vindt vrijval ten gunste van de exploitatie plaats. Vaste schulden met een rente-typische looptijd van één jaar of langer Bij de oprichting van onze GR BAR in 2014 zijn voor de overdacht van de vaste activa van de gemeenten naar de GR BAR geldleningen afgesloten met de deelnemende gemeenten. Zie hiervoor ook de toelichting in de paragraaf Financiering.
43
Vaste schulden, met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
saldo 31-12-2021
saldo 31-12-2022
mutatie
Rente
Onderhandse leningen van: Openbare lichamen - Gemeente Barendrecht
31.200
-11.800
19.400
900
- Gemeente Albrandswaard
43.900
-22.500
21.400
400
- Gemeente Ridderkerk
8.800
-8.800
-
1.800
Totaal
83.900
-43.100
40.800
3.100
4.
Vlottende passiva
Netto vlottende schulden met een rente-typische looptijd korter dan één jaar Netto vlottende schulden, met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
saldo 31-122021
mutatie
Saldo 31-122022
Overige schulden: Verrekening met gemeenten Overige semi overheid Overige crediteuren Totaal
187.700
161.200
348.900
7.294.400
806.300
8.100.700
1.909.200
746.000
2.655.200
9.391.300
1.713.500
11.104.800
Overlopende passiva Overlopende passiva
Saldo 31-12-2021
mutatie
Saldo 31-12-2022
Nog te betalen bedragen
2.386.300
-1.687.100
699.200
884.500
10.000
894.500
800
-800
-
3.271.600
-1.677.900
1.593.700
Af te dragen premies Voorschotten salarissen Totaal
44
Niet uit de balans blijkende verplichtingen Contracten * Multifunctionals Voor de multifunctionals - inclusief repromachine - is na een Europese aanbesteding een contract met OSN Nederland afgesloten. Het contract is gestart op 1 februari 2019 en de einddatum is 31 januari 2024, met een optie tot verlenging van twee maal twaalf maanden. De in de begroting opgenomen kosten voor dit contract bedragen € 100.000 en omvat afdrukkosten, huur inclusief onderhoud en het oplossen van storingen, losse bestellingen en eventuele kosten van reparatiewerkzaamheden die buiten het contract vallen. Onder het totale budget voor kantoormachines, dat hoger is dan dit contract, vallen ook de contracten voor de frankeermachine, couverteermachines en plotters. * Drankenautomaten Voor de drankenautomaten heeft in 2022 een Europese aanbesteding plaatsgevonden en is een contract met Van Duijnen afgesloten. Het contract is gestart op 1 oktober 2022 en eindigt van rechtswege op 30 september 2027, met een optie tot verlenging van twee maal twaalf maanden. Het gaat om een full service contract waarbij een vaste prijs voor de huur van de automaten is afgesproken en een integrale consumptieprijs per tik voor de operating en consumpties. Het totaalbudget voor dit account is € 150.000 per jaar.
* Operationele lease voertuigen en materieel buitendienst Na een Europese aanbestedingsprocedure is in februari 2019 een raamovereenkomst door onze GR BAR en Volkswagen Pon Financial Services getekend. De overeenkomst betreft “Operationele lease voertuigen en Operationele lease voertuigen en materieel”. Met dit contract kon de GR BAR efficiënt en effectief inspelen op de vervanging en verduurzaming van het wagenpark. Het contract is gestart op 1 februari 2019 en heeft als einddatum 31 januari 2023, met een optie tot verlenging van tweemaal één jaar. Met het oog op de opzegdatum van 30 november 2022 heeft de eerste verlenging inmiddels plaatsgevonden. De transitie van eigen beheer naar lease vindt in vijf jaren plaats. De in de begroting opgenomen contractwaarde gedurende de duur van het contract, inclusief verlengingen, loopt per jaar gefaseerd op van € 598.300 naar € 1.113.700. * Onderhoudscontract software De applicaties van Centric worden ingezet bij tal van processen om een goede dienstverlening aan de burgers te ondersteunen. Voorbeelden zijn de diverse applicaties op het gebied van het Sociaal Domein, de financiële administratie, Burgerzaken en Informatiebeheer. Hiervoor is een vijfjarige onderhoudsovereenkomst afgesloten voor de periode 2022 - 2026 via de softwarebroker SoftwareOne.
Net als bij het vorige contract blijft het mogelijk modules af te stoten en nieuwe op te nemen, want deze modules ondersteunen de uitvoering van wettelijke taken en die wijzigen steeds. De onderhoudskosten gedurende het eerste contractjaar 2022 waren € 626.000. De hoogte van de lasten in de komende jaren is afhankelijk van de te kiezen modules / dienstverlening van Centric. Dit zal mede samenhangen met de nieuwe BAR-organisatie. De bandbreedte van de lasten zal uitkomen op € 400.000 - € 700.000. * Delta Fiber Nederland - glasvezelverbindingen In december 2021 hebben de colleges van de gemeenten Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk besloten de glasvezelverbindingen in eigendom over te dragen aan Delta Fiber Nederland. En tegelijkertijd voor 15 jaar een overeenkomst te sluiten voor het gebruik van glasvezelverbindingen ten behoeve van het glasvezelnetwerk van de GR BAR, waarbij de totale jaarlijkse exploitatielasten van de gehele glasvezelring voor de GR BAR gelijk blijven. De jaarlijkse kosten voor het gebruik van de glasvezelverbindingen bedragen € 61.000. De glasvezelverbindingen maken deel uit van de ICTsystemen van onze GR BAR ten behoeve van de bedrijfsvoering van de BAR-organisatie en de drie 45